|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2025/810 |
28.4.2025 |
WIJZIGINGEN VAN DE PRAKTISCHE UITVOERINGSBEPALINGEN VOOR HET REGLEMENT VOOR DE PROCESVOERING VAN HET GERECHT [2025/810]
HET GERECHT,
Gezien artikel 243 van zijn Reglement voor de procesvoering;
Gezien de Praktische uitvoeringsbepalingen voor het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht;
Overwegende dat het Gerecht bij de herschikking van de Praktische uitvoeringsbepalingen voor zijn Reglement voor de procesvoering heeft beslist om niet over te gaan tot het opstellen van een beknopt rapport ter terechtzitting in prejudiciële verwijzingen, in lijn met de huidige aanpak van het Hof van Justitie, dat daarvan is afgestapt in alle bij het Hof aanhangig gemaakte zaken, overeenkomstig de wijziging van het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie bij verordening (EU, Euratom) nr. 741/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 11 augustus 2012 houdende wijziging van het Protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie en van bijlage I daarbij (PB 2012, L 228, blz. 1);
Overwegende dat in rechtstreekse beroepen het beknopte rapport ter terechtzitting een instrument van dossierbeheer is, dat het mogelijk moet maken de zaak samen te vatten door de middelen en argumenten van de partijen te bundelen of te herformuleren;
Overwegende dat het opstellen van dat rapport in alle rechtstreekse beroepen niet alleen economische gevolgen heeft in de vorm van aanzienlijke vertaalkosten, maar ook procedurele gevolgen, met name voor de duur van de procedure, aangezien het rapport in beginsel drie weken voor de zitting moet zijn afgewerkt, vertaald en betekend;
Overwegende dat het met het oog op een snel en gericht verloop van de procedure, in samenhang met een proactief beheer van de zaken, wenselijk is te bepalen dat een beknopt rapport ter terechtzitting slechts wordt opgesteld wanneer het Gerecht of de rechter-rapporteur dit passend acht in het belang van een goede rechtsbedeling;
Overwegende dat rapporten ter terechtzitting die worden opgesteld in het kader van een gemeenschappelijke zitting, het enige middel vormen om kennis te nemen van de middelen en argumenten van alle partijen bij de zaken waarvoor die zitting wordt gehouden;
Overwegende dat het in de praktijk nuttig kan zijn om één enkel rapport ter terechtzitting op te stellen in het kader van bepaalde gemeenschappelijke zittingen, maar dat de huidige bewoordingen van de betreffende bepaling daarin niet expliciet voorzien;
Overwegende dat in het kader van gemeenschappelijke zittingen het rapport ter terechtzitting van elke zaak wordt opgesteld in de procestaal van die zaak en beperkt blijft tot de inhoud daarvan, terwijl de procestalen van de zaken waarvoor een gemeenschappelijke zitting wordt gehouden, verschillend kunnen zijn;
Overwegende dat het met het oog op een goede rechtsbedeling dus wenselijk is te bepalen dat, wanneer in verschillende zaken een gemeenschappelijke zitting wordt gehouden, voor elke zaak afzonderlijk of voor alle zaken samen een beknopt rapport ter terechtzitting wordt opgesteld, tenzij het Gerecht of de rechter-rapporteur daar anders over beslist, en dat het rapport of de rapporten aan alle opgeroepen partijen worden betekend in alle procestalen van de betrokken zaken;
STELT DE VOLGENDE WIJZIGINGEN VAN DE PRAKTISCHE UITVOERINGSBEPALINGEN VOOR HET REGLEMENT VOOR DE PROCESVOERING VAN HET GERECHT VAST:
Artikel 1
De punten 210 en 211 van de Praktische uitvoeringsbepalingen voor het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht (1) worden gewijzigd als volgt:
|
“210. |
Wanneer het Gerecht of de rechter-rapporteur dit passend acht in het belang van een goede rechtsbedeling, stelt de rechter-rapporteur een beknopt rapport ter terechtzitting op, dat dient ter voorbereiding van de pleitzitting. Het Gerecht streeft ernaar om de vertegenwoordigers van de partijen drie weken voor de zitting het beknopte rapport ter terechtzitting te doen toekomen. |
|
211. |
Wanneer het Gerecht overeenkomstig artikel 106 bis van het Reglement voor de procesvoering besluit om in verschillende zaken een gemeenschappelijke pleitzitting te houden, wordt voor elke zaak afzonderlijk of voor alle zaken samen een beknopt rapport ter terechtzitting opgesteld, tenzij het Gerecht of de rechter-rapporteur daar anders over beslist. Die rapporten of dat rapport worden aan alle opgeroepen partijen betekend in alle procestalen van de betrokken zaken.”. |
Artikel 2
Deze wijzigingen van de Praktische uitvoeringsbepalingen voor het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht worden bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij treden in werking op 1 juni 2025.
Gedaan te Luxemburg, 9 april 2025.
De griffier
V. DI BUCCI
De president
M. VAN DER WOUDE
(1) PB L 2024/2097 van 12.8.2024, met rectificatie in PB L 2024/90651 van 24.10.2024.
ELI: http://data.europa.eu/eli/proc_rules/2025/810/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)