ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 67

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

59e jaargang
12 maart 2016


Inhoud

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/353 van de Raad van 10 maart 2016 tot uitvoering van Verordening (EU) nr. 269/2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen

1

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/354 van de Raad van 11 maart 2016 tot uitvoering van artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 224/2014 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek

18

 

*

Verordening (EU) 2016/355 van de Commissie van 11 maart 2016 tot wijziging van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de specifieke voorschriften voor gelatine, collageen en zeer verfijnde producten van dierlijke oorsprong, bestemd voor menselijke consumptie ( 1 )

22

 

 

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/356 van de Commissie van 11 maart 2016 tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

29

 

 

BESLUITEN

 

*

Besluit (EU) 2016/357 van de Raad van 15 januari 2016 betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

31

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/358 van de Raad van 8 maart 2016 waarbij de Franse Republiek overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG wordt gemachtigd een verlaagd belastingniveau toe te passen op benzine en gasolie gebruikt als motorbrandstof

35

 

*

Besluit (GBVB) 2016/359 van de Raad van 10 maart 2016 tot wijziging van Besluit 2014/145/GBVB betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen

37

 

*

Uitvoeringsbesluit (GBVB) 2016/360 van de Raad van 11 maart 2016 tot uitvoering van Besluit 2013/798/GBVB betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek

53

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/361 van de Commissie van 10 maart 2016 tot wijziging van bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG wat betreft de gegevens voor China in de lijst van derde landen en delen daarvan waaruit de invoer in de Unie van levende paardachtigen en sperma, eicellen en embryo's van paarden is toegestaan (Kennisgeving geschied onder nummer C(2016) 1450)  ( 1 )

57

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2016/362 van de Commissie van 11 maart 2016 betreffende de goedkeuring van het enthalpiereservoir van MAHLE Behr GmbH & Co. KG als innoverende technologie ter beperking van de CO2-emissies van personenauto's uit hoofde van Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad ( 1 )

59

 

 

Rectificaties

 

*

Rectificatie van Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/2362 van de Commissie van 15 december 2015 betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde delen van rijwielen, van oorsprong uit de Volksrepubliek China overeenkomstig Verordening (EG) nr. 88/97 ( PB L 331 van 17.12.2015 )

69

 

*

Rectificatie van de definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2016/70 van de gewijzigde begroting nr. 8 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015 ( PB L 18 van 26.1.2016 )

69

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/1


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/353 VAN DE RAAD

van 10 maart 2016

tot uitvoering van Verordening (EU) nr. 269/2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 269/2014 van de Raad van 17 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen (1), en met name artikel 14, leden 1 en 3,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 17 maart 2014 Verordening (EU) nr. 269/2014 vastgesteld.

(2)

De Raad heeft de afzonderlijke vermeldingen op de lijst geëvalueerd. De bijlage moet worden gewijzigd, en voor drie personen die zijn overleden, moeten de vermeldingen worden geschrapt.

(3)

Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 269/2014 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 269/2014 wordt overeenkomstig de bijlage bij deze verordening gewijzigd.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 maart 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

K.H.D.M. DIJKHOFF


(1)  PB L 78 van 17.3.2014, blz. 6.


BIJLAGE

I.

De volgende personen worden geschrapt van de lijst in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 269/2014:

PERSONEN

7.

Yuriy Gennadyevich ZHEREBTSOV

41.

Igor Dmitrievich SERGUN

133.

Pavel DREMOV

II.

De vermeldingen voor de volgende persoon en entiteiten, als weergegeven in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 269/2014, worden vervangen door de onderstaande vermeldingen:

LIJST VAN PERSONEN

 

Naam

Identificatiegegevens

Redenen

Datum van plaatsing op de lijst

1.

Sergey Valeryevich AKSYONOV,

Sergei Valerievich AKSENOV (Сергей Валерьевич AKCëHOB),

Serhiy Valeriyovych AKSYONOV (Сергiй Валерiйович Аксьонов)

Geboortedatum: 26.11.1972

Geboorteplaats: Beltsy (Bălți), nu Republiek Moldavië

Aksyonov is op 27 februari 2014 in de Verkhovna Rada (Hoge Raad) van de Krim, in aanwezigheid van pro-Russische gewapende mannen, verkozen tot „minister-president van de Krim”. Zijn „verkiezing” is op 1 maart 2014 ongrondwettig verklaard door waarnemend Oekraïens president Oleksandr Turchynov. Aksyonov heeft actief geijverd voor het „referendum” van 16 maart 2014 en was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014. Op 9 april 2014 werd hij door president Poetin benoemd tot waarnemend „hoofd” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”. Op 9 oktober 2014 werd hij formeel „gekozen” tot „hoofd” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”. Aksyonov heeft vervolgens besloten dat de ambten van „hoofd” en „minister-president” worden gecombineerd.

Lid van de Russische staatsraad.

17.3.2014

2.

Vladimir Andreevich KONSTANTINOV (Владимир Андреевич Константинов)

Geboortedatum: 19.11.1956

Geboorteplaats: Vladimirovka (alias Vladimirovca), regio Slobozia, Socialistische Sovjetrepubliek Moldavië (thans de Republiek Moldavië) of Bogomol, Socialistische Sovjetrepubliek Moldavië

Als voorzitter van de Hoge Raad van de Autonome Republiek van de Krim heeft Konstantinov een belangrijke rol gespeeld in de door de Verkhovna Rada genomen beslissingen over het „referendum” gericht tegen de territoriale integriteit van Oekraïne, en heeft hij de kiezers opgeroepen vóór onafhankelijkheid van de Krim te stemmen. Hij was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014.

Sinds 17 maart 2014„voorzitter” van de „Staatsraad” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

17.3.2014

3.

Rustam Ilmirovich TEMIRGALIEV (Рустам Ильмирович Темиргалиев)

Geboortedatum: 15.8.1976

Geboorteplaats: Ulan-Ude, Autonome Socialistische Sovjetrepubliek Buryat (Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek)

Als voormalig viceminister van de Krim heeft Temirgaliev een belangrijke rol gespeeld in de door de Verkhovna Rada genomen beslissingen over het „referendum” gericht tegen de territoriale integriteit van de Krim. Hij heeft actief geijverd voor integratie van de Krim in de Russische Federatie.

Op 11 juni 2014 nam hij ontslag uit zijn functie als „eerste viceminister-president” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

17.3.2014

5.

Aleksei Mikhailovich CHALIY (Алексей Михайлович Чалый)

Geboortedatum: 13.6.1961

Geboorteplaats: Moskou of Sebastopol

Chaliy is op 23 februari 2014 door het volk uitgeroepen tot „volksburgemeester van Sebastopol” en hij heeft deze „uitverkiezing” aanvaard. Hij heeft er actief voor geijverd dat Sebastopol na het op 16 maart 2014 geplande „referendum” een aparte entiteit van de Russische Federatie zou worden. Hij was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014. Hij was waarnemend „gouverneur” van Sebastopol van 1 tot 14 april 2014 en is een voormalig „gekozen” voorzitter van de wetgevende vergadering van de stad Sebastopol.

17.3.2014

6.

Pyotr Anatolyevich Zima (Пётр Анатольевич Зима)

Geboortedatum: 29.3.1965

Zima is op 3 maart 2014 door „minister-president” Aksyonov benoemd tot nieuw hoofd van de Veiligheidsdienst van de Krim (SBU) en hij heeft deze benoeming aanvaard. Hij heeft relevante informatie, waaronder een databank, doorgespeeld aan de Russische Inlichtingendienst (SBU). Daartoe behoorde ook informatie over pro-Europese Maidan-activisten en mensenrechtenverdedigers van de Krim. Hij heeft een belangrijk aandeel gehad in de acties die moesten voorkomen dat de Oekraïense autoriteiten het grondgebied van de Krim zouden controleren. Op 11 maart 2014 hebben voormalige SBU-officieren van de Krim de vorming van een onafhankelijke Veiligheidsdienst van de Krim afgekondigd.

17.3.2014

8.

Sergey Pavlovych TSEKOV (Сергей Павлович Цеков)

Geboortedatum: 29.9.1953 of 23.9.1953 of 28.9.1953

Geboorteplaats: Simferopol

Als vicevoorzitter van de Verkhovna Rada van de Krim, heeft Tsekov samen met Sergey Aksyonov het initiatief genomen tot het ongrondwettige ontslag van de regering van de Autonome Republiek van de Krim. Hij heeft Vladimir Konstantinov hierbij betrokken door hem met ontslag te bedreigen. Hij heeft openlijk erkend dat parlementsleden van de Krim het initiatief hebben genomen om Russische soldaten te verzoeken de Verkhovna Rada van de Krim over te nemen. Hij was een van de eerste leiders van de Krim die openlijk hebben gepleit voor de annexatie van de Krim bij Rusland.

Lid van de Federatieraad van de Russische Federatie namens de zogenaamde „Republiek Krim”.

17.3.2014

9.

Ozerov, Viktor Alekseevich (Виктор Алексеевич Озеров)

Geboortedatum: 5.1.1958

Geboorteplaats: Abakan, Chakassië

Voorzitter van de Veiligheids- en Defensiecommissie van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Ozerov, namens de Veiligheids- en Defensiecommissie van de Federatieraad, in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

17.3.2014

11.

Klishas, Andrei Aleksandrovich (Андрей Александрович Клишас)

Geboortedatum: 9.11.1972

Geboorteplaats: Sverdlovsk

Voorzitter van de Commissie grondwettelijk recht van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Klishas in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne. In openbare verklaringen heeft Klishas geprobeerd een Russische militaire interventie in Oekraïne te rechtvaardigen door te beweren dat de Oekraïense president zijn steun verleent aan de oproep van de Krimse autoriteiten, gericht aan de president van de Russische Federatie, om de burgers van de Krim op alle mogelijke manieren bijstand te verlenen en te verdedigen.

17.3.2014

14.

TOTOONOV, Aleksandr Borisovich (Александр Борисович Тотоонов)

Geboortedatum: 3.4.1957

Geboorteplaats: Ordzhonikidze, Noord-Ossetië

Lid van de Commissie internationale zaken van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Totoonov in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

17.3.2014

15.

PANTELEEV, Oleg Evgenevich (Олег Евгеньевич Пантелеев)

Geboortedatum: 21.7.1952

Geboorteplaats: Zhitnikovskoe, regio Koergan

Voormalige eerste vicevoorzitter van de Commissie Parlementaire Zaken van de Federatieraad.

Op 1 maart 2014 heeft Panteleev in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

Momenteel eerste vicegouverneur van de de oblast Koergan en hoofd van de delegatie van de regering van de oblast Koergan bij de regering van de Russische Federatie.

17.3.2014

19.

VITKO, Aleksandr Viktorovich (Александр Викторович Витко)

Geboortedatum: 13.9.1961

Geboorteplaats: Vitebsk (Socialistische Sovjetrepubliek Belarus)

Commandant van de Zwarte Zeevloot, admiraal.

Bevelhebber van de Russische troepen die soeverein Oekraïens grondgebied bezetten.

17.3.2014

33.

Elena Borisovna MIZULINA (geboren DMITRIYEVA) (Елена Борисовна Мизулина (geboren Дмитриева)

Geboortedatum: 9.12.1954

Geboorteplaats: Bui, regio Kostroma

Voormalig afgevaardigde in de Doema. Opsteller en mede-indiener van recente wetgevingsvoorstellen in Rusland waardoor het voor regio's van andere landen mogelijk zou zijn geworden zich bij Rusland aan te sluiten zonder voorafgaande instemming van hun centrale autoriteiten.

Sinds september 2015 lid van de Federatieraad van de regio Omsk.

21.3.2014

36.

Oleg Genrikhovich SAVELYEV (Олег Генрихович Савельев)

Geboortedatum: 27.10.1965

Geboorteplaats: Leningrad

Voormalig minister voor Krimzaken. Belast met de integratie van de geannexeerde Autonome Republiek Krim in de Russische Federatie.

Thans plaatsvervangend stafchef van de Russische regering, belast met de organisatie van de werkzaamheden van de regeringscommissie voor de sociaaleconomische ontwikkeling van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

29.4.2014

45.

Andriy Yevgenovych PURGIN (Андрiй Eвгенович Пургiн),

Andrei Evgenevich PURGIN (Андрей Евгеньевич Пургин)

Geboortedatum: 26.1.1972

Geboorteplaats: Donetsk

Actief als deelnemer aan en organisator van separatistische acties, coördinator van het optreden van de „Russische toeristen” in Donetsk. Stond mede aan de wieg van het „Burgerinitiatief van Donbass voor de Euraziatische Unie”. Tot 4 september 2015 zogenaamde „voorzitter” van de „Volksraad van de Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

46.

Denys Volodymyrovych PUSHYLIN (денис Володимирович Пушилiн),

Denis Vladimirovich PUSHILIN (денис Владимирович Пушилин)

Geboortedatum: 9.5.1981 of 9.5.1982

Geboorteplaats: Makiikva (oblast Donetsk)

Een van de leiders van de „Volksrepubliek Donetsk”. Nam deel aan de bestorming en bezetting van het gebouw van de regionale overheid. Actief als woordvoerder van de separatisten. Tot 4 september 2015 zogeheten „vicevoorzitter” van de „Volksraad” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Sinds 4 september 2015 zogenaamde „voorzitter” van de „Volksraad van de Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

47.

TSYPLAKOV Sergey Gennadevich (Цыплаков Сергей Геннадьевич)

Geboortedatum: 1.5.1983

Geboorteplaats: Khartsyzsk, Oblast Donetsk

Een van de leiders van de ideologisch radicale organisatie Volksmilitie van Donbas. Nam actief deel aan de bezetting van een aantal overheidsgebouwen in de regio Donetsk.

29.4.2014

48.

Igor Vsevolodovich GIRKIN (Игорь Всеволодович Гиркин) (alias Igor STRELKOV (Ihor STRIELKOV)

Geboortedatum: 17.12.1970

Geboorteplaats: Moskou

Geldt als personeelslid van het hoofddirectoraat inlichtingen van de generale staf van de strijdkrachten van de Russische Federatie (GRU). Was betrokken bij incidenten in Sloviansk. Hoofd van de volksbeweging „Novorossia”. Voormalig „minister van Defensie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

53.

Oleg Grigorievich KOZYURA (Олег Григорьевич Козюра)

Geboortedatum: 19.12.1962

Geboorteplaats: Zaporozhye

Voormalig Hoofd van het bureau voor Sebastopol van de federale migratiedienst. Verantwoordelijk voor de systematische en versnelde afgifte van Russische paspoorten voor ingezetenen van Sebastopol.

Momenteel assistent van gemeenteraadslid van Sebastopol Mikhail Chaluy.

12.5.2014

54.

Viacheslav PONOMARIOV, Vyacheslav Volodymyrovich PONOMARYOV (В'ячеслав Володимирович Пономарьов), Viacheslav Vladimirovich PONOMAREV (Вячеслав Владимирович Пономарëв)

Geboortedatum: 2.5.1965

Geboorteplaats: Sloviansk (oblast Donetsk )

Voormalig zelfverklaard „volksburgemeester van Slaviansk” (tot 10 juni 2014). Ponomariov heeft Vladimir Poetin opgeroepen Russische strijdkrachten te sturen ter bescherming van de stad en heeft hem later verzocht wapens te leveren. Medestanders van Ponomariov zijn betrokken bij kidnappingen (zij hebben Irma Krat en Simon Ostrovsky, een reporter van Vice News, gevangen genomen; beiden werden later weer vrijgelaten) en hebben militaire waarnemers (ingezet in het kader van het Weens Document van de OVSE) gevangen gehouden. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties en beleidsmaatregelen.

12.5.2014

57.

Oleg TSARIOV, Oleh Anatoliyovych TSAROV (Олег Анатолтович Царьов), Oleg Anatolevich TSAREV (Олег Анатольевич Цаpëв)

Geboortedatum: 2.6.1970

Geboorteplaats: Dnepropetrovsk

Voormalig lid van de Rada, heeft als lid openlijk opgeroepen tot de oprichting van de zogenaamde „Federale Republiek Novorossiya”, bestaande uit regio's in het zuidoosten van Oekraïne. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen. Voormalig „voorzitter” van de zogenaamde „Parlement van de Unie van de Volksrepublieken” („Parlement van Novorossiya”).

12.5.2014

62.

Aleksandr Yurevich BORODAI (Александр Юрьевич Бородай)

Geboortedatum: 25.7.1972

Geboorteplaats: Moskou

Voormalige zogenaamde „minister-president van de Volksrepubliek Donetsk”, die verantwoordelijk was voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk” (bv. op 8 juli 2014 verklaarde hij: „Onze militairen voeren een bijzondere operatie uit tegen de Oekraïense” fascisten„”), ondertekenaar van het memorandum van overeenstemming inzake „de Unie van Novorossiya”. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen; hoofd van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.7.2014

64.

Alexander Aleksandrovitsj KALYUSSKY, (Александра Александрович Калюсский)

Geboortedatum: 9.10.1975

Voormalige zogenaamde „de facto viceminister-president; minister van Sociale Zaken van de Volksrepubliek Donetsk”. Verantwoordelijk voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk”.

12.7.2014

65.

Alexander KHRYAKOV, Aleksandr Vitalievich KHRYAKOV (Александр Витальевич Хряков), Oleksandr Vitaliyovych KHRYAKOV (Олександр ВiTалiйович Хряков)

Geboortedatum: 6.11.1958

Geboorteplaats: Donetsk

Voormalige zogenaamde „minister van Informatie en Massacommunicatie van de Volksrepubliek Donetsk”. Lid van de zogenaamde „Volksraad” van de „Volksrepubliek Donetsk”. Verantwoordelijk voor de pro-separatistische propaganda-activiteiten van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

12.7.2014

71.

Nikolay KOZITSYN (Мiкалай козицын)

Geboortedatum: 20.6.1956 of 6.10.1956

Geboorteplaats: Djerzjinsk, regio Donetsk

Commandant van het Kozakkenleger.

Voert het bevel over separatisten in het oosten van Oekraïne die strijden tegen de Oekraïense regeringsstroepen.

12.7.2014

81.

Alexander Nikolajevitsj TKACHYOV (Александра Николаевич Ткачëв)

Geboortedatum: 23.12.1960

Geboorteplaats: Vyselki, regio Krasnodar

Voormalig gouverneur van de regio Krasnodar.

Ontving uit handen van de leider van de Autonome Republiek van de Krim een onderscheiding „voor de bevrijding van de Krim”, vanwege zijn steun voor de illegale annexatie van de Krim. Bij die gelegenheid zei de leider van de Autonome Republiek van de Krim dat Tkachyov een van de eersten was die hun steun betuigden voor de nieuwe „machthebbers” van de Krim.

Thans minister van Landbouw van de Russische Federatie (sinds 22 april 2015).

25.7.2014

83.

Ekaterina Iurievna GUBAREVA (Екатерина Юрьевна Губарева),

Katerina Yuriyovna GUBARIEVA (Катерина Юрiйовнa Губарева)

Geboortedatum: 5.7.1983 of 10.3.1983

Geboorteplaats: Kakhovka (oblast Kherson)

In haar hoedanigheid van voormalige zogenaamde „minister van Buitenlandse Zaken” was zij verantwoordelijk voor het verdedigen van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”, waardoor de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnd werden. Voorts wordt haar bankrekening gebruikt voor de financiering van illegale separatistische groepen. Door het aannemen en uitoefenen van deze functie heeft zij bijgevolg acties en beleidsmaatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties en beleidsmaatregelen.

Lid van de „Volksraad” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

25.7.2014

98.

Miroslav Vladimirovits RUDENKO (Мирослав Владимирович Руденко)

Geboortedatum: 21.1.1983

Geboorteplaats: Debalcevo

Betrokken bij de „Volksmilitie van de Donbass”. Hij heeft onder meer verklaard dat zij in de rest van het land zullen blijven vechten. Rudenko heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Zogenaamde „volksafgevaardigde” (lid) in het zogenaamde „Parlement van de Volksrepubliek Donetsk”.

12.9.2014

99.

Gennadiy Nikolaiovych TSYPLAKOV,

Gennadii Nikolaevich TSYPLAKOV (Геннадий Николаевич Цыпкалов)

Geboortedatum: 21.6.1973

Geboorteplaats: Oblast Rostov (Rusland)

Verving Marat Bashirov als zogenaamde „premier” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Daarvoor actief in de militie „Leger van het Zuidoosten”. Tsyplakov heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

12.9.2014

100.

Andrey Yurevich PINCHUK (Андрей Юрьевич Пинчук)

Mogelijke geboortedatum: 27.12.1977

Voormalig „minister van Staatsveiligheid” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Gelieerd aan Vladimir Antyufeyev, die verantwoordelijk is voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk”. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen. „Uitvoerend directeur” van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.9.2014

102.

Andrei Nikolaevich RODKIN (Андрей Николаевич Родкин)

Geboortedatum: 23.9.1976

Geboorteplaats: Moskou

Vertegenwoordiger in Moskou van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Hij heeft onder meer verklaard dat de milities bereid zijn een guerrilla-oorlog te voeren en dat zij wapensystemen van de Oekraïense strijdkrachten hebben bemachtigd. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

Een van de leiders van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.9.2014

105.

Mikhail Sergeyevich SHEREMET (Михаил Сергеевич Шеремет)

Geboortedatum: 23.5.1971

Geboorteplaats: Dzhankoy

Zogenaamd „eerste viceminister-president” van de Krim. Sheremet heeft een belangrijke rol gespeeld bij de organisatie en uitvoering van het „referendum” van 16 maart op de Krim over de hereniging met Rusland. Ten tijde van het „referendum” zou Sheremet op de Krim de leiding hebben gehad over de pro-Moskou-„zelfverdedigingstroepen”. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

12.9.2014

116.

Svetlana Sergeevna ZHUROVA (Светлана Сергеевна Журова)

Geboortedatum: 7.1.1972

Geboorteplaats: Pavlov aan de Neva

Eerste vicevoorzitter van de Commissie Buitenlandse Zaken van de Doema. Op 20 maart 2014 heeft zij gestemd voor het ontwerp van federale constitutionele wet „inzake de aanvaarding in de Russische Federatie van de Republiek van de Krim en de vorming binnen de Russische Federatie van nieuwe federale entiteiten — de Republiek van de Krim en de Stad Sebastopol met federale status”.

12.9.2014

120.

Serhiy KOZYAKOV (alias Sergey Kozyakov) (Сергей Козьяков)

Geboortedatum: 29.9.1982

In zijn hoedanigheid van „hoofd van de centrale kiescommissie van Loegansk” was hij verantwoordelijk voor het organiseren van de zogenaamde „verkiezingen” van 2 november 2014 in de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Die „verkiezingen” zijn in strijd met de Oekraïense wetgeving en derhalve onwettig. In oktober 2015 werd hij benoemd tot „minister van Justitie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, en door de illegale „verkiezingen” te organiseren, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

121.

Oleg Konstantinovich AKIMOV (alias Oleh AKIMOV) (Олег Константинович Акимов)

Geboortedatum: 15.9.1981

Geboorteplaats: Loegansk

Afgevaardigde van de „Economische Unie van Loegansk” in de „Nationale Raad” van de „Volksrepubliek Loegansk”. Was bij de zogenaamde „verkiezingen” van 2 november 2014 kandidaat voor de functie van „hoofd” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Die „verkiezingen” zijn in strijd met de Oekraïense wetgeving en derhalve onwettig. Sinds 2014 is hij „hoofd” van de zogenaamde „federatie van vakbonden” van de „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, en formeel als kandidaat deel te nemen aan de illegale „verkiezingen”, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

126.

Dmitry Aleksandrovitsj SEMYONOV,

Dmitrii Aleksandrovitsj SEMENOV (Дмитрий Александрович Семенов)

Geboortedatum: 3.2.1963

Geboorteplaats: Moskou

Voormalig „Viceminister-president en minister van Financiën” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

127.

Oleg BUGROV (Олег Бугров)

Geboortedatum: 29.8.1969

Voormalig „minister van Defensie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

134.

Alexey Yurevich MILCHAKOV, alias Fritz, Serbian (Алексей Юрьевич МИЛЬЧАКОВ)

Geboortedatum: 30.4.1991 of 30.1.1991

Geboorteplaats: Sint-Petersburg

Commandant van de „Rusich”-eenheid, een gewapende separatistische groep die betrokken is bij de gevechten in Oost-Oekraïne.

In die functie heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

135.

Arseny Sergeevich PAVLOV (alias Motorola)

(ApcéHий Сергеевич ПÁВЛОВ) (alias Моторoла)

Geboortedatum: 2.2.1983

Geboorteplaats: Ukhta, Komi

Commandant van het „Spartabataljon”, een gewapende separatistische groep die betrokken is bij de gevechten in Oost-Oekraïne.

In die functie heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

137.

Eduard Aleksandrovich BASURIN (Эдуард Александрович Басурин)

Geboortedatum: 27.6.1966 of 21.6.1966

Geboorteplaats: Donetsk

Zogenaamde „vicecommandant” van het ministerie van Defensie van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

138.

Alexandr Vasilievich SHUBIN (Александр Васильевич ШУБИН)

Geboortedatum: 20.5.1972 of 30.5.1972

Geboorteplaats: Loegansk

Voormalige zogenaamde „minister van Justitie” van de illegale zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Voorzitter van de „centrale kiescommissie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk” sinds oktober 2015.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

140.

Sergey Yurevich IGNATOV (Сергей Юрьевич ИГНАТОВ) alias KUZOVLEV

 

Zogenaamde opperbevelhebber van de Volksmilitie van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder destabiliseren.

16.2.2015

141.

Ekaterina FILIPPOVA (Екатерина Владимировна ФИЛИППОВА)

Geboortedatum: 20.11.1988

Geboorteplaats: Krasnoarmëisk

Voormalige zogenaamde „minister van Justitie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft zij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

143.

Evgeny Vladimirovich MANUILOV (Евгений Владимирович Мануйлов)

Geboortedatum: 5.1.1967

Zogenaamde „minister van Inkomen en Belastingen” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

145.

Olga BESEDINA (Ольга Игорева БЕСЕДИНА)

Geboortedatum: 10.12.1976

Voormalige zogenaamde „minister van Economische Ontwikkeling en Handel” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft zij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder destabiliseren.

16.2.2015

148.

Arkady Viktorovich BAKHIN (Аркадий Викторович Бахин)

Geboortedatum: 8.5.1956

Geboorteplaats: Kaunas, Litouwen

Voormalige eerste viceminister van Defensie (tot 17 november 2015), heeft in die hoedanigheid de inzet van Russische troepen in Oekraïne ondersteund.

In de huidige structuur van het Russische ministerie van Defensie neemt hij in die hoedanigheid deel aan de vorming en uitvoering van het beleid van de Russische regering. Dat beleid bedreigt de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne.

16.2.2015

149.

Andrei Valeryevich KARTAPOLOV (Андрей Валерьевич Картaпoлoв)

Geboortedatum: 9.11.1963

Geboorteplaats: GDR (DDR)

Commandant van het westelijke militair district sinds 10 november 2015. Voormalig directeur van de afdeling belangrijke operaties en plaatsvervangend hoofd van de generale staf van de strijdkrachten van de Russische Federatie. Actief betrokken bij het uitstippelen en uitvoeren van de militaire campagne van de Russische strijdkrachten in Oekraïne.

Volgens de beschrijving van de activiteiten van de generale staf is hij, door het operationeel bevel over de gewapende strijdkrachten uit te oefenen, actief betrokken bij de vorming en uitvoering van het beleid van de Russische regering dat de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne bedreigt.

16.2.2015

LIJST VAN ENTITEITEN

 

Naam

Redenen

Datum van plaatsing op de lijst

1.

State Unitary Enterprise „Chernomorneftegaz” van de Republiek van de Krim (voorheen bekend als „PJSC Chernomorneftegaz”)

Op 17 maart 2014 heeft het „Parlement van de Krim” een resolutie aangenomen waarin de overname van de activa van de onderneming Chernomorneftegaz namens de „Republiek van de Krim” wordt afgekondigd. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 29 november 2014 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Chernomorneftegaz” (ГГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „ЧЕРНОМОРНЕФТЕГАЗ”). Oprichter: Het ministerie van Brandstoffen en Energie van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО ТОПЛИВА И ЭНЕРГЕТИКИ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

12.5.2014

2.

BV „Port Feodosia” (voorheen bekend als „Feodosia”)

Op 17 maart 2014 heeft het „Parlement van de Krim” een resolutie aangenomen waarin de overname van de activa van de onderneming Feodosia namens de „Republiek van de Krim” wordt afgekondigd. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven als BV „Port Feodosia” (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ПОРТ ФЕОДОСИЯ”) op 9 februari 2015. Oprichter: Yuri Garyevich Rovinskiy (Юрий Гарьевич Ровинский).

12.5.2014

10.

Zogenaamde „volksmilitie van Donbas”„Нарoдное oпoлчéние Дoнбáсса”

Illegale gewapende separistische groep die strijdt tegen de strijdkrachten van de Oekraïense overheid in Oost-Oekraïne; vormt een bedreiging voor de stabiliteit en veiligheid van Oekraïne.

Deze militante groep heeft in de begindagen van april 2014 onder andere de controle over verscheidene overheidsgebouwen in Oost-Oekraïne overgenomen en ondermijnt de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne.

Haar voormalige leider Pavel Gubarev is verantwoordelijk voor de bezetting van het gebouw van de regionale overheid in Donetsk door pro-Russische strijdkrachten; heeft zichzelf uitgeroepen tot „gouverneur van het volk”.

25.7.2014

13.

State Unitary Enterprise van de stad Sebastopol „zeehaven Sebastopol” (voorheen bekend als overheidsbedrijf „commerciële zeehaven Sebastopol” Государственное предприятие „Севастопольский морской торговьй порт” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Sevastopolski morskoy torgovy port”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Parlement van de Krim” heeft op 17 maart 2014 resolutie nr. 1757-6/14 „betreffende de nationalisering van een aantal ondernemingen die eigendom zijn van de Oekraïense ministeries van Infrastructuur en Landbouw” aangenomen, waarbij de activa van de commerciële zeehaven van Sebastopol worden onteigend namens de „Republiek van de Krim”. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Naar handelsvolume is dit de grootste commerciële zeehaven van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 6 juni 2014 als State Unitary Enterprise van de stad Sebastopol „zeehaven Sebastopol” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ ГОРОДА СЕВАСТОПОЛЯ „СЕВАСТОПОЛЬСКИЙ МОРСКОЙ ПОРТ”). Oprichter: Het bestuur van Sebastopol (правительство севастополя).

25.7.2014

14.

BV „zeehaven Kerch”/„Kamisj-Boeroen” (voorheen bekend als staatsbedrijf „commerciële zeehaven van Kerch” Государственное предприятие „Керченский морской торговый порт” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Kerchenski morskoy torgovy port”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Parlement van de Krim” heeft op 17 maart 2014 resolutie nr. 1757-6/14 „betreffende de nationalisering van een aantal ondernemingen die eigendom zijn van de Oekraïense ministeries van Infrastructuur en Landbouw” aangenomen, en op 26 maart 2014 resolutie nr. 1865-6/14 „betreffende het staatsbedrijf „zeehavens van de Krim”” (О Государственном предприятии „Крымские морские порты”), waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „commerciële zeehaven van Kerch” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Naar handelsvolume is het de op een na grootste commerciële zeehaven in de Krim. Op 9 december 2014 opnieuw ingeschreven als BV „zeehaven van Kerch”„Kamisj-Boeroen” (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „КЕРЧЕНСКИЙ МОРСКОЙ ПОРТ „КАМЫШ-БУРУН”). Oprichters: BV „Vostok-Capital”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ВОСТОК КЭПИТАЛ”); BV „Vostok”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ВОСТОК”); BV „Altcom Invest-Stroi”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „АЛЬТКОМ ИНВЕСТ-СТРОЙ”) en BV „Altcom-Beton”, ingeschreven in Borispol, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „АЛЬТКОМ-БЕТОН”).

25.7.2014

15.

State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Universal-Avia” (voorheen bekend als staatsbedrijf Universal-Avia Государственное предприятие „Универсал-Авиа” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Universal-Avia”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 24 maart 2014 Besluit nr. 1794-6/14 „over staatsbedrijf „Gosudarstvenoye predpriyatiye Universal-Avia” („О Государственном предприятии „Универсал-Авиа””) aangenomen, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „Universal-Avia” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 15 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Universal-Avia” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „УНИВЕРСАЛ-АВИА”). Oprichter: Het ministerie van Transport van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО ТРАНСПОРТА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

16.

Federal State Budgetary Enterprise „Sanatorium Nizhnyaya Oreanda” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (voorheen bekend als Resort „Nizhnyaya Oreanda” Санаторий „нижняя ореанда”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 21 maart 2014 Besluit nr. 1767-6/14 over de „Vraagstukken omtrent de oprichting van de Vereniging van sanatoria en resorts” aangenomen, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het resort „Nizhnyaya Oreanda” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 9 oktober 2014 als Federal State Budgetary Enterprise „Sanatorium Nizhnyaya Oreanda” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (ФЕДЕРАЛЬНОЕ ГОСУДАРСТВЕННОЕ БЮДЖЕТНОЕ УЧРЕЖДЕНИЕ „САНАТОРИЙ „НИЖНЯЯ ОРЕАНДА””УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ). Oprichter: Het kabinet van de president van de Russische Federatie (УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ).

25.7.2014

18.

Federal State Budgetary Enterprise „Production-Agrarian Union „Massandra””van het kabinet van de president van de Russische Federatie (voorheen bekend als staatsconcern „National Association of producers „Massandra”” Национальное производственно-аграрное объединение „Массандра” Nacionalnoye proizvodstvenno agrarnoye obyedinenye „Massandra”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen over de „Wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim” van 26 maart 2014 over de „Nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agro-industriële complex op het grondgebied van de Republiek van de Krim”, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsconcern „National Association of producers „Massandra”” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 1 augustus 2014 als Federal State Budgetary Enterprise „Production-Agrarian Union „Massandra”” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (ФЕДЕРАЛЬНОЕ ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ „ПРОИЗВОДСТВЕННО-АГРАРНОЕ ОБЪЕДИНЕНИЕ „МАССАНДРА””УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ). Oprichter: Het kabinet van de president van de Russische Federatie (УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ).

25.7.2014

19.

State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Nationaal Wijninstituut „Magarach”” (voorheen bekend als „Staatsbedrijf Magarach van het Nationaal Wijninstituut” Государственное предприятие Агрофирма „Магарач” Национального института винограда и вина „Магарач” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Agrofirma Magarach” nacionalnogo instituta vinograda i vina „Magarach”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen „Over de wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim” van 26 maart 2014„Over de nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agro-industriële complex op het grondgebied van de Republiek van de Krim”, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „Gosudarstvenoye predpriyatiye „Agrofirma Magarach” nacionalnogo instituta vinograda i vina „Magarach”” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 15 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Nationaal Wijninstituut „Magarach”” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ БЮДЖЕТНОЕ УЧРЕЖДЕНИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „НАЦИОНАЛЬНЫЙ НАУЧНО-ИССЛЕДОВАТЕЛЬСКИЙ ИНСТИТУТ ВИНОГРАДА И ВИНА „МАГАРАЧ””). Oprichter: Het ministerie van Landbouw van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО СЕЛЬСКОГО ХОЗЯЙСТВА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

20.

State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Schuimwijnfabriek „Novy Svet”” (voorheen bekend als staatsbedrijf „Schuimwijnfabriek„Novy Svet”” Ггосударственное предприятиеЗавод шампанских вин „Новый свет” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Zavod shampanskykh vin Novy Svet”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen over de „wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim van 26 maart 2014 over de „Nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agro-industriële complex op het grondgebied van de Republiek van de Krim””, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het overheidsbedrijf „Zavod shampanskykh vin Novy Svet” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteite” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 4 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Schuimwijnfabriek „Novy Svet”” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „ЗАВОД ШАМПАНСКИХ ВИН „НОВЫЙ СВЕТ””). Oprichter: Het ministerie van Landbouw van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО СЕЛЬСКОГО ХОЗЯЙСТВА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

23.

RUSSIAN NATIONAL COMMERCIAL BANK

РОССИЙСКИЙ НАЦИОНАЛЬНЫЙ КОММЕРЧЕСКИЙ БАНК

Na de illegale annexatie van de Krim is de zogenaamde „Republiek van de Krim” de volledige eigenaar geworden van de Russian National Commercial Bank (RNCB). De bank is een dominante speler geworden op de markt, terwijl zij voor de annexatie niet op de Krim aanwezig was. Door het kopen of overnemen van bijkantoren van banken die op de Krim actief waren maar zich nu terugtrekken, heeft de RNCB materieel en financieel de acties ondersteund van de Russische regering om de Krim in de Russische Federatie te integreren, en heeft zij derhalve de territoriale integriteit van Oekraïne ondermijnd.

30.7.2014


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/18


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/354 VAN DE RAAD

van 11 maart 2016

tot uitvoering van artikel 17, lid 1, van Verordening (EU) nr. 224/2014 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 224/2014 van de Raad van 10 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek (1), en met name artikel 17, lid 1,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 10 maart 2014 Verordening (EU) nr. 224/2014 vastgesteld.

(2)

Het comité van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, ingesteld krachtens Resolutie 2127 (2013) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, heeft op 7 maart 2016 een persoon en een entiteit toegevoegd aan de lijst van personen en entiteiten die aan beperkende maatregelen onderworpen zijn.

(3)

Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 224/2014 moet bijgevolg dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 224/2014 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 11 maart 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

A.G. KOENDERS


(1)  PB L 70 van 11.3.2014, blz. 1.


BIJLAGE

De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in de bijlage I bij Verordening (EU) nr. 224/2014:

A.   Personen

„9.

Joseph KONY (alias: a) Kony, b) Joseph Rao Kony, c) Josef Kony, d) Le Messie sanglant)

Functie: Bevelhebber van het Verzetsleger van de Heer (Lord's Resistance Army)

Geboortedatum: a) 1959, b) 1960, c) 1961, d) 1963, e) 18 september 1964, f) 1965, g) (augustus 1961), h) (juli 1961), i) 1 januari 1961, j) (april 1963)

Geboorteplaats: a) Palaro Village, Palaro Parish, Omoro County, Gulu District, Uganda, b) Odek, Omoro, Gulu, Uganda, c) Atyak, Uganda

Nationaliteit: Ugandees paspoort

Adres: a) Vakaga, Centraal-Afrikaanse Republiek, b) Haute-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, c) Basse-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, d) Haut-Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, e) Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, f) Haut-Uolo, Democratische Republiek Congo, g) Bas-Uolo, Democratische Republiek Congo, h) (opgegeven adres: Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan, waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald). Naar verluidt zijn sinds januari 2015 500 leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.

Datum plaatsing op de lijst: 7 maart 2016.

Overige informatie:

Kony is de oprichter en leider van het Verzetsleger van de Heer (LRA — Lord's Resistance Army) (CFe.002). Onder zijn leiding is de LRA betrokken geweest bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. De LRA is verantwoordelijk voor het ontvoeren, het verdrijven, het plegen van seksueel geweld jegens en het doden van honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek, en heeft eigendommen van burgers geplunderd en vernield. Naam van de vader is Luizi Obol. Naam van de moeder is Nora Obol.

Informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité:

Joseph Kony is op 7 maart 2016 overeenkomstig de punten 12 en 13 b), c) en d) van Resolutie 2262 (2016) op de lijst geplaatst van personen of entiteiten die „handelingen verrichten of steunen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van de CAR ondermijnen”; „betrokken zijn bij de planning, aansturing of uitvoering van handelingen die een schending vormen van het internationale recht inzake de mensenrechten of het internationale humanitaire recht, naargelang het geval, of die in de CAR een schending van of inbreuk op de mensenrechten vormen, waaronder het gebruik van seksueel geweld, het viseren van burgers, etnisch of religieus gemotiveerde aanslagen, aanslagen op scholen en ziekenhuizen, en ontvoering en gedwongen verplaatsing”; „kinderen rekruteren of gebruiken in gewapende conflicten in de CAR, en daarbij het toepasselijke internationale recht overtreden;” en „gewapende groepen of criminele netwerken steunen door de illegale ontginning van of de handel in natuurlijke hulpbronnen, waaronder diamanten, goud en producten van wilde dieren in of vanuit de CAR”.

Aanvullende informatie:

Kony is de oprichter van het Verzetsleger van de Heer (Lord's Resistance Army — LRA) en wordt omschreven als de oprichter, religieus leider, voorzitter en bevelhebber. De LRA ontstond in de jaren '80 in het noorden van Uganda en was betrokken bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. Als gevolg van toenemende militaire druk, gaf Kony de LRA in 2005 en 2006 de opdracht om uit Uganda weg te trekken. Sindsdien is de LRA actief in de Democratische Republiek Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Sudan en naar verluidt ook in Sudan.

Als leider van de LRA formuleert en implementeert Kony de strategie van de LRA, waarbij hij vaste orders geeft om de burgerbevolking aan te vallen en hardhandig aan te pakken. Sinds december 2013 heeft de LRA onder het bewind van Joseph Kony honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek ontvoerd, verdreven, seksueel misbruikt en gedood, en heeft het eigendommen van burgers geplunderd en vernietigd. Zich voornamelijk ophoudend in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek en naar verluidt in Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald maar dat militair door Sudan wordt gecontroleerd), valt de LRA dorpen aan om voedsel en voorraden te plunderen. Als veiligheidstroepen op aanvallen reageren, leggen de LRA-strijders hinderlagen om hen aan te vallen en hun materiaal te stelen, en LRA-strijders viseren en plunderen ook dorpen waar geen militairen aanwezig zijn. De LRA voert ook steeds meer aanvallen uit op diamant- en goudmijnen.

Het Internationaal Strafhof heeft tegen Kony een aanhoudingsbevel uitgevaardigd. Het Internationaal Strafhof heeft hem in staat van beschuldiging gesteld voor 12 aanklachten wegens misdaden tegen de menselijkheid, waaronder moord, slavernij, seksslavernij, verkrachting en onmenselijke daden waarbij ernstig lichamelijk letsel en menselijk lijden worden toegebracht, en 21 aanklachten wegens oorlogsmisdaden waaronder moord, wrede behandeling van burgers, het opzettelijk aanvallen van een burgerbevolking, plundering, aanzetten tot verkrachting en het ronselen, door middel van ontvoering, van kinderen jonger dan 15 jaar.

Kony heeft de rebellenstrijders vaste orders gegeven om diamanten en goud te stelen van ambachtelijke mijnwerkers in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek. Naar verluidt worden bepaalde mineralen dan door de groep van Kony naar Sudan gebracht, of verhandeld met lokale burgers en leden van de voormalige Séléka.

Kony heeft zijn strijders tevens opgedragen olifanten te stropen in het Garamba National Park in de Democratische Republiek Congo, van waaruit slagtanden van olifanten via het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek naar verluidt naar Sudan worden vervoerd, alwaar hooggeplaatste LRA-strijders hen naar verluidt verhandelen en verkopen aan Sudanese handelaren en plaatselijke functionarissen. De handel in ivoor vormt een belangrijke bron van inkomsten voor de groep van Kony. Naar verluidt zijn sinds januari 2015 500 leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.”

B.   Entiteiten

„2.

VERZETSLEGER VAN DE HEER/LORD'S RESISTANCE ARMY (alias: a) LRA, b) Lord's Resistance Movement (LRM), c) Lord's Resistance Movement/Army (LRM/A))

Adres: a) Vakaga, Centraal-Afrikaanse Republiek, b) Haute-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, c) Basse-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, d) Haut-Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, e) Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, f) Haut-Uolo, Democratische Republiek Congo, g) Bas-Uolo, Democratische Republiek Congo, h) (opgegeven adres: Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan, waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald). Naar verluidt zijn sinds januari 2015 500 leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.)

Datum plaatsing op de lijst: 7 maart 2016.

Overige informatie: Is in de jaren '80 in het noorden van Uganda ontstaan. Is verantwoordelijk voor het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika, waaronder honderden in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Joseph Kony is de leider.

Informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité:

Het Verzetsleger van de Heer is op 7 maart 2016 overeenkomstig de punten 12 en 13 b), c) en d) van Resolutie 2262 (2016) op de lijst geplaatst van personen of entiteiten die „handelingen verrichten of steunen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van de CAR ondermijnen”; „betrokken zijn bij de planning, aansturing of uitvoering van handelingen die een schending vormen van het internationale recht inzake de mensenrechten of het internationale humanitaire recht, naargelang het geval, of die in de CAR een schending van of inbreuk op de mensenrechten vormen, waaronder het gebruik van seksueel geweld, het viseren van burgers, etnisch of religieus gemotiveerde aanslagen, aanslagen op scholen en ziekenhuizen, en ontvoering en gedwongen verplaatsing”; „kinderen rekruteren of gebruiken in gewapende conflicten in de CAR, en daarbij het toepasselijke internationale recht overtreden;” en „gewapende groepen of criminele netwerken steunen door de illegale ontginning van of de handel in natuurlijke hulpbronnen, waaronder diamanten, goud en producten van wilde dieren in of vanuit de CAR”.

Aanvullende informatie:

De LRA ontstond in de jaren '80 in het noorden van Uganda en was betrokken bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. Als gevolg van toenemende militaire druk, gaf Joseph Kony, de leider van de LRA, in 2005 en 2006 het LRA de opdracht om uit Uganda weg te trekken. Sindsdien is het LRA actief in de Democratische Republiek Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Sudan en naar verluidt ook in Sudan.

Sinds december 2013 heeft het LRA honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek ontvoerd, verdreven, seksueel misbruikt en gedood, en heeft het eigendommen van burgers geplunderd en vernietigd. Zich voornamelijk ophoudend in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek en naar verluidt in Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald maar dat militair door Sudan wordt gecontroleerd), valt het LRA dorpen aan om voedsel en voorraden te plunderen. Als veiligheidstroepen op aanvallen reageren, leggen de LRA-strijders hinderlagen om hen aan te vallen en hun materiaal te stelen, en LRA-strijders viseren en plunderen ook dorpen waar geen militairen aanwezig zijn. Het LRA voert ook steeds meer aanvallen uit op diamant- en goudmijnen.

Eenheden van het LRA worden vaak vergezeld door gevangenen die worden gedwongen als dragers, koks en seksslaven te werken. Het LRA pleegt gendergerelateerd geweld, waaronder verkrachtingen van vrouwen en meisjes.

In december 2013 heeft het LRA in Haute-Kotto tientallen mensen ontvoerd. Naar verluidt is het LRA sinds het begin van 2014 betrokken geweest bij de ontvoering van honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Begin 2014 hebben LRA-strijders herhaaldelijk aanvallen uitgevoerd op Obo, gelegen in de prefectuur van Haut-Mbomou in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Tussen mei en juli 2014 ging het LRA door met het uitvoeren van aanvallen in Obo en in andere plaatsen in het zuidoosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek, waaronder aanvallen en ontvoeringen in de prefectuur van Mbomou begin juni die gecoördineerd leken.

Het LRA is sinds ten minste 2014 bij de olifantenstroperij en de olifantenhandel betrokken om inkomsten te genereren. Naar verluidt smokkelt het LRA ivoor van het Garamba National Park in het noorden van de Democratische Republiek Congo naar Darfur om het te verhandelen voor wapens en goederen. Het LRA vervoert de slagtanden van gestroopte olifanten naar verluidt via de Centraal-Afrikaanse Republiek naar Darfur in Sudan om ze te verkopen. Bovendien heeft Kony vanaf begin 2014 de LRA-strijders naar verluidt opgedragen om bij mijnwerkers in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek diamanten en goud te plunderen voor vervoer naar Sudan. Naar verluidt zijn sinds januari 2015 500 leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.

Begin februari 2015 hebben met zware wapens bewapende LRA-strijders in Kpangbayanga, Haut-Mbomou, burgers ontvoerd en voedingsmiddelen gestolen.

Op 20 april 2015 heeft het LRA Ndambissoua in het zuidoosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek aangevallen en kinderen ontvoerd, hetgeen ertoe heeft geleid dat het merendeel van de bewoners het dorp is ontvlucht. Begin juli 2015 heeft het LRA verschillende dorpen in het zuiden van de prefectuur Haute-Kotto aangevallen; daarbij werden huizen verbrand en vonden plunderingen, ontvoeringen en geweldplegingen jegens burgers plaats.

Sinds januari 2016 zijn de aanvallen die aan het LRA worden toegeschreven toegenomen in Mbomou, Haut-Mbomou en Haute-Kotto; met name de mijnbouwgebieden in Haute-Kotto hebben hieronder te lijden. Deze aanvallen gingen gepaard met plunderingen, geweldpleging jegens burgers, vernieling van eigendommen en ontvoeringen. Dit heeft geleid tot verplaatsing van de bevolking, waaronder ongeveer 700 mensen die hun toevlucht hebben gezocht in Bria.”


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/22


VERORDENING (EU) 2016/355 VAN DE COMMISSIE

van 11 maart 2016

tot wijziging van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de specifieke voorschriften voor gelatine, collageen en zeer verfijnde producten van dierlijke oorsprong, bestemd voor menselijke consumptie

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (1), en met name artikel 10, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Verordening (EG) nr. 853/2004 worden voor exploitanten van levensmiddelenbedrijven specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong vastgesteld. In die verordening wordt met name bepaald dat exploitanten van levensmiddelenbedrijven ervoor moeten zorgen dat aan de specifieke voorschriften voor grondstoffen voor de vervaardiging van gelatine en collageen, bestemd voor menselijke consumptie, wordt voldaan.

(2)

Het is nodig ervoor te zorgen dat de grondstoffen voor de vervaardiging van gelatine en collageen, voor menselijke consumptie bestemd, afkomstig zijn van bronnen die voldoen aan de voorschriften inzake volks- en diergezondheid van de EU-wetgeving.

(3)

De Unie is sterk afhankelijk van de invoer van grondstoffen voor de vervaardiging van gelatine en collageen. Inrichtingen die die grondstoffen vervaardigen, passen specifieke behandelingen toe om risico's voor de volks- en diergezondheid in verband met die grondstoffen uit te sluiten. Het is daarom passend die aan het in de handel brengen in de Unie voorafgaande behandelingen toe te staan.

(4)

Het is passend de voorschriften voor het productieprocedé van collageen aan te passen om praktische wijzigingen toe te staan in gevallen waarin een wijziging niet leidt tot een ander niveau van bescherming van de volksgezondheid.

(5)

De analysemethoden voor de controle van de grenswaarden voor residuen in gelatine en collageen moeten worden aangepast aan de geschiktste en meest recentelijk gevalideerde methoden.

(6)

Om de veiligheid van bepaalde zeer verfijnde producten, de handhaving van de EU-bepalingen en een eerlijke concurrentie wat betreft grondstoffen afkomstig uit de Unie en uit derde landen te waarborgen, is het passend de voorwaarden te harmoniseren en specifieke voorschriften vast te stellen voor de productie van bepaalde zeer verfijnde producten van dierlijke oorsprong die bestemd zijn voor menselijke consumptie. De invoer van andere producten van dierlijke oorsprong waarvoor in bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 geen specifieke eisen zijn vastgesteld, blijft toegestaan overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1079/2013 van de Commissie (2).

(7)

Bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 wordt als volgt gewijzigd:

1)

Sectie XIV wordt als volgt gewijzigd:

a)

in hoofdstuk I wordt punt 4 vervangen door:

„4.

a)

Grondstoffen die buiten koelen, invriezen of diepvriezen geen enkele behandeling hebben ondergaan om de houdbaarheid te bevorderen, moeten afkomstig zijn van inrichtingen die erkend of geregistreerd zijn overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of overeenkomstig deze verordening.

b)

De volgende behandelde grondstoffen mogen worden gebruikt:

i)

beenderen, uitgezonderd gespecificeerd risicomateriaal als omschreven in artikel 3, lid 1, onder g), van Verordening (EG) nr. 999/2001, die afkomstig zijn van inrichtingen die onder toezicht staan van en in de lijst zijn opgenomen door de bevoegde autoriteit en die een van de volgende behandelingen hebben ondergaan:

vermalen tot stukken van ca. 15 mm, met heet water ontvetten bij een temperatuur van ten minste 70 °C gedurende ten minste 30 minuten, van ten minste 80 °C gedurende 15 minuten of van ten minste 90 °C gedurende ten minste 10 minuten, vervolgens wassen en daarna drogen gedurende ten minste 20 minuten in een hete luchtstroom met een begintemperatuur van ten minste 350 °C of gedurende 15 minuten in een hete luchtstroom met een begintemperatuur van meer dan 700 °C;

in de zon drogen gedurende ten minste 42 dagen bij een gemiddelde temperatuur van ten minste 20 °C;

behandelen met een zuur, zodat de pH in het binnenste gedurende ten minste één uur vóór het drogen lager dan 6 wordt gehouden;

ii)

huiden en vellen van als landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkenshuiden, huiden van pluimvee en huiden en vellen van vrij wild, die afkomstig zijn van inrichtingen die onder toezicht staan van en in de lijst zijn opgenomen door de bevoegde autoriteit en die een van de volgende behandelingen hebben ondergaan:

behandelen met een base, zodat in het binnenste een pH hoger dan 12 wordt bereikt, gevolgd door zouten gedurende ten minste zeven dagen;

drogen gedurende ten minste 42 dagen bij een temperatuur van ten minste 20 °C;

behandelen met een zuur, zodat de pH in het binnenste gedurende ten minste één uur lager dan 5 wordt gehouden;

behandelen met een base, zodat de pH gedurende ten minste acht uur hoger dan 12 wordt gehouden;

iii)

beenderen, uitgezonderd gespecificeerd risicomateriaal als omschreven in artikel 3, lid 1, onder g), van Verordening (EG) nr. 999/2001, huiden en vellen van als landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkenshuiden, huiden van pluimvee, huiden van vis en huiden en vellen van vrij wild, die een andere dan de in punt i) of ii) genoemde behandelingen hebben ondergaan en die afkomstig zijn van inrichtingen die erkend of geregistreerd zijn overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of overeenkomstig deze verordening.

Voor de toepassing van punt b), ii), eerste twee streepjes, kan de behandelingsduur ook de tijdsduur van het vervoer omvatten.

De behandelde grondstoffen als bedoeld onder b), i) en ii), moeten afkomstig zijn van:

als huisdier of landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkens en pluimvee die zijn geslacht in een slachthuis en waarvan de karkassen op grond van een keuring vóór en na het slachten geschikt voor menselijke consumptie zijn bevonden, of

van gedood vrij wild waarvan de karkassen op grond van een keuring na het doden geschikt voor menselijke consumptie zijn bevonden.”;

b)

in hoofdstuk II wordt het volgende punt 3 toegevoegd:

„3.

Na de in Richtlijn 97/78/EG bedoelde veterinaire controles, en onverminderd de in artikel 8, lid 4, van die richtlijn genoemde voorwaarden, moeten grondstoffen voor de vervaardiging van gelatine voor menselijke consumptie waarvoor diergezondheidscertificaten moeten worden afgegeven, rechtstreeks worden vervoerd naar de inrichting op de plaats van bestemming.

Alle voorzorgsmaatregelen, inclusief de veilige verwijdering van dierlijke bijproducten, afval, ongebruikt of overtollig materiaal, worden genomen om de risico's van verspreiding van ziekten onder dieren te voorkomen.”;

c)

hoofdstuk IV wordt vervangen door:

„HOOFDSTUK IV: VOORSCHRIFTEN VOOR EINDPRODUCTEN

Exploitanten van levensmiddelenbedrijven moeten waarborgen dat gelatine voldoet aan de grenswaarden in onderstaande tabel.

Residu

Grenswaarde

As

1 ppm

Pb

5 ppm

Cd

0,5 ppm

Hg

0,15 ppm

Cr

10 ppm

Cu

30 ppm

Zn

50 ppm

SO2 (Europese Farmacopee, recentste editie)

50 ppm

H2O2 (Europese Farmacopee, recentste editie)

10 ppm”

2)

Sectie XV wordt als volgt gewijzigd:

a)

in de inleiding wordt punt 1 vervangen door:

„1.

Exploitanten van levensmiddelenbedrijven die collageen vervaardigen, moeten ervoor zorgen dat wordt voldaan aan de voorschriften van deze sectie. Onverminderd andere bepalingen moeten van collageen afgeleide producten worden vervaardigd van collageen dat aan de voorschriften van deze sectie voldoet.”;

b)

in hoofdstuk I wordt punt 4 vervangen door:

„4.

a)

Grondstoffen die buiten koelen, invriezen of diepvriezen geen enkele behandeling hebben ondergaan om de houdbaarheid te bevorderen, moeten afkomstig zijn van inrichtingen die zijn erkend of geregistreerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of overeenkomstig deze verordening.

b)

De volgende behandelde grondstoffen mogen worden gebruikt:

i)

beenderen, uitgezonderd gespecificeerd risicomateriaal als omschreven in artikel 3, lid 1, onder g), van Verordening (EG) nr. 999/2001, die afkomstig zijn van inrichtingen die onder toezicht staan van en in de lijst zijn opgenomen door de bevoegde autoriteit en die een van de volgende behandelingen hebben ondergaan:

vermalen tot stukken van ca. 15 mm, met heet water ontvetten bij een temperatuur van ten minste 70 °C gedurende ten minste 30 minuten, van ten minste 80 °C gedurende 15 minuten of van ten minste 90 °C gedurende ten minste 10 minuten, vervolgens wassen en daarna drogen gedurende ten minste 20 minuten in een hete luchtstroom met een begintemperatuur van ten minste 350 °C of gedurende 15 minuten in een hete luchtstroom met een begintemperatuur van meer dan 700 °C;

in de zon drogen gedurende ten minste 42 dagen bij een gemiddelde temperatuur van ten minste 20 °C;

behandelen met een zuur, zodat de pH in het binnenste gedurende ten minste één uur vóór het drogen lager dan 6 wordt gehouden;

ii)

huiden en vellen van als landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkenshuiden, huiden van pluimvee en huiden en vellen van vrij wild, die afkomstig zijn van inrichtingen die onder toezicht staan van en in de lijst zijn opgenomen door de bevoegde autoriteit en die een van de volgende behandelingen hebben ondergaan:

behandelen met een base, zodat in het binnenste een pH hoger dan 12 wordt bereikt, gevolgd door zouten gedurende ten minste zeven dagen;

drogen gedurende ten minste 42 dagen bij een temperatuur van ten minste 20 °C;

behandelen met een zuur, zodat de pH in het binnenste gedurende ten minste één uur lager dan 5 wordt gehouden;

behandelen met een base, zodat de pH gedurende ten minste acht uur hoger dan 12 wordt gehouden;

iii)

beenderen, uitgezonderd gespecificeerd risicomateriaal als omschreven in artikel 3, lid 1, onder g), van Verordening (EG) nr. 999/2001, huiden en vellen van als landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkenshuiden, huiden van pluimvee, huiden van vis en huiden en vellen van vrij wild, die een andere dan de in punt i) of ii) genoemde behandelingen hebben ondergaan en die afkomstig zijn van inrichtingen die erkend of geregistreerd zijn overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of overeenkomstig deze verordening.

Voor de toepassing van punt b), ii), eerste twee streepjes, kan de behandelingsduur ook de tijdsduur van het vervoer omvatten.

De behandelde grondstoffen als bedoeld onder b), i) en ii), moeten afkomstig zijn van:

als huisdier of landbouwhuisdier gehouden herkauwers, varkens en pluimvee die zijn geslacht in een slachthuis en waarvan de karkassen op grond van een keuring vóór en na het slachten geschikt voor menselijke consumptie zijn bevonden, of

van gedood vrij wild waarvan de karkassen op grond van een keuring na het doden geschikt voor menselijke consumptie zijn bevonden.”;

c)

in hoofdstuk II wordt het volgende punt 3 toegevoegd:

„3.

Na de in Richtlijn 97/78/EG bedoelde veterinaire controles, en onverminderd de in artikel 8, lid 4, van die richtlijn genoemde voorwaarden, moeten grondstoffen voor de vervaardiging van gelatine voor menselijke consumptie waarvoor diergezondheidscertificaten moeten worden afgegeven, rechtstreeks worden vervoerd naar de inrichting op de plaats van bestemming.

Alle voorzorgsmaatregelen, inclusief de veilige verwijdering van dierlijke bijproducten, afval, ongebruikt of overtollig materiaal, worden genomen om de risico's van verspreiding van ziekten onder dieren te voorkomen.”;

d)

in hoofdstuk III wordt punt 1 vervangen door:

„1.

Het productieprocedé van collageen moet waarborgen dat:

a)

alle beendermateriaal van herkauwers dat afkomstig is van dieren die zijn geboren, gehouden of geslacht in landen of gebieden met een gecontroleerd of onbepaald BSE-risico, vastgesteld overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 999/2001, wordt onderworpen aan een procedé waarbij het beendermateriaal eerst wordt fijngemalen, met heet water wordt ontvet en gedurende ten minste twee dagen met verdund zoutzuur (minimumconcentratie 4 % en pH < 1,5) wordt behandeld; deze behandeling moet worden gevolgd door een aanpassing van de pH-waarde onder gebruikmaking van een zuur of een base, gevolgd door:

i)

één of meer spoelingen en ten minste één van de volgende procedés:

filtrering,

vermaling,

extrusie;

ii)

of een goedgekeurd gelijkwaardig procedé;

b)

grondstoffen, met uitzondering van die bedoeld onder a), moeten worden onderworpen aan een behandeling bestaande uit wassen en aanpassing van de pH-waarde onder gebruikmaking van een zuur of een base, gevolgd door:

i)

een of meer spoelingen en ten minste een van de volgende procedés:

filtrering,

vermaling,

extrusie;

ii)

of een goedgekeurd gelijkwaardig procedé.”;

e)

hoofdstuk IV wordt vervangen door:

„HOOFDSTUK IV: VOORSCHRIFTEN VOOR EINDPRODUCTEN

Exploitanten van levensmiddelenbedrijven moeten waarborgen dat gelatine voldoet aan de grenswaarden in onderstaande tabel.

Residu

Grenswaarde

As

1 ppm

Pb

5 ppm

Cd

0,5 ppm

Hg

0,15 ppm

Cr

10 ppm

Cu

30 ppm

Zn

50 ppm

SO2 (Europese Farmacopee, recentste editie)

50 ppm

H2O2 (Europese Farmacopee, recentste editie)

10 ppm”

3)

De volgende sectie XVI wordt toegevoegd:

„SECTIE XVI: ZEER VERFIJNDE PRODUCTEN: CHONDROÏTINESULFAAT, HYALURONZUUR, ANDERE PRODUCTEN VAN GEHYDROLYSEERD KRAAKBEEN, CHITOSAN, GLUCOSAMINE, STREMSEL, VISLIJM EN AMINOZUREN

1.

Exploitanten van levensmiddelenbedrijven die de volgende zeer verfijnde producten van dierlijke oorsprong vervaardigen:

a)

chondroïtinesulfaat,

b)

hyaluronzuur,

c)

andere producten van gehydrolyseerd kraakbeen,

d)

chitosan,

e)

glucosamine,

f)

stremsel,

g)

vislijm, en

h)

aminozuren die overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1333/2008 van het Europees Parlement en de Raad (3) zijn toegelaten als levensmiddelenadditieven,

moeten ervoor zorgen dat de behandeling van de gebruikte grondstoffen elk risico voor de dier- of volksgezondheid wegneemt.

2.

De grondstoffen voor de vervaardiging van de in punt 1 bedoelde zeer verfijnde producten moeten afkomstig zijn van:

a)

dieren, met inbegrip van hun veren, die zijn geslacht in een slachthuis en waarvan de karkassen op grond van een keuring vóór en na het slachten geschikt voor menselijke consumptie zijn bevonden, of

b)

visserijproducten die aan sectie VIII voldoen.

Menselijk haar mag niet worden gebruikt als bron voor de vervaardiging van aminozuren.

(3)  Verordening (EG) nr. 1333/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 inzake levensmiddelenadditieven (PB L 354 van 31.12.2008, blz. 16).”."

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 11 maart 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 139 van 30.4.2004, blz. 55.

(2)  Verordening (EU) nr. 1079/2013 van de Commissie van 31 oktober 2013 tot vaststelling van overgangsmaatregelen voor de toepassing van de Verordeningen (EG) nr. 853/2004 en (EG) nr. 854/2004 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 292 van 1.11.2013, blz. 10).


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/29


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/356 VAN DE COMMISSIE

van 11 maart 2016

tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1),

Gezien Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft (2), en met name artikel 136, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 zijn, op grond van de resultaten van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde, de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de perioden die in bijlage XVI, deel A, bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt.

(2)

De forfaitaire invoerwaarde wordt elke dag berekend overeenkomstig artikel 136, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011, met inachtneming van de variabele gegevens voor die dag. Bijgevolg moet deze verordening in werking treden op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in artikel 136 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 11 maart 2016.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Jerzy PLEWA

Directeur-generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling


(1)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.

(2)  PB L 157 van 15.6.2011, blz. 1.


BIJLAGE

Forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

(EUR/100 kg)

GN-code

Code derde landen (1)

Forfaitaire invoerwaarde

0702 00 00

IL

135,3

MA

100,8

SN

176,8

TN

112,1

TR

107,6

ZZ

126,5

0707 00 05

MA

84,8

TR

154,5

ZZ

119,7

0709 93 10

MA

62,1

TR

156,5

ZZ

109,3

0805 10 20

EG

43,8

IL

76,8

MA

51,1

TN

54,3

TR

64,7

ZZ

58,1

0805 50 10

MA

123,2

TR

82,8

ZZ

103,0

0808 10 80

BR

88,6

CL

93,0

CN

66,5

US

177,0

ZZ

106,3

0808 30 90

AR

102,7

CL

152,2

CN

103,0

TR

143,8

ZA

114,0

ZZ

123,1


(1)  Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EU) nr. 1106/2012 van de Commissie van 27 november 2012 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 471/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken van de buitenlandse handel met derde landen, wat de bijwerking van de nomenclatuur van landen en gebieden betreft (PB L 328 van 28.11.2012, blz. 7). De code „ZZ” staat voor „overige oorsprong”.


BESLUITEN

12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/31


BESLUIT (EU) 2016/357 VAN DE RAAD

van 15 januari 2016

betreffende het standpunt van de Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië inzake de deelname van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 352, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Europese Raad van Luxemburg van december 1997 heeft deelname aan de agentschappen van de Unie een manier genoemd om de pretoetredingsstrategie te intensiveren. In de conclusies van de Europese Raad staat dat „de kandidaat-lidstaten volgens een per geval te nemen besluit kunnen deelnemen aan […] agentschappen” van de Unie.

(2)

In Verordening (EG) nr. 168/2007 (1) van de Raad tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten is bepaald dat het Bureau open staat voor deelname van kandidaat-lidstaten overeenkomstig het in de artikelen 4 en 5 vastgestelde kader.

(3)

De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië deelt de doelstellingen en oogmerken van het Bureau en onderschrijft de reikwijdte en beschrijving van de taken van het Bureau als neergelegd in Verordening (EG) nr. 168/2007.

(4)

Het is de uiteindelijke doelstelling van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië om lid te worden van de Europese Unie, en deelname aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten zal de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië helpen om deze doelstelling te bereiken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Enig artikel

Het door de Europese Unie in de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië in te nemen standpunt inzake de deelname van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, is gebaseerd op het bij dit besluit gevoegde ontwerpbesluit van de Stabilisatie- en Associatieraad van de EU en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Gedaan te Brussel, 15 januari 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

J.R.V.A. DIJSSELBLOEM


(1)  Verordening (EG) Nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (PB L 53 van 22.2.2007, blz. 1)


ONTWERP

BESLUIT Nr. …/2016 VAN DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD VAN DE EU EN DE VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REPUBLIEK MACEDONIË

van …

inzake de deelname van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, en de modaliteiten voor die deelname, binnen het kader als bedoeld in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007, met inbegrip van voorzieningen inzake de deelname aan initiatieven van het Bureau, de financiële bijdrage en het personeel

DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD VAN DE EU EN DE VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REPUBLIEK MACEDONIË,

Gezien de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie, enerzijds, en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, anderzijds (1),

Gezien Verordening (EG) nr. 168/2007 van de Raad van 15 februari 2007 tot oprichting van een Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (2), en met name artikel 28, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

1.

De Europese Raad van Luxemburg van december 1997 heeft deelname aan de agentschappen van de Unie een manier genoemd om de pretoetredingsstrategie te intensiveren. In de conclusies van de Europese Raad staat dat „de kandidaat-lidstaten volgens een per geval te nemen besluit kunnen deelnemen aan agentschappen”.

2.

De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië deelt de doelstellingen en oogmerken van het Bureau en kan zich vinden in de reikwijdte en beschrijving van de taken van het Bureau als neergelegd in Verordening (EG) nr. 168/2007.

3.

Het is passend de deelname van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië als waarnemer aan de werkzaamheden van het Bureau mogelijk te maken, en de modaliteiten daarvoor vast te stellen, met inbegrip van bepalingen met betrekking tot de deelname aan de door het Bureau ontwikkelde initiatieven, de financiële bijdrage en het personeel.

4.

Het is tevens wenselijk dat het Bureau zich bezighoudt met onder artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007 vallende grondrechtenvraagstukken in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, voor zover dat nodig is voor de geleidelijke aanpassing van het land aan het recht van de Unie.

5.

Overeenkomstig artikel 12, lid 2, onder a), van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen, als bedoeld in Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 259/68 van de Raad, kan de directeur van het Bureau instemmen met de aanstelling van onderdanen van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië die hun rechten als staatsburger bezitten,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië neemt als kandidaat-lidstaat in de hoedanigheid van waarnemer deel aan het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten, opgericht bij Verordening (EG) nr. 168/2007.

Artikel 2

1.   Het Bureau kan zich bezighouden met onder artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007 vallende grondrechtenvraagstukken in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, voor zover dat nodig is voor de geleidelijke aanpassing van het land aan het recht van de Unie.

2.   Tot dit doel zal het Bureau in staat worden gesteld de in de artikelen 4 en 5 van Verordening (EG) nr. 168/2007 neergelegde taken in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te vervullen.

Artikel 3

De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië draagt financieel bij tot de in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 168/2007 bedoelde werkzaamheden van het Bureau, overeenkomstig het bepaalde in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 4

1.   De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wijst personen aan die voldoen aan de criteria van artikel 12, lid 1, van de verordening, respectievelijk als waarnemers en plaatsvervangende waarnemers. Zij mogen deelnemen aan de werkzaamheden van de raad van bestuur op gelijke voet met de leden en plaatsvervangende leden die door de lidstaten zijn aangewezen, maar zonder stemrecht.

2.   De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wijst een regeringsfunctionaris aan als nationale verbindingsfunctionaris, als bedoeld in artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 168/2007.

3.   Binnen vier maanden na de inwerkingtreding van dit besluit stelt de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië de Europese Commissie in kennis van de namen, kwalificaties en contactgegevens van de in de leden 1 en 2 genoemde personen.

Artikel 5

De gegevens die het Bureau ontvangt of meedeelt, kunnen openbaar worden gemaakt en zijn toegankelijk voor het publiek, op voorwaarde dat vertrouwelijke informatie binnen de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië dezelfde graad van bescherming krijgt als binnen de Unie.

Artikel 6

Het Bureau beschikt in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië over dezelfde status als rechtspersonen volgens het recht van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië.

Artikel 7

Om het Bureau en zijn personeel in staat te stellen hun taken te vervullen, verleent de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië dezelfde voorrechten en immuniteiten als bedoeld in de artikelen 1 tot en met 4, 5, 6, 10 tot en met 13, 15, 17 en 18 van Protocol nr. 7 betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, dat is gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Artikel 8

De partijen treffen elk alle algemene en bijzondere maatregelen die vereist zijn om aan hun verplichtingen krachtens dit besluit te voldoen en brengen deze ter kennis van de Stabilisatie- en Associatieraad.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgende op de datum waarop het wordt aangenomen.

Gedaan te …,

Voor de Stabilisatie- en Associatieraad

De voorzitter


(1)  PB L 84 van 20.3.2004, blz. 13

(2)  PB L 53 van 22.2.2007, blz. 1

BIJLAGE

FINANCIËLE BIJDRAGE VAN DE VOORMALIGE JOEGOSLAVISCHE REPUBLIEK MACEDONIË AAN HET BUREAU VAN DE EUROPESE UNIE VOOR DE GRONDRECHTEN

1.

De door de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië te betalen financiële bijdrage aan de algemene begroting van de Europese Unie met het oog op deelname aan het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten (hierna „het Bureau” genoemd), zoals bedoeld onder punt 2, dekt de volledige kosten van haar deelname hieraan.

2.

De financiële bijdrage van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië aan de begroting van de Europese Unie is als volgt:

Jaar 1:

165 000 EUR

Jaar 2:

170 000 EUR

Jaar 3:

175 000 EUR

3.

Tot mogelijke financiële steun uit de steunprogramma's van de Unie wordt afzonderlijk besloten volgens het relevante programma van de Unie.

4.

De bijdrage van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië wordt beheerd overeenkomstig het Financieel Reglement (1) dat van toepassing is op de algemene begroting van de Europese Unie.

5.

De reis- en verblijfkosten van de vertegenwoordigers en deskundigen van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië voor deelname aan activiteiten en vergaderingen in het kader van de uitvoering van het werkprogramma van het Bureau worden terugbetaald door het Bureau op dezelfde basis als en in overeenstemming met de procedures welke momenteel gelden voor de lidstaten van de Europese Unie.

6.

Bij de inwerkingtreding van dit besluit en het begin van ieder nieuw jaar doet de Commissie de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië een verzoek tot storting toekomen ter hoogte van de volgens dit besluit verschuldigde bijdrage van dat land aan het Bureau. Voor het eerste kalenderjaar van haar deelname betaalt de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië een bijdrage die op pro-ratabasis wordt berekend vanaf de datum van het begin van haar deelname tot het einde van het jaar. De hierop volgende jaren stemt de bijdrage overeen met de bepalingen van dit besluit.

7.

Deze bijdrage wordt uitgedrukt in euro en betaald op een euro-bankrekening van de Europese Commissie.

8.

De voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië betaalt zijn bijdrage overeenkomstig het verzoek tot storting uiterlijk binnen dertig dagen nadat het verzoek tot storting door de Commissie is verzonden.

9.

Elke vertraging bij de betaling geeft vanaf de vervaldatum aanleiding tot betaling door de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië van rente over het uitstaande bedrag. De rentevoet stemt overeen met de door de Europese Centrale Bank op de vervaldag voor haar eurotransacties gehanteerde rentevoet, vermeerderd met 1,5 procentpunten.


(1)  Verordening (EU, Euratom) Nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1)


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/35


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2016/358 VAN DE RAAD

van 8 maart 2016

waarbij de Franse Republiek overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG wordt gemachtigd een verlaagd belastingniveau toe te passen op benzine en gasolie gebruikt als motorbrandstof

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2003/96/EG van de Raad van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit (1), en met name artikel 19,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsbesluit 2013/193/EU van de Raad (2) wordt de Franse Republiek (hierna „Frankrijk” genoemd) in het kader van een staatshervorming en met name de decentralisatie van bepaalde specifieke bevoegdheden die voorheen door de centrale overheid werden uitgeoefend, gemachtigd om gedurende een termijn van drie jaar een verlaagd belastingniveau toe te passen op gasolie en loodvrije benzine gebruikt als motorbrandstof. Besluit 2013/193/EU is op 31 december 2015 vervallen.

(2)

Bij brief van 20 oktober 2015 heeft Frankrijk verzocht om de Franse regio's na 31 december 2015 voor nog eens een termijn van twee jaar toe te laten verlaagde belastingtarieven van niet meer dan 17,7 EUR per 1 000 liter loodvrije benzine en 11,5 EUR per 1 000 liter gasolie toe te passen.

(3)

Uitvoeringsbesluit 2013/193/EU werd aangenomen omdat de door Frankrijk gevraagde maatregel werd geacht aan de in artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG gestelde voorwaarden te voldoen, op grond waarvan belastingvrijstellingen of -verlagingen uitsluitend mogen worden ingevoerd uit specifieke beleidsoverwegingen. De maatregel werd met name geacht de goede werking van de interne markt niet te belemmeren. Hij werd ook geacht in overeenstemming te zijn met het beleid van de Unie op de relevante gebieden.

(4)

De nationale maatregel maakt deel uit van een beleid dat tot doel heeft de overheid door kwaliteitsverbetering en kostenverlaging efficiënter te laten functioneren, en van een beleid dat gericht is op decentralisatie. Frankrijk wil zijn regio's een extra stimulans bieden om de kwaliteit van hun bestuur op transparante wijze te verbeteren. In dit opzicht vereist Uitvoeringsbesluit 2013/193/EU dat de verlagingen verband houden met de objectieve sociaal-economische omstandigheden in de regio's waar zij worden toegepast. Dienovereenkomstig heeft een aantal regio's met een lager bruto binnenlands product dan het gemiddelde dan wel een hogere werkloosheid dan het gemiddelde, lagere tarieven toegepast. In het algemeen is de nationale maatregel op specifieke beleidsoverwegingen gebaseerd.

(5)

Door de strikte marges voor de regionale verlaging van de tarieven en de uitsluiting van voor voortbeweging gebruikte commerciële gasolie is het risico op verstoring van de mededinging op de interne markt zeer klein.

(6)

Er is geen melding gemaakt van belemmeringen voor de goede werking van de interne markt, met name met betrekking tot het verkeer van de producten in kwestie als accijnsgoederen.

(7)

De maatregel wordt voorafgegaan door een belastingverhoging. Tegen deze achtergrond en rekening houdende met de aan de machtiging verbonden voorwaarden en de opgedane ervaringen lijkt de nationale maatregel in dit stadium niet in strijd te zijn met het energie- en klimaatveranderingsbeleid van de Unie.

(8)

Uit artikel 19, lid 2, van Richtlijn 2003/96/EG volgt dat iedere uit hoofde daarvan verleende machtiging in de tijd beperkt moet zijn. Frankrijk heeft gevraagd de machtiging voor een termijn van twee jaar te verlenen. Het is daarom passend de geldigheidsduur van dit besluit tot twee jaar te beperken.

(9)

Er moet zorg voor worden gedragen dat de toepassing van de specifieke verlaging door Frankrijk waarop dit besluit betrekking heeft, naadloos aansluit bij de regeling die bestond vóór 1 januari 2016 in het kader van Uitvoeringsbesluit 2013/193/EU. De gevraagde machtiging moet daarom met ingang van 1 januari 2016 worden verleend.

(10)

Dit besluit laat de toepassing van de Unieregels betreffende staatssteun onverlet,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1.   Frankrijk wordt gemachtigd verlaagde belastingtarieven toe te passen op loodvrije benzine en gasolie gebruikt als motorbrandstof. Deze mogelijkheid tot verlaging geldt niet voor commerciële gasolie gebruikt voor voortbeweging in de zin van artikel 7, lid 2, van Richtlijn 2003/96/EG.

2.   Administratieve regio's kan worden toegestaan gedifferentieerde verlagingen toe te passen, voor zover de volgende voorwaarden worden nageleefd:

a)

de verlagingen zijn niet hoger dan 17,7 EUR per 1 000 liter loodvrije benzine en 11,5 EUR per 1 000 liter gasolie;

b)

de verlagingen zijn niet hoger dan het verschil tussen de belastingniveaus voor niet-commerciële gasolie gebruikt voor voortbeweging en commerciële gasolie gebruikt voor voortbeweging;

c)

de verlagingen houden verband met objectieve sociaal-economische omstandigheden in de regio's waar zij worden toegepast;

d)

de toepassing van regionale verlagingen leidt er niet toe dat een bepaalde regio concurrentievoorsprong krijgt in de handel binnen de Unie.

3.   De verlaagde tarieven moeten in overeenstemming zijn met de verplichtingen van Richtlijn 2003/96/EG en met name met de in artikel 7 daarvan vastgestelde minimumtarieven.

Artikel 2

Dit besluit wordt van kracht op de datum van kennisgeving ervan.

Het is van toepassing met ingang van 1 januari 2016.

Het vervalt op 31 december 2017.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de Franse Republiek.

Gedaan te Brussel, 8 maart 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

J.R.V.A. DIJSSELBLOEM


(1)  PB L 283 van 31.10.2003, blz. 51.

(2)  Uitvoeringsbesluit 2013/193/EU van de Raad van 22 april 2013 waarbij de Franse Republiek overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG wordt gemachtigd een gedifferentieerd belastingniveau voor motorbrandstoffen toe te passen (PB L 113 van 25.4.2013, blz. 15).


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/37


BESLUIT (GBVB) 2016/359 VAN DE RAAD

van 10 maart 2016

tot wijziging van Besluit 2014/145/GBVB betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 17 maart 2014 Besluit 2014/145/GBVB (1) betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen vastgesteld.

(2)

De Raad heeft op 14 september 2015 Besluit (GBVB) 2015/1524 (2) vastgesteld, waarbij de maatregelen met zes maanden zijn verlengd.

(3)

Gezien de aanhoudende ondermijning en bedreiging van de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne moet Besluit 2014/145/GBVB nogmaals met zes maanden worden verlengd.

(4)

De Raad heeft de afzonderlijke vermeldingen op de lijst geëvalueerd. De bijlage moet worden gewijzigd, en voor drie personen die zijn overleden, moeten de vermeldingen worden geschrapt.

(5)

Besluit 2014/145/GBVB moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit 2014/145/GBVB wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 6 wordt de tweede alinea vervangen door:

„Dit besluit is van toepassing tot en met 15 september 2016.”.

2)

De bijlage wordt gewijzigd zoals vermeld in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 10 maart 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

K.H.D.M. DIJKHOFF


(1)  Besluit 2014/145/GBVB van de Raad van 17 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen (PB L 78 van 17.3.2014, blz. 16).

(2)  Besluit (GBVB) 2015/1524 van de Raad van 14 september 2015 tot wijziging van Besluit 2014/145/GBVB betreffende beperkende maatregelen met betrekking tot acties die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen of bedreigen (PB L 239 van 15.9.2015, blz. 157).


BIJLAGE

I.

De volgende personen worden geschrapt van de lijst in de bijlage bij Besluit 2014/145/GBVB:

PERSONEN

7.

Yuriy Gennadyevich ZHEREBTSOV

41.

Igor Dmitrievich SERGUN

133.

Pavel DREMOV

II.

De vermeldingen voor de volgende personen en entiteiten in de bijlage bij Besluit 2014/145/GBVB worden vervangen door de onderstaande vermeldingen:

LIJST VAN PERSONEN

 

Naam

Identificatiegegevens

Redenen

Datum van plaatsing op de lijst

1.

Sergey Valeryevich AKSYONOV,

Sergei Valerievich AKSENOV (Сергей Валерьевич AKCëHOB),

Serhiy Valeriyovych AKSYONOV (Сергiй Валерiйович Аксьонов)

Geboortedatum: 26.11.1972

Geboorteplaats: Beltsy (Bălți), nu Republiek Moldavië

Aksyonov is op 27 februari 2014 in de Verkhovna Rada (Hoge Raad) van de Krim, in aanwezigheid van pro-Russische gewapende mannen, verkozen tot „minister-president van de Krim”. Zijn „verkiezing” is op 1 maart 2014 ongrondwettig verklaard door waarnemend Oekraïens president Oleksandr Turchynov. Aksyonov heeft actief geijverd voor het „referendum” van 16 maart 2014 en was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014. Op 9 april 2014 werd hij door president Poetin benoemd tot waarnemend „hoofd” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”. Op 9 oktober 2014 werd hij formeel „gekozen” tot „hoofd” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”. Aksyonov heeft vervolgens besloten dat de ambten van „hoofd” en „minister-president” worden gecombineerd.

Lid van de Russische staatsraad.

17.3.2014

2.

Vladimir Andreevich KONSTANTINOV (Владимир Андреевич Константинов)

Geboortedatum: 19.11.1956

Geboorteplaats: Vladimirovka (alias Vladimirovca), regio Slobozia, Socialistische Sovjetrepubliek Moldavië (thans de Republiek Moldavië) of Bogomol, Socialistische Sovjetrepubliek Moldavië

Als voorzitter van de Hoge Raad van de Autonome Republiek van de Krim heeft Konstantinov een belangrijke rol gespeeld in de door de Verkhovna Rada genomen beslissingen over het „referendum” gericht tegen de territoriale integriteit van Oekraïne, en heeft hij de kiezers opgeroepen vóór onafhankelijkheid van de Krim te stemmen. Hij was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014.

Sinds 17 maart 2014„voorzitter” van de „Staatsraad” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

17.3.2014

3.

Rustam Ilmirovich TEMIRGALIEV (Рустам Ильмирович Темиргалиев)

Geboortedatum: 15.8.1976

Geboorteplaats: Ulan-Ude, Autonome Socialistische Sovjetrepubliek Buryat (Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek)

Als voormalig viceminister van de Krim heeft Temirgaliev een belangrijke rol gespeeld in de door de Verkhovna Rada genomen beslissingen over het „referendum” gericht tegen de territoriale integriteit van de Krim. Hij heeft actief geijverd voor integratie van de Krim in de Russische Federatie.

Op 11 juni 2014 nam hij ontslag uit zijn functie als „eerste viceminister-president” van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

17.3.2014

5.

Aleksei Mikhailovich CHALIY (Алексей Михайлович Чалый)

Geboortedatum: 13.6.1961

Geboorteplaats: Moskou of Sebastopol

Chaliy is op 23 februari 2014 door het volk uitgeroepen tot „volksburgemeester van Sebastopol” en hij heeft deze „uitverkiezing” aanvaard. Hij heeft er actief voor geijverd dat Sebastopol na het op 16 maart 2014 geplande „referendum” een aparte entiteit van de Russische Federatie zou worden. Hij was een van de medeondertekenaars van het „verdrag over de toetreding van de Krim tot de Russische Federatie” van 18 maart 2014. Hij was waarnemend „gouverneur” van Sebastopol van 1 tot 14 april 2014 en is een voormalig „gekozen” voorzitter van de wetgevende vergadering van de stad Sebastopol.

17.3.2014

6.

Pyotr Anatolyevich Zima (Пётр Анатольевич Зима)

Geboortedatum: 29.3.1965

Zima is op 3 maart 2014 door „minister-president” Aksyonov benoemd tot nieuw hoofd van de Veiligheidsdienst van de Krim (SBU) en hij heeft deze benoeming aanvaard. Hij heeft relevante informatie, waaronder een databank, doorgespeeld aan de Russische Inlichtingendienst (SBU). Daartoe behoorde ook informatie over pro-Europese Maidan-activisten en mensenrechtenverdedigers van de Krim. Hij heeft een belangrijk aandeel gehad in de acties die moesten voorkomen dat de Oekraïense autoriteiten het grondgebied van de Krim zouden controleren. Op 11 maart 2014 hebben voormalige SBU-officieren van de Krim de vorming van een onafhankelijke Veiligheidsdienst van de Krim afgekondigd.

17.3.2014

8.

Sergey Pavlovych TSEKOV (Сергей Павлович Цеков)

Geboortedatum: 29.9.1953 of 23.9.1953 of 28.9.1953

Geboorteplaats: Simferopol

Als vicevoorzitter van de Verkhovna Rada van de Krim, heeft Tsekov samen met Sergey Aksyonov het initiatief genomen tot het ongrondwettige ontslag van de regering van de Autonome Republiek van de Krim. Hij heeft Vladimir Konstantinov hierbij betrokken door hem met ontslag te bedreigen. Hij heeft openlijk erkend dat parlementsleden van de Krim het initiatief hebben genomen om Russische soldaten te verzoeken de Verkhovna Rada van de Krim over te nemen. Hij was een van de eerste leiders van de Krim die openlijk hebben gepleit voor de annexatie van de Krim bij Rusland.

Lid van de Federatieraad van de Russische Federatie namens de zogenaamde „Republiek Krim”.

17.3.2014

9.

Ozerov, Viktor Alekseevich (Виктор Алексеевич Озеров)

Geboortedatum: 5.1.1958

Geboorteplaats: Abakan, Chakassië

Voorzitter van de Veiligheids- en Defensiecommissie van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Ozerov, namens de Veiligheids- en Defensiecommissie van de Federatieraad, in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

17.3.2014

11.

Klishas, Andrei Aleksandrovich (Андрей Александрович Клишас)

Geboortedatum: 9.11.1972

Geboorteplaats: Sverdlovsk

Voorzitter van de Commissie grondwettelijk recht van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Klishas in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne. In openbare verklaringen heeft Klishas geprobeerd een Russische militaire interventie in Oekraïne te rechtvaardigen door te beweren dat de Oekraïense president zijn steun verleent aan de oproep van de Krimse autoriteiten, gericht aan de president van de Russische Federatie, om de burgers van de Krim op alle mogelijke manieren bijstand te verlenen en te verdedigen.

17.3.2014

14.

TOTOONOV, Aleksandr Borisovich (Александр Борисович Тотоонов)

Geboortedatum: 3.4.1957

Geboorteplaats: Ordzhonikidze, Noord-Ossetië

Lid van de Commissie internationale zaken van de Federatieraad van de Russische Federatie.

Op 1 maart 2014 heeft Totoonov in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

17.3.2014

15.

PANTELEEV, Oleg Evgenevich (Олег Евгеньевич Пантелеев)

Geboortedatum: 21.7.1952

Geboorteplaats: Zhitnikovskoe, regio Koergan

Voormalige eerste vicevoorzitter van de Commissie Parlementaire Zaken van de Federatieraad.

Op 1 maart 2014 heeft Panteleev in de Federatieraad openlijk zijn steun uitgesproken voor de inzet van Russische strijdkrachten in Oekraïne.

Momenteel eerste vicegouverneur van de de oblast Koergan en hoofd van de delegatie van de regering van de oblast Koergan bij de regering van de Russische Federatie.

17.3.2014

19.

VITKO, Aleksandr Viktorovich (Александр Викторович Витко)

Geboortedatum: 13.9.1961

Geboorteplaats: Vitebsk (Socialistische Sovjetrepubliek Belarus)

Commandant van de Zwarte Zeevloot, admiraal.

Bevelhebber van de Russische troepen die soeverein Oekraïens grondgebied bezetten.

17.3.2014

33.

Elena Borisovna MIZULINA (geboren DMITRIYEVA) (Елена Борисовна Мизулина (geboren Дмитриева)

Geboortedatum: 9.12.1954

Geboorteplaats: Bui, regio Kostroma

Voormalig afgevaardigde in de Doema. Opsteller en mede-indiener van recente wetgevingsvoorstellen in Rusland waardoor het voor regio's van andere landen mogelijk zou zijn geworden zich bij Rusland aan te sluiten zonder voorafgaande instemming van hun centrale autoriteiten.

Sinds september 2015 lid van de Federatieraad van de regio Omsk.

21.3.2014

36.

Oleg Genrikhovich SAVELYEV (Олег Генрихович Савельев)

Geboortedatum: 27.10.1965

Geboorteplaats: Leningrad

Voormalig minister voor Krimzaken. Belast met de integratie van de geannexeerde Autonome Republiek Krim in de Russische Federatie.

Thans plaatsvervangend stafchef van de Russische regering, belast met de organisatie van de werkzaamheden van de regeringscommissie voor de sociaaleconomische ontwikkeling van de zogenaamde „Republiek van de Krim”.

29.4.2014

45.

Andriy Yevgenovych PURGIN (Андрiй Eвгенович Пургiн),

Andrei Evgenevich PURGIN (Андрей Евгеньевич Пургин)

Geboortedatum: 26.1.1972

Geboorteplaats: Donetsk

Actief als deelnemer aan en organisator van separatistische acties, coördinator van het optreden van de „Russische toeristen” in Donetsk. Stond mede aan de wieg van het „Burgerinitiatief van Donbass voor de Euraziatische Unie”. Tot 4 september 2015 zogenaamde „voorzitter” van de „Volksraad van de Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

46.

Denys Volodymyrovych PUSHYLIN (денис Володимирович Пушилiн),

Denis Vladimirovich PUSHILIN (денис Владимирович Пушилин)

Geboortedatum: 9.5.1981 of 9.5.1982

Geboorteplaats: Makiikva (oblast Donetsk)

Een van de leiders van de „Volksrepubliek Donetsk”. Nam deel aan de bestorming en bezetting van het gebouw van de regionale overheid. Actief als woordvoerder van de separatisten. Tot 4 september 2015 zogeheten „vicevoorzitter” van de „Volksraad” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Sinds 4 september 2015 zogenaamde „voorzitter” van de „Volksraad van de Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

47.

TSYPLAKOV Sergey Gennadevich (Цыплаков Сергей Геннадьевич)

Geboortedatum: 1.5.1983

Geboorteplaats: Khartsyzsk, Oblast Donetsk

Een van de leiders van de ideologisch radicale organisatie Volksmilitie van Donbas. Nam actief deel aan de bezetting van een aantal overheidsgebouwen in de regio Donetsk.

29.4.2014

48.

Igor Vsevolodovich GIRKIN (Игорь Всеволодович Гиркин) (alias Igor STRELKOV (Ihor STRIELKOV)

Geboortedatum: 17.12.1970

Geboorteplaats: Moskou

Geldt als personeelslid van het hoofddirectoraat inlichtingen van de generale staf van de strijdkrachten van de Russische Federatie (GRU). Was betrokken bij incidenten in Sloviansk. Hoofd van de volksbeweging „Novorossia”. Voormalig „minister van Defensie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

29.4.2014

53.

Oleg Grigorievich KOZYURA (Олег Григорьевич Козюра)

Geboortedatum: 19.12.1962

Geboorteplaats: Zaporozhye

Voormalig Hoofd van het bureau voor Sebastopol van de federale migratiedienst. Verantwoordelijk voor de systematische en versnelde afgifte van Russische paspoorten voor ingezetenen van Sebastopol.

Momenteel assistent van gemeenteraadslid van Sebastopol Mikhail Chaluy.

12.5.2014

54.

Viacheslav PONOMARIOV, Vyacheslav Volodymyrovich PONOMARYOV (В'ячеслав Володимирович Пономарьов), Viacheslav Vladimirovich PONOMAREV (Вячеслав Владимирович Пономарëв)

Geboortedatum: 2.5.1965

Geboorteplaats: Sloviansk (oblast Donetsk )

Voormalig zelfverklaard „volksburgemeester van Slaviansk” (tot 10 juni 2014). Ponomariov heeft Vladimir Poetin opgeroepen Russische strijdkrachten te sturen ter bescherming van de stad en heeft hem later verzocht wapens te leveren. Medestanders van Ponomariov zijn betrokken bij kidnappingen (zij hebben Irma Krat en Simon Ostrovsky, een reporter van Vice News, gevangen genomen; beiden werden later weer vrijgelaten) en hebben militaire waarnemers (ingezet in het kader van het Weens Document van de OVSE) gevangen gehouden. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties en beleidsmaatregelen.

12.5.2014

57.

Oleg TSARIOV, Oleh Anatoliyovych TSAROV (Олег Анатолтович Царьов), Oleg Anatolevich TSAREV (Олег Анатольевич Цаpëв)

Geboortedatum: 2.6.1970

Geboorteplaats: Dnepropetrovsk

Voormalig lid van de Rada, heeft als lid openlijk opgeroepen tot de oprichting van de zogenaamde „Federale Republiek Novorossiya”, bestaande uit regio's in het zuidoosten van Oekraïne. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen. Voormalig „voorzitter” van de zogenaamde „Parlement van de Unie van de Volksrepublieken” („Parlement van Novorossiya”).

12.5.2014

62.

Aleksandr Yurevich BORODAI (Александр Юрьевич Бородай)

Geboortedatum: 25.7.1972

Geboorteplaats: Moskou

Voormalige zogenaamde „minister-president van de Volksrepubliek Donetsk”, die verantwoordelijk was voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk” (bv. op 8 juli 2014 verklaarde hij: „Onze militairen voeren een bijzondere operatie uit tegen de Oekraïense „fascisten””), ondertekenaar van het memorandum van overeenstemming inzake „de Unie van Novorossiya”. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen; hoofd van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.7.2014

64.

Alexander Aleksandrovitsj KALYUSSKY, (Александра Александрович Калюсский)

Geboortedatum: 9.10.1975

Voormalige zogenaamde „de facto viceminister-president; minister van Sociale Zaken van de Volksrepubliek Donetsk”. Verantwoordelijk voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk”.

12.7.2014

65.

Alexander KHRYAKOV, Aleksandr Vitalievich KHRYAKOV (Александр Витальевич Хряков), Oleksandr Vitaliyovych KHRYAKOV (Олександр ВiTалiйович Хряков)

Geboortedatum: 6.11.1958

Geboorteplaats: Donetsk

Voormalige zogenaamde „minister van Informatie en Massacommunicatie van de Volksrepubliek Donetsk”. Lid van de zogenaamde „Volksraad” van de „Volksrepubliek Donetsk”. Verantwoordelijk voor de pro-separatistische propaganda-activiteiten van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

12.7.2014

71.

Nikolay KOZITSYN (Мiкалай козицын)

Geboortedatum: 20.6.1956 of 6.10.1956

Geboorteplaats: Djerzjinsk, regio Donetsk

Commandant van het Kozakkenleger.

Voert het bevel over separatisten in het oosten van Oekraïne die strijden tegen de Oekraïense regeringsstroepen.

12.7.2014

81.

Alexander Nikolajevitsj TKACHYOV (Александра Николаевич Ткачëв)

Geboortedatum: 23.12.1960

Geboorteplaats: Vyselki, regio Krasnodar

Voormalig gouverneur van de regio Krasnodar.

Ontving uit handen van de leider van de Autonome Republiek van de Krim een onderscheiding „voor de bevrijding van de Krim”, vanwege zijn steun voor de illegale annexatie van de Krim. Bij die gelegenheid zei de leider van de Autonome Republiek van de Krim dat Tkachyov een van de eersten was die hun steun betuigden voor de nieuwe „machthebbers” van de Krim.

Thans minister van Landbouw van de Russische Federatie (sinds 22 april 2015).

25.7.2014

83.

Ekaterina Iurievna GUBAREVA (Екатерина Юрьевна Губарева),

Katerina Yuriyovna GUBARIEVA (Катерина Юрiйовнa Губарева)

Geboortedatum: 5.7.1983 of 10.3.1983

Geboorteplaats: Kakhovka (oblast Kherson)

In haar hoedanigheid van voormalige zogenaamde „minister van Buitenlandse Zaken” was zij verantwoordelijk voor het verdedigen van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”, waardoor de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnd werden. Voorts wordt haar bankrekening gebruikt voor de financiering van illegale separatistische groepen. Door het aannemen en uitoefenen van deze functie heeft zij bijgevolg acties en beleidsmaatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties en beleidsmaatregelen.

Lid van de „Volksraad” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

25.7.2014

98.

Miroslav Vladimirovits RUDENKO (Мирослав Владимирович Руденко)

Geboortedatum: 21.1.1983

Geboorteplaats: Debalcevo

Betrokken bij de „Volksmilitie van de Donbass”. Hij heeft onder meer verklaard dat zij in de rest van het land zullen blijven vechten. Rudenko heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Zogenaamde „volksafgevaardigde” (lid) in het zogenaamde „Parlement van de Volksrepubliek Donetsk”.

12.9.2014

99.

Gennadiy Nikolaiovych TSYPLAKOV,

Gennadii Nikolaevich TSYPLAKOV (Геннадий Николаевич Цыпкалов)

Geboortedatum: 21.6.1973

Geboorteplaats: Oblast Rostov (Rusland)

Verving Marat Bashirov als zogenaamde „premier” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Daarvoor actief in de militie „Leger van het Zuidoosten”. Tsyplakov heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

12.9.2014

100.

Andrey Yurevich PINCHUK (Андрей Юрьевич Пинчук)

Mogelijke geboortedatum: 27.12 1977

Voormalig „minister van Staatsveiligheid” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Gelieerd aan Vladimir Antyufeyev, die verantwoordelijk is voor de separatistische „regeringsactiviteiten” van de zogenaamde „regering van de Volksrepubliek Donetsk”. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen. Blijft betrokken bij de ondersteuning van separatistische acties of beleidsmaatregelen. „Uitvoerend directeur” van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.9.2014

102.

Andrei Nikolaevich RODKIN (Андрей Николаевич Родкин)

Geboortedatum: 23.9.1976

Geboorteplaats: Moskou

Vertegenwoordiger in Moskou van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”. Hij heeft onder meer verklaard dat de milities bereid zijn een guerrilla-oorlog te voeren en dat zij wapensystemen van de Oekraïense strijdkrachten hebben bemachtigd. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

Een van de leiders van de „Unie van Donbas-vrijwilligers”.

12.9.2014

105.

Mikhail Sergeyevich SHEREMET (Михаил Сергеевич Шеремет)

Geboortedatum: 23.5.1971

Geboorteplaats: Dzhankoy

Zogenaamd „eerste viceminister-president” van de Krim. Sheremet heeft een belangrijke rol gespeeld bij de organisatie en uitvoering van het „referendum” van 16 maart op de Krim over de hereniging met Rusland. Ten tijde van het „referendum” zou Sheremet op de Krim de leiding hebben gehad over de pro-Moskou-„zelfverdedigingstroepen”. Hij heeft bijgevolg acties en maatregelen ondersteund die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen.

12.9.2014

116.

Svetlana Sergeevna ZHUROVA (Светлана Сергеевна Журова)

Geboortedatum: 7.1.1972

Geboorteplaats: Pavlov aan de Neva

Eerste vicevoorzitter van de Commissie Buitenlandse Zaken van de Doema. Op 20 maart 2014 heeft zij gestemd voor het ontwerp van federale constitutionele wet „inzake de aanvaarding in de Russische Federatie van de Republiek van de Krim en de vorming binnen de Russische Federatie van nieuwe federale entiteiten — de Republiek van de Krim en de Stad Sebastopol met federale status”.

12.9.2014

120.

Serhiy KOZYAKOV (alias Sergey Kozyakov) (Сергей Козьяков)

Geboortedatum: 29.9.1982

In zijn hoedanigheid van „hoofd van de centrale kiescommissie van Loegansk” was hij verantwoordelijk voor het organiseren van de zogenaamde „verkiezingen” van 2 november 2014 in de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Die „verkiezingen” zijn in strijd met de Oekraïense wetgeving en derhalve onwettig. In oktober 2015 werd hij benoemd tot „minister van Justitie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, en door de illegale „verkiezingen” te organiseren, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

121.

Oleg Konstantinovich AKIMOV (alias Oleh AKIMOV) (Олег Константинович Акимов)

Geboortedatum: 15.9.1981

Geboorteplaats: Loegansk

Afgevaardigde van de „Economische Unie van Loegansk” in de „Nationale Raad” van de „Volksrepubliek Loegansk”. Was bij de zogenaamde „verkiezingen” van 2 november 2014 kandidaat voor de functie van „hoofd” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Die „verkiezingen” zijn in strijd met de Oekraïense wetgeving en derhalve onwettig. Sinds 2014 is hij „hoofd” van de zogenaamde „federatie van vakbonden” van de „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, en formeel als kandidaat deel te nemen aan de illegale „verkiezingen”, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

126.

Dmitry Aleksandrovitsj SEMYONOV,

Dmitrii Aleksandrovitsj SEMENOV (Дмитрий Александрович Семенов)

Geboortedatum: 3.2.1963

Geboorteplaats: Moskou

Voormalig „Viceminister-president en minister van Financiën” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

127.

Oleg BUGROV (Олег Бугров)

Geboortedatum: 29.8.1969

Voormalig „minister van Defensie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

29.11.2014

134.

Alexey Yurevich MILCHAKOV, alias Fritz, Serbian (Алексей Юрьевич МИЛЬЧАКОВ)

Geboortedatum: 30.4.1991 of 30.1.1991

Geboorteplaats: Sint-Petersburg

Commandant van de „Rusich”-eenheid, een gewapende separatistische groep die betrokken is bij de gevechten in Oost-Oekraïne.

In die functie heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

135.

Arseny Sergeevich PAVLOV (alias Motorola)

(ApcéHий Сергеевич ПÁВЛОВ) (alias Моторoла)

Geboortedatum: 2.2.1983

Geboorteplaats: Ukhta, Komi

Commandant van het „Spartabataljon”, een gewapende separatistische groep die betrokken is bij de gevechten in Oost-Oekraïne.

In die functie heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

137.

Eduard Aleksandrovich BASURIN (Эдуард Александрович Басурин)

Geboortedatum: 27.6.1966 of 21.6.1966

Geboorteplaats: Donetsk

Zogenaamde „vicecommandant” van het ministerie van Defensie van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

138.

Alexandr Vasilievich SHUBIN (Александр Васильевич ШУБИН)

Geboortedatum: 20.5.1972 of 30.5.1972

Geboorteplaats: Loegansk

Voormalige zogenaamde „minister van Justitie” van de illegale zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”. Voorzitter van de „centrale kiescommissie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk” sinds oktober 2015.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

140.

Sergey Yurevich IGNATOV (Сергей Юрьевич ИГНАТОВ) alias KUZOVLEV

 

Zogenaamde opperbevelhebber van de Volksmilitie van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder destabiliseren.

16.2.2015

141.

Ekaterina FILIPPOVA (Екатерина Владимировна ФИЛИППОВА)

Geboortedatum: 20.11.1988

Geboorteplaats: Krasnoarmëisk

Voormalige zogenaamde „minister van Justitie” van de zogenaamde „Volksrepubliek Donetsk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft zij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

143.

Evgeny Vladimirovich MANUILOV (Евгений Владимирович Мануйлов)

Geboortedatum: 5.1.1967

Zogenaamde „minister van Inkomen en Belastingen” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft hij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder hebben gedestabiliseerd.

16.2.2015

145.

Olga BESEDINA (Ольга Игорева БЕСЕДИНА)

Geboortedatum: 10.12.1976

Voormalige zogenaamde „minister van Economische Ontwikkeling en Handel” van de zogenaamde „Volksrepubliek Loegansk”.

Door het aannemen en uitoefenen van deze functie, heeft zij actief steun verleend aan acties en beleidsmaatregelen die de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne ondermijnen en Oekraïne verder destabiliseren.

16.2.2015

148.

Arkady Viktorovich BAKHIN (Аркадий Викторович Бахин)

Geboortedatum: 8.5.1956

Geboorteplaats: Kaunas, Litouwen

Voormalige eerste viceminister van Defensie (tot 17 november 2015), heeft in die hoedanigheid de inzet van Russische troepen in Oekraïne ondersteund.

In de huidige structuur van het Russische ministerie van Defensie neemt hij in die hoedanigheid deel aan de vorming en uitvoering van het beleid van de Russische regering. Dat beleid bedreigt de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne.

16.2.2015

149.

Andrei Valeryevich KARTAPOLOV (Андрей Валерьевич Картaпoлoв)

Geboortedatum: 9.11.1963

Geboorteplaats: GDR (DDR)

Commandant van het westelijke militair district sinds 10 november 2015. Voormalig directeur van de afdeling belangrijke operaties en plaatsvervangend hoofd van de generale staf van de strijdkrachten van de Russische Federatie. Actief betrokken bij het uitstippelen en uitvoeren van de militaire campagne van de Russische strijdkrachten in Oekraïne.

Volgens de beschrijving van de activiteiten van de generale staf is hij, door het operationeel bevel over de gewapende strijdkrachten uit te oefenen, actief betrokken bij de vorming en uitvoering van het beleid van de Russische regering dat de territoriale integriteit, de soevereiniteit en de onafhankelijkheid van Oekraïne bedreigt.

16.2.2015

LIJST VAN ENTITEITEN

 

Naam

Redenen

Datum van plaatsing op de lijst

1.

De „State Unitary Enterprise”„Chernomorneftegaz” van de Republiek van de Krim (voorheen bekend als PJSC Chernomorneftegaz)

Op 17 maart 2014 heeft het „Parlement van de Krim” een resolutie aangenomen waarin de overname van de activa van de onderneming Chernomorneftegaz namens de „Republiek van de Krim wordt afgekondigd. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 29 november 2014 als „State Unitary Enterprise” van de Republiek van de Krim „Chernomorneftegaz” (ГГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „ЧЕРНОМОРНЕФТЕГАЗ”). Oprichter: Het ministerie van Brandstoffen en Energie van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО ТОПЛИВА И ЭНЕРГЕТИКИ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

12.5.2014

2.

BV „Port Feodosia” (voorheen bekend als Feodosia)

Op 17 maart 2014 heeft het „Parlement van de Krim” een resolutie aangenomen waarin de overname van de activa van de onderneming Feodosia namens de „Republiek van de Krim” wordt afgekondigd. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven als BV „Port Feodosia” (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ПОРТ ФЕОДОСИЯ”) op 9 februari 2015. Oprichter: Yuri Garyevich Rovinskiy (Юрий Гарьевич Ровинский).

12.5.2014

10.

Zogenaamde „volksmilitie van Donbas”„Нарoдное oпoлчéние Дoнбáсса”

Illegale gewapende separistische groep die strijdt tegen de strijdkrachten van de Oekraïense overheid in Oost-Oekraïne; vormt een bedreiging voor de stabiliteit en veiligheid van Oekraïne.

Deze militante groep heeft in de begindagen van april 2014 onder andere de controle over verscheidene overheidsgebouwen in Oost-Oekraïne overgenomen en ondermijnt de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne.

Haar voormalige leider Pavel Gubarev is verantwoordelijk voor de bezetting van het gebouw van de regionale overheid in Donetsk door pro-Russische strijdkrachten; heeft zichzelf uitgeroepen tot „gouverneur van het volk”.

25.7.2014

13.

„State Unitary Enterprise” van de stad Sebastopol „zeehaven Sebastopol” (voorheen bekend als overheidsbedrijf „commerciële zeehaven Sebastopol” Государственное предприятие „Севастопольский морской торговьй порт” Gosudarstvenoye predpriyatiye Sevastopolski morskoy torgovy port)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Parlement van de Krim” heeft op 17 maart 2014 resolutie nr. 1757-6/14 „betreffende de nationalisering van een aantal ondernemingen die eigendom zijn van de Oekraïense ministeries van Infrastructuur en Landbouw” aangenomen, waarbij de activa van de commerciële zeehaven van Sebastopol worden onteigend namens de „Republiek van de Krim”. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Naar handelsvolume is dit de grootste commerciële zeehaven van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 6 juni 2014 als „State Unitary Enterprise” van de stad Sebastopol „zeehaven Sebastopol” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ ГОРОДА СЕВАСТОПОЛЯ „СЕВАСТОПОЛЬСКИЙ МОРСКОЙ ПОРТ”). Oprichter: Het bestuur van Sebastopol (правительство севастополя).

25.7.2014

14.

BV „zeehaven Kerch”/„Kamisj-Boeroen” (voorheen bekend als staatsbedrijf „commerciële zeehaven van Kerch” Государственное предприятие „Керченский морской торговый порт” Gosudarstvenoye predpriyatiye Kerchenski morskoy torgovy port)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Parlement van de Krim” heeft op 17 maart 2014 resolutie nr. 1757-6/14 „betreffende de nationalisering van een aantal ondernemingen die eigendom zijn van de Oekraïense ministeries van Infrastructuur en Landbouw” aangenomen, en op 26 maart 2014 resolutie nr. 1865-6/14 „betreffende het staatsbedrijf „zeehavens van de Krim” („О Государственном предприятии „Крымские морские порты”.”), waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „commerciële zeehaven van Kerch” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Naar handelsvolume is het de op een na grootste commerciële zeehaven in de Krim. Op 9 december 2014 opnieuw ingeschreven als BV „zeehaven van Kerch”„Kamisj-Boeroen” (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „КЕРЧЕНСКИЙ МОРСКОЙ ПОРТ „КАМЫШ-БУРУН”). Oprichters: BV „Vostok-Capital”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ВОСТОК КЭПИТАЛ”); BV „Vostok”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „ВОСТОК”); BV „Altcom Invest-Stroi”, ingeschreven in Donetsk, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „АЛЬТКОМ ИНВЕСТ-СТРОЙ”) en BV „Altcom-Beton”, ingeschreven in Borispol, Oekraïne (ОБЩЕСТВО С ОГРАНИЧЕННОЙ ОТВЕТСТВЕННОСТЬЮ „АЛЬТКОМ-БЕТОН”).

25.7.2014

15.

„State Unitary Enterprise” van de Krimrepubliek „Universal-Avia” (voorheen bekend als staatsbedrijf Universal-Avia Государственное предприятие „Универсал-Авиа” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Universal-Avia”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 24 maart 2014 Besluit nr. 1794-6/14 „over staatsbedrijf „Gosudarstvenoye predpriyatiye Universal-Avia””„(О Государственном предприятии „Универсал-Авиа”)” aangenomen, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „Universal-Avia” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 15 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Universal-Avia” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „УНИВЕРСАЛ-АВИА”). Oprichter: het ministerie van Transport van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО ТРАНСПОРТА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

16.

Federal State Budgetary Enterprise „Sanatorium Nizhnyaya Oreanda” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (voorheen bekend als Resort „Nizhnyaya Oreanda” Санаторий „нижняя ореанда”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 21 maart 2014 Besluit nr. 1767-6/14 „Over de vraagstukken omtrent de oprichting van de Vereniging van sanatoria en resorts” aangenomen, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het resort „Nizhnyaya Oreanda” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 9 oktober 2014 als Federal State Budgetary Enterprise „Sanatorium Nizhnyaya Oreanda” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (ФЕДЕРАЛЬНОЕ ГОСУДАРСТВЕННОЕ БЮДЖЕТНОЕ УЧРЕЖДЕНИЕ „САНАТОРИЙ „НИЖНЯЯ ОРЕАНДА”УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ”). Oprichter: het kabinet van de president van de Russische Federatie (УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ).

25.7.2014

18.

Federal State Budgetary Enterprise „Production-Agrarian Union „Massandra” van het kabinet van de president van de Russische Federatie (voorheen bekend als staatsconcern „National Association of producers „Massandra” Национальное производственно-аграрное объединение „Массандра” Nacionalnoye proizvodstvenno agrarnoye obyedinenye „Massandra”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen „Over de wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim” van 26 maart 2014„Over de nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agroindustriële complex op het grondgebied van de Republiek van de Krim”, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsconcern „National Association of producers „Massandra”” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 1 augustus 2014 als Federal State Budgetary Enterprise „Production-Agrarian Union „Massandra” van het kabinet van de president van de Russische Federatie” (ФЕДЕРАЛЬНОЕ ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ „ПРОИЗВОДСТВЕННО-АГРАРНОЕ ОБЪЕДИНЕНИЕ „МАССАНДРА”УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ”). Oprichter: het kabinet van de president van de Russische Federatie (УПРАВЛЕНИЯ ДЕЛАМИ ПРЕЗИДЕНТА РОССИЙСКОЙ ФЕДЕРАЦИИ).

25.7.2014

19.

State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Nationaal Wijninstituut „Magarach”” (voorheen bekend als „Staatsbedrijf Magarach van het Nationaal Wijninstituut” Государственное предприятие Агрофирма „Магарач” Национального института винограда и вина „Магарач” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Agrofirma Magarach” nacionalnogo instituta vinograda i vina „Magarach”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen „Over de wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim” van 26 maart 2014„Over de nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agro-industriële complex op het grondgebied van de Republiek van de Krim”, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het staatsbedrijf „Gosudarstvenoye predpriyatiye „Agrofirma Magarach” nacionalnogo instituta vinograda i vina „Magarach” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 15 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de republiek van de Krim „Nationaal Wijninstituut „Magarach”” (ГОСУДАРСТВЕННОЕ БЮДЖЕТНОЕ УЧРЕЖДЕНИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „НАЦИОНАЛЬНЫЙ НАУЧНО-ИССЛЕДОВАТЕЛЬСКИЙ ИНСТИТУТ ВИНОГРАДА И ВИНА „МАГАРАЧ””). Oprichter: het ministerie van Landbouw van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО СЕЛЬСКОГО ХОЗЯЙСТВА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

20.

State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Schuimwijnfabriek „Novy Svet”” (voorheen bekend als staatsbedrijf „Schuimwijnfabriek Novy Svet” Ггосударственное предприятиеЗавод шампанских вин „Новый свет” Gosudarstvenoye predpriyatiye „Zavod shampanskykh vin Novy Svet”)

De eigendom van deze entiteit is in strijd met de Oekraïense wetgeving overgedragen. Het „Presidium van het Parlement van de Krim” heeft op 9 april 2014 Besluit nr. 1991-6/14 aangenomen „Over de wijzigingen van Resolutie nr. 1836-6/14 van de Staatsraad van de Republiek van de Krim” van 26 maart 2014„Over de nationalisatie van de eigendom van bedrijven, instellingen en organisaties van het agroindustriële complex op het grondgebied van de „Republiek van de Krim”, waarin wordt verklaard dat de activa in het bezit van het overheidsbedrijf „Zavod shampanskykh vin Novy Svet” namens de „Republiek van de Krim” worden onteigend. Het bedrijf is zodoende feitelijk geconfisqueerd door de „autoriteiten” van de Krim. Opnieuw ingeschreven op 4 januari 2015 als State Unitary Enterprise van de Republiek van de Krim „Schuimwijnfabriek „Novy Svet””ГОСУДАРСТВЕННОЕ УНИТАРНОЕ ПРЕДПРИЯТИЕ РЕСПУБЛИКИ КРЫМ „ЗАВОД ШАМПАНСКИХ ВИН „НОВЫЙ СВЕТ”). Oprichter: het ministerie van Landbouw van de Republiek van de Krim (МИНИСТЕРСТВО СЕЛЬСКОГО ХОЗЯЙСТВА РЕСПУБЛИКИ КРЫМ).

25.7.2014

23.

RUSSIAN NATIONAL COMMERCIAL BANK

РОССИЙСКИЙ НАЦИОНАЛЬНЫЙ КОММЕРЧЕСКИЙ БАНК

Na de illegale annexatie van de Krim is de zogenaamde „Republiek van de Krim” de volledige eigenaar geworden van de Russian National Commercial Bank (RNCB). De bank is een dominante speler geworden op de markt, terwijl zij voor de annexatie niet op de Krim aanwezig was. Door het kopen of overnemen van bijkantoren van banken die op de Krim actief waren maar zich nu terugtrekken, heeft de RNCB materieel en financieel de acties ondersteund van de Russische regering om de Krim in de Russische Federatie te integreren, en heeft zij derhalve de territoriale integriteit van Oekraïne ondermijnd.

30.7.2014


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/53


UITVOERINGSBESLUIT (GBVB) 2016/360 VAN DE RAAD

van 11 maart 2016

tot uitvoering van Besluit 2013/798/GBVB betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 31, lid 2,

Gezien Besluit 2013/798/GBVB van de Raad van 23 december 2013 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van de Centraal-Afrikaanse Republiek (1), en met name artikel 2 quater,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 23 december 2013 Besluit 2013/798/GBVB vastgesteld.

(2)

Het Comité van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, ingesteld krachtens Resolutie 2127 (2013) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, heeft op 7 maart 2016 één persoon en één entiteit toegevoegd aan de lijst van personen en entiteiten die aan beperkende maatregelen onderworpen zijn.

(3)

De bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB moet bijgevolg dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 11 maart 2016.

Voor de Raad

De voorzitter

A.G. KOENDERS


(1)  PB L 352 van 24.12.2013, blz. 51.


BIJLAGE

De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in de bijlage bij Besluit 2013/798/GBVB:

A.   Personen

„9.

Joseph KONY (alias: a) Kony, b) Joseph Rao Kony, c) Josef Kony, d) Le Messie sanglant)

Functie: Bevelhebber van het Verzetsleger van de Heer (Lord's Resistance Army)

Geboortedatum: a) 1959, b) 1960, c) 1961, d) 1963, e) 18 september 1964, f) 1965, g) (augustus 1961), h) (juli 1961), i) 1 januari 1961, j) (april 1963)

Geboorteplaats: a) Palaro Village, Palaro Parish, Omoro County, Gulu District, Uganda, b) Odek, Omoro, Gulu, Uganda, c) Atyak, Uganda

Nationaliteit: Ugandees paspoort

Adres: a) Vakaga, Centraal-Afrikaanse Republiek, b) Haute-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, c) Basse-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, d) Haut-Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, e) Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, f) Haut-Uolo, Democratische Republiek Congo, g) Bas-Uolo, Democratische Republiek Congo, h) (opgegeven adres: Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan, waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald)). Naar verluidt zijn sinds januari 2015 vijfhonderd leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.

Datum plaatsing op de lijst: 7 maart 2016

Overige informatie:

Kony is de oprichter en leider van het Verzetsleger van de Heer (LRA — Lord's Resistance Army) (CFe.002). Onder zijn leiding is de LRA betrokken geweest bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. De LRA is verantwoordelijk voor het ontvoeren, het verdrijven, het plegen van seksueel geweld jegens en het doden van honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek, en heeft eigendommen van burgers geplunderd en vernield. Naam van de vader is Luizi Obol. Naam van de moeder is Nora Obol.

Informatie uit de beschrijving van de redenen voor opneming op de lijst die is verstrekt door het Sanctiecomité:

Joseph Kony is op 7 maart 2016 overeenkomstig de punten 12 en 13 b), c) en d) van Resolutie 2262 (2016) op de lijst geplaatst van personen of entiteiten die „handelingen verrichten of steunen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van de CAR ondermijnen”; „betrokken zijn bij de planning, aansturing of uitvoering van handelingen die een schending vormen van het internationale recht inzake de mensenrechten of het internationale humanitaire recht, naargelang het geval, of die in de CAR een schending van of inbreuk op de mensenrechten vormen, waaronder het gebruik van seksueel geweld, het viseren van burgers, etnisch of religieus gemotiveerde aanslagen, aanslagen op scholen en ziekenhuizen, en ontvoering en gedwongen verplaatsing”; „kinderen rekruteren of gebruiken in gewapende conflicten in de CAR, en daarbij het toepasselijke internationale recht overtreden”, en „gewapende groepen of criminele netwerken steunen door de illegale ontginning van of de handel in natuurlijke hulpbronnen, waaronder diamanten, goud en producten van wilde dieren in of vanuit de CAR”.

Aanvullende informatie:

Kony is de oprichter van het Verzetsleger van de Heer (Lord's Resistance Army — LRA) en wordt omschreven als de oprichter, religieus leider, voorzitter en bevelhebber. De LRA ontstond in de jaren tachtig in het noorden van Uganda en was betrokken bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. Als gevolg van toenemende militaire druk, gaf Kony de LRA in 2005 en 2006 de opdracht om uit Uganda weg te trekken. Sindsdien is de LRA actief in de Democratische Republiek Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Sudan en naar verluidt ook in Sudan.

Als leider van de LRA formuleert en implementeert Kony de strategie van de LRA, waarbij hij vaste orders geeft om de burgerbevolking aan te vallen en hardhandig aan te pakken. Sinds december 2013 heeft de LRA onder het bewind van Joseph Kony honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek ontvoerd, verdreven, seksueel misbruikt en gedood, en heeft het eigendommen van burgers geplunderd en vernietigd. Zich voornamelijk ophoudend in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek en naar verluidt in Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald, maar dat militair door Sudan wordt gecontroleerd), valt de LRA dorpen aan om voedsel en voorraden te plunderen. Als veiligheidstroepen op aanvallen reageren, leggen de LRA-strijders hinderlagen om hen aan te vallen en hun materiaal te stelen, en LRA-strijders viseren en plunderen ook dorpen waar geen militairen aanwezig zijn. De LRA voert ook steeds meer aanvallen uit op diamant- en goudmijnen.

Het Internationaal Strafhof heeft tegen Kony een aanhoudingsbevel uitgevaardigd. Het Internationaal Strafhof heeft hem in staat van beschuldiging gesteld voor twaalf aanklachten wegens misdaden tegen de menselijkheid, waaronder moord, slavernij, seksslavernij, verkrachting en onmenselijke daden waarbij ernstig lichamelijk letsel en menselijk lijden worden toegebracht, en 21 aanklachten wegens oorlogsmisdaden waaronder moord, wrede behandeling van burgers, het opzettelijk aanvallen van een burgerbevolking, plundering, aanzetten tot verkrachting en het ronselen, door middel van ontvoering, van kinderen jonger dan 15 jaar.

Kony heeft de rebellenstrijders vaste orders gegeven om diamanten en goud te stelen van ambachtelijke mijnwerkers in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek. Naar verluidt worden bepaalde mineralen dan door de groep van Kony naar Sudan gebracht of verhandeld met lokale burgers en leden van de voormalige Séléka.

Kony heeft zijn strijders tevens opgedragen olifanten te stropen in het Garamba National Park in de Democratische Republiek Congo, van waaruit slagtanden van olifanten via het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek naar verluidt naar Sudan worden vervoerd, alwaar hooggeplaatste LRA-strijders ze naar verluidt verhandelen en verkopen aan Sudanese handelaren en plaatselijke functionarissen. De handel in ivoor vormt een belangrijke bron van inkomsten voor de groep van Kony. Naar verluidt zijn sinds januari 2015 vijfhonderd leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.”.

B.   Entiteiten

„2.

VERZETSLEGER VAN DE HEER/LORD'S RESISTANCE ARMY (Alias a) LRA, b) Lord's Resistance Movement (LRM), c) Lord's Resistance Movement/Army (LRM/A)

Adres: a) Vakaga, Centraal-Afrikaanse Republiek, b) Haute-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, c) Basse-Kotto, Centraal-Afrikaanse Republiek, d) Haut-Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, e) Mbomou, Centraal-Afrikaanse Republiek, f) Haut-Uolo, Democratische Republiek Congo, g) Bas-Uolo, Democratische Republiek Congo, h) (opgegeven adres: Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan, waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald). Naar verluidt zijn sinds januari 2015 vijfhonderd leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.)

Datum plaatsing op de lijst: 7 maart 2016

Overige informatie: Is in de jaren tachtig in het noorden van Uganda ontstaan. Is verantwoordelijk voor het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika, waaronder honderden in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Joseph Kony is de leider.

Informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité:

Het Verzetsleger van de Heer is op 7 maart 2016 overeenkomstig de punten 12 en 13 b), c) en d) van Resolutie 2262 (2016) op de lijst geplaatst van personen of entiteiten die „handelingen verrichten of steunen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van de CAR ondermijnen”; „betrokken zijn bij de planning, aansturing of uitvoering van handelingen die een schending vormen van het internationale recht inzake de mensenrechten of het internationale humanitaire recht, naargelang het geval, of die in de CAR een schending van of inbreuk op de mensenrechten vormen, waaronder het gebruik van seksueel geweld, het viseren van burgers, etnisch of religieus gemotiveerde aanslagen, aanslagen op scholen en ziekenhuizen, en ontvoering en gedwongen verplaatsing”; „kinderen rekruteren of gebruiken in gewapende conflicten in de CAR, en daarbij het toepasselijke internationale recht overtreden”, en „gewapende groepen of criminele netwerken steunen door de illegale ontginning van of de handel in natuurlijke hulpbronnen, waaronder diamanten, goud en producten van wilde dieren in of vanuit de CAR”.

Aanvullende informatie:

De LRA ontstond in de jaren tachtig in het noorden van Uganda en was betrokken bij het ontvoeren, doden en verminken van duizenden burgers in Centraal-Afrika. Als gevolg van toenemende militaire druk gaf Joesph Kony, de leider van de LRA, in 2005 en 2006 het LRA de opdracht om uit Uganda weg te trekken. Sindsdien is het LRA actief in de Democratische Republiek Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Sudan en naar verluidt ook in Sudan.

Sinds december 2013 heeft het LRA honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek ontvoerd, verdreven, seksueel misbruikt en gedood, en heeft het eigendommen van burgers geplunderd en vernietigd. Zich voornamelijk ophoudend in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek en naar verluidt in Kafia Kingi (een gebied op de grens tussen Sudan en Zuid-Sudan waarvan de uiteindelijke status nog moet worden bepaald, maar dat militair door Sudan wordt gecontroleerd), valt het LRA dorpen aan om voedsel en voorraden te plunderen. Als veiligheidstroepen op aanvallen reageren, leggen de LRA-strijders hinderlagen om hen aan te vallen en hun materiaal te stelen, en LRA-strijders viseren en plunderen ook dorpen waar geen militairen aanwezig zijn. Het LRA voert ook steeds meer aanvallen uit op diamant- en goudmijnen.

Eenheden van het LRA worden vaak vergezeld door gevangenen die worden gedwongen als dragers, koks en seksslaven te werken. Het LRA pleegt gendergerelateerd geweld, waaronder verkrachtingen van vrouwen en meisjes.

In december 2013 heeft het LRA in Haute-Kotto tientallen mensen ontvoerd. Naar verluidt is het LRA sinds het begin van 2014 betrokken geweest bij de ontvoering van honderden burgers in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Begin 2014 hebben LRA-strijders herhaaldelijk aanvallen uitgevoerd op Obo, gelegen in de prefectuur van Haut-Mbomou in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Tussen mei en juli 2014 ging het LRA door met het uitvoeren van aanvallen in Obo en in andere plaatsen in het zuidoosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek, waaronder aanvallen en ontvoeringen in de prefectuur van Mbomou begin juni die gecoördineerd leken.

Het LRA is sinds ten minste 2014 bij de olifantenstroperij en de olifantenhandel betrokken om inkomsten te genereren. Naar verluidt smokkelt het LRA ivoor van het Garamba National Park in het noorden van de Democratische Republiek Congo naar Darfur om het te verhandelen voor wapens en goederen. Het LRA vervoert de slagtanden van gestroopte olifanten naar verluidt via de Centraal-Afrikaanse Republiek naar Darfur in Sudan om ze te verkopen. Bovendien heeft Kony vanaf begin 2014 de LRA-strijders naar verluidt opgedragen om bij mijnwerkers in het oosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek diamanten en goud te plunderen voor vervoer naar Sudan. Naar verluidt zijn sinds januari 2015 vijfhonderd leden van het Verzetsleger van de Heer uit Sudan verwijderd.

Begin februari 2015 hebben met zware wapens bewapende LRA-strijders in Kpangbayanga, Haut-Mbomou, burgers ontvoerd en voedingsmiddelen gestolen.

Op 20 april 2015 heeft het LRA Ndambissoua in het zuidoosten van de Centraal-Afrikaanse Republiek aangevallen en kinderen ontvoerd, hetgeen ertoe heeft geleid dat het merendeel van de bewoners het dorp is ontvlucht. Begin juli 2015 heeft het LRA verschillende dorpen in het zuiden van de prefectuur Haute-Kotto aangevallen; daarbij werden huizen verbrand en vonden plunderingen, ontvoeringen en geweldplegingen jegens burgers plaats.

Sinds januari 2016 zijn de aanvallen die aan het LRA worden toegeschreven, toegenomen in Mbomou, Haut-Mbomou en Haute-Kotto; met name de mijnbouwgebieden in Haute-Kotto hebben hieronder te lijden. Deze aanvallen gingen gepaard met plunderingen, geweldpleging jegens burgers, vernieling van eigendommen en ontvoeringen. Dit heeft geleid tot verplaatsing van de bevolking, waaronder ongeveer zevenhonderd mensen die hun toevlucht hebben gezocht in Bria.”.


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/57


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2016/361 VAN DE COMMISSIE

van 10 maart 2016

tot wijziging van bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG wat betreft de gegevens voor China in de lijst van derde landen en delen daarvan waaruit de invoer in de Unie van levende paardachtigen en sperma, eicellen en embryo's van paarden is toegestaan

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2016) 1450)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 92/65/EEG van de Raad van 13 juli 1992 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer in de Gemeenschap van dieren, sperma, eicellen en embryo's waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving als bedoeld in bijlage A, onder I, van Richtlijn 90/425/EEG geldt (1), en met name artikel 17, lid 3, onder a),

Gezien Richtlijn 2009/156/EG van de Raad van 30 november 2009 tot vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor het verkeer van paardachtigen en de invoer van paardachtigen uit derde landen (2), en met name artikel 12, leden 1 en 4, en artikel 19, inleidende zin en onder a) en b),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 92/65/EEG bevat voorschriften voor de invoer in de Unie van onder meer sperma, eicellen en embryo's van paardachtigen. Die voorschriften moeten ten minste gelijkwaardig zijn aan de voorschriften die gelden voor het handelsverkeer tussen de lidstaten.

(2)

Richtlijn 2009/156/EG bevat veterinairrechtelijke voorschriften voor de invoer van levende paardachtigen in de Unie. Volgens die richtlijn is de invoer in de Unie van paardachtigen slechts toegestaan uit derde landen die aan bepaalde veterinairrechtelijke voorschriften voldoen.

(3)

Beschikking 2004/211/EG van de Commissie (3) bevat een lijst van derde landen of delen daarvan waar regionaliseringsmaatregelen van toepassing zijn, waaruit de lidstaten de invoer van paardachtigen en sperma, eicellen en embryo's daarvan toestaan en bepaalt andere invoervoorwaarden. Die lijst is opgenomen in bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG.

(4)

Om als gastheer te kunnen optreden tijdens een paardensportevenement van de Global Champions Tour van 29 april tot en met 1 mei 2016, dat plaatsvindt onder toezicht van de Internationale Ruitersportfederatie (FEI), hebben de bevoegde Chinese autoriteiten verzocht om erkenning van een paardenziektevrije zone in de agglomeratie van Shanghai, die rechtstreeks toegankelijk is vanaf het nabijgelegen internationale vliegveld. Gezien de tijdelijke aard van de speciaal voor dat doel gebouwde faciliteiten op de parkeerplaats van EXPO 2010 hoeft er slechts voorzien te worden in een tijdelijke erkenning van die zone.

(5)

In het licht van de door de Chinese autoriteiten verstrekte garanties en informatie en om het opnieuw binnenbrengen, na tijdelijke uitvoer, van geregistreerde paarden uit een deel van het grondgebied van China overeenkomstig Beschikking 93/195/EEG (4) gedurende een beperkte termijn toe te staan, heeft de Commissie Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/557 van de Commissie (5) vastgesteld, waarbij de regio CN-2 van China van 8 tot en met 10 mei 2015 tijdelijk is erkend met het oog op het paardensportevenement van de Global Champions Tour.

(6)

Aangezien het paardensportevenement in 2016 wordt herhaald met inachtneming van dezelfde veterinairrechtelijke en quarantainevoorschriften als die welke in 2015 van toepassing waren, moet voor de regio CN-2 de datum in kolom 15 van de tabel in bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG dienovereenkomstig worden aangepast.

(7)

Beschikking 2004/211/EG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In de tabel in bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG worden in kolom 15 van de regel betreffende de regio CN-2 van China de woorden „Geldig van 25 april tot en met 25 mei 2015” vervangen door: „Geldig van 15 april tot en met 15 mei 2016”.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 10 maart 2016.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)  PB L 268 van 14.9.1992, blz. 54.

(2)  PB L 192 van 23.7.2010, blz. 1.

(3)  Beschikking 2004/211/EG van de Commissie van 6 januari 2004 tot vaststelling van de lijst van derde landen en delen van hun grondgebied waaruit de lidstaten de invoer toestaan van levende paardachtigen en sperma, eicellen en embryo's van paarden en tot wijziging van de Beschikkingen 93/195/EEG en 94/63/EG (PB L 73 van 11.3.2004, blz. 1).

(4)  Beschikking 93/195/EEG van de Commissie van 2 februari 1993 inzake veterinairrechtelijke voorschriften en veterinaire certificering voor het opnieuw binnenbrengen, na tijdelijke uitvoer, van geregistreerde paarden voor wedrennen, wedstrijden en culturele manifestaties (PB L 86 van 6.4.1993, blz. 1).

(5)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/557 van de Commissie van 31 maart 2015 tot wijziging van bijlage I bij Beschikking 2004/211/EG wat betreft de gegevens voor China in de lijst van derde landen en delen daarvan waaruit de invoer in de Unie van levende paardachtigen en sperma, eicellen en embryo's van paarden is toegestaan (PB L 92 van 8.4.2015, blz. 107).


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/59


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2016/362 VAN DE COMMISSIE

van 11 maart 2016

betreffende de goedkeuring van het enthalpiereservoir van MAHLE Behr GmbH & Co. KG als innoverende technologie ter beperking van de CO2-emissies van personenauto's uit hoofde van Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 tot vaststelling van emissienormen voor nieuwe personenauto's, in het kader van de communautaire geïntegreerde benadering om de CO2-emissies van lichte voertuigen te beperken (1), en met name artikel 12, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De leverancier MAHLE Behr GmbH & Co. KG („de aanvrager”) heeft op 29 april 2015 een aanvraag ingediend voor de goedkeuring van een enthalpiereservoir als innoverende technologie. De aanvraag is beoordeeld op volledigheid overeenkomstig artikel 4 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 van de Commissie (2). De Commissie stelde vast dat in de oorspronkelijke aanvraag relevante informatie ontbrak en verzocht de aanvrager de aanvraag te completeren. Op 27 mei 2015 heeft de aanvrager die informatie verstrekt. De aanvraag werd volledig geacht en de periode waarbinnen de Commissie de aanvraag moest beoordelen, ging in op de dag na de datum van officiële ontvangst van de complete informatie, d.w.z. op 28 mei 2015.

(2)

De aanvraag is beoordeeld overeenkomstig artikel 12 van Verordening (EG) nr. 443/2009, Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 en de Technical Guidelines for the preparation of applications for the approval of innovative technologies pursuant to Regulation (EC) No 443/2009 („de technische richtsnoeren”, versie van februari 2013) (3).

(3)

De aanvraag heeft betrekking op een enthalpiereservoir dat de CO2-emissies en het brandstofverbruik na een koude start van een interne verbrandingsmotor vermindert doordat de motor sneller warmloopt.

(4)

De Commissie is van oordeel dat uit de in de aanvraag verstrekte informatie blijkt dat aan de in artikel 12 van Verordening (EG) nr. 443/2009 en in de artikelen 2 en 4 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 bedoelde voorwaarden en criteria is voldaan.

(5)

Overeenkomstig artikel 2, lid 2, onder a), van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 heeft de aanvrager aangetoond dat ten minste 3 % van de nieuwe in het referentiejaar 2009 geregistreerde personenauto's niet was uitgerust met een enthalpiereservoir.

(6)

De aanvrager heeft een uitgebreide testprocedure overeenkomstig de technische richtsnoeren gevolgd en heeft het met een gedeactiveerd enthalpiereservoir uitgeruste voertuig als het basisvoertuig aangewezen.

(7)

De aanvrager heeft een methode verschaft om de CO2-reductie te testen. Volgens de Commissie zal de testmethode overeenkomstig artikel 6 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 resultaten opleveren die verifieerbaar, reproduceerbaar en vergelijkbaar zijn en kan deze de CO2-emissievoordelen van de innoverende technologie op een realistische wijze en met een sterke statistische significantie aantonen.

(8)

Tegen die achtergrond heeft de aanvrager afdoende aangetoond dat de door het enthalpiereservoir bereikte emissiereductie ten minste 1 g CO2/km bedraagt.

(9)

Aangezien het enthalpiereservoir niet wordt geactiveerd tijdens de in Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad (4) en Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie (5) bedoelde typegoedkeuringstest wat CO2-emissies betreft, kan de Commissie zich erin vinden dat de technologie in kwestie niet onder de standaardtestcyclus valt.

(10)

De activering van het enthalpiereservoir hangt niet af van de keuze van de bestuurder. Op basis daarvan is de Commissie van oordeel dat de CO2-emissiereductie door het gebruik van de innovatieve technologie aan de fabrikant moet worden toegeschreven.

(11)

De Commissie constateert dat het verificatierapport is opgesteld door TÜV SÜD Auto Service GmbH — een onafhankelijke en gecertificeerde instantie — en dat het rapport de conclusies in de aanvraag ondersteunt.

(12)

Tegen die achtergrond moet er volgens de Commissie geen bezwaar worden gemaakt tegen de goedkeuring van de innoverende technologie in kwestie.

(13)

Om de algemene eco-innovatiecode vast te stellen die overeenkomstig de bijlagen I, VIII en IX bij Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad (6) in de desbetreffende typegoedkeuringsdocumenten moet worden vermeld, moet voor de bij dit besluit goedgekeurde innoverende technologie de individuele code worden gespecificeerd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

1.   Het enthalpiereservoir dat is beschreven in de door MAHLE Behr GmbH & Co. KG ingediende aanvraag wordt goedgekeurd als innoverende technologie in de zin van artikel 12 van Verordening (EG) nr. 443/2009.

2.   De CO2-emissiereductie door het gebruik van het enthalpiereservoir wordt bepaald volgens de in de bijlage beschreven methode.

3.   De individuele eco-innovatiecode die moet worden vermeld in de typegoedkeuringsdocumentatie voor de bij dit besluit goedgekeurde innoverende technologie, is „18”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 11 maart 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 140 van 5.6.2009, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 725/2011 van de Commissie van 25 juli 2011 tot vaststelling van een procedure voor de goedkeuring en certificering van innoverende technologieën ter beperking van de CO2-emissies van personenauto's uit hoofde van Verordening (EG) nr. 443/2009 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 194 van 26.7.2011, blz. 19).

(3)  https://circabc.europa.eu/w/browse/42c4a33e-6fd7-44aa-adac-f28620bd436f

(4)  Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 171 van 29.6.2007, blz. 1).

(5)  Verordening (EG) nr. 692/2008 van de Commissie van 18 juli 2008 tot uitvoering en wijziging van Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhoudsinformatie (PB L 199 van 28.7.2008, blz. 1).

(6)  Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd (kaderrichtlijn) (PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1).


BIJLAGE

METHODE OM DE CO2-BESPARINGEN ALS GEVOLG VAN HET GEBRUIK VAN HET ENTHALPIERESERVOIR TE BEPALEN

1.   INLEIDING

Om te bepalen welke CO2-emissiereductie aan het gebruik van het enthalpiereservoir (enthalpy storage tank, EST-systeem) kan worden toegeschreven, moet het volgende worden vastgesteld:

a)

de testprocedure die moet worden gevolgd voor het bepalen van de afkoelkrommen van het basisvoertuig (het met een gedeactiveerd enthalpiereservoir uitgeruste voertuig) en het eco-innovatievoertuig;

b)

de testprocedure die moet worden gevolgd voor het bepalen van de CO2-emissie bij verschillende starttemperaturen van het motorkoelmiddel;

c)

de testprocedure die moet worden gevolgd voor het bepalen van de theoretische temperatuur van de motor na ontlading van het EST-systeem;

d)

de testprocedure die moet worden gevolgd voor het bepalen van het warmestartvoordeel;

e)

de formules die moeten worden gebruikt voor het bepalen van de CO2-besparingen;

f)

de formules die moeten worden gebruikt voor het bepalen van de statistische fout en de significantie van de resultaten.

2.   SYMBOLEN EN AFKORTINGEN

Latijnse symbolen

BTA

CO2-emissie van het voertuig onder typegoedkeuringsomstandigheden [g CO2/km]

Formula

CO2-besparingen [g CO2/km]

CO2

Koolstofdioxide

CO2 (Tk)

Rekenkundig gemiddelde van de onder NEDC-voorwaarden gemeten CO2-emissies van het voertuig, bij een omgevingstemperatuur van 14 °C en bij de starttemperaturen Tk van het motorkoelmiddel [g CO2/km]

deng

Temperatuurvervalfactor van de afkoelkromme van het motorkoelmiddel [1/h]

dEST

Temperatuurvervalfactor van de afkoelkromme van het EST [1/h]

EST

Enthalpy Storage Tank (enthalpiereservoir)

K

Effectieve verhouding van thermische traagheden [-]

m

Aantal metingen van het monster

NEDC

Nieuwe Europese rijcyclus (New European Driving Cycle)

Formula

Potentieel voor genormaliseerd brandstofverbruik bij de starttemperatuur van het motorkoelmiddel voor de geselecteerde parkeerduren ti [-]

pt

Parkeerduur [h]

Teng

Motorkoelmiddeltemperatuur tijdens de parkeerduur [°C]

Tengmod

Theoretische motorkoelmiddeltemperatuur na ontlading van het EST-systeem [°C]

TEST

Temperatuur van het EST-koelmiddel tijdens de parkeerduur [°C]

Tcold

Koudestarttemperatuur [°C], 14 °C

Thot

Warmestarttemperatuur [°C], de aan het eind van de NEDC-cyclus bereikte koelmiddeltemperatuur

SOC

Opladingsniveau (State of charge)

SVSpt

Percentage van de verdeling van de parkeerduur [%] zoals gedefinieerd in tabel 6

WFti

Wegingsfactor voor de parkeerduur ti [%] zoals gedefinieerd in tabel 3

Indices

Index ti verwijst naar de geselecteerde parkeerduren zoals gedefinieerd in tabel 1

Index j verwijst naar metingen van het monster

Index k verwijst naar de starttemperaturen van het motorkoelmiddel

3.   BEPALING VAN DE AFKOELKROMMEN EN -TEMPERATUREN

De afkoelkrommen worden proefondervindelijk vastgesteld voor het motorkoelmiddel van het basisvoertuig en het motorkoelmiddel van het eco-innovatievoertuig. Dezelfde krommen zijn geldig voor voertuigvarianten die dezelfde warmtecapaciteiten, motorruimteverpakking en motorwarmte-isolatie, alsmede hetzelfde EST-systeem hebben. Bij de proef worden, bij een constante omgevingstemperatuur van ten minste 14 °C, gedurende 24 uur de representatieve koelmiddeltemperaturen van het motorkoelmiddel en het in het EST-systeem opgeslagen koelmiddel continu gemeten met thermokoppels. Alvorens te worden uitgeschakeld, wordt de motor met een toereikend aantal opeenvolgende NEDC-tests opgewarmd tot de maximale koelmiddeltemperatuur is bereikt. Na de voorconditionering wordt de contactschakelaar uitgezet en wordt de contactsleutel uit het slot genomen. De motorkap van het voertuig moet volledig gesloten zijn. Als in de testruimte kunstmatige ventilatiesystemen aanwezig zijn, worden deze uitgeschakeld.

De resulterende gemeten afkoelkrommen worden geconvergeerd met de wiskundige benadering die is beschreven in formule 1 en formule 2 voor respectievelijk de motor en het EST-systeem.

Formule 1

Formula

Formule 2

Formula

Voor het fitten van de krommen wordt de kleinstekwadratenmethode toegepast. Hierbij worden ten minste de meetgegevens van de eerste dertig minuten na uitschakeling van de motor buiten beschouwing gelaten vanwege het atypische gedrag van de koelmiddeltemperatuur na uitschakeling van het koelmiddelsysteem.

De motortemperatuur bij specifieke parkeerduuromstandigheden (Formula) moet aan de hand van formule 1 worden berekend en in tabel 1 worden weergegeven.

Tabel 1

De motortemperatuur bij geselecteerde parkeerduuromstandigheden

Geselecteerde parkeerduur (ti)

t1

t2

t3

pt [h]

2,5

4,5

16,5

Formula

[°C]

 

 

 

4.   BEPALING VAN DE CO2-EMISSIE BIJ VERSCHILLENDE STARTTEMPERATUREN VAN HET KOELMIDDEL

De CO2-emissie en het brandstofverbruik van het voertuig worden gemeten overeenkomstig bijlage 6 bij VN/ECE-Reglement nr. 101 (Methode voor het meten van de kooldioxide-emissies en het brandstofverbruik van voertuigen die alleen door een verbrandingsmotor worden aangedreven). De procedure moet als volgt worden gewijzigd:

1.

de omgevingstemperatuur in de testruimte moet lager zijn dan 14 °C;

2.

de vijf starttemperaturen van het motorkoelmiddel zijn de volgende: Tcold, Thot,

Formula

,

Formula

en

Formula

.

De tests kunnen in ongeacht welke volgorde worden uitgevoerd. Tussen de tests door kunnen een of twee NEDC-tests worden uitgevoerd om het voertuig te conditioneren. Het opladingsniveau (state of charge, SOC) van de startaccu mag na elke test niet meer dan 5 % zijn veranderd (dit kan bijvoorbeeld worden nagegaan met behulp van het signaal van het Controller Area Network); dit moet worden gedocumenteerd.

De volledige testprocedure wordt ten minste drie keer herhaald (d.w.z. m ≥ 3). Het rekenkundige gemiddelde van de CO2-resultaten bij elke starttemperatuur van het motorkoelmiddel (Tk) moet aan de hand van formule 3 worden berekend en in tabel 2 worden weergegeven.

Formule 3

Formula

waarbij k = 1, 2 …, 5

T1 = Tcold

T2 = Thot

Formula

Formula

Formula


Tabel 2

CO2-emissie bij verschillende starttemperaturen van het motorkoelmiddel

Starttemperatuur van het motorkoelmiddel Tk

Tcold

Thot

Formula

Formula

Formula

CO2 (Tk) [g CO2/km]

 

 

 

 

 

5.   BEPALING VAN DE THEORETISCHE TEMPERATUUR VAN DE MOTOR NA ONTLADING VAN HET EST-SYSTEEM

Op basis van de in punt 4 gedefinieerde en in tabel 2 vermelde testresultaten wordt het potentieel voor het genormaliseerde brandstofverbruik NP(Formula) bij de in tabel 1 vermelde geselecteerde parkeerduuromstandigheden berekend aan de hand van formule 4.

Formule 4

Formula

Vervolgens wordt aan de hand van formule 5 de theoretische motorkoelmiddeltemperatuur na ontlading van het EST-systeem berekend voor de geselecteerde parkeerduuromstandigheden Formula.

Formule 5

Formula

De relatieve verhouding van de thermische traagheden Kti bij de geselecteerde parkeerduuromstandigheden wordt aan de hand van formule 6 gedefinieerd.

Formule 6

Formula

De resulterende effectieve verhouding van de thermische traagheden K wordt berekend door weging van de drie resultaten Kti naargelang het percentage van het aantal keren dat het voertuig stopt, zoals gedefinieerd door formule 7.

Formule 7

Formula

waarbij

WFti

Wegingsfactor voor de parkeerduur ti [-] zoals gedefinieerd in tabel 3

Tabel 3

Wegingsparameter voor de berekening van de factor K

WFt1 [%]

63,4

WFt2 [%]

14,0

WFt3 [%]

22,6

De theoretische temperatuur van de motor na ontlading van het EST-systeem voor de parkeerduuromstandigheid pt Formula wordt aan de hand van formule 8 berekend.

Formule 8

Formula

De resultaten van de berekening worden vermeld in tabel 4.

Tabel 4

Theoretische temperatuur van de motor na ontlading van het EST-systeem voor verschillende parkeerduren

pt [h]

0,5

1,5

2,5

3,5

4,5

5,5

6,5

7,5

8,5

9,5

10,5

11,5

Formula

[°C]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

pt [h]

12,5

13,5

14,5

15,5

16,5

17,5

18,5

19,5

20,5

21,5

22,5

23,5

Formula

[°C]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

6.   BEPALING VAN HET WARMESTARTVOORDEEL

Het warmestartvoordeel (hot start benefit, HSB) van het met de technologie uitgeruste voertuig wordt proefondervindelijk vastgesteld met formule 9. Deze waarde betreft het verschil tussen de CO2-emissies bij een NEDC-test met een koude en een warme start, uitgedrukt ten opzichte van het resultaat bij een koude start.

Formule 9

Formula

7.   BEPALING VAN DE CO2-BESPARINGEN

Voorafgaand aan de start van de officiële test van type I die overeenkomstig Verordening (EG) nr. 692/2008 moet worden uitgevoerd, gaat de typegoedkeuringsinstantie na of de temperatuur van het koelmiddel, ook in het enthalpiereservoir, niet meer dan ± 2 K verschilt van die van de ruimte. Indien deze temperatuur niet wordt bereikt, kan de methode voor de bepaling van de CO2-besparingen door het gebruik van het EST niet worden toegepast.

De temperatuur kan worden nagegaan door een meting in het enthalpiereservoir (bv. door middel van een thermokoppel) of door het EST-systeem vóór de voorconditioneringsprocedure uit te schakelen, zodat geen opgewarmd koelmiddel in het reservoir wordt opgeslagen. De temperatuur in het enthalpiereservoir moet in het testrapport worden vermeld.

Het relatieve CO2-reductiepotentieel Formula voor verschillende parkeerduren wordt berekend met formule 10.

Formule 10

Formula

De resultaten van de berekening worden vermeld in tabel 5.

Tabel 5

Relatief CO2-reductiepotentieel Formula voor verschillende parkeerduren

pt [h]

0,5

1,5

2,5

3,5

4,5

5,5

6,5

7,5

8,5

9,5

10,5

11,5

ΔCO2(pt) [%]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

pt [h]

12,5

13,5

14,5

15,5

16,5

17,5

18,5

19,5

20,5

21,5

22,5

23,5

ΔCO2(pt) [%]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De CO2-besparing, waarop een weging is toegepast voor de parkeerduren (pt), wordt berekend met formule 11.

Formule 11

Formula

waarbij

SVSpt

Percentage van de verdeling van de parkeerduur [%] zoals gedefinieerd in tabel 6

Tabel 6

Verdeling parkeerduur (percentage van het aantal keren dat het voertuig stopt)

pt [h]

0,5

1,5

2,5

3,5

4,5

5,5

6,5

7,5

8,5

9,5

10,5

11,5

SVSpt [%]

36

13

6

4

2

2

1

1

3

4

3

1

pt [h]

12,5

13,5

14,5

15,5

16,5

17,5

18,5

19,5

20,5

21,5

22,5

23,5

SVSpt [%]

1

3

3

2

1

1

1

1

1

1

1

1

8.   BEREKENING VAN DE STATISTISCHE FOUT

Statistische fouten in de resultaten van de testmethode als gevolg van de metingen moeten worden gekwantificeerd. Voor elke bij de verschillende starttemperaturen van het motorkoelmiddel uitgevoerde test wordt de standaardafwijking van het rekenkundige gemiddelde berekend zoals gedefinieerd door formule 12.

Formule 12

Formula

waarbij k = 1, 2, …, 5

T1 = Tcold

T2 = Thot

Formula

Formula

Formula

De standaardafwijking van de CO2-besparingen Formula wordt aan de hand van formule 13 berekend.

Formule 13

Image

waarbij

Image

Image

Image

Image

Image

Image

Image

9.   STATISTISCHE SIGNIFICANTIE

Voor elk type, elke variant en elke versie van een voertuig dat met het EST-systeem is uitgerust, moet worden aangetoond dat de fout in de CO2-besparingen berekend volgens formule 13 niet groter is dan het verschil tussen de totale CO2-besparingen en de minimumdrempelwaarde voor besparingen zoals vermeld in artikel 9, lid 1, van Verordening (EU) nr. 725/2011 (zie formule 14).

Formule 14

Formula

waarbij

MT

:

minimumdrempelwaarde [g CO2/km], te weten 1 g CO2/km

Formula

:

CO2-correctiecoëfficiënt vanwege de toename van de massa door de installatie van het EST-systeem. Voor Formula moeten de gegevens in tabel 7 worden gebruikt.

Tabel 7

CO2-correctiecoëfficiënt vanwege de extra massa

Brandstoftype

CO2-correctiecoëfficiënt vanwege de extra massa (Formula)

[g CO2/km]

Benzine

0,0277 · Δm

Diesel

0,0383 · Δm

In tabel 7 is Δm de extra massa vanwege de installatie van het EST-systeem. Dit is de massa van het EST-systeem wanneer het volledig met het koelmiddel is geladen.

10.   HET IN VOERTUIGEN TE MONTEREN EST-SYSTEEM

De typegoedkeuringsinstantie moet de CO2-besparingen certificeren op basis van metingen van het EST-systeem volgens de in deze bijlage opgestelde testmethode. Indien de CO2-emissiebesparingen minder zijn dan de drempelwaarde van artikel 9, lid 1, is artikel 11, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 725/2011 van toepassing.


Rectificaties

12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/69


Rectificatie van Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/2362 van de Commissie van 15 december 2015 betreffende vrijstellingen van het uitgebreide antidumpingrecht op bepaalde delen van rijwielen, van oorsprong uit de Volksrepubliek China overeenkomstig Verordening (EG) nr. 88/97

( Publicatieblad van de Europese Unie L 331 van 17 december 2015 )

Bladzijde 36, artikel 5, tabel 4 „Onderzochte partijen”, kolom „Datum van inwerkingtreding”, voor de onderneming „CICLI EUROPA s.r.l.”:

in plaats van:

„10.9.2014”,

lezen:

„10.11.2014”.


12.3.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 67/69


Rectificatie van de definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2016/70 van de gewijzigde begroting nr. 8 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015

( Publicatieblad van de Europese Unie L 18 van 26 januari 2016 )

Op bladzijde 3, wordt de tabel door de volgende tabel vervangen:

„Omschrijving

Begroting 2015 (1)

Begroting 2014 (2)

Verschil (in %)

1.

Slimme en inclusieve groei

66 853 308 910

65 300 076 773

+ 2,38

2.

Duurzame groei: natuurlijke hulpbronnen

55 978 784 039

56 443 752 595

– 0,82

3.

Veiligheid en burgerschap

1 926 965 795

1 665 510 850

+ 15,70

4.

Europa als wereldspeler

7 478 225 907

6 840 903 616

+ 9,32

5.

Administratie

8 658 632 705

8 405 389 881

+ 3,01

6.

Compensatie

p.m.

28 600 000

Speciale instrumenten

384 505 583

350 000 000

+ 9,86

Totaal uitgaven  (3)

141 280 422 939

139 034 233 715

+ 1,62


(1)  De cijfers in deze kolom komen overeen met die van de begroting 2015 (PB L 69 van 13.3.2015) plus met die van gewijzigde begrotingen nr. 1/2015 tot en met nr. 8/2015.

(2)  De cijfers in deze kolom komen overeen met die van de begroting 2014 (PB L 51 van 20.2.2014) plus met die van gewijzigde begrotingen nr. 1/2014 tot en met nr. 7/2014.

(3)  Artikel 310, lid 1, derde alinea, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie bepaalt dat de ontvangsten en uitgaven van de begroting in evenwicht moeten zijn.”