ISSN 1725-2598

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 278

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

48e jaargang
21 oktober 2005


Inhoud

 

II   Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing

Bladzijde

 

 

Raad

 

*

Besluit van de Raad van 20 september 2005 betreffende de sluiting van het Protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Hongarije, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

1

 

*

Besluit van de Raad van 25 april 2005 betreffende de ondertekening en voorlopige toepassing van een protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

2

Protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, in verband met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

3

Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds

9

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing

Raad

21.10.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 278/1


BESLUIT VAN DE RAAD

van 20 september 2005

betreffende de sluiting van het Protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Hongarije, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

(2005/720/EG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 310 in samenhang met artikel 300, lid 2, eerste alinea, tweede zin, en lid 3, tweede alinea,

Gelet op de Toetredingsakte van 2003, inzonderheid op artikel 6, lid 2,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien de instemming van het Europees Parlement (1),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het protocol bij de Euro-mediterrane associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, is namens de Europese Gemeenschap en haar lidstaten ondertekend op 8 juni 2005.

(2)

Het protocol dient te worden goedgekeurd,

BESLUIT:

Enig artikel

Het Protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Hongarije, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie, wordt goedgekeurd namens de Europese Gemeenschap en haar lidstaten.

De tekst van het protocol is aan dit besluit gehecht (2).

Gedaan te Brussel, 20 september 2005.

Voor de Raad

De voorzitster

M. BECKETT


(1)  Instemming betuigd op 6 september 2005 (nog niet verschenen in het Publicatieblad).

(2)  Zie bladzijde 2 van dit Publicatieblad.


21.10.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 278/2


BESLUIT VAN DE RAAD

van 25 april 2005

betreffende de ondertekening en voorlopige toepassing van een protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

(2005/721/EG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 310 in samenhang met artikel 300, lid 2, eerste alinea, tweede zin,

Gelet op de Akte betreffende de toetreding van de nieuwe lidstaten tot de Europese Unie, inzonderheid op artikel 6, lid 2,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 10 februari 2004 heeft de Raad de Commissie gemachtigd namens de Europese Gemeenschap en haar lidstaten onderhandelingen met Tunesië te openen over een aanpassing van de Euro-mediterrane associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië anderzijds (1), teneinde rekening te houden met de toetreding van de nieuwe lidstaten tot de Europese Unie.

(2)

Deze onderhandelingen zijn naar tevredenheid van de Commissie afgerond.

(3)

Artikel 12, lid 2, van het protocol dat met de Republiek Tunesië is overeengekomen, bepaalt dat het protocol in afwachting van de inwerkingtreding ervan voorlopig zal worden toegepast.

(4)

Onder voorbehoud van de sluiting ervan op een later tijdstip dient het protocol namens de Gemeenschap te worden ondertekend en voorlopig te worden toegepast,

BESLUIT:

Artikel 1

De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de persoon of personen aan te wijzen die gemachtigd is/zijn namens de Europese Gemeenschap en haar lidstaten het protocol te ondertekenen bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie.

De tekst van het protocol is aan dit besluit gehecht.

Artikel 2

De Europese Gemeenschap en haar lidstaten komen overeen de bepalingen van het in artikel 1 bedoelde protocol voorlopig toe te passen onder voorbehoud van de sluiting ervan.

Gedaan te Luxemburg, 25 april 2005.

Voor de Raad

De voorzitter

J. ASSELBORN


(1)  PB L 97 van 30.3.1998, blz. 2.


PROTOCOL

bij de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, in verband met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

HET KONINKRIJK BELGIË,

DE TSJECHISCHE REPUBLIEK,

HET KONINKRIJK DENEMARKEN,

DE BONDSREPUBLIEK DUITSLAND,

DE REPUBLIEK ESTLAND,

DE HELLEENSE REPUBLIEK,

HET KONINKRIJK SPANJE,

DE FRANSE REPUBLIEK,

IERLAND,

DE ITALIAANSE REPUBLIEK,

DE REPUBLIEK CYPRUS,

DE REPUBLIEK LETLAND,

DE REPUBLIEK LITOUWEN,

HET GROOTHERTOGDOM LUXEMBURG,

DE REPUBLIEK HONGARIJE,

DE REPUBLIEK MALTA,

HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN,

DE REPUBLIEK OOSTENRIJK,

DE REPUBLIEK POLEN,

DE PORTUGESE REPUBLIEK,

DE REPUBLIEK SLOVENIË,

DE REPUBLIEK SLOWAKIJE,

DE REPUBLIEK FINLAND,

HET KONINKRIJK ZWEDEN,

HET VERENIGD KONINKRIJK VAN GROOT-BRITTANNIË EN NOORD-IERLAND,

hierna de „EG-lidstaten” te noemen, vertegenwoordigd door de Raad van de Europese Unie; en

DE EUROPESE GEMEENSCHAP,

hierna te noemen „de Gemeenschap”, vertegenwoordigd door de Raad van de Europese Unie en de Commissie van de Europese Gemeenschappen, enerzijds, en

DE REPUBLIEK TUNESIË, hierna „Tunesië” te noemen, anderzijds,

OVERWEGENDE dat de Euro-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, hierna „de Euro-mediterrane overeenkomst” genoemd, op 17 juli 1995 in Brussel ondertekend en op 1 maart 1998 in werking is getreden;

OVERWEGENDE dat het Verdrag betreffende de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie (hierna het „Toetredingsverdrag” genoemd) op 16 april 2003 te Athene is ondertekend en op 1 mei 2004 in werking is getreden;

OVERWEGENDE dat uit hoofde van artikel 6, lid 2, van de Toetredingsakte van 2003, de toetreding van de nieuwe overeenkomstsluitende partijen tot de Euro-mediterrane overeenkomst moet worden overeengekomen door de sluiting van een protocol bij de Euro-mediterrane overeenkomst;

OVERWEGENDE dat overeenkomstig artikel 23, lid 2, van de Euro-mediterrane overeenkomst overleg heeft plaatsgevonden om rekening te houden met de wederzijdse belangen van de Gemeenschap en Tunesië,

ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

De Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek worden partij bij de Euro-mediterrane overeenkomst en dienen, op dezelfde wijze als de andere lidstaten van de Gemeenschap, de teksten van de overeenkomst, alsmede de gemeenschappelijke verklaringen, de verklaringen en de briefwisselingen respectievelijk goed te keuren en er nota van te nemen.

Artikel 2

Teneinde rekening te houden met de recente institutionele ontwikkelingen binnen de Europese Unie, komen de partijen overeen dat na het aflopen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal de bestaande bepalingen van de overeenkomst die naar de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal verwijzen, geacht worden te verwijzen naar de Europese Gemeenschap, die alle door de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal aangegane rechten en verplichtingen heeft overgenomen.

HOOFDSTUK I

WIJZIGINGEN IN DE TEKST VAN DE EURO-MEDITERRANE OVEREENKOMST, IN HET BIJZONDER DE PROTOCOLLEN

Artikel 3

Landbouwproducten

1.   Artikel 3, leden 1 en 2, van Protocol nr. 1, wordt vervangen door:

„1.   Met ingang van 1 januari 2001 mag, tot een hoeveelheid van ten hoogste 50 000 ton, geheel en al in Tunesië verkregen en rechtstreeks van dit land naar de Gemeenschap vervoerde ruwe olijfolie van de onderverdelingen 1509 10 10 en 1509 10 90 van de gecombineerde nomenclatuur vrij van recht in de Gemeenschap worden ingevoerd. Met ingang van 1 mei 2004 wordt deze hoeveelheid jaarlijks met 700 ton verhoogd.

2.   Deze hoeveelheid wordt met ingang van 1 januari 2002 gedurende een periode van vier jaar met telkens 1 500 ton per jaar verhoogd, zodat zij vanaf 1 januari 200556 700 ton per jaar bedraagt.”.

2.   In de tabel in de bijlage bij Protocol nr. 1 betreffende de regeling voor de invoer van landbouwproducten uit Tunesië in de Gemeenschap, wordt de regel betreffende de producten van GN-code 1509 10 vervangen door de volgende regel:

„GN-code

Omschrijving

Verlaging meestbegunstigingsrecht ( %)

Toegestane hoeveelheid per jaar of per vermelde periode (netto ton)

Verlaging douanerecht boven tariefcontingent ( %)

Specifieke bepalingen

1509 10

Olijfolie of fracties daarvan, verkregen bij de eerste persing

100

50 000 + 700

Artikel 3, lid 2”

Artikel 4

Oorsprongsregels

Protocol nr. 4 wordt als volgt gewijzigd:

1)

Artikel 19, lid 4, wordt vervangen door:

„4.   Op een achteraf afgegeven certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 wordt een van de volgende aantekeningen aangebracht:

ES

„EXPEDIDO A POSTERIORI”

CS

„VYSTAVENO DODATEČNĚ”

DA

„UDSTEDT EFTERFØLGENDE”

DE

„NACHTRÄGLICH AUSGESTELLT”

ET

„VÄLJA ANTUD TAGASIULATUVALT”

EL

„ΕΚΔΟΘΕΝ ΕΚ ΤΩΝ ΥΣΤΕΡΩΝ”

EN

„ISSUED RETROSPECTIVELY”

FR

„DÉLIVRÉ À POSTERIORI”

IT

„RILASCIATO A POSTERIORI”

LV

„IZSNIEGTS RETROSPEKTĪVI”

LT

„RETROSPEKTYVUSIS IŠDAVIMAS”

HU

„KIADVA VISSZAMENŐLEGES HATÁLLYAL”

MT

„MAĦRUĠ RETROSPETTIVAMENT”

NL

„AFGEGEVEN A POSTERIORI”

PL

„WYSTAWIONE RETROSPEKTYWNIE”

PT

„EMITIDO A POSTERIORI”

SL

„IZDANO NAKNADNO”

SK

„VYDANÉ DODATOČNE”

FI

„ANNETTU JÄLKIKÄTEEN”

SV

„UTFÄRDAT I EFTERHAND”

AR

Image

”.

2)

Artikel 20, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   Op het aldus afgegeven duplicaat wordt een van de volgende aantekeningen aangebracht:

ES

„DUPLICADO”

CS

„DUPLIKÁT”

DA

„DUPLIKÁT”

DE

„DUPLIKAT”

ET

„DUPLIKAAT”

EL

„ΑΝΤΙΓΡΑΦΟ”

EN

„DUPLICATE”

FR

„DUPLICATA”

IT

„DUPLICATO”

LV

„DUBLIKĀTS”

LT

„DUBLIKATAS”

HU

„MÁSODLAT”

MT

„DUPLIKAT”

NL

„DUPLICAAT”

PL

„DUPLIKAT”

PT

„SEGUNDA VIA”

SL

„DVOJNIK”

SK

„DUPLIKÁT”

FI

„KAKSOISKAPPALE”

SV

„DUPLIKAT”

AR

Image

”.

3)

Artikel 22, lid 4, wordt vervangen door:

„4.   In de in lid 3, onder a), bedoelde gevallen wordt in het vak „Opmerkingen” van het certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 een van de volgende vermeldingen aangebracht:

 

„PROCEDIMIENTO SIMPLIFICADO”, „FORENKLET PROCEDURE”, „VEREINFACHTES VERFAHREN”, „ΑΠΛΟΥΣΤΕΥΜΕΝΗ ΔΙΑΔΙΚΑΣΙΑ”, „SIMPLIFIED PROCEDURE”, „PROCÉDURE SIMPLIFIÉE”, „PROCEDURA SEMPLIFICATA”, „VEREENVOUDIGDE PROCEDURE”, „PROCEDIMENTO SIMPLIFICADO”, „YKSINKERTAISTETTU MENETTELY”, „FÖRENKLAT FÖRFARANDE”, „ZJEDNODUŠENÝ POSTUP-ČLÁNEK”, „LIHTSUSTATUD TOLLIPROTSEDUUR”, „VIENKĀRŠOTA PROCEDŪRA”, „SUPAPRASTINTA PROCEDURA”, „EGYSZERŰSÍTETT ELJÁRÁS”, „PROCEDURA SIMPLIFIKATA”, „PROCEDURA UPROSZCZONA”, „POENOSTAVLJEN POSTOPEK”, „ZJEDNODUŠENÝ POSTUP”, Image”.

Artikel 5

Voorzitterschap van het Associatiecomité

Artikel 82, lid 3, wordt vervangen door:

„3.   Het Associatiecomité wordt beurtelings voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie van de Europese Gemeenschappen en door een vertegenwoordiger van de regering van de Republiek Tunesië.”

HOOFDSTUK II

OVERGANGSBEPALINGEN

Artikel 6

Bewijs van oorsprong en administratieve samenwerking

1.   Bewijzen van oorsprong die op de juiste wijze zijn afgegeven door Tunesië of een nieuwe lidstaat in het kader van preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen die tussen hen van toepassing zijn, worden, krachtens dit protocol, in de desbetreffende landen aanvaard, op voorwaarde dat:

a)

aanvaarding van dergelijke oorsprong betekent dat een preferentiële tariefbehandeling wordt toegepast op basis van de preferentiële tariefmaatregelen die in de overeenkomst tussen de Europese Unie en Tunesië zijn opgenomen of op basis van het communautaire stelsel van algemene tariefpreferenties;

b)

het bewijs van oorsprong en de vervoersdocumenten uiterlijk op de dag vóór de datum van toetreding zijn afgegeven;

c)

het bewijs van oorsprong binnen vier maanden na de datum van toetreding wordt ingediend.

Indien goederen vóór de datum van toetreding ten invoer zijn aangegeven in Tunesië of een nieuwe lidstaat op grond van op dat tijdstip tussen Tunesië en die nieuwe lidstaat geldende preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen, kunnen op grond van die overeenkomsten of regelingen achteraf afgegeven bewijzen van oorsprong ook worden aanvaard, mits het bewijs binnen vier maanden na de datum van toetreding aan de douaneautoriteiten wordt overgelegd.

2.   Tunesië en de nieuwe lidstaten mogen vergunningen waarmee de status van „toegelaten exporteur” is verleend in het kader van preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen die zij onderling toepassen, blijven gebruiken, mits:

a)

een dergelijke bepaling ook is opgenomen in de door Tunesië vóór de toetredingsdatum met de Gemeenschap gesloten overeenkomst, en

b)

de toegelaten exporteurs de regels van oorsprong uit hoofde van die overeenkomst toepassen.

Deze vergunningen moeten uiterlijk één jaar na de datum van toetreding worden vervangen door nieuwe vergunningen die onder de voorwaarden van de overeenkomst zijn afgegeven.

3.   Verzoeken om controle achteraf van bewijzen van oorsprong die zijn afgegeven op grond van de preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen als bedoeld in de leden 1 en 2, moeten gedurende drie jaar na de afgifte van het betrokken bewijs van oorsprong worden aanvaard door de bevoegde douaneautoriteiten van Tunesië of de nieuwe lidstaten, en kunnen gedurende drie jaar vanaf de aanvaarding van het bewijs van oorsprong nog worden gedaan door die autoriteiten ter rechtvaardiging van een invoeraangifte.

Artikel 7

Goederen geplaatst onder de regeling douanevervoer

1.   De bepalingen van de overeenkomst zijn van toepassing op goederen die worden uitgevoerd uit Tunesië naar een van de nieuwe lidstaten of uit een van de nieuwe lidstaten naar Tunesië, die voldoen aan het bepaalde in Protocol nr. 4 en die op de dag van toetreding onderweg zijn of zich in tijdelijke opslag bevinden in een douane-entrepot of in een vrije zone in Tunesië of de betrokken nieuwe lidstaat.

2.   In dergelijke gevallen mag preferentiële behandeling worden verleend, mits binnen vier maanden na de datum van toetreding bij de douaneautoriteiten van het land van invoer een bewijs van oorsprong wordt ingediend dat achteraf is afgegeven door de douaneautoriteiten van het land van uitvoer.

HOOFDSTUK III

ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 8

Tunesië verbindt zich ertoe geen claim, verzoek of beroep in te dienen, noch concessies te wijzigen of in te trekken op grond van de artikelen XXIV.6 en XXVIII van de GATT naar aanleiding van deze uitbreiding van de Gemeenschap.

Artikel 9

Voor 2004 zal de verhoging van het bestaande tariefcontingent voor de invoer van niet bewerkte olijfolie berekend worden naar rato van de basisvolumen, rekening houdend met de tijd die is verstreken vóór de in artikel 12, lid 2, bedoelde datum.

Artikel 10

Dit protocol vormt een integrerend deel van de Euro-mediterrane overeenkomst. De bijlagen bij dit protocol zijn een integrerend onderdeel van dit protocol.

Artikel 11

1.   Dit protocol wordt door de Gemeenschap, door de Raad van de Europese Unie namens de lidstaten en door Tunesië volgens hun eigen procedures goedgekeurd.

2.   De partijen geven elkaar kennis van de voltooiing van de in lid 1 bedoelde overeenkomstige procedures. De akten van goedkeuring worden neergelegd bij het secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie.

Artikel 12

1.   Dit protocol treedt in werking op de eerste dag van de eerste maand na de datum van nederlegging van de laatste akte van goedkeuring.

2.   Dit protocol is voorlopig van toepassing vanaf 1 mei 2004.

Artikel 13

Dit protocol is opgesteld in twee exemplaren in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische, de Zweedse en de Arabische taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

Artikel 14

De tekst van de Euro-mediterrane overeenkomst, de bijlagen en de protocollen die daarvan een integrerend deel vormen, de slotakte en de daaraan gehechte verklaringen worden opgemaakt in de Estse, de Hongaarse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Poolse, de Sloveense, de Slowaakse en de Tsjechische taal, en die teksten zijn evenzeer authentiek als de oorspronkelijke teksten (1).

De Associatieraad moet deze teksten goedkeuren.

Hecho en Luxemburgo, el treinta y uno de mayo del dos mil cinco.

V Lucemburku dne třicátého prvního května dva tisíce pět.

Udfærdiget i Luxembourg den enogtredivte maj to tusind og fem.

Geschehen zu Luxemburg am einunddreißigsten Mai zweitausendfünf.

Kahe tuhande viienda aasta maikuu kolmekümne esimesel päeval Luxembourgis.

'Εγινε στo Λουξεμβούργο, στις τριανταμία Μαΐου δύο χιλιάδες πέντε.

Done at Luxembourg on the thirty–first day of May in the year two thousand and five.

Fait à Luxembourg, le trente–et–un mai deux mille cinq.

Fatto a Lussembourgo, addi' trentuno maggio duemilacinque.

Luksemburgā, divtūkstoš piektā gada trīsdesmit pirmajā maijā.

Priimta du tūkstančiai penktų metų gegužės trisdešimt pirmą dieną Liuksemburge.

Kelt Luxembourgban, a kettőezer ötödik év május harmincegyedik napján.

Magħmul fil-Lussemburgu, fil-wieħed u tletin jum ta' Mejju tas-sena elfejn u ħamsa.

Gedaan te Luxemburg, de eenendertigste mei tweeduizend vijf.

Sporządzono w Luksemburgu dnia trzydziestego pierwszego maja roku dwutysięcznego piątego.

Feito em Luxemburgo, em trinta e um de Maio de dois mil e cinco.

V Luxembourgu, enaintridesetega maja leta dva tisoč pet.

V Luxemburgu dňa tridsiateho prvého mája dvetisícpäť.

Tehty Luxemburgissa kolmantenakymmenentenäensimmäisenä päivänä toukokuuta vuonna kaksituhattaviisi.

Som skedde i Luxemburg den trettioförsta maj tjugohundrafem.

Image

Por los Estados miembros

Za členské státy

For medlemsstaterne

Für die Mitgliedstaaten

Liikmesriikide nimel

Για τα κράτη μέλη

For the Member States

Pour les États membres

Per gli Stati membri

Dalîbvalstu vārdā

Valstybių narių vardu

A tagállarnok réseéröl

Għall-Istati Membri

Voor de lidstaten

W imieniu Państw Członkowskich

Pelos Estados-Membros

Za členské štáty

Za države članice

Jäsenvaltioiden puolesta

Pä medlemsstaternas vägnar

Image

Por la Comunidad Europea

Za Evropské společenství

For Det Europæiske Fællesskab

Für die Europäische Gemeinschaft

Euroopa Ühenduse nimel

Για την Ευρωπαϊκή Κοινότητα

For the European Community

Pour la Communauté européenne

Per la Comunità europea

Eiropas Kopienas värdā

Europos bendrijos värdā

az Európai Közösség részéről

Għall-Komunità Ewropea

Voor de Europese Gemeenschap

W imieniu Wspólnoty Europejskiej

Pela Comunidade Europeia

Za Európske spoločenstvo

Za Ecropsko skupnost

Euroopan yhteisön puolesta

På Europeiska gemenskapens vägnar

Image

Por la República de Túnez

Za Tuniskou republiku

For Den Tunesiske Republik

Für die Tunesische Republik

Tuneesia Vabariigi nimel

Για τη Δημοκρατία της Τυνησίας

For the Republic of Tunisia

Pour la République Tunisienne

Per la Repubblica Tunisina

Tunisijas Republikas värdā

Tuniso Respublikos vardu

A Tunéz Köztársaság részéről

Għar-Repubblika tat-Tuniżija

Voor de Republiek Tunesië

W imieniu Republiki Tunezyjskiej

Pela República da Tunísia

Za Tuniskú republiku

Za Republiko Tunizijo

Tunisian tasavallan puolesta

For Republiken Tunisien

Image


(1)  PB L 97 van 30.3.1998, blz. 2.


EURO-MEDITERRANE OVEREENKOMST

waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds

De authentieke teksten van de overeenkomst, opgesteld in elf officiële talen van de Europese Unie (Spaans, Deens, Duits, Grieks, Engels, Frans, Italiaans, Nederlands, Portugees, Fins en Zweeds), zijn bekendgemaakt in PB L 97 van 30.3.1998, blz. 2. De teksten in het Tsjechisch, Ests, Lets, Litouws, Hongaars, Maltees, Pools, Slowaaks en Sloveens zijn in dit Publicatieblad bekendgemaakt.