ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 2

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

61e jaargang
5 januari 2018


Inhoud

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2018/3 van de Commissie van 4 januari 2018 tot vaststelling van de drempelvolumes voor de jaren 2018 en 2019 voor de mogelijke toepassing van aanvullende invoerrechten voor bepaalde groenten en fruit

1

 

 

BESLUITEN

 

*

Besluit (EU) 2018/4 van de Raad van 18 december 2017 betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over een wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER

5

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/5 van de Commissie van 3 januari 2018 tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU betreffende de symptomen van Epitrix cucumeris (Harris), Epitrix papa sp. n., Epitrix subcrinita (Lec.) en Epitrix tuberis (Gentner) en de instelling van de desbetreffende afgebakende gebieden (Kennisgeving geschied onder nummer C(2017) 8788)

11

 

 

Rectificaties

 

*

Rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/842 van de Commissie van 17 mei 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof met een laag risico Coniothyrium minitans stam CON/M/91-08 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie ( PB L 125 van 18.5.2017 )

14

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

5.1.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 2/1


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2018/3 VAN DE COMMISSIE

van 4 januari 2018

tot vaststelling van de drempelvolumes voor de jaren 2018 en 2019 voor de mogelijke toepassing van aanvullende invoerrechten voor bepaalde groenten en fruit

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1), en met name artikel 183, eerste alinea, onder b),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 39 van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892 van de Commissie (2) is bepaald dat een in artikel 182, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 bedoeld aanvullend invoerrecht kan worden toegepast op de producten en gedurende de perioden die in bijlage VII bij die uitvoeringsverordening zijn vermeld. Dat aanvullende invoerrecht moet worden toegepast indien de hoeveelheid van een van de in het vrij verkeer gebrachte producten voor een van de toepassingsperioden zoals vermeld in die bijlage, hoger is dan het drempelvolume voor de invoer in een jaar voor dat product. Er worden geen aanvullende invoerrechten geheven wanneer de invoer de EU-markt niet dreigt te verstoren of de gevolgen niet in verhouding zouden staan tot het beoogde doel.

(2)

Overeenkomstig artikel 182, lid 1, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 worden de invoerdrempelvolumes voor de mogelijke toepassing van aanvullende invoerrechten op bepaalde groenten en fruit gebaseerd op gegevens over de invoer en gegevens over het interne verbruik in de voorgaande drie jaren. De drempelvolumes voor bepaalde groenten en fruit voor de jaren 2018 en 2019 moeten worden vastgesteld op basis van de door de lidstaten voor de jaren 2014, 2015 en 2016 meegedeelde gegevens.

(3)

Rekening houdend met het feit dat de toepassingsperiode van de mogelijke aanvullende invoerrechten als bedoeld in bijlage VII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892, voor een aantal producten ingaat op 1 januari, moet de onderhavige verordening van toepassing zijn met ingang van 1 januari 2018, en derhalve moet zij zo snel mogelijk in werking treden,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Voor de jaren 2018 en 2019 zijn de in artikel 182, lid 1, eerste alinea, onder b), van Verordening (EU) nr. 1308/2013 bedoelde drempelvolumes voor de in bijlage VII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892 vermelde producten vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2018.

Zij verstrijkt op 30 juni 2019.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 4 januari 2018.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892 van de Commissie van 13 maart 2017 tot vaststelling van voorschriften voor de toepassing van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit (PB L 138 van 25.5.2017, blz. 57).


BIJLAGE

Drempelvolumes voor de in bijlage VII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2017/892 vastgestelde producten en perioden voor de mogelijke toepassing van aanvullende invoerrechten

Onverminderd de regels voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur wordt de omschrijving van de producten als louter indicatief beschouwd. Voor de toepassing van deze bijlage wordt de werkingssfeer van de aanvullende invoerrechten bepaald door de draagwijdte van de GN-codes zoals deze bij de vaststelling van de onderhavige verordening bestaan.

Volgnummer

GN-code

Omschrijving product

Toepassingsperiode

Drempelvolume (ton)

2018

2019

78.0015

0702 00 00

Tomaten

1 juni t/m 30 september

 

39 326

78.0020

1 oktober

t/m 31 mei

483 376

78.0065

0707 00 05

Komkommers

1 mei t/m 31 oktober

 

26 505

78.0075

1 november

t/m 30 april

20 482

78.0085

0709 91 00

Artisjokken

1 november

t/m 30 juni

6 587

78.0100

0709 93 10

Courgettes

1 januari t/m 31 december

 

55 037

78.0110

0805 10 22

0805 10 24

0805 10 28

Sinaasappelen

1 december

t/m 31 mei

302 643

78.0120

0805 22 00

Clementines

1 november

t/m eind februari

90 771

78.0130

0805 21

0805 29 00

Mandarijnen (tangerines en satsuma's daaronder begrepen); wilkings en soortgelijke kruisingen van citrusvruchten

1 november

t/m eind februari

86 317

78.0155

0805 50 10

Citroenen

1 januari t/m 31 mei

 

32 823

78.0160

1 juni t/m 31 december

 

306 804

78.0170

0806 10 10

Tafeldruiven

16 juli t/m 16 november

 

78 324

78.0175

0808 10 80

Appelen

1 januari t/m 31 augustus

 

432 630

78.0180

1 september t/m 31 december

 

39 724

78.0220

0808 30 90

Peren

1 januari t/m 30 april

 

155 417

78.0235

1 juli t/m 31 december

 

19 187

78.0250

0809 10 00

Abrikozen

1 juni t/m 31 juli

 

4 630

78.0265

0809 29 00

Kersen, andere dan zure kersen

16 mei t/m 15 augustus

 

33 718

78.0270

0809 30

Perziken, nectarines daaronder begrepen

16 juni t/m 30 september

 

3 150

78.0280

0809 40 05

Pruimen

16 juni t/m 30 september

 

17 254


BESLUITEN

5.1.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 2/5


BESLUIT (EU) 2018/4 VAN DE RAAD

van 18 december 2017

betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over een wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 217,

Gezien Verordening (EG) nr. 2894/94 van de Raad van 28 november 1994 houdende bepaalde wijzen van toepassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (1), en met name artikel 1, lid 3, onder b), eerste streepje,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (2) („de EER-overeenkomst”) is op 1 januari 1994 in werking getreden.

(2)

Bij de op 25 juli 2007 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Bulgarije en Roemenië aan de Europese Economische Ruimte (3) is artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst gewijzigd om het Bulgaars en het Roemeens toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(3)

Bij de op 11 april 2014 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Kroatië aan de Europese Economische Ruimte (4) („EER-uitbreidingsovereenkomst 2014”) is artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst gewijzigd om het Kroatisch toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(4)

Het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER, dat is vastgesteld bij Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 1994 (5) en is gewijzigd bij Besluit nr. 24/2005 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 2005 (6), dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd.

(5)

De EER-uitbreidingsovereenkomst 2014 is sinds 12 april 2014 voorlopig van toepassing op de ondertekenaars, en het overeenkomstige besluit van het Gemengd Comité van de EER moet derhalve voorlopig van toepassing zijn in afwachting van de inwerkingtreding van de EER-uitbreidingsovereenkomst 2014.

(6)

Het door de Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt moet derhalve worden gebaseerd op de aan dit besluit gehechte ontwerpbesluiten,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over de voorgestelde wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER wordt gebaseerd op de aan dit besluit gehechte ontwerpbesluiten van het Gemengd Comité van de EER.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 18 december 2017.

Voor de Raad

De voorzitter

K. SIMSON


(1)  PB L 305 van 30.11.1994, blz. 6.

(2)  PB L 1 van 3.1.1994, blz. 3.

(3)  PB L 221 van 25.8.2007, blz. 15.

(4)  PB L 170 van 11.6.2014, blz. 18.

(5)  PB L 85 van 30.3.1994, blz. 60.

(6)  PB L 161 van 23.6.2005, blz. 54.


ONTWERP

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. …/2017

van …

tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna de „EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 92, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij de op 25 juli 2007 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Bulgarije en Roemenië aan de Europese Economische Ruimte (1) is artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst gewijzigd om het Bulgaars en het Roemeens toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(2)

De Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Bulgarije en Roemenië aan de Europese Economische Ruimte is op 9 november 2011 in werking getreden.

(3)

Het Bulgaars en het Roemeens moeten worden toegevoegd aan de lijst van talen in het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER, dat is vastgesteld bij Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 1994 (2) en is gewijzigd bij Besluit nr. 24/2005 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 2005 (3). De lijst van talen van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER wordt als volgt gewijzigd:

1.

De tekst van artikel 6, lid 2, wordt vervangen door:

„De teksten van de EG-wetgeving die overeenkomstig artikel 102, lid 1, in de bijlagen bij de Overeenkomst moeten worden opgenomen, zijn gelijkelijk authentiek in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zoals zij in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. Zij worden eveneens in het IJslands en Noors opgemaakt en door het Gemengd Comité van de EER echt verklaard samen met onder lid 1 bedoelde desbetreffende besluiten.”;

2.

De tekst van artikel 11, lid 1, wordt vervangen door:

„De besluiten van het Gemengd Comité van de EER tot wijziging van bijlagen of protocollen bij de Overeenkomst worden in het EER-gedeelte van het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, en in het EER-supplement daarop in het IJslands en Noors.”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

De secretarissen van het Gemengd Comité van de EER


(1)  PB L 221 van 25.8.2007, blz. 15.

(2)  PB L 85 van 30.3.1994, blz. 60.

(3)  PB L 161 van 23.6.2005, blz. 54.


ONTWERP

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. …/2017

van …

tot wijziging van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna de „EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 92, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij de op 11 april 2014 ondertekende Overeenkomst betreffende de deelname van de Republiek Kroatië aan de Europese Economische Ruimte (1) („EER-uitbreidingsovereenkomst 2014”) zal artikel 129, lid 1, van de EER-overeenkomst wijzigen om het Kroatisch toe te voegen aan de lijst van talen van de EER-overeenkomst.

(2)

Het Kroatisch moet worden toegevoegd aan de lijst van talen in het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER, dat is vastgesteld bij Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 1994 (2) en is gewijzigd bij Besluit nr. 24/2005 van het Gemengd Comité van de EER van 8 februari 2005 (3) en verder is gewijzigd bij Besluit nr. …/…van het Gemengd Comité van de EER van […] (4). De lijst van talen van het reglement van orde van het Gemengd Comité van de EER dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd.

(3)

De EER-uitbreidingsovereenkomst 2014 is sinds 12 april 2014 voorlopig van toepassing op de ondertekenaars en onderhavig besluit is derhalve voorlopig van toepassing in afwachting van de inwerkingtreding van de EER-uitbreidingsovereenkomst 2014,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit nr. 1/94 van het Gemengd Comité van de EER wordt als volgt gewijzigd:

1.

De tekst van artikel 6, lid 2, wordt vervangen door:

„De teksten van de EG-wetgeving die overeenkomstig artikel 102, lid 1, in de bijlagen bij de Overeenkomst moeten worden opgenomen, zijn gelijkelijk authentiek in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zoals zij in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt. Zij worden eveneens in het IJslands en Noors opgemaakt en door het Gemengd Comité van de EER echt verklaard samen met onder lid 1 bedoelde desbetreffende besluiten.”;

2.

De tekst van artikel 11, lid 1, wordt vervangen door:

„De besluiten van het Gemengd Comité van de EER tot wijziging van bijlagen of protocollen bij de Overeenkomst worden in het EER-gedeelte van het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, en in het EER-supplement daarop in het IJslands en Noors.”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op […], of op de dag van inwerkingtreding van de EER-uitbreidingsovereenkomst 2014, indien dat later is.

Het is voorlopig van toepassing met ingang van 12 april 2014.

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

De secretarissen van het Gemengd Comité van de EER


(1)  PB L 170 van 11.6.2014, blz. 18.

(2)  PB L 85 van 30.3.1994, blz. 60.

(3)  PB L 161 van 23.6.2005, blz. 54.

(4)  PB L …


5.1.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 2/11


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2018/5 VAN DE COMMISSIE

van 3 januari 2018

tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU betreffende de symptomen van Epitrix cucumeris (Harris), Epitrix papa sp. n., Epitrix subcrinita (Lec.) en Epitrix tuberis (Gentner) en de instelling van de desbetreffende afgebakende gebieden

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2017) 8788)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (1), en met name artikel 16, lid 3, vierde zin,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Sinds de laatste wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU van de Commissie (2) bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1359 (3), is uit bewijsmateriaal gebleken dat de oppervlakkige gangen en de bijbehorende kleine gaten die de larven onder de opperhuid van de aardappelknollen graven betrouwbare tekenen zijn van besmetting met de nader omschreven organismen. De bepalingen van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU betreffende maatregelen op het vlak van inspecties, onderzoeken, kennisgevingen en afbakeningen, moeten daarom niet enkel gelden voor de aanwezigheid van de nader omschreven organismen op aardappelknollen maar eveneens in gevallen waar deze tekenen zijn vastgesteld zonder dat de aanwezigheid van de nader omschreven organismen is vastgesteld.

(2)

Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(3)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijzigingen van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU

Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 3, lid 1, derde alinea, wordt punt a) vervangen door:

„a)

intensieve monitoring van de aanwezigheid van de nader omschreven organismen en van de tekenen van besmetting met deze organismen op aardappelknollen door passende inspecties van aardappelplanten en indien toepasselijk andere waardplanten en van de velden waar die planten groeien, binnen een straal van ten minste 100 m van de verpakkingsfaciliteit;”.

2)

Artikel 4 wordt vervangen door:

„Artikel 4

Onderzoeken en kennisgevingen betreffende de nader omschreven organismen

1.   De lidstaten voeren op hun grondgebied jaarlijkse officiële onderzoeken uit naar de aanwezigheid van de nader omschreven organismen en de tekenen van besmetting met die organismen op aardappelknollen en, indien van toepassing, op andere waardplanten, inclusief velden waar aardappelknollen groeien.

De lidstaten stellen de Commissie en de andere lidstaten uiterlijk op 30 april van elk jaar in kennis van de resultaten van die onderzoeken.

2.   Van elke aanwezigheid of elk vermoedelijk voorkomen van een nader omschreven organisme of van de tekenen van besmetting met dat organisme op aardappelknollen, wordt bij de verantwoordelijke officiële instanties onmiddellijk kennisgeving gedaan.”.

3)

In artikel 5 wordt lid 1 vervangen door:

„1.   Wanneer een lidstaat op basis van de resultaten van de in artikel 4, lid 1, bedoelde onderzoeken of ander bewijsmateriaal de aanwezigheid van een nader omschreven organisme of van de tekenen van besmetting met dat organisme op aardappelknollen op een deel van zijn grondgebied bevestigt, stelt die lidstaat onverwijld een afgebakend gebied in, bestaande uit een besmette zone en een bufferzone, als vastgesteld in sectie 1 van bijlage II.

De lidstaat neemt maatregelen, als vastgesteld in sectie 2 van bijlage II.”.

4)

De bijlagen I en II worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Adressaten

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 3 januari 2018.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)  PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU van de Commissie van 16 mei 2012 betreffende noodmaatregelen om het binnenbrengen en de verspreiding in de Unie van Epitrix cucumeris (Harris), Epitrix similaris (Gentner), Epitrix subcrinita (Lec.) en Epitrix tuberis (Gentner) te voorkomen (PB L 132 van 23.5.2012, blz. 18).

(3)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/1359 van de Commissie van 8 augustus 2016 tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU betreffende noodmaatregelen om het binnenbrengen en de verspreiding in de Unie van Epitrix cucumeris (Harris), Epitrix similaris (Gentner), Epitrix subcrinita (Lec.) en Epitrix tuberis (Gentner) te voorkomen (PB L 215 van 10.8.2016, blz. 29).


BIJLAGE

De bijlagen I en II bij Uitvoeringsbesluit 2012/270/EU worden als volgt gewijzigd:

1)

In bijlage I, sectie 1, wordt punt 3, onder a), vervangen door:

„a)

omvat de informatie dat de aardappelknollen bij een officieel onderzoek dat onmiddellijk vóór de uitvoer is uitgevoerd, vrij zijn bevonden van de desbetreffende nader omschreven organismen en van de tekenen van besmetting met die organismen op die aardappelknollen en niet meer dan 0,1 % grond bevatten;”.

2)

Bijlage II wordt als volgt gewijzigd:

a)

Sectie 1 wordt als volgt gewijzigd:

i)

punt 1, onder a), wordt vervangen door:

„a)

een besmette zone die ten minste de velden omvat waar de aanwezigheid van het nader omschreven organisme of de tekenen van besmetting met dat organisme op aardappelknollen is bevestigd, alsook de velden waar besmette aardappelknollen zijn geteeld, en”;

ii)

de punten 3, 4 en 5 worden vervangen door:

„3.

Bij de instelling van de besmette zone en de bufferzone moeten de lidstaten rekening houden met de volgende elementen: de biologie van de nader omschreven organismen, het besmettingsniveau, de plaatsen waar de waardplanten voorkomen, bewijsmateriaal over de aanwezigheid van de nader omschreven organismen en het vermogen van de nader omschreven organismen om zich op natuurlijke wijze te verspreiden.

4.

Indien de aanwezigheid van een nader omschreven organisme of de tekenen van besmetting met dat organisme op aardappelknollen buiten de besmette zone wordt bevestigd, moeten de grenzen van de besmette zone en de bufferzone opnieuw worden bekeken en dienovereenkomstig worden gewijzigd.

5.

Wanneer in een afgebakend gebied gedurende een periode van twee jaar bij de in artikel 4, lid 1, bedoelde onderzoeken noch het desbetreffende nader omschreven organisme, noch de tekenen van besmetting met dat organisme op aardappelknollen zijn ontdekt, moet de betrokken lidstaat bevestigen dat dat organisme niet langer in dat gebied voorkomt en dat het gebied niet langer afgebakend is. Hij stelt de Commissie en de andere lidstaten daarvan in kennis.”;

b)

in sectie 2 wordt punt 2 vervangen door:

„2.

intensieve monitoring op de aanwezigheid van de nader omschreven organismen of van de tekenen van besmetting met die organismen op aardappelknollen door passende inspecties;”.


Rectificaties

5.1.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 2/14


Rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) 2017/842 van de Commissie van 17 mei 2017 tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof met een laag risico Coniothyrium minitans stam CON/M/91-08 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie

( Publicatieblad van de Europese Unie L 125 van 18 mei 2017 )

Bladzijde 19, bijlage I, derde kolom van de tabel:

in plaats van:

„Minimuminhoud aan levensvatbare sporen: 1 × 1012 CFU/kg”,

lezen:

„Minimuminhoud aan levensvatbare sporen: 1,17 × 1012 CFU/kg”.

Bladzijde 20, bijlage II, in de wijzigingen van deel D van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011, vierde kolom van de tabel:

in plaats van:

„Minimuminhoud aan levensvatbare sporen: 1 × 1012 CFU/kg”,

lezen:

„Minimuminhoud aan levensvatbare sporen: 1,17 × 1012 CFU/kg”.