|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2026/907 |
29.4.2026 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2026/907 VAN DE COMMISSIE
van 27 april 2026
tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het standaardschema en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1013 van de Commissie
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2026) 2284)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer, tot wijziging van Verordeningen (EEG) nr. 3821/85 en (EG) nr. 2135/98 van de Raad en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 3820/85 van de Raad (1), en met name artikel 25, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema moet door de lidstaten worden gebruikt om aan de Commissie de nodige inlichtingen te verstrekken zodat zij om de twee jaar een verslag kan opstellen over de toepassing van die verordening en van Verordening (EU) nr. 165/2014 van het Europees Parlement en de Raad (2), alsook over ontwikkelingen op de onder die verordeningen vallende gebieden. |
|
(2) |
Krachtens artikel 26, lid 4, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 165/2014 kunnen de lidstaten op goede gronden en in uitzonderlijke gevallen een tijdelijke bestuurderskaart afgeven aan een bestuurder die niet zijn gewone verblijfplaats heeft in een lidstaat of een staat die partij is bij de Europese Overeenkomst nopens de arbeidsvoorwaarden voor de bemanningen van motorrijtuigen in het internationale vervoer over de weg (AETR) (3). Overeenkomstig artikel 26, lid 4, tweede alinea, van die verordening moet de Commissie op basis van door de lidstaten verstrekte gegevens iedere twee jaar verslag doen van haar bevindingen over bestuurderskaarten aan het Europees Parlement en de Raad. Om redenen van administratief gemak en doeltreffende monitoring van de voorschriften van de Unie is het daarom wenselijk dat de lidstaten die gegevens verstrekken met gebruik van het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema. |
|
(3) |
De bepalingen over rijtijden, onderbrekingen en rusttijden in Verordening (EG) nr. 561/2006 worden aangevuld door Richtlijn 2002/15/EG van het Europees Parlement en de Raad (4), zoals bepaald in artikel 2, lid 4, waarin regels voor andere aspecten van de arbeidstijd zijn vastgesteld. Krachtens artikel 13, lid 1, van Richtlijn 2002/15/EG moeten de lidstaten de Commissie om de twee jaar informatie verstrekken over de uitvoering van die richtlijn. Die tweejarige verslagperiode bestrijkt dezelfde periode als die welke is vastgesteld in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006. Om redenen van administratief gemak en doeltreffende monitoring van de Unieregels op het gebied van wegvervoer en met het oog op de bevordering van een gemeenschappelijke aanpak is het daarom passend de relevante informatie te melden met gebruik van het standaardschema, overeenkomstig artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006. |
|
(4) |
Bij Verordening (EU) 2020/1054 van het Europees Parlement en de Raad (5) is Verordening (EG) nr. 561/2006 gewijzigd door in de artikelen 8 en 8 bis de verplichting in te voeren dat vervoersondernemingen alle kosten van een verblijf buiten het voertuig moeten dekken en het werk van de bestuurders zodanig moeten plannen dat zij binnen elke periode van vier opeenvolgende weken kunnen terugkeren naar de exploitatievestiging van de werkgever of naar hun woonplaats om wekelijkse rusttijden te nemen. Bij controles van bestuurders of controles die ter plaatse bij ondernemingen worden verricht, moeten de lidstaten ook nagaan of die nieuwe verplichtingen worden nageleefd. Om een gemeenschappelijke aanpak te bevorderen, moeten de resultaten van die controles worden vermeld in het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema. |
|
(5) |
Richtlijn 2006/22/EG van het Europees Parlement en de Raad (6) is gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2020/1057 van het Europees Parlement en de Raad (7) door het toepassingsgebied van wegcontroles en controles ter plaatse bij vervoersondernemingen uit te breiden tot controles op de naleving van de in Richtlijn 2002/15/EG vastgestelde arbeidstijdregels. Het resultaat van die controles moet aan de Commissie worden gemeld met gebruik van het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema. |
|
(6) |
Krachtens artikel 9 van Richtlijn 2006/22/EG moet bij gerichtere controles rekening worden gehouden met de risicoclassificatie van ondernemingen op basis van het relatieve aantal en de relatieve ernst van inbreuken op Verordening (EG) nr. 561/2006 of op Verordening (EU) nr. 165/2014 of op de nationale bepalingen tot omzetting van Richtlijn 2002/15/EG. Controles van ondernemingen die voortvloeien uit hun respectieve risicoclassificatie met betrekking tot de toepassing van Verordening (EG) nr. 561/2006, Verordening (EU) nr. 165/2014 en Richtlijn 2002/15/EG en het aantal inbreuken op die handelingen, moeten bijgevolg worden gemeld in het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema. |
|
(7) |
Het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema, dat is vastgesteld bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1013 van de Commissie (8), moet daarom worden bijgewerkt om rekening te houden met de nieuwe eisen zoals genoemd in de overwegingen 2 tot en met 6. |
|
(8) |
Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1013 moet daarom worden ingetrokken. |
|
(9) |
Om de consistentie van de rapportageverplichtingen te bevorderen en te verbeteren, moet de Commissie onderzoek doen naar een geschikt digitaal instrument waarmee de lidstaten de informatie kunnen indienen die is opgenomen in het bij dat besluit vastgestelde standaardrapportageschema, en dat instrument ontwikkelen. |
|
(10) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 42, lid 1, van Verordening (EU) nr. 165/2014 ingestelde comité, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het in artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 561/2006 genoemde standaardschema is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1013 wordt ingetrokken.
Verwijzingen naar het ingetrokken besluit gelden als verwijzingen naar het onderhavige besluit.
Artikel 3
Dit besluit is gericht tot de lidstaten. Dit besluit wordt van toepassing vanaf de verslagperiode voor de jaren 2027 en 2028.
Gedaan te Brussel, 27 april 2026.
Voor de Commissie
Apostolos TZITZIKOSTAS
Lid van de Commissie
(1) PB L 102 van 11.4.2006, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2006/561/oj.
(2) Verordening (EU) nr. 165/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 4 februari 2014 betreffende tachografen in het wegvervoer, tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 3821/85 van de Raad betreffende het controleapparaat in het wegvervoer en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer (PB L 60 van 28.2.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2014/165/oj).
(3) PB L 95 van 8.4.1978, blz. 1.
(4) Richtlijn 2002/15/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2002 betreffende de organisatie van de arbeidstijd van personen die mobiele werkzaamheden in het wegvervoer uitoefenen (PB L 80 van 23.3.2002, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2002/15/oj).
(5) Verordening (EU) 2020/1054 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2006 wat betreft de minimumeisen voor maximale dagelijkse en wekelijkse rijtijden, minimumonderbrekingen en dagelijkse en wekelijkse rusttijden, en Verordening (EU) nr. 165/2014 wat betreft positionering door middel van tachografen (PB L 249 van 31.7.2020, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2020/1054/oj).
(6) Richtlijn 2006/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 inzake minimumvoorwaarden voor de uitvoering van de Verordeningen (EG) nr. 561/2006 en (EU) nr. 165/2014 en van Richtlijn 2002/15/EG betreffende voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer en tot intrekking van Richtlijn 88/599/EEG van de Raad (PB L 102 van 11.4.2006, blz. 35, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2006/22/oj).
(7) Richtlijn (EU) 2020/1057 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 tot vaststelling van specifieke regels met betrekking tot Richtlijn 96/71/EG en Richtlijn 2014/67/EU wat betreft de detachering van bestuurders in de wegvervoersector en tot wijziging van Richtlijn 2006/22/EG wat betreft de handhavingsvoorschriften en Verordening (EU) nr. 1024/2012 (PB L 249 van 31.7.2020, blz. 49, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2020/1057/oj).
(8) Uitvoeringsbesluit (EU) 2017/1013 van de Commissie van 30 maart 2017 tot vaststelling van het standaardschema als bedoeld in artikel 17 van Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 153 van 16.6.2017, blz. 28, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2017/1013/oj).
BIJLAGE
1. LIDSTAAT
2. REFERENTIEPERIODE
Van (datum): 1.1.… tot (datum): 31.12.…
3. BEREKENING VAN HET MINIMUMAANTAL UIT TE VOEREN CONTROLES
(Artikel 2 van Richtlijn 2006/22/EG)
|
a) |
Totaal aantal gewerkte dagen per bestuurder tijdens de referentieperiode: … |
|
b) |
Totaal aantal voertuigen waarop Verordening (EG) nr. 561/2006 van toepassing is:
|
|
c) |
Totaal aantal gewerkte dagen [a) × b)]: … |
|
d) |
Minimumaantal controles [3 % sinds januari 2010]: … |
4. WEGCONTROLES
4.1. Aantal aan een wegcontrole onderworpen bestuurders, per land van inschrijving en volgens soort vervoer
|
Belangrijkste soort vervoer |
EU/EER/Zwitserland |
Derde landen |
|
|
Staatsburgers |
Niet-staatsburgers |
||
|
Passagiersvervoer |
|
|
|
|
Goederenvervoer |
|
|
|
|
Totaal |
|
|
|
4.2. Aantal voertuigen dat is aangehouden voor een wegcontrole, per land van inschrijving
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
A |
B |
BG |
CY |
CZ |
D |
DK |
E |
EST |
F |
FIN |
GR |
H |
HR |
I |
IRL |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
L |
LT |
LV |
M |
NL |
P |
PL |
RO |
S |
SK |
SLO |
FL |
IS |
N |
CH |
Derde landen |
Totaal |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
4.3. Aantal voertuigen dat is aangehouden voor een wegcontrole, per type tachograaf
|
Type tachograaf |
EU/EER/Zwitserland |
Derde landen |
|||||||
|
Staatsburgers |
Niet-staatsburgers |
||||||||
|
Analoog |
|
|
|
||||||
|
Digitaal (niet-slim) (3) |
|
|
|
||||||
|
Slim (4) |
|
|
|
||||||
|
Totaal |
|
|
|
||||||
|
(3) Voertuig uitgerust met:
(4) Voertuigen uitgerust met een slimme tachograaf versie 1, die voldoet aan bijlage IC bij Uitvoeringsverordening (EU) 2016/799 van de Commissie, van toepassing sinds 20 augustus 2023 (PB L 139 van 26.5.2016, blz. 1). Voertuigen uitgerust met een slimme tachograaf versie 2, die voldoet aan bijlage IC bij Uitvoeringsverordening (EU) 2016/799 van de Commissie, zoals gewijzigd bij Verordeningen (EU) 2021/1228 en (EU) 2023/980. |
|||||||||
4.4. Aantal bij wegcontroles gecontroleerde werkdagen, volgens soort vervoer en per land van inschrijving
|
Belangrijkste soort vervoer |
EU/EER/Zwitserland |
Derde landen |
|
|
Staatsburgers |
Niet-staatsburgers |
||
|
Passagiersvervoer |
|
|
|
|
Goederenvervoer |
|
|
|
|
Totaal |
|
|
|
4.5. Overtredingen — Aantal en soort tijdens wegcontroles vastgestelde overtredingen
(R — overtreding van Verordening (EG) nr. 561/2006, T — overtreding van Verordening (EU) nr. 165/2014, D — overtreding van Richtlijn 2002/15/EG)
|
Artikel |
Soort overtreding |
Passagiersvervoer |
Goederenvervoer |
||||||||||||
|
EU/EER/Zwitserland |
Derde landen |
EU/EER/Zwitserland |
Derde landen |
||||||||||||
|
Staatsburgers |
Niet-staatsburgers |
Staatsburgers |
Niet-staatsburgers |
||||||||||||
|
R 6, leden 1, 2 en 3 |
Overschrijding van de rijtijd: |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
R 7 |
Onvoldoende onderbrekingen |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
R 8, leden 2, 5 en 6 |
Onvoldoende rusttijden: |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
R 8, lid 6 ter |
Geen rusttijd ter compensatie van twee opeenvolgende verkorte wekelijkse rusttijden |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
R 8, lid 6 bis |
Overschrijden van 12 opeenvolgende perioden van 24 uur na een de vorige normale wekelijkse rusttijd |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
T 32, lid 1, en 33, lid 1 T 3, leden 1, 4 en 4 bis, en 22 |
Registratieapparatuur: |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|
|
|
|
|||||||||
|
D 4, punt a) |
Overschrijding van de maximale wekelijkse arbeidstijd van 60 uur |
|
|
|
|
|
|
||||||||
|
(5) Moeten zijn uitgerust met slimme tachografen v.2 (artikel 34, lid 7, van Verordening (EU) nr. 165/2014):
|
|||||||||||||||
5. CONTROLES TER PLAATSE BIJ ONDERNEMINGEN
5.1. Aantal ter plaatse bij ondernemingen gecontroleerde bestuurders en werkdagen
|
Soort vervoer |
Aantal gecontroleerde bestuurders |
Aantal gecontroleerde werkdagen |
||
|
||||
|
Passagiersvervoer |
|
|
||
|
Goederenvervoer |
|
|
||
|
||||
|
Vervoer voor rekening van derden |
|
|
||
|
Vervoer voor eigen rekening |
|
|
||
5.2. Overtredingen — Aantal en soort ter plaatse bij ondernemingen vastgestelde overtredingen
(R — overtreding van Verordening (EG) nr. 561/2006, T — overtreding van Verordening (EU) nr. 165/2014, D — overtreding van Richtlijn 2002/15/EG)
|
Artikel |
Soort overtreding |
Passagiersvervoer |
Goederenvervoer |
||||||||
|
R 6, leden 1, 2 en 3 |
Overschrijding van de rijtijd: |
|
|
||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
R 7 |
Onvoldoende onderbrekingen |
|
|
||||||||
|
R 8, leden 2, 5 en 6 |
Onvoldoende rusttijden: |
|
|
||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
R 8, lid 6 ter |
Geen rusttijd ter compensatie van twee opeenvolgende verkorte wekelijkse rusttijden |
|
|
||||||||
|
R 8, lid 8 (*1) |
Normale wekelijkse rusttijd of wekelijkse rusttijd van meer dan 45 uur in het voertuig genomen, of kosten voor het verblijf van de bestuurder niet gedekt |
|
|
||||||||
|
R 8, lid 8 bis (*1) |
Werk van bestuurders niet zodanig gepland dat ze kunnen terugkeren naar de exploitatievestiging van de werkgever of hun woonplaats |
|
|
||||||||
|
R 8, lid 6 bis |
Overschrijden van 12 opeenvolgende perioden van 24 uur na een vorige normale wekelijkse rusttijd |
|
|
||||||||
|
T 33, lid 2 (*1) |
Registers niet door de onderneming bewaard |
|
|
||||||||
|
T 32, lid 1, en 33, lid 1 T 3, leden 1, 4 en 4 bis, en 22 |
Registratieapparatuur: |
|
|
||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
D 4, 5 en 7 |
Niet-naleving van: |
|
|
||||||||
|
|
|
|||||||||
|
— maximale arbeidstijd van 60 uur |
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
|
|
|||||||||
|
(*1) Overtredingen die in beginsel alleen ter plaatse bij de onderneming kunnen worden vastgesteld. (6) Moeten zijn uitgerust met slimme tachografen v.2:
|
|||||||||||
5.3. Aantal ter plaatse gecontroleerde ondernemingen en bestuurders, volgens omvang van het wagenpark van de onderneming
|
Omvang wagenpark |
Aantal gecontroleerde ondernemingen |
Aantal gecontroleerde bestuurders |
Aantal vastgestelde overtredingen |
|
1-50 |
|
|
|
|
51-500 |
|
|
|
|
Meer dan 500 |
|
|
|
|
OPMERKING: |
het totale aantal vastgestelde overtredingen in de tabellen 5.1 en 5.2 enerzijds en in tabel 5.3 anderzijds moet identiek zijn. |
6. TIJDELIJKE BESTUURDERSKAARTEN AFGEGEVEN KRACHTENS ARTIKEL 26, LID 4, VAN VERORDENING (EU) NR. 165/2014
6.1. Algemene informatie over afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten
|
|
Tijdens het eerste jaar van de verslagperiode |
Tijdens het tweede jaar van de verslagperiode |
|
Totaal aantal afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten |
|
|
| Aandeel tijdelijke bestuurderskaarten in het totale aantal bestuurderskaarten dat in hetzelfde jaar is afgegeven: (
|
|
|
6.2. Landen waar bestuurders aan wie tijdelijke bestuurderskaarten zijn afgegeven, hun gewone verblijfplaats hebben
|
|
Tijdens het eerste jaar van de verslagperiode |
Tijdens het tweede jaar van de verslagperiode |
|
Land van gewone verblijfplaats met het hoogste aantal afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten (en aantal afgegeven kaarten) |
|
|
|
Land van gewone verblijfplaats met het op één na hoogste aantal afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten (en aantal afgegeven kaarten) |
|
|
|
Land van gewone verblijfplaats met het op twee na hoogste aantal afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten (en aantal afgegeven kaarten) |
|
|
|
[zoveel regels als nodig] Land van gewone verblijfplaats met het op [X] na hoogste aantal afgegeven tijdelijke bestuurderskaarten (en aantal afgegeven kaarten) |
|
|
6.3. Potentiële effecten van de afgifte van tijdelijke bestuurderskaarten op de arbeidsmarkt
|
a) |
Specifieke voorwaarden die in de nationale wetgeving zijn vastgesteld voor de afgifte van een tijdelijke bestuurderskaart, naast de voorwaarden van artikel 26, lid 4, van Verordening (EU) nr. 165/2014: … |
|
b) |
Is het krachtens het nationaal recht mogelijk om meer dan één keer een tijdelijke bestuurderskaart aan dezelfde bestuurder af te geven? (Ja/Nee) |
|
c) |
Heeft uw lidstaat vastgesteld dat die tijdelijke bestuurderskaarten effecten hebben op de nationale arbeidsmarkt? |
7. CONTROLES NAAR AANLEIDING VAN DE RISICOCLASSIFICATIE VAN DE ONDERNEMING IN HET RISICOCLASSIFICATIESYSTEEM (RCS) (7)
(Artikel 9 van Richtlijn 2006/22/EG)
|
Aantal gerichte controles naar aanleiding van het RCS, langs de weg |
|
|
Aantal gerichte controles naar aanleiding van het RCS, ter plaatse |
|
|
Totaal aantal controles op basis van het RCS |
|
8. SCHONE CONTROLES (8)
|
Aantal schone controles langs de weg |
|
|
Aantal schone controles ter plaatse |
|
|
Totaal aantal schone controles |
|
9. NATIONALE HANDHAVINGSCAPACITEIT
|
|
||
|
|
||
|
|
||
|
|
||
|
(9) Overeenkomstig artikel 9, lid 2, van Verordening (EU) nr. 165/2014 moesten de lidstaten hun controleautoriteiten tegen augustus 2024 uitrusten met de apparatuur voor vroegtijdige detectie op afstand die noodzakelijk is om gegevensoverdracht mogelijk te maken en gerichte wegcontroles te vergemakkelijken. |
|||
10. NATIONALE EN INTERNATIONALE INITIATIEVEN
10.1. Nationaal
|
a) |
Regelgevend (waaronder het gebruik van de uitzonderingen van artikel 13, leden 1 en 3, van Verordening (EG) nr. 561/2006) |
|
b) |
Administratief |
|
c) |
Overige (waaronder het gebruik van de uitzonderingen van artikel 14 van Verordening (EG) nr. 561/2006) |
10.2. Internationaal
|
|
Tijdens het eerste jaar van de verslagperiode |
Tijdens het tweede jaar van de verslagperiode |
|
Data van onderling afgestemde controles, samenwerkende landen en gecontroleerde personen |
|
|
11. SANCTIES
(Artikel 19 van Verordening (EG) nr. 561/2006)
|
8.1. |
Schalen in het referentiejaar |
|
8.2. |
Gewijzigde sancties tijdens de referentieperiode
|
12. CONCLUSIES EN COMMENTAAR, OOK MET BETREKKING TOT ONTWIKKELINGEN OP DE BETROKKEN GEBIEDEN
Redenen voor opmerkelijke wijzigingen; vermeld de reden als er sprake is van opmerkelijke wijzigingen in de nummers van categorieën.
13. VERSLAG OVER DE UITVOERING VAN DE ARBEIDSTIJDENRICHTLIJN (2002/15/EG)
|
a) |
Wijze waarop het verslag is opgesteld en welke belanghebbenden zijn geraadpleegd |
|
b) |
Toezicht op de uitvoering:
|
|
c) |
Rechterlijke uitlegging:
|
14. PERSOON DIE VERANTWOORDELIJK IS VOOR DE OPSTELLING VAN DIT VERSLAG
Naam: …
Functie: …
Organisatie: …
Administratief adres: …
Tel./fax: …
E-mailadres: …
Datum: …
(1) Vanaf 1 juli 2026 is Verordening (EG) nr. 561/2006 ook van toepassing op goederenvervoer in het kader van internationaal vervoer of cabotage waarbij de toegestane maximummassa, aanhangwagens of opleggers inbegrepen, meer dan 2,5 ton maar niet meer dan 3,5 ton bedraagt.
(2) Voertuigen die zijn gebouwd of permanent zijn aangepast om meer dan negen personen, de bestuurder inbegrepen, te kunnen vervoeren en die daartoe zijn bestemd.
(7) Overeenkomstig artikel 9 van Richtlijn 2006/22/EG moeten de lidstaten een risicoclassificatiesysteem voor ondernemingen invoeren op basis van het relatieve aantal en de relatieve ernst van de door een individuele onderneming begane overtredingen van Verordening (EG) nr. 561/2006 of Verordening (EU) nr. 165/2014 of de nationale bepalingen tot omzetting van Richtlijn 2002/15/EG.
(8) Controles waarbij geen overtredingen werden vastgesteld.
(9) Overeenkomstig artikel 9, lid 2, van Verordening (EU) nr. 165/2014 moesten de lidstaten hun controleautoriteiten tegen augustus 2024 uitrusten met de apparatuur voor vroegtijdige detectie op afstand die noodzakelijk is om gegevensoverdracht mogelijk te maken en gerichte wegcontroles te vergemakkelijken.
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2026/907/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)