European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2025/312

17.2.2025

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2025/312 VAN DE COMMISSIE

van 14 februari 2025

tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 wat betreft bepaalde uit het Verenigd Koninkrijk afkomstige voor opplant bestemde planten van de soorten Betula pendula en Betula pubescens

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad van 26 oktober 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen plaagorganismen bij planten, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 228/2013, (EU) nr. 652/2014 en (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van de Richtlijnen 69/464/EEG, 74/647/EEG, 93/85/EEG, 98/57/EG, 2000/29/EG, 2006/91/EG en 2007/33/EG van de Raad (1), en met name artikel 42, lid 4, eerste alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 van de Commissie (2) bevat een lijst van planten, plantaardige producten en andere materialen met een hoog risico, die op basis van een voorlopige risicobeoordeling is vastgesteld.

(2)

Op basis van een voorlopige beoordeling zijn 34 geslachten en één soort van voor opplant bestemde planten afkomstig uit derde landen voorlopig opgenomen in de lijst van planten met een hoog risico in de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019. In die lijst is het geslacht Betula L. opgenomen.

(3)

Op 27 april 2023 heeft het Verenigd Koninkrijk (3) twee verzoeken ingediend bij de Commissie voor uitvoer naar de Unie van tot 1 jaar oud oculatiehout/enthout van Betula pendula met een maximale diameter van 12 mm; tot 7 jaar oude voor opplant bestemde planten van Betula pendula en Betula pubescens in groeimedium, met een maximale diameter van 40 mm aan de voet van de stam; tot 7 jaar oude voor opplant bestemde planten met naakte wortels van Betula pendula en Betula pubescens met een maximale diameter van 40 mm aan de voet van de stam, en tot 15 jaar oude voor opplant bestemde planten in groeimedium van Betula pendula en Betula pubescens in groeimedium, met een maximale diameter van 80 mm aan de voet van de stam (“de betrokken planten”). Bij die verzoeken waren de relevante technische dossiers gevoegd.

(4)

Op 26 september 2024 heeft de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) een wetenschappelijk advies uitgebracht over de risicobeoordeling van de betrokken planten (4). De EFSA heeft Entoleuca mammata, Meloidogyne fallax, Phytophthora ramorum (niet-EU-isolaten) en Thaumetopoea processionea geïdentificeerd als plaagorganismen die relevant zijn voor die planten, de in de technische dossiers beschreven risicobeperkende maatregelen geëvalueerd en een inschatting gemaakt van de kans dat de betrokken planten vrij zijn van die plaagorganismen.

(5)

Meloidogyne fallax en Phytophthora ramorum (niet-EU-isolaten) zijn in bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2072 van de Commissie (5) opgenomen als EU-quarantaineorganismen, en Entoleuca mammata en Thaumetopoea processionea zijn in bijlage III bij die verordening opgenomen als ZP-quarantaineorganismen.

(6)

Op grond van het advies van de EFSA wordt het fytosanitaire risico dat voortvloeit uit het binnenbrengen van de desbetreffende planten op het grondgebied van de Unie, geacht tot een aanvaardbaar niveau te zijn teruggebracht, mits aan de respectieve invoervoorschriften van bijlage VII bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2072 is voldaan.

(7)

Aangezien het fytosanitaire risico als gevolg van het binnenbrengen op het grondgebied van de Unie van grote en oude bomen van de soorten Betula pendula en Betula pubescens (80 mm, 15 jaar oud) wordt geacht tot een aanvaardbaar niveau te zijn teruggebracht, is het derhalve gerechtvaardigd te concluderen dat het fytosanitaire risico als gevolg van het binnenbrengen in de Unie van alle uit het Verenigd Koninkrijk afkomstige voor opplant bestemde planten van de soorten Betula pendula en Betula pubescens, ongeacht hun grootte en leeftijd, en ongeacht of het planten met naakte wortels of in een groeimedium zijn, tot een aanvaardbaar niveau is teruggebracht.

(8)

Bijgevolg mogen uit het Verenigd Koninkrijk afkomstige voor opplant bestemde planten van de soorten Betula pendula en Betula pubescens niet langer als planten met een hoog risico worden beschouwd. Zij moeten daarom van de lijst van planten, plantaardige producten en andere materialen met een hoog risico in de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 worden geschrapt.

(9)

Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(10)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 14 februari 2025.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 317 van 23.11.2016, blz. 4, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2016/2031/2019-12-14.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 van de Commissie van 18 december 2018 tot vaststelling van een voorlopige lijst van planten, plantaardige producten of andere materialen met een hoog risico in de zin van artikel 42 van Verordening (EU) 2016/2031 en een lijst van planten waarvoor geen fytosanitair certificaat is vereist voor het binnenbrengen in de Unie in de zin van artikel 73 van die verordening (PB L 323 van 19.12.2018, blz. 10, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2018/2019/oj).

(3)  Overeenkomstig het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, en met name artikel 5, lid 4, van het Windsor-kader (zie Gezamenlijke Verklaring nr. 1/2023 van de Unie en het Verenigd Koninkrijk in het bij het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie ingestelde Gemengd Comité (PB L 102 van 17.4.2023, blz. 87)), in samenhang met bijlage 2 bij dat kader, gelden vermeldingen van het Verenigd Koninkrijk in deze verordening niet voor Noord-Ierland.

(4)  EFSA PLH Panel (EFSA-panel inzake de gezondheid van gewassen), 2024, Commodity risk assessment of Betula pendula and Betula pubescens plants from the UK, EFSA Journal 22(11), e9051, https://doi.org/10.2903/j.efsa.2024.9051.

(5)  Uitvoeringsverordening (EU) 2019/2072 van de Commissie van 28 november 2019 tot vaststelling van eenvormige voorwaarden voor de uitvoering van Verordening (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft beschermende maatregelen tegen plaagorganismen bij planten, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 690/2008 van de Commissie en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 van de Commissie (PB L 319 van 10.12.2019, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2019/2072/oj).


BIJLAGE

In de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/2019 wordt in punt 1, de tabel, tweede kolom (“Omschrijving”), de tekst in de vermelding voor “ Betula L.” vervangen door:

Betula L., met uitzondering van uit het Verenigd Koninkrijk afkomstige voor opplant bestemde planten van de soorten Betula pendula en Betula pubescens ”.


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2025/312/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)