European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2024/2499

27.9.2024

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2024/2499 VAN DE COMMISSIE

van 26 september 2024

tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad wat betreft de financiële bijdragen voor de uitvoeringskosten die de lidstaten maken bij het opzetten van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad van 30 november 2009 tot oprichting van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (1), en met name artikel 19, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 is bepaald dat aan de lidstaten financiële bijdragen uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) moeten worden verstrekt om bij te dragen in de uitvoeringskosten die de lidstaten bij het opzetten van het systeem voor het verzamelen van variabelen met betrekking tot de in bijlage -I bij Verordening (EG) nr. 1217/2009 vermelde thema’s, met name milieu- en sociale variabelen, maken om te voldoen aan de vereisten van die verordening, en onder meer voor opleiding en interoperabiliteit tussen gegevensverzamelingssystemen.

(2)

Daartoe moeten met name gedetailleerde procedures voor de in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen van de Unie worden vastgesteld, alsmede de criteria op basis waarvan de bijdragen per lidstaat worden toegewezen.

(3)

In de begroting van de Unie voor 2024 is binnen de ELGF-middelen een bedrag van 50 miljoen EUR voor de in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen opgenomen om de lidstaten te ondersteunen bij het opzetten van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (IDL).

(4)

Om tegemoet te komen aan de inspanningen die elke lidstaat moet leveren om zijn geautomatiseerde gegevensverzamelings- en rapportagesysteem om te zetten teneinde aan de vereisten van het IDL te voldoen, en om het financieel beheer van de bijdrage van de Unie te vereenvoudigen, moeten de in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen van de Unie ter beschikking van de lidstaten worden gesteld in de vorm van een forfaitaire bijdrage ter dekking van subsidiabele kosten, zoals die in verband met de ontwikkeling van informatietechnologie en de interoperabiliteit tussen de verschillende in artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 genoemde gegevensbronnen.

(5)

Na een grondige beoordeling is de Commissie van mening dat een forfaitair bedrag de meest geschikte vorm van bijdrage is, omdat de oprichting van zodanige aard is dat de kosten vooraf kunnen worden geraamd, ook voor daarmee verband houdende activiteiten die moeten leiden tot de operationele oprichting van het IDL. Bovendien wordt geschat dat er een laag risico op onregelmatigheden of fraude bestaat, aangezien de begunstigden overheidsinstanties zijn. Ook wordt verwacht dat het gebruik van forfaitaire bijdragen de uitvoering voor de Commissie en de lidstaten aanzienlijk zal vereenvoudigen omdat financiële verslaglegging en verificatie niet nodig zijn.

(6)

Om het financieel beheer van de bijdragen van de Unie te vereenvoudigen, moeten de beschikbaar te stellen forfaitaire bijdragen berusten op een geraamde begroting die elke lidstaat voorlegt binnen maximumbedragen die in verhouding staan tot de landbouwbevolking, de diversiteit aan structuren binnen de landbouwsector en de omvang van de bijdrage van elke lidstaat aan de landbouwproductie van de Unie.

(7)

Bij gebrek aan een specifieke overgangsperiode die een duidelijk te onderscheiden voorbereidingsfase voorafgaand aan de uitvoering mogelijk maakt, moeten de nieuwe voorschriften van Verordening (EU) 2023/2674 van het Europees Parlement en de Raad (2), die Verordening (EG) nr. 1217/2009 wijzigt, door de lidstaten geleidelijk worden toegepast vanaf het begin van de eerste gegevensverzamelingscyclus na de inwerkingtreding van Verordening (EU) 2023/2674, d.w.z. de cyclus met betrekking tot het rapportagejaar 2025. Bijgevolg is er bij de lidstaten op aangedrongen onmiddellijk na de inwerkingtreding van de nieuwe vereisten begin 2024 te beginnen met de aanpassing van hun systemen, zodat zij de eerste aanpassingen kunnen doorvoeren vóór eind oktober 2024, wanneer de verzamelingscyclus voor de nieuwe gegevens begint. Om deze termijn te halen en de nieuwe vereisten met succes te implementeren, zijn de lidstaten aangemoedigd vooruitgang te boeken bij de uitvoering van de acties die nodig zijn voor de overgang naar het IDL. Om te voorkomen dat lidstaten worden gestraft omdat zij in 2024 zo snel mogelijk met de implementering van de nieuwe vereisten zijn begonnen, moeten de lidstaten dan ook worden gemachtigd om vanaf 1 januari 2024 gemaakte kosten in aanmerking te laten komen voor financiële bijdragen van de Unie als bedoeld in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009.

(8)

De oprichting van het IDL in elke lidstaat, en dus de subsidiabiliteit van de bijdrage van de Unie, moet worden geverifieerd aan de hand van door de lidstaten opgestelde uitvoeringsverslagen over de daadwerkelijke acties die zijn ondernomen met het oog op de operationele oprichting van het IDL. De daadwerkelijk ondernomen acties kunnen verschillen van de oorspronkelijk geplande acties indien deze laatste zijn vervangen door relevante alternatieve acties.

(9)

Om de omzetting naar het IDL te versnellen, moet vóór 31 december 2024 voorfinanciering aan de lidstaten worden verstrekt.

(10)

De Commissie, het Europees Openbaar Ministerie (EOM) wat betreft de lidstaten die deelnemen aan nauwere samenwerking op grond van Verordening (EU) 2017/1939 (3), het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en de Rekenkamer moeten de bevoegdheid hebben om hun respectieve taken uit te oefenen, waaronder het uitvoeren van audits, controles ter plaatse en onderzoeken naar het gebruik van de financiële bijdragen van de Unie waarin deze verordening voorziet.

(11)

Om de lidstaten in staat te stellen zo spoedig mogelijk bij de Commissie een voorstel in te dienen waarin het bedrag van de gevraagde forfaitaire bijdragen wordt vermeld, moet deze verordening in werking treden op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

(12)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Beschikbaar budget en maximale financiële toewijzing per lidstaat

1.   Het totale bedrag dat uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) uit hoofde van uitgaven in het kader van direct beheer als bedoeld in artikel 5, lid 3, punt c), van Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad (4) beschikbaar is om in 2024 de in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen te financieren, beloopt 50 miljoen EUR.

2.   De in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen van de Unie worden aan de lidstaten toegewezen overeenkomstig de bijlage bij de onderhavige verordening en zijn beperkt tot de daarin vermelde bedragen.

Artikel 2

Eenmalige forfaitaire bedragen

De in artikel 19, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1217/2009 bedoelde financiële bijdragen van de Unie nemen de vorm aan van eenmalige forfaitaire bijdragen ter dekking van de in artikel 3 van de onderhavige verordening bedoelde subsidiabele kosten voor het opzetten van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (IDL) in de lidstaten en mogen het in artikel 1, lid 2, van de onderhavige verordening bedoelde maximumbedrag per lidstaat niet overschrijden.

Artikel 3

Subsidiabele activiteiten en kosten

1.   De in artikel 2 van deze verordening bedoelde forfaitaire bijdragen kunnen subsidiabele kosten dekken die verband houden met een of meer van de volgende categorieën activiteiten:

(a)

de ontwikkeling van het geautomatiseerde systeem voor gegevensverzameling, -controle, -verwerking en -rapportage van de lidstaten waarmee aan de vereisten van Verordening (EG) nr. 1217/2009 wordt voldaan en dat uiterlijk op 31 december 2027 operationeel moet zijn;

(b)

het opbouwen van de capaciteit van de lidstaten voor het gebruik van de gegevensbronnen en voor de koppeling van de gegevensreeksen als bedoeld in respectievelijk artikel 4, lid 2, en artikel 4 bis, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1217/2009, met inbegrip van de kosten in verband met de samenwerking tussen verbindingsorganen;

(c)

de ontwikkeling van methodologieën en innovatieve benaderingen, met inbegrip van digitale oplossingen, om het geautomatiseerde systeem van de lidstaten voor gegevensverzameling, -controle, -verwerking en -rapportage dat feedbackverslagen en benchmarkdiensten voor landbouwers verstrekt, aan te passen aan de vereisten van Verordening (EG) nr. 1217/2009;

(d)

het aanwerven en opleiden van deskundigen, met name in de verbindingsorganen, om de personeelscapaciteit af te stemmen op de toegenomen behoeften van het IDL, met inbegrip van reis- en verblijfsvergoedingen;

(e)

het stimuleren van landbouwers om deel te nemen aan het IDL, onder meer door hen bewust te maken van de voordelen van deelname aan het informatienet.

2.   De financiële bijdrage van de Unie per lidstaat bedraagt ten hoogste 95 % van de door de lidstaat geraamde subsidiabele kosten.

3.   De subsidiabele kosten kunnen zowel directe als indirecte kosten omvatten.

4.   Indirecte kosten worden berekend door een vast percentage toe te passen van maximaal 7 % van de totale subsidiabele directe kosten, exclusief uitbestedingskosten.

5.   De salariskosten van het personeel van de nationale overheidsdiensten zijn subsidiabel voor zover zij betrekking hebben op de kosten van de in lid 1 bedoelde activiteiten die de betrokken overheidsinstantie niet zou uitvoeren indien het IDL niet zou worden opgezet.

6.   Kosten die in het kader van andere acties van de Unie worden gefinancierd, zijn niet subsidiabel.

Artikel 4

Procedure voor de vaststelling van de forfaitaire bijdragen

1.   Elke lidstaat dient bij de Commissie een voorstel in waarin het bedrag van de gevraagde forfaitaire bijdrage wordt opgegeven op basis van zijn geraamde begroting voor het opzetten van het IDL. Het voorstel bevat een uitsplitsing van de geraamde kosten met vermelding van het aandeel per activiteitencategorie als bedoeld in artikel 3, lid 1. In het voorstel wordt ook een beschrijving gegeven van de activiteiten die onder de verschillende categorieën vallen en van de bijbehorende middelen.

2.   De in lid 1 van dit artikel bedoelde gedetailleerde kostenraming per categorie omvat uitsluitend kosten die:

(a)

tussen 1 januari 2024 en 31 december 2027 zijn gemaakt;

(b)

noodzakelijk zijn voor de in artikel 3, lid 1, bedoelde activiteiten;

(c)

in overeenstemming zijn met de gangbare kostenpraktijken van de lidstaat;

(d)

voldoen aan het geldende nationale recht op het gebied van belasting, arbeid en sociale zekerheid, en

(e)

voldoen aan het beginsel van goed financieel beheer, met name wat zuinigheid en efficiëntie betreft.

3.   De geraamde subsidiabele kosten worden uitgesplitst naar de volgende begrotingscategorieën:

(a)

personeelskosten,

(b)

uitbestedingskosten,

(c)

aankoopkosten,

(d)

andere kostencategorieën,

(e)

indirecte kosten.

4.   De lidstaten stellen hun voorstel op aan de hand van het desbetreffende door de Commissie verstrekte model en dienen het in binnen een maand na de inwerkingtreding van deze verordening en in elk geval uiterlijk op 4 november 2024, indien dit eerder is.

5.   De Commissie beoordeelt de door de lidstaten voorgestelde geraamde begroting in relatie tot de door hen voorgestelde activiteiten. Niet-subsidiabele kosten worden geschrapt en de bijdrage van de Unie kan door de Commissie zo nodig worden aangepast.

Artikel 5

Uitvoeringsverslagen

1.   De lidstaten verstrekken de Commissie de volgende uitvoeringsverslagen:

(a)

een tussentijds verslag dat uiterlijk op 31 maart 2026 wordt ingediend;

(b)

een eindverslag dat uiterlijk op 31 maart 2028 wordt ingediend.

In afwijking van de eerste alinea kan Duitsland de uitvoeringsverslagen binnen 15 weken na de respectieve in de eerste alinea vermelde termijnen bij de Commissie indienen.

2.   De uitvoeringsverslagen bevatten een beschrijving van de in artikel 3, lid 1, bedoelde activiteiten die zijn uitgevoerd:

(a)

van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2025, voor het in lid 1, punt a), bedoelde tussentijdse verslag;

(b)

van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2027, voor het in lid 1, punt b), bedoelde eindverslag.

In het in lid 1, punt b), bedoelde eindverslag wordt de operationele oprichting van het IDL aangetoond en wordt uitgelegd hoe de in het voorstel beschreven activiteiten, als bedoeld in artikel 4, lid 1, of andere relevante alternatieve activiteiten, hebben bijgedragen tot de oprichting van het IDL.

3.   De lidstaten dienen hun uitvoeringsverslagen in aan de hand van het desbetreffende door de Commissie verstrekte model.

Artikel 6

Betalingen

1.   Na goedkeuring van het voorstel van de lidstaat door de Commissie wordt een voorfinanciering van 100 % van de goedgekeurde eenmalige forfaitaire bijdrage aan de lidstaat betaald.

2.   De voorfinanciering wordt op het moment van de eindbetaling alleen vereffend als de Commissie tevreden is met de operationele oprichting van het IDL door de lidstaat en haar goedkeuring hecht aan het eindverslag over de uitvoering waarin de operationele oprichting van het IDL wordt aangetoond.

3.   Op het moment van de eindbetaling of daarna kan de Commissie de financiële bijdrage voor een lidstaat verlagen indien die lidstaat zijn verplichtingen uit hoofde van deze verordening niet is nagekomen, met inbegrip van onjuiste uitvoering, niet-naleving van subsidiabiliteitsvoorwaarden, indiening van onjuiste informatie, verzuim om de vereiste informatie te verstrekken, wezenlijke fouten, onregelmatigheden of fraude.

4.   Het bedrag van de verlaging wordt in verhouding tot de ernst en de duur van de fouten, onregelmatigheden of fraude of niet-nakoming van verplichtingen berekend door een individueel verlagingspercentage toe te passen op de goedgekeurde financiële bijdrage van de Unie. De Commissie behoudt zich het recht voor om onterecht betaalde bedragen terug te vorderen.

Artikel 7

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 26 september 2024.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 328 van 15.12.2009, blz. 27, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2009/1217/oj.

(2)  Verordening (EU) 2023/2674 van het Europees Parlement en de Raad van 22 november 2023 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad wat betreft de omzetting van het informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen in een informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven (PB L, 2023/2674, 29.11.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2023/2674/oj).

(3)  Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie (“EOM”) (PB L 283 van 31.10.2017, blz. 1, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2017/1939/oj).

(4)  Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (PB L 435 van 6.12.2021, blz. 187, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2116/oj).


BIJLAGE

Maximumtoewijzingen voor de lidstaten voor het opzetten van het informatienet inzake de duurzaamheid van landbouwbedrijven als bedoeld in artikel 1

 

EUR (lopende prijzen)

BELGIË

1 056 000

BULGARIJE

1 092 568

TSJECHIË

1 033 904

DENEMARKEN

1 196 202

DUITSLAND

4 513 608

ESTLAND

655 304

IERLAND

1 143 549

GRIEKENLAND

2 188 568

SPANJE

4 979 273

FRANKRIJK

5 963 231

KROATIË

995 604

ITALIË

5 034 307

CΥΡRUS

663 014

LETLAND

786 887

LITOUWEN

951 572

LUXEMBURG

611 660

HONGARIJE

1 436 663

MALTA

607 896

NEDERLAND

2 178 215

OOSTENRIJK

1 138 913

POLEN

4 269 601

PORTUGAL

1 567 936

ROEMENIË

2 577 741

SLOVENIË

801 960

SLOWAKIJE

762 344

FINLAND

854 106

ZWEDEN

939 374


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2024/2499/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)