TOELICHTING
1.ACHTERGROND VAN DE GEDELEGEERDE HANDELING
Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (de CER-richtlijn) trad in werking op 16 januari 2023. De CER-richtlijn heeft tot doel ervoor te zorgen dat diensten die essentieel zijn voor de instandhouding van vitale maatschappelijke functies of economische activiteiten op de interne markt ongehinderd worden verleend en dat de weerbaarheid van kritieke entiteiten die dergelijke diensten verlenen, wordt vergroot.
De CER-richtlijn bevat verplichtingen voor kritieke entiteiten, met als doel hun weerbaarheid te vergroten, en stelt regels vast voor het toezicht op kritieke entiteiten en de handhaving en identificatie van kritieke entiteiten van bijzonder Europees belang. Ook worden gemeenschappelijke regels vastgesteld voor de samenwerking tussen de lidstaten en de verslaglegging over de toepassing van de richtlijn.
De CER-richtlijn voorziet met name in verplichtingen voor de lidstaten om risicobeoordelingen uit te voeren en kritieke entiteiten te identificeren die essentiële diensten verlenen. In dit verband is de Commissie krachtens artikel 5 van de CER-richtlijn en overeenkomstig de voorwaarden van artikel 23 van de richtlijn bevoegd om uiterlijk op 17 november 2023 een gedelegeerde handeling vast te stellen teneinde de richtlijn aan te vullen door een lijst van essentiële diensten in de in de bijlage bij de richtlijn opgenomen sectoren en deelsectoren op te stellen. Deze lijst zal overeenkomstig de CER-richtlijn door de bevoegde autoriteiten worden gebruikt voor het uitvoeren van risicobeoordelingen en vervolgens voor het identificeren van kritieke entiteiten uit hoofde van de richtlijn.
In het licht van de benadering van minimale harmonisatie van de richtlijn en de niet-uitputtende aard van de lijst kunnen de lidstaten, in overeenstemming met het EU-recht, deze aanvullen met aanvullende essentiële diensten op nationaal niveau, met name om rekening te houden met nationale specifieke kenmerken bij de verlening van essentiële diensten.
In de aanbeveling van de Raad betreffende een Uniebrede gecoördineerde aanpak ter versterking van de weerbaarheid van kritieke infrastructuur wordt de Commissie verzocht deze gedelegeerde handeling tijdig vast te stellen.
2.RAADPLEGING VOORAFGAAND AAN DE AANNEMING VAN DE HANDELING
De Commissie heeft tijdens haar voorbereidende werkzaamheden over deze gedelegeerde handeling passend overleg gepleegd, onder meer op deskundigenniveau met vertegenwoordigers van de lidstaten. Bovendien hebben het Europees Parlement en de Raad, overeenkomstig de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven, om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen, alle documenten ontvangen op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen, als waarnemer, systematisch toegang gehad tot en deelgenomen aan de vergaderingen van de deskundigengroep van de Commissie die zich bezighoudt met de voorbereiding van de gedelegeerde handeling.
Op 25 januari 2023 vond een eerste formele raadpleging van deskundigen van de lidstaten plaats in het kader van de groep die is opgericht bij de CER-richtlijn — de Groep voor de weerbaarheid van kritieke entiteiten (CERG). De lidstaten werd verzocht om feedback over een ontwerptekst, zowel tijdens de vergadering als vervolgens schriftelijk.
Op 20 maart vond in het kader van de CERG een tweede formele raadpleging plaats. De geconsolideerde versie van deze gedelegeerde handeling is op 1 juni 2023 aan de lidstaten toegezonden en in voorkomend geval zijn relevante opmerkingen erin verwerkt.
De notulen en de agenda van de vergaderingen zijn gepubliceerd in het register van deskundigengroepen (REGEXP), overeenkomstig de beginselen van transparantie en behoorlijk bestuur.
Bovendien werd het ontwerp gedurende een periode van vier weken gepubliceerd op de website “Geef uw mening” van de Commissie voor feedback van het publiek. Deze periode eindigde op 29 juni 2023 en resulteerde in tien reacties van burgers, particuliere en publieke entiteiten, waaronder verenigingen, die, waar relevant en binnen het toepassingsgebied, in aanmerking werden genomen. Met name is artikel 2, lid 2, punt c), ii), gewijzigd om de verwijzing naar “beveiligingsdiensten” te schrappen als voorbeeld van diensten die worden verleend door havenbeheerders, inclusief hun havenfaciliteiten.
3.JURIDISCHE ELEMENTEN VAN DE GEDELEGEERDE HANDELING
Deze gedelegeerde handeling wordt vastgesteld op basis van de in artikel 5, lid 1, van de CER-richtlijn aan de Commissie verleende machtiging, overeenkomstig artikel 290, VWEU en overeenkomstig de voorwaarden van artikel 23 van de CER-richtlijn.
Bij deze gedelegeerde handeling wordt een niet-uitputtende lijst vastgesteld van essentiële diensten die particuliere of openbare entiteiten als vermeld in de derde kolom van de bijlage bij de richtlijn (“categorieën van entiteiten”) verlenen in de in die bijlage vermelde sectoren en deelsectoren. De lijst van essentiële diensten moet in nauwe samenhang met deze derde kolom worden gelezen, aangezien alleen diensten die worden verleend door specifieke entiteiten als omschreven in de in die derde kolom vastgestelde wetgeving, als essentiële diensten worden beschouwd. Bovendien moet deze lijst worden gelezen met inachtneming van de definitie van essentiële diensten overeenkomstig artikel 2, lid 5, van de CER-richtlijn. Volgens dit artikel zijn essentiële diensten diensten die van cruciaal belang zijn voor de instandhouding van vitale maatschappelijke functies, economische activiteiten, de volksgezondheid en openbare veiligheid of het milieu.
Wat de betrokken sectoren betreft, omvat deze lijst essentiële diensten in de volgende sectoren: energie, vervoer, digitale infrastructuur, bankwezen, infrastructuur voor de financiële markt, volksgezondheid, drinkwater, afvalwater, overheid, ruimtevaart, productie, verwerking en distributie van levensmiddelen.
Zoals hierboven vermeld, kunnen de lidstaten deze lijst aanvullen met aanvullende essentiële diensten op nationaal niveau. Overeenkomstig artikel 7, lid 2, punt a), van de CER-richtlijn dienen de lidstaten bij de Commissie onverwijld de lijst van essentiële diensten in wanneer er aanvullende essentiële diensten zijn ten opzichte van de in deze gedelegeerde handeling vastgestelde lijst.
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) …/... VAN DE COMMISSIE
van 25.7.2023
tot aanvulling van Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad door de vaststelling van een lijst van essentiële diensten
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad, en met name artikel 5, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
(1)Richtlijn (EU) 2022/2557 heeft tot doel ervoor te zorgen dat diensten die essentieel zijn voor de instandhouding van vitale maatschappelijke functies of economische activiteiten ongehinderd worden verleend op de interne markt en dat de weerbaarheid van kritieke entiteiten die dergelijke diensten verlenen, wordt vergroot.
(2)Daartoe is de Commissie krachtens artikel 5, lid 1, van Richtlijn (EU) 2022/2557 bevoegd een gedelegeerde handeling vast te stellen tot vaststelling van een niet-uitputtende lijst van essentiële diensten in de in de bijlage bij die richtlijn vermelde sectoren en deelsectoren. De lijst moet door de bevoegde autoriteiten worden gebruikt voor de uitvoering van risicobeoordelingen en vervolgens voor het identificeren van kritieke entiteiten.
(3)De lijst van essentiële diensten moet in algemene termen worden opgesteld om rekening te kunnen houden met specifieke kenmerken van de lidstaten, zoals omvang, bevolkingsdichtheid of geografische ligging. De lijst moet echter alleen betrekking hebben op de essentiële diensten van de in de bijlage bij Richtlijn (EU) 2022/2557 vermelde categorieën van entiteiten. Daartoe moeten alleen diensten die worden verleend door entiteiten die onder deze categorieën vallen, worden beschouwd als essentiële diensten in de zin van artikel 2, lid 5, van Richtlijn (EU) 2022/2557.
(4)Meer in het algemeen moet de lijst van essentiële diensten worden gebruikt in het licht van alle relevante bepalingen van Richtlijn (EU) 2022/2557. Dit omvat de definitie van essentiële diensten als diensten die van cruciaal belang zijn voor de instandhouding van vitale maatschappelijke functies, economische activiteiten, de volksgezondheid en openbare veiligheid, of het milieu, alsook de definitie van een overheidsinstantie en de bepalingen betreffende het toepassingsgebied van die richtlijn. Op grond van artikel 1, lid 6, van Richtlijn (EU) 2022/2557 zijn overheidsinstanties die activiteiten uitvoeren op het gebied van nationale veiligheid, openbare veiligheid, defensie of rechtshandhaving, met inbegrip van het onderzoeken, opsporen en vervolgen van strafbare feiten, uitgesloten.
(5)Bijgevolg mogen de economische activiteiten die op niet-uitputtende basis in deze gedelegeerde verordening zijn opgenomen, voor de toepassing van deze gedelegeerde verordening en Richtlijn (EU) 2022/2557 alleen als essentiële diensten worden beschouwd wanneer zij als essentiële diensten in de zin van die richtlijn worden aangemerkt,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Onderwerp
Bij deze verordening wordt krachtens artikel 5, lid 1, van Richtlijn (EU) 2022/2557 een niet-uitputtende lijst van essentiële diensten opgesteld, als bedoeld in artikel 2, lid 5, van die richtlijn, in de sectoren en deelsectoren die zijn opgenomen in de bijlage bij die richtlijn.
Artikel 2
Niet-uitputtende lijst van essentiële diensten
De in artikel 1 bedoelde niet-uitputtende lijst van essentiële diensten luidt als volgt:
(1)sector energie:
(a)deelsector elektriciteit:
(I)levering van elektriciteit (elektriciteitsbedrijven);
(II)exploitatie, onderhoud en ontwikkeling van een elektriciteitsdistributiesysteem (distributiesysteembeheerders);
(III)exploitatie, onderhoud en ontwikkeling van een elektriciteitstransmissiesysteem (transmissiesysteembeheerders);
(IV)opwekking van elektriciteit (producenten);
(V)benoemde dienst van elektriciteitsmarktbeheerders (benoemde elektriciteitsmarktbeheerders);
(VI)vraagrespons (marktdeelnemers);
(VII)aggregatie van elektriciteit (marktdeelnemers);
(VIII)energieopslag (marktdeelnemers);
(b)deelsector stadsverwarming en -koeling: levering van stadsverwarming of -koeling (exploitanten van stadsverwarming of stadskoeling);
(c)deelsector olie:
(I)olietransport (exploitanten van oliepijpleidingen);
(II)olieproductie (exploitanten van voorzieningen voor de productie van olie);
(III) raffinage en behandeling van olie (exploitanten van voorzieningen voor de raffinage en behandeling van olie);
(IV) olieopslag (exploitanten van voorzieningen voor de opslag van olie);
(V)beheer van de olievoorraden, met inbegrip van de veiligheidsvoorraden en de speciale olievoorraden (centrale entiteiten voor de voorraadvorming);
(d)deelsector gas:
(I)levering van gas (leveringsbedrijven);
(II)distributie van gas (distributiesysteembeheerders);
(III)transmissie van gas (transmissiesysteembeheerders);
(IV)gasopslag (opslagsysteembeheerders);
(V)exploitatie van een LNG-systeem (LNG-systeembeheerders);
(VI)productie van aardgas (aardgasbedrijven);
(VII)aankoop van aardgas (aardgasbedrijven);
(VIII)raffinage en behandeling van aardgas (exploitanten van voorzieningen voor de raffinage en behandeling van aardgas);
(e)deelsector waterstof:
(I)productie van waterstof (exploitanten van voorzieningen voor de productie van waterstof);
(II)opslag van waterstof (exploitanten van voorzieningen voor de opslag van waterstof);
(III)transmissie van waterstof (exploitanten van voorzieningen voor de transmissie van waterstof);
(2)sector vervoer:
(a)deelsector lucht:
(I)luchtvervoersdiensten voor commerciële doeleinden (passagiers en vracht) (luchtvaartmaatschappijen);
(II)exploitatie, beheer en onderhoud van luchthavens en van luchthavennetwerkinfrastructuur (luchthavenbeheerders);
(III)luchtverkeersleidingsdiensten (luchtverkeersleidingsdiensten);
(b)deelsector spoor:
(I)spoorwegvervoersdiensten (passagiers- en goederenvervoer) (spoorwegondernemingen);
(II)exploitatie, beheer en onderhoud van spoorweginfrastructuur, met inbegrip van passagiersstations, goederenterminals, spoorwegwerven en verkeersleidingscentra (infrastructuurbeheerders);
(III)exploitatie, beheer en onderhoud van spoorwegdienstvoorzieningen (exploitanten van dienstvoorzieningen);
(IV)exploitatie, beheer en onderhoud van het spoorverkeersbeheer, besturing en seingeving en telecommunicatie-installaties en -systemen voor besturing en seingeving (infrastructuurbeheerders);
(c)deelsector water:
(I)vervoer over land, over zee en over kustwateren (passagiers en goederen) (bedrijven voor vervoer over water (binnenvaart, kust- en zeevervoer) van passagiers en vracht);
(II)exploitatie, beheer en onderhoud van havens en havenfaciliteiten, en exploitatie van werken en uitrusting in havens, met inbegrip van bunkeren, vrachtbehandeling, aanmeren, passagiersdiensten, inzameling van scheepsafval en ladingresiduen, loods- en sleepdiensten (beheerders van havens alsook entiteiten die werken en uitrusting in havens beheren);
(III)verkeersbegeleidingsdiensten (exploitanten van verkeersbegeleidingssystemen);
(d)deelsector weg:
(I)verkeersbeheercontrole, met inbegrip van aspecten die verband houden met planning, controle en beheer van het wegennet, met uitzondering van verkeersbeheer of de exploitatie van intelligente vervoerssystemen die geen essentieel onderdeel vormen van de algemene activiteit van overheidsinstanties (wegenautoriteiten);
(II)diensten voor intelligente vervoerssystemen (exploitanten van intelligente vervoerssystemen);
(e)deelsector openbaar vervoer: openbaar personenvervoer per spoor en andere vormen van railvervoer en over de weg (exploitanten van openbare diensten);
(3)sector bankwezen:
(I)aantrekken van deposito’s (kredietinstellingen);
(II)kredietverlening (kredietinstellingen);
(4)sector infrastructuur voor de financiële markt:
(I)exploitatie van een handelsplatform (beheerders van handelsplatforms);
(II)exploitatie van clearingsystemen (centrale tegenpartijen);
(5)sector volksgezondheid:
(I)verlening van gezondheidsdiensten (zorgaanbieders);
(II)analyse uitgevoerd door een referentielaboratorium van de Europese Unie (EU-referentielaboratoria);
(III)onderzoek en ontwikkeling op het gebied van geneesmiddelen (entiteiten die zich bezighouden met het onderzoek naar en de ontwikkeling van geneesmiddelen);
(IV)vervaardiging van farmaceutische basisproducten en van farmaceutische bereidingen (entiteiten die farmaceutische basisproducten en farmaceutische bereidingen vervaardigen);
(V)vervaardiging van medische hulpmiddelen die in het kader van een noodsituatie op het gebied van de volksgezondheid als kritiek worden beschouwd (entiteiten die medische hulpmiddelen vervaardigen);
(VI)distributie van geneesmiddelen (entiteiten die houder zijn van een groothandelsvergunning);
(6)sector drinkwater: drinkwatervoorziening en drinkwaterdistributie, met uitzondering van de distributie van voor menselijke consumptie bestemd water, wanneer die dienst geen essentieel onderdeel vormt van de algemene activiteit van distributeurs die andere grondstoffen en goederen distribueren (leveranciers en distributeurs van voor menselijke consumptie bestemd water);
(7)sector afvalwater: opvangen, behandelen en lozen van afvalwater, met uitzondering van het opvangen, lozen of behandelen van stedelijk afvalwater, huishoudelijk afvalwater of industrieel afvalwater, wanneer deze niet essentieel zijn voor de algemene activiteiten van ondernemingen (ondernemingen die stedelijk, huishoudelijk en industrieel afvalwater opvangen, lozen of behandelen);
(8)sector digitale infrastructuur:
(I)verlening en exploitatie van diensten voor internetknooppunten (aanbieders van internetknooppunten);
(II)verlening van diensten voor domeinnaamsystemen (DNS), met uitzondering van diensten die verband houden met root-naamservers (DNS-dienstverleners);
(III)exploitatie en beheer van registers van topleveldomeinnamen (registers voor topleveldomeinnamen);
(IV)verlening van cloudcomputingdiensten (aanbieders van cloudcomputingdiensten);
(V)verlening van datacenterdiensten (aanbieders van datacenterdiensten);
(VI)aanbieden van netwerken voor content delivery (aanbieders van netwerken voor content delivery);
(VII)verlening van vertrouwensdiensten (verleners van vertrouwensdiensten);
(VIII)verlening van openbaar beschikbare elektronischecommunicatiediensten (aanbieders van elektronischecommunicatiediensten);
(IX)aanbieden van openbare elektronische communicatienetwerken (aanbieders van openbare elektronischecommunicatienetwerken);
(9)sector overheid: diensten die worden verleend door overheidsinstanties in de zin van artikel 2, lid 10, van Richtlijn (EU) 2022/2557, van centrale overheden zoals gedefinieerd door de lidstaten overeenkomstig het nationale recht (overheidsinstanties van centrale overheden);
(10)sector ruimtevaart: exploitanten van grondfaciliteiten die in het bezit zijn van en beheerd en geëxploiteerd worden door de lidstaten of door particuliere partijen en die de verlening van vanuit de ruimte opererende diensten ondersteunen, met uitzondering van aanbieders van openbare elektronischecommunicatienetwerken (exploitanten van grondfaciliteiten);
(11)sector productie, verwerking en distributie van levensmiddelen (levensmiddelenbedrijven die zich uitsluitend bezighouden met logistiek en groothandel, en met grootschalige industriële productie en verwerking):
(I)grootschalige industriële productie en verwerking van levensmiddelen;
(II)diensten in verband met de voedselvoorzieningsketen, met inbegrip van opslag en logistiek;
(III)groothandel in levensmiddelen.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25.7.2023
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN