|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2025/856 |
24.7.2025 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2025/856 VAN DE COMMISSIE
van 5 mei 2025
tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2910 betreffende de implementatie van de internationale verplichtingen van de Unie, zoals bedoeld in artikel 15, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad, in het kader van de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad (1), en met name artikel 15, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EU) nr. 1380/2013 is bepaald dat alle vangsten van soorten waarvoor vangstbeperkingen gelden, moeten worden aangeland (“de aanlandingsverplichting”). Artikel 15 van die verordening is van toepassing op visserijactiviteiten die plaatsvinden in wateren van de Unie of worden verricht door vissersvaartuigen van de Unie in wateren buiten de Unie die niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallen. |
|
(2) |
Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2910 van de Commissie (2) geeft uitvoering aan de internationale verplichtingen van de Unie in het overeenkomstgebied van de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee (General Fisheries Commission for the Mediterranean — GFCM) overeenkomstig artikel 15, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 door te voorzien in een reeks afwijkingen van de aanlandingsverplichting, in overeenstemming met de aanbevelingen die zijn aangenomen tijdens de jaarvergaderingen van de GFCM. |
|
(3) |
Tijdens de 47e jaarvergadering van de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee (GFCM), die plaatsvond van 4 tot en met 8 november 2024, hebben de overeenkomstsluitende partijen bij de GFCM aanbeveling GFCM/47/2024/8 aangenomen. Punt 2 van die aanbeveling verbiedt het aan boord houden, overladen, overbrengen, aanlanden, opslaan, verkopen en uitstallen van tarbot in de Zwarte Zee van minder dan 45 cm, gemeten van de punt van de snuit tot het uiteinde van de staartvin. |
|
(4) |
Om de samenhang tussen die aanbeveling en het recht van de Unie te garanderen, mag de aanlandingsverplichting van artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 niet van toepassing zijn op vaartuigen van de Unie die deelnemen aan de visserijen waarop die aanbeveling betrekking heeft. |
|
(5) |
Bijgevolg moet Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2910 worden gewijzigd om rekening te houden met het besluit van de GFCM. |
|
(6) |
Aangezien dit verbod momenteel van toepassing is in het GFCM-overeenkomstgebied, moet deze verordening met het oog op de juridische continuïteit in werking treden op de dag na die van de bekendmaking ervan, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2910 wordt als volgt gewijzigd:
|
(1) |
Aan artikel 2 wordt het volgende punt 6) toegevoegd:
|
|
(2) |
Het volgende artikel 4 bis wordt ingevoegd tussen de artikelen 4 en 5: “Artikel 4 bis Tarbot 1. Dit artikel is van toepassing op tarbot (Scophthalmus maximus) in de Zwarte Zee. 2. In afwijking van artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 is het verboden tarbot (Scophthalmus maximus) onder de minimuminstandhoudingsreferentiegrootte van 45 cm, gemeten van de punt van de snuit tot het uiteinde van de staartvin (totale lengte), te bevissen, aan boord te houden, over te laden, over te brengen, aan te landen, te vervoeren, op te slaan, uit te stallen of te koop aan te bieden.” |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing tot en met 31 december 2026.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 5 mei 2025.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 354 van 28.12.2013, blz. 22, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1380/oj.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) 2024/2910 van de Commissie van 28 mei 2024 betreffende de implementatie van de internationale verplichtingen van de Unie, zoals bedoeld in artikel 15, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad, in het kader van de Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee (PB L, 2024/2910, 26.11.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2024/2910/oj).
ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2025/856/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)