European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2025/1889

19.9.2025

RICHTSNOER (EU) 2025/1889 VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 31 juli 2025

tot wijziging van Richtsnoer (EU) 2022/912 betreffende een nieuwe generatie geautomatiseerd trans-Europees realtime-brutoverevening-express-betalingssysteem (TARGET) (ECB/2022/8) (ECB/2025/28)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 127, lid 2, eerste en vierde streepje,

Gezien de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, en met name artikel 3.1 en de artikelen 17, 18 en 22,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 18 juli 2024 heeft de Raad van bestuur zijn goedkeuring gehecht aan het beleid van het Eurosysteem betreffende de toegang van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders tot door centrale banken geëxploiteerde betalingssystemen en centralebankrekeningen. Overeenkomstig het beleid wordt die toegang in het algemeen verleend aan niet-bancaire betalingsdienstaanbieders op voorwaarde dat zij aan alle noodzakelijke vereisten voor risicobeperking voldoen. Op basis van dit beleid heeft de Raad van bestuur op 27 januari 2025 Besluit (EU) 2025/222 van de Europese Centrale Bank (ECB/2025/2) (1) vastgesteld.

(2)

In overeenstemming met het voornoemde beleid van het Eurosysteem kunnen niet-bancaire betalingsdienstaanbieders op een vergelijkbare, zij het niet gelijkwaardige, basis als kredietinstellingen worden toegelaten als deelnemers aan het nieuwe generatie geautomatiseerd trans-Europees realtime-brutoverevening-express-betalingssysteem (TARGET). Toegang tot TARGET op verzoek is beperkt tot entiteiten die een aantoonbare band hebben met het hoofdmandaat van het Eurosysteem uit hoofde van artikel 127, lid 1, van het Verdrag, waarvan de uitvoering afhankelijk is van efficiënte betalingssystemen. De taak van het Eurosysteem om de goede werking van het betalingsverkeer te bevorderen krachtens artikel 127, lid 2, vierde streepje, van het Verdrag is nauw verweven met het hoofdmandaat van het Eurosysteem, aangezien de effectieve uitvoering van het monetair beleid afhankelijk is van efficiënte betalingssystemen. Hoewel het daarom van essentieel belang is op verzoek toegang tot TARGET te verlenen aan kredietinstellingen die in aanmerking komen voor deelname aan TARGET en zich houden aan de toepasselijke aanvraagprocedure, is dit niet altijd het geval voor tegenpartijen buiten het monetaire beleid, zoals niet-bancaire betalingsdienstaanbieders. Aan niet-bancaire betalingsdienstaanbieders wordt dan ook op discretionaire basis toegang tot TARGET verleend.

(3)

Om de in het Eurosysteem gevolgde aanpak voor de toelating van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders als deelnemers aan TARGET te harmoniseren, moet de discretionaire bevoegdheid van de centrale banken van het Eurosysteem voor het afwijzen van een verzoek om deelname aan TARGET van een niet-bancaire betalingsdienstaanbieder worden afgebakend, zodat centrale banken van het Eurosysteem een verzoek om deelname aan TARGET door een niet-bancaire betalingsdienstaanbieder alleen kunnen afwijzen indien laatstgenoemde niet voldoet aan de toepasselijke vereisten van Besluit (EU) 2025/222 (ECB/2025/2) en/of Richtsnoer (EU) 2022/912 van de Europese Centrale Bank (ECB/2022/8) (2).

(4)

Het aanhouden van een rekening bij een centrale bank door een niet-bancaire betalingsdienstaanbieder vergt het plaatsen van geldmiddelen die nodig zijn om aan de afwikkelingsverplichtingen te voldoen. Met het oog hierop, en om de bezorgdheid over de financiële en prijsstabiliteit te beperken, moet het Eurosysteem een maximaal aanhoudingsbedrag op rekeningen van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders vaststellen. Het saldo of de aangehouden tegoeden op deze rekeningen mogen niet hoger zijn dan wat nodig is om aan dergelijke verplichtingen te voldoen. Om een aanhoudend stijgende trend in deze bedragen te beperken, dient de ECB de toegepaste berekeningsmethode en de in de berekening opgenomen rekeningen met specifieke tussenpozen opnieuw te toetsen.

(5)

Uit hoofde van Richtsnoer (EU) 2022/912 van de Europese Centrale Bank (ECB/2022/8) kunnen nationale centrale banken van lidstaten die de euro als munt hebben (hierna “eurogebied-NCB’s” genoemd) overnight-krediet verstrekken via een specifieke crisisfaciliteit aan centrale tegenpartijen, op voorwaarde dat vooraf bij de Raad van bestuur een verzoek is ingediend en dit verzoek door de Raad van bestuur is goedgekeurd. Om waar nodig snelle toegang tot het overnight-krediet te verlenen, is het noodzakelijk en passend om een speciale kredietfaciliteit (hierna: de “CTP-kredietfaciliteit”) in te stellen die eurogebied-NCB’s in staat stelt CTP’s die aan bepaalde vereisten voldoen toegang te verlenen tot de CTP-kredietfaciliteit zonder voorafgaande goedkeuring van de Raad van bestuur In gevallen waarin in aanmerking komende CTP’s die geen bankvergunning hebben of geen toegang hebben tot de marginale beleningsfaciliteit aan het einde van een dag intraday-krediet niet hebben terugbetaald, kunnen zij toegang verkrijgen tot de CTP-kredietfaciliteit door het uitstaande intraday-krediet automatisch te verlengen.

(6)

Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank (ECB/2025/29) (3) stelt vereisten vast inzake waarborgen voor financiële soliditeit en een deugdelijk beheer van liquiditeitsrisico’s waaraan in aanmerking komende CTP’s moeten voldoen. Daarom is het noodzakelijk ervoor te zorgen dat eurogebied-CTP’s ook voldoen aan de vereisten van Besluit (EU) 2025/1734 (ECB/2025/29) om toegang te kunnen verkrijgen tot de CTP-kredietfaciliteit.

(7)

Teneinde naleving van de operationele vereisten voor de toegang tot de CTP-kredietfaciliteit te waarborgen, is het noodzakelijk om de boeten te specificeren die van toepassing zijn op gevallen waarin een CTP overnight-krediet niet terugbetaalt. Aangezien de exploitanten van TARGET-deelsystemen tegelijkertijd niet bevoegd zijn om de naleving van in aanmerking komende CTP’s van vereisten inzake waarborgen voor financiële soliditeit en een deugdelijk beheer van liquiditeitsrisico’s te beoordelen, zijn de bepalingen voor die vereisten en de toepasselijke boeten in verband met de waarborgen vastgelegd in Besluit ECB (EU) 2025/1734 (ECB/2025/29). Om naleving van het ne bis in idem-beginsel te waarborgen, moet er evenwel voldoende communicatie zijn tussen de exploitanten van TARGET-deelsystemen en de centrale bank van uitgifte van de centrale banken van het Eurosysteem.

(8)

Op 11 juni 2021 besloot de Raad van Bestuur dat een functionaliteit voor het afwikkelen van betalingen in meerdere valuta’s in de TARGET instant payment settlement (TIPS)-dienst beantwoordt aan de strategische doelstellingen van het Eurosysteem. Daarom werd een specifieke overboekingsfaciliteit, de “one-leg out”(OLO)-overboekingsfaciliteit ingevoerd om de verzending en ontvangst van betalingen naar of van andere systemen mogelijk te maken.

(9)

Vanaf 5 oktober 2025 kan TIPS ook betalingen in meerdere valuta’s afwikkelen, zodat directebetalingsopdrachten in een van de valuta’s via het TIPS-afwikkelingsplatform kunnen worden gecrediteerd op een rekening in een andere valuta die beschikbaar is voor afwikkeling op het TIPS-platform.

(10)

Teneinde de rechtszekerheid te waarborgen, moeten de datum waarop de bij dit richtsnoer ingevoerde wijzigingen op de datum van toepassing van Besluit (EU) 2025/1734 (ECB/2025/29) worden afgestemd.

(11)

Ook moeten bepaalde redactionele herzieningen in Richtsnoer (EU) 2022/912 (ECB/2022/8) worden doorgevoerd.

(12)

Derhalve moet Richtsnoer (EU) 2022/912 (ECB/2022/8) dienovereenkomstig worden gewijzigd.

HEEFT HET VOLGENDE RICHTSNOER VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijzigingen

Richtsnoer (EU) 2022/912 (ECB/2022/8) wordt als volgt gewijzigd:

1)

artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

a)

het volgende punt 18 bis) wordt ingevoegd:

“18 bis)

“kredietfaciliteit van centrale tegenpartij (CTP-kredietfaciliteit);”;

b)

het volgende punt 26 bis) wordt ingevoegd:

“26 bis)

“in aanmerking komende centrale tegenpartij (in aanmerking komende CTP);”;

c)

het volgende punt 43 bis) wordt ingevoegd:

“43 bis)

“niet-bancaire betalingsdienstaanbieder;”;

d)

het volgende punt 63 bis) wordt ingevoegd:

“63 bis)

“TARGET Instant Payment Settlement (TIPS) one-leg overboekingsopdracht” (TIPS OLO-overboekingsopdracht);”;

2)

in artikel 10 wordt lid 5 vervangen door:

“5.   De eurogebied-NCB’s kunnen toegang verlenen tot de CTP-kredietfaciliteit aan in aanmerking komende CTP’s onder de voorwaarden de in deel II, artikel 10, lid 5, van bijlage I genoemde voorwaarden”;

3)

in artikel 10 wordt een nieuw lid 8 bis ingevoegd:

“8 bis)   Indien de toegang van een in aanmerking komende CTP tot de CTP-kredietfaciliteit vanuit het oogpunt van prudentieel handelen overeenkomstig artikel 5 van Besluit (EU) 2025/1734 (ECB/2025/29) wordt beperkt, opgeschort of uitgesloten, voert de betrokken eurogebied-NCB dit besluit voor wat betreft de toegang tot intraday-krediet uit overeenkomstig bepalingen in de door de betrokken eurogebied-ECB toegepaste contractuele of reglementaire regelingen.”

;

4)

aan artikel 26 wordt het volgende lid 7 toegevoegd:

“7.   Uiterlijk op 31 december 2025 verwijderen Eurosysteem-CB’s de adresseerbare BIC-houders en adresseerbare partijen die in deel I, artikel 4, lid 2, punt d bis), van bijlage I, vermelde entiteiten zijn van hun eigen rekeningen, met uitzondering van adresseerbare partijen als bedoeld in deel VII, artikel 7, van bijlage I.”

;

5)

bijlage I wordt overeenkomstig bijlage I bij dit richtsnoer gewijzigd;

6)

bijlage III wordt overeenkomstig bijlage II bij dit richtsnoer gewijzigd.

Artikel 2

Vankrachtwording en tenuitvoerlegging

1.   Dit richtsnoer wordt van kracht op de dag van kennisgeving aan de eurogebied-NCB’s.

2.   De eurogebied-NCB’s nemen de nodige maatregelen om aan dit richtsnoer te voldoen en passen die vanaf 6 oktober 2025 toe. Zij stellen de ECB uiterlijk op 29 augustus 2025 in kennis van de met die maatregelen verband houdende teksten en middelen.

Artikel 3

Geadresseerden

Dit richtsnoer is gericht tot alle centrale banken van het Eurosysteem.

Gedaan te Frankfurt am Main, 31 juli 2025.

Voor de Raad van gouverneurs van de ECB

De president van de ECB

Christine LAGARDE


(1)  Besluit (EU) 2025/222 van de Europese Centrale Bank van 27 januari 2025 betreffende toegang van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders tot door centrale banken van het Eurosysteem beheerde betalingssystemen en centralebankrekeningen (ECB/2025/2) (PB L, 2025/222, 6.2.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/222/oj).

(2)  Richtsnoer (EU) 2022/912 van de Europese Centrale Bank van 24 februari 2022 betreffende een nieuwe generatie geautomatiseerd trans-Europees realtime brutoverevening-express-betalingssysteem (TARGET) en tot intrekking van Richtsnoer ECB/2012/27 (ECB/2022/8) (PB L 163 van 17.6.2022, blz. 84, ELI: http://data.europa.eu/eli/guideline/2022/912/oj).

(3)  Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank van 31 juli 2025 betreffende waarborgen met betrekking tot de toegang van centrale tegenpartijen tot overnight-krediet van het Eurosysteem in TARGET (ECB/2025/2029) (PB L, 2025/1734, 13.8.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/1734/oj).


BIJLAGE I

Bijlage I bij Richtsnoer (EU) 2022/912 (ECB/2022/8) wordt als volgt gewijzigd:

1)

deel I wordt als volgt gewijzigd:

a)

aan artikel 3 wordt het volgende lid 2 bis toegevoegd:

“2 bis   In TARGET kunnen directebetalingsopdrachten in meerdere valuta’s van interoperabele in aanmerking komende systemen in andere valuta voor centralebankgeldoperaties en met gebruik van het TIPS-platform worden verzonden en ontvangen. In aanmerking komende betalingssystemen in andere valuta’s zijn die welke in het bezit zijn en/of worden geëxploiteerd door centrale banken die een valutadeelnameovereenkomst met de Eurosysteem-CB’s hebben ondertekend, die hen in staat stelt het TIPS-platform als technische basis kunnen gebruiken om directe betalingen af te wikkelen.”

;

b)

in artikel 4 wordt lid 2 vervangen door:

“2.   [naam van de CB invoegen] kan naar eigen goeddunken de volgende entiteiten ook als deelnemers toelaten:

a)

financiële afdelingen van centrale of regionale overheden van de lidstaten;

b)

overheidslichamen die gemachtigd zijn om voor klanten rekeningen aan te houden;

c)

i)

binnen de Unie of de EER gevestigde beleggingsondernemingen, ook als zij via een in de Unie of de EER gevestigd bijkantoor optreden, en

ii)

buiten de EER gevestigde beleggingsondernemingen, mits zij via een in de Unie of de EER gevestigd bijkantoor optreden;

d)

entiteiten die AS-en beheren en in die hoedanigheid optreden;

d bis)

in de Unie of de EER gevestigde niet-bancaire betalingsdienstaanbieders, ook als zij via een binnen de EER gevestigd bijkantoor optreden;

e)

kredietinstellingen of andere in punten a) tot en met d bis) opgenomen typen entiteiten die gevestigd zijn in een land waarmee de Unie een monetaire overeenkomst heeft gesloten op basis waarvan dergelijke entiteiten toegang wordt verleend tot betalingssystemen in de Unie onder de in de monetaire overeenkomst gestelde voorwaarden en op voorwaarde dat het in dat land van toepassing zijnde rechtsstelsel gelijkwaardig is aan het relevante Unierecht.”

;

c)

aan artikel 5, lid 1 wordt het volgende punt h) toegevoegd:

“h)

indien de aanvrager een entiteit is als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), de naleving van: i) de relevante bepalingen van nationaal recht ter omzetting van artikel 35 bis, lid 1, van Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad (*1), en ii) de procedures die zijn vastgelegd in de nationale wettelijke bepalingen ter uitvoering van artikel 35 bis, lid 2, van Richtlijn (EU) 2015/2366.

(*1)  Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35), ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).”;"

d)

aan artikel 5, lid 2 wordt het volgende punt f) toegevoegd:

“f)

indien de aanvrager een entiteit is als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), met het oog op de naleving van artikel 5, lid 1, punt h), een door de relevante nationale bevoegde autoriteit afgegeven verklaring of een door het bevoegde leidinggevende orgaan van de niet-bancaire betalingsdienstaanbieder ter goedkeuring getekende verklaring, waarin in wordt bevestigd dat: i) de voorwaarden de aanvraag voor deelname aan aangemerkte betalingssystemen, zoals uiteengezet in de desbetreffende nationale wettelijke bepalingen ter uitvoering van artikel 35 bis, lid 1, van Richtlijn (EU) 2015/2366, en ii) de procedures die zijn vastgelegd in de relevante nationale wettelijke bepalingen ter uitvoering van artikel 35 bis, lid 2, van Richtlijn (EU) 2015/2366 naleeft.”;

e)

aan artikel 10 wordt het volgende lid 7 toegevoegd:

“7.   Een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), dient eenmaal per jaar bij [naam van de CB invoegen] een door het bevoegde beheersorgaan ter goedkeuring getekende verklaring in, waarin wordt bevestigd dat de deelnemer de vereisten van artikel 5, lid 2, punt f), voortdurend naleeft en dat de deelnemer het in artikel 20, lid 1, neergelegde vereiste om afdoende beveiligingscontroles uit te voeren om hun systemen te beschermen tegen ongeoorloofde toegang en onbevoegd gebruik voortdurend naleeft. [Naam van de CB invoegen] is gerechtigd de in een dergelijke verklaring verstrekte informatie te verifiëren en alle ondersteunende documentatie op te vragen die zij redelijkerwijs noodzakelijk acht.”

;

f)

het volgende artikel 13 bis wordt ingevoegd:

“Artikel 13 bis

Maximumaanhoudingsbedragen op rekeningen van deelnemers als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), en boeten voor de overschrijding ervan

1.   De totale geldmiddelen die aan het einde van de werkdag door een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis) worden aangehouden op alle rekeningen die de deelnemer bij [naam van de CB invoegen] aanhoudt, mogen niet hoger zijn dan een overeenkomstig de onderstaande voorwaarden berekend maximumaanhoudingsbedrag. De in dit lid bedoelde middelen omvatten niet de middelen die door een deelnemer als bedoeld in in artikel 4, lid 2, punt d bis), worden aangehouden op rekeningen die worden aangehouden voor de RTGS AS-afwikkelingsprocedure D of de TIPS AS-afwikkelingsprocedure.

2.   Het in lid 1 bedoelde maximumaanhoudingsbedrag wordt als volgt berekend:

a)

Indien een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), gedurende een periode van twaalf maanden voorafgaand aan de aanvraag voor deelname aan TARGET operationeel is geweest, bedraagt het maximumaanhoudingsbedrag tweemaal de piekwaarde van de uitgaande geldoverboekingsopdrachten, in voorkomend geval met inbegrip van overboekingsopdrachten van een aangesloten systeem, maar met uitsluiting van liquiditeitsoverboekingen van de deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2), punt d bis), op elke willekeurige werkdag gedurende de voorafgaande periode van twaalf kalendermaanden. De deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), neemt de gedetailleerde berekening van dit maximumaanhoudingsbedrag op in het verzoek aan [naam van de CB invoegen] om deelname aan TARGET.

b)

Indien een in artikel 4, lid 2, punt d bis), bedoelde deelnemer gedurende een periode van twaalf maanden voorafgaand aan zijn verzoek om een rekening in TARGET te openen, niet operationeel is geweest, bedraagt het maximumaanhoudingsbedrag tweemaal de door de niet-bancaire betalingsdienstaanbieder verwachte totale piekwaarde van de uitgaande geldoverboekingsopdrachten met inbegrip van, in voorkomend geval, overboekingsopdrachten van een aangesloten systeem, maar met uitsluiting van liquiditeitsoverboekingsopdrachten. De in artikel 4, lid 2, punt d bis), bedoelde deelnemer neemt zijn gedetailleerde berekening van het voorgestelde maximale aanhoudingsbedrag op in het verzoek om een rekening in TARGET te openen.

c)

In de periode van twaalf maanden na de opening van de eerste actieve TARGET-rekening herberekent [naam van de CB] het maximale aanhoudingsbedrag voor elke deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), maandelijks gedurende het eerste kwartaal aan de hand van de werkelijke piekwaarde van de uitgaande afgewikkelde geldoverboekingsopdrachten met inbegrip van, in voorkomend geval, overboekingsopdrachten van aangesloten systemen, maar exclusief liquiditeitsoverboekingen sinds de opening van de rekening. Daarna vindt de herberekening elk kwartaal plaats. Dit herberekende maximale aanhoudingsbedrag is van toepassing vanaf de eerstvolgende werkdag nadat de herberekening door [naam van de CB] aan elk van dergelijke deelnemers is meegedeeld, en tot de volgende herberekening.

d)

Na de eerste periode van twaalf maanden na de opening van de eerste actieve TARGET-rekening herberekent [naam van de CB] het maximale aanhoudingsbedrag eenmaal per jaar. De herberekening is gebaseerd op de werkelijke totale piekwaarde van alle uitgaande geldoverboekingsopdrachten van een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), met inbegrip van, in voorkomend geval, overboekingsopdrachten van aangesloten systemen, maar met uitsluiting van liquiditeitsoverboekingen in TARGET gedurende de voorgaande periode van twaalf maanden en de overeenkomstig de punten a) en b) aan [naam van de CB invoegen] verstrekte informatie.

e)

In uitzonderlijke omstandigheden kan [naam van de CB invoegen] naar eigen goeddunken het maximale aangehouden bedrag op ad-hocbasis herberekenen in het geval van een significante wijziging in de afwikkelingswaarden van een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), die ophanden is of reeds heeft plaatsgevonden en die kan leiden tot niet-naleving van het desbetreffende maximale aanhoudingsbedrag. Een dergelijke herberekening vindt plaats overeenkomstig punt b).

3.   Indien de totale geldmiddelen op de rekeningen van een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), het toepasselijke maximaal aangehouden bedrag overschrijden, neemt die deelnemer onmiddellijk maatregelen om de totale aangehouden middelen te verlagen tot het maximumaanhoudingsbedrag of lager. Indien een dergelijke verlaging wegens een binnenkomende betaling kort voor het einde van de werkdag niet mogelijk is, vindt de verlaging zonder onnodige vertraging na het begin van de volgende werkdag plaats.

4.   Indien een deelnemer in de zin van artikel 4, lid 2, punt d bis), directe deelnemer is aan een betalingssysteem dat een aangesloten systeem in TARGET is, en een beroep doet op RTGS AS-afwikkelingsprocedure D of TIPS AS-afwikkelingsprocedures, rapporteert die deelnemer maandelijks aan de [naam van de CB invoegen] zowel de piek als de gemiddelde dagelijkse overnight-tegoeden op de technische rekeningen van het betrokken aangesloten systeem van TARGET. Een dergelijke deelnemer rapporteert ook maandelijks zijn piekbedragen en de gemiddelde bedragen van de dagelijkse afwikkelingsverplichting die in het overeenkomstige aangesloten systeem zijn verwerkt.

5.   Indien een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), niet voldoet aan de leden 1, 2 en 3 hierboven, legt [naam van de CB invoegen] een boete op ter hoogte van 0,03 % op het totale bedrag dat hoger is dan het op alle rekeningen van die deelnemer aan het einde van de werkdag aangehouden maximumaanhoudingsbedrag in TARGET, en een bijkomende dagelijkse boete van 1 000 EUR voor elke dag van niet-naleving.

6.   De in lid 1 genoemde rekeningen worden uiterlijk twaalf maanden na 6 oktober 2025 en vervolgens ten minste om de drie jaar opnieuw getoetst. De in lid 2 beschreven methoden voor de berekening van het maximumaanhoudingsbedrag worden uiterlijk twaalf maanden na 6 oktober 2025, en vervolgens ten minste om de drie jaar herzien.”

;

g)

in artikel 18, lid 1, wordt punt b) vervangen door:

“b)

directebetalingsopdrachten en TIPS OLO-overboekingsopdrachten worden geacht in TARGET [CB/landreferentie invoegen] te zijn ingevoerd en onherroepelijk te zijn op het moment dat de betreffende geldmiddelen op de TIPS DCA van de deelnemer of op zijn TIPS AS-technische rekening worden gereserveerd;”;

h)

artikel 21 wordt vervangen door:

“Artikel 21

Vergoedingsregeling

Indien een geldoverboekingsopdracht wegens een technische storing in TARGET niet op dezelfde werkdag waarop deze werd aanvaard kan worden afgewikkeld, of niet kon worden ingediend, biedt [naam van de CB invoegen] de betrokken deelnemer een vergoeding aan overeenkomstig de in appendix II opgenomen bijzondere procedure.”

;

i)

in artikel 25 worden de volgende leden 6 en 7 toegevoegd:

“6.   Indien een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), een wezenlijke niet-naleving van de vereisten van artikel 13 bis niet heeft verholpen, kan [naam van de CB invoegen] de deelname aan TARGET beëindigen in de omstandigheden als beschreven in lid 2, punt b) en/of punt c). In afwijking van lid 2 kan [naam van de CB invoegen] de deelname aan TARGET met een opzegtermijn van één maand beëindigen en een aanvullende eenmalige boete van 1 000 EUR voor elke afgesloten rekening opleggen. Voor de toepassing van dit lid worden onder meer elk van de volgende gevallen beschouwd als een wezenlijk geval van niet-naleving:

a)

systematische of herhaalde overschrijding van het betreffende maximumaanhoudingsbedrag, met inbegrip van maar niet beperkt tot, een niet naleving waarbij het betreffende maximumaanhoudingsbedrag met een aanzienlijk bedrag wordt overschreden;

b)

het niet verlagen van het op de betrokken rekeningen aangehouden bedrag tot het maximumaanhoudingsbedrag of lager aan het einde van de werkdag volgend op de werkdag waarop de geldmiddelen zijn ontvangen;

c)

niet-naleving van de verplichting om maandelijks verslag te doen van zowel de aangehouden piek- als de gemiddelde dagelijkse overnight-tegoeden op de relevante technische rekeningen voor een op TARGET aangesloten systeem en van de piek- en de gemiddelde waarden van de dagelijkse afwikkelingsverplichting die in het corresponderende aangesloten systeem worden verwerkt.

7.   Indien een deelnemer als bedoeld in artikel 4, lid 2, punt d bis), niet voldoet aan de vereisten van artikel 10, lid 7, kan [naam van de CB invoegen] deelname van die deelnemer aan TARGET in de in lid 2, punt b) en/of punt c), beschreven omstandigheden beëindigen. In afwijking van lid 2 wordt de deelnemer één maand van tevoren in kennis gesteld.”

;

2)

deel II wordt als volgt gewijzigd:

a)

artikel 1 wordt vervangen door:

“Artikel 1

Opening en beheer van een MCA

1.   [naam van de CB invoegen] opent en beheert ten minste één MCA voor elke deelnemer, behalve wanneer de deelnemer een AS is die geen in aanmerking komende CTP is dat alleen gebruikmaakt van RTGS of TIPS AS-afwikkelingsprocedures, in welk geval het gebruik van de MCA wordt overgelaten aan het oordeel van het AS.

2.   Met het oog op afwikkeling van monetairbeleidstransacties overeenkomstig [verwijzing naar de algemene documentatie voegen] en de verrekening van rente uit monetairbeleidstransacties en andere operaties met [naam van de CB invoegen], wijst de deelnemer een primaire MCA aan die bij [naam van de CB invoegen] wordt aangehouden.

3.   De overeenkomstig lid 2 aangewezen primaire MCA wordt ook gebruikt voor de volgende doeleinden:

a)

rentevergoeding als bedoeld in deel I, artikel 12, tenzij de deelnemer daartoe een andere deelnemer aan TARGET-[CB/landreferentie invoegen] heeft aangewezen;

b)

de verlening van intraday-krediet, indien van toepassing;

c)

de verlening van overnight-krediet aan in aanmerking komende CTP’s via de CTP-kredietfaciliteit, indien van toepassing.

4.   Een negatief saldo op een primaire MCA mag niet lager zijn dan de kredietlijn (indien toegekend). Er is geen debetsaldo op een MCA die geen primaire MCA is.”

;

b)

in artikel 10 wordt lid 5 vervangen door:

“5.   [naam van de CB invoegen] kan in aanmerking komende CTP’s toegang verlenen tot de CTP-kredietfaciliteit, binnen het toepassingsgebied van artikel 139, lid 2, punt c), van het Verdrag in samenhang met artikelen 18 en 42 van de statuten van de ESCB en [nationale bepalingen ter omzetting van artikel 1, lid 1, van Richtsnoer (EU) 2015/510 (ECB/2014/60) invoegen)]. Die in aanmerking komende CTP’s zijn CTP’s die te allen tijde:

a)

in overeenstemming met de toepasselijke Unie- of nationale wetgeving toegelaten CTP’s zijn;

b)

in aanmerking komende entiteiten zijn als bedoeld in lid 2, punt d);

c)

gevestigd zijn in het eurogebied;

d)

toegang hebben tot intraday-krediet;

e)

voldoen aan de vereisten inzake waarborgen voor financiële soliditeit in overeenstemming met artikel 2 van Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank (ECB/2025/29) (*2);

f)

voldoen aan de vereisten inzake waarborgen voor een deugdelijk beheer van liquiditeitsrisico’s overeenstemming met artikel 3 van Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank (ECB/2025/29);

(*2)  Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank van 31 juli 2025 betreffende waarborgen met betrekking tot de toegang van centrale tegenpartijen tot overnight-krediet van het Eurosysteem in TARGET (ECB/2025/2029) (PB L, 2025/1734, 13.8.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/1734/oj).”;"

c)

in artikel 10 worden de leden 6 en 7 geschrapt;

d)

artikel 11 wordt vervangen door:

“Artikel 11

Beleenbaar onderpand voor krediet

Intraday-krediet en toegang tot de CTP-kredietfaciliteit is gebaseerd op voldoende beleenbaar onderpand. Beleenbaar onderpand bestaat uit dezelfde activa als die welke in aanmerking komen voor monetairbeleidstransacties van het Eurosysteem, waarop dezelfde regels betreffende waardebepaling en risicobeheersing van toepassing zijn als neergelegd in [nationale bepalingen tot omzetting van deel vier van Richtsnoer (EU) 2015/510 (ECB/2014/60) invoegen)].”

;

e)

het volgende artikel 12 bis wordt ingevoegd:

“Artikel 12 bis

Procedure voor verstrekking van de CCP-kredietfaciliteit

1.   De op de CTP-kredietfaciliteit toegepaste rentevoet is de rentevoet van de marginale beleningsfaciliteit.

2.   Indien een in aanmerking komende CTP die geen in aanmerking komende wederpartij voor monetairebeleidstransacties van het Eurosysteem is en geen toegang tot de marginale beleningsfaciliteit heeft, het intraday-krediet aan het einde van de dag niet terugbetaalt, wordt dit automatisch beschouwd als een verzoek van die in aanmerking komende CTP om toegang tot de CTP-kredietfaciliteit. Indien die in aanmerking komende CTP meer dan één MCA of een of meer DCA’s aanhoudt, wordt een eindedagsaldo op die rekeningen in aanmerking genomen voor de berekening van het bedrag waarvoor de entiteit een beroep doet op de CTP-kredietfaciliteit. Dit leidt evenwel niet tot een equivalente vrijgave van vooraf in onderpand gegeven activa voor het onderliggende uitstaande intraday-krediet.

3.   Indien een entiteit als bedoeld in lid 2 het overnight-krediet aan het einde van de dag om enigerlei reden niet aflost, kunnen aan deze CTP de volgende boeten worden opgelegd:

a)

indien de in aanmerking komende CTP aan het einde van de dag voor het eerst in een willekeurige periode van twaalf maanden het overnight-krediet niet terugbetaalt, is deze CTP een boeterente verschuldigd van vijf procentpunten boven de marginale beleningsrente op het bedrag van dat debetsaldo;

b)

indien de in aanmerking komende CTP ten minste voor de tweede keer binnen dezelfde periode van twaalf maanden het overnight-krediet niet terugbetaalt, wordt de in punt a) genoemde boeterente verhoogd met 2,5 procentpunten voor elke keer dat zich binnen die periode van twaalf maanden een debetpositie heeft voorgedaan.

4.   De Raad van bestuur van de ECB kan besluiten de krachtens lid 3 opgelegde boeten kwijt te schelden of te verlagen, indien het niet terugbetalen van het overnight-krediet door de betreffende in aanmerking komende CTP kan worden toegeschreven aan overmacht en/of een technische storing van TARGET, waarbij de laatste zinsnede dezelfde betekenis heeft als gedefinieerd in [verwijzing naar de uitvoeringsmaatregelen van bijlage III invoegen].”;

5.   [naam van de CB invoegen] kan aan de ECB en de nationale bevoegde autoriteiten het bedrag van het aan een in aanmerking komende CTP verstrekte intraday-krediet en overnight-krediet bekendmaken.”

;

f)

artikel 13 wordt vervangen door:

“Artikel 13

Beperking, opschorting of beëindiging van intraday-krediet

1.   [naam van de NCB invoegen] schort de toegang tot intraday-krediet op of beëindigt deze indien zich een van de volgende gevallen van verzuim voordoet:

a)

de primaire MCA van [naam van de NCB invoegen] wordt opgeschort of beëindigd;

b)

de betrokken deelnemer voldoet niet langer aan de in artikel 10 neergelegde vereisten voor het verstrekken van intraday-krediet;

c)

een bevoegde gerechtelijke of andere autoriteit neemt een besluit om ten aanzien van de deelnemer over te gaan tot het openen van een procedure tot liquidatie van de deelnemer of de benoeming van een vereffenaar of soortgelijke functionaris voor de entiteit of een andere soortgelijke procedure;

d)

de fondsen van de entiteit worden bevroren en/of andere maatregelen worden door de Unie opgelegd waardoor de deelnemer beperkt over zijn middelen kan beschikken.

2.   [naam de NCB invoegen] beperkt de toegang tot intraday-krediet, schort deze op of beëindigt deze indien zich een van de volgende gevallen van verzuim voordoet;

a)

de toelating van de deelnemer als wederpartij voor monetaire beleidstransacties van het Eurosysteem is beperkt, opgeschort of beëindigd;

b)

de toegang van de in aanmerking komende CTP tot de CTP-kredietfaciliteit is beperkt, opgeschort of beëindigd.

3.   [naam van de CB invoegen] kan de toegang van een deelnemer tot intraday-krediet opschorten of beëindigen indien een NCB de deelnemer van de deelnemer in TARGET opschort of beëindigt krachtens de tenuitvoerlegging door die NCB van deel I, artikel 25, lid 2.

4.   [naam van de CB invoegen] kan besluiten de toegang van een deelnemer tot intraday-krediet te beperken, op te schorten of te beëindigen indien de deelnemer vanuit het oogpunt van prudentieel handelen geacht wordt een risico te vormen.”

;

3)

in deel IV, artikel 9, wordt lid 1 vervangen door:

“1.   Automatische zekerheidsstelling wordt gebaseerd op beleenbaar onderpand zoals uiteengezet in een door [naam van de CB invoegen] gepubliceerde lijst overeenkomstig artikel 8, lid 4, van Richtsnoer (EU) 2024/3129 van de Europese Centrale Bank (ECB/2024/22) (*3).

(*3)  Richtsnoer (EU) 2024/3129 van de Europese Centrale Bank van 13 augustus 2024 betreffende het beheer van onderpand bij krediettransacties van het Eurosysteem (ECB/2024/22) (PB L, 2024/3129, 20.12.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/guideline/2024/3129/oj).”;"

4)

deel V wordt als volgt gewijzigd:

a)

in artikel 1 wordt het volgende lid 3 toegevoegd:

“3.   Indien de TIPS DCA-houder zijn optie uitoefent om TIPS OLO-overboekingsopdrachten te aanvaarden, stelt hij [naam van de CB invoegen] daarvan in kennis.”

;

b)

in artikel 3 wordt lid 1 vervangen door:

“1.   Een TIPS DCA-houder kan een of meer adresseerbare partijen aanwijzen en stelt [naam van de CB invoegen] in kennis indien een van deze adresseerbare partijen TIPS OLO-overboekingsopdrachten aanvaardt. Adresseerbare partijen hebben zich aangesloten bij de SEPA-directebetalingsregeling door het ondertekenen van de nalevingsovereenkomst SEPA-directebetalingsregeling.”

;

c)

in artikel 4, lid 1, wordt het volgende punt a bis) ingevoegd:

“a bis)

TIPS OLO-overboekingsopdrachten;”;

d)

in artikel 6 wordt lid 3 vervangen door:

“3.   Nadat een directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht is aanvaard overeenkomstig deel I, artikel 17, gaat TARGET-[naam van de CB/landreferentie invoegen] na of er voldoende middelen beschikbaar zijn op de TIPS DCA van de betaler om de afwikkeling uit te voeren en is het volgende van toepassing:

a)

zijn er niet voldoende middelen beschikbaar, dan worden directebetalingsopdrachten geweigerd;

b)

zijn er voldoende middelen beschikbaar, wordt het overeenkomstige bedrag gereserveerd hangende de respons van de begunstigde. In het geval van aanvaarding door de begunstigde van een directebetalingsopdracht of een TIPS OLO-overboekingsopdracht wordt de opdracht afgewikkeld en wordt de reservering tegelijkertijd opgeheven. In het geval van afwijzing door de begunstigde van een directebetalingsopdracht of een TIPS OLO-overboekingsopdracht, of het uitblijven van een tijdig antwoord, in de zin van de SEPA-directebetalingsregeling voor het eerstgenoemde en de TIPS User Detailed Functional Specifications (UDFS) voor het laatstgenoemde geval, wordt de directebetalingsopdracht of de TIPS OLO-overboekingsopdracht afgewezen en wordt de reservering tegelijkertijd opgeheven.”

;

e)

in artikel 6 wordt lid 5 vervangen door:

“5.   Onverminderd lid 3, punt b), wijst [naam van de CB invoegen] een directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht af indien het bedrag van de directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht hoger is dan een toepasselijk kredietmemorandumbalans (Credit Memorandum Balance — CMB).”

;

f)

in artikel 8 wordt lid 1 vervangen door:

“1.   De TIPS-directory is een lijst van BIC’s die worden gebruikt voor het routeren van informatie en omvat de BIC’s van:

a)

TIPS DCA-houders;

b)

adresseerbare partijen.

De TIPS-directory bevat voor elke BIC informatie over de vraag of de TIPS DCA-houder of adresseerbare partij TIPS OLO-overboekingsopdrachten aanvaardt.”

;

g)

in artikel 10 wordt lid 4 vervangen door:

“4.   [naam van de CB invoegen] verwerkt directebetalingsopdrachten en TIPS OLO-overboekingsopdrachten van een TIPS DCA-houder wiens deelname aan TARGET-[naam van de CB/landreferentie invoegen] werd opgeschort of beëindigd krachtens deel I, artikel 25, lid 1 of lid 2, en waarvoor [naam van de CB invoegen] voorafgaande aan de opschorting of beëindiging krachtens artikel 6, lid 3, punt b), geldmiddelen op een TIPS DCA heeft gereserveerd.”

;

h)

het volgende artikel 11 wordt ingevoegd:

“Artikel 11

Uitzendberichten

1.   TIPS DCA-houders kunnen gebruikmaken van de door TIPS aangeboden uitzendberichtfunctie, waarmee een TIPS DCA-houder of een TIPS AS-technische rekeninghouder zelf een bericht kan sturen naar alle andere TIPS DCA-houders en TIPS AS-technische rekeninghouders om uitzendberichten te verzenden in de volgende categorieën:

a)

“Aanvang directe onderbreking”;

b)

“Einde directe onderbreking”;

c)

“Geplande onderbreking”.

2.   TIPS DCA-houders verzenden geen “vrijetekstberichten” of “insolventieberichten”. De TIPS DCA-houder die van de uitzendfaciliteit gebruikmaakt, blijft als enige verantwoordelijk en aansprakelijk voor de inhoud van een bericht.”

;

5)

deel VII wordt als volgt gewijzigd:

a)

artikel 1 wordt vervangen door:

“Artikel 1

Opening en beheer van een TIPS AS-technische rekening

1.   [naam van de CB invoegen] kan op verzoek van een AS dat directe betalingen krachtens de SEPA-directebetalingsregeling, TIPS OLO-overboekingsopdrachten of vrijwel directe betalingen in de eigen boeken afwikkelt, een of meer TIPS AS-technische rekeningen openen en beheren. Indien de TIPS AS-technische rekeninghouder zijn optie uitoefent om TIPS OLO-overboekingsopdrachten te aanvaarden, stelt hij [naam van de CB invoegen] daarvan in kennis.

2.   Er is geen debetsaldo op een TIPS AS-technische rekening.

3.   Het aangesloten systeem gebruikt een TIPS AS-technische rekening om de noodzakelijke liquiditeit te innen die door hun clearingleden is gereserveerd om hun posities te financieren.

4.   Het aangesloten systeem kan ervoor kiezen kennisgevingen te ontvangen van de creditering en debitering van zijn technische TIPS AS-rekening. Indien het aangesloten systeem voor deze dienst kiest, wordt een kennisgeving onmiddellijk na het debiteren of crediteren van de TIPS AS-technische rekening gedaan.

5.   Een aangesloten systeem kan directebetalingsopdrachten en naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdrachten aan elke TIPS DCA-houder of TIPS AS technische rekeninghouder verzenden, en het kan TIPS OLO-overboekingsopdrachten verzenden aan iedere TIPS OLO-houder of TIPS AS-technische rekeninghouder die ervoor gekozen heeft deze te ontvangen.

6.   Een aangesloten systeem ontvangt en verwerkt directebetalingsopdrachten, intrekkingsverzoeken en naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdrachten van TIPS DCA-houders of TIPS AS-technische rekeninghouders. Indien het [naam van de CB invoegen] overeenkomstig lid 1 in kennis heeft gesteld van de uitoefening van zijn optie, aanvaardt het TIPS OLO-overboekingsopdrachten van een TIPS DCA-houder of TIPS AS-technische rekeninghouder die ervoor heeft gekozen deze te verzenden.”

;

b)

in artikel 4 wordt lid 3 vervangen door:

“3.   Nadat een directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht is aanvaard overeenkomstig deel I, artikel 17, lid 1, gaat [naam van de CB invoegen] na of er voldoende middelen beschikbaar zijn op de TIPS AS-technische rekening van de betaler om de afwikkeling uit te voeren en is het volgende van toepassing:

a)

zijn er onvoldoende middelen beschikbaar, wordt de directebetalingsopdrachten of TIPS OLO-overboekingsopdracht geweigerd;

b)

zijn er voldoende middelen beschikbaar, wordt het overeenkomstige bedrag gereserveerd hangende de respons van de begunstigde. Bij aanvaarding door de begunstigde van een directebetalingsopdracht of een TIPS OLO-overboekingsopdracht wordt de opdracht afgewikkeld en wordt tegelijkertijd de reservering opgeheven. Bij een afwijzing door de begunstigde van een directebetalingsopdracht of een TIPS OLO-overboekingsopdracht, of het uitblijven van een tijdig antwoord, in de zin van de SEPA-directebetalingsregeling voor het eerstgenoemde en de TIPS User Detailed Functional Specifications (UDFS) voor het laatstgenoemde geval, wordt de directebetalingsopdracht of de TIPS OLO-overboekingsopdracht afgewezen en wordt tegelijkertijd de reservering opgeheven.”

;

c)

in artikel 4 wordt lid 5 vervangen door:

“5.   Onverminderd lid 3, punt b), wijst [naam van de CB invoegen] een directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht af indien het bedrag van de directebetalingsopdracht of TIPS OLO-overboekingsopdracht hoger is dan een toepasselijk kredietmemorandumbalans (Credit Memorandum Balance — CMB).”

;

d)

in artikel 5 wordt lid 2 vervangen door:

“2.   Het intrekkingsverzoek wordt doorgestuurd naar de begunstigde van de afgewikkelde TIPS OLO-betalingsopdracht, die met een positief of negatief antwoord met betrekking tot de intrekking kan antwoorden.”

;

e)

in artikel 8, lid 1, wordt het volgende punt d) toegevoegd:

“d)

TIPS OLO-overboekingsopdrachten.”;

f)

in artikel 9 wordt lid 1 vervangen door:

“1.   De TIPS-directory is een lijst van BIC’s die worden gebruikt voor de routing van informatie en omvat de BIC’s van:

a)

TIPS DCA-houders;

b)

adresseerbare partijen.

De TIPS-directory bevat voor elke BIC informatie over de vraag of de TIPS DCA-houder of adresseerbare partij TIPS OLO-overboekingen aanvaardt.”

;

g)

in artikel 11 wordt lid 4 vervangen door:

“4.   [naam van de CB invoegen] verwerkt directebetalingsopdrachten of TIPS OLO-overboekingsopdrachten van een TIPS DCA-houder wiens deelname aan TARGET-[naam van de CB/landreferentie invoegen] is opgeschort of beëindigd krachtens deel I, artikel 25, lid 1 of lid 2, en waarvoor [naam van de CB invoegen] voorafgaande aan de opschorting of beëindiging krachtens artikel 4, lid 3, punt b), geldmiddelen op een TIPS AS-technische rekening heeft gereserveerd.”

;

h)

het volgende artikel 12 wordt ingevoegd:

“Artikel 12

Uitzendberichten

1.   TIPS DCA-houders kunnen gebruikmaken van de door TIPS aangeboden uitzendberichtfunctie, waarmee een TIPS DCA-houder of een TIPS AS technische rekeninghouder zelf een bericht kan zenden naar alle andere TIPS DCA houders en TIPS AS-technische rekeninghouders om uitzendberichten te zenden in de volgende categorieën:

a)

“Onmiddellijk begin van de onderbreking”;

b)

“Onmiddellijk einde van de onderbreking”;

c)

“Geplande onderbreking”.

2.   TIPS AS-technische rekeninghouders verzenden geen “vrije tekstberichten” of “insolventieberichten”. De TIPS DCA-houder die van de uitzendfaciliteit gebruikmaakt, blijft als enige verantwoordelijk en aansprakelijk voor de inhoud van elk bericht.”

;

6)

appendix I wordt als volgt gewijzigd:

a)

aan afdeling 4 (“Berichttypes die in TARGET worden verwerkt”) wordt het volgende punt e) toegevoegd:

“e)

De volgende aanvullende subtypen berichten worden gebruikt voor TIPS OLO-overboekingsopdrachten:

Berichttype

Beschrijving

pacs.002.001.03

FIToFIPayment Status Report

pacs.008.001.08

FIToFICustomerCreditTransfer

pacs.028.001.03

FIToFIPaymentStatusRequest

Berichten in verband met TIPS OLO-overboekingsopdrachten worden in het berichtenuitwisselingsprotocol vermeld met het achtervoegsel XCY.”;

b)

afdeling 6 wordt vervangen door:

“6.   Validatieregels en foutcodes

De validatie van berichten wordt uitgevoerd volgens High Value Payments Plus (HVPS+) richtsnoeren voor berichtenvalidaties die zijn gespecificeerd in de ISO 20022-norm en TARGET-specifieke validaties. De gedetailleerde validatieregels en foutcodes worden in de betreffende delen van de UDFS als volgt beschreven:

a)

voor MCA’s, in hoofdstuk 14 van de CLM UDFS;

b)

voor RTGS DCA’s, in hoofdstuk 13 van de RTGS UDFS;

c)

voor T2S DCA’s, in hoofdstuk 4.1 van de T2S UDFS.

Indien een directebetalingsopdracht, een TIPS OLO-overboekingsopdracht of een naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht om welke reden dan ook werd afgewezen, ontvangt de TIPS DCA-houder een rapport over de betaalstatus (pacs.002), zoals beschreven in hoofdstuk 4.2 van de TIPS UDFS. Indien een liquiditeitsoverboekingsopdracht om welke reden dan ook werd afgewezen, ontvangt de TIPS DCA-houder een afwijzing (camt.025), zoals beschreven in hoofdstuk 1.6 van de TIPS UDFS.”;

7)

appendix IV wordt als volgt gewijzigd:

in afdeling 2.3 (“Noodverwerking”’), wordt het volgende punt c), iii), ingevoegd:

“iii)

betalingen door of aan financiële afdelingen van centrale of regionale overheden van de lidstaten om overloopeffecten van intraday-krediet naar overnight-krediet te voorkomen”;

8)

appendix VI wordt als volgt gewijzigd:

a)

afdeling 6 wordt vervangen door:

“6.   VERGOEDINGEN VOOR TIPS DCA-HOUDERS

Vergoedingen voor de exploitatie van TIPS DCA’s worden als volgt in rekening gebracht:

a)

voor elke TIPS DCA wordt aan de houder van de TIPS DCA een maandelijkse vaste vergoeding van 800 EUR in rekening gebracht; Deze vaste vergoeding omvat één BIC, die een adresseerbare partij in TIPS is en door de TIPS DCA-houder is aangewezen om deze TIPS DCA te gebruiken;

b)

voor elke verdere door de TIPS DCA-houder aangewezen adresseerbare partij wordt tot maximaal 50 adresseerbare partijen aan de houder van de TIPS een maandelijkse vergoeding van 20 EUR in rekening gebracht. Er wordt geen vergoeding in rekening gebracht voor enige daaropvolgende aangewezen adresseerbare partijen;

c)

voor elke door de [naam van de CB invoegen] aanvaarde directebetalingsopdracht, OLO-overboekingsopdracht of naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht als bedoeld in deel I, artikel 17, wordt een vergoeding van 0,001 EUR in rekening gebracht aan zowel de houder van de te debiteren TIPS DCA als aan de houder van de te crediteren TIPS DCA of TIPS AS-technische rekening, ongeacht of de directebetalingsopdracht, de OLO-overboekingsopdracht of de naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht wordt afgewikkeld;

d)

er wordt geen vergoeding in rekening gebracht voor liquiditeitsoverboekingsopdrachten van TIPS DCA’s naar MCA’s, RTGS DCA’s, subrekeningen, girale depositorekeningen, TIPS AS-technische rekeningen of T2S DCA’s.”;

b)

in afdeling 7 wordt punt c) vervangen door:

“c)

voor elke door [naam van de CB invoegen] aanvaarde directebetalingsopdracht, TIPS OLO-overboekingsopdracht of naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht als bedoeld in deel I, artikel 17, wordt een vergoeding van 0,001 EUR in rekening gebracht aan zowel de houder van de te debiteren TIPS AS-technische rekening als aan de houder van de te crediteren TIPS AS-technische rekening of TIPS DCA, ongeacht of de directebetalingsopdracht, de TIPS OLO-overboekingsopdracht of naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht wordt afgewikkeld.”.


(*1)  Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35), ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2015/2366/oj).”;

(*2)  Besluit (EU) 2025/1734 van de Europese Centrale Bank van 31 juli 2025 betreffende waarborgen met betrekking tot de toegang van centrale tegenpartijen tot overnight-krediet van het Eurosysteem in TARGET (ECB/2025/2029) (PB L, 2025/1734, 13.8.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/1734/oj).”;

(*3)  Richtsnoer (EU) 2024/3129 van de Europese Centrale Bank van 13 augustus 2024 betreffende het beheer van onderpand bij krediettransacties van het Eurosysteem (ECB/2024/22) (PB L, 2024/3129, 20.12.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/guideline/2024/3129/oj).”;”


BIJLAGE II

Bijlage III bij Richtsnoer (EU) 2022/912 (ECB/2022/8) wordt als volgt gewijzigd:

1)

punt 11) wordt vervangen door:

“11)

bijkantoor”: behalve in het geval van artikel 9, lid 8, van dit richtsnoer:

a)

een bijkantoor in de zin van artikel 4, lid 1, punt 17), van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad (*1), of artikel 4, lid 1, punt 30, van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad (*2), of artikel 4, punt 39, van Richtlijn (EU) 2015/2366, naargelang van het geval, of

b)

in het geval van een instelling voor elektronisch geld in de zin van artikel 1, punt 3), b), van Besluit (EU) 2025/222 van de Europese Centrale Bank (ECB/2025/2) (*3), een vestiging die een juridisch afhankelijk onderdeel vormt van een dergelijke instelling voor elektronisch geld vormt en die rechtstreeks alle of een deel van de transacties verricht die inherent zijn aan de werkzaamheden van die instelling; alle vestigingsplaatsen die in dezelfde lidstaat zijn opgericht door een instelling voor elektronisch geld met hoofdkantoor in een andere lidstaat worden als één bijkantoor beschouwd;

(*1)  Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj)."

(*2)  Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj)."

(*3)  Besluit (EU) 2025/222 van de Europese Centrale Bank van 27 januari 2025 betreffende de toegang van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders tot door centrale banken van het Eurosysteem geëxploiteerde betalingssystemen en centralebankrekeningen (ECB/2025/2) (PB L, 2025/222, 6.2.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/222/oj).”;"

2)

punt 16) wordt vervangen door:

“16)

geldoverboekingsopdracht” (cash transfer order): elke instructie van een deelnemer of een namens de deelnemer handelende partij om een ontvanger een geldbedrag door middel van een boeking van de ene rekening ter beschikking te stellen op een andere rekening en die een overboekingsopdracht van het aangesloten systeem, een liquiditeitsoverboekingsopdracht, een directebetalingsopdracht, een naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht, een TIPS OLO-overboekingsopdracht of een betalingsopdracht is;”;

3)

het volgende punt 18 bis) wordt ingevoegd:

“18 bis)

kredietfaciliteit voor centrale tegenpartijen” (CTP-kredietfaciliteit): de kredietfaciliteit die is ingesteld om in aanmerking komende CTP’s in gevallen waarin een CTP onder extreme marktomstandigheden een liquiditeitstekort ondervindt overnight-krediet te verlenen overeenkomstig de voorwaarden van deel II, artikel 10, lid 5, en artikel 12 bis van bijlage I bij dit richtsnoer;”;

4)

het volgende punt 26 bis) wordt ingevoegd:

“26 bis)

in aanmerking komende centrale tegenpartij” (in aanmerking komende CTP) (eligible central counterparty — eligible CCP): een in het eurogebied gevestigde CTP die voldoet aan de in dit richtsnoer vastgelegde toepasselijke toegangsvereisten voor de CTP-kredietfaciliteit;”;

5)

punt 34) wordt vervangen door:

“34)

instruerende partij” (instructing party): een entiteit die als zodanig is aangewezen door een TIPS DCA-houder of een TIPS AS-technische rekeninghouder, en die namens die rekeninghouder of een adresseerbare partij van die rekeninghouder directebetalingsopdrachten, liquiditeitsoverboekingsopdrachten of TIPS OLO-overboekingsopdrachten kan verzenden en/of ontvangen;”;

6)

punt 42) wordt vervangen door:

“42)

vrijwel directe betaling” (near instant payment): een geldoverboekingsopdracht die voldoet aan de SEPA Credit Transfer Additional Optional Services (SCT AOS) NL Standard voor directe verwerking van SEPA-overboekingsopdrachten van de Europese Betalingsraad of het SEPA One-Leg Out Instant Credit Transfer (OCT Inst) Scheme van de Europese Betalingsraad;”;

7)

het volgende punt 43 bis) wordt ingevoegd:

“43 bis)

niet-bancaire betalingsdienstaanbieder (non-bank payment service provider): een niet-bancaire betalingsdienstaanbieder als gedefinieerd in artikel 1, punt 3), van Besluit (EU) 2025/222 (ECB/2025/2);”;

8)

punt 48) wordt vervangen door:

“48)

betalingsopdracht” (payment order): elke instructie van een deelnemer of een namens de deelnemer handelende partij om een ontvanger een geldbedrag door middel van een boeking van de ene rekening ter beschikking te stellen op een andere rekening en die een AS-overboekingsopdracht, een liquiditeitsoverboekingsopdracht, een directebetalingsopdracht, een TIPS OLO-overboekingsopdracht of een naar aanleiding van een intrekkingsverzoek geïnitieerde betalingsopdracht is;”;

9)

het volgende punt 63 bis) wordt ingevoegd:

“63 bis)

TARGET Instant Payment Settlement (TIPS) one-leg out-overboekingsopdracht” (TIPS OLO-overboekingsopdracht): een overboekingsopdracht bestaande uit twee of meer delen, waarvan er slechts één in TIPS wordt afgewikkeld en onder dit richtsnoer valt, en waarvan het resterende deel wordt afgewikkeld in een ander systeem of in een andere valuta.”


(*1)  Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj).

(*2)  Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 349, ELI: http://data.europa.eu/eli/dir/2014/65/oj).

(*3)  Besluit (EU) 2025/222 van de Europese Centrale Bank van 27 januari 2025 betreffende de toegang van niet-bancaire betalingsdienstaanbieders tot door centrale banken van het Eurosysteem geëxploiteerde betalingssystemen en centralebankrekeningen (ECB/2025/2) (PB L, 2025/222, 6.2.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2025/222/oj).”;”


ELI: http://data.europa.eu/eli/guideline/2025/1889/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)