ISSN 1977-0758

doi:10.3000/19770758.L_2011.265.nld

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 265

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

54e jaargang
11 oktober 2011


Inhoud

 

I   Wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

RICHTLIJNEN

 

*

Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten

1

 

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Verordening (EU) nr. 999/2011 van de Raad van 10 oktober 2011 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 765/2006 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Belarus

6

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1000/2011 van de Raad van 10 oktober 2011 tot uitvoering van artikel 8 bis, lid 1, van Verordening (EG) nr. 765/2006 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde functionarissen van Belarus

8

 

 

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1001/2011 van de Commissie van 10 oktober 2011 tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

15

 

 

BESLUITEN

 

*

Besluit 2011/666/GBVB van de Raad van 10 oktober 2011 tot wijziging van Besluit 2010/639/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Belarus

17

 

 

2011/667/EU

 

*

Besluit van de Commissie van 10 oktober 2011 over regelingen voor gecoördineerde toepassing van de handhavingsregels met betrekking tot mobiele satellietdiensten (MSS) overeenkomstig artikel 9, lid 3, van Beschikking nr. 626/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad (Kennisgeving geschied onder nummer C(2011) 7001)  ( 1 )

25

 

 

AANBEVELINGEN

 

 

2011/668/EU

 

*

Aanbeveling van de Raad van 15 februari 2011 inzake de aan de Commissie te verlenen kwijting voor de uitvoering van de verrichtingen van het Europees Ontwikkelingsfonds (negende EOF) voor het begrotingsjaar 2009

28

 

 

2011/669/EU

 

*

Aanbeveling van de Raad van 4 oktober 2011 betreffende de benoeming van een lid van de directie van de Europese Centrale Bank

29

 

 

Rectificaties

 

*

Rectificatie van Besluit 2010/703/EU van de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten van 18 november 2010 houdende benoeming van een rechter van het Gerecht (PB L 306 van 23.11.2010)

30

 

*

Rectificatie van Besluit 2010/762/EU van de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 25 februari 2010 tot vaststelling van de zetel van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken (PB L 324 van 9.12.2010)

30

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


I Wetgevingshandelingen

RICHTLIJNEN

11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/1


RICHTLIJN 2011/77/EU VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van 27 september 2011

tot wijziging van Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 53, lid 1, en de artikelen 62 en 114,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité (1),

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure (2),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig Richtlijn 2006/116/EG van het Europees Parlement en de Raad (3) is de beschermingstermijn voor uitvoerende kunstenaars en producenten van fonogrammen vastgesteld op 50 jaar.

(2)

Voor uitvoerende kunstenaars vangt deze periode aan met de uitvoering of, indien de vastlegging van de uitvoering binnen een termijn van 50 jaar na de uitvoering op een geoorloofde wijze is gepubliceerd of op een geoorloofde wijze is meegedeeld aan het publiek, met die eerste publicatie of die eerste mededeling aan het publiek, afhankelijk van wat het eerst gebeurt.

(3)

Voor producenten van fonogrammen vangt de periode aan met de vastlegging van het fonogram of met de geoorloofde publicatie ervan indien deze binnen een termijn van 50 jaar na de vastlegging plaatsvindt of, bij gebreke van dergelijke publicatie, met de geoorloofde mededeling van het fonogram aan het publiek mits deze binnen een termijn van 50 jaar na de vastlegging plaatsvindt.

(4)

De maatschappelijke erkenning van het belang van de creatieve bijdrage van uitvoerende kunstenaars dient tot uiting te komen in een beschermingsniveau dat recht doet aan hun creatieve en artistieke bijdragen.

(5)

Uitvoerende kunstenaars beginnen hun carrière gewoonlijk op jonge leeftijd en de huidige beschermingstermijn van 50 jaar voor de vastlegging van uitvoeringen volstaat veelal niet om hun uitvoeringen gedurende hun gehele leven te beschermen. Daarom worden sommige uitvoerende kunstenaars aan het eind van hun leven geconfronteerd met een inkomensgat. Bovendien kunnen uitvoerende kunstenaars vaak geen beroep op hun rechten doen om eventueel ongewenst gebruik van hun uitvoeringen dat zich tijdens hun leven voordoet, te voorkomen of te beperken.

(6)

Uitvoerende kunstenaars moeten minstens tot aan het einde van hun leven kunnen beschikken over de inkomsten uit de uitsluitende rechten op reproductie en beschikbaarstelling, als bedoeld in Richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (4), als ook een billijke compensatie voor reproductie voor privégebruik in de zin van diezelfde richtlijn, en over de inkomsten uit de uitsluitende rechten op distributie en verhuur in de zin van Richtlijn 2006/115/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende het verhuurrecht, het uitleenrecht en bepaalde naburige rechten op het gebied van intellectuele eigendom (5).

(7)

Daarom moet de beschermingstermijn voor vastleggingen van uitvoeringen en voor fonogrammen verlengd worden tot 70 jaar na het desbetreffende feit.

(8)

De rechten op de vastlegging van de uitvoering dienen terug te keren naar de uitvoerende kunstenaar indien de producent van fonogrammen ervan afziet om voldoende (in de zin van het Internationaal Verdrag inzake de bescherming van uitvoerende kunstenaars, producenten van fonogrammen en omroeporganisaties) exemplaren van een fonogram voor verkoop aan te bieden, dat zonder de termijnverlenging in het publiek domein zou vallen, of ervan afziet om dat fonogram toegankelijk te maken voor het publiek. Die mogelijkheid moet beschikbaar zijn nadat de producent van fonogrammen een redelijke tijd is gelaten om beide exploitatiemogelijkheden uit te baten. De rechten van de producent op het fonogram moeten bijgevolg vervallen om te voorkomen dat deze rechten co-existeren met de rechten van de uitvoerende kunstenaar op de vastlegging van de uitvoering, daar waar deze laatste rechten niet langer zijn overgedragen of zijn toegekend aan de producent van het fonogram.

(9)

Bij het aangaan van een contractuele relatie met een producent van fonogrammen moeten uitvoerende kunstenaars gewoonlijk hun uitsluitende rechten op verspreiding, verhuur, reproductie en beschikbaarstelling van vastleggingen van hun uitvoeringen overdragen aan de producent. In ruil daarvoor krijgen sommige uitvoerende kunstenaars een voorschot op de royalty's betaald en genieten zij alleen dan betalingen wanneer de producent van fonogrammen het oorspronkelijke voorschot heeft terugverdiend en na aftrek van de bij contract vastgestelde bedragen. Andere uitvoerende kunstenaars dragen hun uitsluitende rechten over of kennen deze toe tegen een eenmalige vergoeding (niet-periodieke vergoeding). Dit geldt met name voor uitvoerende kunstenaars die op de achtergrond spelen en die niet in de aftiteling vermeld worden („niet met naam vermelde uitvoerende kunstenaars”), maar soms ook voor uitvoerende kunstenaars die wel in de aftiteling vermeld worden („met naam vermelde uitvoerende kunstenaars”).

(10)

Teneinde te waarborgen dat uitvoerende kunstenaars die hun uitsluitende rechten hebben overgedragen of hebben toegekend aan producenten van fonogrammen daadwerkelijk baat vinden bij de termijnverlenging, dient een reeks begeleidende maatregelen te worden ingevoerd.

(11)

De eerste begeleidende maatregel bestaat uit het opleggen van een verplichting voor producenten van fonogrammen om minstens eenmaal per jaar een som opzij te leggen die overeenkomt met 20 % van de inkomsten uit de uitsluitende rechten op de verspreiding, reproductie en beschikbaarstelling van fonogrammen. „Inkomsten” houdt in: de door de producent genoten inkomsten voor aftrek van kosten.

(12)

De betaling van deze bedragen moet uitsluitend worden bestemd voor uitvoerende kunstenaars van wie de uitvoeringen zijn vastgelegd op een fonogram en die hun rechten hebben overgedragen of afgestaan aan de producent in ruil voor een eenmalige vergoeding. De op deze manier verkregen bedragen moeten minstens eenmaal per jaar op individuele basis worden verdeeld onder de niet met naam vermelde uitvoerende kunstenaars. Deze verdeling moet worden toevertrouwd aan maatschappijen voor collectieve belangenbehartiging en nationale voorschriften inzake niet-verdeelbare gelden mogen worden toegepast. Om te voorkomen dat de inzameling en administratie van deze inkomsten een buitensporige belasting vormen, kunnen de lidstaten de mate reguleren waarin micro-ondernemingen verplicht zijn bij te dragen, indien dergelijke betalingen onredelijk lijken te zijn in verhouding tot de daarmee samenhangende kosten van inzameling en administratie.

(13)

Artikel 5 van Richtlijn 2006/115/EG kent desondanks aan uitvoerende kunstenaars reeds een niet voor afstand vatbaar recht op een billijke vergoeding voor de verhuur van onder andere fonogrammen toe. Evenzo is het in de contractspraktijk niet gebruikelijk dat uitvoerende kunstenaars hun rechten op een eenmalige redelijke vergoeding voor uitzending en mededeling aan het publiek overeenkomstig artikel 8, lid 2, van Richtlijn 2006/115/EG en hun rechten op een billijke compensatie voor reproductie voor privégebruik overeenkomstig artikel 5, lid 2, onder b), van Richtlijn 2001/29/EG overdragen of toekennen aan producenten van fonogrammen. Daarom hoeft bij de berekening van het totaalbedrag dat de producent van fonogrammen opzij moet leggen voor het bekostigen van de aanvullende vergoeding, geen rekening te worden gehouden met inkomsten die de producent van fonogrammen heeft verkregen uit de verhuur van fonogrammen, uit de eenmalige redelijke vergoeding voor uitzending en mededeling aan het publiek of met de billijke compensatie die is ontvangen voor het kopiëren voor privégebruik.

(14)

Een tweede begeleidende maatregel die erop is gericht om overeenkomsten op grond waarvan artiesten hun uitsluitende rechten op royaltybasis overdragen aan een producent van fonogrammen beter in evenwicht te brengen, dient te bestaan uit een „schone lei” voor kunstenaars die hun bovengenoemde uitsluitende rechten hebben overgedragen aan producenten van fonogrammen in ruil voor royalty's of een vergoeding. Om ervoor te zorgen dat uitvoerende kunstenaars ten volle kunnen profiteren van de verlenging van de beschermingstermijn, dienen de lidstaten erop toe te zien dat, in het kader van de overeenkomsten tussen producenten van fonogrammen en uitvoerende kunstenaars, een royalty- en vergoedingstarief vrij van voorschotten of contractueel bepaalde kortingen gehanteerd wordt ten gunste van de uitvoerende kunstenaars gedurende de verlengde termijn.

(15)

Ter wille van de rechtszekerheid moet worden bepaald dat contractuele overdrachten of toekenningen van rechten op vastleggingen van uitvoeringen voorafgaande aan de datum waarop de lidstaten geacht worden de nodige maatregelen te nemen om deze richtlijn ten uitvoer te leggen, van kracht blijven gedurende de verlengingsperiode, tenzij in de overeenkomst uitdrukkelijk anders is bepaald.

(16)

De lidstaten moeten kunnen bepalen dat bepaalde voorwaarden van die overeenkomsten die voorzien in periodieke betalingen, kunnen worden heronderhandeld ten gunste van uitvoerende kunstenaars. De lidstaten moeten procedures ter beschikking hebben voor het geval de heronderhandeling mislukt.

(17)

Deze richtlijn doet geen afbreuk aan nationale regels en overeenkomsten die in overeenstemming zijn met haar bepalingen, bijvoorbeeld collectieve overeenkomsten die in de lidstaten zijn gesloten tussen organisaties die uitvoerende kunstenaars vertegenwoordigen en organisaties die producenten vertegenwoordigen.

(18)

In sommige lidstaten geldt voor muziekwerken met tekst één beschermingstermijn, die wordt berekend vanaf de dag van overlijden van de langstlevende auteur, terwijl in andere lidstaten de muziek en de tekst een verschillende beschermingstermijn hebben. Muziekwerken met tekst worden vrijwel altijd door meerdere auteurs tot stand gebracht. Zo zijn opera's vaak het werk van een librettist en een componist. En in genres als jazz, rock en popmuziek komen de werken vaak in samenwerking tot stand.

(19)

De beschermingstermijn van muziekwerken met tekst, waarvan tekst en muziek zijn geschreven om samen te worden gebruikt, is bijgevolg onvoldoende geharmoniseerd, wat leidt tot belemmeringen voor het vrije verkeer van goederen en diensten, zoals grensoverschrijdende diensten voor collectief beheer. Om de opheffing van dergelijke belemmeringen te waarborgen, moet voor al deze werken die op de datum waarop de lidstaten deze richtlijn moeten hebben omgezet, bescherming genieten, dezelfde geharmoniseerde beschermingstermijn gelden in alle lidstaten.

(20)

Richtlijn 2006/116/EG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(21)

Aangezien de doelstellingen van de begeleidende maatregelen niet voldoende door de lidstaten kunnen worden verwezenlijkt, gelet op het feit dat nationale maatregelen op dit gebied zouden leiden tot een verstoring van de mededingingsvoorwaarden of negatieve gevolgen zouden hebben voor de reikwijdte van de uitsluitende rechten van producenten van fonogrammen zoals bepaald in de wetgeving van de Unie, en derhalve beter door de Unie kunnen worden verwezenlijkt, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstellingen te bereiken.

(22)

Overeenkomstig punt 34 van het Interinstitutioneel akkoord „Beter wetgeven” (6) worden de lidstaten ertoe aangespoord voor zichzelf en in het belang van de Unie eigen tabellen op te stellen die voor zover als mogelijk het verband weergeven tussen deze richtlijn en hun omzettingsmaatregelen, en deze openbaar te maken,

HEBBEN DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijzigingen van Richtlijn 2006/116/EG

Richtlijn 2006/116/EG wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 1 wordt het volgende lid toegevoegd:

„7.   De beschermingstermijn van een muziekwerk met tekst bedraagt 70 jaar na de dood van de langstlevende van de volgende personen, ongeacht of zij al dan niet als coauteur zijn aangewezen: de tekstschrijver en de componist van het muziekwerk, mits hun beider bijdragen specifiek zijn gecreëerd voor het respectieve muziekwerk met tekst.”.

2)

Artikel 3, wordt als volgt gewijzigd:

a)

in lid 1 wordt de tweede zin vervangen door:

„Indien echter

binnen deze termijn een vastlegging van de uitvoering anders dan op een fonogram op geoorloofde wijze gepubliceerd of op geoorloofde wijze aan het publiek medegedeeld is, vervallen de rechten 50 jaar na de datum van die eerste publicatie of, ingeval deze eerder valt, die eerste mededeling aan het publiek;

binnen deze termijn een vastlegging van de uitvoering op een fonogram op geoorloofde wijze gepubliceerd of op geoorloofde wijze aan het publiek medegedeeld is, vervallen de rechten 70 jaar na de datum van die eerste publicatie of, ingeval deze eerder valt, die eerste mededeling aan het publiek.”;

b)

in de tweede en derde zin van lid 2, wordt het getal „50” vervangen door „70”;

c)

de volgende leden worden ingevoegd:

„2 bis.   Indien de producent van fonogrammen 50 jaar nadat het fonogram op geoorloofde wijze is gepubliceerd of, indien het fonogram niet op geoorloofde wijze is gepubliceerd, 50 jaar nadat het op geoorloofde wijze aan het publiek is medegedeeld, verzuimt voldoende kopieën van het fonogram ten verkoop aan te bieden of voor het publiek beschikbaar te stellen, per draad of draadloos, op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn, kan de uitvoerende kunstenaar het contract houdende overdracht of toekenning van zijn rechten op de vastlegging van zijn uitvoering aan een producent van fonogrammen (hierna: „contract houdende overdracht of toekenning”) beëindigen. Het recht om het contract houdende overdracht of toekenning te beëindigen mag worden uitgeoefend indien de producent, binnen een jaar na de kennisgeving door de uitvoerende kunstenaar van zijn voornemen om het contract houdende overdracht of toekenning te beëindigen als bedoeld in de voorgaande volzin, geen uitvoering geeft aan beide exploitatiehandelingen als bedoeld in die volzin. De uitvoerende kunstenaar kan geen afstand doen van zijn recht op beëindiging. Wanneer een fonogram de vastlegging van uitvoeringen van meerdere uitvoerende kunstenaars bevat, kunnen de uitvoerende kunstenaars hun contracten houdende overdracht of toekenning overeenkomstig de toepasselijke nationale wetgeving beëindigen. Indien het contract houdende overdracht of toekenning overeenkomstig dit lid beëindigd wordt, vervallen de rechten van de producent van fonogrammen op het fonogram.

2 ter.   Wanneer in een contract houdende overdracht of toekenning aan de uitvoerende kunstenaar het recht op een niet-periodieke vergoeding wordt toegekend, heeft de uitvoerende kunstenaar recht op een jaarlijkse aanvullende vergoeding van de producent van fonogrammen voor ieder volledig jaar direct volgend op het 50ste jaar nadat het fonogram op geoorloofde wijze is gepubliceerd of, indien het fonogram niet op geoorloofde wijze is gepubliceerd, het 50ste jaar nadat het op geoorloofde wijze aan het publiek is medegedeeld. De uitvoerende kunstenaar kan geen afstand doen van dit recht op een jaarlijkse aanvullende vergoeding.

2 quater.   Het totaalbedrag dat de producent van fonogrammen opzij moet leggen voor het bekostigen van de in lid 2 ter bedoelde jaarlijkse aanvullende vergoeding komt overeen met 20 % van de inkomsten die de producent van fonogrammen tijdens het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor voornoemde vergoeding wordt betaald, heeft verkregen uit de reproductie, verspreiding en beschikbaarstelling van het betrokken fonogram, volgend op het 50ste jaar nadat het op geoorloofde wijze is gepubliceerd of, indien het fonogram niet op geoorloofde wijze is gepubliceerd, het 50ste jaar nadat het op geoorloofde wijze aan het publiek is medegedeeld.

De lidstaten zorgen ervoor dat de producenten van fonogrammen verplicht worden uitvoerende kunstenaars die recht hebben op de jaarlijkse aanvullende vergoeding als bedoeld in lid 2 ter, op verzoek alle informatie te verstrekken die nodig kan zijn om betaling van die vergoeding te verkrijgen.

2 quinquies.   De lidstaten zorgen ervoor dat het recht op ontvangst van de in lid 2 ter bedoelde jaarlijkse aanvullende vergoeding wordt beheerd door maatschappijen voor collectieve belangenbehartiging.

2 sexies.   Indien een uitvoerende kunstenaar recht heeft op periodieke betalingen, worden er geen voorschotten of contractueel bepaalde kortingen ingehouden op de betalingen aan de kunstenaar volgend op het 50ste jaar nadat het fonogram op geoorloofde wijze is gepubliceerd of, indien het fonogram niet op geoorloofde wijze is gepubliceerd, volgend op het 50ste jaar nadat het op geoorloofde wijze aan het publiek is meegedeeld.”.

3)

In artikel 10 worden de volgende leden ingevoegd:

„5.   Artikel 3, lid 1 tot en met lid 2 sexies, in de versie van kracht op 31 oktober 2011, is van toepassing op vastleggingen van uitvoeringen en fonogrammen waarvoor de uitvoerende kunstenaar en de producent van fonogrammen, krachtens die bepalingen in de versie van kracht op 30 oktober 2011, nog beschermd zijn op 1 november 2013 en op vastleggingen van uitvoeringen en fonogrammen die na die datum ontstaan.

6.   Artikel 1, lid 7, geldt voor muziekwerken met tekst waarvan ten minste het muziekwerk of de tekst op 1 november 2013 in ten minste een lidstaat beschermd is, en voor muziekwerken met tekst die na die datum ontstaan.

Het bepaalde in de eerste alinea laat exploitatiehandelingen die vóór 1 november 2013 zijn verricht, onverlet. De lidstaten stellen de nodige bepalingen vast om met name de verworven rechten van derden te beschermen.”.

4)

Het volgende artikel wordt ingevoegd:

„Artikel 10 bis

Overgangsmaatregelen

1.   Tenzij contractueel uitdrukkelijk anders is bepaald, wordt een contract houdende overdracht of toekenning dat is gesloten vóór 1 november 2013 geacht van kracht te blijven na het tijdstip waarop de uitvoerende kunstenaar, krachtens artikel 3, lid 1, in de versie van kracht op 30 oktober 2011, niet langer beschermd is.

2.   De lidstaten kunnen bepalen dat contracten houdende overdracht of toekenning op grond waarvan een uitvoerende kunstenaar recht heeft op periodieke betalingen en die gesloten zijn vóór 1 november 2013, na een termijn van 50 jaar nadat het fonogram op geoorloofde wijze is gepubliceerd of, bij ontstentenis van een dergelijke publicatie, op geoorloofde wijze aan het publiek is medegedeeld, kunnen worden gewijzigd.”.

Artikel 2

Omzetting

1.   De lidstaten doen uiterlijk 1 november 2013 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2.   De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 3

Verslag

1.   De Commissie dient uiterlijk 1 november 2016 bij het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité een verslag in over de toepassing van deze richtlijn in het licht van de ontwikkeling van de digitale markt, dat zo nodig vergezeld gaat van een voorstel tot verdere wijziging van Richtlijn 2006/116/EG.

2.   De Commissie dient uiterlijk 1 januari 2012 bij het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité een verslag met daarin een evaluatie van de eventuele behoefte aan een verlenging van de beschermingstermijn voor de rechten van uitvoerende kunstenaars en producenten in de audiovisuele sector. Zo nodig dient de Commissie een voorstel tot verdere wijziging van Richtlijn 2006/116/EG in.

Artikel 4

Inwerkingtreding

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 5

Adressaten

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Straatsburg, 27 september 2011.

Voor het Europees Parlement

De voorzitter

J. BUZEK

Voor de Raad

De voorzitter

M. DOWGIELEWICZ


(1)  PB C 182 van 4.8.2009, blz. 36.

(2)  Standpunt van het Europees Parlement van 23 april 2009 (PB C 184 E van 8.7.2010, blz. 331) en besluit van de Raad van 12 september 2011.

(3)  PB L 372 van 27.12.2006, blz. 12.

(4)  PB L 167 van 22.6.2001, blz. 10.

(5)  PB L 376 van 27.12.2006, blz. 28.

(6)  PB C 321 van 31.12.2003, blz. 1.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/6


VERORDENING (EU) Nr. 999/2011 VAN DE RAAD

van 10 oktober 2011

tot wijziging van Verordening (EG) nr. 765/2006 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Belarus

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 215,

Gezien Besluit 2011/666/GBVB van de Raad van 10 oktober 2011 tot wijziging van Besluit 2010/639/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Belarus (1),

Gezien het gezamenlijke voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EG) nr. 765/2006 van de Raad van 18 mei 2006 (2) voorziet in de bevriezing van de tegoeden van president Loekasjenko en bepaalde functionarissen van Belarus.

(2)

Bij Verordening (EU) nr. 588/2011 van 20 juni 2011 (3) heeft de Raad een aantal vermeldingen toegevoegd aan de lijst van personen waarop de bevriezing van tegoeden van toepassing is. Het ging daarbij onder meer om entiteiten.

(3)

Bij Besluit 2011/666/GBVB heeft de Raad besloten een uitzondering te maken op de bevriezing van de tegoeden om te voorkomen dat Europese bedrijven worden verhinderd om middelen terug te vorderen die de entiteiten op de lijst aan hen verschuldigd zijn in het kader van contracten die waren gesloten voordat deze entiteiten op de lijst werden geplaatst.

(4)

Deze maatregel valt onder het toepassingsgebied van het Verdrag en derhalve is regelgeving op het niveau van de Unie noodzakelijk voor de tenuitvoerlegging ervan, met name om te garanderen dat de maatregel in alle lidstaten uniform door de marktdeelnemers wordt toegepast.

(5)

Verordening (EG) nr. 765/2006 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

In Verordening (EG) nr. 765/2006, wordt het volgende artikel ingevoegd:

„Artikel 4 bis

In afwijking van artikel 2, lid 1, en mits een betaling verschuldigd is door natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen van bijlage I of bijlage I bis op grond van een contract of overeenkomst die door hen is gesloten of een verplichting die voor hen is ontstaan vóór de datum waarop zij zijn aangewezen, kunnen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, zoals genoemd op de in bijlage II vermelde websites, op door hen passend geachte voorwaarden toestemming verlenen voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:

i)

de betrokken bevoegde autoriteit heeft vastgesteld dat de betaling niet direct of indirect wordt verricht aan en niet ten goede komt aan een persoon, entiteit of lichaam van bijlage I of I bis; en

ii)

de betrokken lidstaat heeft de andere lidstaten en de Commissie ten minste twee weken voordat de toestemming wordt verleend in kennis gesteld van deze vaststelling door de bevoegde autoriteit en van het voornemen toestemming te verlenen.”.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Luxemburg, 10 oktober 2011.

Voor de Raad

De voorzitster

C. ASHTON


(1)  Zie bladzijde 17 van dit Publicatieblad.

(2)  PB L 134 van 20.5.2006, blz. 1.

(3)  PB L 161 van 21.6.2011, blz. 1.


11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/8


UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1000/2011 VAN DE RAAD

van 10 oktober 2011

tot uitvoering van artikel 8 bis, lid 1, van Verordening (EG) nr. 765/2006 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde functionarissen van Belarus

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien Verordening (EG) nr. 765/2006 van 18 mei 2006 betreffende beperkende maatregelen tegen Belarus (1), en met name artikel 8 bis, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 18 mei 2006 Verordening (EG) nr.765/2006 vastgesteld.

(2)

Gelet op de ernst van de situatie in Belarus moeten nog meer personen worden toegevoegd aan de in de bijlage IA bij Verordening (EG) nr. 765/2006 opgenomen lijst van natuurlijke personen en rechtspersonen, entiteiten en lichamen die onderworpen zijn aan beperkende maatregelen.

(3)

Voorts moeten de gegevens over bepaalde personen en een entiteit op de lijst in bijlage IA bij die verordening worden geactualiseerd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in bijlage I bij deze Verordening genoemde personen worden toegevoegd aan de lijst in bijlage IA bij Verordening (EG) nr. 765/2006.

Artikel 2

In bijlage IA bij Verordening (EG) nr. 765/2006 worden de vermeldingen voor de volgende personen en entiteit vervangen door de corresponderende vermeldingen in bijlage II bij deze verordening:

(1)

Mazouka Siarhei

(2)

Bazanau, Aliaksandr Viktaravich

(3)

Peftiev Vladimir

(4)

Ipatau, Vadzim Dzmitryevich

(5)

Bushnaia, Natallia Uladzimirauna

(6)

Bushchyk, Vasil Vasilievich

(7)

Katsuba, Sviatlana Piatrouna

(8)

Kisialiova, Nadzeia Mikalaeuna

(9)

Padaliak, Eduard Vasilievich

(10)

Rakhmanava, Maryna Iurievna

(11)

Shchurok, Ivan Antonavich

(12)

Sport-Pari

(13)

Shadryna, Hanna Stanislavauna.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Luxemburg, 10 oktober 2011.

Voor de Raad

De voorzitster

C. ASHTON


(1)  PB L 134 van 20.5.2006, blz. 1.


BIJLAGE I

Personen als bedoeld in artikel 1

 

Naam

Engelse transcriptie van Belarussische spelling

Engelse transcriptie van Russische spelling

Naam

(Belarussische spelling)

Naam

(Russische spelling)

Geboorteplaats en -datum

Functie

1.

Kamisarau, Valery Mikalayevich

Komissarov, Valeri Nikolaevich

Камiсараў Валерый Мiкалаевiч

Комиссаров Валерий Николаевич

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Dmitri Dasjkevitsj, Edoeard Lobov, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik en Aleksandr Moltsjanov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

2.

Stsiapurka, Uladzimir Mikhailavich

Stepurko, Vladimir Mikhailovich

Сцяпурка Уладзiмiр Мiхайлавiч

Степурко Владимир Михайлович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev, Pavel Severinets, Dmitri Bondarenko, Dmitri Doronin, Sergej Kazakov, Vladimir Loban, Vitali Matsoekevitsj, Evgeni Sekret en Oleg Fedorkevitsj. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

3.

Khrypach, Siarhei Fiodaravich

Khripach, Sergei Fiodorovich

Хрыпач Сяргей Фёдаравiч

Хрипач Сергей Федорович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de ex-presidentskandidaten Andrej Sannikov, Nikolaj Statkevitsj, Dmitri Oess, Vladimir Nekljaev, de politieke en maatschappelijke activisten Andrej Dmitrjev, Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik, Vladimir Jerjomenok, Andrej Poznjak, Aleksandr Klaskovskij, Aleksandr Kvjatkevitsj, Artjom Gribkov, Dmitri Boelanov en (als rechter-bijzitter) Dmitri Dasjkevitsj, Edoeard Lobov, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik en Aleksandr Moltsjanov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

4.

Nazaranka, Vasil Andreyevich

Nazarenko, Vasili Andreevich

Назаранка Васiль Андрэевiч

Назаренко Василий Андреевич

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Vasili Parfenkov en (als rechter-bijzitter) Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

5.

Kamarouskaya, Volha Paulauna

Komarovskaia, Olga Pavlovna

Камароўская Вольга Паўлаўна

Комаровская Ольга Павловна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de ex-presidentskandidaat Andrej Sannikov, de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev, Pavel Severinets, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik, Aleksandr Moltsjanov, Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik, Vladimir Jerjomenok, Dmitri Doronin, Sergej Kazakov, Vladimir Loban, Vitali Matsoekevitsj, Evgeni Sekret en Oleg Fedorkevitsj. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

6.

Zaitsava, Viktoryia Henadzeuna

Zaitseva, Viktoria Gennadievna

Зайцава Вiкторыя Генадзеўна

Зайцева Виктория Геннадьевна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van ex-presidentskandidaat Andrej Sannikov, de politieke en maatschappelijke activisten Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik en Vladimir Jerjomenok. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

7.

Unukevich, Tamara Vasileuna

Vnukevich, Tamara Vasilievna

Унукевiч Тамара Васiлеўна

Внукевич Тамара Васильевна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev en Pavel Severinets. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

8.

Krot, Ihar Uladzimiravich

Krot, Igor Vladimirovich

Крот Iгар Уладзiмiравiч

Крот Игорь Владимирович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-bijzitter) het beroep verworpen tegen de veroordeling van de politieke activist Vasili Parfenkov. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

9.

Khrobastau, Uladzimir Ivanavich

Khrobostov, Vladimir Ivanovich

Хробастаў Уладзiмiр Iванавiч

Хробостов Владимир Иванович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-bijzitter) het beroep verworpen tegen de veroordeling van de politieke activist Vasili Parfenkov. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

10.

Ihnatovich-Mishneva, Liudmila

Ignatovich-Mishneva, Liudmila

Iгнатовiч-Мiшнева Людмiла

Игнатович-Мишнева Людмила

 

Aanklager bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk die de verwerping van het beroep tegen de veroordeling van Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov, activisten van het Molodoi Front (Jong Front), heeft behandeld. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

11.

Yarmalitski, Siarhei Uladzimiravich

Ermolitski, Sergei Vladimirovich

(Yermolitski, Sergei Vladimirovich)

Ярмалiцкi Сяргей Уладзiмiравiч

Ермолицкий Сергей Владимирович

 

Directeur van het gevangeniskamp in Sjklov. Hij is verantwoordelijk voor de onmenselijke behandeling van de gedetineerden en voor de vervolging van ex-presidentskandidaat Nikolaj Statkevitsj, die in de gevangenis is gezet in verband met de gebeurtenissen van 19 december 2010, en andere gevangenen.

12.

Kavaliou, Aliaksandr Mikhailavich

Kovalev, Aleksandr Mikhailovich

Кавалёў Аляксандр Мiхайлавiч

Ковалёв Александр Михайлович

 

Directeur van het gevangeniskamp in Gorki. Hij is verantwoordelijk voor de onmenselijke behandeling van de gedetineerden, vooral voor de vervolging en foltering van de maatschappelijke activist Dmitri Dasjkevitsj, die in de gevangenis is gezet in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

13.

Paluyan, Uladzimir Mikalayevich

Paluyan, Vladimir Nikolaevich

Палуян Уладзiмiр Мiкалаевiч

Полуян Владимир Николаевич

het dorp Nekrasjevitsji in het district Karelitsji in de regio Chrodna1961

Minister bevoegd voor belastingen en heffingen. Houdt toezicht op de belastingautoriteiten die de strafzaak tegen Bjaljatski steunen onder het voorwendsel van belastingontwijking. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

14.

Kornau, Uladzimir Uladzimiravich

Kornov, Vladimir Vladimirovich

Корнаў Уладзiмiр Уладзiмiравiч

Корнов Владимир Владимирович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk die de verwerping van het beroep van de advocaten van Bjaljatski heeft toegestaan. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

15.

Shastakou Maksim Aleksandrauvich

(Shastakou Maksim Aleksandravich, Shastakou Maxim Aleksandrauvich, Shastakou Maxim Aleksandravich, Shastakou Maxsim Aleksandrauvich, Shastakou Maxsim Aleksandrauvich)

Shestakov, Maksim Aleksandrovich

Шастакоў Максiм Александравiч

Шестаков Максим Александрович

 

Aanklager die de zaak tegen Bjaljatski in de rechtbank van het district Pervomajski van Minsk heeft behandeld na het verzoekschrift van Bjaljatski aan de rechtbank met betrekking tot zijn opsluiting. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

16.

Herasimovich Volha Ivanavna

(Herasimovich Volha Ivanovna)

Gerasimovich Olga Ivanovna

Герасiмовiч Вольга Иванаўна

Герасiмовiч Вольга Иваноўна

Герасимович Ольга Ивановна

 

Aanklager die de zaak tegen Bjaljatski in de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk heeft behandeld na het verzoekschrift van Bjaljatski aan de rechtbank met betrekking tot zijn opsluiting. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.


BIJLAGE II

Personen en entiteit als bedoeld in artikel 2

 

Naam

Engelse transcriptie van Belarussische spelling

Engelse transcriptie van Russische spelling

Naam (Belarussische spelling)

Naam (Russische spelling)

Geboorteplaats en -datum

Functie

1.

Mazouka, Kiryl Viktaravich

Mazovka, Kirill Viktorovich

Мазоўка Кiрыл Вiктаравiч

Мазовка Кирилл Викторович

 

Openbaar aanklager in de zaak Dasjkevitsj-Lobov. Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov, activisten van het „Molodoi Front” (Jong Front), werden veroordeeld tot meerdere jaren gevangenisstraf wegens hooliganisme. De echte reden voor hun opsluiting is dat beiden actief betrokken waren bij de verkiezingscampagne van december 2010 en een van de kandidaten van de oppositie steunden.

2.

Bazanau, Aliaksandr Viktaravich

Bazanov, Aleksandr Viktorovich

Базанаў Аляскандр Вiктаравiч

Базанов Александр Викторович

Kazachstan 26.11.1962

Directeur, Informatie- en Analysecentrum van de president

3.

Peftiev Vladimir

Peftiev Vladimir Pavlovich

Пефцiеў Уладзiмiр Паўлавiч

Пефтиев Владимир Павлович

1 juli 1957, Berdjansk, Zaporozjskaja Oblast, Oekraïne; Huidig paspoort nr. MP2405942

Gelieerd met Aleksandr Loekasjenko, Viktor Loekasjenko en Dmitri Loekasjenko Economisch adviseur van president Loekasjenko en centrale financiële steunpilaar onder het regime- Loekasjenko. Hoofdaandeelhouder en voorzitter van de raad van aandeelhouders van Beltechexport, een van de grootste import- en exportfirma’s voor militaire goederen van Belarus.

4.

Ipatau, Vadzim Dzmitryevich

Ipatov, Vadim Dmitrievich

Iпатаў Вадзiм Дзмiтрыевiч

ИПАТОВ Вадим Дмитриевич

 

Adjunct-voorzitter, centrale kiescommissie (CEC). Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

5.

Bushnaia, Natallia Uladzimirauna (Bushnaya, Natallia Uladzimirauna)

Bushnaia, Natalia Vladimirovna (Bushnaya, Natalya Vladimirovna)

Бушная Наталля Уладзiмiраўна

Бушная, Наталья Владимировна

1953, Mogilev

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

6.

Bushchyk, Vasil Vasilievich

Bushchik, Vasili Vasilievich

Бушчык Васiль Васiльевiч

Бущик, Василий Васильевич

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

7.

Katsuba, Sviatlana Piatrouna

Katsubo, Svetlana Petrovna

Кацуба Святлана Пятроўна

Кацубо, Светлана Петровна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

8.

Kisialiova, Nadzeia Mikalaeuna (Kisyaliova, Nadzeya Mikalaeuna)

Kiseleva, Nadezhda Nikolaevna

Кiсялёва Надзея Мiкалаеўна

Киселева, Надежда Николаевна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

9.

Padaliak, Eduard Vasilievich (Padalyak, Eduard Vasilyevich)

Podoliak, Eduard Vasilievich (Podolyak, Eduard Vasilyevich)

Падаляк Эдуард Васiльевiч

Подоляк, Эдуард Васильевич

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

10.

Rakhmanava, Maryna Iurievna

Rakhmanova, Marina Iurievna

Рахманава Марына Юр’еўна

Рахманова, Марина Юрьевна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor het schenden van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

11.

Shchurok, Ivan Antonavich

Shchurok, Ivan Antonovich

Шчурок Iван Антонавiч

Щурок, Иван Антонович

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

12.

Sport-Pari

 

„ЗАО Спорт- пари” (оператор республиканской лотереи)

 

Entiteit onder zeggenschap van de heer Peftiev Vladimir, samen met de heer Loekasjenko, Dmitri Aleksandrevitsj doordat deze laatste zeggenschap heeft over de presidentiële sportclub die een verplicht meerderheidsaandeel van de staat in Sport-Pari houdt.

13.

Shadryna, Hanna Stanislavauna

Shadrina, Anna Stanislavovna

Шадрына Ганна Станiславаўна

Шадрина Анна Станиславовна

 

Voormalig adjunct-hoofdredacteur van de krant „Sovietskaia Belarus”


11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/15


UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 1001/2011 VAN DE COMMISSIE

van 10 oktober 2011

tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad van 22 oktober 2007 houdende een gemeenschappelijke ordening van de landbouwmarkten en specifieke bepalingen voor een aantal landbouwproducten („integrale-GMO-verordening”) (1),

Gezien Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft (2), en met name artikel 136, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 zijn, op grond van de resultaten van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde, de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de perioden die in bijlage XVI, deel A, bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in artikel 136 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op 11 oktober 2011.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 oktober 2011.

Voor de Commissie, namens de voorzitter,

José Manuel SILVA RODRÍGUEZ

Directeur-generaal Landbouw en plattelandsontwikkeling


(1)  PB L 299 van 16.11.2007, blz. 1.

(2)  PB L 157 van 15.6.2011, blz. 1.


BIJLAGE

Forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

(EUR/100 kg)

GN-code

Code derde landen (1)

Forfaitaire invoerwaarde

0702 00 00

AL

58,3

EC

36,3

MA

56,6

MK

58,0

ZZ

52,3

0707 00 05

AL

65,0

EG

98,1

MK

64,2

TR

126,8

ZZ

88,5

0709 90 70

TR

118,8

ZZ

118,8

0805 50 10

AR

70,6

BR

41,3

CL

60,5

TR

62,3

UY

56,8

ZA

67,7

ZZ

59,9

0806 10 10

BR

245,7

CL

79,6

MK

85,4

PE

228,3

TR

111,5

US

275,5

ZA

65,0

ZZ

155,9

0808 10 80

CL

81,3

CN

86,4

NZ

116,4

US

114,5

ZA

77,6

ZZ

95,2

0808 20 50

CN

54,5

TR

107,9

ZA

60,3

ZZ

74,2


(1)  Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1833/2006 van de Commissie (PB L 354 van 14.12.2006, blz. 19). De code „ZZ” staat voor „overige oorsprong”.


BESLUITEN

11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/17


BESLUIT 2011/666/GBVB VAN DE RAAD

van 10 oktober 2011

tot wijziging van Besluit 2010/639/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Belarus

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 25 oktober 2010 Besluit 2010/639/GBVB van de Raad betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde functionarissen van Belarus (1) vastgesteld.

(2)

Na toetsing van Besluit 2010/639/GBVB dienen de beperkende maatregelen te worden verlengd tot en met 31 oktober 2012.

(3)

Gelet op de ernst van de situatie in Belarus moeten nog meer personen worden toegevoegd aan de in de bijlage IIIA bij Besluit 2010/639/GBVB opgenomen lijst van personen en entiteiten die onderworpen zijn aan beperkende maatregelen.

(4)

Voorts moeten de gegevens over bepaalde personen en een entiteit op de lijst in bijlage IIIA bij dat besluit worden geactualiseerd.

(5)

Er moet worden voorzien in een uitzondering op de in Besluit 2010/639/GBVB afgekondigde bevriezing van tegoeden om te voorkomen dat bedrijven in de EU worden verhinderd om middelen terug te vorderen die de entiteiten op de lijst aan hen verschuldigd zijn in het kader van contracten die waren gesloten voordat deze entiteiten op de lijst werden geplaatst.

(6)

Besluit 2010/639/GBVB moet dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit 2010/639/GBVB wordt als volgt gewijzigd:

1.

Aan artikel 3 wordt het volgende lid toegevoegd:

„3.   Artikel 2, lid 1, belet niet dat een op een lijst geplaatste natuurlijke of rechtspersoon, entiteit of lichaam betalingen doet die verschuldigd zijn uit hoofde van een contract dat is gesloten voordat die natuurlijke of rechtspersoon, die entiteit of dat lichaam op de lijst werd geplaatst, mits de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat de betaling niet rechtstreeks of middellijk wordt ontvangen door een in artikel 2, lid 1, bedoelde persoon of entiteit.”;

2.

Artikel 7, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   Dit besluit is van toepassing tot en met 31 oktober 2012. Het wordt voortdurend getoetst. Het wordt zo nodig verlengd of gewijzigd indien de Raad van oordeel is dat de doelstellingen ervan niet zijn verwezenlijkt.”.

Artikel 2

De in bijlage I bij dit besluit genoemde personen worden toegevoegd aan de lijst in bijlage IIIA bij Besluit 2010/639/GBVB.

Artikel 3

De vermeldingen voor de volgende personen en entiteit in bijlage IIIA bij Besluit 2010/639/GBVB worden vervangen door de corresponderende vermeldingen in bijlage II bij dit besluit:

(1)

Mazouka Siarhei

(2)

Bazanau, Aliaksandr Viktaravich

(3)

Peftiev Vladimir

(4)

Ipatau, Vadzim Dzmitryevich

(5)

Bushnaia, Natallia Uladzimirauna

(6)

Bushchyk, Vasil Vasilievich

(7)

Katsuba, Sviatlana Piatrouna

(8)

Kisialiova, Nadzeia Mikalaeuna

(9)

Padaliak, Eduard Vasilievich

(10)

Rakhmanava, Maryna Iurievna

(11)

Shchurok, Ivan Antonavich

(12)

Sport-Pari

(13)

Shadryna, Hanna Stanislavauna.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Luxemburg, 10 oktober 2011.

Voor de Raad

De voorzitster

C. ASHTON


(1)  PB L 280 van 26.10.2010, blz. 18.


BIJLAGE I

Personen als bedoeld in artikel 2

 

Naam

Engelse transcriptie van Belarussische spelling

Engelse transcriptie van Russische spelling

Naam

(Belarussische spelling)

Naam

(Russische spelling)

Geboorteplaats en -datum

Functie

1.

Kamisarau, Valery Mikalayevich

Komissarov, Valeri Nikolaevich

Камiсараў Валерый Мiкалаевiч

Комиссаров Валерий Николаевич

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Dmitri Dasjkevitsj, Edoeard Lobov, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik en Aleksandr Moltsjanov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

2.

Stsiapurka, Uladzimir Mikhailavich

Stepurko, Vladimir Mikhailovich

Сцяпурка Уладзiмiр Мiхайлавiч

Степурко Владимир Михайлович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev, Pavel Severinets, Dmitri Bondarenko, Dmitri Doronin, Sergej Kazakov, Vladimir Loban, Vitali Matsoekevitsj, Evgeni Sekret en Oleg Fedorkevitsj. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

3.

Khrypach, Siarhei Fiodaravich

Khripach, Sergei Fiodorovich

Хрыпач Сяргей Фёдаравiч

Хрипач Сергей Федорович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de ex-presidentskandidaten Andrej Sannikov, Nikolaj Statkevitsj, Dmitri Oess, Vladimir Nekljaev, de politieke en maatschappelijke activisten Andrej Dmitrjev, Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik, Vladimir Jerjomenok, Andrej Poznjak, Aleksandr Klaskovskij, Aleksandr Kvjatkevitsj, Artjom Gribkov, Dmitri Boelanov en (als rechter-bijzitter) Dmitri Dasjkevitsj, Edoeard Lobov, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik en Aleksandr Moltsjanov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

4.

Nazaranka, Vasil Andreyevich

Nazarenko, Vasili Andreevich

Назаранка Васiль Андрэевiч

Назаренко Василий Андреевич

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-voorzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Vasili Parfenkov en (als rechter-bijzitter) Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

5.

Kamarouskaya, Volha Paulauna

Komarovskaia, Olga Pavlovna

Камароўская Вольга Паўлаўна

Комаровская Ольга Павловна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de ex-presidentskandidaat Andrej Sannikov, de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev, Pavel Severinets, Aleksandr Otrosjtsjenkov, Dmitri Novik, Aleksandr Moltsjanov, Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik, Vladimir Jerjomenok, Dmitri Doronin, Sergej Kazakov, Vladimir Loban, Vitali Matsoekevitsj, Evgeni Sekret en Oleg Fedorkevitsj. Deze processen vormden een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

6.

Zaitsava, Viktoryia Henadzeuna

Zaitseva, Viktoria Gennadievna

Зайцава Вiкторыя Генадзеўна

Зайцева Виктория Геннадьевна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van ex-presidentskandidaat Andrej Sannikov, de politieke en maatschappelijke activisten Ilja Vasiljevitsj, Fjodor Mirzajanov, Oleg Gnedtsjik en Vladimir Jerjomenok. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

7.

Unukevich, Tamara Vasileuna

Vnukevich, Tamara Vasilievna

Унукевiч Тамара Васiлеўна

Внукевич Тамара Васильевна

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Zij heeft (als rechter-bijzitter) de beroepen verworpen tegen de veroordeling van de politieke en maatschappelijke activisten Irina Chalip, Sergej Martselev en Pavel Severinets. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

8.

Krot, Ihar Uladzimiravich

Krot, Igor Vladimirovich

Крот Iгар Уладзiмiравiч

Крот Игорь Владимирович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-bijzitter) het beroep verworpen tegen de veroordeling van de politieke activist Vasili Parfenkov. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

9.

Khrobastau, Uladzimir Ivanavich

Khrobostov, Vladimir Ivanovich

Хробастаў Уладзiмiр Iванавiч

Хробостов Владимир Иванович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk. Hij heeft (als rechter-bijzitter) het beroep verworpen tegen de veroordeling van de politieke activist Vasili Parfenkov. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

10.

Ihnatovich-Mishneva, Liudmila

Ignatovich-Mishneva, Liudmila

Iгнатовiч-Мiшнева Людмiла

Игнатович-Мишнева Людмила

 

Aanklager bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk die de verwerping van het beroep tegen de veroordeling van Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov, activisten van het Molodoi Front (Jong Front), heeft behandeld. Het proces vormde een flagrante inbreuk op het Wetboek van Strafvordering.

11.

Yarmalitski, Siarhei Uladzimiravich

Ermolitski, Sergei Vladimirovich

(Yermolitski, Sergei Vladimirovich)

Ярмалiцкi Сяргей Уладзiмiравiч

Ермолицкий Сергей Владимирович

 

Directeur van het gevangeniskamp in Sjklov. Hij is verantwoordelijk voor de onmenselijke behandeling van de gedetineerden en voor de vervolging van ex-presidentskandidaat Nikolaj Statkevitsj, die in de gevangenis is gezet in verband met de gebeurtenissen van 19 december 2010, en andere gevangenen.

12.

Kavaliou, Aliaksandr Mikhailavich

Kovalev, Aleksandr Mikhailovich

Кавалёў Аляксандр Мiхайлавiч

Ковалёв Александр Михайлович

 

Directeur van het gevangeniskamp in Gorki. Hij is verantwoordelijk voor de onmenselijke behandeling van de gedetineerden, vooral voor de vervolging en foltering van de maatschappelijke activist Dmitri Dasjkevitsj, die in de gevangenis is gezet in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

13.

Paluyan, Uladzimir Mikalayevich

Paluyan, Vladimir Nikolaevich

Палуян Уладзiмiр Мiкалаевiч

Полуян Владимир Николаевич

het dorp Nekrasjevitsji in het district Karelitsji in de regio Chrodna

1961

Minister bevoegd voor belastingen en heffingen. Houdt toezicht op de belastingautoriteiten die de strafzaak tegen Bjaljatski steunen onder het voorwendsel van belastingontwijking. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

14.

Kornau, Uladzimir Uladzimiravich

Kornov, Vladimir Vladimirovich

Корнаў Уладзiмiр Уладзiмiравiч

Корнов Владимир Владимирович

 

Rechter bij de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk die de verwerping van het beroep van de advocaten van Bjaljatski heeft toegestaan. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

15.

Shastakou Maksim Aleksandrauvich

(Shastakou Maksim Aleksandravich, Shastakou Maxim Aleksandrauvich, Shastakou Maxim Aleksandravich, Shastakou Maxsim Aleksandrauvich, Shastakou Maxsim Aleksandrauvich)

Shestakov, Maksim Aleksandrovich

Шастакоў Максiм Александравiч

Шестаков Максим Александрович

 

Aanklager die de zaak tegen Bjaljatski in de rechtbank van het district Pervomajski van Minsk heeft behandeld na het verzoekschrift van Bjaljatski aan de rechtbank met betrekking tot zijn opsluiting. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.

16.

Herasimovich Volha Ivanavna

(Herasimovich Volha Ivanovna)

Gerasimovich Olga Ivanovna

Герасiмовiч Вольга Иванаўна

Герасiмовiч Вольга Иваноўна

Герасимович Ольга Ивановна

 

Aanklager die de zaak tegen Bjaljatski in de hoofdstedelijke rechtbank van Minsk heeft behandeld na het verzoekschrift van Bjaljatski aan de rechtbank met betrekking tot zijn opsluiting. Bjaljatski was actief bij het verdedigen van en het verlenen van bijstand aan personen die te lijden hadden onder de repressie in verband met de verkiezingen van 19 december 2010 en het harde optreden tegen de civiele samenleving en de democratische oppositie.


BIJLAGE II

Personen en entiteit als bedoeld in artikel 3

 

Naam

Engelse transcriptie van Belarussische spelling

Engelse transcriptie van Russische spelling

Naam (Belarussische spelling)

Naam (Russische spelling)

Geboorteplaats en -datum

Functie

1.

Mazouka, Kiryl Viktaravich

Mazovka, Kirill Viktorovich

Мазоўка Кiрыл Вiктаравiч

Мазовка Кирилл Викторович

 

Openbaar aanklager in de zaak Dasjkevitsj-Lobov. Dmitri Dasjkevitsj en Edoeard Lobov, activisten van het „Molodoi Front” (Jong Front), werden veroordeeld tot meerdere jaren gevangenisstraf wegens hooliganisme. De echte reden voor hun opsluiting is dat beiden actief betrokken waren bij de verkiezingscampagne van december 2010 en een van de kandidaten van de oppositie steunden.

2.

Bazanau, Aliaksandr Viktaravich

Bazanov, Aleksandr Viktorovich

Базанаў Аляскандр Вiктаравiч

Базанов Александр Викторович

Kazachstan 26.11.1962

Directeur, Informatie- en Analysecentrum van de president

3.

Peftiev Vladimir

Peftiev Vladimir Pavlovich

Пефцiеў Уладзiмiр Паўлавiч

Пефтиев Владимир Павлович

1 juli 1957, Berdjansk, Zaporozjskaja Oblast, Oekraïne; Huidig paspoort nr. MP2405942

Gelieerd met Aleksandr Loekasjenko, Viktor Loekasjenko en Dmitri Loekasjenko economisch adviseur van president Loekasjenko en centrale financiële steunpilaar onder het regime- Loekasjenko. Hoofdaandeelhouder en voorzitter van de raad van aandeelhouders van Beltechexport, een van de grootste import- en exportfirma’s voor militaire goederen van Belarus.

4.

Ipatau, Vadzim Dzmitryevich

Ipatov, Vadim Dmitrievich

Iпатаў Вадзiм Дзмiтрыевiч

Ипатов Вадим Дмитриевич

 

Adjunct-voorzitter, centrale kiescommissie (CEC). Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

5.

Bushnaia, Natallia Uladzimirauna (Bushnaya, Natallia Uladzimirauna)

Bushnaia, Natalia Vladimirovna (Bushnaya, Natalya Vladimirovna)

Бушная Наталля Уладзiмiраўна

Бушная, Наталья Владимировна

1953, Mogilev

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

6.

Bushchyk, Vasil Vasilievich

Bushchik, Vasili Vasilievich

Бушчык Васiль Васiльевiч

Бущик, Василий Васильевич

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

7.

Katsuba, Sviatlana Piatrouna

Katsubo, Svetlana Petrovna

Кацуба Святлана Пятроўна

Кацубо, Светлана Петровна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

8.

Kisialiova, Nadzeia Mikalaeuna (Kisyaliova, Nadzeya Mikalaeuna)

Kiseleva, Nadezhda Nikolaevna

Кiсялёва Надзея Мiкалаеўна

Киселева, Надежда Николаевна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

9.

Padaliak, Eduard Vasilievich (Padalyak, Eduard Vasilyevich)

Podoliak, Eduard Vasilievich (Podolyak, Eduard Vasilyevich)

Падаляк Эдуард Васiльевiч

Подоляк, Эдуард Васильевич

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

10.

Rakhmanava, Maryna Iurievna

Rakhmanova, Marina Iurievna

Рахманава Марына Юр’еўна

Рахманова, Марина Юрьевна

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is zij medeverantwoordelijk voor het schenden van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

11.

Shchurok, Ivan Antonavich

Shchurok, Ivan Antonovich

Шчурок Iван Антонавiч

Щурок, Иван Антонович

 

Lid CEC. Als lid van de centrale kiescommissie is hij medeverantwoordelijk voor de schending van internationale verkiezingsnormen tijdens de presidentsverkiezingen van 19 december 2010.

12.

Sport-Pari

 

„ЗАО Спорт- пари” (оператор республиканской лотереи)

 

Entiteit onder zeggenschap van de heer Peftiev Vladimir, samen met de heer Loekasjenko, Dmitri Aleksandrevitsj doordat deze laatste zeggenschap heeft over de presidentiële sportclub die een verplicht meerderheidsaandeel van de staat in Sport-Pari houdt.

13.

Shadryna, Hanna Stanislavauna

Shadrina, Anna Stanislavovna

Шадрына Ганна Станiславаўна

Шадрина Анна Станиславовна

 

Voormalig adjunct-hoofdredacteur van de krant „Sovietskaia Belarus”


11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/25


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 10 oktober 2011

over regelingen voor gecoördineerde toepassing van de handhavingsregels met betrekking tot mobiele satellietdiensten (MSS) overeenkomstig artikel 9, lid 3, van Beschikking nr. 626/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2011) 7001)

(Voor de EER relevante tekst)

(2011/667/EU)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Beschikking nr. 626/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 juni 2008 inzake de selectie en machtiging van systemen die mobiele satellietdiensten (MSS) leveren (1), en met name artikel 9, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Beschikking nr. 626/2008/EG beoogt de ontwikkeling van een op concurrentie gebaseerde interne markt voor mobiele satellietdiensten (MSS) in de gehele Unie te vergemakkelijken en gaandeweg dekking in alle lidstaten te bereiken.

(2)

Bij deze beschikking wordt een procedure ingesteld voor de gemeenschappelijke selectie van exploitanten van mobiele satellietsystemen die de 2 GHz-frequentieband gebruiken, die bestaat uit radiospectrum van 1 980 tot 2 010 MHz voor aarde-ruimtecommunicatie en van 2 170 tot 2 200 MHz voor ruimte-aardecommunicatie.

(3)

Beschikking 2009/449/EG van de Commissie van 13 mei 2009 inzake de selectie van exploitanten van pan-Europese systemen die mobiele satellietdiensten (MSS) aanbieden (2) bevat de lijst van de geselecteerde exploitanten en de overeenstemmende frequenties.

(4)

Krachtens artikel 7, lid 1, van Beschikking nr. 626/2008/EG moeten de lidstaten ervoor zorgen dat de geselecteerde aanvragers, overeenkomstig het tijdschema en het dekkingsgebied waartoe zij zich hebben verbonden, het gebruiksrecht krijgen voor de specifieke radiofrequentie die is bepaald in Beschikking 2009/449/EG, alsmede het recht om een mobiel satellietsysteem te exploiteren.

(5)

Het gebruiksrecht voor de specifieke radiofrequentie en het recht om een mobiel satellietsysteem te exploiteren zijn gebonden aan de in artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG vastgestelde gemeenschappelijke voorwaarden. In het bijzonder moeten de geselecteerde exploitanten het toegewezen radiospectrum voor de levering van MSS gebruiken, moeten zij tegen 13 mei 2011 voldaan hebben aan de in de bijlage bij deze beschikking vermelde mijlpalen zes tot en met negen en moeten zij elke in hun aanvragen vermelde toezegging nakomen.

(6)

Het toezicht op de naleving van deze gemeenschappelijke voorwaarden en de handhaving daarvan, met inbegrip van de definitieve beoordeling van elke inbreuk op gemeenschappelijk voorwaarden, moet op nationaal niveau plaatsvinden.

(7)

Nationale handhavingsregels moeten in overeenstemming zijn met de regelgeving van de Unie, in het bijzonder artikel 10 van Richtlijn 2002/20/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 betreffende de machtiging voor elektronischecommunicatienetwerken en -diensten (3).

(8)

De grensoverschrijdende aard van de in artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG vastgestelde gemeenschappelijke voorwaarden vereist dat de nationale procedures die tot handhaving door de lidstaten leiden, op het vlak van de Unie worden gecoördineerd. Inconsistenties in de toepassing van nationale handhavingsmaatregelen, in het bijzonder met betrekking tot het onderzoek, de timing en de aard van de opgelegde maatregelen, zouden leiden tot een lappendeken van handhavingsmaatregelen, hetgeen in strijd is met de pan-Europese aard van MSS.

(9)

Dit besluit mag geen betrekking hebben op de handhaving van zuiver nationale voorwaarden of worden toegepast op handhavingsmaatregelen betreffende andere voorwaarden dan de in artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG bedoelde gemeenschappelijke voorwaarden. Gelet op de hoofdzakelijk nationale dimensie van specifieke voorwaarden met betrekking tot complementaire grondcomponenten van mobiele satellietsystemen moet de handhaving van de in artikel 8, lid 3, van Beschikking nr. 626/2008/EG bedoelde gemeenschappelijke voorwaarden niet vallen binnen het toepassingsgebied van dit besluit.

(10)

Om de nakoming te verzekeren van de gemeenschappelijke voorwaarden die in de algemene machtiging en/of gebruiksrechten voor radiofrequenties zijn neergelegd, kunnen overeenkomstig artikel 10 van Richtlijn 2002/20/EG handhavingsmaatregelen worden genomen door de lidstaten die een machtiging hebben verleend aan de geselecteerde exploitanten.

(11)

Artikel 10 van Richtlijn 2002/20/EG voorziet in een stapsgewijze aanpak in de handhaving, waarbij in een eerste fase de vermeende inbreuk wordt onderzocht en indien van toepassing, maatregelen met het oog op naleving worden vastgesteld. Overeenkomstig artikel 10, lid 3, van Richtlijn 2002/20/EG moeten deze maatregelen een redelijke termijn bepalen waarbinnen de exploitant aan de maatregel moet voldoen. In het algemeen moet bij de vaststelling van een redelijke termijn om te voldoen aan de maatregel rekening worden gehouden met de specifieke aard van de satellietindustrie, van de betrokken inbreuk en van de voorgestelde remedie. Ingeval het in het bijzonder nodig zou zijn een satelliet te lanceren om te voldoen aan een van de betrokken gemeenschappelijke voorwaarden, kunnen de genomen maatregelen voorzien in een tijdschema met daarin tussenstappen en overeenstemmende tijdlimieten. Een tweede fase die in werking treedt wanneer ernstige en herhaaldelijke inbreuken niet worden verholpen, kan dan leiden tot intrekking van de gebruiksrechten.

(12)

Dit besluit kan geen afbreuk doen aan de bevoegdheid van de desbetreffende nationale instanties om onder de voorwaarden van artikel 10, lid 6, van Richtlijn 2002/20/EG tussentijdse maatregelen te nemen.

(13)

Wanneer overeenkomstig dit besluit bevindingen van machtigende lidstaten aan de Commissie zijn gemeld, doet dit niet af aan de mogelijkheid voor een lidstaat om schriftelijke opmerkingen in te dienen met het oog op bespreking in het Comité voor communicatie.

(14)

Terwijl de in artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG bedoelde gemeenschappelijke voorwaarden integraal deel uitmaken van het nationale regelgevingskader dat van toepassing is op de activiteit van de gemachtigde exploitanten, is voor het toezicht op de naleving in iedere lidstaat, en in het bijzonder voor de analyse van de feiten die aan een vermeende inbreuk op die gemeenschappelijke voorwaarden ten gronde liggen, kennis van alle feitelijke elementen van grensoverschrijdende aard en gevolgen vereist, en kan informatie over de levering van de dienst in andere lidstaten nodig zijn. Het onderling delen van de bevindingen van de verschillende bevoegde nationale instanties en van de standpunten die door de betrokken gemachtigde exploitanten zijn uitgesproken, kan bijdragen tot een meer consistente en effectieve handhaving in de Unie. Daarnaast moet een gecoördineerd tijdschema voor handhaving de rechtszekerheid voor de betrokken gemachtigde exploitanten vergroten.

(15)

Overeenkomstig artikel 10, lid 5, van Richtlijn 2002/20/EG kan bij ernstige en herhaaldelijke niet-naleving of wanneer maatregelen om de naleving van de voorwaarden binnen een redelijke termijn te verzekeren hebben gefaald, het verbod worden opgelegd om de diensten aan te bieden en kunnen de gebruiksrechten van de specifieke radiofrequentie worden opgeschort of ingetrokken. In het specifieke geval van de levering van MSS heeft het besluit tot intrekking of opschorting van de gebruiksrechten belangrijke grensoverschrijdende gevolgen. Bovendien kunnen naargelang van de nationale procedure passende maatregelen nodig zijn die leiden tot de definitieve intrekking van de machtiging, zoals in het geval van opschorting. Daarom moeten intrekkings- of opschortingsmaatregelen alleen worden vastgesteld nadat de lidstaten hun standpunten onderling hebben gedeeld en besproken binnen het Comité voor communicatie.

(16)

Aangezien de doelstelling van dit besluit, namelijk het vaststellen van regelingen voor gecoördineerde toepassing in de Europese Unie van de regels voor de handhaving van de gemeenschappelijke voorwaarden die verbonden zijn aan de machtiging tot het leveren van mobiele satellietdiensten (MSS) en/of het gebruiksrecht van de geselecteerde frequenties, door de lidstaten alleen niet voldoende kan worden verwezenlijkt en vanwege de omvang of de gevolgen van het optreden beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel zoals neergelegd in artikel 5 van het Verdrag maatregelen goedkeuren. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat dit besluit niet verder dan wat nodig is om deze doelstelling te verwezenlijken.

(17)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor communicatie,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp, doelstelling en toepassingsgebied

1.   Dit besluit voorziet in regelingen voor gecoördineerde toepassing van de handhavingsregels van de lidstaten die van toepassing zijn op een gemachtigde exploitant van mobiele satellietsystemen in geval van een vermeende inbreuk op de gemeenschappelijke voorwaarden die verbonden zijn aan de machtiging.

2.   Rekening houdend met de grensoverschrijdende aard van mobiele satellietdiensten beoogt de coördinatie met bijstand van het Comité voor communicatie in het bijzonder het gemeenschappelijk begrip te vergemakkelijken van de feiten die aan een vermeende inbreuk ten gronde liggen en van de ernst ervan, hetgeen leidt tot consistente toepassing van nationale handhavingsmaatregelen in de Europese Unie, met inbegrip van gecoördineerde timing van genomen maatregelen, in het bijzonder wanneer de inbreuken van vergelijkbare aard zijn.

3.   Dit besluit heeft geen betrekking op handhavingsmaatregelen betreffende andere voorwaarden dan de in artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG bedoelde gemeenschappelijke voorwaarden.

Artikel 2

Definities

1.   Voor de toepassing van dit besluit gelden de definities van Beschikking nr. 626/2008/EG.

2.   Voorts wordt verstaan onder:

—   „gemachtigde exploitant”: een overeenkomstig Beschikking 2009/449/EG geselecteerde exploitant waaraan het recht in het kader van een algemene machtiging of individuele gebruiksrechten is verleend om de in Beschikking 2009/449/EG vastgestelde specifieke radiofrequenties te gebruiken en/of het recht om een mobiel satellietsysteem te exploiteren;

—   „gemeenschappelijke voorwaarden”: de gemeenschappelijke voorwaarden die overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Beschikking nr. 626/2008/EG gelden voor de rechten van een gemachtigde exploitant;

—   „machtigende lidstaat”: een lidstaat die aan gemachtigde exploitanten het recht in het kader van een algemene machtiging of individuele gebruiksrechten heeft verleend om de in Beschikking 2009/449/EG vastgestelde radiofrequenties te gebruiken en/of het recht om een mobiel satellietsysteem te exploiteren.

Artikel 3

Coördinatie van handhaving van gemeenschappelijke voorwaarden

1.   Wanneer een machtigende lidstaat vaststelt dat een gemachtigde exploitant niet voldoet aan een of meer gemeenschappelijke voorwaarden en zijn bevindingen overeenkomstig artikel 10, lid 2, van Richtlijn 2002/20/EG aan die exploitant meedeelt, zal hij deze tegelijkertijd meedelen aan de Commissie, die op haar beurt de andere lidstaten daarvan in kennis stelt.

2.   Nadat de in lid 1 bedoelde informatie door de Commissie aan de lidstaten is doorgezonden, onderzoeken de andere machtigende lidstaten of er binnen hun rechtsgebied sprake is van een inbreuk op de betrokken gemeenschappelijke voorwaarden en geven zij de gemachtigde exploitant de gelegenheid om zijn standpunt kenbaar te maken.

3.   Binnen vijf maanden nadat de Commissie de in lid 1 bedoelde informatie aan de lidstaten heeft doorgezonden, delen de machtigende lidstaten een samenvatting van hun bevindingen en van de standpunten van de betrokken gemachtigde exploitant mee aan de Commissie, die op haar beurt de andere lidstaten daarvan in kennis stelt. Binnen acht maanden nadat de Commissie de in lid 1 bedoelde informatie aan de lidstaten heeft doorgezonden, roept de Commissie het Comité voor communicatie samen om de vermeende inbreuk te onderzoeken en om, indien van toepassing, passende maatregelen te bespreken met het oog op het verzekeren van naleving in overeenstemming met de in artikel 1, lid 2, genoemde doelstellingen.

4.   De lidstaten onthouden zich ervan een definitief besluit over de vermeende inbreuk vast te stellen voordat het Comité voor communicatie een vergadering heeft gehouden als bedoeld in lid 3.

5.   Na de vergadering van het Comité voor communicatie, als bedoeld in lid 3, neemt elke machtigende lidstaat die overeenkomstig artikel 10, lid 2, van Richtlijn 2002/20/EG zijn bevindingen aan de betrokken gemachtigde exploitant heeft meegedeeld en concludeert dat een of meer voorwaarden zijn geschonden, de passende en evenredige maatregelen, met inbegrip van geldelijke sancties, die nodig zijn om naleving van de gemeenschappelijke voorwaarden te verzekeren, met uitzondering van intrekking, of opschorting indien van toepassing overeenkomstig de nationale wet, van een machtiging of een gebruiksrecht van de betrokken gemachtigde exploitant.

6.   In geval van ernstige en herhaaldelijke niet-nakoming van de gemeenschappelijke voorwaarden deelt elke lidstaat die na vaststelling van de in lid 5 bedoelde maatregelen voornemens is overeenkomstig artikel 10, lid 5, van Richtlijn 2002/20/EG een besluit tot intrekking van de machtiging te nemen, haar voornemen mee aan de Commissie en verstrekt zij haar een samenvatting van de maatregelen die de betrokken gemachtigde exploitant heeft genomen om de handhavingsmaatregelen na te leven. De Commissie stelt de andere lidstaten daarvan in kennis.

7.   Binnen drie maanden nadat de Commissie de in lid 6 bedoelde informatie aan de lidstaten heeft doorgezonden, wordt een vergadering van het Comité voor communicatie samengeroepen met het doel de intrekking van een machtiging te coördineren in overeenstemming met de doelstellingen van artikel 1, lid 2. In de tussentijd onthouden alle machtigende lidstaten zich ervan besluiten vast te stellen die intrekking, of opschorting indien van toepassing overeenkomstig het nationale recht, van een machtiging of een gebruiksrecht van de betrokken gemachtigde exploitant inhouden.

8.   Na de vergadering van het Comité voor communicatie, als bedoeld in lid 7, kunnen de machtigende lidstaten passende besluiten vaststellen om de machtiging van de betrokken gemachtigde exploitant in te trekken.

9.   Elk besluit tot handhaving, als bedoeld in de leden 5 tot en met 8, en de motieven waarop het berust, worden binnen een week na de vaststelling ervan meegedeeld aan de gemachtigde exploitant en aan de Commissie, die de andere lidstaten daarvan in kennis stelt.

Artikel 4

Adressaten

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 10 oktober 2011.

Voor de Commissie

Neelie KROES

Vicevoorzitster


(1)  PB L 172 van 2.7.2008, blz. 15.

(2)  PB L 149 van 12.6.2009, blz. 65.

(3)  PB L 108 van 24.4.2002, blz. 21.


AANBEVELINGEN

11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/28


AANBEVELING VAN DE RAAD

van 15 februari 2011

inzake de aan de Commissie te verlenen kwijting voor de uitvoering van de verrichtingen van het Europees Ontwikkelingsfonds (negende EOF) voor het begrotingsjaar 2009

(2011/668/EU)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien de Partnerschapsovereenkomst tussen de leden van de groep van staten in Afrika, het Caribische gebied en de Stille Oceaan, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds, ondertekend te Cotonou op 23 juni 2000 (1), en gewijzigd bij de te Luxemburg op 25 juni 2005 ondertekende overeenkomst (2),

Gezien het Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de financiering en het beheer van de steun van de Gemeenschap in het kader van het financieel protocol bij de Partnerschapsovereenkomst tussen de staten in Afrika, het Caribische gebied en de Stille Oceaan en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, ondertekend te Cotonou (Benin) op 23 juni 2000 en de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het EG-Verdrag van toepassing zijn (3) (hierna „Intern Akkoord” genoemd), waarbij, onder andere, een negende Europees Ontwikkelingsfonds (negende EOF) werd ingesteld, en met name artikel 32, lid 3,

Gezien het Financieel Reglement van 27 maart 2003 van toepassing op het negende Europees Ontwikkelingsfonds (4), en met name de artikelen 96 tot en met 103,

Na onderzoek van de jaarrekening en de balans betreffende de verrichtingen van het negende EOF, die op 31 december 2009 zijn vastgesteld, alsmede van het jaarverslag van de Rekenkamer over de activiteiten gefinancierd uit het achtste, negende en tiende Europees Ontwikkelingsfonds (EOF) (5) wat het begrotingsjaar 2009 betreft, vergezeld van de in dat jaarverslag vervatte antwoorden van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Krachtens artikel 32, lid 3, van het Intern Akkoord wordt aan de Commissie voor het financiële beheer van het negende EOF kwijting verleend door het Europees Parlement op aanbeveling van de Raad.

(2)

De uitvoering van de verrichtingen van het negende EOF door de Commissie gedurende het begrotingsjaar 2009 is over het geheel genomen bevredigend geweest.

BEVEELT het Europees Parlement AAN de Commissie kwijting te verlenen voor de uitvoering van de verrichtingen van het negende EOF voor het begrotingsjaar 2009.

Gedaan te Brussel, 15 februari 2011.

Voor de Raad

De voorzitter

MATOLCSY Gy.


(1)  PB L 317 van 15.12.2000, blz. 3.

(2)  PB L 287 van 28.10.2005, blz. 4.

(3)  PB L 317 van 15.12.2000, blz. 355.

(4)  PB L 83 van 1.4.2003, blz. 1.

(5)  PB C 303 van 9.11.2010, blz. 243.


11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/29


AANBEVELING VAN DE RAAD

van 4 oktober 2011

betreffende de benoeming van een lid van de directie van de Europese Centrale Bank

(2011/669/EU)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 283, lid 2,

Gezien het Protocol betreffende de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, en met name artikel 11.2,

BEVEELT DE EUROPESE RAAD AAN:

De heer Jörg ASMUSSEN te benoemen tot lid van de directie van de Europese Centrale Bank voor een ambtstermijn van acht jaar.

Gedaan te Luxemburg, 4 oktober 2011.

Voor de Raad

De voorzitter

J. VINCENT-ROSTOWSKI


Rectificaties

11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/30


Rectificatie van Besluit 2010/703/EU van de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten van 18 november 2010 houdende benoeming van een rechter van het Gerecht

( Publicatieblad van de Europese Unie L 306 van 23 november 2010 )

Bladzijde 76, ondertekening:

in plaats van:

Voor de Raad

De voorzitter

J. DE RUYT”

te lezen:

De voorzitter

J. DE RUYT”.


11.10.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 265/30


Rectificatie van Besluit 2010/762/EU van de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 25 februari 2010 tot vaststelling van de zetel van het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken

( Publicatieblad van de Europese Unie L 324 van 9 december 2010 )

Bladzijde 47, ondertekening:

in plaats van:

Voor de Raad

De voorzitter

A. PÉREZ RUBALCABA”

te lezen:

De voorzitter

A. PÉREZ RUBALCABA”.