European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2026/1352

18.6.2026

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2026/1352 VAN DE COMMISSIE

van 17 juni 2026

tot verlening van toelating van de Unie voor de biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (1), en met name artikel 44, lid 5, eerste alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 27 september 2016 is door Ecolab Deutschland GmbH bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (“het Agentschap”) overeenkomstig artikel 43, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 en artikel 4 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 414/2013 van de Commissie (2) een aanvraag ingediend tot toelating van de Unie voor dezelfde biocidefamilie, als bedoeld in artikel 1 van Verordening (EU) nr. 414/2013, met als naam “Ecolab GA 24-50 BPF”, behorende tot de productsoorten 6, 11 en 12, zoals omschreven in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012. De aanvraag is in het biocidenregister geregistreerd onder zaaknummer BC-QJ027133-44. In de aanvraag werd verwezen naar de biocidefamilie “GA 24-50 BPF”, die bij Uitvoeringsverordening (EU) 2025/1906 van de Commissie (3) is toegelaten met toelatingsnummer EU-0030162-0000.

(2)

De biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” bevat glutaaraldehyde als werkzame stof; die stof is voor de productsoorten 6, 11 en 12 opgenomen in de Unielijst van goedgekeurde werkzame stoffen, als bedoeld in artikel 9, lid 2, van Verordening (EU) nr. 528/2012.

(3)

Op 2 juni 2025 heeft het Agentschap in alle officiële talen van de Unie bij de Commissie zijn advies (4) ingediend overeenkomstig artikel 6 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 414/2013 en de ontwerpsamenvatting van de productkenmerken voor “Ecolab GA 24-50 BPF” overeenkomstig artikel 44, lid 4, van Verordening (EU) nr. 528/2012.

(4)

In zijn advies heeft het agentschap geconcludeerd dat de voorgestelde verschillen tussen de biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” en de verwante referentiebiocidefamilie “GA 24-50 BPF” louter betrekking hebben op informatie die overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) nr. 354/2013 van de Commissie (5) het voorwerp van een administratieve wijziging kan zijn, en dat dezelfde biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” op basis van de beoordeling van de verwante referentiebiocidefamilie “GA 24-50 BPF” en onder voorbehoud van overeenstemming met de ontwerpsamenvatting van productkenmerken, voldoet aan de in artikel 19, lid 6, van Verordening (EU) nr. 528/2012 gestelde voorwaarden.

(5)

De Commissie is het eens met het advies van het Agentschap en acht het daarom passend een toelating van de Unie voor dezelfde biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” te verlenen.

(6)

De vervaldatum van de toelating moet worden afgestemd op de vervaldatum van de toelating voor de verwante referentiebiocidefamilie “GA 24-50 BPF”.

(7)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor biociden,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Aan Ecolab Deutschland GmbH wordt hierbij een toelating van de Unie met toelatingsnummer EU-0035028-0000 verleend voor het op de markt aanbieden en het gebruik van dezelfde biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF”, overeenkomstig de in de bijlage vastgestelde samenvatting van de productkenmerken.

De toelating van de Unie is geldig van 8 juli 2026 tot en met 30 september 2030.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 17 juni 2026.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2012/528/oj.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 414/2013 van de Commissie van 6 mei 2013 tot vaststelling van de procedure voor de toelating van dezelfde biociden overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 125 van 7.5.2013, blz. 4, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2013/414/oj).

(3)  Uitvoeringsverordening (EU) 2025/1906 van de Commissie van 12 september 2025 tot verlening van toelating van de Unie voor de biocidefamilie GA 24-50 BPF overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 2025/1906, 30.9.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2025/1906/oj).

(4)  Advies van het Europees Agentschap voor chemische stoffen van 2 juni 2025 betreffende de toelating van de Unie voor dezelfde biocidefamilie “Ecolab GA 24-50 BPF” (https://echa.europa.eu/opinions-on-union-authorisation).

(5)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 354/2013 van de Commissie van 18 april 2013 betreffende wijzigingen in overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad toegelaten biociden (PB L 109 van 19.4.2013, blz. 4, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2013/354/oj).


BIJLAGE

Samenvatting van de productkenmerken van een biocidefamilie

Ecolab GA 24-50 BPF

Productsoort(en)

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

PT12: Slimiciden

PT06: Conserveermiddelen voor producten tijdens opslag

Toelatingsnummer EU-0035028-0000

Toelatingsnummer in R4BP EU-0035028-0000

DEEL I

EERSTE INFORMATIENIVEAU

Hoofdstuk 1.   ADMINISTRATIEVE INFORMATIE

1.1.   Familienaam

Naam

Ecolab GA 24-50 BPF

1.2.   Productsoort(en)

Productsoort(en)

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

PT12: Slimiciden

PT06: Conserveermiddelen voor producten tijdens opslag

1.3.   Toelatingshouder

Naam en adres van de houder van de toelating

Naam

Ecolab Deutschland GmbH

Adres

Ecolab Allee 1 40789 Monheim am Rhein Duitsland

Toelatingsnummer

 

EU-0035028-0000

Toelatingsnummer in R4BP

 

EU-0035028-0000

Toelatingsdatum

 

8.7.2026

Vervaldatum

 

30.9.2030

1.4.   Fabrikant(en) van het product

Naam van de fabrikant

Ecolab Europe GmbH

Adres van de fabrikant

Hofwiesenstrasse 349 8050 Zürich Zwitserland

Productielocaties

LABORATOIRES ANIOS 3330 Rue de Lille, 59262 Sainghin en Mélantois Frankrijk

Ecolab Production France SAS BP509, Avenue de Général Patton, 51000 Châlons-en-Champagne Frankrijk

SOLUSCOPE Rue du Fauge 100, ZI Les Paluds, 13400 Aubagne Frankrijk

Ecolab Rozzano, Italy Via A. Grandi 9/11, 20089 Rozzano Italië

NALCO ITALIANA MANUFACTURING SRL Via Vernea 99, 10042 Nichelino Italië

NUOVA FARMEC SRL Via W. Flemming 7, 37026 Settimo di Pescantina (Verona) Italië

Ecolab Mandra, Greece Ecolab Athinon - Thivon old National Rd. (25th KM), - Mandra - Attica Griekenland

Ecolab Weavergate Winnington Avenue CW8 3AA Northwich, Cheshire Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Techtex Units 7&8 Rhodes Business Park Silburn Way Middleton, M24 4NE Manchester Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Ecolab Limited, Baglan ECOLAB CONTAMINATION CONTROL - Baglan Energy Park, Lot 7, Brunel Way, SA11 2G Neath Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Ecolab Bioquell 52 Royce Close, SP10 3TS Portway, Andover Hampshire Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

CID LINES NV, an Ecolab company N.V.Waterpoortstraat 2, 8900 Ieper België

Ecolab B.V.B.A. Industriezone Ravenshout 4, 3980 Tessenderlo België

Nalco Deutschland Manufacturing GmbH und Co.KG Justus-von-Liebig-Str. 11, D-64584 Biebesheim Duitsland

Ecolab Engineering GmbH Raiffeisenstrasse 7, 88313 Siegsdorf Duitsland

Ecolab Mullingar, Ireland Central Forest Park. Zone C - Mullingar Business Park, N91 E1WD Mullingar, Co. Westmeath Ierland

Ecolab d.o.o. Vajngerlova 4, 2000 Maribor Slovenië

Nalco Española Manufacturing, SLU C/ Tramuntana s/n, Polígon Industrial Celrà, 17460 Girona Spanje

NALCO FINLAND MANUFACTURING OY Kivikummuntie 1, FIN-07955 Tesjoki Finland

BRENNTAG Nordic, Vejle Strandgade 35, 7100 Vejle Denemarken

BRENNTAG Nordic, Haslev Høsten Teglværksvej 47, 4690 Haslev Denemarken

BRENNTAG Nordic, Ballerup Borupvang 5B, 2750 Ballerup Denemarken

BRENNTAG NORDIC, Grålum A/S Kalnesveien 1, 1712 Grålum Noorwegen

BRENNTAG NORDIC, Borås A/S Vevgatan 2, 504 64 Borås Zweden

BRENNTAG NORDIC, Frövi A/S Norra Bangatan 38, 718 32 Frövi Zweden

BRENNTAG NORDIC, Kalmar A/S Lotsgatan 1, 392 31 Kalmar Zweden

Brenntag GmbH, Duisburg Am Röhrenwerk 46, 47259 Duisburg Duitsland

Brenntag GmbH, Essen Messeallee 11, 45131 Essen Duitsland

Brenntag GmbH, Frankfurt Carl-Benz-Str. 8, 60314 Frankfurt am Main Duitsland

BRENNTAG GmbH, Glauchau Boschstr. 3, 08371 Glauchau Duitsland

BRENNTAG GmbH, Hamburg Hannoversche Str. 40, 21079 Hamburg Duitsland

BRENNTAG GmbH, Heilbronn Dieselstr. 5, 74076 Heilbronn Duitsland

BRENNTAG GmbH, Kaiserslautern Merkurstr. 47, 67663 Kaiserslautern Duitsland

Brenntag GmbH, Lohfelden Am Fieseler Werk 9, 34253 Lohfelden Duitsland

Brenntag GmbH, München Rupert-Bodner-Str. 20, 81245 München Duitsland

Brenntag GmbH, Plochingen Am Nordseekai 22, 73207 Plochingen Duitsland

Brenntag GmbH, Ulm Magirus-Deutz-Str. 12, 89077 Ulm Duitsland

Brenntag Poland, Góra ul. Pijarska 1, 05-530 Góra Kalwaria Polen

Brenntag Poland, Jankowice Przemysłowa 2, 62-080 Jankowice Polen

Brenntag Poland, Kędzierzyn-Koźle Józefa Bema 21, 47-224 Kędzierzyn-Koźle Polen

Brenntag Poland, Zgierz ul. Kwasowa 5, 95-100 Zgierz Polen

Brenntag Poland, Chropyně Komenského 75, 768 11 Chropyně Tsjechië

Brenntag Poland, Počernice Mezi úvozy 1850/1, 193 00 Praha 9-Horní Počernice Tsjechië

Brenntag Poland, Budapest Bányalég u. 45, 1225 Budapest Hongarije

Brenntag Poland, Com.Chiajna, Jud.Ilfov Str Garii Nr 2 BIS, 77040 Com.Chiajna, Jud.Ilfov Roemenië

Brenntag SRL, Chiajna Drumul Gării 1, 077040 Chiajna Roemenië

Brenntag Poland, Pezinok Glejovka 15, 902 03 Pezinok Slowakije

Brenntag GmbH, Basel Elsässerstrasse 231, 4056 Basel Zwitserland

BRENNTAG CEE - Guntramsdorf Bahnstr. 13, 2353 Guntramsdorf Oostenrijk

BRENNTAG Normandy 12 Sente des Jumelles - BP 11, 76710 Montville Frankrijk

A.F.P GmbH Otto-Brenner-Straße 16-18, 21337 Lüneburg Duitsland

Alcochem Minerals B.V. Zeilmaker 4, 3861 SM Nijkerk Nederland

FAREVA ARDEPHARM, Tournon 1041 Chemin de la digue du Rhône, 07300 Tournon-sur-Rhône Frankrijk

FAREVA Interfill LLC, Tosno Moskovskoye Chausse 1, 187000 Tosno Russische Federatie

CHRISTEYNS NV, Bradford Rutland St, BD4 7EA, Bradford Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

CHRISTEYNS NV, Warrington 2 Cameron Court, WA2 8RE Warrington Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

DAN-MOR Natural Products and Chemicals Ltd 29 Hailan St., Or Akiva Industrial Zone, 3060000 Israël

Farmak Moravia a.s. Na Vlčinci 16/3, 779 00 Olomouc Tsjechië

F.E.L.T. 10 Rue du Vertuquet, 59960 Neuville-en-Ferrain Frankrijk

Ferdinand Eimermacher GmbH &Co.KG Westring 24, 48356 Nordwalde Duitsland

GANDAE Gaardeniersweg 2, 9000 Gent België

HYDRACHEM LTD Unit 16 Gillmans Industrial Estate, Natts Lane, RH14 9EZ Billingshurst Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

INNOVATE GmbH Gewerbegebietsstraße 30, 06618 Schönburg Duitsland

Jago Pro Szczakowska 35, 43-600 Jaworzno Polen

KEMVIT OY Bastintie 303, 68410 Alaveteli Finland

KOMPAK NEDERLAND BV Munnikenheiweg 63, 4879 NE Etten-Leur Nederland

La Antigua Lavandera SL Carretera Sevilla Alcala 75, 41500 Alcala DE Guadaira (Sevilla) Spanje

LICHTENHELDT GmbH Industriestr. 7 – 11, 23812 Wahlstedt bei Bad Segeberg Duitsland

MKS GMBH & CO Am Ockenheimer Graben 43, 55411 Bingen am Rhein Duitsland

PAL INTERNATIONAL LTD Bilton Way, LE17 4JA Lutterworth Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

PENNWHITE LTD Aston Way, Midpoint 18 Business Park, CW10 0HS Middlewich Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

RNM PRODUCTOS QUIMICOS Avenida das Searas, no 132, 4770-329 Landim Portugal

RUTPEN LTD Membury Airfield, RG17 7TJ Lambourn Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Solimix Montseny 17-19 Pol. Ind. Sant Pere Molanta, 08799 Olerdola, Barcelona Spanje

Staub & Co. GmbH M Industriestraße 3, 86456 Gablingen Duitsland

TECHNIKRAFT LTD Britannia Road, DN14 6ET Goole Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

VAN DAM BODEGRAVEN BV Zeppelinstraße 12, 45470 Mülheim an der Ruhr Duitsland

VARENNE LABORATOIRE 2 Rue du Château, 60126 Rivecourt Frankrijk

Evonik Peroxid GmbH Fabrikstraße 1, 9721 Weißenstein ob der Drau Oostenrijk

BELINKA-Ljubljana Zasavska Cesta 95, 1231 Ljubljana Slovenië

Budich International GmbH Dieselstrasse 10, 32120 Hiddenhause Duitsland

Plum A/S Frederik Plums Vej 2, 5610 Assens Denemarken

1.5.   Fabrikant(en) van de werkzame stof(fen)

Werkzame stof

Glutaaraldehyde

Naam van de fabrikant

MC (US) 3 LLC

Adres van de fabrikant

Route 25 West Virginia 25112, Institute Verenigde Staten

Productielocaties

MC (US) 3 LLC site 1 Route 25 West Virginia 25112 Institute, Verenigde Staten

Hoofdstuk 2.   SAMENSTELLING EN FORMULERING VAN DE BIOCIDEFAMILIE

2.1.   Kwalitatieve en kwantitatieve informatie over de samenstelling van de familie

Triviale naam

IUPAC-naam

Functie

CAS-nummer

EG-nummer

Gehalte (%)

Glutaaraldehyde

1,5-pentaandial

Werkzame stof

111-30-8

203-856-5

12,9 - 55,3 % (m/m)

2.2.   Type(n) formulering

Formuleringstype(n)

AL Andere vloeistoffen

DEEL II

TWEEDE INFORMATIENIVEAU – META-SPC(’S)

Hoofdstuk 1.   META-SPC 1 ADMINISTRATIEVE INFORMATIE

1.1.   Meta-SPC 1 identificatiecode

Identificatiecode

Meta SPC: meta SPC GA 50

1.2.   Achtervoegsel van het toelatingsnummer

Nummer

1-1

1.3.   Productsoort(en)

Productsoort(en)

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

PT12: Slimiciden

Hoofdstuk 2.   SAMENSTELLING VAN DE META-SPC 1

2.1.   Kwalitatieve en kwantitatieve informatie over de samenstelling van de meta-SPC 1

Triviale naam

IUPAC-naam

Functie

CAS-nummer

EG-nummer

Gehalte (%)

Glutaaraldehyde

1,5-pentaandial

Werkzame stof

111-30-8

203-856-5

48,5 - 55,3 % (m/m)

2.2.   Type(n) formulering van de meta-SPC 1

Formuleringstype(n)

AL Andere vloeistoffen

Hoofdstuk 3.   GEVARENAANDUIDINGEN EN VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN VAN DE META-SPC 1

Gevarenaanduidingen

H301: Giftig bij inslikken.

H314: Veroorzaakt ernstige brandwonden en oogletsel.

H317: Kan een allergische huidreactie veroorzaken.

H330: Dodelijk bij inademing.

H334: Kan bij inademing allergie- of astmasymptomen of ademhalingsmoeilijkheden veroorzaken.

H410: Zeer giftig voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen.

EUH071: Bijtend voor de luchtwegen.

Veiligheidsaanbevelingen

P260: spuitnevel niet inademen.

P271: Alleen buiten of in een goed geventileerde ruimte gebruiken.

P280: Draag Beschermende handschoenen.

P284: [Bij ontoereikende ventilatie] adembescherming dragen.

P273: Voorkom lozing in het milieu.

P301+P310: NA INSLIKKEN: onmiddellijk een ANTIGIFCENTRUM/arts.

P330: De mond spoelen.

P303+P361+P353: BIJ CONTACT MET DE HUID (of het haar): verontreinigde kleding onmiddellijk uittrekken. Huid met water afspoelen [of afdouchen].

P310: Onmiddellijk een ANTIGIFCENTRUM/arts.

P304+P340: NA INADEMING: de persoon in de frisse lucht brengen en ervoor zorgen dat deze gemakkelijk kan ademen.

P305+P351+P338: BIJ CONTACT MET DE OGEN: voorzichtig afspoelen met water gedurende een aantal minuten. Contactlenzen verwijderen, indien mogelijk; blijven spoelen.

P342+P311: Bij ademhalingssymptomen: een ANTIGIFCENTRUM/arts.

P391: Gelekte/gemorste stof opruimen.

P403+P233: Op een goed geventileerde plaats bewaren. In goed gesloten verpakking bewaren.

P501: Verpakking afvoeren een inzamelingspunt voor gevaarlijk afval in overeenstemming met de geldende regelgeving.

P501: Inhoud afvoeren een inzamelingspunt voor gevaarlijk afval in overeenstemming met de geldende regelgeving.

Hoofdstuk 4.   TOEGESTANE VORM(EN) VAN GEBRUIK VAN DE META-SPC

4.1.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 1

Conservering van vloeistoffen die worden gebruikt in gesloten hercirculerende koelsystemen

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

gebruik buiten

Vloeistofdichte hercirculerende koel-/verwarmings- en verwerkingssystemen.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Doseren in het koelsysteem.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 25 tot 200 g glutaaraldehyde per m3 water.

Aantal en timing van de toepassing:

Twee- of driemaandelijks, afhankelijk van de kenmerken van het systeem en de stabiliteit van het biocide in het behandelde water.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.1.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Het is aanbevolen om vervuilde systemen mechanisch te reinigen met zoet water alvorens de behandeling met het biocide te starten.

Doseer op een goed gemengd punt van het circuit, onder het waterniveau. Bij het openen van het systeem voor service of onderhoud, kan biocide opnieuw worden toegevoegd tot de initiële doseringsconcentraties.

Systeembewaking

Controleer het niveau van biocide met een testkit ten minste elke 3 maanden en vóór de uitschakelperiode van het systeem. Controleer de microbiële besmetting met dipslides of andere geschikte technieken, minimaal elke 3 maanden

Tijdens de uitschakelperiode van het systeem moet bijzondere aandacht worden besteed, omdat stilstaande vloeistoffen vatbaarder zijn voor microbiële verontreiniging.

Doseer 25 tot 200 g glutaaraldehyde per m3 water.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.1.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Voer de geconserveerde koelvloeistoffen ten minste vijf dagen na de laatste toevoeging van het biocideproduct af.

Zie ook de algemene gebruiksaanwijzing.

4.1.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.1.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.1.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 2

Conservering van vloeistoffen die worden gebruikt in open hercirculerende koelsystemen.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Groene algen

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Vloeistof-open hercirculerende koel- en verwerkingssystemen.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Open systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Glutaaraldehyde wordt automatisch toegevoegd in het watercircuit, meestal zo stroomopwaarts mogelijk, door middel van injectie door een doseerpomp en speciale toevoerleidingen. Voor intermitterende dosering wordt een timer gebruikt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 25 tot 50 g glutaaraldehyde per m3 water

Aantal en timing van de toepassing:

Typische dosis: 1-2 dagen.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.2.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Voor het beheersen van microbiële groei in industriële koelwatersystemen behandeld met een biocide door in een keer de dosering voor het hele systeem toe te voegen.

Niet bedoeld voor gebruik in once-through-koelsystemen.

Het wordt aanbevolen om vervuilde systemen mechanisch te reinigen alvorens de behandeling met het biocide te starten.

Doseer op een goed gemengd punt van het circuit, onder het waterniveau.

Typische dosis: 1-2 dagen. Elke dosis duurt 15-30 minuten, afhankelijk van de pompcapaciteit en het watervolume in het circuit. De behandeling mag niet langer dan 2 dagen duren.

Doseer 25 tot 50 g glutaaraldehyde per m3 water.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.2.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Het gebruik is beperkt tot kleine koelsystemen met een maximale spuicapaciteit van 2 m3/uur. Afvalwater moet worden geloosd op het vuilwaterriool of in-situ worden gezuiverd in een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie met tenminste een biologische behandelingsstap, of rechtstreeks op oppervlaktewater worden geloosd via een bezinkvijver die voldoende retentie biedt.

4.2.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 3

Conservering van injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Het biocide wordt met behulp van geautomatiseerde pompen direct in de waterstroom gedoseerd, na het mengen van productiewater en suppletiewater in het petroleumreservoir.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

Aantal en timing van de toepassing:

Het biocide wordt meestal wekelijks gedoseerd, variërend van één tot vijf uur per dosis. In ernstige gevallen kunnen batches tot drie keer per week voorkomen.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.3.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Glutaaraldehyde moet apart worden gedoseerd van andere olieveldchemicaliën, zoals antischuimmiddelen, zuurstofbinders, flocculanten of andere oxiderende biociden (bijv. chloriet) om kruisreactiviteit te voorkomen. Opeenvolgende toevoeging kan daarom nodig zijn om de prestaties te optimaliseren. Indien een ontluchter wordt behandeld met oxiderende biociden, dient glutaaraldehyde achter de ontluchtingseenheid te worden gedoseerd.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.3.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.3.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 4

Conservering van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Continue injectie in de waterstroom tijdens het vullen van de pijpleiding met behulp van chemicaliëninjectieskids uitgerust met injectiepompen.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof met een contacttijd van 24 uur, afhankelijk van de waterkwaliteit. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

Aantal en timing van de toepassing:

Er is geen extra biocide-injectie in de hydrotestvloeistof zodra het vullen is voltooid.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.4.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.4.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in de hydrotest- en ´mottenballen´-vloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Hydrotest- en ´mottenballen´-water met tot 750 mg/L glutaaraldehyde kan na de druktest worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.4.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.5.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 5

Conservering van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia:

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie (d.w.z. schaliegaswinning, natte schaliewinning, schalieoliewinning, productie uit krappe gasreservoirs, productie van methaan uit steenkoollagen en fracking in conventionele reservoirs).

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Glutaaraldehyde wordt meestal toegepast in een mengtank, omdat het niet kan worden blootgesteld aan open systemen zoals de hydrofractureringsvijver of andere open waterbronnen waaruit het hydrofractureringsvijverwater bestaat.Glutaaraldehyde wordt met behulp van geautomatiseerde pompen in de mengtank aangebracht, samen met andere chemicaliën, zoals maar niet beperkt tot, wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen (zand in het geval van vervuild water), corrosieremmers.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 fracking vloeistof.

Aantal en timing van de toepassing:

In de sector van hydraulische fracking is de toepassing van het biocide doorgaans een enkele injectie, die plaatsvindt tijdens het eigenlijke fracking. Een nieuwe toevoeging van biocide wordt pas gedaan als de put opnieuw wordt gefrackt. Opnieuw fracken is zeldzaam, maar kan tot 20 keer worden uitgevoerd tijdens de levensduur van een put. De levensduur van een put kan oplopen tot 20 jaar.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.5.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Vaak toegepast via een gesloten systeem naar een mengtank met behulp van een pomp. Glutaaraldehyde kan worden gebruikt in combinatie met andere chemicaliën, zoals wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen en corrosieremmers, en samen met deze chemicaliën in de mengtanks worden aangebracht. Indien gebruikt voor intermitterende behandelingen tijdens operaties zal een stroom glutaaraldehyde direct vanuit een aparte tank in een gesloten systeem in de proceswaterstroom worden gedoseerd, waardoor de kans op blootstelling aanzienlijk wordt verkleind.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.5.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Geconserveerde frackingvloeistoffen worden hergebruikt, indien van toepassing. Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg glutaaraldehyde/L frackingvloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.5.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Bovendien:

Omstandigheden die emissies naar water voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie naar het oppervlaktewater voorkomen. Gemorst materiaal, lekkages en reinigingsoplossingen kunnen bijvoorbeeld worden afgevoerd naar een opslagruimte die van binnen is bekleed, waardoor lozing in het oppervlaktewater wordt voorkomen. Door de aanwezigheid van relatief ondoordringbare formaties boven de doelformatie wordt voorkomen dat vloeistof onder het oppervlak vrijkomt tijdens het breukproces. Dit beperkt de opwaartse migratie van vloeistof. Dit is ook relevant voor het terugwinnen van vloeistof die opnieuw wordt geïnjecteerd voor gebruik of verwijdering. Een minimale verticale scheidingsafstand tussen de doelformatie en de watervoerende laag moet worden aangehouden. Nationale wetgeving kan ook een minimale diepte vereisen

Teruggewonnen water kan uiteindelijk worden geloosd via een of meer grootschalige afvalwaterzuiveringsinstallaties waar een combinatie van fysische en biologische behandelingen de emissies naar het ontvangende water zal verminderen.

Omstandigheden die emissies naar de bodem voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie door neerwaartse migratie voorkomen. Bij wijze van voorbeeld kan worden voorkomen dat gemorste vloeistoffen, lekken en reinigingsoplossingen neerwaarts naar de bodem migreren door gebruik te maken van een niet-doorlatend membraan onder het putkussen. Slib van zuiveringswerken mag niet op het land worden uitgereden.

Bestaan van een standaard gemeentelijke rioolwaterzuiveringsinstallatie

Afvalbedrijven die zijn aangesteld om teruggewonnen water af te voeren, kunnen dit doen via een afvalwaterzuiveringsinstallatie, afhankelijk van de eigenschappen van het water en de voorwaarden van de lokale regelgeving.

4.5.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Aanvullend:

Verontreinigd water afkomstig van het schoonmaken wordt opgevangen en afgevoerd voor verwijdering volgens de EU- en lokale regelgeving en voorwaarden.

Afvalproducten die na gebruik in containers achterblijven, worden in de containers teruggebracht naar de leverancier voor reiniging/hervulling.

Afvalslib van behandelingsinstallaties zal worden behandeld als industrieel afval en niet op het land worden verspreid.

4.5.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 6

Conservering van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gaswinningindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van pompen direct in de waterstroom voordat het wordt gemengd met vers injectiewater en in het petroleumreservoir wordt gepompt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water.

Aantal en timing van de toepassing:

Batchbehandeling: Het biocide wordt meestal wekelijks gedoseerd, variërend van één tot vijf uur per dosis. Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Continue behandeling: tijdens de werkzaamheden wordt continu biocide toegevoegd.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.6.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

De dosering voor het behoud van geproduceerd water vóór hergebruik is 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water. Dit kan batchgewijs of continu worden uitgevoerd.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.6.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.6.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.7.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 7

Slimicidebehandeling in de natte fase van het pulp- en papierproductieproces.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Schimmels

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Gisten

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Slimicidebehandeling in de natte fase van het pulp- en papierproductieproces.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Automatische dosering door een pomp en vaste leidingen naar het primaire circuit, meestal in de opvangbak of in de headbox.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei in de natte fase): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp. Natte fase onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Aantal en timing van de toepassing:

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei in de natte fase): 2-6 automatische toevoegingen van shockdoseringen/dag. Herhaal dit 1 tot 3 dagen totdat de beheersing is bereikt.

Natte onderhoudsdosis: 2-6 automatische toevoegingen van shockdoseringen per dag, indien nodig om de beheersing te behouden.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.7.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer op een goed gemengd punt van het primaire circuit, onder het waterniveau. Sterk vervuilde systemen moeten vóór de eerste behandeling worden uitgekookt.

Elke shockdosering duurt 15-30 minuten.

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei in de natte fase): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Natte onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.7.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Toepassing is uitsluitend toegestaan in papierfabrieken die voldoen aan de Richtlijn Industriële Emissies 2010/75/EU waarbij afvalwater gezuiverd wordt via een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie ter plaatse waarbij het een biologische behandeling ondergaat in overeenstemming met de in de BBT-documenten (Beste Beschikbare Technieken) gedefinieerde industrienormen voor afvalwaterzuivering bij de productie van pulp, papier en karton. Het afvalwater moet minimaal 200 keer worden verdund. Papierfabrieken die zijn vrijgesteld van de Richtlijn Industriële Emissies moeten hun afvalwater op het gemeentelijk riool lozen.

4.7.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.7.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.7.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 8

Slimicidebehandeling in het ontinktingsproces van de pulp en het papier.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Schimmels

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Gisten

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Slimicidebehandeling in het ontinktingsproces van de pulp en het papier.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Automatische dosering door pomp en vaste leidingen in het circuit, meestal in de pulper.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp. Onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Aantal en timing van de toepassing:

Aanvangsdosis (behandeling tegen vervuiling): 1-2 automatische toevoeging van shockdoseringen per dag. Herhaal dit gedurende 1 tot 2 dagen totdat de beheersing is bereikt.

Onderhoudsdosis: 1-2 automatische toevoegingen van shockdoseringen per dag, indien nodig om de beheersing te behouden.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.8.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer op een goed gemengd punt van het primaire circuit, onder het waterniveau. Sterk vervuilde systemen moeten vóór de eerste behandeling worden uitgekookt.

Elke shockdosering duurt 30 minuten.

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.8.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Toepassing is uitsluitend toegestaan in papierfabrieken die voldoen aan de Richtlijn Industriële Emissies 2010/75/EU waarbij afvalwater gezuiverd wordt via een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie ter plaatse waarbij het een biologische behandeling ondergaat in overeenstemming met de in de BBT-documenten (Beste Beschikbare Technieken) gedefinieerde industrienormen voor afvalwaterzuivering bij de productie van pulp, papier en karton. Papierfabrieken die zijn vrijgesteld van de Richtlijn Industriële Emissies moeten hun afvalwater op het gemeentelijk riool lozen.

4.8.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 9

Slimicidebehandeling in injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling in injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering direct in de waterstroom met behulp vam pompen, na het mengen van productiewater en suppletiewater en voorafgaand aan de injectie van water in het petroleumreservoir.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

Aantal en timing van de toepassing:

Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.9.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Injectiewater wordt vaak ontlucht voordat het in de ondergrond wordt gepompt. Scheiding van chemische behandelingen moet worden overwogen bij het doseren van glutaaraldehyde, aangezien dit kan interfereren met andere veel voorkomende chemieën zoals antischuimmiddelen, zuurstofbinders, flocculanten en andere oxiderende biociden (bijv. chloriet). Opeenvolgende toevoeging van verschillende chemische pakketten kan nodig zijn om kruisreactiviteit te voorkomen en de prestaties te optimaliseren. Wanneer een ontluchter aanwezig is en wordt behandeld met chloriet of een vergelijkbare oxiderende chemicaliën, wordt glutaaraldehyde meestal gedoseerd na de ontluchter.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.9.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.9.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 10

Slimicidehandeling van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidehandeling van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Continue injectie in de waterstroom tijdens het vullen van de pijpleiding met behulp van chemicaliëninjectieskids uitgerust met injectiepompen.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

Aantal en timing van de toepassing:

Er is geen extra biocide-injectie in de hydrotestvloeistof zodra het vullen is voltooid.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.10.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.10.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in de hydrotest- en ´mottenballen´-vloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Hydrotest- en ´mottenballen´-water met tot 750 mg/L glutaaraldehyde kan na de druktest worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.10.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.11.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 11

Slimicidebehandeling van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie (d.w.z. schaliegaswinning, natte schaliewinning, schalieoliewinning, productie uit krappe gasreservoirs, productie van methaan uit steenkoollagen en fracking in conventionele reservoirs).

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van geautomatiseerde pompen rechtstreeks in pijpleidingen of bereid in een mengtank voor in-line toepassing.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof, in de watermatrix voor hydraulisch fracken.

Aantal en timing van de toepassing:

In de sector van de hydraulische fracking is de toepassing van het biocide doorgaans een enkele injectie, die plaatsvindt tijdens het eigenlijke fracken. Een nieuwe toevoeging van biocide wordt pas gedaan als de put opnieuw is gebroken. Opnieuw fracken is zeldzaam, maar kan tot 20 keer worden uitgevoerd tijdens de levensduur van een put. De levensduur van een put kan oplopen tot 20 jaar.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.11.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Glutaaraldehyde wordt doorgaans via een gesloten systeem in een mengtank aangebracht met behulp van een pomp. Glutaaraldehyde kan worden gebruikt in combinatie met andere chemicaliën, zoals wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen en corrosieremmers, en samen met deze chemicaliën in de mengtanks worden aangebracht. Indien gebruikt voor intermitterende behandelingen tijdens operaties zal een stroom glutaaraldehyde direct vanuit een aparte tank in een gesloten systeem in de proceswaterstroom worden gedoseerd, waardoor de kans op blootstelling aanzienlijk wordt verkleind.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof, in de watermatrix voor hydraulisch fracken.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.11.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Geconserveerde frackingvloeistoffen worden hergebruikt, indien van toepassing. Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg glutaaraldehyde/L frackingvloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.11.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Bovendien:

Omstandigheden die emissies naar water voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie naar het oppervlaktewater voorkomen. Gemorst materiaal, lekkages en reinigingsoplossingen kunnen bijvoorbeeld worden afgevoerd naar een opslagruimte die van binnen is bekleed, waardoor lozing in het oppervlaktewater wordt voorkomen. Door de aanwezigheid van relatief ondoordringbare formaties boven de doelformatie wordt voorkomen dat vloeistof onder het oppervlak vrijkomt tijdens het breukproces. Dit beperkt de opwaartse migratie van vloeistof. Dit is ook relevant voor het terugwinnen van vloeistof die opnieuw wordt geïnjecteerd voor gebruik of verwijdering. Een minimale verticale scheidingsafstand tussen de doelformatie en de watervoerende laag moet worden aangehouden. Nationale wetgeving kan ook een minimale diepte vereisen

Teruggewonnen water kan uiteindelijk worden geloosd via een of meer grootschalige afvalwaterzuiveringsinstallaties waar een combinatie van fysische en biologische behandelingen de emissies naar het ontvangende water zal verminderen.

Omstandigheden die emissies naar de bodem voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie door neerwaartse migratie voorkomen. Bij wijze van voorbeeld kan worden voorkomen dat gemorste vloeistoffen, lekken en reinigingsoplossingen neerwaarts naar de bodem migreren door gebruik te maken van een niet-doorlatend membraan onder het putkussen. Slib van zuiveringswerken mag niet op het land worden uitgereden.

Bestaan van een standaard gemeentelijke rioolwaterzuiveringsinstallatie

Afvalbedrijven die zijn aangesteld om teruggewonnen water af te voeren, kunnen dit doen via een afvalwaterzuiveringsinstallatie, afhankelijk van de eigenschappen van het water en de voorwaarden van de lokale regelgeving.

4.11.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Aanvullend:

Verontreinigd water afkomstig van het schoonmaken wordt opgevangen en afgevoerd voor verwijdering volgens de EU- en lokale regelgeving en voorwaarden.

Afvalproducten die na gebruik in containers achterblijven, worden in de containers teruggebracht naar de leverancier voor reiniging/hervulling.

Afvalslib van behandelingsinstallaties zal worden behandeld als industrieel afval en niet op het land worden verspreid.

4.11.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 12

Slimicidebehandeling van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van pompen direct in de waterstroom voordat het wordt gemengd met vers injectiewater en in het petroleumreservoir wordt gepompt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water.

Aantal en timing van de toepassing:

Batchbehandeling: Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Continue behandeling: tijdens de werkzaamheden wordt continu biocide gedoseerd.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.12.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water..

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.12.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water voor hergebruik niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water voor hergebruik met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.12.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Hoofdstuk 5.   ALGEMENE GEBRUIKSAANWIJZING VAN DE META-SPC 1

5.1.   Gebruiksinstructies

Zie gebruiksspecifieke gebruiksaanwijzing.

5.2.   Risicobeperkende maatregelen

De productverpakking handmatig loskoppelen:

Het gebruik van oogbescherming (chemische veiligheidsbril) conform EN 166 of gelijkwaardig is verplicht tijdens het hanteren van het product.

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig tijdens het hanteren van het product (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Gebruik van ademhalingsbeschermingsmiddelen (RPE) met een beschermingsfactor van 40 is verplicht. Ten minste een aangedreven luchtzuiverend ademhalingstoestel met helm/kap/masker (TH3 (EN 12941 of gelijkwaardig)/TM3 (EN 12942 of gelijkwaardig)), of een volgelaatsmasker (EN 136 of gelijkwaardig) met deeltjesfilter P3 (EN 12083 of gelijkwaardig).

Tijdens tankreiniging en onderhoud:

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Het gebruik van ademhalingsbeschermingsmiddelen (RPE) met een beschermingsfactor van 10 is verplicht. Ten minste een aangedreven luchtzuiverend ademhalingstoestel met helm/kap/masker (TH1 (EN 12941 of gelijkwaardig)/TM1 (EN 12942 of gelijkwaardig)), een half- of kwartgelaatsmasker (EN 140 of gelijkwaardig) of een volgelaatsmasker (EN 136 of gelijkwaardig) met deeltjesfilter P2 (EN 12083 of gelijkwaardig) of een filterend halfgelaatsmasker (FFP2, EN 149 of gelijkwaardig).

Aftappen, reinigen en onderhouden van een gesloten recirculatiesysteem:

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Laden/lossen van slurrytanks:

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Het product moet worden gegoten met behulp van een geautomatiseerd doseersysteem.

Zorg ervoor dat het product in goed geventileerde ruimten wordt aangebracht.

Gebruik technische maatregelen om het niveau in de lucht onder de grenswaarden of richtlijnen voor blootstelling te houden.

Gebruik een goedgekeurd luchtzuiverend of persluchttoestel afhankelijk van de mogelijke concentratie in de lucht.

Wat betreft de persoonlijke beschermingsmiddelen die in deze rubriek worden genoemd, dit doet geen afbreuk aan de toepassing door werkgevers van Richtlijn 98/24/EG van de Raad en andere wetgeving van de Unie op het gebied van gezondheid en veiligheid op het werk.

Zie rubriek 6 voor de volledige verwijzingen naar deze wet en de Europese normen.

5.3.   Bijzonderheden van mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO instructies en noodmaatregelen om mens, dier en milieu te beschermen

NA INADEMING: In de frisse lucht brengen en laten rusten in een houding die het ademen vergemakkelijkt.

Als symptomen: Bel direct 112/ambulance voor medische hulp.

NA INSLIKKEN: Indien bij bewustzijn, onmiddellijk de mond spoelen. Geef iets te drinken als de blootgestelde persoon kan slikken. GEEN braken opwekken. Bel 112/ambulance voor medische hulp.

INDIEN OP DE HUID: Was de huid onmiddellijk met veel water. Daarna alle verontreinigde kleding uittrekken en wassen alvorens deze opnieuw te gebruiken. Blijf de huid gedurende 15 minuten met water wassen. Een arts raadplegen die contact kan opnemen met het NVIC (Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum) (NL), óf raadpleeg een arts of het Antigifcentrum (BE). Als huidirritatie of huiduitslag optreedt: Zorg voor medisch advies.

INDIEN IN DE OGEN: Onmiddellijk enkele minuten met water afspoelen. Verwijder contactlenzen, indien aanwezig en dit gemakkelijk te doen is. Blijf minimaal 15 minuten spoelen. Bel 112/ambulance voor medische hulp.

Informatie voor gezondheidszorgpersoneel/arts:

Voer onmiddellijk levensondersteunende maatregelen uit en bel daarna een ANTIGIFCENTRUM.

Milieuvoorzorgsmaatregelen: voorkom dat het middel in de bodem, sloten, riolen, waterwegen en/of grondwater terechtkomt. Lekkage, het morsen of lozing in natuurlijke waterwegen zal waarschijnlijk leiden tot sterfte van in het water levende organismen.

Persoonlijke voorzorgsmaatregelen, beschermingsmiddelen en noodprocedures in geval van maatregelen bij het accidenteel vrijkomen: Evacueer het gebied. Bovenwinds van lekkage of gemorst materiaal blijven. Ventileer het gebied van lekkage of het gemorste materiaal. Alleen opgeleid en goed beschermd personeel mag worden betrokken bij opruimwerkzaamheden. Gebruik geschikte beschermingsmiddelen.

Methoden en materialen voor insluiting en opruimen: vermijd contact met gemorst materiaal, aangezien glutaaraldehyde door de meeste schoenen wordt geabsorbeerd. Draag bij het opruimen van gemorst materiaal altijd de juiste beschermingsmiddelen, waaronder ademhalingsbescherming, handschoenen, beschermende kleding en oogbescherming. Afhankelijk van de omvang van de lekkage en de toereikendheid van de ventilatie kan een onafhankelijk ademhalingsapparaat of gasmasker nodig zijn, evenals absorptiemiddelen.

Gering gemorst materiaal: Draag de juiste beschermende uitrusting inclusief handschoenen en beschermende kleding en bedek de vloeistof met absorberend materiaal. Verzamel en verzegel het materiaal en het vuil dat het gemorste materiaal heeft geabsorbeerd in polyethyleen zakken en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats. Spoel het achtergebleven gemorste materiaal weg met water om de geur te verminderen en laat het spoelwater lozen in een gemeentelijk of industrieel riool, niet in een natuurlijke waterweg.

Grote hoeveelheden gemorst materiaal: Bij irritatie van de neus en luchtwegen de kamer of ruimte onmiddellijk verlaten. Het schoonmaakpersoneel moet worden opgeleid en uitgerust met een onafhankelijk ademhalingsapparaat of een officieel goedgekeurd of gecertificeerd volgelaatsmasker uitgerust met een patroon voor organische dampen, handschoenen en kleding die ondoordringbaar is voor glutaaraldehyde, inclusief rubberen laarzen of schoenbescherming. Deactiveer met natriumbisulfiet (2-3 gewichtsdelen per deel glutaaraldehyde), vang de geneutraliseerde vloeistof op en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats.

5.4.   Instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Het biocide moet, wanneer het in ongebruikte en niet-verontreinigde staat wordt afgevoerd, worden behandeld als gevaarlijk afval volgens EG-richtlijn 2008/98/EG.

Deactiveer met natriumbisulfiet (2-3 gewichtsdelen per deel glutaaraldehyde), vang de geneutraliseerde vloeistof op en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats. Als de concentratie glutaaraldehyde tot 2% is, deactiveer dan door toevoeging van een waterige natriumhydroxideoplossing in een hoeveelheid die voldoende is om de pH gedurende 8 uur op 12 te houden, gevolgd door neutralisatie (d.w.z. neutrale pH) met de zorgvuldige toevoeging van een anorganisch zuur bijv. zoutzuur, alvorens op de juiste manier af te voeren. Verwerkingsmethoden moeten voldoen aan alle nationale en provinciale wet- en regelgeving en aan alle gemeentelijke of lokale verordeningen die betrekking hebben op de regulering van gevaarlijk afval. Niet in de riolering, op de grond of in het water lozen. Voorkom lozing in het milieu. Verbranding bij hoge temperatuur is een acceptabele praktijk, glutaaraldehyde verbrandt schoon tot kooldioxide en water.

Containers die worden gebruikt om glutaaraldehyde-oplossingen op te slaan, zijn niet navulbaar. Gebruik of vul de containers niet opnieuw. Containers moeten onmiddellijk na het legen driemaal of onder druk worden gespoeld met water. Ze kunnen vervolgens worden aangeboden voor recycling of reconditionering voor biociden, of ze kunnen worden doorboord en afgevoerd naar een gecontroleerde stortplaats of via andere procedures die zijn goedgekeurd door nationale en lokale autoriteiten.Stuur afvalvloeistof van het spoelen van gebruikte containers naar een goedgekeurde afvalverwerkingsfaciliteit.

5.5.   Voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Niet bewaren in en contact vermijden met aluminium, koolstofstaal, koper, zacht staal, ijzer. Vermijd contact met aminen, ammoniak, sterke zuren, sterke basen, sterke oxidatiemiddelen.

Bewaren bij temperaturen < 40 °C.

Houdbaarheid:

meta SPC GA 50: 12 maanden in HDPE en roestvrij staal

Hoofdstuk 6.   OVERIGE INFORMATIE

De volledige titels van de EN-normen waarnaar wordt verwezen in de Risicobeperkende maatregelen zijn:

EN ISO 374 - Beschermende handschoenen tegen gevaarlijke chemicaliën en micro-organismen

EN 166 - Oogbescherming tegen chemicaliën.

EN 14605 - Beschermende kleding tegen vloeibare chemicaliën - Prestatie-eisen voor kleding met vloeistofdichte (Type 3) of spraydichte (Type 4) verbindingen, inclusief onderdelen die alleen bescherming bieden aan lichaamsdelen (Typen PB [3] en PB [4]).

EN 12941 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Aangedreven filterapparaten met een loszittend ademhalingsstuk - Eisen, testen, markering

EN 12942 – Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Aangedreven filterapparaten met volgelaatsmaskers, halfmaskers of kwartmaskers - Eisen, testen, markering

EN 136 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen. Volgelaatsmaskers. Eisen, testen, markering

EN 140 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Halfmaskers en kwartmaskers - Eisen, testen, markering

EN 149 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Filterende halfmaskers ter bescherming tegen deeltjes - Eisen, testen, markering

EN 12083 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen – Filters met ademslangen (niet op het masker gemonteerde filters) – Deeltjesfilters, gasfilters en gecombineerde filters – Eisen, testen, markering

Richtlijn 98/24/EG van de Raad van 7 april 1998 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers tegen risico’s van chemische agentia op het werk (14e bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG) (PB L 131 van 5.5.1998, blz. 11).

Met betrekking tot de categorie (en) gebruikers geldt: “Professionelen (inclusief industriële gebruikers) betekent opgeleide professionals als dit vereist is door de nationale wetgeving.

Hoofdstuk 7.   DERDE INFORMATIENIVEAU: INDIVIDUELE BIOCIDEN IN DE META-SPC 1

7.1.   Handelsnaam (-namen), toelatingsnummer en specifieke samenstelling van elke individuele biocide

Handelsnaam (-namen)

Bactron B1150G

Marktgebied EU

BIOC11150AG

Marktgebied EU

EC6202AG

Marktgebied EU

Toelatingsnummer

 

EU-0035028-0001 1-1

Triviale naam

IUPAC-naam

Functie

CAS-nummer

EG-nummer

Gehalte (%)

Glutaaraldehyde

1,5-pentaandial

Werkzame stof

111-30-8

203-856-5

50,5 % (m/m)

Hoofdstuk 1.   META-SPC 2 ADMINISTRATIEVE INFORMATIE

1.1.   Meta-SPC 2 identificatiecode

Identificatiecode

Meta SPC: meta SPC GA 24

1.2.   Achtervoegsel van het toelatingsnummer

Nummer

1-2

1.3.   Productsoort(en)

Productsoort(en)

PT06: Conserveermiddelen voor producten tijdens opslag

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

PT12: Slimiciden

Hoofdstuk 2.   SAMENSTELLING VAN DE META-SPC 2

2.1.   Kwalitatieve en kwantitatieve informatie over de samenstelling van de meta-SPC 2

Triviale naam

IUPAC-naam

Functie

CAS-nummer

EG-nummer

Gehalte (%)

Glutaaraldehyde

1,5-pentaandial

Werkzame stof

111-30-8

203-856-5

23,4 - 25,9 % (m/m)

2.2.   Type(n) formulering van de meta-SPC 2

Formuleringstype(n)

AL Andere vloeistoffen

Hoofdstuk 3.   GEVARENAANDUIDINGEN EN VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN VAN DE META-SPC 2

Gevarenaanduidingen

H302: Schadelijk bij inslikken.

H314: Veroorzaakt ernstige brandwonden en oogletsel.

H317: Kan een allergische huidreactie veroorzaken.

H331: Giftig bij inademing.

H334: Kan bij inademing allergie- of astmasymptomen of ademhalingsmoeilijkheden veroorzaken.

H412: Schadelijk voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen.

EUH071: Bijtend voor de luchtwegen.

Veiligheidsaanbevelingen

P260: spuitnevel niet inademen.

P271: Alleen buiten of in een goed geventileerde ruimte gebruiken.

P280: Draag Beschermende handschoenen.

P273: Voorkom lozing in het milieu.

P284: [Bij ontoereikende ventilatie] adembescherming dragen.

P301+P310: NA INSLIKKEN: onmiddellijk een ANTIGIFCENTRUM/arts.

P303+P361+P353: BIJ CONTACT MET DE HUID (of het haar): verontreinigde kleding onmiddellijk uittrekken. Huid met water afspoelen [of afdouchen].

P310: Onmiddellijk een ANTIGIFCENTRUM/arts.

P304+P340: NA INADEMING: de persoon in de frisse lucht brengen en ervoor zorgen dat deze gemakkelijk kan ademen.

P305+P351+P338: BIJ CONTACT MET DE OGEN: voorzichtig afspoelen met water gedurende een aantal minuten. Contactlenzen verwijderen, indien mogelijk; blijven spoelen.

P342+P311: Bij ademhalingssymptomen: een ANTIGIFCENTRUM.

P403+P233: Op een goed geventileerde plaats bewaren. In goed gesloten verpakking bewaren.

P501: Verpakking afvoeren een inzamelingspunt voor gevaarlijk afval in overeenstemming met de geldende regelgeving.

P501: Inhoud afvoeren een inzamelingspunt voor gevaarlijk afval in overeenstemming met de geldende regelgeving.

Hoofdstuk 4.   TOEGESTANE VORM(EN) VAN GEBRUIK VAN DE META-SPC

4.1.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 1

Conservering van pigmentpasta’s/minerale slurries om een breed scala aan producten te kleuren (bijv. textiel, inkt, verf, papier).

Productsoort

PT06: Conserveermiddelen voor producten tijdens opslag

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Pigmentpasta’s en minerale slurries die worden gebruikt om een grote verscheidenheid aan producten te kleuren (bijvoorbeeld textiel (tapijtvezels, tapijtrug, canvas, touw, gordijnen en douchegordijnen), inkten, verf, papier).

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Een goede menging en gelijkmatige verdeling van het biocide moet worden verzekerd door middel van geautomatiseerde of handmatige dosering.Pigmentpasta’s worden gemakkelijk opgenomen door mengapparatuur met laag energieverbruik, waarbij geen extra dispersie is vereist.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 0,25 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van de pigmentpasta/minerale slurry voor preventief gebruik. 0,25 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg pigmentpasta/minerale slurry met een contacttijd van 2 dagen voor curatief gebruik.

Aantal en timing van de toepassing:

Eenmaal per productierun van het te conserveren product.

Glutaaraldehyde biedt onmiddellijke werkzaamheid en voorkomt hergroei gedurende een periode van maximaal 3 weken.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.1.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Pas geautomatiseerde of handmatige dosering toe om het biocide op een punt met de vloeistof voor de pigmentpasta of minerale slurry te doseren, zodat voldoende menging wordt gegarandeerd.

Doseer 0,25 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van de pigmentpasta/minerale slurry.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.1.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.1.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.1.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.1.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 2

Conservering van additieven voor de productie van papier.

Productsoort

PT06: Conserveermiddelen voor producten tijdens opslag

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Schimmels

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: - geen gegevens

Triviale naam: Gisten

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Conservering van papieradditieven die in papierfabrieken worden gebruikt.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Het biocide wordt automatisch toegevoegd door middel van een doseerpomp en speciale toevoerleidingen in de additieventank.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Voor bacteriën 0,1 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van het papieradditief voor preventief gebruik. Voor gisten en schimmels 0,25 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van het papieradditief voor preventief gebruik. Voor bacteriën 0,1 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van het papieradditief met een contacttijd van 2 dagen voor curatief gebruik. Voor gisten en schimmels 0,25 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van het papieradditief met een contacttijd van 2 dagen voor curatief gebruik.

Aantal en timing van de toepassing:

Eenmaal per productierun van het te conserveren product.

Glutaraldehyde werkt onmiddellijk en voorkomt hergroei voor een periode tot 3 weken.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.2.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Pas geautomatiseerde of handmatige dosering toe om het biocide op een punt met het papieradditief te doseren, zodat voldoende menging wordt gegarandeerd.

Voor bacteriën 0,1 tot 0,5 g glutaaraldehyde per kg van het papieradditief.

Voor gisten en schimmels 0,25 tot 0,5 g per kg van het papieradditie.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.2.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.2.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 3

Conservering van vloeistoffen die worden gebruikt in gesloten hercirculerende koelsystemen

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

gebruik buiten

Vloeistofdichte hercirculerende koel-/verwarmings- en verwerkingssystemen.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Doseren in het koelsysteem.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 25 tot 200 g glutaaraldehyde per m3 water.

Aantal en timing van de toepassing:

Twee- of driemaandelijks, afhankelijk van de kenmerken van het systeem en de stabiliteit van het biocide in het behandelde water.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.3.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Het is aanbevolen om vervuilde systemen mechanisch te reinigen met zoet water alvorens de behandeling met het biocide te starten.

Doseer op een goed gemengd punt van het circuit, onder het waterniveau. Bij het openen van het systeem voor service of onderhoud, kan biocide opnieuw worden gedoseerd tot de initiële doseringsconcentraties.

Systeembewaking

Controleer het niveau van biocide met een testkit ten minste elke 3 maanden en vóór de uitschakelperiode van het systeem. Controleer de microbiële besmetting met dipslides of andere geschikte technieken, minimaal elke 3 maanden

Tijdens de uitschakelperiode van het systeem moet bijzondere aandacht worden besteed, omdat stilstaande vloeistoffen vatbaarder zijn voor microbiële verontreiniging.

Doseer 25 tot 200 g glutaaraldehyde per m3 water.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.3.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Voer de geconserveerde koelvloeistoffen ten minste vijf dagen na de laatste toevoeging van het biocideproduct af.

Zie ook de algemene gebruiksaanwijzing.

4.3.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.3.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 4

Conservering van vloeistoffen die worden gebruikt in open hercirculerende koelsystemen.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Groene algen

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Vloeistof-open hercirculerende koel- en verwerkingssystemen.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Open systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Glutaaraldehyde wordt automatisch toegevoegd in het watercircuit, meestal zo stroomopwaarts mogelijk, door middel van injectie door een doseerpomp en speciale toevoerleidingen. Voor intermitterende dosering wordt een timer gebruikt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 25 tot 50 g glutaaraldehyde per m3 water.

Aantal en timing van de toepassing:

Typische dosis: 1-2 dagen

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.4.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Voor het beheersen van microbiële groei in industriële koelwatersystemen behandeld met een biocide door shockdosering.

Niet bedoeld voor gebruik voor once-through-koelsystemen.

Het wordt aanbevolen om vervuilde systemen mechanisch te reinigen alvorens de behandeling met het biocide te starten.

Doseer op een goed gemengd punt van het circuit, onder het waterniveau.

Typische dosis: 1-2 dagen. Elke shockdosering duurt 15-30 minuten, afhankelijk van de pompcapaciteit en het watervolume in het circuit. De behandeling mag niet langer dan 2 dagen duren.

Doseer 25 tot 50 g glutaaraldehyde per m3 water.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.4.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Het gebruik is beperkt tot kleine koelsystemen met een maximale spuicapaciteit van 2 m3/uur. Afvalwater moet worden geloosd op het vuilwaterriool of in-situ worden gezuiverd in een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie met tenminste een biologische behandelingsstap, of rechtstreeks op oppervlaktewater worden geloosd via een bezinkvijver die voldoende retentie biedt.

4.4.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.4.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.5.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 5

Conservering van injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Het biocide wordt met behulp van geautomatiseerde pompen direct in de waterstroom gedoseerd, na het mengen van productiewater en suppletiewater in het petroleumreservoir.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

Aantal en timing van de toepassing:

Het biocide wordt meestal wekelijks gedoseerd, variërend van één tot vijf uur per dosis. In ernstige gevallen kunnen batches tot drie keer per week voorkomen.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.5.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Glutaaraldehyde moet apart worden gedoseerd van andere olieveldchemicaliën, zoals antischuimmiddelen, zuurstofbinders, flocculanten of andere oxiderende biociden (bijv. chloriet) om kruisreactiviteit te voorkomen. Opeenvolgende toevoeging kan daarom nodig zijn om de prestaties te optimaliseren. Indien een ontluchter wordt behandeld met oxiderende biociden, dient glutaaraldehyde achter de ontluchtingseenheid te worden gedoseerd.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.5.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.5.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.5.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.5.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 6

Conservering van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Continue injectie in de waterstroom tijdens het vullen van de pijpleiding met behulp van chemicaliëninjectieskids uitgerust met injectiepompen.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof met een contacttijd van 24 uur, afhankelijk van de waterkwaliteit. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

Aantal en timing van de toepassing:

Er is geen extra biocide-injectie in de hydrotestvloeistof zodra het vullen is voltooid.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.6.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.6.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in de hydrotest- en ´mottenballen´-vloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Hydrotest- en ´mottenballen´-water met tot 750 mg/L glutaaraldehyde kan na de druktest worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.6.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.6.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.7.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 7

Conservering van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie (d.w.z. schaliegaswinning, natte schaliewinning, schalieoliewinning, productie uit krappe gasreservoirs, productie van methaan uit steenkoollagen en fracking in conventionele reservoirs).

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Glutaaraldehyde wordt meestal toegepast in een mengtank, omdat het niet kan worden blootgesteld aan open systemen zoals de hydrofractureringsvijver of andere open waterbronnen waaruit het hydrofractureringsvijverwater bestaat. Glutaaraldehyde wordt met behulp van geautomatiseerde pompen in de mengtank aangebracht, samen met andere chemicaliën, zoals maar niet beperkt tot, wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen (zand in het geval van vervuild water), corrosieremmers.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof.

Aantal en timing van de toepassing:

In de sector van het hydraulisch fracken is de toepassing van het biocide doorgaans een enkele injectie, die plaatsvindt tijdens het eigenlijke fracken. Een nieuwe toevoeging van biocide wordt pas gedaan als de put opnieuw is gefrackt. Opnieuw fracken is zeldzaam, maar kan tot 20 keer worden uitgevoerd tijdens de levensduur van een put. De levensduur van een put kan oplopen tot 20 jaar.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.7.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Vaak toegepast via een gesloten systeem naar een mengtank met behulp van een pomp. Glutaaraldehyde kan worden gebruikt in combinatie met andere chemicaliën, zoals wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen en corrosieremmers, en samen met deze chemicaliën in de mengtanks worden aangebracht. Indien gebruikt voor intermitterende behandelingen tijdens operaties zal een stroom glutaaraldehyde direct vanuit een aparte tank in een gesloten systeem in de proceswaterstroom worden gedoseerd, waardoor de kans op blootstelling aanzienlijk wordt verkleind.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.7.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Geconserveerde frackingvloeistoffen worden hergebruikt, indien van toepassing. Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg glutaaraldehyde/L breekvloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.7.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Bovendien:

Omstandigheden die emissies naar water voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie naar het oppervlaktewater voorkomen. Gemorst materiaal, lekkages en reinigingsoplossingen kunnen bijvoorbeeld worden afgevoerd naar een opslagruimte die van binnen is bekleed, waardoor lozing in het oppervlaktewater wordt voorkomen. Door de aanwezigheid van relatief ondoordringbare formaties boven de doelformatie wordt voorkomen dat vloeistof onder het oppervlak vrijkomt tijdens het breukproces. Dit beperkt de opwaartse migratie van vloeistof. Dit is ook relevant voor het terugwinnen van vloeistof die opnieuw wordt geïnjecteerd voor gebruik of verwijdering. Een minimale verticale scheidingsafstand tussen de doelformatie en de watervoerende laag moet worden aangehouden. Nationale wetgeving kan ook een minimale diepte vereisen

Teruggewonnen water kan uiteindelijk worden geloosd via een of meer grootschalige afvalwaterzuiveringsinstallaties waar een combinatie van fysische en biologische behandelingen de emissies naar het ontvangende water zal verminderen.

Omstandigheden die emissies naar de bodem voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie door neerwaartse migratie voorkomen. Bij wijze van voorbeeld kan worden voorkomen dat gemorste vloeistoffen, lekken en reinigingsoplossingen neerwaarts naar de bodem migreren door gebruik te maken van een niet-doorlatend membraan onder het putkussen. Slib van zuiveringswerken mag niet op het land worden uitgereden.

Bestaan van een standaard gemeentelijke rioolwaterzuiveringsinstallatie

Afvalbedrijven die zijn aangesteld om teruggewonnen water af te voeren, kunnen dit doen via een afvalwaterzuiveringsinstallatie, afhankelijk van de eigenschappen van het water en de voorwaarden van de lokale regelgeving.

4.7.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Aanvullend:

Verontreinigd water afkomstig van het schoonmaken wordt opgevangen en afgevoerd voor verwijdering volgens de EU- en lokale regelgeving en voorwaarden.

Afvalproducten die na gebruik in containers achterblijven, worden in de containers teruggebracht naar de leverancier voor reiniging/hervulling.

Afvalslib van behandelingsinstallaties zal worden behandeld als industrieel afval en niet op het land worden verspreid.

4.7.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 8

Conservering van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT11: Conserveringsmiddelen voor vloeistofkoelings- en verwerkingssystemen

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Conservering van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gaswinningindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van pompen direct in de waterstroom voordat het wordt gemengd met vers injectiewater en in het petroleumreservoir wordt gepompt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Bacteriën: Curatief gebruik, 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water met een contacttijd van 24 uur. Anaerobe bacteriën: Preventief gebruik, 150 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water.

Aantal en timing van de toepassing:

Batchbehandeling: Het biocide wordt meestal wekelijks gedoseerd, variërend van één tot vijf uur per dosis. Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Continue behandeling: tijdens de werkzaamheden wordt continu biocide geleverd.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.8.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

De dosering voor het behoud van geproduceerd water vóór hergebruik is 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water. Dit kan batchgewijs of continu worden uitgevoerd.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.8.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.8.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.8.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 9

Slimicidebehandeling in de natte fase van het pulp- en papierproductieproces.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Schimmels

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Gisten

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Slimicidebehandeling in de natte fase van het pulp- en papierproductieproces.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Automatische dosering door een pomp en vaste leidingen naar het primaire circuit, meestal in de opvangbak of in de headbox.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei van de natte fase): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp. Natte onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Aantal en timing van de toepassing:

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei van de natte fase): 2-6 automatische toevoegingen van shockdoseringen/dag. Herhaal dit 1 tot 3 dagen totdat de beheersing is bereikt.

Natte onderhoudsdosis: 2-6 automatische toevoegingen van shockdoseringen per dag, indien nodig om de beheersing te behouden.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.9.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer op een goed gemengd punt van het primaire circuit, onder het waterniveau. Sterk vervuilde systemen moeten vóór de eerste behandeling worden uitgekookt.

Elke shockdosering duurt 15-30 minuten.

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei van de natte fase): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Natte onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.9.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Toepassing is uitsluitend toegestaan in papierfabrieken die voldoen aan de Richtlijn Industriële Emissies 2010/75/EU waarbij afvalwater gezuiverd wordt via een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie ter plaatse waarbij het een biologische behandeling ondergaat in overeenstemming met de in de BBT-documenten (Beste Beschikbare Technieken) gedefinieerde industrienormen voor afvalwaterzuivering bij de productie van pulp, papier en karton. Het afvalwater moet minimaal 200 keer worden verdund. Papierfabrieken die zijn vrijgesteld van de Richtlijn Industriële Emissies moeten hun afvalwater op het gemeentelijk riool lozen.

4.9.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.9.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 10

Slimicidebehandeling in het ontinktingsproces van de pulp en het papier.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Schimmels

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Gisten

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik binnen

Slimicidebehandeling in het ontinktingsproces van de pulp en het papier.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Automatische dosering door pomp en vaste leidingen in het circuit, meestal in de pulper.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp. Onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Aantal en timing van de toepassing:

Aanvangsdosis (behandeling tegen vervuiling): 1-2 automatische toevoeging van shockdoseringen per dag. Herhaal dit gedurende 1 tot 2 dagen totdat de beheersing is bereikt.

Onderhoudsdosis: 1-2 automatische toevoegingen van shockdoseringen per dag, indien nodig om de beheersing te behouden.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.10.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer op een goed gemengd punt van het primaire circuit, onder het waterniveau. Sterk vervuilde systemen moeten vóór de eerste behandeling worden uitgekookt.

Elke shockdosering duurt 30 minuten.

Aanvangsdosis (behandeling voor de verwijdering van aangroei): 250 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

Onderhoudsdosis: 100 g glutaaraldehyde per ton papierpulp.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.10.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Toepassing is uitsluitend toegestaan in papierfabrieken die voldoen aan de Richtlijn Industriële Emissies 2010/75/EU waarbij afvalwater gezuiverd wordt via een industriële rioolwaterzuiveringsinstallatie ter plaatse waarbij het een biologische behandeling ondergaat in overeenstemming met de in de BBT-documenten (Beste Beschikbare Technieken) gedefinieerde industrienormen voor afvalwaterzuivering bij de productie van pulp, papier en karton. Papierfabrieken die zijn vrijgesteld van de Richtlijn Industriële Emissies moeten hun afvalwater op het gemeentelijk riool lozen.

4.10.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.10.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.11.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 11

Slimicidebehandeling in injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling in injectiewater in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering direct in de waterstroom met behulp vam pompen, na het mengen van productiewater en suppletiewater en voorafgaand aan de injectie van water in het petroleumreservoir.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

Aantal en timing van de toepassing:

Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.11.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Injectiewater wordt vaak ontlucht voordat het in de ondergrond wordt gepompt. Scheiding van chemische behandelingen moet worden overwogen bij het doseren van glutaaraldehyde, aangezien dit kan interfereren met andere veel voorkomende chemieën zoals antischuimmiddelen, zuurstofbinders, flocculanten en andere oxiderende biociden (bijv. chloriet). Opeenvolgende toevoeging van verschillende chemische pakketten kan nodig zijn om kruisreactiviteit te voorkomen en de prestaties te optimaliseren. Wanneer een ontluchter aanwezig is en wordt behandeld met chloriet of een vergelijkbare oxiderende chemicaliën, wordt glutaaraldehyde meestal gedoseerd na de ontluchter.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 injectiewater.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.11.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.11.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.11.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.11.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 12

Slimicidehandeling van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidehandeling van hydrotestvloeistoffen en ´mottenballen´-vloeistoffen in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Continue injectie in de waterstroom tijdens het vullen van de pijpleiding met behulp van chemicaliëninjectieskids uitgerust met injectiepompen.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

Aantal en timing van de toepassing:

Er is geen extra biocide-injectie in de hydrotestvloeistof zodra het vullen is voltooid.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.12.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 hydrotestvloeistof of ´mottenballen´-vloeistof, afhankelijk van de waterkwaliteit en de vereiste verblijftijd in de apparatuur.

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.12.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in de hydrotest- en ´mottenballen´-vloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Hydrotest- en ´mottenballen´-water met tot 750 mg/L glutaaraldehyde kan na de druktest worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.12.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.12.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.13.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 13

Slimicidebehandeling van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling van frackingvloeistoffen op waterbasis voor de olie- en gasindustrie (d.w.z. schaliegaswinning, natte schaliewinning, schalieoliewinning, productie uit krappe gasreservoirs, productie van methaan uit steenkoollagen en fracking in conventionele reservoirs).

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van geautomatiseerde pompen rechtstreeks in pijpleidingen of bereid in een mengtank voor in-line toepassing.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof, in de watermatrix voor hydraulisch fracken.

Aantal en timing van de toepassing:

In de sector van het hydraulisch fracken is de toepassing van het biocide doorgaans een enkele injectie, die plaatsvindt tijdens het eigenlijke fracken. Een nieuwe toevoeging van biocide wordt pas gedaan als de put opnieuw is gefrackt. Opnieuw fracken is zeldzaam, maar kan tot 20 keer worden uitgevoerd tijdens de levensduur van een put. De levensduur van een put kan oplopen tot 20 jaar.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.13.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Glutaaraldehyde wordt doorgaans via een gesloten systeem in een mengtank aangebracht met behulp van een pomp. Glutaaraldehyde kan worden gebruikt in combinatie met andere chemicaliën, zoals wrijvingsverminderaars, geleermiddelen, opvulmiddelen en corrosieremmers, en samen met deze chemicaliën in de mengtanks worden aangebracht. Indien gebruikt voor intermitterende behandelingen tijdens operaties zal een stroom glutaaraldehyde direct vanuit een aparte tank in een gesloten systeem in de proceswaterstroom worden gedoseerd, waardoor de kans op blootstelling aanzienlijk wordt verkleind.

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 frackingvloeistof, in de watermatrix voor hydraulisch fracken.

De dosis is sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.13.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Geconserveerde frackingvloeistoffen worden hergebruikt, indien van toepassing. Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg glutaaraldehyde/L frackingvloeistof niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.13.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Bovendien:

Omstandigheden die emissies naar water voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie naar het oppervlaktewater voorkomen. Gemorst materiaal, lekkages en reinigingsoplossingen kunnen bijvoorbeeld worden afgevoerd naar een opslagruimte die van binnen is bekleed, waardoor lozing in het oppervlaktewater wordt voorkomen. Door de aanwezigheid van relatief ondoordringbare formaties boven de doelformatie wordt voorkomen dat vloeistof onder het oppervlak vrijkomt tijdens het breukproces. Dit beperkt de opwaartse migratie van vloeistof. Dit is ook relevant voor het terugwinnen van vloeistof die opnieuw wordt geïnjecteerd voor gebruik of verwijdering. Een minimale verticale scheidingsafstand tussen de doelformatie en de watervoerende laag moet worden aangehouden. Nationale wetgeving kan ook een minimale diepte vereisen

Teruggewonnen water kan uiteindelijk worden geloosd via een of meer grootschalige afvalwaterzuiveringsinstallaties waar een combinatie van fysische en biologische behandelingen de emissies naar het ontvangende water zal verminderen.

Omstandigheden die emissies naar de bodem voorkomen:

Door het ontwerp van de installatie wordt emissie door neerwaartse migratie voorkomen. Bij wijze van voorbeeld kan worden voorkomen dat gemorste vloeistoffen, lekken en reinigingsoplossingen neerwaarts naar de bodem migreren door gebruik te maken van een niet-doorlatend membraan onder het putkussen. Slib van zuiveringswerken mag niet op het land worden uitgereden.

Bestaan van een standaard gemeentelijke rioolwaterzuiveringsinstallatie

Afvalbedrijven die zijn aangesteld om teruggewonnen water af te voeren, kunnen dit doen via een afvalwaterzuiveringsinstallatie, afhankelijk van de eigenschappen van het water en de voorwaarden van de lokale regelgeving.

4.13.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Aanvullend:

Verontreinigd water afkomstig van het schoonmaken wordt opgevangen en afgevoerd voor verwijdering volgens de EU- en lokale regelgeving en voorwaarden.

Afvalproducten die na gebruik in containers achterblijven, worden in de containers teruggebracht naar de leverancier voor reiniging/hervulling.

Afvalslib van behandelingsinstallaties zal worden behandeld als industrieel afval en niet op het land worden verspreid.

4.13.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.14.   Beschrijving van het gebruik

Tabel 14

Slimicidebehandeling van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Productsoort

PT12: Slimiciden

Indien van toepassing, een precieze beschrijving van het toegelaten gebruik

Niet relevant.

Doelorganisme(n) (met inbegrip van ontwikkelingsstadium)

Wetenschappelijke naam: geen gegevens

Triviale naam: Bacteriën

Ontwikkelingsstadia: geen gegevens

Toepassingsgebied(en)

gebruik buiten

Slimicidebehandeling van geproduceerd water voor hergebruik in de olie- en gasindustrie.

Toepassingsmethode(n)

Methode: Gesloten systeem

Gedetailleerde beschrijving:

Dosering met behulp van pompen direct in de waterstroom voordat het wordt gemengd met vers injectiewater en in het petroleumreservoir wordt gepompt.

Dosering(en) en frequentie

Toe te passen dosis: 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water.

Aantal en timing van de toepassing:

Batchbehandeling: Batches kunnen in ernstige gevallen tot drie keer per week voorkomen, maar komen meestal één keer per week voor.

Continue behandeling: tijdens de werkzaamheden wordt continu biocide geleverd.

Categorie/categorieën gebruikers

industrieel

getrainde professionele gebruiker

Verpakkingsgrootten en verpakkingsmateriaal

Emmers: 25L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Vaten: 220L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

IBC (Intermediate Bulk Container): 1000L nominaal, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Bulktankwagen: 28 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Bulk ISO-tank: 20 MT max. brutogewicht, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore-geschikte vaten: 200L, constructiemateriaal is hoge-dichtheid-polyetheen.

Offshore geschikte semi-bulkcontainers: 1000L, constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 500 IG (2273L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

Offshore geschikte containers: 1000 IG (4546L), constructiemateriaal is roestvrij staal.

4.14.1.   Gebruik-specifieke gebruiksinstructies

Doseer 50 tot 1000 g glutaaraldehyde per m3 geproduceerd water..

De dosis en frequentie zijn sterk afhankelijk van de formulering en het beoogde gebruik van de matrix waaraan het conserveermiddel wordt toegevoegd. Daarom moet de gebruiker voor zijn specifieke te conserveren matrix/systeem, de doseringsvereisten bepalen. De laagste effectieve dosis moet worden gebruikt. Raadpleeg indien nodig de toelatingshouder van het conserveermiddel.

4.14.2.   Gebruik-specifieke risicobeperkende maatregelen

Bij lozing in zeewater mag 0,2 mg/L glutaaraldehyde in het geproduceerde water voor hergebruik niet worden overschreden. Deze concentratie kan worden bereikt door langzame afgifte en/of lange retentietijden resulterend in afbraak van glutaaraldehyde en/of door verdunning en/of toevoeging van natriumbisulfiet bij pH 5 (afgifte na minimaal 20 minuten) of toevoeging van natriumhydroxide aan pH 12 (afgifte na minimaal 10-16 uur) als afbraakhulpmiddelen. Geproduceerd water voor hergebruik met maximaal 750 mg/L glutaaraldehyde kan worden gebruikt voor herinjectie. Voer een laboratoriumtest uit om de gebruikte vervuilingsafhankelijke dosering en afbraaksnelheid te bepalen.

Bij toepassing op het land moeten geconserveerde vloeistoffen worden gerecycled of als gevaarlijk afval worden afgevoerd. Als lozing in het riool onvermijdelijk is, mag de concentratie niet hoger zijn dan 1 mg glutaaraldehyde/L.

4.14.3.   Waar specifiek voor het gebruik, de bijzonderheden betreffende mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO-instructies en noodmaatregelen om het milieu te beschermen

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.14.4.   Waar specifiek voor het gebruik, instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

4.14.5.   Waar specifiek voor het gebruik, voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Zie algemene aanwijzingen voor gebruik.

Hoofdstuk 5.   ALGEMENE GEBRUIKSAANWIJZING VAN DE META-SPC 2

5.1.   Gebruiksinstructies

Zie gebruiksspecifieke gebruiksaanwijzing.

5.2.   Risicobeperkende maatregelen

De productverpakking handmatig loskoppelen:

Het gebruik van oogbescherming (chemische veiligheidsbril) conform EN 166 of gelijkwaardig is verplicht tijdens het hanteren van het product.

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig tijdens het hanteren van het product (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Gebruik van ademhalingsbeschermingsmiddelen (RPE) met een beschermingsfactor van 40 is verplicht. Ten minste een aangedreven luchtzuiverend ademhalingstoestel met helm/kap/masker (TH3 (EN 12941 of gelijkwaardig)/TM3 (EN 12942 of gelijkwaardig)), of een volgelaatsmasker (EN 136 of gelijkwaardig) met deeltjesfilter P3 (EN 12083 of gelijkwaardig)

Tijdens tankreiniging en onderhoud:

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Het gebruik van ademhalingsbeschermingsmiddelen (RPE) met een beschermingsfactor van 10 is verplicht. Ten minste een aangedreven luchtzuiverend ademhalingstoestel met helm/kap/masker (TH1 (EN 12941 of gelijkwaardig)/TM1 (EN 12942 of gelijkwaardig)), een half- of kwartgelaatsmasker (EN 140 of gelijkwaardig of een volgelaatsmasker (EN 136 of gelijkwaardig) met deeltjesfilter P2 (EN 12083 of gelijkwaardig) of een filterend halfgelaatsmasker (FFP2, EN 149 of gelijkwaardig).

Aftappen, reinigen en onderhouden van een gesloten recirculatiesysteem:

Draag een beschermende overall [type 3 of type 4] conform EN 14605 of gelijkwaardig.

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Laden/lossen van slurrytanks:

Draag tijdens het hanteren van het product beschermende chemisch bestendige handschoenen die voldoen aan de eisen van de Europese norm EN 374 of gelijkwaardig (handschoenmateriaal moet door de toelatingshouder worden gespecificeerd in de productinformatie).

Het product moet worden gegoten met behulp van een geautomatiseerd doseersysteem.

Zorg ervoor dat het product in goed geventileerde ruimten wordt aangebracht.

Gebruik technische maatregelen om het niveau in de lucht onder de grenswaarden of richtlijnen voor blootstelling te houden.

Gebruik een goedgekeurd luchtzuiverend of persluchttoestel afhankelijk van de mogelijke concentratie in de lucht.

Wat betreft de persoonlijke beschermingsmiddelen die in deze rubriek worden genoemd, dit doet geen afbreuk aan de toepassing door werkgevers van Richtlijn 98/24/EG van de Raad en andere wetgeving van de Unie op het gebied van gezondheid en veiligheid op het werk.

Zie rubriek 6 voor de volledige verwijzingen naar deze wet en de Europese normen.

5.3.   Bijzonderheden van mogelijke directe of indirecte effecten, EHBO instructies en noodmaatregelen om mens, dier en milieu te beschermen

NA INADEMING: In de frisse lucht brengen en laten rusten in een houding die het ademen vergemakkelijkt.

Als symptomen: Bel direct 112/ambulance voor medische hulp.

NA INSLIKKEN: Indien bij bewustzijn, onmiddellijk de mond spoelen. Geef iets te drinken als de blootgestelde persoon kan slikken. GEEN braken opwekken. Bel 112/ambulance voor medische hulp.

INDIEN OP DE HUID: Was de huid onmiddellijk met veel water. Daarna alle verontreinigde kleding uittrekken en wassen alvorens deze opnieuw te gebruiken. Blijf de huid gedurende 15 minuten met water wassen. Een arts raadplegen die contact kan opnemen met het NVIC (Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum) (NL), óf raadpleeg een arts of het Antigifcentrum (BE). Als huidirritatie of huiduitslag optreedt: Zorg voor medisch advies.

INDIEN IN DE OGEN: Onmiddellijk enkele minuten met water afspoelen. Verwijder contactlenzen, indien aanwezig en dit gemakkelijk te doen is. Blijf minimaal 15 minuten spoelen. Bel 112/ambulance voor medische hulp.

Informatie voor gezondheidszorgpersoneel/arts:

Voer onmiddellijk levensondersteunende maatregelen uit en bel daarna een ANTIGIFCENTRUM.

Milieuvoorzorgsmaatregelen: voorkom dat het middel in de bodem, sloten, riolen, waterwegen en/of grondwater terechtkomt. Lekkage, het morsen of lozing in natuurlijke waterwegen zal waarschijnlijk leiden tot sterfte van in het water levende organismen.

Persoonlijke voorzorgsmaatregelen, beschermingsmiddelen en noodprocedures in geval van maatregelen bij het accidenteel vrijkomen: Evacueer het gebied. Bovenwinds van lekkage of gemorst materiaal blijven. Ventileer het gebied van lekkage of het gemorste materiaal. Alleen opgeleid en goed beschermd personeel mag worden betrokken bij opruimwerkzaamheden. Gebruik geschikte beschermingsmiddelen.

Methoden en materialen voor insluiting en opruimen: vermijd contact met gemorst materiaal, aangezien glutaaraldehyde door de meeste schoenen wordt geabsorbeerd. Draag bij het opruimen van gemorst materiaal altijd de juiste beschermingsmiddelen, waaronder ademhalingsbescherming, handschoenen, beschermende kleding en oogbescherming. Afhankelijk van de omvang van de lekkage en de toereikendheid van de ventilatie kan een onafhankelijk ademhalingsapparaat of gasmasker nodig zijn, evenals absorptiemiddelen.

Gering gemorst materiaal: Draag de juiste beschermende uitrusting inclusief handschoenen en beschermende kleding en bedek de vloeistof met absorberend materiaal. Verzamel en verzegel het materiaal en het vuil dat het gemorste materiaal heeft geabsorbeerd in polyethyleen zakken en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats. Spoel het achtergebleven gemorste materiaal weg met water om de geur te verminderen en laat het spoelwater lozen in een gemeentelijk of industrieel riool, niet in een natuurlijke waterweg.

Grote hoeveelheden gemorst materiaal: Bij irritatie van de neus en luchtwegen de kamer of ruimte onmiddellijk verlaten. Het schoonmaakpersoneel moet worden opgeleid en uitgerust met een onafhankelijk ademhalingsapparaat of een officieel goedgekeurd of gecertificeerd volgelaatsmasker uitgerust met een patroon voor organische dampen, handschoenen en kleding die ondoordringbaar is voor glutaaraldehyde, inclusief rubberen laarzen of schoenbescherming. Deactiveer met natriumbisulfiet (2-3 gewichtsdelen per deel glutaaraldehyde), vang de geneutraliseerde vloeistof op en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats.

5.4.   Instructies voor de veilige verwijdering van het product en zijn verpakking

Het biocide moet, wanneer het in ongebruikte en niet-verontreinigde staat wordt afgevoerd, worden behandeld als gevaarlijk afval volgens EG-richtlijn 2008/98/EG.

Deactiveer met natriumbisulfiet (2-3 gewichtsdelen per deel glutaaraldehyde), vang de geneutraliseerde vloeistof op en plaats deze in een vat voor transport naar een goedgekeurde stortplaats. Als de concentratie glutaaraldehyde tot 2% is, deactiveer dan door toevoeging van een waterige natriumhydroxideoplossing in een hoeveelheid die voldoende is om de pH gedurende 8 uur op 12 te houden, gevolgd door neutralisatie (d.w.z. neutrale pH) met de zorgvuldige toevoeging van een anorganisch zuur bijv. zoutzuur, alvorens op de juiste manier af te voeren. Verwerkingsmethoden moeten voldoen aan alle nationale en provinciale wet- en regelgeving en aan alle gemeentelijke of lokale verordeningen die betrekking hebben op de regulering van gevaarlijk afval. Niet in de riolering, op de grond of in het water lozen. Voorkom lozing in het milieu. Verbranding bij hoge temperatuur is een acceptabele praktijk, glutaaraldehyde verbrandt schoon tot kooldioxide en water.

Containers die worden gebruikt om glutaaraldehyde-oplossingen op te slaan, zijn niet navulbaar. Gebruik of vul de containers niet opnieuw. Containers moeten onmiddellijk na het legen driemaal of onder druk worden gespoeld met water. Ze kunnen vervolgens worden aangeboden voor recycling of reconditionering voor biociden, of ze kunnen worden doorboord en afgevoerd naar een gecontroleerde stortplaats of via andere procedures die zijn goedgekeurd door nationale en lokale autoriteiten. Stuur afvalvloeistof van het spoelen van gebruikte containers naar een goedgekeurde afvalverwerkingsfaciliteit.

5.5.   Voorwaarden voor opslag en de houdbaarheid van het product onder normale opslagomstandigheden

Niet bewaren in en contact vermijden met aluminium, koolstofstaal, koper, zacht staal, ijzer. Vermijd contact met aminen, ammoniak, sterke zuren, sterke basen, sterke oxidatiemiddelen.

Bewaren bij temperaturen < 40 °C.

Houdbaarheid:

meta SPC GA 24: 24 maanden in HDPE en 12 maanden in roestvrij staal

Hoofdstuk 6.   OVERIGE INFORMATIE

De volledige titels van de EN-normen waarnaar wordt verwezen in de Risicobeperkende maatregelen zijn:

EN ISO 374 - Beschermende handschoenen tegen gevaarlijke chemicaliën en micro-organismen

EN 166 - Oogbescherming tegen chemicaliën.

EN 14605 - Beschermende kleding tegen vloeibare chemicaliën - Prestatie-eisen voor kleding met vloeistofdichte (Type 3) of spraydichte (Type 4) verbindingen, inclusief onderdelen die alleen bescherming bieden aan lichaamsdelen (Typen PB [3] en PB [4]).

EN 12941 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Aangedreven filterapparaten met een loszittend ademhalingsstuk - Eisen, testen, markering

EN 12942 – Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Aangedreven filterapparaten met volgelaatsmaskers, halfmaskers of kwartmaskers - Eisen, testen, markering

EN 136 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen. Volgelaatsmaskers. Eisen, testen, markering

EN 140 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Halfmaskers en kwartmaskers - Eisen, testen, markering

EN 149 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen - Filterende halfmaskers ter bescherming tegen deeltjes - Eisen, testen, markering

EN 12083 - Ademhalingsbeschermingsmiddelen – Filters met ademslangen (niet op het masker gemonteerde filters) – Deeltjesfilters, gasfilters en gecombineerde filters – Eisen, testen, markering

Richtlijn 98/24/EG van de Raad van 7 april 1998 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers tegen risico’s van chemische agentia op het werk (14e bijzondere richtlijn in de zin van artikel 16, lid 1, van Richtlijn 89/391/EEG) (PB L 131 van 5.5.1998, blz. 11).

Met betrekking tot de categorie (en) gebruikers geldt: “Professionelen (inclusief industriële gebruikers) betekent opgeleide professionals als dit vereist is door de nationale wetgeving.

Hoofdstuk 7.   DERDE INFORMATIENIVEAU: INDIVIDUELE BIOCIDEN IN DE META-SPC 2

7.1.   Handelsnaam (-namen), toelatingsnummer en specifieke samenstelling van elke individuele biocide

Handelsnaam (-namen)

Bactron B1125G

Marktgebied EU

Nalco® 73500G

Marktgebied EU

Nalco® 73500GA

Marktgebied EU

BIOC11125AG

Marktgebied EU

Nalco® WT-407G

Marktgebied EU

EC6111EG

Marktgebied EU

FBE4980G

Marktgebied EU

Toelatingsnummer

 

EU-0035028-0002 1-2

Triviale naam

IUPAC-naam

Functie

CAS-nummer

EG-nummer

Gehalte (%)

Glutaaraldehyde

1,5-pentaandial

Werkzame stof

111-30-8

203-856-5

24,2 % (m/m)


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2026/1352/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)