European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2026/1726

14.7.2026

BESLUIT (GBVB) 2026/1726 VAN DE RAAD

van 13 juli 2026

tot benoeming van de speciale vertegenwoordiger van de Europese Unie voor Kosovo (*1)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 33, in samenhang met artikel 31, lid 2,

Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 4 februari 2008 heeft de Raad besloten een speciale vertegenwoordiger van de Europese Unie (SVEU) voor Kosovo te benoemen.

(2)

Op 26 juli 2024 heeft de Raad Besluit (GBVB) 2024/2084 (1) vastgesteld, waarbij de heer Aivo ORAV werd benoemd tot SVEU voor Kosovo voor de periode van 1 september 2024 tot en met 31 augustus 2026.

(3)

Er moet een SVEU worden benoemd tot SVEU voor Kosovo voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028.

(4)

De SVEU zal het mandaat uitvoeren in een mogelijk verslechterende situatie die de verwezenlijking van de doelstellingen van het externe optreden van de Unie, als geformuleerd in artikel 21 van het Verdrag, kan hinderen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Speciale vertegenwoordiger van de Europese Unie

De heer Dirk SCHÜBEL wordt benoemd tot speciale vertegenwoordiger van de Europese Unie (SVEU) voor Kosovo voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028. De Raad kan, op basis van een beoordeling door het Politiek en Veiligheidscomité (PVC) en op voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (de “hoge vertegenwoordiger”), besluiten dat het mandaat van de SVEU wordt verlengd of eerder wordt beëindigd.

Artikel 2

Beleidsdoelstellingen

Het mandaat van de SVEU is gebaseerd op de volgende beleidsdoelstellingen van de Unie in Kosovo:

a)

vervullen van een leidende rol bij het bevorderen van een stabiel, levensvatbaar, vreedzaam, democratisch en multi-etnisch Kosovo dat betrokken is bij regionale samenwerking;

b)

versterken van de stabiliteit in de regio en bijdragen tot regionale samenwerking in het algemeen en goede nabuurschapsbetrekkingen in de Westelijke Balkan;

c)

bevorderen van een Kosovo dat hecht aan de rechtsstaat en aan de bescherming van minderheden en van het cultureel en religieus erfgoed;

d)

ondersteunen van het Europees perspectief van Kosovo en de toenadering van Kosovo tot de Unie conform het perspectief van de regio en in overeenstemming met de Stabilisatie- en associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en Kosovo, anderzijds (2) (de “stabilisatie- en associatieovereenkomst”) en Besluit (EU) 2015/1988 van de Raad (3), en conform de Raadsconclusies ter zake.

Artikel 3

Mandaat

Ter verwezenlijking van de beleidsdoelstellingen omvat het mandaat van de SVEU het volgende:

a)

ondersteunen van het Europees perspectief van Kosovo en de toenadering van Kosovo tot de Unie conform het regionale perspectief en in overeenstemming met de stabilisatie- en associatieovereenkomst en met Besluit (EU) 2015/1988, en conform de Raadsconclusies ter zake, via gerichte communicatie met het publiek en outreach-activiteiten van de Unie met het oog op meer begrip en een groter draagvlak bij de bevolking van Kosovo in kwesties die de Unie betreffen, ook met betrekking tot de activiteiten van de rechtsstaatmissie van de Europese Unie in Kosovo (EULEX KOSOVO);

b)

met alle middelen en instrumenten die ter beschikking van de SVEU staan en met de steun van het kantoor van de Unie in Kosovo de vooruitgang met betrekking tot de politieke, de economische en de Europese prioriteiten, waaronder op het gebied van veiligheid en buitenlandse informatiemanipulatie en inmenging, monitoren, ondersteunen en faciliteren, overeenkomstig de respectieve institutionele bevoegdheden en verantwoordelijkheden; de uitvoering van de stabilisatie- en associatieovereenkomst ondersteunen, onder meer via de Europese hervormingsagenda;

c)

in overeenstemming met het mensenrechtenbeleid van de Unie en de richtsnoeren van de Unie inzake mensenrechten, bijdragen tot de ontwikkeling en bestendiging van het respect voor de mensenrechten en de fundamentele vrijheden in Kosovo, mede ten aanzien van vrouwen en kinderen, gender, diversiteit, inclusie en de bescherming van minderheden;

d)

de algehele politieke coördinatie van de Unie in Kosovo behartigen;

e)

de aanwezigheid van de Unie in Kosovo versterken en zorgen voor de samenhang, doeltreffendheid en zichtbaarheid ervan; de strategie voor publieke communicatie van de Unie in Kosovo coördineren, onder meer door nauw samen te werken met de SVEU voor de dialoog tussen Belgrado en Pristina en het hoofd van EULEX KOSOVO;

f)

plaatselijke politieke aansturing geven aan het hoofd van EULEX KOSOVO, onder meer over de politieke aspecten van aangelegenheden in verband met de uitvoeringsbevoegdheden van de missie en over de uiteindelijke overdracht van zijn activiteiten aan de SVEU of het kantoor van de Unie in Kosovo en/of de plaatselijke autoriteiten, naargelang het geval en indien de plaatselijke omstandigheden dat mogelijk maken;

g)

waar nodig steun verlenen aan de door de hoge vertegenwoordiger gefaciliteerde dialoog tussen Belgrado en Pristina, met de nadruk op het bevorderen van een gunstig klimaat voor het proces; de SVEU voor de dialoog tussen Belgrado en Pristina advies en expertise verlenen over de plaatselijke politieke omstandigheden;

h)

in voorkomend geval het mandaat van de gespecialiseerde kamers en het gespecialiseerd openbaar ministerie ondersteunen in samenwerking met EULEX KOSOVO, ook door middel van communicatie en outreach.

Artikel 4

Uitvoering van het mandaat

1.   De SVEU is, onder het gezag van de hoge vertegenwoordiger, verantwoordelijk voor de uitvoering van het mandaat.

2.   Het PVC onderhoudt een bevoorrechte relatie met de SVEU en vormt het eerste contactpunt van de SVEU met de Raad. Onverminderd de bevoegdheden van de hoge vertegenwoordiger, biedt het PVC de SVEU strategische en politieke sturing in het kader van zijn of haar mandaat.

3.   De SVEU coördineert zijn werkzaamheden met de bevoegde afdelingen van de Europese Dienst voor extern optreden (EDEO).

Artikel 5

Financiering

1.   Het financieel referentiebedrag voor de uitgaven in verband met het mandaat van de SVEU (de “uitgaven”) voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028 bedraagt 5 710 846,74 EUR.

2.   De uitgaven worden beheerd volgens de procedures en voorschriften die van toepassing zijn op de algemene begroting van de Unie.

3.   Voor het uitgavenbeheer wordt een overeenkomst gesloten tussen de SVEU en de Commissie. De SVEU legt over alle uitgaven verantwoording af aan de Commissie.

Artikel 6

Samenstelling van het team van de SVEU

1.   Binnen de grenzen van het mandaat van de SVEU en de daartoe vrijgemaakte financiële middelen is de SVEU verantwoordelijk voor het vormen van een team. In het team moet de door het mandaat vereiste deskundigheid inzake specifieke beleidsvraagstukken aanwezig zijn. De SVEU brengt de Raad en de Commissie telkens onmiddellijk op de hoogte van de samenstelling van het team.

2.   De lidstaten, de instellingen van de Unie en de EDEO kunnen voorstellen personeel te detacheren bij de SVEU. De bezoldiging van het gedetacheerde personeel komt ten laste van de lidstaat, van de instelling van de Unie of van de EDEO, naargelang het geval. Deskundigen die door de lidstaten bij de instellingen van de Unie of bij de EDEO zijn gedetacheerd, kunnen eveneens ter samenwerking aan de SVEU worden toegewezen. Internationaal aangeworven personeel moet de nationaliteit van een lidstaat hebben.

3.   Al het gedetacheerde personeel blijft onder het administratieve gezag van de detacherende lidstaat, van de betrokken instelling van de Unie of van de EDEO en voert zijn taken uit en handelt in het belang van het mandaat van de SVEU.

4.   Het personeel van de SVEU wordt op dezelfde locatie als het EU-kantoor in Kosovo gevestigd, teneinde te zorgen voor samenhang en consistentie van hun respectieve activiteiten.

Artikel 7

Voorrechten en immuniteiten van de SVEU en van de leden van het team van de SVEU

De voorrechten, immuniteiten en andere garanties die noodzakelijk zijn voor de uitvoering en het goed verloop van het mandaat van de SVEU en voor het team van de SVEU, worden naargelang het geval met de ontvangende partij overeengekomen. De lidstaten en de EDEO verlenen daartoe alle nodige steun.

Artikel 8

Beveiliging van gerubriceerde EU-informatie

1.   De SVEU en de leden van het team van de SVEU leven de in Besluit 2013/488/EU van de Raad (4) vastgelegde beginselen en minimumnormen inzake beveiliging na.

2.   De hoge vertegenwoordiger wordt gemachtigd om gerubriceerde informatie en documenten van de EU tot op het niveau “CONFIDENTIEL UE/EU CONFIDENTIAL”, die ten behoeve van het optreden zijn opgesteld, vrij te geven aan de NAVO/KFOR, overeenkomstig de beveiligingsvoorschriften van de Raad voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie.

3.   De hoge vertegenwoordiger wordt gemachtigd om, naargelang de operationele behoeften van de SVEU, gerubriceerde informatie en documenten van de EU tot op het niveau “RESTREINT UE/EU RESTRICTED”, die ten behoeve van het optreden zijn opgesteld, vrij te geven aan de Verenigde Naties en aan de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, overeenkomstig de beveiligingsvoorschriften van de Raad voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie. Daartoe worden plaatselijke regelingen uitgewerkt.

4.   De hoge vertegenwoordiger wordt gemachtigd om niet-gerubriceerde documenten van de EU betreffende de beraadslagingen van de Raad over het optreden die onder de geheimhoudingsplicht op grond van artikel 6, lid 1, van het reglement van orde van de Raad (5) vallen, vrij te geven aan derden die bij dit besluit betrokken zijn.

Artikel 9

Toegang tot informatie en logistieke steun

1.   De lidstaten, de Commissie, de EDEO en het secretariaat-generaal van de Raad zorgen ervoor dat de SVEU toegang krijgt tot alle relevante informatie.

2.   Het EU-kantoor en/of de lidstaten, naargelang van het geval, verlenen logistieke steun aan de SVEU en de leden van het SVEU-team.

Artikel 10

Beveiliging

Overeenkomstig het beleid van de Unie inzake de beveiliging van personeel dat op grond van titel V van het Verdrag wordt ingezet in operaties buiten de Unie, neemt de SVEU alle redelijkerwijs haalbare maatregelen voor de beveiliging van het personeel dat rechtstreeks onder het gezag van de SVEU staat, overeenkomstig het mandaat van de SVEU en de veiligheidssituatie in het gebied waarvoor de SVEU verantwoordelijk is, met name door:

a)

een specifiek veiligheidsplan op basis van richtsnoeren van de EDEO op te stellen dat onder meer specifieke fysieke, organisatorische en procedurele beveiligingsmaatregelen voor het beheer van veilige personeelsbewegingen naar en binnen het gebied waarvoor de SVEU verantwoordelijk is en het beheer van veiligheidsincidenten omvat, en voorziet in een nood- en evacuatieplan;

b)

ervoor te zorgen dat alle buiten de Unie ingezette personeelsleden gedekt zijn door een op de omstandigheden in het gebied waarvoor de SVEU verantwoordelijk is afgestemde verzekering tegen grote risico’s;

c)

ervoor te zorgen dat alle buiten de Unie in te zetten leden van het team van de SVEU, ook het ter plaatse aangeworven personeel, voor of bij aankomst in het gebied waarvoor de SVEU verantwoordelijk is, een passende beveiligingsopleiding hebben genoten, gebaseerd op de risicoklasse waarin dat gebied door de EDEO is ingedeeld;

d)

ervoor te zorgen dat alle naar aanleiding van de geregelde beveiligingsbeoordelingen overeengekomen aanbevelingen worden opgevolgd, en aan de Raad, de hoge vertegenwoordiger en de Commissie schriftelijk verslag uit te brengen over de uitvoering daarvan en over andere veiligheidskwesties in het kader van de regelmatige voortgangsverslagen en een uitvoerig eindverslag over de uitvoering van het mandaat als bedoeld in artikel 15.

Artikel 11

Rapportage

De SVEU brengt regelmatig verslag uit aan de hoge vertegenwoordiger en aan het PVC. De SVEU brengt zo nodig tevens verslag uit aan de werkgroepen van de Raad. De geregelde verslagen worden verspreid via het Coreu-netwerk. De SVEU kan de Raad Buitenlandse Zaken verslagen voorleggen. De SVEU kan worden ingeschakeld bij de informatieverstrekking aan het Europees Parlement.

Artikel 12

Coördinatie

1.   De SVEU draagt bij tot de eenheid, de samenhang en de doeltreffendheid van het optreden van de Unie en helpt ervoor te zorgen dat alle instrumenten van de Unie en alle acties van de lidstaten op consistente wijze worden ingezet teneinde de beleidsdoelstellingen van de Unie te verwezenlijken. Indien nodig wordt overlegd met de lidstaten. De activiteiten van de SVEU worden, naargelang het geval, gecoördineerd met die van de Commissie en met die van de andere SVEU’s die actief zijn in de regio. De SVEU verstrekt regelmatig informatie aan de missies van de lidstaten en aan de delegaties van de Unie.

2.   Ter plaatse worden nauwe contacten onderhouden met de hoofden van de delegaties van de Unie in de regio en de missiehoofden van de lidstaten. Zij doen alles wat in hun vermogen ligt om de SVEU bij te staan bij de uitvoering van het mandaat. De SVEU geeft plaatselijke politieke aansturing aan het hoofd van EULEX KOSOVO, ook betreffende de politieke aspecten van aangelegenheden in verband met uitvoeringsbevoegdheden. De SVEU en de commandant van de civiele operatie plegen, indien nodig, overleg. De SVEU werkt nauw samen met de SVEU voor de dialoog tussen Belgrado en Pristina en verleent advies en expertise over de plaatselijke politieke omstandigheden. De SVEU onderhoudt eveneens contacten met relevante plaatselijke instanties en andere internationale en regionale actoren ter plaatse.

3.   De SVEU draagt samen met de andere ter plaatse aanwezige actoren van de Unie zorg voor de verspreiding en uitwisseling van informatie onder de actoren van de Unie ter plaatse, opdat een hoge mate van gemeenschappelijk situatiebewustzijn en gemeenschappelijke situatiebeoordeling wordt bewerkstelligd.

Artikel 13

Subrogatie

Met het oog op de naleving van de juridische verbintenissen die de vorige SVEU’s voor Kosovo zijn aangegaan met betrekking tot hun teamleden en de aankoop van werken, leveringen of diensten of de huur van de grond, gebouwen en andere onroerende goederen, treedt de SVEU in de plaats van de vorige SVEU’s en neemt hij of zij de rechten en verplichtingen van de vorige SVEU’s op zich, met uitzondering van verplichtingen die voortvloeien uit ernstig wangedrag, waarvoor de vorige SVEU’s als enige verantwoordelijk blijven.

Artikel 14

Toegang tot documenten en gegevensbescherming

1.   De SVEU past de in Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (6) vastgelegde regels toe, alsmede de uitvoeringsvoorschriften van het besluit van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 6 maart 2025 (7).

2.   De SVEU beschermt natuurlijke personen in verband met de verwerking van hun persoonsgegevens overeenkomstig de in Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad (8) vastgelegde regels en overeenkomstig de door de hoge vertegenwoordiger voor de EDEO vastgestelde uitvoeringsvoorschriften.

Artikel 15

Evaluatie

De uitvoering van dit besluit en de samenhang ervan met andere bijdragen van de Unie in de regio worden op gezette tijden geëvalueerd. De SVEU legt de Raad, de hoge vertegenwoordiger en de Commissie regelmatig voortgangsverslagen, en uiterlijk op 31 mei 2028 een uitvoerig eindverslag over de uitvoering van het mandaat voor.

Artikel 16

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.

Gedaan te Brussel, 13 juli 2026.

Voor de Raad

De voorzitter

K. KALLAS


(*1)  Deze benaming laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet, en is in overeenstemming met Resolutie 1244 (1999) van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo.

(1)  Besluit (GBVB) 2024/2084 van de Raad van 26 juli 2024 tot benoeming van de speciale vertegenwoordiger van de Europese Unie voor Kosovo (PB L, 2024/2084 van 29.7.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/2084/oj).

(2)   PB L 71 van 16.3.2016, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2016/342/oj.

(3)  Besluit (EU) 2015/1988 van de Raad van 22 oktober 2015 betreffende de ondertekening, namens de Unie, van de stabilisatie- en associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en Kosovo, anderzijds (PB L 290 van 6.11.2015, blz. 4, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2015/1988/oj).

(4)  Besluit van de Raad 2013/488/EU van 23 september 2013 betreffende de beveiligingsvoorschriften voor de bescherming van gerubriceerde EU-informatie (PB L 274 van 15.10.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2013/488/oj).

(5)  Besluit 2009/937/EU van de Raad van 1 december 2009 houdende vaststelling van zijn reglement van orde (PB L 325 van 11.12.2009, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2009/937/oj).

(6)  Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2001/1049/oj).

(7)  Besluit van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van 6 maart 2025 over de regels betreffende de behandeling van verzoeken om toegang van het publiek tot documenten die in het bezit zijn van speciale vertegenwoordigers van de EU (PB C, C/2025/1951, 31.3.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1951/oj).

(8)  Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1725/oj).


ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2026/1726/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)