ISSN 1977-0995

Publicatieblad

van de Europese Unie

C 444

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Mededelingen en bekendmakingen

57e jaargang
12 december 2014


Nummer

Inhoud

Bladzijde

 

IV   Informatie

 

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

 

Europese Commissie

2014/C 444/01

Wisselkoersen van de euro

1

2014/C 444/02

Tussentijdse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de ambtenaren, tijdelijke functionarissen en arbeidscontractanten van de Europese Unie die in derde landen werkzaam zijn

2

2014/C 444/03

Jaarlijkse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de ambtenaren, tijdelijke functionarissen en arbeidscontractanten van de Europese Unie die in derde landen werkzaam zijn

5

2014/C 444/04

Jaarlijkse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn vanaf juli 2014 op de bezoldigingen en pensioenen van ambtenaren en andere personeelsleden van de Europese Unie

10

2014/C 444/05

Actualisering van het pensioenbijdragepercentage van de ambtenaren en andere personeelsleden van de Europese Unie met ingang van 1 juli 2014

11

 

Rekenkamer

2014/C 444/06

Speciaal verslag nr. 18/2014 De evaluatiesystemen en resultaatgerichte toezichtsystemen van EuropeAid

12

 

V   Adviezen

 

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE HANDELSPOLITIEK

 

Europese Commissie

2014/C 444/07

Bericht van inleiding van een antidumpingprocedure betreffende de invoer van bepaald bladaluminium van oorsprong uit de Volksrepubliek China

13

 

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

 

Europese Commissie

2014/C 444/08

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.7467 — Mitsubishi Heavy Industries/Mitsubishi Corporation/MHI Compressor International) — Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 )

24

 

ANDERE HANDELINGEN

 

Europese Commissie

2014/C 444/09

Bekendmaking van een wijzigingsaanvraag overeenkomstig artikel 50, lid 2, onder a), van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen

25

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

 


IV Informatie

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

Europese Commissie

12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/1


Wisselkoersen van de euro (1)

11 december 2014

(2014/C 444/01)

1 euro =


 

Munteenheid

Koers

USD

US-dollar

1,2428

JPY

Japanse yen

147,20

DKK

Deense kroon

7,4387

GBP

Pond sterling

0,79270

SEK

Zweedse kroon

9,3575

CHF

Zwitserse frank

1,2012

ISK

IJslandse kroon

 

NOK

Noorse kroon

9,0060

BGN

Bulgaarse lev

1,9558

CZK

Tsjechische koruna

27,633

HUF

Hongaarse forint

308,14

LTL

Litouwse litas

3,45280

PLN

Poolse zloty

4,1798

RON

Roemeense leu

4,4508

TRY

Turkse lira

2,8153

AUD

Australische dollar

1,5056

CAD

Canadese dollar

1,4281

HKD

Hongkongse dollar

9,6348

NZD

Nieuw-Zeelandse dollar

1,5892

SGD

Singaporese dollar

1,6323

KRW

Zuid-Koreaanse won

1 368,53

ZAR

Zuid-Afrikaanse rand

14,3385

CNY

Chinese yuan renminbi

7,6916

HRK

Kroatische kuna

7,6740

IDR

Indonesische roepia

15 384,00

MYR

Maleisische ringgit

4,3385

PHP

Filipijnse peso

55,262

RUB

Russische roebel

68,6459

THB

Thaise baht

40,792

BRL

Braziliaanse real

3,2593

MXN

Mexicaanse peso

18,0523

INR

Indiase roepie

77,5644


(1)  Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.


12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/2


Tussentijdse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de ambtenaren, tijdelijke functionarissen en arbeidscontractanten van de Europese Unie die in derde landen werkzaam zijn (1)

(2014/C 444/02)

FEBRUARI 2014

Standplaats

Koopkrachtpariteit

februari 2014

Wisselkoers

februari 2014 (2)

Aanpassingscoëfficiënt

februari 2014 (3)

Angola

185,2

132,841

139,4

Bangladesh

67,43

106,304

63,4

Brazilië

2,730

3,29550

82,8

Centraal-Afrikaanse Republiek

676,7

655,957

103,2

Gabon

688,6

655,957

105,0

Ghana

2,254

3,17585

71,0

Guyana

177,2

283,400

62,5

Indonesië (Banda Aceh)

9 649

16 551,4

58,3

Indonesië (Jakarta)

10 605

16 551,4

64,1

Malawi

293,5

594,720

49,4

Sudan

7,592

8,07741

94,0

Tunesië

1,461

2,20440

66,3

Oezbekistan

2 070

2 991,02

69,2

Venezuela

9,144

8,54090

107,1


MAART 2014

Standplaats

Koopkrachtpariteit

maart 2014

Wisselkoers

maart 2014 (4)

Aanpassingscoëfficiënt

februari 2014 (5)

Belarus

7 703

13 380,0

57,6

Djibouti

191,6

242,696

78,9

Madagaskar

2 564

3 196,80

80,2

Zuid-Afrika

7,041

14,6986

47,9

Zwitserland (Bern)

1,432

1,21610

117,8

Verenigde Staten (Washington)

1,148

1,36560

84,1


APRIL 2014

Standplaats

Koopkrachtpariteit

april 2014

Wisselkoers

april 2014 (6)

Aanpassingscoëfficiënt

april 2014 (7)

Guinee

7 344

9 683,32

75,8

Malawi

311,6

569,779

54,7

Paraguay

3 965

6 096,61

65,0

Peru

3,297

3,86834

85,2

Swaziland

7,370

14,5839

50,5

Oost-Timor

1,480

1,37590

107,6

Venezuela

9,989

8,65730

115,4

Jemen

256,2

295,667

86,7

Zambia

7,236

8,55505

84,6


MEI 2014

Standplaats

Koopkrachtpariteit

mei 2014

Wisselkoers

mei 2014 (8)

Aanpassingscoëfficiënt

mei 2014 (9)

Barbados

3,015

2,78001

108,5

Brazilië

2,893

3,06830

94,3

IJsland

166,6

154,990

107,5

Israël

4,808

4,80280

100,1

Jordanië

0,8725

0,980263

89,0

Samoa

2,786

3,16892

87,9

Senegal

647,0

655,957

98,6

Zuid-Korea

1 386

1 423,99

97,3

Sudan

8,093

8,22737

98,4

Oezbekistan

2 224

3 147,06

70,7

Venezuela

10,55

8,69946

121,3


JUNI 2014

Standplaats

Koopkrachtpariteit

juni 2014

Wisselkoers

juni 2014 (10)

Aanpassingscoëfficiënt

juni 2014 (11)

Belarus

8 094

13 730,0

59,0

Canada

1,263

1,47960

85,4

Costa Rica

594,9

757,079

78,6

Egypte

6,008

9,77075

61,5

Lesotho

6,843

14,2260

48,1

Mexico

12,01

17,5678

68,4

Moldavië

11,22

18,8527

59,5

Nigeria

203,9

211,780

96,3

Noorwegen

10,91

8,11850

134,4

Panama

0,8890

1,36380

65,2

Rusland

50,75

46,9447

108,1

Oekraïne

8,607

15,9030

54,1

Venezuela

11,42

8,58117

133,1


(1)  Verslag van Eurostat van 22 september 2014 over de tussentijdse aanpassing van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van in delegaties buiten de EU werkzame ambtenaren, tijdelijke functionarissen en arbeidscontractanten van de Europese Unie, overeenkomstig artikel 64, bijlage X en bijlage XI van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Unie.

Meer informatie over de gehanteerde methodologie is te vinden op de Eurostat-website („Statistics Database” > „Economy and finance” > „Prices” > „Correction coefficients”).

(2)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, D.R. Congo, Oost-Timor).

(3)  Brussel en Luxemburg = 100.

(4)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, D.R. Congo, Oost-Timor).

(5)  Brussel en Luxemburg = 100.

(6)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, D.R. Congo, Oost-Timor).

(7)  Brussel en Luxemburg = 100.

(8)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, D.R. Congo, Oost-Timor).

(9)  Brussel en Luxemburg = 100.

(10)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, D.R. Congo, Oost-Timor).

(11)  Brussel en Luxemburg = 100.


12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/5


Jaarlijkse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de ambtenaren, tijdelijke functionarissen en arbeidscontractanten van de Europese Unie die in derde landen werkzaam zijn (1)

(2014/C 444/03)

Standplaats

Koopkrachtpariteit

juli 2014

Wisselkoers

juli 2014 (2)

Aanpassingscoëfficiënt

juli 2014 (3)

Afghanistan (4)

 

 

 

Albanië

84,56

140,200

60,3

Algerije

74,36

108,102

68,8

Angola

188,8

132,977

142,0

Argentinië (4)

 

 

 

Armenië

424,3

556,270

76,3

Australië

1,470

1,44600

101,7

Azerbeidzjan

1,025

1,06822

96,0

Bangladesh

67,08

105,616

63,5

Barbados

2,974

2,73859

108,6

Belarus

8 208

13 870,0

59,2

Belize

1,915

2,71719

70,5

Benin

622,9

655,957

95,0

Bolivia

6,792

9,41142

72,2

Bosnië en Herzegovina (Banja Luka)

1,190

1,95583

60,8

Bosnië en Herzegovina (Sarajevo)

1,407

1,95583

71,9

Botswana

6,238

12,0192

51,9

Brazilië

3,030

2,99050

101,3

Burkina Faso

648,9

655,957

98,9

Burundi

1 425

2 104,54

67,7

Cambodja

4 481

5 523,50

81,1

Kameroen

612,9

655,957

93,4

Canada

1,283

1,45560

88,1

Kaapverdië

77,78

110,265

70,5

Centraal-Afrikaanse Republiek

695,9

655,957

106,1

Tsjaad

745,8

655,957

113,7

Chili

403,6

749,972

53,8

China

7,596

8,46890

89,7

Colombia

2 213

2 569,89

86,1

Comoren

334,3

491,968

68,0

Congo (Brazzaville)

783,5

655,957

119,4

Costa Rica

584,4

742,937

78,7

Kroatië

5,795

7,57300

76,5

Cuba (2)

0,9925

1,36200

72,9

Democratische Republiek Congo (Kinshasa) (2)

1,838

1,36200

134,9

Djibouti

181,3

242,056

74,9

Dominicaanse Republiek

36,44

59,0950

61,7

Ecuador (2)

0,9862

1,36200

72,4

Egypte

6,036

9,75670

61,9

El Salvador (2)

0,9548

1,36200

70,1

Eritrea

23,69

20,7603

114,1

Ethiopië

24,25

26,5854

91,2

Fiji

1,649

2,50564

65,8

voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië

35,89

61,6863

58,2

Gabon

697,9

655,957

106,4

Gambia

32,61

57,0500

57,2

Georgië

1,572

2,40900

65,3

Ghana

2,378

4,08380

58,2

Guatemala

8,160

10,6115

76,9

Guinee (Conakry)

7 449

9 537,04

78,1

Guinee-Bissau

586,5

655,957

89,4

Guyana

177,0

282,325

62,7

Haïti

50,35

61,9572

81,3

Honduras

21,70

28,5433

76,0

Hongkong

10,72

10,5573

101,5

IJsland

173,8

154,850

112,2

India

53,48

81,8630

65,3

Indonesië (Banda Aceh)

9 731

16 369,0

59,4

Indonesië (Jakarta)

10 711

16 369,0

65,4

Irak (4)

 

 

 

Israël

4,747

4,67080

101,6

Ivoorkust

645,7

655,957

98,4

Jamaica

134,2

150,486

89,2

Japan

139,4

138,090

100,9

Jordanië

0,8586

0,965658

88,9

Kazachstan

200,6

249,760

80,3

Kenia

94,74

119,029

79,6

Kosovo (5)

0,7168

1,00000

71,7

Kirgizië

50,77

70,9029

71,6

Laos

9 408

10 927,0

86,1

Libanon

1 589

2 053,22

77,4

Lesotho

6,871

14,4394

47,6

Liberia (2)

1,372

1,36200

100,7

Libië (4)

 

 

 

Madagaskar

2 734

3 208,74

85,2

Malawi

321,1

541,045

59,3

Maleisië

3,088

4,37540

70,6

Mali

657,6

655,957

100,3

Mauritanië

243,9

408,930

59,6

Mauritius

32,50

41,1444

79,0

Mexico

11,82

17,7087

66,7

Moldavië

11,27

19,0345

59,2

Montenegro

0,6414

1,00000

64,1

Marokko

7,826

11,2075

69,8

Mozambique

32,85

42,2600

77,7

Myanmar

780,3

1 317,74

59,2

Namibië

9,199

14,4394

63,7

Nepal

93,34

131,120

71,2

Nieuw-Caledonië

130,6

119,332

109,4

Nieuw-Zeeland

1,741

1,55420

112,0

Nicaragua

18,88

35,3468

53,4

Niger

535,4

655,957

81,6

Nigeria

200,4

211,439

94,8

Noorwegen

10,92

8,36800

130,5

Pakistan

71,00

134,336

52,9

Panama (2)

0,8911

1,36200

65,4

Papoea- Nieuw-Guinea

3,838

3,30583

116,1

Paraguay

3 997

5 985,99

66,8

Peru

3,315

3,81905

86,8

Filipijnen

42,56

59,6600

71,3

Rusland

51,00

45,8969

111,1

Rwanda

708,2

928,137

76,3

Samoa

2,723

3,10321

87,7

Saudi-Arabië

3,504

5,10750

68,6

Senegal

677,8

655,957

103,3

Servië

83,95

115,545

72,7

Sierra Leone

6 878

5 967,19

115,3

Singapore

2,054

1,70150

120,7

Salomon-eilanden

11,92

9,82683

121,3

Somalië (4)

 

 

 

Zuid-Afrika

7,152

14,4394

49,5

Zuid-Korea

1 367

1 380,96

99,0

Zuid-Sudan (Juba)

3,558

4,01790

88,6

Sri Lanka

124,2

177,165

70,1

Sudan

8,689

8,10479

107,2

Suriname

2,783

4,49460

61,9

Swaziland

7,447

14,4394

51,6

Zwitserland (Bern)

1,469

1,21620

120,8

Zwitserland (Genève)

1,503

1,21620

123,6

Syrië (4)

 

 

 

Taiwan

33,51

40,7109

82,3

Tajikistan

4,510

6,71017

67,2

Tanzania

1 441

2 251,16

64,0

Thailand

32,70

44,2210

73,9

Oost-Timor (2)

1,400

1,36200

102,8

Togo

557,1

655,957

84,9

Trinidad en Tobago

6,772

8,59430

78,8

Tunesië

1,474

2,28050

64,6

Turkije

2,183

2,89440

75,4

Turkmenistan

2,396

3,88170

61,7

Uganda

2 507

3 538,38

70,9

Oekraïne

8,681

16,1832

53,6

Verenigde Arabische Emiraten

3,984

4,99120

79,8

Verenigde Staten (New York)

1,252

1,36200

91,9

Verenigde Staten (Washington)

1,079

1,36200

79,2

Uruguay

28,79

31,1081

92,5

Oezbekistan

2 359

3 149,35

74,9

Vanuatu

134,8

130,534

103,3

Venezuela

11,93

8,56984

139,2

Vietnam

15 962

29 051,5

54,9

Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook

5,255

4,67080

112,5

Yemen

261,2

292,680

89,2

Zambia

7,368

8,28275

89,0

Zimbabwe (4)

 

 

 


(1)  Verslag van Eurostat van 30 oktober 2014 over de jaarlijkse aanpassing van de bezoldigingen en de pensioenen van de EU-ambtenaren overeenkomstig de artikelen 64 en 65 en bijlage XI van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Unie, houdende aanpassing met ingang van 1 juli 2014 van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van actieve personeelsleden die werkzaam zijn in standplaatsen binnen en buiten de EU, op de pensioenen van gepensioneerden en op de overmaking van pensioenen.

Meer informatie over de gehanteerde methodologie is te vinden op de Eurostat-website („Statistics Database” > „Economy and finance” > „Prices” > „Correction coefficients”).

(2)  1 EUR in nationale valuta (USD voor Cuba, El Salvador, Ecuador, Liberia, Panama, Democratische Republiek Congo, Oost-Timor).

(3)  Brussel en Luxemburg = 100 %.

(4)  Niet beschikbaar wegens problemen in verband met instabiliteit ter plaatse of onbetrouwbaarheid van de gegevens.

(5)  Deze benaming laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet, en is in overeenstemming met Resolutie 1244 (1999) van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo.


12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/10


Jaarlijkse actualisering van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn vanaf juli 2014 op de bezoldigingen en pensioenen van ambtenaren en andere personeelsleden van de Europese Unie (1)

(2014/C 444/04)

Land/Plaats

Bezoldiging

Overmaking (2)

Pensioen

1.7.2014

 

1.7.2014

Bulgarije

55,1

56,0

100,0

Tsjechië

75,0

70,5

100,0

Denemarken

133,0

131,3

131,3

Duitsland

97,2

96,4

100,0

Bonn

94,6

 

 

Karlsruhe

95,0

 

 

München

107,7

 

 

Estland

78,6

80,1

100,0

Ierland

115,9

106,3

106,3

Griekenland

86,8

84,7

100,0

Spanje

94,5

90,2

100,0

Frankrijk

116,8

107,1

107,1

Kroatië

77,6

72,2

100,0

Italië

100,4

94,5

100,0

Varese

93,1

 

 

Cyprus

81,2

85,8

100,0

Letland

76,5

74,8

100,0

Litouwen

71,4

71,1

100,0

Hongarije

71,4

64,0

100,0

Malta

83,4

84,2

100,0

Nederland

107,8

104,7

104,7

Oostenrijk

107,2

104,4

104,4

Polen

74,1

67,6

100,0

Portugal

82,2

85,2

100,0

Roemenië

69,5

63,8

100,0

Slovenië

84,7

81,4

100,0

Slowakije

79,0

73,1

100,0

Finland

123,0

114,5

114,5

Zweden

127,5

115,9

115,9

Verenigd Koninkrijk

150,7

120,7

120,7

Culham

116,7

 

 


(1)  Verslag van Eurostat van 30 oktober 2014 over de jaarlijkse aanpassing van de bezoldigingen en de pensioenen van de EU-ambtenaren overeenkomstig de artikelen 64 en 65 en bijlage XI van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Unie, houdende aanpassing met ingang van 1 juli 2014 van de aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de bezoldigingen van actieve personeelsleden die werkzaam zijn in standplaatsen binnen en buiten de EU, op de pensioenen van gepensioneerden en op de overmaking van pensioenen.

Meer informatie over de gehanteerde methodologie is te vinden op de Eurostat-website („Statistics Database” > „Economy and finance” > „Prices” > „Correction coefficients”).

(2)  De aanpassingscoëfficiënten voor overmakingen worden van kracht vanaf de datum van de aanpassing.


12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/11


Actualisering van het pensioenbijdragepercentage van de ambtenaren en andere personeelsleden van de Europese Unie met ingang van 1 juli 2014 (1)

(2014/C 444/05)

De pensioenbijdrage als bedoeld in artikel 83, lid 2, van het Statuut bedraagt 10,1 % met ingang van 1 juli 2014.


(1)  Verslag van Eurostat over de actuariële raming 2014 van de pensioenregeling voor de Europese ambtenaren van 1 september 2014.


Rekenkamer

12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/12


Speciaal verslag nr. 18/2014 „De evaluatiesystemen en resultaatgerichte toezichtsystemen van EuropeAid”

(2014/C 444/06)

De Europese Rekenkamer deelt u mede dat Speciaal verslag nr. 18/2014 „De evaluatiesystemen en resultaatgerichte toezichtsystemen van EuropeAid” zojuist gepubliceerd is.

Het verslag kan worden ingezien op of gedownload van de website van de Europese Rekenkamer: http://eca.europa.eu

Het verslag is op aanvraag gratis in papieren vorm verkrijgbaar bij de Rekenkamer:

Europese Rekenkamer

Publicaties (PUB)

12, rue Alcide De Gasperi

1615 Luxemburg

LUXEMBURG

Tel. +352 4398-1

E-mail: eca-info@eca.europa.eu

of door het invullen van een elektronische bestelbon bij EU-Bookshop.


V Adviezen

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE HANDELSPOLITIEK

Europese Commissie

12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/13


Bericht van inleiding van een antidumpingprocedure betreffende de invoer van bepaald bladaluminium van oorsprong uit de Volksrepubliek China

(2014/C 444/07)

De Europese Commissie („de Commissie”) heeft een klacht ontvangen op grond van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad van 30 november 2009 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap (1) („de basisverordening”), volgens welke de bedrijfstak van de Unie aanmerkelijke schade lijdt door de invoer met dumping van bepaald bladaluminium van oorsprong uit de Volksrepubliek China.

1.   Klacht

De klacht werd op 28 oktober 2014 ingediend namens zes producenten in de Unie („de klagers”), die goed zijn voor 25 % of meer van de totale productie in de Unie van het bladaluminium waarop dit onderzoek betrekking heeft.

2.   Onderzocht product

Het onderzochte product is bepaald bladaluminium met een dikte van minder dan 0,021 mm, niet op een drager, enkel gewalst, op rollen met een gewicht van meer dan 10 kg, met uitzondering van bladaluminium met een dikte van niet minder dan 0,008 mm en niet meer dan 0,018 mm op rollen met een breedte van niet meer dan 650 mm („het onderzochte product”).

3.   Bewering dat er sprake is van dumping

Bij het product waarvan beweerd wordt dat het met dumping wordt ingevoerd, gaat het om het onderzochte product van oorsprong uit de Volksrepubliek China („het betrokken land”), momenteel ingedeeld onder GN-code ex 7607 11 19. De GN-code wordt slechts ter informatie vermeld.

Aangezien de Volksrepubliek China ingevolge de bepalingen van artikel 2, lid 7, van de basisverordening als land zonder markteconomie wordt beschouwd, hebben de klagers de normale waarde voor de invoer uit de Volksrepubliek China vastgesteld op basis van de prijs in een derde land met een markteconomie, namelijk Turkije. De bewering dat het betrokken product met dumping wordt ingevoerd, is gebaseerd op een vergelijking van de aldus vastgestelde normale waarde met de prijs bij uitvoer (af fabriek) van het onderzochte product wanneer het naar de Unie wordt uitgevoerd.

De aldus berekende dumpingmarge blijkt voor het betrokken land aanzienlijk te zijn.

4.   Bewering dat er sprake is van schade en oorzakelijk verband

De klagers hebben bewijsmateriaal verstrekt waaruit blijkt dat de invoer van het onderzochte product uit het betrokken land zowel absoluut als qua marktaandeel is gestegen.

Uit het voorlopige bewijsmateriaal dat de klagers hebben verstrekt, blijkt dat de hoeveelheden waarin en de prijzen waartegen het onderzochte product wordt ingevoerd onder meer een ongunstige invloed hebben gehad op de verkochte hoeveelheden, de in rekening gebrachte prijzen en het marktaandeel van de bedrijfstak van de Unie, wat negatieve gevolgen heeft gehad voor de algemene prestaties, de financiële situatie en de werkgelegenheidssituatie van de bedrijfstak van de Unie.

5.   Procedure

Daar de Commissie na kennisgeving aan de lidstaten heeft vastgesteld dat de klacht is ingediend door of namens de bedrijfstak van de Unie en dat er voldoende bewijsmateriaal is om een procedure in te leiden, opent zij hierbij een onderzoek op grond van artikel 5 van de basisverordening.

Bij het onderzoek zal worden vastgesteld of het onderzochte product van oorsprong uit het betrokken land met dumping wordt ingevoerd en of hierdoor schade voor de bedrijfstak van de Unie is ontstaan. Als de conclusies bevestigend zijn, zal in het onderzoek worden nagegaan of het niet tegen het belang van de Unie is maatregelen in te stellen.

5.1.    Procedure voor het vaststellen van dumping

Producenten-exporteurs (2) van het onderzochte product uit de Volksrepubliek China worden uitgenodigd aan het onderzoek van de Commissie mee te werken.

5.1.1.   Onderzoek van de producenten-exporteurs

5.1.1.1.   Procedure voor de selectie van te onderzoeken producenten-exporteurs in de Volksrepubliek China

a)   Steekproeven

Gezien het mogelijk grote aantal bij deze procedure betrokken producenten-exporteurs in de Volksrepubliek China kan de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, haar onderzoek tot een redelijk aantal producenten-exporteurs beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef zal overeenkomstig artikel 17 van de basisverordening worden uitgevoerd.

Om de Commissie in staat te stellen te beslissen of een steekproef noodzakelijk is en, zo ja, deze samen te stellen, wordt alle producenten-exporteurs, of hun vertegenwoordigers, verzocht contact met de Commissie op te nemen. Zij moeten dat, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie doen en de Commissie de in bijlage I bij dit bericht verlangde informatie over hun onderneming of ondernemingen verstrekken.

Om de informatie te verkrijgen die zij voor het samenstellen van de steekproef van producenten-exporteurs nodig acht, zal de Commissie bovendien contact opnemen met de autoriteiten van de Volksrepubliek China en mogelijk ook met haar bekende verenigingen van producenten-exporteurs.

Belanghebbenden die behalve de hierboven vermelde informatie nog andere informatie willen verstrekken die voor de samenstelling van de steekproef van nut kan zijn, moeten dit, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 21 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie doen.

Indien een steekproef noodzakelijk is, kunnen de producenten-exporteurs worden geselecteerd op basis van het grootste representatieve volume van de uitvoer naar de Unie dat binnen de beschikbare tijd redelijkerwijs kan worden onderzocht. De Commissie zal alle haar bekende producenten-exporteurs, de autoriteiten van de Volksrepubliek China en de verenigingen van producenten-exporteurs, indien nodig via de autoriteiten van de Volksrepubliek China, mededelen welke ondernemingen voor de steekproef zijn geselecteerd.

Om de informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek met betrekking tot producenten-exporteurs nodig acht, zal de Commissie een vragenlijst toezenden aan de voor de steekproef geselecteerde producenten-exporteurs, aan de haar bekende verenigingen van producenten-exporteurs en aan de autoriteiten van de Volksrepubliek China.

Alle voor de steekproef geselecteerde producenten-exporteurs moeten, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef een ingevulde vragenlijst indienen.

Onverminderd de mogelijke toepassing van artikel 18 van de basisverordening worden ondernemingen die hebben ingestemd met opname in de steekproef maar uiteindelijk niet worden geselecteerd, geacht mee te werken („niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs”). Onverminderd punt b) zal het antidumpingrecht dat wordt toegepast op de invoer van de niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs niet hoger zijn dan de gewogen gemiddelde dumpingmarge die is vastgesteld voor de producenten-exporteurs in de steekproef (3).

b)   Individuele dumpingmarge voor niet in de steekproef opgenomen ondernemingen

Niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs kunnen de Commissie uit hoofde van artikel 17, lid 3, van de basisverordening verzoeken om voor hen een individuele dumpingmarge vast te stellen. De producenten-exporteurs die om een individuele dumpingmarge willen verzoeken, moeten een vragenlijst aanvragen en deze, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef naar behoren ingevuld terugzenden. De Commissie zal onderzoeken of hun een individueel recht overeenkomstig artikel 9, lid 5, van de basisverordening kan worden toegekend. De producenten-exporteurs in het land zonder markteconomie die van mening zijn dat zij het onderzochte product op marktvoorwaarden produceren en verkopen, kunnen in dit verband een naar behoren onderbouwde aanvraag om behandeling als marktgerichte onderneming (BMO-aanvraag) indienen, en deze naar behoren ingevuld terugsturen, binnen de in punt 5.1.2.2 vermelde termijnen.

Producenten-exporteurs die een individuele dumpingmarge aanvragen, moeten zich er echter van bewust zijn dat de Commissie kan besluiten geen individuele dumpingmarge vast te stellen, bijvoorbeeld als het aantal producenten-exporteurs zo groot is dat individuele onderzoeken te belastend zijn en een tijdige afsluiting van het onderzoek in de weg staan.

5.1.2.   Aanvullende procedure voor producenten-exporteurs in het betrokken land zonder markteconomie

5.1.2.1.   Selectie van een derde land met een markteconomie

De normale waarde van de invoer uit de Volksrepubliek China zal, met inachtneming van punt 5.1.2.2, overeenkomstig artikel 2, lid 7, onder a), van de basisverordening worden vastgesteld op basis van de prijs of de berekende waarde in een derde land met een markteconomie. De Commissie zal daartoe een geschikt derde land met een markteconomie selecteren. De voorlopige keuze van de Commissie is gevallen op Turkije. Belanghebbenden wordt verzocht hun opmerkingen over de geschiktheid van deze keuze uiterlijk tien dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie in te dienen. Volgens de informatie waarover de Commissie beschikt, zijn andere leveranciers van de Unie uit landen met een markteconomie onder andere in de Republiek Korea en Rusland gevestigd. Om uiteindelijk het derde land met een markteconomie te selecteren, zal de Commissie onderzoeken of het onderzochte product wordt geproduceerd en verkocht in die derde landen met een markteconomie waarvoor aanwijzingen bestaan dat het onderzochte product er wordt geproduceerd.

5.1.2.2.   Behandeling van producenten-exporteurs in het betrokken land zonder markteconomie

Overeenkomstig artikel 2, lid 7, onder b), van de basisverordening kunnen individuele producenten-exporteurs in het betrokken land die van mening zijn dat zij het onderzochte product onder marktvoorwaarden vervaardigen en verkopen, een naar behoren onderbouwd verzoek om behandeling als marktgerichte onderneming indienen („BMO-aanvraag”). Een BMO wordt toegekend als uit de beoordeling van de BMO-aanvraag blijkt dat aan de criteria van artikel 2, lid 7, onder c), van de basisverordening (4) is voldaan. Overeenkomstig artikel 2, lid 7, onder b), van de basisverordening wordt de dumpingmarge van de producenten-exporteurs aan wie een BMO is toegekend, voor zover mogelijk en onverminderd het gebruik van beschikbare gegevens uit hoofde van artikel 18 van de basisverordening, berekend op basis van hun eigen normale waarde en uitvoerprijzen.

De Commissie zal BMO-aanvraagformulieren toezenden aan alle producenten-exporteurs in de Volksrepubliek China die voor de steekproef zijn geselecteerd, evenals aan alle niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten-exporteurs die een individuele dumpingmarge willen aanvragen, aan alle haar bekende verenigingen van producenten-exporteurs en aan de autoriteiten van de Volksrepubliek China. De Commissie zal enkel de BMO-aanvraagformulieren beoordelen die zijn ingediend door producenten-exporteurs in de Volksrepubliek China die voor de steekproef zijn geselecteerd, en door niet voor de steekproef geselecteerde medewerkende producenten-exporteurs waarvan het verzoek om berekening van een individuele dumpingmarge is aanvaard.

Alle producenten-exporteurs die een BMO willen aanvragen, moeten, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 21 dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef dan wel van de beslissing geen steekproef samen te stellen een ingevuld BMO-aanvraagformulier indienen.

5.1.3.   Onderzoek van niet-verbonden importeurs  (5)  (6)

Niet-verbonden importeurs die het onderzochte product uit de Volksrepubliek China in de Unie invoeren, worden uitgenodigd aan dit onderzoek mee te werken.

Gezien het mogelijk grote aantal bij deze procedure betrokken niet-verbonden importeurs kan de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, haar onderzoek tot een redelijk aantal niet-verbonden importeurs beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef zal overeenkomstig artikel 17 van de basisverordening worden uitgevoerd.

Om de Commissie in staat te stellen te beslissen of een steekproef noodzakelijk is en, zo ja, deze samen te stellen, wordt alle niet-verbonden importeurs, of hun vertegenwoordigers, verzocht contact met de Commissie op te nemen. Zij moeten dat, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie doen en de Commissie de in bijlage II bij dit bericht verlangde informatie over hun onderneming of ondernemingen verstrekken.

Om de informatie te verkrijgen die zij voor het samenstellen van de steekproef van niet-verbonden importeurs nodig acht, kan de Commissie ook contact opnemen met haar bekende verenigingen van importeurs.

Belanghebbenden die behalve de hierboven vermelde informatie nog andere informatie willen verstrekken die voor de samenstelling van de steekproef van nut kan zijn, moeten dit, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 21 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie doen.

Indien een steekproef noodzakelijk is, kunnen de importeurs worden geselecteerd op basis van het grootste representatieve volume van hun verkoop van het onderzochte product in de Unie dat binnen de beschikbare tijd redelijkerwijs kan worden onderzocht. De Commissie zal alle haar bekende niet-verbonden importeurs en verenigingen van importeurs mededelen welke ondernemingen voor de steekproef zijn geselecteerd.

Om de informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek nodig acht, zal de Commissie een vragenlijst toezenden aan de in de steekproef opgenomen niet-verbonden importeurs en aan alle haar bekende verenigingen van importeurs. Deze partijen moeten de ingevulde vragenlijst, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef indienen.

5.2.    Procedure voor het vaststellen van schade en onderzoek van producenten in de Unie

De vaststelling van de schade is gebaseerd op positief bewijsmateriaal en houdt een objectief onderzoek in van de omvang van de invoer met dumping, de gevolgen daarvan voor de prijzen in de Unie en de gevolgen van deze invoer voor de bedrijfstak van de Unie. Teneinde vast te stellen of de bedrijfstak van de Unie schade heeft geleden, worden de producenten van het onderzochte product in de Unie uitgenodigd aan het onderzoek van de Commissie mee te werken.

Gezien het grote aantal bij deze procedure betrokken producenten in de Unie heeft de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, besloten haar onderzoek tot een redelijk aantal producenten in de Unie te beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef wordt overeenkomstig artikel 17 van de basisverordening uitgevoerd.

De Commissie heeft een voorlopige steekproef van producenten in de Unie samengesteld. Belanghebbenden vinden nadere details in het dossier. Belanghebbenden wordt verzocht het dossier te raadplegen (de contactgegevens van de Commissie zijn opgenomen in punt 5.6). Andere producenten in de Unie, of hun vertegenwoordigers, die vinden dat er redenen zijn waarom zij in de steekproef zouden moeten worden opgenomen, moeten uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie contact met de Commissie opnemen.

Belanghebbenden die nog andere informatie willen verstrekken die voor de samenstelling van de steekproef van nut kan zijn, moeten dit, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 21 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie doen.

De Commissie zal alle haar bekende producenten in de Unie en/of verenigingen van producenten in de Unie mededelen welke ondernemingen uiteindelijk voor de steekproef zijn geselecteerd.

Om de informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek nodig acht, zal de Commissie een vragenlijst toezenden aan de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie en aan alle haar bekende verenigingen van producenten in de Unie. Deze partijen moeten de ingevulde vragenlijst, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef indienen.

5.3.    Procedure voor het beoordelen van het belang van de Unie

Indien wordt vastgesteld dat er inderdaad dumping plaatsvindt en dat daardoor schade wordt veroorzaakt, zal uit hoofde van artikel 21 van de basisverordening een beslissing worden genomen over de vraag of de instelling van antidumpingmaatregelen niet in strijd zou zijn met het belang van de Unie. Producenten in de Unie, importeurs en hun representatieve verenigingen, gebruikers en hun representatieve verenigingen, en representatieve consumentenorganisaties worden verzocht om, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie contact op te nemen. Om aan het onderzoek deel te nemen, moeten de representatieve consumentenorganisaties binnen dezelfde termijn aantonen dat er een objectieve band is tussen hun activiteiten en het onderzochte product.

Partijen die binnen de genoemde termijn contact opnemen, kunnen de Commissie, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie informatie verstrekken over het belang van de Unie. Zij kunnen deze informatie vormvrij opstellen of een vragenlijst van de Commissie invullen. Met informatie die op grond van artikel 21 wordt verstrekt, wordt alleen rekening gehouden indien daarbij tegelijkertijd het nodige bewijsmateriaal is gevoegd.

5.4.    Andere schriftelijke opmerkingen

Alle belanghebbenden worden hierbij verzocht om onder de voorwaarden van dit bericht hun standpunt kenbaar te maken en informatie en bewijsmateriaal in te dienen. Tenzij anders aangegeven, moeten deze informatie en het bewijsmateriaal uiterlijk 37 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie in het bezit van de Commissie zijn.

5.5.    Mogelijkheid om door de onderzoeksdiensten van de Commissie te worden gehoord

Alle belanghebbenden kunnen een verzoek indienen om door de onderzoeksdiensten van de Commissie te worden gehoord. Dit verzoek moet schriftelijk worden ingediend en met redenen worden omkleed. Een verzoek om te worden gehoord over zaken die betrekking hebben op het beginstadium van het onderzoek, moet uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie worden ingediend. Daarna moet een verzoek om te worden gehoord, worden ingediend binnen de specifieke termijnen die de Commissie in haar correspondentie met de partijen heeft vastgesteld.

5.6.    Instructies voor schriftelijke opmerkingen en de verzending van ingevulde vragenlijsten en correspondentie

Informatie die aan de Commissie wordt verstrekt in het kader van handelsbeschermingsonderzoeken is vrij van auteursrechten. Alvorens aan de Commissie informatie en/of gegevens te verstrekken die onderworpen zijn aan het auteursrecht van derden, moeten belanghebbenden de houder van het auteursrecht specifiek verzoeken de Commissie uitdrukkelijk toestemming te verlenen om a) voor deze handelsbeschermingsprocedure gebruik te maken van de informatie en gegevens en b) de informatie en/of gegevens te verstrekken aan belanghebbenden in dit onderzoek, in een vorm die hun de mogelijkheid biedt hun recht van verweer uit te oefenen.

Alle schriftelijke opmerkingen, met inbegrip van de in dit bericht gevraagde informatie, ingevulde vragenlijsten en correspondentie die door de belanghebbenden worden verstrekt en waarvoor om een vertrouwelijke behandeling wordt verzocht, moeten zijn voorzien van de vermelding „Limited” (7).

Belanghebbenden die informatie met de vermelding „Limited” verstrekken, moeten hiervan krachtens artikel 19, lid 2, van de basisverordening een niet-vertrouwelijke samenvatting indienen, voorzien van de vermelding „For inspection by interested parties”. Deze samenvatting moet gedetailleerd genoeg zijn om een redelijk inzicht te verschaffen in de wezenlijke inhoud van de als vertrouwelijk verstrekte inlichtingen. Als een belanghebbende die vertrouwelijke inlichtingen verstrekt, geen niet-vertrouwelijke samenvatting daarvan indient met de vereiste vorm en inhoud, kan deze informatie buiten beschouwing worden gelaten.

Belanghebbenden wordt verzocht alle opmerkingen en verzoeken met inbegrip van gescande volmachten en certificaten per e-mail in te dienen, met uitzondering van uitgebreide antwoorden, die persoonlijk of per aangetekend schrijven worden ingediend op een cd-rom of dvd. Door e-mail te gebruiken, stemmen belanghebbenden in met de geldende voorschriften inzake elektronisch ingediende opmerkingen, zoals bepaald in het document „CORRESPONDENCE WITH THE EUROPEAN COMMISSION IN TRADE DEFENCE CASES” (Correspondentie met de Europese Commissie in handelsbeschermingszaken) op de website van het Directoraat-Generaal Handel: http://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2014/june/tradoc_152578.pdf Belanghebbenden moeten hun naam, adres, telefoon en een geldig e-mailadres vermelden en ervoor zorgen dat het verstrekte e-mailadres een actief, officieel en zakelijk e-mailadres is dat iedere dag wordt gecontroleerd. Zodra contactgegevens zijn verstrekt, verloopt de communicatie van de Commissie met belanghebbenden uitsluitend per e-mail, behalve indien zij er uitdrukkelijk om verzoeken alle documenten van de Commissie via een ander communicatiemiddel te ontvangen, of het document wegens de aard ervan per aangetekend schrijven moet worden verzonden. Voor nadere voorschriften en informatie over de correspondentie met de Commissie, met inbegrip van de beginselen die van toepassing zijn op per e-mail verzonden opmerkingen, moeten belanghebbenden de genoemde instructies over communicatie met belanghebbenden raadplegen.

Correspondentieadres van de Commissie:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Handel

Directoraat H

Kamer CHAR 04/039

1040 Brussel

BELGIË

E-mail voor dumpingaangelegenheden en bijlage I: TRADE-CAF-DUMPING@ec.europa.eu

E-mail voor schadeaangelegenheden en bijlage II: TRADE-CAF-INJURY@ec.europa.eu

6.   Niet-medewerking

Wanneer belanghebbenden geen toegang tot de nodige gegevens verlenen, deze niet binnen de gestelde termijn verstrekken of het onderzoek aanmerkelijk belemmeren, kunnen overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening voorlopige of definitieve conclusies worden getrokken aan de hand van de beschikbare gegevens, zowel in positieve als in negatieve zin.

Wanneer blijkt dat een belanghebbende onjuiste of misleidende inlichtingen heeft verstrekt, kunnen deze buiten beschouwing worden gelaten en kan van de beschikbare gegevens gebruik worden gemaakt.

Indien een belanghebbende geen of slechts gedeeltelijk medewerking verleent en de bevindingen daarom overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening op de beschikbare gegevens worden gebaseerd, kan het resultaat voor deze belanghebbende minder gunstig zijn dan indien hij wel medewerking had verleend.

Indien de belanghebbende zijn antwoord niet door middel van systemen voor automatische gegevensverwerking verstrekt, wordt dit niet als niet-medewerking beschouwd, mits deze belanghebbende aantoont dat verstrekking van het antwoord in de gevraagde vorm voor hem een onredelijke extra belasting zou betekenen of onredelijke extra kosten zou meebrengen. De belanghebbende moet onmiddellijk contact opnemen met de Commissie.

7.   Raadadviseur-auditeur

Belanghebbenden kunnen erom vragen dat de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures wordt ingeschakeld. De raadadviseur-auditeur fungeert als tussenpersoon tussen de belanghebbenden en de onderzoeksdiensten van de Commissie. Hij behandelt verzoeken om toegang tot het dossier, geschillen over de vertrouwelijkheid van documenten, verzoeken om termijnverlenging en verzoeken van derden om te worden gehoord. De raadadviseur-auditeur kan een hoorzitting met een individuele belanghebbende beleggen en als bemiddelaar optreden om te garanderen dat de belanghebbenden hun recht van verweer ten volle kunnen uitoefenen.

Een verzoek om door de raadadviseur-auditeur te worden gehoord, moet schriftelijk worden ingediend en met redenen worden omkleed. Een verzoek om te worden gehoord over zaken die betrekking hebben op het beginstadium van het onderzoek, moet uiterlijk 15 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie worden ingediend. Daarna moet een verzoek om te worden gehoord, worden ingediend binnen de specifieke termijnen die de Commissie in haar correspondentie met de partijen heeft vastgesteld.

De raadadviseur-auditeur kan ook een hoorzitting voor belanghebbenden beleggen waar uiteenlopende standpunten en tegenargumenten naar voren kunnen worden gebracht met betrekking tot kwesties in verband met onder andere dumping, schade, oorzakelijk verband en belang van de Unie. Een dergelijke hoorzitting vindt normaliter uiterlijk aan het einde van de vierde week na de mededeling van de voorlopige bevindingen plaats.

Belanghebbenden die contact willen opnemen, vinden de nodige gegevens en nadere informatie op de pagina’s van de raadadviseur-auditeur op de website van DG Handel: http://ec.europa.eu/trade/trade-policy-and-you/contacts/hearing-officer/

8.   Tijdschema voor het onderzoek

Het onderzoek wordt overeenkomstig artikel 6, lid 9, van de basisverordening uiterlijk 15 maanden na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie afgesloten. Overeenkomstig artikel 7, lid 1, van de basisverordening kunnen tot uiterlijk negen maanden na de datum van bekendmaking van dit bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie voorlopige maatregelen worden ingesteld.

9.   Verwerking van persoonsgegevens

Persoonsgegevens die in het kader van dit onderzoek worden verzameld, zullen worden behandeld in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (8).


(1)  PB L 343 van 22.12.2009, blz. 51.

(2)  Onder producent-exporteur wordt verstaan: een onderneming uit het/de betrokken land(en) die het onderzochte product produceert en naar de markt van de Unie uitvoert, hetzij rechtstreeks of via derden, met inbegrip van verbonden ondernemingen die betrokken zijn bij de productie, binnenlandse verkoop of uitvoer van het onderzochte product.

(3)  Ingevolge artikel 9, lid 6, van de basisverordening wordt geen rekening gehouden met nihilmarges, minimale marges of marges die onder de in artikel 18 van de basisverordening bedoelde omstandigheden zijn vastgesteld.

(4)  De producenten-exporteurs moeten met name aantonen dat: i) besluiten van bedrijven en de door hen gemaakte kosten een reactie zijn op marktsignalen, zonder staatsinmenging van betekenis; ii) bedrijven beschikken over een duidelijke basisboekhouding die onder controle staat van een onafhankelijke instantie in overeenstemming met de internationale standaarden voor jaarrekeningen en die alle terreinen bestrijkt; iii) er geen verstoringen van betekenis zijn die nog voortvloeien uit het vroegere systeem zonder markteconomie; iv) de faillissements- en eigendomswetten rechtszekerheid en stabiliteit bieden; v) omrekening van munteenheden tegen de marktkoers geschiedt.

(5)  Uitsluitend importeurs die niet verbonden zijn met de producenten-exporteurs mogen in de steekproef worden opgenomen. Importeurs die met producenten-exporteurs verbonden zijn, moeten bijlage 1 bij de vragenlijst voor deze producenten-exporteurs invullen. Overeenkomstig artikel 143 van Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie houdende bepalingen ter uitvoering van het communautaire douanewetboek worden personen slechts geacht te zijn verbonden indien: a) zij functionaris of directeur zijn van elkaars zaken; b) zij door de wettelijke bepalingen worden erkend als in zaken verbonden; c) zij werkgever en werknemer zijn; d) enig persoon, hetzij rechtstreeks of zijdelings, 5 % of meer van het stemgerechtigde uitstaande kapitaal of aandelen van beiden bezit, controleert of houdt; e) één van hen de ander, rechtstreeks of zijdelings, controleert; f) beiden, rechtstreeks of zijdelings, worden gecontroleerd door een derde persoon; g) zij samen, rechtstreeks of zijdelings, een derde persoon controleren; of h) zij behoren tot dezelfde familie. Personen worden slechts geacht leden te zijn van dezelfde familie indien zij op een van de volgende wijzen met elkaar bloed- of aanverwant zijn: i) echtgenoot en echtgenote, ii) ouder en kind, iii) broers en zusters (of halfbroers en halfzusters), iv) grootouder en kleinkind, v) oom of tante en neef of nicht (oomzeggers), vi) schoonouder en schoondochter of schoonzoon, vii) zwagers en schoonzusters (PB L 253 van 11.10.1993, blz. 1). In deze context worden onder persoon zowel natuurlijke als rechtspersonen verstaan.

(6)  Gegevens die door niet-verbonden importeurs zijn verstrekt, mogen ook worden gebruikt voor andere aspecten van dit onderzoek dan het vaststellen van dumping.

(7)  Een „Limited”-document wordt als vertrouwelijk in de zin van artikel 19 van Verordening (EG) nr. 1225/2009 van de Raad (PB L 343 van 22.12.2009, blz. 51) en artikel 6 van de WTO-overeenkomst betreffende de toepassing van artikel VI van de GATT 1994 (antidumpingovereenkomst) beschouwd. Het is ook een beschermd document krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43).

(8)  PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1.


BIJLAGE I

Image

Image


BIJLAGE II

Image

Image


PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

Europese Commissie

12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/24


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak M.7467 — Mitsubishi Heavy Industries/Mitsubishi Corporation/MHI Compressor International)

Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak

(Voor de EER relevante tekst)

(2014/C 444/08)

1.

Op 4 december 2014 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat de ondernemingen Mitsubishi Heavy Industries Ltd („MHI”, Japan) en Mitsubishi Corporation („MC”, Japan) in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgen over de onderneming MHI Compressor International Corporation („MCO-I”, Verenigde Staten).

2.

De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:

—   MHI: internationale leverancier van zware industriële machines, actief in de scheepsbouw en de ontwikkeling op oceanografisch gebied, stroomvoorzieningssystemen, kernenergiesystemen, compressoren en compressortreinen, turbines, machines en staal;

—   MC: houdt zich bezig met mondiale handelsactiviteiten, zoals onder meer beheer van complexe projecten, strategische financiering en investeringen, marketing-, distributie- en aankoopdiensten;

—   MCO-I: actief in Noord-Amerika in de verkoop en marketing van compressoren en compressortreinen en daarmee verband houdende aftersalesdiensten.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking kan komen voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).

4.

De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (+32 22964301), via e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer M.7467 — Mitsubishi Heavy Industries/Mitsubishi Corporation/MHI Compressor International, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

1049 Brussel

BELGIË


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).

(2)  PB C 366 van 14.12.2013, blz. 5.


ANDERE HANDELINGEN

Europese Commissie

12.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 444/25


Bekendmaking van een wijzigingsaanvraag overeenkomstig artikel 50, lid 2, onder a), van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen

(2014/C 444/09)

Deze bekendmaking verleent het recht om op grond van artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad (1) bezwaar aan te tekenen tegen de wijzigingsaanvraag.

WIJZIGINGSAANVRAAG

VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD

inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen  (2)

WIJZIGINGSAANVRAAG OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 9

„JAMBON SEC DES ARDENNES”/„NOIX DE JAMBON SEC DES ARDENNES”

EG-nummer: FR-PGI-0105-01173-6.11.2013

BGA ( X ) BOB ( )

1.   Rubriek van het productdossier waarop de wijziging betrekking heeft

    Naam van het product

    Beschrijving van het product

    Geografisch gebied

    Bewijs van de oorsprong

    Werkwijze voor het verkrijgen van het product

    Verband

    Etikettering

    Nationale eisen

    Overige:

toevoeging van een lijst van werkzaamheden die verplicht in het geografische gebied moeten worden uitgevoerd;

actualisering van de namen en adresgegevens van de aanvragende groepering en de controle-instantie.

2.   Aard van de wijziging(en)

    Wijziging van het enige document of de samenvatting

    Wijziging van het productdossier voor een geregistreerde BOB of BGA waarvoor geen enig document en evenmin een samenvatting bekend zijn gemaakt

    Wijziging van het productdossier waarbij geen wijziging van het bekendgemaakte enige document nodig is (artikel 9, lid 3, van Verordening (EG) nr. 510/2006)

    Tijdelijke wijziging van het productdossier als gevolg van een verplichte gezondheids- of fytosanitaire maatregel die is opgelegd door de overheid (artikel 9, lid 4, van Verordening (EG) nr. 510/2006)

3.   Wijziging(en)

3.1.   Productnaam

De naam van het product is gewijzigd zoals aangegeven in hoofdstuk 2 van het actuele productdossier („Naam van het levensmiddel”). Voortaan luidt de naam: „Jambon sec des Ardennes”/„Noix de Jambon sec des Ardennes”.

3.2.   Beschrijving van het product

Verlenging van de minimale bereidingstijd van de ham van 270 tot 360 dagen: hierdoor krijgt het product een betere kwaliteit, omdat de ham tijdens de rijping zijn fruitige geur en smaak van gedroogd vlees sterker kan ontwikkelen. Vanwege de langere rijpingsduur is het minimumgewicht van de ham na de minimale bereidingstijd teruggebracht van 6 tot 5,5 kg, met het oog op het gewichtsverlies als gevolg van de verlenging van de droogtijd.

Schrappen van de grote nootham met been als aanbiedingsvorm van de „Noix de jambon sec des Ardennes”. De aanwezigheid van been blijkt namelijk problemen op te leveren bij het snijden. Bovendien is het eenvoudiger de stukken vóór het drogen uit te benen, zodat deze techniek inmiddels algemeen wordt toegepast: de noothammen worden nu vóór het zouten stelselmatig uitgebeend. Tot slot hoeft het been niet aanwezig te zijn om de in het productdossier beschreven organoleptische kenmerken te verkrijgen.

Verwijderen van de chemische (nitraten en nitrieten) en microbiologische eigenschappen die uitsluitend betrekking hebben op de naleving van de algemene regelgeving.

Schrappen van beschrijvende elementen die niet objectief zijn: „délicieuse” (heerlijk), „exquise” (voortreffelijk) en „et d’apprécier toutes ses charmantes saveurs” (en alle bekoorlijke smaken proeven).

Toevoeging van een complete lijst van goedgekeurde aanbiedingsvormen: heel, heel zonder been, heel zonder been en zonder zwoerd, stukken zonder been of plakken (ham); heel, half of plakken (nootham).

Toevoeging van de hele ham zonder been, zonder zwoerd: deze aanbiedingsvorm wordt uitsluitend los verkocht.

De aanbiedingsvorm „in stukken zonder been” vervangt „als halve of kwart ham”, dat onvoldoende nauwkeurig en dus moeilijk te controleren was. Bovendien was gezien de diversiteit aan hammen de grootte van de stukken niet erg homogeen en dus van weinig belang voor de BGA.

De term „pressé” is vervangen door de nauwkeuriger term „moulé” (geperst). Beide termen hebben betrekking op dezelfde handeling: een ham of nootham wordt in een vorm geperst om de holte die door het uitbenen is ontstaan, te verkleinen en/of deze de gewenste vorm te geven.

De mogelijkheid om noothammen in plakken te snijden, geldt nu niet langer alleen voor het spierstuk, maar ook voor grote noothammen. Beide stukken kunnen namelijk gemakkelijk in plakken worden gesneden omdat ze geen been bevatten.

3.3.   Bewijs van de oorsprong

Omdat het niet langer verplicht is het varkensvlees uit het geografische gebied te betrekken, zijn de paragrafen over de traceerbaarheid van de varkens op het fokbedrijf en in het slachthuis geschrapt.

In het licht van de nationale ontwikkelingen op wet- en regelgevingsgebied werd de rubriek „Éléments prouvant que le produit est originaire de l’aire géographique” (Elementen die bewijzen dat het product uit het geografische gebied afkomstig is) geactualiseerd; deze bevat met name de aangifteverplichtingen en de verplichte registers met betrekking tot de traceerbaarheid van het product en de follow-up van de productievoorwaarden.

Bij het inzouten wordt de week waarin de productie heeft plaatsgevonden, onuitwisbaar op de hammen en grote noothammen aangebracht (stempel op het zwoerd of zegellood). In verband met de organisatie van het werk en vooral het schoonmaken van de ruimten wordt het vlees eenmaal per week ingezouten. Het weeknummer en de datum van het inzouten plus het aantal stukken worden op de fabricagekaart van de partij vermeld. Hierdoor kan worden nagegaan of men zich aan de in dagen uitgedrukte bereidingstijd heeft gehouden.

Door de afwezigheid van zwoerd kan bij het inzouten niet op elk spierstuk een onuitwisbaar merkteken worden aangebracht. Om alle partijen te kunnen traceren, worden deze duidelijk geïdentificeerd en de fabricagekaart met het aantal stukken en de datum van het inzouten wordt bijgevoegd.

Op zijn vroegst na afloop van de minimale bereidingstijd worden de stukken gesorteerd. De stukken die niet voldoen aan de criteria in het hoofdstuk waarin het product wordt beschreven, worden gedeclasseerd en het desbetreffende aantal wordt op de bij de partij behorende fabricagekaart vermeld. Stukken van hammen en grote noothammen die daar wel aan voldoen, worden gebrandmerkt en de spierstukken worden afzonderlijk gemerkt. De merkdatum en het aantal stukken worden geregistreerd.

Opname van een tabel met de verschillende bereidingsfasen en de bijbehorende traceerbaarheid: hierdoor kunnen de stukken tijdens het hele productieproces worden gevolgd.

3.4.   Werkwijze voor het verkrijgen van het product

De karkassen van afgemaakte fokdieren worden uitgesloten omdat de aldus verkregen producten niet aan de organoleptische kenmerken van de BGA voldoen.

Schrappen van de verplichting om de varkens uit het geografische gebied te betrekken: dit biedt de ondernemers meer armslag bij de aankoop van grondstoffen die de in het productdossier beschreven kenmerken hebben. Daarom zijn de bepalingen over het fokken en slachten van de varkens en over de keuze van de karkassen (bepalingen over speen- en opfokbedrijven, over slachthuizen en uitsnijderijen en over het bijhouden van een veeregister) eveneens geschrapt.

Afschaffen van het criterium voor het voederen van de varkens tijdens het vetmesten (ten minste 75 % granen en eiwithoudende gewassen). Overigens voldoen zeer veel varkenshouders tegenwoordig aan dit criterium.

Afschaffen van het criterium voor het gewicht van de karkassen (> 72 kg): vandaag de dag kopen de meeste ondernemers de ham rechtstreeks en krijgen zij niet te maken met hele karkassen. Het gewicht van de opgemaakte ham (ten minste 9,5 kg) is voor het vaststellen van het technologische traject belangrijker dan het gewicht van het karkas waaruit de ham afkomstig is.

Vaststellen van precieze en objectieve criteria voor de selectie van de te gebruiken grondstof:

Invoering van de verplichting om niet-ingevroren vlees te gebruiken teneinde de kwaliteit van het eindproduct, dat uitsluitend van verse hammen afkomstig is, te waarborgen.

Verhoging van het gewicht van de te gebruiken opgemaakte ham van 9 tot 9,5 kg: op deze wijze wordt rekening gehouden met het feit dat de droogtijd met 90 dagen wordt verlengd.

De opgemaakte ham, en niet langer het karkas, wordt op uiterlijke gebreken gecontroleerd. Sommige gebreken hebben namelijk niet met de ham van doen en andere kunnen tijdens het opmaken worden gecorrigeerd zonder dat afbreuk wordt gedaan aan de kwaliteit van het product (dit geldt bijvoorbeeld voor niet of slecht onthaarde delen).

Toepassing van criteria voor de pH (van 5,5 tot 6,2) en de kleur van het vlees (homogeen, niet te licht of te donker) op basis van de Japanse schaal (waarde van 2 tot 5), om ervoor te zorgen dat alle hammen en noothammen dezelfde kwaliteit hebben.

Schrappen van het percentage mager vlees: dit criterium blijkt niet relevant te zijn omdat de naleving ervan op het karkas wordt gecontroleerd. De dikte van het vet van de hammen is een geschikter criterium omdat de ham met droog zout moet worden bereid: het vet moet ten minste 10 mm dik zijn.

Toevoeging van kenmerken van de nootham na uitsnijden en opmaken, die in het actuele productdossier weinig zijn uitgewerkt.

Gewicht van de verse noothammen na uitsnijden en opmaken: het minimale gewicht is teruggebracht van 1,5 tot 1,2 kg voor spierstukken en van 3,5 tot 3 kg voor grote noothammen, om rekening te houden met de waargenomen anatomische verhoudingen van de stukken.

Bereiding van de gedroogde hammen en gedroogde noothammen:

De hammen worden op 10 cm van de kop van het dijbeen uitgesneden: op deze wijze wordt de anatomie van de hammen gerespecteerd en een ronde vorm verkregen. Dit voorschrift vervangt de huidige formulering waarbij uitsnijding „à deux doigts du quasi” (vlakbij de bout) plaatsvindt, een enigszins subjectieve formulering. Behalve het hanteren van een afstand van 10 cm worden er geen andere eisen gesteld: hoe de ham wordt uitgesneden, wordt aan de slager overgelaten die daarbij rekening kan houden met de bevleesdheid van het desbetreffende stuk.

Toevoeging van de verplichting om de stukken te merken, met vermelding van de week dat het vlees is ingezouten plus het jaar, zodat wordt voldaan aan de traceerbaarheidseisen die in het hoofdstuk over het bewijs van de oorsprong worden genoemd.

Versoepeling van de regels voor het gebruik van nitraten; de toepassing daarvan is voortaan facultatief.

Schrappen van de lijst van aromatische stoffen die bij de bereiding van de hammen en noothammen kunnen worden gebruikt; deze lijst was niet compleet. De ondernemer kan andere aromatische stoffen gebruiken zolang het eindproduct de vereiste kenmerken blijft behouden.

Zouten: het vlees wordt diverse malen met droog zout behandeld. Op grond van het actuele productdossier is uitsluitend zouten met de hand toegestaan. Vanwege de ontwikkeling van de bereidingstechnieken kan bij het verwijderen van bloedrestanten door middel van masseren een eerste zouting plaatsvinden door de masseermachines droog zout te laten strooien. Vervolgens wordt het zouten telkens met de hand gedaan om de hoeveelheid zout en de verdeling ervan op de specifieke ham af te stemmen. Noothammen worden slechts eenmaal en dus uitsluitend met de hand gezouten.

De bepalingen over de hygiëne in de ruimten waar het zouten en rijpen plaatsvindt, worden geschrapt omdat deze onder de algemene regelgeving vallen.

De lengte van de rustfase en de droging en rijping en de bijbehorende temperatuur worden nauwkeurig aangegeven: voor de rustperiode 6 tot 13 weken bij een temperatuur van minder dan 5 °C, en voor het drogen en rijpen 34 tot 44 weken bij een temperatuur tussen 10 en 18 °C. Deze bepalingen moeten zorgen voor een goed verloop van het bereidingsproces van „Jambon sec des Ardennes/Noix de jambon sec des Ardennes”.

Niet langer wordt vermeld dat de bereidingstijd „ter beoordeling van de fabrikant wordt gelaten”, omdat dat geen verplichting was. Alleen de minimale tijdsduur blijft gehandhaafd.

De minimale bereidingsduur van „Jambon sec des Ardennes” wordt verlengd van 270 tot 360 dagen. Door deze wijziging krijgt het product een hogere kwaliteit, omdat de ham tijdens de rijping zijn fruitige geur en smaak van gedroogd vlees sterker kan ontwikkelen.

De traditionele techniek voor het uitbenen van de hammen genaamd „goujage”, wordt nader gepreciseerd, zodat de voorschriften voor deze fase die zo bepalend is voor de presentatie van „Jambon sec des Ardennes”/„Noix de jambon sec des Ardennes”, duidelijk zijn: de hammen hoeven na het uitbenen niet te worden dichtgenaaid.

De uitgebeende hammen moeten verplicht vacuüm of onder gemodificeerde atmosfeer worden verpakt, om te voorkomen dat microben zich verspreiden in de holte die na het uitbenen is ontstaan.

Schrappen van de bepaling over zelfcontrole door vleeswarenproducenten wat betreft de homogeniteit van het droogproces, het zoutgehalte, de geur en de kwaliteit van het vet. Deze bepaling houdt verband met het controleplan.

3.5.   Etikettering

Schrappen van de vermeldingen over de kenmerken van het product, de controle-instantie en de klantenservice, zodat er alleen etiketteringsvoorschriften in verband met de beschermde geografische aanduiding overblijven.

Schrappen van de verplichting dat de etiketteringen door het certificeringsorgaan moeten worden goedgekeurd: deze bepaling is niet op het productdossier gebaseerd.

Verplichting om het BGA-logo van de Europese Unie te gebruiken voor een betere communicatie met de consument.

3.6.   Nationale eisen

Opname van een tabel met de belangrijkste te controleren punten, conform de nationale regelgeving.

3.7.   Overig

Voortaan houdt de organisatie „Les Charcuteries du Pays d’Ardennes” zich met de BGA bezig; tevens dient zij de wijzigingsaanvraag in. De informatie over de groepering „Ardennes de France”, die in eerste instantie de registratieaanvraag heeft ingediend, is dus verwijderd en vervangen door de naam en adresgegevens van de groepering „Les Charcuteries du Pays d’Ardennes”.

Toevoeging van een lijst van werkzaamheden die verplicht in het geografische gebied moeten worden uitgevoerd: klaarmaken van de stukken (opmaken), zouten, drogen en uitbenen (eventueel met persen).

Controlestructuur: de groepering heeft voor een andere controle-instantie gekozen. De naam en adresgegevens van de controle-instantie („A.d.F. Certification”) zijn vervangen door die van de nieuwe instantie die de groepering heeft aangewezen, namelijk Certipaq.

ENIG DOCUMENT

VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD

inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen  (3)

„JAMBON SEC DES ARDENNES”/„NOIX DE JAMBON SEC DES ARDENNES”

EG-nummer: FR-PGI-0105-01173-6.11.2013

BGA ( X ) BOB ( )

1.   Naam

„Jambon sec des Ardennes”/„Noix de Jambon sec des Ardennes”

2.   Lidstaat of derde land

Frankrijk

3.   Beschrijving van het landbouwproduct of levensmiddel

3.1.   Productcategorie

Categorie 1.2. Vleesproducten (verhit, gepekeld, gerookt, enz.)

3.2.   Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is

a)   Fysische kenmerken:

„Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes” zijn met droog zout bereid. Het zout waarmee het vlees wordt ingewreven, bevat kruiden, aromatische stoffen en suiker.

De minimale bereidingsduur (gerekend vanaf het moment van inzouten) varieert naargelang het stuk vlees: 360 dagen voor gedroogde ham, 120 dagen voor de grote nootham en 45 dagen voor het spierstuk.

Het minimumgewicht van de stukken bedraagt na afloop van de minimale bereidingsduur:

„Jambon sec des Ardennes”, met been: 5,5 kg;

„Noix de jambon sec des Ardennes”: 3 kg voor grote noothammen (bestaande uit bovenbil en platte bil) en 800 g voor spierstukken.

De ham en nootham moeten voldoende droog en stevig zijn. Ze voelen niet hard aan en zien er niet opgezwollen uit.

Het vet van de ham en nootham is wit van kleur en de hammen hebben een stevige textuur en aangename geur.

b)   Chemische kenmerken:

Het vochtgehalte van het ontvette product (HPD) van „Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes” is lager dan 65 %.

c)   Presentatie van het product:

„Jambon sec des Ardennes” wordt al dan niet verpakt of geperst verkocht:

hele ham: met of zonder been,

hele ham zonder been, zonder zwoerd,

in stukken zonder been,

in plakken.

„Noix de jambon sec des Ardennes” wordt al dan niet verpakt of geperst verkocht:

hele ham,

halve ham,

in plakken.

3.3.   Grondstoffen (alleen voor verwerkte producten)

Hammen van fokberen en zeugen mogen niet worden gebruikt voor de productie van „Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes”.

a)   Kenmerken van de te gebruiken verse hammen:

De verse ham heeft na uitsnijden en opmaken de volgende kenmerken:

het vlees is niet ingevroren;

het gewicht van het opgemaakte vlees bedraagt zonder vang en zonder poot meer dan 9,5 kg;

ronde vorm, zonder vang, die op maximaal 10 cm boven de kop van het dijbeen mag zijn uitgesneden;

zonder poot, met aanhechting van de achterschenkel, een niet-opengemaakte schenkel en het boutbeen gedeeltelijk verwijderd. De ham kan ook met de poot er nog aan worden gezouten;

afwezigheid van de volgende visuele gebreken: niet of slecht onthaarde delen, gescheurd of verbrand zwoerd, hematomen (bloeduitstortingen), breuken, abcessen, ontlasting of smeermiddel van de transportband;

het vlees moet een homogene, niet te lichte of te donkere kleur hebben, met: 5,5 ≤ pH ≤ 6,2;

kleur van het vlees op de Japanse schaal: 2-5;

witte en stevige vetrand;

het vet is ten minste 10 mm dik, gemeten loodrecht op de kop van het dijbeen.

b)   Kenmerken van de te gebruiken verse noothammen:

De „Noix de jambon sec des Ardennes” moeten hun anatomische integriteit behouden. Ze zijn bedekt met een deel van het zwoerd, uitgezonderd de spierstukken. De grote noothammen worden vóór het zouten uitgebeend.

De verse nootham heeft na uitsnijden en opmaken de volgende kenmerken:

het vlees is niet ingevroren;

afhankelijk van de soort: gewicht van meer dan 1,2 kg voor spierstukken en meer dan 4 kg voor grote noothammen;

afwezigheid van de volgende visuele gebreken: niet of slecht onthaarde delen, gescheurd of verbrand zwoerd, hematomen (bloeduitstortingen), breuken, abcessen, ontlasting of smeermiddel van de transportband;

het vlees moet een homogene, niet te lichte of te donkere kleur hebben, met: 5,5 ≤ pH ≤ 6,2;

een witte en stevige vetrand voor grote noothammen.

3.4.   Diervoeders (alleen voor producten van dierlijke oorsprong)

3.5.   Specifieke onderdelen van het productieproces die in het afgebakende geografische gebied moeten plaatsvinden

Met het oog op de bereiding worden de volgende werkzaamheden in het geografische gebied verricht: ontvangst van de grondstoffen en klaarmaken van de stukken, zouten, drogen, uitbenen en persen.

3.6.   Specifieke voorschriften betreffende het in plakken snijden, het raspen, het verpakken enz.

Het uitbenen (facultatief) gebeurt op de volgende wijze: het boutbeen wordt verwijderd door het zwoerd van de schenkel tot aan het gewricht open te snijden, waarna op het dijbeen een „goujage” wordt toegepast (losmaken van het dijbeen zonder de ham open te snijden). Het scheenbeen, kuitbeen en dijbeen worden tegelijk weggehaald. Aan het eind van de handeling wordt het zwoerd weer toegesloten. Vervolgens wordt de uitgebeende ham vacuüm of onder beschermende atmosfeer verpakt om zijn organoleptische eigenschappen te behouden.

3.7.   Specifieke voorschriften betreffende de etikettering

Op de etiketten van „Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes” staat het volgende vermeld:

de BGA-naam „Jambon sec des Ardennes” of „Noix de jambon sec des Ardennes”;

het BGA-logo van de Europese Unie;

de rijpingsduur.

In geval van „niet-voorverpakte” verkoop moeten de BGA-naam „Jambon sec des Ardennes” of „Noix de jambon sec des Ardennes” en de vermelding „Beschermde geografische aanduiding” ook op bordjes of andere beoogde hulpmiddelen komen te staan.

4.   Beknopte beschrijving van het afgebakende geografische gebied

Het geografische gebied omvat het volledige departement Ardennes.

5.   Verband met het geografische gebied

5.1.   Specificiteit van het geografische gebied

a)   Natuurlijke factoren

Het noordelijke deel van het departement Ardennes, ten noorden van de depressie van de dalen van de Sormonne en de Maas, die van het noordwesten naar het zuidoosten loopt, wordt gevormd door het Ardennenmassief, een uitgestrekt schistgebergte waarvan het hoogste punt op 505 m ligt. Het zuidelijke deel van het departement komt overeen met de noordelijke punt van de krijtvlakte van de Champagne en heeft een homogener reliëf. Het is een gebied waar veel akkerbouw plaatsvindt. Daartussen liggen de Thiérache in het westen en de Argonne in het oosten, heuvelachtige overgangsgebieden waar talrijke waterlopen zich al kronkelend een weg banen.

Het departement Ardennes bevindt zich in een overgangsgebied tussen land- en zeeklimaat. Er valt veel neerslag: tot 1 200 mm in de Ardennen en ongeveer 900-1 000 mm in de Thiérache en de Argonne. De gemiddelde temperatuur in deze streken ligt tussen 8 en 10 °C. Zij bedraagt maximaal 17 °C in de zomer en nauwelijks 2 °C in de winter.

Door het hoogteverschil tussen het noorden (boven 400 m) en het zuiden van het departement (lager dan 200 m) is de topografische ligging zeer belangrijk voor het klimaat in het gebied. De zure schistgesteenten van het Ardennenmassief zorgen plaatselijk voor een nog kouder en vochtiger klimaat, wat versterkt wordt door de vele bossen. Ten slotte zijn er door de talrijke waterlopen dalen ontstaan, die allemaal hun eigen microklimaat hebben. Dit microklimaat wordt gekenmerkt door vorming in de nacht van lokale mist (het departement kent tot 120 dagen mist per jaar) en door grote temperatuurverschillen per etmaal.

b)   Menselijke factoren

In de 19e eeuw was het fokken van varkens in de Ardennen een gezinsaangelegenheid. Doorgaans werden er op de bedrijven of in de huizen van de landarbeiders een of twee varkens vetgemest voor eigen gebruik en voor de lokale handel. Victor Cayasse schreef hierover in „Folklore de Guignicourt sur Vence et de Faissault”, 1920: „Elk gezin slachtte ten minste één varken per jaar en at het hele jaar van het gezouten en gedroogde vlees.” Jules Lefranc beschrijft in „Choses et gens de chez nous” (geschreven rond 1911) de gebruiken van het dorpje Sainte Vaubourg ten tijde van zijn voorouders: „De pekelbak bevond zich gewoonlijk in de kelder, [....] De vooraf klaargemaakte stukken werden een voor een naar beneden gebracht naar een zouter die ze in lagen neerlegde, ze bestrooide met peper en kruiden en ze met keukenzout bedekte. […] Anderhalve maand later haalde men het zout er weer af en […] hing men de hammen en stukken spek op […]”. De huidige vleeswarenproducenten hebben voor hun kennis uit deze traditie geput, die is gebaseerd op de aanwezigheid van varkens in de lokale huishoudens. Deze kennis wordt nog altijd tussen de verschillende generaties vleeswarenproducenten gedeeld. Zij komen regelmatig bij elkaar om hun producten te verbeteren.

Deze kennis komt nog steeds tot uiting in de keuze van de stukken, de wijze van droogzouten, het handmatig invetten van de hammen met een „raamwerk”, waardoor het droogproces traag verloopt en korstvorming wordt vermeden en de ham zijn zachte textuur blijft behouden.

5.2.   Specificiteit van het product

„Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes” ontwikkelen tijdens de rijping een fruitige geur en een smaak van gedroogd vlees. Ze hebben beslist geen rookgeur. Ze geven een subtiele fruitige meloengeur af en hebben een zachte zoute smaak. Het vetaroma is zeer licht van karakter, zonder ranzig te worden.

Doordat ze zo stevig zijn, kunnen ze gemakkelijk in fijne plakken worden gesneden. De homogene textuur is gematigd elastisch en stevig, maar niet knapperig. Gedroogde ham en gedroogde nootham zijn enigszins sappig en aangenaam zacht en smelten in de mond.

5.3.   Causaal verband tussen het geografische gebied en de kwaliteit of de kenmerken van het product (voor een BOB) dan wel een bepaalde hoedanigheid, de faam of een ander kenmerk van het product (voor een BGA)

Het verband van „Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes” berust op de bijzondere kwaliteit en de bekendheid van de hammen.

Het departement Ardennes heeft een vochtig klimaat, vooral dankzij de vele mist en neerslag. Dit maakt het departement geschikt voor de productie van ham. Het Ardense klimaat bezit drie essentiële kenmerken voor de productie van „Jambon sec des Ardennes” en „Noix de jambon sec des Ardennes”: de juiste luchtvochtigheid, wind en temperatuur. Hierdoor droogt en rijpt het vlees geleidelijk en langzaam. Dankzij deze opslagomstandigheden, in combinatie met het gebruik van zout waaraan aromatische stoffen, kruiden en suiker zijn toegevoegd, kunnen zich specifieke geuren en smaken ontwikkelen en tot ontplooiing komen. Dit verleent de ham tevens zijn zachte textuur.

Vroeger maakten gezinnen in de Ardennen de hammen voor eigen gebruik, wat door het specifieke klimaat mogelijk was. Het zouten gebeurde tijdens de koude maanden, aangezien er nog geen koelmiddelen bestonden. Drogen in de keuken en rijpen op zolder wordt niet langer gedaan, maar met de huidige koelapparatuur en regeling van de luchtvochtigheid kunnen deze omstandigheden het hele jaar worden nagebootst en gecontroleerd.

De vleeswarenproducenten hebben deze voorouderlijke kennis van de hambereiding weten te bewaren.

„Jambon sec des Ardennes” is in de 19e eeuw een bekend product geworden. In diverse publicaties wordt „Jambon sec des Ardennes” als voorbeeld van zoute vleeswaren genoemd. In 1866 komt er een boek uit van Gustav Heuze over varkensvlees waarin staat dat „de meest gewaardeerde Franse hammen worden bereid in de departementen Basses Pyrénées, Bas-Rhin en Haut-Rhin, Meuse, Moselle, Ardennes en Vosges”.

Aan het eind van de 19e eeuw zien we „Jambon sec des Ardennes” dan ook verschijnen op het menu van banketten en andere diners. Op 21 augustus 1898 wordt hij bij de officiële opening van het treinstation van Raucourt tijdens de lunch geserveerd aan de minister van Openbare Werken en op 9 november 1924 bij de opening van het nieuwe gemeentehuis van Nouzonville.

„Jambon sec des Ardennes” wordt dan inmiddels door een groot aantal slagers en vleeswarenproducenten bereid en voornamelijk in de eigen regio verkocht. Geleidelijk krijgt de productie een volwaardig karakter en wordt de ham door groothandelaren aangeboden, zoals blijkt uit een advertentie uit 1929.

Uit een onderzoek dat de organisatie van vleeswarenproducten uit de Auvergne in maart 1994 met steun van de Europese Economische Gemeenschap en de minister van Landbouw heeft verricht, blijkt dat „Jambon sec des Ardennes” ondanks een bescheiden productie buiten het departement bekend is. Dit onderzoek laat zien dat „Jambon sec des Ardennes” bij 23,4 % van de ondervraagden een geholpen bekendheid geniet, wat hem de vijfde plaats bezorgt (van de negen genoemde hammen).

Verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier

(artikel 5, lid 7, van Verordening (EG) nr. 510/2006 (4))

http://agriculture.gouv.fr/IMG/pdf/CDCIGPJambonsecdesArdennesetNoixdejambonsecdesArdennesV1_BO_cle86172f.pdf


(1)  PB L 343 van 14.12.2012, blz. 1.

(2)  PB L 93 van 31.3.2006, blz. 12. Vervangen door Verordening (EU) nr. 1151/2012.

(3)  Vervangen door Verordening (EU) nr. 1151/2012.

(4)  Zie voetnoot 3.