ISSN 1725-2474

Publicatieblad

van de Europese Unie

C 172

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Mededelingen en bekendmakingen

49e jaargang
25 juli 2006


Nummer

Inhoud

Bladzijde

 

I   Mededelingen

 

Raad

2006/C 172/1

Conclusies van de Raad over de Europese taalvaardigheidsindicator

1

 

Commissie

2006/C 172/2

Wisselkoersen van de euro

4

2006/C 172/3

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak nr. COMP/M.4283 — Fogeca/Mapfre/JV) — Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure ( 1 )

5

2006/C 172/4

Uitnodiging opmerkingen te maken over een ontwerp-verordening van de Commissie

6

2006/C 172/5

Beknopte informatie van de lidstaten betreffende overheidssteun die wordt verleend krachtens Verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen ( 1 )

8

2006/C 172/6

Bericht in verband met de compenserende maatregelen die van toepassing zijn op de invoer in de Gemeenschap van katoenhoudend beddenlinnen uit India: naamswijziging van een onderneming waarop een individueel compenserend recht van toepassing is

21

2006/C 172/7

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak nr. COMP/M.4289 — Crédit Agricole/Emporiki) — Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure ( 1 )

22

2006/C 172/8

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak nr. COMP/M.4324 — Blackstone/Travelport) — Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure ( 1 )

23

 

III   Bekendmakingen

 

Commissie

2006/C 172/9

Uitnodiging tot het indienen van voorstellen voor werkzaamheden onder contract in het kader van het meerjarenprogramma van de Gemeenschap ter verbetering van de toegankelijkheid, het nut en de exploiteerbaarheid van digitale inhoud in Europa (eContentplus) ( 1 )

24

2006/C 172/0

Oproep tot het indienen van voorstellen — Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de Europese Unie

26

2006/C 172/1

Oproep tot het indienen van voorstellen — Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de Europese Unie

34

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

 


I Mededelingen

Raad

25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/1


Conclusies van de Raad over de Europese taalvaardigheidsindicator

(2006/C 172/01)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Overwegende hetgeen volgt:

het strategische doel dat door de Europese Raad van Lissabon van 23-24 maart 2000 voor de Europese Unie is gesteld en door de Europese Raad van Stockholm van 23-24 maart 2001 is bevestigd, namelijk de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld te worden die in staat is tot duurzame economische groei met meer en betere banen en een hechtere sociale samenhang;

de opdracht van de Europese Raad van Lissabon aan de Raad Onderwijs om over de concrete doelstellingen die de onderwijsstelsels in de toekomst moeten nastreven, een algemene gedachtewisseling te houden, waarbij de aandacht vooral uitgaat naar gemeenschappelijke vraagstukken en prioriteiten en tegelijk rekening wordt gehouden met de nationale diversiteit   (1);

de resolutie van de Raad van 14 februari 2002 betreffende het bevorderen van talendiversiteit en het leren van talen (2) waarin onder andere werd benadrukt:

dat talenkennis een van de basisvaardigheden is die elke burger dient te bezitten om daadwerkelijk deel te hebben aan de Europese kennismaatschappij en als zodanig zowel de integratie in de maatschappij als de sociale cohesie bevordert; en dat

alle Europese talen in cultureel opzicht gelijk in waarde en waardigheid zijn en integraal deel uitmaken van de Europese cultuur en beschaving,

en waarin de lidstaten werd verzocht systemen op te zetten voor het valideren van vaardigheden inzake talenkennis gebaseerd op het door de Raad van Europa ontwikkelde gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen;

de conclusies van de Europese Raad van Barcelona van 15-16 maart 2002 (3) waarin:

het gedetailleerde werkprogramma voor de follow-up inzake de doelstellingen voor de onderwijs- en opleidingsstelsels werd goedgekeurd (4);

werd aangedrongen op verdere maatregelen ter verbetering van de beheersing van basisvaardigheden, met name door het onderwijs van ten minste twee vreemde talen vanaf zeer jonge leeftijd; en

werd aangedrongen op de vaststelling van een taalvaardigheidsindicator in 2003;

de conclusies van de Raad van mei 2005 over nieuwe indicatoren voor onderwijs en opleiding (5);

de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad, getiteld De Europese indicator van het taalvermogen   (6);

de ontwerp-aanbeveling van het Europees Parlement en de Raad inzake kerncompetenties voor levenslang leren (7), waarin communicatie in een vreemde taal als kerncompetentie wordt gedefinieerd;

de mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's getiteld Een nieuwe kaderstrategie voor meertaligheid  (8),

MEMOREERT dat

vaardigheden in vreemde talen niet alleen het wederzijdse begrip tussen volkeren helpen bevorderen, maar ook een absolute vereiste zijn voor een mobiele beroepsbevolking en bijdragen tot het concurrentievermogen van de economie van de Europese Unie;

het op gezette tijden toetsen van de prestaties aan de hand van indicatoren en benchmarks een essentieel onderdeel van het proces van Lissabon is, waardoor goede praktijken in kaart kunnen worden gebracht en het werkprogramma „Onderwijs en opleiding 2010” derhalve strategisch kan worden gestuurd met het oog op zowel korte- als langetermijnmaatregelen;

ERKENT dat

maatregelen vereist zijn om het huidige gebrek aan betrouwbaar vergelijkingsmateriaal over de resultaten van het onderricht in en het leren van vreemde talen te verhelpen;

die maatregelen moeten berusten op het verzamelen van gegevens via een objectieve toetsing van de taalvaardigheden, die zodanig wordt ontwikkeld en uitgevoerd dat de betrouwbaarheid, de juistheid en de validiteit van de gegevens gewaarborgd zijn;

dergelijke gegevens kunnen bijdragen tot het vaststellen en onderling uitwisselen van goede praktijken inzake taalonderwijsbeleid en -methoden door middel van een intensievere uitwisseling van informatie en ervaringen;

de lidstaten een duidelijker beeld moeten hebben van de praktische en financiële regelingen die zij ieder afzonderlijk met het oog op de toepassing van de Europese taalvaardigheidsindicator zullen moeten treffen;

BENADRUKT dat

bij de ontwikkeling van de indicator de verantwoordelijkheid van de lidstaten voor de inrichting van hun onderwijsstelsels volledig in acht moet worden genomen, en een en ander niet mag leiden tot onnodige administratieve of financiële lasten voor de betrokken organisaties en instellingen;

de methode voor het verzamelen van gegevens moet voortbouwen op eerdere activiteiten op dit gebied op internationaal niveau, op het niveau van de Unie en op dat van de lidstaten, en kostenefficiënt moet worden ontwikkeld en uitgevoerd;

de Europese taalvaardigheidsindicator zo spoedig mogelijk moet worden ingevoerd, overeenkomstig onderstaande richtsnoeren:

gegevens over de vaardigheden inzake de eerste en de tweede vreemde taal worden als volgt verzameld:

via een gemeenschappelijke reeks toetsen die worden afgenomen bij een representatieve groep uit de doelgroep van elke lidstaat;

voor een representatieve groep leerlingen uit het onderwijs- en opleidingsstelsel aan het eind van ISCED-niveau 2;

indien een tweede vreemde taal niet voor het eind van ISCED 2 wordt onderwezen, mogen de lidstaten, voor de eerste gegevensverzamelingsronde, ervoor kiezen voor de tweede taal gegevens te verzamelen over de leerlingen op ISCED- niveau 3;

enkel voor de talen waarvoor er een voldoende representatieve groep studenten in een lidstaat aanwezig is;

de berekening van de toetsresultaten moet worden gebaseerd op de schalen van het gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen (9);

omdat eerbiediging van de talendiversiteit een kernwaarde is van de Europese Unie, moet de indicator berusten op gegevens over de kennis van alle officiële talen van de Europese Unie die in de Unie als vreemde taal worden onderwezen, maar uit praktische overwegingen is het aan te bevelen dat in de eerste ronde van de gegevensverzameling toetsen worden afgenomen in de meest onderwezen talen in de Europese Unie, voor zover zij voldoende proefpersonen opleveren;

de lidstaten bepalen zelf op welke van deze officiële talen moet worden getoetst;

de indicator moet berusten op de beoordeling van de kennis van de vier vaardigheden (de twee actieve en de twee passieve), maar om praktische redenen zou het raadzaam zijn om voor de eerste ronde van gegevensverzameling toetsen beschikbaar te stellen in de drie taalvaardigheden die het gemakkelijkst kunnen worden beoordeeld (luister-, lees- en schrijfvaardigheid);

de testmethodologie zou ter beschikking moeten worden gesteld aan de lidstaten die ervan gebruik willen maken voor de ontwikkeling van hun eigen toetsen in andere talen;

ook moet er passende contextuele informatie worden verzameld om onderliggende factoren beter te kunnen beoordelen;

VERZOEKT de Commissie:

op een zo kort mogelijke termijn een adviesraad (de EILC-Adviesraad) in te stellen, bestaande uit een vertegenwoordiger van elke lidstaat en een vertegenwoordiger van de Raad van Europa, die tot taak heeft de Commissie te adviseren over technische aangelegenheden, zoals:

de specificatie van de aanbesteding voor het vervaardigen van de toetsingsinstrumenten;

de beoordeling van het werk van de contractant;

de passende regelingen, normen en technische protocollen voor het verzamelen van gegevens in de lidstaten, rekening houdend met de noodzaak onnodige administratieve en financiële lasten voor de lidstaten te voorkomen;

teneinde de lidstaten te helpen de implicaties op het gebied van organisatie en middelen te overzien, deze raad om te beginnen op te dragen een tijdschema op te stellen voor de werkzaamheden alsmede een uitgebreidere beschrijving van de opzet en de wijze van afnemen van de toetsen, met inbegrip van:

grootte van de te toetsen groep;

voorkeurstoetsmethode, en

voorkeursregelingen voor het afnemen van de toets, waarbij rekening moet worden gehouden met de mogelijkheden van e-toetsen;

de minimumomvang die een te toetsen groep bereikt moet hebben voordat een toets voor een bepaalde taal aan lidstaten ter beschikking wordt gesteld;

voor eind 2006 bij de Raad schriftelijk verslag uit te brengen over de voortgang van de werkzaamheden en, in voorkomend geval, over de nog hangende kwesties;

VERZOEKT de lidstaten:

alle nodige stappen te zetten om het proces van het opzetten van de EILC vooruit te helpen.


(1)  Doc. SN 100/1/00 REV 1, punt 27.

(2)  PB C 50 van 23.2.2002, blz. 1.

(3)  SN 100/1/02 REV 1

(4)  Aangenomen door de Raad (Onderwijs) van 14 februari 2002 (PB C 142 van 14.6.2002, blz. 1).

(5)  PB C 141 van 10.6.2005, blz. 7.

(6)  Doc. 11704/05 - COM(2005) 356 def.

(7)  Doc. 13425/05 - COM(2005) 548 def.

(8)  Doc. 14908/05 - COM(2005) 596 def.

(9)  „Common European Framework of Reference for Languages: Learning, teaching, assessment” (gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen: leren, onderwijzen, beoordelen), zoals ontwikkeld door de Raad van Europa.


Commissie

25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/4


Wisselkoersen van de euro (1)

24 juli 2006

(2006/C 172/02)

1 euro=

 

Munteenheid

Koers

USD

US-dollar

1,2633

JPY

Japanse yen

147,32

DKK

Deense kroon

7,4604

GBP

Pond sterling

0,68160

SEK

Zweedse kroon

9,2595

CHF

Zwitserse frank

1,5746

ISK

IJslandse kroon

93,48

NOK

Noorse kroon

7,9540

BGN

Bulgaarse lev

1,9558

CYP

Cypriotische pond

0,5750

CZK

Tsjechische koruna

28,435

EEK

Estlandse kroon

15,6466

HUF

Hongaarse forint

276,06

LTL

Litouwse litas

3,4528

LVL

Letlandse lat

0,6960

MTL

Maltese lira

0,4293

PLN

Poolse zloty

3,9433

RON

Roemeense leu

3,5640

SIT

Sloveense tolar

239,65

SKK

Slowaakse koruna

38,385

TRY

Turkse lira

1,9600

AUD

Australische dollar

1,6773

CAD

Canadese dollar

1,4405

HKD

Hongkongse dollar

9,8256

NZD

Nieuw-Zeelandse dollar

2,0321

SGD

Singaporese dollar

2,0025

KRW

Zuid-Koreaanse won

1 202,41

ZAR

Zuid-Afrikaanse rand

8,9041

CNY

Chinese yuan renminbi

10,0868

HRK

Kroatische kuna

7,2540

IDR

Indonesische roepia

11 603,41

MYR

Maleisische ringgit

4,667

PHP

Filipijnse peso

65,875

RUB

Russische roebel

34,0175

THB

Thaise baht

48,030


(1)  

Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/5


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak nr. COMP/M.4283 — Fogeca/Mapfre/JV)

Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure

(2006/C 172/03)

(Voor de EER relevante tekst)

1.

Op 13 juli 2006 ontving de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) waarin wordt meegedeeld dat de ondernemingen Fogeca Multiauto S.A. („Fogeca”, Portugal) and Mapfre Mutualidad de Seguros („Mapfre”, Spanje) in de zin van artikel 3, lid 1), sub b), van genoemde verordening gezamenlijk zeggenschap verkrijgen over een gezamenlijke onderneming („JV”, Spanje) door de aankoop van aandelen van een nieuw gestichte vennootschap die een gezamenlijke onderneming is.

2.

De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:

voor Fogeca: assemblage van voertuigen, fabricage van onderdelen voor auto's, detailhandel in motorvoertuigen en reserveonderdelen;

voor Mapfre: verzekeringen en financiële dienstverlening;

voor JV: detailhandel in en diensten na verkoop voor auto's, autoverzekeringen, onroerend goed beheer, in Spanje.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 139/2004 kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. In het licht van de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 (2) van de Raad wordt vermeld dat deze zaak in aanmerking kan komen voor deze procedure.

4.

De Commissie verzoekt belanghebbende derden hun eventuele opmerkingen ten aanzien van de voorgenomen concentratie kenbaar te maken aan de Commissie.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (nummer (32-2) 296 43 01 of 296 72 44) of per post, onder vermelding van referentienummer COMP/M.4283 — Fogeca/Mapfre/JV, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

J-70

B-1049 Brussel


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.

(2)  PB C 56 van 5.3.2005, blz. 32.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/6


Uitnodiging opmerkingen te maken over een ontwerp-verordening van de Commissie

(2006/C 172/04)

Belanghebbenden kunnen hun opmerkingen maken door deze binnen één maand vanaf de datum van de bekendmaking van deze ontwerp-verordening te zenden aan:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Raadpleging (HT 364)

Griffie Staatssteun

B-1049 Brussel

Fax: (32-2) 296 12 42

e-mail: stateaidgreffe@ec.europa.eu

Ontwerp-Verordening (EG) nr. .../.. van de Commissie

van […]

tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 2204/2002, (EG) nr. 70/2001 en (EG) nr. 68/2001 wat de geldigheidsduur betreft

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 994/98 van de Raad van 7 mei 1998 betreffende de toepassing van de artikelen 92 en 93 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap op bepaalde soorten van horizontale steunmaatregelen (1),

en met name op artikel 1, lid 1, onder a), punten i), ii), iv), en onder b),

Na bekendmaking van de ontwerp-verordening (2),

Na raadpleging van het Adviescomité inzake overheidssteun,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EG) nr. 2204/2002 van de Commissie van 12 december 2002 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op werkgelegenheidssteun (3), Verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen (4) en Verordening (EG) nr. 68/2001 van de Commissie betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op opleidingssteun (5) verstrijken op 31 december 2006. In haar Actieplan staatssteun (6) heeft de Commissie voorgesteld deze verordeningen te bundelen in één groepsvrijstellingsverordening en daar ook eventueel andere gebieden zoals vermeld in de artikelen 1 en 2 van Verordening (EG) nr. 994/98 in te integreren.

(2)

De inhoud van de toekomstige groepsvrijstellingsverordening hangt in het bijzonder af van de resultaten van de openbare raadplegingen die werden opgezet in het kader van het Actieplan staatssteun en het raadplegingsdocument van de Commissie inzake staatssteun voor innovatie (7). Besprekingen met de vertegenwoordigers van de lidstaten zijn eveneens noodzakelijk om de steuncategorieën vast te stellen die als verenigbaar met het Verdrag kunnen worden beschouwd. Teneinde de lopende raadplegingen voort te zetten en de resultaten daarvan te kunnen analyseren, dient de geldigheid van de Verordeningen (EG) nr. 2204/2002, (EG) nr. 70/2001 en (EG) nr. 68/2001 te worden verlengd tot eind 2007.

(3)

Verordeningen (EG) nr. 2204/2002, (EG) nr. 68/2001 en (EG) nr. 70/2001 dienen derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd.

(4)

De in deze verordening opgenomen bepalingen zijn in overeenstemming met het advies van het Adviescomité inzake overheidssteun,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Artikel 8, lid 1, tweede volzin, van Verordening (EG) nr. 68/2001 komt als volgt te luiden:

„Zij blijft van kracht tot en met 31 december 2007”.

Artikel 2

Artikel 10, lid 1, tweede volzin, van Verordening (EG) nr. 70/2001 komt als volgt te luiden:

„Zij blijft van kracht tot en met 31 december 2007”.

Artikel 3

Artikel 11, lid 1, tweede volzin, van Verordening (EG) nr. 2204/2002 komt als volgt te luiden:

„Zij blijft van kracht tot en met 31 december 2007”.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, …

Voor de Commissie

Lid van de Commissie


(1)  PB L 142 van 14.5.1998, blz. 1.

(2)  PB C …

(3)  PB L 337 van 13.12.2002, blz. 3.

(4)  PB L 10 van 13.1.2001, blz. 33. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 364/2004 (PB L 63 van 28.2.2004, blz. 22).

(5)  PB L 10 van 13.1.2001, blz. 20. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 363/2004 (PB L 63 van 28.2.2004, blz. 20).

(6)  COM/2005/0107 definitief.

(7)  COM/2005/0436 definitief.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/8


Beknopte informatie van de lidstaten betreffende overheidssteun die wordt verleend krachtens Verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen

(2006/C 172/05)

(Voor de EER relevante tekst)

Nummer van de steunmaatregel

XS 54/04

Lidstaat

Italië

Regio

Emilia — Romagna

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Ontwikkeling van industriële laboratoria

Rechtsgrond

Delibera di Giunta n. 2824 del 30 dicembre 2003 — Bando per l'attuazione della misura 1, Azione A del programma Regionale della Ricerca Industriale, l'Innovazione e il Trasferimento tecnologico (PRRIITT) «Sviluppo di laboratori industriali»

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

3 miljoen EUR

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal jaarlijks bedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

20.1.2004

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2005

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Emilia — Romagna

Adres:

Via Aldo Moro 52

I-40127 Bologna

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

 

Neen


Nummer van de steunmaatregel

XS 68/05

Lidstaat

Letland

Regio

Letland

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Leningen voor snel groeiende KMO's

Rechtsgrond

Hipotēku bankas attīstības koncepcija 1999.—2005. gadam

MVK attīstības programmas 2004.—2006. gadam

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal bedrag (gegarandeerde leningen)

20 miljoen LVL (1) (28 457miljoen EUR)

Totaal jaarlijks bedrag — gemiddeld bedrag aan jaarlijks toegestane leningen

3 miljoen LVL (4 268 miljoen EUR)

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

Niet meer dan 15%

 

Datum van tenuitvoerlegging

1.7.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2019

Indien de bepalingen van het steunprogramma niet langer voldoen aan de regels inzake toezicht op steun voor commerciële activiteiten, zullen de bepalingen voor steunverlening in het kader van het steunprogramma worden herzien overeenkomstig artikel 88, lid 1, van het EG-Verdrag.

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

uitgezonderd:

 

productie, verwerking en commercialisering van consumptiegoederen vermeld in Bijlage 1 van het EG-Verdrag

X

financiële bemiddeling en verzekeringen

X

gokken

X

productie, levering en handel in wapens

X

productie en gespecialiseerde handel in tabak

X

kolenwinning

X

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Onderneming in staatseigendom „Latvijas Hipotēku un zemes banka”

Adres:

Doma laukumā 4

LV-Rīgā, LV-1977

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 69/05

Lidstaat

Letland

Regio

Letland

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Leningen (inclusief microkrediet) voor de oprichting van startende ondernemingen

Rechtsgrond

Vienotais programmdokuments

Hipotēku bankas attīstības koncepcija 1999.—2005. gadam

MVK attīstības programmas 2004.—2006. gadam

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal bedrag

10,665 miljoen LVL (15,175 miljoen EUR) (2)

waarvan

 

in 2005: 5,333 miljoen LVL (7,588 miljoen EUR)

 

in 2007: 5,332 miljoen LVL (7,586 miljoen EUR)

Aanvullende kredieten gewaarborgd door middel van een staatsgarantie

10,665 miljoen LVL (15,175 miljoen EUR)

Totaal jaarlijks bedrag — gemiddeld jaarlijks bedrag aan leningen

3 miljoen LVL (4,268 miljoen EUR)

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

Niet meer dan 15%

 

Datum van tenuitvoerlegging

1.7.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2019

Indien de bepalingen van het steunprogramma niet langer overeenstemmen met de regels inzake controle op steun voor commerciële activiteiten, zullen de bepalingen voor steunverlening binnen het kader van het steunprogramma worden herzien overeenkomstig artikel 88, lid 1, van het EG-Verdrag.

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

uitgezonderd:

 

verwerken, bewerken en in de handel brengen van producten opgenomen in Bijlage I van het EG-Verdrag

X

financiële middelen en verzekeringen

X

gokkerij

X

verwerken en leveren van en handel in wapens

X

verwerken van en gespecialiseerde handel in tabakswaren

X

mijnbouw

X

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Onderneming in staatseigendom „Latvijas Hipotēku un zemes banka”

Adres:

Doma laukumā 4

LV-Rīgā, LV-1977

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 89/05

Lidstaat

Italië

Regio

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Een Europese dimensie voor kleine ondernemingen en premies voor fusies.

Rechtsgrond

Articolo 9 della legge 14 maggio 2005, n. 80 di conversione del Decreto Legge 14 marzo 2005, N. 35 — «Disposizioni urgenti nell'ambito del Piano d'azione per lo sviluppo economico, sociale e territoriale. Deleghe al Governo per la modifica del codice di procedura civile in materia di processo di cassazione e di arbitrato nonché per la riforma organica della disciplina delle procedure concorsuali»

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

34 miljoen EUR voor 2005;

110 miljoen EUR voor 2006;

57 miljoen EUR voor 2007.

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja (art 5)

 

Datum van tenuitvoerlegging

Van 17.3.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 2007

(Italië verbindt zich ertoe de regels aan te passen aan de verordening die Verordening (EG) nr. 70/2001 zal vervangen)

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Ministero dell'Economia e delle Finanze

Adres:

Via XX Settembre, 97

I-Roma

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 138/05

Lidstaat

Griekenland

Regio

Het gehele land

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Steun voor kleine en middelgrote ondernemingen voor uitgaven in verband met studies en advies in het kader van investeringsprogramma's die onder wet nr. 3299/2004 vallen betreffende stimulerende maatregelen voor particuliere investeringen ter bevordering van economische ontwikkeling en regionale cohesie.

Rechtsgrond

Ν.3299/2004 (ΦΕΚ 261/23-12-2004) (Έχει εγκριθεί από την ΕΕ ως καθεστώς Περιφερειακών ενισχύσεων Ν573/04)

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

40 miljoen EUR

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Μaximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

15.6.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2006

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Beperkt tot specifieke sectoren

Ja

Autoindustrie

Ja

Overige be- en verwerkende industrie

Ja

Overige diensten

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Υπουργείο Οικονομίας και Οικονομικών

Adres:

Νίκης 5-7,

EL-ΤΚ 10180, Αθηνα

Naam:

Υπουργείο Ανάπτυξης

Adres:

Μεσογείων 199,

EL-ΤΚ 10192, Αθηνα

Διευθύνσεις Σχεδιασμού και Ανάπτυξης των 13 Περιφερειών της χώρας

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 154/05

Lidstaat

Italië

Regio

Lombardije

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

DOCUP Doelstelling 2 2000-2006 — Maatregel 1.5 „Steun voor het creëren van nieuwe ondernemingen”, Submaatregel b) „Creëren van ondernemingen”: gecombineerde initiatieven

Rechtsgrond

Docup ob.2 2000-2006

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

2005/2006: 3 000 000 EUR

Maximale steunintensiteit

Overeenkomstig de toegelaten plafonds krachtens Verordening (EG) nr. 364/2004 van de Commissie van 25 februari 2004 als gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 70/2001.

d.i:

materiële en immateriële investering:

kleine ondernemingen 15% BSE;

middelgrote ondernemingen 7,5% BSE;

in gebieden die in aanmerking komen voor afwijking onder artikel 87, lid 3, onder c), van het EG-Verdrag zijn de bovenvermelde steunintensiteiten de volgende:

kleine ondernemingen 8% BSE + 10% BSE;

middelgrote ondernemingen 8% NSE + 6% BSE;

steun voor de aankoop van diensten voor adviesverlening:

kleine en middelgrote ondernemingen 50% BSE;

De totale steunbijdrage, in nominale waarde, mag in geen geval meer dan 30% van het totale steunbedrag voor investeringen en aankoop van diensten bedragen. De bijdrage voor de aankoop van diensten zal verlaagd worden naar 30% wanneer de maximale steunintensiteit is overschreden.

Datum van tenuitvoerlegging

Datum van publicatie van de ranglijst (3 augustus 2005)

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

De steun mag tot 31.12.2006 worden toegestaan.

Doelstelling van de steun

Investeringssteun voor nieuwe bedrijfsinitiatieven in de industriesector, de ambachtelijke industrie, toerisme en diensten door middel van premies voor initiële investering en de aankoop van back-up-diensten in de categorie van gecombineerde initiatieven

Economische sectoren

Industrie

Ambachtelijke industrie

Toerisme

Diensten

Er gelden beperkingen of uitsluitingen voor de volgende sectoren die onder communautaire voorschriften vallen:

vervoer, de productie, verwerking en commercialisering van landbouwproducten, visserij zoals bepaald in Bijlage I van het Verdrag.

verdere beperkingen gelden voor projecten inzake ijzer- en staalindustrie, scheepsbouw, synthetische vezels en motorvoertuigen.

De onder de regeling voorgenomen maatregelen zijn bepaald overeenkomstig artikelen 2 en 5 van Verordening (EG) nr. 70/2001.

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Lombardia — Direzione Industria, PMI, cooperazione, UO Azioni per lo sviluppo delle imprese e PMI, Struttura Sostegno agli investimenti

Adres:

Via Taramelli 12

I-20124 Milano

Andere inlichtingen

De steun wordt verleend overeenkomstig het Enig Programmeringsdocument (DOCUP) Doelstelling 2 2000-2006.


Nummer van de steunmaatregel

XS 155/05

Lidstaat

Italië

Regio

Lombardije

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Enig Programmeringsdocument (DOCUP) Doelstelling 2 2000-2006 Maatregel 1.1 „Premies voor investeringen in ondernemingen”, Submaatregel f) „Steun voor het concurrentievermogen van ondernemingen”, Actie 3: Geïntegreerde pakketten van premies voor investeringen in technologische innovatie en/of milieubescherming (Wet nr. 598/94, Artikel 11) en de daaruit voortvloeiende aankoop of leasing van machines en/of productiemiddelen (Wet nr. 1329/65).

Rechtsgrond

Docup ob.2 2000-2006

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

2005/2006: 3 500 000 EUR

Maximale steunintensiteit

Overeenkomstig de toegelaten plafonds krachtens Verordening (EG) nr. 364/2004 van de Commissie van 25 februari 2004, gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 70/2001.

d.i.:

a)

materiële en immateriële investering:

kleine ondernemingen 15% BSE;

middelgrote ondernemingen 7,5% BSE;

in gebieden die in aanmerking komen voor afwijking onder artikel 87, lid 3, onder c), van het EG-Verdrag zijn de bovenvermelde steunintensiteiten de volgende:

kleine ondernemingen 8% BSE + 10% BSE;

middelgrote ondernemingen 8% NSE + 6% BSE;

b)

steun voor de aankoop van diensten en adviesverlening:

kleine en middelgrote ondernemingen 50% BSE;

c)

uitgaven voor precommerciële ontwikkeling:

kleine en middelgrote ondernemingen: 35% BSE;

d)

uitgaven voor industrieel onderzoek:

kleine en middelgrote ondernemingen: 60% BSE.

De totale steunbijdrage, in nominale waarde, mag in geen geval meer dan 30% van het totale steunbedrag aan investeringen en aankoop van diensten, onderzoek en ontwikkeling bedragen.

Datum van tenuitvoerlegging

Oproep tot kandidaten vanaf 18.4.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

De steun mag tot 31.12.2006 worden verleend.

Doelstelling van de steun

Voorzien in geïntegreerde investeringssteun door ondernemingen die zowel voldoen aan Actie 1 en Actie 2 (Wet 598/94, artikel 11 en Wet 1329/65) voor de uitvoering van geïntegreerde technologische innovatiemaatregelen en de daaruit voortvloeiende aankoop van productie-installaties en machines. Ondernemingen die de intentie hebben zo'n investering uit te voeren, kunnen in aanmerking komen voor deze premies door een enkele aanvraag in te dienen gebaseerd op een investeringsplan overeenkomstig beide maatregelen.

De voorgenomen maatregelen zijn opgesteld overeenkomstig artikelen 2 en 5 van Verordening (EG) nr. 70/2001.

Economische sectoren

Winnings- en verwerkende industrie (Afdelingen C en D van de ISTAT-classificatie van economische activiteiten), bouwnijverheid (Afdeling F van de ISTAT-classificatie), productie en distributie van elektriciteit, stoom en warm water (Afdeling E van de ISTAT-classificatie) en productiediensten die een gunstige invloed zullen hebben op de ontwikkeling van de bovenvermelde productie-activiteiten.

De volgende sectoren zijn uitgesloten: vervoer, de productie, verwerking en commercialisering van landbouwproducten (zie Bijlage I van het Verdrag), de visserij;

de ijzer- en staalindustrie en synthetische vezelindustrie, respectievelijk vastgesteld in Bijlage B en D van de Multisectorale kaderregeling inzake regionale steun voor grote investeringen (2000/C70/04) van 19 maart 2003, zijn uitgesloten.

Voor projecten met subsidiabele uitgaven van meer dan 50 miljoen EUR of waarvan het steunbedrag, uitgedrukt in BSE, hoger ligt dan 5 miljoen EUR, zal de maximale steunintensiteit 30% van het regionale steunplafond bedragen.

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Lombardia — Direzione Industria, PMI, cooperazione, UO Azioni per lo sviluppo delle imprese e PMI, Struttura Sostegno agli investimenti

Adres:

Via Taramelli 12

I-20124 Milano

Andere inlichtingen

De steun wordt verleend overeenkomstig het Enig Programmeringsdocument (DOCUP) Doelstelling 2 2000-2006.


Nummer van de steunmaatregel

XS 156/05

Lidstaat

Italië

Regio

Lombardije

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

EPD Doelstelling 2 2000-2006 — Maatregel 1.2 „Steun voor de vraag naar hoogwaardige dienstverlening aan bedrijven”, submaatregel e) „Stimuleringsmaatregelen voor innovatie: gecombineerde initiatieven”

Rechtsgrond

Docup ob.2 2000-2006

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

2005/2006: 5 000 000 EUR

Maximale steunintensiteit

Overeenkomstig de toegelaten plafonds krachtens Verordening (EG) nr. 364/2004 van de Commissie van 25 februari 2004 als gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 70/2001.

In detail.:

Uitgaven aan materiële en immateriële investeringen:

kleine ondernemingen 15% BSE;

middelgrote ondernemingen 7,5% BSE;

in gebieden die in aanmerking komen voor afwijking van artikel 87, lid 3, onder c), van het EG-Verdrag gelden deze steunintensiteiten:

kleine ondernemingen 8% BSE + 10% BSE;

middelgrote ondernemingen 8% NSE + 6% BSE;

Uitgaven aan diensten en advies:

Kleine en middelgrote ondernemingen: 50% BSE

De totale steun voor investeringen en de aankoop van diensten mag in geen geval meer dan 30% van de totale subsidiabele uitgaven bedragen.

Datum van tenuitvoerlegging

Datum van publicatie van de lijst: september 2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

De steun mag worden verleend tot 31.12.2006

Doelstelling van de steun

Steun voor innovatie in KMO's door stimulering van projecten met betrekking tot de aankoop van reële diensten voor organisatorische en commerciële innovatie, IT-innovatie, de verspreiding van e-business, technologische innovatie en onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten.

De door de ondernemingen genomen initiatieven vallen onder de categorie van gecombineerde initiatieven.

De in het kader van deze regeling beoogde maatregelen vallen onder de artikelen 2 en 5 van Verordening (EG) nr. 70/2001.

Economische sectoren

Adviesverlening aan ondernemingen

Er gelden beperkingen of uitsluitingen voor de door de communautaire voorschriften geregelde sectoren: vervoer, visserij, productie, verwerking en afzet van landbouwproducten zoals bepaald in Bijlage I bij het Verdrag, ijzer- en staalindustrie, scheepsbouw, synthetische vezels en motorvoertuigen.

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Lombardia — Direzione Industria, PMI, cooperazione, UO Azioni per lo sviluppo delle imprese e PMI, Struttura Sostegno agli investimenti

Adres:

Via Taramelli 12

I-20124 Milano

Andere inlichtingen

De steun wordt verleend onder het enig programmeringsdocument EPD Doelstelling 2 2000-2006


Nummer van de steunmaatregel

XS 183/05

Lidstaat

Italië

Regio

Autonome regio Friuli Venezia Giulia

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Stimuleringsmaatregelen voor KMO's om industriebeleidsmaatregelen te nemen ter ondersteuning van projecten voor de ontwikkeling van het concurrentievermogen

Rechtsgrond

LR 4.3.2005, n. 4, Capo I

DPReg 0316/Pres. dd. 16.9.2005

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

2005: 14,5 miljoen EUR

2006: 9,5 miljoen EUR

2007: 9,5 miljoen EUR

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

Datum van tenuitvoerlegging

5.10.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 30.6.2007

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

Economische sectoren

Beperkt tot specifieke sectoren

Ja

Andere productiesectoren

Ja

Alle diensten

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Autonoma Friuli Venezia Giulia

Direzione centrale attività produttive

Servizio politiche economiche e marketing territoriale

Adres:

Via Uccellis, 12/F

I-33100 Udine

Telefono 0039 0432 555971

Fax 0039 0432 555952

e-mail: politiche.economiche@regione.fvg.it

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja


Nummer van de steunmaatregel

XS 186/05

Lidstaat

Verenigd Koninkrijk

Regio

West Wales and the Valleys Objective 1 Region

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Cotton-projecten

Rechtsgrond

Council Regulation (EC) No 1260/99

The Structural Funds (National Assembly for Wales) Regulations 2000 (No/906/2000)

The Structural Funds (National Assembly for Wales)

Designation 2000

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

119 902 GBP

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

Van 31 oktober 2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2006

N.B. Zoals hierboven is vermeld, is de subsidie vóór 31 december 2006 vastgelegd. Betalingen op grond van deze vastlegging kunnen (overeenkomstig N+2) tot 31 december 2007 plaatsvinden.

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Beperkt tot specifieke sectoren

Ja

Andere diensten (bouwsector)

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

National Assembly for Wales

Adres:

C/o Welsh European Funding Office

Cwm Cynon Business Park

Mountain Ash CF45 4ER

United Kingdom

Individuele verlening van aanzienlijke steun

In overeenstemming met artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 192/05

Lidstaat

Italië

Regio

Regio Piemonte

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Steun voor de aankoop of leasing van nieuwe werktuig- en productiemachines („Sabatini”-wet)

Rechtsgrond

Deliberazione della Giunta Regionale n. 17-881 del 26 settembre 2005 (B.U.R.P n. 39, Supplemento, del 29 settembre 2005) «Funzioni delegate alla Regione in materia di incentivi alle imprese. Prescrizioni per l'accesso agli incentivi di cui alla L. 28.11.1965 n. 1329 ed all'art. 11 comma 2 lett. b) L. 27.10.1994 n. 598 e s.m.i.» attuativa della L. 1329/65 e s.m.i già approvata dalla Commissione con Lettera D/55254 del 18 ottobre 2000 Aiuto N 659/A97.

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

25 miljoen EUR (3)

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal jaarlijks bedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

27.9.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2006

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Piemonte — Assessorato all'Industria, Lavoro e Bilancio — Direzione Industria.

Adres:

Direzione Industria

Via Pisano, 6

I-10152 Torino

Tel. 011.4321461 — Fax 011.4323483

e-mail: direzione16@regione.piemonte.it

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 193/05

Lidstaat

Italië

Regio

Regio Piemonte

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Steun voor de aankoop of leasing van nieuwe werktuig- en productiemachines (Wet „Sabatini decambializzata”)

Rechtsgrond

Deliberazione della Giunta Regionale n. 17-881 del 26 settembre 2005 (B.U.R.P n. 39, Supplemento, del 29 settembre 2005) «Funzioni delegate alla Regione in materia di incentivi alle imprese. Prescrizioni per l'accesso agli incentivi di cui alla L. 28.11.1965 n. 1329 ed all'art. 11 comma 2 lett. b) L. 27.10.1994 n. 598 e s.m.i.». attuativa della L. 1329/65 e s.m.i già approvata dalla Commissione con Lettera D/55254 del 18 ottobre 2000 — Aiuto N 659/A97.

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

25 miljoen EUR (4)

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal jaarlijks bedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

27.9.2005

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 31.12.2006

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Piemonte — Assessorato all'Industria, Lavoro e Bilancio — Direzione Industria.

Adres:

Direzione Industria

Via Pisano, 6

I-10152 Torino

Tel. 011.4321461 — Fax 011.4323483

e-mail: direzione16@regione.piemonte.it

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 212/05

Lidstaat

Italië

Regio

Campania

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Steunregeling voor kleine ondernemingen die actief zijn in de sectoren ambachten, handel, diensten en toerisme.

Criteria en richtsnoeren voor de openbare bekendmaking betreffende geïntegreerde projecten voor de regionale parken

Rechtsgrond

POR Campania 2000-2006

Complemento di Programmazione, misura 1.10

Disciplinare degli aiuti alle piccole imprese concessi in applicazione della Misura 1.10 del POR Campania 2000-2006 (Aiuti esentati dalla notificazione in conformità del Reg. (CE) n. 70/2001) approvato con Delibera di Giunta Regionale n. 1903 del 22.10.2004.

D.G.R.C. n. 180 del 15 febbraio 2005: Approvazione criteri ed indirizzi per la predisposizione dei bandi della Misura 1.10 per i Progetti Integrati dei Parchi Regionali con allegati.

P.O.R. Campania 2000 — 2006 Asse prioritario di riferimento 1 — Risorse Naturali — Misura 1.10 — Bandi pubblici per la concessione di aiuti alle piccole imprese nei settori dell'artigianato, commercio servizi e piccola ricettività turistica nei Parchi Regionali

Decreti Dirigenziali nn. 50 e 51 del 21.6.2005 pubblicati sul B.U.R.C. n. 48 del 26.9.2005;

Decreti Dirigenziali nn. 64, 65 e 66 dell'1.8.2005 e n. 67 del 2.8.2005 pubblicati sul B.U.R.C. n. 51 del 6.10.2005

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

17 488 433,50 EUR

Gegarandeerde leningen

NEEN

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

Vanaf 31.1.2006

Duur van de regeling

Tot 31.12.2006

Doelstelling van de steun

Steun aan KMO's

Ja

 

Economische sectoren

Alle sectoren komen in aanmerking voor KMO-steun

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Regione Campania

Area Generale di Coordinamento 05

Settore 02

Responsabile della Misura 1.10 del POR Campania 2000 — 2006

Adres:

Via A. De Gasperi 28

I-80133 Napoli

Telefono: 081 7963050

e-mail:

asseI.mis.1.10cdc@regione.campania.it

e.zucaro@regione.campania.it

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


Nummer van de steunmaatregel

XS 216/05

Lidstaat

Spanje

Regio

Het hele grondgebied

Benaming van de steunregeling of naam van de onderneming die individuele steun ontvangt

Steun ter bevordering en ontwikkeling van niet-agrarische kleine en middelgrote ondenemingen in de paardensector.

Rechtsgrond

Real Decreto por el que se establecen las bases reguladoras de las subvenciones estatales destinadas al sector equino

Voorziene jaarlijkse uitgaven krachtens de regeling of totaalbedrag van de aan de onderneming verleende individuele steun

Steunregeling

Totaal jaarlijks bedrag

0,5 miljoen EUR

Gegarandeerde leningen

 

Individuele steun

Totaal steunbedrag

 

Gegarandeerde leningen

 

Maximale steunintensiteit

In overeenstemming met artikel 4, leden 2 tot en met 6, en artikel 5 van de verordening

Ja

 

Datum van tenuitvoerlegging

De steun treedt in werking vanaf de publicatiedatum in het Publicatieblad.

Duur van de regeling of duur van de individuele steunverlening

Tot 30.6.2007

Doelstelling van de steun

Steun aan het MKB

Ja

 

Economische sectoren

Beperkt tot specifieke sectoren

Ja

Andere diensten

Ja

Naam en adres van de autoriteit die de steun verleent

Naam:

Ministerio de Agricultura, Pesca y Alimentación

Dirección General de Ganadería

Adres:

C/ Alfonso XII, 62

E-28014 Madrid

Individuele verlening van aanzienlijke steun

Overeenkomstig artikel 6 van de verordening

Ja

 


(1)  1 EUR = 0,702804 LVL

(2)  1 EUR = 0,702804 LVL

(3)  Deze jaarlijkse uitgaven behelzen ook de middelen voor de andere geplande, in de rechtsgrond genoemde regelingen, die het voorwerp van de bijgevoegde mededeling (over de vrijstelling) zijn.

(4)  Deze jaarlijkse uitgaven behelzen ook de middelen voor de andere geplande, in de rechtsgrond genoemde regelingen, die het voorwerp van de bijgevoegde mededeling (over de vrijstelling) zijn.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/21


Bericht in verband met de compenserende maatregelen die van toepassing zijn op de invoer in de Gemeenschap van katoenhoudend beddenlinnen uit India: naamswijziging van een onderneming waarop een individueel compenserend recht van toepassing is

(2006/C 172/06)

De invoer van katoenhoudend beddenlinnen uit India is onderworpen aan een definitief compenserend recht, vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 74/2004 van de Raad van 13 januari 2004 (1).

Op de invoer in de Gemeenschap van katoenhoudend beddenlinnen door Anunay Fab. Pvt. Ltd, een in India gevestigde onderneming, is een overeenkomstig artikel 1, lid 3, van Verordening (EG) nr. 74/2004 van de Raad vastgesteld compenserend recht van 7,6 % van toepassing. Deze onderneming heeft de Commissie meegedeeld dat zij op 23 november 2005 als gevolg van een wijziging van haar rechtsvorm haar naam heeft gewijzigd in Anunay Fab. Ltd.

De onderneming heeft verklaard dat de naamswijziging niet van invloed is op het individuele recht dat op haar van toepassing was onder haar vroegere naam Anunay Fab. Pvt. Ltd.

Uit de gegevens die de onderneming heeft verstrekt, is de Commissie gebleken dat de naamswijziging niet van invloed is op de bevindingen van Verordening (EG) nr. 74/2004. Daarom moet de verwijzing naar Anunay Fab. Pvt. Ltd in de bijlage bij Verordening (EG) nr. 74/2004 worden gelezen als Anunay Fab. Ltd.

De oorspronkelijk aan Anunay Fab. Pvt. Ltd toegekende aanvullende Taric-code A498 is van toepassing op Anunay Fab. Ltd.


(1)  PB L 12 van 17.1.2004, blz. 1, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 122/2006 van de Raad van 23 januari 2006 (PB L 22 van 26.1.2006, blz. 3).


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/22


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak nr. COMP/M.4289 — Crédit Agricole/Emporiki)

Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure

(2006/C 172/07)

(Voor de EER relevante tekst)

1.

Op 13 juli 2006 ontving de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) waarin wordt meegedeeld dat de onderneming Crédit Agricole SA („Crédit Agricole”, Frankrijk) in de zin van artikel 3, lid 1), sub b), van genoemde verordening volledig zeggenschap verkrijgt over de onderneming Emporiki Bank of Greece SA („Emporiki”, Griekenland) door een openbaar aanbod, openbaar gemaakt op 13 juni 2006.

2.

De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:

voor Crédit Agricole: bank- en verzekeringsdiensten;

voor Emporiki: bank- en verzekeringsdiensten.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 139/2004 kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. In het licht van de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 (2) van de Raad wordt vermeld dat deze zaak in aanmerking kan komen voor deze procedure.

4.

De Commissie verzoekt belanghebbende derden hun eventuele opmerkingen ten aanzien van de voorgenomen concentratie kenbaar te maken aan de Commissie.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (nummer (32-2) 296 43 01 of 296 72 44) of per post, onder vermelding van referentienummer COMP/M.4289 — Crédit Agricole/Emporiki, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

J-70

B-1049 Brussel


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.

(2)  PB C 56 van 5.3.2005, blz. 32.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/23


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak nr. COMP/M.4324 — Blackstone/Travelport)

Zaak die in aanmerking kan komen voor een vereenvoudigde procedure

(2006/C 172/08)

(Voor de EER relevante tekst)

1.

Op 14 juli 2006 ontving de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) waarin wordt meegedeeld dat de onderneming Blackstone Group („Blackstone”, VSA) in de zin van artikel 3, lid 1), sub b), van genoemde verordening volledig zeggenschap verkrijgt over de onderneming Travelport Inc. („Travelport”, VSA) door de aankoop van aandelen.

2.

De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:

voor Blackstone: private handelsbank voornamelijk actief in financiële adviesdiensten, private aandelen en investeringen in eigendom;

voor Travelport: een geografisch gediversifieerde verzameling van merken en zaken m.b.t. distributie van reizen.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 139/2004 kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. In het licht van de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 (2) van de Raad wordt vermeld dat deze zaak in aanmerking kan komen voor deze procedure.

4.

De Commissie verzoekt belanghebbende derden hun eventuele opmerkingen ten aanzien van de voorgenomen concentratie kenbaar te maken aan de Commissie.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (nummer (32-2) 296 43 01 of 296 72 44) of per post, onder vermelding van referentienummer COMP/M.4324 — Blackstone/Travelport, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

J-70

B-1049 Brussel


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.

(2)  PB C 56 van 5.3.2005, blz. 32.


III Bekendmakingen

Commissie

25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/24


Uitnodiging tot het indienen van voorstellen voor werkzaamheden onder contract in het kader van het meerjarenprogramma van de Gemeenschap ter verbetering van de toegankelijkheid, het nut en de exploiteerbaarheid van digitale inhoud in Europa (eContentplus)

(2006/C 172/09)

(Voor de EER relevante tekst)

1.   Doelstellingen en beschrijving

De Europese Commissie heeft een werkprogramma en een uitnodiging tot het indienen van voorstellen voor de tenuitvoerlegging van het programma eContentplus vastgesteld (1).

Deze uitnodiging betreft voorstellen voor werkzaamheden onder contract met betrekking tot de volgende gebieden en activiteiten:

Geografische informatie

3.1

Gerichte projecten voor geografische informatie

3.2

Een thematisch netwerk voor geografische informatie

Educatieve inhoud

4.1

Gerichte projecten voor educatieve inhoud

4.2

Een thematisch netwerk voor educatieve inhoud

Digitale bibliotheken (Culturele en wetenschappelijke/academische inhoud)

5.1

Gerichte projecten voor digitale bibliotheken

5.2

Een thematisch netwerk voor culturele inhoud

Verbetering van de samenwerking tussen stakeholders op het gebied van digitale inhoud

6.1.

Een thematisch netwerk voor vraagstukken met betrekking tot het publieke domein en aanverwante kwesties

2.   Wie komt in aanmerking?

Deelname aan het programma eContentplus staat open voor in een van de 25 lidstaten gevestigde rechtspersonen.

Ook rechtspersonen in Bulgarije, Kroatië, Roemenië, Turkije en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië kunnen deelnemen, mits hiertoe een bilaterale overeenkomst met het betrokken land is gesloten. Deelname van in de EVA-landen gevestigde rechtspersonen is mogelijk, indien het betrokken land de EER-Overeenkomst heeft ondertekend (IJsland, Liechtenstein en Noorwegen), conform de bepalingen van die overeenkomst (2).

Deelname van in derde landen gevestigde rechtspersonen en internationale organisaties is mogelijk, zij het zonder financiële steun van de Gemeenschap.

3.   Budget

Het totale budget voor de medefinanciering van werkzaamheden onder contract wordt geraamd op 27,3 miljoen EUR.

4.   Termijn

Alle voorstellen dienen uiterlijk op 19 oktober 2006 om 17.00 uur (plaatselijke tijd Luxemburg) in het bezit van de Commissie te zijn.

5.   Nadere informatie

De volledige tekst van de uitnodiging tot het indienen van voorstellen en de inschrijvingsformulieren kunnen worden aangevraagd op de volgende website:

http://europa.eu.int/econtentplus

Alle aanvragen moeten voldoen aan de specificaties en de voorwaarden die worden beschreven in de volledige tekst van de uitnodiging tot het indienen van voorstellen, het Werkprogramma en de Gids voor indieners, die in het Engels beschikbaar zijn op bovengenoemde website van de Commissie. Hierin staat ook informatie over de manier waarop de voorstellen moeten worden opgesteld en ingediend.

De voorstellen worden beoordeeld op basis van de beginselen van transparantie en gelijke behandeling. Dit gebeurt door de Commissie, die daarbij gesteund wordt door externe deskundigen. Elk ingediend voorstel zal worden beoordeeld aan de hand van de beoordelingscriteria die in het Werkprogramma voor eContentplus zijn opgenomen.

Alle door de Europese Commissie ontvangen voorstellen worden strikt vertrouwelijk behandeld.


(1)  Besluit Nr. 456/2005/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2005 tot vaststelling van een meerjarenprogramma van de Gemeenschap ter verbetering van de toegankelijkheid, het nut en de exploiteerbaarheid van digitale inhoud in Europa (PB L 79 van 24.3.2005, blz. 1).

(2)  In het Publicatieblad van de Europese Unie wordt actuele informatie gegeven over de landen die aan het programma deelnemen. Een bijgewerkte lijst is ook te verkrijgen op de programmawebsite http://europa.eu.int/econtentplus.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/26


OPROEP TOT HET INDIENEN VAN VOORSTELLEN

Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de Europese Unie

(2006/C 172/10)

1.   ACHTERGROND

De Europese Commissie publiceert een oproep tot het indienen van voorstellen (ref. ECFIN/2006/A3-03) voor het houden van enquêtes in het kader van het (op 29 november 2000 door de Commissie goedgekeurde) Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes in de EU-lidstaten en in de kandidaat-lidstaten. Deze oproep tot het indienen van voorstellen heeft betrekking op Luxemburg, Malta, Kroatië en Turkije.

Doel van het programma is economische gegevens te verkrijgen, met name over de conjunctuur, teneinde de conjunctuurcycli tussen de EU-lidstaten te kunnen vergelijken ten behoeve van het beheer van de Economische en Monetaire Unie (EMU). Het Geharmoniseerd programma is dan ook een onontbeerlijk hulpmiddel geworden, niet alleen voor het economisch toezicht in het kader van de EMU, maar ook voor algemene economische beleidsdoeleinden.

2.   DOEL EN SPECIFICATIES VAN DE ACTIE

2.1   Doelstellingen

Het Geharmoniseerd programma wordt uitgevoerd door middel van de medefinanciering van opiniepeilingen door gespecialiseerde organisaties/instellingen. Hiertoe wil de Commissie een jaarlijkse overeenkomst inzake subsidiëring van een actie sluiten met organisaties en instellingen die over de vereiste bekwaamheid beschikken om tijdens de periode mei 2007 — april 2008 een of meer van de volgende enquêtes te houden:

enquêtes in de detailhandel en de dienstensector in Luxemburg;

investeringsenquêtes en enquêtes in de bouwsector, de detailhandel en de dienstensector op Malta;

investeringsenquêtes en enquêtes in de bouwsector, de detailhandel, de dienstensector en de industrie in Kroatië;

investeringsenquêtes, enquêtes in de bouwsector, de detailhandel, de dienstensector en de industrie, en enquêtes bij de consumenten in Turkije;

ad-hocenquêtes over actuele economische onderwerpen: dit zijn per definitie gelegenheidsenquêtes die naast de maandelijkse enquêtes worden verricht en waarbij van hetzelfde kader (de gebruikelijke steekproeven) als voor de maandelijkse enquêtes gebruik wordt gemaakt. Met deze gelegenheidsenquêtes wordt beoogd informatie over specifieke economische beleidsvraagstukken te verkrijgen.

De enquêtes zijn gericht tot de bedrijfsleiders in de industrie, de investeringssector, de bouwsector, de detailhandel en de dienstensector, alsook tot de consumenten.

2.2   Technische specificaties

2.2.1   Tijdschema van de werkzaamheden en toezending van de resultaten

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de enquêtes waarop deze oproep betrekking heeft:

Enquête

Aantal bestreken sectoren/grootteklassen

Aantal vragen per maand

Aantal vragen per kwartaal

Enquête in de industrie

56/-

7

9

Investeringsenquête

8/6

2 vragen in maart/april

4 vragen in oktober/november

Enquête in de bouwsector

5/-

5

1

Enquête in de detailhandel

9/-

6

-

Enquête in de dienstensector

19/-

6

1

Consumenten-enquête

25/-

14

3

De maandelijkse enquêtes worden in de eerste twee weken van elke maand uitgevoerd en de resultaten worden maandelijks ten minste vier werkdagen vóór het einde van de maand en overeenkomstig een in de subsidieovereenkomst opgenomen tijdschema per e-mail aan de Commissie toegezonden.

De driemaandelijkse enquêtes worden in de eerste twee weken van de eerste maand van elk kwartaal (januari, april, juli en oktober) uitgevoerd en de resultaten worden ten minste vier werkdagen vóór het einde van respectievelijk de maand januari, april, juli en oktober overeenkomstig het in de subsidieovereenkomst opgenomen tijdschema per e-mail aan de Commissie toegezonden.

De halfjaarlijkse investeringsenquêtes worden in de loop van de maanden maart/april en oktober/november uitgevoerd en de resultaten worden ten minste vier werkdagen vóór het einde van respectievelijk de maand mei en december en overeenkomstig het in de subsidieovereenkomst opgenomen tijdschema per e-mail aan de Commissie toegezonden.

Voor de ad-hocenquêtes verbindt de begunstigde zich ertoe het specifieke tijdschema van deze enquêtes na te leven.

Een gedetailleerde beschrijving van de actie kan worden gedownload van het volgende internetadres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/tenders/2006/call2006_6en.htm.

2.2.2   Methoden en vragenlijsten van het Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de EU

Voor nadere bijzonderheden over de te hanteren methoden, zie de gebruikersgids op het volgende adres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/indicators/business_consumer_surveys/userguide_en.pdf.

3.   ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN EN DUUR

3.1   Administratieve bepalingen

De organisatie of instelling wordt geselecteerd voor een periode van maximaal 12 maanden. Hiertoe zal tussen de betrokken partijen een overeenkomst voor een jaar worden gesloten, waarin de gemeenschappelijke doelstellingen en de aard van de geplande actie zullen worden omschreven. De subsidieovereenkomst zal betrekking hebben op de periode mei 2007-april 2008.

3.2   Duur

De enquêtes bestrijken de periode tussen 1 mei 2007 en 30 april 2008. De duur van de actie mag niet langer zijn dan 12 maanden (13 maanden voor de investeringsenquête).

4.   FINANCIEEL KADER

4.1   Communautaire financieringsbronnen

De geselecteerde acties zullen worden gefinancierd uit begrotingspost 01.02.02 — Coördinatie van en toezicht op de Economische en Monetaire Unie.

4.2   Geraamd totaal communautair budget voor deze oproep

Voor de conjunctuurenquêtes in kwestie is jaarlijks een totaal budget van circa 360 000 EUR beschikbaar.

Het maximale aantal begunstigden is 17.

4.3   Percentage van de medefinanciering door de Gemeenschap

Het aandeel van de Commissie in de medefinanciering van de enquêtes mag niet meer bedragen dan 50 % van de subsidiabele kosten die de begunstigde per enquête maakt.

4.4   Financiering van de actie door de begunstigde en gemaakte subsidiabele kosten

Er kunnen pas subsidiabele kosten worden gemaakt nadat de subsidieovereenkomst door alle partijen is ondertekend, behalve in uitzonderlijke gevallen. De subsidiabele kosten mogen echter in geen geval zijn gemaakt vóór de datum waarop de subsidieaanvraag is ingediend. Bijdragen in natura zijn geen subsidiabele kosten.

Van de begunstigde zal worden verlangd dat hij een gedetailleerde, in EURO uitgedrukte raming van de kosten en de financiering van de actie indient. Deze raming zal als bijlage aan de subsidieovereenkomst worden gehecht. Deze cijfergegevens kunnen later eventueel voor controledoeleinden worden gebruikt door de Commissie.

5.   SUBSIDIABILITEITSCRITERIA

5.1   Juridische status van de aanvrager

De oproep is gericht tot de organisaties/instellingen (juridische entiteiten) die in een van de EU-lidstaten, dan wel in een van de toetredingslanden of kandidaat-lidstaten rechtspersoonlijkheid bezitten. De aanvragers moeten aantonen dat zij rechtspersoonlijkheid bezitten en daarvan het vereiste bewijs leveren door middel van het standaardformulier „Juridische entiteit”.

5.2   Uitsluitingsgronden

Van subsidiëring worden uitgesloten, aanvragers die: (1)

a)

in staat van faillissement, vereffening, akkoord of surseance van betaling verkeren of wier faillissement is aangevraagd of tegen wie een procedure van vereffening, akkoord of surseance van betaling loopt, dan wel die hun werkzaamheden hebben gestaakt of in een vergelijkbare toestand verkeren als gevolg van een soortgelijke procedure krachtens de nationale wet- en regelgeving;

b)

bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde zijn veroordeeld voor een delict dat hun beroepsmoraliteit in het gedrang brengt;

c)

in de uitoefening van hun beroep een ernstige fout hebben begaan, vastgesteld op elke grond die de aanbestedende diensten aannemelijk kunnen maken;

d)

niet hebben voldaan aan hun verplichtingen tot betaling van socialezekerheidsbijdragen of belastingen volgens de wetgeving van het land waar zij zijn gevestigd, van het land van de aanbestedende dienst of van het land waar de opdracht moet worden uitgevoerd;

e)

bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde zijn veroordeeld voor fraude, corruptie, deelname aan een criminele organisatie of enige andere illegale activiteit die de financiële belangen van de Gemeenschappen schaadt;

f)

na de procedure voor de plaatsing van een andere opdracht of de procedure voor de toekenning van een subsidie uit de communautaire begroting ernstig in gebreke zijn gesteld wegens niet-nakoming van hun contractuele verplichtingen;

g)

in een belangenconflict verkeren;

h)

valse verklaringen hebben afgelegd in de verlangde inlichtingen of deze inlichtingen niet hebben verstrekt.

De aanvragers moeten aan de hand van het standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit” bewijzen dat zij niet in een van de in punt 5.2 genoemde situaties verkeren.

5.3   Administratieve en financiële sancties

1.

Onverminderd de toepassing van contractuele sancties worden gegadigden of inschrijvers die zich schuldig hebben gemaakt aan valse verklaringen of die ernstig in gebreke zijn gebleven ten aanzien van hun contractuele verplichtingen in het kader van een eerdere opdracht, uitgesloten van alle uit hoofde van de communautaire begroting gefinancierde opdrachten en subsidies gedurende maximaal twee jaar vanaf de vaststelling van de na een contradictoire dialoog met de contractant bevestigde overtreding. De duur van de uitsluiting kan op drie jaar worden gebracht in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding.

Inschrijvers of gegadigden die zich schuldig hebben gemaakt aan valse verklaringen, worden bovendien bestraft met financiële sancties ter grootte van 2 tot 10 % van het totaalbedrag van de te gunnen opdracht.

Contractanten die in gebreke zijn gesteld omdat zij ernstig zijn tekortgeschoten bij de nakoming van hun contractuele verplichtingen, worden eveneens bestraft met financiële sancties van 2 tot 10 % van de totale contractwaarde. Dit percentage kan op 4 tot 20 % worden gebracht in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding.

2.

In de in punt 5.2, onder a), c) en d), bedoelde gevallen worden de gegadigden of inschrijvers van de toekenning van opdrachten en subsidies uitgesloten gedurende ten hoogste twee jaar te rekenen vanaf de vaststelling van de overtreding, wanneer die is bevestigd na een contradictoire dialoog met de contractant.

In de in punt 5.2, onder b) en e), bedoelde gevallen worden de gegadigden of inschrijvers van de toekenning van opdrachten en subsidies uitgesloten gedurende ten minste één jaar en ten hoogste vier jaar te rekenen vanaf de kennisgeving van de rechterlijke beslissing.

De duur van de uitsluiting kan oplopen tot vijf jaar in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding of de eerste rechterlijke beslissing.

3.

De in punt 5.2, onder e), bedoelde gevallen omvatten:

a)

fraudegevallen zoals bedoeld in artikel 1 van de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen, vastgesteld bij besluit van de Raad van 26 juli 1995;

b)

corruptiegevallen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Overeenkomst ter bestrijding van corruptie waarbij ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de lidstaten van de Europese Unie betrokken zijn, zoals vastgesteld bij besluit van de Raad van 26 mei 1997;

c)

gevallen van deelneming aan een criminele organisatie, zoals omschreven in artikel 2, lid 1, van Gemeenschappelijk optreden 98/733/JBZ van de Raad;

d)

gevallen van witwassen van geld, zoals omschreven in artikel 1 van Richtlijn 91/308/EEG van de Raad.

6.   SELECTIECRITERIA

De aanvrager moet over stabiele en toereikende financieringsbronnen beschikken om zijn werkzaamheden tijdens de gehele uitvoeringstermijn van de actie te kunnen blijven uitoefenen. Hij moet over de vereiste vak- en beroepsbekwaamheid beschikken om de voorgestelde actie of het voorgestelde werkprogramma tot een goed einde te brengen.

6.1   Financiële draagkracht van de aanvrager

De aanvrager moet over de vereiste financiële draagkracht beschikken om de voorgestelde actie tot een goed einde te brengen en moet de balansen en winst- en verliesrekeningen van de laatste twee afgesloten boekjaren verstrekken. Deze bepaling geldt niet voor overheidsinstellingen en internationale organisaties.

6.2   Operationele capaciteit van de aanvrager

De aanvrager moet over de vereiste operationele capaciteit beschikken om de voorgestelde actie tot een goed einde te brengen en dit met passende bewijsstukken aantonen.

De bekwaamheid van de aanvrager zal aan de volgende criteria worden getoetst:

ten minste drie jaar bewezen ervaring met de voorbereiding en uitvoering van kwalitatieve conjunctuurenquêtes;

bewezen ervaring op ten minste een van de volgende terreinen:

1)

evaluatie van resultaten van conjunctuurenquêtes, methodische aspecten (steekproeven, vragenlijsten en programmering) en analyse;

2)

opstellen van indicatoren op basis van resultaten van conjunctuurenquêtes;

3)

gebruik van resultaten van conjunctuurenquêtes voor analyse en conjunctureel en macro-economisch onderzoek op basis van statistische en econometrische methoden, inclusief sectorale analyse;

4)

econometrische modellen en andere prognosehulpmiddelen;

bekwaamheid om de methoden van het Geharmoniseerd programma van conjunctuurenquêtes van de EU toe te passen en om zich naar de instructies van de Commissie te richten: in acht nemen van de maandelijkse termijnen voor de toezending van de resultaten en het enquêteprogramma op verzoek van de diensten van de Commissie verbeteren of aanpassen in overeenstemming met de afspraken die op de coördinatievergaderingen met vertegenwoordigers van de medewerkende organisaties/instellingen zijn gemaakt.

7.   GUNNINGSCRITERIA

De enquêtes zullen aan de geselecteerde gegadigden worden gegund op basis van de volgende criteria:

de mate van deskundigheid en ervaring van de gegadigde op de in punt 6.2 genoemde terreinen;

de doeltreffendheid van de voorgestelde enquêtemethode (steekproefontwerp, steekproefomvang, dekkingsgraad, antwoordpercentage enz.);

de bekwaamheid van de gegadigde en zijn kennis van de specifieke karakteristieken van de sector en van het land waar de enquête(s) zal/zullen worden uitgevoerd;

de doeltreffendheid van de werkorganisatie van de gegadigde op het gebied van flexibiliteit, infrastructuur, gekwalificeerd personeel en uitrusting voor de uitvoering van de taken, de toezending van de resultaten, de deelneming aan de voorbereiding van de enquêtes in het kader van het Geharmoniseerd programma en de contacten met de diensten van de Commissie;

de kosten/batenverhouding.

8.   PROCEDURE VOOR DE INDIENING VAN PROJECTEN

8.1   Voorwaarden voor de presentatie en indiening van voorstellen

De voorstellen moeten het ingevuld en ondertekend standaard subsidieaanvraagformulier bevatten, alsmede alle in het formulier genoemde bewijsstukken.

Elk voorstel moet uit drie delen bestaan:

een administratief dossier;

een technisch dossier;

een financieel dossier.

De volgende standaardformulieren kunnen bij de Commissie worden verkregen:

een standaard subsidieaanvraagformulier

een model van een kostenraming voor het verstrekken van een schatting van de enquêtekosten en een financieringsplan;

een standaardformulier „Financiële identificatie”;

een standaardformulier „Juridische entiteit”;

een standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit”;

een standaardformulier „Bereidheidsverklaring tot ondertekening van de standaardsubsidieovereenkomst”;

een standaardformulier inzake uitbesteding;

alsook documenten met betrekking tot de financiële aspecten van de subsidie:

een vademecum voor de opstelling van financiële ramingen en financiële staten;

een model van de subsidieovereenkomst.

a)

Deze documenten kunnen worden gedownload van het volgende internetadres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/tenders/2006/call2006_6en.htm.

b)

Ingeval het niet mogelijk is gebruik te maken van bovenstaande optie, kunnen de documenten schriftelijk worden aangevraagd bij de:

Europese Commissie

Directoraat-generaal ECFIN

Eenheid ECFIN-A-3 (Conjunctuuronderzoek)

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-03

BU-1 3/146

B-1049 Brussel

Fax: (32-2) 296 36 50

E-mail: ecfin-bcs-mail@ec.europa.eu

De Commissie behoudt zich het recht voor deze standaarddocumenten te wijzigen overeenkomstig de behoeften van het Geharmoniseerd programma en/of de vereisten van het beheer van de begrotingsmiddelen.

De voorstellen moeten in een van de officiële talen van de Europese Gemeenschap worden ingediend, eventueel vergezeld van een Engelse, Franse of Duitse versie.

De aanvrager moet een ondertekend origineel en twee kopieën van het voorstel verstrekken.

De voorstellen moeten worden ingediend in een dubbele enveloppe.

Op de buitenste enveloppe moet het onder punt 8.3 opgegeven adres worden vermeld.

Op de binnenste gesloten enveloppe met het voorstel moet worden vermeld: „Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-03 — Mag niet door de postkamer worden geopend”.

De gegadigden zal door middel van de aangetekende terugzending van het desbetreffende formulier worden meegedeeld dat hun zending is geregistreerd.

8.2   Inhoud van de voorstellen

8.2.1   Administratief dossier

Het administratieve dossier moet de volgende stukken bevatten:

een ondertekend standaard subsidieaanvraagformulier;

een naar behoren ingevuld en ondertekend standaardformulier „Juridische entiteit” en de verlangde bewijsstukken die de juridische status van de organisatie of instelling aantonen;

een naar behoren ingevuld en ondertekend standaardformulier „Financiële identificatie”;

een ondertekend standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit”;

het organisatieschema van de organisatie of instelling (met vermelding van de naam en functie van de personen met een bestuursfunctie) en van de operationele dienst die verantwoordelijk is voor het houden van de enquêtes;

een ondertekend standaardformulier waarmee de organisatie of instelling zich bereid verklaart de subsidieovereenkomst te ondertekenen indien zij wordt geselecteerd;

het bewijs dat de organisatie of instelling financieel gezond is: hiertoe moeten de balansen en winst- en verliesrekeningen van de laatste twee afgesloten boekjaren worden bijgevoegd.

8.2.2   Technisch dossier

Het technische dossier moet de volgende stukken bevatten:

een beschrijving van de werkzaamheden van de organisatie of instelling. Deze beschrijving moet het mogelijk maken de bekwaamheid, alsook de omvang en de duur van de ervaring op de in punt 6.2 genoemde terreinen te beoordelen. In de beschrijving dienen vroegere studies, dienstverleningscontracten, adviesopdrachten, enquêtes, publicaties en andere werkzaamheden te worden genoemd, onder vermelding van de naam van de opdrachtgever(s); in het bijzonder dienen de eventueel voor rekening van de Europese Commissie uitgevoerde opdrachten te worden vermeld; tevens moeten de meest relevante studies en/of resultaten worden bijgevoegd;

een gedetailleerde beschrijving van de operationele organisatie voor het houden van de enquêtes. Alle dienstige stukken betreffende de infrastructuur, de uitrusting, de middelen en het gekwalificeerd personeel (beknopte cv's) waarover de aanvrager beschikt, moeten worden bijgevoegd;

een gedetailleerde beschrijving van de enquêtemethoden: steekproefmethoden, steekproeffouten en betrouwbaarheidsintervallen, steekproefgrootte, dekkingsgraad en geraamd antwoordpercentage;

een naar behoren ingevuld standaardformulier met vermelding van de subcontractanten die bij de actie betrokken zijn, waarbij een gedetailleerde beschrijving wordt gegeven van de taken die zullen worden uitbesteed.

8.2.3   Financieel dossier

Het financiële dossier moet de volgende stukken bevatten:

voor elke enquête: een naar behoren ingevulde en gedetailleerde kostenraming (in euro) die betrekking heeft op een periode van 12 maanden en die een financieringsplan voor de actie bevat, alsmede een gedetailleerd overzicht van de totale subsidiabele kosten en de subsidiabele kosten per eenheid voor de uitvoering van de enquête, met inbegrip van de kosten voor uitbesteding;

in voorkomend geval, een attest dat de organisatie of instelling niet BTW-plichtig is;

in voorkomend geval, een document waaruit de financiële bijdrage van andere organisaties (medefinanciering) blijkt.

8.3   Adres en uiterste datum voor indiening van voorstellen

Gegadigden die belangstelling hebben voor deze oproep tot het indienen van voorstellen, wordt verzocht hun subsidieaanvragen bij de Europese Commissie in te dienen.

Aanvragen kunnen worden ingediend:

a)

hetzij per aangetekende brief of via particuliere besteldienst tot uiterlijk 25 september 2006 (de datum van het poststempel geldt als bewijs) op onderstaand adres:

per aangetekende brief:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-03

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

B-1049 Brussel

via particuliere besteldienst:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-03

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

Genèvestraat 1

B-1140 Brussel (Evere)

b)

hetzij door afgifte op de centrale postdienst van de Europese Commissie op onderstaand adres (rechtstreeks of via elke door de aanvrager daartoe gemachtigde persoon, inclusief via particuliere besteldiensten):

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-03

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

Genèvestraat 1

B-1140 Brussel (Evere)

uiterlijk op 25 september om 16.00 uur (Brusselse tijd). In dat geval geldt als bewijs van afgifte het ontvangstbewijs dat is gedateerd en ondertekend door de ambtenaar van de bovengenoemde dienst die de documenten in ontvangst heeft genomen.

Aanvragen die de Commissie na de uiterste datum ontvangt, worden niet in aanmerking genomen.

9.   WAT GEBEURT ER MET DE ONTVANGEN AANVRAGEN?

Alle aanvragen worden gecontroleerd om na te gaan of zij aan de formele subsidiabiliteitscriteria voldoen.

Voorstellen die als subsidiabel worden aangemerkt, worden beoordeeld en gequoteerd op basis van de hierboven gespecificeerde gunningscriteria.

De Commissie zal de voorstellen in de loop van de maanden oktober en november 2006 selecteren. Hiertoe zal een selectiecomité worden ingesteld onder leiding van de directeur-generaal van het directoraat-generaal Economische en financiële zaken. Dit comité zal bestaan uit ten minste drie personen die ten minste twee verschillende gespecialiseerde eenheden vertegenwoordigen welke ten opzichte van elkaar niet in een hiërarchische verhouding staan. Het comité zal een eigen secretariaat hebben voor de communicatie met de uiteindelijk geselecteerde gegadigden. Niet-geselecteerde gegadigden zullen eveneens persoonlijk bericht ontvangen.

10.   BELANGRIJKE OPMERKINGEN

Deze oproep tot het indienen van voorstellen houdt in geen geval een contractuele verbintenis in van de Commissie jegens de organisaties/instellingen die als gevolg van deze aankondiging een voorstel indienen. Alle contacten betreffende de oproep moeten schriftelijk verlopen.

Aanvragers dienen nota te nemen van de contractuele bepalingen: deze zullen moeten worden nageleefd wanneer de subsidie wordt toegekend.


(1)  Overeenkomstig de artikelen 93 en 94 van het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen.


25.7.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 172/34


OPROEP TOT HET INDIENEN VAN VOORSTELLEN

Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de Europese Unie

(2006/C 172/11)

1.   ACHTERGROND

De Europese Commissie publiceert een oproep tot het indienen van voorstellen (ref. ECFIN/2006/A3-02) voor het houden van enquêtes in het kader van het (op 29 november 2000 door de Commissie goedgekeurde) Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes in de EU-lidstaten. Deze oproep tot het indienen van voorstellen heeft betrekking op Nederland en Finland.

Doel van het programma is economische gegevens te verkrijgen, met name over de conjunctuur, teneinde de conjunctuurcycli tussen de EU-lidstaten te kunnen vergelijken ten behoeve van het beheer van de Economische en Monetaire Unie (EMU). Het Geharmoniseerd programma is dan ook een onontbeerlijk hulpmiddel geworden, niet alleen voor het economisch toezicht in het kader van de EMU, maar ook voor algemene economische beleidsdoeleinden.

2.   DOEL EN SPECIFICATIES VAN DE ACTIE

2.1   Doelstellingen

Het Geharmoniseerd programma wordt uitgevoerd door middel van de medefinanciering van opiniepeilingen door gespecialiseerde organisaties/instellingen. Hiertoe wil de Commissie een overeenkomst inzake subsidiëring van een actie voor de duur van zestien maanden sluiten met organisaties en instellingen die over de vereiste bekwaamheid beschikken om tijdens de periode januari 2007 — april 2008 een of meer van de volgende enquêtes te houden:

enquêtes in de detailhandel en de dienstensector in Nederland;

een enquête in de detailhandel in Finland;

ad-hocenquêtes over actuele economische onderwerpen: dit zijn per definitie gelegenheidsenquêtes die naast de maandelijkse enquêtes worden verricht en waarbij van hetzelfde kader (de gebruikelijke steekproeven) als voor de maandelijkse enquêtes gebruik wordt gemaakt. Met deze gelegenheidsenquêtes wordt beoogd informatie over specifieke economische beleidsvraagstukken te verkrijgen.

De enquêtes zijn gericht tot de bedrijfsleiders in de investeringssector, de bouwsector, de detailhandel en de dienstensector.

2.2   Technische specificaties

2.2.1   Tijdschema van de werkzaamheden en toezending van de resultaten

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de enquêtes waarop deze oproep betrekking heeft:

Enquête

Aantal bestreken sectoren/grootteklassen

Aantal vragen per maand

Aantal vragen per kwartaal

Enquête in de detailhandel

9/-

6

-

Enquête in de dienstensector

19/-

6

1

De maandelijkse enquêtes worden in de eerste twee weken van elke maand uitgevoerd en de resultaten worden maandelijks ten minste vier werkdagen vóór het einde van de maand en overeenkomstig een in de subsidieovereenkomst opgenomen tijdschema per e-mail aan de Commissie toegezonden.

De driemaandelijkse enquêtes worden in de eerste twee weken van de eerste maand van elk kwartaal (januari, april, juli en oktober) uitgevoerd en de resultaten worden ten minste vier werkdagen vóór het einde van respectievelijk de maand januari, april, juli en oktober overeenkomstig het in de subsidieovereenkomst opgenomen tijdschema per e-mail aan de Commissie toegezonden.

Voor de ad-hocenquêtes verbindt de begunstigde zich ertoe het specifieke tijdschema van deze enquêtes na te leven.

Een gedetailleerde beschrijving van de actie kan worden gedownload van het volgende internetadres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/tenders/2006/call2006_5en.htm.

2.2.2   Methoden en vragenlijsten van het Geharmoniseerd programma voor conjunctuurenquêtes van de EU

Voor nadere bijzonderheden over de te hanteren methoden, zie de gebruikersgids op het volgende adres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/indicators/business_consumer_surveys/userguide_en.pdf.

3.   ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN EN DUUR

3.1   Administratieve bepalingen

De organisatie of instelling wordt geselecteerd voor een periode van maximaal 16 maanden. Hiertoe zal tussen de betrokken partijen een overeenkomst voor zestien maanden worden gesloten, waarin de gemeenschappelijke doelstellingen en de aard van de geplande actie zullen worden omschreven. De subsidieovereenkomst zal betrekking hebben op de periode januari 2007-april 2008.

3.2   Duur

De enquêtes bestrijken de periode tussen 1 januari 2007 en 30 april 2008. De duur van de actie mag niet langer zijn dan 16 maanden.

4.   FINANCIEEL KADER

4.1   Communautaire financieringsbronnen

De geselecteerde acties zullen worden gefinancierd uit begrotingspost 01.02.02 — Coördinatie van en toezicht op de Economische en Monetaire Unie.

4.2   Geraamd totaal communautair budget voor deze oproep

Voor de conjunctuurenquêtes in kwestie is jaarlijks een totaal budget van circa 90 000 EUR beschikbaar.

Het maximale aantal begunstigden is 3.

4.3   Percentage van de medefinanciering door de Gemeenschap

Het aandeel van de Commissie in de medefinanciering van de enquêtes mag niet meer bedragen dan 50 % van de subsidiabele kosten die de begunstigde per enquête maakt.

4.4   Financiering van de actie door de begunstigde en gemaakte subsidiabele kosten

Er kunnen pas subsidiabele kosten worden gemaakt nadat de subsidieovereenkomst door alle partijen is ondertekend, behalve in uitzonderlijke gevallen. De subsidiabele kosten mogen echter in geen geval zijn gemaakt vóór de datum waarop de subsidieaanvraag is ingediend. Bijdragen in natura zijn geen subsidiabele kosten.

Van de begunstigde zal worden verlangd dat hij een gedetailleerde, in EURO uitgedrukte raming van de kosten en de financiering van de actie indient. Deze raming zal als bijlage aan de subsidieovereenkomst worden gehecht. Deze cijfergegevens kunnen later eventueel voor controledoeleinden worden gebruikt door de Commissie.

5.   SUBSIDIABILITEITSCRITERIA

5.1   Juridische status van de aanvrager

De oproep is gericht tot de organisaties/instellingen (juridische entiteiten) die in een van de EU-lidstaten, dan wel in een van de toetredingslanden of kandidaat-lidstaten rechtspersoonlijkheid bezitten. De aanvragers moeten aantonen dat zij rechtspersoonlijkheid bezitten en daarvan het vereiste bewijs leveren door middel van het standaardformulier „Juridische entiteit”.

5.2   Uitsluitingsgronden

Van subsidiëring worden uitgesloten, aanvragers die: (1)

a)

in staat van faillissement, vereffening, akkoord of surseance van betaling verkeren of wier faillissement is aangevraagd of tegen wie een procedure van vereffening, akkoord of surseance van betaling loopt, dan wel die hun werkzaamheden hebben gestaakt of in een vergelijkbare toestand verkeren als gevolg van een soortgelijke procedure krachtens de nationale wet- en regelgeving;

b)

bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde zijn veroordeeld voor een delict dat hun beroepsmoraliteit in het gedrang brengt;

c)

in de uitoefening van hun beroep een ernstige fout hebben begaan, vastgesteld op elke grond die de aanbestedende diensten aannemelijk kunnen maken;

d)

niet hebben voldaan aan hun verplichtingen tot betaling van socialezekerheidsbijdragen of belastingen volgens de wetgeving van het land waar zij zijn gevestigd, van het land van de aanbestedende dienst of van het land waar de opdracht moet worden uitgevoerd;

e)

bij een rechterlijke beslissing met kracht van gewijsde zijn veroordeeld voor fraude, corruptie, deelname aan een criminele organisatie of enige andere illegale activiteit die de financiële belangen van de Gemeenschappen schaadt;

f)

na de procedure voor de plaatsing van een andere opdracht of de procedure voor de toekenning van een subsidie uit de communautaire begroting ernstig in gebreke zijn gesteld wegens niet-nakoming van hun contractuele verplichtingen;

g)

in een belangenconflict verkeren;

h)

valse verklaringen hebben afgelegd in de verlangde inlichtingen of deze inlichtingen niet hebben verstrekt.

De aanvragers moeten aan de hand van het standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit” bewijzen dat zij niet in een van de in punt 5.2 genoemde situaties verkeren.

5.3   Administratieve en financiële sancties

1.

Onverminderd de toepassing van contractuele sancties worden gegadigden of inschrijvers die zich schuldig hebben gemaakt aan valse verklaringen of die ernstig in gebreke zijn gebleven ten aanzien van hun contractuele verplichtingen in het kader van een eerdere opdracht, uitgesloten van alle uit hoofde van de communautaire begroting gefinancierde opdrachten en subsidies gedurende maximaal twee jaar vanaf de vaststelling van de na een contradictoire dialoog met de contractant bevestigde overtreding. De duur van de uitsluiting kan op drie jaar worden gebracht in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding.

Inschrijvers of gegadigden die zich schuldig hebben gemaakt aan valse verklaringen, worden bovendien bestraft met financiële sancties ter grootte van 2 tot 10 % van het totaalbedrag van de te gunnen opdracht.

Contractanten die in gebreke zijn gesteld omdat zij ernstig zijn tekortgeschoten bij de nakoming van hun contractuele verplichtingen, worden eveneens bestraft met financiële sancties van 2 tot 10 % van de totale contractwaarde. Dit percentage kan op 4 tot 20 % worden gebracht in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding.

2.

In de in punt 5.2, onder a), c) en d), bedoelde gevallen worden de gegadigden of inschrijvers van de toekenning van opdrachten en subsidies uitgesloten gedurende ten hoogste twee jaar te rekenen vanaf de vaststelling van de overtreding, wanneer die is bevestigd na een contradictoire dialoog met de contractant.

In de in punt 5.2, onder b) en e), bedoelde gevallen worden de gegadigden of inschrijvers van de toekenning van opdrachten en subsidies uitgesloten gedurende ten minste één jaar en ten hoogste vier jaar te rekenen vanaf de kennisgeving van de rechterlijke beslissing.

De duur van de uitsluiting kan oplopen tot vijf jaar in geval van recidive binnen vijf jaar na de eerste overtreding of de eerste rechterlijke beslissing.

3.

De in punt 5.2, onder e), bedoelde gevallen omvatten:

a)

fraudegevallen zoals bedoeld in artikel 1 van de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen, vastgesteld bij besluit van de Raad van 26 juli 1995;

b)

corruptiegevallen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Overeenkomst ter bestrijding van corruptie waarbij ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de lidstaten van de Europese Unie betrokken zijn, zoals vastgesteld bij besluit van de Raad van 26 mei 1997;

c)

gevallen van deelneming aan een criminele organisatie, zoals omschreven in artikel 2, lid 1, van Gemeenschappelijk optreden 98/733/JBZ van de Raad;

d)

gevallen van witwassen van geld, zoals omschreven in artikel 1 van Richtlijn 91/308/EEG van de Raad.

6.   SELECTIECRITERIA

De aanvrager moet over stabiele en toereikende financieringsbronnen beschikken om zijn werkzaamheden tijdens de gehele uitvoeringstermijn van de actie te kunnen blijven uitoefenen. Hij moet over de vereiste vak- en beroepsbekwaamheid beschikken om de voorgestelde actie of het voorgestelde werkprogramma tot een goed einde te brengen.

6.1   Financiële draagkracht van de aanvrager

De aanvrager moet over de vereiste financiële draagkracht beschikken om de voorgestelde actie tot een goed einde te brengen en moet de balansen en winst- en verliesrekeningen van de laatste twee afgesloten boekjaren verstrekken. Deze bepaling geldt niet voor overheidsinstellingen en internationale organisaties.

6.2   Operationele capaciteit van de aanvrager

De aanvrager moet over de vereiste operationele capaciteit beschikken om de voorgestelde actie tot een goed einde te brengen en dit met passende bewijsstukken aantonen.

De bekwaamheid van de aanvrager zal aan de volgende criteria worden getoetst:

ten minste drie jaar bewezen ervaring met de voorbereiding en uitvoering van kwalitatieve conjunctuurenquêtes;

bewezen ervaring op ten minste een van de volgende terreinen:

1)

evaluatie van resultaten van conjunctuurenquêtes, methodische aspecten (steekproeven, vragenlijsten en programmering) en analyse;

2)

opstellen van indicatoren op basis van resultaten van conjunctuurenquêtes;

3)

gebruik van resultaten van conjunctuurenquêtes voor analyse en conjunctureel en macro-economisch onderzoek op basis van statistische en econometrische methoden, inclusief sectorale analyse;

4)

econometrische modellen en andere prognosehulpmiddelen;

bekwaamheid om de methoden van het Geharmoniseerd programma van conjunctuurenquêtes van de EU toe te passen en om zich naar de instructies van de Commissie te richten: in acht nemen van de maandelijkse termijnen voor de toezending van de resultaten en het enquêteprogramma op verzoek van de diensten van de Commissie verbeteren of aanpassen in overeenstemming met de afspraken die op de coördinatievergaderingen met vertegenwoordigers van de medewerkende organisaties/instellingen zijn gemaakt.

7.   GUNNINGSCRITERIA

De enquêtes zullen aan de geselecteerde gegadigden worden gegund op basis van de volgende criteria:

de mate van deskundigheid en ervaring van de gegadigde op de in punt 6.2 genoemde terreinen;

de doeltreffendheid van de voorgestelde enquêtemethode (steekproefontwerp, steekproefomvang, dekkingsgraad, antwoordpercentage enz.);

de bekwaamheid van de gegadigde en zijn kennis van de specifieke karakteristieken van de sector en van het land waar de enquête(s) zal/zullen worden uitgevoerd;

de doeltreffendheid van de werkorganisatie van de gegadigde op het gebied van flexibiliteit, infrastructuur, gekwalificeerd personeel en uitrusting voor de uitvoering van de taken, de toezending van de resultaten, de deelneming aan de voorbereiding van de enquêtes in het kader van het Geharmoniseerd programma en de contacten met de diensten van de Commissie;

de kosten/batenverhouding.

8.   PROCEDURE VOOR DE INDIENING VAN PROJECTEN

8.1   Voorwaarden voor de presentatie en indiening van voorstellen

De voorstellen moeten het ingevuld en ondertekend standaard subsidieaanvraagformulier bevatten, alsmede alle in het formulier genoemde bewijsstukken.

Elk voorstel moet uit drie delen bestaan:

een administratief dossier;

een technisch dossier;

een financieel dossier.

De volgende standaardformulieren kunnen bij de Commissie worden verkregen:

een standaard subsidieaanvraagformulier

een model van een kostenraming voor het verstrekken van een schatting van de enquêtekosten en een financieringsplan;

een standaardformulier „Financiële identificatie”;

een standaardformulier „Juridische entiteit”;

een standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit”;

een standaardformulier „Bereidheidsverklaring tot ondertekening van de standaardsubsidieovereenkomst”;

een standaardformulier inzake uitbesteding;

alsook documenten met betrekking tot de financiële aspecten van de subsidie:

een vademecum voor de opstelling van financiële ramingen en financiële staten;

een model van de subsidieovereenkomst.

a)

Deze documenten kunnen worden gedownload van het volgende internetadres:

http://ec.europa.eu/economy_finance/tenders/2006/call2006_5en.htm.

b)

Ingeval het niet mogelijk is gebruik te maken van bovenstaande optie, kunnen de documenten schriftelijk worden aangevraagd bij de:

Europese Commissie

Directoraat-generaal ECFIN

Eenheid ECFIN-A-3 (Conjunctuuronderzoek)

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-02

BU-1 3/146

B-1049 Brussel

Fax: (32-2) 296 36 50

E-mail: ecfin-bcs-mail@ec.europa.eu

De Commissie behoudt zich het recht voor deze standaarddocumenten te wijzigen overeenkomstig de behoeften van het Geharmoniseerd programma en/of de vereisten van het beheer van de begrotingsmiddelen.

De voorstellen moeten in een van de officiële talen van de Europese Gemeenschap worden ingediend, eventueel vergezeld van een Engelse, Franse of Duitse versie.

De aanvrager moet een ondertekend origineel en twee kopieën van het voorstel verstrekken.

De voorstellen moeten worden ingediend in een dubbele enveloppe.

Op de buitenste enveloppe moet het onder punt 8.3 opgegeven adres worden vermeld.

Op de binnenste gesloten enveloppe met het voorstel moet worden vermeld: „Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-02 — Mag niet door de postkamer worden geopend”.

De gegadigden zal door middel van de aangetekende terugzending van het desbetreffende formulier worden meegedeeld dat hun zending is geregistreerd.

8.2   Inhoud van de voorstellen

8.2.1   Administratief dossier

Het administratieve dossier moet de volgende stukken bevatten:

een ondertekend standaard subsidieaanvraagformulier;

een naar behoren ingevuld en ondertekend standaardformulier „Juridische entiteit” en de verlangde bewijsstukken die de juridische status van de organisatie of instelling aantonen;

een naar behoren ingevuld en ondertekend standaardformulier „Financiële identificatie”;

een ondertekend standaardformulier „Verklaring inzake subsidiabiliteit”;

het organisatieschema van de organisatie of instelling (met vermelding van de naam en functie van de personen met een bestuursfunctie) en van de operationele dienst die verantwoordelijk is voor het houden van de enquêtes;

een ondertekend standaardformulier waarmee de organisatie of instelling zich bereid verklaart de subsidieovereenkomst te ondertekenen indien zij wordt geselecteerd;

het bewijs dat de organisatie of instelling financieel gezond is: hiertoe moeten de balansen en winst- en verliesrekeningen van de laatste twee afgesloten boekjaren worden bijgevoegd.

8.2.2   Technisch dossier

Het technische dossier moet de volgende stukken bevatten:

een beschrijving van de werkzaamheden van de organisatie of instelling. Deze beschrijving moet het mogelijk maken de bekwaamheid, alsook de omvang en de duur van de ervaring op de in punt 6.2 genoemde terreinen te beoordelen. In de beschrijving dienen vroegere studies, dienstverleningscontracten, adviesopdrachten, enquêtes, publicaties en andere werkzaamheden te worden genoemd, onder vermelding van de naam van de opdrachtgever(s); in het bijzonder dienen de eventueel voor rekening van de Europese Commissie uitgevoerde opdrachten te worden vermeld; tevens moeten de meest relevante studies en/of resultaten worden bijgevoegd;

een gedetailleerde beschrijving van de operationele organisatie voor het houden van de enquêtes. Alle dienstige stukken betreffende de infrastructuur, de uitrusting, de middelen en het gekwalificeerd personeel (beknopte cv's) waarover de aanvrager beschikt, moeten worden bijgevoegd;

een gedetailleerde beschrijving van de enquêtemethoden: steekproefmethoden, steekproeffouten en betrouwbaarheidsintervallen, steekproefgrootte, dekkingsgraad en geraamd antwoordpercentage;

een naar behoren ingevuld standaardformulier met vermelding van de subcontractanten die bij de actie betrokken zijn, waarbij een gedetailleerde beschrijving wordt gegeven van de taken die zullen worden uitbesteed.

8.2.3   Financieel dossier

Het financiële dossier moet de volgende stukken bevatten:

voor elke enquête: een naar behoren ingevulde en gedetailleerde kostenraming (in euro) die betrekking heeft op een periode van 16 maanden en die een financieringsplan voor de actie bevat, alsmede een gedetailleerd overzicht van de totale subsidiabele kosten en de subsidiabele kosten per eenheid voor de uitvoering van de enquête, met inbegrip van de kosten voor uitbesteding;

in voorkomend geval, een attest dat de organisatie of instelling niet BTW-plichtig is;

in voorkomend geval, een document waaruit de financiële bijdrage van andere organisaties (medefinanciering) blijkt.

8.3   Adres en uiterste datum voor indiening van voorstellen

Gegadigden die belangstelling hebben voor deze oproep tot het indienen van voorstellen, wordt verzocht hun subsidieaanvragen bij de Europese Commissie in te dienen.

Aanvragen kunnen worden ingediend:

a)

hetzij per aangetekende brief of via particuliere besteldienst tot uiterlijk 25 september 2006 (de datum van het poststempel geldt als bewijs) op onderstaand adres:

per aangetekende brief:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-02

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

B-1049 Brussel

via particuliere besteldienst:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-02

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

Genèvestraat 1

B-1140 Brussel (Evere)

b)

hetzij door afgifte op de centrale postdienst van de Europese Commissie op onderstaand adres (rechtstreeks of via elke door de aanvrager daartoe gemachtigde persoon, inclusief via particuliere besteldiensten):

Europese Commissie

Directoraat-generaal Economische en financiële zaken

ter attentie van de heer Jean-Pierre RAES

Oproep tot het indienen van voorstellen — ECFIN/2006/A3-02

Eenheid R2, kamer BU1 — 3/13

Genèvestraat 1

B-1140 Brussel (Evere)

uiterlijk op 25 september om 16.00 uur (Brusselse tijd). In dat geval geldt als bewijs van afgifte het ontvangstbewijs dat is gedateerd en ondertekend door de ambtenaar van de bovengenoemde dienst die de documenten in ontvangst heeft genomen.

Aanvragen die de Commissie na de uiterste datum ontvangt, worden niet in aanmerking genomen.

9.   WAT GEBEURT ER MET DE ONTVANGEN AANVRAGEN?

Alle aanvragen worden gecontroleerd om na te gaan of zij aan de formele subsidiabiliteitscriteria voldoen.

Voorstellen die als subsidiabel worden aangemerkt, worden beoordeeld en gequoteerd op basis van de hierboven gespecificeerde gunningscriteria.

De Commissie zal de voorstellen in de loop van de maanden oktober en november 2006 selecteren. Hiertoe zal een selectiecomité worden ingesteld onder leiding van de directeur-generaal van het directoraat-generaal Economische en financiële zaken. Dit comité zal bestaan uit ten minste drie personen die ten minste twee verschillende gespecialiseerde eenheden vertegenwoordigen welke ten opzichte van elkaar niet in een hiërarchische verhouding staan. Het comité zal een eigen secretariaat hebben voor de communicatie met de uiteindelijk geselecteerde gegadigden. Niet-geselecteerde gegadigden zullen eveneens persoonlijk bericht ontvangen.

10.   BELANGRIJKE OPMERKINGEN

Deze oproep tot het indienen van voorstellen houdt in geen geval een contractuele verbintenis in van de Commissie jegens de organisaties/instellingen die als gevolg van deze aankondiging een voorstel indienen. Alle contacten betreffende de oproep moeten schriftelijk verlopen.

Aanvragers dienen nota te nemen van de contractuele bepalingen: deze zullen moeten worden nageleefd wanneer de subsidie wordt toegekend.


(1)  Overeenkomstig de artikelen 93 en 94 van het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen.