European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2026/859

21.4.2026

VERORDENING (EU) 2026/859 VAN DE COMMISSIE

van 20 april 2026

tot wijziging van bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach) wat 2,4-dinitrotolueen in voorwerpen betreft

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (1), en met name artikel 68, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

2,4-dinitrotolueen (2,4-DNT), CAS-nr. 121-14-2, EG-nr. 204-450-0, is overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad (2) ingedeeld als kankerverwekkende stof van categorie 1B. Daarnaast is 2,4-DNT aangemerkt als zeer zorgwekkende stof die aan de voorwaarden van artikel 57, punt a), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 voldoet, en opgenomen in bijlage XIV bij die verordening. Het is voor deze stof niet mogelijk om een afgeleide dosis zonder effect (derived no-effect level, “DNEL”) te bepalen en de stof is derhalve een kankerverwekkende stof zonder drempelwaarde. Vermelding 28 in bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 verbiedt het in de handel brengen en het gebruik van 2,4-DNT voor verkoop aan het grote publiek, als stof, als bestanddeel van andere stoffen of in een mengsel als de concentratie van 2,4-DNT gelijk aan of groter dan 0,1 gewichtsprocent is.

(2)

2,4-DNT is opgenomen in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006, met als verbodsdatum 21 augustus 2015 overeenkomstig artikel 58, lid 1, punt c), i), van die verordening. Er zijn geen autorisatieaanvragen ontvangen voor het gebruik van 2,4-DNT als stof of in een mengsel of voor de opname van de stof in voorwerpen, waaruit kan worden opgemaakt dat de stof niet in de Unie wordt gebruikt, ook niet bij de productie van voorwerpen.

(3)

De autorisatieplicht van Verordening (EG) nr. 1907/2006 is niet van toepassing op ingevoerde voorwerpen. Derhalve zijn voorwerpen die 2,4-DNT bevatten die buiten de Unie zijn geproduceerd en vervolgens zijn ingevoerd, in de Unie in de handel verkrijgbaar. Dergelijke voorwerpen vormen een potentiële bron van blootstelling aan 2,4-DNT.

(4)

Na de in artikel 58, lid 1, punt c), i), bedoelde verbodsdatum voor een in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 opgenomen stof beoordeelt het Europees Agentschap voor chemische stoffen (“het Agentschap”) op grond van artikel 69, lid 2, van die verordening of het gebruik van die stof in voorwerpen een niet afdoende beheerst risico voor de gezondheid van de mens of voor het milieu met zich meebrengt en, indien het Agentschap van oordeel is dat dit het geval is, stelt het een dossier samen voor een voorstel tot beperking dat voldoet aan de voorschriften van bijlage XV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 (“het bijlage XV-dossier”).

(5)

Na een beoordeling van het beschikbare bewijsmateriaal overeenkomstig artikel 69, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 heeft het Agentschap geconcludeerd dat er toepassingen van 2,4-DNT zijn die vanwege de aanwezigheid van deze stof in voorwerpen kunnen leiden tot een risico dat niet afdoende wordt beheerst. Bijgevolg heeft het Agentschap een bijlage XV-dossier (3) samengesteld, dat op 24 juni 2021 is gepubliceerd.

(6)

In het bijlage XV-dossier, dat op 9 september 2022 werd gewijzigd en afgerond (4) (“het dossier”), werden huidige of vroegere toepassingen van 2,4-DNT geïdentificeerd, in verschillende voorwerpen, waaronder vuurvaste producten, airbags voor automobielen, gordelspanners, plastic flessen die in industriële omgevingen worden gebruikt voor bemonstering, en als drijfgassen voor militaire en civiele munitie voor handvuurwapens en als verstijfselaar-weekmaker in explosieve samenstellingen. Het Agentschap heeft twee kennisgevingen overeenkomstig artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1907/2006 ontvangen over de aanwezigheid van 2,4-DNT in voorwerpen: i) als weekmaker in plastic testflessen die worden gebruikt in industriële omgevingen, waarvan de kennisgevende entiteit inmiddels niet langer bestaat, en ii) in drijfgassen voor militaire munitie.

(7)

Volgens het dossier blijkt uit een zoekopdracht over 2,4-DNT in de databank voor informatie over zorgwekkende stoffen in producten die bij Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad (5) is opgezet, dat voertuigen, keramische voorwerpen en elektronische apparaten in de Unie deze stof bevatten. Deze informatie bevestigt dat er andere, mogelijk ingevoerde, voorwerpen zijn die de stof bevatten. Het gebruik van 2,4-DNT in gordelspanners en munitie is tijdens de raadpleging over het bijlage XV-dossier bevestigd.

(8)

Uit het dossier blijkt dat zowel consumenten als bedrijven voorwerpen gebruiken die 2,4-DNT bevatten, dat het vrijkomen van en de blootstelling aan 2,4-DNT bij gebruik van die voorwerpen niet kan worden uitgesloten en dat maatregelen voor risicobeheer moeilijk uit te voeren zijn. Zo kunnen er sporen van 2,4-DNT in vuurvaste voorwerpen worden gevonden, en kan blootstelling aan 2,4-DNT in dergelijke voorwerpen dus niet worden uitgesloten. Blootstelling kan ook optreden als gevolg van het gebruik van civiele munitie voor handvuurwapens, zoals bij de jacht en schietsporten, indien de drijfgassen in die munitie 2,4-DNT bevatten. Bij het afschieten van een vuurwapen wordt niet alle 2,4-DNT in de munitie verbruikt, waardoor blootstelling aan de stof via contact met de huid en inademing kan optreden. Twee andere gebruiksvormen met potentieel op blootstelling betreffen veiligheidssystemen voor motorvoertuigen, en met name: i) gordelspanners, waarbij de gasgenerator door een explosieve lading een hoeveelheid gas en daarmee druk produceert, waardoor vervolgens via een mechanische verbinding aan de veiligheidsgordel wordt getrokken; en ii) airbags, waarbij gas op vergelijkbare wijze wordt losgelaten als bij gordelspanners. De groepen die risico lopen op blootstelling aan 2,4-DNT door deze gebruiksvormen in veiligheidssystemen voor motorvoertuigen, omvatten naast de bestuurders en passagiers onder meer ook autoreparateurs of, in geval van ongelukken, de reddingsdiensten. De gebruiksvormen kunnen leiden tot blootstelling via contact met de huid en via inademing. Daarnaast was het Agentschap van oordeel dat het blootstellingspotentieel van 2,4-DNT als weekmaker in voorwerpen van kunststof en als additief in kunststof als hoog kan worden beschouwd. Op basis van de fysisch-chemische eigenschappen van 2,4-DNT wordt aangenomen dat de stof zich gemakkelijk binnen de kunststofmatrix en van het oppervlak naar het contactmedium (water, speeksel, huid) kan verspreiden. Bijgevolg kan blootstelling aan 2,4-DNT door het gebruik van plastic testflessen niet worden uitgesloten.

(9)

Aangezien 2,4-DNT een kankerverwekkende stof zonder drempelwaarde is waarvoor geen DNEL kan worden bepaald, is in het dossier geconcludeerd dat 2,4-DNT in voorwerpen een risico vormt voor de gezondheid van consumenten en professionele gebruikers, dat niet afdoende wordt beheerst. Voorts concludeerde het Agentschap dat wanneer consumenten en professionele gebruikers worden blootgesteld aan 2,4-DNT, het risico alleen kan worden beheerst door de aanwezigheid van 2,4-DNT in de voorwerpen zelf te beperken. Daartoe wordt in het dossier voorgesteld om het in de handel brengen en het gebruik van 2,4-DNT in voorwerpen voor consumenten en voor professioneel gebruik buiten industriële locaties te beperken, aangezien voor die gebruiksvormen i) het vrijkomen van en de blootstelling aan 2,4-DNT niet kan worden uitgesloten en ii) risicobeheersmaatregelen moeilijk uit te voeren zijn.

(10)

In het dossier is de concentratiegrens van 2,4-DNT vastgesteld op 0,1 gewichtsprocent of hoger om opzettelijke toevoeging van 2,4-DNT in voorwerpen in de Unie te voorkomen en om te garanderen dat ingevoerde voorwerpen voldoen aan dezelfde norm als voorwerpen die van oorsprong uit de Unie zijn.

(11)

In het dossier worden gebruiksvormen op industriële locaties uitgesloten van het toepassingsgebied van de voorgestelde beperking omdat het Agentschap ervan uitgaat dat op die locaties passende en doeltreffende operationele omstandigheden en risicobeheersmaatregelen kunnen worden toegepast en de risico’s naar behoren worden beheerst. Bovendien worden explosieven uitgesloten in het dossier van het toepassingsgebied van de voorgestelde beperking, aangezien i) het Agentschap ervan uitgaat dat deze producten naar behoren door andere wetgeving van de Unie worden gereguleerd, en ii) er relevante maatregelen worden getroffen voor het hanteren van explosieven, die naar verwachting de blootstelling van 2,4-DNT aan werknemers of het milieu beperken. Munitie voor gebruik, overeenkomstig het nationale recht, door het leger, de politie en andere veiligheidstroepen, wordt ook uitgesloten van het toepassingsgebied voor het voorstel om ervoor te zorgen dat het defensievermogen in de lidstaten niet negatief wordt beïnvloed.

(12)

In het dossier wordt voorgesteld om ook voorwerpen waarvoor de aanwezigheid van kankerverwekkende stoffen wordt gereguleerd door de wetgeving van de Unie, met name Verordening (EU) 2025/2509 van het Europees Parlement en de Raad (6) betreffende de veiligheid van speelgoed en tot intrekking van Richtlijn 2009/48/EG, en Verordening (EU) 2017/745 van het Europees Parlement en de Raad (7) betreffende medische hulpmiddelen, van het toepassingsgebied uit te sluiten. In het dossier wordt ook voorgesteld om voorwerpen die vallen onder Verordening (EG) nr. 1935/2004 van het Europees Parlement en de Raad (8) betreffende materialen bestemd om met levensmiddelen in contact te komen vrij te stellen, omdat 2,4-DNT al wordt gereguleerd in kunststof materialen bestemd om met levensmiddelen in aanraking te komen.

(13)

In het dossier wordt geconcludeerd dat voor alle daarin geïdentificeerde toepassingen alternatieven voor 2,4-DNT bestaan, en dat een overgangsperiode van twaalf maanden voordat de beperking van toepassing wordt, voldoende zou zijn voor importeurs om hun toeleveringsketen aan te passen en over te gaan op voorwerpen die geen 2,4-DNT bevatten. Aangezien er in de Unie geen voorwerpen die 2,4-DNT bevatten, worden geproduceerd, zijn importeurs de enige actoren in de Unie die zouden moeten overgaan op alternatieven of voorraden zouden moeten opgebruiken.

(14)

Op 2 juni 2022 heeft het Comité risicobeoordeling (RAC) van het Agentschap zijn advies uitgebracht waarin wordt bevestigd dat het gebruik van 2,4-DNT in voorwerpen een risico voor de gezondheid van de mens vormt dat niet afdoende wordt beheerst. Het RAC concludeerde dat de door het Agentschap voorgestelde beperking wat doeltreffendheid, uitvoerbaarheid en controleerbaarheid betreft de meest geschikte maatregel op het niveau van de Unie is om de vastgestelde risico’s voor consumenten en beroepsbeoefenaars buiten industriële locaties als gevolg van blootstelling aan 2,4-DNT te bestrijden.

(15)

Het RAC was van mening dat de door het Agentschap voorgestelde definitie voor “explosieven” niet volstaat om te definiëren welke explosieven van het toepassingsgebied van de beperking moeten worden uitgesloten. Het RAC was met name van mening dat duidelijk moet worden gemaakt dat explosieven de in Richtlijn 2014/28/EU van het Europees Parlement en de Raad (9) gedefinieerde explosieven zijn en dat pyrotechnische voorwerpen (die binnen het toepassingsgebied van de beperking moeten vallen) de in artikel 3, punten 1) tot en met 4), van Richtlijn 2013/29/EU van het Europees Parlement en de Raad (10) gedefinieerde voorwerpen zijn.

(16)

Het RAC is het eens met het toepassingsgebied van de beperking zoals voorgesteld door het Agentschap.

(17)

Op 9 september 2022 heeft het Comité sociaaleconomische analyse (SEAC) van het Agentschap zijn advies goedgekeurd waarin wordt geconcludeerd dat de voorgestelde beperking, zoals gewijzigd door het RAC en het SEAC, rekening houdend met de sociaaleconomische kosten en baten daarvan, de meest geschikte Uniebrede maatregel is om de geïdentificeerde risico’s met betrekking tot 2,4-DNT aan te pakken.

(18)

Het SEAC was het met het dossier eens dat een uitstel van de toepassing van de beperking van twaalf maanden de belanghebbenden voldoende tijd zou geven om de beperkingsvereisten volledig uit te voeren. Het SEAC heeft echter een overgangsperiode van 36 maanden aanbevolen voor de toepassing van de beperking op het gebruik van 2,4-DNT in microgasgeneratoren voor gordelspanners en motorkapactuatoren en in reserveonderdelen in de automobielsector, om ervoor te zorgen dat het gebruik van de stof in motorvoertuigen wordt uitgefaseerd en tegelijkertijd rekening wordt gehouden met de veiligheid van de gebruikers en om eventuele belangrijke economische gevolgen tot een minimum te beperken.

(19)

Het Forum voor de uitwisseling van handhavingsinformatie van het Agentschap, zoals bedoeld in artikel 76, lid 1, punt f), van Verordening (EG) nr. 1907/2006, is geraadpleegd en met de aanbevelingen ervan is rekening gehouden.

(20)

Op 16 december 2022 heeft het Agentschap de adviezen van het RAC en het SEAC (11) aan de Commissie voorgelegd.

(21)

Rekening houdend met het dossier en de adviezen van het RAC en het SEAC, concludeert de Commissie dat blootstelling aan 2,4-DNT in voorwerpen een onaanvaardbaar risico vormt voor het grote publiek en voor professionele gebruikers, en dat dat risico op het niveau van de Unie moet worden aangepakt. Het is daarom gepast om een beperking in te voeren op het in de handel brengen en het gebruik van 2,4-DNT in voorwerpen. De Commissie volgt de adviezen van het RAC en het SEAC over de noodzaak om professionele gebruikers buiten industriële locaties op te nemen in het toepassingsgebied van de beperking om de vastgestelde risico’s aan te pakken, en om nauwkeuriger te definiëren welke explosieven van het toepassingsgebied van de beperking moeten worden uitgesloten. Aangezien 2,4-DNT ook wordt gebruikt in raketten, koppen, apparatuur voor noodsignalen en andere militaire toepassingen, acht de Commissie het gepast om de door het Agentschap voorgestelde vrijstelling voor munitie voor militair gebruik uit te breiden tot alle voorwerpen voor militair gebruik (12).

(22)

Om onnodige terugroepingen en verspilling te voorkomen, mogen motorvoertuigen die 2,4-DNT bevatten en die binnen twee jaar na de datum van toepassing van deze beperking in de handel worden gebracht, als gevolg van de uitgestelde toepassing van de beperking op bepaalde toepassingen van motorvoertuigen, verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt tot het einde van hun levensduur.

(23)

Om onnodige terugroepingen te voorkomen en de handhaving te vergemakkelijken, moet de beperking niet van toepassing zijn op voorwerpen die voor de datum van toepassing van de beperking in de Unie in de handel zijn gebracht, zoals tweedehandsartikelen.

(24)

Belanghebbenden en de lidstaten moeten voldoende tijd krijgen om aan de beperking te voldoen. De Commissie is daarom van mening dat de toepassing van de beperking met twaalf maanden moet worden uitgesteld, zoals aanbevolen in het dossier, met uitzondering van de bepalingen betreffende microgasgeneratoren voor gordelspanners, motorkapactuatoren en reserveonderdelen in motorvoertuigen, die na 36 maanden van toepassing moeten zijn, in overeenstemming met het advies van het SEAC.

(25)

Verordening (EG) nr. 1907/2006 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(26)

De in deze verordening vervatte bepalingen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 133 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 ingestelde comité,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 20 april 2026.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2006/1907/oj.

(2)  Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels, tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2008/1272/oj).

(3)   https://echa.europa.eu/documents/10162/e5a02292-b5bb-c228-8bf0-48f0c40e2fbe.

(4)   https://echa.europa.eu/documents/10162/40011c07-ffcd-8017-fb68-4906d1e297b7.

(5)  Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2008/98/oj).

(6)  Verordening (EU) 2025/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 26 november 2025 betreffende de veiligheid van speelgoed en tot intrekking van Richtlijn 2009/48/EG (PB L, 2025/2509, 12.12.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2025/2509/oj).

(7)  Verordening (EU) 2017/745 van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2017 betreffende medische hulpmiddelen, tot wijziging van Richtlijn 2001/83/EG, Verordening (EG) nr. 178/2002 en Verordening (EG) nr. 1223/2009, en tot intrekking van Richtlijnen 90/385/EEG en 93/42/EEG van de Raad (PB L 117 van 5.5.2017, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2017/745/oj).

(8)  Verordening (EG) nr. 1935/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 27 oktober 2004 inzake materialen en voorwerpen bestemd om met levensmiddelen in contact te komen en houdende intrekking van de Richtlijnen 80/590/EEG en 89/109/EEG (PB L 338 van 13.11.2004, blz. 4, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/1935/oj).

(9)  Richtlijn 2014/28/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van en de controle op explosieven voor civiel gebruik (PB L 96 van 29.3.2014, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/28/oj).

(10)  Richtlijn 2013/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van pyrotechnische artikelen (PB L 178 van 28.6.2013, blz. 27, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2013/29/oj).

(11)   https://echa.europa.eu/registry-of-restriction-intentions/-/dislist/details/0b0236e185d7af0b.

(12)  Europese Commissie. Witboek over de toekomst van de Europese defensie, https://commission.europa.eu/document/download/e6d5db69-e0ab-4bec-9dc0-3867b4373019_en?filename=White%20paper%20for%20European%20defence%20–%20Readiness%202030.pdf.


BIJLAGE

In bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 wordt de volgende vermelding toegevoegd:

“83.

2,4-Dinitrotolueen

CAS-nr. 121-14-2

EG-nr. 204-450-0

1.

Mag na 10 mei 2027 niet als stof in voorwerpen voor professionele gebruikers of het grote publiek, in een concentratie gelijk aan of groter dan 0,1 gewichtsprocent, in de handel worden gebracht of worden gebruikt.

2.

Voor de toepassing van deze vermelding wordt onder “professionele gebruiker” elke werknemer of zelfstandige beroepsbeoefenaar verstaan die buiten industriële locaties werkzaam is.

3.

Punt 1 is niet van toepassing op:

a)

explosieven, zoals gedefinieerd in artikel 2, punt 1, van Richtlijn 2014/28/EU;

b)

voorwerpen voor militair gebruik;

c)

munitie voor gebruik, in overeenstemming met het nationale recht, door de politie of andere veiligheidsdiensten;

d)

speelgoed dat binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2025/2509 van het Europees Parlement en de Raad valt (*1);

e)

hulpmiddelen die binnen het toepassingsgebied van Verordening (EU) 2017/745 vallen;

f)

voorwerpen die bestemd zijn om met levensmiddelen in contact te komen en binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1935/2004 vallen.

4.

Punt 3, a), heeft geen betrekking op:

a)

pyrotechnische voorwerpen, zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 1, van Richtlijn 2013/29/EU;

b)

munitie.

5.

Punt 1 is van toepassing met ingang van 11 mei 2029 voor het in de handel brengen en het gebruik van 2,4-dinitrotolueen in de volgende toepassingen, indien zij in de handel worden gebracht voor gebruik in of worden gebruikt in motorvoertuigen zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 16, van Verordening (EU) 2018/858 van het Europees Parlement en de Raad (*2):

a)

microgasgeneratoren voor gordelspanners en motorkapactuatoren;

b)

reserveonderdelen.

6.

Punt 1 is niet van toepassing op in punt 5 bedoelde motorvoertuigen die:

a)

tussen 11 mei 2027 en 11 mei 2029 in de handel worden gebracht en

b)

alleen 2,4-dinitrotolueen in de in punt 5, a) of b), vermelde toepassingen bevatten.

7.

Punt 1 is niet van toepassing op 2,4-dinitrotolueen in voorwerpen die voor 11 mei 2027 in de Unie in de handel zijn gebracht.

(*1)  Verordening (EU) 2025/2509 van het Europees Parlement en de Raad van 26 november 2025 betreffende de veiligheid van speelgoed en tot intrekking van Richtlijn 2009/48/EG (PB L, 2025/2509, 12.12.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2025/2509/oj).

(*2)  Verordening (EU) 2018/858 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 betreffende de goedkeuring van en het markttoezicht op motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 715/2007 en (EG) nr. 595/2009 en tot intrekking van Richtlijn 2007/46/EG (PB L 151 van 14.6.2018, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/858/oj).”.


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2026/859/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)