European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2025/1877

18.9.2025

UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2025/1877 VAN DE COMMISSIE

van 16 september 2025

tot goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen van Italië en Slowakije wat betreft de door het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) gefinancierde uitgaven voor begrotingsjaar 2020

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2025) 6218)

(Slechts de teksten in de Italiaanse en Slowaakse taal zijn authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (1), en met name artikel 104,

Gezien Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 352/78, (EG) nr. 165/94, (EG) nr. 2799/98, (EG) nr. 814/2000, (EG) nr. 1290/2005 en (EG) nr. 485/2008 van de Raad (2), en met name artikel 51,

Na raadpleging van het Comité voor de landbouwfondsen,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 104, lid 1, tweede alinea, punt a), van Verordening (EU) 2021/2116 is bepaald dat artikel 4, lid 1, punt b), artikel 5, artikel 7, lid 3, de artikelen 9, 17, 21 en 34, artikel 35, lid 4, de artikelen 36, 37, 38, 40 tot en met 43, 51, 52, 54, 56, 59, 63, 64, 67, 68, 70 tot en met 75, 77, 91 tot en met 97, 99 en 100, artikel 102, lid 2, en de artikelen 110 en 111 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van toepassing blijven wat het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) betreft, met betrekking tot de uitgaven die zijn gedaan door de begunstigden en de betalingen die zijn gedaan door het betaalorgaan in het kader van de uitvoering van plattelandsontwikkelingsprogramma’s overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad (3) voor het begrotingsjaar 2020.

(2)

In artikel 64, tweede alinea, punt a), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 van de Commissie (4) is bepaald dat artikel 2, artikel 3, lid 1, eerste alinea, artikel 3, lid 2, artikel 4, lid 1, punt b), de artikelen 5, 6 en 7, de artikelen 21 tot en met 25, de artikelen 27, 28 en 29, artikel 30, lid 1, punten a), b) en c), artikel 30, leden 2, 3 en 4, en de artikelen 31 tot en met 40 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van de Commissie (5) van toepassing blijven wat het Elfpo betreft, met betrekking tot de uitgaven die zijn gedaan door de begunstigden en de betalingen die zijn gedaan door het betaalorgaan in het kader van de uitvoering van plattelandsontwikkelingsprogramma’s overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1305/2013 voor het begrotingsjaar 2020.

(3)

In artikel 64, tweede alinea, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 is bepaald dat de bijlagen II en III bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van toepassing blijven voor de doeleinden van artikel 32, punten f) en g), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 voor het begrotingsjaar 2020.

(4)

Bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/873 van de Commissie (6) zijn de rekeningen van de betaalorganen van de lidstaten betreffende de uit het Elfpo gefinancierde uitgaven voor het begrotingsjaar 2020 goedgekeurd, met uitzondering van de betaalorganen “Agenzia della Regione Calabria per le Erogazioni in Agricoltura” en “Pôdohospodárska platobná agentúra”.

(5)

Nadat nieuwe informatie is toegezonden en aanvullende controles zijn verricht, kan de Commissie een besluit nemen over de volledigheid, de nauwkeurigheid en de waarheidsgetrouwheid van de rekeningen van het Italiaanse betaalorgaan “Agenzia della Regione Calabria per le Erogazioni in Agricoltura” en het Slowaakse betaalorgaan “Pôdohospodárska platobná agentúra” wat de uit het Elfpo gefinancierde uitgaven voor het begrotingsjaar 2020 betreft.

(6)

Krachtens artikel 33, lid 2, tweede alinea, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 moet het bedrag dat als gevolg van het in artikel 33, lid 1, van die uitvoeringsverordening bedoelde besluit tot goedkeuring van de rekeningen moet worden teruggevorderd van of betaald aan elke lidstaat, worden vastgesteld door de tussentijdse betalingen voor het betrokken begrotingsjaar af te trekken van de overeenkomstig dat artikel 33, lid 1, voor hetzelfde jaar erkende uitgaven. Krachtens artikel 33, lid 2, derde alinea, van die uitvoeringsverordening moet dat bedrag door de Commissie zijn afgetrokken van of opgeteld bij de volgende tussentijdse betaling.

(7)

Op grond van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 moeten de financiële gevolgen van niet-inning van een in verband met onregelmatigheden teruggevorderd bedrag voor 50 % door de betrokken lidstaat worden gedragen indien geen inning heeft plaatsgevonden binnen vier jaar na de datum van de terugvordering of binnen acht jaar na die datum als over de terugvordering een zaak is aangespannen bij een nationale rechtbank. Krachtens artikel 54, lid 4, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 moeten de lidstaten een gecertificeerde tabel met de bedragen die zij op grond van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 zelf moeten dragen, bijvoegen bij de jaarrekeningen die zij op grond van artikel 29 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 bij de Commissie moeten indienen. Uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de verplichting van de lidstaten om de te innen bedragen mee te delen, zijn vastgesteld bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014. Bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 bevat het model voor de tabel waarin de lidstaten informatie over de te innen bedragen moeten verstrekken. Op basis van de door de lidstaten ingevulde tabellen moet de Commissie een besluit nemen over de financiële gevolgen van de bedragen die in verband met onregelmatigheden zijn teruggevorderd, maar na vier of na acht jaar nog niet zijn geïnd.

(8)

Op grond van artikel 54, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 kunnen de lidstaten in behoorlijk gemotiveerde gevallen besluiten de terugvordering niet voort te zetten. Een dergelijk besluit kan alleen worden genomen indien het totaal van de reeds gemaakte en de nog te verwachten terugvorderingskosten hoger is dan het te innen bedrag of indien de terugvordering onmogelijk blijkt als gevolg van de overeenkomstig het nationale recht geconstateerde en erkende insolventie van de debiteur of van de personen die juridisch aansprakelijk zijn voor de onregelmatigheid. Als het besluit is genomen binnen vier jaar na de datum van de terugvordering of binnen acht jaar na die datum indien over de terugvordering een zaak is aangespannen bij een nationale rechtbank, worden de financiële gevolgen van de niet-inning voor 100 % door de begroting van de Unie gedragen. Indien een bepaalde lidstaat besluit de terugvordering niet voort te zetten, moeten de desbetreffende bedragen en de redenen voor dat besluit worden opgenomen in het samenvattend verslag als bedoeld in artikel 54, lid 4, van die verordening. Deze bedragen mogen niet ten laste van de betrokken lidstaten worden gebracht en worden dus gedragen door de begroting van de Unie.

(9)

Overeenkomstig artikel 75, lid 1, vierde alinea, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 zijn de regels inzake de betalingstermijnen voor plattelandsontwikkelingsmaatregelen in het kader van het geïntegreerd beheers- en controlesysteem van toepassing met ingang van het aanvraagjaar 2019. Voor de verlagingen wegens niet-naleving van de laatste betalingstermijnen, als berekend conform artikel 5 bis van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014, wordt de procedure van de artikelen 40 en 41 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 gevolgd en daarmee moet rekening worden gehouden in dit besluit voor het begrotingsjaar 2020. Die verlagingen kunnen indien nodig worden onderzocht in het kader van de conformiteitsgoedkeuringsprocedure uit hoofde van artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013.

(10)

Overeenkomstig artikel 83 van Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad (7) kan de in artikel 36, lid 5, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 genoemde betalingstermijn voor tussentijdse betalingen maximaal zes maanden worden uitgesteld om aanvullende verificaties te verrichten naar aanleiding van informatie waaruit blijkt dat die betalingen verband houden met een onregelmatigheid met ernstige financiële gevolgen. Bij het vaststellen van dit besluit moet de Commissie dergelijke uitgestelde bedragen in aanmerking nemen om te vermijden dat onterechte of niet-tijdige betalingen worden gedaan.

(11)

De Commissie heeft op grond van artikel 41 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 reeds een aantal tussentijdse betalingen voor het begrotingsjaar 2020 verlaagd of geschorst wegens uitgaven die niet overeenkomstig de Unievoorschriften zijn gedaan. In het onderhavige besluit moet de Commissie de op grond van artikel 41 van die verordening verlaagde of geschorste bedragen in aanmerking nemen om te vermijden dat onverschuldigde of niet-tijdige betalingen of vergoedingen worden verricht die later het onderwerp van een financiële correctie zouden kunnen worden.

(12)

In dit besluit moet ook rekening worden gehouden met de bedragen die nog met betrekking tot de programmeringsperiode 2007-2013 in het kader van het Elfpo ten laste van de lidstaten moeten worden gebracht als gevolg van de toepassing van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013.

(13)

Overeenkomstig artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 moet dit besluit de besluiten die de Commissie later kan nemen om niet overeenkomstig de Unievoorschriften gedane uitgaven aan Uniefinanciering te onttrekken, onverlet laten,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De rekeningen van het Italiaanse betaalorgaan “Agenzia della Regione Calabria per le Erogazioni in Agricoltura” en het Slowaakse betaalorgaan “Pôdohospodárska platobná agentúra” worden goedgekeurd wat betreft de door het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (Elfpo) gefinancierde uitgaven voor het begrotingsjaar 2020 over de programmeringsperiode 2014-2022.

De bedragen die op grond van dit besluit in het kader van elk plattelandsontwikkelingsprogramma moeten worden teruggevorderd van of betaald aan Italië en Slowakije, zijn vermeld in bijlage I.

Artikel 2

De bedragen die als gevolg van de toepassing van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 in het kader van het Elfpo ten laste van Italië en Slowakije moeten worden gebracht met betrekking tot de programmeringsperioden 2014-2022 en 2007-2013, zijn vermeld in bijlage II bij dit besluit.

Artikel 3

De verlagingen wegens niet-naleving van de laatste betalingstermijnen die overeenkomstig artikel 75, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 voor elk plattelandsontwikkelingsprogramma zijn toegepast, zijn vermeld in bijlage III bij dit besluit.

Artikel 4

Dit besluit doet geen afbreuk aan latere conformiteitsgoedkeuringsbesluiten die de Commissie krachtens artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 kan nemen om uitgaven die niet overeenkomstig de Unievoorschriften zijn gedaan, aan Uniefinanciering te onttrekken.

Artikel 5

Dit besluit is gericht tot de Italiaanse Republiek en de Slowaakse Republiek.

Gedaan te Brussel, 16 september 2025.

Voor de Commissie

Christophe HANSEN

Lid van de Commissie


(1)   PB L 435 van 6.12.2021, blz. 187, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2116/oj.

(2)   PB L 347 van 20.12.2013, blz. 549, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1306/oj.

(3)  Verordening (EU) nr. 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1698/2005 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 487, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1305/oj).

(4)  Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 van de Commissie van 21 december 2021 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betaalorganen en andere instanties, financieel beheer, goedkeuring van de rekeningen, controles, zekerheden en transparantie (PB L 20 van 31.1.2022, blz. 131, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2022/128/oj).

(5)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van de Commissie van 6 augustus 2014 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft betaalorganen en andere instanties, financieel beheer, goedkeuring van de rekeningen, voorschriften inzake controles, zekerheden en transparantie (PB L 255 van 28.8.2014, blz. 59, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2014/908/oj).

(6)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/873 van de Commissie van 28 mei 2021 inzake de goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen van de lidstaten betreffende de uit het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) gefinancierde uitgaven over begrotingsjaar 2020 (PB L 191 van 31.5.2021, blz. 27, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2021/873/oj).

(7)  Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1303/oj).


BIJLAGE I

Goedgekeurde Elfpo-uitgaven voor het begrotingsjaar 2020 per plattelandsontwikkelingsprogramma

Van de lidstaat terug te vorderen of aan de lidstaat te betalen bedrag per programma

Goedgekeurde programma’s waarvoor Elfpo-uitgaven zijn gedeclareerd over de periode 2014-2020

(in EUR)

Lidstaat

CCI

Uitgaven 2020

Correcties

Totaal

Niet opnieuw te gebruiken bedragen

Aanvaard bedrag goedgekeurd voor BJ 2020

Tussentijdse betalingen aan de lidstaat voor het begrotingsjaar

Van de lidstaat terug te vorderen (-) of aan de lidstaat te betalen (+) bedrag

 

 

i

ii

iii = i + ii

iv

v = iii - iv

vi

 

IT

2014IT06RDRP018

83 918 828,37

0,00

83 918 828,37

0,00

83 918 828,37

83 918 825,84

2,53

SK

2014SK06RDNP001

200 173 842,36

-6 471 887,46

193 701 954,90

0,00

193 701 954,90

193 702 020,68

-65,78


BIJLAGE II

Goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen

Begrotingsjaar 2020 — Elfpo

Correcties overeenkomstig artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013

 

 

 

 

 

 

 

Correcties met betrekking tot de programmeringsperiode 2014-2020

Correcties met betrekking tot de programmeringsperiode 2007-2013

Lidstaat

Valuta

In nationale munt

In EUR

In nationale munt

In EUR

IT

EUR

0,00

0,00

0,00

713 297,46

SK

EUR

0,00

0,00

0,00

540 117,61


BIJLAGE III

Goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen

Begrotingsjaar 2020 — Elfpo

Verlagingen wegens betalingstermijnen per plattelandsontwikkelingsprogramma voor het begrotingsjaar 2020 overeenkomstig artikel 75, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1306/2013

(in EUR)

Lidstaat

CCI

Verlagingen wegens niet-naleving van de laatste betalingstermijnen voor BJ 2020

IT

2014IT06RDRP018

0,00

SK

2014SK06RDNP001

0,00


ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2025/1877/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)