European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2025/855

5.5.2025

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2025/855 VAN DE COMMISSIE

van 28 januari 2025

tot wijziging van de in Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/931 vastgestelde technische reguleringsnormen wat betreft de specificatie van de formule voor de berekening van de delta voor toezichtsdoeleinden van naar de risicocategorie “grondstoffenrisico” gemapte call- en putopties

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (1), en met name artikel 279 bis, lid 3, derde alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig artikel 279 bis, lid 3, punt a), van Verordening (EU) nr. 575/2013 moet de formule die instellingen gebruiken voor het berekenen van de delta voor toezichtsdoeleinden van naar de risicocategorie “grondstoffenrisico” gemapte call- en putopties en die verenigbaar is met marktomstandigheden waarin grondstoffenprijzen negatief kunnen zijn, ook worden gespecificeerd in overeenstemming met internationale ontwikkelingen op regelgevingsgebied, ter aanvulling van de vergelijkbare formule voor naar de risicocategorie “renterisico” gemapte call- en putopties.

(2)

Hoofdstuk CRE52 van het Bazelse raamwerk, dat is vastgesteld door het Bazelse Comité voor bankentoezicht (“BCBS”) (2), beschrijft de standaardbenadering voor tegenpartijrisico (SA-CCR). In dat hoofdstuk specificeert punt 52.40 de formule die instellingen moeten gebruiken voor het berekenen van de delta voor toezichtsdoeleinden van naar een specifieke risicocategorie gemapte call- en putopties. Vraag 2 bij dat punt 52.40 handelt over de kwestie hoe de delta voor toezichtsdoeleinden van opties moet worden berekend wanneer de term P/K nul of negatief is zodat de term ln(P/K) niet kan worden berekend, bijvoorbeeld in een negatieve renteomgeving. Het BCBS heeft op die vraag geantwoord dat, in dergelijke gevallen, kredietinstellingen een licht andere formule moeten gebruiken om de delta voor toezichtsdoeleinden van call- en putopties te berekenen, d.w.z. dat zij in die formule een verschuiving in de prijs en de uitoefenprijs van de betrokken opties moeten opnemen door lambda (“λ”) toe te voegen, waarbij λ staat voor de aangenomen laagst mogelijke mate waarin rentetarieven in de betrokken valuta negatief kunnen worden. Een vergelijkbare benadering moet worden gevolgd in het geval van de delta voor toezichtsdoeleinden van naar de risicocategorie “grondstoffenrisico” gemapte call- en putopties, in situaties waarin grondstoffenprijzen negatief kunnen zijn. De λ-verschuiving moet voldoende groot zijn zodat kredietinstellingen de delta voor toezichtsdoeleinden van een naar de risicocategorie “grondstoffenrisico” gemapte optie kunnen berekenen in overeenstemming met de formule uit artikel 279 bis, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013, maar tegelijk klein genoeg om geen onnodige vertekening van de uitkomst van de berekening van de delta voor toezichtsdoeleinden te introduceren.

(3)

In lijn met de benadering in Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/931 van de Commissie (3) van naar de risicocategorie “renterisico” gemapte opties, moet de waarde van de delta voor toezichtsdoeleinden van put- en callopties in de risicocategorie “grondstoffenrisico”, zoals die is bepaald in de door het BCBS vastgestelde internationale normen, worden gebruikt, aangezien deze als geschikt geldt voor gebruik krachtens Unierecht.

(4)

Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/931 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(5)

Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische reguleringsnormen die de Europese Bankautoriteit bij de Commissie heeft ingediend.

(6)

De Europese Bankautoriteit heeft open publieke consultaties georganiseerd over het ontwerp van technische reguleringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, heeft de mogelijke daaraan verbonden kosten en baten geanalyseerd en heeft het advies ingewonnen van de bij artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad (4) opgerichte Stakeholdergroep bankwezen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/931 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 4, lid 4, wordt de inleidende zin vervangen door:

“4.   Instellingen die hetzij aan de voorwaarden van artikel 94, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 voldoen, hetzij aan de voorwaarden van artikel 325 bis, lid 1, van die verordening, kunnen de meest substantiële risicodeterminant identificeren door de volgende stappen toe te passen bij de aanvang van de transactie, en vervolgens ten minste op kwartaalbasis:”.

2)

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

a)

in lid 1 wordt de inleidende zin vervangen door:

“1.   Instellingen berekenen de delta (δ) voor toezichtsdoeleinden van call- en putopties die zijn gemapt naar de risicocategorie renterisico of grondstoffenrisico, die verenigbaar is met marktomstandigheden waarin de rentetarieven of grondstoffenprijzen negatief kunnen zijn, als volgt:”;

b)

lid 2 wordt vervangen door:

“2.   Voor de toepassing van lid 1 berekenen instellingen de verschuiving (λ) voor call- en putopties als volgt:

λ j =

max{dr empel j  – min{P j , K j }, 0} indien optie j gemapt naar risicocategorie “renterisico”;

max{ – (1 + drempel j )■min{P j , K j }, 0} indien optie j gemapt naar risicocategorie “grondstoffenrisico”.

waarbij:

P j

=

de spot- of termijnkoers van het onderliggende instrument van de optie j;

K j

=

de uitoefenprijs van de optie j;

drempel j =

0,10%, indien optie j gemapt naar risicocategorie “renterisico”;

0,1, indien optie j gemapt naar risicocategorie “grondstoffenrisico”.

”;

c)

in lid 3 wordt de tabel vervangen door:

“Tabel

Risicocategorie

Onderliggend instrument

Volatiliteit voor toezichtsdoeleinden

Rente

Alle

50 %

Grondstoffen

Elektriciteit

150 %

Overige grondstoffen (elektriciteit uitgezonderd)

70 %”

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 28 januari 2025.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/575/oj.

(2)   https://www.bis.org/basel_framework/chapter/CRE/52.htm?inforce=20230101&published=20200605.

(3)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/931 van de Commissie van 1 maart 2021 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot technische reguleringsnormen tot nadere bepaling van de methode voor het identificeren van derivatentransacties met één of meer dan één substantiële risicodeterminant voor de toepassing van artikel 277, lid 5, de formule voor de berekening van de delta voor toezichtsdoeleinden van call- en putopties die zijn gemapt naar de risicocategorie renterisico, en de methode om te bepalen of een transactie een lange of korte positie is in de primaire risicodeterminant of in de meest substantiële risicodeterminant in de gegeven risicocategorie voor de toepassing van artikel 279 bis, lid 3, onder a) en b), in de standaardbenadering voor tegenpartijrisico (PB L 204 van 10.6.2021, blz. 7, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2021/931/oj).

(4)  Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 12, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2010/1093/oj).


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2025/855/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)