ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 323

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

62e jaargang
12 december 2019


Inhoud

 

III   Andere handelingen

Bladzijde

 

 

EUROPESE ECONOMISCHE RUIMTE

 

*

Besluit van het gemengd Comité van de EER nr. 1/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER [2019/2037]

1

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 2/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER [2019/2038]

3

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 3/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2039]

5

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 4/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2040]

7

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 5/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2041]

9

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 6/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2042]

11

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 7/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2043]

14

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 8/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2044]

16

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 9/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2045]

18

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 10/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2046]

20

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 11/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2047]

22

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 12/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2048]

24

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 13/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2049]

26

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 14/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2050]

28

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 15/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2051]

29

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 16/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2052]

31

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 17/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2053]

33

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 18/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2054]

35

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 19/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2055]

37

 

*

Besluit van het Gemengd Comite van de EER nr. 20/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage IX (Financiële diensten) bij de EER-overeenkomst [2019/2056]

39

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER Nr. 21/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage IX (Financiële diensten), bijlage XII (Vrij verkeer van kapitaal) en van bijlage XXII (Vennootschapsrecht) bij de EER-overeenkomst [2019/2057]

41

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 22/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van Bijlage XI (Elektronische communicatie, audiovisuele diensten en informatiemaatschappij) bij de EER-overeenkomst [2019/2058]

45

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 23/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2059]

47

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 24/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2060]

49

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 25/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2061]

50

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 26/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XVI (Aanbestedingen) bij de EER-overeenkomst [2019/2062]

51

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 27/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2063]

53

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER Nr. 28/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2064]

55

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 29/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2065]

57

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 30/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2066]

59

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 31/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van bijlage XXI (Statistiek) bij de EER-overeenkomst [2019/2067]

61

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 32/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van Protocol nr. 21 (betreffende de tenuitvoerlegging van mededingingsregels ten aanzien van ondernemingen) bij de EER-overeenkomst [2019/2068]

63

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 33/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst, betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden [2019/2069]

65

 

*

Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 34/2018 van 9 februari 2018 tot wijziging van Protocol 47 (inzake de opheffing van de technische belemmeringen voor het handelsverkeer in wijn) bij de EER-overeenkomst [2019/2070]

67

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


III Andere handelingen

EUROPESE ECONOMISCHE RUIMTE

12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/1


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 1/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER [2019/2037]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna de “EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 92, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij de op 25 juli 2007 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Bulgarije en Roemenië aan de Europese Economische Ruimte (1) is artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst gewijzigd om het Bulgaars en het Roemeens toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(2)

De Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Bulgarije en Roemenië aan de Europese Economische Ruimte is op 9 november 2011 in werking getreden.

(3)

Het Bulgaars en het Roemeens moeten worden toegevoegd aan de lijst van talen in het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER, dat is vastgesteld bij Besluit nr. 1/1994 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 1994 (2) en is gewijzigd bij Besluit nr. 24/2005 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 2005 (3). De lijst van talen van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER wordt als volgt gewijzigd:

1)

De tekst van artikel 6, lid 2, wordt vervangen door:

“De teksten van de EG-wetgeving die overeenkomstig artikel 102, lid 1, in de bijlagen bij de EER-overeenkomst moeten worden opgenomen, zijn gelijkelijk authentiek in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zoals zij in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. Zij worden eveneens in het IJslands en Noors opgemaakt en door het Gemengd Comité van de EER authentiek verklaard samen met onder lid 1 bedoelde desbetreffende besluiten.”.

2)

De tekst van artikel 11, lid 1, wordt vervangen door:

“De besluiten van het Gemengd Comité van de EER tot wijziging van bijlagen of protocollen bij de EER-overeenkomst worden in het EER-gedeelte van het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, en in het EER-supplement daarop in het IJslands en Noors.”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 221 van 25.8.2007, blz. 15.

(2)   PB L 85 van 30.3.1994, blz. 60.

(3)   PB L 161 van 23.6.2005, blz. 54.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/3


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 2/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER [2019/2038]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna de “EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 92, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij de op 11 april 2014 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Kroatië aan de Europese Economische Ruimte (1) (hierna “EER-uitbreidingsovereenkomst 2014” genoemd) zal artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst wijzigen om het Kroatisch toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(2)

Het Kroatisch moet worden toegevoegd aan de lijst van talen in het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER, dat is vastgesteld bij Besluit nr. 1/1994 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 1994 (2) en is gewijzigd bij Besluit nr. 24/2005 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 2005 (3) en verder is gewijzigd bij Besluit nr. 1/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018 (4). De lijst van talen van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(3)

De EER-uitbreidingsovereenkomst 2014 is sinds 12 april 2014 voorlopig van toepassing op de ondertekenaars en onderhavig besluit is derhalve voorlopig van toepassing in afwachting van de inwerkingtreding van de EER-uitbreidingsovereenkomst 2014,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER wordt als volgt gewijzigd:

1)

De tekst van artikel 6, lid 2, wordt vervangen door:

“De teksten van de EG-wetgeving die overeenkomstig artikel 102, lid 1, in de bijlagen bij de Overeenkomst moeten worden opgenomen, zijn gelijkelijk authentiek in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zoals zij in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. Zij worden eveneens in het IJslands en Noors opgemaakt en door het Gemengd Comité van de EER authentiek verklaard samen met onder lid 1 bedoelde desbetreffende besluiten.”.

2)

De tekst van artikel 11, lid 1, wordt vervangen door:

“De besluiten van het Gemengd Comité van de EER tot wijziging van bijlagen of protocollen bij de Overeenkomst worden in het EER-gedeelte van het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, en in het EER-supplement daarop in het IJslands en Noors.”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, of op de dag van inwerkingtreding van de EER-uitbreidingsovereenkomst 2014, indien dat later is.

Het is voorlopig van toepassing met ingang van 12 april 2014.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 170 van 11.6.2014, blz. 5.

(2)   PB L 85 van 30.3.1994, blz. 60.

(3)   PB L 161 van 23.6.2005, blz. 54.

(4)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/5


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 3/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2039]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd) en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1365 van de Commissie van 9 augustus 2016 tot wijziging van Beschikking 98/536/EG wat de lijst van nationale referentielaboratoria betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden. Wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen van bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(3)

Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In deel 6.2 van hoofdstuk I van bijlage I bij de EER-overeenkomst wordt punt 39 (Beschikking 98/536/EG van de Commissie) als volgt gewijzigd:

1.

Het volgende streepje wordt toegevoegd:

“—

32016 D 1365: Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1365 van de Commissie van 9 augustus 2016 (PB L 216 van 11.8.2016, blz. 12).”.

2.

De aangepaste tekst wordt vervangen door:

“In de tabel in de bijlage wordt het volgende toegevoegd:

Lidstaat

Referentielaboratoria

Groep residuen

IJsland

Livsmedelsverket

Vak 622

S-751 26 Uppsala

Alle groepen behalve B3c

 

Matis

Vinlandsleid 12

IS-110 Reykjavik

B3c

Noorwegen

Zeevruchten:

Nationaal Instituut voor onderzoek naar voeding en zeevruchten

Vak 2029 Nordnes

N-5817 Bergen

B1, B2a, B2b, B2e, B2f (carbadox, olakindox), B3c, B3e

 

Landdieren:

Fera Science Ltd

Sand Hutton

YO41 1 LZ, York

UK

A1, A2, A3, A4, A5, B1, B2a, B2b, B2d, B2f, B3c, B3d”

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1365 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 216 van 11.8.2016, blz. 12.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/7


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 4/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2040]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/1261 van de Commissie van 12 juli 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat betreft alternatieve methoden voor de verwerking van bepaalde uitgesmolten vetten (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Verordening (EU) 2017/1262 van de Commissie van 12 juli 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat het gebruik van mest van landbouwhuisdieren als brandstof in stookinstallaties betreft (2), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden. Wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen van bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(4)

Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In deel 7.1 van hoofdstuk I van bijlage I bij de EER-overeenkomst worden in punt 9c (Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie) de volgende streepjes toegevoegd:

“—

32017 R 1261: Verordening (EU) 2017/1261 van de Commissie van 12 juli 2017 (PB L 182 van 13.7.2017, blz. 31),

32017 R 1262: Verordening (EU) 2017/1262 van de Commissie van 12 juli 2017 (PB L 182 van 13.7.2017, blz. 34).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Verordeningen (EU) 2017/1261 en (EU) 2017/1262 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 182 van 13.7.2017, blz. 31.

(2)   PB L 182 van 13.7.2017, blz. 34.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/9


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 5/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2041]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/736 van de Commissie van 26 april 2017 tot wijziging van bijlage VIII bij Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de Raad wat de goedkeuring van het Sloveense nationale bestrijdingsprogramma voor klassieke scrapie betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1396 van de Commissie van 26 juli 2017 tot wijziging van de bijlage bij Beschikking 2007/453/EG wat de BSE-status van Polen en bepaalde gebieden van het Verenigd Koninkrijk betreft (2), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden. Wetgeving inzake veterinaire aangelegenheden is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen van bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(4)

Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk I van bijlage I bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

In deel 7.1 wordt in punt 12 (Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 0736: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/736 van de Commissie van 26 april 2017 (PB L 110 van 27.4.2017, blz. 2).”.

2)

In deel 7.2 wordt in punt 49 (Beschikking 2007/453/EG van de Commissie) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 D 1396: Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1396 van de Commissie van 26 juli 2017 (PB L 197 van 28.7.2017, blz. 9).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/736 en Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1396 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 110 van 27.4.2017, blz. 2.

(2)   PB L 197 van 28.7.2017, blz. 9.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/11


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 6/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2042]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 van de Commissie van 17 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen, legkippen, mestvarkens, minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten gehouden voor mestdoeleinden en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 255/2005 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 668/2003 (vergunninghouder Andrés Pintaluba SA) (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1903 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor de preparaten van Pediococcus parvulus DSM 28875, Lactobacillus casei DSM 28872 en Lactobacillus rhamnosus DSM 29226 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (2) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1904 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van Bacillus licheniformis DSM 28710 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en opfokleghennen (vergunninghouder Huvepharma NV) (3) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(4)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1905 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor het preparaat van Saccharomyces cerevisiae CNCM I-1079 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en mestvogels van minder gangbare pluimveesoorten (vergunninghouder Danstar Ferment AG, vertegenwoordigd door Lallemand SAS) (4) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(5)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1906 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8) geproduceerd door Trichoderma citrinoviride Bisset (IMI SD135), als toevoegingsmiddel voor voeding voor opfokleghennen en voor minder gangbare pluimveesoorten gehouden voor legdoeleinden (vergunninghouder Huvepharma NV) (5) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(6)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1907 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van Lactobacillus plantarum (KKP/593/p en KKP/788/p) en Lactobacillus buchneri (KKP/907/p) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor runderen en schapen (6) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(7)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1914 van de Commissie van 19 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor salinomycine-natrium (Sacox 120 microGranulate en Sacox 200 microGranulate) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en opfokleghennen en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 1852/2003 en (EG) nr. 1463/2004 (vergunninghouder Huvepharma NV) (7) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(8)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Verordening (EG) nr. 668/2003 van de Commissie (8) wordt bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(9)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Verordening (EG) nr. 1852/2003 van de Commissie (9) wordt bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1914 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(10)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake diervoeding. Wetgeving inzake diervoeding is niet van toepassing op Liechtenstein zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen bij bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(11)

Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk II van bijlage I bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

In punt 1zzf (Verordening (EG) nr. 255/2005 van de Commissie) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1896: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 van de Commissie van 17 oktober 2017 (PB L 267 van 18.10.2017, blz. 1).”.

2)

Na punt 223 (Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1492 van de Commissie) worden de volgende punten ingevoegd:

“224.

32017 R 1896: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 van de Commissie van 17 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen, legkippen, mestvarkens, minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten gehouden voor mestdoeleinden en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 255/2005 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 668/2003 (vergunninghouder Andrés Pintaluba SA) (PB L 267 van 18.10.2017, blz. 1).

225.

32017 R 1903: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1903 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor de preparaten van Pediococcus parvulus DSM 28875, Lactobacillus casei DSM 28872 en Lactobacillus rhamnosus DSM 29226 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten (PB L 269 van 19.10.2017, blz. 22).

226.

32017 R 1904: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1904 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van Bacillus licheniformis DSM 28710 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en opfokleghennen (vergunninghouder Huvepharma NV) (PB L 269 van 19.10.2017, blz. 27).

227.

30217 R 1905: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1905 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor het preparaat van Saccharomyces cerevisiae CNCM I-1079 als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en mestvogels van minder gangbare pluimveesoorten (vergunninghouder Danstar Ferment AG, vertegenwoordigd door Lallemand SAS) (PB L 269 van 19.10.2017, blz. 30).

228.

32017 R 1906: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1906 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8) geproduceerd door Trichoderma citrinoviride Bisset (IMI SD135), als toevoegingsmiddel voor voeding voor opfokleghennen en voor minder gangbare pluimveesoorten gehouden voor legdoeleinden (vergunninghouder Huvepharma NV) (PB L 296 van 19.10.2017, blz. 33).

229.

32017 R 1907: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1907 van de Commissie van 18 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van Lactobacillus plantarum (KKP/593/p en KKP/788/p) en Lactobacillus buchneri (KKP/907/p) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor runderen en schapen (PB L 269 van 19.10.2017, blz. 36).

230.

32017 R 1914: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1914 van de Commissie van 19 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor salinomycine-natrium (Sacox 120 microGranulate en Sacox 200 microGranulate) als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen en opfokleghennen en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 1852/2003 en (EG) nr. 1463/2004 (vergunninghouder Huvepharma NV) (PB L 281 van 20.10.2017, blz. 1).”.

3.

De tekst van de punten 1ze (Verordening (EG) nr. 668/2003 van de Commissie) en 1zr (Verordening (EG) nr. 1852/2003 van de Commissie) wordt geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Uitvoeringsverordeningen (EU) 2017/1896, (EU) 2017/1903, (EU) 2017/1904, (EU) 2017/1905, (EU) 2017/1906, (EU) 2017/1907 en (EU) 2017/1914 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 267 van 18.10.2017, blz. 1.

(2)   PB L 269 van 19.10.2017, blz. 22.

(3)   PB L 269 van 19.10.2017, blz. 27.

(4)   PB L 269 van 19.10.2017, blz. 30.

(5)   PB L 269 van 19.10.2017, blz. 33.

(6)   PB L 269 van 19.10.2017, blz. 36.

(7)   PB L 271 van 20.10.2017, blz. 1.

(8)   PB L 96 van 12.4.2003, blz. 14.

(9)   PB L 281 van 22.10.2003, blz. 13.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/14


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 7/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage I (Veterinaire en fytosanitaire aangelegenheden) bij de EER-overeenkomst [2019/2043]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/2229 van de Commissie van 4 december 2017 tot wijziging van bijlage I bij Richtlijn 2002/32/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumgehalten voor lood, kwik, melamine en decoquinaat (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake diervoeding. Wetgeving inzake diervoeding is niet van toepassing op Liechtenstein zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de sectorale aanpassingen bij bijlage I bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(3)

Bijlage I bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk II van bijlage I bij de EER-overeenkomst wordt in punt 33 (Richtlijn 2002/32/EG van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 2229: Verordening (EU) 2017/2229 van de Commissie van 4 december 2017 (PB L 319 van 5.12.2017, blz. 6).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2017/2229 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 319 van 5.12.2017, blz. 6.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/16


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 8/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2044]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/1151 van de Commissie van 1 juni 2017 tot aanvulling van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie, tot wijziging van Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad, Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie en Verordening (EU) nr. 1230/2012 van de Commissie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Verordening (EU) 2017/1154 van de Commissie van 7 juni 2017 tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1151 tot aanvulling van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie, tot wijziging van Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad, Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie en Verordening (EU) nr. 1230/2012 van de Commissie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 692/2008 en van Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen in reële rijomstandigheden betreft (Euro 6) (2), zoals gerectificeerd in PB L 256 van 4.10.2017, blz. 11, moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie wordt bij Verordening (EU) 2017/1151 met ingang van 1 januari 2022 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt met ingang van 1 januari 2022.

(4)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk I van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

Na punt 45zzu (Verordening (EU) nr. 1230/2012 van de Commissie) wordt het volgende ingevoegd:

“45zzv.

32017 R 1151: Verordening (EU) 2017/1151 van de Commissie van 1 juni 2017 tot aanvulling van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie, tot wijziging van Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad, Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie en Verordening (EU) nr. 1230/2012 van de Commissie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie (PB L 175 van 7.7.2017, blz. 1), zoals gerectificeerd in:

32017 R 1154: Verordening (EU) 2017/1154 van de Commissie van 7 juni 2017 (PB L 175 van 7.7.2017, blz. 708), zoals gerectificeerd in PB L 256 van 4.10.2017, blz. 11.”.

2)

In de punten 45zu (Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie) en 45zx (Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1151: Verordening (EU) 2017/1151 van de Commissie van 1 juni 2017 (PB L 175 van 7.7.2017, blz. 1).”.

3)

In punt 45zzu (Verordening (EU) nr. 1230/2012 van de Commissie) wordt het volgende toegevoegd:

“, gewijzigd bij:

32017 R 1151: Verordening (EU) 2017/1151 van de Commissie van 1 juni 2017 (PB L 175 van 7.7.2017, blz. 1).”.

4)

In punt 45zx (Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1154: Verordening (EU) 2017/1154 van de Commissie van 7 juni 2017 (PB L 175 van 7.7.2017, blz. 708), zoals gerectificeerd in PB L 256 van 4.10.2017, blz. 11.”.

5)

De tekst van punt 45zu (Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie) wordt met ingang van 1 januari 2022 geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordeningen (EU) 2017/1151 en (EU) 2017/1154, zoals gerectificeerd in PB L 256 van 4.10.2017, blz. 11, zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 175 van 7.7.2017, blz. 1.

(2)   PB L 175 van 7.7.2017, blz. 708.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/18


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 9/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2045]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2016/426 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende gasverbrandingstoestellen en tot intrekking van Richtlijn 2009/142/EG (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Richtlijn 2009/142/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) wordt bij Verordening (EU) 2016/426 met ingang van 21 april 2018 ingetrokken en moet derhalve met ingang van 21 april 2018 uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk V van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

Na punt 3 (Richtlijn 92/42/EEG van de Raad) wordt het volgende punt ingevoegd:

“4.

32016 R 0426: Verordening (EU) 2016/426 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende gasverbrandingstoestellen en tot intrekking van Richtlijn 2009/142/EG (PB L 81 van 31.3.2016, blz. 99).”.

2)

De tekst van punt 2 (Richtlijn 2009/142/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt met ingang van 21 april 2018 geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2016/426 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 81 van 31.3.2016, blz. 99.

(2)   PB L 330 van 16.12.2009, blz. 10.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/20


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 10/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2046]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn (EU) 2016/2037 van de Commissie van 21 november 2016 tot wijziging van Richtlijn 75/324/EEG van de Raad inzake de maximaal toelaatbare druk van aerosols en teneinde de etiketteringsvoorschriften ervan aan te passen aan Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk VIII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt in punt 1 (Richtlijn 75/324/EEG van de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32016 L 2037: Richtlijn (EU) 2016/2037 van de Commissie van 21 november 2016 (PB L 314 van 22.11.2016, blz. 11).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn (EU) 2016/2037 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 314 van 22.11.2016, blz. 11.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/22


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 11/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2047]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/1250 van de Commissie van 11 juli 2017 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft het schrappen van de aromastof 4,5-epoxydec-2(trans)-enal uit de EU-lijst (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake voedingsmiddelen. Wetgeving inzake voedingsmiddelen is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de inleiding van hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt in punt 54zzzzs (Verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1250: Verordening (EU) 2017/1250 van de Commissie van 11 juli 2017 (PB L 179 van 12.7.2017, blz. 3).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2017/1250 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 179 van 12.7.2017, blz. 3.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/24


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 12/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2048]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1798 van de Commissie van 2 juni 2017 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 609/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de bijzondere samenstellings- en informatievoorschriften voor de dagelijkse voeding volledig vervangende producten voor gewichtsbeheersing (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake voedingsmiddelen. Wetgeving inzake voedingsmiddelen is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald in de inleiding van hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt na punt 77b (Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/127 van de Commissie) het volgende punt ingevoegd:

“77c.

32017 R 1798: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1798 van de Commissie van 2 juni 2017 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 609/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de bijzondere samenstellings- en informatievoorschriften voor de dagelijkse voeding volledig vervangende producten voor gewichtsbeheersing (PB L 259 van 7.10.2017, blz. 2).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1798 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 259 van 7.10.2017, blz. 2.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/26


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 13/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2049]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1558 van de Commissie van 14 september 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 37/2010 teneinde de stof bromelaïne in te delen wat de maximumwaarden voor residuen ervan betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1559 van de Commissie van 14 september 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 37/2010 teneinde maximumwaarden voor residuen van de stof alarelin op te nemen (2), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XIII van bijlage II bij de EER-overeenkomst worden in punt 13 (Verordening (EU) nr. 37/2010 van de Commissie) de volgende streepjes toegevoegd:

“—

32017 R 1558: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1558 van de Commissie van 14 september 2017 (PB L 237 van 15.9.2017, blz. 67),

32017 R 1559: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1559 van de Commissie van 14 september 2017 (PB L 237 van 15.9.2017, blz. 69).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Uitvoeringsverordeningen (EU) 2017/1558 en (EU) 2017/1559 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 237 van 15.9.2017, blz. 67.

(2)   PB L 237 van 15.9.2017, blz. 69.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/28


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 14/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2050]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsbesluit 2011/785/EU van de Commissie van 28 november 2011 tot wijziging van Beschikking 2008/911/EG tot vaststelling van een lijst van kruidensubstanties, kruidenpreparaten en combinaties daarvan voor gebruik in traditionele kruidengeneesmiddelen (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XIII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt in punt 15zl (Beschikking 2008/911/EG van de Commissie) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32011 D 0785: Uitvoeringsbesluit 2011/785/EU van de Commissie van 28 november 2011 (PB L 319 van 2.12.2011, blz. 102).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsbesluit 2011/785/EU zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 319 van 2.12.2011, blz. 102.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/29


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 15/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2051]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/1975 van de Commissie van 7 augustus 2017 tot wijziging, met het oog op aanpassing aan de vooruitgang van wetenschap en techniek, van bijlage III bij Richtlijn 2011/65/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft een vrijstelling voor cadmium in lichtdioden (leds) met kleuromzetting voor gebruik in beeldweergavesystemen (1), gerectificeerd in PB L 285 van 1.11.2017, blz. 32, moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XV van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt in punt 12q (Richtlijn 2011/65/EU van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 L 1975: Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/1975 van de Commissie van 7 augustus 2017 (PB L 281 van 31.10.2017, blz. 29), gerectificeerd in PB L 285 van 1.11.2017, blz. 32.”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/1975, gerectificeerd in PB L 285 van 1.11.2017, blz. 32, zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 281 van 31.10.2017, blz. 29.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/31


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 16/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2052]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1491 van de Commissie van 21 augustus 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof 2,4-DB overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (1).

(2)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1506 van de Commissie van 28 augustus 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof maleïnehydrazide overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (2) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk XV van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

In punt 13a (Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie) worden de volgende streepjes toegevoegd:

“—

32017 R 1491: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1491 van de Commissie van 21 augustus 2017 (PB L 216 van 22.8.2017, blz. 15),

32017 R 1506: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1506 van de Commissie van 28 augustus 2017 (PB L 222 van 29.8.2017, blz. 21).”.

2)

Na punt 13zzzzzzzw (Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1186 van de Commissie) worden de volgende punten ingevoegd:

“13zzzzzzzx.

32017 R 1491: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1491 van de Commissie van 21 augustus 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof propoxycarbazon overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (PB L 216 van 22.8.2017, blz. 15).

13zzzzzzzy.

32017 R 1506: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1506 van de Commissie van 28 augustus 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof maleïnehydrazide overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (PB L 222 van 29.8.2017, blz. 21).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Uitvoeringsverordeningen (EU) 2017/1491 en (EU) 2017/1506 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 216 van 22.8.2017, blz. 15.

(2)   PB L 222 van 29.8.2017, blz. 21.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/33


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 17/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2053]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2001 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van propaan-1-ol als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden voor de productsoorten 1, 2 en 4 (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2002 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van L(+)-melkzuur als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3 en 4 (2), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2003 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van fludioxonil als werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 7, 9 en 10 (3), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(4)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2004 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van 2-methyl-2H-isothiazool-3-on als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 12 (4), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(5)

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2005 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van margosa-extract, koudgeperste olie van zaden van Azadirachta indica zonder dop, geëxtraheerd met superkritisch koolstofdioxide, als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 19 (5), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(6)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XV van bijlage II bij de EER-overeenkomst worden na punt 20 (Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1532 van de Commissie) de volgende punten ingevoegd:

“21.

32017 R 2001: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2001 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van propaan-1-ol als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden voor de productsoorten 1, 2 en 4 (PB L 290 van 9.11.2017, blz. 1).

22.

32017 R 2002: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2002 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van L(+)-melkzuur als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3 en 4 (PB L 290 van 9.11.2017, blz. 4).

23.

32017 R 2003: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2003 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van fludioxonil als werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 7, 9 en 10 (PB L 290 van 9.11.2017, blz. 7).

24.

32017 R 2004: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2004 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van 2-methyl-2H-isothiazool-3-on als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 12 (PB L 290 van 9.11.2017, blz. 11).

25.

32017 R 2005: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2005 van de Commissie van 8 november 2017 tot goedkeuring van margosa-extract, koudgeperste olie van zaden van Azadirachta indica zonder dop, geëxtraheerd met superkritisch koolstofdioxide, als bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 19 (PB L 290 van 9.11.2017, blz. 14).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van de Verordeningen (EU) 2017/2001, (EU) 2017/2002, (EU) 2017/2003, (EU) 2017/2004 en (EU) 2017/2005 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1)

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 290 van 9.11.2017, blz. 1.

(2)   PB L 290 van 9.11.2017, blz. 4.

(3)   PB L 290 van 9.11.2017, blz. 7.

(4)   PB L 290 van 9.11.2017, blz. 11.

(5)   PB L 290 van 9.11.2017, blz. 14.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/35


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 18/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2054]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/2164 van de Commissie van 17 november 2017 inzake de erkenning van de vrijwillige regeling “RTRS EU RED” voor het aantonen van de naleving van de duurzaamheidscriteria overeenkomstig de Richtlijnen 98/70/EG en 2009/28/EG van het Europees Parlement en de Raad (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De geldigheid van de in de EER-overeenkomst opgenomen Uitvoeringsbesluiten 2011/435/EU (2), 2011/436/EU (3), 2011/437/EU (4), 2011/438/EU (5), 2011/440/EU (6), 2011/441/EU (7), 2012/210/EU (8), 2012/395/EU (9), 2012/432/EU (10), 2012/452/EU (11) en 2012/722/EU (12) van de Commissie is vervallen en bijgevolg moeten alle verwijzingen daarnaar uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk XVII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.

Na punt 6av (Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1433 van de Commissie) wordt het volgende punt ingevoegd:

“6aw.

32017 D 2164: Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/2164 van de Commissie van 17 november 2017 inzake de erkenning van de vrijwillige regeling “RTRS EU RED” voor het aantonen van de naleving van de duurzaamheidscriteria overeenkomstig de Richtlijnen 98/70/EG en 2009/28/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 304 van 21.11.2017, blz. 53).”.

2.

De tekst van de punten 6aa (Uitvoeringsbesluit 2011/435/EU van de Commissie) tot en met 6ad (Uitvoeringsbesluit 2011/438/EU van de Commissie) en de punten 6af (Uitvoeringsbesluit 2011/440/EU van de Commissie) tot en met 6al (Uitvoeringsbesluit 2012/722/EU van de Commissie) is geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/2164 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 304 van 21.11.2017, blz. 53.

(2)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 73.

(3)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 75.

(4)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 77.

(5)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 79.

(6)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 83.

(7)   PB L 190 van 21.7.2011, blz. 85.

(8)   PB L 110 van 24.4.2012, blz. 42.

(9)   PB L 187 van 17.7.2012, blz. 62.

(10)   PB L 199 van 26.7.2012, blz. 24.

(11)   PB L 205 van 1.8.2012, blz. 17.

(12)   PB L 326 van 24.11.2012, blz. 53.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/37


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 19/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) bij de EER-overeenkomst [2019/2055]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2016/425 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende persoonlijke beschermingsmiddelen en tot intrekking van Richtlijn 89/686/EEG van de Raad (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Richtlijn 89/686/EEG van de Raad (2), wordt met ingang van 21 april 2018 bij Verordening (EG) nr. 2016/425 ingetrokken, en moet derhalve met ingang van 21 april 2018 uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage II bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Hoofdstuk XXII van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

Na punt 1 (Richtlijn 89/686/EEG van de Raad) wordt het volgende punt ingevoegd:

“2.

32016 R 0425: Verordening (EU) 2016/425 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende persoonlijke beschermingsmiddelen en tot intrekking van Richtlijn 89/686/EEG van de Raad (PB L 81 van 31.3.2016, blz. 51).”.

2)

De tekst van punt 1 (Richtlijn 89/686/EEG van de Raad) wordt met ingang van 21 april 2018 geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2016/425 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 81 van 31.3.2016, blz. 51.

(2)   PB L 399 van 30.12.1989, blz. 18.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/39


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 20/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage IX (Financiële diensten) bij de EER-overeenkomst [2019/2056]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 2013/14/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 tot wijziging van Richtlijn 2003/41/EG betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, Richtlijn 2009/65/EG tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe's) en Richtlijn 2011/61/EU inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen ter voorkoming van een overmatig vertrouwen in ratings (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Richtlijn 2014/91/EU van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 tot wijziging van Richtlijn 2009/65/EG tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe's) wat bewaartaken, beloningsbeleid en sancties betreft (2), zoals gerectificeerd bij PB L 52 van 27.2.2016, blz. 37, moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Bijlage IX bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage IX bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.

In punt 30 (Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32013 L 0014: Richtlijn 2013/14/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 (PB L 145 van 31.5.2013, blz. 1),

32014 L 0091: Richtlijn 2014/91/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 186), zoals gerectificeerd bij PB L 52 van 27.2.2016, blz. 37.”.

2.

In punt 30 (Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad) worden volgende wijzigingen ingevoegd:

“f)

In artikel 23, lid 4, worden, wat betreft de EVA-staten, de woorden “18 maart 2016” vervangen door “de datum van de inwerkingtreding van Besluit Nr. 20/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018” en de woorden “vóór 18 maart 2018” vervangen door “binnen twee jaar na de datum van inwerkingtreding van Besluit Nr. 20/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018”.

g)

In artikel 99:

i)

worden in lid 2 de woorden “en in voorkomend geval de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA.” ingevoegd na het woord “ESMA”;

ii)

worden in lid 6, wat betreft de EVA-staten, de woorden “17 september 2014” vervangen door “de datum van de inwerkingtreding van Besluit Nr. 20/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018”;

iii)

worden in lid 6, wat betreft de EVA-staten, de woorden “het desbetreffende recht van de Unie” vervangen door “de desbetreffende bepalingen van de EER-overeenkomst”.”

3.

In punt 31bb (Richtlijn 2011/61/EU van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende toegevoegd:

“, gewijzigd bij:

32013 L 0014: Richtlijn 2013/14/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 (PB L 145 van 31.5.2013, blz. 1).”.

4.

In punt 31d (Richtlijn 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32013 L 0014: Richtlijn 2013/14/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 (PB L 145 van 31.5.2013, blz. 1).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijnen 2013/14/EU en 2014/91/EU, zoals gerectificeerd bij PB L 52 van 27.2.2016, blz. 37, zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1) , of op de dag van inwerkingtreding van het besluit van het Gemengd Comité van de EER waarbij Richtlijn 2010/78/EG in de EER-overeenkomst werd opgenomen, indien dat later is.

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 145 van 31.5.2013, blz. 1.

(2)   PB L 257 van 28.8.2014, blz. 186.

(*1)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/41


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 21/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage IX (Financiële diensten), bijlage XII (Vrij verkeer van kapitaal) en van bijlage XXII (Vennootschapsrecht) bij de EER-overeenkomst [2019/2057]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna ”de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en de Verordeningen (EU) Nr. 1093/2010 en (EU) Nr. 648/2012, van het Europees Parlement en de Raad (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

In Richtlijn 2014/59/EU wordt verwezen naar ”EU-moederinstelling”, ”financiële Unie-moederholding” en ”gemengde financiële Unie-moederholding”, die in het kader van de EER-overeenkomst worden gelezen als verwijzingen naar entiteiten die voldoen aan de in deze richtlijn opgenomen definities en die gevestigd zijn in een overeenkomstsluitende partij van de EER en die geen dochterondernemingen zijn van een andere instelling die in een andere overeenkomstsluitende partij van de EER is gevestigd.

(3)

De bijlagen IX, XII en XXII bij de EER-overeenkomst moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage IX bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.

In punt 14 (Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad) en in punt 16c (Richtlijn 2001/24/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende toegevoegd:

”, gewijzigd bij:

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).”.

2.

Na punt 19a (Richtlijn 94/19/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende ingevoegd:

”19b.

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en de Verordeningen (EU) Nr. 1093/2010 en (EU) Nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).

De bepalingen van de richtlijn worden, voor de toepassing van deze overeenkomst, als volgt gelezen:

a)

Onverminderd de bepalingen van Protocol 1 bij deze overeenkomst en tenzij in deze overeenkomst anders is bepaald, staan de termen ”lidsta(a)t(en)”, ”afwikkelingsautoriteiten” en ”bevoegde autoriteiten” niet alleen voor de in de richtlijn bedoelde betekenis, maar ook respectievelijk voor de EVA-staten, hun afwikkelingsautoriteiten en hun bevoegde autoriteiten.

b)

Verwijzingen naar de bevoegdheden van de EBA krachtens artikel 19 van Verordening (EU) Nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad in de richtlijn worden begrepen als verwijzingen — in de zaken als bedoeld in en overeenkomstig punt 31g van deze bijlage — naar de bevoegdheden van de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA met betrekking tot de EVA-staten.

c)

In artikel 2, lid 1, punt 28, wordt ”Artikel 107, lid 1, VWEU” vervangen door ”Artikel 61, lid 1, van de EER-overeenkomst”.

d)

Verwijzingen naar de ”staatssteunregels van de Unie”, als gedefinieerd in artikel 2, lid 1, punt 53, worden begrepen als verwijzingen naar de kaderregeling inzake staatssteun die is vastgesteld in hoofdstuk 2 van deel IV van de EER-overeenkomst, met inbegrip van de desbetreffende bijlagen en protocollen bij de EER-overeenkomst en wat de EVA-staten betreft, de desbetreffende bepalingen van de Overeenkomst tussen de EVA-staten betreffende de oprichting van een toezichthoudende autoriteit en een Hof van Justitie.

e)

Artikel 68, lid 6, en artikel 93 zijn niet van toepassing.

f)

In artikel 84, leden 1 en 4, en in artikel 128, lid 1, worden de woorden ”of, in voorkomend geval, de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA” ingevoegd na ”EBA”.

g)

In artikel 94, lid 1, zijn wat de EVA-staten betreft de woorden ”als bedoeld in artikel 93, lid 1” niet van toepassing.

h)

In artikel 97:

i)

lid 1, zijn, wat de EVA-staten betreft, de woorden ”in artikel 93, lid 1, bedoelde” en ”als bedoeld in artikel 93, lid 1,” niet van toepassing;

ii)

lid 4, eerste alinea, wordt het volgende toegevoegd:

”Het sluiten van dergelijke samenwerkingsovereenkomsten is niet verplicht voor bevoegde autoriteiten en afwikkelingsautoriteiten van de EVA-staten.”.

i)

In artikel 102, lid 1, wordt wat de EVA-staten betreft ”31 december 2024” vervangen door ”31 december 2027”.

j)

In artikel 130 wordt wat de EVA-staten betreft ”vanaf 1 januari 2016” vervangen door ”binnen een termijn van een jaar na de datum van de inwerkingtreding van Besluit Nr. 21/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018”.”

3.

In punt 31bc (Verordening (EU) Nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad) en punt 31g (Verordening (EU) Nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

”—

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).”.

Artikel 2

In bijlage XII bij de EER-overeenkomst wordt in punt 4 (Richtlijn 2002/47/EG van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

”—

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).”.

Artikel 3

Bijlage XXII bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1.

In punt 2 (Richtlijn 2012/30/EU van het Europees Parlement en de Raad), punt 3 (Richtlijn 2011/35/EU van het Europees Parlement en de Raad), punt 5 (Richtlijn 82/891/EEG van de Raad) en punt 10e (Richtlijn 2005/56/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

”—

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).”.

2.

In punt 10d (Richtlijn 2004/25/EG van het Europees Parlement en de Raad) en in punt 10g (Richtlijn 2007/36/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende toegevoegd:

”, gewijzigd bij:

32014 L 0059: Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190).”.

Artikel 4

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn 2014/59/EU zijn authentiek.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1), of op de dag van inwerkingtreding van het besluit van het Gemengd Comité van de EER waarbij Verordening (EU) Nr. 575/2013 en Richtlijn 2013/36/EU in de EER-overeenkomst worden opgenomen, indien dat later is.

Artikel 6

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 173 van 12.6.2014, blz. 190.

(*1)  [Grondwettelijke vereisten aangegeven.]


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/45


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 22/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van Bijlage XI (Elektronische communicatie, audiovisuele diensten en informatiemaatschappij) bij de EER-overeenkomst [2019/2058]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) wordt bij Verordening (EU) nr. 910/2014 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage XI bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XI bij de EER-overeenkomst wordt de tekst van punt 51 (Richtlijn 1999/93/EG van het Europees Parlement en de Raad) vervangen door:

32014 R 0910: Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73).

De bepalingen van de verordening worden voor de toepassing van deze overeenkomst als volgt aangepast:

a)

In artikel 14, lid 1, wordt na “artikel 218, VWEU” het volgende ingevoegd: “, of tussen een EVA-staat en het betrokken derde land of een internationale organisatie”.

b)

De overeenkomstsluitende partijen stellen elkaar in kennis van de in artikel 14, lid 1, bedoelde onderhandeling en sluiting van overeenkomsten. Op verzoek vindt overleg plaats in het Gemengd Comité van de EER.

c)

Bij de onderhandeling over overeenkomsten als bedoeld in artikel 14, lid 1, streeft de Europese Unie naar een gelijke behandeling voor gekwalificeerde vertrouwensdiensten die worden verleend door in de EVA-staten gevestigde verleners van gekwalificeerde vertrouwensdiensten.

d)

In artikel 51, wat betreft de EVA-staten:

i)

worden in lid 3 de woorden “1 juli 2017” vervangen door “zes maanden na de datum van de inwerkingtreding van Besluit nr. 22/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018”;

ii)

worden in lid 4 de woorden “vanaf 2 juli 2017” vervangen door “na zes maanden vanaf de datum van de inwerkingtreding van Besluit nr. 22/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 9 februari 2018”.”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) nr. 910/2014 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 257 van 28.8.2014, blz. 73.

(2)   PB L 13 van 19.1.2000, blz. 12.

(*1)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/47


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 23/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2059]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 2014/94/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de uitrol van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XIII bij de EER-Overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XIII bij de EER-overeenkomst wordt na punt 5 (geschrapt) het volgende punt ingevoegd:

“5a.

32014 L 0094: Richtlijn 2014/94/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de uitrol van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen (PB L 307 van 28.10.2014, blz. 1).

De bepalingen van de richtlijn worden voor de toepassing van deze overeenkomst met de volgende aanpassingen gelezen:

(a)

Wat betreft de EVA-staten, wordt het woord “VWEU” in artikel 3, lid 5, vervangen door “de EER-overeenkomst”.

(b)

Artikel 6 is niet van toepassing op IJsland.

(c)

Deze richtlijn is niet van toepassing op Liechtenstein.”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn 2014/94/EU zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 307 van 28.10.2014, blz. 1.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/49


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 24/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2060]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/695 van de Commissie van 7 april 2017 houdende toestemming voor de lidstaten om bepaalde afwijkingen vast te stellen krachtens Richtlijn 2008/68/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende het vervoer van gevaarlijke goederen over land (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XIII bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XIII bij de EER-overeenkomst wordt in punt 13c (Richtlijn 2008/68/EG van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 D 0695: Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/695 van de Commissie van 7 april 2017 (PB L 101 van 13.4.2017, blz. 37)”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/695 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 101 van 13.4.2017, blz. 37.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/50


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 25/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst [2019/2061]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/1952 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2017 tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2888/2000 en (EG) nr. 685/2001 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad (2) wordt bij Verordening (EU) 2017/1952 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage XIII bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk XIII bij de EER-overeenkomst wordt de tekst van punt 44 (Verordening (EEG) nr. 1101/89 van de Raad) geschrapt.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2017/1952 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 284 van 31.10.2017, blz. 12.

(2)   PB L 116 van 28.4.1989, blz. 25.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/51


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 26/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XVI (Aanbestedingen) bij de EER-overeenkomst [2019/2062]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2365 van de Commissie van 18 december 2017 tot wijziging van Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de toepassingsdrempels inzake de procedures voor het plaatsen van opdrachten (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2364 van de Commissie van 18 december 2017 tot wijziging van Richtlijn 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de toepassingsdrempels inzake de procedures voor het plaatsen van opdrachten (2) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(3)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2367 van de Commissie van 18 december 2017 tot wijziging van Richtlijn 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de toepassingsdrempels inzake de procedures voor het plaatsen van opdrachten (3) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(4)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2366 van de Commissie van 18 december 2017 tot wijziging van Richtlijn 2014/23/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de toepassingsdrempels inzake de procedures voor het plaatsen van opdrachten (4) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(5)

Bijlage XVI bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage XVI bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

In punt 2 (Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 2365: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2365 van de Commissie van 18 december 2017 (PB L 337 van 19.12.2017, blz. 19)”.

2)

In punt 4 (Richtlijn 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 2364: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2364 van de Commissie van 18 december 2017 (PB L 337 van 19.12.2017, blz. 17)”.

3)

In punt 5c (Richtlijn 2009/81/EG van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 2367: Verordening (EU) 2017/2367 van de Commissie van 18 december 2017 (PB L 337 van 19.12.2017, blz. 22)”.

4)

In punt 6f (Richtlijn 2014/23/EU van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 2366: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2366 van de Commissie van 18 december 2017 (PB L 337 van 19.12.2017, blz. 21)”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en Noorse taal van de Gedelegeerde Verordeningen (EU) 2017/2364, (EU) 2017/2365 en (EU) 2017/2366 en Verordening (EU) 2017/2367 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2017, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 337 van 19.12.2017, blz. 19.

(2)   PB L 337 van 19.12.2017, blz. 17.

(3)   PB L 337 van 19.12.2017, blz. 22.

(4)   PB L 337 van 19.12.2017, blz. 21.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/53


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 27/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2063]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Besluit (EU) 2017/1508 van de Commissie van 28 augustus 2017 inzake het referentiedocument betreffende de beste milieubeheerpraktijk, sectorale milieuprestatie-indicatoren en criteria voor topprestaties voor de levensmiddelen- en drankenindustrie in het kader van Verordening (EG) nr. 1221/2009 van het Europees Parlement en de Raad inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XX bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XX bij de EER-overeenkomst wordt na punt 1eai (Verordening (EU) 2017/1505 van de Commissie) het volgende punt ingevoegd:

“1eaj.

32017 D 1508: Besluit (EU) 2017/1508 van de Commissie van 28 augustus 2017 inzake het referentiedocument betreffende de beste milieubeheerpraktijk, sectorale milieuprestatie-indicatoren en criteria voor topprestaties voor de levensmiddelen- en drankenindustrie in het kader van Verordening (EG) nr. 1221/2009 van het Europees Parlement en de Raad inzake de vrijwillige deelneming van organisaties aan een communautair milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) (PB L 223 van 30.8.2017, blz. 1.”

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Besluit (EU) 2017/1508 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 223 van 30.08.2017, blz. 1.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/55


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 28/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2064]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2017/1941 van de Commissie van 24 oktober 2017 tot wijziging van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 66/2010 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de EU-milieukeur (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XX bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XX bij de EER-overeenkomst wordt in punt 2a (Verordening (EG) nr. 66/2010 van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1941: Verordening (EU) 2017/1941 van de Commissie van 24 oktober 2017 (PB L 275 van 25.10.2017, blz. 9)”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2017/1941 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 275 van 25.10.2017, blz. 9.

(*1)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/57


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 29/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2065]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn (EU) 2016/802 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende een vermindering van het zwavelgehalte van bepaalde vloeibare brandstoffen (1) moet in de EER-overeenkomst te worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Richtlijn 1999/32/EG van de Raad (2) wordt bij Richtlijn (EU) 2016/802 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage XX bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XX bij de EER-overeenkomst wordt de tekst van punt 21ad (Richtlijn 1999/32/EG van de Raad) vervangen door:

32016 L 0802: Richtlijn (EU) 2016/802 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende een vermindering van het zwavelgehalte van bepaalde vloeibare brandstoffen (PB L 132 van 21.5.2016, blz. 58).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Richtlijn (EU) 2016/802 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-Overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 132 van 21.5.2016, blz. 58.

(2)   PB L 121 van 11.5.1999, blz. 13.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/59


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 30/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2019/2066]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2071 van de Commissie van 22 september 2016 tot wijziging van Verordening (EU) 2015/757 van het Europees Parlement en de Raad voor wat betreft de methoden voor de monitoring van de kooldioxide-emissies en de regels voor het monitoren van andere relevante informatie (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Bijlage XX bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XX bij de EER-overeenkomst wordt in punt 21aw (Verordening (EU) 2015/757 van het Europees Parlement en de Raad) het volgende toegevoegd:

“, gewijzigd bij:

32016 R 2071: Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2071 van de Commissie van 22 september 2016 (PB L 320 van 26.11.2016, blz. 1).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Gedelegeerde Verordening (EU) 2016/2071 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 320 van 26.11.2016, blz. 1.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/61


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 31/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van bijlage XXI (Statistiek) bij de EER-overeenkomst [2019/2067]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2016/792 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen en van de huizenprijzen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2494/95 van de Raad (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De in de EER-overeenkomst opgenomen Verordening (EG) nr. 2494/95 van de Raad (2) wordt bij Verordening (EU) 2016/792 ingetrokken en moet derhalve uit de EER-overeenkomst worden geschrapt.

(3)

Bijlage XXI bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In bijlage XXI bij de EER-overeenkomst wordt de tekst van punt 19a (Verordening (EG) nr. 2494/95 van de Raad) vervangen door:

32016 R 0792: Verordening (EU) 2016/792 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen en van de huizenprijzen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2494/95 van de Raad (PB L 135 van 24.5.2016, blz. 11).

De bepalingen van de verordening worden voor de toepassing van deze overeenkomst als volgt aangepast:

Deze verordening is niet van toepassing op Liechtenstein.”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2016/792 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 135 van 24.5.2016, blz. 11.

(2)   PB L 257 van 27.10.1995, blz. 1.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/63


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 32/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van Protocol nr. 21 (betreffende de tenuitvoerlegging van mededingingsregels ten aanzien van ondernemingen) bij de EER-overeenkomst [2019/2068]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2015/1348 van de Commissie van 3 augustus 2015 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 773/2004 betreffende procedures van de Commissie op grond van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Protocol 21 bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In artikel 3 van Protocol 21 bij de EER-overeenkomst wordt in punt 4 (Verordening (EG) nr. 773/2004 van de Commissie) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32015 R 1348: Verordening (EU) 2015/1348 van de Commissie van 3 augustus 2015 (PB L 208 van 5.8.2015, blz. 3).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2015/1348 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 208 van 5.8.2015, blz. 3.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/65


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 33/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst, betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden [2019/2069]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name de artikelen 86 en 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig het Besluit van het Gemengd Comité van de EER nr. 157/2014 van 9 juli 2014 (1), omvat de samenwerking tussen de partijen bij de EER-overeenkomst deelname aan de telecommunicatiesector van de Connecting Europe Facility (CEF) ingesteld bij Verordening (EU) nr. 1316/2013 van het Europees Parlement en de Raad (2).

(2)

Het is passend de samenwerking tussen de partijen bij de EER-overeenkomst uit te breiden en Verordening (EU) 2017/1953 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2017 tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1316/2013 en (EU) nr. 283/2014 wat de bevordering van internetconnectiviteit in lokale gemeenschappen betreft (3), erin op te nemen.

(3)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd om deze uitgebreide samenwerking met ingang van 1 januari 2018 mogelijk te maken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In artikel 2, lid 5 van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst wordt in het dertiende (Verordening (EU) nr. 1316/2013 van het Europees Parlement en de Raad) en veertiende (Verordening (EU) nr. 283/2014 van het Europees Parlement en de Raad) streepje het volgende toegevoegd:

“, gewijzigd bij:

32017 R 1953: Verordening (EU) 2017/1953 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2017 (PB L 286 van 1.11.2017, blz. 1).”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst (4).

Het is van toepassing vanaf 1 januari 2018.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 15 van 22.1.2015, blz. 85.

(2)   PB L 348 van 20.12.2013, blz. 129.

(3)   PB L 286 van 1.11.2017, blz. 1.

(4)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.


12.12.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 323/67


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 34/2018

van 9 februari 2018

tot wijziging van Protocol 47 (inzake de opheffing van de technische belemmeringen voor het handelsverkeer in wijn) bij de EER-overeenkomst [2019/2070]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1961 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 606/2009 wat bepaalde oenologische procedés betreft (1), moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

Dit besluit heeft betrekking op wetgeving inzake wijn. Wetgeving inzake wijn is niet van toepassing op Liechtenstein, zolang de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat inzake de handel in landbouwproducten van toepassing blijft in Liechtenstein, zoals bepaald is in de zevende alinea van de inleiding van Protocol 47 bij de EER-overeenkomst. Dit besluit is derhalve niet van toepassing op Liechtenstein.

(3)

Protocol 37 bij de EER-overeenkomst moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In aanhangsel 1 van Protocol 47 bij de EER-overeenkomst wordt in punt 10 (Verordening (EG) nr. 606/2009 van de Commissie) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32017 R 1961: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1961 van de Commissie van 2 augustus 2017 (PB L 279 van 28.10.2017, blz. 25).”.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/1961 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 februari 2018, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 februari 2018.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Claude MAERTEN


(1)   PB L 279 van 28.10.2017, blz. 25.

(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.