|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2026/905 |
27.4.2026 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2026/905 VAN DE COMMISSIE
van 24 april 2026
tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad door het vaststellen van een lijst met van de toepassing van die verordening vrijgestelde benchmarks voor contante wisselkoersen
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende indices die worden gebruikt als benchmarks voor financiële instrumenten en financiële overeenkomsten of om de prestatie van beleggingsfondsen te meten en tot wijziging van Richtlijnen 2008/48/EG en 2014/17/EU en Verordening (EU) nr. 596/2014 (1), en met name artikel 18 bis, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bedrijven en beleggingsfondsen in de Unie hebben vaak zakelijke belangen in het buitenland waardoor zij aan valutarisico worden blootgesteld. Daarom kan het nodig zijn om te hedgen tegen ongunstige valutabewegingen. Wanneer valuta’s niet vrij inwisselbaar zijn, is hedging nog steeds mogelijk door gebruik te maken van non-deliverable forward-contracten (NDF-contracten) die gebaseerd zijn op benchmarks voor contante wisselkoersen (FX spots). |
|
(2) |
Buiten de Unie gevestigde beheerders van benchmarks voor contante wisselkoersen worden vaak niet gereguleerd, waardoor de Commissie geen gelijkwaardigheidsbesluit krachtens artikel 30 van Verordening (EU) 2016/1011 kan vaststellen. Die beheerders ontbreekt het misschien ook aan voldoende economische prikkels om tot de markt in de Unie toegang te krijgen door middel van erkenning (overeenkomstig artikel 32 van Verordening (EU) 2016/1011) of bekrachtiging (overeenkomstig artikel 33 van die verordening), aangezien beide opties een aanzienlijke investering van de beheerder vergen. Omdat bedrijven en beleggingsondernemingen in de Unie niettemin hun valutablootstellingen moeten kunnen hedgen, is artikel 2, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1011 gewijzigd bij Verordening (EU) 2021/168 van het Europees Parlement en de Raad (2) om door de Commissie overeenkomstig artikel 18 bis van Verordening (EU) 2016/1011 aangewezen benchmarks voor contante wisselkoersen van het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2016/1011 uit te sluiten. Bij Verordening (EU) 2025/914 van het Europees Parlement en de Raad (3) is dat artikel 18 bis van Verordening (EU) 2016/1011 gewijzigd door de bestaande vereisten door nieuwe vereisten te vervangen. De Commissie heeft van 9 mei tot en met 4 juli 2025 een openbare raadpleging georganiseerd om de benchmarks voor contante wisselkoersen te bepalen die aan de voorwaarden van artikel 18 bis, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1011 voldoen, overeenkomstig artikel 18 bis, lid 2, van die verordening. Door die raadpleging kon de Commissie volgende benchmarks voor contante wisselkoersen bepalen waarop Verordening (EU) 2016/1011 niet van toepassing is: de US dollar — Indiase roepie-benchmark (“USDINR”), de US dollar — Zuid-Koreaanse won-benchmark (“USDKRW”), de US dollar — nieuwe Taiwandollar-benchmark (“USDTWD”) en de US dollar — Filipijnse peso-benchmark (“USDPHP”). |
|
(3) |
Respondenten van de openbare raadpleging verschaften data waaruit bleek dat, over een periode van zes maanden die de tweede helft van 2024 bestreek, de totale gemiddelde waarde van non-deliverable forward- en swapcontracten voor valuta die op de USDINR, USDKRW en USDTWD gebaseerd zijn, in de Unie de drempel van 50 miljard EUR voor significante benchmarks overeenkomstig artikel 24, lid 1, punt a), van Verordening (EU) 2016/1011 overschrijdt. Hoewel de gerapporteerde totale gemiddelde waarde van non-deliverable forward- en swapcontracten voor valuta die aan de USDPHP refereren, in diezelfde periode minder dan 50 miljard EUR bedroeg, is het, op basis van de algemene trend op de valutamarkt (4), waarschijnlijk dat deze valuta die drempel sindsdien heeft overschreden of weldra zal overschrijden. Bijgevolg kunnen titel II, titel III, met uitzondering van de artikelen 23 bis, 23 ter en 23 quater, de titels IV, V en VI van Verordening (EU) 2016/1011 waarschijnlijk van toepassing zijn ten aanzien van deze benchmarks indien zij niet door de Commissie worden aangewezen. |
|
(4) |
Om, overeenkomstig artikel 18 bis, lid 1, punt a), van Verordening (EU) 2016/1011, voor elk van de betrokken valuta’s de aanwezigheid van valutacontroles na te gaan, heeft de Commissie zich gebaseerd op de informatie in het Annual Report on Exchange Arrangements and Exchange Restrictions 2023 (AREAER) dat het Internationaal Monetair Fonds op 19 december 2024 heeft gepubliceerd (5), en op aanvullend bewijsmateriaal van de respondenten van de openbare raadpleging. Die informatie en dat bewijsmateriaal wijzen op het volgende: i) de Indiase Foreign Exchange Management Act, 1999 (FEMA) is aangenomen om de valutastromen over de Indische grens te regelen en onder meer de mogelijkheden van Indiase ingezetenen te beperken om buiten India valuta aan te houden; ii) er gelden beperkingen op het uitvoeren van betalingen vanuit de Republiek Korea naar een derde land of aan niet-ingezetenen, met de mogelijkheid voor het ministerie van Economie en Financiën om om toestemming te verlangen; iii) er bestaan beperkingen voor de omzetting van de nieuwe Taiwandollar (“TWD”) waarbij het niet mogelijk is TWD buiten Taiwan over te schrijven zonder omzetting in buitenlandse valuta, en iv) er zijn beperkingen op het gebruik van de Filipijnse peso (“PHP”) voor internationale betalingen, waarbij voor bedragen van meer dan 50 000 PHP een voorafgaande schriftelijke toestemming vereist is van de centrale bank van de Republiek van de Filipijnen (de “Bangko Sentral ng Pilipinas”). |
|
(5) |
Antwoorden op de openbare raadpleging wijzen op het feit dat de USDINR, USDKRW, USDTWD en USDPHP elk frequent, stelselmatig en regelmatig worden gebruikt om ongunstige wisselkoersbewegingen in de Unie te hedgen. Rond 70 %-80 % van de notionele waarde van transacties in valutaforward- en -swapcontracten die op de USDINR, USDKRW, USDTWD en USDPHP gebaseerd zijn, stemt overeen met de hedgingactiviteit van blootstellingen in lokale valuta in de Unie. Die benchmarks voor contante wisselkoersen voldoen dus aan de voorwaarde van artikel 18 bis, lid 1, punt b), i), van Verordening (EU) 2016/1011. Uit die antwoorden bleek ook dat er voor geen van die benchmarks voor contante wisselkoersen een gelijkwaardige alternatieve benchmark is die wordt aangeboden door een in de Unie gevestigde beheerder, en dat die benchmarks zodoende aan artikel 18 bis, lid 1, punt b), ii), van Verordening (EU) 2016/1011 voldoen. Die benchmarks voor contante wisselkoersen moeten dus worden aangewezen als benchmarks voor contante wisselkoersen die aan de criteria van artikel 18 bis, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1011 voldoen. |
|
(6) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Europees Comité voor het effectenbedrijf, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Vrij te stellen benchmarks voor contante wisselkoersen
De in de bijlage vermelde benchmarks voor contante wisselkoersen worden aangewezen als benchmarks voor contante wisselkoersen die aan de criteria van artikel 18 bis, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1011 voldoen.
Artikel 2
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 24 april 2026.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 171 van 29.6.2016, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/1011/oj.
(2) Verordening (EU) 2021/168 van het Europees Parlement en de Raad van 10 februari 2021 tot wijziging van Verordening (EU) 2016/1011 wat betreft de vrijstelling van bepaalde benchmarks voor contante wisselkoersen van valuta’s van derde landen en de aanwijzing van vervangingen voor bepaalde benchmarks die worden stopgezet, en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 49 van 12.2.2021, blz. 6, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/168/oj).
(3) Verordening (EU) 2025/914 van het Europees Parlement en de Raad van 7 mei 2025 tot wijziging van Verordening (EU) 2016/1011 wat betreft het toepassingsgebied van de voorschriften voor benchmarks, het gebruik in de Unie van benchmarks aangeboden door een in derde land gevestigde beheerder, en bepaalde verslaggevingsverplichtingen (PB L, 2025/914, 19.5.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2025/914/oj).
(4) De recentste driejaarlijkse BIS-survey geeft over de periode 2022-2025 een toename van 60 % te zien voor het dagelijkse volume van outright foreign exchange forwards (de categorie die onder meer non-deliverable forwards omvat), en een stijging met 388 % ten opzichte van 2010; zie BIS Triennial Central Bank Survey, OTC foreign exchange turnover in April 2025, september 2025, https://www.bis.org/statistics/rpfx25_fx.htm.
(5) Internationaal Monetair Fonds (2024), Annual Report on Exchange Arrangements and Exchange Restrictions 2023, Washington (DC): IMF, https://www.imf.org/en/publications/sprolls/annual-report-on-exchange-arrangements-and-exchange-restrictions.
BIJLAGE
|
Benchmark |
Benchmarkbeheerder |
ISIN of andere identificatie benchmark |
Valuta en afkorting |
||
|
Financial Benchmarks India Pvt Ltd |
FBIL (INR01) |
Indiase roepie (INR) |
||
|
USDKRW |
Seoul Money Brokerage |
KFTC18 |
Koreaanse won (KRW) |
||
|
USDPHP |
Bankers Association of the Philippines |
BAPPESO (PHP06) |
Filipijnse peso (PHP) |
||
|
USDTWD |
Taipei Forex Inc. |
TAIFX1 (TWD03) |
Nieuwe Taiwandollar (TWD) |
ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2026/905/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)