|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2024/1279 |
21.5.2024 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2024/1279 VAN DE COMMISSIE
van 8 mei 2024
betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde delen van rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China uit hoofde van Verordening (EG) nr. 88/97 van de Commissie
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (1), en met name artikel 13, lid 4,
Gezien Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van 10 januari 1997 tot uitbreiding van het definitieve antidumpingrecht, ingesteld bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 voor rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China op de invoer van bepaalde onderdelen van rijwielen uit de Volksrepubliek China en tot heffing van het uitgebreide recht op dergelijke uit hoofde van Verordening (EG) nr. 703/96 geregistreerde invoer (2), en met name artikel 3,
Gezien Uitvoeringsverordening (EU) 2020/45 van de Commissie van 20 januari 2020 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1379 wat betreft de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China tot bepaalde rijwielonderdelen van oorsprong uit de Volksrepubliek China (3),
Gezien Verordening (EG) nr. 88/97 van de Commissie van 20 januari 1997 tot goedkeuring van de vrijstelling van de invoer van bepaalde delen van rijwielen, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad ingestelde antidumpingrecht (4), en met name de artikelen 4 tot en met 7,
Na kennisgeving aan de lidstaten,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Als gevolg van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“de VRC”) geldt momenteel een antidumpingrecht op hoofdbestanddelen van rijwielen van oorsprong uit de VRC die in de Unie worden ingevoerd (“het uitgebreide recht”). |
|
(2) |
Krachtens artikel 3 van Verordening (EG) nr. 71/97 is de Commissie bevoegd de nodige maatregelen vast te stellen om goedkeuring te geven voor de vrijstelling van de invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen die geen ontwijking van het antidumpingrecht inhoudt. |
|
(3) |
Die uitvoeringsmaatregelen zijn opgenomen in Verordening (EG) nr. 88/97 van de Commissie (“de vrijstellingsverordening”), zoals gewijzigd, waarbij het specifieke stelsel van vrijstelling is ingevoerd. |
|
(4) |
Op basis hiervan heeft de Commissie een aantal rijwielassemblagebedrijven van het uitgebreide recht vrijgesteld (“de vrijgestelde partijen”). |
|
(5) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2023/611 van 17 maart 2023 heeft de Commissie in het Publicatieblad van de Europese Unie de lijst van de onderzochte partijen en de bijgewerkte lijst van de vrijgestelde partijen bekendgemaakt (5). |
|
(6) |
Overeenkomstig artikel 16, lid 2, van de vrijstellingsverordening heeft de Commissie in het Publicatieblad van de Europese Unie meermaals lijsten van de vrijgestelde partijen bekendgemaakt. Het meest recente besluit van de Commissie betreffende vrijstellingen uit hoofde van de vrijstellingsverordening, te weten Uitvoeringsbesluit (EU) 2023/1431 (6), is aangenomen op 30 juni 2023. |
|
(7) |
Voor de toepassing van het onderhavige besluit zijn de definities van artikel 1 van de vrijstellingsverordening van toepassing. |
1. AANVRAGEN OM VRIJSTELLING
|
(8) |
De Commissie heeft tussen 20 februari 2022 en 22 mei 2023 van de in de tabellen 1 en 2 vermelde partijen aanvragen om vrijstelling ontvangen met de informatie die nodig is om te kunnen vaststellen of deze aanvragen op grond van artikel 4 van de vrijstellingsverordening ontvankelijk zijn. |
|
(9) |
De partijen die om vrijstelling hebben verzocht, zijn in de gelegenheid gesteld op de gevolgtrekkingen van de Commissie met betrekking tot de ontvankelijkheid van hun aanvragen te reageren. |
|
(10) |
Overeenkomstig artikel 5, lid 1, van de vrijstellingsverordening is, in afwachting van een beslissing over de gegrondheid van de aanvragen van de partijen die om vrijstelling hebben verzocht, de betaling van het uitgebreide recht met betrekking tot de invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen die door deze in de onderstaande tabellen 1 en 2 vermelde partijen voor het vrije verkeer zijn aangegeven, geschorst met ingang van de datum waarop de Commissie hun respectieve naar behoren gestaafde aanvragen in de zin van artikel 4, leden 1 en 2, van de vrijstellingsverordening heeft ontvangen. |
2. GOEDKEURING VAN VRIJSTELLING
|
(11) |
Het onderzoek naar de gegrondheid van de aanvragen van de in tabel 1 vermelde partijen is afgesloten. Tabel 1
|
|
(12) |
De Commissie heeft tijdens haar onderzoek vastgesteld dat de waarde van de onderdelen van oorsprong uit de VRC minder dan 60 % bedroeg van de totale waarde van de onderdelen van alle rijwielen die de in tabel 1 vermelde partijen hebben geassembleerd. |
|
(13) |
Bijgevolg heeft de Commissie geconcludeerd dat de door de in tabel 1 vermelde partij uitgevoerde assemblageverrichtingen niet binnen de werkingssfeer van artikel 13, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 vallen. |
|
(14) |
Om die reden, en overeenkomstig artikel 7, lid 1, van de vrijstellingsverordening, voldeden de in tabel 1 vermelde partijen aan de voorwaarden voor vrijstelling van het uitgebreide recht. |
|
(15) |
Overeenkomstig artikel 7, lid 2, van de vrijstellingsverordening moet de vrijstelling van kracht worden met ingang van de datum waarop de naar behoren gestaafde aanvraag in de zin van artikel 4, leden 1 en 2, van de vrijstellingsverordening is ontvangen. Derhalve moet de douaneschuld van de om vrijstelling verzoekende partij met betrekking tot het uitgebreide recht met ingang van dezelfde datum geacht worden niet te hebben bestaan. |
|
(16) |
De belanghebbenden zijn in kennis gesteld van de gevolgtrekkingen van de Commissie met betrekking tot de gegrondheid van hun respectieve aanvragen en zijn in de gelegenheid gesteld daarop te reageren. Er werden geen opmerkingen ontvangen. |
|
(17) |
Aangezien de vrijstelling uitsluitend geldt ten aanzien van de partijen die uitdrukkelijk in tabel 1 worden vermeld, moeten de vrijgestelde partijen de Commissie onverwijld van elke wijziging hiervan in kennis stellen (7) (bv. naar aanleiding van een wijziging van de naam, de rechtsvorm of het adres, of naar aanleiding van het opzetten van nieuwe assemblage-eenheden). |
|
(18) |
In geval van wijziging van de referentiegegevens moet de vrijgestelde partij relevante informatie verstrekken, onder meer over alle wijzigingen van haar met assemblage verband houdende activiteiten. Waar nodig werkt de Commissie de referentiegegevens dienovereenkomstig bij. |
3. SCHORSING VAN DE BETALING VAN HET RECHT VOOR ONDERZOCHTE PARTIJEN
|
(19) |
Het onderzoek naar de gegrondheid van de aanvragen van de in tabel 2 vermelde partijen loopt nog. In afwachting van een beslissing over de gegrondheid van hun aanvragen is de betaling van het uitgebreide recht door deze partijen geschorst. |
|
(20) |
Aangezien de schorsingen uitsluitend gelden ten aanzien van de partijen die uitdrukkelijk in tabel 2 worden vermeld, moeten deze partijen de Commissie onverwijld van elke wijziging hiervan in kennis stellen (8) (bv. naar aanleiding van een wijziging van de naam, de rechtsvorm of het adres, of naar aanleiding van het opzetten van nieuwe assemblage-eenheden). |
|
(21) |
In geval van wijziging van de referentiegegevens moet de betrokken partij alle relevante informatie verstrekken, onder meer over alle wijzigingen van haar met assemblage verband houdende activiteiten. Waar nodig werkt de Commissie de referentiegegevens van die partij bij. Tabel 2
|
4. OPHEFFING VAN DE SCHORSING VAN BETALING VAN HET RECHT VOOR ONDERZOCHTE PARTIJEN
|
(22) |
De schorsing van de betaling van het recht moet worden opgeheven voor de in tabel 3 vermelde onderzochte partijen. Tabel 3
|
|
(23) |
De Commissie heeft op 8 augustus 2022 en 26 oktober 2022 van de in tabel 3 vermelde partijen een aanvraag om vrijstelling ontvangen met de informatie die nodig is om te kunnen vaststellen of de respectieve aanvragen op grond van artikel 4, lid 1, van de vrijstellingsverordening ontvankelijk zijn. |
|
(24) |
Overeenkomstig artikel 5, lid 1, van de vrijstellingsverordening is, in afwachting van een beslissing over de gegrondheid van de aanvragen, de betaling van het uitgebreide recht met betrekking tot de invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen die door de in tabel 3 vermelde partijen voor het vrije verkeer zijn aangegeven, geschorst met ingang van de data waarop de Commissie hun respectieve aanvragen om vrijstelling heeft ontvangen. |
|
(25) |
Om te kunnen vaststellen welke invoer van hoofdbestanddelen van rijwielen voor het vrije verkeer wordt aangegeven en onder de schorsing van de betaling van het uitgebreide recht valt, zijn aan Cyclision s.r.o. Slovakia (“Cyclision”) en aan Bicicletas Mendiz S.A. Spain (“Bicicletas Mendiz”) respectievelijk de aanvullende Taric-codes C896 en C991 toegewezen. |
|
(26) |
De Commissie heeft op 13 juni 2023 van Bicicletas Mendiz een verzoek tot intrekking van de aanvraag om vrijstelling ontvangen terwijl het onderzoek naar de gegrondheid van de aanvraag nog gaande was en de betaling van het uitgebreide recht was geschorst. |
|
(27) |
De Commissie heeft de intrekking toegestaan, zodat de schorsing van de betaling van het uitgebreide recht moet worden opgeheven. Het uitgebreide recht moet worden geïnd met ingang van de datum waarop de aanvraag om vrijstelling van Bicicletas Mendiz is ontvangen, namelijk de datum waarop de schorsing is ingegaan, d.w.z. 26 oktober 2022. |
|
(28) |
Bicicletas Mendiz is op 22 juni 2023 in kennis gesteld van de gevolgtrekkingen van de Commissie en is in de gelegenheid gesteld daarop te reageren. Er werden geen opmerkingen ontvangen. |
|
(29) |
Op 3 oktober 2023 heeft de Commissie overeenkomstig artikel 6, lid 1, van de vrijstellingsverordening een onderzoektijdvak vastgesteld voor de beslissing of aan Cyclision een vrijstelling moet worden verleend en heeft zij Cyclision een vragenlijst toegezonden, vergezeld van een verzoek om informatie over de tijdens het aldus vastgestelde onderzoektijdvak uitgevoerde assemblageactiviteiten. |
|
(30) |
Bovendien heeft de Commissie Cyclision meegedeeld dat de aanvraag om vrijstelling overeenkomstig artikel 7, lid 4, van de vrijstellingsverordening kon worden afgewezen als de gevraagde informatie niet binnen de door de Commissie vastgestelde termijn werd ingediend. De Commissie heeft geen antwoord ontvangen. |
|
(31) |
Op 6 november 2023 herhaalde de Commissie het verzoek tot verstrekking van de nodige documenten en informatie over de assemblageactiviteiten van Cyclision tijdens het onderzoektijdvak. Cyclision werd er ook van in kennis gesteld dat het niet indienen van de gevraagde vragenlijst en documentatie een schending vormde van de verplichtingen van artikel 6, lid 2, van de vrijstellingsverordening. Daarnaast stelde de Commissie Cyclision in kennis van het voornemen om de vrijstellingsaanvraag overeenkomstig artikel 7, lid 4, van de vrijstellingsverordening af te wijzen. De Commissie heeft geen antwoord ontvangen. |
|
(32) |
Op 24 november 2023 werd Cyclision ervan in kennis gesteld dat een besluit van de Commissie tot afwijzing van de aanvraag om vrijstelling in voorbereiding was, dat de schorsing derhalve zou worden opgeheven en dat Cyclision de uitgebreide rechten zou moeten betalen die vanaf de schorsingsdatum niet waren geïnd. De Commissie heeft geen antwoord ontvangen. |
|
(33) |
Bijgevolg moet de door Cyclision ingediende aanvraag om vrijstelling overeenkomstig artikel 7, lid 4, van de vrijstellingsverordening worden afgewezen. De schorsing van de betaling van het uitgebreide recht moet worden opgeheven en het uitgebreide recht moet worden geïnd met ingang van de datum waarop de vrijstellingsaanvraag van Cyclision is ontvangen, namelijk de datum waarop de schorsing is ingegaan, d.w.z. 8 augustus 2022. |
5. BIJWERKING VAN DE REFERENTIEGEGEVENS VAN VRIJGESTELDE PARTIJEN
|
(34) |
De in tabel 4 vermelde vrijgestelde partijen hebben de Commissie tussen 6 juni 2023 en 7 februari 2024 ervan in kennis gesteld dat hun namen en adressen zijn gewijzigd. De Commissie heeft na onderzoek van de ingediende informatie geconcludeerd dat deze wijzigingen, wat de in de vrijstellingsverordening opgenomen voorwaarden voor vrijstelling of schorsing betreft, geen gevolgen voor de assemblagewerkzaamheden hebben. |
|
(35) |
De krachtens artikel 7, lid 1, van de vrijstellingsverordening ten aanzien van deze partijen verleende goedkeuring van de vrijstelling van het uitgebreide recht blijft ongewijzigd, maar de referentiegegevens van deze partijen moeten worden bijgewerkt. Tabel 4
|
6. PARTIJEN TEN AANZIEN WAARVAN DE GOEDKEURING VAN DE VRIJSTELLING WORDT INGETROKKEN
|
(36) |
De goedkeuring van de vrijstelling moet worden ingetrokken voor de in tabel 5 vermelde partijen. Tabel 5
|
|
(37) |
Tussen 17 juli 2023 en 19 maart 2024 is de Commissie ervan in kennis gesteld dat de in tabel 5 vermelde vrijgestelde partijen met de aanvullende Taric-codes 8489, C019, C202, 8071, 8083, 8330, C311 en A850 zijn geliquideerd en hun activiteiten hebben stopgezet. Bovendien hebben de in tabel 5 vermelde vrijgestelde partijen met de aanvullende Taric-codes 8005, 8081, 8624, 8767, 8981, A172, A231 en A249 hun rijwielassemblageactiviteiten definitief gestaakt en/of hebben zij sinds januari 2019 geen gebruik gemaakt van de vrijstelling en dus niet voldaan aan de drempel van artikel 14, punt c), van de vrijstellingsverordening. Verder hebben de in tabel 5 vermelde vrijgestelde partijen met de aanvullende Taric-codes 8205 en A500 voor de assemblage geen hoofdbestanddelen van rijwielen gebruikt in hoeveelheden die boven de in artikel 14, punt c), van de vrijstellingsverordening vastgestelde drempel liggen. |
|
(38) |
Bijgevolg heeft de Commissie geconcludeerd dat de aan de in tabel 5 vermelde partijen verleende vrijstelling overeenkomstig artikel 10 van de vrijstellingsverordening moet worden ingetrokken. |
|
(39) |
De in tabel 5 vermelde partijen zijn in kennis gesteld van de gevolgtrekkingen van de Commissie en zijn in de gelegenheid gesteld daarop te reageren. Er werd een antwoord ontvangen van de in tabel 5 vermelde vrijgestelde partij met aanvullende Taric-code A500, waarin deze bevestigde dat zij voor de assemblageverrichtingen geen hoofdbestanddelen van rijwielen gebruikte in hoeveelheden die boven de in artikel 14, punt c), van de vrijstellingsverordening vastgestelde drempel liggen, maar nog wel steeds rijwielen assembleerde. Daarom moet de intrekking van de ten aanzien van deze partijen verleende goedkeuring van de vrijstelling van kracht worden op de dag na die van de bekendmaking van dit besluit in het Publicatieblad van de Europese Unie. Er zijn geen opmerkingen ontvangen van andere in tabel 5 vermelde partijen, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De in de tabel in dit artikel vermelde partijen worden vrijgesteld van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad ingestelde definitieve antidumpingrecht op rijwielen van oorsprong uit de Volksrepubliek China tot bepaalde onderdelen van rijwielen uit de Volksrepubliek China.
Overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 88/97, zoals gewijzigd, wordt de vrijstelling van kracht met ingang van de datum waarop de respectieve aanvraag om vrijstelling van de partij is ontvangen. Deze data worden vermeld in de tabelkolom “Geldig vanaf”.
De vrijstelling geldt uitsluitend ten aanzien van de partijen die specifiek in de tabel in dit artikel worden vermeld.
De vrijgestelde partijen moeten de Commissie onverwijld in kennis stellen van elke wijziging van hun naam of adres en daarbij alle relevante informatie verstrekken, met name over wijzigingen van hun met assemblage verband houdende activiteiten die de vrijstellingsvoorwaarden betreffen.
Vrijgestelde partijen
|
Aanvullende Taric-code |
Naam |
Adres |
Geldig vanaf |
||
|
C557 |
Berria Bike S.L. |
|
30.3.2022 |
||
|
C860 |
Profil Bicycles CZ s.r.o. |
|
20.2.2022 |
||
|
C863 |
Decathlon Sp. z o.o. |
|
21.3.2022 |
Artikel 2
De in de tabel in dit artikel vermelde partijen zijn overeenkomstig artikel 6 van Verordening (EG) nr. 88/97 in onderzoek.
De schorsingen van de betaling van het uitgebreide antidumpingrecht overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 88/97 worden van kracht met ingang van de data waarop de respectieve schorsingsaanvragen van de partijen zijn ontvangen. Deze data worden vermeld in de tabelkolom “Geldig vanaf”.
Deze schorsingen van betaling gelden uitsluitend ten aanzien van de onderzochte partijen die specifiek in de tabel in dit artikel worden vermeld.
De onderzochte partijen moeten de Commissie onverwijld in kennis stellen van alle met de schorsingsvoorwaarden verband houdende wijzigingen van hun assemblagewerkzaamheden en de Commissie ten bewijze daarvan alle relevante informatie verstrekken. Deze wijzigingen omvatten alle wijzigingen van de namen, activiteiten, rechtsvormen of adressen van de partijen, maar zijn daartoe niet beperkt.
Onderzochte partijen
|
Aanvullende Taric-code |
Naam |
Adres |
Geldig vanaf |
||
|
899I |
Adrisport sas |
|
21.4.2023 |
||
|
899M |
Delta Sport Sp. z o.o. |
|
22.5.2023 |
Artikel 3
Ten aanzien van de in de tabel in dit artikel vermelde partijen wordt de schorsing van de betaling van het uitgebreide antidumpingrecht overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 88/97 opgeheven.
Het uitgebreide recht moet worden geïnd met ingang van de data in de kolom “Geldig vanaf”.
Partijen ten aanzien waarvan de schorsing wordt opgeheven
|
Aanvullende Taric-code |
Naam |
Adres |
Geldig vanaf |
||
|
C991 |
Bicicletas Mendiz S.A. |
|
26.10.2022 |
||
|
C896 |
Cyclision s.r.o. |
|
8.8.2022 |
Artikel 4
Voor de in de tabel in dit artikel vermelde vrijgestelde partijen worden de bijgewerkte referentiegegevens vermeld in de kolom “Nieuwe referentiegegevens”. Deze bijwerkingen worden van kracht met ingang van de data in de kolom “Geldig vanaf”.
De bijbehorende aanvullende Taric-codes in de tabelkolom “Aanvullende Taric-code” die eerder aan die vrijgestelde partijen waren toegekend, blijven ongewijzigd.
Vrijgestelde partijen waarvoor de referentiegegevens worden bijgewerkt
|
Aanvullende Taric-code |
Oude referentiegegevens |
Nieuwe referentiegegevens |
Geldig vanaf |
|||||||
|
A826 |
|
|
6.6.2023 |
|||||||
|
C720 |
|
|
29.8.2023 |
|||||||
|
C481 |
|
|
13.7.2023 |
Artikel 5
Ten aanzien van de in de tabel in dit artikel vermelde partijen wordt de goedkeuring van de vrijstelling van de betaling van het uitgebreide antidumpingrecht ingetrokken.
De intrekking wordt van kracht met ingang van de data in de kolom “Geldig vanaf”.
Voor de in de tabel in dit artikel vermelde partij met de aanvullende Taric-code A500 wordt de intrekking van kracht op de dag na die van de bekendmaking van dit besluit in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Partijen ten aanzien waarvan de goedkeuring van de vrijstelling wordt ingetrokken
|
Aanvullende Taric-code |
Naam |
Adres |
Geldig vanaf |
|||
|
8489 |
Cycle-Union GmbH |
|
1.3.2023 |
|||
|
C019 |
Prophete GmbH & Co. KG |
|
1.3.2023 |
|||
|
C202 |
VanMoof B.V. |
|
17.7.2023 |
|||
|
8071 |
Yakari |
|
1.1.2016 |
|||
|
8083 |
Établissements René Valdenaire S.A. |
|
20.12.2023 |
|||
|
8330 |
NV Minerva |
|
1.1.2016 |
|||
|
C311 |
Juan Luna Cabrera |
|
12.2.2024 |
|||
|
A850 |
Radsportvertrieb Dietmar Bayer GmbH |
|
20.2.2024 |
|||
|
8005 |
Gruppo Bici S.p.A. |
|
22.1.2024 |
|||
|
8081 |
Scout s.n.c. |
|
2.2.2024 |
|||
|
8624 |
Berg Toys B.V. |
|
6.2.2024 |
|||
|
8767 |
Planet Fun S.A. |
|
6.2.2024 |
|||
|
8981 |
Olmo Giuseppe S.p.A. |
|
6.2.2024 |
|||
|
A172 |
Lenardon Lida/Cicli Bandiziol |
|
6.2.2024 |
|||
|
A231 |
Velomarche di Giunta Giancarlo & C. s.n.c. |
|
6.2.2024 |
|||
|
A249 |
F.A.R.A.M. srl |
|
6.2.2024 |
|||
|
8205 |
Cicli Frera S.n.c. di Antonio e Vittorio Fontana & C. |
|
6.2.2024 |
|||
|
A500 |
Bicicletas de Castilla y León S.L. |
|
de dag na de bekendmaking van dit besluit |
|||
Article 6
Dit besluit is gericht tot de lidstaten alsmede tot de in de artikelen 1 tot en met 5 vermelde partijen en wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Done at Brussels, 8 May 2024.
Voor de Commissie
Valdis DOMBROVSKIS
Uitvoerend vicevoorzitter
(1) PB L 176 van 30.6.2016, blz. 21.
(2) PB L 16 van 18.1.1997, blz. 55.
(3) PB L 16 van 21.1.2020, blz. 7.
(4) PB L 17 van 21.1.1997, blz. 17.
(5) Bijlagen I en II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2023/611 van de Commissie van 17 maart 2023 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 88/97 tot goedkeuring van de vrijstelling van de invoer van bepaalde delen van rijwielen, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, van de uitbreiding bij Verordening (EG) nr. 71/97 van de Raad van het bij Verordening (EEG) nr. 2474/93 van de Raad ingestelde antidumpingrecht (PB L 80 van 20.3.2023, blz. 67).
(6) Uitvoeringsbesluit (EU) 2023/1431 van de Commissie van 30 juni 2023 betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde rijwielonderdelen van oorsprong uit de Volksrepubliek China overeenkomstig Verordening (EG) nr. 88/97 (PB L 175 van 10.7.2023, blz. 17).
(7) De partijen wordt verzocht het volgende e-mailadres te gebruiken: TRADE-BICYCLE-PARTS@ec.europa.eu.
(8) De partijen wordt verzocht het volgende e-mailadres te gebruiken: TRADE-BICYCLE-PARTS@ec.europa.eu.
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2024/1279/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)