This document is an excerpt from the EUR-Lex website
EU-asielbeleid: EU-lidstaat verantwoordelijk voor de behandeling van verzoeken
In verordening Dublin III wordt bepaald welke lidstaat van de Europese Unie (EU) verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek. Hierdoor kunnen verzoekers beter worden beschermd totdat hun status is vastgesteld. Verder creëert deze verordening een nieuw systeem om problemen in nationale asiel- en opvangstelsels vroegtijdig op te sporen en de onderliggende oorzaken ervan aan te pakken voordat deze zich tot een regelrechte crisis ontwikkelen.
Deze bestaan in volgorde van belangrijkheid uit:
Deze verordening biedt meer beschermende garanties voor verzoekers, zoals:
Als algemeen beginsel geldt dat verzoekers niet in bewaring mogen worden gehouden enkel omdat ze om asiel verzoeken. Maar de verordening voorziet in bewaring van verzoekers indien er een risico op onderduiken bestaat (ze worden bijv. overgebracht naar een andere lidstaat).
Door verordening Dublin III wordt het stelsel efficiënter door de instelling van een vroegtijdige waarschuwing, paraatheid en een crisisbeheersingsmechanisme om:
Verordening (EU) nr. 604/2013 wordt met ingang van ingetrokken door Verordening (EU) 2024/1351 (zie de samenvatting).
De verordening is sinds van toepassing.
Verordening (EU) nr. 604/2013 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming dat door een onderdaan van een derde land of een staatloze bij een van de lidstaten wordt ingediend (herschikking) (PB L 180 van , blz. 31-59).
Achtereenvolgende wijzigingen aan Verordening (EU) nr. 604/2013 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
laatste bijwerking