ISSN 1977-0995

Publicatieblad

van de Europese Unie

C 108

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Mededelingen en bekendmakingen

63e jaargang
1 april 2020


Inhoud

Bladzijde

 

IV   Informatie

 

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

 

Europese Commissie

2020/C 108/01

Wisselkoersen van de euro — 31 maart 2020

1

 

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE LIDSTATEN

2020/C 108/02

Door de lidstaten meegedeelde informatie betreffende sluiting van de visserij

2

2020/C 108/03

Door de lidstaten meegedeelde informatie betreffende sluiting van de visserij

3


 

V   Bekendmakingen

 

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

 

Europese Commissie

2020/C 108/04

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9604 — NENT/Telenor/JV) ( 1 )

4

2020/C 108/05

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9786 — RIL/BP/RBML JV) Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 )

6

 

ANDERE HANDELINGEN

 

Europese Commissie

2020/C 108/06

Bekendmaking van een mededeling van de goedkeuring van een standaardwijziging van een productdossier voor een naam in de wijnsector als bedoeld in artikel 17, leden 2 en 3, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/33 van de Commissie

8

2020/C 108/07

Bekendmaking van een productdossier dat is gewijzigd naar aanleiding van de goedkeuring van een minimale wijziging overeenkomstig artikel 53, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1151/2012

18


 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst.

NL

 


IV Informatie

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

Europese Commissie

1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/1


Wisselkoersen van de euro (1)

31 maart 2020

(2020/C 108/01)

1 euro =


 

Munteenheid

Koers

USD

US-dollar

1,0956

JPY

Japanse yen

118,90

DKK

Deense kroon

7,4674

GBP

Pond sterling

0,88643

SEK

Zweedse kroon

11,0613

CHF

Zwitserse frank

1,0585

ISK

IJslandse kroon

155,60

NOK

Noorse kroon

11,5100

BGN

Bulgaarse lev

1,9558

CZK

Tsjechische koruna

27,312

HUF

Hongaarse forint

360,02

PLN

Poolse zloty

4,5506

RON

Roemeense leu

4,8283

TRY

Turkse lira

7,2063

AUD

Australische dollar

1,7967

CAD

Canadese dollar

1,5617

HKD

Hongkongse dollar

8,4945

NZD

Nieuw-Zeelandse dollar

1,8417

SGD

Singaporese dollar

1,5633

KRW

Zuid-Koreaanse won

1 341,03

ZAR

Zuid-Afrikaanse rand

19,6095

CNY

Chinese yuan renminbi

7,7784

HRK

Kroatische kuna

7,6255

IDR

Indonesische roepia

17 869,24

MYR

Maleisische ringgit

4,7330

PHP

Filipijnse peso

55,865

RUB

Russische roebel

85,9486

THB

Thaise baht

35,925

BRL

Braziliaanse real

5,7001

MXN

Mexicaanse peso

26,1772

INR

Indiase roepie

82,8985


(1)  Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.


INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE LIDSTATEN

1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/2


Door de lidstaten meegedeelde informatie betreffende sluiting van de visserij

(2020/C 108/02)

Krachtens artikel 35, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een controleregeling van de Unie die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen (1), is besloten de visserij te sluiten overeenkomstig de bepalingen in de onderstaande tabel:

Datum en tijdstip van sluiting

25.2.2020 om 24.00 UTC

Duur

25.2.2020 om 24.00 UTC-30.6.2020

Lidstaat

Europese Unie (alle lidstaten)

Bestand of groep bestanden

RED/N3M.

Soort

Roodbaarzen (Sebastes spp.)

Gebied

NAFO 3M

Vissersvaartuigtype(s)

Referentienummer

03/TQ123


(1)  PB L 343 van 22.12.2009, blz. 1.


1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/3


Door de lidstaten meegedeelde informatie betreffende sluiting van de visserij

(2020/C 108/03)

Krachtens artikel 35, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een controleregeling van de Unie die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen (1), is besloten de visserij te sluiten overeenkomstig de bepalingen in de onderstaande tabel:

Datum en tijdstip van sluiting

1.1.2020

Duur

1.1.2020-31.12.2020

Lidstaat

Spanje

Bestand of groep bestanden

WHM/ATLANT

Soort

Witte marlijn (Tetrapturus albidus)

Gebied

Atlantische Oceaan

Vissersvaartuigtype(s)

Referentienummer

02/TQ123


(1)  PB L 343 van 22.12.2009, blz. 1.


V Bekendmakingen

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

Europese Commissie

1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/4


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak M.9604 — NENT/Telenor/JV)

(Voor de EER relevante tekst)

(2020/C 108/04)

1.   

Op 23 maart 2020 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.

Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:

Nordic Entertainment Group AB (“NENT”, Zweden);

Telenor ASA (“Telenor”, Noorwegen);

de joint venture (“JV”, Zweden).

NENT en Telenor verkrijgen gezamenlijke zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), en artikel 3, lid 4, van de concentratieverordening over de JV.

De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen in een nieuw opgerichte onderneming die een joint venture vormt.

2.   

De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:

NENT: i) aanbieden van televisiedistributiediensten en televisiezenders in Noorwegen, Zweden, Denemarken en Finland, en creatie, productie en distributie van televisieshows, reclame, speelfilms en branded content, en ii) buiten de Noordse regio, de exploitatie van productieondernemingen in andere Europese landen, en de verkoop van content aan klanten over de hele wereld;

Telenor: aanbieden van mobiele en vaste telecommunicatiediensten en televisiedistributiediensten in Noorwegen, Zweden, Denemarken en Finland, alsook mobiele telecommunicatiediensten in Azië;

JV: aanbieden van televisiedistributiediensten in Noorwegen, Zweden, Denemarken en Finland.

3.   

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.

4.   

De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:

M.9604 — NENT/Telenor/JV

Opmerkingen kunnen per e‐mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:

E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu

Fax +32 22964301

Postadres:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

1049 Brussel

BELGIQUE/BELGIË


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).


1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/6


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak M.9786 — RIL/BP/RBML JV)

Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak

(Voor de EER relevante tekst)

(2020/C 108/05)

1.   

Op 23 maart 2020 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.

Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:

Reliance Industries Limited (“RIL”, India);

BP Global Investments Limited (“BP GIL”, Verenigd Koninkrijk), die onder zeggenschap staat van BP;

Reliance BP Mobility Limited (“RBML”, India).

RIL en BP GIL verkrijgen gezamenlijke zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), en artikel 3, lid 4, van de concentratieverordening over het geheel van RBML.

De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen in een nieuw opgerichte onderneming die een joint venture vormt.

2.   

De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:

RIL: exploratie en winning van koolwaterstof, raffinage en verhandeling van petroleum, petrochemicaliën, detailhandel, telecommunicatie en digitale diensten;

BP: exploratie, productie en verhandeling van aardolie en aardgas; raffinage, verhandeling, levering en vervoer van geraffineerde producten; petrochemicaliën en aanverwante producten, en alternatieve energie;

RBML: verkoop in tankstations van brandstoffen voor vervoer over land; verkoop van motorbenzine en high-speed diesel (HSD) voor het vervoersegment, niet-vervoersegment en on-demand brandstoflevering; niet-brandstofactiviteiten in tankstations; detailhandel in smeermiddelen, alsook de exploitatie van RIL’s activiteiten op het gebied van opslag van vliegtuigbrandstof, voorzieningen voor het tanken van vliegtuigen (verkoop en/of levering van vliegtuigbrandstof) op luchthavens in India als dienstverlener voor RIL. De activiteiten van de joint venture blijven beperkt tot India.

3.   

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.

Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking komt voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2)

4.   

De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:

M.9786 — RIL/BP/RBML JV

Opmerkingen kunnen per e-mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:

E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu

Fax +32 22964301

Postadres:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

1049 Brussel

BELGIË


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).

(2)  PB C 366 van 14.12.2013, blz. 5.


ANDERE HANDELINGEN

Europese Commissie

1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/8


Bekendmaking van een mededeling van de goedkeuring van een standaardwijziging van een productdossier voor een naam in de wijnsector als bedoeld in artikel 17, leden 2 en 3, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/33 van de Commissie

(2020/C 108/06)

Deze mededeling wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 17, lid 5, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/33 van de Commissie (1).

MEDEDELING VAN DE GOEDKEURING VAN EEN STANDAARDWIJZIGING

“Debrői Hárslevelű”

Referentienummer PDO-HU-A1373-AM02

Datum van mededeling: 18 december 2019

BESCHRIJVING VAN EN REDENEN VOOR DE GOEDGEKEURDE WIJZIGING

1.   Invoering van het wijntype késői szüretelésű

a)

De betrokken hoofdstukken van het productdossier:

II.

Beschrijving van de wijnen

III.

Specifieke oenologische procedés

IV.

Afgebakend gebied

V.

Maximale opbrengst

VII.

Verband met het geografische gebied

VIII.

Aanvullende voorwaarden

b)

Ten gevolge van de kenmerken van het district Debrő en de klimaatverandering levert het druivenras Hárslevelű steeds vaker een grondstof van betere kwaliteit op die langere tijd aan de wijnstok kan blijven en geschikt is voor de productie van de wijnsoort késői szüretelésű (late oogst). Bij de late oogst wordt in het afgebakende gebied al jaren een frequente aanwezigheid van verschrompelde of door Botrytis verkrente druiven waargenomen.

2.   Wijziging van het minimale suikergehalte van de druiven

a)

De betrokken hoofdstukken van het productdossier:

III.

Specifieke oenologische procedés

b)

Deze wijziging heeft als doel het frisse, aromatische karakter van wijnen van aromatische druivenrassen te waarborgen. Met het huidige minimale natuurlijke alcoholgehalte van 10,60 % vol (17° MM) kan dit niet elk oogstjaar worden gewaarborgd. Hiertoe moeten het aroma en de zuren van de basisgrondstof bewaard blijven, wat in warmere oogstjaren enkel kan worden gewaarborgd door vroeger te oogsten.

3.   Bepaling van perceelnummers van het afgebakende gebied op de kaart

a)

De betrokken hoofdstukken van het productdossier:

IV.

Afgebakend gebied

b)

De perceelnummers kunnen in de loop der jaren wijzigen. Het gebruik van specifieke perceelnummers in het productdossier waarborgt daarom geen eenduidige afbakening. Het gebied dat door perceelnummers wordt afgebakend, moet daarom ondubbelzinnig op een kaart in de bijlage bij het productdossier worden aangeduid.

4.   Afstemming van de namen van wijngaarden op de kaart in bijlage bij het productdossier

a)

de betrokken hoofdstukken van het productdossier:

VIII.

Aanvullende voorwaarden

b)

de kaart in bijlage bij het productdossier wordt tegelijk met de wijzigingen bijgewerkt, daarom moeten in het productdossier de namen van de wijngaarden (“dűlő”) worden geactualiseerd en verbeterd. In Tarnaszentmária is er geen Pallag-fő-dűlő en in Verpelét maakt de Vadas-dűlő deel uit van de Kerékkötő-dűlő en wordt deze niet afzonderlijk aangeduid; deze namen moeten daarom worden geschrapt.

5.   Wijzigingen van technische aard

a)

de betrokken hoofdstukken van het productdossier:

III.

Specifieke oenologische procedés

VI.

Toegestane druivenrassen

VIII.

Aanvullende voorwaarden

b)

Onder de huidige benaming is een correctie noodzakelijk met betrekking tot de formulering in het productdossier, het gebruik van hoofdletters en kleine letters, de alfabetische ordening van de rassen en de naamswijziging van de wijninstantie.

6.   Verbod op het verzoeten van classicus- en superior-wijnen, met uitzondering van het verzoeten met most en geconcentreerde most uit druiven van de kwaliteit Debrői Hárslevelű

Door het verzoeten met gerectificeerde geconcentreerde druivenmost achterwege te laten, wordt het karakter van de wijn van het type Debrői Hárslevelű versterkt omdat in de uitsluitend uit het afgebakende gebied van Debrői Hárslevelű afkomstige most de primaire vruchtenaroma’s uit de druivenbessen nadrukkelijk aanwezig zijn. Daardoor krijgen de Debrői Hárslevelű-wijnen een sterker imago en kan hun marktpositie verbeteren. De maatregel bevordert en versterkt de samenwerking in de sector tussen de druiventelers en wijnbouwers van het afgebakende gebied.

7.   Correctie van technische aard voor wijntype classicus bij mechanische oogst

Bij het wijntype classicus moet de hoeveelheid voor mechanische oogst worden afgestemd op de opbrengst die is bepaald voor manuele oogst.

ENIG DOCUMENT

1.   Naam van het product

Debrői Hárslevelű

2.   Type geografische aanduiding

BOB — beschermde oorsprongsbenaming

3.   Categorieën van wijnbouwproducten

1.

Wijn

4.   Beschrijving van de wijn(en)

classicus

Versnijding op basis van hárslevelű. Droge, halfdroge, halfzoete of zoete witte wijn, met aroma’s en smaken van vers fruit, abrikozen en lindebloesem, en rijke honingsmaken.

*maximaal totaal alcoholgehalte en totaal zwaveldioxidegehalte overeenkomstig de desbetreffende wetgeving van de Unie.

Algemene analytische kenmerken

Maximaal totaal alcoholgehalte (in volumeprocent)

 

Minimaal effectief alcoholgehalte (in volumeprocent)

11,0

Minimale totale zuurgraad

4,6 g/l, uitgedrukt in wijnsteenzuur

Maximaal gehalte aan vluchtige zuren (in milli-equivalent per liter)

18

Maximaal totaalgehalte aan zwaveldioxide (in milligram per liter)

 

superior

Versnijding op basis van hárslevelű. Droge, halfdroge, halfzoete of zoete rijke, volle, gerijpte witte wijn met veel body, met de aroma’s en smaken van lindebloesem, rijp fruit en honing.

*maximaal totaal alcoholgehalte en totaal zwaveldioxidegehalte overeenkomstig de desbetreffende wetgeving van de Unie.

Algemene analytische kenmerken

Maximaal totaal alcoholgehalte (in volumeprocent)

 

Minimaal effectief alcoholgehalte (in volumeprocent)

11,0

Minimale totale zuurgraad

4,6 g/l, uitgedrukt in wijnsteenzuur

Maximaal gehalte aan vluchtige zuren (in milli-equivalent per liter)

18

Maximaal totaalgehalte aan zwaveldioxide (in milligram per liter)

 

késői szüretelésű

Versnijding op basis van hárslevelű. Rijke, volle, gerijpte witte wijn met veel body, met de aroma’s en smaken van lindebloesem, rijp fruit en honing. Zowel in de geur als in de smaak van de wijn overheersen de geur en de aroma’s van overrijpe druiven (bijvoorbeeld rozijnen), maar ook de door edelrot gevormde Botrytis-aroma’s kunnen voorkomen.

*maximaal totaal alcoholgehalte en totaal zwaveldioxidegehalte overeenkomstig de desbetreffende wetgeving van de Unie.

Algemene analytische kenmerken

Maximaal totaal alcoholgehalte (in volumeprocent)

 

Minimaal effectief alcoholgehalte (in volumeprocent)

9,0

Minimale totale zuurgraad

4,6 g/l, uitgedrukt in wijnsteenzuur

Maximaal gehalte aan vluchtige zuren (in milli-equivalent per liter)

18

Maximaal totaalgehalte aan zwaveldioxide (in milligram per liter)

 

5.   Wijnbereidingsprocedés

a)   Essentiële oenologische procedés

wijnbereiding — classicus

Voor de wijnbereiding geldende beperking

Verplichte oenologische procedés:

de druiven moeten worden verwerkt op de dag waarop ze zijn geoogst;

de persing is alleen maar toegestaan in niet-continupersen;

de most moet gezuiverd worden;

de wijn bevat ten minste 85 % wijn van het ras Hárslevelű.

Niet-toegestane oenologische procedés:

verzoeting van wijn met gerectificeerde geconcentreerde druivenmost en met van buiten het afgebakende productiegebied afkomstige most of geconcentreerde most

wijnbereiding — superior

Voor de wijnbereiding geldende beperking

Verplichte oenologische procedés:

de druiven moeten worden verwerkt op de dag waarop ze zijn geoogst;

de persing is alleen maar toegestaan in niet-continupersen;

de wijn bevat ten minste 85 % wijn van het ras Hárslevelű;

mag ten vroegste op 1 mei na de oogst in de handel worden gebracht.

Niet-toegestane oenologische procedés:

verzoeting van wijn met gerectificeerde geconcentreerde druivenmost en met van buiten het afgebakende productiegebied afkomstige most of geconcentreerde most

wijnbereiding - késői szüretelésű

Voor de wijnbereiding geldende beperking

Verplichte oenologische procedés:

de druiven moeten worden verwerkt op de dag waarop ze zijn geoogst;

de persing is alleen maar toegestaan in niet-continupersen;

de wijn bevat ten minste 85 % wijn van het ras Hárslevelű;

Niet-toegestane oenologische procedés:

verzoeting van wijn;

gebruik van stukjes eikenhout;

omgekeerde osmose;

gedeeltelijke desalcoholisatie van de wijn.

druiventeelt — teeltwijze

Teeltwijze

1.

Regels voor de teeltwijze van de wijngaard:

a.

In het geval van wijngaarden die op 1 augustus 2010 al bestonden: van alle wijngaarden, ongeacht de teeltwijze, mogen druiven worden geoogst die geschikt zijn voor de productie van wijn van beschermde oorsprong van de types classicus, superior en késői szüretelésű zolang de wijngaard bestaat.

b.

In het geval van wijngaarden die na 1 augustus 2010 zijn aangeplant: Guyot-snoei, middelhoge cordonsnoei, lage cordonsnoei, paraplusnoei, waaiersnoei, kroonsnoei en gobelet-snoei.

druiventeelt — plantdichtheid

Teeltwijze

2.

Regels inzake de dichtheid van wijnstokken in de wijngaard.

a.

In het geval van wijngaarden die op 1 augustus 2010 al bestonden: van alle wijngaarden, ongeacht de plantdichtheid, mogen druiven worden geoogst die geschikt zijn voor de productie van wijn van beschermde oorsprong van de types classicus, superior en késői szüretelésű zolang de wijngaard bestaat.

b.

In het geval van wijngaarden die na 1 augustus 2010 zijn aangeplant (wijntypes classicus en késői szüretelésű):

i.

dichtheid van wijnstokken van ten minste 3 700 wijnstokken/ha;

ii.

afstand tussen de wijnstokken ten minste 0,8 m.

c.

In het geval van wijngaarden die na 1 augustus 2010 zijn aangeplant (wijntype superior):

i.

dichtheid van wijnstokken: ten minste 4 000 wijnstokken/ha;

ii.

afstand tussen de wijnstokken ten minste 0,8 m.

druiventeelt — belasting in aantal ogen en verlies van wijnstokken

Teeltwijze

3.

Belasting in aantal ogen: max. 6 ogen/m2

4.

Verlies van wijnstokken: voor bestaande wijngaarden, ongeacht de plantdichtheid en de teeltwijze, mag het verlies van wijnstokken niet hoger zijn dan 10 % van het aantal wijnstokken op het tijdstip van aanplant.

druiventeelt — oogst en druivenkwaliteit

Teeltwijze

5.

Oogstwijze: mechanisch of manueel

6.

Bepaling van de oogstdatum: de bevoegde functionaris van de wijnberggemeenschap stelt de rijpheid van druivenopbrengst van de druivenrassen vast en bepaalt op basis daarvan de eerste oogstdag voor het druivenras.

7.

De kwaliteit van de druiven (minimaal suikergehalte, uitgedrukt als potentieel alcoholgehalte):

a.

classicus:

i.

9,83 % vol (16 MM): cserszegi fűszeres, irsai olivér, ottonel muskotály, sárga muskotály

ii.

10,60 % vol (17 MM): chardonnay, hárslevelű, királyleányka, leányka, olasz rizling, pinot blanc, rajnai rizling, sauvignon, szürkebarát, tramini, zenit

b.

superior: Voor alle druivenrassen: 12,83 % vol (20° MM)

c.

késői szüretelésű: Voor alle druivenrassen: 12,83 % vol (20° MM)

b)   Maximale opbrengsten

classicus

100 hectoliter per hectare

classicus — machinale oogst

13 100 kg druiven per hectare

superior

60 hectoliter per hectare

superior — manuele oogst

9 000 kg druiven per hectare

superior — machinale oogst

8 400 kg druiven per hectare

késői szüretelésű

66 hectoliter per hectare

késői szüretelésű — manuele oogst

10 000 kg druiven per hectare

késői szüretelésű — machinale oogst

9 400 kg druiven per hectare

6.   Afgebakend geografisch gebied

De delen van de gemeenten Aldebrő, Feldebrő, Tarnaszentmária, Tófalu en Verpelét die als gebieden van klasse I en II zijn aangemerkt volgens het wijnbouwkadaster, met uitzondering van de gebieden die op de kaart in de bijlage bij het productdossier zijn aangeduid.

7.   Voornaamste wijndruivenrassen

sauvignon - sauvignon bianco

leányka - mädchentraube

királyleányka - dánosi leányka

irsai olivér - irsai

hárslevelű - lindeblättrige

tramini - roter traminer

rajnai rizling - rhine riesling

rajnai rizling - riesling

rajnai rizling - johannisberger

rajnai rizling - riesling blanc

rajnai rizling - weisser riesling

irsai olivér - zolotis

pinot blanc - fehér burgundi

ottonel muskotály - muscat ottonel

királyleányka - erdei sárga

irsai olivér - muskat olivér

hárslevelű - feuilles de tilleul

hárslevelű - lipovina

chardonnay - kereklevelű

tramini - savagnin rose

tramini - tramin cervené

szürkebarát - graumönch

szürkebarát - grauburgunder

szürkebarát - pinot grigio

szürkebarát - auvergans gris

szürkebarát - ruländer

sauvignon - sauvignon bijeli

sauvignon - sovinjon

sárga muskotály - weisser

sárga muskotály - muscat sylvaner

sárga muskotály - weiler

sárga muskotály - moscato bianco

sárga muskotály - muscat zlty

sárga muskotály - muskat weisser

sárga muskotály - muscat bélüj

sárga muskotály - muscat de frontignan

sárga muskotály - muscat blanc

sárga muskotály - muscat de lunel

tramini - traminer

tramini - traminer rosso

pinot blanc - pinot bianco

pinot blanc - weissburgunder

ottonel muskotály - muskat ottonel

olasz rizling - nemes rizling

olasz rizling - risling vlassky

olasz rizling - riesling italien

olasz rizling - grasevina

olasz rizling - taljanska grasevina

leányka - feteasca alba

leányka - dievcenske hrozno

olasz rizling - welschrieslig

chardonnay - chardonnay blanc

chardonnay - morillon blanc

chardonnay - ronci bilé

cserszegi fűszeres

hárslevelű - garszleveljü

irsai olivér - zolotisztüj rannüj

királyleányka - feteasca regale

királyleányka - galbena de ardeal

királyleányka - königliche mädchentraube

királyleányka - königstochter

királyleányka - little princess

leányka - leányszőlő

ottonel muskotály - miszket otonel

pinot blanc - pinot beluj

rajnai rizling - rheinriesling

sauvignon - sauvignon blanc

szürkebarát - pinot gris

sárga muskotály - muscat lunel

tramini - gewürtztraminer

zenit

8.   Beschrijving van het (de) verband(en)

Omschrijving van het afgebakende gebied

a)

Natuurlijke en culturele factoren

Het afgebakende gebied van Debrői Hárslevelű bevindt zich op de overgang van het Mátra- en het Bükkgebergte naar de Grote Hongaarse Laagvlakte, op een hoogte van 170 tot 220 meter boven de zeespiegel. De doorgaans naar het zuiden en het zuidwesten gerichte heuvels zijn al sinds het begin van de XVe eeuw een belangrijk wijnbouwgebied.

De bodem van de productiegebieden aan de rand van de gemeenten Verpelét, Feldebrő, Aldebrő en Tófalu bestaat gedeeltelijk uit alluviale humushoudende zandgrond die is achtergebleven na terugtrekking van de zee, en verscheidene soorten kleiige bruine bosgrond die zich op een grondgesteente van andesiet hebben gevormd (ramman, chernozem). Op een paar uitzonderingen na liggen de wijngaarden op hoogvlakten en de zachte zuid- en zuidwest gerichte hellingen daarvan. De bodemgeschiktheid voor druiventeelt wordt bovendien versterkt door het gunstige reliëf aan de rand van het productiegebied, de bescherming die wordt geboden door het Mátragebergte, en het temperende effect van het Tarnadal op het klimaat. De heuvels en bergen rond Eger en het productiegebied Debrő zijn het meest geschikt voor wijnbouw, terwijl andere teelten, met name de teelt van akkerbouwgewassen, in het verleden en ook nu over het algemeen verlieslatend zijn. De gemiddelden van de meteorologische gegevens van de wijnregio over een periode van 47 jaar zijn als volgt: gemiddelde temperatuur over het jaar 10,65 °C, gemiddelde jaarlijkse hoeveelheid neerslag: 592,6 mm, gemiddelde aantal uren zonneschijn per jaar: 1 964 uren. Kwaliteitskenmerken van het product die voornamelijk of uitsluitend zijn toe te schrijven aan de geografie van de omgeving of de kenmerken daarvan:

b)

menselijke factoren

De eerste productie van de wijnsoort Debrői Hárslevelű is gekoppeld aan de naam van keldermeester Pál Rácz uit Kompolt.

Uit zijn beschrijving blijkt dat de wijn al van oudsher een op Hárslevelű gebaseerde versnijding was. De overige soorten waren vooral nodig om de verschillen tussen de wijnoogstjaren in evenwicht te brengen.

Beschrijving van de wijnen

Het afgebakende gebied dat geschikt is voor de productie van Debrői Hárslevelű levert wijnen met een rijk aroma van bloemen en vruchten. Deze wijnen worden ook gekenmerkt door een vollere en rijkere smaak met een langere afdronk in vergelijking met de andere bekende hárslevelű-wijnen.

Doordat de druiven- en wijnproductie dicht bij de noordelijke grens plaatsvindt en ten gevolge van de berg-dalwind, heeft de wijn een lichte zuurgraad en een lange afdronk.

Bewijs van het causaal verband

De klimatologische omstandigheden van het afgebakende gebied worden voornamelijk bepaald door de nabijheid van het Mátragebergte. Dit biedt bescherming tegen de winterse kou, en na de warme zomer- en herfstdagen zorgen dankzij de “bergwind” koele nachten ervoor dat de verfijnde en elegante zuren en de primaire vruchtenaroma’s in onze druiven behouden blijven. De bodemlagen in Debrő hebben een goede waterhuishouding en dankzij een gemiddelde jaarlijkse neerslag van 600 mm kunnen de wijnstokken zich evenwichtig en stressvrij ontwikkelen. Daardoor ontstaan er in de wijnen geen onrijpe zuren als gevolg van watertekort.

De kenmerken van het district Debrő en de gevolgen van de veranderende klimaatfactoren leiden bij het druivenras hárslevelű steeds meer tot een grondstof van een hogere kwaliteit die langer aan de wijnstok kan blijven en geschikt is voor de bereiding van late-oogstwijn (késői szüretelésű). Bij de late oogst wordt in het afgebakende gebied al jaren een frequente aanwezigheid van verschrompelde of door Botrytis verkrente druiven waargenomen.

9.   Andere essentiële voorwaarden (verpakking, etikettering, andere vereisten)

Regels inzake aanduiding

Rechtskader:

EU-wetgeving

Soort aanvullende voorwaarde:

Aanvullende bepalingen betreffende de etikettering

Beschrijving van de voorwaarde:

a)

In plaats van de uitdrukking “beschermde oorsprongsbenaming” mag ook de traditionele aanduiding “wijn van beschermde oorsprong” worden gebruikt bij “classicus-wijn van beschermde oorsprong”, “superior-wijn van beschermde oorsprong” of “késői szüretelésű -wijn van beschermde oorsprong”.

b)

Druivenrassen, traditionele aanduidingen, andere aan beperkingen onderworpen aanduidingen of naar de kleur van de wijn verwijzende uitdrukkingen mogen alleen op zodanige wijze worden aangebracht dat deze vanwege het lettertype, de lettergrootte of de letterkleur, niet meer in het oog springen dan de oorsprongsbenaming.

c)

In het geval van superior-wijnen wordt de naam van de wijn (*1) aangevuld met de uitdrukking “Superior”, die op het etiket na de oorsprongsbenaming met dezelfde typografie moet worden vermeld. Voor wijnen waarvan het etiket als naam van een kleinere geografische eenheid de naam van de wijngaard vermeldt, wordt in de naam van de wijn* in de plaats van de uitdrukking “Superior” de vermelding van deze eenheid gebruikt.

d)

In het geval van késői szüretelésű-wijnen wordt de naam van de wijn* aangevuld met de uitdrukking “Késői szüretelésű”, die op het etiket na de oorsprongsbenaming met dezelfde typografie moet worden vermeld.

e)

Traditionele aanduidingen en aan beperkingen onderworpen aanduidingen die mogen worden vermeld:

i)

traditionele aanduidingen: overeenkomstig § 55 van Besluit 127/2009 van 29 september 2009 van de minister van Landbouw en Plattelandsontwikkeling,

ii)

aan beperkingen onderworpen aanduidingen: overeenkomstig bijlage 15 bij Besluit 127/2009 van de minister van Landbouw en Plattelandsontwikkeling

Regels inzake aanduiding (2)

Rechtskader:

EU-wetgeving

Soort aanvullende voorwaarde:

Aanvullende bepalingen betreffende de etikettering

Beschrijving van de voorwaarde:

f)

De namen van de kleinere geografische eenheden die kunnen worden vermeld en de regels voor de vermelding ervan:

i)

Gemeenten:

Namen van gemeenten die mogen worden vermeld: Verpelét, Feldebrő, Aldebrő, Tófalu

Identiteit van oorsprong niet lager dan 85 %

ii)

Namen van wijngaarden

De naam van de wijngaard mag enkel worden vermeld op het etiket van superior-wijnen en késői szüretelésű-wijnen. Identiteit van de oorsprong: 100 %

Namen van wijngaarden die mogen worden vermeld:

a)

Aldebrő: Káli-völgy, Poharas-dűlő, Sík-hegy, Szent Donát-dűlő, Uraké

b)

Feldebrő: Alberki, Bogár-hát, Csepegő, Csonkás, Egri út, Szőlők háta

c)

Tarnaszentmária: Dobi-oldal, Dobi-tető,

d)

Tófalu: Bogár-hát, Petes-alja

e)

Verpelét: Ácsok, Fekete-oldal, Hagyóka, Hosszúi-dűlő, Kecske-hát, Kerékkötő, Keresztfai-dűlő, Királyi-dűlő, Kis-hegy, Kő-hegy, Majka, Mátra alja-dűlő, Pallagfő, Szent János-dűlő, Tilalmas, Tölgyes-szél, Túró-mező,, Varjas, Veresi-dűlő

iii)

Relatie tussen kleinere geografische eenheden en labels: voor wijnbouwproducten die worden aangeduid met geregistreerde merken die geheel of gedeeltelijk bestaan uit de naam van een kleinere geografische eenheid, of uit een verwijzing naar een geografisch gebied van het land, of met labels die voor 11 mei 2002 door gebruik zijn gevestigd, hoeven de regels inzake de oorsprong van de voor de wijnproductie gebruikte druiven niet te worden toegepast.

Productie buiten het afgebakende productiegebied:

Rechtskader:

Door een organisatie die de PDO/PGI (BOB/BGA) beheert, indien de lidstaat daarin heeft voorzien

Soort aanvullende voorwaarde:

Afwijking betreffende de productie in het afgebakende geografische gebied

Beschrijving van de voorwaarde:

Op het administratief grondgebied van de gemeenten Andornaktálya, Demjén, Eger, Egerbakta, Egerszalók, Egerszólát, Felsotárkány, Kerecsend, Kompolt, Maklár, Nagytálya, Noszvaj, Novaj, Ostoros en Szomolya.

Link naar het productdossier

https://boraszat.kormany.hu/debroi-harslevelu


(1)  PB L 9 van 11.1.2019, blz. 2.

(*1)  Voor dit deel bestaat de naam van de wijn uit de volgende elementen: de oorsprongsbenaming en de in het productdossier gereglementeerde elementen die ten gevolge van de typografie op het etiket even nadrukkelijk weergegeven worden als de oorsprongsbenaming.


1.4.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 108/18


Bekendmaking van een productdossier dat is gewijzigd naar aanleiding van de goedkeuring van een minimale wijziging overeenkomstig artikel 53, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1151/2012

(2020/C 108/07)

De Europese Commissie heeft deze minimale wijziging goedgekeurd overeenkomstig artikel 6, lid 2, derde alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 664/2014 van de Commissie (1).

De aanvraag tot goedkeuring van deze minimale wijziging kan worden geraadpleegd in de eAmbrosia-databank van de Commissie.

PRODUCTDOSSIER VAN EEN GEGARANDEERDE TRADITIONELE SPECIALITEIT

“ЛУКАНКА ПАНАГЮРСКА” (LUKANKA PANAGYURSKA)

EU-nr.: TSG-BG-01099-AM01 — 23.7.2019

“Bulgarije”

1.   Naam/namen waarvoor de registratie wordt aangevraagd

“Луканка Панагюрска” (Lukanka Panagyurska)

2.   Productcategorie

Categorie 1.2 Vleesproducten (verhit, gepekeld, gerookt enz.)

3.   Grond voor registratie

3.1.   Het product is

☒ het resultaat van een productiewijze, verwerkingswijze of samenstelling die in overeenstemming is met de traditionele gebruiken voor dat product of dat levensmiddel;

☐ vervaardigd uit de traditioneel gebruikte grondstoffen of ingrediënten.

Het product is geregistreerd bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 835/2014 van de Commissie.

3.2.   De naam

☒ wordt van oudsher gebruikt om het specifieke product aan te duiden;

☐ is een verwijzing naar het traditionele karakter of de specificiteit van het product.

De naam “Луканка Панагюрска” (Lukanka Panagyurska) is zelf specifiek. Hij is afgeleid van de plaats Panagyurishte, waar het product voor het eerst is gemaakt. “Lukanka Panagyurska” is een zeer populaire worst, die alom onder deze naam bekend is. Hij wordt dan ook gedurende het hele jaar geproduceerd. Hierbij houdt men zich strikt aan het traditionele recept en de traditionele productiemethoden, zonder dat de kwaliteit en de eigenschappen worden beïnvloed door de seizoenen of geografische verschillen. Dit is tot op de dag van vandaag de praktijk bij de productie van “Lukanka Panagyurska”.

De naam “lukanka” is ontstaan in de negentiende eeuw. In zijn artikel “Kak be sazdadena bulgarskata lukanka” (“Hoe de Bulgaarse worst ontstond”, Hranitelna promishlenost, nr. 1, 1975, Sofia, blz. 40) beschrijft Marin Marinov hoe de naam “lukanka” oorspronkelijk werd gebruikt voor vleesproducten met ui als ingrediënt (“lukanka” is afgeleid van “luk”, het Bulgaarse woord voor ui). Uien zijn sindsdien uit het recept verdwenen, maar de naam “lukanka” is in gebruik gebleven. In 1958 zijn het recept en de kwaliteitsnormen voor “Lukanka Panagyurska” vastgelegd in de Bulgaarse staatsnorm 2589‐58. Sindsdien is daaraan niets meer veranderd.

4.   Beschrijving

4.1.   Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is, met inbegrip van de belangrijkste fysieke, chemische, microbiologische of organoleptische kenmerken die het specifieke karakter van het product aantonen (artikel 7, lid 2, van deze verordening)

“Lukanka Panagyurska” is een geperste, rauw ingezouten worst, gemaakt van vers uitgesneden rundvlees (dat kan worden vervangen door vers buffelvlees) en vers varkensvlees, additieven en natuurlijke kruiden, strak verpakt in een natuur- of kunstdarm met een diameter (φ) van 50‐80 mm. Wanneer een kunstdarm wordt gebruikt, is de “Lukanka Panagyurska” een rechte worst die aan beide uiteinden met twijn wordt dichtgebonden of met clips wordt afgesloten. Als een natuurdarm wordt gebruikt, is de worst iets gebogen en aan beide uiteinden met twijn dichtgebonden. De natuurdarm kan bestaan uit de dikke darm van een rund of de blindedarm van een schaap. Het snijoppervlak heeft een gladde en homogene structuur, vertoont geen openingen, is rood tot bruinachtig rood van kleur en gespikkeld met gelijkmatig verdeelde stukjes vet met een diameter van 2 tot 4 mm en wit tot lichtroze van kleur. Het product heeft een dichte, elastische consistentie. Kenmerkend is de lichtzoute smaak en het duidelijke aroma van de kruiden.

“Lukanka Panagyurska” is na verwijdering van de darm geschikt voor directe consumptie.

“Lukanka Panagyurska” heeft de volgende fysisch-chemische eigenschappen:

maximaal watergehalte: 40 % (m/m);

maximaal vetgehalte: 42 % (m/m);

minimaal eiwitgehalte: 28 % droge stof (bepaald volgens de Kjeldahl-methode);

maximaal zoutgehalte: 4,6 % (m/m);

minimale pH: 5,2.

“Lukanka Panagyurska” kan heel, in stukken of plakken, vacuümverpakt of in een verpakking onder gemodificeerde atmosfeer worden verkocht.

4.2.   Beschrijving van de productiemethode van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is, die door de producenten moet worden gevolgd, met inbegrip van, in voorkomend geval, de aard en de kenmerken van de gebruikte grondstoffen of ingrediënten, en de manier waarop het product wordt bereid (artikel 7, lid 2, van deze verordening)

Het recept voor 100 kg worstvulling voor “Lukanka Panagyurska” is als volgt:

 

Vlees:

vers rundvlees (kan worden vervangen door vers buffelvlees), met maximaal 10 % vet (niet-gesorteerd): 60 kg;

vers varkensvlees, met maximaal 5 % vet (mager varkensvlees): 20 kg;

vers varkensvlees, met maximaal 50 % vet (buikvlees): 20 kg.

 

Kruiden:

zwarte of witte peper, zonder additieven: 300 g;

komijn, zonder additieven: 300 g.

 

Andere ingrediënten:

suiker: 300 g;

zout: 2,3 kg;

conserveringsmiddel: kaliumnitraat: 100 g, of natriumnitraat: 85 g

(Noot: 100 g kaliumnitraat kan worden vervangen door 85 g natriumnitraat);

antioxidant: ascorbinezuur (E300): 50 g.

Het gebruik van starterculturen is toegestaan.

Worstvel: natuurdarm (gemaakt van gezouten dikke darm van een rund of blindedarm van een schaap) of kunstdarm, diameter (φ): 50‐80 mm.

Twijn of clips en ophanghaken.

Productiemethode:

“Lukanka Panagyurska” is een worst die wordt gemaakt van vers rundvlees (dat kan worden vervangen door vers buffelvlees) en vers varkensvlees met een pH van 5,6 tot 6,2. Nadat de botten en pezen zijn verwijderd en het varkens- en rundvlees (of buffelvlees) is gesorteerd op type en kwaliteit, wordt het vlees met de hand of machinaal fijngehakt. Het rundergehakt (of buffelgehakt) en het varkensvlees worden vervolgens afgewogen in de hoeveelheden die het recept aangeeft, en op een van de volgende drie manieren gemalen:

door het te malen in een vleesmolen en te mengen met een snijmachine;

door het te malen in en vleesmolen en te mengen met een mixer;

door het te malen en te mengen met een snijmachine.

Tijdens het maalproces worden alle kruiden en zouten toegevoegd in de hoeveelheden die het recept aangeeft (zout, kalium- of natriumnitraat, suiker, ascorbinezuur en kruiden, bestaande uit zwarte of witte peper zonder additieven, komijn zonder additieven en starterculturen).

Het resulterende worstmengsel wordt vervolgens machinaal in een darm geperst. Deze kan bestaan uit de dikke darm van een rund of de blindedarm van een schaap of kan een kunstdarm zijn. De darm wordt aan beide uiteinden met twijn dichtgebonden of met clips afgesloten. Na het vullen worden de worsten opgehangen aan houten of metalen stokken op worstrekken. De worsten blijven gedurende twee tot zes dagen opgehangen om uit te lekken en te drogen bij een luchttemperatuur van 8 tot 24 °C en een relatieve vochtigheid van 65 tot 90 %, waarna ze naar de droogruimte worden gebracht. In de droogruimten (met of zonder airconditioning) worden de worsten gedroogd bij een luchttemperatuur van ten hoogste 17 °C en een relatieve vochtigheid van 70 tot 85 %. Gedurende het drogen en rijpen worden de worsten twee- tot driemaal geperst met behulp van platte houten persen. De worsten blijven 12 tot 24 uur in de persen. De productiechef bepaalt op het oog wanneer de worsten klaar zijn om te worden geperst. De worsten worden voor het eerst in de pers geplaatst als de onderkant en het oppervlak volledig droog aanvoelen en stukjes vet licht opbollen onder de darm. De productiechef bepaalt wanneer de worst opnieuw wordt geperst. Door de mechanische druk stijgt de temperatuur van het product licht. In combinatie met het gecondenseerde vocht zorgt dit ervoor dat zich op het oppervlak een laag witte edelschimmel vormt. De persen moeten volgens bepaalde traditionele normen zijn vervaardigd. Zij moeten bestand zijn tegen fysieke belasting en in staat zijn om het vrijkomende vocht op te nemen. Daarom worden ze van hout gemaakt, een natuurlijk materiaal dat kan worden gereinigd en gedroogd.

Het productieproces van “Lukanka Panagyurska” neemt minstens twintig dagen in beslag en is voltooid wanneer het product zijn karakteristieke structuur en consistentie heeft aangenomen.

4.3.   Beschrijving van de belangrijkste elementen die het traditionele karakter van het product bepalen (artikel 7, lid 2, van deze verordening)

Specifiek karakter van het product:

“Lukanka Panagyurska” heeft de volgende specifieke kenmerken:

kenmerkend voorkomen: de buitenkant is bedekt met droge, witte edelschimmel, wat erop wijst dat de worst op de juiste manier is gerijpt en gedroogd;

de platte vorm van de worsten als gevolg van het persen: dit product onderscheidt zich door zijn vorm van andere rauw ingezouten worsten die cilindrisch of blokvormig zijn;

karakteristiek aroma en karakteristieke smaak: licht gezouten, met duidelijk te onderscheiden sporen van de kruiden. De specifieke smaak en het specifieke aroma van het vlees, verrijkt met het aroma van komijn in combinatie met zwarte of witte peper onderscheiden “Lukanka Panagyurska” van vergelijkbare producten in deze categorie, die gekruid zijn met knoflook, kardemom, piment en nootmuskaat;

het snijoppervlak, dat specifiek is omdat het een elliptische doorsnede heeft, terwijl andere rauw ingezouten producten een ronde of rechthoekige doorsnede hebben. “Lukanka Panagyurska” heeft een kenmerkende bruinrode tot rode kleur, die is toe te schrijven aan de combinatie van rundvlees (of buffelvlees) en varkensvlees, in tegenstelling tot het rozerood van vergelijkbare producten die van zuiver varkensvlees zijn gemaakt.

Traditioneel karakter van het product:

Het traditionele karakter van het product zit in de samenstelling, die nooit veranderd is, de gebruikte productiemethoden en het aroma en de smaak, die in de loop der jaren bewaard zijn gebleven.

Het traditionele karakter van het recept wordt bepaald door de vleesingrediënten die de basis vormen, en het kruidenmengsel.

De samenstelling en de kwaliteitseisen voor “Lukanka Panagyurska” zijn al meer dan dertig jaar niet gewijzigd. De samenstelling van 100 kg vulling (i.e. 60 kg rund- of buffelvlees, 20 kg mager varkensvlees, 20 kg buikvlees, 300 g zwarte of witte peper zonder additieven, 300 g komijn zonder additieven) is in 1983 vastgelegd in Technische norm 37‐83, goedgekeurd door de Nationale Agro-industriële Unie (NAPS) als BDS 2589‐83 (basisnorm).

Om de kwaliteit van het eindproduct te garanderen is het cruciaal dat de kwaliteitseisen voor de ingrediënten in acht worden genomen. In het tijdschrift “Hranitelna promishlenost”, nr. 8/9 van 1964, leggen de auteurs G. Gerginov, productiemanager, en Kr. Dimov, divisiemanager, uit: “Rundvet (met uitzondering van niervet) verbetert de kwaliteit van sudzhuk- en lukanka-worsten, waarbij niet-gesorteerd vlees vereist is, zoals bij “Lukanka Panagyurska”, en geeft de worsten hun specifieke, aangename smaak. Vlees van zeugen of beren is niet toegestaan …” (Marin Marinov, Proizvodstvo i plasment na mesni producti (Productie en distributie van vleesproducten), Sofia, 1963, blz. 110).

De traditionele droog- en persmethoden zijn ook bewaard. Dit zijn essentiële aspecten van het productieproces van “Lukanka Panagyurska”. Volgens Stefan Danchev in zijn dissertatie uit 1972, “Tehnologichno prouchvane na mehaniziran sposob za presovane i sushene na trayni mesni producti” (Studie over gemechaniseerde pers- en droogtechnieken voor lang houdbare vleesproducten), “beïnvloedt het persen ook de rijping en droging, die cruciaal zijn voor de kwaliteit van het eindproduct”.

Volgens “Traditsionni Bulgarski Retsepturi i Tehnologii” (Traditionele Bulgaarse recepten en bereidingsmethoden), uitgegeven door de “Asotsiatsia na mesoprerabotvatelite v Bulgaria” (Organisatie van Bulgaarse vleesverwerkers), Sofia, 2002, “is het op dag 5, wanneer de lukanka-worsten beginnen te drogen en stukjes vet lichtjes opbollen onder de darm, tijd om ze onder de pers te leggen. Ze worden twee- of driemaal geperst, afhankelijk van de grootte van de worst” (blz.17).


(1)  PB L 179 van 19.6.2014, blz. 17.