|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2024/1798 |
26.6.2024 |
BESLUIT (EU) 2024/1798 VAN DE RAAD
van 25 juni 2024
betreffende de financiële bijdragen die de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds moeten betalen als tweede tranche voor 2024
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien het Intern Akkoord tussen de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten van de Europese Unie, in het kader van de Raad bijeen, betreffende de financiering van de steun van de Europese Unie binnen het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020, overeenkomstig de ACS-EU-partnerschapsovereenkomst, en betreffende de toewijzing van financiële bijstand ten behoeve van de landen en gebieden overzee waarop de bepalingen van het vierde deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn (1), en met name artikel 7, lid 2, in samenhang met artikel 14, lid 3,
Gezien Verordening (EU) 2018/1877 van de Raad van 26 november 2018 inzake het financieel reglement van toepassing op het 11e Europees Ontwikkelingsfonds, en tot intrekking van Verordening (EU) 2015/323 (2), en met name artikel 19, lid 3,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 46 van Verordening (EU) 2018/1877 moet de Europese Investeringsbank (EIB) de Commissie haar geactualiseerde vastleggings- en betalingsramingen betreffende de door haar beheerde instrumenten doen toekomen. |
|
(2) |
Overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening (EU) 2018/1877 moet de Europese Commissie uiterlijk op 15 juni 2024 een voorstel indienen tot vaststelling van het bedrag van de tweede tranche van de bijdrage voor 2024. |
|
(3) |
Op grond van artikel 20, lid 1, van Verordening (EU) 2018/1877 moeten bij de verzoeken om bijdragen eerst in chronologische volgorde de bedragen voor voorgaande Europese Ontwikkelingsfondsen (“EOF’s”) worden opgebruikt. Daarom moet een verzoek om bijdragen op grond van Verordening (EU) 2018/1877 voor de Commissie en voor de EIB worden gedaan. |
|
(4) |
Op grond van artikel 152 van het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (3) (het “terugtrekkingsakkoord”) blijft het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (het “Verenigd Koninkrijk”) partij bij het EOF tot de afsluiting van het 11e EOF en alle voorgaande EOF’s die nog niet zijn afgesloten. Op grond van artikel 153 van het terugtrekkingsakkoord dient het aandeel van het Verenigd Koninkrijk in vrijgemaakte middelen voor projecten in het kader van het 11e EOF, wanneer deze na 31 december 2020 zijn vrijgemaakt, of in het kader van voorgaande EOF’s, echter niet te worden hergebruikt. |
|
(5) |
Bij Besluit (EU) 2023/2586 van de Raad (4) is het jaarlijkse bedrag van de bijdragen van de lidstaten aan het EOF voor 2024 vastgesteld op 1 200 000 000 EUR voor de Commissie, en 300 000 000 EUR voor de EIB. |
|
(6) |
Opdat de maatregelen waarin dit besluit voorziet, snel kunnen worden toegepast, moet dit besluit in werking treden op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het bedrag van de bijdrage die de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds (“EOF”) als tweede tranche voor 2024 moeten betalen, wordt vastgesteld op 500 000 000 EUR. Dat bedrag wordt als volgt betaald:
|
a) |
voor de Commissie, 400 000 000 EUR, en |
|
b) |
voor de Europese Investeringsbank (EIB), 100 000 000 EUR. |
Artikel 2
De individuele bijdragen aan het EOF worden door de partijen bij het EOF aan de Commissie en aan de EIB betaald als tweede tranche voor 2024, zoals vastgesteld in de bijlage.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Luxemburg, 25 juni 2024.
Voor de Raad
De voorzitter
H. LAHBIB
(1) PB L 210 van 6.8.2013, blz. 1.
(2) PB L 307 van 3.12.2018, blz. 1.
(3) PB C 384 I van 12.11.2019, blz. 1.
(4) Besluit (EU) 2023/2586 van de Raad van 13 november 2023 betreffende de door de partijen bij het Europees Ontwikkelingsfonds te betalen financiële bijdragen voor de financiering van dat fonds, en tot vaststelling van het maximum voor 2025, het jaarlijkse bedrag voor 2024, het bedrag van de eerste tranche voor 2024 en een indicatieve en niet-bindende prognose voor de verwachte jaarlijkse bedragen van de bijdragen voor de jaren 2026 en 2027 (PB L, 2023/2586, 15.11.2023, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2023/2586/oj).
BIJLAGE
Tweede tranche van de bijdragen aan het EOF voor 2024 (EUR)
|
LIDSTATEN & VK |
Verdeelsleutel 11e EOF % |
Tweede tranche 2024 (in EUR) |
Totaal |
|
|
Commissie |
EIB |
|||
|
11e EOF |
11e EOF |
|||
|
BELGIË |
3,24927 |
12 997 080 |
3 249 270 |
16 246 350 |
|
BULGARIJE |
0,21853 |
874 120 |
218 530 |
1 092 650 |
|
TSJECHIË |
0,79745 |
3 189 800 |
797 450 |
3 987 250 |
|
DENEMARKEN |
1,98045 |
7 921 800 |
1 980 450 |
9 902 250 |
|
DUITSLAND |
20,57980 |
82 319 200 |
20 579 800 |
102 899 000 |
|
ESTLAND |
0,08635 |
345 400 |
86 350 |
431 750 |
|
IERLAND |
0,94006 |
3 760 240 |
940 060 |
4 700 300 |
|
GRIEKENLAND |
1,50735 |
6 029 400 |
1 507 350 |
7 536 750 |
|
SPANJE |
7,93248 |
31 729 920 |
7 932 480 |
39 662 400 |
|
FRANKRIJK |
17,81269 |
71 250 760 |
17 812 690 |
89 063 450 |
|
KROATIË |
0,22518 |
900 720 |
225 180 |
1 125 900 |
|
ITALIË |
12,53009 |
50 120 360 |
12 530 090 |
62 650 450 |
|
CΥΡRUS |
0,11162 |
446 480 |
111 620 |
558 100 |
|
LETLAND |
0,11612 |
464 480 |
116 120 |
580 600 |
|
LITOUWEN |
0,18077 |
723 080 |
180 770 |
903 850 |
|
LUXEMBURG |
0,25509 |
1 020 360 |
255 090 |
1 275 450 |
|
HONGARIJE |
0,61456 |
2 458 240 |
614 560 |
3 072 800 |
|
MALTA |
0,03801 |
152 040 |
38 010 |
190 050 |
|
NEDERLAND |
4,77678 |
19 107 120 |
4 776 780 |
23 883 900 |
|
OOSTENRIJK |
2,39757 |
9 590 280 |
2 397 570 |
11 987 850 |
|
POLEN |
2,00734 |
8 029 360 |
2 007 340 |
10 036 700 |
|
PORTUGAL |
1,19679 |
4 787 160 |
1 196 790 |
5 983 950 |
|
ROEMENIË |
0,71815 |
2 872 600 |
718 150 |
3 590 750 |
|
SLOVENIË |
0,22452 |
898 080 |
224 520 |
1 122 600 |
|
SLOWAKIJE |
0,37616 |
1 504 640 |
376 160 |
1 880 800 |
|
FINLAND |
1,50909 |
6 036 360 |
1 509 090 |
7 545 450 |
|
ZWEDEN |
2,93911 |
11 756 440 |
2 939 110 |
14 695 550 |
|
VERENIGD KONINKRIJK (*1) |
14,67862 |
58 714 480 |
14 678 620 |
73 393 100 |
|
TOTAAL EU-27 & VK |
100,00 |
400 000 000 |
100 000 000 |
500 000 000 |
(*1) Overeenkomstig artikel 153 van het terugtrekkingsakkoord heeft het VK de Commissie in maart 2023 formeel verzocht zijn nog uitstaande deel in de reserves van het 10e en het 11e EOF in 2023 terug te betalen door verrekening met zijn nog verschuldigde bijdrage aan het EOF. Die verrekening zal tot uiting komen in de desbetreffende betalingsinstructies.
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/1798/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)