EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S
Staat van het digitale decennium 2024
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE RAAD, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITÉ EN HET COMITÉ VAN DE REGIO'S
Staat van het digitale decennium 2024
Inhoudsopgave
1. Inleiding: resultaten van het digitale decennium
2. De EU staat bekend als wereldwijde beleidsinnovator
3. Een sterkere digitale industriële basis van de EU om de vooruitgang in het digitale decennium te versnellen
4. Staat van het digitale decennium: vooruitgang in 2024
4.1 Een wake-upcall
4.1.1. Vooruitgang op weg naar een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU op basis van technologisch leiderschap
4.1.2. Vooruitgang in de richting van de bescherming en versterking van de positie van de bevolking en de samenleving van de EU
4.1.3 Het benutten van de digitale transformatie voor slimme vergroening
4.2 De strategische nationale stappenplannen voor het digitale decennium en hun rol bij het verwezenlijken van de ambitie van de EU
4.3 Aanbevelingen voor de toekomst
5. Internationale dimensie
6. Conclusies
1. Inleiding: resultaten van het digitale decennium
Deze mededeling bevat het verslag over de staat van het digitale decennium 2024. In dit verslag worden de ontwikkelingen onderzocht op het gebied van digitaal beleid sinds het verslag van 2023 1 en worden de vooruitgang die de EU heeft geboekt bij de verwezenlijking van de overeengekomen doelstellingen en streefcijfers voor een succesvolle digitale transformatie voor mensen, bedrijven en het milieu, gepresenteerd, zoals uiteengezet in het besluit tot vaststelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium tot 2030 2 . Figuur 1 toont een momentopname van deze analyse per streefcijfer voor het digitale decennium.
Figuur 1. Overzicht van de vooruitgang ten aanzien van de streefcijfers van het digitale decennium voor 2030 3
Voor het eerst bevat dit verslag een beoordeling van de nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium. Op basis hiervan worden de individuele bijdragen van de lidstaten aan de collectieve verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium geschetst en in het algemeen de bevindingen van het verslag over de staat van het digitale decennium 2023 bevestigd:
-De afgelopen jaren heeft de EU haar daadkracht aanzienlijk vergrootdoor middel van regelgevende en niet-regelgevende maatregelen, om voor zichzelf een governancekader en een duidelijke visie op de toekomst te ontwikkelen, op basis van specifieke streefcijfers en doelstellingen, en zich de middelen te verschaffen om deze te bereiken. Het beleidsprogramma voor het digitale decennium is ontworpen als het belangrijkste instrument om deze inspanningen te coördineren: het berust op nauwe samenwerking met de lidstaten en belanghebbenden op Europees, nationaal, regionaal en lokaal niveau, om collectieve vooruitgang te waarborgen 4 .
-Dankzij dit faciliterende kader en gezamenlijk optreden is reeds enige vooruitgang geboekt. Met name de uitvoering van de herstel- en veerkrachtfaciliteit heeft een belangrijke bijdrage geleverd tot de verwezenlijking van het beleidsprogramma voor het digitale decennium. Deze instrumenten en het governancekader zijn complementair met elkaar en met het Europees Semester voor coördinatie van het economisch en sociaal beleid.
-Zoals blijkt uit figuur 2 5 , is bij het huidige tempo van de interventie van de lidstaten naar verwachting echter soms ruim meer tijd dan het overeengekomen tijdsbestek voor 2030 nodig om de doelstellingen te halen. Het is daarom van cruciaal belang dat de lidstaten het tijdpad volgen en hun bijdrage tot de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium opvoeren door concrete maatregelen en beleidsmaatregelen te treffen, te beginnen met de aanpassing van hun stappenplannen.
Figuur 2. Verwachte streeftijd op basis van de laatste jaarlijkse gemiddelde vooruitgang voor elke KPI
Deze mededeling bevat een overzicht van de belangrijkste bevindingen van de analyse en gaat vergezeld van drie bijlagen: bijlage 1 bevat een uitgebreide analyse van de vooruitgang die is geboekt bij de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium en bevat horizontale aanbevelingen voor alle lidstaten; op basis van de recentst beschikbare gegevens worden in bijlage 2 de trajecten voor de EU geactualiseerd om elk streefcijfer van het digitale decennium en elke kernprestatie-indicator (KPI) tijdig te bereiken; bijlage 3 bevat een samenvatting van de analyse voor elke lidstaat en bevat landspecifieke aanbevelingen. Zowel de horizontale als de landspecifieke aanbevelingen hebben tot doel de collectieve vooruitgang van de EU te versnellen en voorstellen te doen voor aanpassingen van de nationale strategische stappenplannen 6 .
2. De EU staat bekend als wereldwijde beleidsinnovator
De afgelopen vijf jaar heeft de EU haar strategie steeds meer gericht op een assertiever digitaal beleidskader, waarbij zij erkent dat de digitale ruimte dringend moet worden vormgegeven met gerichte investeringen en, indien nodig, robuuste regelgevingsmechanismen. Deze aanpak betekent een aanzienlijke breuk met het verleden, waardoor de EU nu een voortrekkersrol speelt op het gebied van wereldwijde digitale governance en beleidsinnovatie. Met haar geavanceerde digitale rulebook moet de EU, door een gelijk speelveld in de lidstaten tot stand te brengen, bijdragen tot de toekomstige verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium.
De jaren 2023 en 2024 waren cruciaal wat betreft het leiderschap van de EU in het digitale tijdperk en haar rol als meer doortastende regelgever van wereldformaat, waarmee zij andere regio’s van de wereld inspireert om actie te ondernemen. Tijdens het vijfjarige mandaat van de Europese Commissie (2019-2024) is het digitale beleidslandschap ingrijpend gewijzigd door het voorstellen en uitonderhandelen van 23 wetgevingsdossiers 7 die hebben bijgedragen tot de versterking van de positie van de EU in het digitale decennium.
Nieuwe EU-brede regels hebben bijgedragen tot de doelstellingen van het digitale decennium, namelijk het concurrentievermogen en de ontwikkeling van een mensgerichte digitale ruimte, door de bescherming van mensen te versterken, de groei van ondernemingen via een verdieping van de eengemaakte markt te bevorderen en de digitale economie ver buiten haar grenzen vorm te geven. Een van de belangrijkste stukken wetgeving die in het kader van dit mandaat is vastgesteld, is de verordening artificiële intelligentie (AI-verordening) 8 , het eerste initiatief ter wereld waarmee het specifieke gebruik van AI op basis van het potentiële risiconiveau wordt gereguleerd. De verordening richt zich op maatschappelijke uitdagingen, rechten en veiligheid, met inbegrip van ethische overwegingen, en stelt tegelijkertijd doeltreffende maar lichte vereisten vast voor AI-systemen die in de EU worden gebruikt. Andere initiatieven zoals de datagovernanceverordening 9 , de dataverordening 10 of de verordening betreffende de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens (EHDS) 11 , het technisch systeem voor de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel (OOTS) 12 in het kader van de verordening inzake één digitale toegangspoort 13 en de verordening Interoperabel Europa 14 hebben de fundamenten gelegd van onze data-economie. De EU versterkt de bescherming tegen gevaren online en desinformatie om de digitale ruimte veiliger en transparanter te maken. Daarbij initieert zij onderzoeken en informatieverzoeken om de digitaledienstenverordening 15 uit te voeren. Grote onlineplatforms hebben al wijzigingen doorgevoerd om te voldoen aan de digitalemarktenverordening 16 , waardoor EU-gebruikers meer keuze krijgen en het bestaan van eerlijke en betwistbare digitale markten waar onze ondernemingen kunnen groeien, wordt gewaarborgd. Tot slot zijn tijdens dit mandaat ook essentiële stappen gezet om richting te geven aan de toepassing van belangrijke wetgevende bouwstenen van de digitale eengemaakte markt, zoals het Europees wetboek voor elektronische communicatie van 2018 17 , de auteursrechtrichtlijn van 2019 en de herziene richtlijn audiovisuele mediadiensten 18 .
De doelstellingen van het digitale decennium op het gebied van veerkracht en cyberbeveiliging zijn ook versterkt door middel van verbeterde kaders, zoals de actualisering van de richtlijn inzake de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen (NIS2) 19 , de verordening cybersolidariteit 20 en de verordening cyberweerbaarheid 21 . Via de verordening inzake het Europees kader voor digitale identiteit (EUDI) 22 faciliteert de EU de toegang tot en het gebruik van betrouwbare onlinediensten met de Europese portemonnee voor digitale identiteit (EDIW). De EU heeft met de verordening gigabitinfrastructuur 23 de economische en maatschappelijke ontwikkeling gestimuleerd door de uitrol van hogesnelheidsnetwerken te versnellen. De EU versterkt de Europese energiezekerheid door de invoering van een netcode voor cyberbeveiliging voor grensoverschrijdende elektriciteitsstromen.
Na deze golf van krachtige regelgevingsinspanningen zal de EU nu werk moeten maken van de uitvoering en handhaving, met meer consistentie en samenhang en betere synergieën tussen de regelgevende instanties om het digitale beleid van de EU efficiënt te kunnen sturen. Dit zal van essentieel belang zijn om een evenwicht te vinden tussen innovatie en regeldruk en om bij te dragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van de EU voor het digitale decennium.
3. Een sterkere digitale industriële basis van de EU om de vooruitgang in het digitale decennium te versnellen
De afgelopen vijf jaar zijn aanzienlijke vorderingen gemaakt op het gebied van digitale innovatie en industriebeleid, wat een uniek en dynamisch Europees ecosysteem heeft bevorderd. Dit ecosysteem, dat gebaseerd is op connectiviteit, edge nodes, high-performance computing (HPC), kwantumtechnologie, chips en start-ups, ondersteunt de groene transitie en de digitale transformatie van de EU en verbetert zo haar concurrentievermogen. Het versterken van het technologische leiderschap van de EU is van cruciaal belang om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium sneller te kunnen halen.
Zoals blijkt uit Table 1 , heeft de EU de afgelopen jaren een geraamde wereldwijde inspanning geleverd voor een bedrag van 205 miljard EUR. Daarmee heeft zij haar financieringscapaciteit ten volle benut om het digitale decennium te ondersteunen. Aangezien het een van de belangrijkste politieke prioriteiten van de Commissie is om de welvaart, het economisch herstel en de veerkracht van de EU te vergroten, krijgt de digitale transformatie over de hele linie aanzienlijke gecoördineerde steun vanuit EU-middelen. Uit een eerste inventarisatie bleek dat 131,9 miljard EUR van de EU-begroting voor 2021 en 2022 (met inbegrip van NextGenerationEU) is toegewezen aan de digitale transitie, wat neerkomt op bijna 17,4 % van de totale EU-begroting 24 . Met name de herstel- en veerkrachtplannen, waarin investeringen en hervormingen ter waarde van 651,7 miljard EUR worden gecombineerd 25 , dienen voor veel lidstaten als belangrijke financieringsbron voor de digitale transformatie op nationaal niveau en zorgen voor de voltooiing van de grootschalige strategische Europese projecten die worden gefinancierd in het kader van het programma Digitaal Europa (DIGITAL), Horizon Europa en de Connecting Europe Facility (CEF).
Tabel 1. Relevante EU-begroting voor de streefcijfers van het digitale decennium (MFK 2021-2027, incl. herstel- en veerkrachtfaciliteit 2020-2026, miljoen EUR) 26 27
|
Financiering |
Totaal |
Herstel- en veerkrachtfaciliteit
|
Cohesie
|
Digitaal Europa
|
Horizon
|
CEF
Digitaal
|
||
|
Totale financiering |
957 422 |
651 670 |
260 896 |
7 948 |
35 199 |
1 709 |
||
|
Digitale financiering |
204 583 |
150 037 |
31 063 |
7 948 |
13 826 |
1 709 |
||
|
Digitale financiering % |
21 % |
23 % |
12 % |
100 % |
39 % |
100 % |
||
|
Financiering algemene doelstellingen DD |
27 488 |
14 129 |
4 392 |
1 275 |
7 320 |
373 |
||
|
Financiering streefcijfers DD |
Totale streefbegroting |
177 096 |
135 909 |
26 672 |
6 673 |
6 506 |
1 336 |
|
|
Digitale basisvaardigheden |
15 405 |
14 294 |
950 |
128 |
34 |
0 |
||
|
ICT-specialisten* |
10 881 |
9 506 |
633 |
661 |
73 |
8 |
||
|
Gigabitnetwerken |
14 003 |
11 628 |
2 164 |
4 |
0 |
206 |
||
|
5G* |
3 362 |
1 967 |
115 |
4 |
396 |
879 |
||
|
Halfgeleiders* |
18 200 |
14 801 |
0 |
1 396 |
2 004 |
0 |
||
|
Edge nodes* |
609 |
0 |
0 |
220 |
355 |
35 |
||
|
Kwantumcomputing* |
1 918 |
866 |
0 |
293 |
669 |
90 |
||
|
Cloudcomputing* |
8 373 |
6 019 |
1 584 |
370 |
337 |
63 |
||
|
Gegevensanalyse* |
7 552 |
4 718 |
1 584 |
546 |
678 |
26 |
||
|
Artificiële intelligentie* |
9 386 |
5 278 |
1 584 |
1 227 |
1 266 |
30 |
||
|
Late digitale instappers* |
19 885 |
14 154 |
4 753 |
674 |
304 |
0 |
||
|
Eenhoorns |
19 257 |
14 158 |
4 753 |
159 |
187 |
0 |
||
|
Online beschikbare belangrijke overheidsdiensten |
32 343 |
24 449 |
7 271 |
616 |
6 |
0 |
||
|
e-gezondheid |
15 233 |
13 604 |
1 280 |
163 |
187 |
0 |
||
|
eID |
688 |
466 |
0 |
212 |
9 |
0 |
||
Meer in het bijzonder is de herstel- en veerkrachtfaciliteit een ongekende en in veel gevallen de grootste financieringsbron voor de digitale transformatie in de lidstaten. Ondanks belangrijke herzieningen van de plannen, waaronder de opname van REPowerEU om nieuwe uitdagingen aan te pakken, is de totale begroting van de herstel- en veerkrachtfaciliteit voor digitale hervormingen en investeringen begin 2024 gestegen tot ongeveer 150 miljard EUR, wat neerkomt op 26 % van de totale financiering vanuit de faciliteit 30 .
De herstel- en veerkrachtfaciliteit heeft over de hele linie al een aanzienlijke impact op het digitale decennium gehad. Een aanzienlijk deel van de financiering vanuit de faciliteit draagt rechtstreeks bij tot de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium, met name door regeringen en overheidsinstanties te ondersteunen bij de digitalisering van hun diensten en belangrijke sectoren zoals de gezondheidszorg, en door de digitalisering van ondernemingen en de verbetering van digitale vaardigheden te ondersteunen (zie de tabel hiervoor). Tot op heden zijn nog eens 14,7 miljoen extra woningen aangesloten op internet met zeer hoge capaciteit via netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN), hebben 728 475 ondernemingen (voornamelijk kmo’s) steun gekregen bij de ontwikkeling van digitale producten, diensten en processen, en hebben 2,1 miljoen mensen deelgenomen aan onderwijs of opleiding gericht op digitale vaardigheden 31 .
Met een begroting van 1,7 miljard EUR ondersteunt de Connecting Europe Facility (CEF 2) Digitaal investeringen in belangrijke Europese digitale infrastructuurprojecten die bijdragen tot de streefcijfers van het digitale decennium voor veerkrachtigere en soevereine infrastructuur.
CEF 2 heeft een belangrijke impact gehad op de streefcijfers van het digitale decennium op het gebied van connectiviteit, veerkracht en soevereiniteit: tot dusver zijn 158 projecten gegund, onder meer in de ultraperifere gebieden van de EU 32 . Projecten van strategisch belang hebben baat gehad bij CEF-financiering, met name grensoverschrijdende delen van 5G-corridors 33 , onderzeese kabels 34 , systemen op basis van 5G die toepassingen mogelijk maken die functioneren als vroege sociaaleconomische aanjagers via slimme 5G-gemeenschappen binnen overheidsdiensten, gezondheidscentra, scholen en andere onderwijs- en opleidingsinstellingen, alsook infrastructuurverbindingen voor kwantumcommunicatie.
Met een begroting van 40,5 miljoen EUR levert CEF Digitaal medefinanciering aan een slimme onderzeese kabel bestaande uit zes glasvezels tussen continentaal Portugal, de Azoren en Madeira, wat de verbinding van de twee eilanden voor de komende dertig jaar waarborgt en waarmee gegevens kunnen worden verzameld voor seismische detectie, milieumonitoring, detectie van nautische activiteiten onder water en gegevenstransmissie voor wetenschappelijke doeleinden mogelijk wordt, met een lokale, regionale, nationale en wereldwijde impact. Ook levert CEF 2 meer dan 29 miljoen EUR aan financiering voor de 2 145 km lange uitbreiding van het Europese vlaggenschipproject EllaLink, een kabel die Portugal met Brazilië verbindt, met een aftakking naar Frans-Guyana. Deze aftakking zorgt niet alleen voor een rechtstreekse verbinding van deze ultraperifere regio van de EU met continentaal Europa, zonder afhankelijk te zijn van enig grondgebied van derden, maar legt ook de basis voor de uitbreiding van de kabel tot het Europese grondgebied in het Caribisch gebied. Een ander relevant voorbeeld is de financiering van 29 miljoen EUR van de eerste rechtstreekse kabelverbinding tussen Ierland en het vasteland van de EU (Frankrijk, met toekomstige aftakkingen naar Portugal en Spanje).
CEF 2 waarborgt ook de ontwikkeling van 5G-corridors; er is bijna 6 miljoen EUR toegekend aan financiering voor de uitrol en modernisering van 5G RAN, kern- en vervoerselementen langs de Griekse (GR) en Bulgaarse (BG) snelwegen van de TEN-V-corridor “Oriënt/oostelijke Middellandse Zee”. Ook wordt meer dan 6,3 miljoen EUR aan financiering geboden voor het snelwegtraject van Frisange (Luxemburg) naar Saarbrücken (Duitsland), aan de grensovergang nabij Schengen, met inbegrip van geconnecteerde en geautomatiseerde mobiliteitstests door een grote autofabrikant uit de EU.
Met een begroting van 7,9 miljard EUR is het programma Digitaal Europa het belangrijkste programma voor de financiering van strategische investeringen waarmee digitale ecosystemen worden gecreëerd en de digitale autonomie en het mondiale concurrentievermogen van de EU worden gewaarborgd. Het programma heeft al verschillende belangrijke resultaten opgeleverd als het gaat om de uitrol van innovatieve nieuwe digitale oplossingen, capaciteiten en aanverwante diensten. De gemeenschappelijke onderneming EuroHPC heeft onder meer de aanbesteding gegund van Jupiter, het eerste systeem in Europa om exaschaalprestaties te behalen, d.w.z. het vermogen om meer dan één miljard berekeningen per seconde uit te voeren. Er worden momenteel in belangrijke sectoren initiatieven op het gebied van dataruimte 35 opgezet, meest recent nog het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming en de Europese infrastructuur voor genomische gegevens. Via Digitaal Europa zijn talrijke test- en experimenteerfaciliteiten gefinancierd.
Het programma Digitaal Europa heeft een cruciale rol gespeeld om de EU in staat te stellen vooruitgang te boeken op het gebied van de doelstellingen en -streefcijfers op het gebied van infrastructuur (met name HPC, kwantumtechnologie, cyberbeveiliging, halfgeleiders, AI, e-overheidsdiensten) en de financiering van samenwerkingsactiviteiten zoals de Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) en de Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s). De EDIH’s, die sinds 2023 operationeel zijn, komen voort uit Digitaal Europa en hebben tot doel om kmo’s, midcaps en overheidsorganisaties bij hun digitale transformatie te ondersteunen. Het netwerk biedt zijn klanten een breed scala van diensten, met inbegrip van digitale maturiteitsbeoordelingen, platforms om te testen alvorens te investeren (“test before invest”), steun voor investeringen, opleiding, netwerken enz. De kracht van het netwerk ligt dus in zijn uitgebreide bereik. Het omvat nu meer dan 200 hubs, met een aanwezigheid in 90 % van de Europese regio’s, maar een dekking van 100 % van de EU, die publieke en private entiteiten samenbrengen, waaronder onderzoeksorganisaties, universiteiten, brancheorganisaties, regionale-ontwikkelingsagentschappen en bedrijven uit de private sector. Digitaal Europa draagt bij tot de totstandbrenging van beter geconnecteerde overheidsdiensten op grensoverschrijdende basis, bv. door de handelsregisters van de lidstaten op EU-niveau met elkaar en ook met andere systemen te koppelen 36 . Het programma ondersteunt ook het overbruggen van de digitale kloof tussen de regio’s en heeft verschillende hubs in de ultraperifere gebieden van de EU gefinancierd 37 ..
Horizon Europa zal naar verwachting in de hele periode 2021-2027 35 % van zijn begroting van 95 miljard EUR aan de digitale transitie besteden 38 ; er bestaat een wettelijke verplichting om ten minste 13 miljard EUR te reserveren voor digitale kerntechnologieën (voor algemene doeleinden) 39 .
Horizon Europa heeft het leiderschap van de EU op verschillende gebieden bevorderd waarmee de visie en streefcijfers van het digitale decennium worden bekrachtigd. Met het cluster “Digitaal, industrie en ruimtevaart” worden onderzoek en hoogwaardige innovatie op het gebied van ontsluitende technologieën ondersteund, zoals AI en robotica, internet van de volgende generatie, micro-elektronica, het internet der dingen en cloudcomputing, high-performance computing en gegevensanalyse, 6G, extended reality, kwantum- en andere opkomende technologieën en verschillende Europese partnerschappen 40 .
Het programma InvestEU zorgt voor een aanzienlijke versterking van investeringen in digitale infrastructuur en technologieën, met inbegrip van media-inhoud en -vaardigheden.
10 % van de totale reeds goedgekeurde investerings- en financieringstransacties draagt bij tot de transformatiedoelstellingen van het digitale decennium. Naar verwachting zal 5,24 miljard EUR worden aangewend om de digitalisering te ondersteunen en tot 74 miljard EUR voor het vrijmaken van publieke en private investeringen. Door deze financiering zullen nog eens 1 420 000 huishoudens, ondernemingen of openbare gebouwen toegang tot netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) krijgen en zullen een aanzienlijk aantal wifi-hotspots worden gecreëerd.
Tot slot biedt het instrument voor technische ondersteuning 41 op verzoek technische expertise op maat voor het ontwerpen en uitvoeren van structurele hervormingen in de EU-lidstaten, met een begroting van 864 miljoen EUR.
Het instrument voor technische ondersteuning draagt bij tot de opbouw van de capaciteit van de lidstaten om aan het digitale decennium deel te nemen. Het ondersteunt meer dan 240 projecten die rechtstreeks verband houden met de digitale economie, waaronder governance van de digitale transformatie, AI, re-engineering van bedrijfsprocessen, besluitvorming op basis van gegevens en de ontwikkeling van digitale vaardigheden. In 2023 was meer dan de helft van de projecten (direct of indirect) gekoppeld aan steun voor de uitvoering van de herstel- en veerkrachtfaciliteit door de lidstaten. Het vlaggenschipinitiatief “Overheidsdiensten klaarmaken voor AI” 42 heeft met name de uitrol van AI bij overheidsdiensten ondersteund. De oproep dit jaar omvat een specifieke prioriteit om de capaciteit van overheidsdiensten voor het digitale decennium van Europa te vergroten 43 . Het doel is dat zij beter in staat zullen zijn om EU-wetgeving op digitaal gebied doeltreffend uit te voeren en om de streefcijfers voor de digitalisering van de overheidsdiensten te verwezenlijken.
De EU is dankzij belangrijke initiatieven die tijdens dit mandaat zijn ontplooid ook begonnen haar strategische afhankelijkheden in kritieke sectoren te verminderen. De chipverordening heeft geleid tot een golf van nieuwe investeringen in de fabricage van halfgeleiders in Europa. Er wordt vooruitgang geboekt met de belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI) van de EU, met opvallende recente goedkeuringen van het tweede IPCEI inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën en van het IPCEI inzake cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie. Er zijn verschillende industriële allianties opgezet op het gebied van batterijen, gegevens, edge- en cloudcomputing, processoren en halfgeleidertechnologieën, en cybertechnologieën 44 . Dankzij de investeringen van de EU in de afgelopen jaren is Europa een leider op het gebied van supercomputing geworden; drie van de tien krachtigste supercomputers ter wereld bevinden zich hier 45 . In januari 2024 heeft de EU het AI-innovatiepakket goedgekeurd om start-ups en kmo’s op het gebied van AI te ondersteunen 46 . Deze initiatieven worden gesteund met aanzienlijke investeringen in de ontwikkeling van geavanceerde digitale vaardigheden op belangrijke strategische digitale gebieden.
Met de in juni 2023 aangenomen strategie voor economische veiligheid 47 coördineert de Commissie de beoordelingen van vier risicocategorieën: 1) risico’s voor de veerkracht van toeleveringsketens; 2) risico’s voor de fysieke en cyberveiligheid van kritieke infrastructuur; 3) risico’s voor de technologieveiligheid en het uitlekken van technologie die relevant is voor de veiligheid; en 4) risico’s voor de inzet van economische afhankelijkheid als wapen of economische dwang. Dankzij deze beoordelingen krijgt de EU inzicht in de zich ontwikkelende, nieuwe en opkomende risico’s in deze uitdagende geopolitieke context en kan zij manieren te vinden om deze te beperken; zij neemt maatregelen om het concurrentievermogen van de EU te bevorderen en de economische veiligheid van de EU te beschermen, onder meer door samen te werken met een zo breed mogelijk scala van partners. Met de vaststelling van de strategie is met name een begin gemaakt met de risicobeoordelingen om de risico’s op het gebied van technologiebeveiliging en het uitlekken van technologie te evalueren op vier technologiegebieden die uiterst kritiek zijn voor de EU (van de tien gebieden die in de aanbeveling van de Commissie van 3 oktober zijn vastgesteld) 48 , namelijk geavanceerde halfgeleidertechnologie, kwantumtechnologie, AI-technologie en biotechnologie.
Om de strategische soevereiniteit van de EU verder te versterken en haar technologisch leiderschap te ondersteunen, heeft de Commissie in juni 2023 voorgesteld het platform voor strategische technologieën voor Europa (STEP) op te richten, een instrument voor de ontwikkeling van kritieke opkomende technologieën die relevant zijn voor de groene en de digitale transitie en voor de strategische soevereiniteit van de EU. Het platform heeft tot doel de productiecapaciteit op het gebied van digitale technologieën en deeptech-innovatie, schone en hulpbronnenefficiënte technologieën en biotechnologieën te stimuleren, waardeketens te versterken en tekorten aan arbeidskrachten en vaardigheden in deze sectoren aan te pakken.
Tot slot, maar daarom niet minder belangrijk, wordt er snel vooruitgang geboekt bij concrete samenwerkingen om grootschalige projecten te ontwikkelen die één lidstaat niet alleen kan uitvoeren. Eind mei 2024 zijn drie Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) opgericht: het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie, het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE en het EDIC voor een Europees blockchainpartnerschap en het EDIC voor blockchaindiensten (Europeum-EDIC). Er zijn nog acht andere EDIC’s in voorbereiding en er worden enkele aanvullende initiatieven overwogen 49 .
Zoals in dit hoofdstuk wordt aangetoond, zijn gezamenlijke en gecoördineerde investeringen in digitale technologieën van cruciaal belang om sneller vooruitgang te boeken in de richting van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium, en zo innovatie en economische groei te stimuleren, met name in een tijdperk waarin industrieën en samenlevingen door de digitale transformatie worden hervormd. Overheidsinvesteringen zorgen, in combinatie met inspanningen van de private sector, voor een synergetisch effect dat de technologische vorderingen versnelt en de impact ervan vergroot. Wil de Europese Unie mondiaal concurrerend blijven, dan is het absoluut noodzakelijk dat de prioriteiten bij financiering sterk gericht blijven op het benutten van het stimulerende effect van publieke en private investeringen ter verbetering van de digitale infrastructuur, het bevorderen van digitale vaardigheden en het ondersteunen van digitale innovatie in alle sectoren. Door prioriteit te geven aan digitale investeringen kan de EU haar positie als leider in het digitale tijdperk veiligstellen en zo duurzame groei en een robuuste, toekomstbestendige economie waarborgen.
4. Staat van het digitale decennium: vooruitgang in 2024
4.1 Een wake-upcall
Ondanks de belangrijke initiatieven die op EU-niveau zijn opgezet, komen uit de gedetailleerde analyse van de vooruitgang met betrekking tot de doelstellingen en streefcijfers in de bijlagen 1 en 3 50 twee belangrijke punten van zorg naar voren: onvoldoende vooruitgang bij het bereiken van de doelstellingen en streefcijfers en aanzienlijke versnippering tussen de lidstaten. Hieruit blijkt dat de lidstaten meer inspanningen moeten leveren om te waarborgen dat de EU de controle houdt over haar eigen toekomst.
4.1.1. Vooruitgang op weg naar een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU op basis van technologisch leiderschap
In de eerste plaats worden in de analyse van 2024 van de vooruitgang met betrekking tot de doelstellingen en streefcijfers de bevindingen van het verslag van 2023 bevestigd en wordt benadrukt dat er verder moet worden gewerkt aan het behoud van een leidende positie op het gebied van digitale technologieën: dit is van essentieel belang voor de toekomstige welvaart van de EU, aangezien zo meer dan 3,4 biljoen EUR aan economische waarde zou kunnen worden ontsloten, wat neerkomt op een aanzienlijk aandeel van 21 % van de huidige economie van de EU, en een grote bijdrage tot de verwezenlijking van de streefcijfers en doelstellingen van het digitale decennium zou kunnen worden geleverd 51 .
Het volledige potentieel van de (digitale) eengemaakte markt blijft onbenut: de handel in diensten binnen de EU vertegenwoordigt slechts 8 % van het bbp, in schril contrast met de handel in goederen, die meer dan 25 % omvat. Het benutten van de eengemaakte markt is van essentieel belang om grote onevenwichtigheden in de productie van digitale diensten aan te pakken. Momenteel wordt 80 % van de technologieën en diensten die nodig zijn voor de digitale transformatie van Europa in derde landen ontworpen en vervaardigd 52 en Europese platforms hebben de afgelopen tien jaar moeite gehad om meer dan 5 % van de mondiale marktwaarde te veroveren. Meer in het algemeen zien we Europese bedrijven amper terug in de groep van grootste ICT-bedrijven ter wereld; in de top 50 van ICT-bedrijven op basis van marktkapitalisatie staan slechts drie Europese bedrijven 53 .
Wat betreft de vooruitgang vergeleken met de streefcijfers op basis van de gegevens voor 2023, laat het verslag zien dat de EU op het gebied van HPC en kwantumtechnologie een sterke positie inneemt en beperkte vooruitgang boekt op het gebied van connectiviteitsdekking, met name wat betreft kwaliteit. Slechts 64 % van de huishoudens heeft toegang tot glasvezeldiensten en het stijgingspercentage (13,5 %) is veel lager dan wat nodig is om de gigabitdoelstelling tegen 2030 te halen. Bovendien is het gebruik van gigabitverbindingen extreem laag; dit ligt op slechts 18,5 %. Slechts 50 % van het grondgebied van de EU heeft 5G-dekking van hoge kwaliteit (op basis van de belangrijkste pioniersband), waarbij de uitrol van 5G in verreweg de meeste gevallen niet autonoom is. Om de connectiviteitsdoelstellingen te halen, zijn nog steeds aanzienlijke investeringen nodig, namelijk voor een bedrag van 200 miljard EUR. Bovendien is de uitrol van naar schatting 1 186 edge nodes ontoereikend en daarbij worden deze voornamelijk gebruikt voor tests en onderzoek, in plaats van dat zij volledig operationeel zijn en beschikbaar zijn voor algemeen gebruik.
In de halfgeleiderindustrie zijn de inkomsten van de EU tussen 2022 en 2023 met 3 % gedaald (van 90 miljard EUR tot 87 miljard EUR), terwijl de mondiale inkomsten met 14 % zijn gedaald (van 918 miljard EUR tot 791 miljard EUR), wat wijst op een relatief grotere veerkracht van de EU-markt.
Op het gebied van kwantumtechnologieën zal de eerste mijlpaal van het streefcijfer van het digitale decennium – dat in 2025 de eerste versnelde kwantumcomputer is gerealiseerd – naar verwachting dit jaar al worden bereikt. Het aandeel private investeringen is echter nog steeds laag en vertegenwoordigt slechts 5 % van het totaal aan financiering.
Door de beperkte jaarlijkse vooruitgang blijft de invoering van digitale technologieën door bedrijven een belangrijke uitdaging. Het gebruik van clouddiensten is met slechts 7 % toegenomen, wat onder de 9 % ligt die nodig is om het streefcijfer te halen. Het gebruik van AI is niet merkbaar toegenomen, en slechts 32 % van de Europese bedrijven past gegevensanalyse toe. De digitalisering van kmo’s vordert ook te langzaam en ongelijkmatig in de EU, met een jaarlijkse stijging van slechts 2,5 %, wat de helft is van het groeipercentage dat nodig is om het streefcijfer te halen. Ondanks enige vooruitgang – een groei van 5,6 % van het aantal eenhoorns – blijft de ontwikkeling van het ecosysteem van start-ups achter. De EU telt slechts 263 eenhoorns (13 % van het totaal), tegenover 387 in China en 1 539 in de VS, deels als gevolg van een gebrek aan privaat kapitaal.
4.1.2. Vooruitgang in de richting van de bescherming en versterking van de positie van de bevolking en de samenleving van de EU
Belangrijkste bevindingen uit het Eurobarometer-verslag 2024 54 :
– drie van de vier Europeanen zijn van mening dat de digitalisering van de alledaagse dienstverlening hun leven gemakkelijker maakt;
– 46 % van de Europese burgers is van mening dat misbruik van persoonsgegevens een van de problemen op internet is die voor hen grote persoonlijke gevolgen hebben, en 45 % denkt net zo over nepnieuws en desinformatie, terwijl niet-gerechtvaardigde verwijdering van inhoud en niet-transparante praktijken bij inhoudsmoderatie de twee minst genoemde problemen waren;
– 82 % van de respondenten vindt het belangrijk dat overheden ervoor zorgen dat Europese bedrijven kunnen groeien en Europese kampioenen worden die wereldwijd kunnen concurreren, terwijl 86 % evenzeer gelooft in het belang van meer onderzoek en innovatie voor veiligere en sterkere digitale technologieën;
– negen van de tien Europeanen vinden het belangrijk dat overheden passende menselijke ondersteuning bieden om mensen te helpen bij de digitale transformatie en het gebruik van digitale diensten;
– de ontoereikende bescherming van minderjarigen op onlineplatforms is een van de grootste punten van zorg voor een derde van de respondenten; een stijging van 10 procentpunten sinds vorig jaar;
– een groeiende meerderheid van de Europeanen is zich ervan bewust dat hun rechten die offline van toepassing zijn ook online moeten worden geëerbiedigd (62 %), maar minder dan de helft van hen (45 %) vindt dat hun digitale rechten goed beschermd zijn.
Hoewel de Europese bevolking het belang van de digitale transformatie steeds meer erkent, merken mensen steeds sterker wat de gevolgen van het snelle tempo van de veranderingen voor hun leven betekenen. Om de digitale transformatie te laten slagen, is het van essentieel belang dat mensen bij de digitale transformatie betrokken blijven en daarover positief blijven. 88 % van de EU-bevolking verwacht dat overheidsinstanties adequate ondersteuning zullen bieden om burgers te helpen om te gaan met de gevolgen van de digitale transformatie in hun leven. In dit verband moet de verklaring over digitale rechten en beginselen 55 , die tot doel heeft burgers een duidelijk referentiepunt te bieden wat betreft het soort digitale transformatie dat de EU wil, meer worden gepromoot en sneller worden uitgevoerd.
Er moet nog heel veel werk worden verzet om de streefcijfers voor 2030 op het gebied van digitale vaardigheden te halen: slechts 55,6 % van de EU-bevolking beschikt over ten minste digitale basisvaardigheden en in het huidige tempo zullen er tegen 2030 slechts 12 miljoen ICT-specialisten zijn – veel minder dan het streefcijfer van 20 miljoen, en dat terwijl de concurrentie om digitaal geschoold talent toeneemt. De jaarlijkse vooruitgang die in 2023 is geboekt, is schrikbarend ontoereikend en ligt tussen de 2,5 en 3 keer lager dan nodig is om de streefcijfers tegen 2030 te halen.
De beschikbaarheid van eID-regelingen, digitale overheidsdiensten en toegang tot online-patiëntendossiers neemt toe, maar er zijn nog steeds aanzienlijke verschillen tussen de landen, aangezien de invoering van eID varieert. De verlening van volledig gebruikersgerichte, toegankelijke 56 en soevereine digitale overheidsdiensten schiet sterk tekort.
De risico’s op internet nemen toe en desinformatie is aangemerkt als een van de meest destabiliserende factoren voor onze samenlevingen, wat een alomvattend, gecoördineerd optreden van actoren over grenzen heen vereist. Het cyberbeveiligingslandschap van de EU heeft nog steeds te kampen met de enorme gevolgen van geopolitieke gebeurtenissen en het aantal cyberaanvallen neemt toe: Enisa heeft tussen juli 2022 en juni 2023 meer dan 2 500 cyberincidenten geregistreerd, waarbij 220 incidenten specifiek gericht waren op twee of meer EU-landen 57 . In 2023 58 meldde 33,5 % van de ondervraagde personen in de EU dat zij vijandige of vernederende berichten op internet hadden gezien, die gericht waren op specifieke groepen vanwege hun politieke en sociale opvattingen, ras of etnische afkomst of seksuele geaardheid, wat aangeeft dat haatzaaiende uitlatingen op het internet veel voorkomen. Daarnaast is de publieke steun voor een betere bescherming van kinderen online met 10 procentpunten toegenomen, wat wijst op een toenemende nadruk op de bescherming van kinderen in de digitale ruimte. De aanzienlijke tijd die kinderen online doorbrengen in combinatie met de geavanceerde, invasieve digitale technieken die door adverteerders worden gebruikt, brengt nieuwe en ernstige uitdagingen met zich mee voor de bescherming van kinderen in de onlineruimte, waaronder risico’s voor hun geestelijke gezondheid of van ongezonde voeding, tabak of alcohol. Bovendien was er onlangs veel aandacht voor de gezondheidsdimensie van digitalisering vanwege de negatieve gevolgen die met name bepaalde ontwerpen van online-interfaces kunnen hebben voor de gezondheid in het algemeen, en voor de geestelijke gezondheid in het bijzonder.
Een van de grootste uitdagingen voor de digitale transformatie van de EU is, zoals blijkt uit de monitoring van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium, de beperkte verspreiding van digitale technologieën buiten grote steden, wat in verband wordt gebracht met de toenemende digitale kloof en de trage digitalisering van ondernemingen, met name kmo’s. De convergentie verloopt nog steeds relatief langzaam, omdat investeringen, menselijk kapitaal en digitale infrastructuur vaak zijn geconcentreerd in de grote bevolkingscentra, terwijl kleine steden, afgelegen gebieden en plattelandsgebieden moeite hebben om economische activiteit te stimuleren en demografische uitdagingen het hoofd te bieden. Een succesvol digitaal decennium zal daarom niet mogelijk zijn zonder meer aandacht te besteden aan inclusiviteit en participatie van alle actoren op alle niveaus, met inbegrip van de regio’s en de steden. Het beleidsprogramma voor het digitale decennium biedt met het oog hierop een kader voor samenwerking tussen actoren met nieuwe samenwerkingsmogelijkheden.
4.1.3 Het benutten van de digitale transformatie voor slimme vergroening
De digitale sector is momenteel goed voor 7-9 % van het wereldwijde elektriciteitsverbruik, wat tegen 2030 naar verwachting zal stijgen tot 13 % als gevolg van de groeiende vraag op mondiaal niveau naar internetdiensten en AI. Inspanningen om het energieverbruik van digitale diensten terug te dringen, zullen van cruciaal belang zijn, en er moet bijzondere aandacht zijn voor energie-efficiënte halfgeleiders en klimaatneutrale edge nodes. Ondanks dat het belangrijk is om een circulaire economie te verwezenlijken, worden digitale apparaten nog beperkt gerecycled: slechts 10,4 % van de mensen geeft aan een mobiele telefoon/smartphone, en respectievelijk 9,7 % en 12,8 % een laptop/tablet en desktopcomputer, te hebben gerecycled.
De toenemende rol van de digitale transformatie en toepassing van technologie bij het verkleinen van de ecologische voetafdruk van ICT, het stimuleren van productiviteitsgroei en efficiëntieverbeteringen voor bedrijven, alsook het bevorderen van doorbraken op het gebied van energie, nettonultechnologieën en schone technologieën, wordt steeds duidelijker. Deze sector heeft inderdaad het potentieel om de totale uitstoot van broeikasgassen in de hele economie vóór 2030 met 15-20 % te verminderen. Een belangrijk resultaat in 2023 is de ontwikkeling en uitvoering van een wetenschappelijk onderbouwde methode voor het meten van de netto-milieueffecten van digitale oplossingen, gefaciliteerd door de Europese groene digitale coalitie.
Tot slot is de herstel- en veerkrachtfaciliteit van groot belang voor de ondersteuning van de dubbele, digitale en groene transitie, met inbegrip van slimme mobiliteit en slimme energiesystemen (zoals slimme netwerken en ICT-systemen).
4.2 De strategische nationale stappenplannen voor het digitale decennium en hun rol bij het verwezenlijken van de ambitie van de EU
Zoals vermeld, wordt bij de analyse van de vooruitgang van de EU in de richting van het digitale decennium voor het eerst gebruikgemaakt van een analyse van de gecombineerde nationale ambities zoals gepresenteerd in de nationale stappenplannen 59 van alle lidstaten. Deze eerste reeks nationale stappenplannen vormt een succesvol uitgangspunt voor een gezamenlijke inspanning van de lidstaten om bij te dragen tot het digitale decennium.
In hun nationale stappenplannen stellen de lidstaten 1 623 maatregelen voor om de streefcijfers en doelstellingen van het digitale decennium te verwezenlijken, waarvoor een bedrag van 251,9 miljard EUR aan investeringen nodig is (waaronder 168 miljard EUR uit de overheidsbegroting, wat neerkomt op 1 % van het bbp van de EU). De voorgestelde maatregelen zijn voornamelijk gericht op halfgeleiders (overheidsbegroting 40 miljard EUR, 24 %), connectiviteit (29 miljard EUR, 17 %) en digitale basisvaardigheden (25 miljard EUR, 15 %). Hoewel de verwijzingen naar algemene doelstellingen in de nationale stappenplannen minder goed uitgewerkt zijn dan de specifieke streefcijfers, omvatten zij nog steeds 414 maatregelen die gericht zijn op het concurrentievermogen (overheidsbegroting 56,8 miljard EUR), technologisch leiderschap (22,3 miljard EUR) en cyberbeveiliging (5,9 miljard EUR).
De stappenplannen bevatten ook nationale streefcijfers die overeenstemmen met de streefcijfers en ambities van het digitale decennium, zoals geïllustreerd in figuur 3. Slechts 70 % van de verwachte streefcijfers werd echter opgenomen in de nationale stappenplannen, en 52 % van de streefcijfers was in overeenstemming met de streefcijfers op EU-niveau. Het ambitieniveau van de lidstaten is alleen vergelijkbaar met het digitale decennium van de EU in het geval van digitale basisvaardigheden, VHCN 60 , 5G 61 en de digitale-intensiteitsindex, maar is veel lager voor FTTP, ICT-specialisten, gegevensanalyse, cloud en AI.
Figuur 3. Nationale streefcijfers voor 2030 ten opzichte van de EU-streefcijfers
Uit een analyse van de collectieve inspanning op basis van de stappenplannen en de verwezenlijking van de streefcijfers (zie tabel 2) blijkt dat in het huidige scenario de collectieve inspanningen van de lidstaten voor ten minste acht van de twaalf KPI’s achterblijven bij het ambitieniveau van de EU.
Tabel 2. Totaal van de verbintenissen van de nationale stappenplannen
|
KPI |
Digitale basisvaardigheden |
ICT-specialisten |
VHCN |
FTTP |
5G 62 |
Cloud |
Gegevensanalyse |
AI 63 |
DII |
Digitale overheidsdiensten |
e-gezondheid |
|
|
Burgers |
Bedrijven |
|||||||||||
|
% EU-streefcijfer bereikt |
98 % |
62 % |
97 % |
69 % |
94 % |
63 % |
51 % |
48 % |
95 % |
77 % |
77 % |
76 % |
Uit een grondiger beoordeling 64 blijkt dat er aanzienlijke verbeteringen en aanpassingen van de nationale stappenplannen nodig zijn om ze af te stemmen op de ambities en benchmarks van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, overeenkomstig de richtsnoeren van de Commissie van 2023 65 . Met name moeten alle streefcijfers worden gedekt door nationale streefcijfers en trajecten die het ambitieniveau van de EU weerspiegelen, zoals vastgesteld door de medewetgevers, en moeten zij worden vertaald in ambitieuzere maatregelen, met inbegrip van begrotingsoverwegingen. Met het oog op een duurzamere vooruitgang in de richting van deze streefcijfers moeten de lidstaten ook een analyse presenteren van de impact van deze maatregelen. Er moet meer aandacht worden besteed aan de uitdagingen waarmee elke lidstaat wordt geconfronteerd en aan de algemene doelstellingen (d.w.z. de mensgerichte digitale ruimte, concurrentievermogen, billijkheid, veerkracht, soevereiniteit, inclusiviteit, duurzaamheid en vergroening, samenhang van het optreden) in verband met de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen 66 . Bij deze doelstellingen spelen ook de bevordering van de culturele en taalkundige verscheidenheid een belangrijke rol. Uit de monitoring van de verklaring blijkt inderdaad dat de uitbreiding van het profiel van de verklaring op nationaal niveau ook kan bijdragen tot betere resultaten in de komende jaren 67 . Dit zal zorgen voor een samenhangend en efficiënt collectief optreden. Tot slot is de raadpleging van belanghebbenden een essentieel onderdeel van het digitale decennium en moet deze worden uitgevoerd en op passende wijze tot uiting komen in de nationale stappenplannen.
4.3 Aanbevelingen voor de toekomst
Alle verbeteringen die de EU heeft gerealiseerd, ondersteund door krachtige beleidsmaatregelen, beginnen al aanzienlijke vooruitgang op te leveren in de richting van doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium, met concrete effecten wat betreft de dekking van basisconnectiviteit, halfgeleiders en supercomputing, zoals verder wordt benadrukt in bijlage 1.
Gezien de beperkte vooruitgang die in 2023 is geboekt en de belangrijke behoeften die in het kader van de monitoring van het digitale decennium op de meeste gebieden zijn vastgesteld, is er echter nog steeds een kritieke behoefte aan maatregelen en investeringen op EU- en nationaal niveau met betrekking tot met name digitale vaardigheden, ICT-deskundigen, connectiviteit van hoge kwaliteit, verspreiding van AI en gegevensanalyse en ecosystemen voor start-ups. Tevens moeten de inspanningen op het gebied van halfgeleiders worden voortgezet. Op alle kritieke gebieden zal voor de bevordering van collaboratieve connectiviteit en computernetwerken 68 tegen 2030 ten minste 280 miljard EUR aan investeringen nodig zijn 69 .
In het licht van deze uitgebreide analyse bevatten de bijlagen 1 en 3 bij dit verslag concrete aanbevelingen aan de lidstaten over de te volgen koers die betrekking hebben op het volledige mogelijke toepassingsgebied van de maatregelen: investeringen vrijmaken, de eengemaakte markt voltooien, technologieën verspreiden en de samenwerking tussen de lidstaten bevorderen. Kort samengevat draait het in de aanbevelingen om de volgende hoofdpijlers.
Ten eerste moeten de EU en de lidstaten streven naar meer coördinatie en samenhang over de hele linie, synergieën tussen governance-entiteiten en financieringsprogramma’s en het beperken van onnodige administratieve lasten, dit met het oog op een snelle uitvoering en handhaving van de regelgevingskaders die zijn vastgesteld om de digitale transformatie te stimuleren (met inbegrip van de digitaledienstenverordening, de digitalemarktenverordening, de AI-verordening, de verordening inzake het Europees kader voor digitale identiteit, het technisch systeem voor de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel, de wetgeving op het gebied van cyberbeveiliging en data, en de EU-toolbox voor 5G-cyberbeveiliging).
De vermindering van de administratieve lasten, zowel bij de uitvoering als bij de handhaving van bestaande wetgevingshandelingen, houdt met name in dat synergieën worden bevorderd, dubbel werk wordt voorkomen, en een gecoördineerde aanpak wordt gevolgd voor het beheer van de bestaande governancestructuren, met samenhang tussen het digitale beleid en het cyberbeveiligingsbeleid. In dit verband kan de Raad voor het digitale decennium fungeren als centraal punt voor de lidstaten, met een breed mandaat dat verschillende aspecten van de digitale transformatie bestrijkt, zoals governance, rapportageverplichtingen en meerlandenprojecten. Via deze raad kunnen de inspanningen tussen verschillende entiteiten in verschillende lidstaten verder worden gestroomlijnd en geharmoniseerd wat uiteindelijk leidt tot de vaststelling van de “overheidsbrede” aanpak die ten grondslag ligt aan het digitale decennium. Met een dergelijke aanpak kunnen de grenzen tussen overheidsinstanties worden neergehaald, waardoor de uitwisseling van gegevens en informatie tussen hun systemen soepel verloopt. Deze aanpak kan ook de samenwerking bevorderen bij het in kaart brengen van rapportageverplichtingen, het consolideren of codificeren van het digitale rechtskader en uiteindelijk het stroomlijnen van de processen voor bedrijven en burgers.
Ten tweede moeten de lidstaten hun inspanningen opvoeren om hun concurrentievermogen te versterken, met inbegrip van productiviteit, veerkracht, vergroening en soevereiniteit. Dit vereist meer maatregelen en investeringen en een stapsgewijze verandering bij het aanpakken van belemmeringen voor de eengemaakte markt. De EU moet bereid zijn ervoor te zorgen dat er in de hele EU betrouwbare, snelle en veilige connectiviteits- en computernetwerken beschikbaar zijn, waarmee de digitalisering van zowel bedrijven als overheidsdiensten wordt bevorderd, wat ten goede komt aan nationale en grensoverschrijdende gebruikers. De EU moet zich ook toerusten met een samenhangender en strategischer kader voor investeringen, governance en capaciteitsopbouw, met het oog op een doeltreffende en inclusieve ontwikkeling van vaardigheden en talent voor het digitale tijdperk, met name door een snelle aanpassing van de onderwijs- en opleidingsstelsels van de EU.
Het vrijmaken van nog veel andere publieke en private investeringen zal van cruciaal belang zijn om onderzoek, innovatie en de ontwikkeling van digitale infrastructuur te bevorderen. Deze investeringen zijn ook essentieel om de digitale kloof tussen regio’s te overbruggen. Dit omvat het cultiveren van ecosystemen voor start-ups, de creatie van software en chips die voldoen aan duurzaamheids- en veiligheidsnormen en het benutten van synergieën tussen civiele en defensiesectoren. Vooruitgang richting een echte kapitaalmarktenunie is ook van essentieel belang voor het stimuleren van groei en innovatie.
In het verslag wordt ook gewezen op de noodzaak om het toepassingsgebied van overheidsmaatregelen uit te breiden, met name op het gebied van overheidsopdrachten. Dit zal de ontwikkeling van de digitale industriële en diensten van de EU helpen versnellen, onder meer als het gaat om soevereine AI en cloudtechnologieën en -diensten.
Ten derde is er nog steeds onbenut potentieel om de verspreiding van digitale technologieën in de samenleving en de regio’s te bevorderen, met name door samenwerking met en tussen Europese actoren op lokaal niveau te ontwikkelen. Voortbouwend op EDIC’s, EDIH’s en partnerschappen zoals de gemeenschappelijke onderneming EuroHPC, moeten de EU en de lidstaten de banden aanhalen met lokale actoren, waaronder kmo’s, start-ups, universiteiten enz. Deze samenwerking moet zich ook uitstrekken tot steden en lokale ontwikkelingsbanken om het potentieel van de Europese samenleving ten volle te benutten. De ervaring en capaciteiten van regio’s en steden zijn van het allergrootste belang voor een succesvol digitaal decennium. Met hun praktische ervaring, kennis en innovatieve oplossingen op basis van dagelijkse contacten met burgers en bedrijven kunnen regio’s en steden bijdragen tot een betere bevordering en monitoring van de uitvoering van de verklaring over digitale rechten en beginselen. Dit kunnen zij doen door digitale kloven aan te pakken en ervoor te zorgen dat alle actoren, met inbegrip van kmo’s, de voordelen van digitalisering kunnen benutten.
Ten vierde kunnen de lidstaten de aanzienlijke resultaten benutten die in 2023 zijn geboekt, door een beter inzicht te krijgen in de synergieën tussen de dubbele transitie en mogelijke hefboomeffecten; daarbij bouwen zij voort op het feit dat men zich steeds meer bewust wordt van het potentieel van de digitale transformatie om een slimme groene transitie te bevorderen. Prioriteit is de transitie van kleinschalige proefprojecten en initiatieven naar grootschalige projecten op basis van samenwerking tussen publieke en private actoren. Om dit doel te bereiken is het met name van essentieel belang een kwantitatief streefcijfer te formuleren voor vergroening in het digitale decennium, de werkzaamheden in het kader van het vaststellen van beste praktijken te versnellen, en de coördinatie tussen de nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium en de nationale energie- en klimaatplannen te intensiveren.
Ten vijfde is er een gezamenlijke inspanning nodig om ervoor te zorgen dat. zoals vastgelegd in de verklaring over digitale rechten en beginselen, mensen in de digitale transformatie centraal staan, zodat wordt gewaarborgd dat zij over de juiste digitale vaardigheden beschikken en aan boord blijven. Om deze doelstelling te bereiken, moeten de EU en de lidstaten de maatschappelijke en economische risico’s die voortvloeien uit de digitalisering beter monitoren, kwesties als ongelijkheid, armoede, onlinediscriminatie en sociale uitsluiting aanpakken en rechtstreekse menselijke ondersteuning bevorderen voor personen die in moeilijkheden verkeren. De lidstaten moeten ook intensiever optreden tegen bedreigingen voor de volksgezondheid en de democratie, en er tegelijkertijd voor zorgen dat de onlineruimte een echt veilige, gezonde en beveiligde omgeving voor kinderen wordt. Deze maatregelen om ongelijkheid, onlinediscriminatie, verdeeldheid en sociale uitsluiting aan te pakken die verband houden met de toenemende centrale rol van online-interfaces in het dagelijks leven, zijn van cruciaal belang om te voorkomen dat de groeiende trend om digitaal af te haken uitmondt in digitale ontevredenheid.
Tot slot is het in kaart brengen en delen van beste praktijken een belangrijke aanjager van een succesvolle digitale transformatie en is dit aangemerkt als een prioriteit voor zowel de Commissie als de lidstaten. Het doel is meer samenwerking, wederzijdse inspiratie en het delen van succesverhalen en oplossingen voor systemische uitdagingen te bevorderen. Een dergelijke samenwerking is van essentieel belang voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de EU voor 2030 en de bredere digitale transformatie. Zoals overeengekomen door de Raad voor het digitale decennium en omdat dit in het belang van de lidstaten is, zal het proces van uitwisseling van beste praktijken naar verwachting in 2024 worden geïntensiveerd, in eerste instantie gericht op drie proefgebieden: i) het bevorderen van digitale vaardigheden; ii) het gebruiken van geavanceerde digitale technologieën, met name AI; en iii) het monitoren van de groene voetafdruk van digitale technologieën. Het proces zal worden geleid door de lidstaten, waarbij de Commissie optreedt als versneller om beste praktijken en de verspreiding ervan te identificeren, selecteren en monitoren.
5. Internationale dimensie
De inspanningen voor internationale samenwerking op het gebied van digitaal beleid zijn gericht op i) het bevorderen van het mensgerichte model en regelgevingskader van de EU, ii) het beschermen van de strategische belangen van de EU, met inbegrip van de economische veiligheid van de EU, en iii) het versterken van de mondiale rol van de EU in de digitale wereld.
De verklaring over digitale rechten en beginselen 70 heeft invloed gehad op internationale teksten, waaronder de verklaring van de OESO over een betrouwbare, duurzame en inclusieve digitale toekomst 71 en de besprekingen over een mondiaal digitaal pact van de Verenigde Naties. De EU heeft via conclusies van de Raad de basis gelegd voor digitale diplomatie en streeft naar een sterkere, meer strategische aanpak in mondiale digitale aangelegenheden. Het belang van de internationale dimensie van het digitale beleid van de EU werd verder onderstreept door de Europese Raad in zijn conclusies van 18 april 2024, waarin werd benadrukt dat het leiderschap van de EU op het gebied van mondiale digitale aangelegenheden moet worden versterkt en de Commissie en de hoge vertegenwoordiger werd verzocht een gezamenlijke mededeling over dit onderwerp op te stellen.
De Commissie heeft haar netwerk van handels- en technologieraden (TTC) en digitale partnerschappen met gelijkgestemde partners zoals de VS, India, Japan, Zuid-Korea, Singapore en Canada verder ontwikkeld. Op die manier bouwt zij aan samenwerking op het gebied van investeringen en technische ondersteuning, beleid en wetgeving en ook normalisatie. Via de TTC EU-VS heeft de EU de samenwerking op belangrijke gebieden als opkomende technologieën, veilige en veerkrachtige connectiviteit en de bescherming van de mensenrechten en waarden online verbeterd. De TTC met India en de digitale partnerschappen met Japan, de Republiek Korea en Singapore tonen de strategische betrokkenheid van de EU op digitaal gebied met de Indo-Pacifische regio.
In Latijns-Amerika en het Caribisch gebied (LAC) zijn met Brazilië en Argentinië bilaterale digitale beleidsdialogen opgezet en is een dialoog gepland met Mexico, in aanvulling op de biregionale dialoog die is ingesteld in het kader van de digitale alliantie EU-LAC 72 . In Azië heeft de EU in september 2023 met China een tweede dialoog op hoog niveau over digitalisering en een dialoog op hoog niveau over de economie gehouden. In de dialoog werd met name gesproken over problemen waarmee EU-bedrijven in China worden geconfronteerd, zoals toegang tot ICT-normalisatie-instellingen of grensoverschrijdende gegevens.
Het Global Gateway-initiatief is gericht op investeringen in digitale infrastructuur om de wereldwijde digitale kloof te dichten en de veiligheid van digitale verbindingen te verbeteren, met name via de uitrol van veilige 5G-netwerken die door betrouwbare verkopers worden geleverd en de beveiliging en weerbaarheid van onderzeese kabels, om de digitale veerkracht van de EU te ondersteunen en de afhankelijkheden te verminderen. De Commissie is steun blijven verlenen aan de inspanningen op het gebied van digitale transformatie in de uitbreidingslanden en het EU-nabuurschap, met inbegrip van een langetermijnregeling met Oekraïne op het gebied van roaming, via de associatieovereenkomst EU-Oekraïne 73 . De Commissie heeft ook deelgenomen aan multilaterale fora, met name over artificiële intelligentie (AI-proces van de G7 in Hiroshima, Verdrag van de Raad van Europa). Om de economische belangen te beschermen heeft de EU maatregelen genomen zoals de EU-strategie voor economische veiligheid, om op die manier de samenwerking met belangrijke partners op het gebied van opkomende technologieën te bevorderen. Deze maatregelen zijn erop gericht het juiste evenwicht te vinden tussen economische openheid de en strategische belangen, en de veerkracht van de EU in kritieke sectoren te vergroten.
Het handelsbeleid en handelsovereenkomsten zullen in dit verband een cruciale rol spelen door op basis van Europese waarden op een open maar assertieve manier mondiale en bilaterale regels voor digitale handel vast te stellen. De Commissie heeft in recente handelsovereenkomsten met Nieuw-Zeeland, Chili en Japan ambitieuze verbintenissen inzake digitale handel uitonderhandeld. Dankzij de handelsregels hebben bedrijven en consumenten in de EU in de hele economie toegang tot de meest innovatieve en best presterende goederen en diensten en hebben bedrijven in de EU toegang tot een breder klantenbestand op een wereldmarkt. Aangezien het geopolitieke klimaat naar verwachting gespannen zal blijven, is het belangrijk om met gelijkgestemde landen bindende regels voor digitale handel overeen te komen om ervoor te zorgen dat bedrijven in de EU de toegang tot de markten van derde landen en betrouwbare grensoverschrijdende gegevensstromen kunnen waarborgen, zodat bedrijven in de EU op mondiaal niveau kunnen opschalen en gedijen in de digitale economie. De EU is ook een drijvende kracht geweest achter de plurilaterale WTO-onderhandelingen over e-handel tussen negentig WTO-leden, die goed zijn voor meer dan 90 % van de wereldhandel. Onlangs, in 2023, is de Commissie onderhandelingen gestart met Singapore en Korea over moderne, op zichzelf staande digitale handelsovereenkomsten.
6. Conclusies
De afgelopen vijf jaar heeft de EU een ongekende digitale nalatenschap opgebouwd door een visie en de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te ontwikkelen en de instrumenten om deze digitale transformatie vorm te geven richting de verwezenlijking van die visie. Het unieke digitale regelgevingskader blijft ongeëvenaard, terwijl innovatie en industriebeleid steeds assertiever blijven groeien.
In de in dit verslag gepresenteerde stand van zaken wordt opgeroepen tot het benutten van het acquis om het gezamenlijk optreden op het gebied van de digitale transformatie van de EU te versterken. De lidstaten wordt verzocht kennis te nemen van de analyse in dit verslag over de staat van het digitale decennium en de horizontale en landspecifieke aanbevelingen in de bijlagen te evalueren. Het is van cruciaal belang dat de lidstaten vóór november 2024 op deze oproep tot actie reageren en hun nationale stappenplannen aanpassen om deze af te stemmen op de ambities van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, zoals gevraagd in het besluit over het digitale decennium 74 .
Gezien de bewijsstukken die in dit verslag worden gepresenteerd, zal de Commissie haar besprekingen met de lidstaten, het Europees Parlement en belanghebbenden voortzetten over hoe samen vooruitgang kan worden geboekt, waarbij het governancemechanisme van het digitale decennium, met name de Raad voor het digitale decennium, wordt benut. Het verslag zal ook als input dienen voor de samenwerking met belanghebbenden en partners buiten de EU.
Zoals uiteengezet in het beleidsprogramma voor het digitale decennium zal de Commissie de uitvoering van deze aanbevelingen monitoren en beoordelen en in het verslag over de staat van het digitale decennium 2025 aangeven welke vooruitgang er is geboekt.
De Commissie zal ook beginnen met de voorbereiding van de herziening van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, die gepland is voor juni 2026.
Besluit (EU) 2022/2481 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 tot vaststelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium tot 2030 (PB L 323 van 19.12.2022, blz. 4).
Analyse in het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 ).
Het verslag is opgesteld na een reeks workshops en onderzoeksmissies die meer dan honderd bijeenkomsten in alle lidstaten omvatten. Bij deze bijeenkomsten waren autoriteiten, regelgevende instanties en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld betrokken.
In figuur 2 wordt de streeftijd berekend aan de hand van een projectie van de recentst waargenomen gemiddelde jaarlijkse groei (vanaf 2023). Er wordt niet voorzien in een versnelling en evenmin wordt rekening gehouden met zeer recente maatregelen die een positief effect kunnen hebben. Bij de huidige KPI voor het 5G-streefcijfer wordt geen rekening gehouden met de kwaliteit van de dienstverlening en daarom kan de huidige uitrol van 5G in de meeste gevallen worden gecategoriseerd als “basis-5G”. Autonoom 5G, dat een hoge betrouwbaarheid en een lage latentietijd waarborgt en van cruciaal belang is om geavanceerde functionaliteiten mogelijk te maken, wordt nog steeds niet op betekenisvolle schaal uitgerold, behalve zeer incidenteel bij particuliere netwerken. Ondertussen was de 5G-dekking in de 3,4-3,8 GHz-frequentieband, die wordt beschouwd als de primaire pioniersband voor 5G in de Unie en als enige beschikbare middenband op grote schaal een goed evenwicht biedt tussen dekking en capaciteit, in 2023 slechts 51 %. Sinds 2023 werkt de Europese Commissie samen met de lidstaten aan een actualisering van de 5G-indicator, die de ontwikkeling van een methode voor het in kaart brengen van de kwaliteit van de dienstverlening omvat.
Dit verslag wordt aangevuld door het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260), met inbegrip van een horizontale en individuele gedetailleerde analyse van de door de lidstaten ingediende strategische stappenplannen voor het digitale decennium en verslaglegging over de uitvoering van de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen (2023/C 23/01, PB C 23 van 23.1.2023, blz. 1), waarin de visie van de EU op digitale transformatie wordt vertaald in beginselen en verbintenissen en een duidelijk referentiekader wordt gegeven aan personen, beleidsmakers en bedrijven als het gaat om de gewenste soort digitale transformatie in de EU.
Zie de mededeling over de staat van het digitale decennium 2024, met bijlagen (COM(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833324 ).
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/digital-principles.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 ).
Europese verklaring over digitale rechten en beginselen voor het digitale decennium (2023/C 23/01, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ:JOC_2023_023_R_0001).
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 ), bijlage 4 over de monitoring van de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen.
Europese verklaring over digitale rechten en beginselen voor het digitale decennium (2023/C 23/01, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ:JOC_2023_023_R_0001).
OESO, Verklaring over een betrouwbare, duurzame en inclusieve digitale toekomst, https://legalinstruments.oecd.org/en/instruments/OECD-LEGAL-0488.
Digitale alliantie EU-Latijns-Amerika en het Caribisch gebied. https://international-partnerships.ec.europa.eu/policies/global-gateway/eu-latin-america-and-caribbean-digital-alliance_en.
Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Oekraïne, anderzijds, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:02014A0529(01)-20231201.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 1: Concurrentievermogen en soevereiniteit, mensen, slimme vergroening, beleidscoherentie en synergieën
Inhoud
Inleiding
1. De belangrijkste aanjagers van de digitale transformatie van de EU in 2024
1.1 Een nieuw geopolitiek paradigma
1.2. Bevordering van het concurrentievermogen in een complexe economische context
1.3. Naar een nieuw tijdperk beheerst door generatieve AI
1.4 Voorkomen dat mensen en samenlevingen buiten de boot vallen in een steeds meer hybride omgeving
2. Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
2.1. Digitaal technologisch leiderschap opbouwen met het oog op het toekomstige concurrentievermogen
2.1.1. Investeringen in onderzoek en innovatie
2.1.2. Een goed functionerende digitale eengemaakte markt die als publiek goed bijdraagt aan de productiviteit van de EU
2.1.3. Ontwikkeling en uitrol van soevereine en veerkrachtige collaboratieve connectiviteits- en computerinfrastructuur
2.2. Ondersteuning van EU-brede digitale ecosystemen en opschaling van innovatieve ondernemingen
2.2.1. Bevorderen van de digitale transformatie van EU-ondernemingen
2.2.2. Opschaling van innovatieve ondernemingen
2.3. Versterking van de cyberbeveiliging
3. Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
3.1. De positie van mensen versterken en de digitale transformatie beter laten aansluiten op hun behoeften
3.1.1. Mensen uitrusten met digitale vaardigheden
3.1.2. Betrouwbare oplossingen voor digitale interactie: de Europese digitale identiteit en de digitale euro
3.1.3. Efficiënte, gebruiksvriendelijke en voor iedereen toegankelijke digitale overheidsdiensten
3.1.4. Toepassingsmogelijkheden voor digitale technologieën in de gezondheidszorg
3.2. Mensen beschermen en een digitale omgeving en technologieën creëren die veilig en mensgericht zijn
3.2.1. Veilige digitale omgevingen creëren en de grondrechten online waarborgen
3.2.2. Kinderen beschermen en sterker doen staan (onder meer door leeftijdsverificatie)
3.2.3. Bevorderen van verantwoorde en mensgerichte AI-systemen
3.3. Onze democratie beschermen en versterken
3.3.1. Desinformatie tegengaan en de integriteit van verkiezingen beschermen
3.3.2. Toegang tot media en pluralisme in de media
4. Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
4.1. Het verband tussen groene transitie en digitale transformatie
4.2. Naar een duurzame digitale infrastructuur
4.3. De digitalisering voor de groene transitie krijgt concreet gestalte.
4.4. Volgende stappen
5. Samenhang creëren en het digitaal beleid en digitale uitgaven beter op elkaar afstemmen
5.1. Horizontale uitvoering door middel van nationale stappenplannen
5.2. Streven naar een doeltreffende, efficiënte uitvoering van de digitale regelgeving, zonder bureaucratische rompslomp
5.3. Creëren van synergieën bij de financiering voor digitalisering
5.4. De samenwerking op alle niveaus vergroten, onder meer door steden en regio’s meer bij het digitale decennium te betrekken
Lijst van figuren
Figuur 1. O&O-uitgaven voor informatie- en communicatietechnologie (ICT) wereldwijd in 2022 (Bron: Europese Commissie (2023) en Statista Inc)
Figuur 2. FTTP-dekking in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 tot aan 2030
Figuur 3: Uitrol van edge nodes (EU-prognose tot 2030).
Figuur 4. Aantal kwantumcomputers in de EU. Traject naar 2030
Figuur 5. Internationaal benchmarkingonderzoek naar start-ups op het gebied van kwantumtechnologieën
Figuur 6. Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van clouddiensten in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 7. Percentage ondernemingen dat AI gebruikt in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 8. Internationaal benchmarkingonderzoek naar durfkapitaalinvesteringen in AI
Figuur 9. Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van gegevensanalyse in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 10. Index voor digitale intensiteit. Vergelijkbare historische gegevens, traject voor het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 11. Internationale benchmarkingstudie naar eenhoorns
Figuur 12. Aantal eenhoorns in de EU. Historische gegevens en referentietraject 2024
Figuur 13. Ten minste digitale basisvaardigheden in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 14: In de EU werkzame ICT-specialisten. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Figuur 15: Onlinedienstverlening aan burgers (bovenste grafiek) en bedrijven (onderste grafiek). Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
Figuur 16: Samengestelde e-gezondheidsindicator. Historische gegevens en DD-traject
Inleiding
Deze bijlage maakt integraal deel uit van het verslag over de staat van het digitale decennium 2024. Daarin wordt de structuur van het verslag van 2023 gehandhaafd, met drie hoofdstukken over concurrentievermogen, mensen en samenleving en slimme vergroening, en een extra hoofdstuk over het creëren van synergie bij het digitaal beleid en bij digitale uitgaven.
In dit verslag wordt ook ingegaan op de uitvoering van de verklaring over digitale rechten en beginselen 1 . Deze verklaring vertaalt de visie van de EU op digitale transformatie in beginselen en verbintenissen.
Tot slot worden in de bijlage aanzienlijke kloven en tekortkomingen beschreven en worden aan alle lidstaten aanbevelingen over beleidslijnen, maatregelen en acties gedaan. Deze aanbevelingen hebben betrekking op gebieden waar aanvullend collectief optreden vereist is. Daarin wordt opgeroepen tot het vrijmaken van extra investeringen en het nemen van maatregelen om de digitale eengemaakte markt te voltooien, de verspreiding van technologieën te stimuleren en de samenwerking tussen lidstaten te bevorderen.
De analyse is primair gebaseerd op de monitoring die wordt uitgevoerd aan de hand van de Digital Economic and Society Index (DESI). Daarnaast is gebruikgemaakt van relevante studies en analyses van deskundigen en de door de lidstaten ingediende nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium.
1. De belangrijkste aanjagers van de digitale transformatie van de EU in 2024
De belangrijkste aanjagers die in het verslag over het digitale decennium van 2023 worden beschreven 2 , hebben in 2024 grotendeels hun relevantie en belang behouden. Er is echter sprake van opmerkelijke intensiveringen en verschuivingen. In de huidige analyse en de daaropvolgende aanbevelingen worden deze ontwikkelingen meegenomen.
1.1 Een nieuw geopolitiek paradigma
De afgelopen maanden hebben zich diverse geopolitieke kenteringen voorgedaan als gevolg van escalerende conflicten, toenemende verdeeldheid en machtspolitiek 3 . De gevolgen van deze trends, waaronder de toename van cyberdreigingen 4 , desinformatie, de verstoring van toeleveringsketens, economische dwang en gewapende conflicten, overlappen en versterken elkaar 5 . Er zijn geen aanwijzingen dat de risico’s als gevolg van deze situatie in de nabije toekomst zullen wegebben.
De wereldwijde technologische wedloop is in 2024 geïntensiveerd. Alle grote economieën, waaronder de EU, de VS, China, Japan en India, zijn zich steeds meer bewust van het economische en nationale belang van geavanceerde technologieën en sommige landen voeren een agressief beleid om technologische toeleveringsketens te reguleren en in bepaalde gevallen veilig te stellen 6 . Naarmate de afhankelijkheid van deze technologieën sterker wordt, neemt het risico toe dat zij als wapen worden ingezet 7 .
Gezien deze permanente instabiliteit zijn de grootste troeven van de EU haar economische macht, haar interne markt, haar veerkracht en haar brede netwerk van handelspartners 8 . In dit verband neemt de EU meer verantwoordelijkheid voor haar diplomatieke leiderschap en haar veiligheid en defensie door investeringen 9 te stimuleren en zich te concentreren op innovatie, met name in digitale technologieën voor tweeërlei gebruik 10 en opkomende disruptieve technologieën 11 .
1.2. Bevordering van het concurrentievermogen in een complexe economische context
Het economische landschap van 2024 wordt gekenmerkt door uitzonderlijk grote onzekerheid, die nog wordt vergroot door geopolitieke spanningen 12 . Daarnaast laat de economische groei in Europa een vertraging zien, terwijl het schuldenniveau in 2023 en 2024 is blijven stijgen 13 . Bovendien hebben de elektriciteitsprijzen zich op een structureel hoog niveau gestabiliseerd, drie keer zo hoog als in de VS en meer dan twee keer zo hoog als in China 14 . De redenen hiervoor zijn onder meer de stijgende inflatie, een toename van de frequentie en ernst van verstoringen aan de aanbodzijde en grotere kwetsbaarheden in de toeleveringsketen voor essentiële hulpbronnen en technologieën. Al met al heeft dit geleid tot een uitdagender investeringsklimaat voor de digitale transformatie 15 , waardoor de EU aanzienlijk achterblijft bij de VS, waar de productiviteitsgroei sinds 2019 tien keer zo hoog is (6 % tegenover 0,6 % in Europa) 16 .
Uit al deze zaken blijkt dat de EU dringend prioriteit moet geven aan maatregelen die innovatie en groei bevorderen, de productiviteit verbeteren en verstoringen beperken, met name op het gebied van digitale technologieën en digitale vaardigheden 17 . In bredere zin zijn aanzienlijke investeringen nodig om het hoofd te bieden aan uitdagingen als digitalisering, ecologische duurzaamheid, vergrijzing van de bevolking, de energietransitie, de opkomende tendens van globalisering en een vermindering van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen 18 . Daarnaast zijn maatregelen om de eengemaakte markt aantrekkelijker te maken van cruciaal belang om het concurrentievermogen van de EU, dat afneemt door onvoldoende integratie, te versterken 19 . Dergelijke maatregelen zijn essentieel om de economie van de EU te moderniseren en de productiecapaciteit te vergroten. Bovendien is het van vitaal belang dat de dubbele groene en digitale transitie met succes wordt uitgevoerd. Om deze doelstellingen te verwezenlijken is een dynamische digitale transformatie onontbeerlijk.
1.3. Naar een nieuw tijdperk beheerst door generatieve AI
Hoewel het transformerend vermogen van artificiële intelligentie (AI) al jaren bekend is, markeerde de opkomst van generatieve AI in 2023 een nieuwe fase in de technologische revolutie. Mogelijk ontstaan hierdoor voor bedrijven, burgers en overheidsdiensten systemische kettingreacties, die zowel kansen als risico’s opleveren. Generatieve AI brengt een massale democratisering van de productie van inhoud met zich mee 20 – mede door een grotere toegankelijkheid, moduleerbaarheid, gebruiksgemak en menselijke kenmerken – die concrete vooruitzichten biedt op een breed gebruik door alle burgers en bedrijven en mogelijk zorgt voor een unieke versnelling in het gebruik van AI door Europese burgers, bedrijven en overheden 21 . De grote toename aan rekenkracht maakt de integratie van AI in verschillende aspecten van het dagelijks leven mogelijk, onder meer in auto’s, mobiele apparaten, woningen en sporthorloges. Deze integratie vormt een impuls voor systemische innovatie, stimuleert de economische efficiëntie en verhoogt de productiviteit van bedrijven. Tegen 2030 zal het netto-effect van AI op de Europese economie naar verwachting nog eens 600 miljard EUR hoger uitvallen dan het eerder geraamde bedrag van 2,8 biljoen EUR 22 . Bovendien zal de uitrol van generatieve AI naar verwachting bedrijfsactiviteiten genereren met een waarde van 2,4 tot 4,0 biljoen EUR per jaar 23 . Deze technologische verschuiving zal ook aanzienlijke gevolgen hebben voor banen en vaardigheden op manieren die we nu nog niet volledig kunnen voorspellen en begrijpen.
Om een robuust ecosysteem voor generatieve AI te ontwikkelen, moet de EU de hele technologische waardeketen op alle niveaus beheersen. Dit houdt onder meer in dat moet worden gezorgd voor de gelijktijdige ontwikkeling van alle onderling afhankelijke componenten 24 , chips en high-performance computing-capaciteiten die van cruciaal belang zijn voor het creëren van trainingsmodellen en basisgegevens voor AI-systemen, en voor onderzoekers en specialisten die deze systemen ontwikkelen. Daarnaast vraagt een dergelijk ecosysteem om de ontwikkeling van een gekwalificeerde beroepsbevolking die in staat is AI in het bedrijfsleven (inclusief kmo’s) in te zetten en een robuuste connectiviteitsinfrastructuur tot stand te brengen, met inbegrip van datacentra. Investeringen die worden ondersteund door een goed functionerende, diepe kapitaalmarkt zijn eveneens van vitaal belang. Elk van deze zaken is van cruciaal belang om brede vooruitgang op alle vlakken van het digitale decennium te waarborgen, om zo te voorkomen dat de verwezenlijking van het hele initiatief in gevaar komt.
1.4 Voorkomen dat mensen en samenlevingen buiten de boot vallen in een steeds meer hybride omgeving
Digitale technologieën bepalen steeds meer elk aspect van ons dagelijks leven, terwijl er soms geen of alleen beperktere offline-alternatieven voorhanden zijn. Deze transformatie biedt belangrijke voordelen biedt, maar daarbij is het uiterst belangrijk om aandacht te besteden aan de dringende zorgen over de kwetsbaarheden en ongelijkheden die deze met zich meebrengt, en om mensen meer in het algemeen te helpen om zich aan te passen aan het snelle tempo van de veranderingen. Hiertoe is met name een samenhangende en strategische aanpak van digitale geletterdheid nodig. Een aanzienlijk deel van de Europeanen voelt zich onvoorbereid of ongemakkelijk als het gaat om de digitale transformatie: slechts 56 % van de volwassenen heeft ten minste digitale basisvaardigheden en ongeveer 100 miljoen Europese burgers beschouwen digitalisering als een bron van complexiteit in hun leven. Een grote meerderheid van de Europeanen (88 %) is van mening dat overheidsinstanties prioriteit moeten geven aan het bieden van menselijke ondersteuning om burgers te leren omgaan met de digitale transformatie 25 . Mensen voelen zich ook kwetsbaar vanwege online-oplichting of oneerlijke praktijken met betrekking tot annuleringen, terugbetalingen en prijsopdrijving 26 . Tot slot is er merkbare en toenemende bezorgdheid over de gevolgen van AI voor de rol van mensen, waaronder banen, en het verlies van privacy 27 .
In 2024 blijft technologie onze samenlevingen op de proef stellen: 72 % van de Europeanen is nu bezorgd over de mogelijke manipulatie en verstoring van verkiezingen in de EU door middel van cyberaanvallen 28 . De blootstelling van democratische samenlevingen aan buitenlandse inmenging is dit jaar bijzonder zorgwekkend, aangezien dit het grootste verkiezingsjaar in de geschiedenis is, waarin landen in heel de wereld, waaronder 450 miljoen Europeanen, hun stem uitbrengen bij cruciale verkiezingen. In dit verband moet maatschappelijke polarisatie als een van de grootste risico’s voor democratieën worden gezien 29 , nu ons vermogen om de dringende mondiale uitdagingen van deze tijd doeltreffend aan te pakken hierdoor in gevaar kan worden gebracht. Een cruciale uitdaging is dan ook ervoor te zorgen dat digitale technologieën en diensten het vertrouwen in instituties vergroten in plaats van het te ondermijnen.
Ook het voorkomen van inmenging die de maatschappelijke stabiliteit ondermijnt, zoals desinformatie, is van het grootste belang. Sinds mei 2023 is het aantal met AI gegenereerde valse artikelen met meer dan 1 000 % toegenomen, met name door de aanwezigheid van meer dan 600 onbetrouwbare nieuws- en informatiewebsites 30 . Nieuwe soorten bots en hulpmiddelen voor sociale media die met generatieve AI zijn gecreëerd, verspreiden politieke, verkiezingsgerelateerde desinformatie op een manier die steeds moeilijker te detecteren valt. Onderzoek heeft dit jaar opnieuw laten zien dat de aanbevelingsalgoritmen van onlineplatforms politiek vooringenomen zijn, waardoor bepaalde inhoud onevenredig veel aandacht krijgt, wat de publieke opinie beïnvloedt en een bedreiging vormt voor de democratie en de sociale cohesie.
Ten slotte hebben recente ontwikkelingen het complexe verband tussen digitale technologieën en de volksgezondheid geïllustreerd. Positief is dat het toegenomen gebruik van AI in de gezondheidszorg en in ruimten voor gezondheidsgegevens en de toegenomen communicatie tussen patiënten en artsen nieuwe mogelijkheden creëren 31 . In 2023 zijn echter ook de negatieve effecten van de vormgeving van online-interfaces op de geestelijke gezondheid duidelijk zichtbaar geworden; deze effecten komen tot uiting in verslavingsgedrag, aandachtsproblemen of afstomping voor geweld 32 . Recente onderzoeken met betrekking tot kinderen wijzen op een aanzienlijke verschuiving in de ervaringen die zij in hun kindertijd opdoen door de opkomst van een cultuur die helemaal om de smartphone draait. Deze verschuiving, gecombineerd met offline-overbescherming en dalende onderwijsnormen, heeft bijgedragen tot lagere scores voor wiskunde bij de PISA-toetsen en een slechtere geestelijke gezondheid, waaronder meer gevallen van verslaving, depressie, angst en zelfbeschadiging 33 .
2. Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
In de volgende punten wordt nagegaan welke vooruitgang is geboekt met betrekking tot de belangrijkste algemene doelstellingen op het gebied van concurrentievermogen, digitale soevereiniteit (die technologisch leiderschap vereist), cyberbeveiliging, collectieve veerkracht en sterke digitale ecosystemen, alsook de bijbehorende streefcijfers (gigabitconnectiviteit, edge nodes, kwantumtechnologie en digitalisering van het bedrijfsleven (inclusief kmo’s), cloudcomputing, AI en big data).
2.1. Digitaal technologisch leiderschap opbouwen met het oog op het toekomstige concurrentievermogen
De afgelopen jaren is het concurrentievermogen van de EU aanzienlijk onder druk komen te staan, met name als gevolg van technologische tekortkomingen. De EU is achtergebleven op alle drie de dimensies innovatie, productie en ingebruikname, met name wat betreft kritieke technologische ontwikkelingen 34 . Deze tekortkomingen hebben met name gevolgen gehad voor haar prestaties op het gebied van digitalisering, wat reden is tot bezorgdheid 35 . Bovendien heeft de achterstand van de EU in de ICT-wedloop ertoe geleid dat het aandeel van de EU in de omzet van de mondiale ICT-markt tussen 2013 en 2022 met 10,5 % is gedaald 36 , wat aanzienlijke negatieve gevolgen heeft gehad voor de productiviteitsgroei.
Wat digitale technologieën en netwerken betreft, is wereldwijd 28 % van alle digitale bedrijven in de VS gevestigd, gevolgd door China met 23 % en de EU met slechts 14 %. Deze verdeling wijst op aanzienlijke asymmetrieën in de productie van digitale diensten 37 . Daarbij is met name van belang dat 80 % van de technologieën en diensten die cruciaal zijn voor de digitale transformatie van Europa nog steeds buiten de EU wordt ontworpen en vervaardigd 38 . Bovendien zijn Europese platforms er de afgelopen tien jaar nog niet in geslaagd meer dan 5 % van de mondiale waarde van deze markt in handen te krijgen. Over het geheel genomen behoort een zeer klein aantal Europese bedrijven tot de wereldmarktleiders op dit gebied; slechts drie van de vijftig grootste ICT-bedrijven, berekend op basis van marktkapitalisatie 39 , zijn Europees.
In dit verband is een aanhoudende en gecoördineerde inspanning van essentieel belang om het digitale technologische leiderschap van de EU te versterken, nu dit een belangrijke factor is voor de verbetering van haar concurrentievermogen. Deze inspanning moet mede gericht zijn op het creëren van solide governancemechanismen voor Europese ondernemingen en een gelijk speelveld binnen de eengemaakte markt van de EU.
Het opbouwen van technologisch leiderschap staat centraal in veel nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium en voor de lidstaten is het een referentiepunt wanneer zij hun nationale context, ambities en strategieën uiteenzetten. Dit sluit aan bij de doelstelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium om de soevereiniteit en veerkracht van de EU door middel van technologisch leiderschap te versterken. Het aantal gemelde maatregelen dat expliciet bijdraagt aan deze doelstellingen is echter vrij beperkt. De lidstaten beschrijven vaak hun bijdrage aan technologisch leiderschap door te verwijzen naar maatregelen die gericht zijn op verwezenlijking van de bijbehorende streefdoelen voor digitale infrastructuur en technologieën. De meeste van deze maatregelen zijn gericht op de ontwikkeling en uitrol van soevereine en veerkrachtige digitale infrastructuur en technologieën, vaak door middel van meerlandenprojecten en andere grensoverschrijdende initiatieven. Dit geldt met name voor high-performance computing, blockchain en centra voor beveiligingsoperaties. Daarnaast ondersteunen sommige in de stappenplannen vermelde maatregelen onderzoek en ontwikkeling op het gebied van technologieën, netwerken en infrastructuur, onder meer in de vorm van kenniscentra en innovatieclusters.
2.1.1. Investeringen in onderzoek en innovatie
Hoewel de EU een belangrijke bijdrage blijft leveren aan de wereldwijde wetenschappelijke vooruitgang, is China sinds 2022 de nieuwe koploper geworden, met toonaangevende publicaties op het gebied van techniek, ontsluitende strategische technologieën en ICT 40 . Ondertussen loopt de EU achter op het gebied van octrooiaanvragen; alleen Zweden staat (dankzij de bijdrage van Ericsson) als enige EU-land in de top tien van landen die de meeste internationale octrooiaanvragen doen. In 2022 waren er acht keer zoveel Chinese als Europese aanvragen en acht van de tien grootste aanvragers van internationale octrooien bevinden zich in Noordoost-Azië.
Daarnaast heeft de EU ook haar streefcijfer van 3 % voor de totale (publieke en particuliere) investeringen in O&I niet gehaald 41 , aangezien die slechts 2,2 % van het bbp van de EU vertegenwoordigen 42 . Dit niveau ligt ruim onder dat van de VS (3,4 %) en iets onder dat van China (2,4 %), wat wijst op een bijzonder laag investeringsniveau in de particuliere sector. Dit verschil is nog groter in de ICT-sector, waar de uitgaven van de EU in 2022 ongeveer zeven keer minder bedroegen dan in de VS (39,2 miljard EUR tegenover 301,5 miljard EUR; zie onderstaande grafiek).
Figuur 1. O&O-uitgaven voor informatie- en communicatietechnologie (ICT) wereldwijd in 2022 (Bron: Europese Commissie (2023) en Statista Inc 43 )
In de technologische wedloop streven Europese bedrijven naar leiderschap op het gebied van opkomende en disruptieve technologieën, met als doel hun militaire en inlichtingencapaciteiten te versterken; tegelijkertijd volgen zij strategieën waarbij civiele en militaire toepassingen worden gecombineerd. Om de strategische activa, belangen, autonomie en veiligheid van de EU beter te beschermen, heeft de Commissie waarborgen ingevoerd in het kader van de Horizon Europa-verordening 44 , alsook investeringswaarborgen in het kader van de Europese Innovatieraad. Als verdere stap in de aanpak van kwetsbaarheden en veiligheidsrisico’s in de O&I-sector heeft de Commissie in het kader van de Europese strategie voor economische veiligheid op 24 januari 2024 een voorstel gedaan voor een aanbeveling van de Raad 45 . In dit voorstel wordt benadrukt dat gestreefd moet worden naar een gedeeld begrip van kwetsbaarheden en dat er maatregelen moeten worden genomen om deze op EU-niveau aan te pakken.
De EU heeft bovendien richtsnoeren voor onderzoek met betrekking tot producten voor tweeërlei gebruik uitgebracht om ervoor te zorgen dat de risico’s door overheden en onderzoeksorganisaties doeltreffend worden vastgesteld, beheerd en beperkt 46 . In overeenstemming met het pakket economische veiligheid van 24 januari 2024 47 heeft de Commissie een openbare raadpleging gehouden over EU-steun voor O&O op het gebied van technologieën met potentieel voor tweeërlei gebruik 48 . Deze raadpleging had tot doel na te gaan of deze steun toereikend is gelet op de bestaande en nieuwe geopolitieke uitdagingen die in de strategie voor economische veiligheid worden beschreven.
Technologisch leiderschap – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties 49 :
Vrijmaken van investeringen
De lidstaten worden aangemoedigd om de investeringen in digitale O&I in alle sectoren daadwerkelijk te verhogen om de doelstelling van 3 % van het bbp van de EU te halen 50 . Dit omvat ook investeringen in kritieke infrastructuur en technologieën, en in projecten die van strategisch belang zijn voor de digitale soevereiniteit van de EU.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt
De lidstaten zouden moeten bijdragen aan de planning en coördinatie van investeringen en hervormingen om de eengemaakte markt te verdiepen, wat een essentiële factor is om de digitale transformatie in de EU te versnellen.
De lidstaten zouden met de onderzoeks- en innovatiesector moeten samenwerken om de onderzoeksveiligheid bij nationale onderzoeksactiviteiten te vergroten, met als doel risico’s zoals de ongewenste overdracht van kritieke technologie, kwaadwillige beïnvloeding en de schending van ethische of integriteitsnormen door niet-EU-landen te beheersen.
Bevorderen van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten worden aangemoedigd zich volledig in te zetten voor de gezamenlijke beoordeling van de economische veiligheidsrisico’s. Dit behelst het uitvoeren van gecoördineerde risicobeoordelingen met betrekking tot de technologieveiligheid en het uitlekken van technologie, en met name het delen van de relevante informatie waarover zij beschikken.
2.1.2. Een goed functionerende digitale eengemaakte markt die als publiek goed bijdraagt aan de productiviteit van de EU
De handel in diensten binnen de EU is goed voor slechts ongeveer 8 % van het bbp, tegenover ongeveer 25 % in het geval van goederen. De afgelopen vijf jaar werden gekenmerkt door een intensieve wetgevingsactiviteit, waarmee de voorwaarden werden geschapen voor een concurrerende eengemaakte markt. Een werkelijk goed functionerende eengemaakte markt is van cruciaal belang om vooruitgang te boeken bij de verwezenlijking van de doelstellingen en streefdoelen van het digitale decennium. Door een gelijk speelveld voor alle Europese bedrijven te waarborgen, is de digitale eengemaakte markt een van de belangrijkste factoren die bedrijven in staat stellen nieuwe kansen te benutten, te groeien en de noodzakelijke schaal te bereiken om op EU-niveau en internationaal te concurreren. Ook biedt deze markt hun meer handvatten om moeilijke tijden goed te doorstaan. De digitale eengemaakte markt vergroot ook de keuzevrijheid van de consument, neemt kunstmatige belemmeringen binnen de EU weg en helpt om gemeenschappelijke waarden en normen vast te stellen.
De uitvoering van de digitalemarktenverordening 51 . Europese kleine en middelgrote ondernemingen en start-ups zijn afhankelijk van grote digitale platforms: ruim 1 miljoen Europese bedrijven verkochten in 2023 goederen of digitale diensten via onlineplatforms.
De digitalemarktenverordening bevat uniforme regels voor het gedrag van digitale platforms die optreden als poortwachters tussen zakelijke gebruikers en hun klanten in de EU. Deze aanpak houdt een verschuiving in van antitrustmaatregelen achteraf naar regulering vooraf op basis van een reeks nieuwe regels. Hiermee verandert de manier waarop grote digitale platforms in de EU te werk mogen gaan.
Op 6 september 2023 heeft de Commissie in het kader van de digitalemarktenverordening zes poortwachters aangewezen (Alphabet, Amazon, Apple, ByteDance, Meta en Microsoft), na de aanwijzing van 13 mei 2024 aangevuld met Booking.
In totaal werden 24 door poortwachters aangeboden kernplatformdiensten aangewezen. Deze diensten zijn voor bedrijven belangrijke kanalen om hun consumenten te bereiken.
Vanaf 7 maart 2024 moeten de eerste zes poortwachters voor elk van hun aangewezen kernplatformdiensten volledig voldoen aan de verplichtingen van de digitalemarktenverordening. Als de Commissie vermoedt dat dit niet het geval is, kan zij handhavingsmaatregelen nemen om de naleving te waarborgen. Op 25 maart heeft de Commissie een onderzoek wegens niet-naleving geopend tegen Alphabet, Apple en Meta. Bovendien heeft de Commissie op 24 juni ook een nieuw onderzoek wegens niet-naleving geopend naar de nieuwe contractuele voorwaarden van Apple voor ontwikkelaars. De Commissie blijft toezicht houden op de doeltreffende naleving door poortwachters.
De effectieve uitvoering en handhaving van de onlangs goedgekeurde wetgeving zal de komende jaren een belangrijke opgave zijn. Daarnaast is met name een echte kapitaalmarktenunie essentieel om de digitale eengemaakte markt en de huidige groene en digitale transitie te ondersteunen 52 .
Het ondersteunen van concurrerende digitale ecosystemen en innovatieve bedrijven is een doelstelling die terugkomt in een groot aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium. Dit strookt met de doelstellingen van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, dat gericht is op sterke digitale ecosystemen en veerkrachtige toeleveringsketens.
Het aantal gemelde maatregelen dat expliciet bijdraagt aan deze doelstellingen is echter vrij beperkt. De lidstaten beschrijven hun bijdrage aan het concurrentievermogen en de veerkracht veelal door te verwijzen naar maatregelen die gericht zijn op verwezenlijking van de bijbehorende streefcijfers voor digitale technologieën en de digitalisering van bedrijven. De meeste van deze maatregelen zijn gericht op het ondersteunen van digitale ecosystemen en het opschalen van innovatieve bedrijven.
Een klein aantal maatregelen heeft betrekking op regelgeving betreffende normstelling, interoperabiliteit en eerlijke mededinging voor gebruikers, bedrijven en regio’s (bv. Bulgarije, Cyprus, Griekenland, Kroatië, Luxemburg en Zweden), het verminderen van de afhankelijkheid van de levering van kritieke technologieën (bv. Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Spanje en Nederland) en initiatieven voor internationale uitwisseling (bv. Litouwen en Zweden).
2.1.3. Ontwikkeling en uitrol van soevereine en veerkrachtige collaboratieve connectiviteits- en computerinfrastructuur
Het succes van het digitale decennium zal afhangen van het vermogen van de EU om een ecosysteem op te bouwen dat gebaseerd is op de convergentie van connectiviteitsinfrastructuur en computerdiensten, met inbegrip van chipfabrikanten en aanbieders van elektronische communicatie, netwerkapparatuur en edge- en clouddiensten, waarmee de levering van collaboratieve connectiviteit en computerdiensten mogelijk wordt.
2.1.3.1. Gigabitconnectiviteitsinfrastructuur
Eurobarometer 2024: vier van de vijf Europeanen benadrukken dat om het dagelijks gebruik van digitale technologieën gemakkelijker te maken, de beschikbaarheid en betaalbaarheid van snelle internetverbindingen moet worden verbeterd 53 .
Een geavanceerde digitale netwerkinfrastructuur is een noodzakelijke voorwaarde voor de ontwikkeling van diensten en toepassingen die Europese bedrijven en consumenten kunnen gebruiken om de productiviteit en economische ontwikkeling te versterken. Daarom wordt er tijdens het digitale decennium naar gestreefd om alle Europese burgers en bedrijven vaste en mobiele gigabitnetwerken te bieden. In de verklaring over digitale rechten en beginselen hebben de EU en haar lidstaten zich er ook toe verbonden digitale connectiviteit voor iedereen betaalbaar te maken 54 .
De EU heeft haar connectiviteitsdoelstellingen nog lang niet gehaald. Glasvezelnetwerken, die van kritiek belang zijn voor het leveren van gigabitconnectiviteit, zijn slechts beschikbaar voor 64 % van de huishoudens, tegenover meer dan 99 % in Japan en Zuid-Korea 55 . Ondanks aanzienlijke vooruitgang in sommige lidstaten (met name een toename van 38 % in de uitrol van glasvezel in Griekenland vanwege een inhaalslag) blijft de gemiddelde jaarlijkse vooruitgang in de EU (+ 13,5 %) veel te beperkt om ervoor te zorgen dat de doelstelling van 100 % dekking tegen 2030 wordt gehaald, rekening houdend met de kosten en moeilijkheden om de resterende 36 % van de huishoudens dekking te bieden. Zonder extra maatregelen en investeringen zal tegen 2030 minder dan 90 % van het streefcijfer worden gehaald.
Bovendien bestaan er aanzienlijke verschillen tussen de lidstaten, met name wat betreft de uitrol van glasvezel, die van cruciaal belang is voor het bieden van gigabitconnectiviteit. De verschillen in de uitrol van glasvezelnetwerken kunnen worden verklaard door een verschil in uitgangspositie wat betreft de kwaliteit en het bereik van de bestaande infrastructuur, geografische verschillen tussen de lidstaten, verschillen in overheidsfinanciering voor de uitrol van glasvezel en de wijze waarop de toegang tot oudere netwerken in de regelgeving is geregeld. Het voorkomen van de overmatige aanleg van infrastructuur, met name infrastructuur die door de overheid wordt gefinancierd, is goed gelukt, bijvoorbeeld in Frankrijk.
Er bestaat nog steeds een aanzienlijke digitale kloof tussen stedelijke en plattelandsgebieden in de Europese Unie. De vaste VHCN-dekking (FTTP en Docsis 3.1) in plattelandsgebieden is met 11,5 procentpunten toegenomen van 44,2 % in 2022 tot 55,7 % in 2023, wat nog steeds veel lager is dan de totale vaste VHCN-dekking van 78,8 %. De FTTP-dekking in plattelandsgebieden is in 2023 met 12,1 procentpunt gestegen tot 52,8 %, wat lager is dan de totale FTTP-dekking van 64,0 %. De 5G-dekking in plattelandsgebieden is in 2023 snel toegenomen, met 22,7 procentpunten binnen één jaar, tot 73,7 %. Dit is echter nog steeds veel lager dan de totale 5G-dekking van 89,3 %.
Aan de vraagzijde is het gebruik van breedband van ten minste 1 Gbps in de EU sinds 2023 zeer laag gebleven, namelijk 18,5 % 56 , terwijl in twintig lidstaten minder dan 10 % van de consumenten gebruik heeft gemaakt van deze vorm van snelle breedband. Het gebruik van snelle vaste breedbandabonnementen is in de EU lager dan in de VS (20,44 %), Zuid-Korea (88,04 %) en Japan (84,77 %) 57 .
Figuur 2. FTTP-dekking in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 tot aan 2030
Hoewel de 5G-dekking momenteel 89,3 % van de bevolking van de EU omvat (tegen slechts 73,7 % dekking in plattelandsgebieden), heeft de uitrol nog niet geleid tot EU-brede, geavanceerde 5G-prestaties. Het grootste deel van de huidige dekking van 5G kan worden aangemerkt als “basis-5G”; een hogere kwaliteit van dienstverlening en aanvullende functionaliteiten zijn echter nodig om aan de vraag naar meer geavanceerde 5G-diensten te voldoen. Dit is ook een vereiste om het computercontinuüm tot stand te brengen dat connectiviteit, cloud/AI en het internet der dingen (IoT) omvat.
“Autonoom” 5G, dat een hoge betrouwbaarheid en een lage latentie waarborgt, wat van cruciaal belang is om geavanceerde gebruiksmogelijkheden te kunnen bieden, wordt nog steeds niet op betekenisvolle schaal uitgerold, behalve in een zeer beperkt aantal gevallen, in de vorm van particuliere netwerken.
Ondertussen bedroeg de 5G-dekking in de 3,4-3,8 GHz-band (3,6 GHz-band), die wordt beschouwd als de primaire pioniersband voor 5G in de EU en de enige breed beschikbare middenband die op grote schaal de mogelijkheid biedt om grote aaneengesloten delen van het spectrum van 80-100 MHz te gebruiken, slechts 50,6 %. Deze band is van groot belang omdat hij in potentie een hoogwaardige 5G-dekking kan bieden (met een goede balans tussen dekking en capaciteit).
Het versnellen van de uitrol is van cruciaal belang omdat de beschikbaarheid van een hoogwaardige, uitgebreide 5G-infrastructuur niet alleen een belangrijke aanjager is van het huidige concurrentievermogen van de EU, maar ook de belangrijkste basis vormt voor de toekomstige uitrol van 6G, waarbij grote delen van de 5G-infrastructuur zullen worden hergebruikt (bv. glasvezelbackhaul, LEO-satellieten enz.).
In hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium hebben 24 lidstaten trajecten opgenomen voor de verwezenlijking van de streefcijfers voor gigabitconnectiviteit en 5G-dekking. De meeste nationale streefcijfers voor 2030 (23 van de 24 voor gigabitconnectiviteit en 22 van de 24 voor 5G) hebben betrekking op het basis-5G-netwerk en het netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) 58 .
In totaal hebben de lidstaten 93 maatregelen gemeld die bijdragen tot de gigabitdoelstelling, met een totale begroting van 82 miljard EUR. De meeste maatregelen zijn regelgevende maatregelen om de uitrol van netwerken te vergemakkelijken, met inbegrip van de regulering van de toegang tot en het hergebruik van fysieke infrastructuur, financiële steun voor de uitrol van netwerken in commercieel niet-levensvatbare gebieden (met inbegrip van plattelandsgebieden en ultraperifere gebieden) of voor de uitrol van backbonenetwerken.
35 van de gemelde maatregelen, met een totale begroting van 7 miljard EUR, zouden bijdragen aan de 5G-doelstelling. De meeste daarvan hebben betrekking op spectrumbeheer, met inbegrip van spectrumprijzen, of behelzen regelgevende maatregelen om de uitrol van netwerken te vergemakkelijken.
De uitrol van connectiviteitsnetwerken moet worden versneld, evenals de ontwikkeling ervan tot een Connected Collaborative Computing-netwerk (3C-netwerk), zoals beschreven in het in februari 2024 gepubliceerde witboek over connectiviteit “Tegemoetkomen aan de digitale-infrastructuurbehoeften van Europa”, rekening houdend met de feedback van het publiek 59 .
Volgens ramingen vergt het toenemende gebruik van software en clouddiensten door elektronische-communicatienetwerken tot 2027 nog eens 80 miljard EUR aan extra investeringen. Dit staat nog los van de investeringskloof van 200 miljard EUR, die moet worden overbrugd om de connectiviteitsdoelstellingen van het digitale decennium te halen 60 .
Deze geraamde investeringen vereisen aanhoudende inspanningen van particuliere exploitanten en overheidsinstanties, waarbij het gaat om veel hogere bedragen dan die de lidstaten in hun nationale stappenplannen hebben begroot. Deze inspanningen zijn nodig om te zorgen voor hoogwaardige gigabitconnectiviteit met een hoge betrouwbaarheid, een lage latentie en een snelheid die gebruikers tegen 2030 nodig zullen hebben. Er moet ook meer worden gedaan om de unieke versnippering van de Europese retailmarkt voor telecomdiensten aan te pakken en voorwaarden voor opschaling te scheppen.
In het witboek over connectiviteit worden de toekomst van de digitale netwerkinfrastructuren van de EU en de daarmee samenhangende uitdagingen beschreven. Hierin wordt onderstreept dat moet worden geïnvesteerd in de uitrol van technologische en onderzoekscapaciteit, alsook in veilige en veerkrachtige digitale infrastructuur, en dat een echte eengemaakte markt voor communicatienetwerken moet worden gecreëerd die de uitbreiding van de traditionele internetmarkt voor consumenten naar een computercontinuüm mogelijk maakt: van chips en andere componenten voor in apparaten ingebouwde snelle processoren tot edgecomputing in combinatie met gecentraliseerde clouddiensten en door AI aangedreven toepassingen die het netwerk beheren.
De Gemeenschappelijke Onderneming “Slimme netwerken en diensten” (SNS JU) brengt het bedrijfsleven en overheidsinstanties samen in een EU-platform voor O&I-financiering voor geavanceerde 5G- en 6G-systemen, met als doel de kracht van de EU op het gebied van de levering van netwerken te benutten voor de bredere waardeketen, met inbegrip van cloud en software, alsook apparaten en componenten. SNS JU heeft 6G-onderzoek in Europa op gang gebracht door medefinanciering van 63 onderzoeks- en innovatieprojecten op het gebied van geavanceerde 5G-netwerken en 6G-netwerken, onder meer met betrekking tot de architectuur, geavanceerde draadloze en optische communicatie, niet-terrestrische netwerken en veilige en betrouwbare communicatie.
In het witboek wordt ook gewezen op het belang van onderzeese kabelinfrastructuren, die goed zijn voor meer dan 99 % van het intercontinentale dataverkeer, en waarover in februari 2024 een aanbeveling aan de lidstaten 61 is aangenomen. De aanbeveling heeft tot doel maatregelen te bevorderen die helpen om de bestaande kabelinfrastructuur in kaart te brengen en zo een EU-brede beoordeling van de risico’s, kwetsbaarheden en afhankelijkheden te faciliteren, met name van leveranciers met een hoog risico. Deze zullen worden beperkt door het gebruik van een toolbox voor kabelbeveiliging en het gemeenschappelijk beheer van kabeltechnologieën en bekabelingsdiensten, waarmee snelle en veilige reparatie en onderhoud van kabels wordt gewaarborgd, alsook door kritieke kabelprojecten van Europees belang in kaart te brengen en te financieren, zowel binnen de EU als wereldwijd.
Connectiviteit – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt
De lidstaten worden aangemoedigd om samen met de Commissie actie te ondernemen om de elektronische-communicatiesector te transformeren en exploitanten in staat te stellen een kritische omvang te bereiken.
Vrijmaken van investeringen
De lidstaten zouden gerichte maatregelen moeten nemen om het gebruik van meer geavanceerde vaste en mobiele netwerkdiensten te stimuleren, dat op zijn beurt verband houdt met de ontwikkeling en een intensiever gebruik van data-intensieve toepassingen en gebruiksmogelijkheden, op basis van bijvoorbeeld edgecomputing, AI en IoT, mede door kmo’s.
De lidstaten zouden gerichte maatregelen moeten nemen om het gebruik van gigabitnetwerken door eindgebruikers te bevorderen, met name via beste praktijken om eindgebruikers aan te sluiten, ook op innovatieve toepassingen, alsook, in voorkomend geval, door middel van steunregelingen om het gebruik onder eindgebruikers te stimuleren en de betaalbaarheid van kwalitatief betere breedbandtoegang te waarborgen.
De lidstaten zouden moeten overwegen meer overheidssteun te bieden, gecombineerd met Europese fondsen, alsook particuliere investeringen te stimuleren om gebieden te bereiken waar de markt tekortschiet en de ontwikkeling van nieuwe gebruiksmogelijkheden van 5G te vergemakkelijken op basis van geavanceerde connectiviteit en bijbehorende nieuwe ecosystemen, zoals geconnecteerde en geautomatiseerde mobiliteit, slimme steden en e-gezondheid.
Zij zouden ervoor moeten zorgen dat nieuwe spelers voldoende toegang hebben tot het spectrum om innovatieve B2B- en B2C-toepassingen aan te bieden en zouden exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen. De lidstaten zouden kunnen onderzoeken wanneer publiek-private partnerschappen een geschikt instrument zijn, bijvoorbeeld wanneer het overheidskapitaal (tegen marktvoorwaarden) wordt aangeboden in de vorm van garanties of een achtergestelde co-investering, om de elektronische-communicatiesector te helpen zijn transformatie te financieren.
De lidstaten zouden bij de ontwikkeling en uitrol van 6G moeten zorgen voor een sterke duurzaamheidsdimensie, waarbij in het bijzonder rekening wordt gehouden met de aanstaande EU-gedragscode en gebruik wordt gemaakt van de EU-taxonomie.
Bevorderen van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten zouden de nieuwe aanbeveling inzake onderzeese kabels zo snel mogelijk moeten uitvoeren om te zorgen voor een gecoördineerde inventarisatie en beoordeling van de Europese kabelinfrastructuur, en daarbij een toolbox voor kabelbeveiliging met risicobeperkende maatregelen moeten creëren en een lijst van kabelprojecten van Europees belang moeten opstellen.
2.1.3.2. Halfgeleiders
Halfgeleiders zijn de “stoommachine” van de digitale en groene transitie, aangezien zij de basis vormen voor kritieke toepassingen en infrastructuur voor smartphones, auto’s en sectoren als de gezondheidszorg, energie, communicatie, defensie, ruimtevaart en industriële automatisering. De halfgeleidermarkt zal zijn waarde dit decennium naar verwachting verdubbelen ten opzichte van 2021, tot meer dan 1 biljoen USD in 2030 62 . Deze groei omvat gebieden als chipontwerp, productie van wafers, de levering van chemische componenten, verpakkingen en machines.
Halfgeleiders zijn van groot geostrategisch belang en staan wereldwijd centraal in industriële en veiligheidsstrategieën. Onze partners en concurrenten verrichten enorme publieke en particuliere investeringen en nemen agressieve economische maatregelen om de toeleverings- en productiecapaciteit voor hun economieën te waarborgen.
De toeleveringsketens zijn wereldwijd met elkaar verbonden, maar voor de meeste segmenten zijn zij nog steeds sterk geconcentreerd in Azië. Dit creëert een afhankelijkheid van chipontwerpers en -fabrikanten en (geavanceerde) verpakkingsfaciliteiten buiten de EU, wat kan leiden tot voorzieningstekorten die hele industriële sectoren (bv. de automobielsector, industriële automatisering, communicatie) verstoren.
|
Kader: Het benutten van de beste Europese high-performance computing (HPC) voor AI-modellen. De snelle ontwikkeling van AI-diensten is sterk afhankelijk van de integratie van gespecialiseerde chips die optimaal ontworpen zijn voor algoritmen voor machinaal leren, zoals algemene verwerkingseenheden (GPU’s). Dankzij chips kunnen enorme hoeveelheden data efficiënt worden verwerkt, waardoor AI-toepassingen in verschillende sectoren, waaronder gezondheidszorg, financiën en autonome voertuigen, mogelijk worden. Daarnaast zijn HPC-systemen, zoals Jupiter, sterk afhankelijk van geavanceerde halfgeleidertechnologieën om tot een ongekende rekencapaciteit te komen, waarbij geavanceerde GPU’s een centrale rol spelen om complexe simulaties en gegevensanalyses te versnellen. Jupiter wordt de eerste EuroHPC-exaschaalsupercomputer, die op de campus van Forschungszentrum Jülich in Duitsland zal worden geplaatst en door het Jülich Supercomputing Centre zal worden beheerd. De computer is gebaseerd op de architectuur van BullSequana XH3000 met directe vloeistofkoeling, waarbij NVIDIA-technologie in de geavanceerde halfgeleiderchips wordt geïntegreerd. Deze integratie onderstreept dat geavanceerde chips essentieel zijn om baanbrekende simulaties en AI-toepassingen mogelijk te maken, een belangrijke stap in het streven van Europa naar technologisch leiderschap op het gebied van HPC en generatieve AI. |
De ambitie van Europa in het digitale decennium is om zijn aandeel in de mondiale productie te verdubbelen (van 10 naar 20 %) en haar mondiale leiderschap in deze sector te vergroten door de investeringen te concentreren op de productie van de meest geavanceerde halfgeleiders (chips van 2 nanometer). De EU kan hiertoe een beroep doen op haar krachtige onderzoekscapaciteit (IMEC, CEA LETI en Fraunhofer) en technologische capaciteit (ASML, ASM, chemie), die dankzij strategieën en investeringen uit het verleden geheel zijn toegerust voor de productie van de meest geavanceerde chips.
Het marktaandeel van de EU-27 in de waardeketen voor halfgeleiders bedroeg in 2022 90 miljard EUR, ofwel 9,8 % van de wereldwijde inkomsten. De inkomsten stegen aanzienlijk ten opzichte van het niveau van 2019 (57 miljard EUR), maar het marktaandeel daalde licht (9,9 % in 2019). De VS zijn momenteel marktleider (met ongeveer 40 %), gevolgd door Taiwan (15 %), Zuid-Korea (13,2 %), Japan (12,4 %) en de EU-27, waar de inkomsten volgens de raming van de International Data Corporation 63 9,8 % van de mondiale markt in waarde bedragen. Uitgaande van de landen waar het hoofdkantoor gevestigd is, zijn de totale gecombineerde inkomsten in de waardeketen van de EU-27 geconcentreerd in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Oostenrijk, België en Luxemburg. De productie van halfgeleiders is goed voor 56 % van de totale inkomsten in de waardeketen, waarbij apparatuur goed is voor 29 %.
In het beleidsprogramma voor het digitale decennium is de doelstelling vastgesteld dat het marktaandeel van de EU op het gebied van geavanceerde halfgeleiders tegen 2030 20 % van de wereldwijde inkomsten moet zijn. In dit stadium zijn geavanceerde halfgeleiders echter nog steeds niet beschikbaar op de markt. Wel staan er in de EU aanzienlijke investeringen gepland en zal de productiecapaciteit in Europa de komende jaren worden versterkt.
Van 2022 tot 2023 daalden de inkomsten in de EU met 3 % (van 90 tot 87 miljard EUR), terwijl de mondiale inkomsten met 14 % daalden (van 918 tot 791 miljard EUR). In deze moeilijke situatie bestaat de volgende fase voor de EU uit verdere uitbreiding van het ecosysteem voor halfgeleiders in Europa, van O&I tot de productiecapaciteit, zodat de industriële aanwezigheid in de hele toeleveringsketen wordt versterkt. In 2024 staat de EU voor de grote uitdaging om te zorgen voor een solide productienetwerk, waarvoor enorme financiële investeringen nodig zijn. De EU moet met name zwakke punten op het gebied van ontwerp, fabricage, assemblage en verpakking van chips aanpakken, aangezien de productie in de EU in de loop van tijd is afgenomen als gevolg van de uitbesteding aan gieterijen buiten de EU en de effecten van de tekorten in de periode 2020-2021.
Met de EU-chipverordening, die op 21 september 2023 in werking is getreden, het tweede belangrijke project van gemeenschappelijk Europees belang op het gebied van micro-elektronica en communicatietechnologieën (IPCEI ME/CT), en de Alliantie voor processors en halfgeleidertechnologieën, heeft de EU resolute stappen gezet in de uitvoering van haar visie dat de EU een belangrijke speler moet worden bij de productie van halfgeleiders van wereldklasse. Om de ambitieuze doelstellingen van het digitale decennium te verwezenlijken, is een voortdurende gezamenlijke inspanning van Europese entiteiten nodig.
In hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium hebben de lidstaten melding gemaakt van in totaal 47 maatregelen die aan dit streefdoel bijdragen, met een totale begroting van 48,6 miljard EUR, het op twee na hoogste gerapporteerde budget voor de verwezenlijking van een streefdoel. De meeste maatregelen behelzen steun voor onderzoek en ontwikkeling, vergroting van de productiecapaciteit en de industriële toepassing van halfgeleiders, onder meer via het IPCEI voor micro-elektronica en communicatietechnologieën. Daarnaast hebben twee lidstaten (Polen, Slovenië) ook nationale streefwaarden en trajecten voor de halfgeleiderdoelstelling vastgesteld, of voor elementen die daaraan bijdragen.
Halfgeleiders – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen en bevorderen van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten zouden de uitbreiding van veilige en duurzame binnenlandse capaciteit voor het ontwerpen en vervaardigen van chips moeten stimuleren, onder meer door verpakkings- en assemblageactiviteiten naar de EU terug te halen, de digitale vaardigheden op het gebied van geavanceerde technologieën in alle sectoren te vergroten en de betrokkenheid bij het Europese ecosysteem te versterken.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt
De lidstaten zouden beleidsmaatregelen moeten overwegen om het gebruik van betrouwbare elektronica te bevorderen, waar nodig door middel van normen, certificering en gemeenschappelijke vereisten voor veilige chips, mede door opname van beveiligingsvereisten en bijbehorende prestatiegerelateerde specificaties in openbare aanbestedingen (bv. voor communicatienetwerken of data-infrastructuur).
De lidstaten zouden een strikter beleid voor buitenlandse directe investeringen moeten ontwikkelen om intellectuele eigendom voor Europa te behouden.
2.1.3.3. Edge nodes
De ontwikkeling van “edge nodes” vormt niet alleen een paradigmaverschuiving naar een gedecentraliseerd model van gegevensopslag dat zorgt voor gegevensverwerking met een lage latentie en een betere bescherming van de privacy. Ze is ook bepalend voor de toekomst van digitale infrastructuur als essentiële bouwsteen voor de ontwikkeling van innovatieve en efficiënte infrastructuren met behulp van op AI gebaseerde software en computer- en telecommunicatienetwerken. Deze revolutie biedt de EU ook een kans om de veiligheid, soevereiniteit en technologische onafhankelijkheid van digitale netwerken als kritieke infrastructuur te waarborgen.
Figuur 3: Uitrol van edge nodes (EU-prognose tot 2030). 64
Het beleidsprogramma voor het digitale decennium stelt zich tot doel ten minste 10 000 sterk beveiligde, klimaatneutrale edge nodes op te zetten, die op zodanige wijze worden verspreid dat toegang tot gegevensdiensten met een lage latentie (d.w.z. enkele milliseconden) wordt gewaarborgd, ongeacht waar bedrijven zich bevinden.
Het totale aantal opgezette edge nodes in de EU bedroeg in 2023 naar schatting 1 186, tegen 499 in 2022. Dit geraamde aantal is nog steeds ontoereikend om het totale streefcijfer te halen: het is slechts 12 % van het streefcijfer voor edge nodes voor 2030. Bovendien is de markt nog lang niet rijp voor de praktische toepassing ervan: slechts 12 % van de opgezette edge nodes wordt gebruikt voor productie en 88 % voor test- en onderzoeksdoeleinden.
Volgens voorlopige bevindingen van het Edge Observatory en IDC 65 waren de Europese uitgaven voor edgecomputing in 2023 goed voor 22 % van de wereldwijde uitgaven op dit gebied (190 miljard EUR in 2023). De Verenigde Staten zullen naar verwachting het meest uitgeven aan edgecomputing, meer dan 40 % van het wereldwijde totaal, gevolgd door Europa en China. Verwacht wordt dat Latijns-Amerika en China de komende vijf jaar de uitgaven het snelst zullen zien groeien.
De verspreiding van edge nodes in de EU vertoont aanzienlijke geografische verschillen met als koplopers Frankrijk, Duitsland, Italië en Spanje. Deze lidstaten hebben de mogelijkheid om trends te zetten en beste praktijken te verspreiden, waarbij met name wordt voortgebouwd op de snelle investeringen van Frankrijk in edgecomputinginfrastructuur en de invoering van aanverwante technologieën sinds het begin van de jaren 2020, alsook op de Spaanse aanpak ter bevordering van milieuvriendelijke aanbestedingen: 59 % van de Spaanse ondernemingen houdt vóór de selectie rekening met de milieueffecten van ICT-diensten of -apparatuur.
Zes lidstaten (Griekenland, Italië, Ierland, Kroatië, Polen en Slovenië) hebben in hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium een traject voor de uitrol van edge nodes gepresenteerd. In totaal zijn er 19 maatregelen gemeld, met een totale begroting van 2 miljard EUR.
De meeste maatregelen behelzen steun voor de uitrol van edge nodes, onder meer voor onderzoek en/of eerste industriële toepassing door middel van het belangrijke project van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI) voor cloudinfrastructuur en -diensten van de nieuwe generatie en steun voor onderzoek naar en ontwikkeling van edge nodes.
Edge Nodes – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen
De lidstaten zouden de uitrol van veilige en duurzame edge nodes moeten ondersteunen als onderdeel van hun connectiviteits-, IoT- en AI-strategieën.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt
De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat de uitrol van edge nodes geen nieuwe tweedeling binnen de eengemaakte markt creëert.
2.1.3.4. Kwantumcomputing
Kwantumtechnologieën zullen het Europese bedrijfsleven en samenleving fundamenteel transformeren, waardoor de productiviteit enorm wordt verbeterd en het bedrijfsleven een nieuwe impuls krijgt. Ook complexe computertaken, zoals het modelleren van biomoleculaire en chemische reacties, het versnellen van nauwkeurige diagnoses en de behandeling van ziekten, en de bescherming van communicatiesystemen met uiterst veilige codes worden hierdoor mogelijk gemaakt. Kwantumtechnologieën zullen van cruciaal belang zijn voor het waarborgen van de Europese soevereiniteit, zoals benadrukt in de Europese strategie voor economische veiligheid 66 en in de aanbeveling van de Commissie over kritieke technologiegebieden voor de economische veiligheid van de EU met het oog op verdere risicobeoordeling met de lidstaten 67 .
Sinds 2018 hebben de EU en de lidstaten meer dan 8 miljard EUR uitgetrokken voor kwantumtechnologieën, aangevuld met de lancering van meerlandenprojecten, individuele overeenkomsten en, laatstelijk, de Europese verklaring over kwantumtechnologieën, die door verreweg de meeste lidstaten is ondertekend.
In dit verband zal de eerste mijlpaal op weg naar het streefdoel van het digitale decennium – een eerste computer met kwantumacceleratie tegen 2025 – naar verwachting dit jaar worden gehaald. Het HPC-QS-project 68 moet volgens de planning binnenkort in Frankrijk (GENCI) en in Duitsland (Jülich) twee systemen in gebruik nemen die zijn geproduceerd door de Franse start-up PASQAL, die is begonnen als een project gefinancierd door het vlaggenschipinitiatief Quantum Technologies Flagship, dat beschikt over een budget van 1 miljard EUR. De voortzetting van dit vlaggenschipinitiatief en de lopende aanbesteding en uitrol van aanvullende kwantumcomputing- en simulatiesystemen onder toezicht van de Gemeenschappelijke Onderneming EuroHPC, alsook de verdere ontwikkeling en uitrol van de Europese kwantumcommunicatie-infrastructuur (EuroQCI), die in 2019 van start is gegaan, en van geavanceerde kwantumdetectie-infrastructuur zullen de EU helpen vooruitgang te boeken bij de verwezenlijking van haar doelstelling voor 2030, te weten het bezit van drie kwantumcomputers op basis van Europese technologie.
Figuur 4. Aantal kwantumcomputers in de EU. Traject naar 2030
Het ecosysteem voor kwantumtechnologie in de EU is naar verhouding sterk: het relatieve aantal start-ups op het gebied van kwantumtechnologieën, gewogen naar bbp, is het grootste ter wereld.
Figuur 5. Internationaal benchmarkingonderzoek naar start-ups op het gebied van kwantumtechnologieën 69
Aan de andere kant zijn de Europese overheidsinvesteringen in kwantumprojecten weliswaar veelbelovend, maar houdt de particuliere sector hierbij geen gelijke tred: in 2021 was ongeveer 25 % van de deelnemers van de kwantumindustrie wereldwijd in Europa gevestigd, maar had de regio minder dan 5 % van de wereldwijde financiering ontvangen. Het Europese bedrijfsleven moet in kaart brengen welke gebruiksmogelijkheden van kwantumtechnologie de productiviteit kunnen verhogen en in het dagelijks leven tot concrete verbeteringen kunnen leiden, en vervolgens daarin investeren.
Zes lidstaten (Tsjechië, Duitsland, Finland, Kroatië, Italië en Polen) hebben in hun nationale stappenplannen voor het strategische digitale decennium een traject voor het kwantumstreefdoel gepresenteerd. Bovendien hebben de lidstaten 58 maatregelen gemeld die aan dit streefdoel bijdragen, met een totale begroting van 3,7 miljard EUR.
De meeste van deze maatregelen bestaan uit steun voor onderzoek naar en de uitrol van kwantumcomputing bij bedrijven, onder meer via de Gemeenschappelijke Onderneming voor Europese high-performance computing, en uit steun voor de uitrol van kwantumtechnologieën. Slechts een zeer klein aantal maatregelen, in Letland en Kroatië, betreft activiteiten ter ondersteuning van de stap “van het laboratorium naar de markt”, d.w.z. de commercialisering van nieuwe oplossingen en diensten op de markt.
Hoewel de vooruitgang tot nu toe veelbelovend is, zijn meer coördinatie en gezamenlijke actie nodig om de doelstelling voor 2030 te halen, voortbouwend op de Europese verklaring over kwantumtechnologieën 70 van december 2023.
Kwantumtechnologieën – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Bevordering van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten zouden de doelstellingen van de verklaring over kwantumtechnologieën moeten bevorderen door met elkaar en met de Commissie samen te werken op het gebied van strategische en veelbelovende kwantumtechnologieën, met als uiteindelijk doel van de EU de “Quantum Valley” van de wereld te maken.
De lidstaten zouden de investeringen in kwantumtechnologieën in alle lidstaten moeten coördineren en ernaar moeten streven het relatief lage investeringsniveau van de Europese particuliere sector te verhogen.
2.2. Ondersteuning van EU-brede digitale ecosystemen en opschaling van innovatieve ondernemingen
Dat bedrijven in staat zijn om van krachtige digitale ecosystemen gebruik te maken en de digitalisering optimaal te benutten, is van essentieel belang voor de welvaart en het concurrentievermogen van de EU op lange termijn. Dankzij de digitalisering kunnen bedrijven hun activiteiten stroomlijnen, efficiënter werken en zich snel aan veranderende marktontwikkelingen aanpassen, en tegelijkertijd hun leiderschap, flexibiliteit en weerbaarheid tegen marktverstoringen versterken.
2.2.1. Bevorderen van de digitale transformatie van EU-ondernemingen
De invoering van digitale technologieën door het bedrijfsleven is essentieel om de productiviteitskloof tussen leidende en achtergebleven bedrijven te verkleinen, het “winner takes all”-effect af te zwakken en te waarborgen dat productiviteitswinsten over de hele economie worden verspreid. Om de productiviteitswinst van digitale technologieën te kunnen benutten, is niet alleen toegang tot veilige en betaalbare technologieën nodig. Ook moeten er aanvullende wijzigingen in de organisatie van bedrijven worden aangebracht, te beginnen met veranderingen in het management en in vaardigheden 71 .
2.2.1.1. Gebruik van geavanceerde digitale technologie
In 2023 lag de invoering van digitale technologieën door Europese ondernemingen nog steeds ver onder de doelstellingen van het digitale decennium, met name die voor het gebruik van AI en big data. Volgens de huidige trends, en zonder verdere investeringen en stimulansen, zullen de streefcijfers tegen 2030 niet worden gehaald: de prognose van het referentietraject wijst erop dat slechts 64 % van de bedrijven gebruik zal maken van clouddiensten, 50 % van big data en 17 % van AI, wat ver onder het streefcijfer van 75 % ligt dat voor 2030 is vastgesteld 72 . Een ander belangrijk punt van zorg is dat het marktaandeel van Europese aanbieders van clouddiensten is gedaald van 27 % in 2017 tot 13 % in het tweede kwartaal van 2022 73 .
25 lidstaten hebben in hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium een traject opgenomen voor het gebruik van cloudcomputingdiensten, big data of artificiële intelligentie. Als we afzonderlijk naar deze drie technologieën kijken, is Denemarken uitgegaan van een nationaal streefcijfer van meer dan 75 % voor cloudcomputingdiensten en AI en Zweden van een streefcijfer van boven de 75 % voor cloudcomputingdiensten.
De lidstaten hebben in totaal 164 maatregelen gemeld die bijdragen tot het gebruik van cloudcomputingdiensten, big data of artificiële intelligentie, met een totale begroting van 10,1 miljard EUR. De maatregelen zijn voornamelijk gericht op drie gebieden: i) versterking van ecosystemen, informatie-uitwisseling en kennisuitwisseling over het gebruik van cloudcomputing/AI/big data; ii) het creëren van randvoorwaarden voor de invoering van deze drie technologieën, met inbegrip van toegang tot opleidingen en financiële steun (bijvoorbeeld via financieringsprogramma’s), iii) steun voor de ontwikkeling van capaciteiten op het gebied van AI/cloudcomputing/big data, onder meer door O&O met betrekking tot geavanceerde technologieën. Maatregelen ter bevordering van de uitrol en invoering van levensvatbare industriële oplossingen op de markt zijn aanzienlijk minder talrijk – alleen België, Denemarken, Griekenland, Roemenië, Zweden en Slowakije hebben in hun stappenplannen dergelijke maatregelen opgenomen.
Gebruik van clouddiensten
De economische waarde van de Europese cloudgegevensstromen in 2023 wordt geraamd op 107 miljard EUR, waarvan 77 miljard EUR binnen de EU werd gegenereerd (dit bedrag zal tegen 2035 naar schatting zijn gestegen tot 328 miljard EUR ). De totale economische waarde van cloudgegevensstromen in Europa in 2023 is dus groter dan het bbp van landen als Bulgarije, Kroatië, Estland, Letland en Litouwen.
Hoewel de Europese markt voor cloudcomputing naar verwachting goed zal zijn voor 560 miljard EUR 74 , maakte slechts iets meer dan één op de drie (38,9 %) ondernemingen in de EU in 2023 gebruik van clouddiensten. Bovendien is er sprake van grote verschillen per lidstaat, alsook naar omvang van het bedrijf en het soort clouddiensten. Dit betekent een stijging van 4,9 procentpunten ten opzichte van de laatste meting in 2021, wat overeenkomt met een jaarlijkse groei van bijna 7 %. Dit is lager dan de groei van meer dan 9 % per jaar die tot het einde van het decennium nodig is om de doelstelling te halen.
Figuur 6. Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van clouddiensten in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
De EU moet het gebruik van clouddiensten versnellen en er tegelijkertijd voor zorgen dat de Europese kernwaarden en belangen in acht worden genomen. Maatregelen en strategieën voor de verspreiding en exploitatie van deze technologie, die gezamenlijk door zowel publieke als private actoren worden ontwikkeld, moeten het gebruik van nieuwe geavanceerde cloudoplossingen, zoals de oplossingen die naar verwachting in het kader van het IPCEI-CIS zullen worden ontwikkeld, sterk stimuleren, met name in ecosystemen van kmo’s. Het exploitatiebureau van het IPCEI voor cloudinfrastructuur en -diensten moet een belangrijke rol spelen bij deze verspreiding, ter aanvulling op de toezeggingen die door de directe deelnemers aan het IPCEI -CIS met betrekking tot de overloopeffecten en de verspreiding zijn gedaan.
De afgelopen jaren waren de overheidsmaatregelen sterk gericht op de aanbodzijde van de Europese cloudmarkt, met als doel bij te dragen aan diversificatie door de ontwikkeling en invoering van interoperabele en betrouwbare cloud-to-edge-oplossingen voor bedrijven die aansluiten bij de behoeften van Europese gebruikers. Dit gebeurde via investeringen (bijvoorbeeld in het kader van het IPCEI-CIS of het -programma Digitaal Europa, dat de toepassing van de slimme middleware Simpl bevordert), de overstapbepalingen in de dataverordening die bedoeld zijn om “vendor lock-in” -praktijken uit te bannen, en via andere initiatieven zoals de Europese Alliantie voor industriële gegevens, edge en de cloud.
Hoewel deze maatregelen de aanzet hebben gegeven tot een meer gevarieerde Europese cloudmarkt, blijven er nog steeds aanzienlijke belemmeringen bestaan, onder meer door oneerlijke marktpraktijken zoals koppelverkoop en bundeling, oneerlijke contractuele betrekkingen die de onderhandelingsmacht van klanten beperken 75 , en telemetriepraktijken waarbij aanbieders de metagegevens van hun klanten benutten om concurrentievoordelen te behalen.
Gebruik van artificiële intelligentie
Het gebruik van AI is ongetwijfeld het meest urgente en cruciale onderdeel van de digitalisering van het bedrijfsleven in de EU. Bij de toepassing van deze technologie is in 2023 de minste vooruitgang geboekt. Er valt geen verbetering waar te nemen ten opzichte van 2021. Van 2021 tot 2023 steeg het percentage ondernemingen dat AI gebruikte maar weinig, van 7,6 % in 2021 tot 8 % in 2023. In het huidige tempo zal de toepassing van AI in 2030 onder de 17 % blijven.
Figuur 7. Percentage ondernemingen dat AI gebruikt in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
De EU loopt momenteel achter op internationale concurrenten wat betreft de invoering van opkomende technologieën, waaronder AI. De Europese durfkapitaalinvesteringen in AI zijn ook laag in vergelijking met de VS en China.
Figuur 8. Internationaal benchmarkingonderzoek naar durfkapitaalinvesteringen in AI
2023 was een teleurstellend jaar voor de Europese durfkapitaalmarkt, ook voor start-ups op het gebied van AI 76 . In dat jaar bedroegen de durfkapitaalinvesteringen in Europese start-ups 51,7 miljard EUR, een daling van 45,6 % ten opzichte van 2022 77 . EU-ondernemingen ondervinden ook nog steeds moeilijkheden bij het opschalen als gevolg van de resterende belemmeringen voor de eengemaakte markt van de EU.
Ondanks enkele bemoedigende tekenen, zoals een groot aantal ondernemingen in de EU dat experimenteert met AI, en het grote en toenemende aantal start-ups dat met generatieve AI werkt, zijn er stevige maatregelen nodig om meer vooruitgang te boeken bij het behalen van deze doelstelling.
De EU kan voortbouwen op acties zoals het onlangs aangenomen AI-innovatiepakket van 24 januari 2024, dat de oprichting zal vergemakkelijken van AI-fabrieken die rond Europese openbare supercomputers zijn gebouwd, en waarin specifiek voor AI bestemde supercomputers, bijbehorende datacentra verbonden via hogesnelheidsnetwerken en het benodigde menselijk kapitaal worden samengebracht.
De Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s), die samenwerking tussen de lidstaten bevorderen, leggen ook een nieuwe basis voor de ontwikkeling van AI. De eerste twee EDIC’s die bij besluit van de Commissie van februari 2024 zijn opgericht, richten zich specifiek op AI. Een daarvan is het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), dat gecentraliseerde toegang tot taalgegevens zal bieden voor de ontwikkeling van Europese grote taalmodellen op basis van generatieve AI, die waardevolle instrumenten verschaffen om de benodigde gegevens samen te voegen, met name voor lidstaten met talen die een beperkte zichtbaarheid hebben. Een derde EDIC, het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (LDT CitiVERSE EDIC), zal een digitaal ecosysteem opzetten rond gedeelde infrastructuurcomponenten en geavanceerde technologieën voor data, op AI gebaseerde diensten en aanverwante elementen voor cloudgebaseerde slimme gemeenschappen.
Gebruik van big data/gegevensanalyse
Data zijn de brandstof voor het trainen en verbeteren van algoritmen voor artificiële intelligentie (AI) en vormen een essentiële aanjager van innovatie op het gebied van AI. In 2023 heeft slechts 33,2 % van de Europese bedrijven gebruik gemaakt van gegevensanalyse; er is bovendien sprake van grote verschillen tussen de lidstaten. Als er niet sneller vooruitgang wordt geboekt, zal het gebruik tegen 2030 naar schatting iets meer dan 50 % bedragen, bijna 25 procentpunten onder de doelstelling voor 2030.
Figuur 9. Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van gegevensanalyse in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Meer in het algemeen blijkt uit de recentste cijfers 78 dat de data-economie van de EU is gegroeid van 497,8 miljard EUR in 2022 tot 544,1 miljard EUR in 2023, wat neerkomt op 4,2 % van het bbp van de EU. Volgens een referentiescenario zal de waarde van de data-economie van de EU tegen 2030 zijn gestegen tot 851,5 miljard EUR, wat neerkomt op 5,8 % van het totale bbp van de EU.
De data-economie van de EU bood in 2023 werk aan ongeveer 7,66 miljoen dataprofessionals, goed voor 4,3 % van de totale werkgelegenheid. Volgens hetzelfde basisscenario zal het aantal dataprofessionals tegen 2030 naar schatting zijn toegenomen tot 9,9 miljoen, met een samengestelde gemiddelde groei van 3,5 % in de periode 2025-30.
De uitdaging voor de komende jaren zal erin bestaan alle aspecten van de Europese datastrategie snel uit te voeren, te beginnen met de toepassing van de datagovernanceverordening 79 en de dataverordening 80 , om rechtszekerheid te creëren en te zorgen voor een veilig en billijk rechtskader voor de data-economie. Belanghebbenden zullen zich ook moeten concentreren op de praktische uitrol en interconnectie van de gemeenschappelijke Europese dataruimten, wat moet leiden tot een interne gegevensmarkt met een grotere beschikbaarheid van gegevens en meer datagestuurde innovatie en beleid.
Gebruik van cloudcomputing/AI/big data – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen
De lidstaten zouden beleidsmaatregelen moeten nemen en middelen moeten oormerken om de invoering van betrouwbare en soevereine op AI gebaseerde oplossingen door Europese bedrijven te ondersteunen, de overheidsinvesteringen in generatieve AI en AI voor algemene doeleinden op te voeren en particuliere investeringen te stimuleren.
De lidstaten zouden de nationale inspanningen voor de invoering van clouddiensten moeten stimuleren door middel van op de cloud gerichte investeringen, exploitatiestrategieën voor geavanceerde cloudoplossingen bij bedrijven (met name kleine en middelgrote ondernemingen) en door speciale opleidingsprogramma’s te ontwikkelen, onder meer op het gebied van cloudbeveiliging en milieuprestaties.
De lidstaten zouden bij de inzet van het fonds voor herstel en veerkracht voor investeringen in de toepassing van cloudoplossingen door bedrijven moeten streven naar samenhang en synergieën.
Verspreiding van digitale technologieën
De lidstaten zouden de beschikbaarheid van wettelijke en technische ondersteuning voor de aankoop en toepassing van betrouwbare en soevereine AI-oplossingen in alle sectoren moeten bevorderen.
De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat de inspanningen om het zakelijk gebruik van clouddiensten te bevorderen door alle overheids- en bedrijfsactoren gezamenlijk worden ondersteund.
De lidstaten zouden het gebruik van nieuwe geavanceerde cloud-edge-oplossingen onder kmo’s moeten stimuleren door strategieën en activiteiten op te zetten die ervoor zorgen dat het IPCEI-CIS ten volle wordt benut, door gebruik te maken van de aanvullende activiteiten van het exploitatiebureau en de toezeggingen die reeds door de directe deelnemers aan dit IPCEI met betrekking tot de overloopeffecten zijn gedaan. De lidstaten die niet aan dit IPCEI deelnemen, zouden actief moeten zoeken naar manieren om de overloopeffecten goed te benutten, alsook contacten moeten onderhouden met en eventueel, na formele besluiten hiertoe, moeten samenwerken met geïnteresseerde directe deelnemers of indirecte partners.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt en bevordering van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten zouden veilige en betrouwbare gegevensuitwisseling moeten blijven bevorderen, met name door de uitrol van gemeenschappelijke Europese dataruimten te ondersteunen en door de relevante datawetgeving, zoals de datagovernanceverordening en de dataverordening, uit te voeren. In dit verband zouden de lidstaten ook ten volle gebruik moeten maken van relevante nieuw opgerichte EDIC’s (ALT-EDIC en LDT CitiVerse EDIC) en de oprichting moeten versnellen van andere relevante EDIC’s die nog in de voorbereidende fase verkeren (bv. het EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens en het EDIC voor digitale commons).
2.2.1.2. Bevorderen van de digitalisering van kmo’s
De vooruitgang in de digitalisering van kleine en middelgrote ondernemingen was in 2023 nog steeds onvoldoende en vrij ongelijk verdeeld binnen de EU. Tussen 2021 en 2023, de enige twee vergelijkbare jaren tot dusver, is het percentage ondernemingen met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit licht gestegen van 54,8 % tot 57,7 %. Dit staat gelijk aan een bescheiden jaarlijkse vooruitgang van 2,6 %, wat minder is dan de helft van het groeitempo dat nodig is om de doelstelling voor 2030 te halen 81 . In een scenario met ongewijzigd beleid zal in 2030 slechts 68 % van de kmo’s gedigitaliseerd zijn, waaruit blijkt dat verdere inspanningen nodig zijn. Ook ligt het tempo ervan lager dan in de VS 82 .
Figuur 10. Index voor digitale intensiteit. Vergelijkbare historische gegevens, traject voor het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Dit percentage verschilt sterk per lidstaat: meer dan 75 % van de kmo’s in Finland, Zweden, Nederland, Malta en Denemarken heeft dit niveau al bereikt, maar minder dan een derde in Bulgarije en Roemenië.
In de komende periode zullen de Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s) een bepalende rol spelen bij de praktische toepassing van de verschillende Europese digitale initiatieven door de uitvoering ervan op lokaal niveau te ondersteunen; zij zullen ook bedrijven begeleiden bij hun digitaliseringsmaatregelen.
25 lidstaten hebben in hun nationale stappenplannen voor het strategische digitale decennium een nationaal streefcijfer en een traject vastgesteld voor het percentage kmo’s dat een basisniveau van digitale intensiteit moet bereiken. De meeste van deze nationale streefwaarden zijn in overeenstemming met de EU-doelstelling. Zes lidstaten hebben een streefwaarde vastgesteld die onder het EU-streefcijfer ligt en in vier lidstaten (Duitsland, Nederland, Zweden en Denemarken) ligt de streefwaarde boven het EU-streefcijfer.
Er zijn in totaal 126 maatregelen gemeld die aan dit streefcijfer bijdragen, met een totale begroting van 16 miljard EUR. Bij de meeste maatregelen gaat het om steun voor de invoering en uitrol van digitale technologieën bij bedrijven, met name kmo’s, met inbegrip van het aanbieden van opleidingen voor het gebruik van digitale technologieën en financiële steun, bijvoorbeeld via financieringsprogramma’s. Andere maatregelen zijn gericht op het versterken van het ecosysteem, het delen van informatie en de uitwisseling van kennis over digitale technologieën, onder meer via EDIH’s. Slechts een zeer klein aantal maatregelen is gericht op de commercialisering van nieuwe oplossingen en diensten op de markt (bv. Bulgarije en Portugal).
Digitalisering van kmo’s – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Bevorderen van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten zouden hun beleids- en stimuleringsmaatregelen voor het versnellen van de digitalisering van kmo’s moeten versterken, met name door middel van specifieke strategieën, het delen van beste praktijken en het benutten van gemeenschappelijke projecten.
De lidstaten zouden de banden tussen EDIH’s en andere netwerken (bv. lokale en nationale digitaliseringskaders, test- en experimenteerfaciliteiten, nationale/Europese kenniscentra voor cyberbeveiliging en high-performance computing-centra) en gemeenschappen moeten versterken. Het doel is een samenhangend ecosysteem te creëren dat uitgebreide digitale transformatiediensten biedt voor verschillende technologieën en sectoren.
De lidstaten worden met name aangemoedigd prioriteit te geven aan de integratie en toepassing van AI in het kader van de EDIH’s. Dit omvat het aanbieden van gespecialiseerde AI-diensten en het vergemakkelijken van de toegang tot bijvoorbeeld test- en experimenteerfaciliteiten voor AI en het platform voor AI on demand.
Vrijmaken van investeringen:
Daarnaast worden de lidstaten aangemoedigd om de kritieke uitdaging van de financiering op te pakken door van EDIH’s voor bedrijven de primaire toegangspoort tot mogelijke overheidsopdrachten voor digitale diensten en goederen te maken, alsook tot durfkapitaal, om de contacten met financiële intermediairs te vergemakkelijken en EU-steun als hefboom te gebruiken.
Verspreiding van digitale technologieën:
De lidstaten zouden hun inspanningen moeten opvoeren om een breder gebruik van digitale hulpmiddelen door kmo’s te bevorderen, met name in samenwerking met lokale actoren (bedrijfsorganisaties, steden, universiteiten enz.).
2.2.2. Opschaling van innovatieve ondernemingen
Het ecosysteem van start-ups en eenhoorns speelt een doorslaggevende rol bij het vergroten van het concurrentievermogen van de EU. Deze ondernemingen bevorderen de economische groei door disruptieve technologieën op de markt te introduceren, nieuwe werkgelegenheid te creëren, innovatie te bevorderen en investeringen aan te trekken. Zij staan voor flexibiliteit, creativiteit en aanpassingsvermogen, en bieden traditionele sectoren de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen en relevant te blijven in een snel veranderend marktlandschap. Bovendien dienen start-ups als voedingsbodem voor ondernemerschap en bevorderen zij een cultuur van risico’s nemen en innovatie die essentieel is voor de economische duurzaamheid op lange termijn.
De afgelopen jaren is het Europese ecosysteem erin geslaagd het aantal eenhoorns te vergroten, wat aantoont dat Europa op het hele continent zijn eigen model voor startups kan ontwikkelen, ondersteund door het streven van het digitale decennium om het aantal eenhoorns ten minste te verdubbelen ten opzichte van het referentiescenario van 2022.
Toch is momenteel slechts ongeveer 13 % van alle eenhoorns ter wereld in de EU gevestigd. Eind 2023 waren er 263 eenhoorns in de EU, een stijging van 5,6 % ten opzichte van 2022 (249 eenhoorns eind 2022). Zowel in procenten als in absolute termen is dit een aanzienlijke afname van de jaarlijkse groei van het aantal eenhoorns in de EU ten opzichte van 2020 (groei van ongeveer 30 %) en 2021 (ongeveer 62 %). In 2023 werden in de EU minder eenhoorns opgericht dan in 2017, tegen de achtergrond van een wereldwijde krimp op de particuliere kapitaalmarkten in 2023.
Figuur 11. Internationale benchmarkingstudie naar eenhoorns
AU: Australië, CN: China, IL: Israël, JP: Japan, KR: Republiek Korea, VK: Verenigd Koninkrijk, VS: Verenigde Staten van Amerika, EU: Europese Unie
Het verschil in het absolute aantal eenhoorns met hoofdkantoor in de EU ten opzichte van andere belangrijke landen blijft groot: eind 2023 waren er 263 eenhoorns in de EU 83 , 387 in China en 1 539 in de VS. Dit maakt opnieuw duidelijk dat gerichte actie nodig is, zowel op EU-niveau als op nationaal niveau, niet alleen om ervoor te zorgen dat de doelstelling van het digitale decennium van 500 eenhoorns in 2030 wordt gehaald, maar ook om de groei te ondersteunen en gelijke tred te houden met de prestaties van andere delen van de wereld.
Figuur 12. Aantal eenhoorns in de EU. Historische gegevens en referentietraject 2024
15 lidstaten hebben in hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium een traject opgenomen voor de doelstelling voor eenhoorns en innovatieve scale-ups. De lidstaten hebben in totaal honderd maatregelen gemeld die aan dit streefdoel bijdragen, met een totale begroting van 26,4 miljard EUR.
De meeste maatregelen hebben betrekking op de toegang tot financiering, waaronder nieuwe financieringsmogelijkheden die zijn aangepast aan de verschillende soorten eenhoorns/opschalingscycli. Andere aspecten die aan bod komen, zijn het bevorderen van technologieoverdracht, incubatie, spin-offs, spin-outs en ecosystemen voor start-ups, en het creëren van gunstige randvoorwaarden en regelgeving voor start-ups, met inbegrip van relevante strategieën en een kader voor de bevordering van innovatieve activiteiten.
Om de doelstellingen van het digitale decennium te verwezenlijken moet er nog een groot aantal uitdagingen worden overwonnen. Jonge en innovatieve bedrijven zullen door de verslechterende externe financieringsvoorwaarden hard worden getroffen, met name ondernemingen die met marktinnovaties komen. Deze bedrijven zijn sterk afhankelijk van externe financiering, waardoor zij gevoelig zijn voor een slechtere toegankelijkheid van die financiering. Deze afhankelijkheid, gecombineerd met risicomijding door beleggers, leidt tot grotere onzekerheid over hun financiële stabiliteit. Daarom is het van essentieel belang te zorgen voor ondersteunende financieringsvoorwaarden om innovatie te bevorderen en de groei van deze opkomende ondernemingen te stimuleren.
Bovendien leidt een relatief gebrek aan particulier kapitaal voor omvangrijke investeringen ertoe dat te veel start-ups in de EU in een later stadium groeikapitaal gaan zoeken bij durfkapitaalfondsen buiten Europa 84 , met als gevolg dat hun hoofdkantoor vaak naar landen buiten de EU wordt verplaatst. Door de beperkte toepassing van beste beleidspraktijken in de lidstaten hebben start-ups minder mogelijkheden om talent aan te trekken en te behouden, toegang tot financiering te krijgen of hun innovaties aan openbare aanbestedingen te laten deelnemen.
Het is dus een uitdaging voorwaarden te scheppen die bevorderlijk zijn voor eenhoorns, wat nog eens wordt versterkt door de gebrekkige koppelingen tussen Europese en nationale onderzoeksprogramma’s (die van cruciaal belang zijn om bedrijven die door Europese innovatieprogramma’s zijn ondersteund tot nationale kampioenen te laten uitgroeien) en door de ontoereikende steun voor het stimuleren van spin-offs van universiteiten.
Eenhoorns – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
De lidstaten zouden het overheidsbeleid – met name met betrekking tot technologieoverdracht en het gebruik van het budget voor aanbestedingen om innovatieve oplossingen van start-ups aan te kopen – moeten inzetten om de opschaling van start-ups te bevorderen en de oprichting van spin-offs van universiteiten en onderzoekscentra te vergemakkelijken. De vooruitgang op deze gebieden moet worden gemonitord.
De lidstaten zouden beleidsinitiatieven in gang moeten zetten of verbeteren die erop gericht zijn om de hoeveelheid particulier kapitaal (bijvoorbeeld van nationale pensioenfondsen) dat beschikbaar is voor de medefinanciering van investeringen in snelgroeiende start-ups, alsook de diversiteit daarvan, te vergroten.
2.3. Versterking van de cyberbeveiliging
Tot de doelstellingen van het digitale decennium 85 behoren ook het vergroten van de weerbaarheid tegen cyberaanvallen, het bijdragen tot een groter risicobewustzijn en een grotere kennis van cyberbeveiligingsprocessen, alsook het opvoeren van de inspanningen van openbare en particuliere organisaties om ten minste basisniveaus van cyberbeveiliging te bereiken. Het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium biedt de mogelijkheid om specifieke streefcijfers te ontwikkelen in het kader van de in 2026 geplande evaluatie van het beleidsprogramma 86 .
Bovendien hebben de EU en de lidstaten zich er in de verklaring over digitale rechten en beginselen toe verbonden verdere maatregelen te nemen om traceerbare en veilige producten op de digitale eengemaakte markt te bevorderen en mensen, bedrijven en overheidsinstellingen te beschermen tegen risico’s van cyberbeveiliging en cybercriminaliteit, onder meer via cyberbeveiligingseisen voor geconnecteerde producten die op de eengemaakte markt worden gebracht 87 .
In 2023 werd het cyberdreigingslandschap van de EU nog steeds sterk beïnvloed door geopolitieke ontwikkelingen 88 , met operaties die opnieuw gericht waren op EU-actoren, met name overheidsinstanties, militaire organen, kritieke infrastructuur en instanties op het gebied van buitenlandse zaken. De bedreigingen bestonden onder meer uit de inzet van ransomware, aanvallen op toeleveringsketens en fysieke aanvallen, en sabotage van digitale infrastructuur.
Het aantal cyberaanvallen en afpersingsoperaties nam in 2023 toe 89 . Ransomware-groepen richten zich niet alleen op ondernemingen, maar ook op overheidsinstanties en kritieke infrastructuur, met geopolitieke motieven. Tussen juli 2022 en juni 2023 registreerde het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging (Enisa) zelf meer dan 2 500 cyberincidenten, waarvan er 220 specifiek tegen twee of meer EU-landen waren gericht. Met respectievelijk 19 % en 8 % waren overheidsdiensten en de gezondheidszorg de belangrijkste doelwitten, terwijl 6 % van alle hacks gericht was op de industrie, de vervoerssector en de financiële sector.
In april 2023 heeft de Commissie het voorstel voor de verordening cybersolidariteit ingediend, die tot doel heeft de solidariteit op EU-niveau te versterken om cyberdreigingen en -incidenten beter op te sporen, zich daar beter op voor te bereiden en daar beter op te reageren. Het netwerk van nationale en grensoverschrijdende hubs moet worden ingezet om cyberdreigingen en -incidenten beter op te sporen. Het cybernoodmechanisme moet de paraatheid verbeteren door gecoördineerde tests van de paraatheid en andere paraatheidsacties voor belangrijke en essentiële entiteiten uit te voeren. Dit mechanisme omvat ook een EU-cyberbeveiligingsreserve, bestaande uit diensten van een geselecteerde pool van betrouwbare particuliere ondernemingen die beheerde beveiligingsdiensten verlenen, zoals incidentenanalyse of coördinatie van de respons op incidenten.
Na vier jaar moeten sommige lidstaten nog verdere inspanningen leveren om de EU-toolbox voor 5G-beveiliging te implementeren en de risico’s, met name die welke verband houden met leveranciers met een hoog risico, doeltreffend te beperken. In 2023 uitte de Commissie ook haar grote bezorgdheid over de risico’s voor de veiligheid van de EU die bepaalde 5G-leveranciers met zich meebrengen 90 . Zij werkt momenteel aan de beveiliging van haar eigen bedrijfscommunicatie om te voorkomen dat deze wordt blootgesteld aan leveranciers met een hoog risico. De bedoeling is dat bij alle relevante financieringsprogramma’s en -instrumenten van de EU met haar beoordeling van de risico’s rekening wordt gehouden.
Begin 2024 heeft de Commissie de allereerste Europese regeling voor cyberbeveiligingscertificering 91 vastgesteld, overeenkomstig de EU-cyberbeveiligingsverordening. De regeling biedt een EU-brede reeks regels en procedures voor het certificeren van ICT-producten tijdens hun gehele levensduur om zo de betrouwbaarheid ervan voor gebruikers te vergroten. Deze belangrijke stap bevordert het mondiale digitale leiderschap van Europa.
Op 30 november 2023 hebben het Europees Parlement en de Raad een politiek akkoord bereikt over de verordening cyberweerbaarheid 92 , die op 12 maart 2024 door het Europees Parlement is aangenomen en in de loop van 2024 in werking zal treden. Op grond van deze verordening mogen hardware- en softwareproducten alleen op de Europese markt worden verkocht wanneer cyberbeveiligingsvereisten worden nageleefd. Het is de eerste verordening in zijn soort, niet alleen in Europa, maar ook internationaal.
In de verordening worden verplichtingen inzake beveiliging door ontwerp vastgesteld voor fabrikanten van hardware- en softwareproducten. Bepaald wordt dat fabrikanten in de hele toeleveringsketen verantwoordelijk zijn voor de beveiligingsresultaten. Derhalve heeft de verordening niet alleen betrekking op het eindproduct, zoals een laptop of een besturingssysteem, maar ook op de hardware- en softwarecomponenten ervan. Tijdens de overgangsperiode van drie jaar na de inwerkingtreding van de verordening zullen de Europese normalisatieorganisaties worden belast met de ontwikkeling van normen om de naleving door fabrikanten te vergemakkelijken. De Commissie zal relevante gedelegeerde en uitvoeringshandelingen en richtsnoeren vaststellen om ervoor te zorgen dat fabrikanten gemakkelijk aan de verordening kunnen voldoen.
Op grond van de NIS2-richtlijn 93 moeten de lidstaten nationale cyberbeveiligingsstrategieën vaststellen met beleidsmaatregelen die rechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van de algemene doelstelling inzake cyberbeveiliging van het digitale decennium, zoals beleidsmaatregelen ter bevordering van actieve cyberbescherming en ter bevordering en ontwikkeling van onderwijs en opleiding op het gebied van cyberbeveiliging, cyberbeveiligingsvaardigheden, bewustmaking en onderzoeks- en ontwikkelingsinitiatieven, alsook richtsnoeren inzake goede praktijken en controles op het gebied van cyberhygiëne, gericht aan burgers, belanghebbenden en entiteiten.
In de nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium wordt weinig aandacht aan cyberbeveiligingsmaatregelen besteed. Sommige lidstaten hebben wel specifieke maatregelen inzake cyberbeveiliging opgenomen in hun stappenplannen. Deze maatregelen omvatten strategieën en actieplannen voor cyberbeveiliging, met name met betrekking tot bewustmaking, opleidingen voor de ontwikkeling van cyberbeveiligingsvaardigheden en bescherming van kritieke infrastructuur.
Doelstelling: Cyberbeveiliging – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen
De lidstaten zouden verdere specifieke maatregelen moeten nemen om de vaardigheidskloof op het gebied van cyberbeveiliging aan te pakken.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt
De lidstaten die de EU-toolbox voor 5G-cyberbeveiliging nog niet hebben uitgevoerd, zouden dringend gerichte maatregelen moeten nemen om cyberbeveiligingsrisico’s snel en doeltreffend aan te pakken.
3. Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Eurobarometer 2024: drie op de vier respondenten zijn van mening dat hun dagelijks gebruik van digitale technologieën aanzienlijk zou verbeteren als zij meer onderwijs en opleidingen zouden krijgen om de benodigde vaardigheden voor het gebruik van digitale diensten te ontwikkelen. Daarnaast vinden vier op de vijf Europeanen het belangrijk dat de overheid de ontwikkeling van artificiële intelligentie en andere digitale technologieën reguleert om ervoor te zorgen dat bij de toepassing daarvan onze rechten en waarden worden geëerbiedigd, en drie op de vier respondenten zijn van mening dat het gebruik van digitale technologieën tegen 2030 een belangrijke voorwaarde zal zijn om deel te kunnen nemen aan het democratische leven.
Mensen centraal stellen bij de digitale transformatie van onze samenlevingen en economieën vormt de kern van het digitale decennium. Dit komt tot uiting in de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen en in de algemene doelstellingen en streefcijfers van het besluit betreffende het digitale decennium, die gericht zijn op het creëren van een mensgerichte digitale ruimte, het beschermen van de grondrechten en het aanpakken van de digitale kloof, het bevorderen van digitale vaardigheden, het versterken van het democratische leven en het beschermen van kwetsbare mensen, waaronder kinderen. In de volgende punten wordt gekeken naar de vooruitgang die is geboekt bij de verwezenlijking van deze doelstellingen en streefcijfers, onder meer met betrekking tot digitale basisvaardigheden, ICT-specialisten, e-overheidsdiensten, eID en e-gezondheid.
3.1. De positie van mensen versterken en de digitale transformatie beter laten aansluiten op hun behoeften
Eurobarometer 2024: drie op de vier Europeanen zijn van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt.
– Voor negen van de tien Europeanen is het belangrijk dat overheidsinstanties ervoor zorgen dat mensen passende menselijke ondersteuning krijgen om hen te helpen bij de veranderingen die digitale technologieën en diensten in hun leven met zich meebrengen.
In een context waarin digitale hulpmiddelen inmiddels een rol spelen bij elk aspect van ons dagelijks leven, moeten Europeanen alle benodigde elementaire en geavanceerde digitale vaardigheden kunnen verwerven en in staat worden gesteld zich door middel van bij- en omscholing aan te passen aan de veranderingen als gevolg van de digitalisering van hun werk, met name gelet op de verklaring over digitale rechten en beginselen 94 . Daarnaast is het essentieel om burgers de beschikking te geven over betrouwbare hulpmiddelen, zoals veilige eID’s, om ervoor te zorgen dat digitale technologieën en online-overheidsdiensten, waaronder gezondheidsdiensten, toegankelijk zijn voor iedereen in de hele EU, ook voor mensen met een handicap 95 .
3.1.1. Mensen uitrusten met digitale vaardigheden
Een digitaal vaardige bevolking: ten minste digitale basisvaardigheden
Een van de belangrijkste doelstellingen van het digitale decennium is ervoor te zorgen dat tegen 2030 ten minste 80 % van de personen in de leeftijdsgroep 16-74 jaar over digitale basisvaardigheden beschikt. In 2023 stelde iets meer dan 55,6 % van de personen uit die leeftijdscategorie ten minste over digitale basisvaardigheden te beschikken, variërend per lidstaat van 82,7 % tot ongeveer 27,7 %. In 2023 was het EU-gemiddelde van mensen met digitale basisvaardigheden met slechts 1,7 procentpunt gestegen ten opzichte van 2021, een tempo dat onvoldoende is om de doelstelling voor 2030 te halen. Vergeleken met het ideale traject dat nodig is om de doelstelling van 80 % te halen, liep de EU 4,2 procentpunten achter op de waarde die zij in 2023 had moeten halen om op schema te blijven. Zonder verdere maatregelen zal slechts 59,8 % van de bevolking tegen 2030 ten minste over digitale basisvaardigheden beschikken, uitgaande van het referentietraject.
Figuur 13. Ten minste digitale basisvaardigheden in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
Niet alleen de oudere bevolking heeft een gebrek aan digitale vaardigheden. Een aanzienlijk deel (30 %) van de jongere generatie tussen 16 en 24 jaar beschikt niet over minimale digitale basisvaardigheden. Hoewel de genderkloof op het gebied van digitale basisvaardigheden steeds kleiner wordt (55 % in het geval van vrouwen tegen 57 % bij mannen), verschilt het niveau aanzienlijk naar opleidingsniveau (80 % in het geval van personen die hoger formeel onderwijs hebben gevolgd, tegen 34 % bij degenen die geen of weinig formeel onderwijs hebben genoten). Ook bestaat er een duidelijke kloof tussen stad en platteland (63 % van de stadsbewoners tegen 48 % van de inwoners van plattelandsgebieden).
Tijdens haar huidige mandaat heeft de Europese Commissie in het kader van het actieplan voor de Europese pijler van sociale rechten en het actieplan voor digitaal onderwijs 2021-2027 aanzienlijke inspanningen geleverd om digitale vaardigheden te bevorderen. Ook heeft zij gepleit voor steun op EU-niveau voor de versterking van onderwijs- en opleidingsstelsels, met name door middel van de gestructureerde dialoog over digitaal onderwijs en digitale vaardigheden. 2023 was het Europees Jaar van de Vaardigheden, waarin de nadruk werd gelegd op het belang van het verwerven van essentiële vaardigheden, waaronder digitale vaardigheden, voor het waarborgen van hoogwaardige werkgelegenheid en het bestrijden van personeelstekorten. Een andere belangrijke mijlpaal in 2023 was de vaststelling van een pakket inzake digitaal onderwijs en digitale vaardigheden, dat ook twee voorstellen voor aanbevelingen van de Raad omvatte: een aanbeveling over de succesfactoren voor digitaal onderwijs en digitale opleiding, en een aanbeveling over het verbeteren van het aanbod van digitale vaardigheden en competenties in onderwijs en opleiding. Daarnaast hebben de lidstaten zich er door de unanieme goedkeuring van de aanbeveling van de Raad inzake gelijkheid, inclusie en participatie van de Roma toe verbonden maatregelen te ontwikkelen om de verwerving van digitale vaardigheden door Roma te ondersteunen 96 . Tot slot heeft de Commissie middelen uit verschillende financieringsprogramma’s ingezet om digitale vaardigheden in heel Europa te stimuleren, zoals het Europees Sociaal Fonds Plus 97 , het programma Digitaal Europa en Erasmus+ 98 .
Digitale vaardigheden zijn prominent aanwezig in de nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium. 26 lidstaten hebben hierin een traject voor de verwezenlijking van het streefcijfer inzake digitale basisvaardigheden opgenomen dat in de meeste gevallen in overeenstemming is met de EU-streefwaarde van 80 %. Drie lidstaten (Spanje, Finland en Nederland) hebben een streefwaarde vastgesteld die boven de EU-streefwaarde ligt. Bulgarije is de enige lidstaat die uitdrukkelijk aangeeft dat bij het uitvoeren van deze doelstelling ook sprake moet zijn van genderevenwicht. De lidstaten hebben in totaal 292 maatregelen gemeld die aan dit streefdoel bijdragen, met een totale begroting van 24,8 miljard EUR. Deze hebben betrekking op een aantal aspecten, die variëren van digitale vaardigheden in het formele onderwijs en bij- en omscholingsprogramma’s voor mensen die momenteel een baan hebben, tot acties die gericht zijn op kwetsbare groepen. Een zeer klein aantal maatregelen is uitdrukkelijk gericht op de verbetering van het genderevenwicht door de digitale basisvaardigheden en vervolgvaardigheden van meisjes en vrouwen te vergroten (met name in Portugal, Italië, Cyprus en Oostenrijk).
Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat de lidstaten vrij actief zijn in het nemen van maatregelen om hun burgers digitaal onderwijs en digitale opleidingen te bieden en hun digitale vaardigheden te verbeteren 99 .
Niettemin zijn er meer en beter gerichte inspanningen van de Europese instellingen en de lidstaten nodig om de verwerving van digitale vaardigheden te vergemakkelijken. In de context van een vergrijzende bevolking en een steeds technologiegerichtere samenleving is het van cruciaal belang een veelzijdige aanpak te volgen die gericht is op verwerving van digitale vaardigheden in het basis-, middelbaar en hoger onderwijs, beroepsonderwijs en -opleiding en in het kader van een leven lang leren, alsook op prioritaire of moeilijk bereikbare groepen. Bovendien vragen de huidige economische situatie en de uitdagingen voor het concurrentievermogen van Europa om een meer samenhangend en strategisch kader voor investeringen, governance en capaciteitsopbouw waarmee doeltreffende en inclusieve digitale vaardigheden en de ontwikkeling van talent kunnen worden gewaarborgd. Dit vereist een snelle aanpassing van de onderwijs- en opleidingsstelsels van de EU aan het digitale tijdperk, zodat zij een belangrijke rol kunnen spelen bij de verbetering van het aanbod van digitale vaardigheden op alle niveaus, mede vanuit het perspectief van een leven lang leren, en zo kunnen bijdragen aan de groei en het concurrentievermogen van Europa 100 .
Basisvaardigheden – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden prioriteit moeten geven aan investeringen in digitaal onderwijs en digitale vaardigheden overeenkomstig de aanbeveling van de Raad betreffende de verbetering van het aanbod van digitale vaardigheden en competenties in onderwijs en opleiding, met inbegrip van gericht beleid voor groepen die daar het meest behoefte aan hebben, waaronder kwetsbare groepen, ouderen, mensen met weinig of geen formeel onderwijs, mensen die in plattelandsgebieden wonen en mensen met een handicap.
Een digitaal hooggekwalificeerde beroepsbevolking: ICT-specialisten en geavanceerde digitale vaardigheden
In een tijdperk dat wordt gekenmerkt door snelle technologische vooruitgang is het tekort aan ICT-specialisten een structureel probleem waarvan de aanpak van essentieel belang is om alle doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. Het is dan ook van essentieel belang dat er op die gespecialiseerde gebieden een pool van talent met voldoende hooggekwalificeerde professionals wordt opgebouwd. De ambitieuze doelstelling van het digitale decennium van de EU is dat er tegen 2030 in de EU ten minste 20 miljoen ICT-specialisten werken, met meer afgestudeerden en een groter evenwicht tussen vrouwen en mannen.
Figuur 14: In de EU werkzame ICT-specialisten. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject 2024 naar 2030
De afgelopen tien jaar is het aanbod van ICT-specialisten aanzienlijk gestegen. In 2023 maakten bijna 9,8 miljoen ICT-specialisten deel uit van de werkzame beroepsbevolking in de EU, wat neerkomt op een stijging van 4 % ten opzichte van 2022. In 2023 ligt het aantal specialisten in de EU echter 0,9 miljoen lager dan de waarde die nodig is om op schema te blijven voor de doelstelling voor 2030, uitgaande van het referentietraject. Volgens de huidige trend zal het aantal ICT-specialisten in de EU in 2030 ongeveer 12 miljoen bedragen als er geen verdere maatregelen worden genomen. De genderkloof is nog steeds aanzienlijk en hardnekkig. In 2023 was slechts 19,4 % van de ICT-specialisten in de EU vrouw, iets wat ook de manier waarop digitale oplossingen worden ontworpen en toegepast beïnvloedt, met aantoonbare negatieve gevolgen voor de sociale gelijkheid en het welzijn in het algemeen. Om de doelstellingen van het digitale decennium te halen, is de EU ook steeds afhankelijker van buitenlands talent. In 2023 was 11 % van de ICT-specialisten in de EU afkomstig uit derde landen, tegenover 8 % in 2019 101 .
Europese bedrijven hebben nu al te maken met toenemende concurrentie om digitaal geschoold talent: meer dan 60 % van de EU-ondernemingen die ICT-specialisten hebben aangeworven of geprobeerd aan te werven, kampten daarbij in 2022 naar eigen zeggen met moeilijkheden 102 , alsook met aanzienlijke tekorten aan geavanceerde digitale vaardigheden voor meer traditionele, niet-ICT-functies 103 .
Deze problemen zullen naar verwachting toenemen en nog worden verergerd door de wereldwijde strijd om digitaal talent. Zo is de vraag naar professionals die werkzaam zijn in de ontwikkeling en toepassing van AI in geselecteerde OESO-landen tussen 2019 en 2022 met 33 % gestegen 104 . Volgens ramingen zullen in de komende vijf jaar, alleen al om aan de toekomstige vraag van de sector naar AI-vaardigheden te voldoen, tussen de 0,5 en 2,8 miljoen Europeanen deze vaardigheden moeten verwerven, terwijl ongeveer 1,2 tot 3,7 miljoen mensen vaardigheden op het gebied van cloudcomputing zullen moeten leren 105 .
De oorzaken van deze tekorten zijn talrijk en complex. Een ervan is het kleine aantal jongeren dat een studie op het gebied van wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (STEM) of een ICT-opleiding volgt. Slechts 4,2 % van alle afgestudeerden in de EU heeft een richting in de ICT gekozen 106 . Dit is op zijn beurt te wijten aan een tekort aan gespecialiseerde opleidingsprogramma’s, een slechte afstemming op de behoeften van de sector en het gebrek aan flexibiliteit van bestaande leertrajecten. De problemen om vrouwen voor technische functies te werven en te behouden belemmeren bovendien de benodigde groei van ICT’ers in de EU. Meer diverse teams zorgen voor betere besluitvorming en meer innovatieve producten en diensten, wat een positief effect heeft op de bruikbaarheid van technologie voor diverse gebruikers, waaronder vrouwen.
Een hoeksteen van de strategie van de Commissie was de goedkeuring van de aanbeveling van de Raad betreffende de verbetering van het aanbod van digitale vaardigheden en competenties in onderwijs en opleiding 107 . De ontwikkeling van geavanceerde digitale vaardigheden wordt ook ondersteund door meerdere financieringsprogramma’s, met name het programma Digitaal Europa, dat onder meer steun biedt voor het opzetten van gespecialiseerde onderwijsprogramma’s op verschillende academische niveaus 108 en kortdurende opleidingen op diverse belangrijke digitale gebieden. De lidstaten werken ook aan de EU-academie voor cyberbeveiligingsvaardigheden, een van de Europese consortia voor digitale infrastructuur die momenteel in de voorbereidende fase verkeren.
De Commissie heeft onlangs ook een reeks elkaar versterkende maatregelen genomen om de EU aantrekkelijker te maken voor talent uit derde landen en de mobiliteit binnen de EU te stimuleren 109 . De Commissie stelt met name voor een EU-talentenpool op te zetten om de strategische internationale aanwerving van werkzoekenden uit derde landen voor beroepen met tekorten te vergemakkelijken 110 . Zij werkt ook aan de herziening van de richtlijn betreffende de Europese blauwe kaart 111 , die onder meer bepaalt dat vaardigheden die blijken uit beroepservaring en vergelijkbare kwalificaties van hoger onderwijs in sommige ICT-functies als gelijkwaardig worden beschouwd. Tot slot ondersteunt de EU via de talentpartnerschappen met belangrijke partnerlanden mobiliteitsregelingen, capaciteitsopbouw en investeringen in menselijk kapitaal.
In hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium hebben 24 lidstaten trajecten voor ICT-specialisten opgenomen, waarvan ongeveer de helft de EU-doelstelling aanhoudt of overschrijdt, zoals in het geval van Ierland en Zweden 112 . Bovendien geven verscheidene lidstaten aan dat zij ernaar streven het aandeel vrouwelijke ICT-specialisten te verhogen; Portugal, Zweden en Slowakije stellen hiervoor zelfs nationale streefcijfers vast. Dit streven wordt ondersteund door in totaal 178 maatregelen, met een begroting van 9,5 miljard EUR, die betrekking hebben op verschillende aspecten van de ontwikkeling van vaardigheden: van geavanceerde digitale vaardigheden in het formele en het hoger onderwijs tot maatregelen ter ondersteuning van de bijscholing van de beroepsbevolking en andere ondersteunende initiatieven, waarbij bijvoorbeeld de nadruk wordt gelegd op het bewerkstelligen van genderevenwicht of het behouden en aantrekken van ICT-specialisten uit de rest van de wereld.
Ondanks deze maatregelen zal het in een scenario met ongewijzigd beleid een uitdaging worden om de doelstellingen van het digitale decennium voor 2030 inzake ICT-specialisten te halen. Er moet dan ook dringend actie worden ondernomen door middel van een brede en gecoördineerde aanpak die het gehele onderwijs- en opleidingsspectrum beslaat, met inbegrip van een leven lang leren, en waarbij gebruik wordt gemaakt van de gezamenlijke inspanningen van de betrokken belanghebbenden.
ICT-specialisten – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden snel initiatieven moeten ontwikkelen, hun beleid moeten versterken en prioriteit moeten geven aan maatregelen voor het aanpakken van het tekort aan ICT-professionals, zoals aangegeven in de specifieke aanbevelingen geformuleerd in de aanbeveling van de Raad betreffende de verbetering van het aanbod van digitale vaardigheden en competenties in onderwijs en opleiding. Zij zouden met name moeten helpen om jongeren, met name meisjes, vroegtijdig in contact te brengen met STEM, beroepsonderwijs en -opleiding en een leven lang leren op het gebied van ICT moeten bevorderen, het academische aanbod op het gebied van geavanceerde digitale vaardigheden moeten vergroten, de samenwerking tussen instellingen voor hoger onderwijs moeten vergemakkelijken, de integratie van de sector moeten stimuleren en diversiteit en inclusie, met name van vrouwen, moeten bevorderen.
3.1.2. Betrouwbare oplossingen voor digitale interactie: de Europese digitale identiteit en de digitale euro
Nu digitale transacties en interacties een essentieel onderdeel van het dagelijks leven worden, hebben EU-burgers steeds gebruiksvriendelijker, betrouwbaarder en veiliger middelen nodig voor online-identificatie, authenticatie, de opslag en uitwisseling van digitale verklaringen en het gebruik van elektronische handtekeningen. De verordening inzake de Europese digitale identiteit, die in mei 2024 in werking is getreden, beantwoordt aan deze behoefte en zorgt voor een grote omslag, zowel wat betreft de vereenvoudiging van het leven van burgers en bedrijven als de bescherming van de grondrechten online, het waarborgen van de veiligheid en de privacy, het bieden van volledige controle aan burgers over de gegevens die zij delen en het voorkomen van profilering, tracking en tracing, in overeenstemming met de digitale rechten en beginselen van de EU.
De snelle implementatie van de EU-portemonnees voor digitale identiteit tegen 2026 is ook een voorwaarde voor de verwezenlijking van de doelstelling van het digitale decennium: tegen 2030 moet 100 % van de burgers van de Unie toegang hebben tot een veilig elektronisch identificatiemiddel (eID) dat in de hele Unie wordt erkend, zodat gebruikers volledig in staat zijn identiteitstransacties en gedeelde persoonsgegevens te beheren.
Momenteel zijn eID’s beschikbaar in 22 lidstaten (plus Noorwegen en Liechtenstein), voor 93 % van de EU-bevolking. Het gebruik van eID’s verschilt echter sterk per lidstaat. In 2023 maakte 35,7 % van de personen in de EU gebruik van een eID om toegang te krijgen tot diensten van overheidsinstanties of overheidsdiensten in hun land, van 95 % in Nederland tot minder dan 1 % in Cyprus 113 . Door de implementatie van de Europese portemonnee voor digitale diensten zal naar verwachting het gebruik ervan toenemen, aangezien dit gebruikers in staat stelt met één identificatiemiddel toegang te krijgen tot openbare en particuliere digitale diensten.
Sinds april 2023 financiert het programma Digitaal Europa vier grootschalige proefprojecten om gebruiksmogelijkheden te testen, zoals: het opslaan en delen van persoonlijke onderwijsgegevens en reisdocumenten, zoals instapkaarten of digitale rijbewijzen; de toegang tot digitale overheidsdiensten (met inbegrip van grensoverschrijdende diensten); het openen van een bankrekening, het verkrijgen van toegang daartoe en het goedkeuren van betalingen; het kopen van een prepaid SIM-kaart; het ondertekenen van overeenkomsten; en het aantonen van lidmaatschappen van beroepsorganisaties. De brede deelname van bijna alle lidstaten wijst erop dat gevolg is gegeven aan de aanbevelingen in het verslag over de staat van het digitale decennium 2023, waarin de lidstaat werd verzocht “voorbereidingen [te] treffen voor het opzetten en uitvoeren van de Europese portemonnee voor digitale identiteit, met name door middel van proefprojecten en de mobilisatie van het digitale ecosysteem”.
Tot slot onderzoekt de taskforce voor leeftijdsverificatie, die samen met de lidstaten, de Europese Groep van regelgevende instanties voor audiovisuele mediadiensten (ERGA) en het Europees Comité voor gegevensbescherming (EDPB) is opgericht in het kader van de digitaledienstenverordening, momenteel hoe de portemonnee optimaal kan worden gebruikt voor leeftijdsverificatie, een belangrijk middel om tegemoet te komen aan zorgen over de blootstelling van kinderen aan schadelijke inhoud (zie hieronder). Leeftijdsverificatie met behulp van de portemonnee is ook een van de prioritaire gebruiksmogelijkheden voorzien in de oproep tot het indienen van voorstellen voor nieuwe proefprojecten die naar verwachting in 2025 van start zullen gaan.
Nu het gebruik van bankbiljetten en munten afneemt, heeft de Europese Centrale Bank het plan opgevat om tegen 2027 een digitale euro in te voeren. Het Europees Parlement en de Raad onderzoeken momenteel het wetgevingskader dat de Commissie in juni 2023 heeft voorgesteld om de digitale euro in te voeren en de essentiële elementen ervan te reguleren. Zodra dit wetgevingsproces is afgerond, zal de Europese Centrale Bank een besluit nemen over de uitgifte van de digitale euro. Met deze pan-Europese regeling voor een openbaar betaalmiddel wordt centralebankgeld in digitale vorm beschikbaar gesteld, waardoor burgers en bedrijven in de hele eurozone veilige, vertrouwelijke en algemeen aanvaarde betalingen kunnen verrichten. De digitale euro, een publiek goed, heeft tot doel ervoor te zorgen dat ons monetaire stelsel gelijke tred houdt met de digitalisering, maar tegelijkertijd inclusief blijft. Met de invoering wordt een nieuwe Europese infrastructuur tot stand gebracht die marktdeelnemers in staat stelt te innoveren en diensten met toegevoegde waarde te ontwikkelen. De bedoeling is dat de digitale euro volledig interoperabel is met de Europese portemonnees voor digitale identiteit, waarbij verschillende gebruiksmogelijkheden worden ondersteund, van elektronische handel tot transacties in winkels en peer-to-peertransacties, zelfs zonder internetverbinding.
In de nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium van de lidstaten wordt weinig nadruk gelegd op het streefcijfer voor eID’s en digitale portemonnees. De lidstaten hebben in totaal zestig maatregelen gemeld die aan de verwezenlijking van dit streefcijfer bijdragen, met een totale begroting van 0,9 miljard EUR. Deze maatregelen hebben veelal betrekking op de uitrol van elektronische identificatie- en vertrouwensdiensten, met inbegrip van certificeringsprocessen en -regelgeving, en de uitvoering van de Europese portemonnee voor digitale identiteit, bijvoorbeeld door middel van “proof of concept”-testen en proefprojecten.
Europese digitale identiteit – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden prioriteit moeten geven aan de ontwikkeling van concrete gebruiksmogelijkheden om gebruikers en particuliere en openbare dienstverleners te ondersteunen bij het gebruik van de Europese portemonnee voor digitale identiteit en vertrouwensdiensten op basis van het Europees kader voor digitale identiteit.
3.1.3. Efficiënte, gebruiksvriendelijke en voor iedereen toegankelijke digitale overheidsdiensten
De lidstaten blijven vooruitgang boeken bij de verwezenlijking van de doelstelling om 100 % van de belangrijke overheidsdiensten voor burgers en bedrijven online toegankelijk te maken. In 2023 bedroeg de gemiddelde EU-score 79 op 100 voor de beschikbaarheid van digitale overheidsdiensten voor burgers (tegen 77/100 in 2022) en 85 op 100 voor bedrijven (tegenover 84 in 2022). Beide waarden zijn lager dan voor 2023 vereist was om op schema te blijven voor de doelstelling voor 2030 (7,8 punten in het geval van burgers en 5,4 punten in het geval van bedrijven). Ondanks het aantal maatregelen dat in de lidstaten is genomen om digitale overheidsdiensten toegankelijk te maken voor alle Europeanen 114 , blijft het in een scenario met ongewijzigd beleid moeilijk om de EU-doelstelling in 2030 te halen.
Figuur 15: Onlinedienstverlening aan burgers (bovenste grafiek) en bedrijven (onderste grafiek). Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
|
(a)Aandeel van administratieve stappen die online kunnen worden uitgevoerd voor grote levensgebeurtenissen voor burgers en buitenlanders (0 = er kunnen online geen stappen worden gezet; 100 = het hele proces kan online worden uitgevoerd). Historische gegevens, traject naar digitaal decennium en referentietraject |
|
|
|
(b)Historische gegevens, traject naar digitaal decennium en referentietraject |
|
|
Er blijft sprake van een aanzienlijk tekort aan digitale overheidsdiensten die volledig gebruikersgericht, toegankelijk voor gebruikers met een handicap en soeverein 115 zijn – in een context waarin de meeste digitale diensten, zoals clouddiensten, worden ontwikkeld door bedrijven van buiten de EU.
Digitale overheidsdiensten zijn een van de belangrijkste investeringsgebieden in de herstel- en veerkrachtfaciliteit: er wordt rechtstreeks 24,5 miljard EUR aan deze doelstellingen bijgedragen 116 .
Wat wetgeving betreft, heeft de uitvoering van de verordening betreffende één digitale toegangspoort 117 bijgedragen tot een vermindering van de administratieve lasten voor EU-burgers en -bedrijven nu de gebruikersinterface van de digitale toegangspoort, het portaal Your Europe, toegang geeft tot een breed scala aan online-informatie en overheidsdiensten. Bovendien maakt de recente lancering van het technische systeem dat het eenmaligheidsbeginsel toepast (Once Only Technical System – OOTS) het mogelijk overheidsdiensten tussen lidstaten met elkaar te verbinden en openbare documenten en gegevens over de grenzen heen uit te wisselen. Zowel de digitale toegangspoort als het OOTS maken het voor burgers gemakkelijker om in de hele EU te studeren, te reizen, te werken en met pensioen te gaan, en voor bedrijven, met name kmo’s, om zaken te doen.
In april 2024 is de verordening Interoperabel Europa 118 in werking getreden. Deze zal, met behulp van verplichte interoperabiliteitsbeoordelingen, de beschikbaarheid van gebruikersgerichte en grensoverschrijdende belangrijke digitale overheidsdiensten stimuleren. De dataverordening komt tegemoet aan zorgen over de afhankelijkheid van overheidsdiensten van technologische oplossingen die door buitenlandse bedrijven worden geleverd, zoals aanbieders van hyperscale clouddiensten. Er zijn ook stappen gezet op het gebied van digitale toegankelijkheid, een grondrecht voor mensen met een handicap, die na de vaststelling van de richtlijn webtoegankelijkheid in 2016 aanzienlijk is verbeterd.
Tot slot hebben de lidstaten hun samenwerking in de hele EU versterkt door gemeenschappelijke infrastructuur te ontwikkelen en gebruik te maken van geavanceerde technologieën voor grensoverschrijdende diensten. Gewerkt wordt aan het EDIC op het gebied van verbonden overheidsdiensten (Impacts); het consortium voor een Europees blockchainpartnerschap en een Europese infrastructuur voor blockchaindiensten (Europeum) is inmiddels opgericht.
In hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium hebben 21 lidstaten een traject opgenomen voor digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven. De nationale streefwaarden van alle 21 zijn in overeenstemming met het EU-streefcijfer, namelijk dat 100 % van de belangrijke overheidsdiensten online toegankelijk moeten zijn. De lidstaten hebben in totaal 238 maatregelen gemeld die aan dit streefcijfer bijdragen, met een totale begroting van 14 miljard EUR. Deze maatregelen hebben betrekking op verschillende gebieden: van het vergroten van het vertrouwen en de tevredenheid van het publiek over elektronische diensten tot maatregelen ter ondersteuning van de interoperabiliteit.
Het verminderen van de administratieve lasten is een belangrijke prioriteit van de Europese Commissie 119 , met name wat het mkb betreft. Het optimaal benutten van de digitale transformatie en het inzetten van innovatieve technologieën voor efficiënte overheidsdiensten kan aanzienlijke tijd- en kostenbesparingen opleveren en tegelijkertijd de algehele doeltreffendheid en het reactievermogen van overheidsbeleid verbeteren.
Digitalisering biedt inderdaad de mogelijkheid om bureaucratische processen aanzienlijk te stroomlijnen en de administratieve rompslomp in Europa te verminderen door middel van elektronische documenten en handtekeningen, online-overheidsdiensten, gegevensuitwisseling en -integratie, geautomatiseerde gegevensverificatiesystemen, geautomatiseerde naleving en rapportage en het gebruik van een digitale identiteit.
De gevolgen van digitalisering zouden nog groter kunnen zijn als de aanpak van regelgeving wezenlijk zou worden veranderd om de administratieve rompslomp te verminderen en meer innovatie mogelijk te maken, bijvoorbeeld door het gebruik van testomgevingen voor regelgeving, zoals in de financiële sector gebeurt. Door een veilige ruimte voor experimenten te creëren, kunnen regelgevende instanties samenwerken met belanghebbenden, waaronder innovatieve ondernemingen, om nieuwe technologieën beter te begrijpen, potentiële risico’s te beoordelen en passende regelgevingskaders te ontwikkelen die een evenwicht tot stand brengen tussen innovatie enerzijds en consumentenbescherming en de stabiliteit van het systeem anderzijds. De mogelijkheden van een andere regelgevingsaanpak kunnen worden onderzocht op gebieden als de gezondheidszorg, financiële diensten, mobiliteit of landbouw, niet alleen om een flexibeler regelgevingskader te bieden, maar ook om gebruikers en begunstigden hoogwaardige, op data gebaseerde en door AI gegenereerde informatie te verschaffen. Digitalisering kan dus een omslag in de regelgeving bevorderen en de naleving van de regelgeving radicaal vereenvoudigen en tegelijkertijd de verlening van nieuwe diensten faciliteren, bijvoorbeeld op het gebied van precisielandbouw, traceerbaarheid en landbouwbeheer, die van groot belang zijn voor het concurrentievermogen van landbouwbedrijven en het vergroten van hun positieve milieuvoetafdruk. In dit verband overwegen de lidstaten ook om een Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de agrovoedingssector op te richten.
e-overheidsdiensten – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen en voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden hun investerings- en regelgevingsmaatregelen moeten toespitsen op het ontwikkelen en beschikbaar stellen van veilige, soevereine en interoperabele digitale oplossingen voor online-overheidsdiensten, ook in verband met overheidsopdrachten.
Verspreiding van digitale technologieën:
De lidstaten zouden het doeltreffende gebruik van online-overheidsdiensten door nationale en, waar mogelijk, door grensoverschrijdende gebruikers moeten monitoren, evenals eventuele kloven, onder meer tussen stedelijke en plattelandsgebieden.
De lidstaten zouden hun inspanningen moeten opvoeren om ervoor te zorgen dat iedereen, met inbegrip van ouderen en mensen met een handicap, gelijke toegang heeft tot online-overheidsdiensten.
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om ervoor te zorgen dat digitale technologieën en hulpmiddelen ten dienste worden gesteld van flexibelere, minder bureaucratische en op gegevens gebaseerde regelgevingskaders.
Bevordering van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten worden verzocht om verdere vooruitgang te boeken in het kader van hun meerlandenverbintenissen en -samenwerking op het gebied van geconnecteerde overheidsdiensten en de Europese infrastructuur voor blockchaindiensten, via de EDIC’s die recentelijk op deze terreinen zijn opgezet.
3.1.4. Toepassingsmogelijkheden voor digitale technologieën in de gezondheidszorg
Het gebruik van gezondheidsgegevens en geavanceerde technologieën biedt veel mogelijkheden om de toegang van burgers tot gezondheidsdiensten en de kwaliteit en efficiëntie van de gezondheidszorg te verbeteren, gepersonaliseerde benaderingen te ontwikkelen en onderzoek en innovatie 120 te ondersteunen. Volgens de bevindingen van de Eurobarometer 2024 zijn vier van de vijf respondenten van mening dat digitale technologieën tegen 2030 belangrijk zullen zijn voor de toegang tot of het ontvangen van gezondheidsdiensten (bv. telegeneeskunde, artificiële intelligentie als hulpmiddel bij het stellen van diagnosen).
Het digitale EU-covidcertificaat, dat tijdens de pandemie in recordtijd werd ontwikkeld en vervolgens tot mondiale norm werd verheven, is hiervan een opmerkelijk voorbeeld: in de hele EU werden er meer dan 2,3 miljard certificaten afgegeven en in totaal omarmden 78 landen deze Europese oplossing, die een aanzienlijke bijdrage heeft geleverd aan de wereldwijde bestrijding van deze ziekte, de bescherming van de gezondheid van EU-burgers en het herstel van hun recht op vrij verkeer.
In het beleidsprogramma voor het digitale decennium is als streefdoel vastgesteld dat 100 % van de burgers van de Unie toegang moet hebben tot hun elektronische patiëntendossiers. In 2023 scoorde de EU 79/100 op deze doelstelling, tegenover 72/100 in 2022, wat neerkomt op een toename van 9,7 % 121 . Alle lidstaten beschikken nu over enigerlei vorm van elektronische gezondheidszorg, zij het regionaal of nationaal, en hebben de categorieën toegankelijke gezondheidsgegevens, de beschikbare toegangstechnologie en -middelen en de toegangsmogelijkheden voor bepaalde categorieën mensen uitgebreid. De huidige score ligt boven de verwachte waarde van het traject voor 2023. In dit tempo zal het streefdoel in 2026 worden gehaald.
Figuur 16: Samengestelde e-gezondheidsindicator. Historische gegevens en DD-traject
In hun nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium hebben 22 lidstaten een traject vastgesteld voor het streefdoel inzake de beschikbaarheid van elektronische medische gegevens. De nationale streefwaarden van 21 landen komen overeen met de EU-streefwaarde, namelijk dat 100 % van de burgers toegang tot hun elektronische patiëntendossiers moet hebben. 93 maatregelen dragen bij tot de verwezenlijking van dit doel, met een totale begroting van 5,5 miljard EUR, waarbij bijzondere aandacht is voor de toegang van burgers tot gezondheidsgegevens, met inbegrip van portaaloplossingen en toepassingen voor mobiele apparaten, regelgeving, routekaarten en grensoverschrijdende projecten.
De succesvolle afronding van de politieke onderhandelingen over de verordening betreffende de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens is een belangrijke mijlpaal die het mogelijk maakt om meer vooruitgang op dit gebied te boeken en de positie van burgers te versterken en hen te helpen door de veilige toegang tot elektronische gezondheidsgegevens nationaal en over de grenzen heen verder uit te breiden, bij te dragen tot een efficiëntere verstrekking van gezondheidszorg en de kwaliteit en toegankelijkheid van gezondheidsgegevens voor secundair gebruik voor onderzoeks-, innovatie- en zorgbeleidsdoeleinden te verbeteren.
De Commissie heeft verschillende initiatieven voorgesteld met betrekking tot infrastructuur voor gezondheidsgegevens en onderzoek en innovatie op het gebied van gezondheid: het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming, dat in december 2022 van start is gegaan, streeft ernaar kankerbeeldvorming en klinische gegevens in 12 Europese landen te bundelen om innovatie op het gebied van klinische besluitvorming en prognoses te ondersteunen; het initiatief “1+ Million Genomes” streeft naar veilige toegang tot genomische en gerelateerde klinische gegevens met behulp van de Europese infrastructuur voor genomische gegevens en een Europees referentiegenoom, het Genoom van Europa; en het in december 2023 gelanceerde European Virtual Human Twins-initiatief, dat tot doel heeft de gepersonaliseerde zorg te versnellen door middel van geavanceerde modellering, die gebruikt kan worden voor de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen, voor klinisch onderzoek en bij medische opleidingen.
Sinds kort wordt als het gaat om de gezondheidsdimensie van digitalisering ook aandacht besteed aan het feit dat met name bepaalde ontwerpen van online-interfaces negatieve gevolgen kunnen hebben voor de gezondheid, met name de geestelijke gezondheid, als gevolg van buitensporige connectiviteit en de bijbehorende stress, verslavingsrisico’s of de blootstelling aan gewelddadige en ongepaste inhoud 122 . Recentelijk aangenomen wetgeving, met name de digitaledienstenverordening, biedt instrumenten om dit soort risico’s aan te pakken (zie het volgende punt).
e-gezondheid – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt: De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat de toegang tot elektronische patiëntendossiers, met een minimum aan gezondheidsgerelateerde gegevens die zijn opgeslagen in publieke en particuliere systemen voor elektronische patiëntendossiers, technologisch mogelijk wordt gemaakt en gemakkelijk toegankelijk is voor de mensen (via een patiëntenportaal of een mobiele app voor patiënten). Overeenkomstig de doelstellingen van de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens moeten deze minimumgegevens elektronische patiëntendossiers en elektronische recepten en verstrekkingen omvatten, alsook elektronische resultaten en verslagen, met inbegrip van medische beeldverslagen, laboratoriumresultaten en verslagen over ziekenhuisontslag.
De lidstaten zouden moeten samenwerken om het innovatiepotentieel van gezondheidsgegevens ten volle te benutten door zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande en toekomstige initiatieven en infrastructuur op het gebied van gezondheidsgegevens, te investeren in onderzoek naar en de toepassing van geavanceerde technologieën zoals high-performance computing en betrouwbare AI-toepassingen in de gezondheidszorg, en daarbij ook de cyberbeveiliging te versterken.
Bevordering van samenwerking tussen de lidstaten
De lidstaten worden verzocht meer vooruitgang te boeken bij het opzetten van de voorgestelde EDIC’s op het gebied van genomica en kankerbeeldvorming met het oog op het stimuleren van innovatie in gepersonaliseerde gezondheidszorg en AI-oplossingen in de kankerzorg.
3.2. Mensen beschermen en een digitale omgeving en technologieën creëren die veilig en mensgericht zijn
Op grond van de algemene doelstellingen van het besluit betreffende het digitale decennium moet ernaar gestreefd worden een mensgerichte, op grondrechten gebaseerde, inclusieve, transparante en open digitale omgeving te creëren 123 . De verklaring over digitale rechten en beginselen bevat bovendien beginselen en verbintenissen betreffende de toegang tot een betrouwbare, diverse en niet-discriminerende digitale omgeving. Hierin wordt met name onderstreept welke rol zeer grote onlineplatforms hebben bij het beperken van de risico’s die voortvloeien uit hun diensten, waaronder desinformatie.
3.2.1. Veilige digitale omgevingen creëren en de grondrechten online waarborgen
Misbruik van onlineplatforms en hun algoritmen kan de verspreiding van haatzaaiende uitlatingen, gewelddadig extremisme en terroristische inhoud vergemakkelijken en versterken, wat een bedreiging kan vormen voor personen of specifieke doelgroepen. Recente gebeurtenissen, zoals de crisis in het Midden-Oosten, laten eens te meer zien hoe onlineplatforms kunnen worden gebruikt om aan te zetten tot terrorisme en de verspreiding van illegale haatzaaiende uitlatingen. Volgens de bevindingen van de Eurobarometer 2024 zouden de risico’s in verband met misbruik van persoonsgegevens, de verspreiding van nepnieuws en desinformatie de belangrijkste problemen zijn die zich online voordoen, terwijl de twee minst genoemde problemen de niet-gerechtvaardigde verwijdering van inhoud en niet-transparante praktijken bij inhoudsmoderatie waren.
In 2023 gaf 33,5 % van de personen in de EU aan vijandige of vernederende onlineberichten te hebben gekregen die gericht waren tegen specifieke groepen vanwege hun politieke en sociale opvattingen, ras of etnische afkomst of seksuele geaardheid, wat erop wijst dat haatzaaiende uitlatingen op het internet een wijdverbreid verschijnsel zijn 124 .
In de verklaring over digitale rechten en beginselen hebben de EU en de lidstaten zich ertoe verbonden alle vormen van illegale en schadelijke online-inhoud aan te pakken, met volledige eerbiediging van de grondrechten, met name de vrijheid van meningsuiting 125 .
De uitvoering van de digitaledienstenverordening 126 . Sinds april 2023 heeft de Commissie 24 zeer grote onlineplatforms en twee zeer grote onlinezoekmachines aangewezen. Op 17 februari 2024 werd de digitaledienstenverordening volledig van toepassing. Vanaf die datum moesten de lidstaten hun digitaledienstencoördinatoren aanwijzen en voldoende bevoegdheden verlenen 127 . De nieuwe regels zijn van toepassing op alle onlinetussenpersonen, ongeacht hun omvang. Hoewel de digitaledienstenverordening nog maar kort van kracht is, heeft zij al een aanzienlijk effect gehad. De Commissie heeft inmiddels al handhavingsmaatregelen genomen met betrekking tot zeer grote onlineplatforms en zeer grote onlinebedrijven. In december 2023 en april 2024 heeft de Commissie formele procedures ingeleid tegen respectievelijk X en Meta (met betrekking tot zowel Facebook als Instagram), die onder meer betrekking hadden op de verspreiding van illegale inhoud in de EU en de doeltreffendheid van de maatregelen die zijn genomen om de risico’s voor het maatschappelijk debat en verkiezingsprocessen te beperken. Er werden formele procedures ingeleid tegen TikTok (in februari en april 2024) en Meta (met betrekking tot zowel Facebook als Instagram, in mei 2024) wegens aspecten die verband hielden met het beheer van risico’s op negatieve effecten op de lichamelijke en geestelijke gezondheid en de rechten van kinderen, met name als gevolg van verslavend ontwerp, “rabbit holes” of de toegang tot schadelijke inhoud. In de tweede zaak tegen TikTok, betreffende verslavende kenmerken van TikTok Lite, heeft de Commissie TikTok in kennis gesteld van haar voornemen om de desbetreffende gebruiksmogelijkheden in de EU op te schorten in afwachting van de beoordeling van hun veiligheid: naar aanleiding daarvan kondigde TikTok eenzijdig aan de betreffende gebruiksmogelijkheden weer te zullen verwijderen; de procedure wegens niet-naleving is echter niet gestaakt en het onderzoek wordt voortgezet. In maart 2024 werd AliExpress ook toegevoegd aan de groep zeer grote onlineplatforms waartegen de Commissie een formele procedure heeft ingeleid. De procedure had onder meer betrekking op het gebrek aan handhaving van de gebruiksvoorwaarden die bepaalde producten verbieden die risico’s voor de gezondheid van consumenten inhouden, zoals namaakgeneesmiddelen, de naleving van de verplichting krachtens de digitaledienstenverordening om alle gebruikers in staat te stellen illegale inhoud op het platform te melden, en de naleving van de transparantieverplichtingen. Tot slot besloot LinkedIn in juni 2024, naar aanleiding van een verzoek om informatie van de Commissie, vrijwillig een functionaliteit te beëindigen waarover het vermoeden bestond dat deze in strijd zou zijn met het verbod van de digitaledienstenverordening op gerichte reclame op basis van gevoelige persoonsgegevens, zoals seksuele geaardheid, politieke opvattingen of ras.
De bescherming van de grondrechten en de versterking van de democratische waarden online zijn een aspect waarmee slechts in een klein aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium rekening wordt gehouden (België, Kroatië, Griekenland, Luxemburg, Nederland, Roemenië, Slovenië). De vastgestelde maatregelen omvatten activiteiten ter bescherming tegen desinformatie, manipulatie en schadelijke inhoud. Dit is ook relevant voor punt 4.3 hieronder.
Naast nauwlettend toezicht en strikte handhaving zal het uiterst belangrijk zijn om opkomende trends te volgen en meer kennis op te bouwen en onderzoek te doen naar complexe kwesties zoals de dynamische wisselwerking tussen het gebruik van digitale hulpmiddelen, de blootstelling aan schadelijke inhoud en geestelijke gezondheid en welzijn, in termen van verslaving, depressie, zelfbeschadiging en depressie.
Doelstelling: Bescherming van rechten – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden vaart moeten zetten achter de maatregelen die nodig zijn voor de uitvoering van het regelgevingskader, met name de digitaledienstenverordening. Zij moeten zich richten op het opzetten van het noodzakelijke governancesysteem op nationaal niveau en op het bevorderen van nauwe samenwerking en contacten met de Commissie, de onlangs opgerichte Europese Raad voor digitale diensten, de digitaledienstencoördinatoren en het maatschappelijk middenveld.
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden zich meer moeten inzetten voor de ontwikkeling van onderzoek naar en kennis van het online-domein, alsook het monitoren van de trends op dit gebied, met name wat betreft de wisselwerking tussen het gebruik van digitale hulpmiddelen, de blootstelling aan schadelijke inhoud en geestelijke gezondheid (ook bij kinderen en adolescenten).
3.2.2. Kinderen beschermen en sterker doen staan (onder meer door leeftijdsverificatie)
De bescherming van kinderen is een belangrijke prioriteit voor het digitale decennium. In de verklaring over digitale rechten en beginselen verbindt de EU zich ertoe om kinderen in staat te stellen veilige en geïnformeerde keuzes te maken, onder meer door positieve ervaringen voor kinderen te bevorderen en hen te beschermen tegen schadelijke inhoud en misbruik 128 . De hierboven beschreven risico’s in verband met illegale en schadelijke inhoud gelden nog sterker voor kinderen, aangezien jongeren vaak digitale producten en diensten gebruiken die voor volwassenen zijn bedoeld. Digitale diensten, van sociale media tot interactieve spelletjes, kunnen kinderen blootstellen aan risico’s zoals verslaving, ongeschikte inhoud, pesten, grooming, gevaarlijke “challenges”, seksueel misbruik of radicalisering. Sommige van deze verschijnselen nemen in heel de EU snel toe. Uit statistieken van de Insafe-hulplijnen van de door de EU gefinancierde centra voor een veiliger internet (SIC’s) blijkt dat het aantal meldingen van jongeren over cyberpesten tussen 2022 en 2023 met 34 % is gestegen 129 , terwijl het aantal meldingen van het publiek aan de Inhope-hotlines over materiaal dat vermoedelijk seksueel misbruik van kinderen bevat ook met een derde is toegenomen 130 . Uit andere bronnen blijkt dat het aantal meldingen van grooming, waaronder financiële seksuele afpersing, in EU-landen dramatisch is toegenomen (+ 320 %). Tussen 2022 en 2023 zijn deze verviervoudigd; alleen al in de EU waren er meer dan 32 000 meldingen van online lokpogingen 131 .
Op 7 juni 2023 stelde de Commissie in de mededeling betreffende een alomvattende aanpak van geestelijke gezondheid deze vorm van gezondheid op één lijn met lichamelijke gezondheid, in het kader van de versterking van de Europese gezondheidsunie 132 . In de mededeling signaleert zij de mogelijke negatieve effecten die digitale hulpmiddelen kunnen hebben op het welzijn en de gezondheid van kinderen, en roept zij op een veiligere en gezondere digitale ruimte voor kinderen te creëren. De aanzienlijke hoeveelheid tijd die kinderen online doorbrengen in combinatie met de geavanceerde en invasieve digitale technieken die adverteerders gebruiken, brengt nieuwe en ernstige uitdagingen met zich mee voor de bescherming van kinderen, van geestelijke gezondheidsproblemen tot het gebruik van ongezonde voeding, tabak en nieuwe schadelijke producten, en alcoholreclame. In dit verband kunnen ook voorzorgsmaatregelen nodig zijn, wanneer bewijs ontbreekt dat de onlineruimte voor kinderen en tieners voldoende veilig is.
De richtlijn audiovisuele mediadiensten en de digitaledienstenverordening hebben, naast de algemene verordening gegevensbescherming (AVG), tot doel de privacy en veiligheid van minderjarigen te beschermen, bijvoorbeeld door gerichte reclame voor minderjarigen op basis van profilering te verbieden en door zeer grote onlineplatforms en zeer grote onlinezoekmachines te verplichten de systeemrisico’s van hun diensten voor de rechten van kinderen en de negatieve gevolgen van hun diensten voor het geestelijk of lichamelijk welzijn van mensen te beoordelen en te beperken.
Om kinderen online beter te beschermen, heeft de Commissie in mei 2022 ook een voorstel aangenomen voor een verordening inzake de voorkoming en bestrijding van seksueel misbruik van kinderen 133 , terwijl de strategie voor een beter internet voor kinderen (BIK+) van 2022 de versterking van de positie van kinderen ondersteunt, middelen ter beschikking stelt voor bewustmakingscampagnes en hulplijnen en meldpunten aanbiedt.
Tot slot doet de taskforce voor leeftijdsverificatie momenteel onderzoek naar het gebruik van de digitale portemonnee van de EU als EU-brede, interoperabele, veilige en privacybestendige oplossing om de leeftijd van de gebruikers te bewijzen.
De bescherming van kinderen online is ook een erkende prioriteit op nationaal niveau. De afgelopen jaren hebben zich in de meeste lidstaten belangrijke ontwikkelingen voorgedaan en wordt steeds meer aandacht besteed aan onlineveiligheid, de gezondheid en het welzijn van kinderen online, seksuele uitbuiting en cyberpesten 134 . Echter, in slechts een zeer klein aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium (voornamelijk Polen en Roemenië) wordt aandacht besteed aan de bescherming van kinderen online, bestaande uit specifieke geplande of reeds bestaande maatregelen. Op het moment waarop de maatregelen werden gemeld, omvatten zij wetgevingsinitiatieven en de ontwikkeling van relevante strategieën, maar geen specifieke financiering.
In de toekomst is hiervoor meer aandacht nodig, gezien de groeiende perceptie dat kinderen online beter moeten worden beschermd (uit de Eurobarometer-enquête van 2024 bleek dat deze perceptie in één jaar met 10 procentpunten is toegenomen). Hierbij moet gekeken worden naar de complexe onderlinge verbanden tussen digitale hulpmiddelen en het welzijn van kinderen, maar er moeten ook concrete en doortastende maatregelen worden genomen 135 en technische oplossingen worden ontworpen. Krachtige handhaving van de bestaande wetgeving is nodig, evenals betere informatie over de bestaande regels, bewustmaking van de risico’s en proactieve maatregelen om deze tot een minimum te beperken.
Doelstelling: Bescherming van kinderen – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om te zorgen voor veilige, privacybestendige, gebruiksvriendelijke en interoperabele digitale identiteitsoplossingen en vertrouwensdiensten, onder meer voor leeftijdsverificatie, om de ontwikkeling van een geharmoniseerde oplossing vanaf 2025 in de hele EU mogelijk te maken, met name via de Europese portemonnee voor digitale identiteit.
Samenwerking
De lidstaten worden aangemoedigd om met de Commissie te blijven samenwerken om de bescherming, digitale empowerment en veiligheid van kinderen online te verbeteren, met name bij de uitvoering van de Europese strategie voor een beter internet voor kinderen (BIK+). Speciale aandacht zou moeten worden gegeven aan bewustmakingsinitiatieven over nieuwe uitdagingen in verband met de veiligheid en het welzijn van kinderen die voortvloeien uit artificiële intelligentie, virtuele werelden, overmatige blootstelling aan digitale inhoud, digitale dreigingen (zoals haatzaaiende uitlatingen, cyberpesten, intimidatie, seksueel misbruik van kinderen, grooming en gewelddadige inhoud) of agressieve marketing, met name door middel van waarborgen voor de bescherming van kinderen door ontwerp.
De lidstaten zouden meer inspanningen moeten leveren om kinderen te beschermen tegen de risico’s die het gebruik van digitale technologieën met zich meebrengt voor hun gezondheid, onder meer door betere monitoring en onderzoek.
3.2.3. Bevorderen van verantwoorde en mensgerichte AI-systemen
De opkomst van modellen voor AI voor algemene doeleinden en generatieve AI heeft zowel geleid tot ongekende mogelijkheden als tot verhoogde risico’s, waaronder slecht functionerende systemen die de fysieke veiligheid in gevaar brengen, ondoorzichtige besluitvormingsprocessen, inbreuken op de privacy, de criminele exploitatie van gegevens, discriminerende algoritmen en de verspreiding van met AI gegenereerde desinformatie.
Als reactie op deze uitdagingen werd in april 2024 officieel de baanbrekende Europese AI-verordening vastgesteld. Deze vooruitstrevende verordening is de eerste horizontale AI-wet ter wereld en heeft tot doel maatschappelijke uitdagingen aan te pakken, rechten te beschermen en de veiligheid te waarborgen, mede rekening houdend met ethische overwegingen, en tegelijkertijd doeltreffende maar evenredige vereisten vast te stellen voor AI-systemen die binnen de Europese Unie worden gebruikt. De AI-verordening omvat ook verboden op AI-systemen die onaanvaardbare risico’s opleveren (risico’s die een duidelijke bedreiging voor de veiligheid, bestaansmiddelen en grondrechten vormen), minimumkwaliteitsnormen voor AI-systemen en gebruiksmogelijkheden die een hoog risico vormen voor de grondrechten (zoals die welke verband houden met gezondheidszorg, onderwijs en rechtshandhaving), versterkte transparantiemaatregelen en mechanismen voor het indienen van individuele klachten over AI-gerelateerde schade. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen 136 blijkt dat op nationaal niveau parallelle inspanningen worden geleverd om AI aan te pakken, onder meer door middel van niet wettelijk bindende gedragscodes of co-regulering. Veel andere regio’s in de wereld zijn geïnspireerd door de Europese aanpak en overwegen nu wetgevingsmaatregelen waarbij rekening wordt gehouden met de kennis en ervaring van de EU.
De bevordering van mensgerichte en verantwoorde AI-systemen is een aspect waarmee in een klein aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium (België, Duitsland, Griekenland, Nederland en Zweden) rekening wordt gehouden. De gemelde maatregelen ondersteunen de ontwikkeling van veilige en niet-discriminerende AI-systemen, onder meer voor gebruik door sociale diensten, in het onderwijs en bij O&O-projecten voor kmo’s.
Gelet op de toekomst is een succesvolle uitvoering van de AI-verordening van het grootste belang. Samenwerking met de lidstaten, kmo’s en andere belanghebbenden zal van essentieel belang zijn om een doeltreffende uitvoering te waarborgen, onder meer voor de ontwikkeling van technische normen, richtsnoeren en gemeenschappelijke beginselen.
Doelstelling: “Mensgerichte AI” – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden vaart moeten zetten achter de maatregelen die nodig zijn om de uitvoering van de AI-verordening te begeleiden. Dit vereist met name de bevordering van nauwe samenwerking en contacten met de Commissie, het onlangs opgerichte AI-bureau, de nationale regelgevende instanties en het maatschappelijk middenveld.
De lidstaten zouden hun inspanningen moeten opvoeren om het onderzoek naar mensgerichte AI-systemen verder te ontwikkelen.
3.3. Onze democratie beschermen en versterken
De verwezenlijking van de algemene doelstellingen van het digitale decennium en de handhaving van de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen zijn van essentieel belang voor de democratische stelsels van de EU, aangezien deze tot doel hebben de verspreiding online van onjuiste informatie en desinformatie tegen te gaan. Deze inspanningen zorgen ervoor dat burgers weloverwogen keuzes kunnen maken en grensoverschrijdende toegang hebben tot betrouwbare informatie, die wordt verstrekt door kwalitatief hoogwaardige, onafhankelijke en transparante media.
3.3.1. Desinformatie tegengaan en de integriteit van verkiezingen beschermen
Desinformatie wordt aangemerkt als een van de grootste destabiliserende factoren voor onze samenlevingen in de toekomst 137 , ook in de EU, waar 38 % van de EU-burgers in 2023 “onjuiste en/of misleidende informatie die online en offline circuleert” als de grootste bedreiging voor de democratie heeft genoemd 138 . Volgens de Eurobarometer 2024 beschouwt 45 % van de Europeanen nepnieuws en desinformatie als een van de problemen online die de grootste persoonlijke gevolgen voor hen hebben.
De verspreiding van desinformatie vormt een aanzienlijke bedreiging voor het maatschappelijk debat en de integriteit van kiesstelsels in de EU. De COVID-19-pandemie en de politieke ontwikkelingen in 2023, met name de aanhoudende invasie van Oekraïne door Rusland en het Israëlisch-Palestijnse conflict, hebben desinformatie verder aangewakkerd, met name in de vorm van buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging 139 . De verspreiding van desinformatie kan de maatschappelijke en politieke polarisatie en het wantrouwen jegens instituties, ook bij verkiezingsprocessen, versterken. Naast de reeds bekende bedreigingen van mis- en desinformatie heeft de recente opkomst van generatieve AI nieuwe bedreigingen met zich meegebracht, zoals het gebruik ervan om de creatie van desinformatie te vergemakkelijken of deze te verspreiden via hallucinaties en deepfakes van chatbots.
De afgelopen jaren heeft de Europese Commissie twee belangrijke pijlers van de strategie tegen desinformatie voorgesteld: de digitaledienstenverordening, op grond waarvan zeer grote onlineplatforms en zeer grote onlinezoekmachines passende risicobeperkende maatregelen moeten nemen indien door het gebruik desinformatie dreigt te worden versterkt, en de praktijkcode betreffende desinformatie, die momenteel wordt omgezet in een gedragscode in het kader van de digitaledienstenverordening. In maart 2024 heeft de Commissie richtsnoeren inzake de beperking van systeemrisico’s voor verkiezingsprocessen vastgesteld, waarin wordt uiteengezet welke maatregelen van zeer grote onlineplatforms en zeer grote onlinezoekmachines worden verwacht om aan de digitaledienstenverordening te voldoen. Op grond van de digitaledienstenverordening zijn reeds drie formele procedures ingeleid wegens schending van de verplichting om de verspreiding van desinformatie tegen te gaan, met name tegen X en Meta (Facebook en Instagram).
In december 2023 heeft de Commissie het pakket ter verdediging van de democratie aangenomen, dat bestaat uit voorstellen en aanbevelingen om uitdagingen zoals buitenlandse inmenging aan te pakken en de maatschappelijke betrokkenheid en democratische participatie in de EU aan te moedigen. In overeenstemming met de verklaring over digitale rechten en beginselen heeft de Commissie de lidstaten in haar aanbeveling van 12 december 2023 verzocht maatregelen te nemen om inclusieve participatie en de weerbaarheid tegen desinformatie en cyberdreigingen te bevorderen 140 . Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt ook dat de meeste lidstaten, vanwege de moeilijkheid om schadelijke inhoud zelf aan te pakken, zich veelal richten op het verbeteren van de mediageletterdheid en het kritisch denkvermogen van burgers door middel van verschillende onderwijsactiviteiten, die belangrijke voorwaarden zijn om onze samenleving op lange termijn weerbaarder te maken tegen desinformatie 141 .
De Commissie heeft het Europees Waarnemingscentrum voor digitale media (EDMO) gefinancierd om de inspanningen van academische instellingen, het maatschappelijk middenveld en overheidsinstanties te bundelen die erop gericht zijn om de mediageletterdheid te versterken en de maatschappelijke weerbaarheid tegen online-desinformatie te vergroten.
Doelstelling: Bescherming van de democratie – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden de vorming van een gemeenschap moeten bevorderen die verschillende uitdagingen in verband met desinformatie aanpakt, bijvoorbeeld door middel van factchecking, de bevordering van mediageletterdheid en onderzoeksactiviteiten, onder meer naar de structurele, psychologische, sociologische en technologische factoren die desinformatie in de hand werken. De lidstaten zouden met name de groei van factcheckdiensten kunnen bevorderen om het nieuwe digitale media-ecosysteem te verrijken, alsook kunnen investeren in de ontwikkeling van technologische hulpmiddelen die gebruikers kunnen helpen desinformatie beter op te sporen en in een context te plaatsen.
De lidstaten zouden een strategie moeten ontwikkelen en uitvoeren om campagnes voor buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging (FIMI) tegen te gaan. Zij zouden moeten blijven werken aan de herkenning van FIMI-campagnes en tegelijkertijd efficiënte en doeltreffende kanalen voor de uitwisseling van gegevens creëren.
Bevordering van samenwerking:
De lidstaten zouden de oprichting moeten overwegen van een Europees Waarnemingscentrum voor de digitale kloof, dat vanuit vergelijkend perspectief de digitale kloof kan analyseren waarmee kwetsbare sociale groepen in de hele EU te maken hebben.
Met het oog op de bestrijding van desinformatie worden de lidstaten aangemoedigd de Commissie te blijven ondersteunen bij de doeltreffende handhaving van de digitaledienstenverordening, met name door ondersteunende gegevens te verstrekken.
3.3.2. Toegang tot media en pluralisme in de media
Ervoor zorgen dat onafhankelijke media online betrouwbare informatie kunnen verstrekken en dat mensen naar die informatie kunnen zoeken is van essentieel belang om de weerbaarheid van democratische samenlevingen in het digitale tijdperk te versterken.
Televisie blijft de meest gebruikte nieuwsbron, maar de onlinemedia lopen hun achterstand steeds meer in, terwijl nog maar iets minder dan een vijfde deel van de bevolking dagelijks de gedrukte pers leest 142 . De eerste editie van de European Media Industry Outlook (vooruitzichten voor de Europese mediasector) van mei 2023 143 werpt licht op de belangrijkste trends in de mediasector. Hieruit blijkt onder meer dat de media steeds meer functioneren op basis van de principes van de aandachtseconomie, waarbij verschillende vormen van inhoud (nieuws, reclame, amusement) met elkaar concurreren om aandacht te krijgen.
De Europese verordening mediavrijheid, die op 7 mei 2024 in werking is getreden, heeft tot doel de werking van de eengemaakte markt voor mediadiensten te verbeteren nu deze steeds digitaler worden en intrinsiek grensoverschrijdend zijn. De toepassing van dit versterkte EU-kader voor mediawetgeving zal worden bevorderd door de nieuwe onafhankelijke Europese Raad voor mediadiensten.
De verordening bevat ongekende waarborgen voor media en journalisten tegen politieke inmenging, alsook regels die ervoor zorgen dat media gemakkelijker over de grenzen heen kunnen opereren, vrij van ongewenste beïnvloeding en gebruikmakend van de digitale transformatie van de mediaruimte. Dankzij de bepalingen over het aanbieden van en de toegang tot mediadiensten online en de regels inzake transparantie over media-eigendom zal de verordening leiden tot een meer gevarieerd aanbod aan hoogwaardige media-inhoud dat pluralistische publieke debatten mogelijk maakt, in overeenstemming met de doelstellingen van het digitale decennium en de verklaring over digitale rechten en beginselen.
De verordening vormt een aanvulling op andere initiatieven ter ondersteuning van de vrijheid en pluriformiteit van de media, zoals de voorgestelde richtlijn ter verbetering van de bescherming van journalisten en mensenrechtenverdedigers tegen onrechtmatige gerechtelijke procedures (SLAPP’s), de aanbeveling over interne waarborgen voor redactionele onafhankelijkheid en transparantie over eigendom in de mediasector en de aanbeveling over de bescherming, de veiligheid en de weerbaarheid van journalisten. Ook is er sprake van synergieën met de digitaledienstenverordening, de praktijkcode betreffende desinformatie en andere digitale regelgeving. Tot slot worden in het kader van het actieplan voor de media en de audiovisuele sector 144 van de Commissie en speciale financieringsprogramma’s 145 , met name Creatief Europa, acties ondersteund ter bevordering van de digitale transformatie en de pluraliteit van de mediasector, kwaliteitsjournalistiek, op feiten gecontroleerde informatie en mediageletterdheid.
Doelstelling: Bescherming van de democratie – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
De lidstaten zouden de vrijheid en pluriformiteit van de media moeten bevorderen om burgers te helpen toegang te krijgen tot een gevarieerd online informatie- en nieuwsaanbod, door steun te verlenen aan de sector en samen te werken met andere lidstaten en de Europese Commissie.
4. Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Eurobarometer 2024: het versterken van het verband tussen de groene en de digitale transitie wordt beschouwd als een belangrijke factor in de digitalisering van Europa. Vier op de vijf mensen in Europa vinden het belangrijk dat de overheid ervoor zorgt dat digitale technologieën de groene transitie ten goede komen.
De doelstellingen van het digitale decennium beogen de duurzaamheid en hulpbronnenefficiëntie van digitale infrastructuur en technologieën te waarborgen. Het digitale decennium legt ook de nadruk op verschillende duurzaamheidsdoelstellingen voor infrastructuur, zoals de ontwikkeling van edge nodes en halfgeleiders. Samen met de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen beoogt het digitale decennium duurzame digitale technologieën, producten en diensten te bevorderen en toegang te bieden tot informatie over milieueffecten en energieverbruik. Daarnaast moedigt het de invoering aan van digitale technologieën die een positief effect hebben op het milieu en het klimaat 146 .
4.1. Het verband tussen groene transitie en digitale transformatie
De bezorgdheid over de opwarming van de aarde is de afgelopen maanden toegenomen en milieurisico’s worden nog steeds als een van de grootste risico’s gezien. Volgens het Global Risks Perception Survey van het Wereld Economisch Forum van 2024 en het Munich Security Report 2024 behoren de klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit de komende tien jaar tot de grootste wereldwijde uitdagingen 147 . Met name Europa wordt hieraan blootgesteld als het snelst opwarmende continent ter wereld; verschillende regio’s, zoals Zuid-Europa, zijn hotspots voor meerdere klimaatrisico’s 148 .
Gezien de zorgen over de klimaatverandering is de beoordeling van het milieueffect van de toenemende verspreiding en het toenemende gebruik van technologieën van het grootste belang geworden. Hoewel er nog steeds sprake is van uitdagingen bij het meten van deze effecten en het bepalen van de beoordelingen die moeten plaatsvinden, blijkt uit de gegevens dat de voetafdruk van technologieën op het milieu sterk zal toenemen. Digitalisering is een hulpbronnenintensief proces (energie, water en grondstoffenwinning), en hoewel sommige technologieën mogelijkheden bieden om duurzaam te worden, is de zogenaamde “dubbele transitie” in de praktijk nog niet gewaarborgd.
Uit de monitoring van de verklaring blijkt tot dusver dat de lidstaten een beperkt aantal maatregelen hebben genomen voor de ontwikkeling van duurzame technologieën en technologieën die een positief effect hebben op het klimaat en het milieu, zoals normen en keurmerken 149 .
Het belang dat wordt toegekend aan de rol die de digitale transformatie en de toepassing van technologieën hierbij spelen, neemt toe, gezien de noodzaak om de voetafdruk van ICT te verkleinen en productiviteitsgroei en efficiëntiewinsten voor bedrijven te realiseren, alsook de noodzaak van doorbraken op het gebied van energie-efficiëntie, nettonul- en schone technologieën. Uit cijfers van het Internationaal Energieagentschap (IEA) blijkt dat de wereldwijde vraag naar elektriciteit in 2023 aanzienlijk is gestegen en de komende twee jaar naar verwachting nog veel sneller zal toenemen, in lijn met de wereldwijde vraag naar internetdiensten en AI 150 . Het elektriciteitsverbruik van datacentra, AI en de cryptovalutasector zou de komende twee jaar kunnen verdubbelen, aangezien er grote opslagcapaciteit en efficiënte verwerkingstechnieken nodig zijn om AI-systemen te laten werken. De datacentra van vandaag zijn echter niet gebouwd op dit verbruik: er moet meer energie- en opslagcapaciteit worden gecreëerd 151 .
Meer in het algemeen bestaat er een groeiend besef dat de digitale transformatie kan bijdragen aan een “slimme groene transitie” die mogelijk wordt gemaakt door een meer concurrerende Europese economie en deze op haar beurt ondersteunt.
4.2. Naar een duurzame digitale infrastructuur
Eurobarometer 2024: het belang dat wordt toegekend aan de rol van digitale technologie bij de bestrijding van de klimaatverandering neemt toe – drie op de vier Europeanen zijn van mening dat digitale technologieën een belangrijke rol zullen spelen bij de bestrijding van de klimaatverandering. Dit is een toename van 10 % in één jaar, want slechts twee van de drie respondenten van de Eurobarometer 2023 waren deze mening toegedaan.
De digitale sector blijft een belangrijke bron van energieverbruik, emissies en afval. Momenteel is de sector goed voor ongeveer 7-9 % van het wereldwijde elektriciteitsverbruik, iets wat tegen 2030 naar verwachting zal toenemen tot 13 % 152 , en hij is verantwoordelijk voor een steeds grotere hoeveelheid elektronisch afval 153 .
In het geval van Frankrijk bijvoorbeeld is het overgrote deel (79 %) van de koolstofvoetafdruk van de digitale sector afkomstig van digitale apparaten (waaronder smartphones, computers, tablets), met name in de productiefase. Recente trends wijzen er echter op dat de broeikasgasemissies van fabrikanten van apparaten langzaam afnemen (-5,4 % tussen 2021 en 2022), terwijl datacentra, die slechts 16 % van de emissies vertegenwoordigden, in de periode 2021-2022 een toename van 14 % van de broeikasgasemissies, 15 % van het elektriciteitsverbruik en 20 % van het waterverbruik lieten zien 154 . In een verkennende studie 155 werd vastgesteld dat bij ongewijzigd beleid de koolstofvoetafdruk van de digitale sector tegen 2030 met 45 % zou zijn toegenomen. Deze grote stijging wordt veroorzaakt door de groei van de gegevensstromen, voornamelijk video’s, die op hun beurt worden ondersteund door een toenemend aantal datacentra. Deze laatste zouden in 2050 goed kunnen zijn voor 22 % van de digitale broeikasgasemissies, ondanks het gebruik van technologieën die een betere energie-efficiëntie waarborgen.
Een aanzienlijk deel van het digitale energie- en hulpbronnenverbruik zal naar verwachting verband houden met AI, zoals gerapporteerd door de OESO 156 . Dit is het gevolg van een enorme toename van de opslag en verwerking van gegevens. Volgens recente ramingen zou het wereldwijde elektriciteitsverbruik van datacentra tussen 2022 en 2026 kunnen verdubbelen 157 . Afhankelijk van de gebruikte technologie kan ook de koeling van datacentra een aanzienlijke impact hebben op het watergebruik; ook dit zou moeten worden aangepakt om tot een duurzame digitale infrastructuur te komen.
Wat de circulaire economie betreft, blijft het gebruik van recycling beperkt: in de EU gaf 10,4 % van de respondenten aan hun mobiele telefoons/smartphones te recyclen, 9,7 % hun laptops en tablets en 12,8 % hun pc’s. Op bedrijfsniveau houdt bijna één op de twee ondernemingen (48,7 %) rekening met de milieueffecten van ICT-diensten en -apparatuur alvorens deze te selecteren; ook nemen zij bepaalde maatregelen die van invloed zijn op het papier- of energieverbruik van ICT-apparatuur 158 .
In 2023 heeft de EU minimumeisen inzake energie-efficiëntie vastgesteld voor het ecologisch ontwerp van smartphones en tablets. Eerder deed zij dit al voor servers en computers; deze eisen worden momenteel herzien. Bij de herziening van de richtlijn energie-efficiëntie 159 werden hierin voor het eerst bepalingen over de energieprestaties van datacentra opgenomen. Er zijn nieuwe plannings- en beoordelingsregels vastgesteld om nieuwe datacentra aan te moedigen zich te vestigen waar afvalwarmte kan worden hergebruikt en de behoefte aan energie en water voor koeling kleiner is. Daarnaast bevat Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/1364 160 regels voor het monitoren van de energieprestaties van datacentra, alsook voor het verzamelen en publiceren van gegevens, onder meer over de energie- en watervoetafdruk van datacentra.
De Commissie heeft in 2023 ook een studie uitgevoerd onder leiding van het JRC om gemeenschappelijke indicatoren vast te stellen voor het meten van de milieuvoetafdruk van elektronische-communicatiediensten 161 . Het eindverslag bevat een selectie van mogelijke indicatoren die moeten worden gebruikt als basis voor de toekomstige gedragscode voor de duurzaamheid van telecommunicatienetwerken, die eind 2025 gereed moet zijn.
Energie-efficiënte halfgeleiders zijn van kritiek belang voor het verminderen van het energieverbruik van elektronische apparaten en spelen een centrale rol in de wereldwijde inspanningen om koolstofemissies te beperken. Op dit gebied loopt de EU wereldwijd duidelijk voorop. Door verschillende ontwikkelingen, ondersteund door de EU en de lidstaten, zal koolstofneutraliteit sneller kunnen worden bereikt. Ten eerste zal de miniaturisering van chips de energie-efficiëntie ervan aanzienlijk verhogen. Met name dankzij de toonaangevende Europese technologieën die door ASML en Imec zijn ontwikkeld, wordt het mogelijk chips van 3 nm te ontwerpen die een efficiëntiewinst van 35 % opleveren ten opzichte van chips van 5 nm. Ten tweede zullen energiezuinige processoren leiden tot baanbrekende energiebesparingen in AI-technologieën op basis van edgecomputing. Ten derde wordt ook verwacht dat het gebruik van nieuwe materialen – zogenaamde “wide bandgap”-materialen zoals siliciumcarbide en galliumnitride – de prestaties en de energie-efficiëntie zal verbeteren.
Investeringen zijn van groot belang om de overgang naar hulpbronnenefficiëntere digitale technologieën te stimuleren. De herstel- en veerkrachtfaciliteit ondersteunt daarom de inzet van digitale technologieën om de groene transitie te bevorderen, zoals de digitalisering van vervoerssystemen, met inbegrip van spoorwegen en stedelijk vervoer, of de uitrol van slimme energiesystemen (met inbegrip van slimme netwerken en ICT-systemen).
De gedelegeerde handeling bij de taxonomieverordening van de EU betreffende de mitigatie van en aanpassing aan de klimaatverandering heeft duidelijke criteria vastgesteld die zullen bevorderen dat meer wordt geïnvesteerd in groenere datacentra en beproefde groene digitale oplossingen als duurzame economische activiteit. In de zomer van 2024 zal de Commissie een EU-cloudrulebook publiceren als gemeenschappelijk referentiedocument voor relevante regels die van toepassing zijn op de cloud, onder meer op het gebied van duurzaamheid.
In februari 2024 heeft de Commissie belanghebbenden in de gelegenheid gesteld gedurende een bepaalde periode feedback te leveren op het witboek “Tegemoetkomen aan de digitale-infrastructuurbehoeften van Europa” 162 . Zoals uiteengezet in een van de verschillende scenario’s, kan de Commissie overwegen de vergroening van digitale netwerken te vergemakkelijken door de tijdige uitschakeling van kopernetwerken en de overgang naar een volledige glasvezelomgeving en een efficiënter gebruik van netwerken (codecs) op het gehele grondgebied van de Unie te bevorderen. Daarbij moet met de sector worden samengewerkt om de bruikbaarheid en het potentiële toepassingsgebied van de EU-taxonomie voor groene investeringen verder te verbeteren en om betere maatstaven te formuleren om het netto-koolstofeffect van digitale oplossingen te ramen. Ook is meer medewerking van alle actoren binnen het ecosysteem van het digitale netwerk nodig om hun koolstofvoetafdruk te verkleinen, met inbegrip van concrete maatregelen zoals prestatielabels voor codecs.
Duurzame digitale infrastructuren en technologieën zijn een aspect waaraan slechts in een klein aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium (voornamelijk België, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Nederland, Luxemburg, Slovenië en Slowakije) aandacht wordt besteed. Het grootste deel van de maatregelen is gericht op de ontwikkeling en het gebruik van energie- en hulpbronnenefficiënte technologieën en infrastructuur, variërend van het verminderen van elektronisch afval tot maatregelen ter ondersteuning van circulaire en digitale bedrijfsmodellen. Bij een klein aantal maatregelen wordt ook rekening gehouden met het ontwikkelen van metingen en het monitoren van de milieueffecten van digitale technologieën, onder meer bij het ontwerpen van nieuwe elektronische diensten.
Tussen de nationale stappenplannen en de nationale energie- en klimaatplannen is een betere coördinatie mogelijk. In december 2023 heeft de Commissie haar beoordeling van de ontwerpversies van de nationale energie- en klimaatplannen van de EU-lidstaten gepubliceerd en aanbevelingen gedaan om de lidstaten te helpen hun ambities op te schroeven in overeenstemming met de EU-doelstellingen voor 2030. In de beoordeling worden verschillende verbanden gelegd tussen digitalisering en duurzaamheid, met name digitalisering als katalysator voor de integratie van hernieuwbare energie in het stroomnet, en cyberbeveiliging als essentiële vereiste voor een veilig en robuust energiesysteem. Over het algemeen ontbreekt het in de ontwerpplannen van de lidstaten aan maatregelen en financiering om het EU-actieplan voor de digitalisering van het energiesysteem uit te voeren, alsook aan maatregelen ter bevordering van digitale en groene vaardigheden 163 .
4.3. De digitalisering voor de groene transitie krijgt concreet gestalte.
De digitale transformatie speelt een essentiële rol bij de inspanningen om de milieuvoetafdruk te verkleinen en de Europese Green Deal te verwezenlijken; digitalisering kan helpen om de totale broeikasgassen vóór 2030 met 15 tot 20 % te verminderen (Wereld Economisch Forum, Global eSustainability Initiative), mits naar behoren gebruikt en beheerd.
In dit opzicht is 2024 een uitvoeringsjaar met zeer substantiële en concrete resultaten.
-Een van de huidige prioriteiten is te komen tot een wetenschappelijk onderbouwde methode om het netto-milieueffect van digitale oplossingen te meten, zodat het mogelijk wordt bewijsmateriaal te verzamelen als basis voor de ontwikkeling van beleid. De Europese groene digitale coalitie (EGDC) 164 , die in 2021 door de Commissie werd gelanceerd, is opgericht om de belangrijkste belanghebbenden op ICT-gebied in staat te stellen wetenschappelijk onderbouwde methoden te ontwikkelen om het netto-milieueffect van digitale oplossingen te kwantificeren, de toepassingen ervan aan te tonen en richtsnoeren voor belangrijke sectoren te ontwikkelen. De coalitie had in maart 2024 alle doelstellingen met succes verwezenlijkt en zal vanaf het vierde kwartaal van 2024 gaan samenwerken met belanghebbenden in klimaatkritieke sectoren, namelijk energie, vervoer, bouw, landbouw, gezondheid, slimme steden en industrie, om subsidiabiliteitscriteria te ontwikkelen om die digitalisering met duurzame financiering te ondersteunen.
-De Commissie ondersteunt een reeks AI-gestuurde projecten via Horizon Europa en het programma Digitaal Europa om het gebruik van hulpbronnen te optimaliseren, afval tot een minimum te beperken en het energieverbruik in verschillende sectoren terug te dringen.
-Digitale hulpmiddelen spelen een belangrijke rol bij het bevorderen van de coördinatie en samenwerking op lokaal niveau. Het onlangs opgerichte Europees consortium voor digitale infrastructuur CitiVERSE zal bijdragen tot het bouwen van slimme en groene steden, volledig in overeenstemming met de digitale en de groene transitie en de doelstelling van het Nieuw Europees Bauhaus om inclusieve, esthetische en duurzame steden te creëren. Ook het netwerk van Europese digitale-innovatiehubs (EDIH) bevordert een duurzame aanpak van digitalisering bij alle activiteiten en diensten die zij op regionaal niveau aan kmo’s en lokale overheden leveren. De Europese dataruimte voor de Green Deal zal vanaf het vierde kwartaal van 2024 worden uitgevoerd en zal een impuls geven aan een data-economie om de doelstellingen van de Green Deal op het gebied van circulaire economie, biodiversiteit, (aanpassing aan) klimaatverandering en nulverontreiniging te verwezenlijken. De EU telt vandaag 114 hubs voor zowel de groene als de digitale transitie en afgeleide beleidsprioriteiten.
-Destination Earth (DestinE), een digitale tweeling van de aarde die door de Europese Commissie wordt ondersteund, staat op het punt om van start te gaan; vanaf medio 2024 staat het open voor gebruikers. Met zijn baanbrekende functionaliteiten, die het mogelijk maken natuurverschijnselen, gevaren en de daarmee verband houdende menselijke activiteiten met een unieke mate van nauwkeurigheid, snelheid en interactiviteit te modelleren, te monitoren en te simuleren, kan DestinE gebruikers helpen bij het ontwerpen van nauwkeurige en uitvoerbare aanpassingsstrategieën en risicobeperkende maatregelen.
-De Commissie ondersteunt elektriciteitsnetbeheerders (DSB’s en TSB’s) bij de ontwikkeling van een digitale tweeling van de Europese netten. Dit zal de samenwerking tussen netwerkexploitanten bevorderen, publieke en particuliere investeringen helpen stimuleren en coördineren en de normalisatieinspanningen vergemakkelijken.
De bijdrage van digitalisering aan de groene transitie is een aspect waarmee rekening wordt gehouden in een klein aantal nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium (voornamelijk Cyprus, Denemarken, Duitsland, Griekenland, Kroatië, Roemenië, Slowakije, Slovenië en Zweden). De maatregelen hebben betrekking op verschillende toepassingsgebieden, waaronder edgecomputing en datacentra, toerisme, energie-efficiëntie van gebouwen, netwerken voor snelle connectiviteit en mobiliteit.
4.4. Volgende stappen
Het is belangrijk voort te bouwen op de toenemend gunstige perceptie bij burgers en het brede politieke draagvlak in Europa voor de aanzienlijke mogelijkheden van de digitale transformatie om een slimme groene transitie te bevorderen 165 , alsook op de in 2023 bereikte resultaten; de prioriteit ligt nu bij het ontwikkelen van synergieën en het overstappen van kleinschalige proefprojecten en initiatieven naar grootschalige projecten op basis van samenwerking tussen publieke en private actoren.
Doelstelling: Slimme vergroening – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
Nationale stappenplannen:
De lidstaten zouden een bredere toepassing van digitale oplossingen moeten overwegen ter ondersteuning van de duurzaamheidsdoelstellingen van klimaatkritieke sectoren zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw. Hierdoor zal ook het concurrentievermogen en de groei van de EU-markt voor groene digitale technologie worden ondersteund.
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden de voorbereidende acties die nodig zijn om verslag te kunnen uitbrengen over de duurzaamheid van datacentra moeten versnellen en intensiveren, voortbouwend op de richtlijn energie-efficiëntie.
De lidstaten zouden, in samenwerking met de Europese Commissie en relevante belanghebbenden, een methode moeten ontwikkelen om de koolstofvoetafdruk en de toepassing van digitale infrastructuur te beoordelen, met name het energieverbruik van edge nodes, teneinde tegen eind 2025 meetcriteria voor het digitale decennium te kunnen vaststellen om de duurzaamheid van digitale infrastructuur en de energie-efficiëntie van edgecomputing te verbeteren.
De lidstaten zouden gebruik moeten maken van de methode van de Europese groene digitale coalitie die in april 2024 is gepubliceerd om te meten hoeveel broeikasgasemissies zijn voorkomen dankzij het gebruik van digitale oplossingen in sectoren als energie, vervoer, gebouwen, landbouw, gezondheid, slimme steden en productie. Deze metingen zullen de onderbouwing vormen voor de subsidiabiliteit van (groene) klimaatfinanciering voor de digitalisering van klimaatkritieke sectoren.
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden op het gebied van subsidiabiliteitscriteria voor groene financiering intensiever met de Europese Commissie en institutionele financiële actoren moeten samenwerken om de uitrol van digitale infrastructuur en oplossingen met een positief duurzaamheidseffect te ondersteunen.
5. Samenhang creëren en het digitaal beleid en digitale uitgaven beter op elkaar afstemmen
Het beleidsprogramma voor het digitale decennium bevat de gezamenlijke verbintenis om ervoor te zorgen dat de digitale beleidslijnen, maatregelen en programma’s die voor de digitale transformatie van de EU van belang zijn op gecoördineerde en samenhangende wijze in aanmerking worden genomen, zodat maximaal wordt bijgedragen aan de doelstellingen van het digitale decennium, overlapping wordt voorkomen en de administratieve lasten zo beperkt mogelijk worden gehouden. In dit deel wordt de vooruitgang bij de verwezenlijking van deze doelstellingen onder de loep genomen.
5.1. Horizontale uitvoering door middel van nationale stappenplannen
De eerste reeks nationale stappenplannen vormt een succesvol startpunt voor de lidstaten om trajecten voor digitale transformatie te bespreken, op elkaar af te stemmen en met elkaar te delen, op basis van een gemeenschappelijke visie. Voor het eerst beschikt de EU over nationale stappenplannen voor alle 27 lidstaten. Vier landen (Tsjechië, Duitsland, Griekenland en Letland) hebben daarbij de aanbevelingen van het verslag over de staat van het digitale decennium 2023 grondig en uitdrukkelijk in hun stappenplannen verwerkt. Niettemin blijkt uit een uitgebreide beoordeling 166 dat aanzienlijke horizontale verbeteringen en aanpassingen in de nationale stappenplannen nodig zijn om deze af te stemmen op de benchmarks die zijn vastgesteld in het beleidsprogramma voor het digitale decennium, overeenkomstig de in 2023 gepubliceerde richtsnoeren van de Commissie.
Nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties
De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat alle EU-streefcijfers worden vertaald in nationale streefcijfers en trajecten die overeenkomen met het ambitieniveau van de EU.
De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat die nationale streefcijfers en doelstellingen worden omgezet in ambitieuzere maatregelen, met het bijbehorende budget.
De lidstaten zouden een analyse van het effect van deze maatregelen moeten presenteren om te waarborgen dat er blijvende vorderingen worden gemaakt bij de verwezenlijking van deze streefcijfers en doelstellingen.
De lidstaten zouden meer aandacht moeten besteden aan de uitdagingen die zich voordoen bij de uitvoering van de algemene doelstellingen (d.w.z. een mensgerichte digitale ruimte, concurrentievermogen, veerkracht, soevereiniteit, inclusiviteit, duurzaamheid en vergroening, samenhang van het beleid) en aan de noodzakelijke maatregelen die zouden moeten worden genomen, onder meer voor de uitvoering van de verklaring over digitale rechten en beginselen.
De lidstaten zouden belanghebbenden door middel van passende raadplegingen moeten betrekken bij de aanpassing van de nationale stappenplannen.
5.2. Streven naar een doeltreffende, efficiënte uitvoering van de digitale regelgeving, zonder bureaucratische rompslomp
De Commissie en de lidstaten hebben steeds meer aangedrongen op de noodzaak om de administratieve lasten te verminderen, zowel bij de uitvoering en handhaving van bestaande wetgevingshandelingen als bij de voorbereiding van nieuwe wetgevingsinitiatieven 167 . Zij hebben opgeroepen tot het creëren van synergieën, het voorkomen van dubbel werk en de vaststelling van een gecoördineerde aanpak bij het beheer van de bestaande governancestructuren, en hebben gewezen op de noodzaak van samenhang tussen het digitale beleid en het cyberbeveiligingsbeleid. Hiertoe zouden de volgende mogelijkheden kunnen worden onderzocht om de uitvoering van het digitale acquis te bevorderen:
-de mogelijkheid om een deel van het digitale acquis op sommige gebieden te consolideren, voortbouwend op de ervaring met het Europees wetboek voor elektronische communicatie, waarbij vijf richtlijnen in één juridisch document zijn samengevoegd;
-de follow-up van het Witboek over de toekomst van connectiviteit, dat in februari 2024 is aangenomen, ten volle benutten om het regelgevingskader voor telecommunicatie te vereenvoudigen, gelet op de convergentie van telecom- en cloud/edgediensten;
-een complete inventarisatie maken van de rapportageverplichtingen betreffende het hele digitale acquis, voortbouwend op het voorbereidende werk dat al in 2023 is verricht, met als doel de rapportageverplichtingen te vereenvoudigen, de ervaring met testomgevingen te benutten en gebruik te maken van de nieuwe mogelijkheid van digitale rapportages;
-zorgen voor een snelle uitvoering van de wetshandelingen, richtsnoeren, gedragscodes en andere wetgevingsinitiatieven die de Europese Commissie en het nieuwe AI-bureau de komende maanden moeten goedkeuren om de weg te effenen voor uitvoering van de AI-verordening.
Tot slot, maar niet in de laatste plaats, kunnen met de “overheidsbrede aanpak” die door het digitale decennium wordt bevorderd, de verkokering van overheidsinstanties worden verminderd en de naadloze uitwisseling van gegevens en informatie tussen de verschillende systemen worden vergemakkelijkt, waardoor de processen voor bedrijven en burgers worden vereenvoudigd.
Het nieuwe comitologiecomité (voor uitvoeringshandelingen) en de raad voor het digitale decennium als deskundigengroep (voor samenwerkingsactiviteiten met de lidstaten) zijn in 2023 bij besluit van de Commissie opgericht. De raad is opgezet als centraal aanspreekpunt voor de lidstaten, met een breed mandaat dat in principe alle kwesties en discussies met betrekking tot de digitale transformatie omvat, waaronder governance- en rapportageverplichtingen en meerlandenprojecten.
In 2023 en 2024 hebben de Commissie en de lidstaten manieren besproken om de raad een strategische rol te geven, het mandaat van de raad uit te breiden en zijn positie als aanspreekpunt voor besluitvormers en politieke leiders te versterken, ondersteund door het Spaanse, Belgische en binnenkort Hongaarse voorzitterschap van de Raad van de EU.
Het beleidsprogramma voor het digitale decennium kan met name een rol spelen bij het bevorderen van synergieën tussen de werkzaamheden van sectorale raden (zoals de Europese Raad voor digitale diensten in het kader van de digitaledienstenverordening, of het AI-comité) en bij het analyseren en verduidelijken van de wisselwerking tussen verschillende rechtshandelingen van de EU en de bijbehorende bestuursorganen, zoals deskundigengroepen, om te zorgen voor een beter begrip van die wisselwerking door belanghebbenden, met name kmo’s.
Doelstelling: Bevordering van coördinatie en samenhang – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties
Voltooiing van de digitale eengemaakte markt:
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om instrumenten en oplossingen te creëren om de samenhang bij de toepassing van bestaande wetgevingshandelingen te bevorderen en na te gaan hoe de administratieve lasten, met name voor kmo’s, kunnen worden verminderd.
De lidstaten zouden samen met de Commissie beste praktijken voor de consolidatie en codificatie van het bestaande digitale regelgevingskader moeten uitwisselen.
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om synergieën te creëren en de coördinatie van bestaande EU-wetgeving met hun verschillende bestuursstructuren en -organen te verbeteren, teneinde de algehele efficiëntie en samenhang van de EU-wetgeving te vergroten en tegelijkertijd bij te dragen tot een betere naleving en versterking van de eengemaakte markt.
De lidstaten zouden de rol en deskundigheid van de raad voor digitale diensten ten volle moeten benutten om de uitvoering van het digitale acquis te helpen ondersteunen.
5.3. Creëren van synergieën bij de financiering voor digitalisering
Verschillende EU-programma’s – zoals Horizon Europa, Digitaal Europa, CEF Digitaal, de RRF en InvestEU – zijn essentieel om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te halen.
De aanzienlijke opschaling van de EU-investeringen in digitale technologieën via programma’s en instrumenten in het meerjarig financieel kader (MFK) 2021-27 creëert mogelijkheden om de efficiëntie te verbeteren, mede door kruisbestuiving tussen sectoren. Dit biedt ook de kans om de Europese innovatie te versterken door technologieën op het raakvlak tussen de civiele, defensie- en ruimtevaartindustrie te onderzoeken en te exploiteren, zoals artificiële intelligentie en cloud- en kwantumcomputing, zoals uiteengezet in het actieplan voor synergieën tussen de Europese civiele, defensie- en ruimtevaartindustrieën van februari 2021.
Zoals al werd geconstateerd in de conclusies van de Raad van mei 2024 168 , vereist het creëren van synergieën een adequate planning, opzet en programmering van EU-financieringsprogramma’s, afstemming van strategische prioriteiten en harmonisatie van regels. Deze synergieën kunnen op drie belangrijke gebieden worden ontwikkeld en bevorderd.
Ten eerste biedt aanvullende financiering verschillende programma’s de mogelijkheid aan hetzelfde project deel te nemen. Aanvullende financiering was mogelijk voor veel van de Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s), die werden gefinancierd in het kader van het programma Digitaal Europa in combinatie met het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, vanwege de zeer sterke regionale dimensie van de Europese digitale-innovatiehubs.
Ten tweede kunnen met sequentiële financiering opeenvolgende projecten worden gefinancierd die (upstream of downstream) aan elkaar worden gekoppeld om digitale infrastructuur voor te bereiden, uit te rollen en te verbinden, met name uit Horizon Europa, het programma Digitaal Europa en de Connecting Europe Facility (CEF2 – Digital). Horizon Europa ondersteunt onderzoek, technologische ontwikkeling, demonstraties, proefprojecten, “proof of concept”, tests en innovatie – met inbegrip van de pre-commerciële uitrol – voor innovatieve digitale technologieën. Het programma Digitaal Europa is gericht op grootschalige opbouw van digitale capaciteit en infrastructuur om de invoering en uitrol van bestaande of geteste kritieke innovatieve digitale oplossingen in de hele EU te ondersteunen. CEF2 – Digital ondersteunt de uitrol van backbonenetwerken met zeer hoge capaciteit en 5G-netwerken, zowel corridors als slimme gemeenschappen, die nodig zijn om digitale diensten en technologieën in de hele EU te kunnen gebruiken. Een ander voorbeeld van sequentiële financiering zijn oproepen die worden gedaan om migratie van innovaties van de civiele naar de defensiesector mogelijk te maken, in het kader van spin-in- of spin-off-projecten.
Ten derde maakt alternatieve financiering het mogelijk dat een programma of instrument projectvoorstellen van hoge kwaliteit van andere programma’s overneemt, met name wanneer hieraan het excellentiekeurmerk is toegekend, dat de waarde van een project erkent en andere fondsen aanmoedigt dit hoogwaardige evaluatieproces goed te benutten. In het kader van Horizon Europa biedt het excellentiekeurmerk van de EIC-accelerator van de Europese Innovatieraad een breed scala aan financieringsmogelijkheden door gebruik te maken van synergieën met andere Europese en nationale programma’s zoals NextGenerationEU of cohesiefondsen. Ook het programma Digitaal Europa kent het excellentiekeurmerk toe, met name voor de Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s). 151 EDIH’s worden door het programma Digitaal Europa gefinancierd; meer dan zeventig EDIH’s zijn gefinancierd door de Europese structuur- en investeringsfondsen of de herstel- en veerkrachtfaciliteit. In 2023 kende CEF Digital ook excellentiekeurmerken toe aan een aantal projecten die werden ingediend in het kader van oproep 2 voor Global Gateways, die anders niet konden worden gefinancierd vanwege een gebrek aan begrotingsmiddelen. Voortbouwend op het succes van het excellentiekeurmerk is bij de verordening tot oprichting van het platform voor strategische technologieën voor Europa (STEP) 169 het “soevereiniteitszegel” ingevoerd. Het soevereiniteitszegel wordt toegekend aan projecten die voldoen aan de minimale kwaliteitseisen (met inbegrip van de subsidiabiliteits-, uitsluitings- en gunningscriteria) van het selectieproces van het programma Digitaal Europa, het Europees Defensiefonds, het programma EU4Health, Horizon Europa of het Innovatiefonds.
Tot slot, maar niet in de laatste plaats, kunnen er ook synergieën worden gecreëerd door het combineren van subsidies en terugvorderbare vormen van steun, zoals leningen, garanties en investeringen in eigen vermogen, om specifieke tekortkomingen van de markt of investeringstekorten te corrigeren. Het InvestEU-fonds kan worden gecombineerd met subsidies of financieringsinstrumenten (of beide) gefinancierd uit de centraal beheerde EU-begroting of uit het Innovatiefonds van de EU. Een dergelijk gestroomlijnd investeringsproces biedt een goed inzicht in de projectenpijplijn en maximaliseert de synergieën tussen relevante EU-programma’s op gebieden zoals digitalisering. Dit is het geval bij de blendingverrichtingen uit hoofde van Digitaal Europa en InvestEU, waarbij de InvestEU-garantie wordt verhoogd om gerichte kapitaalsteun te verlenen op het gebied van strategische digitale technologieën of chips.
Doelstelling: Bevordering van coördinatie en samenhang – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties
Vrijmaken van investeringen:
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om verdere synergieën te creëren tussen de financieringsprogramma’s die voor de digitale transformatie van de EU worden ingezet, om dubbel werk te voorkomen en complementariteit te bewerkstelligen.
De lidstaten zouden de impact van de EU-begroting moeten maximaliseren door met name steun te verlenen aan projecten met een sterke grensoverschrijdende dimensie waaraan het excellentiekeurmerk is toegekend of het bereik ervan verder moeten vergroten, zodat Europese investeringen fungeren als versneller voor nieuwe initiatieven die bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium.
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om een gestroomlijnd investeringsproces te bevorderen, zodat een beter inzicht wordt verkregen in de projectpijplijnen en de bestaande synergieën worden gemaximaliseerd.
5.4. De samenwerking op alle niveaus vergroten, onder meer door steden en regio’s meer bij het digitale decennium te betrekken
Een van de belangrijkste problemen waarmee de digitale transformatie van de EU wordt geconfronteerd, zoals blijkt uit de monitoring van de doelstellingen en de streefcijfers, is het gebrek aan verspreiding van digitale technologieën buiten hotspots, waaronder enkele grote steden. Dit wordt zichtbaar in de aanhoudende digitale kloof en de gebrekkige digitalisering van bedrijven, met name kmo’s. Zoals blijkt uit het negende cohesieverslag 170 loopt de regionale convergentie nog steeds achter, doordat investeringen, menselijk kapitaal en digitale infrastructuur zich vaak in hoofdstedelijke regio’s concentreren, terwijl andere regio’s, afgelegen en plattelandsgebieden moeite hebben om de economische bedrijvigheid te stimuleren en demografische uitdagingen het hoofd te bieden. Een succesvol digitaal decennium zal niet mogelijk zijn als er niet meer aandacht wordt besteed aan inclusiviteit en manieren om de betrokkenheid van alle actoren op alle niveaus te stimuleren. Uit de vele verwijzingen naar regio’s in het beleidsprogramma blijkt dat het Europees Parlement en de Raad van de EU institutioneel gezien streven naar een inclusieve aanpak voor het digitale decennium die verder gaat dan het EU- en het nationale niveau.
Regio’s en gemeenten hebben veel van de belangrijkste uitdagingen die de digitale transformatie belemmeren gemeen, of het nu gaat om infrastructuur, slim bestuur, slimme mobiliteit, ecosystemen voor start-ups, open data of digitale duurzaamheid. Uit een recente enquête 171 van de EIB blijkt dat de toegang tot digitale en technische vaardigheden grote belemmeringen oplevert voor de digitale transformatie van meer dan de helft (58 %) van de gemeenten in de EU. Meer in het algemeen spelen lokale en regionale overheden een belangrijke rol bij de uitvoering van initiatieven van de Unie, aangezien 70 % van de EU-wetgeving met hun hulp moet worden uitgevoerd 172 .
Het beleidsprogramma voor het digitale decennium en de verklaring over digitale rechten en beginselen bieden een kans om de bijdrage van regio’s en steden aan de digitale transformatie van de EU te vergroten. Zij verschaffen een gemeenschappelijke taal en een alomvattend kader waarmee prioriteiten op de “Europese aanpak” kunnen worden afgestemd op basis van samenwerking en een governancemechanisme dat de lidstaten, regio’s en steden nieuwe mogelijkheden biedt om samen te werken en hun inspanningen op te voeren, onder meer via projecten als het LDT CitiVERSE EDIC.
Van hun kant zijn de specifieke ervaring en capaciteiten van regio’s en steden van cruciaal belang voor een succesvol digitaal decennium. Dankzij hun dagelijkse contacten met mensen en bedrijven beschikken zij namelijk over een schat aan praktische ervaring, kennis en innovatieve oplossingen, die ook kunnen helpen om de verklaring over digitale rechten en beginselen beter te monitoren, problemen als de digitale kloof aan te pakken en ervoor te zorgen dat de voordelen van digitalisering alle lokale groepen ten goede komen, met inbegrip van kmo’s. Lokale waarnemingsposten en waarnemingsposten van de digitale kloof zijn veelbelovende kanalen waarmee regio’s en steden bij burgers informatie kunnen inwinnen over de uitdagingen van digitalisering in hun dagelijks leven en over de digitale kloof 173 . De Coalitie van steden voor digitale rechten 174 , een netwerk van steden die zich inzetten voor de bevordering en verdediging van digitale rechten in een stedelijke context, kan ook een belangrijke rol spelen bij de uitvoering van de verklaring over digitale rechten en beginselen.
Op lokaal niveau heeft de door Europese steden opgezette beweging Living-in.EU het digitale decennium omarmd om het voortouw te nemen bij de digitale transformatie in regio’s, steden en lokale gemeenschappen. Het initiatief wordt via het programma Digitaal Europa door het Comité van de Regio’s en door de Europese Commissie ondersteund. De in 2019 opgerichte beweging groeit constant en telt al meer dan 150 ondertekenaars en meer dan 130 institutionele steunbetuigers, die 10 % van de EU-bevolking vertegenwoordigen. Living-in.EU heeft Lordimas uitgebracht, een instrument dat is ontwikkeld om de digitale maturiteit op lokaal niveau te meten, en dat specifieker zou kunnen worden afgestemd op het digitale decennium om beleidsmakers op nationaal en EU-niveau te helpen betere beleidsondersteuning en gerichte financiering te bieden. Bij de huidige wijzen van verspreiding van beste praktijken en succesverhalen in regio’s en steden ontbreken echter een efficiënt kader en de interne technische oplossingen die nodig zijn om hun ervaringen en kennis doeltreffender te kunnen delen, met name wat de kleinste gemeenschappen betreft. Steden in de hele EU zouden baat hebben bij concrete verspreidingsprojecten, met inbegrip van termijnen, financiële middelen en een mechanisme dat standaard ontworpen is om de beste praktijken voor kleinere steden te reproduceren.
Doelstelling: Bevordering van de coördinatie en samenhang op meerdere niveaus – Aanbevolen beleid, maatregelen en acties:
De lidstaten zouden met de Commissie moeten samenwerken om een nauwere en gelijkwaardige dialoog met regio’s en steden te bevorderen, onder meer via bestaande netwerken, alsook beste praktijken in kaart moeten brengen, verzamelen en verspreiden, met name de praktijken die voldoen aan de verklaring over digitale rechten en beginselen. Hierbij zouden de bestaande “lokale waarnemingsposten” moeten worden benut, die kunnen fungeren als het voornaamste instrument voor het verzamelen van beste praktijken en de verspreiding ervan op alle bestuursniveaus.
De lidstaten zouden de gegevensverzameling over en de monitoring van de digitale transformatie op lokaal niveau moeten verbeteren om het beleidsprogramma voor het digitale decennium te ondersteunen.
Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, bijlage 3. “Analysis of national Digital Decade strategic roadmaps”, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 . De monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen is gebaseerd op verschillende bronnen, waaronder een onafhankelijke ondersteunende studie ( https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833359 ), verslagleggingsmechanismen van de Commissie zoals de monitoring van de Verklaring van Berlijn , en de speciale Eurobarometer van 2024 over het digitale decennium (Eurobarometer 551, “The Digital Decade 2024”: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 ).
Mededeling van de Commissie “Verslag over de staat van het digitale decennium 2023”, COM(2023) 570 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/ALL/?uri=COM:2023:570:FIN.
Strategisch kompas voor veiligheid en defensie, https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-7371-2022-INIT/nl/pdf .
NIS Cooperation Group, “Cybersecurity and resiliency of Europe’s communications infrastructures and networks: Follow-up to the Nevers Call of 9 March 2022”, februari 2024, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/report-cybersecurity-and-resiliency-eu-communications-infrastructures-and-networks .
Toespraak van voorzitter Von der Leyen op het Wereld Economisch Forum in Davos 2024, https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/speech_24_221.
Varadajan et al., “The Unwinding of Global Tech Supply Chains”, Boston Consulting Group, maart 2023, https://www.bcg.com/publications/2023/the-unwinding-of-global-tech-supply-chains#SnippetTab.
Gezamenlijke mededeling over een strategie voor economische veiligheid van de EU, JOIN/2023/20 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52023JC0020.
Espas, “Global Trends to 2040: Choosing Europe’s Future”, april 2024, https://www.espas.eu/files/espas_files/about/ESPAS-Global-Trends-to-2040-Choosing-Europes-Future.pdf.
“A new European Defence Industrial Strategy: Achieving EU readiness through a responsive and resilient European Defence Industry”, https://defence-industry-space.ec.europa.eu/document/download/643c4a00-0da9-4768-83cd-a5628f5c3063_en?filename=EDIS%20Joint%20Communication.pdf .
Europese Commissie, Witboek over opties om meer steun te bieden aan onderzoek en ontwikkeling op het gebied van technologieën met potentieel voor tweeërlei gebruik, januari 2024, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0027; Keynote speech van de voorzitter: jaarlijkse conferentie van het EDA 2023, 30 november 2023, https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/SPEECH_23_6207.
“A new European Defence Industrial Strategy: Achieving EU readiness through a responsive and resilient European Defence Industry”, https://defence-industry-space.ec.europa.eu/document/download/643c4a00-0da9-4768-83cd-a5628f5c3063_en?filename=EDIS%20Joint%20Communication.pdf .
Verklaring van commissaris Gentiloni bij de presentatie van de economische winterprognoses 2024, februari 2024, https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/speech_24_844 .
McKinsey Global Institute, “Accelerating Europe: Competitiveness for a new era”, januari 2024, https://www.mckinsey.com/mgi/our-research/accelerating-europe-competitiveness-for-a-new-era .
Toespraak bij opening van het EMU Lab door Isabel Schnabel, bestuurslid van de ECB, op het Europees Universitair Instituut, “From laggard to Leader? Closing the euro area’s technology gap”, Florence, februari 2024, https://www.ecb.europa.eu/press/key/date/2024/html/ecb.sp240216~df6f8d9c31.en.html.
Europese Commissie, Jaarverslag over de eengemaakte markt en het concurrentievermogen 2024, SWD(2024) 77 final – SWD(2024) 78 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0077 .
https://www.cfr.org/event/conversation-christine-lagarde-0 .
Aanbeveling (EU) 2023/2113 van de Commissie van 3 oktober 2023 over technologiegebieden die kritiek zijn voor de economische veiligheid van de EU met het oog op nadere risicobeoordeling met de lidstaten, C(2023) 6689 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ:L_202302113.
Europese Investeringsbank, “Investment Report 2023/2024: Transforming for competitiveness”, https://www.eib.org/attachments/lucalli/20230323_economic_investment_report_2023_2024_en.pdf.
Letta E., “Much more than a market – Speed, Security, Solidarity: Empowering the Single Market to deliver a sustainable future and prosperity for all EU Citizens”, april 2024, https://www.consilium.europa.eu/media/ny3j24sm/much-more-than-a-market-report-by-enrico-letta.pdf.
Europese Commissie, “Opportunities and Challenges of Artificial Intelligence Technologies for the Cultural and Creative Sectors”, februari 2022, https://op.europa.eu/nl/publication-detail/-/publication/359880c1-a4dc-11ec-83e1-01aa75ed71a1.
Uit een enquête onder meer dan 16 000 burgers en 14 000 bedrijven bleek dat 38 % van de bedrijven experimenteerde met AI, https://www.unlockingeuropesaipotential.com/executive-summary.
https://www.aboutamazon.eu/news/job-creation-and-investment/ai-adoption-forecast-to-unleash-600-billion-growth-in-europes-economy.
McKinsey, “The economic potential of generative AI: The next productivity frontier”, 14 juni 2023, https://www.mckinsey.com/capabilities/mckinsey-digital/our-insights/the-economic-potential-of-generative-ai-the-next-productivity-frontier#introduction and https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/communication-boosting-startups-and-innovation-trustworthy-artificial-intelligence .
Mededeling van de Commissie over het stimuleren van start-ups en innovatie op het gebied van betrouwbare artificiële intelligentie, COM(2024) 28 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0028.
Speciale Eurobarometer 551, “The Digital Decade 2024”: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351.
Edelman R., “Technology Industry Watch Out: Innovation at Risk”, maart 2024, https://www.edelman.com/insights/technology-industry-watch-out-innovation-risk.
De EU in 2023: Algemeen verslag over de werkzaamheden van de Europese Unie, https://op.europa.eu/nl/publication-detail/-/publication/ea6b0987-dd66-11ee-b9d9-01aa75ed71a1 .
Wereld Economisch Forum, “Global Risks Report 2024”, https://www.weforum.org/publications/global-risks-report-2024/.
https://www.newsguardtech.com/special-reports/ai-tracking-center/ ; https://www.washingtonpost.com/technology/2023/12/17/ai-fake-news-misinformation/ .
Zie met name https://www.economist.com/technology-quarterly/2024/03/27/artificial-intelligence-has-long-been-improving-diagnoses .
https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/en/ip_24_926 . In december 2023 nam het Europees Parlement een initiatiefverslag aan waarin de nadruk werd gelegd op “de aanzienlijke gevolgen van verslavend ontwerp voor iedereen, en voor kinderen en adolescenten in het bijzonder”.
PISA 2023. “Insights and interpretations – How smart phones and tablets can impact learning”, december 2023.
Mededeling van de Commissie “Concurrentievermogen van de EU op de lange termijn: blik op de periode na 2030”, COM(2023) 168 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52023DC0168&qid=1699953985168.
In onderzoek wordt geraamd dat digitalisering en andere technologische vooruitgang de jaarlijkse productiviteitsgroei met 0,5 tot 1,0 % zouden kunnen verhogen. MGI, maart 2021.
Statista, “ICT global market share worldwide 2023”, https://www.statista.com/statistics/263801/global-market-share-held-by-selected-countries-in-the-ict-market/ .
Centre on Regulation in Europe (CERRE), “Digital Industrial Policy for Europe” , december 2022, blz. 15, https://cerre.eu/publications/digital-industrial-policy-for-europe/.
Centre on Regulation in Europe (CERRE), “Digital Industrial Policy for Europe” , december 2022, blz. 15, https://cerre.eu/publications/digital-industrial-policy-for-europe/.
https://companiesmarketcap.com/tech/largest-tech-companies-by-market-cap/ .
“Horizon Europe strategic plan 2025-2027 analysis”, blz. 52-55, https://op.europa.eu/en/publication-detail/-/publication/b3baec75-fdd0-11ed-a05c-01aa75ed71a1/language-en/format-PDF/source-287596143.
Mededeling van de Commissie “Een nieuwe EOR voor onderzoek en innovatie”, COM(2020) 628 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=COM:2020:628:FIN.
Volgens de recentst beschikbare gegevens uit 2022 ( https://ec.europa.eu/eurostat/statistics- explained/index.php?title=R%26D_expenditure&oldid=627002#Gross_domestic_expenditure_on_R.26D ) bedroegen de investeringen in O&I 2,2 % van de bruto binnenlandse uitgaven van de EU. Dit niveau ligt ruim onder dat van de VS (3,4 %) en iets onder dat van China (2,4 %), wat wijst op een bijzonder laag investeringsniveau in de particuliere sector.
https://www.statista.com/statistics/732308/worldwide-research-and-development-information-communication-technology./ ; https://www.statista.com/statistics/732308/worldwide-research-and-development-information-communication-technology./ .
Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van Horizon Europa – het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, tot vaststelling van de regels voor deelname en verspreiding en tot intrekking van de Verordeningen (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013.
Voorstel voor een aanbeveling van de Raad betreffende verbetering van de onderzoeksveiligheid, COM(2024) 26 final: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0026.
Aanbeveling (EU) 2021/1700 van de Commissie van 15 september 2021 inzake interne nalevingsprogramma’s voor controles op onderzoek met betrekking tot producten voor tweeërlei gebruik uit hoofde van Verordening (EU) 2021/821 van het Europees Parlement en de Raad tot instelling van een Unieregeling voor controle op de uitvoer, de tussenhandel, de technische bijstand, de doorvoer en de overbrenging van producten voor tweeërlei gebruik.
https://europa.eu/newsroom/ecpc-failover/pdf/ip-24-363_nl.pdf.
https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/14060-OO-op-het-gebied-van-technologieen-voor-tweeerlei-gebruik-opties-voor-steun_nl.
De aanbevelingen in dit verslag bouwen voort op de aanbevelingen die zijn gedaan in het eerste verslag over de staat van het digitale decennium. Daarbij wordt waar mogelijk rekening gehouden met de geboekte vooruitgang, mede gelet op de korte tijd die is verstreken tussen de aanbevelingen van vorig jaar (eind september) en de indiening van de nationale stappenplannen van de lidstaten. In veel gevallen worden de aanbevelingen van het eerste verslag over de staat van het digitale decennium in dit verslag herhaald, hetzij met eenzelfde strekking, hetzij met een deels andere focus en mate van detail. Dit geldt voor alle aanbevelingen in dit verslag.
Aanbeveling (EU) 2021/2122 van de Raad van 26 november 2021 over een pact voor onderzoek en innovatie in Europa, PB L 431 van 2.12.2021, blz. 1.
Verordening (EU) 2022/1925 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2022 over betwistbare en eerlijke markten in de digitale sector, en tot wijziging van Richtlijnen (EU) 2019/1937 en (EU) 2020/1828 (digitalemarktenverordening) (PB L 265 van 12.10.2022, blz. 1, http://data.europa.eu/eli/reg/2022/1925/oj).
Lagarde, C. “A Kantian shift for the capital markets union”, toespraak op het European Banking Congress, Frankfurt am Main, 17 november 2023, https://www.ecb.europa.eu/press/key/date/2023/html/ecb.sp231117~88389f194b.nl.html , naar aanleiding van de mededeling van de Commissie “Een actieplan voor de kapitaalmarktenunie ten dienste van mensen en ondernemingen – Een nieuw actieplan”, COM(2020) 590 final: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52020DC0590 .
Speciale Eurobarometer 551, “The Digital Decade 2024”: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 . In dit document wordt naar het onderzoek verwezen als “Eurobarometer 2024”.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Visionary Analytics, “International benchmarking of the digital transformation”, maart 2024.
Bron: Comité voor communicatie (Cocom).
Aandeel glasvezelabonnementen in het totale gebruik van vaste breedband in 2022, bron: OESO.
Gebaseerd op het uitvoeringsbesluit van de Commissie van 30 juni 2023 tot vaststelling van kernprestatie-indicatoren om de vooruitgang in de richting van de bij artikel 4, lid 1, van Besluit (EU) 2022/2481 van het Europees Parlement en de Raad vastgestelde digitale doelstellingen te meten:
- De gigabitconnectiviteit wordt gemeten als het percentage huishoudens dat toegang heeft tot vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN). De technologieën die momenteel in staat zijn gigabitconnectiviteit te leveren, zijn glasvezel en Docsis 3.1 (kabel). De ontwikkeling van glasvezel zal ook afzonderlijk worden gemonitord en in aanmerking worden genomen bij de interpretatie van VHCN-dekkingsgegevens.
- De 5G-dekking wordt gemeten als het percentage bevolkte gebieden dat door ten minste één 5G-netwerk wordt bediend, ongeacht de gebruikte spectrumband.
Europese Commissie , Witboek – Tegemoetkomen aan de digitale-infrastructuurbehoeften van Europa, februari 2024, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0081.
WIK Consult , “Investment and funding needs for the Digital Decade connectivity targets”, juli 2023, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/investment-and-funding-needs-digital-decade-connectivity-targets.
Aanbeveling (EU) 2024/779 van de Commissie van 26 februari 2024 over veilige en weerbare onderzeese kabelinfrastructuren (C/2024/1181, PB L 2024/779 van 8.3.2024).
McKinsey, “Exploring new regions: The greenfield opportunity in semiconductors”, januari 2024, https://www.mckinsey.com/industries/semiconductors/our-insights/exploring-new-regions-the-greenfield-opportunity-in-semiconductors.
Het traject voor edge nodes is gebaseerd op bevindingen uit onderzoek van het Edge Observatory (https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/edge-observatory).
https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/edge-observatory en de Worldwide Edge Spending Guide van IDC, https://www.idc.com/getdoc.jsp?containerId=IDC_P39947.
Gezamenlijke mededeling over een strategie voor economische veiligheid van de EU, JOIN/2023/20 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/ALL/?uri=JOIN:2023:20:FIN.
Aanbeveling (EU) 2023/2113 van de Commissie van 3 oktober 2023 over technologiegebieden die kritiek zijn voor de economische veiligheid van de EU met het oog op nadere risicobeoordeling met de lidstaten, C(2023) 6689 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ:L_202302113.
https://www.hpcqs.eu.
Studie “International Benchmarking of the Digital Transformation 2024”: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833343 .
Europese verklaring over kwantumtechnologieën, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/european-declaration-quantum-technologies .
Anderton, R., Botelho, V. en Reimers, P. (2023), “ Digitalisation and productivity: gamechanger or sideshow? ”, reeks werkdocumenten, nr. 2794, ECB, maart 2023.
Mededeling van de Commissie tot vaststelling van prognosetrajecten op Unieniveau voor de digitale doelstellingen, C(2023) 7500: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52023XC0929(03).
Sinergy Research Group, European Cloud Providers Double in Size but Lose Market Share, 27 september 2022: https://www.srgresearch.com/articles/european-cloud-providers-continue-to-grow-but-still-lose-market-share.
Statista, “Cloud Computing in Europe – statistics and facts”, https://www.statista.com/topics/8472/cloud-computing-in-europe/#topicOverview.
Europese Commissie, “Study on the Economic Detriment to Small and Medium-Sized Enterprises Acreing from Unfair and Unbalanced Cloud Computing Contracts”, november 2019, https://commission.europa.eu/publications/study-economic-detriment-small-and-medium-sized-enterprises-arising-unfair-and-unbalanced-cloud_en. Opgemerkt moet worden dat de dataverordening, die vanaf 12 september 2025 van toepassing zal zijn, minimumeisen voor cloudcontracten bevat.
https://pitchbook.com/news/reports/2023-annual-european-venture-report ; Wereld Economisch Forum, “Global Risks Report 2024”, https://www.weforum.org/publications/global-risks-report-2024 , zie blz. 50 over AI.
https://www.orrick.com/en/Insights/2024/03/Deal-Flow-4-5-Things-We-Learned-About-European-Tech-Deal-Terms-in-2023 ; https://pitchbook.com/news/reports/2023-annual-european-venture-report .
Studie van de Europese datamarkt (bijgewerkt oktober 2023).
Verordening (EU) 2022/868 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2022 betreffende Europese datagovernance en tot wijziging van Verordening (EU) 2018/1724 (Datagovernanceverordening), PB L 152 van 3.6.2022, blz. 1, http://data.europa.eu/eli/reg/2022/868/oj.
Europese Investeringsbank, EIB Investment Survey 2019-2022.
Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 .
Het Dealroom-platform publiceert regelmatig actuele gegevens over het aantal eenhoorns. Op 29 januari 2024 waren er volgens die gegevens 263 eenhoorns in de EU. Het Verenigd Koninkrijk is niet meegenomen in de statistieken.
Vandaag de dag vindt meer dan 90 % van de wereldwijde durfkapitaalinvesteringen in AI, waarvan de waarde is gestegen van 2,7 miljard EUR in 2022 tot 24 miljard EUR in 2023, plaats in de Verenigde Staten. Het aantrekken van investeringen in Europese AI-start-ups is van cruciaal belang om de uitrol van geavanceerde AI-oplossingen te versnellen.
Zie artikel 3, lid 1, punt k), van Besluit (EU) 2022/2481 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 tot vaststelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium tot 2030, PB L 323 van 19.12.2022, blz. 4 (“Besluit betreffende het digitale decennium”).
Zie overweging 20 van het besluit betreffende het digitale decennium.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Enisa, “ENISA Threat Landscape 2023”, https://www.enisa.europa.eu/publications/enisa-threat-landscape-2023.
Enisa, “ENISA Threat Landslandscape 2023”, https://www.enisa.europa.eu/publications/enisa-threat-landscape-2023 .
Mededeling van de Commissie “Uitvoering van de toolbox inzake 5G-cyberbeveiliging”, C(2023) 4049 final, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/communication-commission-implementation-5g-cybersecurity-toolbox.
Uitvoeringsverordening van de Commissie houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EU) 2019/881 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de vaststelling van de Europese op gemeenschappelijke criteria gebaseerde cyberbeveiligingscertificeringsregeling (EUCC), C(2024) 560, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=OJ:L_202400482.
Politiek akkoord over de verordening cyberweerbaarheid, https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/nl/ip_23_6168.
Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van 27.12.2022, blz. 80, http://data.europa.eu/eli/dir/2022/2555/2022-12-27 (geconsolideerde versie).
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Mazzoni et al., “Implications of the Digital Transformation on Different Social Groups”, EP studies, maart 2024, https://www.europarl.europa.eu/RegData/etudes/STUD/2024/760277/IPOL_STU(2024)760277_EN.pdf.
Aanbeveling van de Raad van 12 maart 2021 inzake gelijkheid, inclusie en participatie van de Roma , 2021/C 93/01, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=OJ%3AJOC_2021_093_R_0001.
Op grond hiervan is tot dusver ongeveer 2 miljard EUR uitsluitend bestemd voor de ondersteuning van digitale vaardigheden, naast andere meer algemene maatregelen die ook kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van digitale vaardigheden, zoals de modernisering van onderwijs- en opleidingsstelsels of de uitvoering van een actief arbeidsmarktbeleid.
De bovengenoemde acties gaan van 2019 tot 2024 vergezeld van een aantal aanvullende initiatieven, die specifiek gericht zijn op digitale vaardigheden of digitale vaardigheden bevorderen als onderdeel van bredere inspanningen om de ontwikkeling van vaardigheden te stimuleren. Enkele voorbeelden hiervan zijn: de coalitie voor digitale vaardigheden en banen en de bijbehorende nationale coalities, het platform voor digitale vaardigheden en banen , de Europese prijzen voor digitale vaardigheden , het pact voor vaardigheden , de kenniscentra voor beroepsopleiding en de EU-programmeerweek.
Gemeten naar het aantal uitgevoerde maatregelen. Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Mededeling van de Commissie “Actieplan voor digitaal onderwijs 2021-2027 – Onderwijs en opleiding herbronnen voor het digitale tijdperk”, COM(2020) 624 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52020DC0624.
Eurostat, ad-hocberekening van de gegevens van de arbeidskrachtenenquête.
Eurostat, isoc_ske_itrcrs.
Bijvoorbeeld artsen die in toenemende mate gebruikmaken van geavanceerde digitale technologieën om nauwkeurigere diagnoses te stellen, of sectorspecialisten die nodig zijn om het potentieel van innovatieve digitale oplossingen voor de groene transitie te ontsluiten.
https://digital-skills-jobs.europa.eu/en/latest/news/brave-new-world-oecds-2023-skills-outlook-new-approach-skills .
https://advancedskills.eu/wp-content/uploads/2023/10/D2.2_LEADS_GAP_ANALYSIS_v1.0.pdf .
Eurostat, educ_uoe_grad02, https://ec.europa.eu/eurostat/databrowser/view/EDUC_UOE_GRAD02__custom_5451972/bookmark/table?lang=en&bookmarkId=2b0446a9-c20a-4e43-a024-8a75c5afa79e .
https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-15740-2023-INIT/nl/pdf .
Of gelijkwaardige programma’s op ISCED-niveaus 6-8.
https://migrant-integration.ec.europa.eu/news/european-commission-adopts-skills-and-talent-mobility-package_en .
Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een EU-talentenpool, COM(2023) 716 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=COM%3A2023%3A716%3AFIN .
Richtlijn (EU) 2021/1883 van het Europees Parlement en de Raad van 20 oktober 2021 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan, en tot intrekking van Richtlijn 2009/50/EG van de Raad (PB L 382 van 28.10.2021, blz. 1, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:32021L1883 ).
De doelstelling van 20 miljoen ICT-specialisten in de EU komt overeen met ongeveer 10 % van de werkenden in elke lidstaat.
Eurostat, “Use of electronic identification (eID)”, isoc_eid_ieid.
Gemeten naar het aantal uitgevoerde initiatieven. Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
De grensoverschrijdende beschikbaarheid van digitale overheidsdiensten blijft voor burgers en bedrijven beperkt, met een score van ongeveer 70 punten op 100 (Bron: eGovernment Benchmark, Capgemini).
JRC-verslag “Mapping EU level funding instruments 2020-2027 to Digital Decade targets – 2024 update” (Signorelli et al., 2024). Dit bedrag loopt op tot 49,5 miljard EUR indien alle maatregelen in het kader van het interventiegebied “e-overheidsdiensten” volgens de methode van bijlage VII bij de RRF-verordening in aanmerking worden genomen.
Verordening (EU) 2018/1724 van het Europees Parlement en de Raad van 2 oktober 2018 tot oprichting van één digitale toegangspoort voor informatie, procedures en diensten voor ondersteuning en probleemoplossing en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012, PB L 295 van 21.11.2018, blz. 1, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=uriserv:OJ.L_.2018.295.01.0001.01.ENG.
Verordening (EU) 2024/903 van het Europees Parlement en de Raad van 13 maart 2024 tot vaststelling van maatregelen voor een hoog niveau van interoperabiliteit van de overheidssector in de Unie (verordening Interoperabel Europa), PB L 2024/903 van 22.3.2024, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A32024R0903. Verplichte interoperabiliteitsbeoordelingen, gezamenlijke inspanningen om interoperabiliteitsoplossingen te ontwikkelen door middel van GovTech-partnerschappen en deelname aan testomgevingen voor interoperabiliteit, en de proactieve verbetering van de interoperabiliteitsvaardigheden in de overheidssector zijn slechts enkele voorbeelden van de veelzijdige strategie die met de verordening wordt beoogd.
In het kader van de inspanningen om de lasten voor bedrijven en overheden te verminderen, heeft de Commissie zich er in haar in maart 2023 gepubliceerde strategie inzake het concurrentievermogen van de EU op lange termijn toe verbonden de rapportageverplichtingen te rationaliseren en deze lasten met 25 % te verminderen, zonder afbreuk te doen aan de daarmee samenhangende beleidsdoelstellingen.
Aan deze mogelijkheden wordt met name aandacht besteed in de Aanbeveling van de Raad van 8 december 2022 over toegang tot betaalbare en hoogwaardige langdurige zorg (2022/C 476/01), waarin wordt opgeroepen tot de uitrol van toegankelijke technologie en digitale oplossingen ter ondersteuning van autonomie en zelfstandig wonen.
De score wordt berekend op basis van de indicatoren waarmee de volgende dimensies worden gemeten: 1. de landelijke beschikbaarheid van onlinetoegang tot elektronische gezondheidsgegevens; 2. de categorieën toegankelijke gezondheidsgegevens; 3. de beschikbaarheid van authenticatiesystemen, het type front-end oplossingen en de dekking; 4. de toegankelijkheid voor bepaalde categorieën mensen, zoals kwetsbare groepen.
Zie de resolutie van het Europees Parlement van 5 juli 2022 over geestelijke gezondheid in de digitale arbeidswereld en de mededeling van de Commissie betreffende een alomvattende aanpak van geestelijke gezondheid, COM(2023) 298 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52023DC0298 . Wat de risico’s voor kinderen en adolescenten betreft, zie ook https://www.hhs.gov/surgeongeneral/priorities/youth-mental-health/social-media/index.html#:~:text=Children%20and%20adolescents%20who%20spend,symptoms%20of%20depression%20and%20anxiety, en het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , punt 4.2.1.
Zie artikel 3, lid 1, punt a), van het besluit betreffende het digitale decennium.
Eurostat, “Individuals - encountering hostile or degrading online messages” ( isoc_ci_hm ).
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Verordening (EU) 2022/2065 van het Europees Parlement en de Raad van 19 oktober 2022 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (digitaledienstenverordening), PB L 277 van 27.10.2022, blz. 1, https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2022/2065/oj.
De uiterste datum voor de aanwijzing was 17 februari 2024, maar niet alle lidstaten hebben de digitaledienstencoördinatoren aangewezen, zie https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/dsa-dscs.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Zie de trends bij de Insafe-hulplijnen: vierde kwartaal 2023, https://www.betterinternetforkids.eu/practice/articles/article?id=7218998.
Zie het jaarverslag 2023 van Inhope, https://inhope.org/media/pages/articles/annual-reports/6a4f5f6bd2-1710410986/inhope-annual-report-2023.pdf.
Zie het CyberTipline-verslag van 2023, https://www.missingkids.org/gethelpnow/cybertipline/cybertiplinedata.
Mededeling van de Commissie over een alomvattende aanpak van geestelijke gezondheid, COM(2023) 298 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52023DC0298.
Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van regels ter voorkoming en bestrijding van seksueel misbruik van kinderen, COM(2022) 209 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=COM%3A2022%3A209%3AFIN&qid=1652451192472.
BIK Policy Map – BIK-portaal, www.betterinternetforkids.eu.
Zie met name het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital decennium in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , punten 4.1.4 and 4.2.1.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Desinformatie wordt in het Global Risks Report 2024 van het Wereld Economisch Forum als het grootste risico op de korte termijn beschouwd en, samen met campagnebeïnvloeding, als een van de tien grootste bedreigingen voor dit decennium volgens het Enisa-verslag “Foresight Cybersecurity Threats for 2030”, https://www.enisa.europa.eu/publications/enisa-foresight-cybersecurity-threats-for-2030.
Eurobarometer, maart 2023, https://europa.eu/eurobarometer/surveys/detail/2966.
EDMO, “Disinformation narratives during the 2023 election in Europe”, november 2023, https://edmo.eu/wp-content/uploads/2023/10/EDMO-TF-Elections-disinformation-narratives-2023.pdf.
Aanbeveling (EU) 2023/2829 van de Commissie van 12 december 2023 over inclusieve en veerkrachtige verkiezingsprocessen in de Unie en het versterken van het Europese karakter en het efficiënte verloop van de verkiezingen voor het Europees Parlement, C/2023/8626, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A32023H2829 .
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Europese Commissie, “Media use in the European Union – Report”, Standaard Eurobarometer 98 – Winter 2022-2023, https://data.europa.eu/doi/10.2775/608948.
Europese Commissie, European Media Industry Outlook , SWD(2023) 150 final, mei 2023, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/library/european-media-industry-outlook.
Mededeling van de Commissie, “Europese media in het digitale decennium: Een actieplan ter ondersteuning van het herstel en de transformatie”, COM(2020) 784 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A52020DC0784 .
Specifiek is er in het kader van het programma Creatief Europa voor het eerst 75 miljoen EUR toegewezen aan acties op het gebied van mediapluriformiteit, mediageletterdheid en kwaliteitsjournalistiek. Daarnaast wordt 20 miljoen EUR per jaar besteed aan het vergroten van de professionele berichtgeving in de media over EU-aangelegenheden, zodat burgers toegang hebben tot hoogwaardige informatie over onderwerpen die voor hen interessant zijn.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Wereld Economisch Forum, “Global Risks Report 2024”, https://www.weforum.org/publications/global-risks-report-2024 ; Bunde T., Eisentraut S., Schuette L.(red.), “Lose-Lose?”. “Munich Security Report 2024”, https://securityconference.org/assets/01_Bilder_Inhalte/03_Medien/02_Publikationen/2024/MSR_2024/MunichSecurityReport2024_Lose-lose.pdf , hoofdstuk 7.
https://www.eea.europa.eu/en/newsroom/news/europe-is-not-prepared-for .
Minder dan 5 % van de nationale maatregelen is genomen om de verbintenissen van de verklaring na te komen. Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 ), bijlage 4.
https://www.iea.org/energy-system/buildings/data-centres-and-data-transmission-networks ; https://www.iea.org/reports/electricity-2024 .
Volgens het Strategisch prognoseverslag 2022 , het actieplan voor de digitalisering van energiesystemen en de eWaste Monitor .
Onder e-afval (elektronisch afval) worden elektronische apparaten of uitrusting verstaan die verouderd zijn, energie-intensief zijn of het einde van hun levensduur hebben bereikt, zoals oude computers, mobiele telefoons, tablets, smart-tv’s, telecommunicatieapparatuur en andere elektronische apparaten. Unitar , “Global E-Waste Monitor”, https://ewastemonitor.info/gem-2020/ .
Arcep, “Enquête annuelle ‘Pour un numérique soutenable’ – édition 2023”, https://www.arcep.fr/cartes-et-donnees/nos-publications-chiffrees/impact-environnemental/enquete-annuelle-pour-un-numerique-soutenable-edition-2023.html .
Arcep, “Etude ADEME – Arcep sur l’empreinte environnementale du numérique en 2020, 2030 et 2050”, https://www.arcep.fr/la-regulation/grands-dossiers-thematiques-transverses/lempreinte-environnementale-du-numerique/etude-ademe-arcep-empreinte-environnemental-numerique-2020-2030-2050.html .
OESO, “Measuring the environmental impacts of artificial intelligence compute and applications: The AI footprint”, OECD Digital Economy Papers No. 341, 2022, https://doi.org/10.1787/7babf571-en .
Internationaal Energieagentschap, “Electricity 2024: Analysis and forecast to 2026”, januari 2024, https://iea.blob.core.windows.net/assets/6b2fd954-2017-408e-bf08-952fdd62118a/Electricity2024-Analysisandforecastto2026.pdf .
Eurostat , “What do people do with their old ICT equipment?”, https://ec.europa.eu/eurostat/web/products-eurostat-news/w/ddn-20231124-1#:~:text=Almost%20half%20of%20people%20(49,threw%20it%20away%20without%20recycling .
Richtlijn (EU) 2023/1791 van het Europees Parlement en de Raad van 13 september 2023 betreffende energie-efficiëntie en tot wijziging van Verordening (EU) 2023/955 (PB L 231 van 20.9.2023, blz. 1, http://data.europa.eu/eli/dir/2023/1791/oj ).
Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/1364 van de Commissie van 14 maart 2024 betreffende de eerste fase van de vaststelling van een gemeenschappelijke beoordelingsregeling van de Unie voor datacentra, PB L, 2024/1364 van 17.5.2024, http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/1364/oj .
Baldini, G., Cerutti, I. en Chountala, C., “Identifying common indicators for measuring the environmental footprint of electronic communications networks (ECNs) for the provision of electronic communications services (ECSs)” , Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek (JRC), 2023, https://publications.jrc.ec.europa.eu/repository/handle/JRC136475 .
Europese Commissie , Witboek – Tegemoetkomen aan de digitale– infrastructuurbehoeften van Europa, februari 2024, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52024DC0081.
Mededeling van de Commissie, “EU-brede beoordeling van het ontwerp van geactualiseerde nationale energie- en klimaatplannen – Een belangrijke stap in de richting van de ambitieuzere energie- en klimaatdoelstellingen voor 2030 in het kader van de Europese Green Deal en REPowerEU”, COM(2023) 796 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/ALL/?uri=comnat:COM_2023_0796_FIN .
https://ec.europa.eu/commission/presscorner/detail/nl/QANDA_22_6229 ; https://www.greendigitalcoalition.eu/ ; De EGDC-leden ondersteunen het werk van de coalitie en hebben baat bij haar werkzaamheden, evenals 45 kmo’s waarvan de CEO’s zich ook hebben verbonden aan de doelstellingen van de EGDC door de EGDC-verklaring te ondertekenen.
Zie Speciale Eurobarometer 551, “The Digital Decade 2024”: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 ; conclusies van de Raad over de toekomst van het digitale beleid: https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/05/21/eu-digital-policy-council-identifies-main-priorities-for-the-next-legislative-cycle/pdf/, en over het cyberbeveiligingsbeleid: https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/05/21/cybersecurity-council-approves-conclusions-for-a-more-cyber-secure-and-resilient-union/, aangenomen tijdens de Raad Telecommunicatie op 21 mei 2024.
Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 3.
Zie de conclusies van de Raad over de toekomst van digitaal beleid (https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/05/21/eu-digital-policy-council-identifies-main-priorities-for-the-next-legislative-cycle/pdf/), en over het cyberbeveiligingsbeleid ( https://www.consilium.europa.eu/nl/press/press-releases/2024/05/21/cybersecurity-council-approves-conclusions-for-a-more-cyber-secure-and-resilient-union/ ), aangenomen tijdens de Raad Telecommunicatie van 21 mei 2024.
In zijn conclusies van 21 mei 2024 onderstreepte de Raad Telecommunicatie het belang van stroomlijning van de procedures voor financieringsprogramma’s en drong hij erop aan synergieën te bevorderen om de duidelijkheid en voorspelbaarheid van het EU-wetgevingskader te verbeteren en te zorgen voor een gelijk speelveld voor alle betrokken actoren, met inbegrip van kmo’s en start-ups.
Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van het platform voor strategische technologieën voor Europa (“STEP”) en tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG, Verordeningen (EU) 2021/1058, (EU) 2021/1056, (EU) 2021/1057, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) 2021/1060, (EU) 2021/523, (EU) 2021/695, (EU) 2021/697 en (EU) 2021/241, COM(2023) 335 final, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:52023PC0335 .
Europese Commissie, Negende verslag inzake economische, sociale en territoriale cohesie, april 2024, https://ec.europa.eu/regional_policy/information-sources/cohesion-report_en.
Europese Investeringsbank, “Digitalisation in Europe 2022-2023: Evidence from the EIB Investment Survey”, https://www.eib.org/en/publications/20230112-digitalisation-in-europe-2022-2023.
Zie de Verklaring van Mons van het Europees Comité van de Regio’s (CvdR) , maart 2024.
https://eurocities.eu/latest/a-digital-divide-observatory-by-european-cities/ .
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 2: Actualisering van de prognosetrajecten op EU-niveau voor de digitale streefcijfers
INHOUD
1.Inleiding
1.1.Prognosetrajecten van de EU per digitaal streefcijfer
1.1.1.Digitale basisvaardigheden
1.1.2.ICT-specialisten (en genderkloof in ICT)
1.1.3.Connectiviteit
1.1.4.Halfgeleiders
1.1.5.Edge nodes
1.1.6.Kwantumcomputing
1.1.7.Gebruik van digitale technologieën
1.1.8.Basisniveau van digitale intensiteit
1.1.9.Innovatieve bedrijven/scale-ups (eenhoorns)
1.1.10.Digitalisering van overheidsdiensten
1.1.11.Elektronisch patiëntendossier
1.1.12.Elektronische identificatie (eID)
2.Bijlage: De trajecten van het beleidsprogramma voor het digitale decennium per 2024 in vogelvlucht
Lijst van figuren
Figuur 1: Ten minste digitale basisvaardigheden in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 5
Figuur 2: percentage personen tussen 16 en 74 jaar met ten minste basisvaardigheden in de EU naar geslacht (van 2015 tot 2023). 6
Figuur 3: ICT-specialisten in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 7
Figuur 4: Percentage personen dat werkzaam is in de beroepen van ICT-specialisten in de EU, uitgesplitst naar geslacht (2012-2023) De ononderbroken lijn toont de trend sinds 2012. Linkerkant: percentage vrouwen in het totale aantal ICT-specialisten; rechterkant: percentage mannen in het totale aantal ICT-specialisten. Het bereik van de waarden verschilt in de twee grafieken.. 8
Figuur 5: Dekking van vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 9
Figuur 6: FTTP-dekking in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
Figuur 7: Uitrol van 5G in de EU, historische gegevens en herzien referentietraject naar 2030 12
Figuur 8: Inkomsten uit en aandeel van de EU in de wereldwijde waardeketen voor halfgeleiders Vanaf 2023 zijn de waarden geraamd (bron: International Data Corporation) 13
Figuur 9: Uitrol van edge-node-technologie (EU-prognose tot 2030) Het traject voor edge nodes is gebaseerd op de bevindingen van de studie van het Edge Observatory (https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/edge-observatory).
Figuur 10: Aantal kwantumcomputers in de EU Traject naar 2030 18
Figuur 11: Percentage van ondernemingen in de EU dat gebruikmaakt van clouddiensten. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 20
Figuur 12: Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van gegevensanalyse in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject naar 2030
Figuur 13: Percentage ondernemingen dat AI gebruikt in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 (zelfde parameter voor de verspreidingssnelheid als in het referentietraject voor big data, zoals vastgesteld in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau).) 22
Figuur 14: Percentage ondernemingen in de EU dat AI of cloudcomputing of gegevensanalyse gebruikt. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject naar 2030 (zelfde parameter voor de verspreidingssnelheid als in het referentietraject voor cloudcomputing)
Figuur 15: Digital Intensity Index versie III. Historische vergelijkbare gegevens en het traject naar het digitale decennium (DD) naar 2030 op basis van de DII versie III
Figuur 16: Aantal eenhoorns in de EU. Historische gegevens en referentietraject
Figuur 17: Onlinedienstverlening aan burgers (bovenste grafiek) en bedrijven (onderste grafiek). Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
Figuur 18: Samengestelde e-gezondheidsindicator. Historische gegevens en DD-traject
Lijst van tabellen
Tabel 1: Overzichtstabel met de stand van zaken, de vooruitgang en een kloofanalyse 3
Tabel 2: aantal eenhoorns in de EU: jaarlijkse nettotoename (nieuwe minus verdwenen eenhoorns) en relatieve jaarlijkse vooruitgang sinds 2009
1.Inleiding
Deze mededeling vergezelt en vormt een aanvulling op het tweede verslag van de Commissie over de staat van het digitale decennium. Hierbij wordt de mededeling van de Commissie van 2023 tot vaststelling van prognosetrajecten op Unieniveau voor de digitale streefcijfers (C(2023) 7500 1 , “Mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau”) geactualiseerd op basis van de recentste gegevens die beschikbaar zijn voor de kernprestatie-indicatoren (KPI’s) die zijn vastgesteld in het uitvoeringsbesluit van de Commissie 2 , dat op 30 juni 2023 door de Commissie werd vastgesteld (“KPI-uitvoeringsbesluit”).
Dankzij de beschikbaarheid van nieuwe gegevens, die in 2023 werden verzameld, kon de Commissie de referentietrajecten actualiseren, dat wil zeggen de prognoses van de jaarlijkse KPI-waarden die worden geraamd door de beschikbare historische gegevens te extrapoleren.
De referentietrajecten beschrijven het scenario bij ongewijzigd beleid, aangezien zij worden geraamd op basis van in het verleden waargenomen gegevens en derhalve alleen investeringen en interventies uit het verleden omvatten, zowel particuliere als publieke. Voor elke KPI zijn de referentietrajecten gebaseerd op de langste beschikbare reeks vergelijkbare historische gegevens en is hun beginpunt (referentiewaarde) altijd het recentste gegevenspunt voor die KPI.
De Commissie gebruikt referentietrajecten ter illustratie om de kloof tussen de geraamde trend en de ideale trend voor elke in het “KPI-uitvoeringsbesluit” vastgestelde KPI te beoordelen en regelmatig te monitoren.
Het referentietraject extrapoleert historische trends naar een plausibele toekomst, waarbij uitsluitend rekening wordt gehouden met het effect van alle financieringsinstrumenten, interventies en investeringen – zowel particuliere als publieke – die zijn opgezet tijdens en vóór de periode die de tijdreeksen van de KPI bestrijkt. Daarom moet de volgens het referentietraject geraamde waarde voor 2030 worden beschouwd als de conservatieve ondergrens. Het eerste jaar en de waarde van het referentietraject vallen altijd samen met het jaar en de waarde van het recentst beschikbare gegevenspunt, dat in deze actualisering voor alle KPI’s het jaar 2023 is.
Deze bijlage bevat de referentietrajecten die zijn bijgewerkt op basis van de recentst waargenomen gegevens en trends. Door de recentste gegevens op te nemen, wordt in de referentietrajecten op EU-niveau op dynamische wijze het werkelijke KPI-traject naar de doelstelling voor 2030 weergegeven. Daarbij wordt in de referentietrajecten op dynamische wijze rekening gehouden met het effect van nieuwe investeringen, waaronder de herstel- en veerkrachtfaciliteit en de fondsen van het cohesiebeleid, op de verschillende KPI’s.
De geactualiseerde referentietrajecten worden ontwikkeld volgens dezelfde methode als die welke is vastgesteld voor de mededeling van 2023 tot vaststelling van prognosetrajecten op Unieniveau voor de digitale doelstellingen.
De trajecten naar het digitale decennium (DD) die in deze bijlage worden gepresenteerd, zijn daarentegen de trajecten die zijn vastgesteld in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau. Zij beschrijven het theoretische voortgangstraject van elke KPI-waarde van de laatste beschikbare historische gegevens aan het begin van het DD-monitoringproces tot de streefwaarde voor 2030. Er zijn echter twee uitzonderingen: het DD-traject voor het niveau van de digitale intensiteit van bedrijven en het onlangs vastgestelde traject voor de gecombineerde KPI voor het gebruik van cloudcomputingdiensten, gegevensanalyse of artificiële intelligentie (AI) door ondernemingen, die nu voor het eerst beschikbaar zijn. Deze gevallen zullen in de rest van dit document worden besproken.
Table 1 bevat gegevens over het huidige niveau en de discrepantie (kloof) tussen de geraamde en ideale waarden van de KPI’s waarvoor historische gegevens beschikbaar zijn; de trajecten zijn gebaseerd op wiskundige modellering in plaats van op ramingen van deskundigen. Hij geeft ook informatie over de waarde van de KPI in 2023 en een analyse van de vooruitgang tussen 2023 en 2030. De tabel bevat meer specifiek: de huidige waarde van de KPI (het referentiejaar voor alle KPI’s is 2023); het recentste jaarlijkse voortgangspercentage, berekend als de gemiddelde jaarlijkse vooruitgang tussen 2023 en het vorige gegevenspunt (het samengestelde jaarlijkse groeipercentage); de ideale jaarlijkse vooruitgang die nodig is om het EU-streefcijfer te halen; het verschil tussen de waargenomen en ideale jaarlijkse vooruitgang; de geraamde waarde op basis van het referentietraject voor 2023, d.w.z. de waarde die de EU zal bereiken zonder nieuwe beleidsinterventies en de bijbehorende investeringen; de kloof tussen de geraamde waarde op basis van het referentietraject en de ideale waarde op basis van het DD-traject, gemeten als percentage van de ideale waarde, zowel in 2023 als in 2030; en de kloof tussen de geraamde waarde op basis van het referentietraject en de ideale waarde op basis van het DD-traject, gemeten als het verschil tussen beide, in 2023 en 2030.
In de volgende punten wordt een gedetailleerde toelichting gegeven op de geactualiseerde trajecten op EU-niveau aan de hand van de recentst beschikbare gegevenspunten voor elke KPI.
Tabel 1: Overzichtstabel met de stand van zaken, de vooruitgang en een kloofanalyse
1.1.Prognosetrajecten van de EU per digitaal streefcijfer
In de volgende punten wordt de opbouw van de bijgewerkte referentietrajecten op EU-niveau voor elke KPI beschreven met betrekking tot elk streefcijfer. De definities van de KPI’s en de streefcijfers komen overeen met de definities voorzien in respectievelijk het “KPI-uitvoeringsbesluit” en het “besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium”. Voor nadere details, zie de “Methodologische toelichting DESI 2024 – Verslag over de staat van het digitale decennium 2024” 3 .
De methode voor de raming van trajecten komt overeen met die in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau 4 .
1.1.1.Digitale basisvaardigheden
Streefcijfer: een digitaal vaardige bevolking en hooggekwalificeerde digitale professionals, waarbij wordt gestreefd naar genderevenwicht: a) ten minste 80 % van de 16- tot 74-jarigen beschikt ten minste over digitale basisvaardigheden; [...]
KPI-definitie (verwijzend naar deel a) van het streefcijfer): ten minste digitale basisvaardigheden, gemeten als het percentage particulieren tussen 16 en 74 jaar, uitgesplitst naar geslacht met digitale “basisvaardigheden” of “meer dan basisvaardigheden” in elk van de volgende vijf dimensies: informatie, communicatie, probleemoplossing, het creëren van digitale inhoud en veiligheid. Dit wordt gemeten op basis van de activiteiten die particulieren in de afgelopen drie maanden hebben uitgevoerd 5 ; en genderconvergentie, gemeten als het percentage vrouwen en mannen onder personen met “basisvaardigheden” of “meer dan basisvaardigheden”.
Bron: Eurostat, enquête van de Europese Unie over het ICT-gebruik door gezinnen en individuele personen.
Beschikbare gegevenspunten: 2015, 2016, 2017, 2019, 2021, 2023 (met een reeksbreuk in 2021).
Gegevenswaarden 2023: 55,6 %.
Recente ontwikkelingen
Het referentietraject is gebaseerd op de lineaire functionele vorm. Aangenomen wordt dat de indicator een lineaire trend zal volgen, met een constant groeitempo tot 2030. Tussen 2019 en 2021 veroorzaakte een herziening van de methode voor het meten van deze indicator een reeksbreuk. Net als in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau wordt het referentietraject eerst geraamd op basis van de historische tijdreeksen tot 2019 (inclusief) en vervolgens gecorrigeerd voor de reeksbreuk. De aanpassing voor de reeksbreuk bestaat uit het berekenen van het snijpunt van de regressielijn door te bepalen dat de beginwaarde van het referentietraject samenvalt met het laatst waargenomen gegevenspunt.
Figure 1 toont de beschikbare historische gegevens, de trajecten naar het digitale decennium en de referentietrajecten van de KPI-indicator. Uit de recente trend blijkt dat de kloof tussen de laatst waargenomen waarde en de ideale waarde op het traject naar het digitale decennium in 2023 al meer dan 4 procentpunten bedraagt. Dit wijst erop dat het streefcijfer zonder nieuwe beleidsinterventies en bijbehorende investeringen niet zal worden gehaald, aangezien de prognose voor 2030 op basis van het referentietraject luidt dat 59,8 % van de mensen in de leeftijdsgroep 16-74 jaar ten minste over digitale basisvaardigheden zal beschikken, hetgeen meer dan 20 punten lager is dan het streefcijfer.
Figuur 1: Ten minste digitale basisvaardigheden in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
In 2023 beschikte slechts 55,6 % van de EU-burgers over ten minste digitale basisvaardigheden, tegenover 53,9 % in 2021. In een paar jaar heeft de EU per jaar slechts 1,5 % vooruitgang geboekt, ver onder de gemiddelde jaarlijkse groei van meer dan 4,5 % die in tien jaar nodig is om de doelstelling te halen. Uit recente trends blijkt dat er dringend aanzienlijke en onmiddellijke maatregelen nodig zijn om de kloof met het streefcijfer voor 2030 voor digitale basisvaardigheden te dichten.
Er is geen significant verschil tussen mannen en vrouwen wat betreft het aandeel mensen met ten minste digitale basisvaardigheden, maar mannen hebben gemiddeld betere digitale vaardigheden dan vrouwen (zie Figure 2 ). De kloof tussen mannen en vrouwen (als percentage) is de afgelopen jaren kleiner geworden, waarbij het verschil tussen mannen en vrouwen met ten minste basisvaardigheden is gedaald van 5,6 punten in 2015 tot 2,2 punten in 2023.
Figuur 2: percentage personen tussen 16 en 74 jaar met ten minste basisvaardigheden in de EU naar geslacht (van 2015 tot 2023).
1.1.2.ICT-specialisten (en genderkloof in ICT)
Streefcijfer (identiek aan het vorige): Een digitaal vaardige bevolking en hooggekwalificeerde digitale professionals, waarbij wordt gestreefd naar genderevenwicht: [...] b) in de Unie zijn ten minste 20 miljoen specialisten op het gebied van ICT werkzaam, waarbij de toegang van vrouwen tot dit gebied wordt bevorderd en het aantal afgestudeerden in ICT-richtingen wordt vergroot.
KPI-definitie (verwijzend naar deel b) van het streefcijfer): ICT-specialisten, gemeten als het aantal personen van 15-74 jaar dat als ICT-specialist werkzaam is; en genderconvergentie, gemeten als het percentage vrouwen en mannen onder personen die als ICT-specialist werkzaam zijn. Volgens de ISCO-08-codeclassificatie 6 zijn ICT-specialisten werkenden die in staat zijn ICT-systemen te ontwikkelen, te exploiteren en te onderhouden en voor wie ICT het grootste deel van hun baan vormt, met inbegrip van maar niet beperkt tot beheerders van ICT-diensten, ICT-professionals, ICT-technici, ICT-installateurs en dienstverleners.
De genderkloof bij ICT-specialisten met beroepsactiviteit wordt berekend als het percentage vrouwelijke ICT-specialisten van het totale aantal ICT-specialisten met beroepsactiviteit. Hoewel het bevorderen van de toegang van vrouwen tot dit gebied in de doelstelling wordt genoemd, bevat het besluit geen specifiek en kwantitatief streefcijfer voor de genderconvergentie. Bijgevolg wordt dit deel van de doelstelling niet als een afzonderlijke KPI behandeld.
Bron: Eurostat – enquête onder arbeidskrachten.
Beschikbare gegevenspunten: van 2011 tot 2023.
Gegevenswaarden 2023: totaal ICT-specialisten = 9,79 miljoen; percentage vrouwelijke ICT-specialisten = 19,4 %.
Context, aannames, functionele modelvorm en recentste ontwikkelingen
De indicator voor het monitoren van deze doelstelling verwijst naar ICT-specialisten als “werknemers die in staat zijn ICT-systemen te ontwikkelen, te exploiteren en te onderhouden, en voor wie ICT het grootste deel van hun baan vormt” 7 .
Het traject naar het digitale decennium is hetzelfde als het traject dat is opgenomen in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau en is gebaseerd op een lineaire functionele vorm, waarbij ervan wordt uitgegaan dat de KPI gedurende de hele periode een stijgende trend volgt met een constant tempo. Figure 3 toont het geactualiseerde referentietraject waarin het gegevenspunt van 2023 is verwerkt. Zoals verwacht in 2023, zal de EU in een scenario met ongewijzigd beleid een flinke achterstand bij de verwezenlijking van het streefcijfer blijven houden. In 2023 waren er in de EU iets minder dan 10 miljoen ICT-specialisten werkzaam, goed voor slechts 4,8 % van de totale werkgelegenheid. Dit zijn al 900 000 specialisten minder dan de voor 2023 voorspelde waarde op het traject naar het digitale decennium: het verwachte tekort zal oplopen tot 7,8 miljoen in 2030 als er geen verdere investeringen worden gedaan.
Het geraamde aantal ICT-specialisten bedraagt volgens het referentietraject tegen 2030 12,2 miljoen, wat neerkomt op ongeveer 6 % van de totale werkgelegenheid. Het afgelopen jaar is het aantal ICT-specialisten met 4,1 % gestegen, van 9,4 tot 9,79 miljoen. Dit voortgangspercentage blijft echter aanzienlijk achter bij de jaarlijkse stijging van bijna 10 % die nodig is om de doelstelling te halen.
Figuur 3: ICT-specialisten in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
In 2023 bestond 19,4 % van het totale aantal ICT-specialisten met beroepsactiviteit uit vrouwen. De afgelopen tien jaar bleef het percentage mannen consequent ongeveer 60 procentpunten hoger dan het percentage vrouwen, met een percentage vrouwen tussen 16,3 % en 19,4 % en dat van mannen tussen 80,6 % en 83,7 % ( Figure 4 ). Ondanks een kleine daling tussen 2013 en 2015 is het percentage vrouwen dat werkzaam is als ICT-specialist gestaag gestegen, zij het in een traag tempo sinds 2012 ( Figure 4 , links). Anderzijds is het percentage mannen dat als ICT-specialisten werkzaam is sinds de piek in 2014-2015 gedaald, maar blijft het aanzienlijk hoger dan het percentage vrouwen in ICT-beroepen, meer dan vier keer zo hoog ( Figure 4 , rechts).
Figuur 4: Percentage personen dat werkzaam is in de beroepen van ICT-specialisten in de EU, uitgesplitst naar geslacht (2012-2023) De ononderbroken lijn toont de trend sinds 2012. Linkerkant: percentage vrouwen in het totale aantal ICT-specialisten; rechterkant: percentage mannen in het totale aantal ICT-specialisten. Het bereik van de waarden verschilt in de twee grafieken.
|
|
|
1.1.3.Connectiviteit
|
Streefcijfer: veilige, veerkrachtige, performante en duurzame digitale infrastructuur waarbij alle eindgebruikers op een vaste locatie tot aan het netwerkaansluitpunt gedekt zijn door een gigabitnetwerk en alle bevolkte gebieden gedekt zijn door draadloze hogesnelheidsnetwerken van de volgende generatie met prestaties die minstens aan 5G gelijkwaardig zijn, overeenkomstig het beginsel van technologische neutraliteit. KPI-definitie: ·gigabitconnectiviteit, gemeten als het percentage huishoudens dat toegang heeft tot vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN). De technologieën die momenteel in staat zijn gigabitconnectiviteit te leveren, zijn glasvezel (FTTP) en Docsis 3.1 (kabel) 8 . De ontwikkeling van de FTTP-dekking zal ook afzonderlijk worden gemonitord en in aanmerking worden genomen bij de interpretatie van VHCN-dekkingsgegevens. ·5G-dekking, gemeten als het percentage bevolkte gebieden dat door ten minste één 5G-netwerk wordt bestreken, ongeacht de gebruikte spectrumband. Bron: Studies over breedbanddekking in Europa voor de Europese Commissie door Omdia en Point Topic 9 . Beschikbare gegevenspunten: Gigabit: van 2013 tot 2023; 5G: van 2020 tot 2023. Gegevenswaarden 2023: VHCN = 78,8 % in 2023; 5G-dekking = 89,3 % in 2023 10 . |
Context, aannames, functionele modelvorm en recentste trends
De beschikbaarheid van gigabitconnectiviteitsdiensten en mobiele 5G-dekking zijn essentieel voor de digitale transformatie. Het gedrag van huishoudens en de invoering van nieuwe technologieën zoals virtual en augmented reality, AI-toepassingen, geautomatiseerd rijden, logistiek en productieprocessen zullen de vraag verder aanjagen.
Dit streefcijfer houdt verband met twee KPI’s:
·de beschikbaarheid voor alle Europese huishoudens van vaste verbindingen die zeer snelle en betrouwbare connectiviteitsdiensten kunnen leveren (gemeten aan de hand van de VHCN-indicator);
·de beschikbaarheid in alle bewoonde gebieden van een mobiel 5G-netwerk, ongeacht de gebruikte spectrumband.
Gigabit: het VHCN-traject is de referentie voor het volgen van de gigabitdoelstelling. Op basis van het “KPI-uitvoeringsbesluit” wordt het VHCN-traject aangevuld met het FTTP-traject. Net als in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau wordt de S-vormige trend voor deze KPI zowel voor het traject naar het digitale decennium als voor het referentietraject gevolgd ( Figure 5 ), terwijl de verspreidingssnelheid van het referentietraject met zeer hoge capaciteit wordt gebaseerd op de historische FTTP-gegevens. Figure 5 toont het traject naar het digitale decennium en het herziene referentietraject voor de vaste VHCN-indicator.
Figuur 5: Dekking van vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
Op basis van de huidige definitie van VHCN en de beschikbare gegevens beschikte 78,8 % van de huishoudens in de EU in 2023 over vaste netwerken met zeer hoge capaciteit die gigabitconnectiviteit konden aanbieden, tegenover 73,4 % een jaar eerder, en naar verwachting zal dit percentage aan het einde van de prognoseperiode 94,7 % bedragen. De kloof ten opzichte van het ideale traject naar het digitale decennium bedroeg in 2023 6,4 procentpunten en zal in een scenario met ongewijzigd beleid zonder extra investeringen naar verwachting licht afnemen tot 5,3 punten in 2030 (de prognose voor 2030 volgens het referentietraject is 94,7 %). Sinds 2022 is het percentage huishoudens dat door vaste netwerken met zeer hoge capaciteit wordt bereikt, met 7,4 % gestegen. De recente stijging van deze KPI is het gevolg van de uitrol van glasvezelnetwerken (FTTP), waar in 2023 64 % van de huishoudens in de EU op aangesloten was. De resterende 21 % van de huishoudens die nog geen VHCN-aansluiting hebben, zal voornamelijk worden bereikt door de verdere uitrol van glasvezel. Dit zal een aanhoudende inspanning vergen, aangezien huishoudens die nog niet door een dergelijk netwerk worden bereikt, waarschijnlijk in voorstedelijke, semi-landelijke en plattelandsgebieden wonen, waar de aanleg duurder is.
Om de voortgang van de FTTP-dekking te volgen, zoals uiteengezet in het “KPI-uitvoeringsbesluit”, en om de gegevens over de VHCN-dekking beter te interpreteren, is voor deze indicator ook een traject op EU-niveau vastgesteld, inclusief monitoring ( Figure 6 ). 64,0 % van de huishoudens in de EU had in 2023 een glasvezelverbinding; dit cijfer zal naar verwachting bij ongewijzigd beleid aan het einde van de prognoseperiode 89,5 % bedragen. In één jaar steeg het percentage huishoudens dat een glasvezelverbinding had met 13,5 %, van 56,4 % in 2022 tot 64 % in 2023. De kloof ten opzichte van het ideale traject naar het digitale decennium bedroeg 10,8 procentpunten in 2023 en zal naar verwachting tot 2030 grotendeels stabiel blijven als er geen extra investeringen worden gedaan.
Figuur 6: FTTP-dekking in de EU Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
Totale 5G-dekking: de in artikel 4, lid 1, punt 2, a), van het besluit betreffende het beleidsprogramma vastgestelde doelstelling inzake mobiele netwerkconnectiviteit is erop gericht ervoor te zorgen dat alle bewoonde gebieden gedekt zijn door een draadloos hogesnelheidsnetwerk van de volgende generatie met prestaties die minstens gelijkwaardig zijn aan 5G, overeenkomstig het beginsel van technologische neutraliteit. De bijbehorende KPI in het “KPI-uitvoeringsbesluit” meet het percentage bewoonde gebieden dat onder ten minste één 5G-netwerk valt, ongeacht de gebruikte spectrumband (totale 5G-dekking).
Volgens de beschikbare gegevens is de 5G-dekking in de EU snel verbeterd tot 89,3 % in 2023; vier lidstaten bereikten een dekking van 100 % en enkele andere lidstaten zijn daar al zeer dichtbij. De prognose op basis van het referentietraject is dat tegen 2025 bijna 100 % van de bewoonde gebieden in de EU door 5G-netwerken zal worden gedekt. Sinds 2022 is de 5G-dekking op EU-niveau met bijna 10 % (9,84 %) toegenomen, van 81,3 tot 89,3 %. In Figure 7 wordt geen traject naar het digitale decennium weergegeven.
Er wordt echter op gewezen dat de huidige KPI voor het 5G-streefcijfer methodologische beperkingen kent, aangezien er geen rekening wordt gehouden met de kwaliteit van de dienstverlening tijdens piekuren. In oktober 2023 heeft de Commissie aan de leden van de Groep voor het digitale decennium voorgesteld de KPI’s voor het digitale decennium te actualiseren, met bijzondere aandacht voor connectiviteit en 5G. Deze actualisering bestaat uit twee fasen. De eerste fase is gericht op de korte termijn, die moet worden gebruikt voor het verslag over de staat van het digitale decennium 2024. Daarbij blijft de bestaande 5G-indicator gehandhaafd, die gebaseerd is op de bevolking met dekking in alle beschikbare banden. De tweede fase, die momenteel loopt, behelst de ontwikkeling van een methode voor het bepalen van de kwaliteit van de dienstverlening (Quality of Service, QoS) voor draadloze vaste en mobiele breedbanddiensten, met bijzondere aandacht voor 5G. Deze methode is gebaseerd op de richtsnoeren voor geografisch onderzoek naar de uitrol van netwerken van het orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (Berec), zoals uiteengezet in artikel 22 van het Europees wetboek voor elektronische communicatie, en de bijlage inzake kartering bij de EU-richtsnoeren voor staatssteun aan breedbandnetwerken. De overkoepelende doelstelling is alle resterende kloven te dichten en een gemeenschappelijke en volledig geharmoniseerde aanpak tot stand te brengen die zowel van toepassing is op beleid (het beleidsprogramma voor het digitale decennium), regelgeving (het Europees wetboek voor elektronische communicatie) als op gevallen van staatssteun. Dit initiatief heeft tot doel de lidstaten te helpen mogelijke belemmeringen bij de gegevensverzameling weg te nemen. De ontwikkeling van de methode zal naar verwachting eind 2024 zijn afgerond en zal plaatsvinden in overleg met alle betrokken autoriteiten en vertegenwoordigers van de telecommunicatiesector.
Figuur 7: Uitrol van 5G in de EU, historische gegevens en herzien referentietraject naar 2030
1.1.4.Halfgeleiders
|
Streefcijfer: veilige, veerkrachtige, performante en duurzame digitale infrastructuur waar de productie, overeenkomstig het Unierecht inzake milieuduurzaamheid, van geavanceerde halfgeleiders in de Unie ten minste 20 % van de waarde van de wereldwijde productie bedraagt. KPI-definitie: halfgeleiders, gemeten als de waarde, in termen van inkomsten, die wordt gegenereerd door halfgeleideractiviteiten in de Unie, in alle stadia van de waardeketen, met betrekking tot de mondiale marktwaarde. Voor het eerste jaar zal de rapportage plaatsvinden op basis van deze activiteiten in Europa. Bron: Lopende studie van de International Data Corporation. Beschikbare gegevenspunten: van 2019 tot 2022. Gegevenswaarde 2023 (raming): 11 % van het mondiale marktaandeel in waarde. |
Halfgeleiders zijn van groot geostrategisch belang en spelen een centrale rol in de wereldwijde technologische wedloop. Zij zijn essentiële bouwstenen van digitale en gedigitaliseerde producten. Chips zijn van cruciaal belang voor de moderne digitale economie, van smartphones en auto’s tot kritieke toepassingen en infrastructuur voor gezondheidszorg, energie, defensie, communicatie en industriële automatisering.
In het beleidsprogramma voor het digitale decennium is als doelstelling vastgesteld dat het marktaandeel van de EU voor geavanceerde halfgeleiders in 2030 moet zijn toegenomen tot 20 % van de wereldwijde inkomsten.
Figure 8 toont de historisch waargenomen waarden van 2019 tot en met 2022 en de prognosewaarden van 2023 tot en met 2030, zoals vermeld in de studie van het IDC 11 . De groene balken geven de inkomsten uit de waardeketen voor halfgeleiders in de EU aan, en de zwarte lijn het aandeel ten opzichte van de wereldmarkt. Het marktaandeel in de waardeketen voor halfgeleiders van de EU-27 bedroeg in 2022 90 miljard EUR, ofwel 9,8 % van de wereldwijde inkomsten uit de waardeketen. Van 2022 tot 2023 daalden de inkomsten in de EU met 3 % (van 90 tot 87 miljard EUR), terwijl de wereldwijde inkomsten met 14 % daalden (van 918 tot 791 miljard EUR). Dit wijst erop dat de EU-markt relatief veerkrachtiger is geworden.
Het IDC schat dat het aandeel van de EU in 2030 zal zijn gestegen tot 11,7 %. Het IDC houdt rekening met het effect van bestaande beleidsinterventies en -investeringen, zoals de investeringen die in gang zijn gezet door de Europese chipwet. Deze ramingen zijn echter door de veranderende geopolitieke en marktomstandigheden nog steeds met onzekerheid omgeven. Bovendien zijn geavanceerde halfgeleiders zoals bedoeld in het beleidsprogramma voor het digitale decennium in dit stadium nog steeds niet beschikbaar op de markt. Wel staan er in de EU aanzienlijke investeringen gepland die de productiecapaciteit in Europa de komende jaren zullen versterken. Er zijn daarom aanvullende gegevens en analyses nodig om een raming te maken van het EU-traject.
Figuur 8: Inkomsten uit en aandeel van de EU in de wereldwijde waardeketen voor halfgeleiders Vanaf 2023 zijn de waarden geraamd (bron: International Data Corporation)
Naarmate de digitale transitie versnelt, zal de wereldwijde vraag naar chips snel toenemen en tegen 2030 naar verwachting meer dan 1 biljoen USD bedragen, wat in dit decennium feitelijk een verdubbeling betekent. Dit betekent dat de inkomsten van de EU op het gebied van halfgeleiders tegen 2030 moeten zijn verviervoudigd.
Dankzij de Europese chipverordening en de nieuwe investeringen op dit gebied binnen de EU, zoals de belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang, hoopt de EU de doelstelling te halen om haar huidige mondiale marktaandeel in 2030 te verdubbelen tot 20 %.
1.1.5.Edge nodes
|
Streefcijfer: veilige, veerkrachtige, performante en duurzame digitale infrastructuur waar in de Unie ten minste 10 000 klimaatneutrale, zeer goed beveiligde edge nodes worden uitgerold, die op zodanige wijze gespreid zijn dat overal waar bedrijven zijn gevestigd toegang tot datadiensten met lage latentie (enkele milliseconden) gewaarborgd is. KPI-definitie: edge nodes, gemeten als het aantal compute nodes (rekenknooppunten) met een latentietijd van minder dan 20 milliseconden; zoals een individuele server of een andere reeks verbonden computerapparatuur, die wordt geëxploiteerd als onderdeel van een edge-computinginfrastructuur, gewoonlijk in een edge-datacentrum dat aan de infrastructurele edge werkt, en dus fysiek dichter bij de beoogde gebruikers ligt dan een cloud node in een gecentraliseerd datacentrum. Bron: Edge Observatory 12 . Geen gegevenspunten beschikbaar Gegevenswaarde 2023 (raming): 1 186 in 2023. |
Context, aannames, functionele modelvorm en recentste trends
Edgecomputing maakt het mogelijk dataverwerkingsdiensten te leveren vanuit gedecentraliseerde compute nodes (rekenknooppunten) en infrastructuren aan de rand van het netwerk, waardoor de overdracht van onnodige gegevens over het netwerk tot een minimum wordt beperkt en de algemene prestaties van cloudcomputing worden verbeterd. De uitrol van edge nodes ondersteunt de ontwikkeling van gegevensverwerkingsdiensten met een lage latentie. In combinatie met een verscheidenheid aan technologieën zoals AI, machinaal leren, 5G, sensoren en het internet der dingen, data, virtual reality en robotica, kan de uitrol van edge nodes aanzienlijke voordelen opleveren voor bedrijven en de digitale transformatie van meerdere economische sectoren ondersteunen.
De uitrol van zeer beveiligde en klimaatneutrale edge nodes zal zich naar verwachting ontwikkelen tot een S-curve van de toepassing van technologie en innovatie, uitgaande van de begrotingstoewijzingen en uitgaventrends die door het Edge Observatory zijn waargenomen voor de markt voor edge-IT-infrastructuur 13 .
Op basis van de monitoringmethode van het Edge Observatory voor het digitale decennium 14 wordt geraamd dat de referentiewaarde voor de uitrol van edge nodes in de hele EU in 2022 499 eenheden bedroeg 15 . Deze beoordeling is gebaseerd op prognoses op basis van de toewijzing en besteding van particuliere budgetten voor edge-IT-infrastructuur in plaats van op aantallen eenheden, die dienen om de uitrol van edge nodes in de komende jaren te ramen. Concreet zijn de geraamde referentiewaarden voor edge nodes gebaseerd op aannames van het IDC en de beste beschikbare kennis over het potentiële aantal publieke en private edgecomputing-faciliteiten in Europa, met inbegrip van bestaande edge-infrastructuur, apparatuur en edge nodes die lokale IT- en opslagmiddelen bieden die zich dichter bij de plaats bevinden waar de gegevens worden gegenereerd.
Het verslag met gegevens voor het digitale decennium 2023 van het Edge Observatory werd in de zomer van 2023 afgerond. In het kader van dit proces werden 300 respondenten van Europese bedrijven met meer dan 50 werknemers in 10 lidstaten geïnterviewd: Duitsland, Estland, Frankrijk, Italië, Nederland, Polen, Roemenië, Spanje, Tsjechië en Zweden, met in totaal 30 respondenten per onderzochte lidstaat. De ondervraagde organisaties behoorden tot zeer uiteenlopende bedrijfstypen, variërend van organisaties met 250 tot 499 werknemers (14 %) tot bedrijven met meer dan 1 000 werknemers (5 %). De deelnemers vertegenwoordigden 37 verschillende sectoren van de EU-economie.
Uit de bevindingen bleek dat Europese organisaties steeds vaker in edgecomputing investeren. De toenemende behoefte aan edgecomputing-faciliteiten heeft aanzienlijke marktkansen voor technologieleveranciers opgeleverd, die steeds meer partnerschappen en allianties vormen om oplossingen aan te dragen. Dit geldt in het bijzonder voor Industrie 4.0 16 , waarbij optimaal gebruik wordt gemaakt van de voordelen die deze technologie in slimme productieomgevingen biedt.
In lijn met deze trend hebben Nederland en Tsjechië aanzienlijke investeringen gedaan in geavanceerde computertechnologie en 33 % en 41 % van hun respectieve budgetten besteed aan hardware voor edgecomputing. Spanje, Nederland en Italië zijn de drie landen die het meest aan edge-software besteden, respectievelijk 32 %, 37 % en 34 % van hun totale investeringen. De opmerkelijke hoeveelheid financiële middelen die werd toegewezen aan edgediensten in Estland (71 %) en Polen (66 %) onderstreept het belang van diensten als beheer, onderhoud en ondersteuning bij het opzetten en functioneren van edge nodes. Zweden en Roemenië hebben gekozen voor een integrale strategie die bij de toewijzing van middelen prioriteit geeft aan hardware, software en diensten. Uit dit evenwichtige investeringsplan blijkt dat de succesvolle uitrol van edge nodes complex is, en dat derhalve een gecoördineerde ontwikkeling en integratie van alle drie de componenten vereist.
Wat de uitrol van edge nodes betreft, blijkt uit het verslag van het Edge Observatory dat er weliswaar brede belangstelling bestaat voor edgecomputing, maar dat de overgang van theoretische kennis naar praktische implementatie geleidelijk verloopt en per land verschilt.
Volgens de analyse in het gegevensverslag van Edge Observatory bestaat er brede belangstelling voor edgecomputing, maar verloopt de overstap van theoretisch begrip naar praktische implementatie geleidelijk en varieert deze per land. Organisaties onderzoeken momenteel voorzichtig de potentiële voordelen van edgecomputing door middel van onderzoeken en proefprojecten; zij willen eerst meer duidelijkheid over de bedrijfseffecten en de duurzaamheid ervan alvorens op grote schaal op deze technologie in te zetten. De verschillen in participatieniveaus hangen samen met regionale verschillen in het technologische ontwikkelingsniveau, de rijpheid van de markt en het vertrouwen in de integratie van het edgecomputingmodel in bestaande en toekomstige bedrijfsstrategieën. Slechts 12 % van de bedrijven past edgetechnologie toe in productieomgevingen. Het is belangrijk op te merken dat alle gepresenteerde analyses betrekking hebben op de uitrol van edge-node-technologie in het algemeen, waarbij niet in aanmerking wordt genomen of de edge nodes een hoog niveau van veiligheid en klimaatneutraliteit bieden, aspecten die onderdeel vormen van de doelstelling van het digitale decennium voor edge nodes. Wat deze twee aspecten betreft, blijkt uit de bevindingen van het Edge Observatory dat ondernemingen vooral belang hechten aan gegevensbescherming en -beveiliging. In totaal stelt 67 % van de ondernemingen dat zij zich hierover zorgen maken. Daarentegen gaf slechts 5 % van de ondervraagde organisaties aan dat duurzaamheid een prioriteit vormt bij de uitrol van edge nodes.
Verder heeft het “Edge Observatory for the Digital Decade” 17 de trajecten en de verdeling van edge nodes per lidstaat verder verfijnd om de verwachte uitrol van edge nodes tot 2023 te ramen, rekening houdend met de oppervlakte van de lidstaat en verschillende directe en indirecte parameters. De directe parameters zijn de bevolking, het bbp en de totale technologie-uitgaven van de lidstaten 18 . Wat de indirecte parameters betreft, wordt in het verslag rekening gehouden met het bbp per hoofd van de bevolking, de bevolkingsdichtheid en de investeringsbereidheid van de lidstaat. Deze laatste parameter is het resultaat van de enquêtes die in het kader van deze studie zijn uitgevoerd en geeft een indicatie van de bereidheid van de ondervraagde sectoren in de betreffende lidstaat om te investeren in hun eigen verspreide infrastructuur voor edgecomputing.
Figuur 9: Uitrol van edge-node-technologie (EU-prognose tot 2030) Het traject voor edge nodes is gebaseerd op de bevindingen van de studie van het Edge Observatory (https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/edge-observatory).
In het tweede “Edge Deployment Data Report” 19 wordt een internationaal perspectief gehanteerd; de staat van de uitrol van edge-technologie wordt hierin vergeleken met andere geografische gebieden buiten de EU, waaronder de Verenigde Staten, China, Japan en Zuid-Korea. Het verslag bevat ook een vergelijkende beoordeling van de ontwikkelingen op het gebied van edgecomputing.
Door middel van ditzelfde monitoringproces zal de uitrol van edge-technologie in de EU worden blijven gevolgd door, in een continu proces tot 2030, gegevens van nog eens tien lidstaten te verzamelen.
1.1.6.Kwantumcomputing
|
Streefcijfer: veilige, veerkrachtige, performante en duurzame digitale infrastructuur, waar de Unie tegen 2025 een eerste computer met kwantumacceleratie heeft, waardoor de Unie tegen 2030 een voortrekkersrol kan spelen op het gebied van kwantumcapaciteit. KPI-definitie: kwantumcomputing gemeten als het aantal operationele kwantumcomputers of kwantumsimulatoren, met inbegrip van versnellers van high-performance computing-supercomputers, uitgerold en toegankelijk voor de gebruikersgemeenschappen. Bron: Quantum Flagship-studie 20 . Beschikbare gegevenspunten: 2022 en 2023. Gegevenspunt 2023: 0. |
De uitgangswaarde voor deze KPI was 0 in 2022 en bleef dat in 2023, overeenkomstig het traject (figuur 10). Naar verwachting zal er tegen 2024 ten minste één operationele kwantumcomputer zijn geïnstalleerd, eerder dan voorzien in het beoogde tijdschema, gevolgd door een tweede in 2027 en ten minste een derde tegen 2030. Vanwege de specificiteit van deze doelstelling is er geen referentietraject vastgesteld.
Figuur 10: Aantal kwantumcomputers in de EU Traject naar 2030
Opmerking: Het traject voor kwantumcomputing is uitsluitend gebaseerd op een beoordeling door deskundigen (evenals in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau).
1.1.7.Gebruik van digitale technologieën
|
Streefcijfer: de digitale transformatie van bedrijven, waarbij ten minste 75 % van de ondernemingen in de Unie, afhankelijk van hun bedrijfsactiviteiten, gebruikmaakt van een of meer van de volgende elementen: i) cloudcomputingdiensten; ii) big data; iii) artificiële intelligentie. KPI-definitie 21 : (I)cloudcomputing, gemeten als het percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van ten minste een van de volgende cloudcomputingdiensten: financiële of boekhoudkundige softwaretoepassingen, softwaretoepassingen voor bedrijfsplanning (Enterprise Resources Planning – ERP), softwaretoepassingen voor klantbeheer (customer relationship management – CRM), softwaretoepassingen voor beveiliging, hosting van de databank(en) van het bedrijf, en een computerplatform dat een gehoste omgeving biedt voor de ontwikkeling, het testen of de implementatie van toepassingen; (II)big data, gemeten als het percentage ondernemingen dat big data uit een (interne of externe) gegevensbron analyseert. Vanaf het verslag van 2024 zullen big data worden gemeten aan de hand van het percentage ondernemingen dat (intern of extern) gegevensanalyses uitvoert; (III)artificiële intelligentie, gemeten als het percentage ondernemingen dat ten minste één AI-technologie gebruikt. Bron: Eurostat – EU-enquête inzake ICT-gebruik en e-handel door bedrijven. Beschikbare gegevenspunten: Cloud: 2014, 2016, 2018, 2020, 2021 en 2023 (reeksbreuk in 2021); Gegevensanalyse (big data vóór 2023): 2016, 2018, 2020 en 2023 (reeksbreuk in 2023); AI: 2021 en 2023. Gegevenswaarden 2023: cloudcomputing = 38,9 %; gegevensanalyse = 33,2 %; AI = 8 %, AI of cloud of gegevensanalyse = 54,6 %. |
Recente ontwikkelingen
Deze doelstelling heeft betrekking op het gebruik door EU-ondernemingen van drie verschillende digitale technologieën die een sleutelrol spelen bij het ondersteunen van het concurrentievermogen, het verbeteren van het vermogen om gegevens op te slaan, te extraheren en te verwerken, diensten en producten te verbeteren of nieuwe te creëren. De meting van de doelstelling wordt ondersteund door vier indicatoren die betrekking hebben op het percentage van EU-ondernemingen dat:
·gebruikmaakt van geavanceerde of intermediaire cloudcomputingdiensten;
·gebruikmaakt van gegevensanalyse, waaronder wordt verstaan het gebruik van technologieën, technieken of software-hulpmiddelen voor het analyseren van gegevens om patronen, trends en inzichten te extraheren om conclusies te trekken, voorspellingen te doen en betere besluitvorming te waarborgen met het oog op de verbetering van prestaties (bv. verhoging van de productie, verlaging van de kosten). De gegevens kunnen worden geëxtraheerd uit eigen gegevensbronnen van de onderneming of uit externe bronnen (bv. leveranciers, klanten, overheid);
·gebruikmaakt van ten minste één technologie op het gebied van artificiële intelligentie (AI), zoals 1) text mining, 2) spraakherkenning, 3) natuurlijke taalgeneratie, 4) beeldherkenning en -verwerking, 5) machinaal leren (bv. deep learning) voor gegevensanalyse, 6) op AI gebaseerde software voor robotische procesautomatisering, 7) autonome robots, zelfrijdende voertuigen, autonome drones;
·gebruikmaakt van artificiële intelligentie of cloudcomputingdiensten of gegevensanalyse. Deze indicator, die in 2023 werd berekend, sluit aan bij het streefcijfer voor het gebruik van digitale technologieën.
De overeenkomstige trajecten worden hieronder beschreven.
Cloud:
Figure 11 toont het traject naar het digitale decennium en het herziene referentietraject voor het percentage ondernemingen dat geavanceerde of intermediaire clouddiensten gebruikt. In 2023 maakte iets minder dan 40 % van de ondernemingen gebruik van cloudcomputingdiensten; de kloof ten opzichte van het ideale traject naar het digitale decennium bedroeg 8,4 procentpunten. Verwacht wordt dat deze kloof in een scenario met ongewijzigd beleid zonder extra investeringen tot 2030 licht zal toenemen tot meer dan 10 punten (64,4 % is de prognose voor 2030 op basis van het referentietraject).
Sinds 2021 is het percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van cloudcomputingdiensten met 4,9 procentpunten gestegen, van 34,0 % tot 38,9 %, wat overeenkomt met een jaarlijkse stijging van bijna 7 %. Dit tempo van vooruitgang is iets lager dan de jaarlijkse vooruitgang van meer dan 9 % in tien jaar die nodig is om de doelstelling te halen.
De verwachte waarde volgens het referentietraject voor 2030 bedraagt 64,4 %.
Figuur 11: Percentage van ondernemingen in de EU dat gebruikmaakt van clouddiensten. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 22
Gegevensanalyse (voorheen big data):
Figure 12 toont het traject naar het digitale decennium en het referentietraject voor het percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van gegevensanalyse. De verandering in de indicator in 2023, van het gebruik van big data naar het gebruik van gegevensanalyse 23 , bracht met zich mee dat voor gegevensanalyse een nieuw traject naar het digitaal decennium werd vastgesteld met in dat jaar een referentiewaarde van 33,2 % ( Figure 12 ). De verspreidingssnelheid van het referentietraject wordt geraamd op basis van de historische gegevenspunten die beschikbaar zijn voor de big data-indicator, die in Figure 12 worden aangegeven met rode punten. Het tijdschema voor de verspreiding hangt af van de referentiewaarde van de indicator voor gegevensanalyse voor 2023.
De geraamde waarde voor 2030 van deze indicator, in een scenario met ongewijzigd beleid, bedraagt volgens het referentietraject 50,3 %, 25 punten minder dan het streefcijfer voor 2030.
Figuur 12: Percentage ondernemingen dat gebruikmaakt van gegevensanalyse in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject naar 2030
Artificiële intelligentie: aangezien er slechts twee gegevenspunten voor het gebruik van AI beschikbaar zijn, wordt voor het referentietraject voor AI dezelfde parameter voor de verspreidingssnelheid gebruikt als voor het referentietraject voor big data, zoals vastgesteld in de mededeling over trajecten op EU-niveau. Net als bij de andere KPI’s wordt de timing van de verspreiding evenwel berekend door te bepalen dat het beginpunt van het referentietraject samenvalt met het in 2023 waargenomen gegevenspunt.
Figure 13 toont het traject naar het digitale decennium en het herziene referentietraject voor het percentage ondernemingen dat AI gebruikt. Het percentage ondernemingen dat AI gebruikt, steeg in twee jaar met slechts 0,4 procentpunt, van 7,6 % in 2021 24 tot 8,0 % in 2023. De kloof tussen de waargenomen en de ideale waarde bedroeg in 2023 meer dan 11 procentpunten en zal tot 2030 bij ongewijzigd beleid naar schatting toenemen tot bijna 60 punten. Minder dan 17 % van de ondernemingen zal naar verwachting tegen 2030 van AI gebruikmaken als er geen verdere maatregelen worden genomen (16,8 % is de prognose voor 2030 volgens het referentietraject).
Van 2021 tot 2023 vertoonde het percentage ondernemingen dat AI gebruikt weinig verandering, van 7,6 % in 2021 tot 8 % in 2023 25 . Dit komt neer op een bescheiden jaarlijkse stijging van slechts 2,6 %. Dit groeitempo is aanzienlijk lager dan de jaarlijkse vooruitgang van bijna 30 % die nodig is om de doelstelling voor 2030 te halen. De verwachte waarde volgens het referentietraject voor 2030 bedraagt 16,8 %.
Figuur 13: Percentage ondernemingen dat AI gebruikt in de EU. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030 (zelfde parameter voor de verspreidingssnelheid als in het referentietraject voor big data, zoals vastgesteld in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau).)
Artificiële intelligentie of cloudcomputingdiensten of gegevensanalyse: in 2023 werden alle drie de indicatoren voor het gebruik van artificiële intelligentie, cloudcomputingdiensten of gegevensanalyse verzameld. Het was daarom mogelijk om het streefcijfer voor het gebruik van digitale technologieën te meten als het percentage ondernemingen dat een of meer van deze drie technologieën gebruikt. In 2023 gebruikte 54,6 % van de ondernemingen in de EU ten minste een van deze technologieën. Per definitie voldoet een groter aantal ondernemingen aan deze KPI-definitie dan aan de afzonderlijke KPI-definities voor digitale technologieën.
De S-vormige functionele vorm wordt ook voor deze KPI gebruikt. Bij gebrek aan historische gegevens voor deze KPI wordt hier de snelheid van verspreiding voor cloudtechnologie gebruikt, terwijl het tijdstip van verspreiding afhangt van de waargenomen waarde voor deze KPI in 2023. De verwachte waarde voor 2030 volgens het traject bij ongewijzigd beleid bedraagt 72,3 %, wat niet ver verwijderd is van het EU-streefcijfer van 75 %.
Figuur 14: Percentage ondernemingen in de EU dat AI of cloudcomputing of gegevensanalyse gebruikt. Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en referentietraject naar 2030 (zelfde parameter voor de verspreidingssnelheid als in het referentietraject voor cloudcomputing)
Over het geheel genomen kan worden vastgesteld dat de invoering van digitale technologieën door ondernemingen ongelijk blijft. Het varieert afhankelijk van de gebruikte technologie, met grote verschillen tussen de lidstaten en de economische sectoren. De afgelopen jaren is enige vooruitgang geboekt bij het gebruik van cloudcomputingdiensten, tot bijna 39 % van de ondernemingen in de EU in 2023. Het gebruik van gegevensanalyse is ook relatief hoog: 33,2 % in 2023. Het gebruik van AI-technologieën is nog steeds veel beperkter; deze worden door slechts 8 % van de ondernemingen in de EU gebruikt. De afgelopen jaren is dit percentage stabiel gebleven.
De nieuwe indicator voor het gebruik van AI, cloudcomputing of gegevensanalyse, die voor het eerst beschikbaar was in 2023 en overeenkomt met de KPI voor dit streefcijfer, had een hogere waarde dan de indicatoren die betrekking hebben op de drie afzonderlijke technologieën, namelijk bijna 55 %. Door het ontbreken van historische gegevens kan de vooruitgang voor de komende jaren tot 2030 niet nauwkeurig worden geraamd. Ervan uitgaande dat er vergelijkbare vooruitgang wordt geboekt als voor cloudcomputing, kan worden geconcludeerd dat de EU als geheel in de buurt van de doelstelling voor 2030 zal komen. De cloud-indicator is de indicator die in het verleden de meeste vooruitgang heeft laten zien. De ontwikkeling van het gebruik van gegevensanalyse en met name AI verloopt echter veel trager; dit zou ook de ontwikkeling van de samengestelde indicator (AI/cloud/gegevensanalyse) kunnen vertragen.
Om de doelstellingen van het digitale decennium te halen, zullen de lidstaten aanzienlijke inspanningen moeten leveren door middel van een alomvattend en geïntegreerd beleid dat gericht is op het stimuleren van de toepassing en het aanpakken van belemmeringen die vooruitgang in de weg staan (zoals het gebrek aan gespecialiseerde vaardigheden en technische deskundigheid, belemmeringen voor het gebruik van gegevens). Zonder aanvullende gerichte acties zal het gebruik van gegevensanalyse en AI in het bijzonder aanzienlijk achterblijven bij de doelstellingen voor 2030.
1.1.8.Basisniveau van digitale intensiteit
|
Streefcijfer: de digitale transformatie van bedrijven, waarbij meer dan 90 % van de kleine en middelgrote ondernemingen in de Unie ten minste een basisniveau van digitale intensiteit bereikt 26 . KPI-definitie: kleine en middelgrote ondernemingen met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, gemeten als het percentage kleine en middelgrote ondernemingen dat ten minste vier van de twaalf geselecteerde digitale technologieën gebruikt. Bron: Eurostat – EU-enquête inzake ICT-gebruik en e-handel door bedrijven (code: ISOC_E_DII 27 . Sinds 2021 worden er om de twee jaar twee verschillende versies van deze indicator gemeten: DII ver. III, gemeten in 2021 en 2023; DII ver. IV, gemeten in 2022. Het is de bedoeling om DII ver. III vanaf 2026 stabiel te houden. Beschikbare gegevenspunten: van 2015 tot 2023. Jaarlijkse reeksbreuk, met uitzondering van 2023 en 2021. Gegevenswaarde 2023: 57,7 %. |
Context, aannames, functionele modelvorm en recentste ontwikkelingen
“Digitale intensiteit” is een geaggregeerde waarde op basis van het aantal technologieën dat een bedrijf gebruikt, ten opzichte van een scorebord van verschillende technologieën, in overeenstemming met de index van de digitale economie en samenleving. Deze doelstelling heeft betrekking op een brede toepassing van digitale technologieën door kleine en middelgrote ondernemingen in de EU 28 , de bedrijven die in 2020 bijna twee derde van de actieve bevolking in de niet-financiële economie van de EU in dienst hadden.
De digitale intensiteit wordt gemeten aan de hand van de Digital Intensity Index (DII), die meet hoeveel van de twaalf geselecteerde technologieën door bedrijven worden gebruikt. Een basisniveau van digitale intensiteit betekent dat een onderneming ten minste vier van de twaalf geselecteerde digitale technologieën gebruikt.
De index bestrijkt elk jaar een breed scala aan technologieën, van basistechnologieën tot meer geavanceerde technologieën, en is bedoeld om het digitaliseringsniveau van kleine en middelgrote ondernemingen in de EU te meten. De enquête van 2023 omvatte de volgende twaalf technologieën en/of criteria (bron Eurostat): “Meer dan 50 % van de werknemers van de onderneming maakt voor zakelijke doeleinden gebruik van computers met toegang tot internet; de onderneming gebruikt ERP-softwarepakketten om informatie tussen verschillende functionele bedrijfsonderdelen uit te wisselen; de maximale downloadsnelheid van de snelste vaste internetverbinding bedraagt volgens contract ten minste 30 Mb/s; de verkopen via internet maken meer dan 1 % van de totale omzet uit en de onlineverkopen aan particuliere klanten (B2C) vormen meer dan 10 % van de totale onlineverkopen; de gegevensanalyse voor de onderneming wordt uitgevoerd door eigen werknemers van de onderneming of door een externe dienstverlener; de onderneming maakt gebruik van sociale media; de onderneming beschikt over software voor klantenrelatiebeheer (customer relationship management – CRM); de onderneming maakt gebruik van geavanceerde of intermediaire cloudcomputingdiensten; de onderneming maakt gebruik van AI-technologie; de onderneming maakt tegen betaling gebruik van cloudcomputingdiensten; de onderneming maakt voor de verkoop gebruik van computernetwerken (ten minste 1 %); de onderneming maakt gebruik van twee of meer sociale media 29 ”.
Met een flexibele definitie kan de indicator worden aangepast aan technologische veranderingen en kan deze worden ontwikkeld, aangezien vaardigheden of technologieën die nu als geavanceerd worden beschouwd, in de toekomst misschien slechts basaal zijn.
Dankzij de beschikbaarheid van twee vergelijkbare gegevenspunten, 2021 en 2023, heeft de Commissie een nieuw traject voor het digitale decennium kunnen ramen met een referentiewaarde voor 2021 en een referentietraject op basis van DII ver. III.
Het traject naar het digitale decennium is gebaseerd op een lineaire functionele vorm, aangezien de aanname is dat de KPI vanaf 2021 een stijgende trend zal volgen, waardoor de doelstelling in 2030 zal worden gehaald (figuur 14).
Figuur 15: Digital Intensity Index versie III. Historische vergelijkbare gegevens en het traject naar het digitale decennium (DD) naar 2030 op basis van de DII versie III
Van 2021 tot 2023 is het percentage ondernemingen met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit licht gestegen van 54,8 % tot 57,7 %. Dit komt overeen met een bescheiden jaarlijkse vooruitgang van 2,6 %, d.w.z. minder dan de helft van het groeitempo dat nodig is om de doelstelling voor 2030 te halen (5,7 % gedurende de periode 2021-2030). De verwachte waarde voor 2030 op basis van het referentietraject bedraagt 67,9 %.
1.1.9.Innovatieve bedrijven/scale-ups (eenhoorns)
|
Streefcijfer: de digitale transformatie van bedrijven, waarbij de Unie de groei van haar innovatieve scale-ups bevordert en hun toegang tot financiering verbetert, waardoor het aantal eenhoorns minstens zal verdubbelen. KPI-definitie: eenhoorns worden gemeten als de som van de in artikel 2, punt 11, a), van het besluit en de in artikel 2, punt 11, b), van dat besluit bedoelde eenhoorns. Bron: Dealroom platform 30 . Beschikbare gegevenspunten: 2008 tot 2023. Gegevenswaarde 2023 31 : 263. |
De doelstelling voor 2030 voor deze KPI vereist een definitie van het referentiegegevenspunt. In deze mededeling wordt het aantal eenhoorns dat in 2022 in de EU is geregistreerd (249) als referentiepunt genomen en wordt 500 als doelstelling voor 2030 aangemerkt. Ervan uitgaande dat de lidstaten naar verhouding een even grote inspanning leveren, moet het streefcijfer voor 2030 op landniveau ten minste twee keer zo hoog zijn als het totale aantal eenhoorns dat eind 2022 geregistreerd werd en gepubliceerd werd in de DESI van 2023.
Uit recentelijk gepubliceerde gegevens blijkt dat er in 2023 sinds 2017 nooit zo weinig eenhoorns in de EU waren opgericht, wat samenhangt met de afnemende waardering van start-ups. In 2023 nam het aantal start-ups met een waardering van meer dan 1 miljard USD in de hele EU netto toe met 14, een daling van 82 % ten opzichte van het record van +79 in 2021 ( Table 2 ). De sterke toename van de waarderingen die de COVID-periode in 2021 en 2022 kenmerkte, is duidelijk tot staan gekomen. De jaarlijkse vooruitgang tussen 2022 en 2023 bedroeg 5,6 %, van 249 tot 263, de laagste groei sinds 2009. Deze vertraging houdt verband met de druk op de particuliere kapitaalmarkten, die heel 2023 merkbaar was en die wordt bevestigd door de recentste kwartaalgegevens van de EU.
Uit gegevens voor het eerste kwartaal van 2024 32 blijkt dat de toename van het aantal eenhoorns in de EU in de eerste maanden van 2024 met zes stuks relatief laag was. Dit komt overeen met de groei in het eerste kwartaal van 2023 (met vier nieuwe eenhoorns), wat erop wijst dat de weg naar boven nog niet is gevonden. Het staat ook in schril contrast met de groei in het eerste kwartaal van 2021 en 2022 (respectievelijk 17 en 19 nieuwe eenhoorns in de hele EU). Kortom, het “geboortecijfer” van eenhoorns in de EU is flink gedaald, tot het niveau van vóór COVID-19.
Tabel 2: aantal eenhoorns in de EU: jaarlijkse nettotoename (nieuwe minus verdwenen eenhoorns) en relatieve jaarlijkse vooruitgang sinds 2009
Het referentietraject is gebaseerd op de historische gegevens van eenhoorns voor de periode 2008-2023. De functionele vorm die in dit geval is gekozen, is exponentieel 33 en is geschikt voor de historische gegevens ( Figure 16 ). Net als in de mededeling van 2023 over trajecten op EU-niveau wordt in dit geval geen traject naar het digitale decennium getoond.
Figuur 16: Aantal eenhoorns in de EU. Historische gegevens en referentietraject
Ondanks de duidelijke vertraging in 2023 is een exponentiële trend nog steeds de beste manier om de historische trend weer te geven. Wij merken echter op dat de recentste gegevens wijzen op een toekomstige trend die eerder lineair dan exponentieel zal zijn. Gelet op de geraamde referentiecurve in Figure 16 zal naar verwachting ruim vóór 2030, namelijk eind 2025, het aantal van 500 eenhoorns worden bereikt. Een scenario waarin de COVID-jaren 2021 en 2022 bij de raming buiten beschouwing worden gelaten, levert sterk vergelijkbare resultaten op. De gevolgen van het tragere tempo waarin nieuwe eenhoorns worden gecreëerd, zowel op EU-niveau als wereldwijd, zullen waarschijnlijk de komende jaren duidelijk worden.
1.1.10.Digitalisering van overheidsdiensten
|
Streefcijfer: de digitalisering van overheidsdiensten, waarbij 100 % van de belangrijke overheidsdiensten online toegankelijk is, en in voorkomend geval burgers en bedrijven in de Unie online kunnen communiceren met overheidsdiensten. KPI-definitie: -Burgers: online beschikbare belangrijke overheidsdiensten voor burgers, gemeten als het aandeel administratieve stappen voor grote levensgebeurtenissen dat volledig online kan worden uitgevoerd. De volgende levensgebeurtenissen worden in aanmerking genomen: verhuizing; vervoer; het starten van een procedure voor geringe vorderingen; gezin; loopbaan; studie; en gezondheid. -Bedrijven: online beschikbare belangrijke overheidsdiensten voor bedrijven, gemeten als het aandeel administratieve stappen dat nodig is om een bedrijf op te starten en regelmatige bedrijfsactiviteiten uit te voeren, die volledig online kunnen worden uitgevoerd. Bron: Benchmarkverslag over e-overheid 34 . Beschikbare gegevenspunten: van 2013 tot 2023 (reeksbreuk vanaf 2020). Gegevenswaarde 2023: Burgers = 79,4 (score 0-100); Bedrijven = 85,4 (score 0-100). |
Recente ontwikkelingen
De twee voor de trajectramingen gebruikte KPI’s zijn:
·Voor burgers wordt de doelstelling gemonitord aan de hand van het aandeel administratieve stappen dat online kan worden uitgevoerd voor grote levensgebeurtenissen (verhuizing; vervoer; het starten van een procedure voor geringe vorderingen; gezin; loopbaan; studie; gezondheid).
·Voor bedrijven wordt de doelstelling gemonitord aan de hand van het aandeel overheidsdiensten dat nodig is voor het opstarten van een bedrijf en voor het uitvoeren van reguliere bedrijfsactiviteiten die online beschikbaar zijn voor zowel binnenlandse als buitenlandse gebruikers.
De bij de benchmark inzake e-overheid gebruikte methode werd in 2020 herzien, wat leidde tot een reeksbreuk voor beide indicatoren 35 . De beschikbaarheid van drie, vergelijkbare gegevenspunten na de breuk in de reeks maakte het mogelijk de herziene referentietrajecten volledig te ramen op basis van gegevens na de reeksbreuk (2021, 2022 en 2023).
De historische gegevens, het traject naar het digitale decennium en het herziene referentietraject worden weergegeven in Figure 17 a voor de KPI voor burgers en Figure 17 b voor de KPI voor bedrijven.
Figuur 17: Onlinedienstverlening aan burgers (bovenste grafiek) en bedrijven (onderste grafiek). Historische gegevens, traject naar het digitale decennium (DD) en herzien referentietraject naar 2030
|
(a)Aandeel van administratieve stappen die online kunnen worden uitgevoerd voor grote levensgebeurtenissen voor burgers en buitenlanders (0 = er kunnen online geen stappen worden gezet; 100 = het hele proces kan online worden uitgevoerd). Historische gegevens, traject naar digitaal decennium en referentietraject |
|
|
|
(b)Aandeel van de overheidsdiensten die nodig zijn om een bedrijf op te starten en reguliere bedrijfsactiviteiten uit te voeren en die zowel voor nationale als voor buitenlandse gebruikers online beschikbaar zijn (0 = er kunnen online geen stappen worden gezet; 100 = het hele proces kan online worden uitgevoerd). Historische gegevens, traject naar digitaal decennium en referentietraject |
|
|
De score voor de levering van belangrijke digitale overheidsdiensten aan burgers is in één jaar met 3,2 % gestegen, van 77,0/100 tot 79,4/100. Dit tempo van vooruitgang ligt iets lager dan de jaarlijkse vooruitgang van meer dan 3,3 % gedurende tien jaar die nodig is om de doelstelling te halen, uitgaande van een lineaire trend. In 2023 bedroeg de kloof tussen de laatste waargenomen waarde en de ideale waarde volgens het traject naar het digitale decennium 7,8 punten; deze zal naar verwachting toenemen tot 9,8 punten in 2030. Dit wijst erop dat de huidige trend achterblijft bij het streefcijfer.
Een vergelijkbaar patroon valt waar te nemen bij de verlening van belangrijke overheidsdiensten voor bedrijven, waarvan de score in één jaar met 2 % toenam, van 83,7/100 tot 85,4/100. De geraamde kloven ten opzichte van het ideale traject in 2023 en 2030 zijn beperkter dan bij de dienstverlening aan burgers, respectievelijk 5,4 en 6,2 procentpunten.
Gezegd moet worden dat deze KPI’s beide aan de bovenkant van de “technologie-implementatiecurve” zitten, althans op EU-niveau. Dit wijst op een situatie waarin de websites van overheidsdiensten een steeds hogere ontwikkelingsgraad bereiken en van betere kwaliteit worden, waarbij het steeds moeilijker wordt om geleidelijke verbeteringen te bewerkstelligen.
De verwachte waarde voor 2030 bedraagt volgens het referentietraject 90,9/100 voor de indicator voor burgers en 93,8/100 voor de indicator voor de bedrijven.
1.1.11.Elektronisch patiëntendossier
|
Streefcijfer: de digitalisering van overheidsdiensten, waarbij 100 % van de burgers van de Unie toegang heeft tot hun elektronische patiëntendossiers. KPI-definitie: toegang tot digitale patiëntendossiers, gemeten als: i) de beschikbaarheid in het hele land van onlinetoegangsdiensten voor burgers tot hun elektronische patiëntendossier (via een patiëntenportaal of een mobiele app voor patiënten) met aanvullende maatregelen die bepaalde categorieën mensen (bv. voogden van kinderen, personen met een handicap, ouderen) ook toegang geven tot hun gegevens, en ii) het percentage personen dat in staat is toegang te krijgen tot en gebruik te maken van hun eigen patiëntendossier dat in openbare en particuliere systemen voor elektronische medische dossiers (EPD-systemen) is opgeslagen. Bron: Capgemini Invent 36 . Beschikbare gegevenspunten: 2022 en 2023. Gegevenswaarde 2023: 2023 = 79 (score 0-100). |
Het conceptuele kader van de e-gezondheidsindicator kijkt naar de beschikbaarheid van elektronische gezondheidsgegevens voor Europese burgers en meet niet hun daadwerkelijke gebruik van onlinetoegangsdiensten voor gezondheidsgegevens. Het kader bestaat uit vier thematische dimensies, elk met indicatoren die de belangrijkste aspecten van de beschikbaarheid van onlinetoegang tot gegevens uit elektronische patiëntendossiers meten. Er zijn in totaal twaalf indicatoren op landniveau die het volgende beschrijven:
1. de landelijke beschikbaarheid van onlinetoegang tot elektronische gezondheidsgegevens;
2. de categorieën toegankelijke gezondheidsgegevens;
3. de beschikbaarheid van authenticatiesystemen, het type front-end oplossingen en de dekking;
4. de toegankelijkheid voor bepaalde categorieën mensen, zoals kwetsbare groepen.
De indicator voor e-gezondheid is een geaggregeerde maatstaf die de scores voor de verschillende thematische dimensies combineert.
Het traject naar het digitale decennium is hetzelfde als het traject dat is opgenomen in de mededeling van 2023 over trajecten op Unieniveau en is gebaseerd op een lineaire functionele vorm, waarbij ervan wordt uitgegaan dat de KPI gedurende de hele periode een stijgende trend volgt met een constant tempo. Aangezien er slechts twee gegevenspunten zijn, namelijk 2022 en 2023, wordt aangenomen dat het referentietraject de lijn is die door deze twee punten loopt ( Figure 18 ).
In 2023 scoorde de EU 79/100, tegenover 72/100 in 2022, wat neerkomt op een jaarlijkse groei van 9,7 %. In dit tempo zal het streefcijfer voor 2030 in 2026 worden gehaald.
Het is echter belangrijk te erkennen dat de lineaire functionele vorm wellicht niet het meest geschikt is om de ontwikkeling van de e-gezondheidsindicator te voorspellen. Nu de meeste systemen voor elektronische patiëntendossiers uitontwikkeld raken, is het waarschijnlijk dat de curve zal afvlakken. Dit kan door verschillende factoren komen, zoals de toenemende moeilijkheid om toegang te bieden tot de resterende categorieën gezondheidsgegevens, alle toepasselijke soorten zorgaanbieders met elkaar te verbinden en voldoende ondersteuning voor kwetsbare groepen te waarborgen. Bijgevolg kan het moeilijk worden om het tempo van de recente groei te handhaven. Naarmate er meer gegevenspunten beschikbaar komen, valt te verwachten dat er in de toekomst een S-vormige curve zal worden toegepast.
Figuur 18: Samengestelde e-gezondheidsindicator. Historische gegevens en DD-traject
1.1.12.Elektronische identificatie (eID)
|
Streefcijfer: de digitalisering van overheidsdiensten, waarbij 100 % van de burgers van de Unie toegang heeft tot beveiligde elektronische identificatie (eID), betekent dat zij in de hele Unie worden erkend, zodat zij volledige controle hebben over identiteitstransacties en gedeelde persoonsgegevens. KPI-definitie: de toegang tot eID wordt gemeten aan de hand van twee KPI’s: 1) het aantal lidstaten dat ten minste één nationaal eID-stelsel heeft aangemeld overeenkomstig Verordening (EU) nr. 910/2014; en 2) het aantal lidstaten dat toegang heeft verleend tot beveiligde eID ter verbetering van de privacy via de Europese digitale portemonnee overeenkomstig het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 betreffende een Europees kader voor een digitale identiteit 37 . Bron: Het Europees kader voor een digitale identiteit. Gegevenswaarden 2023: 22 van de 27 nationale eID-stelsels aangemeld overeenkomstig Verordening (EU) nr. 910/2014. |
De doelstelling van het digitale decennium inzake elektronische identificatie bepaalt dat 100 % van de burgers tegen 2030 toegang moet hebben tot beveiligde eID met verbeterde privacy.
De voortgang bij de verwezenlijking van de doelstelling wordt gevolgd aan de hand van twee KPI’s. De eerste KPI is het aantal lidstaten dat ten minste één nationaal eID-stelsel bij de Commissie heeft aangemeld overeenkomstig Verordening (EU) nr. 910/2014.
In 2024 hadden 22 EU-lidstaten eID-stelsels aangemeld, die voor iets meer dan 93 % van de EU-bevolking beschikbaar waren. Dit cijfer vormt een lichte verbetering ten opzichte van 2023, toen 21 lidstaten een eID-stelsel hadden aangemeld. De afgelopen drie jaar was de vooruitgang echter opmerkelijk: in 2021, toen de verordening tot vaststelling van het Europees kader voor digitale identiteit werd vastgesteld, hadden slechts 14 lidstaten eID-stelsels aangemeld, die voor bijna 60 % van de EU-bevolking beschikbaar waren. Dit aantal steeg in 2022 tot 18 lidstaten met aangemelde eID-stelsels. De noodzaak om vooruitgang te boeken op dit gebied werd benadrukt in het verslag over de staat van het digitale decennium 2023 38 , waarin de lidstaten werd verzocht hun eID-stelsel aan te melden.
De tweede KPI gebruikt als benchmark het voorstel tot herziening van het bestaande Europese initiatief voor elektronische identificatie en vertrouwensdiensten (eIDAS-verordening), dat in het nieuwe Europese kader voor een digitale identiteit is opgenomen. Het nieuwe kader, dat in 2021 werd voorgesteld 39 , heeft tot doel ervoor te zorgen dat tegen 2030, in overeenstemming met de doelstelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, 100 % van de EU-burgers toegang heeft tot een beveiligd eID-stelsel dat in de hele EU wordt erkend en gebruikers volledige controle geeft over identiteitstransacties en gedeelde persoonsgegevens. Het nieuwe kader omvat ook een persoonlijke digitale portemonnee die mensen in staat moet stellen hun identiteit te bewijzen en identiteitsgerelateerde attributen en elektronische documenten op een veilige en gemakkelijke manier te delen. Dankzij de Europese portemonnees voor digitale identiteit kunnen personen kiezen welke aspecten van hun identiteit, data en certificaten zij met derden delen, en dat op de voet volgen. De gebruikers hebben zeggenschap over hun data, zodat alleen informatie wordt gedeeld wanneer dat nodig is. Gebruikers kunnen altijd zelf beslissen of ze de Europese portemonnee voor digitale identiteit gebruiken. Op grond van het nieuwe kader, dat op 20 mei 2024 in werking is getreden, moeten de EU-lidstaten toegang bieden tot een digitale portemonnee op basis van gemeenschappelijke technische normen.
De ontwikkeling van deze doelstelling hangt af van de uitvoering van het Europees kader voor een digitale identiteit door de lidstaten. De trajecten van deze doelstelling zullen worden vastgesteld op basis van de door de medewetgevers vastgestelde termijn voor de levering van de Europese portemonnee voor digitale identiteit door de lidstaten.
In het kader van de herziening van de digitale doelstellingen die de Commissie krachtens artikel 4, lid 2, van Besluit (EU) 2022/2481, indien noodzakelijk, uiterlijk in juni 2026 moet uitvoeren, kan de doelstelling voor 2030 voor toegang tot beveiligde eID ter verbetering van de privacy worden herzien, rekening houdend met de vaststellings- en uitvoeringsfasen van het Europees kader voor een digitale identiteit.
2.Bijlage: De trajecten van het beleidsprogramma voor het digitale decennium per 2024 in vogelvlucht
|
Ten minste digitale basisvaardigheden Waarde 2023: 55,6 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 80 % ·prognose: 59,8 % |
|
|
ICT-specialisten met beroepsactiviteit Waarde 2023: 9,79 miljoen Waarde 2030: ·streefcijfer: 20 miljoen ·prognose: 12,2 miljoen |
|
|
Vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (gigabit) Waarde 2023: 78,8 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 100 % ·prognose: 94,7 % |
|
|
Glasvezeldekking (FTTP) Waarde 2023: 64,0 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 100 % ·prognose: 89,5 % |
|
|
Totale 5G-dekking Waarde 2023: 89,3 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 100 % ·prognose: 100 % |
|
|
Halfgeleiders Waarde 2023 (raming): 11 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 20 % ·prognose: n.v.t. |
n.v.t. |
|
Edge nodes Waarde 2023 (raming): 687 Waarde 2030: ·streefcijfer: 10 000 ·prognose: n.v.t. |
|
|
Aantal kwantumcomputers Waarde 2023: 0 Waarde 2030: ·streefcijfer: “geavanceerde kwantumcapaciteiten” ·prognose: 3 |
|
|
Gebruik van clouddiensten door bedrijven Waarde 2023: 38,9 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 75 % ·prognose: 64,4 % |
|
|
Gebruik van gegevensanalyse door bedrijven Waarde 2023: 33,2 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 75 % ·prognose: 50,3 % |
|
|
Gebruik van AI door bedrijven Waarde 2023: 8,0 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 75 % ·prognose: 16,8 % |
|
|
Gebruik van AI of cloudcomputingdiensten of gegevensanalyse Waarde 2023: 54,6 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 75 % ·prognose: 72,3 % |
|
|
Kleine en middelgrote ondernemingen met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit Waarde 2023: 57,7 % Waarde 2030: ·streefcijfer: 90 % ·prognose: 67,9 |
|
|
Aantal eenhoorns Waarde 2023: 263 (aantal) Waarde 2030: ·streefcijfer: 500 ·prognose: >500 |
|
|
Digitalisering van overheidsdiensten voor burgers Waarde 2023: 79,4/100 Waarde 2030: ·streefcijfer: 100/100 ·prognose: 90,9/100 |
|
|
Digitalisering van overheidsdiensten voor bedrijven Waarde 2023: 85,4/100 Waarde 2030: ·streefcijfer: 100/100 ·prognose: 93,8/100 |
|
|
Samengestelde e-gezondheidsindicator voor de beschikbaarheid van elektronische medische gegevens Waarde 2023: 79 (score 0-100) Waarde 2030: ·streefcijfer: 100/100 ·prognose: 100 |
|
|
eID Waarde 2023: 22 landen met aangemelde eID-stelsels Digitale portemonnee De KPI volgt het Europees kader voor een digitale identiteit. |
n.v.t. |
https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/edge-observatory .
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 3: Korte verslagen van de lidstaten van de EU-27
Staat van het digitale decennium 2024
Oostenrijk
1 Samenvatting
Oostenrijk levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 boekte Oostenrijk opmerkelijke vooruitgang op het gebied van de gigabit-connectiviteitsinfrastructuur (met name FTTP) en de toepassing van cloudtechnologie. Wel liggen er nog steeds enkele uitdagingen bestaan op het gebied van de dekking van gigabitnetwerken van hoge kwaliteit en de inzet van gegevensanalyse door ondernemingen. In de wet digitaal Oostenrijk worden de digitale maatregelen en beginselen van het werkprogramma van de regering uiteengezet. Deze nationale strategie is goed afgestemd op de streefcijfers (zoals connectiviteit, vaardigheden en e-overheid) en doelstellingen (bv. cyberbeveiliging, concurrentievermogen, innovatie, klimaatactie) van het digitale decennium. De Oostenrijkse autoriteiten erkennen dat de digitalisering een transformerend effect op de economische groei en de werkgelegenheid heeft en zijn daar actief mee bezig. De zelfbeoordeling van de sterke en zwakke punten en uitdagingen die in het stappenplan wordt gepresenteerd, komt overeen met de beoordeling die is uitgevoerd in het kader van het digitale decennium. Oostenrijk heeft een geschoolde bevolking, concurrerende spelers in de halfgeleider- en kwantumcomputingsector en een zeer goed ondersteuningssysteem voor start-ups. De breedbandconnectiviteit blijft echter onderontwikkeld en de inzet van digitale technologieën door bedrijven kan worden verbeterd. Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 1 is 71 % van de Oostenrijkse burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat rond het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Wat de Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) betreft, is Oostenrijk aangesloten bij het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie en de onderhandelingen aan het afronden om lid te worden van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (ALT-EDIC, CitiVERSE EDIC, beide al opgezet). Oostenrijk neemt ook deel aan werkgroepen die EDIC’s op andere gebieden willen opzetten, waaronder mobiliteits- en logistieke gegevens, de academie voor vaardigheden op het gebied van cyberbeveiliging, geconnecteerde overheidsdiensten, digitale commons of agrofood 2 .
In het Oostenrijkse herstel- en veerkrachtplan wordt 36 % toegewezen aan digitale transformatie (1,3 miljard EUR) 3 , waarbij prioriteit wordt gegeven aan gigabitconnectiviteit en digitale vaardigheden. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 80 miljoen EUR (7 % van de totale financiering voor het cohesiebeleid van het land) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 4 .
|
Oostenrijk |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
AT |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
54,8 % |
67,6 % |
23,3 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
36,6 % |
41,0 % |
11,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
91,7 % |
96,0 % |
4,7 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
30 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
64,4 % |
57,9 % |
-5,2 % |
57,7 % |
2,6 % |
x |
90 % |
|
Cloud |
28,8 % |
35,6 % |
11,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
x |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
8,8 % |
10,8 % |
10,8 % |
8,0 % |
2,6 % |
x |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
23,9 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
x |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
47,0 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
5 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
63,3 % |
64,7 % |
1,1 % |
55,6 % |
1,5 % |
100 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
5,0 % |
5,3 % |
6,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
x |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
78,4 |
80,7 |
2,9 % |
79,4 |
3,1 % |
x |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
82,9 |
82,9 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
x |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
88,2 |
88,2 |
0,0 % |
79,1 |
10,6 % |
x |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationale strategische stappenplannen voor het digitale decennium
De bijdrage van Oostenrijk aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een lage ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan is over het geheel genomen coherent en identificeert relevante zwakke punten, maar ontbeert formele nationale toezeggingen. Het Oostenrijkse stappenplan laat zien dat het streefcijfer voor de KPI voor toegang tot een veilige eID al is gehaald en omvat nationale streefcijfers voor 2030 voor drie KPI’s (VHCN, 5G, bevolking met ten minste digitale basisvaardigheden), maar er ontbreken formele nationale streefcijfers voor de resterende twaalf KPI’s. De drie nationale streefcijfers voor 2030 zijn afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030 (VHCN en 5G) en het streefcijfer voor “ten minste digitale basisvaardigheden” is nog ambitieuzer (100 % in plaats van 80 %). Trajecten met jaarlijkse prognoses tot 2030 ontbreken voor alle streefcijfers behalve VHCN en 5G. Het stappenplan omvat verschillende doelstellingen van het digitale decennium, zoals veerkracht, veiligheid en soevereiniteit. Andere dimensies, zoals de groene transitie, zouden verder kunnen worden onderzocht.
De totale begroting van de zestig voorgestelde maatregelen wordt geraamd op 3,4 miljard EUR (ongeveer 0,7 % van het bbp), waarbij de prioriteiten liggen op het gebied van gigabitconnectiviteit en steun aan start-ups en eenhoorns. Volgens het stappenplan van Oostenrijk zijn er momenteel zes eenhoorns in het land, slechts één meer dan de waarde geregistreerd door Dealroom , die in dit verslag als gegevensbron wordt gebruikt. Sommige aspecten vereisen meer actie, vooral als het gaat om de digitalisering van ondernemingen (invoering van geavanceerde technologieën).
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
In deze context zou Oostenrijk, bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) expliciete nationale streefcijfers voor 2030 moeten vaststellen die zullen bijdragen aan het verwezenlijken van de EU-streefcijfers voor 2030 voor ICT-specialisten, FTTP, edge nodes, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, de inzet van gegevensanalyse, de cloud en artificiële intelligentie, eenhoorns, digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven, en toegang tot elektronische patiëntendossiers; ii) de gerelateerde trajecten moeten vaststellen, met jaarlijkse prognoses tot 2030 voor alle streefcijfers (behalve VHCN en 5G); -MAATREGELEN: i) meer details moeten toevoegen over de begroting en de financieringsbronnen voor de maatregelen waar die ontbreken; ii) maatregelen moeten toevoegen voor edge nodes en het gebruik van gegevensanalyse; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Oostenrijkse burgers van digitale rechten hebben. Van de Oostenrijkers gelooft 55 % (een stijging van 8 punten) dat de EU hun digitale rechten beschermt, wat boven het EU-gemiddelde ligt van 45 %. Het vertrouwen op alle relevante gebieden, zoals de vrijheid van vergadering op internet (65 %), digitale overheidsdiensten (65 %) en privacyvriendelijke technologieën (67 %), ligt boven het EU-gemiddelde. Belangrijke zorgen zijn onder meer de controle over persoonsgegevens (38 %) en de onlineveiligheid van kinderen (47 %). Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 5 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Oostenrijk zou zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen kunnen verbeteren door de kloof op het gebied van connectiviteit en inzet van technologie door ondernemingen te overbruggen. De dekking van netwerken met zeer hoge capaciteit (67,6 %, EU-gemiddelde: 78,8 %) en FTTP (41,0 %; EU-gemiddelde: 64,0 %) blijft de belangrijkste zwakke plek van de Oostenrijkse digitale infrastructuur, maar de situatie is aan het verbeteren dankzij de implementatie van het initiatief Breedband Oostenrijk 2030. De 5G-dekking is zeer goed (96,0 %), maar het gebruik blijft achter. Voor zowel vaste als mobiele connectiviteit moet bijzondere aandacht worden besteed aan plattelandsgebieden. De digitalisering van ondernemingen laat een gemengd beeld zien. Er zijn vlaggenschipactoren in de halfgeleider- en kwantumcomputingsector; de overheidssteun voor start-ups is groot en de inzet van AI door het bedrijfsleven is goed. Aan de andere kant blijft de digitalisering van alle kmo’s middelmatig en zou de inzet van gegevensanalyse en cloudtechnologie kunnen worden verbeterd. De uitdaging voor Oostenrijk is om zijn koploperbedrijven te behouden en er tegelijkertijd voor te zorgen dat de digitalisering doorsijpelt naar alle economische actoren. Het digitale actieplan voorziet in algemene richtlijnen om de digitale soevereiniteit, inclusief gegevenssoevereiniteit, te waarborgen. De Oostenrijkse strategie voor cyberbeveiliging biedt een strategisch kader op dit gebied en zal de uitvoering van de NIS2-richtlijn bevorderen.
|
Aanbevelingen – Oostenrijk zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) passende maatregelen moeten nemen om het huidige aanhoudende tempo van de uitrol van FTTP vast te houden en zorgvuldig toezicht houden op de meetgegevens, inclusief landelijke dekking, om tegen 2030 volledige dekking te bereiken; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -EDGE NODES: specifieke maatregelen moeten voorstellen om de inzet van edge nodes te ondersteunen; -KMO’S: voor een duidelijke strategie gericht op kmo’s moeten zorgen, en ambitieuzere specifieke steunregelingen moeten voorstellen om een nieuwe dynamiek in hun digitalisering te stimuleren; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) specifieke maatregelen moeten ontwerpen om de inzet van geavanceerde technologieën door ondernemingen te vergroten, vooral op het gebied van technieken voor gegevensanalyse en de cloud; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Oostenrijk kan bogen op een digitaal geschoolde bevolking, maar kampt nog steeds met tekorten aan vaardigheden op de arbeidsmarkt. Het niveau van de digitale vaardigheden van de bevolking (64,7 %) ligt aanzienlijk boven het EU-gemiddelde (55,6 %). In het kader van het digitale decennium valt de ambitie van Oostenrijk op, aangezien het land ernaar streeft dat 100 % van de bevolking tussen 16 en 74 jaar tegen 2030 over ten minste digitale basisvaardigheden beschikt. Om dit streefcijfer te bereiken zal een aanhoudend voortgangstempo met passende ondersteunende maatregelen nodig zijn. Er zijn 237 000 ICT-specialisten in Oostenrijk (5,3 % van de werkgelegenheid, boven het EU-gemiddelde). Toch ervaart Oostenrijk uitdagingen in verband met tekorten aan vaardigheden, zoals ook benadrukt wordt in de recente landverslagen van het Europees Semester. Hoewel maatregelen ter verbetering van de digitale vaardigheden van de bevolking effectief lijken (vooral op het niveau van het formele onderwijs), moet dit nog zijn beslag krijgen in meer werknemers op de arbeidsmarkt.
De stand van zaken op het gebied van de digitalisering van de overheidsdiensten is middelmatig en vergt mogelijk versnelling. Het stappenplan voorziet in maatregelen om de prestaties van het land op het gebied van de digitalisering van de overheidsdiensten in de toekomst te verbeteren. Oostenrijk heeft in 2023 een algemene maturiteitsscore voor e-gezondheidszorg van 88,2, blijft stabiel vergeleken met de gegevens van vorig jaar en ligt daarmee nog steeds boven het EU-gemiddelde. Alle burgers hebben toegang tot een veilige digitale identiteit (eID), maar het gebruik ervan moet worden bevorderd. Oostenrijk anticipeert op de invoering van de toekomstige Europese portemonnee voor digitale identiteit (EUDI Wallet).
|
Aanbevelingen – Oostenrijk zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: maatregelen moeten verkennen om de digitale vaardigheden van de bevolking met afstand tot digitalisering (zoals laaggeschoolde werkzoekenden) te vergroten om het zeer ambitieuze nationale streefcijfer te verwezenlijken; -ICT-SPECIALISTEN: op basis van de conclusies van het onderzoek naar professionals in het offensief voor digitale vaardigheden, nieuwe gerichte maatregelen moeten ontwerpen om het aantal ICT-specialisten drastisch te vergroten, onder meer door de beroepsbevolking bij te scholen/om te scholen en de genderkloof te overbruggen; -eID/BELANGRIJKE DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: het gebruik van eID en digitale overheidsdiensten door de burgers moeten bevorderen; op grond van de conclusies van het “Onderzoek naar geschikte kanalen voor digitalisering met maximale voordelen” de overheidsdienstverlening op een efficiënte manier verder moeten digitaliseren; -E-GEZONDHEID: i) alle soorten gegevens via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen; iii) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
In Oostenrijk groeit het besef dat de digitale en groene transitie met elkaar verbonden zijn, maar dit zou moeten worden ondersteund door maatregelen in het stappenplan. Verschillende maatregelen gericht op de streefcijfers van het digitale decennium hebben een groene dimensie en “tech for green” is aangewezen als een prioriteit voor toekomstige digitale uitdagingen. Het stappenplan bevat echter geen specifieke maatregelen voor het koolstofvrij maken van de ICT-sector, inclusief monitoringkaders.
|
Aanbevelingen – Oostenrijk zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
België
1 Samenvatting
België levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023, België heeft opmerkelijke vooruitgang geboekt wat betreft de invoering van artificiële intelligentie door het bedrijfsleven; het land is koploper in het aanbieden van digitale overheidsdiensten. Er blijven echter belangrijke uitdagingen bestaan op het gebied van digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau.
Als een van Europa’s “innovatieleiders” telt België meerdere hoog presterende onderzoeksinstellingen (zoals Imec, dat bekend staat om zijn O&O van wereldklasse op het gebied van halfgeleiders) en een dynamisch O&O-ecosysteem om de ontwikkeling en toepassing van technologieën en innovaties door het bedrijfsleven te ondersteunen. De prestaties van België op het gebied van zowel digitale vaardigheden als connectiviteitsinfrastructuren tonen aan dat de inspanningen substantieel moeten worden opgevoerd om de EU-streefcijfers voor 2030 te verwezenlijken.
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 6 is 77 % van de Belgische burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat net boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Tegelijkertijd is België sterk betrokken bij verschillende Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s). Voor de reeds bestaande EDIC’s is België de lidstaat waar het EDIC voor blockchaindiensten (Europeum-EDIC) is gevestigd en het land is lid van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (LDT CitiVERSE EDIC), dat lokale digitale tweelingen in heel Europa met elkaar wil verbinden. Het neemt als waarnemer deel aan de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), die het gebrek aan Europese taalgegevens die beschikbaar zijn voor AI-oplossingen probeert te verhelpen. Tot mei 2024 is België ook betrokken bij de besprekingen over de voorbereidingen van de EDIC’s voor het Genome-initiatief, digitale commons en agrofood. Het land heeft ook interesse getoond in deelname aan de besprekingen over het opzetten van het EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens 7 .
België wijst 27 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitale doelstellingen (1,25 miljard EUR) 8 . In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,3 miljard EUR (13 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 9 .
|
België |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
BE |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
78,3 % |
96,0 % |
22,6 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
17,2 % |
25,0 % |
45,7 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
29,6 % |
40,4 % |
36,2 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
8 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
65,3 % |
74,5 % |
6,8 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
46,9 % |
47,7 % |
0,8 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
10,3 % |
13,8 % |
15,7 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
44,5 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
64,2 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
7 |
263 |
14 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
54,2 % |
59,4 % |
4,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
5,6 % |
5,4 % |
-3,6 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
81,5 |
82,3 |
1,1 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
87,6 |
91,6 |
4,6 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
85,1 |
100 |
17,6 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van België aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan van België is globaal genomen in overeenstemming met de inspanningen die voor alle dimensies van de digitalisering nodig zijn. België heeft de regionale dimensie van het beleidsprogramma voor het digitale decennium geïntegreerd, in het bijzonder met een specifiek stappenplan voor Vlaanderen. België heeft het EU-voorzitterschap aangegrepen om de verwijzingen naar het digitale decennium en de verklaring in het werk van de Raad te bevorderen, en om te onderzoeken of nauwere samenwerking met de eigen regio’s mogelijk is. De totale begroting voor de 161 maatregelen die in het stappenplan van het land worden gepresenteerd, wordt geraamd op 892 miljoen EUR (ongeveer 0,2 % van het bbp). Het Belgische stappenplan vormt een compleet pakket, waarbij de meeste maatregelen in 2023 en 2024 doorlopen of nog worden vastgesteld. België heeft ook prioriteit gegeven aan de digitalisering van belangrijke overheidsdiensten en de bevordering van digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau. Het stappenplan bevat nationale streefwaarden voor vrijwel alle doelstellingen van het beleidsprogramma voor het digitale decennium (behalve FTTP en edge nodes), die allemaal overeenkomen met het ambitieniveau van de EU-streefcijfers. Er werd rekening gehouden met de aanbevelingen uit het verslag “Staat van het digitale decennium 2023”, vooral wat betreft de coördinatie en synergieën tussen private en publieke actoren. Niettemin moeten, zoals erkend in het stappenplan, verschillende van de maatregelen die in reactie op deze aanbevelingen zijn vastgesteld, nog verder worden omgezet in solide acties.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
België zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: een streefcijfer en traject voor FTTP en edge nodes moeten voorstellen; -MAATREGELEN: i) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten controleren en actualiseren, met nadruk op EU-bronnen, bv. de herstel- en veerkrachtfaciliteit; ii) meer maatregelen en beleidsmaatregelen die aan de dubbele transitie bijdragen moeten opnemen; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: gedetailleerder verslag over de resultaten van het raadplegingsproces moeten uitbrengen en meer informatie over de uitgenodigde belanghebbenden moeten toevoegen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Belgische burgers van digitale rechten hebben. Van de Belgen gelooft 51 % dat de EU hun digitale rechten beschermt; een cijfer dat met 5 procentpunten is gedaald, maar wel boven het EU-gemiddelde blijft. De bezorgdheid neemt toe: 48 % maakt zich zorgen over de onlineveiligheid van kinderen en 42 % over de controle over persoonsgegevens. Positief is dat 66 % vertrouwen heeft in privacy op het internet, en 70 % waarde hecht aan de vrijheid van vereniging op het internet; beide percentages liggen ruim boven het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 10 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Ondanks de vooruitgang wat betreft de dekking van de gigabit- en 5G-netwerken, blijft België ver onder het EU-gemiddelde voor FTTP- en 5G-dekking. Niettemin loopt België wat betreft VHCN-dekking (gigabit) voorop en scoort het land ver boven het EU-gemiddelde. In 2023 beschikte 14,2 % van de Belgische huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen, wat ver onder het EU-gemiddelde (50,6 %) ligt. De 5G-dekking neemt echter aanzienlijk toe. In januari 2024 had al 87 % van de Belgische huishoudens toegang tot 5G. De toepassing van snel breedband is laag: het aandeel vaste breedbandabonnementen bedraagt 5,4 % voor snelheden hoger dan 1 Gbps (vergeleken met het EU-gemiddelde van 18,5 %), ondanks dat België boven het EU-gemiddelde ligt (72,25 % versus 65,9 %) als het gaat om abonnementen op diensten die snelheden van meer dan 100 Mbps bieden.
Op het gebied van cyberbeveiliging bestaan er veel initiatieven om de capaciteiten en paraatheid van het land te vergroten, vooral door middel van bewustmaking en voorlichting door het Belgische nationale Centrum voor Cybersecurity. De Belgische kmo’s boeken flinke vooruitgang op het gebied van digitalisering, met een sterke inzet van de cloud en gegevensanalyse, en zeer grote vorderingen (boven het EU-gemiddelde) op het gebied van AI. Het land zet zich in voor en beschikt over sterke capaciteiten op het gebied van O&O, zoals op het gebied van halfgeleiders. Het is ook betrokken bij partnerschappen op gebieden als kwantumcomputing. Dit toont aan dat België zich de governancementaliteit van het digitale decennium eigen heeft gemaakt door in de hele EU samen te werken en gezamenlijke inspanningen te verrichten.
|
Aanbevelingen – België zou |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de inspanningen moeten opvoeren om volledige FTTP- en 5G-dekking te garanderen, waarbij de resterende problemen, zoals de beperkte snelheid en dienstverlening in plattelandsgebieden, worden aangepakt; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: i) de activiteiten van het nationale Centrum voor Cybersecurity (CCB) moeten blijven ondersteunen, onder meer om bedrijven bewust te maken van hun interne strategieën; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -CLOUD: de brede toepassing van de volgende generatie cloudinfrastructuur en clouddiensten die in het kader van het IPCEI-CIS door bedrijven van elke omvang worden ontwikkeld, moeten ondersteunen, onder meer door samen met de directe deelnemers een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen die verder reikt dan de deelnemende organisaties. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
De Belgische regio’s en het nationale niveau, de federale overheid, hebben allemaal prioriteit gegeven aan het dichten van de digitale kloof en het bevorderen van een inclusieve, groene digitale transformatie, onder meer via RRF-projecten. België loopt voorop als het gaat om het leveren van belangrijke digitale overheidsdiensten en -oplossingen aan burgers en ondernemingen. Een groot deel van de maatregelen en programma’s die in het Belgische stappenplan zijn opgenomen, zijn gericht op het verbeteren van de digitalisering van belangrijke overheidsdiensten, wat de vastberadenheid van het land weerspiegelt om op het gebied van deze streefcijfers vooruitgang te boeken. De Belgische prestaties op het vlak van e-overheid zijn bijzonder solide. In 2023 was België de eerste lidstaat die een score van 100 behaalde op de e-gezondheidsindicator, ruim boven het gemiddelde van 79 van de EU-27. Het land neemt evenwichtig maatregelen ter bevordering van de digitalisering van en, belangrijke overheidsdienst waarbij de nadruk sterk op vaardigheden ligt. De voortdurende inspanningen om de doelstellingen voor 2030 te bereiken zullen hun vruchten afwerpen, maar er is meer werk nodig om de digitale basisvaardigheden van de Belgen te vergroten en het aanhoudende tekort aan arbeidskrachten in ICT-posities aan te pakken.
|
Aanbevelingen – België zou |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: i) het leren van digitale vaardigheden moeten integreren in alle onderwijs- en opleidingsniveaus, met name op het gebied van AI, cyberbeveiliging en technologie-ethiek; ii) de inspanningen moeten opvoeren om de deelname van volwassenen aan bij- en omscholing te versterken en initiatieven voor een leven lang leren naar een hoger niveau te tillen; -ICT-SPECIALISTEN: i) academische en industriële partnerschappen moeten nastreven en de barrières moeten verminderen om digitaal talent aan te trekken en in dienst te nemen; ii) moeten streven naar verhoging van het aantal vrouwelijke ICT-afgestudeerden. -E-GEZONDHEID: om de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren, moeten overwegen om verder te gaan dan de vereisten van de e-gezondheidsmethode en de levering van een gevarieerde reeks gezondheidsgegevens door alle categorieën zorgverleners moeten monitoren, en tevens een feedbacksysteem voor burgers moeten opzetten waarmee zij eventuele beperkingen in de toegang tot hun gegevens kunnen melden. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
De Belgische federale overheid, regionale overheden en bedrijven kijken vooral naar de gevolgen voor het milieu bij het invoeren van ICT-strategieën en -oplossingen, wat een proactieve houding ten opzichte van slimme vergroening weerspiegelt. De prestaties van België op het gebied van milieu-innovatie en het verwezenlijken van duurzaamheidsdoelstellingen kunnen echter worden verbeterd. De telecomsector zet zich nu al in voor het verder terugdringen van de uitstoot en het verhogen van de energie-efficiëntie. De federale regulator (BIPT) monitort en stimuleert de milieu-inspanningen van de exploitanten, en draagt bij aan de algemene duurzaamheid van de sector.
|
Aanbevelingen – België zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Bulgarije
1 Samenvatting
Bulgarije heeft ruimte om zijn prestaties te verbeteren en kan zo bijdragen aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die concurrentievermogen, veerkracht, soevereiniteit, Europese waarden en klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Bulgarije opmerkelijke vooruitgang geboekt bij de levering van onlinediensten aan bedrijven en wat betreft de bijdrage tot de ontwikkeling van strategische technologieën zoals chips en kwantumcomputing. Wel liggen er nog steeds bijzonder belangrijke uitdagingen op het gebied van digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau, de inzet van technologieën door bedrijven en het dichten van de kloof tussen stad en platteland.
Hoewel Bulgarije op het gebied van vaste gigabitconnectiviteit goed blijft presteren, ligt de 5G-dekking nog altijd onder het EU-gemiddelde. Ook de ongelijke verdeling van de digitale infrastructuur in dunbevolkte, afgelegen en landelijke gebieden vereist verdere aandacht. Bulgarije moet gunstigere voorwaarden voor de succesvolle digitalisering van zijn kmo’s scheppen om de technologieoverdracht te bevorderen en de inzet van technologieën te versnellen, met name van AI. Burgers maken nog steeds maar weinig gebruik van digitale overheidsdiensten en er zijn gerichte maatregelen nodig om dit aan te pakken. Dankzij zijn sterke prestaties op het gebied van connectiviteit kan Bulgarije de toegang tot digitale diensten voor iedereen versnellen.
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 11 is 73 % van de Bulgaarse burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks even gemakkelijker maakt, wat gelijk is aan het EU-gemiddelde (73 %).
Wat de deelname aan Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) betreft, is Bulgarije lid van het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), dat tot doel heeft het gebrek aan Europese taalgegevens die beschikbaar zijn voor AI-oplossingen te verhelpen. Tot mei 2024 werkt Bulgarije samen met andere lidstaten aan de statuten voor het EDIC voor het Genome-initiatief en voor het EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens, binnen hun respectieve informele werkgroepen 12 .
In het Bulgaarse herstel- en veerkrachtplan wordt 23,1 % van de financiering besteed aan de digitale transformatie (1,3 miljoen EUR) 13 . In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 1,3 miljard EUR (13 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 14 .
|
Bulgarije |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
BG |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
85,6 % |
88,6 % |
3,5 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
85,6 % |
88,6 % |
3,5 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
67,2 % |
70,9 % |
5,4 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
5 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
25,2 % |
28,4 % |
6,2 % |
57,7 % |
2,6 % |
60 % |
90 % |
|
Cloud |
9,9 % |
14,2 % |
19,8 % |
38,9 % |
7,0 % |
15 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
3,3 % |
3,6 % |
4,4 % |
8,0 % |
2,6 % |
11 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
21,9 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
9 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
29,3 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
35 % |
75 % |
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
31,2 % |
35,5 % |
6,7 % |
55,6 % |
1,5 % |
52 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
3,8 % |
4,3 % |
13,2 % |
4,8 % |
4,3 % |
5 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
59,5 |
67,5 |
13,4 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
80,8 |
91,9 |
13,8 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
77,2 |
77,2 |
0,0 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Bulgarije aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan van Bulgarije bevat slechts een deel van de maatregelen die voor alle dimensies van de digitalisering nodig zijn. In het stappenplan wordt een realistische, alomvattende beoordeling gepresenteerd van de stand van zaken en het vermogen van het land om de streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. Daarbij worden de inspanningen afgestemd op de aanbevelingen van het verslag over de staat van het digitale decennium 2023. De totale begroting voor de zestig maatregelen die worden gepresenteerd, wordt geraamd op 2,19 miljard EUR (ongeveer 2,3 % van het bbp). Ongeveer driekwart van de in het stappenplan gepresenteerde maatregelen zijn nieuw en vooral gericht op digitale basisvaardigheden, de digitalisering van ondernemingen en van belangrijke overheidsdiensten; het betreft de belangrijkste gebieden waarop in Bulgarije verbeteringen nodig zijn. Er zijn minder maatregelen met betrekking tot de streefcijfers en doelstellingen voor connectiviteit, hoewel het land een koploper is op het gebied van gigabitconnectiviteit. Het stappenplan bevat streefcijfers en trajecten voor alle KPI’s, behalve voor eenhoorns. De meeste streefcijfers die Bulgarije voor 2030 heeft vastgesteld, liggen onder de ambitieniveaus van de EU, met uitzondering van digitale overheidsdiensten en 5G-dekking. Sommige aspecten vereisen meer actie, met name de streefcijfers voor digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau, en voor de digitalisering van ondernemingen. Bulgarije verwijst in het stappenplan slechts één keer naar de verklaring over digitale rechten en beginselen. Er wordt beperkte informatie verstrekt over de groene transitie en Bulgarije zou het verhaal achter de doelstellingen kunnen versterken, met name op het gebied van cyberbeveiliging, veerkracht en soevereiniteit, en digitale inclusie.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Bulgarije zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) nationale streefcijfers moeten verstrekken voor de volgende KPI’s: eenhoorns, edge nodes en eID; ii) het huidige nationale prognosetraject voor eenhoorns moeten presenteren; iii) het ambitieniveau van de nationale streefcijfers voor digitale basisvaardigheden, ICT-specialisten, digitalisering van kmo’s en het gebruik van geavanceerde technologieën (cloud, AI, gegevensanalyse) door ondernemingen moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten verduidelijken, waarbij de aandacht wordt gevestigd op EU-bronnen zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; ii) duidelijk moeten aangeven of het bij de maatregelen om investeringen of hervormingen gaat; iii) meer gerichte, specifieke maatregelen en beleidsmaatregelen moeten opnemen die bijdragen tot het creëren van synergieën tussen de digitale transformatie en de groene transitie; iv) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: gedetailleerder verslag over de resultaten van het raadplegingsproces moeten uitbrengen en meer informatie over de uitgenodigde belanghebbenden moeten toevoegen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Bulgaarse burgers van digitale rechten hebben. Hoewel 40 % van de Bulgaren van mening is dat de EU hun digitale rechten beschermt, blijft hun vertrouwen onder het EU-gemiddelde van 45 %. De bezorgdheid is toegenomen: 52 % maakt zich zorgen over de onlineveiligheid van kinderen, een stijging van 12 procentpunten, en 36 % maakt zich zorgen over hun privacy op het internet, een stijging van 7 punten. Positief is dat 63 % vertrouwen heeft in betaalbaar snel internet en de verbetering van hun digitale vaardigheden. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 15 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Op het gebied van digitale infrastructuur en connectiviteit is Bulgarije een van de koplopers in de EU. Het is belangrijk dat Bulgarije ontoereikende digitale infrastructuurdekking in dunbevolkte, afgelegen en plattelandsgebieden aanpakt, met name via overheidsfinanciering, omdat de inzet van draadloze 5G-connectiviteit en gigabitconnectiviteit in deze gebieden erg lastig is. Dit geldt vooral in plattelandsgebieden, afgelegen en dunbevolkte gebieden waar exploitanten geen commerciële drijfveren hebben om te investeren in de uitrol van netwerken met zeer hoge capaciteit. In 2023 beschikte 45,1 % van de Bulgaarse huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen, wat iets onder het EU-gemiddelde (50,6 %) ligt. Er wordt maar weinig gebruikgemaakt van snel breedband: het aandeel vaste breedbandabonnementen voor snelheden van meer dan 100 Mbps bedraagt 53,4 % (onder het EU-gemiddelde) en 1 % voor snelheden van meer dan 1 Gbps. De hoge prijzen van gigabitdiensten vormen een probleem, gezien de lage koopkracht van de gemiddelde gebruiker. Wat betreft cyberbeveiliging heeft Bulgarije vooruitgang geboekt op het gebied van de regelgeving, maar het land blijft worstelen met hoge cyberbeveiligingsrisico’s. Volgens het stappenplan heeft het digitale ecosysteem van Bulgarije baat bij gevestigde ICT-clusters en technologieparken, en ook van toegang tot geschoolde arbeidskrachten en wetenschappelijk talent. Ondanks een positieve dynamiek met betrekking tot het gebruik van de cloud door kmo’s en hun algemene digitale intensiteit en hun betrokkenheid bij AI (zoals bij ALT-EDIC, expertisecentra en de oprichting van BgGPT), blijft het gebruik van digitale technologieën in het land aanzienlijk onder het EU-gemiddelde. Gebieden van het digitale decennium waaraan het land naar verwachting aanzienlijk zal bijdragen, zijn halfgeleiders en kwantumcomputing.
|
Aanbevelingen – Bulgarije zou: |
|
-CONCURRENTIEVERMOGEN/VEERKRACHT: i) de vraag moeten stimuleren met het oog op het bereiken van volledige FTTP-dekking; ii) de inspanningen moeten opvoeren om de 5G-dekking te vergroten; iii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -DIGITALISERING VAN KMO’S/GEBRUIK VAN AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) zijn inspanningen moeten opvoeren met meer maatregelen om het gebruik van technologieën door kmo’s te vergroten, met inbegrip van maatregelen om investeringen in technologieoverdracht te stimuleren Voorbeelden hiervan zijn maatregelen om technologieën van het laboratorium naar de markt brengen en ondersteuning van innovatieve start-ups; ii) activiteiten als onderdeel van ALT-EDIC moeten aantrekken en voortbouwen op zijn capaciteiten zoals BgGPT om nieuwe maatregelen te ontwerpen die gericht zijn op de ontwikkeling van het AI-ecosysteem en de bevordering van de invoering van AI; iii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CISS. -CYBERBEVEILIGING: i) een nationale cyberbeveiligingsinfrastructuur moeten opzetten om de efficiëntie van cyberbeveiligingsmaatregelen te vergroten en cyberbeveiliging in alle digitaliseringsprogramma’s en -projecten te integreren; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
De afgelopen twee jaar zijn er in Bulgarije snelle, positieve ontwikkelingen op het gebied van digitale democratie en e-overheid geweest. De nationale regeling voor elektronische identificatie is nog in ontwikkeling, maar de in 2023 doorgevoerde aanpassingen van de regelgeving zorgen voor een aanzienlijke verbetering van de situatie. Bulgarije had in 2023 een algemene maturiteitsscore van 77,2 voor e-gezondheidszorg, dicht bij het EU-gemiddelde van 79,1. Ondanks een positieve dynamiek blijft het gebruik van onlineoverheidsdiensten door burgers onder het EU-gemiddelde, en worden er te weinig openbare diensten volledig online aangeboden. Bulgarije heeft een aanzienlijk aantal maatregelen voor opleidingsprogramma’s genomen in overeenstemming met de aanbevelingen om de beroepsbevolking bij en om te scholen en aan de behoeften op het gebied van volwasseneneducatie tegemoet te komen. Sommige aspecten vereisen echter meer actie, met name om digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau en digitale inclusie te verbeteren, vooral voor kwetsbare en vergrijzende bevolkingsgroepen en mensen die in afgelegen gebieden wonen. Er is ruimte voor vooruitgang wat betreft het vergroten van de bekendheid van de bevolking met haar rechten en het aanpakken van het gebrek aan vertrouwen online.
|
Aanbevelingen – Bulgarije zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN/DIGITAAL ONDERWIJS: i) aanvullende steunmaatregelen moeten nemen om het tekort aan digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau te compenseren, de aanpak voor het behoud van talent moeten herzien en aantrekkelijke voorwaarden moeten bieden; ii) moeten zorgen voor de uitvoering van maatregelen die de digitale inclusie van kwetsbare bevolkingsgroepen kunnen verbeteren, mensen door middel van begeleiding bewuster kunnen maken van hun rechten en digitale competenties/cultuur vanaf de vroege kinderjaren en gedurende het hele beroepsleven kunnen stimuleren; -ICT-SPECIALISTEN: maatregelen moeten ontwikkelen, onder meer via EU-programma’s, om bedrijven te ondersteunen bij het inhuren van deskundigen in de dunstbevolkte gebieden waar de invoering van technologie en de vaardigheidskloof urgente problemen zijn; -BELANGRIJKE OVERHEIDSDIENSTEN: i) eID: de architectuur voor e-overheid verder moeten ontwikkelen en verbeteren, naast digitalisering, om de gebruiksvriendelijkheid van openbare procedures te verbeteren en tegelijkertijd de administratieve lasten tot een minimum te beperken, bijvoorbeeld door te overwegen het eenmaligheidsbeginsel toe te passen; ii) de samenwerking met lokale publieke of private actoren moeten voortzetten om de uitgesproken regionale onevenwichtigheden aan te pakken die belemmeringen opwerpen voor de toegang tot, het gebruik van en de bekendheid met digitale diensten, met name wat betreft de levering van onlinediensten aan burgers; -E-GEZONDHEID: i) de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden om ervoor te zorgen dat alle burgers online toegang hebben tot hun elektronische gezondheidsgegevens; ii) de verschillende soorten gegevens van medische beelden via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; iii) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Bulgarije heeft voor zijn digitale transformatie verschillende duurzame ICT-praktijken ingevoerd. In 2023 hebben verschillende maatregelen de groene transitie bevorderd. Sommige van deze maatregelen zijn nog steeds van kracht, terwijl andere nog van start moeten gaan of nu worden geëvalueerd; dit omvat onder meer maatregelen die gericht zijn op de circulaire economie. Belangrijk is dat het land een wereldwijd toonaangevende waterstofvallei wil worden, die bijdraagt aan de prioriteiten van de waterstofstrategie van de EU, het REPowerEU-plan en de doelstellingen om klimaatneutraal te worden. In Bulgarije bevinden zich vier Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s), mede gefinancierd vanuit het programma Digitaal Europa, met acht excellentiekeurmerken, die een rol spelen bij het bevorderen van de groene en digitale ontwikkeling van Bulgaarse ondernemingen. Er is echter geen alomvattend kader waarmee de impact van digitale diensten op de dubbele transitie kan worden gemonitord.
|
Aanbevelingen – Bulgarije zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Kroatië
1 Samenvatting
Kroatië levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Kroatië aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verhogen van het aantal ICT-specialisten, de digitalisering van zijn kmo’s en de uitrol van gigabitconnectiviteit (FTTP-netwerken). Wel liggen er nog steeds bijzonder belangrijke uitdagingen als het gaat om de digitalisering van overheidsdiensten en bij de invoering van AI en gegevensanalyse, alsook bij het verbeteren van de connectiviteit in plattelandsgebieden.
De nationale digitale strategie van Kroatië voor de periode tot 2032 (DCS 2032) biedt het strategisch kader voor maatregelen in overeenstemming met het digitale decennium. De strategie bevat een reeks duidelijke doelstellingen voor een digitaal Kroatië voor de komende jaren, met daarin de prioriteiten voor de uitvoering van overheidsbeleid op alle gebieden van de digitale transformatie.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 16 is 83 % van de bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat aanzienlijk hoger ligt dan het EU-gemiddelde van 73 %.
Wat de deelname aan Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) betreft, heeft Kroatië zich aangesloten bij verschillende EDIC’s, waaronder het EDIC voor taaltechnologie (ALT-EDIC), het EDIC voor agrofood, en het EDIC voor blockchaindiensten (Europeum-EDIC) (beide reeds opgericht), en neemt het deel aan de werkgroepen voor de oprichting van EDIC’s op andere gebieden, waaronder: kankerbeeldvorming (EUCAIM EDIC), het EDIC voor het Genome-initiatief en het EDIC voor geconnecteerde overheidsdiensten (Impacts EDIC); en het EDIC voor een academie voor cyberbeveiligingsvaardigheden 17 .
Kroatië wijst 20 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitale doelstellingen (1,4 miljard EUR) 18 . In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,8 miljard EUR (9 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 19 . De grootste investering is bestemd voor digitale overheidsdiensten voor burgers en ondernemingen (303 miljoen EUR) en e-gezondheid (66 miljoen EUR), gevolgd door VHCN-gigabitconnectiviteit (207,5 miljoen EUR) en digitale vaardigheden (134,4 miljoen EUR).
|
Kroatië |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
HR |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
61,5 % |
67,8 % |
10,3 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
54,0 % |
62,1 % |
15,1 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
82,5 % |
83,4 % |
1,1 % |
89,3 % |
9,8 % |
95 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
3 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
49,7 % |
56,0 % |
6,1 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
34,6 % |
40,7 % |
8,5 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
8,7 % |
7,9 % |
-4,7 %(2) |
8,0 % |
2,6 % |
20 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
51,7 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
30 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
65,6 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
2 |
263 |
4 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
63,4 % |
59,0 % |
-3,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
3,7 % |
4,3 % |
16,2 % |
4,8 % |
4,3 % |
7 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
71,1 |
67,2 |
-5,6 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
66,8 |
66,2 |
-0,9 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
85,6 |
85,6 |
0,0 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) De variatie tussen de twee jaren wordt niet als statistisch significant beschouwd, maar in overeenstemming met de stagnatie van deze indicator. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Kroatië aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
In maart 2024 heeft Kroatië zijn nationale strategische stappenplan vastgesteld overeenkomstig artikel 7 van het besluit tot vaststelling van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, na een raadpleging met een reeks workshops met belanghebbenden, en het vervolgens in het Kroatische staatsblad bekendgemaakt . Het Kroatische stappenplan bevat nationale streefcijfers en trajecten voor alle streefcijfers van het digitale decennium, met uitzondering van halfgeleiders. Alle verstrekte nationale streefcijfers zijn afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030, met uitzondering van de streefcijfers voor de invoering van AI, big data, ICT-specialisten en 5G, die lager liggen en door de Kroatische autoriteiten gerechtvaardigd zijn in het licht van de nationale context, het startpunt en de geplande maatregelen. De maatregelen in het stappenplan ondersteunen alle streefcijfers van het digitale decennium, hoewel de maatregelen op het gebied van connectiviteit en digitalisering van ondernemingen zeer waarschijnlijk niet aan de streefcijfers voor 2030 zullen voldoen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan: |
|
Kroatië zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: het ambitieniveau voor de streefcijfers voor ICT-specialisten, de invoering van AI/gegevensanalyse en 5G moeten verhogen; -MAATREGELEN: i) meer maatregelen moeten opnemen ter ondersteuning van connectiviteit, digitale vaardigheden, cloud, AI en gegevensanalyse en bij de digitalisering van overheidsdiensten; ii) een beter overzicht moeten geven van de maatregelen ter ondersteuning van de bredere doelstellingen van het programma; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: voor een breder en grondiger raadplegingsproces met relevante belanghebbenden moeten zorgen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Kroatische burgers van digitale rechten hebben. Hoewel 56 % van de Kroaten van mening is dat de EU hun digitale rechten effectief beschermt, ligt dit cijfer boven het EU-gemiddelde van 45 %. De bezorgdheid is toegenomen: 44 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet en 40 % over de controle over persoonsgegevens, wat wijst op een groeiend bewustzijn van digitale risico’s. Positief is dat 69 % vertrouwen heeft in de vrijheid van meningsuiting op internet en in privacy op internet, wat boven het EU-gemiddelde ligt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 20 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
In 2023 leverde Kroatië een positieve maar beperkte bijdrage aan de EU-streefcijfers van het digitale decennium voor digitale infrastructuur, met name wat betreft de dekking van vaste netwerken met een zeer hoge capaciteit (VHCN), waar een stijging te zien was van ongeveer 6 procentpunten ten opzichte van het voorgaande jaar: 61 % in 2022 en 67,8 % in 2023. Er is nog steeds onbenut potentieel met betrekking tot de dekking van plattelandsgebieden, met dekking in 25,5 % van de plattelandsgebieden ten opzichte van een EU-gemiddelde van 55,6 %. Wat de glasvezeldekking (FTTP) betreft, zijn de prestaties van Kroatië verbeterd, van 54 % in 2022 tot 62,1 % in 2023, maar toch dreigt Kroatië het FTTP-streefcijfer voor 2030 niet te halen. In 2023 beschikte 40 % van de Kroatische huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen, wat onder het EU-gemiddelde (50,6 %) ligt. In 2023 startte Kroatië een initiatief voor de oprichting van het Kroatische kenniscentrum voor halfgeleiders (CROCCS) als bijdrage aan het EU-streefcijfer voor halfgeleiders.
De digitalisering van kmo’s in Kroatië laat een gemengde dynamiek zien; verschillende indicatoren liggen dicht bij het EU-gemiddelde (bv. elektronische handel, waar het behaalde resultaat van 11,3 % dicht in de buurt van het EU-gemiddelde van 11,9 % komt), en op andere presteert het land veel beter dan het EU-gemiddelde (29,5 % tegenover een EU-gemiddelde van 19,1 %). Kroatië behoort ook tot de koplopers in de EU wat betreft het gebruik van gegevensanalyse door bedrijven (51,7 % tegenover een EU-gemiddelde van 33,20 %). De bijdrage van Kroatië op het gebied van eenhoorns is beperkt tot 2 van de 263 eenhoorns in de hele EU. Redenen hiervoor zijn onder meer de lage investeringen in O&O (O&O in de ICT-sector komt jaarlijks uit op slechts 0,2 % van het bbp) en de niet-optimale toegang tot financiering. Kroatië neemt een aantal maatregelen om de toegang tot financiering te vergemakkelijken teneinde het aantal eenhoorns te vergroten.
|
Aanbevelingen – Kroatië zou: |
|
-CONNECTIVITEIT: i) de maatregelen ter ondersteuning van de uitrol van FTTP moeten voortzetten en uitbreiden, met als doel de kloof tussen de stad en het platteland volledig te dichten, onder meer door te helpen in de vraag naar gigabitdiensten te voorzien; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve B2B- en B2C-toepassingen moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -KWANTUM EN EDGE NODES: de inspanningen op het gebied van kwantumcomputing en edge nodes moeten opvoeren, gezien het belang ervan voor het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie; -CLOUD: de brede toepassing van de volgende generatie cloudinfrastructuur en clouddiensten die in het kader van het IPCEI-CIS door bedrijven van elke omvang worden ontwikkeld, moeten ondersteunen, onder meer door samen met de directe deelnemers een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen die verder reikt dan de deelnemende organisatie; -GEBRUIK VAN AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE EN EENHOORNS: de inspanningen ter ondersteuning van de doelstelling voor eenhoorns moeten opvoeren, onder meer door het niveau van O&O in de ICT-sector te verhogen, de toegang tot financiering te verbeteren en de ontwikkeling en toepassing van betrouwbare, veilige, soevereine geavanceerde technologieën en oplossingen te bevorderen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Kroatië doet het goed als het gaat om digitale basisvaardigheden: 59 % van de bevolking beschikt over ten minste digitale basisvaardigheden, tegenover een EU-gemiddelde van 55,6 %. Er is ook een goed algeheel genderevenwicht in de verdeling van digitale vaardigheden. Het percentage van de Kroatische bevolking dat zelf digitale inhoud kan creëren (81,5 %) ligt ruim boven het EU-gemiddelde van 68,3 %. Het percentage werkzame ICT-specialisten in Kroatië, 4,3 %, ligt onder het EU-gemiddelde van 4,8 %. De Kroatische investeringen vanuit het herstel- en veerkrachtplan van 176,5 miljoen EUR in “digitale producten en platforms” heeft tot doel het percentage ICT-deskundigen in de beroepsbevolking verder te verhogen.
Kroatië heeft ruimte om zijn prestaties op het gebied van digitale overheidsdiensten te verbeteren; de huidige scores zijn 67,2 voor digitale diensten die beschikbaar zijn voor burgers (tegenover een EU-gemiddelde van 79,4) en 66,2 voor digitale diensten voor bedrijven (tegenover een EU-gemiddelde van 85,4). Als het gaat om gebruikers van de e-overheid scoort Kroatië echter aanzienlijk boven het EU-gemiddelde, wat het goede niveau van digitale vaardigheden van zijn bevolking weerspiegelt en benadrukt hoe belangrijk het is de dienstverlening te verbeteren. Kroatië levert een positieve bijdrage aan het streefcijfer voor e-gezondheid.
Kroatië levert ook een positieve bijdrage op het gebied van mensgerichte digitalisering door nieuwe regelgevingsoplossingen toe te passen die het veilige en ethische gebruik van digitale technologieën waarborgen.
|
Aanbevelingen – Kroatië zou: |
|
-DIGITALE VAARDIGHEDEN: de inspanningen op het gebied van digitale basisvaardigheden en ICT-specialisten moeten voortzetten om voldoende vooruitgang in de richting van de doelstellingen voor 2030 te boeken; -BELANGRIJKE DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: maatregelen moeten nemen om de digitalisering van overheidsdiensten te vergroten en de toegankelijkheid en gebruiksvriendelijkheid van de diensten ervan voor burgers en bedrijven te verbeteren; -E-GEZONDHEID: i) een rechtsgrondslag moeten invoeren en in de technische functionaliteit voor gemachtigden moeten voorzien om namens anderen toegang tot elektronische gezondheidsgegevens te krijgen; ii) de verschillende soorten gegevens van medische beelden via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; iii) burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Kroatië heeft uitgebreide maatregelen genomen om zijn energiesysteem te vernieuwen en te digitaliseren. Volgens een verslag van Eurostat is het land een van de best presterende lidstaten op het gebied van het koolstofvrij maken van de energie- en vervoerssector. Niettemin blijft de bijdrage van het land aan de doelstellingen van het digitale decennium beperkt als het gaat om duurzamere energie en hulpbronnenefficiëntere digitale infrastructuur en technologieën. Dit wijst erop dat er in Kroatië onbenut potentieel is om bij te dragen aan de digitale doelstelling van de EU om de groene en de digitale transitie met elkaar te verbinden.
|
Aanbevelingen – Kroatië zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Cyprus
1 Samenvatting
In Cyprus is onbenut potentieel aanwezig om een bijdrage te leveren aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Cyprus aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van de infrastructuur voor gigabitconnectiviteit (met name FTTP) en het aandeel werkzame ICT-specialisten. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen op het gebied van ten minste digitale basisvaardigheden en e-gezondheid.
Cyprus heeft de afgelopen jaren aanzienlijke vooruitgang geboekt. De nationale digitaleringsstrategie van het land 2020-2025 heeft tot doel van Cyprus “een samenleving die klaar is voor de toekomst en een kennisgedreven economie” te maken. De uitvoering van de strategie laat positieve resultaten zien, met name wat de uitrol van de gigabitconnectiviteitsinfrastructuur betreft, die in 2023 een dekking van 77,1 % bereikte. Hoewel Cyprus met betrekking tot bijna alle indicatoren vooruitgang heeft geboekt ten opzichte van 2022, beschikt de helft van de bevolking nog steeds niet over ten minste digitale basisvaardigheden. Wel laten de resultaten voor werkzame ICT-specialisten (5,4 %) een zeer sterke dynamiek zien en worden hier de verwachtingen overtroffen. De opbouw van een solide, veilige, geïntegreerde en moderne digitale overheidsarchitectuur staat centraal in de digitale transitie van Cyprus, om zo veilige en inclusieve digitale diensten te bieden aan mensen en bedrijven.
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 21 is 79 % van de respondenten in Cyprus van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat behoorlijk boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt. Slechts 56 % van de respondenten is zich er echter van bewust dat rechten die offline gelden ook online moeten worden geëerbiedigd, wat lager is dan het EU-gemiddelde (62 %).
Cyprus werkt actief samen op EU-niveau en is lid van het Europees consortium voor digitale infrastructuur (EDIC) voor blockchaindiensten, Europeum-EDIC (reeds opgericht). Het land werkt, binnen een informele werkgroep, ook aan de statuten en andere relevante documenten van het mogelijke toekomstige EDIC voor een academie voor vaardigheden op het gebied van cyberbeveiliging. Daarnaast neemt het land deel aan meerlandenprojecten, zoals EuroHPC en het Europees consortium Potential (proefprojecten voor de Europese portemonnee voor digitale identiteit).
In het herstel- en veerkrachtplan van Cyprus wordt 24,6 % van de totale begroting besteed aan de digitale transformatie (274 miljoen EUR). Er wordt hoge prioriteit gegeven aan de digitalisering van overheidsdiensten en de verbetering van de connectiviteitsinfrastructuur in overeenstemming met de landspecifieke aanbevelingen van het Europees Semester
22
. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,1 miljard EUR (12 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
23
.
|
Cyprus |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
CY |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
60,0 % |
77,1 % |
28,5 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
60,0 % |
77,1 % |
28,5 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
100,0 % |
100,0 % |
0,0 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
7 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
66,2 % |
67,3 % |
0,8 % |
57,7 % |
2,6 % |
90,1 % |
90 % |
|
Cloud |
42,2 % |
45,5 % |
3,8 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
2,6 % |
4,7 % |
34,5 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
33,5 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
58,0 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
3 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
50,2 % |
49,5 % |
-0,7 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,6 % |
5,4 % |
17,4 % |
4,8 % |
4,3 % |
9 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
63,6 |
74,0 |
16,3 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
84,7 |
86,1 |
1,6 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
70,2 |
68,1 |
-3,0 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Cyprus aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het nationale strategische stappenplan van Cyprus sluit goed aan bij de visie van het digitale decennium en is nu bijna volledig uitgevoerd. Het stappenplan bevat maatregelen voor de meeste streefcijfers en twaalf nationale trajecten om de overeenkomstige streefcijfers tegen 2030 te helpen verwezenlijken. Alleen voor edge nodes en eenhoorns ontbreken trajecten en streefcijfers. Het streefcijfer voor 5G heeft al een dekking van 100 % bereikt. De nationale streefcijfers zijn in overeenstemming met de streefwaarden van de EU voor 2030, met uitzondering van het percentage werkzame ICT-specialisten: het nationale streefcijfer wordt voorzichtig vastgesteld op 9 %, terwijl dat van de EU op 10 %. staat. Sommige delen van het stappenplan zouden baat kunnen hebben bij extra aandacht en inspanning, gezien de huidige resultaten en de trage jaarlijkse groei. Dit betreft met name het verbeteren van de digitale vaardigheden van de bevolking, het aanmoedigen van het gebruik van AI door bedrijven en het digitaliseren van overheidsdiensten voor burgers. De brede doelstellingen van het digitale decennium worden samen met bestaande strategieën gepresenteerd. De groene digitale transitie maakt met name deel uit van de nationale digitaleringsstrategie 2020-2025, met als doel de gevolgen voor het milieu van de digitale sector tegen 2025 met 20 % te verminderen. In het stappenplan worden echter geen specifieke maatregelen beschreven om met betrekking tot deze doelstellingen sneller vooruitgang te boeken, hoewel er op nationaal niveau verschillende initiatieven lopen. Het digitale decennium en de verklaring over digitale rechten en beginselen zijn impliciet opgenomen in de nationale strategieën voor de digitale transitie van het land.
De totale begroting van de voorgestelde maatregelen wordt geraamd op 497,1 miljoen EUR (ongeveer 1,7 % van het bbp), waarbij de prioriteiten liggen bij de digitalisering van overheidsdiensten, de bevordering van de digitale transformatie van kmo’s en de totstandbrenging van een innovatief ecosysteem voor start-ups en scale-ups. De financiering van de digitale transformatie is sterk afhankelijk van EU-financiering (de herstel- en veerkrachtfaciliteit en financiering in het kader van het cohesiebeleid).
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Cyprus zou, bij het indienen van aanpassingen van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: een streefcijfer en traject voor eenhoorns en edge nodes moeten voorstellen; -MAATREGELEN: i) maatregelen om bij te dragen aan de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, moeten evalueren en versterken, zoals digitale vaardigheden voor iedereen en het gebruik van AI door bedrijven; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Cypriotische burgers van digitale rechten hebben. Van de Cyprioten is 43 % van mening dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, een daling met 10 procentpunten ten opzichte van vorig jaar, daarmee uitkomend op iets onder het EU-gemiddelde van 45 %. Hun bezorgdheid is opvallend: 54 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 15 punten, en 47 % maakt zich zorgen over de controle over persoonsgegevens, een stijging van 12 punten. Positief is dat 58 % de toegang tot overheidsdiensten online en de vrijheid van vergadering en vereniging in de onlineomgeving waardeert. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 24 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Wat technologisch leiderschap en concurrentievermogen betreft, heeft Cyprus onlangs flinke vooruitgang geboekt bij de uitrol van infrastructuur voor gigabitconnectiviteit en is het streefcijfer voor de 5G-dekking van 100 % voor 2030 al bereikt. Wat geavanceerde digitale infrastructuur betreft, is de bijdrage van Cyprus aan de verwezenlijking van de streefcijfers van het digitale decennium momenteel beperkt. Technologische vooruitgang vormt een uitdaging voor een economie die gespecialiseerd is in de dienstensector, hoewel technologie een essentiële rol blijft spelen bij het weerbaar maken van digitale diensten tegen cyberdreigingen. Cyprus heeft onlangs, met de oprichting van het nationale centrum voor beveiligingsoperaties (SOC), een belangrijke stap gezet in de opbouw van capaciteiten om de cyberbeveiliging te versterken. Voorts levert Cyprus een positieve bijdrage aan het EU-streefcijfer van het digitale decennium voor digitalisering van kmo’s: Van de kmo’s heeft 67,3 % ten minste een basisniveau van digitale intensiteit. Het land zet zich ook in voor de ontwikkeling van zijn innovatie-ecosysteem voor start-ups en scale-ups. Het heeft het eerste aandelenfonds van het land opgericht met de steun van de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
|
Aanbevelingen – Cyprus zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) het tempo van de uitrol van VHCN’s moeten handhaven, met bijzondere aandacht voor het bereiken van de gebieden met weinig dekking; ii) regelmatig moeten vaststellen wat de vraag is van opkomende markten naar het resterende niet-toegewezen spectrum in de 26 GHz-band; iii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -HALFGELEIDERS: een strategie moeten opstellen ter ondersteuning van onderzoek en innovatie om bij te dragen aan het Europese ecosysteem voor halfgeleiders; -EDGE NODES: de markt moeten blijven beoordelen, om op korte termijn maatregelen of acties te ontwikkelen om bij te dragen aan het EU-streefcijfer voor edge nodes; -CLOUD/AI/GEGEVENSANALYSE: i) moeten overwegen of aanvullende gerichte maatregelen nodig zijn om de invoering van AI door ondernemingen, met name kmo’s, te vergemakkelijken, om het streefcijfer tegen 2030 te halen; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Het toerusten van mensen met digitale vaardigheden is een prioriteit voor Cyprus, dat de digitale transformatie van scholen centraal stelt in het algemene beleid voor de digitale transitie. Een belangrijke hervorming omvat de herziening van de curricula, de ontwikkeling van lesmateriaal en de opleiding van leerkrachten. De hervorming ligt op schema en draagt daarmee bij aan het streefcijfer van het digitale decennium voor digitale basisvaardigheden. Ook legt zij de basis voor het koesteren van toekomstige ICT-specialisten. In 2023 leverde Cyprus al een positieve bijdrage aan het EU-streefcijfer van het digitale decennium; ICT-specialisten maken 5,4 % van de beroepsbevolking uit, wat hoger is dan het EU-gemiddelde (4,8 %). In 2023 beschikte de helft van de bevolking echter niet over ten minste een basisniveau van digitale vaardigheden, wat een uitdaging is gezien het tempo van de digitale transformatie van de maatschappij en economie. In het stappenplan geeft Cyprus ook zijn plannen weer om een solide, veilige, geïntegreerde en moderne digitale overheidsarchitectuur te ontwikkelen, om veilige en inclusieve digitale diensten te bieden die de levenskwaliteit van mensen en het ondernemingsklimaat verbeteren. Toch heeft Cyprus in 2023 laten zien dat er in het land onbenut potentieel is om bij te dragen aan de streefcijfers van het digitale decennium voor digitale overheidsdiensten voor burgers; het land scoort op dit gebied lager (74 van 100) dan het EU-gemiddelde (79,4). Cyprus heeft echter aanzienlijke vooruitgang geboekt sinds 2022, toen de score 63,6 bedroeg.
|
Aanbevelingen – Cyprus zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: op basis van de huidige middelmatige resultaten moeten overwegen de strategie voor het ontwikkelen van de digitale basisvaardigheden van de bevolking te versterken, met name door mensen ouder dan 55 jaar op te leiden; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: na een verdere analyse van de benchmarkingmethode voor de e-overheid, gerichte maatregelen moeten overwegen om ervoor te zorgen dat de benchmarkingresultaten de huidige staat van de digitale overheidsdiensten van het land weerspiegelen; -E-GEZONDHEID: i) de authenticatiemethode voor het inloggen bij de onlinetoegangsdienst moeten verbeteren door gebruik te maken van een aangemelde eID; ii) de verschillende soorten gegevens van medische beelden en verslagen over ziekenhuisontslag via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; iii) ervoor moeten zorgen dat de onlinetoegangsdienst aan de richtsnoeren voor webtoegankelijkheid voldoet. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Met de nationale digitale strategie 2020-2025 verbindt Cyprus zich ertoe een groene digitale transitie te bewerkstelligen. Het plan bevat een streefcijfer om de gevolgen voor het milieu van de digitale sector tegen 2025 met 20 % te verminderen en het gebruik van digitale technologieën ter ondersteuning van duurzame ontwikkeling te bevorderen. In 2023 zijn verschillende acties ondernomen, met name op het gebied van O&O.
|
Aanbevelingen – Cyprus zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Tsjechië
1 Samenvatting
In Tsjechië is onbenut potentieel aanwezig om een bijdrage te leveren aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Tsjechië aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verbeteren van digitale vaardigheden en het gebruik van AI. Het land heeft aanzienlijke inspanningen geleverd om belangrijke overheidsdiensten te digitaliseren. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om de uitrol van FTTP-netwerken en de digitalisering van kmo’s.
Tsjechië wil uitblinken op het gebied van geavanceerde technologieën zoals kwantumtechnologie, microchips en AI, en zijn bevolking bijscholen om gelijke tred met de innovatie te houden. Om deze ambities te bevorderen en gelijke tred te houden met de toenemende invoering van AI door bedrijven in het land, werkt Tsjechië aan een actualisering van zijn nationale AI-strategie, zijn nationale kwantumstrategie 2030 en zijn nationale halfgeleiderstrategie 2030. Tsjechië blijft ook de digitale vaardigheden van kinderen, studenten en werknemers verbeteren en stelt steeds meer overheidsdiensten online beschikbaar om het gebruik ervan te vergroten. Het verbeteren van online overheidsdiensten is van essentieel belang, aangezien volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 25 , 78 % van de Tsjechische bevolking van mening is dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt.
Tsjechië staat echter voor grote uitdagingen bij de digitalisering van ondernemingen, met name kmo’s, het aanwerven van ICT-deskundigen en de uitbreiding van vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN), met name in plattelandsgebieden. Deze uitdagingen moeten worden aangepakt: in de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen staat dat “iedereen, overal in de EU, toegang [moet] hebben tot betaalbare en snelle digitale connectiviteit”. Kleine ondernemingen hebben toegang tot een goede netwerkinfrastructuur nodig en middelen om de digitalisering te omarmen. Tsjechië heeft verschillende initiatieven genomen om de connectiviteit en de digitalisering van ondernemingen te versterken om de situatie te verbeteren.
Tsjechië is actief in verschillende meerlandenprojecten, zoals het IPCEI inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën, en is lid van de Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC) voor taaltechnologie (ALT-EDIC) en voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE. Het land is ook betrokken bij de besprekingen over de oprichting van de EDIC’s voor het Genome-initiatief en digitale commons. Op het gebied van kwantumtechnologie neemt Tsjechië deel aan EuroQCI, EURHPC-LUMI-Q, Clonets en Epique 26 .
In het herstel- en veerkrachtplan van Tsjechië wordt 22,8 % van de totale begroting besteed aan de digitale transformatie (1,94 miljard EUR) 27 . In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 1,9 miljard EUR (9 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 28 .
|
Tsjechië |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
CZ |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
53,2 % |
50,5 % |
-5,0 % |
78,8 % |
7,4 % |
95 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
37,4 % |
36,1 % |
-3,7 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
82,6 % |
94,6 % |
14,5 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
10 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
52,5 % |
49,3 % |
-3,1 % |
57,7 % |
2,6 % |
80 % |
90 % |
|
Cloud |
40,0 % |
35,2 % |
-6,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
60 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
4,5 % |
5,9 % |
14,5 % |
8,0 % |
2,6 % |
16 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
19,5 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
25 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
43,1 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
4 |
263 |
6 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
59,7 % |
69,1 % |
7,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,5 % |
4,3 % |
-4,4 % |
4,8 % |
4,3 % |
7 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
76,2 |
76,3 |
0,2 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
83,8 |
83,8 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
46,6 |
51,1 |
9,5 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Tsjechië aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is beperkte inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Over het geheel genomen is het stappenplan van Tsjechië consistent met de inspanningen die nodig zijn om de digitalisering van het land te ondersteunen, maar de specifieke streefcijfers zouden gedetailleerder moeten zijn. Het stappenplan omvat streefdoelen voor 2030 voor alle indicatoren, behalve voor glasvezel t(FTTP) en edge nodes, die volgend jaar zullen worden toegevoegd. In totaal zijn vijf van de nationale streefcijfers in lijn met de EU-streefcijfers voor 2030, en liggen zeven eronder: VHCN’s, ICT-specialisten, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, het aantal eenhoorns en het gebruik van AI, gegevensanalyse en de cloud. Er zijn geen trajecten voor FTTP en edge nodes. Bovendien zou Tsjechië op het gebied van vaardigheden een onderscheid kunnen maken tussen digitale vaardigheden op zowel basis- als geavanceerd niveau, en gerichte maatregelen kunnen vaststellen om het aantal ICT-specialisten te verhogen. Hoewel het stappenplan gedeeltelijk betrekking heeft op doelstellingen van het digitale decennium, zoals veiligheid op internet, soevereiniteit, vertegenwoordiging van vrouwen die werkzaam zijn in ICT, en onlinetoegang tot overheidsdiensten, wordt er niet ingegaan op de groene transitie. De totale begroting voor de 58 maatregelen van het stappenplan wordt geraamd op 1,77 miljard EUR (ongeveer 0,6 % van het bbp), waarbij prioriteit wordt gegeven aan ICT-specialisten, connectiviteit en belangrijke overheidsdiensten. Sommige aspecten vereisen meer actie, met name het doel om bedrijven te digitaliseren (zowel wat betreft de basisintensiteit als het tempo waarin geavanceerde technologieën worden ingevoerd).
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Tsjechië moet, bij het indienen van aanpassingen van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject voor edge nodes moeten voorstellen en het traject voor FTTP moeten formaliseren; ii) het ambitieniveau van de streefcijfers voor het gebruik door ondernemingen van de drie technologieën (AI, cloud, gegevensanalyse) moeten vaststellen en op de EU-streefcijfers moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, om de digitalisering van ondernemingen te realiseren, waarbij een onderscheid zou moeten worden gemaakt tussen maatregelen die bijdragen tot digitale vaardigheden op basisniveau en op geavanceerd niveau; ii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren, waarbij de aandacht wordt gevestigd op EU-bronnen zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Tsjechische burgers van digitale rechten hebben. Van de Tsjechen gelooft 46 % niet dat de EU hun digitale rechten goed beschermt, een daling van het vertrouwen met 5 procentpunten ten opzichte van vorig jaar. De bezorgdheid is toegenomen; met name maakt 58 % zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet en 44 % over de controle over persoonsgegevens. Positief is dat 57 % de vrijheid van meningsuiting en 55 % de beschikbaarheid van privacyvriendelijke technologieën waardeert. Deze beide cijfers sluiten nauw aan bij de EU-gemiddelden. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 29 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, moet Tsjechië zijn vaste netwerkinfrastructuur versterken en de digitalisering van het bedrijfsleven stimuleren. Voor de Tsjechische infrastructuur is het moeilijk een dekking van 100 % voor VHCN’s te bereiken als gevolg van de trage uitrol van glasvezel en een zeer laag gebruik van vaste breedband met een snelheid van 1 Gbps. De 5G-dekking neemt snel toe; bijna 95 % van de huishoudens is aangesloten. In 2023 beschikte echter slechts 39,3 % van de Tsjechische huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, wat iets onder het EU-gemiddelde lag (50,6 %). De digitaliseringsindicatoren voor bedrijven liggen allemaal onder het EU-gemiddelde, met inbegrip van de basisintensiteit van kmo’s en de invoering van gegevensanalyse, AI en cloudtechnologie. Er wordt gewerkt aan een herziene AI-strategie om de belangstelling van het bedrijfsleven te wekken en het gebruik ervan te bevorderen. Het ecosysteem voor start-ups kan worden verbeterd door ondernemers te helpen middelen aan te trekken en toegang te krijgen tot adviesdiensten. Het land kan ook rekenen op technologie-intensieve bedrijven op gebieden als micro-elektronica, kwantumcomputing en start-ups op het gebied van AI. Tot slot heeft Tsjechië, op het gebied van cyberbeveiliging, te kampen met een toenemend aantal bedreigingen. Het nationale agentschap, het Nationaal agentschap voor cyber- en informatiebeveiliging (Nukib), probeert deze actief aan te pakken en verspreidt via zijn websites en conferenties beste praktijken en ondersteunend materiaal onder belanghebbenden om de overgang naar post-kwantumversleuteling te vergemakkelijken.
|
Aanbevelingen – Tsjechië zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de uitrol van FTTP moeten versnellen, onder meer door meer bekendheid te geven aan de voordelen van gigabitnetwerken, door processen en vergunningen voor de uitrol van netwerken te vereenvoudigen en door de bouw van glasvezelklare gebouwen te bevorderen. ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN: de subsidies voor de digitalisering van kmo’s om hun capaciteitsopbouw te vergroten moeten voortzetten en opschalen, met ondersteunende diensten bij de uitvoering van hun projecten; -EENHOORNS: i) toegepast onderzoek moeten ondersteunen, met het oog op de aanpassing van octrooien en ideeën aan de markt en het creëren van een businesscase voor innovatie; ii) de toegang tot kapitaal voor start-ups moeten vergemakkelijken, met inbegrip van durf- en groeikapitaal; AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de mix van maatregelen ter ondersteuning van de invoering van geavanceerde digitale technologieën, waaronder AI, cloud en big data, moeten evalueren om inzicht te krijgen in waarom de invoering afneemt; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -EDGE NODES: net als andere lidstaten, rekening moeten houden met de uitrol van edge nodes, aangezien edgecomputing een belangrijk onderdeel is van AI, de toekomstige uitrol van netwerken en het internet der dingen, bij het opzetten van investeringsprogramma’s en -strategieën op deze gebieden; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Tsjechië is goed toegerust om een inclusieve digitale transitie tot stand te brengen dankzij voortdurende inspanningen om de digitale vaardigheden te vergroten. Er moet echter meer nadruk worden gelegd op de opleiding van ICT-specialisten. Het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking ligt ruim boven het EU-gemiddelde. Sinds 2022 voert Tsjechië een hervorming uit van de curricula voor het basis- en middelbaar onderwijs, waarbij digitale vakken worden geïntegreerd in het onderwijs en scholen worden uitgerust met digitale instrumenten. Het aandeel ICT-specialisten als percentage van de beroepsbevolking ligt onder het EU-gemiddelde, deels als gevolg van een tekort aan arbeidskrachten in het land; bovendien is van de 4,3 % ICT-specialisten in de beroepsbevolking slechts 12,4 % vrouw. De vooruitgang op het gebied van de digitalisering van overheidsdiensten en de ontwikkeling van e-gezondheid moet worden versneld, aangezien de scores van Tsjechië onder het EU-gemiddelde liggen. De oprichting van het Agentschap voor digitalisering en informatie (DIA) is een veelbelovende ontwikkeling, aangezien het e-overheidsbesluiten centraliseert. Dit heeft ertoe bijgedragen dat initiatieven beter op elkaar aansluiten en dat de uitrol van de Tsjechische digitale portemonnee sneller plaatsvindt. Het aantal te beheren projecten moet echter zorgvuldig worden vastgesteld en er kan meer personeel nodig zijn.
|
Aanbevelingen – Tsjechië zou: |
|
-ICT-SPECIALISTEN: studies op het gebied van wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (STEM) en werken in de ICT aantrekkelijker moeten maken, met name voor vrouwen; -DIGITALISERING VAN OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen voor de digitalisering van overheidsdiensten moeten opvoeren en moeten zorgen voor voldoende administratieve middelen om deze diensten te ondersteunen; -E-GEZONDHEID: i) de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden om ervoor te zorgen dat alle burgers online toegang hebben tot hun elektronische gezondheidsgegevens; ii) de verschillende soorten gegevens via de onlinetoegangsdienst voor burgers breder beschikbaar moeten maken; iii) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Tsjechië heeft geen strategie vastgesteld om de digitale en de groene transitie samen te brengen. Het land is pas begonnen met nadenken over de wijze waarop de milieuvoetafdruk van de ICT-sector kan worden berekend, verantwoord energieverbruik bij consumenten kan worden bevorderd en het ecologisch ontwerp van ICT-apparatuur en -diensten kan worden gestimuleerd.
|
Aanbevelingen – Tsjechië zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Denemarken
1 Samenvatting
Denemarken levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Denemarken aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de digitalisering van overheidsdiensten voor bedrijven en bij het verhogen van het aantal ICT-specialisten. Wel liggen er nog steeds uitdagingen als het gaat om de digitalisering van kmo’s en, meer in het algemeen, het gebruik door ondernemingen van geavanceerde technologieën, zoals artificiële intelligentie (AI).
Denemarken heeft een nationaal stappenplan gepresenteerd, waarin de nadruk ligt op het oplossen van maatschappelijke uitdagingen via digitale middelen, met plannen om het concurrentievermogen van ondernemingen te versterken, overheidsdiensten te verbeteren en de groene transitie te bevorderen. In de geactualiseerde digitaleringsstrategie 2024-2027, die in november 2023 werd gelanceerd, ongeveer 100 miljoen EUR toegewezen aan initiatieven die gericht zijn op het verstrekken van technologische kennis op basisscholen, het vergroten van het gebruik van digitale technologieën zoals AI en robotica, en het gebruik van gegevens voor de groene transitie. Ook relevant zijn de gezamenlijke digitale overheidsstrategie 2022-2025, de nationale breedbandstrategie, de Deense nationale strategie voor kwantumtechnologie en de Strategie voor cyber- en informatiebeveiliging .
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 30 is 83 % van de Deense bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Denemarken is lid van het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), dat het gebrek aan Europese taalgegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen probeert te verhelpen. Ook werkt het land aan de statuten en andere relevante documenten van het mogelijke toekomstige EDIC voor het Genome-initiatief en neemt het deel aan besprekingen over de oprichting van het EDIC voor digitale commons, beide in informele werkgroepen. Denemarken bevindt zich ook in de laatste fase van de onderhandelingen voor het lidmaatschap van EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE. Tot slot heeft het land vijf Europese digitale-innovatiehubs (EDIH’s) opgericht om de digitale capaciteit van bedrijven en overheidsorganisaties op te bouwen 31 .
|
Denemarken |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DK |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
96,3 % |
97,2 % |
0,9 % |
78,8 % |
7,4 % |
x |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
77,9 % |
84,0 % |
7,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
97,8 % |
100,0 % |
2,2 % |
89,3 % |
9,8 % |
x |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
22 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
79,4 % |
75,3 % |
-2,6 % |
57,7 % |
2,6 % |
95 % |
90 % |
|
Cloud |
62,2 % |
66,2 % |
3,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
78 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
23,9 % |
15,2 % |
-20,3 %2 |
8,0 % |
2,6 % |
76,6 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
49,5 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
72,7 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
77,4 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
Eenhoorns |
8 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
68,7 % |
69,6 % |
0,7 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
5,7 % |
5,9 % |
3,5 % |
4,8 % |
4,3 % |
7,7 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
84,1 |
84,2 |
0,2 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
88,7 |
88,7 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
95,8 |
97,9 |
2,2 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. 2 De onlangs waargenomen daling van de AI-waarde houdt waarschijnlijk verband met een groter bewustzijn onder ondernemingen over het gebruik van specifieke AI-technologieën, zoals robotische procesautomatisering (RPA) op basis van AI. |
|||||||
In het Deense herstel- en veerkrachtplan wordt 27 % van de totale begroting besteed aan de digitale transformatie van het land (ongeveer 382 miljoen EUR) 32 . Er wordt prioriteit gegeven aan de uitvoering van de nieuwe digitale strategie, de uitbreiding van de dekking van snel breedband op het platteland, de verbetering van de paraatheid op het gebied van cyberbeveiliging en het gebruik van AI, de verdere digitalisering van kmo’s en de overheidsdiensten, met bijzondere aandacht voor de ontwikkeling van digitale oplossingen voor de gezondheidszorg, en het stimuleren van O&O. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 1,9 miljard EUR (9 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 33 .
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Denemarken aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het Deense stappenplan is samenhangend, ook wat de doelstellingen betreft, maar weerspiegelt slechts gedeeltelijk de inspanningen die nodig zijn om de streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. Het omvat nationale streefcijfers voor 2030 voor 10 van de 15 kernprestatie-indicatoren (KPI’s), maar geen geformaliseerde streefdoelen en trajecten voor de glasvezeldekking (FTTP), edge nodes en eenhoorns. Het streefcijfer voor dekking door vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) is vastgesteld voor 2025, terwijl wordt aangenomen dat het streefcijfer voor 5G niet hoeft worden opgenomen omdat het land al een volledige dekking heeft bereikt. In totaal zijn negen van de gepresenteerde nationale streefcijfers afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030, terwijl dat voor ICT-specialisten daaronder ligt. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen, namelijk digitaal burgerschap, het bevorderen van leiderschap en concurrentievermogen, en digitale vergroening. Met 55 voorgestelde maatregelen wordt de totale in het stappenplan vermelde begroting op het moment van schrijven geraamd op 145,4 miljoen EUR (minder dan 0,11 % van het bbp), waarbij de prioriteiten liggen op het gebied van kwantumtechnologie, de invoering van sleuteltechnologieën door ondernemingen en de digitalisering van overheidsdiensten. Sommige aspecten vereisen wellicht meer actie, met name op het gebied van digitale vaardigheden, het stimuleren van het aantal edge nodes en de invoering van digitale technologieën door kleinere ondernemingen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Denemarken zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) streefcijfers en trajecten moeten verstrekken voor FTTP, edge nodes en eenhoorns en het traject voor VHCN tot 2030 moeten formaliseren; ii) moeten overwegen om het ambitieniveau van de streefcijfers voor het aantal ICT-specialisten op de overeenkomstige EU-streefcijfers af te stemmen; iii) sommige trajecten aan de hand van het juiste beginjaar moeten herberekenen voor de volgende KPI’s (digitale basisvaardigheden, cloud, gegevensanalyse en kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit), zoals in het verslag over de staat van het digitale decennium 2023. -MAATREGELEN: i) maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de streefcijfers waarvoor Denemarken het potentieel heeft om meer te doen, onder andere op het gebied van digitale vaardigheden, edge nodes en de invoering van digitale technologieën door kleinere ondernemingen; ii) de begrotingsbeschrijving voor alle maatregelen moeten herzien, waarbij de aandacht wordt gevestigd op de financieringsbronnen van de EU, zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: aanvullende details over de raadpleging van belanghebbenden over het stappenplan moeten verstrekken. |
Digitale rechten en beginselen
De Eurobarometer over het digitale decennium geeft inzicht in de perceptie die Deense burgers van digitale rechten hebben. Van de Denen is 60 % van mening dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, een daling met 4 punten ten opzichte van vorig jaar, maar nog steeds boven het EU-gemiddelde van 45 %. De bezorgdheid is toegenomen, met name omdat 67 % zich zorgen maakt over de veiligheid van kinderen op internet, een aanzienlijke stijging van 25 punten, en 47 % over de controle over persoonsgegevens, een stijging van 6 punten. Positief is dat 74 % de vrijheid van vergadering online en 72 % de toegang tot gratis openbare diensten waardeert, beide ruim boven het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 34 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, beschikt Denemarken over een sterke infrastructuur en een hoogwaardige onderzoeksgemeenschap, met name op het gebied van robotica en deeptech-centra voor de productie van nanotechnologieën zoals kwantumtechnologieën, sensoren en chips. Er kan echter nog meer worden gedaan om O&O om te zetten in marktinnovatie en om het gebruik van nieuwe technologieën, met name AI en de cloud, door kleinere jongere bedrijven te stimuleren, en hen, als het gaat om het niveau van digitalisering, te helpen gelijke tred met grotere bedrijven te houden.
Wat infrastructuur betreft, ligt Denemarken op schema om tegen 2025 een dekking van 100 % voor VHCN en 5G te bereiken, vijf jaar vóór het EU-streefjaar 2030. Het land heeft een van de hoogste percentages vaste breedbandabonnementen met snelheden van meer dan 1 Gbps in de EU (29,3 %). In 2023 beschikte 85,0 % van de Deense huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen, wat significant boven het EU-gemiddelde (50,6 %) ligt. Denemarken blijft zich richten op technologisch leiderschap en soevereiniteit, en heeft plannen om meer te investeren in halfgeleiders en de vermarkting van kwantumtechnologieën, waaraan Denemarken al een aanzienlijke bijdrage levert.
Hoewel alle indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen het EU-gemiddelde overtreffen (zo heeft 75,3 % van de kmo’s ten minste een basisniveau van digitale intensiteit), wijst hun beperkte of soms zeer beperkte dynamiek erop dat er nog ruimte voor verbetering is. Met automatiseringsinitiatieven zoals KMO:Digitaal en KMO:Robot probeert Denemarken de digitale processen binnen kmo’s te stroomlijnen. Er zou echter meer kunnen worden gedaan om een breed scala van digitale oplossingen te bevorderen die zijn ontworpen om tegemoet te komen aan de behoeften en middelen van alle soorten kmo’s, met name kleinere ondernemingen. De recente toewijzing van een onderzoeksfonds (4,2 miljoen EUR) in het kader van het Deense innovatiefonds zal reeds bijdragen tot de versterking van strategisch onderzoek op het gebied van sleuteltechnologieën, met name big data en AI, maar ook cyber- en informatiebeveiliging en halfgeleiders. Er zijn nog meer mogelijkheden om Deense ondernemingen Europese medefinanciering te laten benutten, wat een reële impact kan hebben op het concurrentievermogen en de productiviteit van het land. Het klimaat voor start-ups in Denemarken is vooral gunstig als het gaat om robotica, automatisering, kwantum- en dronetechnologieën, maar er bestaan nog steeds uitdagingen wat de toegang tot durfkapitaal en de concurrentie om talent betreft. Op het gebied van cyberbeveiliging wordt de nationale strategie voor cyberbeveiliging uitgevoerd om kritieke ICT-systemen van de overheid te beschermen en de cybervaardigheden van mensen, bedrijven en autoriteiten te verbeteren.
|
Aanbevelingen – Denemarken zou: |
|
-DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN: de nadruk moeten leggen op het ondersteunen en vergroten van het bewustzijn van kleinere ondernemingen over digitale oplossingen om hun bedrijven te verbeteren en te leren deze beter te gebruiken; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de mix van maatregelen ter ondersteuning van de invoering van geavanceerde digitale technologieën door bedrijven moeten evalueren, met name die welke gericht zijn op de invoering van AI door ondernemingen; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -EDGE NODES: nadenken over de integratie van de uitrol van meer edge nodes op nationaal niveau, alsook investeringsprogramma’s, waarbij rekening wordt gehouden met de innovatie die edge nodes zullen teweegbrengen op het gebied van AI, het internet der dingen (IoT) en de uitrol van netwerken. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Denemarken zorgt voor een digitale transformatie die gericht is op het stimuleren van digitale inclusie en een geschoolde beroepsbevolking. In 2023 beschikte 69,6 % van de bevolking over ten minste digitale basisvaardigheden, wat boven het EU-gemiddelde van 55,6 % ligt. Er is echter nog steeds ruimte voor verbetering: het is belangrijk dat de kloof tussen stad en platteland en de genderkloof worden overbrugd, vooral om het risico van digitale uitsluiting te voorkomen in een land waar de digitale transformatie gestaag voortschrijdt. Het aandeel ICT-specialisten van de Deense werkzame bevolking bedraagt 5,9 %, wat eveneens hoger is dan het EU-gemiddelde van 4,8 %. Er zijn echter nog steeds grote genderverschillen te zien (slechts 22,6 % van de werkzame ICT-specialisten is vrouw). Bovendien was in 2022 het aandeel bedrijven dat moeilijk te vervullen ICT-vacatures had en op zoek was naar ICT-specialisten (10,7 %) over het algemeen hoger dan in de EU (6 %), waaruit blijkt dat er nog steeds sprake is van een probleem op de ICT-arbeidsmarkt. Vooruitblikkend kan er nog meer worden gedaan om de belangstelling van jongeren voor ICT, met name onder vrouwen, te vergroten. Denemarken streeft er ook naar de bestaande inspanningen voor bij- en omscholing van de beroepsbevolking op te voeren en meer internationale ICT-studenten op de Deense arbeidsmarkt te houden. Deze inspanningen kunnen bijdragen tot een stijging van de inschrijvingspercentages voor ICT-opleidingen en van het aantal afgestudeerden in het land (momenteel 5,5 % van de afgestudeerden), aangezien ICT-gerichte opleidingsprogramma’s weliswaar over voldoende plekken beschikken, maar deze vaak niet worden opgevuld. Wat de digitalisering van de overheid betreft (overheidsdiensten voor burgers en bedrijven, eID en toegang tot elektronische patiëntendossiers), ligt Denemarken op schema en presteert het boven het EU-gemiddelde. Zo is de maturiteitsscore voor e-gezondheid van 97,9 van 100 opmerkelijk, en worden gezondheidsgegevens voor alle categorieën zorgverleners verstrekt. De nieuwe beveiligde eID-oplossing van het land, MitID, werd in het kader van de eIDAS-verordening aangemeld met een substantieel en hoog betrouwbaarheidsniveau. Uit gegevens blijkt dat 83,9 % van de Deense burgers de afgelopen twaalf maanden via de eID toegang tot overheidsdiensten heeft gekregen, wat veel hoger is dan het EU-gemiddelde (36,1 %). Met een hoog niveau van gedigitaliseerde overheidsdiensten besteedt Denemarken bijzondere aandacht aan het waarborgen van inclusiviteit en toegankelijkheid, waarbij personen met een beperking waar nodig de mogelijkheid krijgen om af te zien van deelname.
|
Aanbevelingen – Denemarken zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: zich op nationaal niveau moeten concentreren op de integratie van digitale basisvaardigheden in het basisonderwijs en lager secundair onderwijs, om ervoor te zorgen dat de Deense bevolking over een gelijk niveau van digitale basisvaardigheden beschikt, met bijzondere aandacht voor de bestaande kloof tussen de stad en het platteland en de genderkloof; -ICT-VAARDIGHEDEN: i) de plannen in de nieuwe digitaliseringsstrategie moeten opvolgen en ICT-specialisten bij- en om moeten scholen; ii) programma’s moeten ontwerpen om de belangstelling van jongeren voor ICT te vergroten, ook onder vrouwen, en om internationale studenten te behouden voor ICT-gerelateerde opleidingen om de inschrijvingspercentages te verhogen; -E-GEZONDHEID: de verschillende soorten gegevens van medische beelden via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar maken. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Denemarken werkt actief aan het verbeteren van de standaardisering, digitalisering en automatisering van gegevens om bedrijven, overheidsinstanties en de bevolking te helpen om toegang te krijgen tot hun klimaat- en milieuvoetafdruk en om slimmere, beter geïnformeerde keuzes te maken. In overeenstemming hiermee wil de Deense regering een circulaire databank opzetten die gegevens over afval en materialen verzamelt en deelt.
|
Aanbevelingen – Denemarken zou: |
|
-door moeten gaan met de ontwikkeling van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie, onder meer door relevante proefprojecten te ondersteunen. Ten eerste zou het de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten blijven bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de bestaande maatregelen moeten uitbreiden om de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen te monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering; waar mogelijk op dit gebied het voortouw moeten nemen door nationale instrumenten en methoden op EU-niveau te bevorderen. |
Staat van het digitale decennium 2024
Estland
1 Samenvatting
Estland levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Estland aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van digitalisering van overheidsdiensten en digitale vaardigheden, met inbegrip van ICT-specialisten en cyberbeveiligingsinitiatieven. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het bereiken van een volledige gigabitdekking en de digitalisering van kmo’s.
Digitalisering is een prioriteit in Estland, zoals blijkt uit de nationale digitale agenda voor 2030, die in 2021 is aangenomen. De digitale strategie is gericht op drie gebieden: de digitale staat, cyberbeveiliging en connectiviteit. Het digitaliseringsbeleid van Estland is zeer uitgebreid, maar er zijn geen strategieën voor halfgeleiders, edge nodes en kwantumbeleid. Voorts zou Estland zijn connectiviteitsinfrastructuur kunnen verbeteren, met name wat betreft dekking en snelheid. De digitalisering van belangrijke overheidsdiensten is een topprioriteit in Estland.
Estland zet de mens centraal bij de digitalisering en richt zich op inclusie en participatie: het land heeft belangrijke overheidsdiensten toegankelijk gemaakt voor mensen en ondernemingen, om activiteiten zoals deelname aan het democratische proces mogelijk te maken. De focus van Estland op cyberbeveiliging toont ook aan dat het zich inzet voor een veilige en beveiligde digitale omgeving.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 35 is 81 % van de Esten van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat behoorlijk boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt. Bovendien is 73 % van de Esten zich ervan bewust dat rechten die offline van toepassing zijn, ook online moeten worden geëerbiedigd.
Estland is lid van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE en een waarnemer in het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie, dat het gebrek aan Europese taalgegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen probeert te verhelpen (beide EDIC’s zijn al opgericht). Estland is ook lid van de werkgroepen die de EDIC’s voor het Genome-initiatief en de digitale commons willen opzetten 36 .
In het herstel- en veerkrachtplan van Estland wordt 24,1 % van de begroting toegewezen aan digitaal beleid (208 miljoen EUR), waarbij de prioriteiten liggen bij de digitalisering van ondernemingen en overheidsdiensten en het verbeteren van de connectiviteit 37 . In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,4 miljard EUR (11 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 38 .
|
Estland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
EE |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
76,3 % |
76,9 % |
0,8 % |
78,8 % |
7,4 % |
x |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
76,3 % |
76,9 % |
0,8 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
43,3 % |
87,5 % |
102,0 % |
89,3 % |
9,8 % |
x |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
3 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
54,0 % |
55,9 % |
1,7 % |
57,7 % |
2,6 % |
x |
90 % |
|
Cloud |
50,5 % |
52,6 % |
2,1 % |
38,9 % |
7,0 % |
x |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
2,8 % |
5,2 % |
36,3 % |
8,0 % |
2,6 % |
x |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
25,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
x |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
60,6 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
2 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
56,4 % |
62,6 % |
5,4 % |
55,6 % |
1,5 % |
60 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
6,6 % |
6,7 % |
1,5 % |
4,8 % |
4,3 % |
x |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
94,0 |
95,8 |
1,9 % |
79,4 |
3,1 % |
x |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
98,8 |
98,8 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
x |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
89,2 |
97,5 |
9,3 % |
79,1 |
10,6 % |
x |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Estland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een lage ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is beperkte inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. Wel is de formele goedkeuring van het stappenplan op nationaal niveau, die voor het land van cruciaal belang is om zich voor deze ambities volledig in te zetten, nog niet rond.
Het stappenplan bevat 1 van de 15 nationale doelstellingen, 0 van de 13 mogelijke trajecten en 3 maatregelen. Het stappenplan bevat geen streefcijfers of trajecten voor netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN), glasvezeldekking (FTTP), algemene 5G-dekking, edge nodes, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, cloud, artificiële intelligentie, gegevensanalyse, eenhoorns, ICT-specialisten, digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven, noch voor toegang tot elektronische patiëntendossiers.
Het nationale streefcijfer in het stappenplan en de drie maatregelen waarnaar in het stappenplan kort wordt verwezen, hebben betrekking op digitale basisvaardigheden. Het nationale streefcijfer van 60 % is niet in overeenstemming met het ambitieniveau van de EU, namelijk 80 % tegen 2030. Aangezien 62,6 % van zijn bevolking reeds over ten minste digitale basisvaardigheden beschikt, heeft Estland het nationale streefcijfer bovendien al bereikt.
Voorts wordt in het stappenplan niet gespecificeerd hoeveel middelen voor het digitale decennium zijn bestemd. Daarnaast heeft Estland de belanghebbenden niet geraadpleegd over het stappenplan. Gezien de digitale stappen die Estland zet, is het belangrijk dat deze in het stappenplan tot uiting komen. Het stappenplan vereist meer inspanningen op alle gebieden.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Estland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een nationaal streefcijfer en traject moeten vaststellen voor VHCN-dekking, FTTP-dekking, 5G-dekking, edge nodes, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, cloud, AI, gegevensanalyse, eenhoorns, ICT-specialisten, digitale overheidsdiensten voor burgers, digitale overheidsdiensten voor bedrijven en toegang tot medische dossiers; ii) het ambitieniveau van het nationale streefcijfer moeten afstemmen en een traject voor ten minste digitale basisvaardigheden moeten voorstellen; -MAATREGELEN: i) duidelijk maatregelen moeten presenteren die gericht zijn op VHCN-dekking, FTTP-dekking, 5G-dekking, edge nodes, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, cloud, AI, gegevensanalyse, eenhoorns, ICT-specialisten, ten minste digitale basisvaardigheden, digitale overheidsdiensten voor burgers, digitale overheidsdiensten voor bedrijven en toegang tot medische dossiers, rekening houdend met de doelstellingen van het digitale decennium. Bij de presentatie van de maatregelen in het stappenplan zou het land een beschrijving moeten geven van de maatregelen, de beoogde effecten en resultaten ervan moeten beschrijven en een overzicht van de begroting van de maatregel moeten geven, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen publieke, EU- en private financiering; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: i) belanghebbenden bij het opstellen van het stappenplan moeten betrekken; ii) in het stappenplan moeten vermelden wat er met de feedback van belanghebbenden is gedaan. |
Digitale rechten en beginselen
De Eurobarometer over het digitale decennium geeft inzicht in de perceptie die Estse burgers van digitale rechten hebben. Van de Esten is 42 % van mening dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, een daling met 6 procentpunten ten opzichte van vorig jaar, daarmee uitkomend onder het EU-gemiddelde van 47 %. De bezorgdheid is toegenomen, met name omdat 55 % zich zorgen maakt over de veiligheid van kinderen op internet, een aanzienlijke stijging van 10 punten, en 46 % over de controle over persoonsgegevens, een stijging van 11 punten. Positief is dat 66 % het niveau van digitale vaardigheden en onderwijs waardeert, en nog eens 68 % de toegang tot online overheidsdiensten, beide ruim boven het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 39 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Estland zet zich in voor de verbetering van de digitale infrastructuur en technologieën. Het land werkt aan het verbeteren van de infrastructuur, bijvoorbeeld via de steunregeling voor toegang tot netwerken 1.0 en 2.0. De 5G-dekking is elk jaar aanzienlijk toegenomen dankzij de veilingen van radiospectrum op de 700 MHz- en 3,4-3,8 GHz-banden in 2022. Er is een grote kloof tussen de stad en het platteland, en de regering wil deze kloof aanpakken en zorgen voor volledige dekking voor iedereen via de steunregeling voor toegang tot netwerken 4.0. Er zijn echter vooral publieke en private investeringen nodig om meer huishoudens te bereiken en de witte gebieden (gebieden met een lage connectiviteit) te bestrijken. Bovendien neemt Estland geen maatregelen inzake edge nodes of halfgeleiders. Het percentage kmo’s met ten minste een digitale intensiteit op basisniveau dreigt onder het EU-gemiddelde uit te komen. De vooruitgang van Estland op het gebied van gegevensanalyse en het gebruik van AI verloopt traag. Het creëren van een veilige en beveiligde digitale omgeving is voor Estland op elk niveau van belang. De maatregelen omvatten het versterken van de infrastructuur van het land en het verbeteren van de vaardigheden van de bevolking op het gebied van cyberbeveiliging.
|
Aanbevelingen – Estland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) zich moeten blijven inspannen om de uitrol van VHCN, FTTP en 5G te ondersteunen, onder meer door private investeringen te bevorderen en het gebruik van deze technologieën te stimuleren; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -HALFGELEIDERS/KWANTUMCOMPUTERS: strategieën en maatregelen voor halfgeleiders en kwantumcomputing moeten ontwikkelen; -EDGE NODES: rekening moeten houden met de uitrol van edge nodes, aangezien edgecomputing een belangrijk onderdeel is van AI, de toekomstige uitrol van netwerken en het internet der dingen, bij het opzetten van investeringsprogramma’s en -strategieën op deze gebieden; -DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN EN AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) door moeten gaan met de digitalisering van kmo’s, met name voor gegevensanalyse en AI; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Estland zet zich sterk in om de digitale vaardigheden van mensen te verbeteren en hen in de digitale transformatie centraal te stellen. Estland creëert actief een mensgerichte, inclusieve en transparante digitale omgeving in overeenstemming met de overkoepelende EU-doelstellingen, om ervoor te zorgen dat mensen digitaal sterker staan. Het land presteert boven het EU-gemiddelde als het gaat om het verbeteren van de digitale vaardigheden van de bevolking en ICT-specialisten maken al een hoog percentage van de werkzame bevolking uit (6,7 %). Estland heeft ook het op één na hoogste percentage vrouwelijke ICT-specialisten in de EU (26,8 %). Estland heeft onderwijsmaatregelen ingevoerd die gericht zijn op het (bij)scholen van leerkrachten en andere mensen in verschillende levensfasen, en legt daarbij de nadruk op een leven lang leren.
Estland is een koploper bij het verlenen van belangrijke overheidsdiensten aan mensen en bedrijven en streeft ernaar digitale diensten beschikbaar te stellen voor elke belangrijke levensgebeurtenis. In 2023 heeft de regering een nieuwe online-aanvraagprocedure ingevoerd om administratieve processen zoals de registratie van een huwelijk, geboorte, militaire dienst, migratie en overlijden van een dierbare te stroomlijnen. De applicatie Digigate is bedoeld om de administratieve lasten voor ondernemers te verminderen, door hen de mogelijkheid te bieden alle relevante informatie op één plaats online te verstrekken, zodat de communicatie met de autoriteiten wordt gestroomlijnd.
Bijna 80 % van de Estse bevolking heeft ten minste één eID. Bovendien behoort Estland dankzij een hoge mate van maturiteit van e-gezondheidsdiensten tot de trendsetters op dit gebied. Alle in dit kader onderzochte gegevenscategorieën worden tijdig aan de burgers ter beschikking gesteld. Daarnaast verstrekken alle categorieën zorgverleners die in de e-gezondheidsenquête zijn onderzocht relevante gegevens aan de onlinetoegangsdienst voor elektronische patiëntendossiers. Burgers hebben toegang tot deze gegevens via een onlineportaal, al is er geen mobiele applicatie beschikbaar. Bovendien verstrekken alle toepasselijke categorieën zorgverleners relevante gegevens. Wat de toegangsmogelijkheden voor bepaalde categorieën personen betreft, scoort Estland 100/100 ten opzichte van een Europees gemiddelde van 77/100 en volgt het de richtsnoeren inzake toegankelijkheid van webinhoud. In het algemeen werkt Estland aan de verdere stroomlijning van toepassingen voor overheidsdiensten om gegevens toegankelijk te maken op één gebruiksvriendelijk platform.
|
Aanbevelingen – Estland zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: door moeten gaan met de uitvoering van initiatieven ter verbetering van digitale vaardigheden om ervoor te zorgen dat niemand achterblijft; -ICT-SPECIALISTEN: door moeten gaan met de maatregelen die gericht zijn op het verhogen van het aantal senior-ICT-specialisten (hoger ervaringsniveau) en het verder verbeteren van de gendergelijkheid; -E-GEZONDHEID: burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Estland toont grote ambitie om de groene en digitale transities samen te brengen, en de regering heeft zich in haar Digitale Agenda 2030 tot doel gesteld “ de groenste digitale overheid ter wereld ” te worden. Estland moet de kansen die de groene transitie biedt te baat blijven nemen door aanverwante initiatieven in een breder kader te integreren. Met de in 2023 uitgevoerde studie “Analyse van de huidige staat en kansen voor milieuvriendelijkheid in de digitale staatsomgeving” streeft het land ernaar belangrijke digitale en groene uitdagingen in kaart te brengen. De bevindingen zullen in 2024 worden gepresenteerd, wat de weg zal vrijmaken voor het opstellen van een actieplan. Hoewel Estland al groene eisen in aanbestedingsprocedures heeft opgenomen, zou het land een uitgebreidere strategie kunnen ontwikkelen waarin groene en digitale maatregelen voor de private sector worden gecombineerd. Private ondernemingen, met name start-ups, nemen stappen om synergieën tussen groene en digitale stappen tot stand te brengen.
|
Aanbevelingen – Estland zou: |
|
-door moeten gaan met het ontwikkelen van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. -private investeringen en initiatieven op het gebied van verantwoorde groene technologie moeten stimuleren. |
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 ), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 3: Korte verslagen van de lidstaten van de EU-27
Staat van het digitale decennium 2024
Finland
1 Samenvatting
Finland levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Finland aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de uitrol van gigabitnetwerken en lieten de digitale vaardigheden van de bevolking en de digitalisering van zijn ondernemingen opnieuw een recordgroei zien. Wel liggen er nog steeds uitdagingen: er moet gelijke tred worden gehouden met de uitrol van gigabitnetwerken op Fins grondgebied en wat betreft e-overheid moet de e-gezondheidszorg worden verbeterd en moet de toegang tot andere digitale overheidsdiensten op het hoogst mogelijke niveau worden gehouden.
Het gebruik van digitalisering als instrument om een bloeiende en veerkrachtige economie en een veilige, inclusieve samenleving tot stand te brengen, is een prioriteit voor de Finse autoriteiten. Finland heeft zijn visie voor 2030 uiteengezet in het nationale digitale kompas, in overeenstemming met de doelstellingen op EU-niveau. Aangezien de digitale transitie in Finland op volle toeren loopt, richt het land zich op onderzoek, ontwikkeling en innovatie op het gebied van geavanceerde technologieën, 6G-connectiviteit en kansen die voortvloeien uit de data-economie. De productie van halfgeleiders en kwantumcomputing krijgt ook topprioriteit. Deze ontwikkelingen in Finland moeten worden gezien in het kader van toegankelijke online overheidsdiensten en een sterk digitaal geletterde bevolking. Er is nog steeds veel vraag naar ICT-specialisten om vacatures te vervullen.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 1 is 78 % van de Finse burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Dit ligt iets boven het EU-gemiddelde van 73 %.
Finland neemt deel aan de werkzaamheden voor de oprichting van Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) voor het Genome-initiatief, voor mobiliteits- en logistieke gegevens en voor geconnecteerde overheidsdiensten (Impacts-EDIC). Het land is momenteel bezig met de laatste toetredingsonderhandelingen voor het EDIC voor lokale digitale tweelingen (LDT-CitiVERSE) en heeft besloten een verzoek in te dienen om als waarnemer deel te nemen aan het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologieën (ALT-EDIC) 2 (beide reeds opgericht). Het land neemt ook deel aan de gemeenschappelijke onderneming EuroHPC, en LUMI, een van de door de gemeenschappelijke onderneming aangekochte supercomputers, bevindt zich in Finland.
In het Finse herstel- en veerkrachtplan wordt 29 % van de begroting toegewezen aan digitale beleidsmaatregelen (0,5 miljard EUR), waarbij prioriteit wordt gegeven aan e-gezondheid, cyberbeveiliging en O&O op het gebied van sleuteltechnologieën (6G, AI, kwantumtechnologie)
3
. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,4 miljard EUR (20 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
4
.
|
Finland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
FI |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
70,8 % |
77,7 % |
9,8 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
50,3 % |
61,2 % |
21,5 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
94,7 % |
98,4 % |
3,9 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
24 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
81,6 % |
85,6 % |
2,4 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
66,3 % |
73,0 % |
4,9 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
15,8 % |
15,1 % |
-2,2 %(2) |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
40,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
79,5 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
7 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
79,2 % |
82,0 % |
1,8 % |
55,6 % |
1,5 % |
87 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
7,6 % |
7,6 % |
0,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Nee |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
91,6 |
90,6 |
-1,1 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
100,0 |
100,0 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
90,1 |
82,6 |
-8,3 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) De variatie tussen de twee jaren wordt niet als statistisch significant beschouwd, maar in overeenstemming met de stagnatie van deze indicator. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Finland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan is ambitieus en coherent en omvat alle doelstellingen. Het nationale stappenplan van Finland bevat streefcijfers voor 2030 voor alle KPI’s, met uitzondering van FTTP, edge nodes en eenhoorns. Het toont ook ambities op gebieden als halfgeleiders en kwantumtechnologie. In totaal zijn alle voorgestelde nationale streefcijfers afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030. In dit stadium ontbreken trajecten voor FTTP, edge nodes, eenhoorns, het gebruik van cloud, AI en gegevensanalyse, digitale overheidsdiensten voor burgers en e-gezondheid. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, zoals technologisch leiderschap, soevereiniteit, concurrentievermogen, cyberbeveiliging, bescherming van de grondrechten in de digitale ruimte en de groene transitie. De voorgestelde reeks maatregelen om deze doelen te bereiken wordt ondersteund door waarden als vertrouwen en duurzaamheid.
De totale geraamde begroting voor de maatregelen bedraagt 499,7 miljoen EUR (0,2 % van het bbp). De prioriteiten zijn het gebruik van cloud, artificiële intelligentie en gegevensanalyse/big data, de ontwikkeling van capaciteiten voor kwantumcomputing, innovaties op het gebied van connectiviteit (zoals 6G) en hogere uitgaven voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Finland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject moeten voorstellen voor FTTP, edge nodes en eenhoorns, een traject moeten ontwerpen voor VHCN’s, cloud, gegevensanalyse, AI, digitale overheidsdiensten voor burgers en e-gezondheid; ii) een hoger streefcijfer moeten voorstellen voor de digitale basisintensiteit van ondernemingen. -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken inzake ICT-specialisten en gigabittechnologie en maatregelen moeten toevoegen inzake digitale overheidsdiensten en e-gezondheid; ii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren, waarbij de aandacht wordt gevestigd op nationale en EU-bronnen, zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; |
Digitale rechten en beginselen
De Eurobarometer over het digitale decennium geeft gedetailleerde inzichten in de perceptie die Finse burgers van digitale rechten hebben. Hoewel de meeste Finnen positief over digitalisering denken, is slechts 58 % van mening dat hun rechten goed worden beschermd door de EU, een daling van 9 procentpunten sinds 2023, maar nog steeds hoger dan het EU-gemiddelde (45 %). Belangrijke punten van zorg zijn veilig internet voor kinderen en controle over de eigen digitale nalatenschap, waarbij, respectievelijk, slechts 33 % en 36 % zich veilig voelt. Van de respondenten is 71 % echter van mening dat zij over voldoende vrijheid van meningsuiting en informatie op internet beschikken, een stijging van 5 procentpunten. Er zijn positieve trends waar te nemen op het gebied van de toegang tot snel internet (68 % tevredenheid, een stijging van 2 %) en de bescherming van de privacy op internet (69 % tevredenheid). Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 5 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologische leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, beschikt Finland over uitstekende mobiele netwerkinfrastructuren, een hoge mate van digitalisering van ondernemingen en een hoog niveau van investeringen in disruptieve technologieën. Wat infrastructuur betreft, heeft Finland voor 5G al bijna een dekking van 100 % (98,4 %) bereikt. In 2023 beschikte 89,7 % van de Finse huishoudens over 5G in de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen. De uitrol van gigabitnetwerken (VHCN’s) neemt gestaag toe, maar de dekking blijft iets onder het EU-gemiddelde. Het aandeel vaste breedbandabonnementen met downloadsnelheden van 1 Gbps of meer ligt echter op 4 %, wat lager is dan het EU-gemiddelde van 18,5 %.
Van de kmo’s in Finland heeft 85,6 % ten minste een digitale intensiteit op basisniveau en bijna 80 % maakt gebruik van AI, cloud of gegevensanalyse. Bedrijven worden voortdurend aangemoedigd om hun productiviteit en concurrentievermogen te vergroten door het potentieel van 6G, de data-economie en AI te benutten. De overheid en het bedrijfsleven investeren stevig in onderzoek en ontwikkeling op meerdere digitale gebieden, met name halfgeleiders, AI en kwantumcomputing. In de huidige aanpak van cyberbeveiliging wordt dit gezien als een taak voor de hele samenleving, waarbij de overheid investeert in de vaardigheden van burgers en de veerkracht van bedrijven. De nationale strategie op dit gebied zal in 2024 worden geactualiseerd.
|
Aanbevelingen – Finland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de inspanningen moeten opvoeren om vaste gigabitconnectiviteit te ontwikkelen, onder meer door waar nodig overheidsinvesteringen te versterken; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken door te zetten; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) ondernemingen moeten aanmoedigen om bestaande geavanceerde technologische oplossingen, zoals mogelijkheden voor AI of kwantumtests, toe te passen en op deze gebieden verder te innoveren; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -TECHNOLOGISCH LEIDERSCHAP: verdere financieringsbronnen moeten veiligstellen en private investeringen in disruptieve technologieën moeten aanmoedigen. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Finland is goed toegerust om de digitale transformatie te realiseren; dit gebeurt op basis van vertrouwen en mensen worden centraal gesteld. Finland heeft het EU-streefcijfer van ten minste basisvaardigheden reeds bereikt met maatregelen om de maatschappelijke veerkracht te vergroten en geografische en demografische verschillen in formeel en informeel onderwijs en opleiding te overbruggen. Het land streeft naar een aandeel van 10 % van werkzame ICT-specialisten, wat betekent dat de dynamiek moet worden behouden, ook al presteert het beter dan andere EU-landen. Om het aantal werknemers met geavanceerde digitale vaardigheden te verhogen, worden in het Finse stappenplan een groter aantal plaatsen in hogeronderwijsinstellingen en stimulansen voor buitenlanders voorgesteld. Het land scoort 90,6 voor de toegankelijkheid van digitale overheidsdiensten voor burgers en 100 voor de toegang voor bedrijven. De eID wordt op grote schaal gebruikt en Finland is in 2023 begonnen met het proces om een eID aan te melden voor grensoverschrijdende authenticatie in het kader van de eIDAS-verordening. Als we verder kijken dan de bovengemiddelde prestaties van het land op het gebied van e-gezondheid, kan digitale ondersteuning in gezondheids- en zorgdiensten de tekorten aan arbeidskrachten op deze gebieden helpen compenseren en binnen het e-gezondheidsstelsel voor aanvullende functionaliteiten zorgen, waardoor het gebruiksvriendelijker wordt.
|
Aanbevelingen – Finland zou: |
|
-BASISVAARDIGHEDEN: de geletterdheid van de bevolking moeten blijven versterken en competenties op gebieden als cyberbeveiliging moeten blijven ontwikkelen; -ICT-SPECIALISTEN: de inspanningen moeten opvoeren om ICT-specialisten aan te trekken en op maat gesneden opleidingstrajecten aan te bieden, en de genderkloof op dit gebied moeten aanpakken; -eID: een eID-stelsel bij de Commissie moeten aanmelden in het kader van de eIDAS-verordening; -E-GEZONDHEID: i) de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden om ervoor te zorgen dat alle burgers online toegang hebben tot hun elektronische gezondheidsgegevens; ii) de catalogus van gegevens die de burgers in het kader van die dienst ter beschikking staan, moeten uitbreiden; iii) moeten overwegen burgers een mobiele applicatie aan te bieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen en de authenticatiemethoden moeten verbeteren. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
De ambitie van Finland wat betreft digitaal leiderschap is gebaseerd op duurzaamheid als onderliggende waarde en op de doelstelling om een digitale groene transitie te faciliteren. De regering heeft in 2021 in samenwerking met de particuliere sector en de onderzoeksgemeenschap een klimaat- en milieustrategie voor de ICT-sector gepubliceerd en blijft de uitvoering ervan volgen. In Finland worden onderzoeks- en andere activiteiten verricht om niet alleen de koolstofvoetafdruk te verkleinen, maar ook om een handafdruk voor technologische industrieën te creëren. Het doel is dan ook digitale technologieën te ontwikkelen die kunnen helpen om wereldwijde klimaat- en milieuproblemen het hoofd te bieden. Een voorbeeld is de keuze voor de Finse supercomputer LUMI om de digitale tweeling voor de aanpassing aan de klimaatverandering (klimaat-DT) uit te voeren, een digitale tweeling met hoge prioriteit in het kader van het EU-vlaggenschipinitiatief Bestemming Aarde.
|
Aanbevelingen – Finland zou: |
|
-door moeten gaan met het ontwikkelen van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. -leiderschap moeten tonen bij het gebruik van de digitale transitie voor milieudoeleinden door nationale instrumenten en methoden op Europees niveau te bevorderen. |
Staat van het digitale decennium 2024
Frankrijk
1 Samenvatting
Frankrijk levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Frankrijk aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van e-gezondheid en de uitrol van het glasvezelnetwerk. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om de digitalisering van kmo’s en de invoering van geavanceerde technologieën (zoals AI en cloud) door bedrijven.
Digitalisering is een prioriteit voor de Franse autoriteiten, met de nadruk op infrastructuur en onderzoek en ontwikkeling (O&O) op het gebied van sleuteltechnologieën. In het kader van het investeringsplan “Frankrijk 2030” investeert Frankrijk massaal in onderzoek en innovatie op het gebied van nieuwe technologieën zoals cloud, cyberbeveiliging, artificiële intelligentie (AI) en kwantumtechnologie. De productie van halfgeleiders op eigen grondgebied krijgt ook topprioriteit. Frankrijk benut ook de voordelen van een robuuste digitale infrastructuur. Hoewel het digitaliseringsbeleid een breed scala van gebieden bestrijkt, is er ruimte om verschillende maatstaven met betrekking tot de algemene bevolking van burgers en bedrijven te verbeteren. Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 6 is slechts 64 % van de Franse burgers van mening dat de digitalisering van de openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, een van de laagste scores in de EU.
In Frankrijk bevindt zich het Europees consortium voor digitale infrastructuur (EDIC) ALT-EDIC (reeds opgericht), dat het gebrek aan Europese taalgegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen probeert te verhelpen, en het land is kandidaat om nog twee toekomstige EDIC’s te huisvesten: het EDIC voor agrofood (samen met Nederland) en het EDIC voor digitale commons. Frankrijk is ook lid van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (reeds opgericht). Daarnaast werkt Frankrijk aan de statuten van het mogelijke toekomstige EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens en het EDIC voor het Genome-initiatief 7 .
Frankrijk wijst 21,6 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitalisering (8,1 miljard EUR) 8 , waarbij de prioriteiten liggen bij e-gezondheid en O&O op het gebied van sleuteltechnologieën (5G, kwantum en cloud). In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 1,9 miljard EUR (11 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 9 .
|
Frankrijk |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
FR |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
73,4 % |
81,4 % |
10,9 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
73,4 % |
81,4 % |
10,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
88,8 % |
93,2 % |
4,9 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
257 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
47,0 % |
52,0 % |
(2) |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
25,3 % |
22,9 % |
(2) |
38,9 % |
7,0 % |
53,3 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
6,7 % |
5,9 % |
(2) |
8,0 % |
2,6 % |
46,7 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
33,9 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
49,7 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
44,9 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
40 |
263 |
100 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
62,0 % |
59,7 % |
-1,9 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,3 % |
4,7 % |
9,3 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
71,3 |
72,1 |
1,1 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
79,3 |
79,3 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
54,5 |
79,3 |
45,5 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) Vanwege methodologische veranderingen kan voor Frankrijk geen vergelijking met voorgaande jaren worden gemaakt. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Frankrijk aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Over het algemeen is het stappenplan van Frankrijk ambitieus en consistent, ook wat de doelstellingen betreft, maar kent het enkele zwakke punten op het gebied van de digitalisering van ondernemingen. Het nationale stappenplan van Frankrijk bevat streefcijfers voor 2030 voor alle KPI’s, behalve voor FTTP en edge nodes (aangenomen wordt dat de eerste vergelijkbaar is met VHCN, maar dit moet worden geformaliseerd). In totaal zijn negen nationale streefcijfers afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030, maar drie daarvan liggen daaronder: gebruik van AI, gebruik van gegevensanalyse en gebruik van cloud. Er ontbreken trajecten voor FTTP, edge nodes en eenhoorns. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, zoals een mensgerichte digitale ruimte, veerkracht en veiligheid, soevereiniteit, vergroening en bescherming van de samenleving, met een hoog ambitieniveau, met name wat betreft de mensgerichte digitale ruimte, soevereiniteit en de groene transitie.
De totale begroting van de (publieke en private) maatregelen die in het stappenplan worden gepresenteerd, wordt geraamd op 17,8 miljard EUR (ongeveer 0,6 % van het bbp), met als prioriteiten halfgeleiders, connectiviteit en e-gezondheid. Sommige aspecten vereisen meer actie, met name als het gaat om ICT-specialisten – het huidige aantal ICT-professionals moet worden verdubbeld – en de digitalisering van ondernemingen (zowel wat betreft de digitale intensiteit op basisniveau als het tempo waarin geavanceerde technologieën worden toegepast).
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Frankrijk zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject voor edge nodes moeten voorstellen, een traject voor eenhoorns moeten ontwikkelen en het traject voor FTTP moeten formaliseren; ii) moeten overwegen het ambitieniveau van de streefcijfers voor het gebruik door ondernemingen van de drie technologieën (AI, cloud, gegevensanalyse) op de EU-streefcijfers moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, met name wat betreft vaardigheden en digitalisering van ondernemingen; ii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren, waarbij de aandacht wordt gevestigd op EU-bronnen, zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: in het stappenplan over de raadpleging van belanghebbenden verslag moeten uitbrengen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Franse burgers van digitale rechten hebben. Hoewel 39 % van de Franse respondenten van mening is dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, hebben we te maken met een daling en ligt het percentage nu onder het EU-gemiddelde van 47 %. De bezorgdheid is toegenomen: 52 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet en 45 % over de controle over persoonsgegevens, wat wijst op een groeiende onrust. Positief is dat 85 % van mening is dat digitale technologieën belangrijk zijn om contacten met vrienden en familie te onderhouden, en dat 82 % dit ook vindt als het gaat om de toegang tot overheidsdiensten, wat wijst op sterke waardering voor digitale vooruitgang. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 10 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, beschikt Frankrijk over een goede infrastructuur, en de uitrol van digitale technologieën verloopt voorspoedig. Wel moet het land de digitalisering van zijn ondernemingen sterker stimuleren. Wat de infrastructuur betreft, ligt Frankrijk op schema om in 2025 een dekking van 100 % te bereiken voor VHCN’s (+ 3,5 miljoen glasvezelverbindingen in 2023) en 5G, vijf jaar eerder dan het EU-streefcijfer. Frankrijk heeft, met 51,6 %, het hoogste aandeel vaste breedbandabonnementen met een snelheid van meer dan 1 Gbps in de EU. Dit is voornamelijk het gevolg van de succesvolle uitrol van het plan voor snel breedband, “France très haut débit”, de keuze van glasvezel aan huis als toonaangevende technologie en de Franse belangstelling voor snel breedband. De 5G-dekking ligt op 93,2 %, waarbij 64,8 % van de Franse huishoudens over de 3,4-3,8 GHz-band beschikt, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die grote spectrumbandbreedte vereisen. Er zijn verschillende oproepen tot het indienen van projecten gelanceerd voor de ontwikkeling van industriële 5G en de 26 GHz-band staat sinds 2019 open voor experimenteerdoeleinden. De indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen (de basisintensiteit van kmo’s en het gebruik van gegevensanalyse, AI en cloud) wijzen echter allemaal op een prestatie die onder het EU-gemiddelde ligt. Hoewel zich in Frankrijk een aantal innovatieve koplopers (waaronder dynamische start-ups) bevinden, presteert de mondiale bedrijfssector als geheel ondermaats op het gebied van digitalisering. Frankrijk heeft van digitale soevereiniteit een prioriteit gemaakt door bijvoorbeeld de productie van halfgeleiders te verhogen en ontwikkelt soevereine oplossingen op het gebied van AI, cloud, kwantumtechnologie en cyberbeveiliging. Op het gebied van AI heeft een nationale commissie onlangs een verslag uitgebracht met richtsnoeren voor toekomstige overheidsmaatregelen. De nationale cyberbeveiligingsstrategie zal in 2024 worden geactualiseerd, met bijzondere aandacht voor vaardigheden.
|
Aanbevelingen – Frankrijk zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: i) de inspanningen op het gebied van cyberbeveiliging moeten voortzetten om in te kunnen spelen op de veranderende dreigingen en het vertrouwen van bedrijven en het grote publiek te herstellen; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -KMO’S: aanvullende maatregelen moeten nemen en meer middelen moeten vrijmaken voor bestaande regelingen om de prestaties van kmo’s op het gebied van digitalisering te verbeteren en de impact van de Europese digitale-innovatiehub in regio’s en de nauwe relatie ervan met regionale ecosystemen verder te benutten, met bijzondere aandacht voor de ultraperifere gebieden; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE/EDGE NODES: -i) de mix van maatregelen ter ondersteuning van de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten evalueren (met bijzondere aandacht voor AI en gegevensanalyse); de totstandbrenging van lokale ecosystemen moeten bevorderen om de verspreiding van technologieën (AI, cloud, gegevensanalyse) en beste praktijken in de bredere bedrijfssector mogelijk te maken; op het recente verslag van de nationale AI-commissie moeten voortbouwen om nieuwe maatregelen te ontwerpen om het AI-ecosysteem te ontwikkelen en de invoering van aanverwante technologieën door bedrijven te bevorderen; -ii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud. -iii) specifieke maatregelen moeten overwegen voor de uitrol van edge nodes, in aanvulling op de deelname aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Frankrijk is goed toegerust om een inclusieve digitale transitie tot stand te brengen, maar het zal aanhoudende inspanningen vergen om het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking te blijven verhogen en ICT-specialisten op te leiden. Het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking ligt nog steeds iets boven het EU-gemiddelde, met een lichte daling ten opzichte van het verslag van vorig jaar, mogelijk als gevolg van de effecten na de COVID-19 pandemie (door een verminderd gebruik van ICT-hulpmiddelen). De afgelopen jaren heeft Frankrijk digitale vaardigheden in verschillende fasen in de curricula geïntegreerd. In 2023 kondigde het land ook maatregelen aan om het basisonderwijs te versterken (met name wiskunde) en wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (STEM) aantrekkelijker te maken. Dit zou in de toekomst kunnen leiden tot een groei van het aantal jongeren dat voor een loopbaan in de digitalisering kiest. Het aandeel ICT-specialisten (4,7 %) als percentage van de beroepsbevolking is grotendeels in overeenstemming met het EU-gemiddelde en neemt sterk toe. Er zullen echter voortdurend maatregelen nodig zijn om de streefcijfers van het digitale decennium op EU- en nationaal niveau te halen, gezien de relatief trage verandering in de bevolkingsindicatoren. De digitalisering van overheidsdiensten zal sneller moeten plaatsvinden, aangezien Frankrijk iets onder het EU-gemiddelde presteert. Frankrijk heeft zijn algemene maturiteitsscore voor e-gezondheid verbeterd, van 54,5 in 2022 tot 79,3 in 2023. In februari 2024 lanceerden de autoriteiten “France Identité”, een applicatie waarmee eID-gebruikers zich kunnen identificeren en toegang tot digitale ID-diensten krijgen. Frankrijk heeft een lange geschiedenis als het gaat om het voorrang geven aan inclusiviteit bij het ontwikkelen van beleid. Digitalisering is de standaard, en er zijn maatregelen om de geografische verschillen en de genderkloof te verkleinen en het digitale analfabetisme terug te dringen.
|
Aanbevelingen – Frankrijk zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: maatregelen moeten nemen om de digitale vaardigheden van de bevolking op de kortere termijn te stimuleren, met extra aandacht voor de ultraperifere gebieden; -ICT-SPECIALISTEN: i) de aantrekkelijkheid van STEM-vakken op school moeten vergroten om meer jongeren, waaronder meisjes, voor ICT-gerelateerde studies of loopbanen te interesseren; ii) de zichtbaarheid en leesbaarheid van opleidings- en omscholingsopties moeten vergroten; stimuleringsregelingen moeten ontwerpen om ICT-specialisten aan te trekken en te behouden; -BELANGRIJKE DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: inspanningen moeten leveren om overheidsdiensten te digitaliseren, met bijzondere aandacht voor hergebruik van informatie die beschikbaar is voor overheidsdiensten en gebruikersondersteuning; -E-GEZONDHEID: i) alle soorten gegevens via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) de authenticatiemethode voor het inloggen bij de onlinetoegangsdienst moeten verbeteren door gebruik te maken van een (vooraf) aangemelde eID; iii) een rechtsgrondslag moeten invoeren en moeten zorgen voor de technische functionaliteit voor gemachtigden om namens anderen toegang tot elektronische gezondheidsgegevens te krijgen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Frankrijk speelt een steeds grotere voortrekkersrol in de EU als het gaat om verbanden leggen tussen de digitale en de groene transitie. Het land loopt voorop bij het monitoren van de voetafdruk van de ICT-sector en bij het bevorderen van energiesoberheid en het ecologisch ontwerp van ICT-apparatuur en -diensten. Tijdens het Franse voorzitterschap van de EU heeft Frankrijk een gezamenlijke verklaring opgesteld over de digitale en de groene transitie, die door 22 lidstaten is ondertekend.
|
Aanbevelingen – Frankrijk zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -leiderschap moeten tonen en de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten blijven monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering; |
Staat van het digitale decennium 2024
Duitsland
1 Samenvatting
Duitsland levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Duitsland aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de uitrol van de connectiviteitsinfrastructuur, met name op het gebied van autonome, kant-en-klare 5G-infrastructuur en FTTP. Ook zijn er goede vorderingen gemaakt bij het verbeteren van digitale basisvaardigheden. Het land staat echter nog steeds voor grote uitdagingen als het gaat om het bereiken van een volledige FTTP-dekking en de digitalisering van overheidsdiensten.
Digitalisering is een topprioriteit voor de federale overheid, wat tot uiting komt in verschillende gerichte strategieën en grootschalige investeringen in onderzoek en ontwikkeling van digitale technologieën. De hoeksteen van het Duitse beleid is de digitale strategie , die in augustus 2022 is vastgesteld en in april 2023 is geactualiseerd en die alle facetten van een soevereine, digitale samenleving, een innovatieve economie en een digitale staat omvat. In Duitsland zijn er verschillende andere strategieën gericht op specifieke aspecten van digitalisering, zoals de gigabitstrategie , de AI-strategie, de datastrategie , de start-upstrategie , de strategie Onderwijs in de digitale wereld en de nationale strategie voor vervolgonderwijs .
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 11 is 70 % van de Duitse bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks even gemakkelijker maakt, wat onder het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Wat de Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) betreft, voert Duitsland besprekingen over de oprichting van EDIC’s voor mobiliteits- en logistieke gegevens, de digitale commons, het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming (Eucaim), het Genome-initiatief en agrofood. Het land bevindt zich ook in de laatste fase van de onderhandelingen voor het lidmaatschap van EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE 12 (reeds opgericht). Als onderdeel van de gemeenschappelijke onderneming EuroHPC zal Duitsland een van de twee exaschaalsupercomputers van de EU en een van de kwantumcomputers huisvesten.
Wat de EU-financiering betreft, wordt de inzet door Duitsland op het gebied van digitalisering ondersteund vanuit zowel het Duitse herstel- en veerkrachtplan als de cohesiefondsen. Het Duitse herstel- en veerkrachtplan is gericht op digitale investeringen, met name in twee belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s), één over halfgeleiders en één over de cloud. Duitsland wijst 48 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitalisering (13,5 miljard EUR)
13
. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 2,3 miljard EUR (12 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
14
.
|
Duitsland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DE |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
70,1 % |
74,7 % |
6,6 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
19,3 % |
29,8 % |
54,2 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
93,2 % |
98,1 % |
5,3 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
351 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
58,9 % |
61,4 % |
2,1 % |
57,7 % |
2,6 % |
91 % |
90 % |
|
Cloud |
31,8 % |
38,5 % |
10,0 % |
38,9 % |
7,0 % |
x |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
10,6 % |
11,6 % |
4,6 % |
8,0 % |
2,6 % |
x |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
37,1 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
x |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
58,0 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
Eenhoorns |
67 |
263 |
122 15 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
48,9 % |
52,2 % |
3,3 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
5,0 % |
4,9 % |
-2,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
x |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
78,4 |
75,8 |
-3,3 % |
79,4 |
3,1 % |
x |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
80,7 |
78,6 |
-2,6 % |
85,4 |
2,0 % |
x |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
70,3 |
87,0 |
23,7 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Duitsland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van enige ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is zeer significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Meer in het bijzonder zijn de vastgestelde streefcijfers ambitieus, maar niet alle streefcijfers komen aan de orde. In het stappenplan worden streefdoelen voor 2030 vastgesteld voor acht KPI’s (VHCN, FTTP, 5G, de gezamenlijke indicator AI/cloud/big data (de drie technologieën samen), digitale intensiteit, eenhoorns, digitale vaardigheden en e-gezondheid). Voor zeven KPI’s wordt geen streefcijfer vastgesteld en dus ook geen traject: ICT-specialisten, edge nodes, AI, cloud, big data (afzonderlijk), digitale overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven. Alle nationale streefcijfers zijn afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030, maar slechts voor twee KPI’s zijn volledige trajecten beschikbaar: kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit en e-gezondheid. Trajecten met een of twee datapunten zijn beschikbaar voor drie KPI’s: FTTP/VHCN en 5G. Hoewel dit niet vereist is, biedt het stappenplan ook een volledig traject voor kwantumtechnologie, de gezamenlijke indicator AI/cloud/big data en eID.
In het stappenplan wordt kort ingegaan op de doelstellingen van het digitale decennium, zoals digitaal burgerschap, het bevorderen van leiderschap en soevereiniteit en het bijdragen aan de groene transitie.
De totale begroting van de maatregelen wordt geraamd op bijna 100 miljard EUR (ongeveer 2,4 % van het Duitse bbp), waarvan 60 % wordt toegewezen aan de uitrol van glasvezel, gevolgd door 17 % voor halfgeleiders en 10 % voor eenhoorns/start-ups. Sommige aspecten vereisen meer actie, zoals de doelstelling om het huidige aantal ICT-professionals te verhogen. In het stappenplan wordt nagegaan wat de belangrijkste uitdagingen in verband met de streefcijfers zijn en wordt geanalyseerd wat het effect is van de maatregelen op gebieden waar specifieke uitdagingen bestaan.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Duitsland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en een traject moeten voorstellen voor ICT-specialisten, edge nodes, AI, cloud en gegevensanalyse (afzonderlijk), digitale overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven; ii) het traject moeten aanvullen en zo jaarlijkse datapunten voor de volgende vijf KPI’s moeten verstrekken: FTTP, VHCN, 5G, eenhoorns en digitale basisvaardigheden; -MAATREGELEN: meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Duitse burgers van digitale rechten hebben. Hoewel van de Duitsers 41 % van mening is dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, is dit een daling met 6 procentpunten ten opzichte van vorig jaar, daarmee uitkomend onder het EU-gemiddelde van 45 %. De bezorgdheid neemt toe: 58 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 4 punten, en 44 % maakt zich zorgen over de controle over persoonsgegevens, een stijging van 2 punten. Positief is dat 57 % de vrijheid van meningsuiting online waardeert, en tevreden is over het niveau van digitale vaardigheden; beide cijfers blijven onder het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 16 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Duitsland streeft naar leiderschap op technologisch gebied en investeert massaal in toonaangevende technologieën (halfgeleiders, kwantumtechnologie enz.) Ook zou het land echter de dekking van zijn glasvezelnetwerk moeten blijven vergroten; bij de uitrol daarvan heeft Duitsland het afgelopen jaar al zeer belangrijke vooruitgang geboekt. Als het gaat om infrastructuur staat Duitsland wat FTTP-dekking betreft, met 29,8 % op de op één na laatste plaats in de EU, ruim onder het EU-gemiddelde; wel is er een sterke groei te zien (meer dan 10 procentpunten ten opzichte van vorig jaar). Om tegen 2030 een dekking van 100 % te bereiken, moet de uitrol met dit hoge groeipercentage worden voortgezet. De benodigde financiering moet zowel uit publieke als uit private bronnen komen, waarbij de private sector de komende jaren naar verwachting 50 miljard EUR zal investeren. Het aandeel van breedbandaansluitingen met snelheden van meer dan 1 Gbps is met 5,45 % nog steeds zeer laag, ruim onder het EU-gemiddelde van 18,5 %. Wel hebben bijna alle huishoudens in Duitsland 5G-dekking (98,1 %). Volgens de Duitse autoriteiten heeft 87,3 % van het Duitse grondgebied autonome 5G-dekking. De dekking in de 3,4-3,8 GHz-band, een band die nodig is om deze technologie optimaal te kunnen benutten, is echter vrij beperkt (43,8 % van de huishoudens). Bovendien maakte slechts 16,5 % van de Duitse bevolking in 2023 gebruik van 5G-simkaarten, ruim onder het EU-gemiddelde van 24,6 %.
De digitalisering van ondernemingen in Duitsland vordert langzaam, aangezien bijna alle relevante KPI’s wijzen op een prestatie die boven het EU-gemiddelde ligt. In Duitsland bevinden zich ook 67 eenhoorns, goed voor 25 % van alle eenhoorns in de EU. Innovatieve, technologiegerichte start-ups worden ondersteund met 10 miljard EUR vanuit het “Toekomstfonds”. Een van de prioriteiten die Duitsland in zijn digitale strategie heeft vastgesteld is digitale en technologische soevereiniteit, en het land is nauw betrokken bij projecten ter bevordering van deze doelstelling op het gebied van halfgeleiders (IPCEI inzake micro-elektronica), data (Gaia-X) en cloud (IPCEI-CIS).
|
Aanbevelingen – Duitsland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) het recente hogere tempo van de uitrol van de glasvezelinfrastructuur moeten handhaven om de doelstelling van het digitale decennium te halen; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te voort te zetten; -CLOUD: ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud. -KMO’S: de digitalisering van kmo’s moeten blijven ondersteunen; -CYBERBEVEILIGING: i) de inspanningen op het gebied van cyberbeveiliging moeten voortzetten om in te kunnen spelen op de veranderende dreigingen en in dit verband de samenwerking tussen de staat en de sector moeten versterken; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Duitsland zet zich in voor het verbeteren van de digitale vaardigheden van de bevolking en het opleiden van ICT-specialisten, maar de vooruitgang verloopt traag en het zal aanhoudende inspanningen vergen om overheidsdiensten te digitaliseren. Het niveau van de digitale vaardigheden van de bevolking ligt iets onder het EU-gemiddelde, maar stijgt langzaam. De ontwikkeling van deze vaardigheden is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de federale overheid en de deelstaten, wat betekent dat een goede samenwerking noodzakelijk is. De afgelopen jaren heeft Duitsland verschillende initiatieven opgezet om digitale vaardigheden te ontwikkelen. Hiertoe behoorden ook gerelateerde maatregelen uit het herstel- en veerkrachtplan en in het stappenplan worden 17 maatregelen genoemd die relevant zijn op dit gebied, waarvoor 7,5 miljard EUR aan steun wordt uitgetrokken. Vanuit het digitale pact voor scholen, met een begroting van 6,5 miljard EUR, worden de deelstaten ondersteund bij het aanbieden van een minimumniveau aan digitale infrastructuur en het onderwijzen/leren van technologieën op scholen. Dit project loopt echter in mei 2024 af. Op het moment van schrijven (maart 2024) wordt onderhandeld over een vervolgproject (digitaal pact voor scholen 2.0). Het aandeel werkzame ICT-specialisten ligt iets boven het EU-gemiddelde. Een uitdaging waar Duitsland echter mee te kampen heeft, is de algemene daling van het aantal eerstejaarsstudenten als gevolg van demografische veranderingen. Het land zal het tempo van de digitalisering van overheidsdiensten moeten versnellen, aangezien dit onder het EU-gemiddelde ligt en er zelfs een lichte daling van de desbetreffende indicatoren te zien was.
In april 2024 waren er 157 17 digitale overheidsdiensten beschikbaar in het hele land, terwijl Duitslandeind 2022 op basis van de wet inzake onlinetoegang 575 van zulke diensten had voorgesteld. Om het gebruik van deze diensten te bevorderen, richt Duitsland zich steeds meer op de gebruiksvriendelijkheid van zijn digitale overheidsdiensten. Daartoe heeft het land in februari 2024 de wijzigingswet inzake onlinetoegang (Onlinezugangsänderungsgesetz) 20/8093 vastgesteld. De digitalisering van overheidsdiensten in Duitsland ligt onder het EU-gemiddelde, zowel voor burgers (score 75,8 tegenover het EU-gemiddelde van 79,4) als voor bedrijven (78,6 tegenover 85,4).
Duitsland had in 2023 een algemene maturiteitsscore van 87 voor e-gezondheid, wat boven het EU-gemiddelde van 79 ligt, en ruim boven de score van 70 in 2022.
|
Aanbevelingen – Duitsland zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: de samenwerking op alle bestuursniveaus moeten vergroten om de digitale vaardigheden van de bevolking tegen 2030 te verbeteren; -ICT-SPECIALISTEN: i) de aantrekkelijkheid van STEM-vakken op school moeten vergroten om meer jongeren, waaronder meisjes en vrouwen, voor ICT-gerelateerde studies of loopbanen te interesseren; ii) stimuleringsregelingen moeten ontwerpen om ICT-specialisten aan te trekken en te behouden; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de digitalisering van overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven moeten versnellen; -E-GEZONDHEID: i) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld; ii) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Voor Duitsland is de dubbele groene en digitale transitie een topprioriteit, die wordt ondersteund door een actieplan van het federale ministerie van Onderwijs en Onderzoek (BMBF), “ Natuurlijk. Digitaal. Duurzaam” . Dit is de basis voor het initiatief “Digitale duurzaamheidsinnovaties”, met specifieke financiering om digitalisering en duurzaamheid met elkaar te verbinden 18 . Duitse bedrijven en burgers zijn over het algemeen gevoelig voor de groene transitie van de digitale sector. Duitsland heeft een hele reeks maatregelen getroffen om de digitale economie te vergroenen, variërend van de toepassing van AI-technologieën, het organiseren van workshops tot het bevorderen van de toepassing van de “Blauwe Engel”-criteria. Duitsland heeft zich ertoe verbonden de impact van ICT-systemen te monitoren. De Duitse nationale regelgevende instantie, de Bundesnetzagentur, gaf opdracht tot een in 2023 gepubliceerde studie , die resulteerde in een reeks indicatoren voor de beoordeling van de ecologische duurzaamheid van de telecommunicatie-infrastructuur. In Duitsland zijn vier digitaliseringsmaatregelen gelanceerd om de groene transitie rechtstreeks te ondersteunen en die ook een positief effect op het milieu zullen hebben.
|
Aanbevelingen – Duitsland zou: |
|
-door moeten gaan met het ontwikkelen van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten blijven bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten blijven ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -leiderschap moeten tonen en de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten blijven monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering; -zijn ervaringen met de ontwikkeling van hulpbronnenefficiënte AI-technologieën en beste praktijken op het gebied van het gebruik van AI moeten delen, om de hulpbronnenefficiëntie en materiaalbesparing te vergroten. |
Staat van het digitale decennium 2024
Griekenland
1 Samenvatting
Griekenland heeft ruimte om zijn prestaties te verbeteren en kan zo bijdragen aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die concurrentievermogen, veerkracht, soevereiniteit, Europese waarden en klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Griekenland aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de uitrol van de connectiviteitsinfrastructuur voor glasvezel (FTTP) en de digitalisering van overheidsdiensten. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het aandeel werkzame ICT-specialisten en kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit.
Hoewel Griekenland nog steeds een relatief lage digitale maturiteit heeft, is de trend de afgelopen vijf jaar omgebogen. De digitale transitie van Griekenland is gebaseerd op een sterke politiek wil en een algemene strategie voor digitale transformatie voor de periode 2020-2025. Dit begon met bijzondere aandacht voor de digitalisering van overheidsdiensten voor burgers en bedrijven, en de aanhoudende inspanningen leveren tastbare resultaten op. De lopende maatregelen zijn ook gericht op de digitalisering van andere cruciale overheidssectoren, zoals onderwijs, justitie en gezondheidszorg, en economische sectoren die nog steeds een groot onbenut potentieel hebben. In het algemeen hebben deze initiatieven, in overeenstemming met de landspecifieke aanbevelingen van het Europees Semester, op een cruciaal moment hun voordeel gehaald uit financiering in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit. Aangezien Griekenland pas laat met de digitale transitie begon, worstelt het land nog met enkele structurele uitdagingen. Met name het gebrek aan vooruitgang op het gebied van digitale vaardigheden van de bevolking vormt een obstakel om het concurrentievermogen en de welvaart van het land door digitalisering gestaag te stimuleren, ondanks de hoge investeringen in digitaal onderwijs en digitale opleidingen.
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 19 is 75 % van de respondenten in Griekenland van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat iets boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Griekenland werkt op EU-niveau zeer actief samen met andere landen. Griekenland is lid van het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC) en van de Europeum-EDIC voor blockchaindiensten (beide reeds opgericht). De mogelijke toekomstige EDIC’s voor geconnecteerde overheidsdiensten en voor de academie voor vaardigheden op het gebied van cyberbeveiliging zullen naar verwachting in Griekenland worden gehuisvest. Griekenland werkt, binnen een informele werkgroep, aan de statuten en andere relevante documenten van het mogelijke toekomstige EDIC voor het Genome-initiatief. Het land voert, binnen een informele werkgroep, ook besprekingen over het opzetten van een mogelijk toekomstig EDIC voor het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming (Eucaim) 20 . Griekenland neemt ook deel aan het IPCEI inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën (ME/CT) en aan de consortia voor de Europese portemonnee voor digitale identiteit: Potential, EWC, DC4EU.
In het Griekse herstel- en veerkrachtplan wordt 22,1 % van de totale begroting toegewezen aan de digitale transitie (7,78 miljard EUR) 21 , met een hoge prioriteit voor de transformatie van de overheidsdiensten en de digitalisering van de economie, met name kmo’s. Het land investeert ook aanzienlijk in het vergroten van de digitale vaardigheden van de bevolking. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 2,7 miljard EUR (13 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 22 .
|
Griekenland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
EL |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
27,9 % |
38,4 % |
37,9 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
27,9 % |
38,4 % |
37,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
85,7 % |
98,1 % |
14,5 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
12 |
1 186 |
95 |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
37,7 % |
43,3 % |
7,2 % |
57,7 % |
2,6 % |
79,7 % |
90 % |
|
Cloud |
15,2 % |
18,1 % |
9,1 % |
38,9 % |
7,0 % |
56 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
2,6 % |
4,0 % |
24,0 % |
8,0 % |
2,6 % |
32 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
25,0 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
40 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
33,5 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
3 |
263 |
20 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
52,5 % |
52,4 % |
-0,1 % |
55,6 % |
1,5 % |
70,2 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
2,5 % |
2,4 % |
-4,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
4,5 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Nee |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
64,6 |
75,9 |
17,5 % |
79,4 |
3,1 % |
98,2 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
73,7 |
86,2 |
17,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
60,7 |
73,8 |
21,6 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Griekenland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan is grotendeels volledig en bevat 14 nationale trajecten en streefcijfers die tegen 2030 moeten worden bereikt. De nationale streefcijfers voor connectiviteit, digitale transformatie van overheidsdiensten en e-gezondheid komen overeen met de EU-streefcijfers voor 2030, maar de streefcijfers voor digitale vaardigheden en voor de digitale transformatie van bedrijven liggen onder de EU-streefcijfers voor 2030. Het stappenplan bevat een gedetailleerde analyse van de huidige stand van zaken en een uitgebreide reeks maatregelen en initiatieven om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken en het land tegen 2030 te transformeren tot een digitaal geavanceerde en inclusieve samenleving. Het stappenplan is gebaseerd op de digitale transformatiebijbel 2020-2025 , de huidige nationale digitale strategie van Griekenland. De financiering van de digitale transformatie is sterk afhankelijk van EU-fondsen (de herstel- en veerkrachtfaciliteit en financiering in het kader van het cohesiebeleid).
De totale overheidsfinanciering voor de 104 maatregelen in het stappenplan wordt geraamd op 5 230,2 miljoen EUR (ongeveer 2,37 % van het bbp). De prioriteit ligt bij de digitale transformatie van de overheidssector, met inbegrip van de gezondheidssector, de digitale transformatie van de economie en het gebruik van geavanceerde digitale technologieën door bedrijven. Het stappenplan bevat ook een ruwe schatting van de private investeringen in datacentra en gigabitconnectiviteit voor de komende jaren, die uitkomen op 6 900 miljoen EUR.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Griekenland zou, bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: moeten overwegen om te zijner tijd alle nationale streefcijfers te herzien die niet in lijn zijn met de EU-streefcijfers voor 2030, en in het bijzonder het gebruik van de cloud, gegevensanalyse en AI door bedrijven, waarvoor het streefcijfer momenteel weinig ambitieus is; -MAATREGELEN: i) de strategie en maatregelen moeten evalueren en versterken die bijdragen aan de streefcijfers a) die het moeilijkst te halen zijn, zoals die voor de digitale infrastructuur en ICT-specialisten; en b) die een laag ambitieniveau laten zien, zoals die voor het gebruik van de cloud, gegevensanalyse en AI door bedrijven; ii) aanvullende details moeten verstrekken over de wijze waarop bestaande en geplande maatregelen voor de digitalisering van kmo’s zullen bijdragen tot de verwezenlijking van het streefcijfer voor 2030; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen, ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Griekse burgers van digitale rechten hebben. Slechts 33 % van de Grieken is van mening dat de EU hun digitale rechten goed beschermt. Hoewel dit aandeel sinds vorig jaar met 1 procentpunt is gestegen, ligt het nog steeds aanzienlijk onder het EU-gemiddelde van 47 %. De bezorgdheid neemt toe: 62 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 2 punten, en 51 % over de controle over persoonsgegevens; over het algemeen lijken de respondenten meer bezorgd te zijn over hun digitale rechten en beginselen dan in de EU als geheel. Positief is dat 85 % van de respondenten digitale technologieën als belangrijk ziet om contacten met vrienden en familie te onderhouden, wat boven het EU-gemiddelde van 83 % ligt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 23 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Dankzij aanzienlijke steun vanuit de EU-fondsen neemt Griekenland maatregelen om de digitale en onderzoeksinfrastructuur te moderniseren en ecosystemen te ontwikkelen voor innovatie op het gebied van geavanceerde technologieën, die momenteel nog in de kinderschoenen staan. Het land staat nog steeds voor verschillende uitdagingen. Het blijft achter bij de uitrol van glasvezelnetwerken om gigabitconnectiviteit voor iedereen te leveren, hoewel het nationale breedbandplan 2021-2027 vruchten begint af te werpen. Bovendien wijzen alle indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen op een prestatie die onder het EU-gemiddelde ligt. Veel kmo’s hebben een relatief bescheiden innovatieniveau en een lage digitale maturiteit. In 2023 had slechts 43,3 % van de kmo’s ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, wat onder het EU-gemiddelde (57,7 %) ligt. Bedrijven in Griekenland maken ook weinig gebruik van geavanceerde technologieën zoals AI, de cloud en gegevensanalyse in het algemeen. Het dynamische ecosysteem voor start-ups is echter een positief teken van een zich ontwikkelend digitaal ecosysteem.
|
Aanbevelingen – Griekenland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de voortgang op het gebied van de gigabitdekking nauwlettend moeten monitoren, zodat eventuele resterende investeringstekorten vroeg genoeg kunnen worden opgespoord om het streefcijfer voor 2030 te halen; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -HALFGELEIDERS, KWANTUMTECHNOLOGIEËN, EDGE NODES: tijdig aanvullende maatregelen moeten ontwikkelen om de uitrol van de digitale en data-infrastructuur te versnellen en het gebruik van digitale capaciteiten en de toegang tot digitale technologieën te bevorderen; -DIGITALE TRANSFORMATIE VAN BEDRIJVEN: i) het versterken van de randvoorwaarden moeten overwegen om a) kmo’s met een lagere digitale maturiteit in staat te stellen de digitale transitie mee te maken; en b) alle ondernemingen de data-economie te laten benutten door een snelle invoering van geavanceerde technologie (AI, cloud, gegevensanalyse) als concurrentievoordeel; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
De gezamenlijke inspanningen op het gebied van de digitale transformatie van de afgelopen jaren hebben geresulteerd in een aantoonbare en significante verbetering van de digitale overheidsdiensten die beschikbaar zijn voor burgers en voor bedrijven. Dit zal naar verwachting een aanzienlijke bijdrage leveren tot de veerkracht en het concurrentievermogen van het land. Ondanks verschillende recente maatregelen, investeringen en hervormingen is Griekenland echter nog niet begonnen om zijn bevolking tot het vereiste niveau van digitale vaardigheden op te leiden. Dat is nodig om mensen in staat te stellen de kansen te benutten die worden gecreëerd door een steeds meer gedigitaliseerde samenleving en economie. In 2023 beschikte slechts 52,4 % van de bevolking over ten minste digitale basisvaardigheden (EU-gemiddelde 55,5 %), wat erop wijst dat er sinds de vorige gegevensverzameling in 2021 geen vooruitgang is geboekt. Het aantal werkzame ICT-specialisten in de werkgelegenheid bedraagt 2,4 %, ver onder het EU-gemiddelde (4,8 %). In 2023 werd echter gemeld dat in Griekenland informatietechnologie de bedrijfssector was met de hoogste intentiescore wat betreft het aanwerven van nieuwe professionals, met vooruitzichten op een baan van 27 %.
|
Aanbevelingen – Griekenland zou: |
|
-DIGITALE VAARDIGHEDEN: moeten nagaan of aanvullende gerichte maatregelen om de bevolking op te leiden volstaan om het streefcijfer te halen, de veerkracht van de economie en de samenleving te vergroten en inclusieve groei tot stand te brengen; -ICT-SPECIALISTEN: de strategie en de maatregelen moeten versterken om het aantal ICT-specialisten te vergroten en de beste talenten te behouden; -eID: een eID-stelsel bij de Commissie moeten aanmelden in het kader van de eIDAS-verordening; -E-GEZONDHEID: i) de verschillende soorten gegevens van medische beeldvorming(sverslagen) via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) ervoor moeten zorgen dat de onlinetoegangsdienst aan de richtsnoeren voor webtoegankelijkheid voldoet. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Het Griekse nationale stappenplan vermeldt een aantal maatregelen in verband met de groene transitie, naast de maatregelen in verband met de totstandbrenging van een duurzamere, energie- en hulpbronnenefficiëntere digitale infrastructuur en bijbehorende technologieën (bv. soevereine cloud, edge nodes en 5G-infrastructuur). Griekenland heeft in zijn nationale energie- en klimaatplan en in het herstel- en veerkrachtplan ook doelstellingen vastgesteld waarvoor digitale technologieën als slimme actoren kunnen worden gebruikt om de groene transitie in gang te zetten (bv. slimme meters). In 2023 is een door het cohesiebeleid ondersteund programma gelanceerd voor de “groene transformatie van kmo’s” ter ondersteuning van projecten die gericht zijn op de ontwikkeling en het gebruik van moderne technologieën om hun producten, diensten en processen op het gebied van energierenovatie, de circulaire economie en de invoering van schone energiebronnen te moderniseren. Er ontbreekt echter een meer omvattende aanpak om de digitale sector milieuvriendelijker en duurzamer te maken. Volgens het Eurobarometer-onderzoek van 2024 was 86 % van de respondenten in Griekenland van mening dat overheidsinstanties zich ervoor moeten inzetten dat digitale technologieën de groene transitie ten goede komen (boven het EU-gemiddelde van 81 %). In dit verband heeft het datacentrum dat wordt beheerd door het secretariaat-generaal voor informatiesystemen en digitale governance van het ministerie van Digitale Governance, de Europese gedragscode voor energie-efficiëntie in datacentra vastgesteld en uitgevoerd.
|
Aanbevelingen – Griekenland zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Hongarije
1 Samenvatting
In Hongarije is onbenut potentieel aanwezig om een bijdrage te leveren aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Hongarije aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van breedbandconnectiviteit, de verbetering van de basisdekking van 5G en de digitalisering van kmo’s, met name op het gebied van de cloud en gegevensanalyse. Wel liggen er nog steeds bijzonder belangrijke uitdagingen op het gebied van digitale vaardigheden, met name wat betreft de oudere generaties, en het gebruik van geavanceerde technologieën zoals AI door Hongaarse bedrijven.
Hongarije heeft zich het zeer ambitieuze en uitdagende doel gesteld om uiterlijk in 2030 tot de tien topeconomieën in de EU op het gebied van digitalisering te behoren. Dit komt tot uiting in de nationale digitaliseringsstrategie 2022-2030 , die is afgestemd op het beleidsprogramma van de EU voor het digitale decennium. Hoewel er verschillende wijzigingen hebben plaatsgevonden in het Hongaarse institutionele systeem dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van het digitale decennium (transformatie van ministeries en de achterliggende instellingen op het gebied van ICT), ligt de verantwoordelijkheid voor de coördinatie van de initiatieven die door de verschillende ministeries worden geleid onder het ministeriële niveau, namelijk bij het Agentschap Digitaal Hongarije.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 24 is 83 % van de Hongaarse respondenten van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Dit is de op één na hoogste score in de EU, aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 73 %.
Hongarije is betrokken bij drie reeds opgerichte of in ontwikkeling zijnde Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s), waaronder de reeds opgerichte Alliantie voor taaltechnologieën (ALT EDIC, reeds opgezet), de netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar de CitiVERSE (reeds opgericht) en geconnecteerde overheidsdiensten (Impacts-EDIC in ontwikkeling).
In het Hongaarse herstel- en veerkrachtplan wordt 1,7 miljard EUR (29,1 % van de totale toewijzing) aan de digitale transformatie toegewezen
25
, waarbij prioriteit wordt gegeven aan e-gezondheid en digitale vaardigheden. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 2,5 miljard EUR (12 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
26
.
|
Hongarije |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
HU |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
80,3 % |
84,1 % |
4,8 % |
78,8 % |
7,4 % |
95 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
70,1 % |
76,2 % |
8,7 % |
64,0 % |
13,5 % |
X |
– |
|
Totale 5G-dekking |
57,9 % |
83,7 % |
44,6 % |
89,3 % |
9,8 % |
99 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
5 |
1 186 |
X |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
34,5 % |
53,2 % |
24,2 % |
57,7 % |
2,6 % |
89 % |
90 % |
|
Cloud |
20,6 % |
37,1 % |
34,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
60 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
3,0 % |
3,7 % |
11,1 % |
8,0 % |
2,6 % |
24 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
53,2 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
30 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
65,6 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
2 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
49,1 % |
58,9 % |
9,5 % |
55,6 % |
1,5 % |
60 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,1 % |
4,2 % |
2,4 % |
4,8 % |
4,3 % |
8,3 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Nee |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
67,9 |
73,4 |
8,1 % |
79,4 |
3,1 % |
96,3 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
76,3 |
74,9 |
-1,8 % |
85,4 |
2,0 % |
97,2 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
79,9 |
86,0 |
7,6 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Hongarije aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is slechts enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan is over het algemeen realistisch en alomvattend, maar nogal voorzichtig bij het vaststellen van streefcijfers. Het bevat streefcijfers en trajecten voor 2030 voor twaalf KPI’s (VHCN, 5G, digitale intensiteit, cloud, big data, AI, eenhoorns, digitale vaardigheden, ICT-specialisten, digitale overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven, en e-gezondheid). Het stappenplan bevat streefcijfers voor 2030 voor alle KPI’s, behalve voor edge nodes. Twee nationale streefcijfers (e-gezondheid, eenhoorns) komen volledig overeen met de EU-streefcijfers voor 2030, terwijl vier nationale streefcijfers bijna en over het algemeen in overeenstemming zijn met de EU-doelstelling (5G, digitale overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit). Zes streefcijfers liggen echter onder de EU-streefcijfers (VHCN, digitale vaardigheden, ICT-specialisten, clouddiensten, gegevensanalyse en AI). Wat de maatregelen betreft, biedt het stappenplan van Hongarije, dat in december 2023 is vastgesteld en gepubliceerd, een uitgebreid overzicht van de digitale strategie van het land. De totale begroting voor de maatregelen bedraagt 2,4 miljard EUR (ongeveer 1,2 % van het bbp), waarbij prioriteit wordt gegeven aan digitale vaardigheden en de digitale infrastructuur. Daarnaast kwam een aantal van de doelstellingen van het beleidsprogramma voor het digitale decennium, zoals die met betrekking tot de groene transitie, concurrentievermogen, soevereiniteit, leiderschap en veerkracht, met inbegrip van cyberbeveiliging, ook in het document tot uiting.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Hongarije zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) nationale streefcijfers en trajecten voor edge nodes moeten voorstellen en het traject voor FTTP moeten formaliseren; ii) het streefcijfer voor VHCN moeten verhogen om het EU-streefcijfer te benaderen, gezien het goede uitgangspunt van het land en het huidige tempo van vooruitgang; iii) moeten overwegen ambitieuzere streefcijfers vast te stellen voor het gebruik van cloud- en gegevensanalysetechnologieën door bedrijven, zodat deze de EU-streefcijfers meer benaderen; de huidige prestaties voor deze indicatoren liggen namelijk reeds boven de streefcijfers in het stappenplan van Hongarije; iv) een ambitieuzer streefcijfer voor digitale vaardigheden moeten vaststellen dat het EU-streefcijfer beter benadert, aangezien het huidige nationale streefcijfer bijna wordt gehaald als we naar de waarde voor 2023 kijken. -MAATREGELEN: meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Hongaarse burgers van digitale rechten hebben. Van de Hongaren is 60 % van mening dat de EU hun digitale rechten goed beschermt, wat aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 47 % ligt. Hoewel er voor sommige punten van zorg een stijging te zien is, met name wat betreft de vrijheid van vereniging op internet en de veiligheid van kinderen op internet (in beide gevallen met 5 procentpunten), blijft het vertrouwen van de Hongaren over het algemeen boven het EU-gemiddelde. Positief is dat een aanzienlijk aandeel (70 %) tevreden is over het niveau van digitale vaardigheden en dat 68 % aspecten zoals toegang tot betaalbaar hogesnelheidsinternet of milieuvriendelijke onlinediensten waardeert. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 27 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologische leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, beschikt Hongarije over sterke digitale infrastructuur en boekt het flinke vooruitgang bij de uitrol daarvan. Het land moet echter meer aandacht besteden aan de digitalisering van ondernemingen. Wat de infrastructuur betreft, scoort Hongarije boven het EU-gemiddelde voor VHCN’s en ook zeer dicht bij het EU-gemiddelde voor 5G. Dankzij de strategische overeenkomsten met de belangrijkste aanbieders van telecommunicatiediensten, die zich verbinden tot dekkingscijfers die overeenstemmen met de nationale digitaliseringsstrategie van Hongarije, ligt het land op schema om de voor 2030 vastgestelde streefcijfers voor VHCN’s en 5G te halen. Ondanks de aanzienlijke toename van het gebruik van geavanceerde technologieën profiteren de meeste bedrijven, met name kmo’s, nog niet van alle voordelen van deze digitale technologieën vanwege een gebrek aan digitale vaardigheden. Dit heeft op zijn beurt een negatief effect op het concurrentievermogen van de economie, maar de gunstige resultaten op het gebied van gegevensanalyse zouden hierin een keerpunt kunnen betekenen. Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de digitalisering van kmo’s; door een verbetering van 24,2 % op dit gebied wordt het EU-gemiddelde genaderd. De geplande initiatieven in de strategisch belangrijke defensie-industrie en op het gebied van cyberbeveiliging zullen de komende jaren helaas geen resultaten opleveren.
|
Aanbevelingen – Hongarije zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) inspanningen moeten blijven leveren en deze zelfs moeten opvoeren om te zorgen voor volledige gigabit- en 5G-dekking, in overeenstemming met het ambitieniveau van de EU; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -KMO’S: de inspanningen moeten voortzetten door nieuwe steunprogramma’s en stimulansen te initiëren om de digitale transformatie van kmo’s te ondersteunen en de middelen voor bestaande regelingen uit te breiden, onder meer door de nadruk te leggen op de invoering van cloud door kmo’s; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE/EDGE NODES: i) meer steun moeten verlenen voor kapitaalinvesteringen in cloudcomputing, artificiële intelligentie, gegevensanalyse en andere geavanceerde technologieën; ii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud; iii) specifieke maatregelen moeten overwegen voor de uitrol van edge nodes, in aanvulling op de deelname aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Digitale vaardigheden worden steeds meer een vereiste voor mensen die werk zoeken in het bedrijfsleven en de dienstensector. De kloof tussen routinematige gebruikers van digitale instrumenten en gebruikers die niet geïnteresseerd zijn in het volgen van bijscholing neemt echter toe, waarbij deze laatste groep bijna de helft van de beroepsbevolking uitmaakt. Hoewel bedrijven zich richten op het optimaliseren van de activiteiten en het behoud van hun talenten, is de vraag naar specifieke ICT-specialisten nog steeds enorm hoog, met name op het gebied van AI, cloud en cyberbeveiliging. Wel is er aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van ten minste digitale basisvaardigheden, met een stijging van 9,5 %, waardoor dit aandeel boven het EU-gemiddelde is uitgekomen: 58,9 % van de Hongaarse burgers heeft ten minste digitale basisvaardigheden (het EU-gemiddelde is 55,6 %). De kloof met oudere generaties en kwetsbare groepen blijft echter aanzienlijk.
Hoewel meer dan 70 % van de Hongaarse bevolking reeds over een eID beschikt, blijft het gebruik ervan beperkt tot het eigen grondgebied. Het stappenplan van Hongarije bevat verschillende maatregelen om de transitie naar de nieuwe mobiele eID-oplossing te versnellen, wat tegen 2026 resultaten moet opleveren en ook de sleutel zal zijn voor grensoverschrijdend gebruik.
Wat de beschikbaarheid van belangrijke digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven betreft, blijft Hongarije onder het EU-gemiddelde. Wat de toegang tot elektronische patiëntendossiers betreft, is Hongarije daarentegen al vergevorderd. De nieuwe mobiele applicatie, die toegang biedt tot patiëntendossiers, is de meest gebruikte mobiele digitale overheidsdienst van het land geworden. De belangrijkste hiaten in de maturiteit van de e-gezondheidszorg in Hongarije zijn het feit dat mensen zich niet met een (vóóraf) aangemelde eID kunnen identificeren en dat de toegangsdienst de richtsnoeren inzake webtoegankelijkheid niet volgt.
|
Aanbevelingen – Hongarije zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: de inspanningen moeten opvoeren om de digitale kloof te overbruggen door een inclusiebeleid te ontwikkelen dat gericht is op kwetsbare groepen, zoals laaggeschoolden, werklozen, mensen ouder dan 55 jaar, personen met een handicap en Roma, en in dat beleid te investeren; -ICT-SPECIALISTEN: i) het hoge percentage ICT-afgestudeerden moeten vasthouden, maar ook moeten proberen meer vrouwen enthousiast te maken voor studies op dit gebied; ii) de uitvoering van de bestaande maatregelen nauwlettend moeten monitoren om het aantal ICT-specialisten op korte termijn te verhogen en door moeten gaan met de maatregelen ter verhoging van het percentage vrouwen dat in de ICT-sector werkt; iii) meer inspanningen moeten leveren om de vaardighedenkloof op het gebied van cyberbeveiliging te dichten; -BELANGRIJKE DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen moeten opvoeren om overheidsdiensten voor burgers en bedrijven te digitaliseren; -eID: een eID-stelsel bij de Commissie moeten aanmelden in het kader van de eIDAS-verordening; -E-GEZONDHEID: i) de verschillende soorten gegevens van medische beelden via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) de authenticatiemethode voor het inloggen bij de onlinetoegangsdienst moeten verbeteren door gebruik te maken van een (vooraf) aangemelde eID; iii) ervoor moeten zorgen dat de onlinetoegangsdienst aan de richtsnoeren voor webtoegankelijkheid voldoet. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
De groene transitie en duurzaamheid zijn belangrijke trends binnen de digitalisering in Hongarije, waarbij de hogere energieprijzen de voornaamste factoren zijn die aan de veranderingen ten grondslag liggen. Als onderdeel van het gewijzigde herstel- en veerkrachtplan dat Hongarije in 2023 heeft ingediend, zullen de uitdagingen in verband met de groene transitie via verschillende maatregelen in het REPowerEU-hoofdstuk worden aangepakt, waaronder de digitalisering van de elektriciteitsnetten.
|
Aanbevelingen – Hongarije zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. -digitale spelers, met inbegrip van telecomdienstverleners, moeten ondersteunen om de transitie naar groenere, minder energie-intensieve oplossingen voor hun netwerkinfrastructuur te versnellen. |
Staat van het digitale decennium 2024
Ierland
1 Samenvatting
Ierland levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Ierland aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van de FTTP-infrastructuur en fors geïnvesteerd in de digitale geletterdheid van zijn bevolking. Wel liggen er nog steeds grote uitdagingen als het gaat om het vullen van de vele vacatures voor ICT-specialisten en het bevorderen van initiatieven op het gebied van e-gezondheid, waar nog altijd weinig vooruitgang merkbaar is.
Zoals vermeld in het nationale digitale kader “Harnessing Digital”, heeft Ierland tot doel een digitale leider te worden met een centrale rol in de Europese en mondiale digitale ontwikkelingen.
Om de erkenning van de digitale welvaart van Ierland zowel intern als internationaal te versterken, blijft het land prioriteit geven aan strategische initiatieven die gericht zijn op het versterken van de digitale infrastructuur, het bevorderen van innovatie en het waarborgen van digitale soevereiniteit. Daarnaast versterkt de toezegging van Ierland om de digitale geletterdheid en vaardigheden van zijn bevolking te verbeteren zijn positie als wereldleider in het digitale landschap. Door samen te werken met belanghebbenden uit het bedrijfsleven, de academische wereld en overheidsinstanties kan Ierland zijn digitale transformatie nog verder versnellen, aanzienlijk bijdragen aan de doelstellingen van het digitale decennium van de EU en zijn positie als wereldwijde koploper op het gebied van digitalisering versterken.
De uitrol van 5G-netwerken vordert gestaag en is in overeenstemming met het EU-gemiddelde. Daarentegen verloopt de uitrol van 5G-diensten in de 3,6 GHz-band traag, en dit is momenteel de enige spectrumband waarmee aan een groot deel van de bevolking hoogwaardige 5G-diensten kunnen worden geleverd, wat ook geldt voor B2B-communicatie. De Ierse exploitanten moeten worden aangemoedigd om de uitrol van 5G in de middenband te versnellen.
Volgens het speciale Eurobarometer-onderzoek over het digitale decennium 2024 28 is 76 % van de respondenten in Ierland van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt. Ierland is de internationaal gezien de derde exporteur van digitaal geleverde diensten 29 .
Het land is lid van het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), dat reeds is opgericht en tot doel heeft het gebrek aan Europese taalgegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen te verhelpen 30 .
Ierland wijst 34 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitale doelstellingen (313 miljoen EUR)
31
. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 54 miljoen EUR (5 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
32
.
|
Ierland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
IE |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
83,8 % |
87,0 % |
3,8 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
72,1 % |
78,5 % |
8,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
83,9 % |
85,3 % |
1,7 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
24 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
64,2 % |
66,1 % |
1,5 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
47,4 % |
53,1 % |
5,8 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
7,9 % |
8,0 % |
0,6 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
37,1 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
64,1 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
12 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
70,5 % |
72,9 % |
1,7 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
6,3 % |
6,2 % |
-1,6 % |
4,8 % |
4,3 % |
9,6 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
81,1 |
81,2 |
0,2 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
100,0 |
100,0 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
0,0 |
11,4 |
79,1 |
10,6 % |
80 |
100 |
|
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Ierland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is zeer significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het nationale strategische stappenplan van Ierland is afgestemd op het beleidsprogramma van de EU voor het digitale decennium en bevat een alomvattend plan waarin alle onderdelen zijn uitgewerkt. Hoewel de uitdagingen, sterke punten en middelen duidelijk worden aangegeven, ontbreekt belangrijke informatie, met name wat betreft de streefcijfers voor FTTP, edge nodes en eenhoorns. Het stappenplan bevat 59 maatregelen met een geraamde begroting van 14,9 miljard EUR (2,9 % van het bbp) die zijn afgestemd op de streefcijfers en doelstellingen van het beleidsprogramma en de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen. Voortbouwend op bestaande strategieën, zoals de nationale digitale strategie “Harnessing Digital”, richt Ierland zich op digitale overheidsdiensten, ICT-specialisten en connectiviteit, met een grote nadruk op maatregelen ter ondersteuning van eenhoorns. In het stappenplan wordt een evenwicht gevonden tussen private en publieke behoeften, in overeenstemming met de doelstellingen van het digitale decennium om het concurrentievermogen, de cyberbeveiliging en de positie van burgers te verbeteren. Over het algemeen is het stappenplan van Ierland consistent en innovatief, waardoor het land op koers is om de digitale streefcijfers van de EU te halen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Ierland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) prioriteit moeten geven aan het stellen van duidelijke en meetbare doelstellingen voor alle belangrijke gebieden die in het nationale strategische stappenplan worden beschreven, met inbegrip van FTTP, edge nodes en eenhoorns; ii) de inspanningen moeten opvoeren om het EU-streefcijfer inzake e-gezondheid te verwezenlijken, in overeenstemming met de vereisten in het kader van de komende verordening betreffende de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens; -MAATREGELEN: i) de analyse en evaluatie van de maatregelen in het nationale strategische stappenplan moeten verbeteren door uitgebreide informatie te verstrekken over de verwachte effecten en begrotingstoewijzingen voor elke maatregel, met inbegrip van de bijdrage vanuit het herstel- en veerkrachtplan; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft inzicht in de perceptie die Ierse burgers van digitale rechten hebben. Hoewel er een daling van 7 punten te zien is ten opzichte van vorig jaar, is 62 % van de Ierse respondenten van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, iets meer dan het EU-gemiddelde van 45 %. De bezorgdheid neemt toe: 41 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 13 punten, en 32 % maakt zich zorgen over hun digitale nalatenschap, een stijging van 11 punten. Positief is dat 70 % het bestaan van digitale vaardigheden waardeert en 63 % vertrouwen heeft in de vrijheid van vergadering op internet; deze beide cijfers liggen ruim boven de EU-gemiddelden. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 33 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
De strategische initiatieven van Ierland zijn nauw afgestemd op de doelstellingen van de EU om de digitale infrastructuur te bevorderen, onderzoek en innovatie te stimuleren en de digitale soevereiniteit te waarborgen. Initiatieven zoals het nationale breedbandplan en de uitrol van snelle glasvezelnetwerken tonen aan dat Ierland vastbesloten is de EU-streefcijfers van het digitale decennium voor connectiviteitsinfrastructuur te halen en te zorgen voor veerkrachtige en toegankelijke digitale systemen voor zowel burgers als bedrijven.
Door EU-brede digitale ecosystemen en innovatieve ondernemingen te ondersteunen met initiatieven zoals het Fonds voor digitale transitie (Digital Transition Fund) en het Groeiplan kmo (SME Growth Plan), toont Ierland aan zich in te willen zetten voor het concurrentievermogen en digitale soevereiniteit. Door prioriteit te geven aan de invoering van cloud-, AI- en gegevensanalysetechnologieën streeft Ierland ernaar de digitale transformatie te versnellen en potentiële digitale leiders te koesteren, in overeenstemming met de visie van de EU. Voorts legt Ierland de focus op onderzoek en innovatie, waarmee wordt onderstreept dat het land zich inspant om de digitale vooruitgang te stimuleren en belangrijke uitdagingen op het gebied van onderzoek, ontwerp en innovatie op te pakken. Met de plannen om tegen 2024 een nieuw agentschap voor onderzoeksfinanciering op te richten, wil Ierland zijn positie als leider op het gebied van digitale innovatie in de EU verder versterken.
|
Aanbevelingen – Ierland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de inspanningen moeten voortzetten om volledige gigabit- en 5G-dekking te bereiken, onder meer door operationele knelpunten aan te pakken, zoals vergunningen voor de uitrol van telecommasten, om de mobiele dekking uit te breiden; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -EDGE NODES: mogelijkheden voor publiek-private partnerschappen moeten verkennen en financieringsmechanismen moeten benutten om de uitrol van de infrastructuur voor edge nodes te ondersteunen; -CLOUD/AI/GEGEVENSANALYSE: i) gerichte programma’s en stimulansen moeten ontwikkelen om ondernemingen en kmo’s aan te moedigen big data en AI toe te passen en het potentieel daarvan voor innovatie en groei te benutten; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -EENHOORNS: financieringsmechanismen zoals het Fonds voor digitale transitie en de regeling voor start- en durfkapitaal (Seed and Venture Capital Scheme) moeten uitbreiden om digitaal ondernemerschap te ondersteunen en potentiële eenhoorns te stimuleren; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Ierland heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de verwezenlijking van het EU-streefcijfer van het digitale decennium inzake digitale basisvaardigheden: 72,9 % van de bevolking beschikt over ten minste digitale basisvaardigheden. Hiermee scoort het land boven het EU-gemiddelde. Belangrijke initiatieven zoals Geletterdheid van volwassenen voor het leven (Adult Literacy for Life) en de digitale strategie voor scholen (Digital Strategy for Schools) hebben een cruciale rol gespeeld bij de bevordering van digitale geletterdheid in de hele samenleving. Uit inspanningen zoals het educatieve uitvoeringsplan voor STEM (wetenschappen, technologie, engineering en wiskunde) (Education Implementation Plan) blijkt dat Ierland vastbesloten is de positie van de bevolking te versterken door middel van opleiding en ontwikkeling van vaardigheden, en tegelijkertijd tegemoet te komen aan de vraag naar ICT-specialisten; met deze gecoördineerde aanpak wil het land de kloof dichten en de digitale paraatheid van de beroepsbevolking bevorderen.
Ierland bevordert ook de digitalisering van zijn overheidsdiensten om inclusie en toegankelijkheid te verbeteren. Initiatieven zoals een nationaal aanbestedingskader en de oprichting van een gedeeld datacentrum van de overheid (Shared Government Data Centre) weerspiegelen de inspanningen van het land om de eigen overheidsdiensten te moderniseren en de efficiëntie te bevorderen. De investeringen in initiatieven op het gebied van e-gezondheid laten ook nadrukkelijk zien dat Ierland technologie wil benutten om de gezondheidszorg toegankelijker te maken en de positie van patiënten te versterken, waarmee de agenda voor de digitale transformatie verder wordt uitgevoerd.
|
Aanbevelingen – Ierland zou: |
|
-ICT-SPECIALISTEN: het aantal leerlingplaatsen, omscholings- en bijscholingsinitiatieven moeten uitbreiden om aan de groeiende vraag naar ICT-specialisten te voldoen, door middel van een structurele hervorming van het nationale opleidingsfonds (National Training Fund); de inspanningen om de genderkloof te dichten, moeten voortzetten; -eID: een eID-stelsel in het kader van de eIDAS-verordening bij de Commissie moeten aanmelden, terwijl gebruik wordt gemaakt van digitale regelingen zoals MyGovID en de Europese portemonnee voor digitale identiteit om de toegang tot essentiële diensten in het kader van eIDAS te verbeteren; -E-GEZONDHEID: i) de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden om ervoor te zorgen dat alle burgers online toegang hebben tot hun elektronische gezondheidsgegevens; ii) meer soorten gegevens via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; iii) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Uit de recentste Eurobarometer-resultaten blijkt dat hiervoor veel draagvlak is in Ierland: 89 % van de respondenten benadrukt de rol van digitale technologieën bij de groene transitie. Om zijn toezegging om de emissies terug te dringen, na te komen, richt Ierland zich op de integratie van de groene en de digitale transitie in het toekomstige ondernemingenbeleid. Initiatieven zoals de wet op de circulaire economie (Circular Economy Act) en het project “Build Digital” weerspiegelen de inspanningen van het land om duurzaamheid in de digitale sector te bevorderen. Wel liggen er nog steeds uitdagingen: slechts 20 % van de bedrijven neemt maatregelen om ICT-apparatuur energie-efficiënter te maken. Overheidsinitiatieven, zoals de nationale strategie voor werken op afstand (National Remote Work Strategy) en het nieuwe dataverwerkingscentrum, hebben echter tot doel de milieueffecten te beperken en tegelijkertijd de digitale voordelen te maximaliseren. De regelgevende instanties leveren een bijdrage op het gebied van duurzaamheid en benadrukken dat er een alomvattende aanpak nodig is om de milieudoelstellingen in het digitale landschap te bevorderen.
|
Aanbevelingen – Ierland zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Italië
1 Samenvatting
In Italië is onbenut potentieel aanwezig om een bijdrage te leveren aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Italië vooruitgang geboekt op het gebied van e-overheid, met name op het gebied van e-gezondheid en belangrijke digitale overheidsdiensten voor bedrijven, en heeft het stappen vooruit gezet bij de uitrol van gigabitnetwerken. Ondanks enige vooruitgang liggen er echter nog steeds bijzonder belangrijke uitdagingen op het gebied van digitale vaardigheden, terwijl Italiaanse ondernemingen ook achterblijven wat de invoering van geavanceerde technologieën zoals AI betreft.
De afgelopen jaren heeft Italië, mede voortbouwend op het herstel- en veerkrachtplan, aanzienlijke inspanningen geleverd met het oog op de digitale transformatie van het land, meer initiatieven genomen om overheidsdiensten te digitaliseren, de digitalisering van ondernemingen te ondersteunen en de digitale vaardigheden in het hele land te verbeteren. Daarnaast kan Italië rekenen op een solide basis op gebieden als halfgeleiders, edgecomputing en kwantumtechnologie, die van cruciaal belang zijn voor de positie en het technologische leiderschap van het land.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 34 is 71 % van de Italianen van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt (73 % in de EU), een cijfer dat verbeterd moet worden door alle burgers hierin mee te nemen.
Deelname aan gezamenlijke inspanningen met andere EU-lidstaten blijft ook van cruciaal belang. Momenteel is Italië betrokken bij negen Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) die reeds zijn opgericht of in oprichting zijn 35 , en bij belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s) op het gebied van cloudinfrastructuur en -diensten en micro-elektronica.
Italië wijst 25,6 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan toe aan digitalisering (47 miljard EUR) 36 , wat belangrijke kansen biedt, maar nog steeds ontoereikend is om de streefcijfers van het digitale decennium volledig te halen, waardoor ook een sterke nadruk op de uitvoering en afstemming op de verschillende bestaande strategische plannen nodig zijn. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 5,5 miljard EUR (13 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 37 .
|
Italië |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
IT |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
53,7 % |
59,6 % |
11,0 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP)(2) |
53,7 % |
59,6 % |
11,0 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
99,7 % |
99,5 % |
-0,2 %(3) |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
77 |
1 186 |
946 |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
60,3 % |
60,7 % |
0,3 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
51,9 % |
55,1 % |
3,0 % |
38,9 % |
7,0 % |
74 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
6,2 % |
5,0 % |
-10,2 %(4) |
8,0 % |
2,6 % |
60 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
26,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
60 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
63,1 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
7 |
263 |
16 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
45,6 % |
45,8 % |
0,2 % |
55,6 % |
1,5 % |
74,6 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
3,9 % |
4,1 % |
5,1 % |
4,8 % |
4,3 % |
7,3 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
67,9 |
68,3 |
0,5 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
74,7 |
76,3 |
2,1 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
71,3 |
82,7 |
15,9 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) De indicator voor VHCN-dekking en de indicator voor FTTP-dekking vallen samen. (3) De variatie is geen weerspiegeling van een verandering in de dekking, maar is het gevolg van kleine verfijningen in de criteria die zijn vastgesteld om de dekking te ramen. (4) De variatie tussen de twee jaren wordt niet als statistisch significant beschouwd, maar in overeenstemming met de stagnatie van deze indicator. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Italië aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De formele goedkeuring en publicatie van het stappenplan op nationaal niveau, die van cruciaal belang zijn voor het land om zich volledig voor deze ambities in te zetten, zijn echter nog niet rond.
Het stappenplan biedt een volledig overzicht van alle streefcijfers tot 2030. Hoewel de streefcijfers over het algemeen ambitieus en in overeenstemming met de EU-doelstellingen zijn, blijven die inzake digitale basisvaardigheden en ICT-specialisten en inzake het gebruik van artificiële intelligentie (AI) en gegevensanalyse onder het EU-niveau; daarbij is alleen gekeken naar de huidige maatregelen. Het stappenplan bevat in totaal meer dan zestig beleidsmaatregelen met een begroting van meer dan 32 miljard EUR (ongeveer 1,6 % van het bbp). De nadruk ligt op het verbeteren van digitale vaardigheden, ICT-specialisten en digitale overheidsdiensten. Op sommige gebieden, waaronder eenhoorns en het gebruik van AI, ontbreken echter gerichte maatregelen. Wat betreft de positie van het land op belangrijke technologische gebieden, zoals halfgeleiders en kwantumtechnologie, zou er een bredere aanpak kunnen worden gevolgd.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Italië zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een traject voor het streefcijfer voor eenhoorns moeten bieden; ii) moeten overwegen het ambitieniveau van de streefcijfers voor digitale basisvaardigheden, ICT-specialisten en technologieën (AI, cloud, gegevensanalyse) op het EU-streefcijfer af te stemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen die bijdragen tot streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, moeten versterken en/of beter moeten afstemmen, met name op het gebied van vaardigheden, ICT-specialisten, het gebruik van AI en big data/gegevensanalyse; ii) moeten aangeven welke maatregelen het streefcijfer voor eenhoorns ondersteunen; iii) moeten overwegen om een uitgebreidere analyse en bijbehorend overzicht te geven van de maatregelen en strategieën voor halfgeleiders en kwantumtechnologie; iv) de begrotingsbeschrijving van alle maatregelen moeten evalueren en daarbij voor volledigheid en nauwkeurigheid moeten zorgen; v) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: een raadplegingsproces over het stappenplan moeten organiseren, overeenkomstig de nationale regels, en daarover verslag uitbrengen. |
Digitale rechten en beginselen
Uit de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 blijkt dat in Italië 49 % van de bevolking van mening is dat de EU hun digitale rechten goed beschermt, en hoewel er een daling van 6 punten te zien is ten opzichte van het voorgaande jaar, ligt dit aandeel nog steeds boven het EU-gemiddelde van 45 %. Het vertrouwen in digitale privacy bedraagt 57 %, wat ook boven het EU-gemiddelde ligt. Tot de punten van zorg behoren de veiligheid van digitale omgevingen voor kinderen, waar 45 % zich zorgen over maakt, terwijl 40 % zich zorgen maakt over de controle over persoonsgegevens. Ondanks deze bezorgdheid erkent 83 % van de Italianen het belang van digitale technologieën voor de toegang tot overheidsdiensten en 81 % voor het onderhouden van contacten met vrienden en familie, wat wijst op een sterke waardering voor digitale vooruitgang. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 38 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Het land boekt vooruitgang bij de uitrol van connectiviteitsnetwerken, terwijl geavanceerde technologieën zoals edgecomputing, kwantumtechnologie en halfgeleiders steeds meer aandacht krijgen. Deze dynamiek moet een prioriteit blijven om de capaciteiten en positionering van het land te versterken. Hoewel Italië in het algemeen vergevorderd is met de 5G-dekking, is verdere en snelle vooruitgang bij de uitrol van VHCN’s, en met name FTTP, vereist; daarnaast zijn meer inspanningen nodig om de connectiviteitsinfrastructuur aan cloud- en edgecomputingcapaciteiten te koppelen. Ook moeten meer inspanningen worden geleverd om de kwaliteit van de dienstverlening van 5G-netwerken te verbeteren en op grote schaal de superieure prestaties te leveren die nodig zijn voor geavanceerde toepassingen, met name voor B2B-communicatie.
Het bestaan van sleutelprojecten en expertisecentra op het gebied van kwantumcapaciteiten zou de ambities van Italië op dit gebied kunnen versterken, maar het investeringsniveau moet zorgvuldig worden beoordeeld. De halfgeleidersector krijgt meer aandacht en er wordt meer in geïnvesteerd, wat een coherente visie en aanhoudende inspanningen vereist.
Het gebruik van technologieën door Italiaanse ondernemingen, ook door kmo’s, is relatief hoog. Er bestaan echter grote lacunes wat betreft het gebruik van AI en op het gebied van innovatieve en snelgroeiende ondernemingen (eenhoorns). Het opschalen van ondernemingen in Italië blijft moeilijk, en wordt belemmerd door een over het algemeen zwak ecosysteem en beperkte durfkapitaalinvesteringen.
|
Aanbevelingen – Italië zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) door moeten gaan met de uitrol van FTTP om een hoog groeitempo te waarborgen en de inspanningen moeten opvoeren om op coherente wijze connectiviteitsinfrastructuren te ontwikkelen, in combinatie met cloud- en edgecomputingcapaciteiten, waarbij het potentieel van het 5G-netwerk van het land wordt benut; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -HALFGELEIDERS EN QUANTUMTECHNOLOGIE: de inspanningen in de halfgeleidersector moeten voortzetten en meer moeten investeren in kwantumtechnologieën, ook in het kader van EU-initiatieven en om een bijdrage aan de Europese chipverordening te leveren; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: oi) maatregelen die gericht zijn op de invoering van technologieën door ondernemingen moeten versterken, met bijzondere aandacht voor AI en waarbij gekeken wordt naar de factoren die specifiek zijn voor de nationale context en die de ontwikkeling belemmeren en aanjagen; oii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, breed wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud. -EENHOORNS: acties versterken om het ecosysteem van start-ups en innovatieve ondernemingen in stand te houden, onder meer door het stimuleren van de beschikbaarheid van doeltreffende financiële instrumenten, initiatieven ter ondersteuning van de opschaling van ondernemingen, met name in strategische sectoren, en het tot stand brengen van synergieën tussen onderzoek en industrie. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Er bestaan nog grote lacunes in Italië op het gebied van digitale vaardigheden, wat gevolgen heeft voor de inspanningen om de digitale kloof te dichten en het concurrentievermogen belemmert. Ondanks de focus van het stappenplan en de talrijke recente Italiaanse initiatieven beschikt slechts 45,8 % van de Italianen over ten minste digitale basisvaardigheden en blijft het aandeel werkzame ICT-specialisten beperkt, terwijl de vraag van bedrijven naar deze vaardigheden stijgt.
Italië presteert goed op het gebied van de uitrol van elektronische patiëntendossiers en heeft zijn maatregelen ter verbetering van de toegang tot belangrijke digitale overheidsdiensten in 2023 voortgezet; toch zijn er verdere inspanningen nodig. Italië heeft twee gecertificeerde eIDAS-regelingen voor digitale identiteit en werkt mee aan de uitrol van de Europese portemonnee voor digitale identiteit. Het elektronisch patiëntendossier is in alle regio’s ingevoerd. De beschikbaarheid van digitale overheidsdiensten voor burgers lag in 2023 echter nog steeds onder het EU-gemiddelde. De volledige uitwerking van lopende grote projecten en investeringen op het gebied van e-overheid is nog niet bekend.
|
Aanbevelingen – Italië zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: de inspanningen moeten opvoeren om digitale vaardigheden te stimuleren bij alle doelgroepen, door middel van op maat gesneden interventies, onder meer door: i) het versterken van diensten om burgers te begeleiden bij het gebruik van digitale instrumenten; ii) het uitbreiden van de digitale onderwijsprogramma’s op scholen en het vergroten van de belangstelling voor STEM (wetenschappen, technologie, engineering en wiskunde) en ICT-disciplines; iii) en het stimuleren van om- en bijscholingstrajecten voor werknemers; -ICT-SPECIALISTEN: i) het aantal ICT-programma’s in het hoger onderwijs moeten verhogen, met onder meer versterking van de ITS-academies, inspelend op de behoeften van de arbeidsmarkt en in samenwerking met het bedrijfsleven; ii) specifieke maatregelen moeten nemen om de participatie van vrouwen binnen ICT-opleidingen en de ICT-sector te vergroten; iii) maatregelen moeten overwegen om ICT-specialisten aan te trekken en te behouden; -BELANGRIJKE DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen moeten voortzetten om de overheidsdiensten te digitaliseren, waarbij de nadruk ligt op gebruiksvriendelijkheid en interoperabiliteit om de informatie waarover overheidsdiensten beschikken, verder te vereenvoudigen en vaker te hergebruiken; -E-GEZONDHEID: i) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten; ii) voort moeten bouwen op bestaande wettelijke bepalingen en wettelijke voogden, gemachtigde personen en kansarme groepen toegangsmogelijkheden moeten bieden; iii) alle soorten gegevens van medische beelden tijdig en in alle regio’s via de onlinetoegangsdienst aan burgers ter beschikking moeten stellen, onder meer via mobiele applicaties. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Via het herstel- en veerkrachtplan worden initiatieven die de groene en de digitale transitie met elkaar verbinden, gestimuleerd. Met de vaststelling van het plan “Transitie 5.0”, dat deel uitmaakt van het REPowerEU-hoofdstuk, wordt de transitie van ondernemingen bevorderd, door middel van investeringen die het energieverbruik reduceren. Het plan omvat ook maatregelen voor geavanceerde monitoring van de klimaatverandering en steun voor slimme vervoerssystemen in drie proefsteden. Deze inspanningen vormen een aanvulling op bestaande initiatieven op het gebied van stedelijk energiebeheer, strategisch gebruik van middelen en innovatieve aanbestedingen.
|
Aanbevelingen – Italië zou: |
|
-de inspanningen om de dubbele groene en digitale transitie te verbinden, moeten voortzetten en opvoeren, ook door geavanceerde technologieën te benutten en succesvolle initiatieven op te schalen; -een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
In het stappenplan werd geen concreet aantal gegeven. Het streefcijfer wordt verondersteld door de Europese Commissie, die Dealroom als databank gebruikt. Voor DESI 2023 heeft de Europese Commissie 61 eenhoorns in Duitsland vastgesteld. Duitsland heeft geen rechtstreekse toegang tot de gegevens en kan derhalve geen verantwoordelijkheid nemen voor de vergelijkbaarheid met andere landen of voor de volledigheid en nauwkeurigheid ervan. In geval van een wijziging in de databank moet het streefcijfer indien nodig worden aangepast.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
Wereldhandelsorganisatie (2023), Global Trade Outlook and Statistics.
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is het bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 3: Korte verslagen van de lidstaten van de EU-27
Staat van het digitale decennium 2024
Letland
1 Samenvatting
In Letland is onbenut potentieel aanwezig om een bijdrage te leveren aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Letland aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de digitalisering van kmo’s, het algemene gebruik van de cloud en de digitalisering van overheidsdiensten voor bedrijven. Wel liggen er nog steeds bijzonder belangrijke uitdagingen als het gaat om het verbeteren van de digitale vaardigheden van burgers en het versterken van de algemene connectiviteitsinfrastructuur, zowel voor gigabit als 5G.
Digitalisering is een prioriteit voor de Letse autoriteiten. Ze is opgenomen in verschillende nationale strategieën, zoals de richtsnoeren voor digitale transformatie 2021-2027, het ontwikkelingsplan voor de sector elektronische communicatie voor 2021-2027, de nationale richtsnoeren voor het industriebeleid (2021-2027) en het nationale ontwikkelingsplan 2021-2027. Letland scoort lager dan het EU-gemiddelde op het gebied van digitale infrastructuur, ondanks een sterke jaarlijkse groei. Letland boekt vooruitgang op het gebied van de digitalisering van overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven, maar scoort tegelijkertijd onder het EU-gemiddelde op het gebied van digitale basisvaardigheden en digitalisering van kmo’s.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 1 is 78 % van de respondenten in Letland van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Letland is lid van het bestaande EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT EDIC) en het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE, en voert binnen een informele werkgroep besprekingen over de oprichting van een EDIC voor het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming (EUCAIM). Het land neemt, met indirecte deelnemers, ook deel aan het IPCEI inzake cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie 2 .
In het Letse herstel- en veerkrachtplan wordt 23 % van zijn begroting besteed aan het bevorderen van de digitale transitie (416 miljoen EUR) 3 , waarbij de nadruk ligt op het verbeteren van digitale basisvaardigheden en het uitbreiden van het gebruik van digitale oplossingen en het aantal ICT-specialisten. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,5 miljard EUR (11 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 4 .
|
Letland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
LV |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
62,7 % |
71,5 % |
13,9 % |
78,8 % |
7,4 % |
53 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
60,9 % |
61,9 % |
1,6 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
42,0 % |
53,1 % |
26,5 % |
89,3 % |
9,8 % |
70 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
3 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
38,1 % |
48,2 % |
12,5 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
22,2 % |
29,0 % |
14,3 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
3,7 % |
4,5 % |
10,3 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
36,9 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
48,2 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
2 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
50,8 % |
45,3 % |
-5,5 % |
55,6 % |
1,5 % |
70 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,4 % |
4,4 % |
0,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
87,2 |
88,2 |
1,2 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
85,8 |
87,2 |
1,6 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
78,8 |
84,8 |
7,6 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Letland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Over het algemeen is het stappenplan ambitieus en samenhangend, ook wat de doelstellingen betreft, maar bevat het enkele zwakke punten op het gebied van de digitalisering van ondernemingen. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, zoals een mensgerichte digitale ruimte, veerkracht en veiligheid, soevereiniteit, vergroening en bescherming van de samenleving, met een hoog ambitieniveau, met name wat betreft de mensgerichtheid en soevereiniteit.
Het stappenplan bevat alle KPI’s voor 2030 maar bevat beperkte informatie over de vooruitgang op het gebied van halfgeleiders, edge nodes en FTTP. Op drie na zijn alle nationale streefcijfers (digitale basisvaardigheden, gigabit- en 5G-connectiviteit) afgestemd op de EU-doelstellingen voor 2030. Het stappenplan bevat geen nationaal streefcijfer of traject voor FTTP of edge nodes. In totaal behelst het 47 maatregelen.
Een openbare raadpleging over het stappenplan heeft uitgebreide feedback opgeleverd, onder meer van de sociale partners en niet-gouvernementele organisaties (ngo’s). In de ingediende versie heeft Letland rekening gehouden met deze feedback en met de aanbevelingen van de Commissie uit het verslag over het digitale decennium van 2023.
De totale begroting van het stappenplan wordt geraamd op 1 539 miljoen EUR (ongeveer 4,5 % van het bbp), waarbij de prioriteiten liggen bij de ontwikkeling van eenhoorns en het gebruik van cloud/AI/big data door kmo’s. Sommige aspecten vereisen meer actie, met name om het niveau van digitale vaardigheden te verhogen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Letland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject voor FTTP en edge nodes moeten voorstellen; ii) het ambitieniveau van de streefcijfers voor ten minste digitale basisvaardigheden, VHCN’s en 5G op de EU-streefcijfers moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen en financiering voor ten minste digitale basisvaardigheden, VHCN’s en 5G moeten versterken, om zo de nationale streefcijfers in overeenstemming te kunnen brengen met het streefcijfer van het digitale decennium; ii) de financiering voor de digitalisering van ondernemingen en digitale vaardigheden moeten verhogen om zo de doelstellingen te kunnen halen voor de digitale intensiteit van kmo’s, het gebruik van cloud, AI en gegevensanalyse, en voor ICT-specialisten; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Letse burgers van digitale rechten hebben. Slechts 42 % van de Letten is van mening dat de EU hun digitale rechten goed beschermt, een aanzienlijke daling met 16 procentpunten ten opzichte van vorig jaar en 3 punten lager dan het EU-gemiddelde. Het vertrouwen in digitale privacy is 48 %, ook 3 punten lager dan het EU-gemiddelde. Tot de punten van zorg behoren de veiligheid van digitale omgevingen voor kinderen (56 %) en de controle over persoonsgegevens (38 %), waarbij het vertrouwen aanzienlijk is gedaald. Positief is dat 90 % van de respondenten digitale technologieën als belangrijk ziet om contacten te onderhouden met vrienden en familie, wat significant boven het EU-gemiddelde van 83 % ligt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 5 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Als het gaat om het bereiken van een technologische leiderschapspositie en een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU, loopt Letland achter op het gebied van connectiviteitsinfrastructuur, terwijl het een indrukwekkende groei en ambitie laat zien wat betreft het gebruik van digitalisering door kmo’s. Wat de FTTP-dekking betreft, scoort Letland onder het EU-gemiddelde, met een jaarlijkse groei die aanzienlijk onder het EU-gemiddelde ligt. Wat de dekking van VHCN en 5G betreft, scoort Letland ook onder het EU-gemiddelde, hoewel het groeitempo in dit geval consistenter is (boven het EU-gemiddelde). Het is voor Letland een grote uitdaging om een goede digitale infrastructuur te realiseren. In dit verband concentreert het land zich op gerichte steunmaatregelen van de overheid voor de uitrol van netwerksegmenten onderweg en voor de laatste kilometer. Letland toont vooruitgang op het gebied van halfgeleiders en kwantumcomputing, terwijl er erg weinig initiatieven voor edge nodes zijn. Bovendien wijzen de indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen (basisintensiteit van kmo’s en gebruik van gegevensanalyse, AI of cloud) allemaal op prestaties onder het EU-gemiddelde, maar laten ze wel een opmerkelijke groei zien. Letland concentreert zich op cyberbeveiliging, zoals blijkt uit de lancering van de cyberbeveiligingsstrategie 2023-2026, maatregelen gericht op cyberbeveiligingsinfrastructuur en samenwerking met meerdere landen, wat met name belangrijk is vanwege de geopolitieke positie van het land.
|
Aanbevelingen – Letland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de aanhoudende inspanningen moeten voortzetten om de uitrol van VHCN en FTTP te ondersteunen en die voor de uitrol van 5G significant moeten uitbreiden, onder meer door private investeringen te bevorderen en het gebruik van deze technologieën te stimuleren; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: i) cyberveiligheidsklassen in relevante opleidingen binnen het formele onderwijs moeten invoeren; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -EDGE NODES: specifieke maatregelen moeten overwegen voor de uitrol van edge nodes, in aanvulling op de deelname aan het IPCEI-CIS; -DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN: ambitieuze initiatieven moeten vaststellen en ondersteunen. om de digitalisering van kmo’s verder te bevorderen; -CLOUD/AI/GEGEVENSANALYSE: i) publieke en private investeringen in het gebruik van cloud/AI/gegevensanalyse moeten voortzetten, uitbreiden en versnellen; ii) de brede toepassing van de volgende generatie cloudinfrastructuur en clouddiensten die in het kader van het IPCEI-CIS door bedrijven van elke omvang worden ontwikkeld, moeten ondersteunen, onder meer door samen met de directe deelnemers een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen die verder reikt dan de deelnemende organisaties. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Letland werkt aan het realiseren van een inclusieve digitale transitie. Dit vereist echter aanhoudende en ambitieuze inspanningen om het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking te verhogen. Het niveau van digitale basisvaardigheden van de bevolking ligt onder het EU-gemiddelde, waarbij een aanzienlijke daling te zien is ten opzichte van het verslag van afgelopen jaar, als gevolg van de effecten na de COVID-19-pandemie (door een verminderd gebruik van ICT-hulpmiddelen). De afgelopen jaren heeft Letland van de ontwikkeling van digitale vaardigheden een nationale prioriteit gemaakt. Het land heeft daarom op verschillende niveaus opleidingen op het gebied van digitale vaardigheden geïntegreerd, zowel binnen het formele als niet-formele onderwijs (vanaf jonge leeftijd) en voor werkenden, onder meer in de vorm van volwasseneneducatie, individuele leerrekeningen en elektronisch leren. Het is van cruciaal belang dat Letland de inspanningen om ten minste digitale basisvaardigheden te verwerven voortzet, ondersteunt en opvoert, aangezien dit gevolgen heeft voor alle digitale doelstellingen. Letland voert maatregelen uit die specifiek gericht zijn op meisjes en vrouwen, om hun digitale basisvaardigheden te verbeteren en het aantal vrouwelijke ICT-specialisten te verhogen, om de score op dit gebied boven het EU-gemiddelde te houden. Om zijn ambitie voor het digitale decennium van de EU te realiseren, zal Letland aanhoudende inspanningen moeten verrichten gezien de relatief trage toename van digitale vaardigheden. De digitalisering van overheidsdiensten en de ontwikkeling van e-gezondheid en de eID vorderen goed, sneller dan gemiddeld in de EU.
|
Aanbevelingen – Letland zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: i) vaart moeten zetten achter maatregelen om de digitale vaardigheden van de bevolking verder te stimuleren en hier meer in moeten investeren; ii) zich moeten concentreren op de uitvoering van maatregelen en het aanbieden onderwijs op het gebied van digitale geletterdheid voor iedereen; -ICT-SPECIALISTEN: bestaande maatregelen moeten voortzetten en aanvullende maatregelen moeten treffen voor verschillende groepen, om een toename van het aantal ICT-specialisten te waarborgen en het genderevenwicht te verbeteren; -E-GEZONDHEID: i) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld; ii) burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen. iii) meer particuliere revalidatiecentra via de onlinetoegangsdienst toegankelijk moeten maken; iv) ervoor moeten zorgen dat de onlinetoegangsdienst aan de richtsnoeren voor webtoegankelijkheid voldoet. -BELANGRIJKE OVERHEIDSDIENSTEN: moeten zorgen voor een gecoördineerde uitvoering van overheidsdiensten en werken aan de integratie van openbare registers, met het oog op de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel bij overheidsdiensten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Letland is begonnen met de uitvoering van groen beleid als onderdeel van de digitale transformatie. Het milieubeleid 2021-2027 en het beleid inzake groene ICT-aanbestedingen zijn voorbeelden van de wisselwerking tussen vergroening en digitalisering. De meeste maatregelen in het Letse stappenplan zijn echter horizontale initiatieven die de milieueffecten als bijproduct verminderen, in plaats van ze actief aan te pakken.
|
Aanbevelingen – Letland zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Litouwen
1 Samenvatting
Litouwen levert een positieve bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Litouwen aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verhogen van het niveau van digitale vaardigheden van zijn bevolking en het aantal werkzame ICT-specialisten, alsook bij het verbeteren van de 5G-dekking. Wel liggen er nog steeds uitdagingen, met name als het gaat om het gebruik van geavanceerde technologieën, zoals AI en cloud, door ondernemingen en het creëren van synergieën tussen de digitale en de groene transitie.
Digitalisering is een prioriteit voor de Litouwse autoriteiten, en onderdeel van het nationale voortgangsplan 2021-2030 , waarin de ontwikkelingsrichtingen, prioriteiten en beginselen van het land op de verschillende gebieden van staatsbestuur worden uiteengezet. Bovendien is een van de vijf pijlers van de nationale voortgangsstrategie de visie van Litouwen voor de toekomst van Litouwen 2050 als geconnecteerd land met een duurzame en evenwichtige ontwikkeling.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 6 is 75 % van de Litouwse burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat iets boven het EU-gemiddelde (75 %) ligt.
Litouwen is een van de leden van het reeds opgerichte Europees consortium voor digitale infrastructuur (EDIC) voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC). Daarnaast werkt Litouwen binnen informele werkgroepen aan de statuten en andere relevante documenten van de mogelijke toekomstige EDIC’s voor het genoom en voor geconnecteerde overheidsdiensten 7 .
Het Litouwse herstel- en veerkrachtplan wijst 23,3 % (724 miljoen EUR) 8 van zijn begroting toe aan de bevordering van de digitale transitie. De actualisering van dit plan, met inbegrip van een REPowerEU-hoofdstuk, is in november 2023 goedgekeurd. Het Litouwse herstel- en veerkrachtplan bevat een reeks maatregelen om bedrijven en burgers te helpen, overheidsdiensten te verbeteren en de digitale transitie in Litouwen te versnellen door middel van maatregelen om de publieke en private sector te digitaliseren, innovatie en onderzoek te ondersteunen enz. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 309 miljoen EUR toegewezen aan de digitale transformatie van het land 9 .
|
Litouwen |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
LT |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
78,0 % |
78,1 % |
0,1 % |
78,8 % |
7,4 % |
98 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
78,0 % |
78,1 % |
0,1 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
90,1 % |
98,9 % |
9,8 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
3 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
56,7 % |
60,0 % |
2,9 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
27,7 % |
33,6 % |
10,1 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
4,5 % |
4,9 % |
4,3 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
40,5 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
53,5 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
2 |
263 |
6 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
48,8 % |
52,9 % |
4,1 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,4 % |
4,9 % |
11,4 % |
4,8 % |
4,3 % |
6,9 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
83,9 |
86,7 |
3,4 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
94,4 |
95,9 |
1,7 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
92,0 |
95,4 |
3,8 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
Wat de bijdrage van Litouwen aan het digitale decennium betreft, is het stappenplan zeer ambitieus. Op basis van dit document wil het land enige inspanning leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het Litouwse stappenplan is over het algemeen samenhangend en zeer ambitieus wat betreft de verwezenlijking van de streefcijfers van het digitale decennium. Het omvat streefcijfers en trajecten voor 2030 voor alle KPI’s, behalve voor FTTP en edge nodes. Deze zijn allemaal afgestemd op de EU-streefcijfers, behalve de streefcijfers en trajecten voor ICT-specialisten, die ver onder het EU-streefcijfers liggen. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, zoals een mensgerichte digitale ruimte, veerkracht en veiligheid, soevereiniteit, vergroening en bescherming van de samenleving, met een hoog ambitieniveau, met name wat betreft de mensgerichte digitale ruimte, soevereiniteit en de groene dimensie.
Het stappenplan omvat 22 maatregelen met een totale begroting van bijna 1,5 miljard EUR, rekening houdend met de herstel- en veerkrachtfaciliteit, andere EU-fondsen en de nationale begroting, die goed zijn voor ongeveer 2 % van het bbp. Wat de ICT-specialisten betreft, is meer ambitie nodig om het EU-streefcijfer te halen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Litouwen zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer voor edge nodes moeten voorstellen en daarvoor een traject moeten ontwikkelen; ii) moeten verduidelijken of het streefcijfer en het traject voor ultrasnelle breedbanddekking alleen gelden voor FTTP-netwerken of dat deze ook andere soorten VHCN’s omvatten. Zo ja, dan zou voor de ontbrekende technologieën een streefcijfer moeten worden geformaliseerd en een traject moeten worden ontwikkeld; iii) het ambitieniveau van het streefcijfer voor het aantal ICT-specialisten op het EU-streefcijfer moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen die bijdragen tot streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, moeten versterken of beter moeten afstemmen, met name op het gebied van vaardigheden, ICT-specialisten, het gebruik van AI en big data/gegevensanalyse; ii) maatregelen moeten voorstellen op het gebied van halfgeleiders, edge nodes en kwantumcomputing; iii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren en daarbij voor volledigheid en nauwkeurigheid moeten zorgen; iv) de beschrijving van de maatregelen moeten evalueren, om informatie te verstrekken over de verwachte effecten; v) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: meer informatie over de raadpleging van belanghebbenden moeten verstrekken. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Litouwse burgers van digitale rechten hebben. Ondanks een daling met 5 procentpunten ten opzichte van vorig jaar is 57 % van de Litouwse bevolking van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, wat boven het EU-gemiddelde van 45 % ligt. Het vertrouwen in digitale privacy steeg tot 52 %, iets boven het EU-gemiddelde. Hoewel de bezorgdheid over de controle over de digitale nalatenschap (31 %) en de veiligheid voor kinderen op internet (46 %) met respectievelijk 5 en 10 punten is toegenomen, ligt deze nog steeds onder het EU-gemiddelde. Veel Litouwers hechten waarde aan digitale technologieën voor het onderhouden van contacten met vrienden en familie (84 %). Deze bevindingen laten zien dat een prominentere aanwezigheid van digitale rechten en beginselen in het stappenplan en de digitale strategieën van Litouwen noodzakelijk is 10 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Voor zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen kan Litouwen vertrouwen op een goede infrastructuur. De uitrol van digitale technologieën verloopt voorspoedig, met name op het gebied van 5G-dekking (98,9 % van de bevolkte gebieden).
De indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen (basisintensiteit van kmo’s en het gebruik van gegevensanalyse, AI en cloud) wijzen op een over het algemeen positieve dynamiek, met name wat de basisintensiteit van kmo’s betreft. Litouwen geeft prioriteit aan zijn ecosysteem voor start-ups, dat een van de motoren van de Litouwse economie vormt en een aanzienlijke bijdrage levert aan de innovatie en technologische vooruitgang van het land. Hierdoor kunnen Litouwse bedrijven groeien en Europese kampioenen worden die wereldwijd kunnen concurreren. Litouwen is ook afhankelijk van zijn digitale industrie, met koppelingen naar de productie van halfgeleiders, met name lasers, die een onmisbaar onderdeel vormen van de productieketen voor chips en, mogelijk, kwantumcomputers.
|
Aanbevelingen – Litouwen zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de inspanningen voor de uitrol van gigabitnetwerken moeten opvoeren en publieke en private investeringen moeten bevorderen, met name in plattelandsgebieden; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de mix van maatregelen ter ondersteuning van de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten evalueren om het halen van de ambitieuze streefcijfers te waarborgen; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Litouwen is goed toegerust om een inclusieve digitale transitie tot stand te brengen, maar het zal aanhoudende inspanningen vergen om het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking te blijven verhogen en ICT-specialisten op te leiden. Het niveau van de digitale vaardigheden van de bevolking blijft iets onder het EU-gemiddelde, terwijl het aandeel ICT-specialisten het afgelopen jaar aanzienlijk is toegenomen. Dit is belangrijk gezien de economische dynamiek in Litouwen, waar een belangrijke rol is weggelegd voor de ICT-sector. De streefcijfers voor de digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven liggen boven het EU-gemiddelde, wat het hoge digitaliseringsniveau van het land weerspiegelt. Tegelijkertijd blijkt uit de resultaten van Eurobarometer 2024 dat het heel goed gaat met de digitale vooruitgang en de toekomstige ambitie die de burgers ervaren en verwachten.
|
Aanbevelingen – Litouwen zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: door moeten gaan met de uitvoering van initiatieven ter verbetering van digitale vaardigheden om ervoor te zorgen dat niemand achterblijft; -ICT-SPECIALISTEN: de inspanningen moeten voortzetten om het aantal ICT-specialisten te verhogen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
De Litouwse autoriteiten richten zich nog niet op het creëren van synergieën tussen de digitale en de groene transitie. Dit in tegenstelling tot 82 % van de Litouwers, die volgens Eurobarometer 2024 van mening zijn dat digitale technologieën ten dienste van de groene transitie moeten staan en dat dit een belangrijke overweging moet zijn voor overheidsinstanties.
Hoewel innovatie voor duurzaamheid een van de doelstellingen van het nationale voortgangsplan 2021-2030 is en het stappenplan een maatregel bevat die verband houdt met duurzaamheid, is in 2023 op dit gebied geen specifieke vooruitgang gemeld. Er moet echter worden opgemerkt dat in het herstel- en veerkrachtplan 37,4 % van de begroting wordt toegewezen aan klimaatdoelstellingen, al houden deze niet rechtstreeks verband met de bevordering van de digitale transitie.
|
Aanbevelingen – Litouwen zou: |
|
-meer ambitie moeten tonen wat betreft de synergie tussen de digitale en de groene transitie, waarbij de nadruk zou moeten liggen op de bijdrage die digitalisering kan leveren aan duurzaamheid, en het land zou geavanceerde technologieën moet benutten en succesvolle initiatieven moeten opschalen; daarnaast zou het decarbonisatiemaatregelen moeten voorstellen en initiatieven op het gebied van verantwoorde groene technologieën moeten aanmoedigen; -een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Luxemburg
1 Samenvatting
Luxemburg levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Luxemburg aanzienlijke vooruitgang geboekt wat betreft het aandeel werkzame ICT-specialisten en de verhoging van de 5G-dekking, onder meer in de 3,4-3,8 GHz-band. Wel liggen er nog steeds enkele uitdagingen op het gebied van ten minste digitale basisvaardigheden en de invoering van geavanceerde technologieën (bv. cloud) door ondernemingen.
Luxemburg onderschrijft ten volle de doelstellingen van de EU voor 2030 voor een digitale transitie, waarbij mensen centraal staan in de digitalisering van onze samenleving in de EU. Het land presteert al goed op veel van de KPI’s en heeft de nationale streefcijfers voor 2030 afgestemd op de EU-streefcijfers. De afgelopen jaren is er meer aandacht geweest voor digitale kwesties en het toenemende politieke belang daarvan, wat heeft geleid tot de ontwikkeling en uitvoering van verschillende initiatieven om de digitale prestaties van het land te verbeteren. Luxemburg heeft al op zeer brede schaal een gigabitinfrastructuur uitgerold en heeft een zeer groot aantal werkzame ICT-specialisten. Ook biedt het land zowel burgers als bedrijven een groot aantal online overheidsdiensten, waaronder een elektronisch patiëntendossier voor iedereen. De beschikbaarheid van elektronische medische gegevens ligt echter nog altijd op een laag niveau. In Luxemburg staat cyberbeveiliging momenteel centraal in de strategie voor technologische ontwikkeling en er wordt gewerkt aan een nationale datastrategie. Wat de digitale intensiteit van kmo’s op ten minste basisniveau betreft, zijn de resultaten in 2023 nog ver verwijderd van het EU-streefcijfer voor 2030, ondanks een positieve dynamiek.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 11 is 88 % van de respondenten in Luxemburg van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Luxemburg werkt op EU-niveau zeer actief samen met andere landen. Luxemburg is lid van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE, het Europeum-EDIC voor blockchaindiensten en het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), die allemaal reeds zijn opgericht. Luxemburg werkt aan de statuten en andere documenten voor het mogelijke toekomstige EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens en het mogelijke toekomstige EDIC voor geconnecteerde overheidsdiensten (Impacts EDIC). Luxemburg heeft aangeboden het mogelijke toekomstige EDIC voor het Genome-initiatief te huisvesten. Het land neemt ook deel aan meerlandenprojecten, waaronder het IPCEI inzake cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI-CIS), met zeven indirecte partners, EuroHPC en Potential 12 .
In het Luxemburgse herstel- en veerkrachtplan wordt 29,6 % van de totale begroting toegewezen aan de digitale transitie (24,5 miljoen EUR) 13 , met een hoge prioriteit voor de modernisering van de overheidsdiensten door middel van digitalisering en de digitalisering van kmo’s. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 6,8 miljoen EUR (18 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 14 .
|
Luxemburg |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
LU |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
93,3 % |
94,7 % |
1,5 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
76,2 % |
78,9 % |
3,5 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
93,2 % |
99,6 % |
6,9 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
8 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
53,9 % |
57,8 % |
3,6 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
29,0 % |
32,6 % |
6,0 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
13,0 % |
14,4 % |
5,2 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
32,4 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
52,0 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
2 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
63,8 % |
60,1 % |
-2,9 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
7,7 % |
8,0 % |
3,9 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
94,8 |
94,8 |
0,0 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
96,7 |
96,7 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
67,2 |
76,1 |
13,3 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Luxemburg aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan van Luxemburg bevat een vrij gedetailleerd actieplan met twaalf streefcijfers en trajecten, waaruit de bereidheid blijkt om bij te dragen aan de gemeenschappelijke doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de EU. In het plan zijn de meeste nationale streefcijfers en trajecten voor 2030 te vinden, behalve wat betreft edge nodes en eenhoorns. Alle gepresenteerde streefcijfers zijn in overeenstemming met de EU-streefwaarden.
Het stappenplan is in overeenstemming met de doelstellingen van het digitale decennium, onder meer voor beleid en maatregelen op het gebied van inclusie, veerkracht, cyberbeveiliging, technologische soevereiniteit en duurzaamheid.
De totale begroting van de maatregelen in het nationale stappenplan wordt geraamd op 309,5 miljoen EUR (ongeveer 0,39 % van het bbp). De prioriteiten liggen bij digitale vaardigheden voor iedereen en steun voor nationale en Europese ecosystemen voor start-ups en scale-ups, met als doel het aantal Europese eenhoorns te verhogen. Veel maatregelen zijn ook gericht op de verwezenlijking van de doelstellingen van het digitale decennium, met name op het gebied van cyberbeveiliging, soevereine cloud, digitale innovatie, veiligheid op internet en de toegankelijkheid van onlinediensten.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Luxemburg zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) de mogelijkheid moeten onderzoeken om een streefcijfer en traject voor eenhoorns te geven; ii) een streefcijfer en traject voor edge nodes moeten geven; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten evalueren en versterken, indien dit in dit stadium nodig wordt geacht, die bijdragen aan de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, zoals digitale vaardigheden voor iedereen, kmo’s met digitale intensiteit op basisniveau; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen, ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Luxemburgse burgers van digitale rechten hebben. Ondanks een daling met 8 procentpunten ten opzichte van vorig jaar is 56 % van de Luxemburgers van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, wat nog steeds boven het EU-gemiddelde van 45 % ligt. Het vertrouwen in digitale privacy is 66 %, wat hoger is dan het EU-gemiddelde van 51 %. De bezorgdheid over de controle over de digitale nalatenschap (28 %) en de veiligheid voor kinderen op internet (40 %) is toegenomen, met respectievelijk 10 en 2 punten. Positief is dat 90 % van de respondenten digitale technologieën als zeer belangrijk ziet om toegang tot online overheidsdiensten te krijgen en om contacten te onderhouden met vrienden en familie, wat significant boven het EU-gemiddelde van 83 % ligt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 15 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Voor zijn technologisch leiderschapspositie en concurrentievermogen kan Luxemburg vertrouwen op een sterke connectiviteitsinfrastructuur met een zeer hoog niveau van VHCN- en 5G-dekking. Luxemburg ligt op koers om de EU-streefcijfers voor 2030 voor VHCN en 5G te halen en monitort nauwlettend of de witte gebieden tegen 2030 kunnen worden bestreken. Wat kmo’s met digitale intensiteit op basisniveau (57,8 %) betreft, presteert Luxemburg grotendeels op EU-niveau (57,7 %). De recente jaarlijkse vooruitgang is wellicht niet voldoende om het EU-streefcijfer van 90 % te halen, hoewel in het stappenplan voor de komende jaren verschillende maatregelen zijn opgenomen. Voor, met name kleine, bedrijven is Luxemburg van plan de invoering van geavanceerde technologieën te vergemakkelijken door minder technische kennis te verlangen en de financiële belemmeringen voor bedrijven om geavanceerde technologieën zoals cloud, AI en gegevensanalyse te gebruiken, te verminderen. Luxemburg richt zich ook op cyberbeveiliging en het opzetten van een soevereine nationale cloud om bedrijven, met inbegrip van kmo’s, in het land maximale beveiliging te verschaffen en garanties te bieden om binnen de data-economie verder te groeien.
|
Aanbevelingen – Luxemburg zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN: ernaar moeten streven het streefcijfer voor 2030 te halen door waar nodig verdere maatregelen te nemen om minder gedigitaliseerde kmo’s ervan te overtuigen mee te doen met de digitale transitie om hun groei te stimuleren; -CLOUD/AI/GEGEVENSANALYSE: i) moeten nadenken over verdere bewustmakingsmaatregelen en/of opleiding gericht op kmo’s om AI en gegevensanalyse te leren toepassen als middel om het concurrentievermogen te stimuleren; ii) de brede toepassing van de volgende generatie cloudinfrastructuur en clouddiensten die in het kader van het IPCEI-CIS door bedrijven van elke omvang worden ontwikkeld, moeten ondersteunen, onder meer door samen met de directe deelnemers een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen die verder reikt dan de deelnemende organisaties. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Luxemburg kan bogen op een hoog percentage werkzame ICT-specialisten (8,0 %). Bovendien beschikte 60,1 % van de Luxemburgse bevolking in 2023 over digitale vaardigheden op ten minste basisniveau, wat boven het EU-gemiddelde (55,6 %) ligt. De recente jaarlijkse vooruitgang verloopt echter traag, hoewel het voor Luxemburg een prioriteit is om mensen met digitale vaardigheden uit te rusten en digitale inclusie te bevorderen. Er zijn ook specifieke maatregelen genomen om mensen, met name jongeren, in staat te stellen op een veilige en verantwoorde wijze van digitale technologieën gebruik te maken. Luxemburg is een koploper op het gebied van gedigitaliseerde overheidsdiensten voor burgers (94,8) en bedrijven (96,7), en behaalt scores die dicht bij het EU-streefcijfer voor 2030 liggen. Het beschikt al over een nationaal eID-stelsel waartoe burgers toegang hebben. De nationale Europese portemonnee voor digitale identiteit is momenteel in ontwikkeling en zal naar verwachting in 2024 operationeel zijn. Luxemburg behaalde in 2023 een algemene maturiteitsscore voor e-gezondheid van 76,1, wat onder het EU-gemiddelde van 79,1 ligt. Hoewel alle burgers in Luxemburg standaard over een elektronisch patiëntendossier beschikken, blijft de hoeveelheid toegankelijke gezondheidsgegevens beperkt.
|
Aanbevelingen – Luxemburg zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: de strategie moeten versterken om de digitale basisvaardigheden van de bevolking te ontwikkelen; -E-GEZONDHEID: i) de verschillende soorten gegevens van elektronische recepten en afgifte van medicijnen via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld; iii) de authenticatiemethode voor het inloggen bij de onlinetoegangsdienst moeten verbeteren door gebruik te maken van een aangemelde eID; iv) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
In het nationale stappenplan van Luxemburg worden enkele maatregelen genoemd die in overeenstemming zijn met de algemene doelstellingen inzake energie-efficiëntie van de digitale sector. Ook wordt in het plan ingegaan op het gebruik van digitale technologieën voor energie-efficiëntie en duurzaamheid van producten en processen. Er wordt voorzien in een verlaging van de energiekosten, in overeenstemming met de brede e-governance-strategie van Luxemburg, waarbij de “GovCloud” wordt ondergebracht in datacentra die qua energieverbruik en koeling zeer efficiënt zijn. De uitrol van slimme meters is in 2016 van start gegaan en zal binnenkort worden voltooid.
|
Aanbevelingen – Luxemburg zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Malta
1 Samenvatting
Malta levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Malta aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van de connectiviteitsinfrastructuur, en met name als het gaat om de uitrol van -glasvezelnetwerken (FTTP) en het gebruik van artificiële intelligentie (AI) en de cloud door bedrijven. FTTP-netwerken moeten echter nog in het hele land volledig worden uitgerold en er liggen nog steeds uitdagingen op het gebied van digitale basisvaardigheden en het dichten van de kloof wat ICT-specialisten betreft.
Digitalisering is een prioriteit van de Maltese autoriteiten. Malta Diġitali is de belangrijkste strategie voor de periode 2022-2027. Het land presteert op verschillende gebieden zeer goed, met name op het gebied van digitale infrastructuur, waar het reeds de beoogde VHCN- en 5G-dekking heeft bereikt, en digitale overheidsdiensten, die al volledig toegankelijk zijn voor burgers en bedrijven. Bovendien is de strategische aanpak van Malta mensgericht, waarbij rekening wordt gehouden met de uiteenlopende digitale behoeften in de samenleving, het bedrijfsleven en de overheid.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 16 is 80 % van de respondenten in Malta van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt, wat boven het EU-gemiddelde (73 %) ligt.
Malta doet als waarnemend land mee aan het reeds opgerichte Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT EDIC) 17 .
In het herstel- en veerkrachtplan van Malta wordt 26,2 % uitgetrokken voor digitalisering (68 miljoen EUR)
18
, met maatregelen op het gebied van digitale vaardigheden, digitalisering van ondernemingen en van de overheidssector. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 129 miljoen EUR (17 % van de totale financiering voor het cohesiebeleid van het land) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
19
.
|
Malta |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
MT |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
100,0 % |
100,0 % |
0,0 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
56,2 % |
69,6 % |
23,8 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
100,0 % |
100,0 % |
0,0 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
21 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
72,8 % |
76,5 % |
2,5 % |
57,7 % |
2,6 % |
85 % |
90 % |
|
Cloud |
47,5 % |
58,2 % |
10,7 % |
38,9 % |
7,0 % |
80 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
10,2 % |
13,2 % |
13,8 % |
8,0 % |
2,6 % |
27,2 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
35,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
51,1 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
68,3 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
3 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
61,2 % |
63,0 % |
1,5 % |
55,6 % |
1,5 % |
75 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
5,0 % |
4,7 % |
-6,0 % |
4,8 % |
4,3 % |
8 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
100,0 |
100,0 |
0,0 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
97,2 |
100,0 |
2,9 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
77,6 |
88,0 |
13,4 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Malta aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is zeer significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan is over het algemeen in overeenstemming met de inspanningen die nodig zijn voor alle dimensies van digitalisering. Het Maltese stappenplan omvat 66 maatregelen met een totale begroting van 214,65 miljoen EUR (1,5 % van het bbp) die de meeste streefcijfers bestrijken. In totaal zijn drie streefcijfers (namelijk voor VHCN, 5G en digitale overheidsdiensten voor burgers) al gehaald, terwijl vijf andere doelstellingen in overeenstemming zijn met de EU-doelstellingen voor 2030. Volgens het stappenplan van het land liggen drie nationale streefcijfers (digitale basisvaardigheden, het aantal ICT-specialisten en kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit) echter iets onder de EU-streefcijfers. Dit lijkt verband te houden met het ramingsalgoritme dat wordt gebruikt om historische waarden te vertalen naar waarden voor 2030. De trajecten voor edge nodes, e-gezondheid en eenhoorns ontbreken. Hoewel het stappenplan bijna alle doelstellingen van het digitale decennium bestrijkt, vereisen sommige aspecten wellicht meer actie. Zo komen met name groene en digitale activiteiten onvoldoende aan bod.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Malta zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject voor edge nodes en eenhoorns moeten voorstellen en het traject voor FTTP en e-gezondheid moeten formaliseren; ii) het ambitieniveau van de streefcijfers voor digitale vaardigheden, ICT-specialisten en kmo’s met digitale intensiteit van ten minste basisniveau op de overeenkomstige EU-doelstellingen moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, met name wat betreft digitale vaardigheden, ICT-specialisten en digitalisering van ondernemingen; ii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren, waarbij de aandacht wordt gevestigd op EU-bronnen, zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) verslag moeten uitbrengen over de belangrijkste overheidssteunmaatregelen of initiatieven uit de private sector die in het land zullen worden uitgevoerd en die bijdragen tot de doelstelling om de impact van de digitale transformatie op de groene transitie te beoordelen en te monitoren; iv) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. -RAADPLEGING: verslag over de raadpleging van belanghebbenden over het stappenplan moeten uitbrengen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Maltese burgers van digitale rechten hebben. Ondanks een aanzienlijke daling met 16 procentpunten is 49 % van de respondenten van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt; dit ligt iets boven het EU-gemiddelde van 45 %. Het vertrouwen in digitale privacy is 56 %, wat ook hoger is dan het EU-gemiddelde van 51 %. De bezorgdheid neemt wel significant toe: 55 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 24 punten, en 36 % maakt zich zorgen over de controle over persoonsgegevens, een stijging van 16 punten. Positief is dat 86 % van de respondenten digitale technologieën als zeer belangrijk ziet, bijvoorbeeld om contacten te onderhouden met vrienden en familie, wat boven het EU-gemiddelde van 83 % ligt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 20 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Malta kan bogen op een goede infrastructuur en een goede toepassing van technologieën door bedrijven. Malta heeft reeds een dekking van 100 % voor VHCN en 5G bereikt, respectievelijk in 2020 en 2022. De 5G-dekking in de 3,4-3,8 GHz-banden blijft echter laag, namelijk 24,7 % tegenover 50,6 % op EU-niveau. Bovendien beschikt Malta, voor zover bekend, momenteel niet over plannen voor de uitrol van edge nodes, ondanks de sterke positionering op het gebied van de digitale infrastructuur.
De indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen (de basisintensiteit van kmo’s en het gebruik van gegevensanalyse, AI en cloud) geven allemaal waarden weer die op of boven het EU-gemiddelde liggen. Het ecosysteem van kmo’s is zeer dynamisch: 66,1 % van de kmo’s had in 2023 ten minste een basisniveau van digitale intensiteit. Op het gebied van cloudcomputing, AI en gegevensanalyse hebben verschillende entiteiten maatregelen genomen om de invoering van technologie te vergemakkelijken, waardoor Malta op bijna alle gebieden ruim boven het EU-gemiddelde scoort. In 2023 waren er drie eenhoorns in Malta, terwijl het land zich blijft richten op de ontwikkeling van een flexibel ecosysteem dat de oprichting van start-ups bevordert.
Malta maakt deel uit van het Europese ecosysteem voor halfgeleiders en is gespecialiseerd in back-endverpakkingsactiviteiten die voornamelijk gericht zijn op de automobiel- en de telecommunicatiesector. Ook is het land betrokken bij belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s). Wat kwantumtechnologieën betreft, is het land actief betrokken bij QuantERA, een Europees netwerk van overheidsorganisaties die kwantumgerelateerde onderzoeks- en innovatieprojecten financieren.
|
Aanbevelingen – Malta zou: |
|
-DIGITALISERING VAN ONDERNEMINGEN EN AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) door moeten gaan met de uitvoering van beleid op het gebied van de digitalisering van ondernemingen. Malta zou met name de toegang tot veilige en soevereine geavanceerde digitale technologieën en oplossingen verder moeten vergemakkelijken en investeringen in digitaal onderzoek en innovatie moeten aanmoedigen; ii) meer bekendheid moeten geven aan de voordelen van digitale technologieën en de deelname aan bestaande financieringsregelingen moeten verhogen, met name onder de vele micro-, kleine en middelgrote familiebedrijven waaruit de Maltese economie bestaat; iii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Digitale vaardigheden blijven van cruciaal belang om ervoor te zorgen dat Maltese burgers toegang hebben tot en gebruikmaken van de beschikbare digitale infrastructuur om de streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De afgelopen jaren zijn verschillende initiatieven genomen om mensen ertoe aan te zetten digitale vaardigheden op ten minste basisniveau te verwerven en om het aantal mensen dat werkzaam is in de ICT te vergroten. In 2023 scoorde Malta nog steeds boven het EU-gemiddelde: 63 % van de bevolking beschikte over digitale basisvaardigheden, tegenover een EU-gemiddelde van 55,6 %. Het aandeel werkzame ICT-specialisten blijft echter stagneren (4,7 % tegenover het EU-gemiddelde van 4,8 %) en is nog steeds laag in vergelijking met de vraag. Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd. Het tekort aan digitale vaardigheden wordt gedeeltelijk aangepakt door de nationale strategie voor e-vaardigheden 2022-2025 van Malta. Deze strategie biedt een kader voor de evaluatie van bestaande initiatieven en de invoering van nieuwe initiatievenen heeft tot doel het bevorderen van digitale vaardigheden en -instrumenten op basis- en meer dan basisniveau die tot meer werkgelegenheid kunnen leiden.
Malta loopt voorop op het gebied van belangrijke digitale overheidsdiensten en presteert zeer goed als het gaat om de implementatie van elektronische patiëntendossiers en het verlenen van toegang daartoe.
|
Aanbevelingen – Malta zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: mensen moeten blijven aanmoedigen om opleidingen op het gebied van digitale vaardigheden te volgen door daar meer bekendheid aan te geven en de toegang te vergemakkelijken, met bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen; -ICT-SPECIALISTEN: door moeten gaan met de prognoses over vaardigheden, zou het de samenwerking met de industrie en het maatschappelijk middenveld moeten verbeteren om het onderwijs- en opleidingsaanbod regelmatig te evalueren en aan de behoeften van de arbeidsmarkt aan te passen, en vrouwen moeten aanmoedigen om ICT-specialist te worden; -E-GEZONDHEID: burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen; het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Langzaam maar zeker verbindt Malta de digitale en groene transitie met elkaar. Dat geldt vooral voor ondernemingen die betrokken zijn bij directe buitenlandse investeringen en zij inspireren binnenlandse ondernemingen om dezelfde weg in te slaan. Het ministerie van Milieu, Energie en Vernieuwing van de Grand Harbour heeft de strategie voor duurzame ontwikkeling van Malta voor 2050 gepresenteerd en voor openbare raadpleging opengesteld. De strategie is een ambitieus document dat de visie voor de duurzame ontwikkeling van Malta voor 2050 vertaalt in strategisch beleid voor de bescherming van het milieu en de sociaaleconomische ontwikkeling van de Maltese eilanden.
|
Aanbevelingen – Malta zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Nederland
1 Samenvatting
Nederland levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Nederland aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de uitrol van het glasvezelnetwerk en op het gebied van digitale basisvaardigheden, met name wat betreft het versterken van de kennis over digitalisering en digitale instrumenten. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het dichten van de kloof op het gebied van ICT-specialisten en ook moet sterk worden ingezet op de toepassing van geavanceerde technologieën, zoals artificiële intelligentie (AI) en de cloud, door een groter aantal bedrijven.
Digitalisering wordt in Nederland gezien als een kans om te groeien en om concurrerender en veerkrachtiger te worden. In de strategieën, zoals de strategie digitale economie en de werkagenda waardengedreven digitaliseren , wordt ingegaan op prioriteiten zoals digitale vaardigheden en kennis, een hoogwaardige digitale infrastructuur en technologische innovatie, maar ook op digitaal vertrouwen, inclusiviteit, transparantie en cyberbeveiliging. Andere opmerkelijke strategieën zijn onder meer de nationale technologiestrategie , ter bevordering van technologische soevereiniteit, en de Nederlandse cybersecuritystrategie die versterkte maatregelen tegen cyberdreigingen bevat.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 21 is 83 % van de Nederlandse bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Dit is een van de hoogste scores in de EU en ligt aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 73 %.
Nederland is betrokken bij verschillende Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s). In het bijzonder zal naar verwachting het mogelijke toekomstige EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens in dit land worden gevestigd en zullen Nederland en Frankrijk de potentiële gastlanden worden van het mogelijke toekomstige EDIC voor digitale commons. Het land is lid van het EDIC voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), een van de eerste EDIC’s die ooit zijn opgericht. Deze EDIC probeert het gebrek aan Europese taalgegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen te verhelpen. Nederland werkt ook aan de statuten en andere relevante documenten van het mogelijke toekomstige EDIC voor de academie voor vaardigheden op het gebied van cyberbeveiliging en het mogelijke toekomstige EDIC voor het Genome-initiatief, beide in het kader van informele werkgroepen. Tot slot is Nederland bezig met de afronding van de onderhandelingen voor het lidmaatschap van het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE 22 (reeds opgericht ).
In het Nederlandse herstel- en veerkrachtplan wordt 26 % van de financiering besteed aan de digitale transformatie (ongeveer 1,2 miljard EUR)
23
. Er wordt prioriteit gegeven aan investeringen in innovatieve digitale technologieën, met name kwantumtechnologie en AI, de ontwikkeling van digitale vaardigheden op verschillende niveaus van het onderwijsstelsel en de toegenomen digitalisering van overheidsdiensten. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 200 miljoen EUR (11 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land
24
.
|
Nederland |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
NL |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
97,8 % |
98,3 % |
0,5 % |
78,8 % |
7,4 % |
99,6 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
63,4 % |
77,7 % |
22,6 % |
64,0 % |
13,5 % |
99,6 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
100,0 % |
100,0 % |
0,0 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
27 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
75,3 % |
78,6 % |
2,2 % |
57,7 % |
2,6 % |
88,2 % |
90 % |
|
Cloud |
60,2 % |
57,4 % |
-2,4 % |
38,9 % |
7,0 % |
82 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
13,1 % |
13,4 % |
1,1 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
48,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
40 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
70,9 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
Eenhoorns |
30 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
78,9 % |
82,7 % |
2,4 % |
55,6 % |
1,5 % |
x |
80 % |
|
ICT-specialisten |
7,2 % |
6,9 % |
-4,2 % |
4,8 % |
4,3 % |
9,2 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
84,6 |
85,9 |
1,5 % |
79,4 |
3,1 % |
x |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
89,4 |
86,7 |
-3,1 % |
85,4 |
2,0 % |
x |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
69,4 |
72,5 |
4,5 % |
79,1 |
10,6 % |
x |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Nederland aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van enige ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het Nederlandse stappenplan is samenhangend, maar bevat slechts een deel van de maatregelen die nodig zijn om de streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. Het omvat doelstellingen voor 2030 voor negen KPI’s, maar enkele cruciale streefcijfers en trajecten, zoals voor edge nodes, eenhoorns, digitale basisvaardigheden, digitale overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven, en toegang tot elektronische patiëntendossiers, ontbreken.
De meeste nationale streefcijfers zijn in overeenstemming met de EU-streefcijfers voor 2030, terwijl de cijfers voor het gebruik van gegevensanalyse door ondernemingen en het aantal werkzame ICT-specialisten onder dat niveau blijven. Nederland geeft verscheidene malen aan dat het zich ten volle wil inzetten voor de verwezenlijking van de EU-streefcijfers voor 2030 en beoogt deze in de toekomstige herziening van het stappenplan op te nemen. Het stappenplan bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, namelijk digitaal burgerschap, bevordering van technologisch leiderschap en soevereiniteit en bijdragen aan de groene transitie.
Het bevat 55 maatregelen, met een totale begroting geraamd op 5,4 miljard EUR (ongeveer 0,5 % van het bbp), hoewel voor veel van de maatregelen geen begroting is vermeld en bij andere maatregelen alleen ramingen worden gegeven. De prioriteiten liggen bij de digitalisering van belangrijke overheidsdiensten, halfgeleiders en kwantumtechnologieën. Er zijn enkele alomvattende inspanningen geleverd, met name met betrekking tot ICT-specialisten, en ook gerichtere inspanningen voor de digitalisering van ondernemingen, maar er kan nog meer worden gedaan. Voor sommige onderdelen van het plan, zoals die over het creëren van synergieën tussen de digitale en de groene transitie, zou het goed zijn explicietere informatie over de geplande acties en de verwachte resultaten te verschaffen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Nederland zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) een streefcijfer en traject moeten voorstellen voor edge nodes, eenhoorns, ten minste digitale basisvaardigheden, digitalisering van overheidsdiensten en toegang tot elektronische patiëntendossiers; ii) het ambitieniveau van de streefcijfers voor VHCN’s, kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, het gebruik van gegevensanalyse door bedrijven en ICT-specialisten op de bijbehorende EU-streefcijfers moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de streefcijfers die het moeilijkst te halen zijn, met name wat betreft ICT-specialisten en digitalisering van kmo’s; ii) de begrotingsbeschrijving van alle gepresenteerde maatregelen moeten evalueren, waarbij de aandacht wordt gevestigd op EU-bronnen, zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; iii) concreter moeten nadenken over acties en de uitvoering van bepaalde maatregelen, met name in verband met de doelstellingen van het digitale decennium, en de verwachte resultaten daarvan; iv) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: aanvullende details over de raadpleging van belanghebbenden over het stappenplan moeten verstrekken. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Nederlandse burgers van digitale rechten hebben. Ondanks een daling met 12 procentpunten is 45 % van de Nederlandse respondenten van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, wat overeenkomt met het EU-gemiddelde. Het vertrouwen in digitale privacy ligt op 54 %, wat hoger is dan het EU-gemiddelde van 51 %. De bezorgdheid neemt wel significant toe: 63 % maakt zich zorgen over de veiligheid van kinderen op internet, een stijging van 10 punten, en 58 % maakt zich zorgen over de eigen digitale nalatenschap, een stijging van 8 punten. Positief is het hoge aandeel respondenten dat digitale technologieën als zeer belangrijk ziet om toegang tot online overheidsdiensten te krijgen (91 %) en om contacten te onderhouden met vrienden en familie (87 %), die beide significant boven het EU-gemiddelde van 83 % liggen. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 25 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Nederland maakt gebruik van zijn sterke digitale infrastructuur, kennisbasis en onderzoeksgemeenschap om technologisch leiderschap en een uitstekende concurrentiepositie te realiseren. Er is echter nog ruimte om het investeringsniveau in onderzoek en ontwikkeling (O&O) te verbeteren, belangrijke digitale technologieën toe te passen en een gunstig klimaat voor techbedrijven en start-ups te scheppen. Er is duidelijk vooruitgang geboekt, zoals blijkt uit het feit dat Nederland in 2022 het streefcijfer voor de gigabitconnectiviteit en een 5G-dekking van 100 % heeft bereikt, al zijn er op het gebied van snelle breedbandabonnementen en industriële 5G-ontwikkeling meer inspanningen nodig. Wat snel breedband betreft, heeft in Nederland slechts 4,13 % van de vaste breedbandabonnementen een snelheid van meer dan 1 Gbps, wat ver onder het EU-gemiddelde van 18,5 % ligt. Wat industrieel 5G betreft, is de recente start van de veiling van frequenties op de 3,6 GHz-band voor 5G een positieve ontwikkeling; de uitrol daarvan is van essentieel belang om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken waarvoor een grote spectrumbandbreedte nodig is.
Hoewel de indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen over het algemeen boven het EU-gemiddelde liggen, en 78,6 % van de kmo’s aangeeft ten minste een basisniveau van digitale intensiteit te hebben, benadrukt de Nederlandse regering dat er meer publieke en private middelen nodig zijn om succesvolle digitale technologieën zoals AI-toepassingen op te schalen en om wat betreft de invoering van digitale technologie de EU-niveaus te overtreffen, in overeenstemming met de ambities van Nederland. Initiatieven als Quantum Delta NL en PhotonDelta zullen cruciaal blijven voor het concurrentievoordeel van het land op lange termijn. Op het gebied van digitale soevereiniteit heeft Nederland het voortouw genomen bij het analyseren van risico’s op het gebied van digitale technologie, het in kaart brengen van kritieke technologieën met een hoge prioriteit en het vastleggen van innovatie- en industriebeleid. Op het gebied van cyberbeveiliging richt Nederland zich op het vergroten van het cyberbewustzijn, cybervaardigheden en het wereldwijd handhaven van democratische rechten en mensenrechten.
|
Aanbevelingen – Nederland zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve B2B- en B2C-toepassingen moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten blijven ondersteunen, met bijzondere aandacht voor het opschalen van succesvolle AI-innovaties en het verbeteren van de toegang tot financiering, gegevens en computerinfrastructuur. ii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen; bij moeten dragen aan de verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud; specifieke maatregelen moeten overwegen voor de uitrol van edge nodes, in aanvulling op de deelname aan het IPCEI-CIS; -KWANTUMCOMPUTING/HALFGELEIDERS: de overheidsfinanciering moeten voortzetten en private investeringen moeten stimuleren om het concurrentievoordeel op het gebied van halfgeleiders en kwantumtechnologieën te benutten, met behoud van een goed ondernemingsklimaat voor digitale innovatie op lange termijn. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Nederland heeft een sterk gedigitaliseerde economie en samenleving en zet zich, met goede resultaten, in voor het waarborgen van digitale inclusie voor zijn bevolking en werknemers, het versterken van de kennis over digitalisering en het weerbaarder maken van de samenleving tegen desinformatie. Er kan echter meer worden gedaan om de problemen met het invullen van ICT-vacatures aan te pakken. Dankzij de inspanningen om de digitale vaardigheden te verbeteren zijn de EU-streefcijfers overtroffen: 82,7 % van de bevolking beschikt over ten minste digitale basisvaardigheden, de hoogste score in de EU. Verdere initiatieven op nationaal niveau, zoals de integratie van digitale geletterdheid in het schoolcurriculum, kunnen het vaardigheidsniveau verhogen en Nederland helpen een nog ambitieuzer streefcijfer te bereiken. Wat ICT-specialisten betreft, heeft de regering haar vlaggenschipinitiatief, het actieplan groene en digitale banen, verder ontwikkeld en tegelijkertijd geïnvesteerd in partnerschappen om de opleiding, omscholing en bijscholing van ICT’ers te versnellen. Hoewel ICT-specialisten 6,9 % van de Nederlandse beroepsbevolking uitmaken en daarmee het EU-gemiddelde van 4,8 % overtreffen, moet er nog hard worden gewerkt om aan de vraag vanuit de markt te voldoen en voor een sterke beschikbaarheid van talent te zorgen. De digitalisering van overheidsdiensten en de ontwikkeling van eID liggen over het algemeen op schema. Wel moet Nederland zich blijven richten op het voorkomen van toekomstige stagnatie in de digitalisering van diensten voor bedrijven, waar het momenteel 86,7 uit 100 scoort, en op het verbeteren van de beschikbaarheid online van een diverser aanbod aan medische gegevens voor burgers. Met een algehele hoge score (85,9 uit 100) voor digitale overheidsdiensten voor burgers en met veel geplande maatregelen streeft Nederland ernaar de interoperabiliteit, proactiviteit en toegankelijkheid van deze diensten te verbeteren.
|
Aanbevelingen – Nederland zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: maatregelen moeten invoeren om de nationale plannen ter bevordering van digitale vaardigheden en bewustzijn op scholen te helpen concretiseren, in aanvulling op de huidige inspanningen op lokaal en regionaal niveau, om digitale inclusie te waarborgen; -ICT-SPECIALISTEN: de uitvoering van bestaande maatregelen en partnerschappen om ICT-specialisten, waaronder vrouwen, bij te scholen en te behouden, nauwkeurig moeten monitoren; stimuleringsregelingen moeten ontwerpen om de STEM-vakken aantrekkelijker te maken, met name voor meisjes, en om meer jongeren voor ICT-gerelateerde opleidingen of loopbanen te interesseren; de samenwerking tussen het bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en overheidsdiensten verder moeten versterken, om de koppeling tussen beroepsonderwijs en de vraag vanuit de arbeidsmarkt te verbeteren; -E-GEZONDHEID: meer soorten gezondheidsgegevens via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken en het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Nederland erkent dat de duurzaamheid in de ICT-sector moet worden verbeterd, waarbij de nadruk ligt op het coördineren van overheidsmaatregelen om het energieverbruik van ICT-apparatuur en -infrastructuur zoals datacentra te verminderen. Er liggen onder meer uitdagingen bij het verstrekken van instrumenten, informatie over de kosten van duurzame keuzes en betrouwbare maatstaven om het effect te meten. Een interdepartementale commissie boekt vooruitgang bij het opstellen van een nationaal actieplan dat de digitale en de groene transitie met elkaar verbindt.
|
Aanbevelingen – Nederland zou: |
|
-door moeten gaan met de ontwikkeling van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie, onder meer door relevante proefprojecten te ondersteunen. Ten eerste zou het de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten blijven bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Polen
1 Samenvatting
Polen heeft ruimte om zijn prestaties te verbeteren en kan zo bijdragen aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die concurrentievermogen, veerkracht, soevereiniteit, Europese waarden en klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Polen aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van gigabitconnectiviteit en de digitalisering van kmo’s. Wel liggen er nog steeds uitdagingen op het gebied van digitale vaardigheden en de invoering van geavanceerde technologieën (zoals AI en gegevensanalyse) door bedrijven.
Er worden veel middelen uitgetrokken om de connectiviteit te verbeteren, het gebruik van digitale technologieën door ondernemingen te versterken en digitale overheidsdiensten te ontwikkelen die het concurrentievermogen van de Poolse economie moeten vergroten en het gebruik van digitale technologie door de hele samenleving moeten stimuleren. Polen zal ook investeren in de productie van halfgeleiders en deelnemen aan projecten voor de bouw van kwantumcomputers.
De Poolse bevolking erkent het belang van digitalisering: volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 26 is 81 % van de Poolse bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Dit is een van de hoogste scores in de EU en ligt aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 73 %.
Polen is lid van het Europees consortium voor digitale infrastructuur voor de alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC) en heeft een aanvraag ingediend om toe te treden tot het EDIC voor een Europees blockchainpartnerschap en voor blockchaindiensten (Europeum EDIC). Ook neemt Polen deel aan belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang inzake cloudinfrastructuur en -diensten van de volgende generatie (IPCEI-CIS) en inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën (IPCEI-ME/CT) 27 .
In het Poolse herstel- en veerkrachtplan wordt 21 % besteed aan digitaal beleid (7,4 miljard EUR) 28 , waarbij het grootste deel van de investeringen gaat naar de uitrol van breedband, het verbeteren van digitale vaardigheden, de digitalisering van overheidsdiensten en naar e-gezondheid en cyberbeveiliging. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 5,7 miljard EUR (8 % van de totale financiering van het land vanuit het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 29 .
|
Polen |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
PL |
EU |
|
Dekking vast netwerk met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
70,7 % |
81,1 % |
14,6 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
59,5 % |
75,4 % |
26,7 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
– |
|
Totale 5G-dekking |
63,4 % |
71,9 % |
13,4 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
44 |
1 186 |
370 |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
39,8 % |
50,0 % |
12,1 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
19,2 % |
46,5 % |
55,6 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
2,9 % |
3,7 % |
13,0 % |
8,0 % |
2,6 % |
10 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
19,3 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
35 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
51,8 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
11 |
263 |
20 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
42,9 % |
44,3 % |
1,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
3,7 % |
4,3 % |
16,2 % |
4,8 % |
4,3 % |
6 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
59,9 |
63,7 |
6,4 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
72,7 |
72,9 |
0,2 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
86,4 |
90,0 |
4,2 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Polen aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De formele goedkeuring van het stappenplan op nationaal niveau, die van cruciaal belang is voor het land om zich volledig voor deze ambities in te zetten, is echter nog niet rond.
Het ontwerp-stappenplan van Polen 30 is ambitieus en samenhangend, maar er zijn enkele zwakke punten op het gebied van digitale competenties en digitalisering van ondernemingen. Het omvat trajecten en streefcijfers op nationaal niveau voor alle KPI’s, behalve voor VHCN’s. 31 De nationale streefcijfers zijn grotendeels afgestemd op de EU-streefcijfers voor 2030, behalve de cijfers voor ICT-specialisten, het gebruik van gegevensanalyse en het gebruik van AI, die lager zijn.
Het stappenplan brengt de belangrijkste uitdagingen voor Polen in kaart en bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium, met een hoog ambitieniveau op het gebied van soevereiniteit en concurrentievermogen, integratie van nieuwe technologieën, inclusieve overheidsdiensten en cyberbeveiliging. Andere dimensies, zoals het versterken van digitale competenties en de groene transitie, zouden verder kunnen worden ontwikkeld. Het bevat ook een algemene presentatie van de verwachte effecten.
Het stappenplan bevat 52 maatregelen waarvan de totale begroting wordt geraamd op 12,4 miljard EUR (ongeveer 1,6 % van het bbp), met prioriteiten op het gebied van gigabitconnectiviteit, digitalisering van ondernemingen, halfgeleiders en e-gezondheid. Sommige aspecten vereisen meer actie, met name op het gebied van digitale basisvaardigheden en ICT-specialisten en het gebruik van geavanceerde technologieën, zoals AI en gegevensanalyse, door ondernemingen.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Polen zou bij het indienen van de aangepaste versie van het nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit over het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: moeten overwegen het ambitieniveau van de streefcijfers voor het aantal ICT-specialisten en voor het gebruik van AI en gegevensanalyse door ondernemingen op de EU-streefcijfers af te stemmen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen moeten versterken die bijdragen tot de doelstellingen die het moeilijkst te halen zijn, met name op het gebied van digitale vaardigheden; ii) de beschrijving van maatregelen inzake de digitalisering van ondernemingen en connectiviteit moeten herzien om hun bijdrage aan specifieke KPI’s te verduidelijken; iii) informatie moeten verstrekken over relevante maatregelen op regionaal niveau, ook over regionale operationele programma’s die uit het cohesiebeleid worden gefinancierd; iv) informatie verstrekken over de geraamde investeringskloof, voor zover deze niet beschikbaar was (d.w.z. over digitale vaardigheden, ICT-specialisten, halfgeleiders, edge nodes, de uitvoering van belangrijke digitale online-overheidsdiensten, e-gezondheid en eID); v) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
De Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Poolse burgers van digitale rechten hebben. Van de Polen is 66 % van mening dat de EU hun digitale rechten goed beschermt, wat aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 45 % ligt. Het vertrouwen in digitale privacy is 68 %, wat hoger is dan het EU-gemiddelde van 51 %. Ondanks de toenemende bezorgdheid in de hele EU over de veiligheid voor kinderen op internet (een stijging van 10 punten) en over de controle over persoonsgegevens (een stijging van 5 punten), blijft respectievelijk 59 % en 64 % van de Polen vertrouwen houden. Positieve trends zijn onder meer dat digitale technologieën zeer belangrijk worden geacht voor het onderhouden van contacten met vrienden en familie (82 %) en voor de toegang tot overheidsdiensten (82 %); deze beide cijfers liggen rond het EU-gemiddelde van 83 %. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 32 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om het concurrentievermogen te vergroten, moet Polen een volledige dekking van gigabitconnectiviteit bereiken en de digitalisering van ondernemingen stimuleren. Het land moet er ook voor zorgen dat bij de uitrol van het 5G-netwerk niet langer vertraging optreedt.
Polen lijkt op schema te liggen om tegen 2030 een VHCN-dekking van 100 % te bereiken, hoewel de laatste fasen van de uitrol wellicht moeilijker te verwezenlijken zijn. De ontwikkeling van 5G is laat, voornamelijk als gevolg van de vertraagde toelating van de 5G-pioniersbanden; tot dusver is alleen de 3,4-3,8 GHz-band toegewezen. Als gevolg daarvan moet industrieel 5G nog worden ontwikkeld. Bovendien moet het Europees wetboek voor elektronische communicatie (Richtlijn (EU) 2018/1972) nog in nationaal recht worden omgezet, waarmee Polen het laatste land in de EU is dat zijn kader voor elektronische communicatie nog niet heeft aangepast.
Uit alle KPI’s voor de digitalisering van ondernemingen, met uitzondering van het gebruik van clouddiensten, blijkt dat de prestaties van Polen onder het EU-gemiddelde liggen. Poolse start-ups hebben een zeer groot groeipotentieel, maar het bijbehorende ecosysteem moet zijn belofte nog waarmaken. Met twintig eenhoorns komt het streefcijfer van Polen voor 2030 overeen met de doelstelling om het aantal te verdubbelen, maar dat lijkt een bescheiden ambitie gezien het innovatiepotentieel van het land.
Om bij te dragen aan de soevereiniteit van de EU streeft Polen ernaar: i) zijn aandeel in de mondiale waardeketens voor de productie van micro-elektronica te verhogen tot 0,5 % in 2030 (momenteel is dat minimaal); ii) tegen 2030 370 edge nodes uit te rollen; en iii) tegen 2025 één kwantumcomputer te huisvesten.
De huidige nationale cyberbeveiligingsstrategie werd in 2019 vastgesteld. Aangezien de strategie een periode van vijf jaar bestrijkt, moet deze wellicht dit jaar worden gewijzigd of vervangen, terwijl de NIS2-richtlijn nog moet worden omgezet.
|
Aanbevelingen – Polen zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) verder moeten gaan met de toewijzing van de resterende 5G-pioniersbanden; ii) het Europees wetboek voor elektronische communicatie in nationaal recht moeten omzetten; iii) de maatregelen inzake de uitrol van 5G moeten versterken, ook naast de belangrijkste vervoerscorridors; iv) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de mix van maatregelen ter ondersteuning van de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten evalueren (met bijzondere aandacht voor AI en gegevensanalyse); ii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud. |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Om te zorgen voor een inclusieve digitale transformatie, moet Polen vaart maken om de digitale vaardigheden van de bevolking te verbeteren en het aandeel ICT-specialisten van de beroepsbevolking te vergroten, veel meer dan in voorgaande jaren.
Het aandeel van de Poolse bevolking met ten minste digitale basisvaardigheden ligt onder het EU-gemiddelde; om tegen 2030 het streefcijfer van 80 % van de bevolking met ten minste digitale basisvaardigheden te halen, zou het groeitempo tot dat jaar vijf keer zo hoog moeten zijn als het gemiddelde van de afgelopen jaren. Ook voor ICT-specialisten ligt de waarde voor 2023 onder het EU-gemiddelde, maar Polen is niet van plan het EU-streefcijfer (van 10 %) te evenaren en stelt in plaats daarvan een nationaal streefcijfer voor van 6 %. Toch lijken de in het ontwerp-stappenplan aangekondigde maatregelen niet voldoende te zijn om de verwachte toename tegen 2030 te bereiken.
Polen heeft vooruitgang geboekt met het stelsel voor elektronische identificatie, waarbij in 2023 één aanmelding bij de Europese Commissie is ingediend en een andere in voorbereiding is. Van de Polen gebruikte 36,5 % een eID om toegang te krijgen tot overheidsdiensten in Polen (EU-gemiddelde: 36,1 %), een goed resultaat dat hoogstwaarschijnlijk verband houdt met het wijdverbreide gebruik van de applicatie mObywatel en eID-middelen – het persoonlijke profiel (profil osobisty) dat op de identiteitskaart beschikbaar is. Polen scoort lager dan het EU-gemiddelde wat betreft de beschikbaarheid online van overheidsdiensten voor burgers en voor bedrijven en het gebruik van e-overheid in de afgelopen twaalf maanden. Dankzij het gemiddelde groeitempo en de inspanningen om de beschikbare diensten te verbeteren of nieuwe diensten aan te bieden, moet Polen echter in staat zijn de kloof tegen 2030 te dichten. De score van Polen voor onlinetoegang tot elektronische patiëntendossiers is veel hoger dan voor de hele EU en uit zijn acties op dit gebied blijkt dat de streefscore van 100 binnen bereik ligt.
|
Aanbevelingen – Polen zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: maatregelen in het stappenplan moeten opnemen om de basisvaardigheden van de jongere bevolking te versterken (bv. acties ter verbetering van digitale apparatuur in scholen, kwalificaties van ICT-leerkrachten, wijzigingen in programma’s om STEM-vakken aantrekkelijker te maken); -ICT-SPECIALISTEN: maatregelen moeten nemen om het aantal ICT-specialisten te verhogen (bv. betere zichtbaarheid en toegankelijkheid van opleidings- en omscholingsmogelijkheden; stimuleringsregelingen om nieuwe ICT-specialisten aan te trekken/te behouden) en ICT-studies en -loopbanen voor vrouwen en meisjes te bevorderen; -OVERHEIDSDIENSTEN: moeten zorgen voor een gecoördineerde uitvoering van overheidsdiensten en werken aan de integratie van openbare registers, met het oog op de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel; -E-GEZONDHEID: i) de verschillende soorten gegevens van huidige gezondheidsklachten en medische beelden via de onlinetoegangsdienst voor burgers beschikbaar moeten maken; ii) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Poolse overheden en bedrijven overwegen energie- en hulpbronnenefficiënte digitale infrastructuur en technologieën in hun dagelijkse activiteiten en investeringen toe te passen, met name als er sprake is van EU-middelen. Deze overweging lijkt echter voornamelijk te zijn ingegeven door de noodzaak om regelgeving na te leven of de kosten te verlagen. Er is geen systeem om de digitale effecten op het milieu te monitoren, noch is er sprake van een alomvattende reflectie over de kansen die worden geboden door synergieën tussen groene en digitale technologieën.
|
Aanbevelingen – Polen zou: |
|
-overwegingen over de gevolgen voor het milieu, met inbegrip van potentiële synergieën, in de strategische reflectie over het nationale digitaliseringsbeleid moeten integreren en een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek zijn gericht op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Op 30 januari 2024 hebben de Poolse autoriteiten een ontwerp-stappenplan gedeeld met de Commissie, dat nog formeel door de Raad van Ministers moet worden goedgekeurd. Op het moment van schrijven heeft deze formele goedkeuring nog niet plaatsgevonden. Daarom is dit verslag gebaseerd op het ontwerp van januari, dat enigszins kan afwijken van het definitieve stappenplan dat momenteel de goedkeuringsprocedure doorloopt.
Het bevat echter wel een traject voor FTTP, met een streefcijfer van 100 % tegen 2030, wat betekent dat het streefcijfer voor VHCN’s tegen die tijd ook zal zijn bereikt.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie, “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen (SWD(2024) 260, https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325), bijlage 4.
EUROPESE COMMISSIE
Brussel, 2.7.2024
COM(2024) 260 final
BIJLAGE
bij de
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s
Staat van het digitale decennium 2024
Bijlage 3: Korte verslagen van de lidstaten van de EU-27
Staat van het digitale decennium 2024
Portugal
1 Samenvatting
Portugal heeft nog onbenut potentieel om bij te dragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering waarmee het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie worden bevorderd.
In 2023 heeft Portugal aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van e-gezondheid en de uitrol van 5G-netwerken, onder meer in de band van 3,4-3,8 GHz. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het verbeteren van de digitale basis- en geavanceerde vaardigheden bij de gehele bevolking.
Digitalisering is een prioriteit van de Portugese autoriteiten, waarbij de nadruk ligt op betrouwbare online-overheidsdiensten, de ontwikkeling van digitale vaardigheden en het benutten van het digitale potentieel van ondernemingen. Portugal benut de beschikbare EU-middelen om zijn economie en samenleving te transformeren en is bezig strategieën te ontwerpen die verband houden met nieuwe technologieën, onder meer met betrekking tot cyberbeveiliging, AI en geavanceerde computertoepassingen. De werkzaamheden in dit verband worden vergemakkelijkt door een uitstekende digitale infrastructuur. Ondanks deze inspanningen wijzen sommige indicatoren met betrekking tot de algemene bevolking en het bedrijfsleven er echter op dat ingrijpendere maatregelen nodig zijn.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 1 is 74 % van de Portugese bevolking van mening dat de digitalisering van dagelijkse openbare en particuliere diensten hun leven gemakkelijker maakt (iets boven het EU-gemiddelde van 73 %).
Portugal is lid van het reeds opgerichte consortium voor digitale infrastructuur voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (LDT CitiVerse EDIC) en van het Europeum-EDIC. Portugal neemt samen met andere lidstaten deel aan de voorbereidingen voor mogelijke toekomstige EDIC’s: het EDIC voor de EU-academie voor cyberbeveiligingsvaardigheden, het EDIC van de EUCAIM en het EDIC voor het Genome-initiatief 2 .
In het Portugese herstel- en veerkrachtplan wordt 4,5 miljard EUR (21 % van de totale toegewezen middelen)
3
uitgetrokken voor de digitale transformatie, waarbij prioriteit wordt gegeven aan digitale kwalificaties en vaardigheden en de digitale transformatie van bedrijven. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 2,4 miljard EUR (11 % van de totale financiering voor het cohesiebeleid) toegewezen aan de digitale transformatie in Portugal
4
.
|
Portugal |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
PT |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
93,0 % |
94,2 % |
1,2 % |
78,8 % |
7,4 % |
x |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
90,8 % |
92,3 % |
1,7 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
– |
|
Totale 5G-dekking |
70,1 % |
98,1 % |
40,0 % |
89,3 % |
9,8 % |
x |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
19 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
48,6 % |
53,6 % |
5,0 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
28,1 % |
32,3 % |
7,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
x |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
7,2 % |
7,9 % |
4,7 % |
8,0 % |
2,6 % |
x |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
38,6 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
x |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
54,4 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
Eenhoorns |
1 |
263 |
2 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
55,3 % |
56,0 % |
0,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,3 % |
4,5 % |
4,7 % |
4,8 % |
4,3 % |
7 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
77,8 |
81,5 |
4,8 % |
79,4 |
3,1 % |
x |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
81,9 |
81,9 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
x |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
62,7 |
86,0 |
37,2 % |
79,1 |
10,6 % |
x |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Portugal aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het nationale stappenplan, geeft blijk van enige ambitie. Op basis van dit document kan echter worden geconstateerd dat het land van plan is beperkte inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De formele goedkeuring van het stappenplan op nationaal niveau, die van cruciaal belang is om zich volledig voor deze ambities te kunnen inzetten, is nog niet rond.
Het stappenplan van Portugal bevat slechts een deel van de maatregelen die voor alle dimensies van de digitalisering nodig zijn. Het stappenplan bevat slechts enkele van de verwachte nationale streefcijfers, namelijk die met betrekking tot digitale vaardigheden, het minimale basisniveau van digitale intensiteit voor kmo’s, eenhoorns en een gecombineerd streefcijfer voor de invoering van AI, cloud of gegevensanalyse, waardoor er zeker ruimte is voor meer ambitie. Het stappenplan bevat geen trajecten, wat het moeilijk maakt het tempo van de uitvoering te beoordelen. De nationale streefcijfers voor 2030 komen overeen met het ambitieniveau van de EU, behalve voor ICT-specialisten. De totale begroting voor de maatregelen bedraagt 854 miljoen EUR (0,3 % van het bbp). Hoewel met de voorgestelde maatregelen een aantal van de meest dringende problemen worden aangepakt, zoals het ontoereikende niveau van digitale basisvaardigheden, het gebrek aan ICT-specialisten en de beperkte digitalisering van bedrijven, zijn er meer inspanningen nodig om de nationale streefcijfers te halen. Met het oog op de samenwerking waarin het programma voorziet, blijft een alomvattend stappenplan ook van cruciaal belang op gebieden waar het land goed presteert, zoals connectiviteit.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Portugal zou bij het indienen van de aangepaste versie van zijn nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) streefcijfers en trajecten moeten voorstellen met betrekking tot VHCN-, glasvezel- en 5G-dekking, edge nodes, cloudcomputing, AI en gegevensanalyse (afzonderlijk, niet gecombineerd), de toegankelijkheid van belangrijke overheidsdiensten voor burgers en bedrijven en de toegang tot elektronische patiëntendossiers, alsook trajecten voor digitale basisvaardigheden, ICT-specialisten, de digitale intensiteit van kmo’s en eenhoorns, met een correcte uitgangswaarde; ii) het ambitieniveau van het streefcijfer voor ICT-specialisten op het streefcijfer van de EU moeten afstemmen; iii) moeten overwegen nationale streefdoelen voor technologisch leiderschap, concurrentievermogen en veerkracht vast te stellen ter ondersteuning van de EU-brede streefcijfers voor halfgeleiders en kwantumtechnologie; -MAATREGELEN: i) het stappenplan moeten aanvullen met maatregelen betreffende connectiviteit; ii) de maatregelen die bijdragen tot de doelstellingen inzake vaardigheden en digitalisering van ondernemingen moeten herzien, en moeten overwegen aanvullende maatregelen te nemen om het aantal ICT-specialisten en het basisniveau van de digitale intensiteit van ondernemingen te verhogen; iii) de begrotingstoelichting voor alle voorgestelde maatregelen moeten herzien, waarbij aandacht moet worden besteed aan zowel nationale als EU-bronnen; iv) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; v) in voorkomend geval, maatregelen moeten opnemen die via andere kanalen in het stappenplan worden gemeld; -RAADPLEGING: de voornaamste belanghebbenden moeten raadplegen, zoals uiteengezet in het beleidsprogramma voor het digitale decennium, alvorens een aanpassing aan de nationale routekaart voor te stellen. |
Digitale rechten en beginselen
Uit de Eurobarometer over het digitale decennium blijkt dat 43 % van de Portugese respondenten van mening is dat de EU hun digitale rechten beschermt, iets onder het EU-gemiddelde van 45 %. Het vertrouwen in digitale privacy bedraagt 48 %, wat ook lager is dan het EU-gemiddelde. De bezorgdheid is aanzienlijk toegenomen: 60 % maakt zich zorgen over de onlineveiligheid van kinderen, een stijging van 20 procentpunten ten opzichte van 2023, en 52 % over de controle over hun persoonsgegevens, een stijging met 15 procentpunten ten opzichte van 2023. Ondanks deze bezorgdheid vindt 78 % digitale technologieën belangrijk voor de toegang tot overheidsdiensten en 83 % voor contact met vrienden en familie, wat overeenkomt met het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 5 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Portugal beschikt over uitstekende infrastructuur die zijn technologische leiderschap en concurrentievermogen kunnen ondersteunen, en de uitrol van digitale technologieën verloopt voorspoedig. Toch zou het de digitalisering van bedrijven nog altijd meer kunnen stimuleren. Wat infrastructuur betreft, ligt Portugal op schema om een dekking van 100 % voor gigabitconnectiviteit (VHCN 94,2 % en 92,3 % voor glasvezel) en 5G (98,1 %) te bereiken, veel eerder dan in 2030, het moment waarop de EU-doelstelling bereikt moet zijn. 65,2 % van de Portugese huishoudens heeft 5G-dekking in de band van 3,4 tot 3,8 GHz, wat essentieel is voor geavanceerde toepassingen die een grote spectrumbandbreedte vereisen. Het percentage vaste breedbandabonnementen met een downloadsnelheid van 1 Gbps of meer bedraagt maar echter 9,1 %, wat lager is dan het EU-gemiddelde van 18,5 %. De over het geheel genomen goede uitgangspositie van Portugal is te danken aan overheidsinitiatieven, zoals de recente 5G-veiling en de lopende gigabitaanbesteding, in combinatie met de dynamische aanpak van particuliere exploitanten. Anderzijds wijzen de indicatoren voor de digitalisering van ondernemingen (basisniveau van digitale intensiteit van kmo’s en het gebruik van gegevensanalyse, AI en cloudcomputing) op prestaties die lager liggen dan of gelijk zijn aan het EU-gemiddelde. Kmo’s presteren ondermaats bij de invoering van digitale technologieën, ondanks de ruime financiële steun die wordt geboden door het Portugese herstel- en veerkrachtplan en andere Europese financieringsbronnen, en de visie die in het COMPETE 2030-programma is vastgesteld. Er is evenwel een ambitieuze agenda vastgesteld om de groei van het ecosysteem voor start-ups te bevorderen. Met de recente strategie voor halfgeleiders en de herziening van zijn strategieën en acties op het gebied van geavanceerde computertoepassingen en AI wil Portugal zijn bijdrage aan de technologische veerkracht en soevereiniteit van de EU opvoeren. Een brede maatschappelijke benadering van vaardigheden en capaciteiten op het gebied van cyberbeveiliging draagt ook bij tot deze doelstelling.
|
Aanbevelingen – Portugal zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -HALFGELEIDERS: de inspanningen op het gebied van halfgeleiders moeten voortzetten, onder meer door concrete acties voor te stellen en te streven naar synergieën tussen de nationale strategie en de samenwerking op EU-niveau; -DIGITALISERING VAN KMO’S EN EENHOORNS: i) de bestaande maatregelen moeten versterken gelet op de ambitieuze doelstelling voor het basisniveau van de digitale intensiteit van ondernemingen en de noodzaak om de continuïteit van de steun tot 2030 te waarborgen; ii) het Portugese ecosysteem voor start-ups en scale-ups moeten versterken, met name door de beschikbaarheid en doeltreffendheid van de vastgestelde maatregelen te waarborgen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) specifieke maatregelen moeten ontwerpen om het gebruik van cloudcomputing, AI en gegevensanalyse te stimuleren, zoals versterkte samenwerking tussen de publieke en private sector en met wetenschappelijke instellingen om de mogelijkheden van deze technologieën beter af te stemmen op de zakelijke behoeften; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Portugal is goed toegerust om een inclusieve digitale transitie tot stand te brengen, maar het zal aanhoudende inspanningen vergen om het niveau van digitale vaardigheden van de bevolking te blijven verhogen en ICT-specialisten op te leiden. Het aandeel van de bevolking dat ten minste digitale basisvaardigheden heeft, ligt net boven het EU-gemiddelde en heeft de afgelopen jaren slechts een beperkte verbetering laten zien. Het aandeel ICT-specialisten op de arbeidsmarkt is lager dan het EU-gemiddelde; bovendien daalt het aandeel van vrouwen in de beroepsgroep. De afgelopen jaren hebben de Portugese autoriteiten meerdere initiatieven ontplooid om de digitale vaardigheden van de bevolking te verbeteren, ook van de beroepsbevolking; het gaat onder meer om hervormingen en investeringen in het onderwijsstelsel en het aanbieden van andersoortige opleidingsinitiatieven. De streefdoelen van het digitale decennium en de nationale streefdoelen vereisen dat Portugal zijn inspanningen op dit gebied verder opvoert. Het niveau van digitalisering van overheidsdiensten blijft dicht bij het EU-gemiddelde, terwijl de ontwikkelingsgraad op het gebied van e-gezondheid aanzienlijk is verbeterd en nu boven het EU-gemiddelde ligt. Dankzij maatregelen om de digitalisering van de gezondheidszorg, de uitvoering van eID-stelsels en de modernisering van het openbaar bestuur te ondersteunen, ligt Portugal op schema om de EU-brede streefdoelen te halen. Tegelijkertijd zou het meer kunnen doen om de bevolking bewuster te maken van de voordelen van de bestaande oplossingen.
|
Aanbevelingen – Portugal zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: zijn inspanningen op dit gebied moeten opvoeren, onder meer door het gebruik van de huidige maatregelen en de verdere behoeften te evalueren, om het ambitieuze streefcijfer te halen; -ICT-SPECIALISTEN: aanvullende maatregelen moeten nemen om het streefcijfer voor ICT-specialisten, waaronder cyberbeveiligingstalent, te halen, en om ICT-opleidingen en genderevenwicht op dit gebied te bevorderen; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN/eID: door moeten gaan met de ontwikkeling van gebruiksvriendelijke e-overheidsoplossingen en meer inspanningen moeten leveren om het gebruik ervan te bevorderen, met bijzondere aandacht voor elektronische identificatie (eID); -E-GEZONDHEID: de verschillende soorten gegevens van medische beelden en verslagen over ziekenhuisontslag ter beschikking moeten stellen aan burgers via de onlinetoegangsdienst en, voortbouwend op bestaande wettelijke bepalingen, technische functionaliteiten moeten invoeren zodat wettelijke voogden en bevoegde personen namens anderen toegang tot elektronische gezondheidsgegevens kunnen krijgen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Portugal begint belang te hechten aan de verbinding van de digitale en de groene transitie. De Portugese autoriteiten hebben blijk gegeven van een groeiende inzet voor een duurzamere toekomst door digitale maatregelen in te voeren, zoals papierloze facturering of het elektronisch bijhouden van de energie-efficiëntie, om ervoor te zorgen dat het openbaar bestuur, bedrijven en huishoudens hulpbronnenefficiënter worden. Om de ICT-sector milieuvriendelijker te maken, voeren de meeste spelers in de telecommunicatiesector duurzaamheidsrapportages uit, waardoor verbeteringen in de connectiviteitssector voortdurend kunnen worden bijgehouden. Een meer omvattende aanpak op dit gebied kan echter noodzakelijk zijn.
|
Aanbevelingen – Portugal zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s. -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Roemenië
1 Samenvatting
Roemenië heeft ruimte om zijn prestaties te verbeteren en kan zo bijdragen aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering die concurrentievermogen, veerkracht, soevereiniteit, Europese waarden en klimaatactie bevordert.
In 2023 heeft Roemenië aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de digitalisering van overheidsdiensten en kmo’s en vertoonde het opnieuw uitstekende prestaties wat glasvezeldekking betreft. Ondanks de huidige inspanningen liggen er echter nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het verbeteren van de digitale basisvaardigheden bij de gehele bevolking en om de uitrol van 5G-netwerken.
De digitale transformatie heeft de afgelopen jaren in Roemenië aan politiek belang gewonnen en kan momenteel rekenen op aanzienlijke bedragen aan EU-financiering. Roemenië besteedt 21,8 % van zijn totale herstel- en veerkrachtplan aan digitalisering (5,8 miljard EUR) 6 . In het kader van het cohesiebeleid is nog eens 3 miljard EUR (10 % van de totale financiering van het cohesiebeleid voor Roemenië) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 7 . Sommige van de lopende maatregelen leiden al tot verbeteringen in de kernprestatie-indicatoren (KPI’s), maar grootschalige voordelen voor burgers en bedrijven in de vorm van digitaal onderwijs en digitale inclusie, concurrerende en innovatieve bedrijven of betere en transparantere overheidsdiensten laten nog op zich wachten.
Volgens de speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 8 is 59 % van de Roemeense bevolking van mening dat de digitalisering van dagelijkse openbare en particuliere diensten hun leven gemakkelijker maakt. Dit is een van de laagste scores in de EU, ver onder het EU-gemiddelde van 73 %.
Wat de deelname aan Europese consortia voor digitale infrastructuur (EDIC’s) betreft, is Roemenië lid van het Europeum-EDIC (op het gebied van blockchain, reeds opgericht) en neemt het deel aan de werkgroepen die zich bezighouden met de voorbereiding van de statuten en andere relevante documenten van de mogelijke toekomstige EDIC’s voor het Genome-initiatief en geconnecteerde overheidsdiensten (Impacts)
9
.
|
Roemenië |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
RO |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) 10 |
95,6 % |
95,0 % |
-0,6 % |
78,8 % |
7,4 % |
99 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
95,6 % |
95,0 % |
-0,6 % |
64,0 % |
13,5 % |
99 % |
- |
|
Totale 5G-dekking |
26,8 % |
32,8 % |
22,4 % |
89,3 % |
9,8 % |
62 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
5 |
1 186 |
113 |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
22,2 % |
26,8 % |
9,9 % |
57,7 % |
2,6 % |
75 % |
90 % |
|
Cloud |
11,3 % |
15,5 % |
17,1 % |
38,9 % |
7,0 % |
40 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
1,4 % |
1,5 % |
3,5 % |
8,0 % |
2,6 % |
10 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
21,9 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
15 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
28,7 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
x |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
27,8 % |
27,7 % |
-0,2 % |
55,6 % |
1,5 % |
50 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
2,8 % |
2,6 % |
-7,1 % |
4,8 % |
4,3 % |
4 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Nee |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
47,6 |
52,2 |
9,7 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
44,6 |
50,0 |
12,1 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
57,1 |
58,6 |
2,7 % |
79,1 |
10,6 % |
x |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Roemenië aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan , geeft blijk van een hoge ambitie. Op basis van dit document kan worden geconstateerd dat het land van plan is enige inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De formele goedkeuring van het stappenplan op nationaal niveau, die van cruciaal belang is om zich volledig voor deze ambities te kunnen inzetten, is nog niet rond.
Roemenië heeft nationale streefcijfers goedgekeurd voor alle doelstellingen van het digitale decennium voor 2030, met uitzondering van e-gezondheid, kwantumcomputing, edge nodes en halfgeleiders. De streefcijfers voor digitale vaardigheden, de digitalisering van bedrijven en 5G-dekking liggen aanzienlijk onder het niveau van de EU-streefcijfers.
De 97 maatregelen in het stappenplan bouwen grotendeels voort op het Roemeense herstel- en veerkrachtplan en, in beperktere mate, op de hiervoor bestemde financiering van het cohesiebeleid. Uit de begrotingsinformatie in het plan blijkt dat de meeste financieringsinspanningen gericht zijn op de digitalisering van overheidsdiensten (11 maatregelen ter waarde van meer dan 1 miljard EUR) en op het verbeteren van digitale vaardigheden (23 maatregelen ter waarde van meer dan 1 miljard EUR), die worden gezien als belangrijke aanjagers van de digitalisering in Roemenië. Wat de digitalisering van bedrijven betreft, worden de meeste maatregelen in het stappenplan op regionaal niveau genomen via de Europese digitale-innovatiehubs, en deze zullen als zodanig waarschijnlijk niet alle vastgestelde uitdagingen kunnen oppakken. In het stappenplan wordt erkend dat verdere maatregelen nodig zijn om digitale O&O, innovatie en de digitale transformatie van bedrijven te ondersteunen. Er zijn interinstitutionele processen in gang gezet voor de ontwikkeling van beleid op gebieden als halfgeleiders, kwantumtechnologie en, in mindere mate, edge nodes, waarbij deels wordt voortgebouwd op de deelname van Roemenië aan meerlandenprojecten. In algemene zin zou het stappenplan verder kunnen worden uitgewerkt om rekening te houden met de algemene doelstellingen van het beleidsprogramma.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Roemenië zou bij het indienen van de aangepaste versie van zijn nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) streefcijfers en trajecten voor edge nodes en e-gezondheid moeten voorstellen; ii) het streefcijfer voor eenhoorns moeten herzien in overeenstemming met de huidige definitie van de KPI; ii) het ambitieniveau voor 5G, digitale basisvaardigheden, ICT-specialisten, digitalisering van kmo’s en de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten verhogen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen ter ondersteuning van de streefcijfers voor de digitalisering van het bedrijfsleven en de invoering van geavanceerde digitale technologieën moeten evalueren om een bredere aanpak en de verwezenlijking van de doelstellingen van het programma te waarborgen; ii) het institutionele proces om beleid op het gebied van halfgeleiders, edgecomputing en kwantumtechnologie te ontwikkelen, moeten voortzetten; iii) de begrotingstoelichting over de maatregelen die uit de nationale begroting en het cohesiebeleid worden gefinancierd, moeten herzien; iv) de maatregelen moeten indelen naar het streefcijfer en/of de doelstelling waaraan zij bijdragen; v) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: een raadplegingsproces voor het herziene stappenplan moeten organiseren dat belanghebbenden voldoende tijd biedt om te reageren, en hierover uitleg moeten verstrekken in het stappenplan. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer over het digitale decennium 2024 geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Roemeense burgers van digitale rechten hebben. 45 % is van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, wat overeenkomt met het EU-gemiddelde. Het vertrouwen in digitale privacy bedraagt 48 %, iets onder het gemiddelde. Zorgen hebben zij over de onlineveiligheid van kinderen (48 %) en de controle over hun persoonsgegevens (41 %); beide percentages wijzen op een duidelijke toename. Positief is onder meer het belang dat Roemenen hechten aan digitale technologieën voor de toegang tot overheidsdiensten (64 %) en voor het contact met vrienden en familie (71 %). Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 11 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Met een dekking van 95 % van de huishoudens (op één na hoogste in de EU) biedt Roemenië bijna volledige glasvezeldekking voor burgers en bedrijven, ook in plattelandsgebieden, waar de dekking al 92,5 % bedraagt en nog steeds snel verbetert. Het land heeft ook het hoogste gebruik van hogesnelheidsinternet in de EU: 94 % van de internetverbindingen heeft een snelheid van 100 Mbps of meer. Na de recente spectrumtoewijzing en diverse regelgevende maatregelen is de 5G-dekking verbeterd, maar deze blijft nog steeds sterk achter bij het EU-gemiddelde. De resultaten op het gebied van de digitalisering van bedrijven blijven ver achter bij het EU-gemiddelde, hoewel er een positieve dynamiek valt waar te nemen wat het basisniveau van de digitale intensiteit en enkele andere gerelateerde indicatoren betreft, met name e-facturering. Ondanks de inspanningen valt er nog veel te doen om de streefcijfers voor digitalisering van het bedrijfsleven tegen 2030 te halen en het stappenplan volledig uit te voeren, onder meer om het niveau van O&O en innovatie in de ICT-sector te verhogen. In 2023 konden er ook belangrijke ontwikkelingen op het gebied van cyberbeveiliging worden waargenomen, die voor rekening kwamen van zowel particuliere als publieke actoren, waaronder maatregelen om het bewustzijn te vergroten en relevante vaardigheden op te bouwen.
|
|
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) voortbouwend op de huidige positieve trend extra inspanningen moeten leveren om het ambitieniveau voor de 5G-doelstelling te verhogen, met inbegrip van mogelijke steun voor nieuwe gebruiksmogelijkheden en proefprojecten, gezien het belang hiervan voor het toekomstige concurrentievermogen van de EU en Roemenië; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -KMO’s: de maatregelen voor de digitalisering van het bedrijfsleven moeten verbeteren, te beginnen door een uitgebreid overzicht van de beschikbare steunmaatregelen op te stellen en in kaart te brengen waar deze tekortschieten om aan de bestaande behoeften te voldoen, en verder door een goede werking van de EDIH’s te waarborgen; -CLOUD/EDGE: i) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; ii) de uitrol van “edge nodes” moeten overwegen bij het opstellen van investeringsprogramma’s en -strategieën voor AI, de toekomstige uitrol van netwerken en het internet der dingen, aangezien edgecomputing daarvan een belangrijk onderdeel vormt; -EENHOORNS: de maatregelen ter ondersteuning van een innovatieve, O&O-gestuurde ICT-sector moeten uitbreiden, in het kader van de doelstellingen voor het concurrentievermogen en technologisch leiderschap in het stappenplan; -KWANTUMCOMPUTING/HALFGELEIDERS: beleid en verdere maatregelen moeten ontwikkelen om de streefcijfers voor halfgeleiders, kwantumcomputing en edge nodes te halen, gebruikmakend van de groeiende nationale belangstelling en de bestaande activa, alsook van meerlandenprojecten; -CYBERBEVEILIGING: i) het stappenplan moeten uitbreiden om beter rekening te houden met de toenemende belangstelling voor en de activiteiten op het gebied van cyberbeveiliging, en hiervoor duidelijke doelstellingen moeten formuleren; ii) door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Roemenië levert enorme inspanningen om het niveau van de digitale vaardigheden te verhogen, in een context waarin meer dan 72 % van de bevolking nog steeds niet over digitale basisvaardigheden beschikt. De nadruk ligt momenteel op de integratie van digitale vaardigheden op alle niveaus van het formele onderwijs, onder meer door hervorming van de leerplannen, lerarenopleidingen, infrastructuur en leermiddelen. Enkele meer beperkte maatregelen zijn gericht op volwassenen, zoals de omvorming van openbare bibliotheken tot hubs voor digitale vaardigheden, bij- en omscholing van werkende volwassenen en het opleiden van jongeren. Hoewel Roemenië zeer goed blijft presteren wat de opleiding van ICT-specialisten betreft, is het aandeel ICT-specialisten in de beroepsbevolking relatief laag, deels omdat het lastig is te voorkomen dat zij het land verlaten.
De prestaties met betrekking tot de digitalisering van overheidsdiensten blijven ontoereikend, maar voortzetting van het beleid kan de komende jaren leiden tot radicale verbetering van de transparantie, vereenvoudiging en kwaliteit van deze diensten. Van belang in dit verband zijn de inspanningen om belangrijke nationale en regionale diensten te digitaliseren en een overheidscloud en een interoperabiliteitsportaal en -kader op te zetten. Een eID-oplossing, ROeID, bevindt zich in de aanloopfase naar aanmelding. De toegang tot medische dossiers blijft slecht, maar zal mogelijk verbeteren door aanvullende investeringen in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit. Tot slot besteedt Roemenië steeds meer aandacht aan de onlinebescherming van kinderen en aan maatschappelijke problemen als desinformatie en het vertrouwen in onlinediensten.
|
Aanbevelingen – Roemenië zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: i) de maatregelen voor de bij- en omscholing van de beroepsbevolking moeten uitbreiden; ii) de kwaliteit en relevantie van het onderwijs moeten blijven verbeteren door digitale vaardigheden niet alleen als afzonderlijk vak te onderwijzen, maar digitale vaardigheden op alle niveaus in het onderwijs te integreren, en daarbij een vakoverschrijdende aanpak te volgen; -ICT-SPECIALISTEN: aanvullende maatregelen moeten overwegen om ervoor te zorgen dat ICT-specialisten in het land blijven; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen die nodig zijn om de huidige ambitieuze agenda voor de digitalisering van overheidsdiensten uit te voeren, voort te zetten, onder meer door te zorgen voor voldoende financiering, capaciteit op het gebied van projectbeheer en ICT-specialisten, en vergaande coördinatie tussen de verschillende betrokken autoriteiten; -E-GEZONDHEID: de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden en de gegevens over medische hulpmiddelen/implantaten, laboratoriumtests en medische beelden via deze onlinetoegangsdienst aan burgers en aan meer categorieën zorgverleners ter beschikking moeten stellen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Roemenië onderstreept dat zijn grote inspanningen om overheidsdiensten, met name milieudiensten, te digitaliseren, ook aanzienlijke voordelen zullen opleveren op het gebied van klimaatactie. Sinds 2023 wordt digitaal en groen onderwijs als keuzevak aangeboden aan schoolkinderen. Belangrijk is dat er een dynamische schone technologiesector lijkt te ontstaan, die baat heeft bij verschillende steunmaatregelen op nationaal en regionaal niveau.
|
Aanbevelingen – Roemenië zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s. -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Slowakije
1 Samenvatting
Slowakije heeft ruimte om zijn prestaties voor de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de EU te verbeteren, met het oog op een succesvolle digitalisering waarmee digitale vaardigheden, het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie worden bevorderd.
In 2023 heeft Slowakije aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verbeteren van digitale overheidsdiensten voor burgers en bedrijven en het bevorderen van e-gezondheidsinitiatieven. Wel liggen er nog steeds aanzienlijke uitdagingen als het gaat om de uitbreiding van de dekking van gigabitnetwerken en de verbetering van de digitale basisvaardigheden en geavanceerde vaardigheden van de bevolking.
In de recentste hervormingen en regeringsplannen staat digitalisering centraal. Behalve het actieplan voor de digitale transformatie van Slowakije voor de periode 2023-2026, de nationale strategie voor digitale vaardigheden van de Slowaakse Republiek en het actieplan 2023-2026 heeft Slowakije het plan voor slimme steden en regio’s 2023-2026 en de nationale strategie voor innovatie op het gebied van onderzoek en ontwikkeling 2030 gepubliceerd, waarin op alle niveaus vergaande en uitdagende doelstellingen zijn vastgesteld met het oog op verbetering van de kwaliteit van leven. Met uitvoering van deze strategieën moet de digitale transformatie van Slowakije een stimulans krijgen, aangezien deze voor alle kernprestatie-indicatoren (KPI’s) van het digitale decennium nog steeds achterblijft bij het EU-gemiddelde, op één na.
Volgens de Eurobarometer over het digitale decennium 12 is 82 % van de Slowaakse bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Deze score ligt aanzienlijk boven het EU-gemiddelde van 73 %.
Slowakije is lid van het consortium voor digitale infrastructuur voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (EDIC, reeds opgericht) en waarnemer bij de Alliantie voor taaltechnologie (EDIC, reeds opgericht). Slowakije is lid van de werkgroepen voor de oprichting van het Impacts-EDIC, het EDIC voor mobiliteit en logistiek, het EDIC voor het Genome-initiatief en het EDIC voor digital commons 13 , en van werkgroepen die onderzoek doen naar andere mogelijke gebieden waarvoor Europese consortia voor digitale infrastructuur kunnen worden opgezet. Het neemt ook deel aan het belangrijke project van gemeenschappelijk Europees belang inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën (IPCEI-ME/CT).
In het Slowaakse herstel- en veerkrachtplan wordt 20,5 % toegewezen aan digitalisering (1,2 miljard EUR) 14 . Het werd in juli 2023 geactualiseerd om daarin hervormingen en investeringen op te nemen die gericht zijn op de doelstellingen van REPowerEU. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,9 miljard EUR (7 % van de totale financiering van het cohesiebeleid voor Slowakije) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 15 .
|
Slowakije |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
SK |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
71,3 % |
69,1 % |
-3,1 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
66,9 % |
64,2 % |
-4,0 % |
64,0 % |
13,5 % |
x |
- |
|
Totale 5G-dekking |
55,3 % |
79,0 % |
42,8 % |
89,3 % |
9,8 % |
98,5 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
8 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
43,0 % |
42,2 % |
-0,9 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
30,8 % |
30,2 % |
-1,0 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
5,2 % |
7,0 % |
16,0 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
30,2 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
45,8 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
3 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
55,2 % |
51,3 % |
-3,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
70 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,3 % |
4,2 % |
-2,3 % |
4,8 % |
4,3 % |
6 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
67,2 |
72,1 |
7,2 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
77,9 |
79,2 |
1,6 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
42,0 |
66,3 |
57,8 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) Laatste maatregel toegepast in 2021. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Slowakije aan het beleidsprogramma voor het digitale decennium, zoals weergegeven in het nationale stappenplan, geeft blijk van een grote ambitie. Geconstateerd wordt dat het land van plan is aanzienlijke inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het stappenplan van Slowakije, dat in maart 2024 werd gepubliceerd, biedt een uitgebreid overzicht van de strategische digitale koers van het land. Het document geeft inzicht in de stand van zaken en de uitdagingen in verschillende sectoren, alsook in de sterke punten. Het stappenplan bevat met name een groot aantal streefcijfers, waarvan de meeste (negen streefcijfers voor connectiviteit, bedrijven en overheidsdiensten) in overeenstemming zijn met het streefcijfer voor de EU. Ook worden er 113 maatregelen vermeld, waarmee sterk wordt ingezet op digitale vooruitgang, hetgeen wordt onderstreept door een geraamde begroting van 2 270 miljoen EUR (1,8 % van het bbp).
Op sommige gebieden wordt minder in detail ingegaan. Zo worden er geen gedetailleerde maatregelen vermeld voor edge nodes, halfgeleiders en kwantumtechnologieën. Het stappenplan voldoet gedeeltelijk aan de belangrijkste aanbevelingen in het Slowaakse landverslag over het digitale decennium 2023. De nadruk ligt op maatregelen om de toegang tot informatie en de mogelijkheden voor kennisdeling voor bedrijven te verbeteren, onder meer via Europese digitale-innovatiehubs en maatregelen voor de digitalisering van overheidsdiensten. Wat betreft connectiviteit en digitale vaardigheden is er echter meer ambitie nodig.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Slowakije zou bij het indienen van de aangepaste versie van zijn nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) nationale streefwaarden voor glasvezel en edge nodes moeten voorstellen; ii) het VHCN-traject met behulp van de juiste waarden opnieuw moeten berekenen; iii) de mogelijke inspanningen op het gebied van 5G-dekking, digitale basisvaardigheden en ICT-specialisten opnieuw moeten beoordelen; -MAATREGELEN: i) de maatregelen voor de ontwikkeling van digitale vaardigheden en connectiviteit moeten versterken; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen; iii) de geraamde begroting voor alle voorgestelde maatregelen moeten herzien, waarbij de verschillende bronnen duidelijk worden onderscheiden en meer details worden gegeven over EU-fondsen zoals de herstel- en veerkrachtfaciliteit; -RAADPLEGING: aanvullende details over het raadplegingsproces voor het stappenplan moeten verstrekken. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer “Digitaal decennium 2024” geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Slowaakse burgers van digitale rechten hebben. 47 % van de Slowaakse respondenten is van mening dat de EU hun digitale rechten beschermt, een stijging met 5 procentpunten ten opzichte van vorig jaar. Het vertrouwen in digitale privacy is met 5 punten gestegen tot 52 %, wat overeenkomt met het EU-gemiddelde. Zij maken zich vooral zorgen over de onlineveiligheid van kinderen (57 % van de respondenten, een stijging van 8 punten) en over de controle over hun persoonsgegevens (39 %). Een positieve trend is de hoge waarde die zij toekennen aan digitale technologieën voor de toegang tot overheidsdiensten (84 %) en het contact met vrienden en familie (89 %), die beide boven het EU-gemiddelde liggen. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 16 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
69 % van de Slowaakse huishoudens is momenteel aangesloten op een netwerk met zeer hoge capaciteit. Ondanks de toezegging om gelijke toegang tot betaalbare hoogwaardige digitale verbindingen te waarborgen, is het echter nog steeds een uitdaging om iedereen van gigabitdekking te voorzien. Er worden al stappen ondernomen om kansen te creëren door middel van onderzoek, ontwikkeling en innovatie; het aandeel van de ICT-sector in de particuliere O&O-uitgaven blijft met 0,6 % echter relatief laag. Met initiatieven voor samenwerking tussen de wetenschappelijke wereld, het bedrijfsleven en de overheid wordt ernaar gestreefd innovatie te stimuleren en capaciteit te ontwikkelen op gebieden als halfgeleiders en kwantumtechnologie. Verbeteringen van de infrastructuur, zoals het nieuwe internationale optische backbone-netwerk en de ontwikkeling van de Slowaakse kwantumcommunicatie-infrastructuur, dragen bij tot een verdere versterking van de veerkracht van het digitale ecosysteem in Slowakije. Bovendien heeft Slowakije maatregelen genomen om het gebruik van digitale technologieën door bedrijven te bevorderen; momenteel heeft 42 % van de kmo’s ten minste een basisniveau van digitale intensiteit, wat een erkenning vormt van hun rol als aanjager van de economische groei.
|
Aanbevelingen – Slowakije zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) gerichte initiatieven moeten ontwikkelen om de investeringskloof te dichten en te zorgen voor publieke en particuliere financiering voor breedbanddekking en de toepassing daarvan om de vastgestelde uitdagingen op het gebied van gigabit- en 5G-connectiviteit op te pakken, met name in plattelandsgebieden; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -KMO’s: de verspreiding van innovatieve technologieën en oplossingen in de hele economie moeten versnellen om het gebruik van digitale toepassingen en het concurrentievermogen te verbeteren; -HALFGELEIDERS/EDGE NODES/KWANTUMCOMPUTING: naar een grotere betrokkenheid op Europees niveau moeten streven om de toepassing van halfgeleiders, edge nodes en kwantumtechnologieën te bevorderen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) de ontwikkeling, de uitrol en het gebruik hiervan moeten ondersteunen, mede door steun te verlenen voor kapitaalinvesteringen in cloudcomputing, artificiële intelligentie, gegevensanalyse en andere geavanceerde technologieën; ii) het gebruik van de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten door bedrijven van elke omvang moeten stimuleren, onder meer door contacten te leggen met het exploitatiebureau van IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -EENHOORNS: de bestaande maatregelen moeten uitbreiden waarmee de groei van scale-ups en start-ups die innovatie stimuleren en investeren in opkomende technologieën wordt ondersteund. -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Slowakije werkt actief aan een mensgerichte, inclusieve en transparante digitale omgeving, in overeenstemming met de overkoepelende doelstellingen van de EU voor de digitale empowerment van haar burgers. Maatregelen zoals de vaststelling van de wet inzake consumentenbescherming maken burgers mondiger door te zorgen voor een redelijk evenwicht tussen consumentenrechten en -verplichtingen in de digitale omgeving. Deze wetgevingsmaatregelen zijn gericht op de aanpak van nieuwe uitdagingen op digitaal gebied en zijn in overeenstemming met de consumentenwetgeving van de EU. Daarnaast laat de deelname van Slowakije aan het Inhope-netwerk zien dat het land zich duidelijk inzet voor het bevorderen van digitale inclusie en het waarborgen van de onlineveiligheid, met name voor kwetsbare groepen zoals kinderen. De maatregelen van Slowakije hebben echter nog niet geleid tot betere prestaties op het gebied van digitale vaardigheden. Op het gebied van onderwijs moeten de maatregelen op alle niveaus nog worden verbeterd, aangezien de digitale basisvaardigheden in het afgelopen jaar zijn gedaald van 55 % tot 51 %, tot onder het EU-gemiddelde van 55 %, mogelijk als gevolg van de effecten na de COVID-19-pandemie (door een verminderd gebruik van ICT-hulpmiddelen). Bijzondere aandacht moet hierbij worden besteed aan de leeftijdsgroepen van 55-64 jaar (38 %) en 65-74 jaar (19 %). De nationale streefcijfers voor 2030 zijn lager dan de streefcijfers van de EU. Met een nationaal streefcijfer van 70 % voor digitale basisvaardigheden en 6 % voor het aandeel ICT-deskundigen tegen 2030, zijn specifiekere en bredere maatregelen van cruciaal belang om de digitale vaardigheden in Slowakije te versterken, in overeenstemming met de bestaande nationale strategieën.
Het gebruik van elektronische identificatie (eID) blijft beperkt: slechts 8 % van de bevolking gebruikt e-ID voor overheidsdiensten, tegenover een EU-gemiddelde van 36 %. Om dit te verbeteren, heeft Slowakije een project voor het testen en uitrollen van de digitale identiteit gelanceerd, dat tot 2026 loopt en tot doel heeft de toegang tot de digitale identiteit via mobiele apparaten mogelijk te maken. Wat digitale overheidsdiensten betreft, blijven de prestaties van Slowakije op het gebied van diensten die aan burgers en bedrijven worden aangeboden, ondanks een lichte verbetering, achter bij het EU-gemiddelde. Er wordt het nodige gedaan om digitalisering te bevorderen, onder meer door de procedures voor overheidsopdrachten te stroomlijnen, meer mogelijkheden te bieden voor elektronische communicatie met het openbaar bestuur en de toegang tot elektronische patiëntendossiers te verbeteren. Gekeken wordt naar bewustmakingscampagnes en de ontwikkeling van specifieke mobiele applicaties om het gebruik en de toegankelijkheid van e-gezondheidsdiensten te bevorderen, in overeenstemming met de toezegging van Slowakije om met behulp van technologie de gezondheidszorg te verbeteren.
|
|
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: i) de invoering van nieuwe leerplannen op basis- en middelbare scholen moeten versnellen, met degelijke programma’s die gericht zijn op informatica en digitale vaardigheden; ii) een uitgebreid bijscholingsprogramma voor leerkrachten op school moeten uitvoeren om ervoor te zorgen dat alle leerkrachten over toereikende digitale competenties beschikken; -ICT-SPECIALISTEN: de ontwikkeling moeten bevorderen van flexibelere en meer gevarieerde gecertificeerde ICT-opleidingen in het hoger onderwijs, op verschillende niveaus en met verschillende modaliteiten; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de digitale transformatie van overheidsdiensten moeten versterken en het gebruik van elektronische diensten door zowel werknemers als gepensioneerde burgers actief moeten aanmoedigen; -E-GEZONDHEID: i) burgers een mobiele applicatie moeten aanbieden om toegang tot hun elektronische patiëntendossiers te krijgen. Daarbij moet de authenticatiemethode voor het inloggen op de onlinetoegangsdiensten worden verbeterd en volledig aan de toegankelijkheidseisen worden voldaan; ii) de verschillende soorten gegevens van medische beelden via de onlinetoegangsdienst beschikbaar moeten maken voor burgers; iii) de dekking van de onlinetoegangsdienst moeten uitbreiden om ervoor te zorgen dat alle burgers online toegang hebben tot hun elektronische gezondheidsgegevens. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Slowakije kan de mogelijkheden voor groene transformatie nog steeds benutten door de ontwikkeling van groene vaardigheden te bevorderen en de digitale en beroepsmatige competenties te verbeteren, overeenkomstig zijn strategische doelstellingen. Er worden momenteel maatregelen uitgevoerd, zoals de “analyse van de overgang naar groene ICT in het openbaar bestuur”, om het effect van de transitie naar duurzame communicatie-infrastructuur, groene datacentra en energie-efficiënte ICT-diensten te beoordelen. Bij deze initiatieven wordt prioriteit gegeven aan digitale rechten en duurzaamheid door toepassing van de beginselen inzake gegevensbescherming, beveiliging en het ethisch gebruik van technologie, wat bijdraagt tot het bewerkstelligen van ecologische duurzaamheid en digitale inclusie.
|
Aanbevelingen – Slowakije zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s. -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Slovenië
1 Samenvatting
Slovenië benut nog niet alle mogelijkheden die kunnen bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie (EU), met het oog op een succesvolle digitalisering waarmee het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie worden bevorderd.
In 2023 heeft Slovenië aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van e-overheid: het heeft het nationale eID-stelsel aangemeld en een hoog ontwikkelingsniveau bereikt op het gebied van e-gezondheidszorg. Ook is de 5G-dekking verbeterd, met inbegrip van de 3,4-3,8 GHz-band. Ondanks de huidige inspanningen liggen er nog steeds uitdagingen als het gaat om het verbeteren van de digitale basisvaardigheden van de bevolking; ook lopen Sloveense ondernemingen, met name kmo’s, achter bij de invoering van geavanceerde technologieën, zoals gegevensanalyse.
Volgens de speciale Eurobarometer “Digitaal decennium 2024” 17 is 74 % van de Sloveense bevolking van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt (iets meer dan het EU-gemiddelde van 73 %).
Slovenië legt actief de basis voor zijn digitale transformatie door aanvullende strategische richtsnoeren en actieplannen te ontwikkelen, waaronder strategieën inzake halfgeleiders en kwantumtechnologie. De langverwachte strategie voor digitale overheidsdiensten 2030 werd in 2023 gepubliceerd en de deelname van Slovenië aan EDIC’s maakt duidelijk dat het zich inzet voor digitale initiatieven.
Slovenië is lid van verschillende EDIC’s, waaronder de Alliantie voor taaltechnologie (ALT), het EDIC voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE en Europeum (allemaal reeds opgericht). Het werkt ook aan de statuten en andere relevante documenten van het EDIC voor de mogelijke toekomstige EU-academie voor cyberbeveiligingsvaardigheden en neemt in informele werkgroepen deel aan de besprekingen over de oprichting van het mogelijke toekomstige EDIC voor digital commons 18 . Slovenië neemt echter niet deel aan het IPCEI-CIS.
Hoewel er al bepaalde activiteiten hebben plaatsgevonden met het oog op de implementatie, is er nog geen sprake van grootschalige vooruitgang of transformerende effecten.
In het Sloveense herstel- en veerkrachtplan wordt 20 % (0,5 miljard EUR) toegewezen aan digitale beleidsmaatregelen 19 . Er wordt prioriteit gegeven aan de digitalisering van overheidsdiensten en e-gezondheid, alsook aan de deelname aan digitale meerlandenprojecten, bijvoorbeeld op het gebied van cloudcomputing en halfgeleiders. Daarnaast is 9 % (0,3 miljard EUR) van de totale financiering voor het cohesiebeleid in Slovenië bestemd voor digitale transformatie 20 .
|
Slovenië |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
SI |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
75,5 % |
78,5 % |
4,0 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
75,5 % |
78,5 % |
4,0 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
- |
|
Totale 5G-dekking |
63,9 % |
82,1 % |
28,5 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
5 |
1 186 |
200 |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
55,2 % |
50,4 % |
-4,4 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
37,6 % |
36,0 % |
-2,2 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
11,7 % |
11,4 % |
-1,3 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
19,1 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
44,7 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
0 |
263 |
7 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
49,7 % |
46,7 % |
-3,0 % |
55,6 % |
1,5 % |
80 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,5 % |
3,8 % |
-15,6 % |
4,8 % |
4,3 % |
10 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
71,4 |
77,0 |
7,9 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
82,7 |
84,0 |
1,5 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
80,4 |
87,6 |
8,9 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Slovenië aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document wordt geconstateerd dat het land van plan is zeer significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken. De formele goedkeuring van het stappenplan op nationaal niveau, die van cruciaal belang is om zich volledig voor deze ambities te kunnen inzetten, is echter nog niet rond.
Het stappenplan van Slovenië is zeer ambitieus en coherent en bestrijkt alle doelstellingen van het digitale decennium met een brede waaier van 99 maatregelen. De streefcijfers voor de kernprestatie-indicatoren (KPI) voor 2030 zijn afgestemd op die van de EU. In het plan zijn ook aanvullende streefcijfers opgenomen, bijvoorbeeld voor het gebruik van eID. Het bevat ook kwantitatieve ramingen van de wijze waarop het land verwacht bij te dragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen inzake edge nodes en halfgeleiders.
De totale begroting voor de in het stappenplan uiteengezette maatregelen wordt geraamd op 1 miljard EUR (ongeveer 1,7 % van het bbp); de prioriteiten zijn digitale basisvaardigheden, digitale overheidsdiensten, gigabitconnectiviteit en het gebruik van AI/cloudcomputing/gegevensanalyse (met name AI). Er zijn echter uitgebreidere maatregelen nodig om de beperkingen (bv. wat betreft ICT-specialisten) aan te pakken en gerichte initiatieven in gang te zetten (o.a. voor de digitalisering van kmo’s). Daarnaast zou het stappenplan gebaat zijn bij een meer gedetailleerde beschrijving van de geplande strategieën en activiteiten voor halfgeleiders, kwantumtechnologie en AI, met inbegrip van het geplande kenniscentrum.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Naast de horizontale aanbevelingen aan alle lidstaten met betrekking tot hun nationale stappenplannen zou Slovenië moeten overwegen de volgende aanpassingen in zijn stappenplan door te voeren (artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium): -MAATREGELEN: i) het voorstellen van aanvullende maatregelen voor de digitalisering van kmo’s en de invoering van geavanceerde technologieën, met name gegevensanalyse, gecombineerd met bijscholing van de bevolking, waarbij bijzondere aandacht moet worden besteed aan verhoging van het aantal ICT-specialisten en het aandeel vrouwen in ICT, met de nadruk op halfgeleiders, kwantumtechnologie en AI; ii) de begrotingstoelichting herzien om de algehele samenhang te waarborgen en de informatie over de verwachte impact per maatregel aanvullen; iii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke nationale maatregelen daaraan bijdragen. |
Digitale rechten en beginselen
Uit de Eurobarometer over het digitale decennium blijkt dat 46 % van de Slovenen van mening is dat de EU hun digitale rechten beschermt, iets onder het EU-gemiddelde van 47 %. Dit is een daling van 5 procentpunten ten opzichte van vorig jaar. 62 % maakt zich zorgen over de onlineveiligheid van kinderen (een stijging van 11 punten) en 47 % over de controle over hun persoonsgegevens. Daarentegen heeft 62 % vertrouwen in de vrijheid van vergadering online en 57 % in veilige en privacyvriendelijke technologieën; beide percentages liggen boven het EU-gemiddelde. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 21 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Om zijn technologisch leiderschap en concurrentievermogen te ondersteunen, neemt Slovenië aanzienlijke maatregelen voor de ontwikkeling van geavanceerde technologieën. Er zijn echter verdere maatregelen nodig om de digitale transformatie en het gebruik van geavanceerde technologieën bij bedrijven, met name kmo’s, te stimuleren.
Op het gebied van connectiviteit presteert Slovenië vrij goed, met uitzondering van de vaste en mobiele connectiviteit in plattelandsgebieden. Dit hardnekkige probleem, dat gedeeltelijk structureel is (omdat het samenhangt met de topografie), wordt momenteel aangepakt met maatregelen zoals de aanleg van breedbandnetwerken van ten minste 100 Mbps in “witte gebieden”, medegefinancierd door publieke en particuliere belanghebbenden. Verder neemt Slovenië maatregelen om zich voor te bereiden op de volgende generatie elektronische communicatienetwerken, onder meer met de veiling van particuliere 5G-netwerken in maart 2024 en voorbereidingen voor de veiling van spectrumbanden voor communicatienetwerken tussen machines, waaronder het internet der dingen.
Slovenië scoort onder het EU-gemiddelde wat betreft de digitalisering van bedrijven. Ondanks de vergaande digitalisering van grote ondernemingen (inclusief de brede invoering van AI) en de deelname van Slovenië aan initiatieven (ook op EU-niveau) om geavanceerde technologieën te ontwikkelen (d.w.z. cloudcomputing, halfgeleiders, kwantumtechnologie – met de nadruk op onderzoek – en blockchain), blijft de invoering van digitale technologieën een uitdaging. Sloveense kmo’s scoren in de EU het laagst op het gebied van digitale intensiteit, het gebruik van cloudcomputing en gegevensanalyse. Dit wordt aangepakt met maatregelen om het gebruik van geavanceerde technologieën bij grote bedrijven en kmo’s te stimuleren, met ongekende investeringen uit het Fonds voor technologische innovatie (onderdeel van het Sloveense ondernemingsfonds) en structurele verbeteringen van het regelgevingskader, met name wat betreft het inhuren van onderdanen van derde landen (hoewel sommige van deze programma’s momenteel zijn opgeschort). De Europese digitale-innovatiehubs stellen hun diensten ook aan Sloveense kmo’s ter beschikking. Daarnaast neemt Slovenië maatregelen om zijn cyberbeveiliging te verbeteren. Dat doet het via projecten om opleidingen voor cyberbeveiliging en een nationaal coördinatiecentrum voor cyberbeveiliging op te zetten, zij het nog niet op grote schaal.
|
Aanbevelingen – Slovenië zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de maatregelen om de uitdagingen op het gebied van 5G-connectiviteit op te pakken, moeten voortzetten en uitbreiden, met name in plattelandsgebieden; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -HALFGELEIDERS: activiteiten op het gebied van halfgeleiders moeten ondersteunen en moeten zorgen voor een snelle praktische toepassing daarvan; -KMO’s: sneller beleid moeten doorvoeren om het gebruik van digitale technologieën door kmo’s te vergroten, met name door snel en continu maatregelen te nemen om te voorzien in ondersteunende randvoorwaarden, waaronder hoogopgeleide arbeidskrachten, en deze maatregelen te handhaven en aan te vullen, met bijzondere aandacht voor de specifieke kenmerken van sectoren. -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) sneller beleid moeten doorvoeren om de ingebruikname van geavanceerde technologieën te stimuleren en te versnellen, met name door de acties op het gebied van gegevensanalyse te intensiveren en door de voorbereiding en uitvoering van maatregelen op het gebied van AI te versnellen en doelgerichter te maken; ii) de brede toepassing van de volgende generatie cloudinfrastructuur en clouddiensten die in het kader van het IPCEI-CIS door bedrijven van elke omvang worden ontwikkeld, moeten ondersteunen, onder meer door samen met de directe deelnemers een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen die verder reikt dan de deelnemende organisaties; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Slovenië zet zich in voor een inclusieve digitale transformatie, maar er zijn aanzienlijke en voortdurende maatregelen nodig om ervoor te zorgen dat mensen over de nodige digitale vaardigheden beschikken en toegang hebben tot gebruikersvriendelijke digitale overheidsdiensten, alsook om het tekort aan ICT-specialisten aan te pakken en zo het concurrentievermogen te versterken.
De prestaties van het land op het gebied van digitale basisvaardigheden liggen onder het EU-gemiddelde en zijn sinds vorig jaar verder gedaald, mogelijk als gevolg van de effecten na de COVID-19-pandemie (door een verminderd gebruik van ICT-hulpmiddelen). De huidige maatregelen zijn gericht op verschillende groepen (o.a. jongeren, volwassenen en kwetsbare groepen). Slovenië wil ook de problemen met de aanwerving van ICT-specialisten aanpakken door hervorming van de leerplannen in het hoger onderwijs (momenteel gaande) en (een klein aantal) specifieke opleidingsprogramma’s, waaronder initiatieven om het aantal vrouwen in de ICT-sector te vergroten. Via het arbeidsmarktplatform voor de prognose van vaardigheden wordt getracht om inzicht te krijgen in de behoefte aan ICT-specialisten.
Op het gebied van digitale overheidsdiensten, e-gezondheid en eID presteert Slovenië dicht bij het EU-gemiddelde, maar er is wel sprake van een kloof tussen de aangeboden diensten en het gebruik ervan. Een verbetering van de digitale geletterdheid zou deze kloof kunnen helpen dichten, met name omdat behoorlijk veel mensen online-interactie met overheidsinstanties vermijden vanwege een gebrek aan vaardigheden en kennis. Verwacht wordt dat de strategie voor digitale overheidsdiensten 2030 tot de praktische toepassing van die maatregelen zal leiden.
|
Aanbevelingen – Slovenië zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: de inspanningen op het gebied van digitale basisvaardigheden moeten opvoeren, met name door het niveau van deze vaardigheden te verhogen zodat burgers en bedrijven het potentieel van de digitale transformatie ten volle kunnen benutten. Dit kan worden bereikt door middel van een groter en intensiever opleidingsaanbod en door samenwerking tussen publieke en private actoren; -ICT-SPECIALISTEN: de behoeften op de arbeidsmarkt beter in een vroeg stadium in kaart moeten brengen en deze analyse verder moeten aanvullen om een snelle reactie mogelijk te maken, met name op het gebied van digitale bij- en omscholing, de leerplannen voor het (hoger) onderwijs moeten aanpassen aan de recentste digitale behoeften en de genderkloof moeten aanpakken. Door nauwere samenwerking tussen sectoren, (hoger)onderwijsinstellingen, de overheid en belanghebbenden kan de doeltreffendheid van deze acties worden vergroot; -E-GEZONDHEID: de verschillende soorten gegevens van medische beeldverslagen en medische beelden ter beschikking moeten stellen aan burgers via de onlinetoegangsdienst, en moeten voortbouwen op bestaande wettelijke bepalingen en technische oplossingen om ervoor te zorgen dat bevoegde personen namens anderen toegang kunnen krijgen tot elektronische gezondheidsgegevens; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen om overheidsdiensten te digitaliseren, moeten voortzetten. Slovenië zou bijzondere aandacht moeten blijven besteden aan de participatieve ontwikkeling en de gebruiksvriendelijkheid van deze diensten. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Slovenië is begonnen digitale technologieën te gebruiken om de groene transitie te ondersteunen, met bijzondere aandacht voor het verhogen van de energie-efficiëntie. Een voorbeeld hiervan is een proefproject dat door het ministerie van Digitale Transformatie met behulp van het internet der dingen is voorbereid. Het doel van dit project is om gegevens te verzamelen over het energieverbruik in gebouwen die door het ministerie van Openbaar Bestuur worden beheerd. Steunmaatregelen van de overheid op digitaal gebied kunnen inmiddels ook worden gebruikt voor de bevordering van duurzame, circulaire bedrijfsmodellen. Bovendien is Slovenië bezig een groen begrotingskader te ontwikkelen.
|
Aanbevelingen – Slovenië zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s; -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Spanje
1 Samenvatting
Spanje levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie, met het oog op een succesvolle digitalisering waarmee het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie worden bevorderd.
In 2023 heeft Spanje aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het verbeteren van de digitale basisvaardigheden en bij de toepassing van artificiële intelligentie door ondernemingen. Spanje heeft een uitstekende glasvezeldekking en heeft aanzienlijke maatregelen genomen op het gebied van halfgeleiders. Wel liggen er nog steeds belangrijke uitdagingen als het gaat om het percentage benodigde ICT-specialisten en een aantal indicatoren die verband houden met de digitalisering van het bedrijfsleven, waaronder het gebruik van de cloud.
De agenda voor een digitaal Spanje vormt de strategie voor de digitale transformatie van het land. Hierbij wordt beoogd gebruik te maken van nieuwe technologieën om een intensieve economische groei te stimuleren, mensen centraal te stellen en alle geografische gebieden te bereiken. De agenda is opgebouwd rond tien strategische beleidsgebieden en twee horizontale beleidsgebieden, die zijn opgebouwd uit drie dimensies die een afspiegeling vormen van het beleidsprogramma voor het digitale decennium: i) infrastructuur en technologie; ii) economie; en iii) mensen. De agenda werd in 2020 goedgekeurd en in 2022 bijgewerkt, waarbij de naam werd veranderd in “Digitaal Spanje 2026”. Volgens de speciale Eurobarometer “Digitaal Decennium 2024” 22 is 73 % van de Spaanse burgers van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt. Dit percentage komt overeen met het EU-gemiddelde en laat zien dat de Spaanse autoriteiten erin zijn geslaagd de digitale agenda op inclusieve wijze uit te voeren.
Spanje is lid en zetel van het Europees consortium voor digitale infrastructuur (EDIC) voor netwerkgebonden lokale digitale tweelingen naar het CitiVERSE (reeds opgericht). Het heeft zich recentelijk ook aangesloten bij de Alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC), reeds opgericht), die het gebrek aan Europese taalkundige gegevens die nodig zijn voor AI-oplossingen probeert te verhelpen. Spanje werkt in de desbetreffende informele werkgroepen ook aan de statuten en andere relevante documenten voor het mogelijke toekomstige EDIC voor het Genome-initiatief en het EDIC voor mobiliteits- en logistieke gegevens. Daarnaast voert het land binnen de respectieve informele werkgroepen besprekingen over het opzetten van het Europees initiatief voor kankerbeeldvorming (EUCAIM) en het EDIC voor agrovoeding 23 . Wat belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI’s) betreft, neemt Spanje deel aan het IPCEI inzake volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten (IPCEI-CIS) en het IPCEI inzake micro-elektronica en communicatietechnologieën (IPCEI-ME/CT). Daarnaast neemt Spanje met de supercomputer MareNostrum 5 in Barcelona deel aan de Gemeenschappelijke Onderneming Europese high-performance computing (EuroHPC).
In het Spaanse herstel- en veerkrachtplan wordt 26 % van de begroting toegewezen aan maatregelen die betrekking hebben op de digitale ruimte 24 . Het gewijzigde plan, dat in oktober 2023 is geactualiseerd, is sterker gericht op de digitale transitie; 40,4 miljard EUR wordt besteed aan maatregelen ter ondersteuning van digitale doelstellingen (tegenover 19,7 miljard EUR in het oorspronkelijke plan). In het kader van het cohesiebeleid is nog eens 5,7 miljard EUR (16 % van de totale financiering van het cohesiebeleid voor Spanje) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 25 .
|
Spanje |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
ES |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
93,3 % |
96,3 % |
3,2 % |
78,8 % |
7,4 % |
100 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
91,0 % |
95,2 % |
4,6 % |
64,0 % |
13,5 % |
100 % |
- |
|
Totale 5G-dekking |
82,3 % |
92,3 % |
12,1 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
171 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
59,7 % |
60,5 % |
0,7 % |
57,7 % |
2,6 % |
90 % |
90 % |
|
Cloud |
27,0 % |
27,2 % |
0,4 % |
38,9 % |
7,0 % |
75 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
7,7 % |
9,2 % |
9,3 % |
8,0 % |
2,6 % |
75 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
38,0 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
75 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
49,9 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
11 |
263 |
24 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
64,2 % |
66,2 % |
1,6 % |
55,6 % |
1,5 % |
85 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
4,3 % |
4,4 % |
2,3 % |
4,8 % |
4,3 % |
8,6 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
86,2 |
84,2 |
-2,3 % |
79,4 |
3,1 % |
100 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
91,0 |
91,0 |
0,0 % |
85,4 |
2,0 % |
100 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
83,2 |
84,6 |
1,7 % |
79,1 |
10,6 % |
100 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Spanje aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document wordt geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Het Spaanse stappenplan is ambitieus, alomvattend en coherent met de visie dat Spanje een grote bijdrage moet leveren aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het digitale decennium van de EU. Voortbouwend op het stappenplan hebben de Spaanse autoriteiten de afgelopen jaren de weg vrijgemaakt voor de digitale transformatie van de Spaanse economie. Deze visie en inzet zijn in het document terug te zien. Het stappenplan bevat streefcijfers en trajecten voor alle streefdoelen van het digitale decennium, met uitzondering van edge nodes. Over het algemeen zijn de streefcijfers afgestemd op de EU-waarden, met uitzondering van de digitale basisvaardigheden, die het EU-streefcijfer overtreffen, en het cijfer voor ICT-specialisten, dat iets onder het ambitieniveau van de EU ligt. Het stappenplan bevat 67 maatregelen met een totale begroting van 33,75 miljard EUR (ongeveer 2,3 % van het bbp), waarbij de groei van eenhoorns, het innovatieve ecosysteem voor scale-ups en de productie van halfgeleiders de belangrijkste beoogde resultaten zijn.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Spanje zou bij het indienen van de aangepaste versie van zijn nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) streefcijfers voor edge nodes moeten vaststellen en daarvoor trajecten moeten ontwikkelen; ii) zijn streefcijfers voor ICT-specialisten op het ambitieniveau van de EU moeten afstemmen; -MAATREGELEN: i) het stappenplan moeten versterken met aanvullende maatregelen voor ICT-specialisten, de invoering van geavanceerde digitale technologieën en de verwezenlijking van de doelstellingen; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: het stappenplan moeten publiceren om een open debat over en betrokkenheid bij de digitale doelstellingen te stimuleren en naderhand feedback van belanghebbenden te krijgen. |
Digitale rechten en beginselen
Uit de speciale Eurobarometer “Digitaal Decennium 2024” blijkt dat slechts 36 % van de Spanjaarden van mening is dat de EU hun digitale rechten beschermt, een laag cijfer dat 9 procentpunten onder het EU-gemiddelde (45 %) ligt, en dat het wantrouwen sinds vorig jaar met 13 procentpunten is toegenomen. De zorgen onder Spaanse burgers zijn toegenomen: 61 % is bezorgd over de onlineveiligheid van kinderen (+21 punten) en 53 % over de controle over hun persoonsgegevens (+17 punten). Positief is dat 60 % vertrouwen heeft in betaalbaar snel internet en 62 % tevreden is over het niveau van de digitale vaardigheden. Uit deze bevindingen blijkt dat de digitale rechten en beginselen in het stappenplan en de digitale strategieën van Spanje dringend moeten worden versterkt. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 26 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Spanje presteert uitzonderlijk goed op het gebied van connectiviteit: Met een glasvezeldekking van 95,2 % en een 5G-dekking van 92,3 % scoort het land ver boven het EU-gemiddelde en is het streefcijfer binnen handbereik. De productie van halfgeleiders is voor Spanje een prioriteit, die gestalte krijgt in het project PERTE Chip. Hoewel het stappenplan hiervoor geen streefcijfers of trajecten bevat, kan het Spaanse beleid inzake edge nodes als ambitieus worden beschouwd, gezien de publieke en particuliere investeringen en zijn deelname aan het IPCEI-CIS om de uitrol van edge nodes te versnellen. Hetzelfde geldt voor kwantumtechnologie, gezien de deelname van Spanje aan EuroHPC en de presentatie vorig jaar december van het “Quantum Pact” en de supercomputer MareNostrum 5. Het land presteert relatief goed wat het basisniveau van digitale intensiteit van kmo’s betreft (60,5 %), maar toch kampt het nog met uitdagingen, zij het gaandeweg minder, bij de geavanceerde digitalisering van ondernemingen, zoals het gebruik van cloudcomputing, gegevensanalyse en AI. Spanje zet ook in op ondersteuning van het innovatieve ecosysteem voor scale-ups, en op de planning en uitvoering van investeringen ter ondersteuning van innovatieve ondernemingen.
|
Aanbevelingen – Spanje zou: |
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -DIGITALISERING VAN KMO’S/AI, CLOUDCOMPUTING EN GEGEVENSANALYSE: i) de inspanningen voor de digitalisering van ondernemingen moeten voortzetten, met name om de invoering van geavanceerde technologieën te bevorderen; ii) ervoor moeten zorgen dat de volgende generatie cloudinfrastructuur en -diensten die binnen het IPCEI-CIS worden ontwikkeld, op grote schaal wordt benut door bedrijven van elke omvang, onder meer door een landspecifieke verspreidingsstrategie te ontwikkelen (ter aanvulling van hetgeen reeds is toegezegd in het kader van het IPCEI-CIS); bij moeten dragen aan de aanvullende verspreidingsactiviteiten onder leiding van het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud. -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Spanje neemt positieve stappen om mensen zelfredzamer te maken en ervoor te zorgen dat iedereen de kansen van de digitale economie voortdurend kan benutten. Om kloven te overbruggen, moeten digitale technologieën voor iedereen toegankelijk zijn, en dat is waar Spanje naar streeft door middel van alle activiteiten die in zijn nationale plan voor digitale vaardigheden zijn voorzien. Het nationale streefcijfer voor digitale basisvaardigheden van 85 % van de bevolking tegen 2030 ligt boven het ambitieniveau van de EU; ook het huidige niveau ligt al boven het EU-gemiddelde ligt (66,2 % tegen 55,6 %). Niettemin zou kunnen worden overwogen de doelstelling voor het aandeel ICT-specialisten te verhogen, aangezien in het stappenplan een streefcijfer is vastgesteld dat lager ligt dan het verwachte percentage voor de EU. Als het gaat om digitale overheidsdiensten, levert Spanje een positieve bijdrage aan de doelstellingen van het digitale decennium van de EU, zowel wat overheidsdiensten voor burgers (84) als diensten voor bedrijven (91) betreft, waarvan de scores het EU-gemiddelde (respectievelijk 79 en 85) ruimschoots overtreffen.
Het land blijft het Handvest van digitale rechten, dat in 2021 werd goedgekeurd, promoten en is doorgegaan met de oprichting van een waarnemingscentrum voor digitale rechten.
|
Aanbevelingen – Spanje zou: |
|
-ICT-SPECIALISTEN: de inspanningen om tot een groter aantal ICT-specialisten te komen, moeten voortzetten, stimuleringsregelingen moeten ontwerpen om deze aan te trekken en te behouden, en de zichtbaarheid en toegankelijkheid van opleidingen en omscholingscursussen moeten vergroten; -DIGITALE OVERHEIDSDIENSTEN: de inspanningen om overheidsdiensten te digitaliseren en het gebruik ervan te bevorderen, moeten voortzetten; -E-GEZONDHEID: i) de verschillende soorten gegevens van medische hulpmiddelen/implantaten, procedures/operaties en medische beelden via de onlinetoegangsdiensten ter beschikking moeten stellen aan burgers in alle regio’s; ii) het aanbod van gezondheidsgegevens moeten vergroten door meer categorieën zorgverleners toe te laten, met name uit de particuliere sector; iii) moeten voortbouwen op de bestaande wettelijke bepalingen en technische functionaliteiten moeten creëren waarmee bevoegde personen namens anderen toegang kunnen krijgen tot elektronische gezondheidsgegevens. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Spanje maakt gebruik van digitale technologieën om de groene transitie op belangrijke gebieden te bevorderen en voert tegelijkertijd innovatieve programma’s uit om de milieueffecten van energie-intensieve digitale technologieën te verminderen. Met het oog op de ontwikkeling van milieuvriendelijke technologieën op basis van duurzaamheidscriteria is een nationaal plan voor groene algoritmen (PNAV) in gang gezet, dat gepaard gaat met een investering van 257 miljoen EUR uit het NextGenerationEU-fonds.
In algemene zin is Spanje vastbesloten ervoor te zorgen dat alle maatregelen op de agenda voor een digitaal Spanje in overeenstemming zijn met het beginsel dat geen ernstige afbreuk mag worden gedaan aan het milieu. Samen met de toepasselijke klimaat- en milieukeurmerken zorgt dit ervoor dat de digitalisering op duurzame wijze plaatsvindt.
|
Aanbevelingen – Spanje zou: |
|
-door moeten gaan met de ontwikkeling en toepassing van een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie, door gebruik te maken van geavanceerde technologieën, succesvolle initiatieven ter verbetering van de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, op te schalen en door decarbonisatiemaatregelen voor te stellen en het gebruik van groene technologieën te ondersteunen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, verkleinen. -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Staat van het digitale decennium 2024
Zweden
1 Samenvatting
Zweden levert een zeer grote bijdrage aan de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium van de Europese Unie, met het oog op een succesvolle digitalisering waarmee het concurrentievermogen, de veerkracht, de soevereiniteit, de Europese waarden en de klimaatactie worden bevorderd.
In 2023 heeft Zweden aanzienlijke vooruitgang geboekt met de 5G-dekking, onder meer in de 3,4-3,8 GHz-band, en bij de bevordering van eenhoorns. Wel liggen er nog steeds uitdagingen op het gebied van e-gezondheid en het land heeft ook nog werk te doen op het gebied van eID.
Zweden wil wereldwijd toonaangevend zijn op het gebied van digitalisering en blijft daarbij gebruik maken van het toenemende economische gewicht van zijn ICT-sector. Het sterkste punt van Zweden zijn de digitaal geschoolde arbeidskrachten, in combinatie met goed ontwikkelde infrastructuur in het grootste deel van het land. Uit gegevens van Eurostat blijkt dat de ICT-sector in 2019 goed was voor 6,5 % van de economie en in 2020 voor 7,1 %. De durfkapitaalinvesteringen als percentage van het bbp stegen van 7 % in 2020 en 8 % in 2021 tot 9 % in 2022. Dankzij de aanhoudend goede prestaties is Zweden op het gebied van digitale vaardigheden een van de best presterende landen in de EU. Zweden heeft forse stappen gezet bij de uitrol van 5G: het aantal huishoudens met 5G is ten opzichte van het voorgaande jaar gestegen van 21 % tot 90 %. De uitrol van glasvezel wordt met overheidssteun voortgezet. Hoewel er financiering beschikbaar is, met name in het kader van het herstel- en veerkrachtplan, zal het moeilijk worden om gedaan te krijgen dat alle huishoudens tegen 2030 toegang hebben tot een glasvezelnetwerk.
Volgens de Eurobarometer over het digitale decennium 27 is 88 % van de Zweedse bevolking (ruim boven het EU-gemiddelde van 73 %) van mening dat de digitalisering van openbare en particuliere diensten hun dagelijks leven gemakkelijker maakt.
Zweden neemt momenteel aan geen enkel Europees consortium voor digitale infrastructuur (EDIC) deel, maar zou zich daarbij in de toekomst kunnen aansluiten. In dit verband heeft Zweden belangstelling getoond voor de nieuwe Alliantie voor taaltechnologie (ALT-EDIC) 28 .
In het Zweedse herstel- en veerkrachtplan wordt 21 % (674 miljoen EUR) 29 van de financiering bestemd voor digitale doeleinden, het grootste deel om de uitrol van netwerken met zeer hoge capaciteit in plattelandsgebieden te ondersteunen. In het kader van het cohesiebeleid wordt nog eens 0,2 miljard EUR (13 % van de totale financiering van het cohesiebeleid voor Zweden) toegewezen aan de digitale transformatie van het land 30 .
|
Zweden |
EU |
Streefcijfer digitale decennium tegen 2030 |
|||||
|
KPI digitale decennium(1) |
DESI 2023 |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
DESI 2024 (jaar 2023) |
Jaarlijkse vooruitgang |
SE |
EU |
|
Dekking vaste netwerken met zeer hoge capaciteit (VHCN) |
81,6 % |
88,5 % |
8,4 % |
78,8 % |
7,4 % |
98,5 % |
100 % |
|
Glasvezeldekking (FTTP) |
81,5 % |
83,9 % |
2,9 % |
64,0 % |
13,5 % |
98,5 % |
- |
|
Totale 5G-dekking |
20,5 % |
90,3 % |
341,3 % |
89,3 % |
9,8 % |
100 % |
100 % |
|
Halfgeleiders |
n.v.t. |
||||||
|
Edge nodes |
34 |
1 186 |
x |
10 000 |
|||
|
Kmo’s met ten minste een basisniveau van digitale intensiteit |
86,1 % |
79,9 % |
-3,7 % |
57,7 % |
2,6 % |
95 % |
90 % |
|
Cloud |
69,2 % |
66,0 % |
(2) |
38,9 % |
7,0 % |
94 % |
75 % |
|
Artificiële intelligentie |
9,9 % |
10,4 % |
2,5 % |
8,0 % |
2,6 % |
39 % |
75 % |
|
Gegevensanalyse |
n.v.t. |
35,0 % |
n.v.t. |
33,2 % |
n.v.t. |
56 % |
75 % |
|
AI of cloud of gegevensanalyse |
n.v.t. |
73,1 % |
n.v.t. |
54,6 % |
n.v.t. |
75 % |
|
|
Eenhoorns |
36 |
263 |
64 |
500 |
|||
|
Ten minste digitale basisvaardigheden |
66,6 % |
66,4 % |
-0,1 % |
55,6 % |
1,5 % |
89 % |
80 % |
|
ICT-specialisten |
8,6 % |
8,7 % |
1,2 % |
4,8 % |
4,3 % |
12 % |
~10 % |
|
eID-stelsel aangemeld |
Ja |
||||||
|
Digitale overheidsdiensten voor burgers |
88,2 |
93,3 |
5,8 % |
79,4 |
3,1 % |
90 |
100 |
|
Digitale overheidsdiensten voor ondernemingen |
87,9 |
96,0 |
9,2 % |
85,4 |
2,0 % |
90,5 |
100 |
|
Toegang tot elektronische patiëntendossiers |
70,3 |
77,9 |
10,9 % |
79,1 |
10,6 % |
78,5 |
100 |
|
(1) Zie de methodologische toelichting voor de beschrijving van de indicatoren en andere beschrijvende maatstaven. (2) Vanwege methodologische veranderingen kan voor Zweden geen vergelijking met voorgaande jaren worden gemaakt. |
|||||||
Nationaal strategisch stappenplan voor het digitale decennium
De bijdrage van Zweden aan het digitale decennium, zoals weergegeven in het stappenplan, geeft blijk van een zeer hoge ambitie. Op basis van dit document wordt geconstateerd dat het land van plan is significante inspanningen te leveren om de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium te verwezenlijken.
Globaal genomen is het stappenplan in overeenstemming met de inspanningen die voor alle dimensies van digitalisering nodig zijn. Het biedt een goed overzicht van de gebieden waarop Zweden kan bijdragen aan het programma voor het digitale decennium en waar Zweden zijn inspanningen moet opvoeren. Het stappenplan bevat streefcijfers en trajecten voor de meeste KPI’s, maar in het geval van sommige KPI’s, zoals de kernprestatie-indicator inzake toegang tot e-gezondheidsdossiers, zullen de EU-streefcijfers voor 2030 naar verwachting niet worden gehaald. De trajecten zijn gebaseerd op informatie die vóór 1 juni 2023 beschikbaar was. De maatregelen zijn met name gericht op verbetering van de digitale vaardigheden en de digitale infrastructuur; minder maatregelen zijn gericht op de digitalisering van overheidsdiensten. Sommige aspecten vereisen meer actie, zoals het vergroenen van de digitalisering.
|
Aanbevelingen voor het stappenplan |
|
Zweden zou bij het indienen van de aangepaste versie van zijn nationale stappenplan overeenkomstig artikel 8, lid 3, van het besluit betreffende het beleidsprogramma voor het digitale decennium: -STREEFCIJFERS: i) het stappenplan moeten aanvullen met het ontbrekende streefcijfer voor edge nodes; ii) wanneer er meer dan één traject voor een streefdoel wordt opgenomen, moeten aangegeven welk traject het meest waarschijnlijk is; -MAATREGELEN: i) een vollediger overzicht moeten geven van de wijze waarop maatregelen die een breder toepassingsgebied hebben, zoals strategische innovatieprogramma’s of programma’s als Impact Innovation en Business Sweden, de doelstellingen en streefcijfers van het digitale decennium ondersteunen; ii) meer informatie moeten verstrekken over de uitvoering van digitale rechten en beginselen (en de algemene doelstellingen van het digitale decennium), ook over welke maatregelen daaraan bijdragen; -RAADPLEGING: nader moeten toelichten hoe de opmerkingen van belanghebbenden tijdens het raadplegingsproces worden meegenomen. |
Digitale rechten en beginselen
De speciale Eurobarometer “Digitaal decennium 2024” geeft belangrijke inzichten in de perceptie die Zweedse burgers van digitale rechten hebben. Ondanks een daling van 5 procentpunten ten opzichte van vorig jaar, gelooft 50 % van de Zweden nog steeds dat de EU hun digitale rechten doeltreffend beschermt, een percentage dat boven het EU-gemiddelde van 45 % ligt. Wel maken zij zich meer zorgen: in het bijzonder is 74 % bezorgd over de onlineveiligheid van kinderen (+21 procentpunten). Dit is het hoogste percentage in de EU. Bovendien is 59 % bezorgd over de controle die zij hebben over hun digitale nalatenschap; dit is 19 punten hoger dan het EU-gemiddelde. Positief is dat 80 % vertrouwen heeft in de vrijheid van vergadering online (21 punten boven het EU-gemiddelde) en dat 65 % tevreden is met het niveau van digitale vaardigheden in het land. Uit de monitoring van de verklaring over digitale rechten en beginselen blijkt dat er de komende jaren betere resultaten kunnen worden bereikt wanneer op nationaal niveau meer bekendheid aan de verklaring wordt gegeven en de betrokkenheid van belanghebbenden wordt versterkt 31 .
Een concurrerende, soevereine en veerkrachtige EU gebaseerd op technologisch leiderschap
Zweden is actief bezig met de uitrol van connectiviteitsinfrastructuur. Een aanzienlijk deel van de huishoudens heeft al toegang tot netwerken met zeer hoge capaciteit en 5G-netwerken; de kosten voor de aansluiting van een huishouden op het glasvezelnetwerk nemen echter snel toe en de aansluiting van de verst afgelegen huishoudens zal het meeste kosten. 64,5 % van de Zweedse huishoudens, meer dan het EU-gemiddelde (50,6 %), beschikte in 2023 over 5G op de 3,4-3,8 GHz-band, een essentiële band om geavanceerde toepassingen mogelijk te maken die een grote spectrumbandbreedte vereisen.
Zweden heeft een gunstig ondernemingsklimaat voor innovatie met een goede toegang tot financiering, zoals blijkt uit het grote aantal eenhoorns. Ondernemingen in Zweden maken veel gebruik van cloudtechnologieën; de invoering van AI en gegevensanalyse verloopt echter trager. Zweden stelt in het stappenplan dat vooral het ontoereikende aantal ICT-specialisten een belemmering vormt voor de invoering van AI. Zweden werkt daarom aan een STEM-strategie. Door het aantal ingenieurs te verhogen, kan Zweden beter voldoen aan de vraag naar vaardigheden.
Zweden blijft het nationale cyberbeveiligingscentrum versterken om de cyberbeveiliging verder te verbeteren. Zweden is ook bezig een nationale informatie- en cyberbeveiligingsstrategie voor te bereiden, die in 2024 moet worden gepresenteerd. Deze zal in een later stadium worden aangevuld met een nationale strategie voor internationale cyber- en digitale aangelegenheden.
|
|
|
-CONNECTIVITEITSINFRASTRUCTUUR: i) de inspanningen om een volledige gigabitdekking te bewerkstelligen moeten voortzetten, te beginnen met de uitvoering van de nationale breedbandstrategie, waarin de doelstellingen voor 2025 zijn vastgesteld. Het halen van de nationale streefcijfers is een verdere stap naar verwezenlijking van de doelstellingen van het digitale decennium tegen 2030; ii) voor voldoende toegang van nieuwe spelers tot het frequentiespectrum voor innovatieve business-to-business- (B2B) en business-to-consumertoepassingen (B2C) moeten zorgen, en exploitanten moeten aanmoedigen om de uitrol van autonome 5G-kernnetwerken te versnellen; -AI/CLOUD/GEGEVENSANALYSE: i) het gebruik van AI en big data door ondernemingen in Zweden moeten blijven stimuleren; en ii) contacten moeten leggen met het exploitatiebureau van het IPCEI Cloud en/of de coördinatoren en de lidstaten die deelnemen aan het IPCEI-CIS; -CYBERBEVEILIGING: door moeten gaan met de uitvoering van de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging om voor veilige en veerkrachtige 5G-netwerken te zorgen; |
Mensen en de samenleving in de EU beschermen en sterker doen staan
Dankzij het niveau van de digitale vaardigheden van de bevolking en het aandeel ICT-specialisten in de beroepsbevolking kan Zweden een belangrijke bijdrage aan de EU-doelstellingen leveren. Zweden heeft sterk ingezet op de ontwikkeling en het gebruik van digitale oplossingen die een hoog niveau van digitale vaardigheden vereisen. Zweden scoort zowel qua digitale basisvaardigheden als wat ICT-specialisten betreft ruim boven het EU-gemiddelde; wat de basisvaardigheden betreft, bestaat er echter een duidelijk verschil tussen landelijke en niet-landelijke gebieden. Zweden neemt steeds meer maatregelen om te voldoen aan de vraag naar digitale basisvaardigheden en aan de vraag van het bedrijfsleven naar meer ICT-specialisten en betere digitale vaardigheden bij de algemene beroepsbevolking.
Universele toegang tot een elektronische identiteit (eID) is ook essentieel voor het gebruik van digitale oplossingen die zowel door overheidsdiensten als door bedrijven worden aangeboden. Zweden heeft een aantal maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat iedereen toegang heeft tot een eID.
|
Aanbevelingen – Zweden zou: |
|
-DIGITALE BASISVAARDIGHEDEN: zich moeten blijven inspannen om de digitale basisvaardigheden van de bevolking te verbeteren, met name in plattelandsgebieden; -ICT-SPECIALISTEN: i) de besprekingen over een nationale strategie op het gebied van wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (STEM) moeten afronden; ii) maatregelen moeten nemen om ervoor te zorgen dat er meer vrouwelijke ICT-specialisten komen; -eID: zich moeten blijven inspannen om ervoor te zorgen dat iedereen toegang heeft tot een eID; -E-GEZONDHEID: meer inspanningen moeten leveren om ervoor te zorgen dat iedereen tegen 2030 online toegang heeft tot zijn of haar patiëntendossier, overeenkomstig de vereisten van de aanstaande verordening betreffende de Europese ruimte voor gezondheidsgegevens, en met name: i) de verschillende soorten gegevens van medische hulpmiddelen/implantaten via de onlinetoegangsdiensten ter beschikking moeten stellen aan burgers in alle regio’s; ii) ervoor moeten zorgen dat alle soorten gegevens tijdig beschikbaar worden gesteld; en iii) technische functionaliteiten met een passende wettelijke grondslag moeten invoeren zodat wettelijke voogden en bevoegde personen namens anderen toegang tot elektronische gezondheidsgegevens kunnen krijgen. |
Met behulp van digitale transformatie slimme vergroening bewerkstelligen
Zweden onderstreept de mogelijkheden die digitalisering biedt om de economie te vergroenen. De vervanging van oude koperen kabels en zwakke mobiele verbindingen door breedband is belangrijk voor de samenleving en voor de groene transitie. Uit enquêtes blijkt het belang dat Zweden hecht aan het gebruik van digitale hulpmiddelen om vergroening te ondersteunen. Zweden voert momenteel verschillende projecten uit om meer inzicht te krijgen in de effecten van digitalisering op vergroening; er worden echter relatief weinig concrete acties op dit gebied voorgesteld.
|
Aanbevelingen – Zweden zou: |
|
-een coherente aanpak voor het versterken van het verband tussen de digitale en de groene transitie moeten ontwikkelen. Ten eerste zou het verbeteringen in de energie- en materiaalefficiëntie van digitale infrastructuur, met name datacentra, moeten bevorderen. Ten tweede zou het de ontwikkeling en uitrol moeten ondersteunen van digitale oplossingen die de koolstofvoetafdruk in andere sectoren verminderen, zoals energie, vervoer, gebouwen en landbouw, alsook het gebruik van deze oplossingen door kmo’s. -de emissiereducties van de gebruikte digitale oplossingen moeten monitoren en kwantificeren in overeenstemming met de desbetreffende EU-richtsnoeren en met behulp van de door de Europese groene digitale coalitie ontwikkelde methode, met het oog op de toekomstige beleidsontwikkeling en het aantrekken van de benodigde financiering. |
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
In vergelijking met de vorige editie van de DESI, waarbij exploitanten de geraamde cijfers voor breedbanddekking rapporteerden op basis van het aantal aangesloten woningen, is de breedbanddekking van huishoudens in DESI 2024 gebaseerd op gegevens die door exploitanten op adresniveau werden verzameld. Door de gedetailleerde ruimtelijke resolutie werd de rapportage degelijker en relevanter; dit leidde echter ook tot kleine verschillen ten opzichte van eerdere edities.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.
Speciale Eurobarometer 551 over het digitale decennium 2024: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833351 .
De informatie is voor het laatst bijgewerkt op 31 mei 2024.
Het aandeel van de financiële toewijzingen die bijdragen aan digitale doelstellingen is berekend aan de hand van bijlage VII bij de verordening betreffende de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
Dit bedrag omvat alle investeringen die specifiek gericht zijn op of substantieel bijdragen aan de digitale transformatie in de programmeringsperiode 2021-2027 van het cohesiebeleid. De middelen zijn afkomstig uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Cohesiefonds, het Europees Sociaal Fonds Plus en het Fonds voor een rechtvaardige transitie.
Zie het werkdocument van de diensten van de Commissie “Digital Decade in 2024: Implementation and perspective”, met bijlagen, SWD(2024) 260: https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/news-redirect/833325 , bijlage 4.