ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 73

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

58e jaargang
17 maart 2015


Inhoud

 

I   Wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

BEGROTINGEN

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/366 van de gewijzigde begroting nr. 2 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

1

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/367 van de gewijzigde begroting nr. 3 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

366

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/368 van de gewijzigde begroting nr. 4 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

460

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/369 van de gewijzigde begroting nr. 5 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

468

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/370 van de gewijzigde begroting nr. 6 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

493

 

*

Definitieve vaststelling (EU, Euratom) 2015/371 van de gewijzigde begroting nr. 7 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

501

In dit begrotingsdocument zijn, tenzij anders vermeld, de bedragen uitgedrukt in euro.

Alle ontvangsten als bedoeld in artikel 21, leden 2 en 3, van het Financieel Reglement en opgenomen onder de titels 5 en 6 van de staat van ontvangsten, kunnen leiden tot de opvoering van bijkomende kredieten op de begrotingsplaatsen van de oorspronkelijke uitgaven die de betrokken ontvangsten doen ontstaan.

De cijfers voor de uitvoering hebben betrekking op alle toegestane kredieten, dus begrotingskredieten, aanvullende kredieten en bestemmingsontvangsten.

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


I Wetgevingshandelingen

BEGROTINGEN

17.3.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 73/1


DEFINITIEVE VASTSTELLING (EU, Euratom) 2015/366

van de gewijzigde begroting nr. 2 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014

DE VOORZITTER VAN HET EUROPEES PARLEMENT,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 314, lid 4, onder a), en lid 9,

Gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, en met name artikel 106 bis,

Gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad (1),

Gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (2),

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (3),

Gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014, definitief vastgesteld op 20 november 2013 (4),

Gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 3 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014, goedgekeurd door de Commissie op 28 mei 2014,

Gezien het standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 3/2014, vastgesteld door de Raad op 12 december 2014 en toegezonden aan het Europees Parlement op dezelfde dag,

Gezien de goedkeuring van het standpunt van de Raad door het Parlement op 17 december 2014,

Gezien de artikelen 88 en 91 van het Reglement van het Europees Parlement,

CONSTATEERT:

Enig artikel

De procedure zoals vastgelegd in artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is afgerond en de gewijzigde begroting nr. 2 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2014 is definitief vastgesteld.

Gedaan te Straatsburg, 17 december 2014.

De voorzitter

M. SCHULZ


(1)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(2)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(4)  PB L 51 van 20.2.2014.


GEWIJZIGDE BEGROTING Nr. 2 VOOR HET BEGROTINGSJAAR 2014

INHOUD

ALGEMENE STAAT VAN ONTVANGSTEN

A. Inleiding en financiering van de algemene begroting 4
B. Algemene staat van ontvangsten per begrotingsonderdeel 12

— Titel 1:

Eigen middelen 13

— Titel 7:

Intrest voor betalingsachterstand en boeten 17

— Titel 8:

Opgenomen en verstrekte leningen 20

STAAT VAN ONTVANGSTEN EN UITGAVEN PER AFDELING

Afdeling III: Commissie

— Ontvangsten 24

— Titel 7:

Interest voor betalingsachterstand en boeten 25

— Titel 8:

Opgenomen en verstrekte leningen 28
— Uitgaven 31

— Titel XX:

Administratieve uitgaven voor beleidsterreinen 33

— Titel 01:

Economische en financiële zaken 37

— Titel 02:

Ondernemingen en industrie 43

— Titel 03:

Concurrentie 51

— Titel 04:

Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie 53

— Titel 05:

Landbouw en plattelandsontwikkeling 68

— Titel 06:

Mobiliteit en vervoer 89

— Titel 07:

Milieu 91

— Titel 08:

Onderzoek en innovatie 97

— Titel 09:

Communicatienetwerken, inhoud en technologie 110

— Titel 11:

Maritieme zaken en visserij 126

— Titel 12:

Interne markt en diensten 166

— Titel 13:

Regionaal beleid en stadsontwikkeling 174

— Titel 14:

Belastingen en douane-unie 188

— Titel 15:

Onderwijs en cultuur 194

— Titel 16:

Communicatie 204

— Titel 17:

Gezondheid en consumentenbescherming 212

— Titel 18:

Binnenlandse zaken 222

— Titel 19:

Instrumenten voor het buitenlands beleid 234

— Titel 20:

Handel 239

— Titel 21:

Ontwikkeling en samenwerking 246

— Titel 22:

Uitbreiding 272

— Titel 23:

Humanitaire hulp en civiele bescherming 278

— Titel 24:

Fraudebestrijding 285

— Titel 25:

Beleidscoördinatie en juridisch advies van de Commissie 289

— Titel 26:

Administratie van de Commissie 292

— Titel 27:

Begroting 302

— Titel 28:

Audit 304

— Titel 29:

Statistiek 306

— Titel 31:

Talendiensten 311

— Titel 32:

Energie 314

— Titel 33:

Justitie 318

— Titel 34:

Klimaatactie 325

— Titel 40:

Reserves 332
— Personeel 334
Bijlagen 340

Afdeling VII: Comité van de Regio’s

— Staat van uitgaven 353

— Titel 1:

Aan de instelling verbonden personen 354
— Personeel 358

Afdeling IX: Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming

— Staat van uitgaven 361

— Titel 1:

Uitgaven betreffende de aan de instelling verbonden personen 362
— Personeel 365

A.   INLEIDING EN FINANCIERING VAN DE ALGEMENE BEGROTING

FINANCIERING VAN DE ALGEMENE BEGROTING

Kredieten die gedurende het begrotingsjaar 2014 moeten worden gedekt overeenkomstig artikel 1 van Besluit 2007/436/EG, Euratom van de Raad van 7 juni 2007 betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen

UITGAVEN

Omschrijving

Begroting 2014 (1)

Begroting 2013 (2)

Verschil (in %)

1.

Slimme en inclusieve groei

65 300 076 773

69 127 255 205

–5,54

2.

Duurzame groei: natuurlijke hulpbronnen

56 443 752 595

57 814 298 094

–2,37

3.

Veiligheid en burgerschap

1 665 510 850

1 894 151 766

–12,07

4.

Europa als wereldspeler

6 840 655 156

6 731 869 945

+1,62

5.

Administratie

8 405 638 341

8 417 791 740

–0,14

6.

Compensatie

28 600 000

75 000 000

–61,87

Speciale instrumenten

350 000 000

390 465 192

–10,36

Totaal uitgaven  (3)

139 034 233 715

144 450 831 942

–3,75


ONTVANGSTEN

Omschrijving

Begroting 2014 (4)

Begroting 2013 (5)

Verschil (in %)

Diverse ontvangsten (titels 4 t/m 9)

3 112 428 277

3 067 967 007

+1,45

Overschot van het vorige begrotingsjaar (hoofdstuk 3 0, artikel 3 0 0)

p.m.

1 023 276 526

Overschot aan eigen middelen als gevolg van de terugbetaling van het overschot van het Garantiefonds (hoofdstuk 3 0, artikel 3 0 2)

p.m.

34 000 000

Saldi aan btw- en aan bnp/bni-middelen uit vorige begrotingsjaren (hoofdstukken 3 1 en 3 2)

p.m.

p.m.

Totaal van de ontvangsten van de titels 3 t/m 9

3 112 428 277

4 125 243 533

–24,55

Nettobedrag van de douanerechten en de suikerheffingen (hoofdstukken 1 1 en 1 2)

16 310 700 000

14 822 700 000

+10,04

Eigen middelen uit de btw tegen uniform percentage (tabellen 1 en 2, hoofdstuk 1 3)

17 882 179 650

14 680 052 250

+21,81

Nog te financieren uit de aanvullende middelenbron (bni-middelen, tabel 3, hoofdstuk 1 4)

101 728 925 788

110 822 836 159

–8,21

Uit de eigen middelen zoals bedoeld in artikel 2 van Besluit 2007/436/EG, Euratom (6), te dekken kredieten

135 921 805 438

140 325 588 409

–3,14

Totaal ontvangsten  (7)

139 034 233 715

144 450 831 942

–3,75


TABEL 1

Berekening van de aftopping van de uniforme btw-grondslagen overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder b), van Besluit 2007/436/EG, Euratom

Lidstaat

1 % van de niet-afgetopte btw-grondslag

1 % van het bruto nationaal inkomen

Aftoppingspercentage (in %)

1 % van het bruto nationaal inkomen (bni) × aftoppingspercentage

1 % van de afgetopte btw-grondslag (8)

Lidstaten met afgetopte btw-grondslag

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

(6)

België

1 675 608 000

3 995 217 000

50

1 997 608 500

1 675 608 000

 

Bulgarije

206 005 000

414 657 000

50

207 328 500

206 005 000

 

Tsjechië

645 752 000

1 428 027 000

50

714 013 500

645 752 000

 

Denemarken

1 020 116 000

2 641 773 000

50

1 320 886 500

1 020 116 000

 

Duitsland

12 384 113 000

28 440 033 000

50

14 220 016 500

12 384 113 000

 

Estland

87 252 000

184 233 000

50

92 116 500

87 252 000

 

Ierland

653 931 000

1 384 808 000

50

692 404 000

653 931 000

 

Griekenland

650 120 000

1 813 897 000

50

906 948 500

650 120 000

 

Spanje

4 561 628 000

10 515 414 000

50

5 257 707 000

4 561 628 000

 

Frankrijk

9 681 072 000

21 602 716 000

50

10 801 358 000

9 681 072 000

 

Kroatië

277 716 000

438 824 000

50

219 412 000

219 412 000

Kroatië

Italië

6 568 051 000

16 020 137 000

50

8 010 068 500

6 568 051 000

 

Cyprus

107 177 000

154 720 000

50

77 360 000

77 360 000

Cyprus

Letland

82 650 000

249 297 000

50

124 648 500

82 650 000

 

Litouwen

141 652 000

353 042 000

50

176 521 000

141 652 000

 

Luxemburg

272 111 000

340 956 000

50

170 478 000

170 478 000

Luxemburg

Hongarije

410 328 000

977 036 000

50

488 518 000

410 328 000

 

Malta

52 918 000

68 120 000

50

34 060 000

34 060 000

Malta

Nederland

2 661 465 000

6 274 369 000

50

3 137 184 500

2 661 465 000

 

Oostenrijk

1 487 892 000

3 296 730 000

50

1 648 365 000

1 487 892 000

 

Polen

1 924 394 000

3 938 971 000

50

1 969 485 500

1 924 394 000

 

Portugal

775 448 000

1 615 868 000

50

807 934 000

775 448 000

 

Roemenië

544 383 000

1 507 998 000

50

753 999 000

544 383 000

 

Slovenië

176 664 000

349 637 000

50

174 818 500

174 818 500

Slovenië

Slowakije

259 706 000

759 723 000

50

379 861 500

259 706 000

 

Finland

972 177 000

2 066 821 000

50

1 033 410 500

972 177 000

 

Zweden

1 990 462 000

4 549 119 000

50

2 274 559 500

1 990 462 000

 

Verenigd Koninkrijk

9 546 932 000

19 611 871 000

50

9 805 935 500

9 546 932 000

 

Totaal

59 817 723 000

134 994 014 000

 

67 497 007 000

59 607 265 500

 


TABEL 2

Verdeling van de eigen middelen uit de belasting over de toegevoegde waarde (btw) overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder b), van Besluit 2007/436/EG, Euratom (hoofdstuk 1 3)

Lidstaat

1 % van de afgetopte btw-grondslag

Uniform percentage van de eigen middelen „btw” (in %)

Eigen middelen „btw” tegen uniform percentage

 

(1)

(2)

(3) = (1) × (2)

België

1 675 608 000

0,300

502 682 400

Bulgarije

206 005 000

0,300

61 801 500

Tsjechië

645 752 000

0,300

193 725 600

Denemarken

1 020 116 000

0,300

306 034 800

Duitsland

12 384 113 000

0,300

3 715 233 900

Estland

87 252 000

0,300

26 175 600

Ierland

653 931 000

0,300

196 179 300

Griekenland

650 120 000

0,300

195 036 000

Spanje

4 561 628 000

0,300

1 368 488 400

Frankrijk

9 681 072 000

0,300

2 904 321 600

Kroatië

219 412 000

0,300

65 823 600

Italië

6 568 051 000

0,300

1 970 415 300

Cyprus

77 360 000

0,300

23 208 000

Letland

82 650 000

0,300

24 795 000

Litouwen

141 652 000

0,300

42 495 600

Luxemburg

170 478 000

0,300

51 143 400

Hongarije

410 328 000

0,300

123 098 400

Malta

34 060 000

0,300

10 218 000

Nederland

2 661 465 000

0,300

798 439 500

Oostenrijk

1 487 892 000

0,300

446 367 600

Polen

1 924 394 000

0,300

577 318 200

Portugal

775 448 000

0,300

232 634 400

Roemenië

544 383 000

0,300

163 314 900

Slovenië

174 818 500

0,300

52 445 550

Slowakije

259 706 000

0,300

77 911 800

Finland

972 177 000

0,300

291 653 100

Zweden

1 990 462 000

0,300

597 138 600

Verenigd Koninkrijk

9 546 932 000

0,300

2 864 079 600

Totaal

59 607 265 500

 

17 882 179 650


TABEL 3

Vaststelling van het uniforme percentage en verdeling van de eigen middelen op basis van het bruto nationaal inkomen overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder c), van Besluit 2007/436/EG, Euratom (hoofdstuk 1 4)

Lidstaat

1 % van het bruto nationaal inkomen

Uniform percentage van de eigen middelen „aanvullende grondslag”

Eigen middelen „aanvullende grondslag” tegen uniform percentage

 

(1)

(2)

(3) = (1) × (2)

België

3 995 217 000

 

3 010 719 673

Bulgarije

414 657 000

 

312 477 642

Tsjechië

1 428 027 000

 

1 076 134 033

Denemarken

2 641 773 000

 

1 990 789 973

Duitsland

28 440 033 000

 

21 431 868 872

Estland

184 233 000

 

138 834 491

Ierland

1 384 808 000

 

1 043 565 015

Griekenland

1 813 897 000

 

1 366 918 338

Spanje

10 515 414 000

 

7 924 216 332

Frankrijk

21 602 716 000

 

16 279 396 602

Kroatië

438 824 000

 

330 689 434

Italië

16 020 137 000

 

12 072 471 065

Cyprus

154 720 000

 

116 594 054

Letland

249 297 000

0,7535810 (9)

187 865 486

Litouwen

353 042 000

 

266 045 748

Luxemburg

340 956 000

 

256 937 968

Hongarije

977 036 000

 

736 275 778

Malta

68 120 000

 

51 333 939

Nederland

6 274 369 000

 

4 728 245 346

Oostenrijk

3 296 730 000

 

2 484 353 132

Polen

3 938 971 000

 

2 968 333 755

Portugal

1 615 868 000

 

1 217 687 444

Roemenië

1 507 998 000

 

1 136 398 660

Slovenië

349 637 000

 

263 479 805

Slowakije

759 723 000

 

572 512 828

Finland

2 066 821 000

 

1 557 517 062

Zweden

4 549 119 000

 

3 428 129 703

Verenigd Koninkrijk

19 611 871 000

 

14 779 133 610

Totaal

134 994 014 000

 

101 728 925 788


TABEL 4

Correctie van de begrotingsonevenwichtigheden ten behoeve van het Verenigd Koninkrijk voor het begrotingsjaar 2013 overeenkomstig artikel 4 van Besluit 2007/436/EG, Euratom (hoofdstuk 1 5)

Omschrijving

Coëfficiënt (10) (%)

Bedrag

1.

Aandeel van het Verenigd Koninkrijk (in %) in de theoretische niet-afgetopte btw-grondslag

16,2077

 

2.

Aandeel van het Verenigd Koninkrijk (in %) in de voor de uitbreiding gecorrigeerde totale toegerekende uitgaven

6,5970

 

3.

(1) – (2)

9,6107

 

4.

Totale toegerekende uitgaven

 

133 640 172 409

5.

Met de uitbreiding verband houdende uitgaven (11)

 

31 848 333 003

6.

Voor de uitbreiding gecorrigeerde totale toegewezen uitgaven = (4) – (5)

 

101 791 839 406

7.

Oorspronkelijk bedrag van de correctie ten behoeve van het Verenigd Koninkrijk = (3) × (6) × 0,66

 

6 456 694 911

8.

Voordeel voor het Verenigd Koninkrijk (12)

 

1 176 577 247

9.

Kerncorrectie voor het Verenigd Koninkrijk = (7) – (8)

 

5 280 117 664

10.

Uitzonderlijke meevallers aan traditionele eigen middelen (13)

 

–17 223 040

11.

Correctie ten behoeve van het Verenigd Koninkrijk = (9) – (10)

 

5 297 340 704


TABEL 5

Berekening van de financiering van de correctie ten behoeve van het Verenigd Koninkrijk, vastgesteld op – 5 297 340 704 EUR (hoofdstuk 1 5)

Lidstaat

Aandelen in de bni-grondslagen

Aandelen zonder het Verenigd Koninkrijk

Aandelen zonder Duitsland, Nederland, Oostenrijk, Zweden en het Verenigd Koninkrijk

3/4 van het aandeel van Duitsland, Nederland, Oostenrijk en Zweden in kolom 2

Kolom 4 verdeeld volgens de sleutel van kolom 3

Financieringssleutel

Op de correctie toegepaste financieringssleutel

 

(1)

(2)

(3)

(4)

(5)

(6) = (2) + (4) + (5)

(7)

België

2,96

3,46

5,49

 

1,52

4,98

263 826 803

Bulgarije

0,31

0,36

0,57

 

0,16

0,52

27 382 150

Tsjechië

1,06

1,24

1,96

 

0,54

1,78

94 300 710

Denemarken

1,96

2,29

3,63

 

0,99

3,29

174 451 231

Duitsland

21,07

24,65

0,00

–18,49

0,00

6,16

326 429 505

Estland

0,14

0,16

0,25

 

0,07

0,23

12 165 948

Ierland

1,03

1,20

1,90

 

0,53

1,73

91 446 714

Griekenland

1,34

1,57

2,49

 

0,69

2,26

119 781 891

Spanje

7,79

9,11

14,44

 

3,99

13,11

694 392 334

Frankrijk

16,00

18,72

29,67

 

8,21

26,93

1 426 549 672

Kroatië

0,33

0,38

0,60

 

0,17

0,55

28 978 034

Italië

11,87

13,88

22,00

 

6,09

19,97

1 057 900 367

Cyprus

0,11

0,13

0,21

 

0,06

0,19

10 217 038

Letland

0,18

0,22

0,34

 

0,09

0,31

16 462 493

Litouwen

0,26

0,31

0,48

 

0,13

0,44

23 313 363

Luxemburg

0,25

0,30

0,47

 

0,13

0,43

22 515 255

Hongarije

0,72

0,85

1,34

 

0,37

1,22

64 519 220

Malta

0,05

0,06

0,09

 

0,03

0,08

4 498 349

Nederland

4,65

5,44

0,00

–4,08

0,00

1,36

72 016 062

Oostenrijk

2,44

2,86

0,00

–2,14

0,00

0,71

37 839 265

Polen

2,92

3,41

5,41

 

1,50

4,91

260 112 561

Portugal

1,20

1,40

2,22

 

0,61

2,01

106 704 915

Roemenië

1,12

1,31

2,07

 

0,57

1,88

99 581 648

Slovenië

0,26

0,30

0,48

 

0,13

0,44

23 088 511

Slowakije

0,56

0,66

1,04

 

0,29

0,95

50 168 812

Finland

1,53

1,79

2,84

 

0,79

2,58

136 483 895

Zweden

3,37

3,94

0,00

–2,96

0,00

0,99

52 213 958

Verenigd Koninkrijk

14,53

0,00

0,00

 

0,00

0,00

0

Totaal

100,00

100,00

100,00

–27,66

27,66

100,00

5 297 340 704

De berekening is tot op 15 decimalen nauwkeurig.

TABEL 6

Overzicht van de financiering (14) van de algemene begroting per soort eigen middelen en per lidstaat

Lidstaat

Traditionele eigen middelen (TEM)

Btw- en bni-middelen, inclusief aanpassingen

Totaal van de eigen middelen (15)

Nettobijdragen van de suikersector (75 %)

Netto douanerechten (75 %)

Totaal netto traditionele eigen middelen (75 %)

Inningskosten (25 % van bruto TEM) (p.m.)

Eigen middelen uit de btw

Bni-middelen

Correctie voor het Verenigd Koninkrijk

Totaal nationale bijdragen

Aandeel (%) in totaal „nationale bijdragen”

 

(1)

(2)

(3)= (1) + (2)

(4)

(5)

(6)

(7)

(8) = (5) + (6) + (7)

(9)

(10) = (3) + (8)

België

6 600 000

1 585 000 000

1 591 600 000

530 533 333

502 682 400

3 010 719 673

263 826 803

3 777 228 876

3,16

5 368 828 876

Bulgarije

400 000

53 700 000

54 100 000

18 033 333

61 801 500

312 477 642

27 382 150

401 661 292

0,34

455 761 292

Tsjechië

3 400 000

173 400 000

176 800 000

58 933 333

193 725 600

1 076 134 033

94 300 710

1 364 160 343

1,14

1 540 960 343

Denemarken

3 400 000

295 900 000

299 300 000

99 766 667

306 034 800

1 990 789 973

174 451 231

2 471 276 004

2,07

2 770 576 004

Duitsland

26 300 000

3 386 600 000

3 412 900 000

1 137 633 332

3 715 233 900

21 431 868 872

326 429 505

25 473 532 277

21,30

28 886 432 277

Estland

0

23 700 000

23 700 000

7 900 000

26 175 600

138 834 491

12 165 948

177 176 039

0,15

200 876 039

Ierland

0

213 300 000

213 300 000

71 100 000

196 179 300

1 043 565 015

91 446 714

1 331 191 029

1,11

1 544 491 029

Griekenland

1 400 000

114 600 000

116 000 000

38 666 667

195 036 000

1 366 918 338

119 781 891

1 681 736 229

1,41

1 797 736 229

Spanje

4 700 000

1 030 900 000

1 035 600 000

345 200 000

1 368 488 400

7 924 216 332

694 392 334

9 987 097 066

8,35

11 022 697 066

Frankrijk

30 900 000

1 468 900 000

1 499 800 000

499 933 333

2 904 321 600

16 279 396 602

1 426 549 672

20 610 267 874

17,23

22 110 067 874

Kroatië

1 700 000

35 500 000

37 200 000

12 400 000

65 823 600

330 689 434

28 978 034

425 491 068

0,36

462 691 068

Italië

4 700 000

1 498 800 000

1 503 500 000

501 166 667

1 970 415 300

12 072 471 065

1 057 900 367

15 100 786 732

12,62

16 604 286 732

Cyprus

0

16 000 000

16 000 000

5 333 333

23 208 000

116 594 054

10 217 038

150 019 092

0,13

166 019 092

Letland

0

22 100 000

22 100 000

7 366 667

24 795 000

187 865 486

16 462 493

229 122 979

0,19

251 222 979

Litouwen

800 000

53 900 000

54 700 000

18 233 334

42 495 600

266 045 748

23 313 363

331 854 711

0,28

386 554 711

Luxemburg

0

12 300 000

12 300 000

4 100 000

51 143 400

256 937 968

22 515 255

330 596 623

0,28

342 896 623

Hongarije

2 000 000

94 500 000

96 500 000

32 166 667

123 098 400

736 275 778

64 519 220

923 893 398

0,77

1 020 393 398

Malta

0

9 600 000

9 600 000

3 200 000

10 218 000

51 333 939

4 498 349

66 050 288

0,06

75 650 288

Nederland

7 300 000

1 938 600 000

1 945 900 000

648 633 333

798 439 500

4 728 245 346

72 016 062

5 598 700 908

4,68

7 544 600 908

Oostenrijk

3 200 000

164 700 000

167 900 000

55 966 667

446 367 600

2 484 353 132

37 839 265

2 968 559 997

2,48

3 136 459 997

Polen

12 800 000

369 400 000

382 200 000

127 400 000

577 318 200

2 968 333 755

260 112 561

3 805 764 516

3,18

4 187 964 516

Portugal

200 000

120 500 000

120 700 000

40 233 334

232 634 400

1 217 687 444

106 704 915

1 557 026 759

1,30

1 677 726 759

Roemenië

1 000 000

106 200 000

107 200 000

35 733 333

163 314 900

1 136 398 660

99 581 648

1 399 295 208

1,17

1 506 495 208

Slovenië

0

66 400 000

66 400 000

22 133 333

52 445 550

263 479 805

23 088 511

339 013 866

0,28

405 413 866

Slowakije

1 400 000

85 500 000

86 900 000

28 966 667

77 911 800

572 512 828

50 168 812

700 593 440

0,59

787 493 440

Finland

800 000

136 600 000

137 400 000

45 800 000

291 653 100

1 557 517 062

136 483 895

1 985 654 057

1,66

2 123 054 057

Zweden

2 600 000

485 100 000

487 700 000

162 566 667

597 138 600

3 428 129 703

52 213 958

4 077 482 261

3,41

4 565 182 261

Verenigd Koninkrijk

9 500 000

2 623 900 000

2 633 400 000

877 800 000

2 864 079 600

14 779 133 610

–5 297 340 704

12 345 872 506

10,33

14 979 272 506

Totaal

125 100 000

16 185 600 000

16 310 700 000

5 436 900 000

17 882 179 650

101 728 925 788

0

119 611 105 438

100,00

135 921 805 438

B.   ALGEMENE STAAT VAN ONTVANGSTEN PER BEGROTINGSONDERDEEL

Titel

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

1

EIGEN MIDDELEN

133 960 184 723

2 967 027 640

135 921 805 438

3

OVERSCHOTTEN, SALDI EN AANPASSINGEN

p.m.

 

p.m.

4

ONTVANGSTEN AFKOMSTIG VAN PERSONEN DIE VERBONDEN ZIJN AAN DE INSTELLINGEN EN ANDERE ORGANEN VAN DE UNIE

1 274 999 230

 

1 274 999 230

5

ONTVANGSTEN VOORTVLOEIENDE UIT DE ADMINISTRATIEVE WERKING VAN DE INSTELLINGEN

53 752 047

 

53 752 047

6

BIJDRAGEN EN TERUGBETALINGEN IN HET KADER VAN OVEREENKOMSTEN EN PROGRAMMA'S VAN DE UNIE

60 000 000

 

60 000 000

7

INTREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND EN BOETEN

123 000 000

1 417 000 000

1 540 000 000

8

OPGENOMEN EN VERSTREKTE LENINGEN

2 477 000

151 000 000

153 477 000

9

DIVERSE ONTVANGSTEN

30 200 000

 

30 200 000

 

TOTAAL-GENERAAL

135 504 613 000

4 535 027 640

139 034 233 715

TITEL 1

EIGEN MIDDELEN

Artikel

Post

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

HOOFDSTUK 1 1

1 1 0

Productieheffingen met betrekking tot het verkoopsseizoen 2005/2006 en vorige seizoenen

p.m.

 

p.m.

1 1 1

Bijdragen in verband met de opslag van suiker

p.m.

 

p.m.

1 1 3

Heffingen op de niet-uitgevoerde productie van C-suiker, C-isoglucose en C-inulinestroop, en van vervangende C-suiker en C-isoglucose

p.m.

 

p.m.

1 1 7

Productieheffing

125 100 000

 

125 100 000

1 1 8

Eenmalige heffing op extra suikerquota en op aanvullende isoglucosequota

p.m.

 

p.m.

1 1 9

Overschotheffing

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 1 1 — TOTAAL

125 100 000

 

125 100 000

HOOFDSTUK 1 2

1 2 0

Douanerechten en overige rechten als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder a), van Besluit 2007/436/EG, Euratom

16 185 600 000

 

16 185 600 000

 

HOOFDSTUK 1 2 — TOTAAL

16 185 600 000

 

16 185 600 000

HOOFDSTUK 1 3

1 3 0

Eigen middelen uit de belasting over de toegevoegde waarde overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder b), van Besluit 2007/436/EG, Euratom

17 882 179 650

 

17 882 179 650

 

HOOFDSTUK 1 3 — TOTAAL

17 882 179 650

 

17 882 179 650

HOOFDSTUK 1 4

1 4 0

Eigen middelen op basis van het bruto nationaal inkomen overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder c) van Besluit 2007/436/EG, Euratom

99 767 305 073

2 967 027 640

101 728 925 788

 

HOOFDSTUK 1 4 — TOTAAL

99 767 305 073

2 967 027 640

101 728 925 788

HOOFDSTUK 1 5

1 5 0

Correctie van de begrotingsonevenwichtigheden, welke aan het Verenigd Koninkrijk wordt toegekend overeenkomstig de artikelen 4 en 5 van Besluit 2007/436/EG, Euratom

0,—

 

0,—

 

HOOFDSTUK 1 5 — TOTAAL

0,—

 

0,—

HOOFDSTUK 1 6

1 6 0

Aan Nederland en Zweden toegekende brutovermindering van de jaarlijkse bni-bijdrage overeenkomstig artikel 2, lid 5, van Besluit 2007/436/EG, Euratom

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 1 6 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

 

Titel 1 — Totaal

133 960 184 723

2 967 027 640

135 921 805 438

HOOFDSTUK 1 1 —

BIJDRAGEN EN ANDERE HEFFINGEN VASTGESTELD IN HET KADER VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE ORDENING DER MARKTEN IN DE SECTOR SUIKER (ARTIKEL 2, LID 1, ONDER A), VAN BESLUIT 2007/436/EG, EURATOM)

HOOFDSTUK 1 2 —

DOUANERECHTEN EN OVERIGE RECHTEN ALS BEDOELD IN ARTIKEL 2, LID 1, ONDER A), VAN BESLUIT 2007/436/EG, EURATOM

HOOFDSTUK 1 3 —

EIGEN MIDDELEN UIT DE BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 2, LID 1, ONDER B), VAN BESLUIT 2007/436/EG, EURATOM

HOOFDSTUK 1 4 —

EIGEN MIDDELEN OP BASIS VAN HET BRUTO NATIONAAL INKOMEN OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 2, LID 1, ONDER C), VAN BESLUIT 2007/436/EG, EURATOM

HOOFDSTUK 1 5 —

CORRECTIE VAN DE BEGROTINGSONEVENWICHTIGHEDEN

HOOFDSTUK 1 6 —

AAN NEDERLAND EN ZWEDEN TOEGEKENDE BRUTOVERMINDERING VAN DE JAARLIJKSE BNI-BIJDRAGE

HOOFDSTUK 1 4 —   EIGEN MIDDELEN OP BASIS VAN HET BRUTO NATIONAAL INKOMEN OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 2, LID 1, ONDER C), VAN BESLUIT 2007/436/EG, EURATOM

1 4 0
Eigen middelen op basis van het bruto nationaal inkomen overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder c) van Besluit 2007/436/EG, Euratom

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

99 767 305 073

2 967 027 640

101 728 925 788

Toelichting

De bni-middelenbron is een „aanvullende” bron van eigen middelen, die de ontvangsten verschaft welke in een begrotingsjaar nodig zijn ter dekking van uitgaven die uitstijgen boven het bedrag aan traditionele eigen middelen, btw-afdrachten en andere ontvangsten. Deze middelenbron zorgt er met andere woorden voor dat de algemene begroting van de Unie altijd in evenwicht is ex ante.

Het bni-afroepingspercentage is afhankelijk van hoeveel aanvullende middelen er nodig zijn ter financiering van de gebudgetteerde uitgaven die niet gedekt worden door de andere middelen (btw-afdrachten, traditionele eigen middelen en overige ontvangsten). Het afroepingspercentage wordt toegepast op het bruto nationaal inkomen van elk van de lidstaten.

Het voor dit begrotingsjaar op het bruto nationaal inkomen van de lidstaten toe te passen percentage bedraagt 0,7536 %.

Rechtsgronden

Besluit 2007/436/EG, Euratom van de Raad van 7 juni 2007 betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 163 van 23.6.2007, blz. 17), met name artikel 2, lid 1, onder c).

Lidstaat

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

België

2 952 664 503

58 055 170

3 010 719 673

Bulgarije

306 452 191

6 025 451

312 477 642

Tsjechië

1 055 383 132

20 750 901

1 076 134 033

Denemarken

1 952 401 925

38 388 048

1 990 789 973

Duitsland

21 018 601 971

413 266 901

21 431 868 872

Estland

136 157 370

2 677 121

138 834 491

Ierland

1 023 442 137

20 122 878

1 043 565 015

Griekenland

1 340 560 296

26 358 042

1 366 918 338

Spanje

7 771 415 083

152 801 249

7 924 216 332

Frankrijk

15 965 483 903

313 912 699

16 279 396 602

Kroatië

324 312 809

6 376 625

330 689 434

Italië

11 839 679 761

232 791 304

12 072 471 065

Cyprus

114 345 792

2 248 262

116 594 054

Letland

184 242 909

3 622 577

187 865 486

Litouwen

260 915 635

5 130 113

266 045 748

Luxemburg

251 983 479

4 954 489

256 937 968

Hongarije

722 078 304

14 197 474

736 275 778

Malta

50 344 075

989 864

51 333 939

Nederland

4 637 071 435

91 173 911

4 728 245 346

Oostenrijk

2 436 447 794

47 905 338

2 484 353 132

Polen

2 911 095 906

57 237 849

2 968 333 755

Portugal

1 194 206 994

23 480 450

1 217 687 444

Roemenië

1 114 485 688

21 912 972

1 136 398 660

Slovenië

258 399 171

5 080 634

263 479 805

Slowakije

561 473 165

11 039 663

572 512 828

Finland

1 527 483 739

30 033 323

1 557 517 062

Zweden

3 362 025 690

66 104 013

3 428 129 703

Verenigd Koninkrijk

14 494 150 216

284 983 394

14 779 133 610

Totaal van artikel 1 4 0

99 767 305 073

1 961 620 715

101 728 925 788

TITEL 7

INTREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND EN BOETEN

Artikel

Post

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

HOOFDSTUK 7 0

7 0 0

Intrest voor betalingsachterstand

7 0 0 0

Invorderbare rente wegens te late overmakingen op de rekeningen bij de schatkisten van de lidstaten

5 000 000

 

5 000 000

7 0 0 1

Overige intrest voor betalingsachterstand

3 000 000

 

3 000 000

 

Artikel 7 0 0 — Totaal

8 000 000

 

8 000 000

7 0 1

Intrest voor betalingsachterstand en andere rente op boeten

15 000 000

9 000 000

24 000 000

 

HOOFDSTUK 7 0 — TOTAAL

23 000 000

9 000 000

32 000 000

HOOFDSTUK 7 1

7 1 0

Geldboeten, dwangsommen en andere sancties

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

7 1 1

Bijdragen voor overtollige emissies van nieuwe personenauto’s

p.m.

 

p.m.

7 1 2

Aan de lidstaten opgelegde dwangsommen en forfaitaire bedragen wegens niet-nakoming van een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie waarin wordt vastgesteld dat een lidstaat een krachtens het Verdrag op hem rustende verplichting niet is nagekomen

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 7 1 — TOTAAL

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

HOOFDSTUK 7 2

7 2 0

Rente op deposito's en boeten

7 2 0 0

Rente op deposito's en boeten die voortvloeien uit de tenuitvoerlegging van de procedure bij buitensporige tekorten — Bestemmingsontvangsten

p.m.

 

p.m.

 

Artikel 7 2 0 — Totaal

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 7 2 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

 

Titel 7 — Totaal

123 000 000

1 417 000 000

1 540 000 000

HOOFDSTUK 7 0 —

INTREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND

HOOFDSTUK 7 1 —

GELDBOETEN

HOOFDSTUK 7 2 —

RENTE OP DEPOSITO'S EN BOETEN

HOOFDSTUK 7 0 —   INTREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND

7 0 1
Intrest voor betalingsachterstand en andere rente op boeten

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

15 000 000

9 000 000

24 000 000

Toelichting

Op deze post worden de uitstaande rente op bijzondere rekeningen voor boeten en de intrest voor betalingsachterstand in verband met deze boeten geboekt.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1), met name de artikelen 14 en 15.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1), met name artikel 78, lid 4.

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1), met name artikel 83.

HOOFDSTUK 7 1 —   GELDBOETEN

7 1 0
Geldboeten, dwangsommen en andere sancties

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

Toelichting

De Commissie kan boeten, dwangsommen en andere sancties opleggen aan ondernemingen en ondernemersverenigingen bij niet-nakoming van een verbod of niet-uitvoering van verplichtingen in het kader van de hierna vermelde verordeningen of van de artikelen 101 en 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

De boeten moeten in de regel worden betaald binnen drie maanden na de kennisgeving van het besluit van de Commissie. De Commissie int het verschuldigde bedrag echter niet wanneer een onderneming in beroep gaat bij het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen; de onderneming moet aanvaarden dat rente verschuldigd zal zijn na de uiterste datum voor betaling en de Commissie uiterlijk op de uiterste datum voor betaling een bankgarantie verstrekken die de hoofdsom van de schuld en rente of kosten dekt.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1), met name de artikelen 14 en 15.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1).

TITEL 8

OPGENOMEN EN VERSTREKTE LENINGEN

Artikel

Post

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

HOOFDSTUK 8 0

8 0 0

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Unieleningen ter ondersteuning van betalingsbalansen

p.m.

 

p.m.

8 0 1

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Euratom-leningen

p.m.

 

p.m.

8 0 2

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Unieleningen voor financiële bijstand in het kader van het Europees financieel stabilisatiemechanisme

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 0 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 1

8 1 0

Aflossingen op en renteopbrengst van in het kader van de financiële samenwerking met derde landen van het Middellandse Zeegebied verstrekte speciale leningen en risicodragend kapitaal

p.m.

151 000 000

151 000 000

8 1 3

Aflossingen op en renteopbrengst van door de Commissie in het kader van European Union Investment Partners aan de ontwikkelingslanden in het Middellandse Zeegebied en Zuid-Afrika verstrekte leningen en risicodragend kapitaal

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 1 — TOTAAL

p.m.

151 000 000

151 000 000

HOOFDSTUK 8 2

8 2 7

Garantie van de Europese Unie voor de leningprogramma's van de Unie om macrofinanciële bijstand te verlenen aan derde landen

p.m.

 

p.m.

8 2 8

Garantie van de Europese Unie voor de door Euratom opgenomen leningen voor de verbetering van de efficiëntie en de veiligheid van kerncentrales in de landen van Midden- en Oost-Europa, alsmede in het Gemenebest van onafhankelijke staten

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 2 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 3

8 3 5

Garantie van de Europese Unie voor door de Europese Investeringsbank aan derde landen verstrekte leningen

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 3 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 5

8 5 0

Door het Europees Investeringsfonds uitgekeerde dividenden

2 477 000

 

2 477 000

 

HOOFDSTUK 8 5 — TOTAAL

2 477 000

 

2 477 000

 

Titel 8 — Totaal

2 477 000

151 000 000

153 477 000

HOOFDSTUK 8 0 —

ONTVANGSTEN MET BETREKKING TOT DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR IN DE LIDSTATEN OPGENOMEN EN VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 1 —

DOOR DE COMMISSIE VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 2 —

ONTVANGSTEN MET BETREKKING TOT DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR LENINGEN OPGENOMEN DOOR EN VERSTREKT AAN DERDE LANDEN

HOOFDSTUK 8 3 —

ONTVANGSTEN MET BETREKKING TOT DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR DE IN DERDE LANDEN DOOR FINANCIËLE INSTELLINGEN VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 5 —

OPBRENGSTEN VAN PARTICIPATIES IN GARANTIE-INSTELLINGEN

HOOFDSTUK 8 1 —   DOOR DE COMMISSIE VERSTREKTE LENINGEN

8 1 0
Aflossingen op en renteopbrengst van in het kader van de financiële samenwerking met derde landen van het Middellandse Zeegebied verstrekte speciale leningen en risicodragend kapitaal

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

p.m.

151 000 000

151 000 000

Toelichting

Onder dit artikel worden de aflossingen op en de renteopbrengst geboekt van speciale leningen en risicodragend kapitaal die uit de kredieten van de hoofdstukken 21 03 en 22 02 van de staat van uitgaven van afdeling III „Commissie” zijn verstrekt aan derde landen van het Middellandse Zeegebied.

Op deze post kunnen overeenkomstig artikel 21 van het Financieel Reglement de bestemmingsontvangsten worden geboekt die aanleiding geven tot de opvoering van extra kredieten ter financiering van de uitgaven waarvoor deze ontvangsten zijn bestemd.

Het bevat ook de aflossingen op en de renteopbrengst van speciale leningen en risicodragend kapitaal verstrekt aan sommige lidstaten in het Middellandse Zeegebied, maar dit maakt slechts een zeer klein gedeelte van het totale bedrag uit. De leningen dateren van toen de betrokken landen nog geen lid van de Unie waren.

De werkelijke ontvangsten overtreffen gewoonlijk de begrotingsramingen, in verband met de uitkering in het voorgaande begrotingsjaar alsmede in het lopende begrotingsjaar van speciale leningen en risicodragend kapitaal waarover rente moet worden betaald. De rente op speciale leningen en risicodragend kapitaal loopt vanaf het ogenblik van uitkering; in het eerste geval wordt deze halfjaarlijks betaald, in het tweede geval doorgaans jaarlijks.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 1638/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 2006 houdende algemene bepalingen tot invoering van een Europees nabuurschaps- en partnerschapsinstrument (PB L 310 van 9.11.2006, blz. 1).

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euraom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1), en met name artikel 21.

Verordening (EU) nr. 231/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van het Instrument voor pretoetredingssteun (IPA II) (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 11).

Verordening (EU) nr. 232/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van het Instrument voor Europees nabuurschap (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 27).

AFDELING III

COMMISSIE

ONTVANGSTEN

TITEL 7

INTEREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND EN BOETEN

Artikel

Post

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

HOOFDSTUK 7 0

7 0 0

Interest voor betalingsachterstand

7 0 0 0

Invorderbare rente wegens te late overmakingen op de rekeningen bij de Schatkisten van de lidstaten

5 000 000

 

5 000 000

7 0 0 1

Overige interest voor betalingsachterstand

3 000 000

 

3 000 000

 

Artikel 7 0 0 — Totaal

8 000 000

 

8 000 000

7 0 1

Interest voor betalingsachterstand en overige rente op boeten

15 000 000

9 000 000

24 000 000

 

HOOFDSTUK 7 0 — TOTAAL

23 000 000

9 000 000

32 000 000

HOOFDSTUK 7 1

7 1 0

Geldboeten, dwangsommen en andere sancties

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

7 1 1

Bijdragen voor overtollige emissies van nieuwe personenauto's

p.m.

 

p.m.

7 1 2

Aan de lidstaten opgelegde dwangsommen en forfaitaire bedragen wegens niet-nakoming van een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie waarin wordt vastgesteld dat een lidstaat de krachtens het Verdrag op hem rustende verplichtingen niet is nagekomen

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 7 1 — TOTAAL

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

HOOFDSTUK 7 2

7 2 0

Rente op deposito's en boeten

7 2 0 0

Rente op deposito's en boeten die voortvloeien uit de tenuitvoerlegging van de procedure bij buitensporige tekorten — Bestemmingsontvangsten

p.m.

 

p.m.

 

Artikel 7 2 0 — Totaal

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 7 2 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

 

Titel 7 — Totaal

123 000 000

1 417 000 000

1 540 000 000

HOOFDSTUK 7 0 —

INTEREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND

HOOFDSTUK 7 1 —

GELDBOETEN

HOOFDSTUK 7 2 —

RENTE OP DEPOSITO'S EN BOETEN

HOOFDSTUK 7 0 —   INTEREST VOOR BETALINGSACHTERSTAND

7 0 1
Interest voor betalingsachterstand en overige rente op boeten

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

15 000 000

9 000 000

24 000 000

Toelichting

Onder dit artikel worden de uitstaande rente op bijzondere bankrekeningen voor boeten en de interest voor betalingsachterstand in verband met deze boeten geboekt.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1), met name de artikelen 14 en 15.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1), met name artikel 78, lid 4.

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1), met name artikel 83.

HOOFDSTUK 7 1 —   GELDBOETEN

7 1 0
Geldboeten, dwangsommen en andere sancties

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

100 000 000

1 408 000 000

1 508 000 000

Toelichting

De Commissie kan geldboeten, dwangsommen en andere sancties opleggen aan ondernemingen en ondenemingsverenigingen bij niet-nakoming van een verbod of niet-uitvoering van verplichtingen in het kader van de hierna opgesomde verordeningen of in het kader van de artikelen 101 en 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Normaal gesproken moeten de geldboeten worden betaald binnen de drie maanden volgend op de kennisgeving van het besluit van de Commissie. De Commissie zal het bedrag evenwel niet innen wanneer de onderneming een beroep heeft ingesteld bij het Hof van Justitie van de Europese Unie; de onderneming moet aanvaarden dat na de uiterste betalingstermijn rente verschuldigd is op de schuld en dat uiterlijk op die datum aan de Commissie een bankgarantie wordt verstrekt ten belope van het hoofdbedrag en de renten of vermeerderingen.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad van 16 december 2002 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad van 20 januari 2004 betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1), met name de artikelen 14 en 15.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1).

TITEL 8

OPGENOMEN EN VERSTREKTE LENINGEN

Artikel

Post

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

HOOFDSTUK 8 0

8 0 0

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Unieleningen ter ondersteuning van betalingsbalansen

p.m.

 

p.m.

8 0 1

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Euratom-leningen

p.m.

 

p.m.

8 0 2

Garantie van de Europese Unie voor opgenomen Unieleningen voor financiële bijstand op grond van het Europees financieel stabilisatiemechanisme

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 0 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 1

8 1 0

Aflossingen op en renteopbrengst van in het kader van de financiële samenwerking met derde landen van het Middellandse Zeegebied verstrekte speciale leningen en risicodragend kapitaal

p.m.

151 000 000

151 000 000

8 1 3

Aflossingen op en renteopbrengst van door de Commissie in het kader van European Community Investment Partners aan de ontwikkelingslanden in het Middellandse Zeegebied en Zuid-Afrika verstrekte leningen en risicodragend kapitaal

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 1 — TOTAAL

p.m.

151 000 000

151 000 000

HOOFDSTUK 8 2

8 2 7

Garantie van de Europese Unie voor de leningprogramma's van de Unie om macrofinanciële bijstand te verlenen aan derde landen

p.m.

 

p.m.

8 2 8

Garantie voor de door Euratom opgenomen leningen voor de verbetering van de efficiëntie en de veiligheid van kerncentrales in de landen van Midden- en Oost-Europa, alsmede in het Gemenebest van onafhankelijke staten

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 2 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 3

8 3 5

Garantie van de Europese Unie voor door de Europese Investeringsbank aan derde landen verstrekte leningen

p.m.

 

p.m.

 

HOOFDSTUK 8 3 — TOTAAL

p.m.

 

p.m.

HOOFDSTUK 8 5

8 5 0

Door het Europees Investeringsfonds uitgekeerde dividenden

2 477 000

 

2 477 000

 

HOOFDSTUK 8 5 — TOTAAL

2 477 000

 

2 477 000

 

Titel 8 — Totaal

2 477 000

151 000 000

153 477 000

HOOFDSTUK 8 0 —

ONTVANGSTEN MET BETREKKING TOT DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR IN DE LIDSTATEN OPGENOMEN EN VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 1 —

DOOR DE COMMISSIE VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 2 —

ONTVANGSTEN AFKOMSTIG VAN DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR LENINGEN OPGENOMEN DOOR EN VERSTREKT AAN DERDE LANDEN

HOOFDSTUK 8 3 —

ONTVANGSTEN MET BETREKKING TOT DE GARANTIE VAN DE EUROPESE UNIE VOOR DE IN DERDE LANDEN DOOR FINANCIËLE INSTELLINGEN VERSTREKTE LENINGEN

HOOFDSTUK 8 5 —

OPBRENGSTEN VAN PARTICIPATIES IN GARANTIE-INSTELLINGEN

HOOFDSTUK 8 1 —   DOOR DE COMMISSIE VERSTREKTE LENINGEN

8 1 0
Aflossingen op en renteopbrengst van in het kader van de financiële samenwerking met derde landen van het Middellandse Zeegebied verstrekte speciale leningen en risicodragend kapitaal

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

p.m.

151 000 000

151 000 000

Toelichting

Op dit artikel worden de aflossingen op en de renteopbrengst geboekt van speciale leningen en risicodragend kapitaal die uit de kredieten van de hoofdstukken 21 03 en 22 02 van de staat van uitgaven van deze afdeling zijn verstrekt aan derde landen van het Middellandse Zeegebied.

Op dit artikel kunnen overeenkomstig artikel 21 van het Financieel Reglement de bestemmingsontvangsten worden geboekt die aanleiding geven tot de opvoering van extra kredieten ter financiering van de uitgaven waarvoor deze ontvangsten zijn bestemd.

Het omvat ook aflossingen op en renteopbrengst van speciale leningen en risicodragend kapitaal aan bepaalde lidstaten uit het Middellandse Zeegebied, die een zeer klein gedeelte van het totaalbedrag vertegenwoordigen. Deze leningen/dit risicokapitaal werd(en) verstrekt op het ogenblik dat de landen nog niet tot de Unie waren toegetreden.

De werkelijke ontvangsten overtreffen gewoonlijk de begrotingsramingen, in verband met de uitkering in het voorgaande begrotingsjaar alsmede in het lopende begrotingsjaar van speciale leningen en risicodragend kapitaal waarover rente moet worden betaald. De rente op speciale leningen en risicodragend kapitaal loopt vanaf het ogenblik van uitkering; in het eerste geval wordt deze halfjaarlijks betaald, in het tweede geval doorgaans jaarlijks.

Rechtsgronden

Voor de rechtsgrond, zie de toelichting bij hoofdstukken 21 03 en 22 02 van de staat van uitgaven van deze afdeling.

Referentiebesluiten

Verordening (EU) nr. 232/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van het Instrument voor Europees nabuurschap (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 27).

Verordening (EU) nr. 231/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 tot vaststelling van het Instrument voor pretoetredingssteun (IPA II) (PB L 77 van 15.3.2014, blz. 11).

UITGAVEN

Titel

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

01

ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN

253 024 228

337 966 113

–11 162

–16 971 162

253 013 066

320 994 951

Reserves (40 02 41)

2 000 000

2 000 000

 

 

2 000 000

2 000 000

 

255 024 228

339 966 113

–11 162

–16 971 162

255 013 066

322 994 951

02

ONDERNEMINGEN EN INDUSTRIE

2 515 125 797

2 083 893 666

–11 387

74 528 739

2 515 114 410

2 158 422 405

03

CONCURRENTIE

94 462 975

94 462 975

–13 238

–13 238

94 449 737

94 449 737

04

WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE

13 839 025 490

11 621 742 555

–10 332

– 331 075 108

13 839 015 158

11 290 667 447

05

LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING

58 046 850 675

55 635 020 579

–16 873

–27 938 596

58 046 833 802

55 607 081 983

06

MOBILITEIT EN VERVOER

2 867 191 650

1 003 428 934

–7 078

–7 078

2 867 184 572

1 003 421 856

07

MILIEU

407 281 956

345 558 517

–7 995

348 057

407 273 961

345 906 574

08

ONDERZOEK EN INNOVATIE

6 198 703 944

4 091 136 052

–1 453

– 490 632

6 198 702 491

4 090 645 420

09

COMMUNICATIENETWERKEN, INHOUD EN TECHNOLOGIE

1 637 399 923

961 129 100

–6 593

104 109 720

1 637 393 330

1 065 238 820

10

EIGEN ONDERZOEK

419 601 970

414 982 955

 

 

419 601 970

414 982 955

11

MARITIEME ZAKEN EN VISSERIJ

950 774 942

667 482 286

–1 588 919

67 951 207

949 186 023

735 433 493

Reserves (40 02 41)

115 342 000

112 342 000

–69 567 000

–69 567 000

115 342 000

42 775 000

 

1 066 116 942

779 824 286

–71 155 919

–1 615 793

1 064 528 023

778 208 493

12

INTERNE MARKT EN DIENSTEN

116 900 978

117 126 978

–8 808

–1 998 611

116 892 170

115 128 367

13

REGIONAAL BELEID EN STADSONTWIKKELING

33 073 259 166

40 223 363 359

–10 072

2 794 259 758

33 073 249 094

43 017 623 117

14

BELASTINGEN EN DOUANE-UNIE

157 048 298

122 369 692

–7 718

9 992 282

157 040 580

132 361 974

15

ONDERWIJS EN CULTUUR

2 820 024 822

2 241 707 412

–8 601

178 972 015

2 820 016 221

2 420 679 427

16

COMMUNICATIE

246 356 400

244 896 374

–11 041

5 488 959

246 345 359

250 385 333

17

GEZONDHEID EN CONSUMENTENBESCHERMING

618 166 222

566 799 722

–13 273

–11 065 191

618 152 949

555 734 531

18

BINNENLANDSE ZAKEN

1 201 391 889

762 599 931

–4 465

2 744 535

1 201 387 424

765 344 466

19

INSTRUMENTEN VOOR HET BUITENLANDS BELEID

732 732 818

463 169 988

–1 368

54 364 467

732 731 450

517 534 455

20

HANDEL

121 107 855

115 403 729

–8 237

2 173 572

121 099 618

117 577 301

21

ONTWIKKELING EN SAMENWERKING

5 083 850 744

3 658 319 989

–12 564

336 507 436

5 083 838 180

3 994 827 425

22

UITBREIDING

1 519 908 038

903 886 742

–3 686

44 996 314

1 519 904 352

948 883 056

23

HUMANITAIRE HULP EN CIVIELE BESCHERMING

1 006 464 161

850 884 342

–3 565

255 647 335

1 006 460 596

1 106 531 677

24

FRAUDEBESTRIJDING

78 230 900

74 910 993

–10 000

1 613 362

78 220 900

76 524 355

25

BELEIDSCOÖRDINATIE EN JURIDISCH ADVIES VAN DE COMMISSIE

194 113 789

194 836 589

–24 280

–24 280

194 089 509

194 812 309

26

ADMINISTRATIE VAN DE COMMISSIE

1 001 465 044

991 092 001

–52 824

9 697 176

1 001 412 220

1 000 789 177

27

BEGROTING

95 786 613

95 786 613

–7 043

–7 043

95 779 570

95 779 570

28

AUDIT

11 633 979

11 633 979

–1 713

–1 713

11 632 266

11 632 266

29

STATISTIEK

131 894 632

152 072 858

–10 903

–21 177 712

131 883 729

130 895 146

30

PENSIOENEN EN DAARMEE SAMENHANGENDE UITGAVEN

1 449 531 000

1 449 531 000

 

 

1 449 531 000

1 449 531 000

31

TALENDIENSTEN

387 659 143

387 659 143

–54 338

–54 338

387 604 805

387 604 805

32

ENERGIE

933 452 862

588 030 260

–8 220

64 991 780

933 444 642

653 022 040

33

JUSTITIE

203 414 816

193 026 816

–5 711

–7 183 411

203 409 105

185 843 405

34

KLIMAATACTIE

121 471 119

42 711 025

–2 440

8 825 949

121 468 679

51 536 974

40

RESERVES

573 523 000

264 342 000

 

–69 567 000

573 523 000

194 775 000

 

Totaal

139 108 831 838

131 972 965 267

–1 945 900

3 529 637 550

139 106 885 938

135 502 602 817

Waarvan reserves (40 02 41)

117 342 000

114 342 000

–69 567 000

–69 567 000

117 342 000

44 775 000

TITEL XX

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR BELEIDSTERREINEN

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

XX 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR BELEIDSTERREINEN

XX 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op beleidsterreinen

XX 01 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen in dienst bij de instelling

XX 01 01 01 01

Salarissen en vergoedingen

5,2

1 815 991 000

– 317 000

1 815 674 000

XX 01 01 01 02

Uitgaven en vergoedingen voor aanwerving, overplaatsing en beëindiging van de dienst

5,2

14 398 000

 

14 398 000

XX 01 01 01 03

Salarisaanpassingen

5,2

p.m.

 

p.m.

 

Subtotaal

 

1 830 389 000

– 317 000

1 830 072 000

XX 01 01 02

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen van de Commissie die werkzaam zijn in de delegaties van de Unie

XX 01 01 02 01

Salarissen en vergoedingen

5,2

107 033 000

 

107 033 000

XX 01 01 02 02

Uitgaven en vergoedingen voor aanwerving, overplaatsing en beëindiging van de dienst

5,2

7 506 000

 

7 506 000

XX 01 01 02 03

Eventuele salarisaanpassingen

5,2

p.m.

 

p.m.

 

Subtotaal

 

114 539 000

 

114 539 000

 

Artikel XX 01 01 — Subtotaal

 

1 944 928 000

– 317 000

1 944 611 000

XX 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven

XX 01 02 01

Aan de instelling verbonden extern personeel

XX 01 02 01 01

Arbeidscontractanten

5,2

62 598 343

 

62 598 343

XX 01 02 01 02

Uitzendkrachten en technisch-administratieve bijstand ter ondersteuning van verschillende activiteiten

5,2

23 545 000

 

23 545 000

XX 01 02 01 03

Tijdelijk bij de instelling gedetacheerde nationale ambtenaren

5,2

38 076 000

 

38 076 000

 

Subtotaal

 

124 219 343

 

124 219 343

XX 01 02 02

Extern personeel van de Commissie in delegaties van de Unie

XX 01 02 02 01

Salarissen van de andere personeelsleden

5,2

8 794 000

 

8 794 000

XX 01 02 02 02

Opleiding van jonge deskundigen en gedetacheerde nationale deskundigen

5,2

1 792 000

 

1 792 000

XX 01 02 02 03

Uitgaven in verband met andere personeelsleden en andere verrichte diensten

5,2

337 000

 

337 000

 

Subtotaal

 

10 923 000

 

10 923 000

XX 01 02 11

Overige beheersuitgaven van de instelling

XX 01 02 11 01

Dienstreizen en representatie

5,2

56 654 546

 

56 654 546

XX 01 02 11 02

Uitgaven voor conferenties, vergaderingen en deskundigengroepen

5,2

26 017 658

 

26 017 658

XX 01 02 11 03

Vergaderingen van comités

5,2

12 215 651

 

12 215 651

XX 01 02 11 04

Studies en adviezen

5,2

6 394 145

 

6 394 145

XX 01 02 11 05

Informatie- en beheerssystemen

5,2

26 974 674

 

26 974 674

XX 01 02 11 06

Bijscholing en managementopleidingen

5,2

12 981 983

 

12 981 983

 

Subtotaal

 

141 238 657

 

141 238 657

XX 01 02 12

Overige beheersuitgaven met betrekking tot personeel van de Commissie in de delegaties van de Unie

XX 01 02 12 01

Dienstreizen, conferenties en representatie

5,2

5 797 000

 

5 797 000

XX 01 02 12 02

Bijscholing voor het personeel van de delegaties

5,2

350 000

 

350 000

 

Subtotaal

 

6 147 000

 

6 147 000

 

Artikel XX 01 02 — Subtotaal

 

282 528 000

 

282 528 000

XX 01 03

Uitgaven voor apparatuur en diensten voor informatie- en communicatietechnologie, en gebouwen

XX 01 03 01

Uitgaven voor apparatuur en diensten voor informatie- en communicatietechnologie van de Commissie

XX 01 03 01 03

Apparatuur voor informatie- en communicatietechnologie

5,2

54 612 000

 

54 612 000

XX 01 03 01 04

Diensten voor informatie- en communicatietechnologie

5,2

63 867 000

 

63 867 000

 

Subtotaal

 

118 479 000

 

118 479 000

XX 01 03 02

Gebouwen en daarmee samenhangende uitgaven met betrekking tot personeel van de Commissie in de delegaties van de Unie

XX 01 03 02 01

Aankoop, huur en daarmee samenhangende uitgaven

5,2

45 057 000

 

45 057 000

XX 01 03 02 02

Materieel, meubilair, leveringen en diensten

5,2

8 741 000

 

8 741 000

 

Subtotaal

 

53 798 000

 

53 798 000

 

Artikel XX 01 03 — Subtotaal

 

172 277 000

 

172 277 000

 

HOOFDSTUK XX 01 — TOTAAL

 

2 399 733 000

– 317 000

2 399 416 000

HOOFDSTUK XX 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR BELEIDSTERREINEN

XX 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op beleidsterreinen

XX 01 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen in dienst bij de instelling

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

XX 01 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen in dienst bij de instelling

XX 01 01 01 01

Salarissen en vergoedingen

5,2

1 815 991 000

– 317 000

1 815 674 000

XX 01 01 01 02

Uitgaven en vergoedingen voor aanwerving, overplaatsing en beëindiging van de dienst

5,2

14 398 000

 

14 398 000

XX 01 01 01 03

Salarisaanpassingen

5,2

p.m.

 

p.m.

 

Post XX 01 01 01 — Totaal

 

1 830 389 000

– 317 000

1 830 072 000

Toelichting

Dit krediet dient ter dekking van de volgende uitgaven ten behoeve van de ambtenaren en de tijdelijke functionarissen die een ambt bekleden dat op de lijst van het aantal ambten voorkomt, met uitzondering van de in derde landen tewerkgestelde personeelsleden:

de salarissen, vergoedingen en aan de salarissen gekoppelde toelagen;

de ongevallen- en ziektekostenverzekering en andere sociale lasten;

de werkloosheidsverzekering voor tijdelijke functionarissen, alsmede betalingen met het oog op de totstandkoming of de handhaving van pensioenrechten in het land van herkomst van tijdelijke functionarissen;

de overige toelagen en vergoedingen;

de vergoedingen aan ambtenaren en tijdelijke functionarissen voor continudienst, ploegendienst of verplichte beschikbaarheid op het werk en/of thuis;

de vergoeding bij ontslag wegens gebleken ongeschiktheid van ambtenaren op proef;

de vergoeding bij opzegging door de instelling van overeenkomsten met tijdelijke functionarissen;

de terugbetaling van de uitgaven voor beveiliging van de woningen van de ambtenaren die werkzaam zijn bij de bureaus van de Unie en de delegaties van de Unie op het grondgebied van de Unie;

de vaste vergoedingen en de vergoedingen volgens uurtarief voor overuren van de ambtenaren van de functiegroep AST, die niet volgens de desbetreffende regeling met vrije tijd konden worden gecompenseerd;

de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de bezoldiging van de ambtenaren en de tijdelijke functionarissen en de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënt op het gedeelte van de emolumenten dat naar een ander land dan dat van de standplaats wordt overgemaakt;

de reiskosten van ambtenaren en tijdelijke functionarissen (en van hun gezinsleden) bij indiensttreding, beëindiging van de dienst of overplaatsing met verandering van standplaats;

de inrichtings- en herinrichtingsvergoedingen voor ambtenaren en tijdelijke functionarissen die bij indiensttreding of bij tewerkstelling in een andere standplaats van woonplaats moeten veranderen, en voor ambtenaren die zich bij de definitieve beëindiging van de dienst in een andere plaats vestigen;

de kosten van verhuizing die verschuldigd zijn aan ambtenaren en tijdelijke functionarissen die bij indiensttreding of bij tewerkstelling in een andere standplaats van woonplaats moeten veranderen, of die zich bij de definitieve beëindiging van de dienst in een andere plaats vestigen;

de dagvergoedingen die verschuldigd zijn aan ambtenaren en tijdelijke functionarissen die aantonen dat zij bij indiensttreding of bij tewerkstelling in een nieuwe standplaats genoodzaakt zijn van woonplaats te veranderen;

de tijdelijke kosten in verband met ambtenaren die vóór de toetreding in een nieuwe lidstaat zijn tewerkgesteld en van wie wordt gevraagd om na de datum van toetreding in dat land in dienst te blijven; voor deze ambtenaren gelden, bij wijze van uitzondering, de financiële en de materiële voorwaarden die vóór de toetreding door de Commissie werden toegepast overeenkomstig bijlage X van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie;

de gevolgen van eventuele aanpassingen van de bezoldigingen waartoe de Raad in de loop van het begrotingsjaar besluit.

De verordening van de Raad houdende aanpassing van de bezoldigingen van de ambtenaren en de andere personeelsleden van alle instellingen van de Unie, met inbegrip van verhogingen en toeslagen, wordt jaarlijks bekendgemaakt in het Publicatieblad (meest recentelijk in PB L 338 van 22.12.2010, blz. 1).

Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 48 900 000 EUR.

Rechtsgronden

Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.

Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

XX 01 01 01 01
Salarissen en vergoedingen

Cijfers

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

1 815 991 000

– 317 000

1 815 674 000

TITEL 01

ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN

Titel

Hoofdstuk

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

01 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN”

83 091 934

83 091 934

–11 162

–11 162

83 080 772

83 080 772

01 02

ECONOMISCHE EN MONETAIRE UNIE

9 000 000

9 000 000

 

 

9 000 000

9 000 000

Reserves (40 02 41)

2 000 000

2 000 000

 

 

2 000 000

2 000 000

 

11 000 000

11 000 000

 

 

11 000 000

11 000 000

01 03

INTERNATIONALE ECONOMISCHE EN FINANCIËLE KWESTIES

118 432 294

110 585 305

 

–28 960 000

118 432 294

81 625 305

01 04

FINANCIËLE VERRICHTINGEN EN INSTRUMENTEN

42 500 000

135 288 874

 

12 000 000

42 500 000

147 288 874

 

Titel 01 — Totaal

253 024 228

337 966 113

–11 162

–16 971 162

253 013 066

320 994 951

Reserves (40 02 41)

2 000 000

2 000 000

 

 

2 000 000

2 000 000

 

255 024 228

339 966 113

–11 162

–16 971 162

255 013 066

322 994 951

HOOFDSTUK 01 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN”

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

01 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN”

01 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Economische en Financiële Zaken”

5,2

64 450 317

–11 162

64 439 155

01 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven op het beleidsterrein „Economische en Financiële Zaken”

01 01 02 01

Extern personeel

5,2

6 403 755

 

6 403 755

01 01 02 11

Overige beheersuitgaven

5,2

7 766 066

 

7 766 066

 

Artikel 01 01 02 — Subtotaal

 

14 169 821

 

14 169 821

01 01 03

Uitgaven in verband met apparatuur en diensten voor informatie- en communicatietechnologie en specifieke uitgaven in het beleidsterrein „Economische en Financiële Zaken”

01 01 03 01

Uitgaven in verband met apparatuur en diensten voor informatie- en communicatietechnologie en specifieke uitgaven in het beleidsterrein „Economische en Financiële Zaken”

5,2

4 171 796

 

4 171 796

01 01 03 04

Uitgaven in verband met specifieke behoeften op het gebied van elektronica, telecommunicatie en informatie

5,2

300 000

 

300 000

 

Artikel 01 01 03 — Subtotaal

 

4 471 796

 

4 471 796

 

Hoofdstuk 01 01 — Totaal

 

83 091 934

–11 162

83 080 772

01 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Economische en Financiële Zaken”

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

64 450 317

–11 162

64 439 155

HOOFDSTUK 01 03 —   INTERNATIONALE ECONOMISCHE EN FINANCIËLE KWESTIES

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

01 03

INTERNATIONALE ECONOMISCHE EN FINANCIËLE KWESTIES

01 03 01

Deelneming in het kapitaal van internationale financiële instellingen

01 03 01 01

Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling — Terbeschikkingstelling van de te storten bedragen van het geplaatste kapitaal

4

 

 

01 03 01 02

Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling — Opvraagbaar gedeelte van het geplaatste kapitaal

4

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 01 03 01 — Subtotaal

 

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 03 02

Macrofinanciële bijstand

4

60 000 000

52 153 011

 

–28 960 000

60 000 000

23 193 011

01 03 03

Garantie van de Europese Unie voor door de Unie opgenomen leningen voor macrofinanciële bijstand aan derde landen

4

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 03 04

Garantie voor de door Euratom opgenomen leningen voor de verbetering van de efficiëntie en veiligheid van kerncentrales in derde landen

4

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 03 05

Garantie van de Europese Unie voor door de Europese Investeringsbank verstrekte leningen en garanties van leningen voor activiteiten in derde landen

4

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 03 06

Voorziening van het Garantiefonds

4

58 432 294

58 432 294

 

 

58 432 294

58 432 294

 

Hoofdstuk 01 03 — Totaal

 

118 432 294

110 585 305

 

–28 960 000

118 432 294

81 625 305

01 03 02
Macrofinanciële bijstand

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

60 000 000

52 153 011

 

–28 960 000

60 000 000

23 193 011

Toelichting

Deze uitzonderlijke bijstand is gericht op verlichting van de financiële problemen van bepaalde derde landen die te kampen hebben met macrofinanciële problemen, namelijk tekorten op de betalingsbalans en/of ernstige budgettaire onevenwichtigheden.

De bijstand houdt direct verband met de uitvoering door de begunstigde landen van maatregelen voor macrofinanciële stabilisering en structurele aanpassing. Doorgaans vormen de maatregelen van de Unie een aanvulling op die van het Internationaal Monetair Fonds, waarbij coördinatie met andere bilaterale donoren plaatsvindt.

Het bestaan van een onafhankelijk nationaal controleorgaan in het ontvangende land is een voorwaarde voor het toekennen van macrofinanciële bijstand.

De Commissie zal de begrotingsautoriteit regelmatig op de hoogte brengen van de macrofinanciële situatie in de begunstigde landen en zal eenmaal per jaar uitvoerig verslag uitbrengen van deze bijstandsverlening.

De kredieten van deze post dienen eveneens ter dekking van financiële steun voor de wederopbouw van de gebieden in Georgië die getroffen zijn door het conflict met Rusland. De acties moeten hoofdzakelijk tot doel hebben de macrofinanciële situatie in het land te stabiliseren. Het totale financiële pakket van de steun werd vastgesteld op een internationale donorconferentie in 2008.

De kredieten van dit artikel zullen ook worden gebruikt ter dekking of tijdelijke voorfinanciering van de kosten die de Unie maakt in het kader van de sluiting en uitvoering van transacties voor het aangaan en verstrekken van leningen in het kader van de macrofinanciële bijstand.

Rechtsgronden

Besluit 2006/880/EG van de Raad van 30 november 2006 tot toekenning van uitzonderlijke financiële bijstand aan Kosovo (PB L 339 van 6.12.2006, blz. 36).

Besluit 2007/860/EG van de Raad van 10 december 2007 tot toekenning van communautaire macrofinanciële bijstand aan Libanon (PB L 337 van 21.12.2007, blz. 111).

Besluit 2009/889/EG van de Raad van 30 november 2009 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan Georgië (PB L 320 van 5.12.2009, blz. 1).

Besluit 2009/890/EG van de Raad van 30 november 2009 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan Armenië (PB L 320 van 5.12.2009, blz. 3).

Besluit nr. 388/2010/EU van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2010 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan Oekraïne (PB L 179 van 14.7.2010, blz. 1).

Besluit nr. 938/2010/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 oktober 2010 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan de Republiek Moldavië (PB L 277 van 21.10.2010, blz. 1).

Besluit nr. 778/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 12 augustus 2013 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan Georgië (PB L 218 van 14.8.2013, blz. 15).

Besluit nr. 1025/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2013 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan de Kirgizische Republiek (PB L 283 van 25.10.2013, blz. 1).

Besluit nr. 1351/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot toekenning van macrofinanciële bijstand aan het Hasjemitisch Koninkrijk Jordanië (PB L 341 van 18.12.2013, blz. 4).

HOOFDSTUK 01 04 —   FINANCIËLE VERRICHTINGEN EN INSTRUMENTEN

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

01 04

FINANCIËLE VERRICHTINGEN EN INSTRUMENTEN

01 04 01

Europees Investeringsfonds

01 04 01 01

Europees Investeringsfonds — Terbeschikkingstelling van de volgestorte bedragen van het geplaatste kapitaal

1,1

42 500 000

42 500 000

 

 

42 500 000

42 500 000

01 04 01 02

Europees Investeringsfonds — Opvraagbaar gedeelte van het geplaatste kapitaal

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 01 04 01 — Subtotaal

 

42 500 000

42 500 000

 

 

42 500 000

42 500 000

01 04 02

Nucleaire veiligheid — Samenwerking met de Europese Investeringsbank

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 04 03

Garantie voor door Euratom opgenomen leningen

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

01 04 51

Voltooiing van programma's voor kleine en middelgrote ondernemingen (kmo) (van voor 2014)

1,1

p.m.

92 788 874

 

12 000 000

p.m.

104 788 874

 

Hoofdstuk 01 04 — Totaal

 

42 500 000

135 288 874

 

12 000 000

42 500 000

147 288 874

01 04 51
Voltooiing van programma's voor kleine en middelgrote ondernemingen (kmo) (van voor 2014)

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

p.m.

92 788 874

 

12 000 000

p.m.

104 788 874

Toelichting

Oude artikelen 01 04 04, 01 04 05 en 01 04 06

Dit krediet dient ter dekking van nog af te wikkelen vastleggingen van voorgaande jaren.

Ofschoon de vastleggingsperiode is afgelopen, moeten de faciliteiten nog enkele jaren worden beheerd, omdat er betalingen zullen moeten worden verricht voor investeringen en om de garantieverplichtingen na te komen. De rapportage- en toezichtsvoorschriften zullen dus doorlopen totdat de faciliteiten ten einde lopen.

Om aan haar verplichtingen te voldoen, kan de Commissie tijdelijk uit haar eigen kasmiddelen zorg dragen voor de schuldendienst. In dat geval is artikel 12 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van Besluit 2007/436/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 130 van 31.5.2000, blz. 1), van toepassing.

Bij de onder dit artikel opgevoerde kredieten komen nog, krachtens de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 82 en Protocol nr. 32 daarbij, de bijdragen van de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Deze bedragen vloeien voort uit de onder artikel 6 3 0 van de staat van ontvangsten geboekte bijdragen van de lidstaten van de EVA, die overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder e) tot en met g), van het Financieel Reglement bestemmingsontvangsten vormen; zij geven aanleiding tot opvoering van de betrokken kredieten en tot uitvoering overeenkomstig de bijlage „Europese Economische Ruimte” van dit deel van de staat van uitgaven van deze afdeling, die een integrerend deel van de algemene begroting uitmaakt.

Eventuele inkomsten uit de bijdragen van kandidaat-lidstaten en, indien van toepassing, de potentiële kandidaten van de westelijke Balkan, voor deelname aan uniale programma's, die worden opgevoerd onder post 6 0 3 1 van de staat van ontvangsten, kunnen aanleiding geven tot het openen van extra kredieten overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder e) tot en met g), van het Financieel Reglement.

Eventuele ontvangsten gerealiseerd op trustrekeningen die onder artikel 5 2 3 van de staat van ontvangsten worden geboekt, geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op dit artikel overeenkomstig het Financieel Reglement.

Rechtsgronden

Besluit 98/347/EG van de Raad van 19 mei 1998 betreffende maatregelen voor financiële bijstand aan innoverende en werkgelegenheid scheppende kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) — Het groei- en werkgelegenheidsinitiatief (PB L 155 van 29.5.1998, blz. 43).

Beschikking 2000/819/EG van de Raad van 20 december 2000 betreffende een meerjarenprogramma voor ondernemingen en ondernemerschap, met name voor het midden- en kleinbedrijf (MKB) (2001-2005) (PB L 333 van 29.12.2000, blz. 84).

Besluit nr. 1776/2005/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 tot wijziging van Beschikking 2000/819/EG van de Raad betreffende een meerjarenprogramma voor ondernemingen en ondernemerschap, met name voor het midden- en kleinbedrijf (MKB) (2001-2005) (PB L 289 van 3.11.2005, blz. 14).

Besluit nr. 1639/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 2006 tot vaststelling van een kaderprogramma voor concurrentievermogen en innovatie (2007-2013) (PB L 310 van 9.11.2006, blz. 15).

TITEL 02

ONDERNEMINGEN EN INDUSTRIE

Titel

Hoofdstuk

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

02 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „ONDERNEMINGEN EN INDUSTRIE”

119 530 259

119 530 259

–11 387

–11 387

119 518 872

119 518 872

02 02

PROGRAMMA VOOR HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN ONDERNEMINGEN EN VOOR KLEINE EN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN (COSME)

247 057 275

114 412 459

 

4 540 126

247 057 275

118 952 585

02 03

INTERNE GOEDERENMARKT EN SECTORAAL BELEID

39 170 000

32 330 554

 

 

39 170 000

32 330 554

02 04

HORIZON 2020 — ONDERZOEK IN VERBAND MET ONDERNEMINGEN

401 518 263

486 556 651

 

 

401 518 263

486 556 651

02 05

EUROPESE PROGRAMMA'S VOOR NAVIGATIE PER SATELLIET (EGNOS EN GALILEO)

1 347 417 000

1 144 387 928

 

70 000 000

1 347 417 000

1 214 387 928

02 06

EUROPEES PROGRAMMA VOOR AARDOBSERVATIE

360 433 000

186 675 815

 

 

360 433 000

186 675 815

 

Titel 02 — Totaal

2 515 125 797

2 083 893 666

–11 387

74 528 739

2 515 114 410

2 158 422 405

HOOFDSTUK 02 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „ONDERNEMINGEN EN INDUSTRIE”

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

02 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „ONDERNEMINGEN EN INDUSTRIE”

02 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

5,2

65 749 316

–11 387

65 737 929

02 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven ter ondersteuning van het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

02 01 02 01

Extern personeel

5,2

5 487 197

 

5 487 197

02 01 02 11

Overige beheersuitgaven

5,2

4 125 657

 

4 125 657

 

Artikel 02 01 02 — Subtotaal

 

9 612 854

 

9 612 854

02 01 03

Uitgaven in verband met uitrusting en diensten voor informatie- en communicatietechnologie op het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

5,2

4 255 878

 

4 255 878

02 01 04

Ondersteunende uitgaven voor operaties en programma's op het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

02 01 04 01

Ondersteunende uitgaven voor het programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme)

1,1

3 675 000

 

3 675 000

02 01 04 02

Ondersteunende uitgaven voor normalisatie en harmonisatie van de wetgevingen

1,1

160 000

 

160 000

02 01 04 03

Ondersteunende uitgaven voor Europese programma’s voor navigatie per satelliet

1,1

3 350 000

 

3 350 000

02 01 04 04

Ondersteunende uitgaven voor het Europees programma voor aardobservatie (Copernicus)

1,1

2 500 000

 

2 500 000

 

Artikel 02 01 04 — Subtotaal

 

9 685 000

 

9 685 000

02 01 05

Ondersteunende uitgaven voor onderzoeks- en innovatieprogramma's op het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

02 01 05 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen die belast zijn met de tenuitvoerlegging van onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

12 347 430

 

12 347 430

02 01 05 02

Extern personeel dat belast is met de tenuitvoerlegging van onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

3 637 467

 

3 637 467

02 01 05 03

Overige beheersuitgaven voor onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

7 217 314

 

7 217 314

 

Artikel 02 01 05 — Subtotaal

 

23 202 211

 

23 202 211

02 01 06

Uitvoerende agentschappen

02 01 06 01

Uitvoerend Agentschap voor kleine en middelgrote ondernemingen — Bijdrage van het programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme)

1,1

7 025 000

 

7 025 000

 

Artikel 02 01 06 — Subtotaal

 

7 025 000

 

7 025 000

 

Hoofdstuk 02 01 — Totaal

 

119 530 259

–11 387

119 518 872

02 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Ondernemingen en industrie”

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

65 749 316

–11 387

65 737 929

HOOFDSTUK 02 02 —   PROGRAMMA VOOR HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN ONDERNEMINGEN EN VOOR KLEINE EN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN (COSME)

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

02 02

PROGRAMMA VOOR HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN ONDERNEMINGEN EN VOOR KLEINE EN MIDDELGROTE ONDERNEMINGEN (COSME)

02 02 01

Ondernemerschap bevorderen en het concurrentievermogen en de toegang tot markten van ondernemingen in de Unie verbeteren

1,1

102 709 687

14 575 804

 

 

102 709 687

14 575 804

02 02 02

Kleine en middelgrote ondernemingen meer toegang geven tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld

1,1

140 657 588

66 664 000

 

4 540 126

140 657 588

71 204 126

02 02 51

Voltooiing van eerdere activiteiten op het gebied concurrentievermogen en ondernemerschap

1,1

p.m.

26 666 655

 

 

p.m.

26 666 655

02 02 77

Proefprojecten en voorbereidende acties

02 02 77 01

Voorbereidende actie — Steun voor kleine en middelgrote ondernemingen in de nieuwe financiële omgeving

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 02

Proefproject — Erasmus voor jonge ondernemers

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 03

Voorbereidende actie — Erasmus voor jonge ondernemers

1,1

p.m.

835 000

 

 

p.m.

835 000

02 02 77 04

Proefproject — Maatregelen op het gebied van de textiel- en schoenensector

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 05

Voorbereidende actie — Europese topbestemmingen

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 06

Voorbereidende actie — Duurzaam toerisme

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 07

Voorbereidende actie — Sociaal toerisme in Europa

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 08

Voorbereidende actie — Bevordering van Europese en transnationale toeristische producten, met bijzondere nadruk op culturele en industriële producten

1,1

2 000 000

2 000 000

 

 

2 000 000

2 000 000

02 02 77 09

Voorbereidende actie — Toerisme en toegankelijkheid voor iedereen

1,1

690 000

1 035 000

 

 

690 000

1 035 000

02 02 77 10

Voorbereidende actie — Euromed innoverende ondernemers voor verandering

1,1

p.m.

1 000 000

 

 

p.m.

1 000 000

02 02 77 11

Proefproject — Vergemakkelijken van de toegang tot verzekeringen voor zelfstandige bouwondernemers en kleine bouwbedrijven, om de innovatie en bevordering van ecotechnologie in de Europese Unie te stimuleren

1,1

p.m.

286 000

 

 

p.m.

286 000

02 02 77 12

Proefproject — Een Europees competentienetwerk voor zeldzame aardelementen

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 13

Proefproject — Ontwikkeling van Europese „creatieve districten”

3

p.m.

350 000

 

 

p.m.

350 000

02 02 77 14

Proefproject — Snelle en doeltreffende inning van openstaande vorderingen ten behoeve van internationaal opererende kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s)

3

p.m.

500 000

 

 

p.m.

500 000

02 02 77 15

Voorbereidende actie — Harmonisatie van processen en normen op het gebied van e-business tussen Europese kleine en middelgrote bedrijven in onderling verbonden industriële sectoren

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

02 02 77 16

Proefproject – Over de toekomst van industriële productie

1,1

1 000 000

500 000

 

 

1 000 000

500 000

 

Artikel 02 02 77 — Subtotaal

 

3 690 000

6 506 000

 

 

3 690 000

6 506 000

 

Hoofdstuk 02 02 — Totaal

 

247 057 275

114 412 459

 

4 540 126

247 057 275

118 952 585

02 02 02
Kleine en middelgrote ondernemingen meer toegang geven tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

140 657 588

66 664 000

 

4 540 126

140 657 588

71 204 126

Toelichting

Nieuw artikel

Dit krediet moet worden gebruikt om de toegang van kleine en middelgrote ondernemingen tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld te verbeteren in hun start-up-, groei- en overdrachtsfase.

Een leninggarantiefaciliteit (LGF) zal tegengaranties, directe garanties en andere risicodelingsregelingen bieden voor a) schuldfinanciering, die de specifieke moeilijkheden moet verminderen waarmee levensvatbare kleine en middelgrote ondernemingen worden geconfronteerd om toegang te krijgen tot financiering, ofwel ten gevolge van het veronderstelde hogere risico of van onvoldoende beschikbaar onderpand en voor b) effectisering van kmo-schuldfinancieringsportefeuilles.

Een eigenvermogensfaciliteit voor groei (equity facility for growth — EFG) moet investeringen mogelijk maken in durfkapitaalfondsen die investeren in kleine en middelgrote ondernemingen in de expansie- en groeifase, met name in die welke grensoverschrijdend werken. De mogelijkheid moet bestaan om te investeren in fondsen voor de allereerste beginfase, in combinatie met de eigenvermogensfaciliteit voor RDI in het kader van Horizon 2020. In gevallen van gezamenlijke investeringen in meerfasefondsen zullen investeringen pro rata uit de EFG van Cosme en de eigenvermogensfaciliteit voor RDI in het kader van Horizon 2020 worden geboden. Steun van de EFG wordt verleend a) rechtstreeks door het Europees Investeringsfonds (EIF) of andere met de tenuitvoerlegging namens de Commissie belaste organisaties, of b) door paraplufondsen of investeringsmechanismen die grensoverschrijdend investeren.

Bij de onder dit artikel opgevoerde kredieten komen nog, krachtens de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 82 en Protocol nr. 32 daarbij, de bijdragen van de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Deze bedragen vloeien voort uit de onder artikel 6 3 0 van de staat van ontvangsten geboekte bijdragen van de EVA-staten, die overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder e), f) en g), van het Financieel Reglement bestemmingsontvangsten vormen; zij geven aanleiding tot opvoering van de betrokken kredieten en tot uitvoering overeenkomstig de bijlage „Europese Economische Ruimte” van dit deel van de staat van uitgaven van deze afdeling, die een integrerend deel van de algemene begroting uitmaakt.

Terugbetalingen van financiële instrumenten overeenkomstig artikel 140, lid 6, van het Financieel Reglement, met inbegrip van terugbetaald kapitaal, vrijgegeven zekerheden en aflossingen van de hoofdsom van de leningen, aan de Commissie en die zijn geboekt op post 6 3 4 1 van de staat van ontvangsten, kunnen aanleiding geven tot het opvoeren van extra kredieten, overeenkomstig artikel 21, lid 3, onder i), van het Financieel Reglement

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1287/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme) (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1639/2006/EG (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 33), en met name artikel 3, lid 1 onder d).

HOOFDSTUK 02 05 —   EUROPESE PROGRAMMA'S VOOR NAVIGATIE PER SATELLIET (EGNOS EN GALILEO)

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

02 05

EUROPESE PROGRAMMA'S VOOR NAVIGATIE PER SATELLIET (EGNOS EN GALILEO)

02 05 01

Ontwikkeling en levering van mondiale satellietnavigatie-infrastructuur en -diensten (Galileo) tegen 2019

1,1

1 097 830 000

667 658 621

 

70 000 000

1 097 830 000

737 658 621

02 05 02

Levering van satellietdiensten die de prestaties van het gps-systeem verbeteren om tegen 2020 geleidelijk de hele regio van de Europese Burgerluchtvaartconferentie (European Civil Aviation Conference — ECAC) te bestrijken (Egnos)

1,1

225 000 000

170 148 008

 

 

225 000 000

170 148 008

02 05 11

Europees GNSS-Agentschap

1,1

24 587 000

24 587 000

 

 

24 587 000

24 587 000

02 05 51

Voltooiing van Europese programma’s voor navigatie per satelliet (Egnos en Galileo)

1,1

p.m.

281 994 299

 

 

p.m.

281 994 299

 

Hoofdstuk 02 05 — Totaal

 

1 347 417 000

1 144 387 928

 

70 000 000

1 347 417 000

1 214 387 928

02 05 01
Ontwikkeling en levering van mondiale satellietnavigatie-infrastructuur en -diensten (Galileo) tegen 2019

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

1 097 830 000

667 658 621

 

70 000 000

1 097 830 000

737 658 621

Toelichting

Nieuw artikel

De bijdrage van de Unie aan de Europese GNSS-programma’s wordt verleend met het oog op financiering van activiteiten in verband met:

de voltooiing van de stationeringsfase van het Galileo-programma, die bestaat in de bouw, de installatie en de bescherming van alle ruimte- en grondinfrastructuren alsmede de voorbereidende activiteiten voor de exploitatiefase, waaronder activiteiten die verband houden met de voorbereiding van dienstverlening;

de exploitatiefase van het Galileo-programma, die bestaat in het beheer, het onderhoud, de permanente verbetering, de ontwikkeling en de bescherming van de ruimte- en grondinfrastructuren, de ontwikkeling van toekomstige generaties van het systeem en de ontwikkeling van de door het systeem verstrekte diensten, certificering en normalisatieoperaties, verstrekking en marketing van de door het systeem verleende diensten en alle andere activiteiten die nodig zijn om te garanderen dat het programma vlot loopt.

Bij de onder dit artikel opgevoerde kredieten komen nog, krachtens de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 82 en Protocol nr. 32 daarbij, de bijdragen van de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Deze bedragen vloeien voort uit de onder artikel 6 3 0 van de staat van ontvangsten geboekte bijdragen van de EVA-staten, die overeenkomstig het bepaalde in artikel 21, lid 2, onder b) en d), van het Financieel Reglement bestemmingsontvangsten vormen; zij geven aanleiding tot opvoering van de betrokken kredieten en tot uitvoering overeenkomstig de bijlage „Europese Economische Ruimte” van dit deel van de staat van uitgaven van deze afdeling, die een integrerend deel van de algemene begroting uitmaakt.

De bijdrage van lidstaten voor specifieke elementen van de programma's kunnen bij de in dit artikel opgevoerde kredieten worden gevoegd.

Rechtsgronden

Verordening (EG) nr. 683/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 betreffende de voortzetting van de uitvoering van de Europese programma’s voor navigatie per satelliet (Egnos en Galileo) (PB L 196 van 24.7.2008, blz. 1).

Verordening (EU) nr. 1285/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 betreffende de uitvoering en exploitatie van de Europese satellietnavigatiesystemen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 876/2002 van de Raad en Verordening (EG) nr. 683/2008 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 347 van 20.12.2006, blz. 1), en met name artikel 2, lid 4.

TITEL 03

CONCURRENTIE

Titel

Hoofdstuk

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

03 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „CONCURRENTIE”

94 462 975

–13 238

94 449 737

 

Titel 03 — Totaal

94 462 975

–13 238

94 449 737

HOOFDSTUK 03 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „CONCURRENTIE”

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

03 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „CONCURRENTIE”

03 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Concurrentie”

5,2

76 441 073

–13 238

76 427 835

03 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven voor het beleidsterrein „Concurrentie”

03 01 02 01

Extern personeel

5,2

5 627 112

 

5 627 112

03 01 02 11

Overige beheersuitgaven

5,2

7 446 847

 

7 446 847

 

Artikel 03 01 02 — Subtotaal

 

13 073 959

 

13 073 959

03 01 03

Uitgaven voor apparatuur en diensten voor informatie- en communicatietechnologie ten behoeve van het beleidsterrein „Concurrentie”

5,2

4 947 943

 

4 947 943

03 01 07

Schadevergoedingsclaims als gevolg van juridische procedures tegen besluiten van de Commissie in concurrentiezaken

5,2

p.m.

 

p.m.

 

Hoofdstuk 03 01 — Totaal

 

94 462 975

–13 238

94 449 737

03 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen op het beleidsterrein „Concurrentie”

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

76 441 073

–13 238

76 427 835

TITEL 04

WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE

Titel

Hoofdstuk

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

04 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE”

91 404 590

91 404 590

–10 332

–10 332

91 394 258

91 394 258

04 02

EUROPEES SOCIAAL FONDS

13 035 200 000

10 920 159 699

 

– 420 000 000

13 035 200 000

10 500 159 699

04 03

WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE

211 140 900

182 998 102

 

–10 064 776

211 140 900

172 933 326

04 04

EUROPEES FONDS VOOR AANPASSING AAN DE GLOBALISERING

p.m.

50 000 000

 

 

p.m.

50 000 000

04 05

INSTRUMENT VOOR PRETOETREDINGSSTEUN — WERKGELEGENHEID, SOCIAAL BELEID EN ONTWIKKELING VAN HET MENSELIJKE POTENTIEEL

p.m.

69 900 164

 

 

p.m.

69 900 164

04 06

FONDS VOOR EUROPESE HULP AAN DE MEEST BEHOEFTIGEN

501 280 000

307 280 000

 

99 000 000

501 280 000

406 280 000

 

Titel 04 — Totaal

13 839 025 490

11 621 742 555

–10 332

– 331 075 108

13 839 015 158

11 290 667 447

HOOFDSTUK 04 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE”

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

04 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN OP HET BELEIDSTERREIN „WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE”

04 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke medewerkers voor het beleidsterrein „Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie”

5,2

59 654 015

–10 332

59 643 683

04 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven voor het beleidsterrein „Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie”

04 01 02 01

Extern personeel

5,2

3 918 717

 

3 918 717

04 01 02 11

Overige beheersuitgaven

5,2

4 670 521

 

4 670 521

 

Artikel 04 01 02 — Subtotaal

 

8 589 238

 

8 589 238

04 01 03

Uitgaven in verband met uitrusting en diensten voor informatie- en communicatietechnologie op het beleidsterrein „Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie”

5,2

3 861 337

 

3 861 337

04 01 04

Ondersteunende uitgaven voor activiteiten en programma's op het beleidsterrein „Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie”

04 01 04 01

Ondersteunende uitgaven voor het Europees Sociaal Fonds en niet-operationele technische bijstand

1,2

15 500 000

 

15 500 000

04 01 04 02

Ondersteunende uitgaven voor het programma Werkgelegenheid en sociale vernieuwing

1,1

3 800 000

 

3 800 000

04 01 04 03

Ondersteunende uitgaven voor het pretoetredingsinstrument — Werkgelegenheid, sociaal beleid en ontwikkeling van menselijke hulpbronnen

4

p.m.

 

p.m.

04 01 04 04

Ondersteunende uitgaven voor het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

9

p.m.

 

p.m.

 

Artikel 04 01 04 — Subtotaal

 

19 300 000

 

19 300 000

 

Hoofdstuk 04 01 — Totaal

 

91 404 590

–10 332

91 394 258

04 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke medewerkers voor het beleidsterrein „Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie”

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

59 654 015

–10 332

59 643 683

HOOFDSTUK 04 02 —   EUROPEES SOCIAAL FONDS

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

04 02

EUROPEES SOCIAAL FONDS

04 02 01

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds (ESF) — Doelstelling 1 (2000-2006)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 02

Voltooiing van het speciale programma voor vrede en verzoening in Noord-Ierland en het grensgebied in Ierland (2000-2006)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 03

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Doelstelling 1 (van vóór 2000)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 04

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Doelstelling 2 (2000-2006)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 05

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Doelstelling 2 (van vóór 2000)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 06

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Doelstelling 3 (2000-2006)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 07

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Doelstelling 3 (van vóór 2000)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 08

Voltooiing van Equal (2000-2006)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 09

Voltooiing van eerdere communautaire initiatieven (van vóór 2000)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 10

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Innovatieve acties en technische bijstand (2000-2006)

1,2

p.m.

 

 

p.m.

04 02 11

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Innovatieve acties en technische bijstand (van vóór 2000)

1,2

 

 

04 02 17

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Convergentie (2007-2013)

1,2

p.m.

6 769 000 000

 

 

p.m.

6 769 000 000

04 02 18

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Peace (2007-2013)

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 02 19

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Regionaal concurrentievermogen en werkgelegenheid (2007-2013)

1,2

p.m.

2 997 183 133

 

 

p.m.

2 997 183 133

04 02 20

Voltooiing van het Europees Sociaal Fonds — Operationele technische bijstand (2007-2013)

1,2

p.m.

6 000 000

 

 

p.m.

6 000 000

04 02 60

Europees Sociaal Fonds — Minder ontwikkelde regio's — Doelstelling investeren in groei en werkgelegenheid

1,2

5 636 300 000

364 000 000

 

 

5 636 300 000

364 000 000

04 02 61

Europees Sociaal Fonds — Overgangsregio's — Doelstelling investeren in groei en werkgelegenheid

1,2

1 832 300 000

108 366 526

 

 

1 832 300 000

108 366 526

04 02 62

Europees Sociaal Fonds — Meer ontwikkelde regio's — Doelstelling investeren in groei en werkgelegenheid

1,2

3 752 500 000

219 610 040

 

 

3 752 500 000

219 610 040

04 02 63

Europees Sociaal Fonds — Operationele technische bijstand

04 02 63 01

Europees Sociaal Fonds — Operationele technische bijstand

1,2

10 000 000

6 000 000

 

 

10 000 000

6 000 000

04 02 63 02

Europees Sociaal Fonds — Op verzoek van een lidstaat door de Commissie beheerde operationele technische bijstand

1,2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 04 02 63 — Subtotaal

 

10 000 000

6 000 000

 

 

10 000 000

6 000 000

04 02 64

Werkgelegenheidsinitiatief voor jongeren

1,2

1 804 100 000

450 000 000

 

– 420 000 000

1 804 100 000

30 000 000

 

Hoofdstuk 04 02 — Totaal

 

13 035 200 000

10 920 159 699

 

– 420 000 000

13 035 200 000

10 500 159 699

Toelichting

In artikel 175 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) is voorzien dat de verwezenlijking van de in artikel 174 aangegeven doelstellingen inzake economische, sociale en territoriale samenhang ondersteund moet worden door het optreden van de Unie via de structuurfondsen, waaronder het ESF. De taken, prioritaire doelstellingen en organisatie van de structuurfondsen worden bepaald overeenkomstig artikel 177 VWEU.

Artikel 80 van het Financieel Reglement voorziet in financiële correcties in geval van uitgaven die in strijd met de geldende wettelijke bepalingen zijn gedaan.

In artikel 39 van Verordening (EG) nr. 1260/1999, de artikelen 100 en 102 van Verordening (EG) nr. 1083/2006 en de artikelen 85, 144 en 145 van Verordening (EU) nr. 1303/2013 betreffende criteria voor financiële correcties door de Commissie zijn specifieke regels vastgelegd voor financiële correcties in verband met het ESF.

Ontvangsten uit op die basis verrichte financiële correcties worden opgenomen in post 6 5 0 0 van de staat van ontvangsten en vormen bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 3, onder c), van het Financieel Reglement.

Artikel 177 van het Financieel Reglement stelt de voorwaarden vast voor gehele of gedeeltelijke terugbetaling van voorfinancieringen betreffende een bepaalde interventie.

In artikel 82 van Verordening (EG) nr. 1083/2006 zijn specifieke regels voor terugbetaling van voorfinanciering vastgelegd die van toepassing zijn op het ESF.

Terugbetaalde voorfinancieringsbedragen vormen interne bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 4, van het Financieel Reglement en worden opgenomen in post 6 1 5 0 of 6 1 5 7.

De maatregelen inzake fraudebestrijding worden gefinancierd met middelen uit artikel 24 02 01.

Rechtsgronden

Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met name de artikelen 174, 175 en 177.

Verordening (EG) nr. 1260/1999 van de Raad van 21 juni 1999 houdende algemene bepalingen inzake de structuurfondsen (PB L 161 van 26.6.1999, blz. 1), met name artikel 39.

Verordening (EG) nr. 1784/1999 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 1999 inzake het Europees Sociaal Fonds (PB L 213 van 13.8.1999, blz. 5).

Verordening (EG) nr. 1081/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2006 betreffende het Europees Sociaal Fonds (PB L 210 van 31.7.2006, blz. 12).

Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad van 11 juli 2006 houdende algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Cohesiefonds en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1260/1999 (PB L 210 van 31.7.2006, blz. 25), met name de artikelen 82, 83, 100 en 102.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1), met name artikel 21, leden 3 en 4, en de artikelen 80 en 177.

Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).

Referentiebesluiten

Conclusies van de Europese Raad van Berlijn van 24 en 25 maart 1999.

Conclusies van de Europese Raad van Brussel van 16 en 17 december 2005.

Conclusies van de Europese Raad van 7 en 8 februari 2013.

04 02 64
Werkgelegenheidsinitiatief voor jongeren

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

1 804 100 000

450 000 000

 

– 420 000 000

1 804 100 000

30 000 000

Toelichting

Nieuw artikel

Dit krediet is bedoeld voor aanvullende steun voor maatregelen ter bestrijding van jeugdwerkloosheid die gefinancierd worden door het ESF. Het vertegenwoordigt de specifieke toewijzing voor het Werkgelegenheidsinitiatief voor jongeren in het kader van de doelstelling „Investeren in groei en werkgelegenheid” in regio's waar de werkloosheid onder jongeren in 2012 meer dan 25 % bedroeg, of voor lidstaten waar het werkloosheidspercentage onder jongeren in 2012is gestegen tot meer dan 30 %. De aanvullende 3 000 000 000 EUR voor dit onderdeel voor de periode 2014-2020 is bedoeld om matchingfinanciering te bieden voor steunverlening van het ESF in dergelijke regio's.

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).

Verordening (EU) nr. 1304/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Sociaal Fonds en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1081/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 470).

HOOFDSTUK 04 03 —   WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

04 03

WERKGELEGENHEID, SOCIALE ZAKEN EN INCLUSIE

04 03 01

Prerogatieven en specifieke bevoegdheden

04 03 01 01

Vooroverleg met vakorganisaties

1,1

425 000

225 000

 

 

425 000

225 000

04 03 01 03

Vrij verkeer van werknemers, coördinatie van de socialezekerheidsstelsels en maatregelen ten behoeve van migranten, met inbegrip van migranten uit niet-lidstaten

1,1

6 400 000

5 000 000

 

 

6 400 000

5 000 000

04 03 01 04

Analyse en studies betreffende de sociale situatie, demografie en gezin

1,1

3 687 000

2 487 000

 

 

3 687 000

2 487 000

04 03 01 05

Voorlichtings- en opleidingsmaatregelen ten behoeve van werknemersorganisaties

1,1

18 600 000

14 675 010

 

 

18 600 000

14 675 010

04 03 01 06

Voorlichting, raadpleging en participatie van de vertegenwoordigers van ondernemingen

1,1

7 250 000

6 146 352

 

 

7 250 000

6 146 352

04 03 01 07

Europees Jaar voor actief ouder worden en solidariteit tussen de generaties (2012)

1,1

p.m.

740 000

 

 

p.m.

740 000

04 03 01 08

Arbeidsverhoudingen en sociale dialoog

1,1

15 935 000

10 320 293

 

 

15 935 000

10 320 293

 

Artikel 04 03 01 — Subtotaal

 

52 297 000

39 593 655

 

 

52 297 000

39 593 655

04 03 02

Programma voor werkgelegenheid en sociale innovatie

04 03 02 01

Progress — Ondersteuning van de ontwikkeling, tenuitvoerlegging, monitoring en evaluatie van het werkgelegenheids- en sociaal beleid van de Unie en van de regelgeving inzake arbeidsomstandigheden

1,1

71 176 000

20 774 736

 

–2 950 000

71 176 000

17 824 736

04 03 02 02

EURES — Het bevorderen van de geografische mobiliteit van werknemers en het vergroten van arbeidskansen

1,1

21 300 000

12 077 585

 

 

21 300 000

12 077 585

04 03 02 03

Microfinanciering en sociaal ondernemerschap — Het vergemakkelijken van de toegang tot financiering voor ondernemers, met name voor degenen die het verst van de arbeidsmarkt af staan, en sociale ondernemingen

1,1

26 500 000

9 447 218

 

–7 114 776

26 500 000

2 332 442

 

Artikel 04 03 02 — Subtotaal

 

118 976 000

42 299 539

 

–10 064 776

118 976 000

32 234 763

04 03 11

Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden

1,1

19 854 000

19 854 000

 

 

19 854 000

19 854 000

04 03 12

Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk

1,1

14 013 900

14 013 900

 

 

14 013 900

14 013 900

04 03 51

Voltooiing van Progress

1,1

p.m.

31 294 613

 

 

p.m.

31 294 613

04 03 52

Voltooiing van Eures

1,1

p.m.

10 082 958

 

 

p.m.

10 082 958

04 03 53

Voltooiing van andere activiteiten

1,1

p.m.

14 894 437

 

 

p.m.

14 894 437

04 03 77

Proefprojecten en voorbereidende acties

04 03 77 02

Proefproject — Bevordering van de bescherming van het recht op huisvesting

1,1

p.m.

600 000

 

 

p.m.

600 000

04 03 77 03

Proefproject — Arbeidsvoorwaarden en levensomstandigheden van gedetacheerde werknemers

1,1

p.m.

 

 

p.m.

04 03 77 04

Proefproject — Maatregelen voor instandhouding werkgelegenheid

1,1

65 000

 

 

65 000

04 03 77 05

Proefproject — Het vergroten van de mobiliteit en de integratie van werknemers binnen de Unie

1,1

20 000

 

 

20 000

04 03 77 06

Proefproject — Alomvattende samenwerking tussen de overheid, commerciële ondernemingen en ondernemingen zonder winstoogmerk met het oog op sociale en arbeidsintegratie

1,1

350 000

 

 

350 000

04 03 77 07

Voorbereidende actie — Je eerste Eures-baan

1,1

p.m.

3 880 000

 

 

p.m.

3 880 000

04 03 77 08

Proefproject — Maatschappelijke solidariteit voor maatschappelijke integratie

1,1

p.m.

600 000

 

 

p.m.

600 000

04 03 77 09

Voorbereidende actie — Informatiecentra voor gedetacheerde werknemers en arbeidsmigranten

1,1

1 000 000

600 000

 

 

1 000 000

600 000

04 03 77 10

Proefproject — Stimulering van de omzetting van tijdelijke arbeid in vaste arbeid met rechten

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 03 77 11

Proefproject — Voorkoming van ouderenmishandeling

1,1

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

04 03 77 12

Proefproject — Gezondheid en veiligheid op het werk van oudere werknemers

1,1

p.m.

200 000

 

 

p.m.

200 000

04 03 77 13

Voorbereidende actie — Activeringsmaatregelen voor jongeren — Implementatie van het initiatief „Jeugd in beweging”

1,1

p.m.

2 000 000

 

 

p.m.

2 000 000

04 03 77 14

Voorbereidende actie — Sociale innovatie dankzij sociaal en jong ondernemerschap

1,1

1 000 000

650 000

 

 

1 000 000

650 000

04 03 77 15

Proefproject — Haalbaarheid en toegevoegde waarde van een Europese regeling voor werkloosheidsuitkeringen

1,1

2 000 000

1 000 000

 

 

2 000 000

1 000 000

04 03 77 16

Voorbereidende actie — Microkredieten specifiek bedoeld ter bestrijding van de jeugdwerkloosheid

1,1

2 000 000

1 000 000

 

 

2 000 000

1 000 000

 

Artikel 04 03 77 — Subtotaal

 

6 000 000

10 965 000

 

 

6 000 000

10 965 000

 

Hoofdstuk 04 03 — Totaal

 

211 140 900

182 998 102

 

–10 064 776

211 140 900

172 933 326

04 03 02
Programma voor werkgelegenheid en sociale innovatie

04 03 02 01
Progress — Ondersteuning van de ontwikkeling, tenuitvoerlegging, monitoring en evaluatie van het werkgelegenheids- en sociaal beleid van de Unie en van de regelgeving inzake arbeidsomstandigheden

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

71 176 000

20 774 736

 

–2 950 000

71 176 000

17 824 736

Toelichting

Nieuwe post

De algemene doelstelling van het Unieprogramma voor werkgelegenheid en sociale innovatie (EaSI) is bij te dragen tot de uitvoering van de Europa 2020-strategie en de gerelateerde kerndoelen inzake werkgelegenheid, onderwijs en de bestrijding van armoede, door financiële ondersteuning te verlenen voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie.

Teneinde de algemene doelstellingen van het EaSI in termen van het bevorderen van een hoog werkgelegenheidsniveau, het garanderen van adequate sociale bescherming, het bestrijden van sociale uitsluiting en armoede en het verbeteren van arbeidsomstandigheden te verwezenlijken, zijn de specifieke doelstellingen van de Progress-pijler:

hoogwaardige vergelijkbare analytische kennis ontwikkelen en verspreiden om ervoor te zorgen dat het werkgelegenheids- en sociaal beleid en de wetgeving inzake arbeidsomstandigheden van de Unie zijn gebaseerd op betrouwbare gegevens en zijn afgestemd op de behoeften, uitdagingen en omstandigheden in de afzonderlijke lidstaten en de andere deelnemende landen;

doeltreffende en inclusieve informatie-uitwisseling, van elkaar leren en dialoog bevorderen over het werkgelegenheids- en sociaal beleid en de wetgeving inzake arbeidsomstandigheden van de Unie op Europees, nationaal en internationaal niveau om de lidstaten en de andere deelnemende landen te helpen bij de ontwikkeling van hun beleid en de uitvoering van de wetgeving van de Unie;

beleidsmakers financiële steun bieden om hervormingen van het sociaal en arbeidsmarktbeleid te bevorderen, de capaciteit van de belangrijkste actoren voor het ontwikkelen en uitvoeren van sociale experimenten vergroten, en de relevante kennis en deskundigheid toegankelijk maken;

de tenuitvoerlegging van de Europese richtsnoeren en aanbevelingen voor de werkgelegenheid controleren en evalueren, toezien op hun effecten, met name door middel van het gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid, en de wisselwerking tussen de EWS en het algemene economische en sociale beleid bestuderen;

Europese en nationale organisaties financiële steun bieden om hen in staat te stellen de uitvoering van het werkgelegenheids- en sociaal beleid en de wetgeving inzake arbeidsomstandigheden van de Unie te ontwikkelen, te stimuleren en te ondersteunen;

de bewustwording te vergroten, goede werkwijzen uit te wisselen, informatie te verspreiden en de discussie — ook tussen de sociale partners — over de belangrijkste uitdagingen en beleidskwesties in verband met de arbeidsomstandigheden en het combineren van werk en gezinsleven (zoals gezinsvriendelijk beleid op de arbeidsplek alsook beleid dat mantelzorgers ondersteunt, kwalitatief voldoende hoogstaande en betaalbare kinderopvang, ondersteunende infrastructuren voor zwangere, werkende en herintredende moeders, enz.) en de vergrijzing te bevorderen;

stimuleren van het scheppen van nieuwe banen, bevordering van jeugdwerkgelegenheid en bestrijding van armoede door sociale convergentie te versterken, met behulp van een sociaal keurmerk.

Doel van het sociaal keurmerk is:

toepassing van sociale minimumnormen in heel Europa dankzij de regelmatige controle en beoordeling van de betrokken ondernemingen;

versterking van sociale convergentie op Europees niveau;

vermindering van onzekere banen;

bevordering van investeringen in maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Dit project sluit aan bij de werkzaamheden van de groep deskundigen voor sociaal ondernemerschap, vormt een aanvulling op het tussentijdse verslag over het initiatief inzake sociaal ondernemerschap dat in 2014 moet verschijnen en zal aansluiten bij acties in het kader van het toekomstige programma inzake EaSI en de Europese strategie inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen 2014-2020.

Het sociaal keurmerk wordt genoemd in 8 door het Europees Parlement aangenomen teksten (waarvan 5 wetgevingsteksten).

Door middel van een haalbaarheidsstudie en de organisatie van een conferentie op hoog niveau met belanghebbenden moeten de mogelijkheden worden onderzocht voor de invoering van een sociaal keurmerk — zowel met betrekking tot de politieke impact van een dergelijk keurmerk op verschillende beleidsgebieden als op ondernemingsniveau. Met name moet de studie aandacht besteden aan:

de mogelijke gevolgen en voordelen van het sociale keurmerk op verschillende beleidsgebieden;

welke typen bedrijven zich vrijwillig willen verbinden tot de naleving van sociale minimumcriteria die veeleisender zijn dan de bestaande internationale, Europese en nationale sociale regelgeving;

de mogelijkheden voor de invoering van een verbintenishandvest voor ondernemingen met goede sociale waarden en voor de opstelling van progressieve sociale criteria die een onderneming moet naleven alvorens een sociaal keurmerk te kunnen ontvangen;

de wijze waarop ondernemingen die dit sociaal keurmerk willen behalen, kunnen worden beoordeeld en gecontroleerd;

de invoering van een communicatieplan (gericht op ondernemingen en burgers) met een website rond het sociale keurmerk, de criteria voor de toekenning ervan, de lijst van ondernemingen die het keurmerk ontvangen hebben enz.

Dit project moet het mogelijk maken om het hele systeem van keurmerken te vereenvoudigen met het oog op een zo goed mogelijke voorlichting en een zo groot mogelijke transparantie door middel van de invoering van één enkel Europees kenteken voor consumenten en investeerders.

Bij de onder deze post opgevoerde kredieten komen nog, krachtens de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 82 en Protocol nr. 32 daarbij, de bijdragen van de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Deze bedragen vloeien voort uit de onder artikel 6 3 0 van de staat van ontvangsten geboekte bijdragen van de lidstaten van de EVA, die overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder e) tot en met g), van het Financieel Reglement bestemmingsontvangsten vormen; zij geven aanleiding tot opvoering van de betrokken kredieten en tot uitvoering overeenkomstig de bijlage „Europese Economische Ruimte” van dit deel van de staat van uitgaven van deze afdeling, die een integrerend deel van de algemene begroting uitmaakt.

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1296/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 betreffende een programma van de Europese Unie voor werkgelegenheid en sociale innovatie („EaSI”) en tot wijziging van Besluit nr. 283/2010/EU tot instelling van een Europese Progress-microfinancieringsfaciliteit voor werkgelegenheid en sociale insluiting (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 238), met name artikel 3, lid 1, onder a).

04 03 02 03
Microfinanciering en sociaal ondernemerschap — Het vergemakkelijken van de toegang tot financiering voor ondernemers, met name voor degenen die het verst van de arbeidsmarkt af staan, en sociale ondernemingen

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

26 500 000

9 447 218

 

–7 114 776

26 500 000

2 332 442

Toelichting

Nieuwe post

De algemene doelstelling van EaSI is bij te dragen tot de uitvoering van de Europa 2020-strategie en de gerelateerde kerndoelen inzake werkgelegenheid, onderwijs en de bestrijding van armoede, door financiële ondersteuning te verlenen voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie.

EaSI is opgebouwd rond de volgende drie complementaire pijlers: Progress, Eures, en Microfinanciering en sociaal ondernemerschap.

Teneinde de algemene doelstellingen van EaSI te verwezenlijken, met name het bevorderen van werkgelegenheid en sociale integratie door het verbeteren van de beschikbaarheid en toegankelijkheid van microfinanciering voor kwetsbare groepen en micro-ondernemingen, en door het verbeteren van de toegang tot financiering voor sociale ondernemingen, zijn de specifieke doelstellingen van de pijler Microfinanciering en sociaal ondernemerschap:

de toegang tot en beschikbaarheid van microfinanciering verbeteren voor personen die hun baan verloren hebben of dreigen te verliezen of die moeilijk toegang krijgen tot of kunnen terugkeren op de arbeidsmarkt, alsook personen die met sociale uitsluiting worden bedreigd of kwetsbare personen die qua toegang tot de traditionele kredietmarkt in een nadelige positie verkeren en die hun eigen micro-onderneming wensen op te richten of uit te breiden; en ook voor bestaande micro-ondernemingen, met name die waar dergelijke personen in dienst zijn;

de institutionele capaciteit van microkredietverstrekkers opbouwen;

de ontwikkeling van sociale ondernemingen ondersteunen, met name door de toegang tot financiering te verbeteren.

Bij de onder deze post opgevoerde kredieten komen nog, krachtens de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, en met name artikel 82 en Protocol nr. 32 daarbij, de bijdragen van de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Deze bedragen vloeien voort uit de onder artikel 6 3 0 van de staat van ontvangsten geboekte bijdragen van de lidstaten van de EVA, die overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder e) tot en met g), van het Financieel Reglement bestemmingsontvangsten vormen; zij geven aanleiding tot opvoering van de betrokken kredieten en tot uitvoering overeenkomstig de bijlage „Europese Economische Ruimte” van dit deel van de staat van uitgaven van deze afdeling, die een integrerend deel van de algemene begroting uitmaakt.

Daarnaast zal steun kunnen worden verleend voor acties in verband met de tenuitvoerlegging van de gemeenschappelijke bepalingen van EaSI, zoals monitoring, evaluatie, verspreiding van resultaten en communicatie. Artikel 16 van Verordening (EU) nr. 1296/2013 beschrijft de typen activiteiten die gefinancierd kunnen worden.

Terugbetalingen van financiële instrumenten uit hoofde van artikel 140, lid 6, van het Financieel Reglement, met inbegrip van terugbetaling van kapitaal, vrijgegeven garanties, en terugbetaling van de hoofdsom van leningen, die aan de Commissie worden terugbetaald en worden opgevoerd in post 6 3 4 1 van de staat van ontvangsten, kunnen aanleiding zijn tot verstrekking van aanvullende kredieten overeenkomstig artikel 21, lid 3, onder i), van het Financieel Reglement.

Referentiebesluiten

Verordening (EU) nr. 1296/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 betreffende een programma van de Europese Unie voor werkgelegenheid en sociale innovatie („EaSI”) en tot wijziging van Besluit nr. 283/2010/EU tot instelling van een Europese Progress-microfinancieringsfaciliteit voor werkgelegenheid en sociale insluiting (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 238), met name artikel 3, lid 1, onder c).

HOOFDSTUK 04 06 —   FONDS VOOR EUROPESE HULP AAN DE MEEST BEHOEFTIGEN

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

04 06

FONDS VOOR EUROPESE HULP AAN DE MEEST BEHOEFTIGEN

04 06 01

Bevordering van sociale samenhang en verlichting van de ergste vormen van armoede in de Unie

1,2

500 000 000

306 000 000

 

99 000 000

500 000 000

405 000 000

04 06 02

Technische bijstand

1,2

1 280 000

1 280 000

 

 

1 280 000

1 280 000

 

Hoofdstuk 04 06 — Totaal

 

501 280 000

307 280 000

 

99 000 000

501 280 000

406 280 000

Toelichting

Artikel 174 VWEU geeft de doelstelling van de Unie van economische, sociale en territoriale samenhang aan, en artikel 175 zet de rol van de structuurfondsen bij de verwezenlijking van deze doelstelling uiteen en voorziet in de mogelijkheid van vaststelling van specifieke maatregelen buiten de structuurfondsen om.

Artikel 80 van het Financieel Reglement voorziet in financiële correcties in geval van uitgaven die in strijd met de geldende wettelijke bepalingen zijn gedaan.

De artikelen 53 en 54 van het voorstel voor een verordening voor het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen (COM(2012) 617 final) (FEAD) betreffende de criteria voor financiële correcties door de Commissie voorzien in specifieke regels voor op het FEAD toe te passen financiële correcties.

Ontvangsten uit op die basis verrichte financiële correcties worden opgenomen in post 6 5 0 0 van de staat van ontvangsten en vormen bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 3, onder c), van het Financieel Reglement.

Artikel 177 van het Financieel Reglement stelt de voorwaarden vast voor gehele of gedeeltelijke terugbetaling van voorfinancieringen betreffende een bepaalde interventie.

Artikel 41 van het voorstel voor een verordening voorziet in specifieke regels voor de terugbetaling van voorfinanciering die op het FEAD van toepassing zijn.

Terugbetaalde voorfinancieringsbedragen vormen interne bestemmingsontvangsten overeenkomstig artikel 21, lid 4, van het Financieel Reglement en worden opgenomen in post 6 1 5 0 of 6 1 5 7.

Rechtsgronden

Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met name de artikelen 174 en 175.

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1), met name artikel 21, leden 3 en 4, en de artikelen 80 en 177.

Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).

Verordening (EU) nr. 223/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 betreffende het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen (PB L 72 van 12.3.2014, blz. 1).

Referentiebesluiten

Conclusies van de Europese Raad van 7 en 8 februari 2013.

04 06 01
Bevordering van sociale samenhang en verlichting van de ergste vormen van armoede in de Unie

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

500 000 000

306 000 000

 

99 000 000

500 000 000

405 000 000

Toelichting

Nieuw artikel

Het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen (FEAD) vervangt het Voedseldistributieprogramma voor de meest behoeftigen van de Europese Unie dat eind 2013 afliep.

Het FEAD bevordert de sociale samenhang, versterkt de sociale inclusie en bestrijdt de armoede in de Unie doordat het een bijdrage levert aan de verwezenlijking van de doelstelling van de Europa 2020-strategie om ten minste 20 miljoen minder mensen bloot te stellen aan het risico op armoede en sociale uitsluiting, en vormt een aanvulling op het ESF. Door het verstrekken van niet-financiële bijstand aan de meest behoeftigen draagt het FEAD bij tot de verwezenlijking van het specifieke doel van verlichting en uitbanning van de ergste vormen van armoede, in het bijzonder voedselarmoede.

Het FEAD draagt bij aan de duurzame uitbanning van voedselarmoede, en biedt zo de meest behoeftigen uitzicht op een fatsoenlijke manier van leven. Deze doelstelling en de structurele effecten van het FEAD zullen kwalitatief en kwantitatief worden beoordeeld.

Het FEAD wordt gebruikt ter aanvulling, en niet ter vervanging of afzwakking, van nationale programma’s op het gebied van armoedebestrijding en sociale re-integratie, die de verantwoordelijkheid van de lidstaten blijven.

Na het politieke akkoord over Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz.884), kwam men overeen dat er wordt voorzien in een extra verhoging van maximaal 1 miljard EUR (naast de 2,5 miljard EUR waarover al overeenstemming is bereikt) voor de hele periode 2014-2020, voor dit programma en de lidstaten die gebruik wensen te maken van deze verhoging.

Dit politieke akkoord moet terug te zien zijn in de begrotingskredieten die voor de begroting voor 2014 moeten worden ingevoerd. De overeengekomen getallen zijn uitgedrukt in de prijzen van 2011.

De Commissie en de lidstaten zorgen er door middel van overgangsbepalingen voor dat activiteiten die in aanmerking komen voor steun, van start kunnen gaan op 1 januari 2014, al zijn de operationele programma’s nog niet ingediend.

Een deel van dit krediet is bestemd voor werkzaamheden van de Confederation of European Senior Expert Services (CESES) en de verenigingen die daar lid van zijn, met inbegrip van technische ondersteuning, adviesdiensten en training in selecte openbare en particulier ondernemingen en instellingen. Hiertoe worden ordonnateurs van de Unie aangemoedigd ten volle gebruik te maken van de mogelijkheden die het nieuwe Financieel Reglement biedt, met name rekening houdend met financiering in natura door CESES als bijdrage aan Unieprojecten.

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).

Verordening (EU) nr. 223/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2014 betreffende het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen (PB L 72 van 12.3.2014, blz. 1).

04 06 02
Technische bijstand

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

1 280 000

 

1 280 000

Toelichting

Nieuw artikel

Dit krediet dient ter dekking van de technische bijstand als bedoeld in artikel 25 van het voorstel voor een verordening.

Technische bijstand kan voorbereidende, monitoring-, administratieve, audit-, informatie-, controle- en evaluatiemaatregelen omvatten.

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320).

Referentiebesluiten

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen (COM(2012) 617 final), door de Commissie ingediend op 24 oktober 2012.

TITEL 05

LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING

Titel

Hoofdstuk

Rubriek

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

05 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING”

129 051 616

129 051 616

–16 873

–16 873

129 034 743

129 034 743

05 02

VERBETERING VAN HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN DE LANDBOUWSECTOR DOOR INTERVENTIES OP DE LANDBOUWMARKTEN

2 233 400 000

2 233 250 000

 

– 308 029

2 233 400 000

2 232 941 971

05 03

RECHTSTREEKSE STEUN OM BIJ TE DRAGEN TOT DE LANDBOUWINKOMENS, DE VARIABILITEIT ERVAN TE BEPERKEN EN MILIEU- EN KLIMAATDOELSTELLINGEN TE BEREIKEN

41 447 275 640

41 447 275 640

 

 

41 447 275 640

41 447 275 640

05 04

PLATTELANDSONTWIKKELING

13 987 271 059

11 611 354 028

 

–20 000 000

13 987 271 059

11 591 354 028

05 05

INSTRUMENT VOOR PRETOETREDINGSSTEUN (IPA) — LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING

90 000 000

110 997 038

 

 

90 000 000

110 997 038

05 06

INTERNATIONALE ASPECTEN VAN HET BELEIDSTERREIN „LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING”

6 696 000

5 590 437

 

–3 784 411

6 696 000

1 806 026

05 07

AUDIT VAN UIT HET EUROPEES LANDBOUWGARANTIEFONDS GEFINANCIERDE (ELGF) LANDBOUWUITGAVEN

60 200 000

60 200 000

 

 

60 200 000

60 200 000

05 08

BELEIDSSTRATEGIE EN -COÖRDINATIE VOOR HET BELEIDSTERREIN „LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING”

40 793 360

35 010 852

 

–2 162 329

40 793 360

32 848 523

05 09

HORIZON 2020 — ONDERZOEK EN INNOVATIE MET BETREKKING TOT LANDBOUW

52 163 000

2 290 968

 

–1 666 954

52 163 000

624 014

 

Titel 05 — Totaal

58 046 850 675

55 635 020 579

–16 873

–27 938 596

58 046 833 802

55 607 081 983

HOOFDSTUK 05 01 —   ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING”

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

05 01

ADMINISTRATIEVE UITGAVEN VOOR HET BELEIDSTERREIN „LANDBOUW EN PLATTELANDSONTWIKKELING”

05 01 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen voor het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

5,2

97 424 898

–16 873

97 408 025

05 01 02

Extern personeel en overige beheersuitgaven ter ondersteuning van het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

05 01 02 01

Extern personeel

5,2

3 399 499

 

3 399 499

05 01 02 11

Overige beheersuitgaven

5,2

7 338 776

 

7 338 776

 

Artikel 05 01 02 — Subtotaal

 

10 738 275

 

10 738 275

05 01 03

Uitgaven in verband met uitrusting en diensten voor informatie- en communicatietechnologie op het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

5,2

6 306 203

 

6 306 203

05 01 04

Ondersteunende uitgaven voor maatregelen en programma's op het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

05 01 04 01

Ondersteunende uitgaven voor het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) — Niet-operationele technische bijstand

2

7 931 000

 

7 931 000

05 01 04 02

Ondersteunende uitgaven voor het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG)

9

p.m.

 

p.m.

05 01 04 03

Ondersteunende uitgaven voor pretoetredingssteun op het gebied van landbouw en plattelandsontwikkeling (IPA)

4

545 000

 

545 000

05 01 04 04

Ondersteunende uitgaven voor het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) — Niet-operationele technische bijstand

2

3 735 000

 

3 735 000

 

Artikel 05 01 04 — Subtotaal

 

12 211 000

 

12 211 000

05 01 05

Ondersteunende uitgaven voor onderzoeks- en innovatieprogramma's op het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

05 01 05 01

Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen die belast zijn met de uitvoering van onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

1 238 086

 

1 238 086

05 01 05 02

Extern personeel dat belast is met de uitvoering van onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

420 000

 

420 000

05 01 05 03

Overige beheersuitgaven voor onderzoeks- en innovatieprogramma's — Horizon 2020

1,1

713 154

 

713 154

 

Artikel 05 01 05 — Subtotaal

 

2 371 240

 

2 371 240

 

Hoofdstuk 05 01 — Totaal

 

129 051 616

–16 873

129 034 743

Toelichting

De volgende rechtsgrond geldt voor alle artikelen van dit hoofdstuk, tenzij anders bepaald.

Rechtsgronden

Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 352/78, (EG) nr. 165/94, (EG) nr. 2799/98, (EG) nr. 814/2000, (EG) nr. 1290/2005 en (EG) nr. 485/2008 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 549).

05 01 01
Uitgaven in verband met ambtenaren en tijdelijke functionarissen voor het beleidsterrein „Landbouw en plattelandsontwikkeling”

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

97 424 898

–16 873

97 408 025

HOOFDSTUK 05 02 —   VERBETERING VAN HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN DE LANDBOUWSECTOR DOOR INTERVENTIES OP DE LANDBOUWMARKTEN

Titel

Hoofdstuk

Artikel

Post

Rubriek

FK

Begroting 2014

Gewijzigde begroting nr. 2/2014

Nieuw bedrag

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

Vastleggingen

Betalingen

05 02

VERBETERING VAN HET CONCURRENTIEVERMOGEN VAN DE LANDBOUWSECTOR DOOR INTERVENTIES OP DE LANDBOUWMARKTEN

05 02 01

Granen

05 02 01 01

Uitvoerrestituties voor granen

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 01 02

Interventie in de vorm van opslag van granen

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 01 99

Overige maatregelen (granen)

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 05 02 01 — Subtotaal

 

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 02

Rijst

05 02 02 01

Uitvoerrestituties voor rijst

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 02 02

Interventie in de vorm van opslag van rijst

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 02 99

Overige maatregelen (rijst)

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 05 02 02 — Subtotaal

 

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 03

Restituties voor niet in bijlage 1 genoemde producten

2

4 000 000

4 000 000

 

 

4 000 000

4 000 000

05 02 04

Voedselprogramma's

05 02 04 99

Overige maatregelen (voedselprogramma’s)

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 05 02 04 — Subtotaal

 

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 05

Suiker

05 02 05 01

Uitvoerrestituties voor suiker en isoglucose

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 05 03

Productierestituties voor in de chemische industrie gebruikte suiker

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 05 08

Interventie in de vorm van opslag van suiker

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 05 99

Overige maatregelen (suiker)

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 05 02 05 — Subtotaal

 

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 06

Olijfolie

05 02 06 03

Interventie in de vorm van opslag van olijfolie

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 06 05

Acties ter verbetering van de kwaliteit

2

45 000 000

45 000 000

 

 

45 000 000

45 000 000

05 02 06 99

Overige maatregelen (olijfolie)

2

300 000

300 000

 

 

300 000

300 000

 

Artikel 05 02 06 — Subtotaal

 

45 300 000

45 300 000

 

 

45 300 000

45 300 000

05 02 07

Vezelgewassen

05 02 07 02

Interventie in de vorm van opslag van vlasvezels

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

05 02 07 03

Katoen — Nationale herstructureringsprogramma’s

2

6 100 000

6 100 000

 

 

6 100 000

6 100 000

05 02 07 99

Overige maatregelen (vezelgewassen)

2

100 000

100 000

 

 

100 000

100 000

 

Artikel 05 02 07 — Subtotaal

 

6 200 000

6 200 000

 

 

6 200 000

6 200 000

05 02 08

Groenten en fruit

05 02 08 03

Actiefondsen van de producentenorganisaties

2

285 000 000

285 000 000

 

 

285 000 000

285 000 000

05 02 08 11

Steun aan voorlopig erkende producentengroeperingen

2

269 000 000

269 000 000

 

 

269 000 000

269 000 000

05 02 08 12

Schoolfruitregeling

2

122 000 000

122 000 000

 

 

122 000 000

122 000 000

05 02 08 99

Overige maatregelen (groenten en fruit)

2

700 000

700 000

 

 

700 000

700 000

 

Artikel 05 02 08 — Subtotaal

 

676 700 000

676 700 000

 

 

676 700 000

676 700 000

05 02 09

Producten van de wijnbouwsector

05 02 09 08

Nationale steunprogramma's voor de wijnsector

2

1 083 000 000

1 083 000 000

 

 

1 083 000 000

1 083 000 000

05 02 09 99

Overige maatregelen (wijnbouwsector)

2

2 000 000

2 000 000

 

 

2 000 000

2 000 000

 

Artikel 05 02 09 — Subtotaal

 

1 085 000 000

1 085 000 000

 

 

1 085 000 000

1 085 000 000

05 02 10

Afzetbevordering

05 02 10 01

Afzetbevordering — Betalingen door de lidstaten

2

60 000 000

60 000 000

 

 

60 000 000

60 000 000

05 02 10 02

Afzetbevordering — Rechtstreekse betalingen door de Unie

2

1 500 000

1 350 000

 

– 308 029

1 500 000

1 041 971

05 02 10 99

Overige maatregelen (afzetbevordering)

2

p.m.

p.m.

 

 

p.m.

p.m.

 

Artikel 05 02 10 — Subtotaal

 

61 500 000

61 350 000

 

– 308 029

61 500 000

61 041 971

05 02 11

Overige plantaardige producten/overige maatregelen

05 02 11 03

Hop — Steun aan producentenorganisaties

2

2 300 000

2 300 000

 

 

2 300 000

2 300 000

05 02 11 04

POSEI (met uitzondering van rechtstreekse steun)

2

238 000 000

238 000 000

 

 

238 000 000

238 000 000

05 02 11 99

Overige maatregelen (overige plantaardige producten/overige maatregelen)

2