Europees energieprogramma voor herstel

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EG) nr. 663/2009 — Programma om economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de EU aan projecten op het gebied van energie

WAT IS HET DOEL VAN DE VERORDENING?

Met de verordening wordt een Europees energieprogramma voor herstel (EEPR) opgezet voor de financiering van projecten op belangrijke gebieden van de energiesector:

De verordening is opgezet ter ondersteuning van:

KERNPUNTEN

Met het programma worden projecten op het gebied van gas- en elektriciteitsinfrastructuur ondersteund die erop gericht zijn om:

Offshore windenergieprojecten krijgen financiering als ze aan bepaalde criteria voldoen, waarbij er rekening wordt gehouden met de bouw van de infrastructuur, de innovatieve kenmerken van het project en de bijdrage ervan aan het bestaande net voor windenergie.

Projecten voor koolstofopvang en -opslag krijgen financiering wanneer wordt aangetoond dat ze ten minste 80 % van de koolstofdioxide (CO2) in industriële installaties kunnen opvangen.

De totale begroting van het programma bedraagt 3,98 miljard EUR; deze is als volgt samengesteld:

Het Europees Fonds voor energie-efficiëntie, dat in 2011 werd opgericht, heeft de rol overgenomen voor het toewijzen van geld aan projecten die energie-efficiëntie ondersteunen. Er worden projecten mee ondersteund die betrekking hebben op:

Verslagen

De Europese Commissie publiceert elk jaar een verslag over de toepassing van het EEPR. Uit een verslag over het EEPR dat in 2018, na zeven jaar toepassing, is gepubliceerd, blijkt dat:

VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?

De verordening is sinds van toepassing.

ACHTERGROND

Het EEPR maakt deel uit van het economisch herstelplan, dat werd opgezet om de gevolgen te verhelpen van de financiële en energiecrisis die de Europese economie in 2008 heeft getroffen.

Voor meer informatie zie:

KERNBEGRIPPEN

  1. Gas- en elektriciteitsinfrastructuren:
    • alle hoogspanningslijnen, met uitzondering van de lijnen van distributienetten, en onderzeese verbindingen, mits deze infrastructuur wordt gebruikt voor interregionale of internationale elektriciteitstransmissie of voor interregionale of internationale elektriciteitsverbindingen;
    • hogedrukgasleidingen, met uitzondering van leidingen van distributienetten;
    • de met de hogedrukgasleidingen verbonden ondergrondse opslaginstallaties;
    • installaties voor de ontvangst, opslag en hervergassing van vloeibaar aardgas, en
    • alle apparatuur en installaties die essentieel zijn voor de goede werking van de hierboven genoemde infrastructuur, met inbegrip van de beveiligings-, controle- en regelsystemen.
  2. Offshore windenergieprojecten: windparken op zee.
  3. Koolstofopvang en -opslag: een manier om de effecten van klimaatsverandering te beperken door de opvang van CO2 van industriële installaties, vervoer ervan naar een opslaglocatie en injectie in ondergrondse geologische formaties.

BELANGRIJKSTE DOCUMENT

Verordening (EG) nr. 663/2009 van het Europees Parlement en de Raad van houdende vaststelling van een programma om het economisch herstel te bevorderen via financiële bijstand van de Gemeenschap aan projecten op het gebied van energie (PB L 200 van , blz. 31-45)

Achtereenvolgende wijzigingen aan Verordening (EG) nr. 663/2009 zijn opgenomen in de oorspronkelijke tekst. Deze geconsolideerde versie heeft slechts informatieve waarde.

laatste bijwerking