|
VERZOEK OM INPUT VOOR EEN PARALLEL UITGEVOERDE EVALUATIE EN EFFECTBEOORDELING |
|
|
Titel van het initiatief |
Tussentijdse evaluatie van het Euratom-programma voor onderzoek en opleiding 2021‑2025 Verlenging van het Euratom-programma voor onderzoek en opleiding voor 2026‑2027 |
|
Leidend DG – verantwoordelijke eenheid |
DG Onderzoek en Innovatie, Eenheid C.4 — Euratom-onderzoek |
|
Verwacht soort initiatief |
Verslag van de Commissie over de tussentijdse evaluatie van het Euratom-programma voor onderzoek en opleiding 2021‑2025 Voorstel van de Commissie voor een besluit van de Raad betreffende het Euratom-programma voor onderzoek en opleiding 2026‑2027 |
|
Indicatieve planning |
3e kwartaal 2024 - 1e kwartaal 2025 |
|
Aanvullende informatie |
https://research-and-innovation.ec.europa.eu/funding/funding-opportunities/funding-programmes-and-open-calls/horizon-europe/euratom-research-and-training-programme_en |
|
A. Politieke context, evaluatie, probleemomschrijving en subsidiariteitscontrole |
|
|
Politieke context |
|
|
Het Euratom-programma voor onderzoek en opleiding 2021‑2025 (“het programma”) is het belangrijkste financieringsprogramma van de EU voor nucleair onderzoek, met een budget van bijna 1,4 miljard EUR. Het programma is gericht op het handhaven van de hoogste normen voor nucleaire veiligheid en het behouden van vaardigheden op nucleair gebied in Europa. Ook financiert het programma de ontwikkeling van fusie-energie: een langetermijnoptie voor grootschalige, koolstofarme elektriciteitsopwekking, waarmee in de toekomst aan de vraag naar energie zou kunnen worden voldaan. In de fusiesector neemt de internationale concurrentie toe en begint wereldwijd een levendige particuliere sector te ontstaan. Er bestaat een aanzienlijk risico dat de kennis en de industriële capaciteit van de EU op het gebied van kernfusie verloren gaan als het innovatiepotentieel van de particuliere sector in de EU niet wordt gebruikt om de technologische ontwikkeling te versnellen. In de mededeling van de Commissie over de klimaatdoelstelling voor Europa voor 2040 (COM(2024) 63) wordt benadrukt dat alle koolstofvrije en koolstofarme energieoplossingen, waaronder kernenergie, nodig zijn om het energiesysteem tegen 2040 koolstofvrij te maken. Met de industriële alliantie voor kleine modulaire reactoren, die in 2024 van start is gegaan, wordt beoogd deze decarbonisatie te ondersteunen, met inachtneming van de hoogste normen op het gebied van nucleaire veiligheid. Ook moet deze alliantie toekomstige onderzoeksbehoeften in kaart brengen. Het is ook belangrijk om de relevantie te erkennen van nucleair onderzoek op gebieden die niet met energie te maken hebben, zoals medische of ruimtevaarttoepassingen, en te wijzen op de grote behoefte aan gekwalificeerde professionals op nucleair gebied. Hoewel het MFK de periode 2021‑2027 bestrijkt, heeft het programma slechts een looptijd van vijf jaar (2021‑2025) vanwege de in artikel 7 van het Euratom‑Verdrag vastgestelde limiet. Om nucleair onderzoek gedurende de resterende twee jaar (2026‑2027) te blijven ondersteunen, moet de Commissie een nieuw voorstel indienen (“de verlenging”). |
|
|
Evaluatie |
|
|
In de tussentijdse evaluatie zullen de opzet, de uitvoering en de eerste resultaten van het programma in de periode 2021‑2023 worden geanalyseerd. Daarbij wordt aandacht besteed aan de relevantie, de samenhang, de efficiëntie, de doeltreffendheid, en de toegevoegde waarde van de EU. Met deze evaluatie wordt voldaan aan de wettelijke verplichting van de Commissie uit hoofde van artikel 14 van de verordening tot vaststelling van het programma. In het kader van dit gerelateerd programma zal ook bewijsmateriaal worden aangedragen dat nodig is voor de voorafgaande evaluatie van de verlenging. In de voorafgaande evaluatie zullen de aan te pakken kwesties, de toegevoegde waarde van de betrokkenheid van de EU, de doelstellingen, de verwachte effecten van de verschillende opties en de monitoring en evaluatie in kaart worden gebracht en geanalyseerd. |
|
|
Probleem dat met het initiatief wordt aangepakt |
|
|
Nucleaire technologieën spelen een belangrijke rol in het energie- en klimaatbeleid van de EU en de lidstaten. Voor lidstaten die geen kernenergie gebruiken, blijft nucleaire wetenschap belangrijk voor andere toepassingen op gebieden als geneeskunde, industrie, landbouw, milieu en ruimtevaart. Een beveiligd en veilig gebruik van deze technologieën is daarbij van cruciaal belang: van de veiligheid van bestaande en toekomstige elektriciteitscentrales tot bescherming tegen ioniserende straling en van veilig beheer van radioactief afval tot ontmanteling. Publiek en particulier onderzoek speelt hierbij een belangrijke rol. Europa loopt ook het risico zijn kennis en vaardigheden op dit gebied kwijt te raken. Jongeren zijn ontmoedigd te studeren voor een loopbaan in kernsplitsing. De toegenomen belangstelling voor en investeringen in kernfusie buiten de EU kan ertoe leiden dat talent wegtrekt en de EU haar leiderspositie verliest. |
|
|
Grondslag van het EU‑optreden (rechtsgrondslag en subsidiariteitscontrole) |
|
|
Het Euratom‑Verdrag bepaalt dat de Commissie er mede mee is belast het onderzoek op het gebied van de kernenergie in de lidstaten te bevorderen en te vergemakkelijken en het aan te vullen door het ten uitvoer brengen van het onderzoek- en onderwijsprogramma van de Gemeenschap (artikel 4). Dit programma moet met eenparigheid van stemmen en op voorstel van de Commissie door de Raad worden vastgesteld (artikel 7). Kwesties met betrekking tot nucleaire veiligheid en beveiliging zijn grensoverschrijdend, en voor de ontwikkeling van fusie-energie zijn inspanningen op zeer grote schaal nodig. Dit is niet alleen van belang voor lidstaten die kerncentrales exploiteren (ongeveer de helft van de EU‑lidstaten), maar ook voor lidstaten die onderzoekreactoren exploiteren (ook voor de productie van radio‑isotopen). Ten slotte gebruiken alle lidstaten straling voor niet-energiedoeleinden, met name voor medische doeleinden. Investeringen in onderzoek door afzonderlijke lidstaten, met name die met een lagere onderzoeksintensiteit, zullen gezien het benodigde investeringsniveau waarschijnlijk niet de vereiste kritische massa bereiken. Ook bestaat het risico dat dubbel werk wordt verricht, dat versnippering optreedt en dat lacunes in het onderzoek niet worden gedicht. Daarom is een programma op EU‑niveau noodzakelijk. |
|
|
Rechtsgrondslag |
|
|
Artikel 7 van het Euratom‑Verdrag |
|
|
Praktische noodzaak van EU‑optreden |
|
|
Vanuit Euratom gefinancierd onderzoek ondersteunt de inspanningen van de lidstaten, de veiligheidsinstanties en de industrie om ervoor te zorgen dat huidige en toekomstige kerninstallaties worden ontworpen, gebouwd, geëxploiteerd en ontmanteld volgens de hoogste normen op het gebied van veiligheid, beveiliging, beheer van radioactief afval en non-proliferatie. Het programma en de verlenging ervan zouden in geen geval belangrijke werkzaamheden of de ontwikkeling van nieuwe systemen en demonstratiemodellen van technologie kunnen ondersteunen. Voor de ontwikkeling van fusie-energie financiert het Euratom-programma de uitvoering van het stappenplan voor kernfusie, waarmee de exploitatie van de internationale thermonucleaire experimentele reactor (ITER), alsook het ontwerp van en de technologieën voor een eerste fusiecentrale, worden ondersteund. |
|
|
B. Doelstellingen en beleidsopties |
|
|
De algemene en specifieke doelstellingen van de verlenging voor 2026‑2027 zouden vergelijkbaar zijn met die van het programma voor 2021‑2025, maar met een sterkere nadruk op de betrokkenheid van de particuliere sector bij het versnellen van de ontwikkeling van fusie-energie. In dit stadium van reflectie overwegen de diensten van de Commissie verschillende beleidsmaatregelen voor Euratom-onderzoek om nieuwe ontwikkelingen op nucleair gebied aan te pakken: ·het ondersteunen van EU‑innovatie op het gebied van sleuteltechnologieën voor fusie-energie, om zo bij te dragen tot het ontwerp en de ontwikkeling van de eerste fusie-energiecentrale, de industriële kennis en het concurrentievermogen van de EU in stand te houden, en gebruik te maken van het wetenschappelijke leiderschap van de EU en het ITER‑project; ·het aanpassen van financieringsprioriteiten en onderzoeksrichtsnoeren met betrekking tot de veiligheid van bestaande kerncentrales en toekomstige technologieën (met inbegrip van kleine modulaire reactoren) om de meest relevante en dringende kwesties aan te pakken; ·bijdragen tot de weerbaarheid van de EU tegen crises en mondiale dreigingen door nucleaireveiligheidscontroles te verrichten en onderzoek en capaciteitsopbouw op het gebied van nucleaire veiligheid te ondersteunen; ·het verlenen van verdere steun aan de lopende, door Euratom medegefinancierde Europese partnerschappen op het gebied van stralingsbescherming, beheer van radioactief afval en fusie-energie, en tegelijkertijd het afstemmen van partnerschappen op veranderende uitdagingen, de behoeften van eindgebruikers en inclusiviteit voor alle lidstaten. Op basis van verdere analyse van en input van belanghebbenden over deze maatregelen, zullen in de effectbeoordeling beleidsopties worden geformuleerd en geanalyseerd. |
|
|
C. Waarschijnlijke effecten |
|
|
Onderzoek dat via de uitbreiding wordt gefinancierd, zal bijdragen tot: ·betere veiligheid voor langetermijnexploitatie van kerncentrales in Europa; ·het voorzien van regelgevende instanties van de instrumenten voor de veiligheidsbeoordeling van huidige en toekomstige technologieën, ongeacht of deze van Europees ontwerp zijn of uit derde landen worden ingevoerd; ·het leggen van de wetenschappelijke basis voor verbeterde medische en ruimtevaarttoepassingen van nucleaire wetenschap en technologie; ·het bieden van oplossingen voor veilige langdurige opslag van radioactief afval; ·het versterken van de nucleaire veiligheid en de controle daarvan, en van non-proliferatie; ·het aanpakken van knelpunten in het ontwerpproces van de eerste fusie-energiecentrale en het bevorderen van het concurrentievermogen van de Europese industrie; ·betere toegang van Europese onderzoekers tot unieke gedeelde faciliteiten, en betere mobiliteit in de hele EU. |
|
|
D. Instrumenten voor betere regelgeving |
|
|
Effectbeoordeling en evaluatie |
|
|
De diensten van de Commissie zullen overeenkomstig de verordening tot vaststelling van het programma een tussentijdse evaluatie van het programma uitvoeren. De conclusies van het evaluatieverslag zullen, samen met de conclusies van de voorafgaande effectbeoordeling, dienen als input voor een voorstel voor een verordening tot vaststelling van de verlenging, dat de Commissie in het eerste kwartaal van 2025 moet goedkeuren. |
|
|
Raadplegingsstrategie |
|
|
Aangezien de tussentijdse evaluatie van het programma en de voorafgaande evaluatie van de verlenging ongeveer tegelijkertijd zullen plaatsvinden en aangezien zij beide gericht zijn op dezelfde kleine onderzoeksgemeenschap, zal de Commissie één openbare raadpleging voor beide houden. Het doel van de openbare raadpleging is de standpunten van belanghebbenden over de belangrijkste aspecten van de voorbereiding, uitvoering en toekomstige ontwikkeling van het programma te verzamelen, zodat de diensten van de Commissie een tussentijdse evaluatie en een effectbeoordeling kunnen uitvoeren. Tot de belangrijkste belanghebbenden behoren onderzoekers op nucleair gebied, bedrijven, de academische wereld, niet-gouvernementele organisaties en overheidsinstanties, evenals EU‑koepelorganisaties daarvan. Geplande raadplegingen: Øin het eerste kwartaal van 2024 wordt gedurende twaalf weken in het Engels, Frans en Duits een openbare raadpleging gepubliceerd op de website “Geef uw mening” (https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say_nl). Reacties kunnen in elke officiële taal van de Europese Unie worden ingediend. De resultaten zullen worden uiteengezet in een samenvattend verslag dat als bijlage bij het tussentijdse evaluatieverslag van de Commissie wordt gevoegd. ØEr zullen gerichte raadplegingen (bv. interviews) worden gehouden met de deelnemers aan het programma als deel van de externe evaluatiestudies ter ondersteuning van de tussentijdse evaluatie. ØDaarnaast zal commissaris Ivanova in 2024 een rondetafelbijeenkomst op hoog niveau over Europese fusie-innovatie met prominente belanghebbenden uit de onderzoeks- en industriële gemeenschappen voorzitten. Daar zullen mogelijke toekomstige maatregelen op het gebied van innovatie en onderzoek op het gebied van kernfusie onder de loep worden genomen. In overeenstemming met het beleid van de Europese Commissie voor betere regelgeving om initiatieven te ontwikkelen die gebaseerd zijn op de beste beschikbare kennis, zullen wij tevens wetenschappelijke onderzoekers, academische organisaties, kennismaatschappijen en wetenschappelijke verenigingen op het gebied van nucleair onderzoek uitnodigen om gepubliceerd en nog niet gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek, analyses en gegevens in te dienen. Wij zijn met name geïnteresseerd in bijdragen waarin de huidige stand van de kennis op de relevante gebieden wordt samengevat. |
|
|
Waarom deze raadpleging? |
|
|
De Commissie is op zoek naar standpunten van belanghebbenden over de voorbereiding, uitvoering en toekomstige ontwikkeling van het programma, zodat de diensten van de Commissie het programma kunnen evalueren en het voorstel tot verlenging daarvan kunnen voorbereiden. |
|
|
Doelgroep |
|
|
Deze raadpleging is voornamelijk gericht op onderzoekers op het gebied van nucleair onderzoek (kernsplitsing en kernfusie), stralingsbescherming en beheer van radioactief afval, en op bedrijven, de academische wereld, niet-gouvernementele organisaties en overheidsinstanties, en EU‑koepelorganisaties daarvan. |
|