EUR-Lex Access to European Union law

Back to EUR-Lex homepage

This document is an excerpt from the EUR-Lex website

Document 52013DC0804

VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van het .eu-topniveaudomein

/* COM/2013/0804 final */

52013DC0804

VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van het .eu-topniveaudomein /* COM/2013/0804 final */


VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van het .eu-topniveaudomein

(Voor de EER relevante tekst)

1.           Achtergrond

In april 2013 vierde het .eu-topniveaudomein (.eu-TLD) zijn zevende verjaardag. In deze zeven jaar is het .eu-TLD het op tien na grootste topniveaudomein en het op vijf na grootste landcode-TLD in de wereld geworden. De positie van het .eu-TLD daalde licht op de ranglijst ten opzichte van eerdere jaren als gevolg van agressieve marketingcampagnes van twee andere TLD's (topniveaudomeinen), namelijk .tk en .cn. Met meer dan 3,7 miljoen registraties is het .eu-TLD voor Europeanen een waardevolle mogelijkheid geworden bij het kiezen van een domeinnaam voor hun aanwezigheid op internet .

Dit verslag aan het Europees Parlement en de Raad heeft betrekking op de tenuitvoerlegging, de doelmatigheid en de werking van het .eu-TLD gedurende de afgelopen twee jaar. Overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EG) nr. 733/2002 betreffende de invoering van het .eu-topniveaudomein moet de Commissie een jaar na de aanneming van de verordening en vervolgens om de twee jaar verslag uitbrengen aan het Europees Parlement en de Raad.

Dit verslag volgt op de verslagen van 2007[1], 2009[2] en 2011[3] en behandelt de ontwikkelingen van het .eu-TLD van 1 april 2011 tot en met 31 maart 2013.

2.           Het rechtskader met betrekking tot .EU en basisbeginsel

Het .eu-TLD is ingevoerd op basis van de volgende rechtsinstrumenten:

– Verordening (EG) nr. 733/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 22 april 2002 betreffende de invoering van het .eu-topniveaudomein (als gewijzigd)[4] (de kaderverordening);

– Verordening (EG) nr. 874/2004 van de Commissie van 28 april 2004 tot vaststelling van regels met betrekking tot het overheidsbeleid voor de toepassing en werking van het .eu-topniveaudomein en de beginselen inzake registratie (als gewijzigd)[5] (de PPR-verordening).

In de verslagperiode werd Verordening (EG) nr. 560/2009 van de Commissie tot wijziging van Verordening (EG) nr. 874/2004 van de Commissie met het oog op de invoering van de geïnternationaliseerde domeinnamen (IDN's) met het .eu-TLD, gerectificeerd om kennelijke fouten in de lijst van gereserveerde domeinnamen in de bijlage te corrigeren. De rectificatie vond plaats op 20 maart 2012.

Het door de Commissie geselecteerde register[6], EURid (European Registry for Internet Domains), is belast met de organisatie, het bestuur en het beheer van het .eu-TLD. Het is een onafhankelijke organisatie die alle noodzakelijke beslissingen zelfstandig neemt in overeenstemming met de kaderverordening[7].

Bij het opstellen van dit verslag hebben de diensten van de Commissie onderzocht of Verordening (EG) nr. 874/2004 van de Commissie moest worden gewijzigd om rekening te houden met bundelen van homogliefen, de toetreding van Kroatië tot de EU en het feit dat Servië, Montenegro en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië (Fyrom) nu kandidaat-lidstaten zijn, het feit dat EVA/EER-leden namen met .eu mogen registreren en rectificatie van een aantal gereserveerde namen waarin het Duitse teken "ß" en de Griekse eind-sigma (ς) voorkomen.

3.           Registratie en gebruik van .eu-domeinnamen

In de verslagperiode is het .eu-TLD gestaag blijven groeien, zoals de andere Europese landcode-TLD's. Er is een totaal van 3,7 miljoen registraties bereikt waardoor het domein het op tien na grootste TLD ter wereld en het op drie na populairste landcode-TLD in Europa is geworden. Dit betekent dat er sinds het vorige verslag werd ingediend bij het Europees Parlement en de Raad 0,3 miljoen nieuwe registraties zijn bijgekomen.

In Europa nemen alleen .de (Duitsland), .uk (VK) en .nl (Nederland) een sterkere positie in wat betreft het aantal registraties. Wereldwijd hebben .com, .net, .org en .info en de twee landcode-TLD's .tk voor Tokelau en .cn voor China meer registraties (zie bijlage 1). De grootste markten voor het .eu-domein zijn Duitsland (30,4 %), Nederland (13 %), Frankrijk (9,1 %), het Verenigd Koninkrijk (9 %) en Polen (6,5 %) (zie bijlage 4).

De .eu-markt liet in een aantal EU-landen fluctuaties zien. Ondanks de economische en financiële crisis heeft het .eu-TLD zijn groei geconsolideerd en was er in sommige landen zelfs een verbetering te zien.

Het vernieuwingspercentage van .eu-domeinnamen blijft gemiddeld 80 % vergeleken met een gemiddelde in de bedrijfstak van 73 %.

Als gevolg van de liberalisering van bepaalde landcode-TLD's en omdat een aantal nieuwe TLD's is ingevoerd of bestaande TLD's zijn hergebruikt zoals bijv. .co, .me, is de onderlinge rivaliteit in de branche de afgelopen 5 jaar toegenomen. De komst van 1 000 nieuwe generieke TLD's (g-TLD's) zal bovendien een enorme schok teweegbrengen op de markt en waarschijnlijk een verstorend effect hebben op bestaande bedrijfsmodellen, waardoor de rivaliteit in de branche nog meer zal worden aangewakkerd.

Gelet op de historische trend en de huidige marktsituatie heeft EURid tot doel een constante groei in registraties van ongeveer 5-8 % per jaar te behouden. Het register beschikt over een jaarlijks marketing- en communicatieplan om deze doelstellingen te kunnen verwezenlijken.

4.           Geïnternationaliseerde domeinnamen (IDN's)

4.1.        .eu-IDN's

De invoering van IDN's op het topniveau, d.w.z. aan de rechterzijde van het laatste punt van een domeinnaam, is een aangelegenheid die onder de bevoegdheid van ICANN valt[8]. Op 16 november 2009 is ICANN gestart met het IDN landcode-TLD Fast Track Process[9] om de invoering van internet-topniveaudomeinextensies voor landcodes (bijv. .gr, .bg, .eu) met gebruik van niet-Latijnse lettertekens (bv. Cyrillische, Griekse, Arabische en Chinese lettertekens) te vergemakkelijken. Het proces bestaat uit drie stappen: (i) het register van een land doet een aanvraag voor het gebruik van een IDN-"string" (de bestaande versie van zijn landcode-TLD (cc-TLD) in een ander schrift), waarbij wordt aangetoond dat de internetgemeenschap op het grondgebied van zijn land de aanvraag steunt ("community support") en de reden (het criterium "meaningfulness"); (ii) de gevraagde "string" wordt dan beoordeeld door ICANN dat het verzoek doorzendt aan een onafhankelijk comité voor een onderzoek naar mogelijk conflict met bestaande TLD-strings (criterium "confusability"); (iii) zodra de nieuwe string is goedgekeurd, wordt hij toegekend aan het register ("delegation").

EURid heeft in mei 2010 bij ICANN een aanvraag ingediend om registratie voor de Cyrillische en Griekse versies van het .eu-TLD te openen. De aanvraag was gebaseerd op verzoeken aan de Commissie van Cyprus, Griekenland en Bulgarije[10] met betrekking tot de versies die zij verkozen voor de .eu-extensie (respectievelijk .ευ in het Grieks en .ею in het Cyrillisch).

ICANN heeft bevestigd dat voldaan werd aan de eerste twee criteria ("community support" en "meaningfulness").

In februari 2012 heeft IANA/ICANN EURid meegedeeld dat de evaluatie van de Cyrillische string (.ею) met succes was afgerond, maar dat de Griekse string de technische evaluatiefase van het proces niet had doorstaan, omdat deze "ofwel visueel identiek is aan of visueel kan worden verward met ten minste drie ISO 646-BV-strings "eu", "ev" en "ev"". De Commissie verzocht EURid een eventueel verzoek om delegatie van de Cyrillische string (.ею) op te schorten, omdat dit zou kunnen worden geïnterpreteerd als aanvaarding van het ICANN-besluit.

In augustus 2012 heeft EURid bij ICANN een studie ingediend over de visuele weergave van de Griekse string (.ευ). Volgens conclusies van deze op cognitieve neurologie gebaseerde studie, is de kans dat de Griekse "string" (.ευ) verward wordt met de in de ICANN-evaluatie vermelde strings zeer beperkt, met name wanneer de regel dat het schrift van het tweede niveau gelijk moet zijn aan dat van het topniveau wordt toegepast. Tegelijkertijd heeft de ccNSO (Country Code Names Supporting Organisation) voortgang geboekt met het beleidsontwikkelingsproces van de IDN ccTLD Fast Track om een beroepsprocedure in te voeren op basis waarvan een panel van taaldeskundigen zich over afgewezen strings kan buigen. Bij het opstellen van dit verslag moest de ccNSO-raad zijn stem uitbrengen over de ccNSO-aanbeveling om het IDN ccTLD-proces te herzien. Vervolgens wordt de aanbeveling voorgelegd aan de ccNSO-leden en de ICANN-raad die dan hun stem moeten uitbrengen.

5.           Werking van het register

5.1.        Het register

EURid werd in 2003 door de Commissie als .eu-register aangewezen na een oproep aan belangstellenden[11].

Op 12 oktober 2004 hebben de Commissie en EURid een dienstverleningsovereenkomst gesloten die in 2009 werd verlengd tot 12 oktober 2014.

EURid is een Europese non-profitorganisatie met hoofdkantoor in Diegem (België) en regionale kantoren in Stockholm, Praag en Pisa[12].

5.2.        Betrekkingen met registrators

Bij wet is bepaald dat het .eu-register zelf niet als registrator fungeert[13]. De belangrijkste taak van EURid blijft dienstverlening van hoge kwaliteit aan zijn 780 geaccrediteerde registrators. Na de consolidering van de rekeningen van bepaalde registrators is het aantal geaccrediteerde registrators de afgelopen twee jaar teruggelopen. EURid evalueert regelmatig de tevredenheid van .eu-registrators. Volgens het meest recente, in het laatste kwartaal van 2012 uitgevoerde onderzoek naar de tevredenheid van registrators over het .eu-domein, verklaarde 95 % van de respondenten tevreden of zelfs zeer tevreden te zijn (2011: 93 %). Op de vraag of zij met EURid wilden verder gaan of liever op een andere provider wilden overstappen, gaf 80 % van de respondenten EURid ten minste een 8 (op 10). Investeren in een .eu-domein wordt nog steeds gezien als een verstandige zet en kreeg nog hogere waarderingscijfers (47 % van de ondervraagde klanten gaf een cijfer van ten minste 8 (op tien), terwijl dit in 2010 nog 44 % was).

Voorts is EURid actief geworden op de sociale media van de registratorcommunity, onder meer op Facebook, Twitter en een YouTube-kanaal[14], waar meer dan 100 clips zijn te zien van .eu-getuigenissen.

De afgelopen twee jaar heeft het register zich ingezet om veranderingen in te voeren in de handels- en overdrachtprocedures, die met ingang van november 2012 in werking zijn getreden: de registerbeveiliging voegt een extra bescherming toe aan .eu-domeinnamen; op 7 april 2011 werd meerjarenregistratie gelanceerd (tijdens het eerste kwartaal van 2013 werden 6 466 nieuwe aanmeldingen met een registratieperiode van meer dan één jaar geregistreerd: dat is 3,1 % van alle nieuwe registraties in het eerste kwartaal, en stemt overeen met het aantal meerjarenregistraties onder andere TLD's); en er werden nieuwe diensten aan de registrators aangeboden. De afgelopen twee jaar heeft het register zich samen met de registrators ingezet om de .eu-TLD meer bekendheid te geven via een gezamenlijk gefinancierd marketingprogramma en andere stimuleringsregelingen. Dit programma kent steeds meer succes bij registrators en wordt nu ook door andere registers gebruikt.

Het registers tracht .eu verder meer bekendheid te geven door specifieke presentaties en reclameborden in vier Europese luchthavens (Brussel, Kopenhagen, Milaan Linate en München). Alle campagnes zijn terug te vinden op de specifieke marketingwebsite van het register (ambitionhasanaddress.eu) waar internetgebruikers getuigenissen kunnen zien van bedrijven en particulieren die voor zichzelf en/of voor hun producten een .eu-domeinnaam hebben gekozen als online-visitekaartje.

5.3.        Financiële situatie

De financiële situatie van het .eu-register is in de verslagperiode stabiel gebleven.

De financiële soliditeit van het register is van groot belang om het .eu-domein geloofwaardigheid te verlenen. De Commissie houdt nauwgezet toezicht op de financiële situatie van het register in overeenstemming met de bepalingen van het wettelijk kader en de dienstverleningsovereenkomst. Om toezicht uit te oefenen, maakt de Commissie gebruik van verschillende instrumenten, waaronder evaluatie van de opmerkingen van de controlerend accountant, driemaandelijkse en jaarlijkse financiële verslagen, driemaandelijkse voortgangsverslagen, begrotingsvoorstellen alsmede strategische en marketingplannen. Financiële kwesties worden regelmatig met het register besproken op driemaandelijkse vergaderingen en vergaderingen op dienstniveau.

Bij de start van de .eu-TLD-werkzaamheden lagen de inkomsten als gevolg van het grote aantal domeinregistraties aanzienlijk hoger dan de kosten van het register. De daaruit voortvloeiende jaarlijkse overschotten werden overgeheveld naar de EU-begroting. Het register heeft de verschillende tarieven voor EURid-registrators geleidelijk verlaagd. In februari 2012 heeft het register na intern en extern overleg besloten de tarieven voor zowel heractivering als overdracht uit quarantaine vast te stellen op 4 EUR. Doordat het aantal domeinnamen is toegenomen, zijn ook de inkomsten uit nieuwe domeinnnamen gestegen. Om zijn contractuele verplichting om tegen kostprijs te werken na te komen, besloot het register de tarieven voor vernieuwing of verlenging per 1 januari 2013 te verlagen van 4 EUR tot 3,75 EUR.

De voornaamste financiële aspecten van het register bleven in 2011 en 2012 stabiel. Voor beide jaren lagen zowel inkomsten als kosten van het register rond de 13 miljoen EUR. Het netto financiële resultaat is dan ook meer in evenwicht dan in voorgaande jaren met een overschot voor de EU-begroting van 772 892 EUR voor het boekjaar 2011 en 443 117 EUR voor 2012.

De Commissie heeft nauwlettend toegezien op veranderingen in de begrote en reële kosten van het register, in het bijzonder met betrekking tot marketing (2,8 miljoen EUR in 2011 en 2,7 miljoen EUR in 2012) en personele middelen (4 miljoen EUR in 2011 en 4,4 miljoen EUR in 2012). De stijging van de kosten was gerechtvaardigd door de behoefte aan betere dienstverlening en beveiliging.

Het register beschikt over vier soorten financiële reserves: afschrijvingen, investeringen, sociale verplichtingen en wettelijke verplichtingen. Gedurende de verslagperiode is het totale niveau van de reserves stabiel gebleven: 5,4 miljoen EUR in 2011 en 5 miljoen EUR in 2012. Eind 2012 was dit totaal verdeeld tussen de reserve voor afschrijvingen (1 miljoen EUR), de reserve voor investeringen (0,5 miljoen EUR), de reserve voor sociale verplichtingen (2,7 miljoen EUR) en de reserve voor wettelijke verplichtingen (0,8 miljoen EUR). Verder werd een bedrag van 150 000 EUR toegevoegd om de alternatieve geschillenbeslechting te bevorderen en aan te moedigen.

5.4.        Bedrijfscontinuïteit, weerbaarheid en kwaliteit

5.4.1.     Bedrijfscontinuïteit

Op 12 december 2012 heeft EURid met succes een onaangekondigde oefening in het kader van het bedrijfscontinuïteitsplan (BCP) uitgevoerd om de crisisbeheersingscapaciteit te testen. Dit hield in dat de EPP-, de Registrar extranet-, de Registrar DAS- en de Registrar WHOIS-diensten van het ene naar het andere datacenter werden overgeschakeld en weer terug. De impact hiervan op de registratorinfrastructuur was minimaal (een tijdelijke onderbreking van ongeveer 15 minuten), mits registrators de beste praktijken van EURid hadden gevolgd die bij het BCP van 2011 waren ingevoerd. Door tijdens de overschakeling Fully Qualified Domain Names (FQDN's) voor de registratordiensten te hanteren, kon een transparante failover worden gewaarborgd.

Na simulatie van een probleem in het voornaamste datacenter, kon EURid via het failovermechanisme door een DNS-update overschakelen naar het tweede datacenter. Nadat deze verandering was doorgegeven, waren de correcte registratordiensten binnen tien minuten toegankelijk, mits de registrators gebruik maakten van FQDN's (zo niet, dan was een manuele update nodig). Twee uur later had EURid de FQDN's opnieuw aangesloten op het hoofd datacenter. Toen de FQDN's eenmaal weer werden opgepikt door de DNS-servers van de .eu-registrators, schakelden de systemen geleidelijk weer over op het hoofddatacenter (failover). Deze oefening werd volledig gecontroleerd door PricewaterhouseCoopers.

5.4.2.     Beveiliging

EURid organiseert opleidingssessies voor .eu-registrators[15] om hen ertoe aan te zetten het gebruik van DNSSEC (een protocol dat internetgebruikers moet beschermen tegen valse DNS-gegevens) te bevorderen bij hun klanten, die het protocol op hun beurt verspreiden onder internetactoren (ISP's, webmasters enz.). Een zogenaamde DNSSEC-korting (0,02 EUR korting op het tarief voor domeinnamen per correct ondertekende domeinnaam per maand) werd in 2013 ingevoerd om de tenuitvoerlegging van DNSSEC op het niveau van de registrators verder te steunen.

5.4.3.     Phishing en andere kwaadwillige activiteiten

Het register heeft maatregelen genomen om phishing en andere vormen van kwaadwillig onlinegedrag[16] dagelijks te bestrijden. Voor domeinnamen wordt in het bijzonder gecontroleerd of zij voldoen aan de ontvankelijkheidscriteria[17] en nieuwe registraties worden dagelijks onderzocht op verdachte patronen of andere anomalieën.

Het register wordt door particuliere beveiligingsorganisaties of door overheden ook dagelijks ingelicht over verdacht gedrag of bewezen wangedrag[18].

In dat geval kan een verdachte domeinnaam worden ingetrokken. Tijdens de verslagperiode is het aantal ingetrokken verdachte domeinnamen als gevolg van maatregelen door het register sterk afgenomen: van 2 in januari 2011 (vergeleken met 81 in januari 2010) tot geen enkele in het vierde kwartaal 2012[19].

Het register heeft voorts een versterkte politieke dialoog gevoerd met de rechtshandhavingsinstanties om eventueel misbruik van het .eu-systeem te voorkomen en te bestrijden. Dit heeft geleid tot een memorandum van overeenstemming tussen de Commissie, CERT-eu en EURid dat in oktober 2012 werd ondertekend.

5.5.        Het profiel van een .eu-gebruiker

Consumenten registreren het .eu-domein voor uiteenlopende doeleinden (zakelijk, sociale activiteiten, aanwezigheid van instellingen op het internet enz.). Uit het meest recente onderzoek van EURid[20] over het gebruik van websites met het .eu-TLD blijkt dat het in ongeveer 31,4 % van de gevallen om zakelijke aangelegenheden gaat.

Voor het derde jaar op rij heeft .eu aangetoond te beschikken over een sterk zakelijk profiel, en bevestigt het zijn unieke positie als TLD voor bedrijven en kmo's met een grensoverschrijdende dimensie. In het verslag wordt geconcludeerd dat oudere generieke topniveaudomeinen (g-TLD's nog een duidelijk onderscheiden profiel hebben. Voornaamste voorbeeld is .org dat een zeer hoog percentage communitywebsites kent. De g-TLD's verschillen hierin van de nationale landencode topniveaudomeinen die allemaal gebruikt worden voor vrijwel dezelfde doeleinden. Het domein .eu vertoont veel overeenkomsten met zowel de cc-TLD's als met bepaalde g-TLD's (voornamelijk .net, maar ook .biz en .com).

5.6.        Gerechtelijke procedures en geschillen betreffende domeinnamen

5.6.1.     Zaken voor het Gerecht en het Hof van Justitie van de Europese Unie

Gerecht: geen

Hof van Justitie van de Europese Unie: één prejudiciële beslissing.

Het Hof van Beroep te Brussel verwees twee vragen naar het HJEU in de zaak "lensworld.eu" – zaak C-376/11 Pie Optiek tegen Bureau Gevers.

Op 19 juli 2012 oordeelde het HJEU het volgende: "Artikel 12, lid 2, derde alinea, van verordening (EG) nr. 874/2004 van de Commissie van 28 april 2004 tot vaststelling van regels met betrekking tot het overheidsbeleid voor de toepassing en werking van het.eu-topniveaudomein en de beginselen inzake registratie, moet aldus worden uitgelegd dat in een situatie waarin het betrokken oudere recht een merkrecht is, de woorden "licentiehouders van oudere rechten" niet doelen op een persoon die door de houder van het betrokken merk uitsluitend is gemachtigd om, in eigen naam maar voor rekening van deze houder, een domeinnaam te registreren die gelijk is aan of overeenstemt met bedoeld merk, zonder evenwel gemachtigd te zijn dat merk commercieel te gebruiken in overeenstemming met de eigen functies ervan."

De uitspraak van het Brussels Hof van Beroep wordt in het najaar van 2013 verwacht.

5.6.2.     Procedure voor alternatieve geschillenbeslechting

Geschillen tussen houders van .eu-domeinnamen of klachten tegen beslissingen van het .eu-register kunnen worden voorgelegd aan de bevoegde aanbieder van alternatieve geschillenbeslechting (ADR),[21] het arbitragegerecht in Praag (Tsjechisch arbitragegerecht of CAC)[22].

Meestal gaat het om klachten tegen houders van ".eu"-domeinnamen. De reden daarvoor is dat de ADR-procedure tegen de houder van een domeinnaam kan worden ingeleid door elke partij die daarbij kan aanvoeren dat de registratie speculatief of onrechtmatig is in de zin van artikel 21 van Verordening nr. 874/2004 van de Commissie.

In de laatste twee jaar zijn gemiddeld 12 zaken per kwartaal ingeleid[23] (zie bijlage 3).

In 2011 heeft het CAC 52 arresten gewezen. 73 % van de klachten werd aanvaard.

In 2012 heeft het CAC 44 arresten gewezen. 81 % van de klachten werd aanvaard.

Voor de tarieven voor ADR-procedures is uitgegaan van het principe van terugvordering van de kosten[24].

Op 27 juni 2012 hebben het CAC en het .eu-register een speciale tariefverlaging aangekondigd om de ADR met betrekking tot .eu toegankelijker te maken voor het Europese publiek. De kosten van een basisprocedure werden met ingang van 1 juli 2012 verlaagd met 50 %. Dit besluit werd genomen in antwoord op aanbevelingen van een externe audit van de ADR-dienst met betrekking tot .eu ("de .eu ADR procedure werkt naar behoren, maar een tariefverlaging zou volgens de audit de zichtbaarheid van de dienst verhogen en de toegang verbeteren"). Sinds de invoering van de tariefverlaging in juli 2012 is het gemiddeld aantal ADR-zaken dat per maand werd aangespannen met 80 % gestegen.

5.6.3.     Rechtszaken

Tijdens de verslagperiode was EURid partij in de volgende zaken:

Zheng: Zheng ging in beroep tegen een besluit van de rechtbank van eerste aanleg van Brussel. Het Hof van Beroep te Brussel wees het verzoek in zijn besluit van 21 september 2012 af. Nadat de rechtszaak in 2011 definitief was afgesloten, werden de domeinnamen die in het bezit waren van Zheng (meer dan 9 000) op 24 oktober 2011 vrijgegeven voor algemene registratie. De zaak is afgesloten.

Ovidio: In februari 2011 hebben de partijen een schikking getroffen die op 9 september 2011 officieel werd geregistreerd door de Brusselse rechtbank van eerste aanleg bij de afsluiting van alle hangende procedures. Naar aanleiding van de uitspraak heeft Ovidio 45 000 EUR betaald aan EURid. De zaak is afgesloten.

Topeu (o.a. sex.eu): Op 4 augustus 2011 werd het besluit van het Hof van Beroep aan het Hongaarse bedrijf Sex Bt betekend. De beroepstermijn verstreek op 4 december 2011 en op 6 december 2011 werd het besluit van het Hof van Beroep definitief. Op 12 december 2011 activeerde EURid de domeinnaam SEX.eu op naam van de eerste succesvolle Sunrise-aanvrager (pre-registratie) Yellow Register On Line AB (de aanvraag voor deze domeinnaam was oorspronkelijk aanvaard maar werd als gevolg van de lopende rechtszaak pas op die datum geactiveerd). De zaak is afgesloten.

6.           EMAS-registratie

In 2011 startte EURid het proces om het eerste EMAS gecertificeerde [25] register in Europa te worden. Het registratieproces werd op 23 mei 2012 afgerond. Het registratienummer is BE-VL-000016.

EURid is een reeks initiatieven gestart om alle belanghebbenden voor te lichten over zijn streven naar een groener internet. In het Europees Parlement in Straatsburg werd van 21-23 mei 2012 een evenement georganiseerd om EMAS registratie van EURid[26] te lanceren.

7.           Conclusies

Het .eu-TLD-model is met succes ingevoerd en is volledig operationeel.

De laatste twee jaar heeft het .eu-TLD zijn positie versterkt als een van de grootste en meest bekende topniveaudomeinen in Europa en in de wereld. Het blijft succes boeken ondanks de gestage doch tragere groei van de 27 nationale landcode-TLD's in de lidstaten en de beschikbaarheid van generieke TLD's zoals .com en .org. Op het moment dat dit verslag aan het Europees Parlement en de Raad zal worden voorgelegd, zal Kroatië het 28ste lid zijn van de Europese Unie.

ICANN heeft de wijzigingen van de cc-TLD IDN-string evaluatieprocedure waarbij een afgewezen string opnieuw kan worden beoordeeld (.ευ in het Grieks vanwege de overeenkomsten met andere strings die naar verluidt voor verwarring zouden zorgen) nog niet afgerond. De Commissie heeft er bij ICANN op aan gedrongen dit zo spoedig mogelijk te doen. Zij heeft te kennen gegeven dat de toekomstige regels voor de invoering van een "permanente" IDN-aanvraagprocedure zodanig ontworpen moeten zijn dat onnodige vertraging wordt vermeden. Dit is een van de beleidskwesties die de Commissie zal blijven verdedigen in het gouvernementele adviescomité dat advies verstrekt aan ICANN.

De financiële situatie van het register is in 2011 en 2012 stabiel gebleven.

De door het Tsjechische arbitragegerecht ingestelde ADR-regeling biedt registratoren bescherming van hun rechten in alle EU-talen. De Commissie houdt toezicht op het gebruik van de regeling. Na aanbevelingen in het kader van een audit heeft EURid een tariefverlaging doorgevoerd om de toegankelijkheid van de ADR te verbeteren voor particulieren en kleine en middelgrote ondernemingen die redenen hebben om aan te nemen dat hun .eu-naam onrechtmatig door derden is geregistreerd.

De komende jaren moet het register de perceptie van het .eu-TLD bij verschillende doelgroepen verder versterken en ontwikkelen, om de penetratie ervan in de Europese markt van domeinnamen te verhogen en het publiek verder bewust te maken van het TLD. Overeenkomstig de beste praktijken op dat gebied moet worden gezorgd voor stabiliteit en veiligheid van de daaraan gerelateerde TLD-diensten. Gezien de dynamische aard van de TLD-omgeving, moet het register doorgaan met het onderhouden en uitbreiden van de dialoog en de uitwisseling met de Europese en internationale internetgemeenschap. De Commissie zal overeenkomstig het wettelijke kader nauw blijven samenwerken met het register.

BIJLAGEN

Bijlage 1: De lijst van de top-TLD's ter wereld op 31 maart 2013

Bron: EURid's trimestrieel voortgangsverslag, eerste kwartaal 2013

BIJLAGE 2: .eu-registraties per kwartaal

BIJLAGE 3: Overzicht van beslissingen van het Tsjechische arbitragerecht in .eu-zaken

Gewezen ADR-besluiten || 2011 || 2011

Afgewezen || Goedgekeurd || Foutieve klacht || Andere (ingetrokken schikking) || Besluiten per maand

Januari || || 2 || || || 2

Februari || 1 || 7 || || || 8

Maart || || 3 || 1 || 2 || 6

April || || 3 || 2 || || 5

Mei || 1 || 3 || || || 4

Juni || 1 || 3 || || 1 || 5

Juli || || 5 || || || 5

Augustus || || 1 || 1 || 1 || 3

September || || 2 || 1 || || 3

Oktober || 1 || 4 || || || 5

November || || 1 || || 1 || 2

December || || 4 || || || 4

Totaal || 4 || 38 || 5 || 5 ||

Totaal aantal besluiten per jaar || 52

Klacht aanvaard || 73 %.

Gewezen ADR-besluiten || 2012 || 2012

Afgewezen || Goedgekeurd || Foutieve klacht || Andere (ingetrokken schikking) || Besluiten per maand

Januari || || 2 || 1 || 1 || 4

Februari || || 2 || 1 || || 3

Maart || || 8 || || || 8

April || || 3 || || 1 || 4

Mei || || 7 || || || 7

Juni || || 1 || 1 || || 2

Juli || || || || || 0

Augustus || || || || || 0

September || || 3 || || || 3

Oktober || 2 || 3 || || || 5

November || || 3 || || || 3

December || 1 || 4 || || || 5

Totaal || 3 || 36 || 3 || 2 ||

Totaal aantal besluiten per jaar || 44

Klacht aanvaard || 81 %.

BIJLAGE 4: Totaal aantal .eu-domeinnamen per land van registrant

Bron: EURid's trimestrieel voortgangsverslag, eerste kwartaal 2013

BIJLAGE 5: .eu-domeinen per 1 000 inwoners

Bron: EURid's trimestrieel voortgangsverslag, eerste kwartaal 2013

BIJLAGE 6: IDN-registraties onder .eu

Kwartaal || IDN namen || aandeel

Vierde kwartaal 2009 ||  56 036 || 1,8 %

Eerste kwartaal 2010 ||  62 609 || 1,9 %

Tweede kwartaal 2010 ||  65 109 || 2,0 %

Derde kwartaal 2010 ||  67 074 || 2,1 %

Vierde kwartaal 2010 ||  57 826 || 1,7 %

Eerste kwartaal 2011 ||  56 961 || 1,7 %

Tweede kwartaal 2011 ||  58 424 || 1,7 %

Derde kwartaal 2011 ||  58 332 || 1,7 %

Vierde kwartaal 2011 ||  56 699 || 1,6 %

Eerste kwartaal 2012 ||  58 455 || 1,6 %

Tweede kwartaal 2012 ||  60 681 || 1,7 %

Derde kwartaal 2012 ||  61 752 || 1,7 %

Vierde kwartaal 2012 ||  58 211 || 1,6 %

Eerste kwartaal 2013 ||  57 157 || 1,5 %

Bron: EURid's trimestrieel voortgangsverslag, eerste kwartaal 2013

[1]               COM(2007) 385 definitief, Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad - Verslag over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van “.eu”-TLD (6 juli 2007).

[2]               COM(2009) 303 definitief, Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad - Verslag over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van “.eu”-TLD (26 juni 2009).

[3]               COM(2011) 616 definitief, Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad - Verslag over de tenuitvoerlegging, werking en doelmatigheid van “.eu”-TLD (5 oktober 2011).

[4]               Verordening (EG) nr. 1137/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2008 tot aanpassing aan Besluit 1999/468/EG van de Raad van een aantal besluiten waarop de procedure van artikel 251 van het Verdrag van toepassing is, wat de regelgevingsprocedure met toetsing betreft — Aanpassing aan de regelgevingsprocedure met toetsing — Deel een (PB L 311 van 21.11.2008, blz. 1).

[5]               Verordening (EG) nr. 1654/2005 van de Commissie van 10 oktober 2005 (PB L 266 van 11.10.2005, blz. 35), Verordening (EG) nr. 1255/2007 van 25 oktober 2007 (PB L 282 26.10.2007, blz. 16) en Verordening (EG) nr. 560/2009 van 26 juni 2009 (PB L 166 van 27.6.2009, blz. 3).

[6]               Beschikking 2003/375/EG van de Commissie van 21 mei 2003 tot aanwijzing van het register voor het .eu-topniveaudomein.

[7]               Zie overwegingen 9 en 12, artikel 2, onder a), artikel 3, lid 1, onder c), en artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 733/2002.

[8]               ICANN (Internet Corporation for Assigned Names and Numbers) is een particuliere non-profitorganisatie. Voor meer informatie zie: http://www.icann.org/

[9]               Voor meer informatie over het Fast Track Process, zie: http://www.icann.org/en/topics/idn/fast-track/

[10]             Cyprus en Griekenland (oktober 2008); Bulgarije (februari 2009).

[11]             Artikel 3, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 733/2002.

[12]             Voor meer informatie over toegang tot EURid: http://www.eurid.eu/en/about-us

[13]             Zie artikel 3, lid 4, van Verordening (EG) nr. 733/2002.

[14]             Facebook (EUregistry), Twitter (@Euregistry), YouTube (Europeanregistry).

[15]             In 2012 werden drie sessies gehouden: op 17 april in Bratislava; op 11 mei in Milaan en op 31 juli in Boedapest.

[16]             "Phishing" verwijst naar het verkrijgen van persoonlijke en financiële informatie (gebruikersnamen, paswoorden enz.) met bedrieglijke middelen zoals frauduleuze e-mails of kopieën van legitieme websites.                "Warehousing" is een praktijk waarbij domeinnamen worden "vastgehouden" om deze tegen een hogere prijs door te verkopen.

"Cyber-squatting" is het kwaadwillig registreren, verhandelen of gebruiken van andermans handelsmerk in een domeinnaam met de bedoeling voordeel te halen uit de goodwill die iemand anders toebehoort. "Cyber-squatters" verkopen de betrokken domeinnaam tegen een abnormaal hoge prijs aan de houder van het handelsmerk. "Domainers" is een term die in de omgangstaal wordt gebruikt voor personen die speculeren met domeinnamen.

[17]             Voor de ontvankelijkheidscriteria, zie artikel 4, lid 2, onder b), van Verordening (EG) nr. 733/2002. Het register heeft het recht de geldigheid van een registratie te controleren (artikel 3 van Verordening (EG) nr. 874/2004). Het registratiebeleid vereist dat de persoonsgegevens van de registrant volledig en juist blijven en dat het e-mailadres beschikbaar blijft voor communicatie met het register, dat zich het recht voorbehoudt de domeinnaam van een niet-functionerend adres in te trekken.

[18]             Bijvoorbeeld Internet Identity, Arbor Network, MarkMonitor, de Federal Computer Crime Unit (FCCU) in België, de Internal Revenue Service (IRS) van het Amerikaanse ministerie van Financiën.

[19]             Zie het verslag voor het vierde kwartaal van 2012 van EURid, beschikbaar op: http://www.eurid.eu/files/publ/quarterly_2012_Q4.pdf

[20]             “Website usage trends among top-level domains”, november 2011, beschikbaar op eurid.eu/insights

[21]             Zie artikel 4, lid 2, onder d), van Verordening (EG) nr. 733/2002, en overweging 15 alsmede artikelen 22 en 23 van Verordening nr. 874/2004 van de Commissie.

[22]             Memorandum van overeenstemming (2005) tussen EURid en het Tsjechisch arbitragegerecht verbonden aan de Economische kamer van de Tsjechische Republiek en de Landbouwkamer van de Tsjechische Republiek.

[23]             Het aantal ADR-zaken dat voor het CAC is ingeleid, is sinds 2006 aanzienlijk teruggelopen van ongeveer 200 zaken per trimester tot het huidige peil.

[24]             Zie artikel 4, lid 2, onder d), van Verordening (EG) 733/2002.

[25]             Het milieubeheer- en milieuauditsysteem van de EU (EMAS) is een beheersinstrument voor bedrijven en andere organisaties om hun prestaties op het gebied van milieu te evalueren, daarover te rapporteren en deze te verbeteren.

[26]             Meer informatie over de inzet van EURid op milieugebied is beschikbaar op: http://www.eurid.eu/en/about-us/going-green

Top