|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2025/1774 |
18.12.2025 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2025/1774 VAN DE COMMISSIE
van 28 augustus 2025
tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 wat betreft strategische investeringen op defensiegebied zoals vastgesteld in de investeringsrichtsnoeren voor het InvestEU-fonds
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2021/523 van het Europees Parlement en de Raad van 24 maart 2021 tot vaststelling van het InvestEU-programma en tot wijziging van Verordening (EU) 2015/1017 (1), en met name artikel 8, lid 9,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het InvestEU-programma heeft tot doel financierings- en investeringsverrichtingen die bijdragen tot de verwezenlijking van de in de artikelen 3 en 8 van en bijlage II bij Verordening (EU) 2021/523 vastgestelde beleidsdoelstellingen van de Unie, te ondersteunen. Deze financierings- en investeringsverrichtingen hebben tot doel de ontwikkeling van onder meer de defensie-industrie te ondersteunen om bij te dragen tot de strategische autonomie van de Unie. |
|
(2) |
Overeenkomstig artikel 14, lid 1, punt d), van Verordening (EU) 2021/523 moeten financierings- en investeringsverrichtingen in het kader van elk van de in artikel 8 van die verordening bedoelde beleidsvensters in overeenstemming zijn met de investeringsrichtsnoeren die zijn vastgesteld in de bijlage bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 van de Commissie (2) (de huidige “investeringsrichtsnoeren”), en op basis van artikel 8, leden 3 en 10, van Verordening (EU) 2021/523. Voor strategische investeringen in defensie bevatten die investeringsrichtsnoeren beperkingen met betrekking tot eindontvangers die onder zeggenschap staan van een derde land of entiteiten uit derde landen en eindontvangers die hun uitvoerend beheer buiten de Unie hebben met het oog op de bescherming van de veiligheid van de Unie en de lidstaten. |
|
(3) |
In het gezamenlijk witboek “Europese defensie — Readiness 2030” (3) wordt benadrukt dat de toegang tot kapitaal voor in de EU gevestigde ondernemingen, met inbegrip van kleine en middelgrote ondernemingen en midcaps, dringend moet worden verbeterd, zodat zij hun oplossingen op industriële schaal kunnen brengen en de industriële opschaling kunnen stimuleren waar de Unie naar streeft. De financiële sector toont een groeiende belangstelling voor defensie. Toch blijft de defensiesector een onderbediende markt, onder meer als gevolg van beperkingen in het investeringsbeleid van openbare en particuliere financiële instellingen. Het benutten van het volledige potentieel van InvestEU ter ondersteuning van de defensiesector is van cruciaal belang om deze uitdagingen aan te pakken. |
|
(4) |
Uit de feedback die is ontvangen van belanghebbenden, via een openbare raadpleging en gerichte raadplegingen met de uitvoerende partners van InvestEU en de lidstaten, blijkt dat de beperkingen die zijn vastgesteld in de huidige investeringsrichtsnoeren voor strategische investeringen de uitrol van het InvestEU-fonds ter ondersteuning van de defensiesector kunnen belemmeren. Daarom moeten de huidige investeringsrichtsnoeren worden aangepast aan de specifieke kenmerken van InvestEU, namelijk een begrotingsgarantie die in indirect beheer wordt uitgevoerd. De voorgestelde wijzigingen zullen de uitrol van InvestEU ter ondersteuning van de defensiesector verbeteren, met behoud van voldoende waarborgen voor strategische investeringen in defensie, overeenkomstig Verordening (EU) 2021/523. |
|
(5) |
Het toepassingsgebied van strategische investeringen in defensie waarvoor beperkingen gelden, wordt in de huidige investeringsrichtsnoeren gedefinieerd als defensietechnologieën en -producten die in het jaarlijkse werkprogramma voor het Europees Defensiefonds zijn vastgesteld. Deze definitie brengt onnodige complexiteit en rechtsonzekerheid met zich mee als gevolg van de veranderende aard van het werkprogramma van het Europees Defensiefonds. Dit toepassingsgebied moet worden gestroomlijnd door te verwijzen naar investeringen in defensietechnologieën en -producten die voornamelijk voor militaire toepassingen zijn ontwikkeld. Een dergelijke vereenvoudiging zou de voorspelbaarheid voor de uitvoerende partners en financiële intermediairs van InvestEU verbeteren door hun een duidelijke methode te bieden om vast te stellen of eindontvangers onderworpen zijn aan de beperkingen met betrekking tot derde landen, onder meer om te verduidelijken hoe die beperkingen van toepassing zijn op technologieën met defensie- en civiele toepassingen (tweeërlei gebruik). |
|
(6) |
Volgens de huidige investeringsrichtsnoeren moet een entiteit die onder zeggenschap staat van een derde land of entiteiten uit een derde land — teneinde in aanmerking te komen —, aantonen dat de lidstaat waarin zij is gevestigd, een garantie heeft goedgekeurd overeenkomstig de beginselen betreffende in aanmerking komende entiteiten van Verordening (EU) 2021/697 van het Europees Parlement en de Raad (4). Die bepaling is niet afgestemd op de specifieke kenmerken van InvestEU en beperkt de inzet van de financiering. Garanties die door een lidstaat zijn goedgekeurd in het kader van een defensieprogramma waarvoor de financiële bijdrage van de Unie is ontvangen, lijken voldoende te zijn om de veiligheid van de Unie en haar lidstaten in het kader van het InvestEU-fonds te beschermen. Alleen entiteiten die niet aan deze criteria kunnen voldoen, moeten specifiek in het kader van de InvestEU-verrichting een garantie indienen. Dit amendement heeft tot doel de uitvoering van het InvestEU-fonds te verduidelijken ter ondersteuning van entiteiten die in de EU zijn gevestigd en onder zeggenschap staan van entiteiten van buiten de EU. Die garanties kunnen, in voorkomend geval, gebaseerd zijn op risicobeperkende maatregelen die zijn opgelegd door, of ten goede komen aan, de lidstaat die de verwerving van zeggenschap over dergelijke entiteiten door een ander derde land of door een entiteit uit een derde land in de zin van Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad (5) verifieert. |
|
(7) |
In de huidige investeringsrichtsnoeren is bepaald dat voor strategische investeringen in defensie de beperkingen met betrekking tot de controle van eindontvangers ook gelden voor hun leveranciers en onderaannemers. Dit brede toepassingsgebied is niet aangepast aan het soort financiering dat in het kader van InvestEU wordt verstrekt en kan de uitrol van InvestEU-financiering belemmeren door onnodige administratieve lasten op te leggen. Om het administratieve proces van InvestEU-financiering te vereenvoudigen en ervoor te zorgen dat de subsidiabiliteitsvoorwaarden voor InvestEU-financiering zijn afgestemd op schuld- en eigenvermogensfinancieringsinstrumenten, moet de verwijzing naar leveranciers in het geval van controle door derde landen worden geschrapt uit de investeringsrichtsnoeren. |
|
(8) |
De limieten in de huidige investeringsrichtsnoeren voor strategische investeringen beperken in onnodige mate de subsidiabiliteit van entiteiten die in geassocieerde derde landen zijn gevestigd of onder zeggenschap staan van entiteiten uit geassocieerde derde landen of entiteiten uit derde landen. Om gelijke behandeling van in de Unie gevestigde entiteiten en in met het InvestEU-programma geassocieerde derde landen gevestigde entiteiten te garanderen, en om het in het Europees Defensiefonds vastgestelde beginsel voor in aanmerking komende entiteiten en andere defensieprogramma’s waarin de Unie een financiële bijdrage levert, op elkaar af te stemmen, moeten de huidige investeringsrichtsnoeren worden aangepast om ervoor te zorgen dat beperkingen worden toegepast op entiteiten die zijn gevestigd in, of onder zeggenschap staan van niet-geassocieerde derde landen of entiteiten uit derde landen. |
|
(9) |
Volgens de huidige investeringsrichtsnoeren kunnen eindontvangers van strategische defensie-investeringen tot vijf jaar na de datum van de definitieve uitbetaling van de financiering geen exclusieve licentie geven voor intellectuele-eigendomsrechten op gerelateerde kritieke technologieën en technologieën die van groot belang zijn voor de bescherming van de essentiële veiligheidsbelangen van de Unie en haar lidstaten die rechtstreeks voortvloeien uit die strategische investeringen, of deze overdragen aan derde landen of entiteiten uit derde landen, tenzij de lidstaat waarin de eindontvanger is gevestigd daarvoor zijn goedkeuring geeft. De uitvoering van die bepaling brengt aanzienlijke uitdagingen en knelpunten in de lidstaten met zich mee en belemmert daardoor de inzet van InvestEU ter ondersteuning van defensie, doordat de lidstaten verplicht worden nieuwe vormen van controle in te voeren die verder gaan dan de bestaande mechanismen, zoals voor de uitvoer van militaire producten of de screening van buitenlandse directe investeringen. Om deze moeilijkheden aan te pakken, moeten de huidige investeringsrichtsnoeren worden gewijzigd teneinde ervoor te zorgen dat begunstigden alleen worden onderworpen aan bestaande controlemechanismen die worden toegepast door de lidstaten waarin zij zijn gevestigd, terwijl de financierings- en investeringsverrichting door de EU-garantie wordt gedekt. |
|
(10) |
Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 28 augustus 2025.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 107 van 26.3.2021, blz. 30, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/523/oj.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 van de Commissie van 14 april 2021 tot aanvulling van Verordening (EU) 2021/523 van het Europees Parlement en de Raad door de investeringsrichtsnoeren voor het InvestEU-fonds vast te stellen (PB L 234 van 2.7.2021, blz. 18, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2021/1078/oj).
(3) JOIN(2025) 120 final van 19 maart 2025.
(4) Verordening (EU) 2021/697 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2021 tot oprichting van het Europees Defensiefonds en tot intrekking van Verordening (EU) 2018/1092 (PB L 170 van 12.5.2021, blz. 149, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/697/oj).
(5) Verordening (EU) 2019/452 van het Europees Parlement en de Raad van 19 maart 2019 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (PB L 79 I van 21.3.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2019/452/oj).
BIJLAGE
Punt 2.10 van de bijlage bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/1078 wordt vervangen door:
“2.10. Strategische investeringen
Financierings- of investeringsverrichtingen in het kader van InvestEU kunnen bijdragen aan activiteiten die van strategisch belang zijn voor de Unie, zoals bepaald in artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) 2021/523. Dergelijke activiteiten worden als strategische investeringen beschouwd indien zij:
|
a) |
betrekking hebben op projecten en eindontvangers die verband houden met risico’s voor de veiligheid of de openbare orde van de Unie, haar lidstaten of met het InvestEU-programma geassocieerde landen (“geassocieerde landen”), met name investeringen in de sectoren ruimtevaart, defensie en cyberbeveiliging:
of |
|
b) |
bijdragen tot de veerkracht van de Unie op gebieden van strategisch belang voor de Unie, zoals uiteengezet in de punten 6.1.1.8, 6.2.1.1 en 6.4.1.1, door strategische waardeketens en activiteiten van strategisch belang voor de Unie te handhaven en te versterken, met inbegrip van belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang (IPCEI), op de gebieden kritieke infrastructuur, transformatieve technologieën, baanbrekende innovaties en input voor bedrijven en consumenten. |
Voor directe verrichtingen ziet de uitvoerende partner erop toe dat strategische investeringen voldoen aan de in de onderstaande alinea’s vastgestelde beperkingen. Voor indirecte verrichtingen vereist de uitvoerende partner contractueel dat een financiële intermediair erop toeziet dat dezelfde beperkingen worden nageleefd.
Er gelden beperkingen voor eindontvangers die onder punt a) van de eerste alinea vallen, behalve in het geval van directe verrichtingen van minder dan 10 000 000 EUR en transacties in het kader van indirecte verrichtingen van minder dan 10 000 000 EUR.
Met het oog op de toepassing van de in dit punt bedoelde beperkingen wordt verstaan onder:
|
a) |
“zeggenschap”: het vermogen om via een of meer intermediaire juridische entiteiten direct of indirect beslissende invloed op een juridische entiteit uit te oefenen; |
|
b) |
“uitvoerende bestuursstructuur”: een overeenkomstig het nationale recht aangewezen orgaan van een juridische entiteit dat in voorkomend geval aan de algemeen directeur rapporteert of aan een andere persoon met soortgelijke beslissingsbevoegdheid, en dat gemachtigd is om de strategie, doelstellingen en algemene richting van de juridische entiteit te bepalen, en belast is met het toezicht op en de monitoring van de bestuurlijke besluitvorming; |
|
c) |
“entiteit uit een niet-geassocieerd derde land”: een juridische entiteit die in een niet-geassocieerd derde land is gevestigd of, indien het gaat om een juridische entiteit die in de Unie of een geassocieerd land is gevestigd, waarvan de uitvoerende bestuursstructuur zich in een niet-geassocieerd derde land bevindt. De vestigingsplaats van de juridische entiteit wordt bepaald door de plaats van haar maatschappelijke zetel. |
Een onder punt a) van de eerste alinea vallende eindontvanger heeft zijn uitvoerende leiding in de Unie of een geassocieerd land en staat niet onder zeggenschap van een niet-geassocieerd derde land of entiteiten uit een niet-geassocieerd derde land.
Als een onder punt a) van de eerste alinea vallende eindontvanger betrokken is bij een strategische investering op het gebied van 5G-connectiviteit, gelden de maatregelen en risicobeperkingsplannen overeenkomstig de toolbox voor 5G-cyberbeveiliging (*1) ook voor zijn leveranciers. Dergelijke leveranciers zijn met name verkopers van telecommunicatieapparatuur en fabrikanten en andere derde leveranciers, zoals cloudinfrastructuuraanbieders, verleners van beheerde diensten, systeemintegrators, beveiligings- en onderhoudscontractanten, fabrikanten van transmissieapparatuur.
In afwijking hiervan komt een onder punt a) van de eerste alinea vallende juridische entiteit die betrokken is bij een strategische defensie-investering, waarvan het uitvoerend beheer in de Unie of een geassocieerd land is gevestigd en onder zeggenschap staat van een niet-geassocieerd derde land of een entiteit uit een niet-geassocieerd derde land, in een van de volgende gevallen in aanmerking om ontvanger te zijn:
|
— |
zij toont aan dat zij een garantie heeft ontvangen die is goedgekeurd door de lidstaat of het geassocieerde land waarin zij is gevestigd, in het kader van een defensieprogramma dat de financiële bijdrage van de EU heeft ontvangen (*2); |
|
— |
zij toont aan dat zij, specifiek met het oog op de operatie, tijdig een garantie heeft ontvangen die is goedgekeurd door de lidstaat of het geassocieerde land waar zij is gevestigd. De garantie biedt waarborgen dat de betrokkenheid bij een actie van een dergelijke juridische entiteit niet in strijd is met de veiligheids- en defensiebelangen van de Unie en haar lidstaten die zijn bepaald in het kader van het GBVB op grond van titel V van het VEU, noch met de in artikel 3 van Verordening (EU) 2021/523 vastgestelde doelstellingen. De garantie moet met name aantonen dat met het oog op de verrichting maatregelen zijn getroffen die garanderen dat:
|
In afwijking hiervan komt een onder punt a) van de eerste alinea vallende juridische entiteit die betrokken is bij een strategische ruimte-investering, waarvan het uitvoerend beheer in de Unie of een geassocieerd land is gevestigd en onder zeggenschap staat van een niet-geassocieerd derde land of een entiteit uit een niet-geassocieerd derde land, in een van de volgende gevallen in aanmerking om eindontvanger te zijn, indien zij de ontheffing van de Commissie heeft ontvangen die is verleend overeenkomstig de beginselen betreffende in aanmerking komende entiteiten die zijn vastgelegd in de desbetreffende bepalingen van Verordening (EU) 2021/696.
De uitvoerende partner moet de Commissie in kennis stellen van elke toegestane afwijking van de in dit punt 2.10 uiteengezette beperkingen.
Terwijl de financierings- en investeringsverrichting door de EU-garantie wordt gedekt, ontvangt de onder punt a) van de eerste alinea vallende eindontvanger de desbetreffende goedkeuringen van de lidstaten of het geassocieerde land waarin zij zijn gevestigd, in het kader van hun bestaande nationale procedures, om de eigendom over te dragen of de intellectuele-eigendomsrechten uitsluitend in licentie te geven aan niet-geassocieerde derde landen of entiteiten uit niet-geassocieerde derde landen, indien die rechten rechtstreeks uit die verrichtingen voortvloeien.
(*1) NIS Cooperation Group: Cybersecurity of 5G networks — EU Toolbox of risk mitigating measures, januari 2020, https://ec.europa.eu/newsroom/dae/document.cfm?doc_id=64468.
(*2) Het omvat onder meer de volgende programma’s:”
|
— |
Verordening (EU) 2018/1092 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot instelling van het industrieel ontwikkelingsprogramma voor de Europese defensie ter ondersteuning van het concurrentievermogen en de innovatieve capaciteit van de defensie-industrie van de Unie (PB L 200 van 7.8.2018, blz. 30, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2018/1092/oj); |
|
— |
Verordening (EU) 2021/697; |
|
— |
Verordening (EU) 2023/1525 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juli 2023 betreffende de ondersteuning van de productie van munitie (PB L 185 van 24.7.2023, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/1525/oj); |
|
— |
Verordening (EU) 2023/2418 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot vaststelling van een instrument voor de versterking van de Europese defensie-industrie door middel van gemeenschappelijke aanbestedingen (Edirpa) (PB L, 2023/2418, 26.10.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2418/oj); |
|
— |
Verordening (EU) 2025/1106 van de Raad van 27 mei 2025 tot vaststelling van het instrument “Optreden voor de veiligheid van Europa (SAFE) door middel van versterking van de Europese defensie-industrie” (PB L, 2025/1106, 28.5.2025, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2025/1106/oj).”. |
ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2025/1774/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)