European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

L-serie


2024/1475

31.5.2024

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2024/1475 VAN DE COMMISSIE

van 30 mei 2024

tot instelling van definitieve antidumpingrechten op bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (1) (“de basisverordening”), en met name artikel 11, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

1.   PROCEDURE

1.1.   Voorafgaande onderzoeken en geldende maatregelen

(1)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1331/2011 (2) heeft de Raad antidumpingrechten ingesteld op bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal (“het onderzochte product”), van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“VRC” of “het betrokken land”). Het onderzoek dat heeft geleid tot de instelling van de oorspronkelijke maatregelen wordt hierna “het oorspronkelijke onderzoek” genoemd.

(2)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2018/330 (3) heeft de Europese Commissie (“de Commissie”) de definitieve antidumpingmaatregelen naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen opnieuw opgelegd.

(3)

De thans geldende antidumpingrechten variëren van 48,3 % tot 71,9 %.

1.2.   Verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen

(4)

Na de bekendmaking van een bericht van het naderend vervallen (4) van de geldende antidumpingmaatregelen ten aanzien van de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC, heeft de Commissie een verzoek om een nieuw onderzoek op grond van artikel 11, lid 2, van de basisverordening ontvangen.

(5)

Het verzoek om een nieuw onderzoek (“het verzoek”) werd op 2 december 2022 ingediend door de European Steel Tube Association (“ESTA” of “de indiener van het verzoek”) namens de bedrijfstak van de Unie voor naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal in de zin van artikel 5, lid 4, van de basisverordening. Het verzoek was gebaseerd op de overweging dat het vervallen van de maatregelen waarschijnlijk zou leiden tot voortzetting of herhaling van dumping en tot herhaling van schade voor de bedrijfstak van de Unie.

1.3.   Opening van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen

(6)

Daar de Commissie na raadpleging van het bij artikel 15, lid 1, van de basisverordening ingestelde comité tot de conclusie was gekomen dat er voldoende bewijsmateriaal was om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen te openen, heeft zij dat onderzoek op 3 maart 2023 op grond van artikel 11, lid 2, van de basisverordening geopend met betrekking tot de invoer in de Unie van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC. Zij heeft daartoe een bericht van opening gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie (5) (“het bericht van opening”).

1.4.   Tijdvak van het nieuwe onderzoek en beoordelingsperiode

(7)

Het onderzoek naar voortzetting of herhaling van dumping had betrekking op de periode van 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022 (“het tijdvak van het nieuwe onderzoek”). Het onderzoek van de ontwikkelingen die relevant zijn voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid van voortzetting of herhaling van schade had betrekking op de periode van 1 januari 2019 tot het einde van het tijdvak van het nieuwe onderzoek (“de beoordelingsperiode”).

1.5.   Belanghebbenden

(8)

In het bericht van opening werd de belanghebbenden verzocht contact met de Commissie op te nemen om aan het onderzoek mee te werken. De Commissie bracht de indiener van het verzoek, alle haar bekende producenten in de Unie, de haar bekende producenten in de VRC en de autoriteiten van de VRC, en de haar bekende importeurs, gebruikers en handelaren specifiek op de hoogte van de opening van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen en verzocht hen daaraan mee te werken.

(9)

De belanghebbenden werden in de gelegenheid gesteld om opmerkingen te maken over de opening van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen en een hoorzitting aan te vragen met de Commissie en/of de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures.

1.6.   Steekproeven

(10)

In het bericht van opening kondigde de Commissie aan dat zij mogelijk een steekproef van de belanghebbenden zou samenstellen overeenkomstig artikel 17 van de basisverordening.

1.6.1.   Steekproef van producenten in de Unie

(11)

In het bericht van opening kondigde de Commissie aan dat zij een voorlopige steekproef van producenten in de Unie had samengesteld. De Commissie stelde de steekproef samen op basis van de grootste productiehoeveelheden van het soortgelijke product in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek die binnen de beschikbare tijd redelijkerwijs konden worden onderzocht. Deze steekproef bestond uit drie producenten in de Unie. De in de steekproef opgenomen producenten in de Unie vertegenwoordigden ongeveer 46 % van de geschatte totale productie in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek. Overeenkomstig artikel 17, lid 2, van de basisverordening verzocht de Commissie de belanghebbenden opmerkingen te maken over de voorlopige steekproef. Er werden geen opmerkingen ontvangen en de Commissie bevestigde de voorlopige steekproef. De steekproef was representatief voor de bedrijfstak van de Unie.

1.6.2.   Steekproef van importeurs

(12)

Om te kunnen beslissen of een steekproef noodzakelijk was en, zo ja, om deze te kunnen samenstellen, verzocht de Commissie niet-verbonden importeurs de in het bericht van opening gevraagde informatie te verstrekken.

(13)

Er heeft zich echter geen niet-verbonden importeur gemeld en de gevraagde informatie verstrekt.

1.6.3.   Steekproef van producenten-exporteurs in de VRC

(14)

Om te beslissen of een steekproef noodzakelijk was en, zo ja, om deze te kunnen samenstellen, verzocht de Commissie alle haar bekende producenten in de VRC de in het bericht van opening gevraagde informatie te verstrekken. Daarnaast verzocht de Commissie de Chinese autoriteiten mogelijke andere producenten die geïnteresseerd zouden kunnen zijn in medewerking aan het onderzoek, aan te wijzen en/of contact met hen op te nemen.

(15)

Bij de opening van het onderzoek nam de Commissie de vragenlijsten ter inzage door belanghebbenden in het dossier op en plaatste zij deze op de website van DG Handel (6).

(16)

De Europese Commissie ontving geen reacties op de steekproef van Chinese producenten, behalve van Shanghai Baoluo Stainless Steel Tube Co. Ltd (“BSS”). Bijgevolg was het niet nodig een steekproef samen te stellen. De Europese Commissie verzocht BSS de vragenlijst voor producenten-exporteurs in te vullen. De onderneming beantwoordde de vragenlijst. Uit de in het antwoord op de vragenlijst verstrekte informatie van BSS bleek dat de uitvoer van BSS naar de Unie minder dan 25 % uitmaakte van de totale uitvoer van het onderzochte product uit de VRC naar de Unie. De Commissie was van oordeel dat deze invoer niet voldoende informatie zou verschaffen om de dumping, de waarschijnlijkheid van voortzetting en/of herhaling van dumping en de schade in het tijdvak van het nieuwe onderzoek te beoordelen, en niet als representatief kon worden beschouwd voor de totale invoer uit China. Daarom deelde de Commissie de belanghebbenden, waaronder BSS, mee voornemens te zijn om artikel 18 van de basisverordening toe te passen, en dat de bevindingen over dumping en de waarschijnlijkheid van voortzetting en/of herhaling van dumping en schade ten aanzien van exporteurs/producenten in de VRC op de beschikbare gegevens zouden worden gebaseerd.

(17)

De Commissie deelde BSS ook mee dat, ook al zou er, gezien het bovenstaande, geen volwaardige verificatie van haar antwoord op de vragenlijst worden verricht, haar informatie met betrekking tot productie en verkoop, met name de uitvoer naar derde landen en de uitvoer naar de Unie, toch in het onderzoek zou worden gebruikt als onderdeel van de beschikbare gegevens.

(18)

De Commissie deelde ook aan de autoriteiten van de VRC mee dat zij zich zou baseren op de beschikbare gegevens, overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening.

(19)

BSS verzocht de Commissie vervolgens de verificatieprocedure voort te zetten en een individuele dumpingmarge vast te stellen, en deed tevens een beroep op de raadadviseur-auditeur. De Commissie stemde ermee in de verificatieprocedure voort te zetten, maar deelde BSS mee dat zij niet voornemens was een individuele dumpingmarge voor BSS vast te stellen in het kader van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen. Op 19 september 2023 deelde BSS de Commissie mee dat zij de procedure met betrekking tot tekortkomingen in de verstrekte gegevens niet zou voortzetten en niet zou reageren op de schriftelijke aanmaning tot het verstrekken van de ontbrekende gegevens die op 11 september 2023 naar BSS was gestuurd, d.w.z. dat zij de samenwerking zou stopzetten.

(20)

In het licht van het bovenstaande heeft de Commissie, om de bronnen voor de bepaling van de normale waarde vast te stellen, gebruikgemaakt van de informatie in het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, in voorkomend geval geactualiseerd, in combinatie met andere informatiebronnen die volgens de desbetreffende criteria van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening passend werden geacht overeenkomstig artikel 18, lid 5, van de basisverordening.

(21)

Deze bronnen omvatten databanken zoals de landenclassificatie van de Wereldbank (7), de Global Trade Atlas (8) en Orbis (9), evenals op het internet gepubliceerde financiële gegevens van bedrijven.

1.7.   Antwoorden op de vragenlijst en verificatie

(22)

Van de drie in de steekproef opgenomen producenten in de Unie werden antwoorden op de vragenlijst ontvangen.

(23)

De Commissie heeft alle gegevens die zij nodig achtte om vast te stellen of voortzetting of herhaling van dumping en schade waarschijnlijk was, en om het belang van de Unie vast te stellen, verzameld en geverifieerd. Krachtens artikel 16 van de basisverordening werden controlebezoeken ter plaatse verricht bij de volgende ondernemingen:

Producenten in de Unie

Alleima A.B. (Gävle, Zweden);

Salzgitter Mannesmann Stainless Tubes S.A.S. (Montbard, Frankrijk);

Tubacex Tubos Inoxidables S.A.U. (Bilbao, Spanje).

1.8.   Vervolg van de procedure

(24)

Op 14 maart 2024 deelde de Commissie de belangrijkste feiten en overwegingen mee op basis waarvan zij voornemens was de geldende antidumpingrechten te handhaven. Alle partijen konden binnen een bepaalde termijn opmerkingen indienen ten aanzien van de mededeling van feiten en overwegingen.

(25)

De Commissie ontving opmerkingen van BSS, waarin werd betoogd dat Mexico niet de juiste keuze was voor een representatief land. BSS voerde aan dat de rekeningen van Tenaris Global als bron van de verkoopkosten, algemene kosten en administratiekosten (“VAA-kosten”) en de voor de berekening van de normale waarde gebruikte winst niet representatief waren. Volgens BSS behoorden naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal, waarvan werd vastgesteld dat zij tot dezelfde algemene productcategorie behoorden, tot een andere productfamilie. Bovendien voerde BSS aan dat de financiële gegevens van Tenaris Tamsa niet beschikbaar waren en dat de kwaliteit van de gegevens in de rekeningen van Tenaris Global, vanwege het brede werkterrein van de onderneming en de geografische diversiteit van haar activiteiten, haar geconsolideerde financiële gegevens ongeschikt maakt en niet representatief om de VAA-kosten en winst vast te stellen vanwege het brede zakelijke en geografische werkterrein van de onderneming. Zij voerde ook aan dat er, gezien het precedent dat was geschapen bij het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van maatregelen voor molybdeendraad (10), waarbij de Commissie India had geselecteerd, een land met een ander niveau van economische ontwikkeling dan de VRC, ook een verplichting bestond om de geschiktheid van India in dit geval te onderzoeken, omdat de gegevensset voor de berekening van de normale waarde voor Mexico onvolledig was.

(26)

De Commissie wees het argument van BSS met betrekking tot de bron van de VAA-kosten en de voor de berekening van de normale waarde gebruikte winst af. In overweging 106 stelde de Commissie dat de dumpingmarge aanzienlijk zou zijn, zelfs zonder winst toe te voegen aan de berekende normale waarde. Derhalve was dit argument niet ter zake dienend.

(27)

De Commissie verwierp het argument van BSS dat naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal niet tot dezelfde algemene productcategorie behoorden als buizen en pijpen van roestvrij staal, omdat hun productieproces identiek is, ook al is de verhouding van sommige basisproducten anders, met name wat hun chroomgehalte betreft, en er een grote overlap is in het gebruik ervan voor het transporteren van vloeistoffen, gassen en vaste stoffen in verschillende toepassingen. Beide producten zijn naadloze buizen en pijpen en staalproducten, en worden daarom in het kader van dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen beschouwd als behorend tot dezelfde algemene categorie producten.

(28)

De Commissie stelde vast dat de argumenten van BSS met betrekking tot het niet beschikbaar en ongeschikt zijn van de financiële gegevens van Tenaris Global niet ter zake dienend waren (zie overweging 26). De Commissie mag financiële gegevens selecteren voor producenten van een product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product. In het onderhavige geval zijn de financiële gegevens van Tenaris Tamsa, een producent van buizen van koolstofstaal, geïntegreerd in de rekeningen van de uiteindelijke eigenaar, Tenaris Global. De bewering van BSS dat de gegevens “niet beschikbaar” zouden zijn, is daarom onjuist. Wat de kwaliteit van de financiële gegevens betreft, verwijst de Commissie naar overweging 106, waar in het onderzoek tot de conclusie werd gekomen dat de dumping voortduurde, gebruikmakend van standaardniveaus voor de VAA-kosten en winst, zelfs wanneer geen winst werd toegevoegd bij de berekening van de normale waarde. De dumpingmarge was in beide gevallen aanzienlijk. Eventuele aanpassingen om de kwaliteit van de financiële gegevens uit Mexico te verbeteren, waren daarom niet nodig, laat staan het selecteren van een ander representatief land op basis van een vermeend gebrek aan financiële gegevens.

(29)

De Commissie verwierp ook de bewering dat zij verplicht is het vermeende bewijsmateriaal dat door BSS was ingediend ter ondersteuning van de keuze van India als representatief land, in detail te onderzoeken. De Commissie heeft een representatief land geselecteerd, met een vergelijkbaar niveau van economische ontwikkeling als de VRC, overeenkomstig de criteria van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening. De Commissie had in dit geval geen reden om op zoek te gaan naar een land met een ander niveau van economische ontwikkeling, aangezien Mexico werd beschouwd als een geschikt representatief land, met direct beschikbare gegevens over de overeenkomstige productie- en verkoopkosten, waardoor het geschikt was in het kader van het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van maatregelen. Zoals ook uiteengezet in overweging 87, was India bij wijze van uitzondering als representatief land gebruikt in het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van maatregelen ten aanzien van molybdeendraad, zoals uitdrukkelijk vermeld in de verordening (11). Bovendien heeft de Commissie, zoals vermeld in overweging 39 van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1305 (12), alvorens India als representatief land te selecteren, geprobeerd “een geschikt representatief land met hetzelfde niveau van economische ontwikkeling als de VRC te vinden waar een soortgelijk product in dezelfde algemene categorie of sector werd geproduceerd”. In het onderhavige geval leidde de zoektocht van de Commissie naar een gelijkwaardig land ertoe dat Mexico werd geselecteerd als het representatieve land dat naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal produceert. Daarbij merkt de Commissie op dat haar administratieve praktijk uit het verleden niet bindend is voor de beoordeling van de naleving van de bepalingen van de basisverordening (13).

(30)

BSS beweerde dat de Commissie de prijs van de gebruikte blokken niet openbaar had gemaakt. Deze bewering is onjuist; de gebruikte prijzen zijn vermeld in bijlage III bij de bronnen voor de bepaling van de normale waarde.

2.   ONDERZOCHT PRODUCT, BETROKKEN PRODUCT EN SOORTGELIJK PRODUCT

2.1.   Onderzocht product

(31)

Het nieuwe onderzoek heeft betrekking op hetzelfde product als in het oorspronkelijke onderzoek en het eerdere onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, namelijk naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal (met uitzondering van die welke voorzien zijn van hulpstukken (fittings), voor gassen of vloeistoffen, bestemd voor burgerluchtvaartuigen), momenteel ingedeeld onder de GN-codes 7304 11 00, 7304 22 00, 7304 24 00, ex 7304 41 00, ex 7304 49 83, ex 7304 49 85, ex 7304 49 89 en ex 7304 90 00 (Taric-codes 7304410090, 7304498390, 7304498590, 7304498990 en 7304900091) (“het onderzochte product”).

(32)

Naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal worden voornamelijk in de volgende sectoren gebruikt: chemische en petrochemische industrie, productie van meststoffen, opwekking van elektriciteit, civiele techniek en bouw, farmacologie en medische technologie, biotechnologie, waterbehandeling en afvalverbranding, olie- en gasexploratie en -productie, steenkool- en gasverwerking en levensmiddelenverwerking.

2.2.   Soortgelijk product

(33)

Zoals vastgesteld in het oorspronkelijke onderzoek en in het vorige nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, is in dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen bevestigd dat de volgende producten dezelfde fysische en technische basiskenmerken hebben en voor dezelfde basisdoeleinden worden gebruikt:

het betrokken product bij uitvoer naar de Unie;

het onderzochte product dat in de VRC wordt vervaardigd en aldaar op de binnenlandse markt wordt verkocht;

het onderzochte product dat door de producenten-exporteur wordt vervaardigd en aan de rest van de wereld wordt verkocht, en

het onderzochte product dat in de Unie door de bedrijfstak van de Unie wordt vervaardigd en aldaar wordt verkocht.

(34)

Deze producten worden dan ook beschouwd als soortgelijke producten in de zin van artikel 1, lid 4, van de basisverordening.

3.   DUMPING

3.1.   Voorafgaande opmerkingen

(35)

Tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek bleef de invoer van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC doorgaan, zij het op een lager niveau dan in het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek (van 1 juli 2009 tot en met 30 juni 2010). De invoer uit de VRC vertegenwoordigde in het tijdvak van het nieuwe onderzoek 6 % van de markt van de Unie, vergeleken met een marktaandeel van 18,4 % (14) tijdens het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek. In absolute cijfers voerde de VRC in het tijdvak van het nieuwe onderzoek ongeveer 5 633 ton uit naar de Unie — een aanzienlijke daling ten opzichte van de naar de Unie uitgevoerde 15 757 ton (15) in het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek.

(36)

Zoals vermeld in overweging 16 heeft uiteindelijk geen enkele producent-exporteur uit de VRC aan het onderzoek meegewerkt. Derhalve deelde de Commissie de autoriteiten van de VRC mee dat zij wegens gebrek aan medewerking artikel 18 van de basisverordening zal toepassen voor de bevindingen met betrekking tot de VRC.

(37)

Bijgevolg werden in overeenstemming met artikel 18 van de basisverordening de bevindingen inzake de waarschijnlijkheid van voortzetting of herhaling van dumping met betrekking tot de VRC gebaseerd op de beschikbare gegevens, met name de informatie vervat in het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen en de verklaringen van belanghebbenden, in combinatie met andere informatiebronnen, zoals handelsstatistieken over in- en uitvoer (Eurostat en de Global Trade Atlas (GTA) (16).

3.2.   Procedure voor de vaststelling van de normale waarde op grond van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening

(38)

Aangezien er ten tijde van de opening van het onderzoek voldoende bewijsmateriaal beschikbaar was dat met betrekking tot de VRC wees op het bestaan van verstoringen van betekenis in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening, opende de Commissie het onderzoek op grond van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening.

(39)

Om de informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek met betrekking tot de vermeende verstoringen van betekenis nodig achtte, heeft de Commissie de Chinese overheid een vragenlijst toegestuurd. Bovendien heeft de Commissie in punt 5.3.2 van het bericht van opening alle belanghebbenden uitgenodigd om binnen 37 dagen na de datum van bekendmaking van dat bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie hun standpunt kenbaar te maken, informatie in te dienen en ondersteunend bewijsmateriaal te verstrekken ten aanzien van de toepassing van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening. De Chinese overheid heeft binnen de daarvoor gestelde termijn niet op de vragenlijst gereageerd en heeft evenmin opmerkingen ingediend over de toepassing van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening. Vervolgens heeft de Commissie de Chinese overheid meegedeeld dat zij overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening de beschikbare gegevens zou gebruiken om de aanwezigheid van verstoringen van betekenis in de VRC vast te stellen.

(40)

In punt 5.3.2 van het bericht van opening heeft de Commissie ook vermeld dat Mexico een geschikt representatief land in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening zou kunnen zijn voor de vaststelling van de normale waarde aan de hand van niet-verstoorde prijzen of benchmarks. De Commissie heeft verder opgemerkt dat zij andere mogelijke passende landen zou onderzoeken overeenkomstig de criteria in artikel 2, lid 6 bis, punt a), eerste streepje, van de basisverordening.

(41)

Op 5 december 2023 bracht de Commissie de belanghebbenden door middel van een mededeling inzake productiefactoren op de hoogte van de relevante bronnen die zij voornemens was te gebruiken om de normale waarde vast te stellen, met Mexico als het representatieve land. In de mededeling inzake productiefactoren verstrekte de Commissie een lijst van alle productiefactoren, zoals grondstoffen, arbeid en energie, die worden gebruikt bij de productie van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal. Zij deelde de belanghebbenden ook mee dat zij de VAA-kosten en de winst zou vaststellen op basis van de beschikbare informatie voor de onderneming Tenaris, een producent van een product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product (naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal) in Mexico.

3.3.   Normale waarde

(42)

Artikel 2, lid 1, van de basisverordening bepaalt: “De normale waarde is normaal gebaseerd op de prijzen die door onafhankelijke afnemers in het land van uitvoer in het kader van normale handelstransacties worden betaald of dienen te worden betaald.”.

(43)

Artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening bepaalt echter: “Wanneer […] wordt vastgesteld dat het wegens het bestaan van verstoringen van betekenis in de zin van punt b) in het land van uitvoer niet passend is gebruik te maken van de binnenlandse prijzen en kosten in dat land, wordt de normale waarde uitsluitend berekend aan de hand van productie- en verkoopkosten waarin niet-verstoorde prijzen of benchmarks tot uitdrukking komen”; deze “omvat een niet-verstoord en redelijk bedrag voor administratiekosten, verkoopkosten en algemene kosten en voor winst” (hierna wordt naar “administratiekosten, verkoopkosten en algemene kosten” verwezen met “VAA-kosten”).

(44)

Zoals hieronder nader wordt toegelicht, heeft de Commissie in het onderhavige onderzoek geconcludeerd dat het op basis van het beschikbare bewijsmateriaal en gezien het gebrek aan medewerking van de Chinese overheid en de producenten juist was artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening toe te passen.

3.4.   Bestaan van verstoringen van betekenis

(45)

In recente onderzoeken betreffende de staalsector in de VRC (17) heeft de Commissie vastgesteld dat er sprake was van verstoringen van betekenis in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening.

(46)

In die onderzoeken heeft de Commissie vastgesteld dat er in de VRC sprake is van aanzienlijk overheidsingrijpen, wat leidt tot een verstoring van de effectieve toewijzing van middelen overeenkomstig de marktbeginselen (18). De Commissie concludeerde met name dat er in de staalsector — die de belangrijkste grondstof vervaardigt voor bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC — niet alleen sprake blijft van een aanzienlijke mate van eigendom van de Chinese overheid in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), eerste streepje, van de basisverordening (19), maar dat de Chinese overheid ook in de gelegenheid is zich te mengen in prijzen en kosten door de overheidsaanwezigheid in bedrijven in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), tweede streepje, van de basisverordening (20). De Commissie stelde verder vast dat de aanwezigheid van de staat op de financiële markten en het ingrijpen door de staat op die markten, alsmede bij de verstrekking van grondstoffen en basisproducten, een aanvullend verstorend effect hebben op de markt. In feite leidt het planningssysteem van de VRC er over de gehele linie toe dat middelen worden geconcentreerd in sectoren die door de Chinese overheid als strategisch of anderszins politiek belangrijk zijn bestempeld, in plaats van dat de toewijzing overeenkomstig de marktwerking (21) plaatsvindt. Bovendien concludeerde de Commissie dat de Chinese faillissements- en eigendomswetgeving niet naar behoren functioneert in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), vierde streepje, van de basisverordening, en dus verstoringen veroorzaakt, met name wanneer in de VRC insolvente ondernemingen op de been worden gehouden en grondgebruiksrechten worden toegewezen (22). In dezelfde geest stelde de Commissie vast dat er sprake was van verstoringen van loonkosten in de staalsector in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), vijfde streepje, van de basisverordening (23), alsmede van verstoringen op de financiële markten in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), zesde streepje, van de basisverordening, met name wat de toegang tot kapitaal voor ondernemingen in de VRC betreft (24).

(47)

Net als in de voorafgaande onderzoeken met betrekking tot de ijzer- en staalsector in de VRC is de Commissie in het huidige onderzoek nagegaan of het wegens de aanwezigheid van verstoringen van betekenis in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening al dan niet passend was om gebruik te maken van de binnenlandse prijzen en kosten in de VRC. Daartoe heeft de Commissie gebruikgemaakt van het beschikbare bewijsmateriaal in het dossier, met inbegrip van het bewijsmateriaal in het verzoek en in het werkdocument van de diensten van de Commissie over verstoringen van betekenis in de economie van de VRC met het oog op handelsbeschermingsonderzoeken (25) (“het rapport”), dat is gebaseerd op openbaar beschikbare bronnen. Bij deze analyse is niet alleen gekeken naar het aanzienlijke overheidsingrijpen in de economie van de VRC in het algemeen, maar ook naar de specifieke marktsituatie in de sector waartoe bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal behoren. De Commissie heeft deze bewijselementen verder aangevuld met haar eigen onderzoek naar de verschillende criteria die relevant zijn om het bestaan van verstoringen van betekenis in de VRC te bevestigen, zoals die ook in het kader van haar eerdere onderzoeken in dit verband zijn vastgesteld.

(48)

In het verzoek werd aangevoerd dat de Chinese economie als geheel sterk wordt beïnvloed door en de gevolgen ondervindt van aanzienlijk overheidsingrijpen, waardoor de binnenlandse prijzen en kosten van de Chinese staalindustrie niet kunnen worden gebruikt in dit onderzoek.

(49)

Het verzoek bevatte voorbeelden van elementen die duiden op het bestaan van verstoringen als bedoeld in artikel 2, lid 6 bis, punt b), eerste tot en met zesde streepje, van de basisverordening. Onder verwijzing naar een aantal openbaar toegankelijke informatiebronnen, zoals het rapport, eerdere onderzoeken van de Commissie in de staalsector, de Chinese wetgeving, en aanvullende bronnen, voerde de indiener van het verzoek met name het volgende aan:

de wijze waarop de Chinese economie is ingericht, maakt niet alleen aanzienlijk overheidsingrijpen in de economie mogelijk, maar dergelijk ingrijpen is ook uitdrukkelijk voorgeschreven;

de socialistische markteconomie wordt ontwikkeld onder leiding van de CCP. De structuren van de Chinese staat en van de CCP zijn op alle niveaus (juridisch, institutioneel, persoonlijk) met elkaar vervlochten en vormen een superstructuur waarin de rollen van de CCP en de staat niet van elkaar te onderscheiden zijn;

de Chinese staat voert een interventionistisch economisch beleid om zijn doelen na te streven, die niet zozeer een afspiegeling zijn van de heersende economische omstandigheden op een vrije markt, maar veeleer samenvallen met de politieke agenda van de CCP;

op het niveau van de algemene administratieve zeggenschap wordt de richting van de Chinese economie bepaald door een complex systeem van industriële planning dat alle economische activiteiten in het land beïnvloedt. Al deze plannen samen bestrijken een complete en complexe matrix van sectoren en transversale beleidsmaatregelen, op alle overheidsniveaus. De relevante Chinese autoriteiten houden zich op alle overheidsniveaus aan het systeem van plannen en gebruiken de aan hen verleende bevoegdheden dienovereenkomstig, waardoor zij de marktdeelnemers ertoe bewegen zich te houden aan de prioriteiten die in de plannen zijn gesteld;

op het niveau van de toewijzing van financiële middelen wordt het financiële stelsel van de VRC gedomineerd door de handelsbanken in staatseigendom;

regels omtrent overheidsopdrachten worden regelmatig gebruikt om andere beleidsdoelstellingen dan economische doelmatigheid na te streven, waardoor het beginsel van marktwerking op dit gebied wordt ondermijnd;

de Chinese overheid behoudt aanzienlijke zeggenschap over en invloed op de bestemming en de omvang van zowel staats- als particuliere investeringen.

(50)

Meer specifiek voerde de indiener van het verzoek met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), eerste streepje, van de basisverordening aan dat:

staatsbedrijven een essentieel onderdeel van de Chinese economie vertegenwoordigen. De regering en de CCP kennen structuren die waarborgen dat zij blijvende invloed op de staatsondernemingen hebben. De CCP is niet alleen actief betrokken bij de formulering van het algemeen economisch beleid en het toezicht op de uitvoering ervan door individuele staatsondernemingen, maar eist ook het recht op om deel te nemen aan de operationele besluitvorming in staatsondernemingen. Staatsondernemingen genieten een bijzondere status in de Chinese economie, wat een aantal economische voordelen inhoudt, zoals met name afscherming tegen concurrentie en preferentiële toegang tot relevante basisproducten, waaronder financiële middelen;

met name in de staalsector, waar stalen billets (“knuppels”) veruit de belangrijkste basisproducten vormen voor de productie van buizen en pijpen van roestvrij staal, een aanzienlijke mate van eigendom van de Chinese overheid blijft bestaan. De nominale verdeling tussen het aantal staatsondernemingen en particuliere ondernemingen is volgens ramingen weliswaar bijna gelijk, maar van de vijf Chinese staalproducenten die tot “s werelds tien grootste staalproducenten behoren, zijn er vier staatsondernemingen;

door de hoge mate van overheidsingrijpen in de staalindustrie en een groot aandeel van staatsondernemingen in de sector, zelfs particuliere staalproducenten worden verhinderd om onder marktomstandigheden te opereren.

(51)

Met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), tweede streepje, van de basisverordening voerde de indiener van het verzoek aan dat:

overheidscontrole en -ingrijpen in de sector voor staal en buizen wijdverbreid is. Veel van de grote producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal zijn in handen van de staat. Het beschikbare bewijsmateriaal wijst er dus op dat producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal in de VRC in dezelfde mate in handen zijn van de Chinese overheid en onderworpen zijn aan dezelfde zeggenschap of hetzelfde beleidstoezicht van de Chinese overheid en dus niet volgens de marktbeginselen opereren: 51 % particuliere ondernemingen en 49 % staatsondernemingen in termen van productie, en 44 % staatsondernemingen en 56 % particuliere ondernemingen in termen van capaciteit. De overheidsdeelneming in bedrijven maakt inmenging van de overheid in de prijzen of kosten mogelijk;

inmenging van de Chinese staat in de prijzen en kosten mogelijk is door de overheidsdeelneming in bedrijven;

in de staalsector, waar stalen knuppels het belangrijkste basisproduct vormen voor de productie van buizen en pijpen van roestvrij staal, veel van de belangrijkste producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal staatseigendom zijn. Een van de grootste Chinese producenten van naadloze stalen pijpen, Tianjin Pipe Corporation (TPCO), gevestigd in de gemeente Tianjin in Noord-China, is bijvoorbeeld een staatsbedrijf. Er is ook uitgebreide informatie openbaar toegankelijk die aangeeft dat er banden zijn tussen Chinese producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal en lokale/regionale autoriteiten in China;

in openbaar toegankelijke documenten van de producenten in staatseigendom soms de band met de Chinese staat wordt benadrukt. Zo verklaarde Baoshan Iron & Steel (of Baosteel) in het halfjaarverslag uit 2016: “De onderneming heeft zich ertoe verbonden om het 13e vijfjarenplan voor de regio te evenaren en heeft een brede consensus bereikt met de lokale overheden over het delen van middelen, het verbinden van stedelijke industrieën en het tot stand brengen van een ecologische omgeving.”  (26);

de aanwezigheid en het ingrijpen van de staat op de financiële markten en bij de levering van grondstoffen en basisproducten een extra verstorend effect hebben op de markt.

(52)

Met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), derde streepje, van de basisverordening voerde de indiener van het verzoek aan dat:

de Chinese overheid de staalindustrie als sleutelindustrie beschouwt. In het “Plan voor de aanpassing en modernisering van de staalindustrie voor 2016-2020” wordt gesteld dat de staalindustrie “een belangrijke, fundamentele sector van de Chinese economie is, een nationale hoeksteen”;

het 13e vijfjarenplan voor economische en sociale ontwikkeling voorziet in steun aan ondernemingen die hoogwaardige soorten staalproducten produceren;

de “Catalogus voor leidende beginselen voor herstructurering van de industrie van 2019” ijzer en staal noemt als aangemoedigde bedrijfstakken.

(53)

Met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), vierde streepje, van de basisverordening voerde de indiener van het verzoek aan dat:

het Chinese faillissementsstelsel niet in staat blijkt te zijn om zijn eigen hoofddoelstellingen te realiseren, zoals het eerlijk voldoen van vorderingen en schulden en het beschermen van de wettige rechten en belangen van crediteuren en debiteuren;

de tekortkomingen van het systeem van eigendomsrechten met name evident zijn met betrekking tot de eigendom van grond en het recht op het gebruik van grond in de VRC. Alle grond is eigendom van de Chinese staat (collectieve landbouwgrond en stedelijke grond in staatseigendom). De toewijzing van grond blijft uitsluitend een zaak van de staat. De autoriteiten streven bij het toewijzen van grond vaak specifieke politieke doelen na, waaronder de uitvoering van de economische plannen.

(54)

Met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), vijfde streepje, van de basisverordening voerde de indiener van het verzoek aan dat:

een systeem van marktgebaseerde lonen zich in de VRC niet volledig kan ontwikkelen omdat het recht op collectieve organisatie van werknemers en werkgevers wordt belemmerd. De VRC heeft een aantal kernverdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), met name die inzake de vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen, niet geratificeerd;

de staalsector in de VRC dus zowel direct (bij de vervaardiging van het betrokken product) als indirect (bij de toegang tot kapitaal of basisproducten van ondernemingen die in de VRC aan hetzelfde arbeidsrechtstelsel onderworpen zijn) duidelijk wordt getroffen door de verstoringen van de loonkosten.

(55)

Met betrekking tot artikel 2, lid 6 bis, punt b), zesde streepje, van de basisverordening voerde de indiener van het verzoek aan dat:

de toegang tot kapitaal voor ondernemingen in de VRC onderhevig is aan verstoringen. Het Chinese financiële systeem wordt gekenmerkt door een sterke positie van staatsbanken, die bij het verlenen van toegang tot financiering rekening houden met andere criteria dan de economische levensvatbaarheid van een project. Net als niet-financiële staatsondernemingen blijven de banken verbonden met de staat;

prijssignalen nog steeds niet het resultaat zijn van vrije marktwerking, maar worden beïnvloed door verstoringen die door de overheid worden veroorzaakt. Het aandeel verstrekte kredieten tegen of onder de referentierente maakt immers nog steeds 45 % van alle kredieten uit;

het aanzienlijke overheidsingrijpen in het financiële stelsel ertoe leidt dat de marktomstandigheden op alle niveaus sterk worden beïnvloed, ook binnen de sector voor buizen en pijpen van roestvrij staal in de VRC.

(56)

De indiener van het verzoek wees er voorts op dat wanneer producenten van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal productiemiddelen kopen, de prijzen duidelijk blootgesteld zijn aan dezelfde systemische verstoringen als hierboven vermeld. Zo zetten leveranciers van basisproducten bijvoorbeeld arbeidskrachten in die aan de verstoringen onderhevig zijn. Zij kunnen geld lenen dat onderhevig is aan de verstoringen in de financiële sector/kapitaaltoewijzing. Daarnaast zijn zij onderworpen aan het planningssysteem dat van toepassing is op alle overheidsniveaus en sectoren. Bijgevolg kunnen niet alleen de binnenlandse verkoopprijzen van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal niet worden gebruikt, maar geven ook alle kosten voor basisproducten (met inbegrip van grondstoffen [de evolutie van de nikkelprijs], energie, grond, financiering, arbeid enz.) een vertekend beeld, omdat de prijsvorming ervan wordt beïnvloed door aanzienlijk overheidsingrijpen.

(57)

Concluderend werd in het verzoek gesteld dat er voldoende overtuigend voorlopig bewijsmateriaal is dat er sprake is van ingrijpen door de Chinese overheid in de Chinese bedrijfstak voor naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, wat tot verstoringen van betekenis heeft geleid. Aangevoerd werd derhalve dat het bestaan van deze verstoringen van betekenis de vaststelling van de normale waarde en de dumpingmarge op grond van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening rechtvaardigt.

(58)

De Commissie heeft onderzocht of het wegens het bestaan van verstoringen van betekenis in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening al dan niet passend was gebruik te maken van de binnenlandse prijzen en kosten in de VRC. Daartoe heeft zij gebruikgemaakt van het beschikbare bewijsmateriaal in het dossier, met inbegrip van het bewijsmateriaal in het rapport, dat gebaseerd is op openbaar beschikbare bronnen. Bij deze analyse is niet alleen gekeken naar het aanzienlijke overheidsingrijpen in de economie van de VRC in het algemeen, maar ook naar de specifieke marktsituatie in de sector waar het onderzochte product toe behoort. De Commissie heeft deze bewijselementen verder aangevuld met haar eigen onderzoek naar de verschillende criteria die relevant zijn om het bestaan van verstoringen van betekenis in de VRC te bevestigen.

(59)

De Commissie stelde vast dat de markt voor naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal in de VRC in aanzienlijke mate wordt bediend door ondernemingen die staatseigendom zijn en aan de controle, het beleidstoezicht of beleidsadvies van de autoriteiten van het exporterende land onderworpen zijn omdat overheidscontrole en -ingrijpen in de sector van staal en buizen wijdverbreid is. Veel van de grote producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal zijn in handen van de staat. Het beschikbare bewijsmateriaal wijst er dus op dat producenten van buizen en pijpen van roestvrij staal in de VRC in dezelfde mate in handen zijn van de Chinese overheid en onderworpen zijn aan de controle, het beleidstoezicht of beleidsadvies van de Chinese overheid, en dus niet volgens de marktbeginselen opereren.

(60)

Wat betreft de vraag of de Chinese overheid zich via de overheidsaanwezigheid in bedrijven kan mengen in de prijzen en kosten in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), tweede streepje, van de basisverordening, is tijdens het onderzoek vastgesteld dat er persoonlijke banden bestaan tussen producenten van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC en de CCP: zo is de voorzitter van de raad van bestuur van Baoshan Iron and Steel (27) tevens secretaris van het partijcomité; de voorzitter van de raad van bestuur van Anhui Jinan Steel (28) is tevens secretaris van het partijcomité; en de algemeen manager van Baofeng Steel Group (29) is tevens secretaris van het partijcomité. De Chinese overheid verkeert derhalve inderdaad in een positie om zich te mengen in de prijzen en kosten in deze bedrijfstak.

(61)

Verder wordt in de sector voor naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal een beleid gehanteerd dat discrimineert ten gunste van binnenlandse producenten of dat anderszins de markt beïnvloedt in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), derde streepje, van de basisverordening. Tijdens het onderzoek werd een aantal documenten gevonden waaruit blijkt dat het onderzochte product profiteert van richtsnoeren en ingrijpen van de overheid in de ijzer- en staalsector, aangezien naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal een van de subsectoren van deze sector vormen.

(62)

De Chinese overheid beschouwt de ijzer- en staalindustrie nog steeds als een sleutelindustrie (30). Dit wordt bevestigd in de talrijke op de sector gerichte plannen, richtlijnen en andere documenten die op nationaal, regionaal en stedelijk/gemeentelijk niveau worden gepubliceerd. In het kader van het 14e vijfjarenplan heeft de Chinese overheid de ijzer- en staalindustrie aangewezen voor transformatie en modernisering, alsmede voor optimalisering en structurele aanpassing (31). Evenzo wordt de sector in het 14e vijfjarenplan voor de ontwikkeling van de grondstoffenindustrie, dat ook van toepassing is op de ijzer- en staalindustrie, genoemd als het “fundament van de reële economie” en “een sleutelgebied dat het internationale concurrentievoordeel van China vormgeeft”, en worden een aantal doelstellingen en werkmethoden vastgesteld die de ontwikkeling van de sector in de periode 2021-2025 zouden stimuleren, zoals een technologische upgrade ter verbetering van de structuur van de sector (niet in de laatste plaats door verdere bedrijfsconcentraties) of een digitale transformatie (32). Bovendien blijkt uit het werkplan voor de stabiele groei van de staalindustrie hoe de focus van de Chinese autoriteiten op de sector in de bredere context van sturing van de Chinese economie door de Chinese overheid wordt geplaatst: “Staalbedrijven ondersteunen om de behoeften aan nieuwe infrastructuur, nieuwe verstedelijking, heropleving van het platteland en opkomende industrieën nauwlettend te volgen, koppelen met grote civieltechnische projecten in het kader van het 14e vijfjarenplan in verschillende regio’s, en alles in het werk stellen om de staalvoorziening te waarborgen. Mechanismen voor samenwerking stroomopwaarts en stroomafwaarts opzetten en verdiepen tussen staalsectoren en belangrijke staalverbruikende sectoren zoals scheepsbouw, vervoer, bouw, energie, voertuigen, huishoudelijke apparaten, landbouwmachines en zware machines, activiteiten verrichten om vraag en productie op elkaar af te stemmen, en de toepassingsgebieden voor staal actief uitbreiden.” (33).

(63)

Met betrekking tot ijzererts — een grondstof die wordt gebruikt voor de productie van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal — is de staat volgens het 14e vijfjarenplan voor de ontwikkeling van de grondstoffenindustrie bovendien voornemens “binnenlandse minerale hulpbronnen rationeel te ontwikkelen; de exploratie van ijzererts te versterken […], een preferentieel belastingbeleid uit te voeren en de invoering van geavanceerde technologie en apparatuur aan te moedigen om de productie van vast afval in de mijnbouw terug te dringen” (34), hetgeen zal leiden tot het opzetten van een systeem voor het creëren van output uit ijzerertsreserves en minerale gronden dat “een belangrijke maatregel zal worden om de marktprijs van ijzererts te stabiliseren en de veiligheid van de industriële keten te waarborgen” (35). In provincies als Hebei voorzien de autoriteiten het volgende voor de sector: “een subsidie in de vorm van kortingen voor investeringen in nieuwe projecten; financiële instellingen onderzoeken en begeleiden om leningen tegen lage rente te verstrekken aan ijzer- en staalondernemingen om over te stappen op nieuwe industrieën, en tegelijkertijd zal de overheid kortingsubsidies verstrekken” (36). Samengevat heeft de Chinese overheid maatregelen getroffen om marktdeelnemers ertoe te bewegen zich aan de doelstellingen van het overheidsbeleid te houden, namelijk om aangemoedigde bedrijfstakken te ondersteunen, waaronder de productie van de belangrijkste grondstoffen voor de vervaardiging van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC. Dergelijke maatregelen belemmeren de vrije marktwerking.

(64)

De Commissie stelde vast dat er sprake is van discriminerende toepassing en ontoereikende handhaving van de faillissements- en eigendomswetgeving, vooral met betrekking tot grond, in de VRC.

(65)

De sector naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal wordt ook beïnvloed door verstoringen van de loonkosten in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), vijfde streepje, van de basisverordening, zoals reeds vermeld in de overwegingen 56 en 57. De sector staat zowel direct (bij het vervaardigen van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal of de belangrijkste basisproducten) als indirect (bij het krijgen van toegang tot basisproducten van ondernemingen die in de VRC aan hetzelfde arbeidsrechtstelsel onderworpen zijn) bloot aan verstoringen (37).

(66)

Bovendien is in het onderhavige onderzoek geen bewijsmateriaal overgelegd waaruit blijkt dat de sector van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal niet wordt beïnvloed door overheidsingrijpen in het financiële stelsel in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), zesde streepje, van de basisverordening, zoals ook vermeld in de overwegingen 46 tot en met 58. Dit soort overheidsingrijpen wordt ook zeer goed geïllustreerd in het bovengenoemde werkplan voor de stabiele groei (zie overweging 46): “Financiële instellingen aanmoedigen actief financiële diensten te verlenen aan staalondernemingen die fusies en overnames, aanpassingen aan de indeling van de sector, transformatie en modernisering tot stand brengen, in overeenstemming met de beginselen van risicobeheersing en duurzaamheid van bedrijven.”. Daarom leidt het aanzienlijke overheidsingrijpen in het financiële stelsel ertoe dat de marktomstandigheden op alle niveaus sterk worden beïnvloed.

(67)

Tot slot herinnert de Commissie eraan dat voor de productie van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal een aantal basisproducten nodig is. Wanneer de producenten van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal deze basisproducten inkopen of daarvoor een contract sluiten, zijn de prijzen die zij betalen (en die als hun kosten worden geregistreerd) duidelijk blootgesteld aan dezelfde systemische verstoringen als die welke hierboven zijn genoemd. Zo zetten leveranciers van basisproducten bijvoorbeeld arbeidskrachten in die aan de verstoringen onderhevig zijn. Zij kunnen geld lenen dat onderhevig is aan de verstoringen in de financiële sector/kapitaaltoewijzing. Daarnaast zijn zij onderworpen aan het planningssysteem dat van toepassing is op alle overheidsniveaus en sectoren.

(68)

Dientengevolge zijn niet alleen de binnenlandse verkoopprijzen van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal ongeschikt om te worden gebruikt in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening, maar geldt dat ook voor alle kosten voor basisproducten (waaronder grondstoffen, energie, grond, financiering, arbeid enz.), omdat de prijsvorming ervan wordt beïnvloed door aanzienlijk overheidsingrijpen, zoals beschreven in de delen I en II van het rapport. Het overheidsingrijpen dat met betrekking tot de toewijzing van kapitaal, grond, arbeid, energie en grondstoffen is beschreven, vindt inderdaad plaats in de gehele VRC. Dit betekent bijvoorbeeld dat een basisproduct dat zelf in de VRC is geproduceerd door de combinatie van een reeks productiefactoren, aan verstoringen van betekenis onderhevig is. Hetzelfde geldt voor het basisproduct dat als input dient voor het basisproduct enz.

(69)

Samengevat is uit het beschikbare bewijsmateriaal gebleken dat de prijzen en kosten van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC, waaronder de kosten van grondstoffen, energie en arbeid, niet door vrije marktwerking tot stand zijn gekomen, omdat zij worden beïnvloed door aanzienlijk overheidsingrijpen in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening, zoals blijkt uit de daadwerkelijke of mogelijke gevolgen van een of meer van de daarin genoemde relevante factoren. Op grond daarvan, en gezien het gebrek aan medewerking van de Chinese overheid, concludeerde de Commissie dat het in dit geval niet passend is om voor het vaststellen van de normale waarde gebruik te maken van de binnenlandse prijzen en kosten. Bijgevolg heeft de Commissie de normale waarde uitsluitend berekend aan de hand van productie- en verkoopkosten waarin niet-verstoorde prijzen of benchmarks tot uitdrukking komen, dat wil zeggen in dit geval aan de hand van de overeenkomstige productie- en verkoopkosten in een passend representatief land in overeenstemming met artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening, zoals beschreven in het volgende punt.

3.4.1.   Representatief land

3.4.1.1.   Algemene opmerkingen

(70)

De keuze van het representatieve land is gebaseerd op de volgende criteria in artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening:

een niveau van economische ontwikkeling dat vergelijkbaar is met dat van de VRC. Hiertoe heeft de Commissie aan de hand van de databank van de Wereldbank (38) landen onderzocht met een bruto nationaal inkomen per inwoner dat vergelijkbaar is met dat van de VRC;

productie van het onderzochte product in dat land (39);

beschikbaarheid van relevante openbare gegevens in het representatieve land;

wanneer er sprake is van meer dan één mogelijk representatief land, moet, indien van toepassing, de voorkeur worden gegeven aan het land met een toereikend niveau van sociale en milieubescherming.

(71)

Zoals toegelicht in overweging 41, heeft de Commissie op 5 december 2023 een mededeling voor het dossier aangaande de bronnen voor de vaststelling van de normale waarde (de “mededeling inzake productiefactoren”) bekendgemaakt. In de mededeling werden de feiten en bewijsstukken beschreven die ten grondslag liggen aan de relevante criteria en werden de belanghebbenden geïnformeerd over het voornemen om Mexico als een geschikt representatief land te beschouwen.

(72)

Overeenkomstig de criteria van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening heeft de Commissie Mexico aangemerkt als een land met een vergelijkbaar niveau van economische ontwikkeling als de VRC. Mexico wordt door de Wereldbank op basis van het bruto nationaal inkomen ingedeeld als “hogermiddeninkomensland”. Bovendien werd Mexico aangemerkt als een land waar een product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product wordt geproduceerd en waar onmiddellijk relevante gegevens beschikbaar zijn.

(73)

Ten slotte hoefde er gezien het gebrek aan medewerking en aangezien was vastgesteld dat Mexico op grond van alle bovenstaande factoren een geschikt representatief land was, geen beoordeling van het niveau van sociale en milieubescherming plaats te vinden overeenkomstig artikel 2, lid 6 bis, punt a), eerste streepje, laatste zin, van de basisverordening.

3.4.1.2.   Conclusie

(74)

Bij gebrek aan medewerking heeft de Commissie, zoals voorgesteld in het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen en aangezien Mexico voldeed aan de criteria van artikel 2, lid 6 bis, punt a), eerste streepje, van de basisverordening, Mexico als geschikt representatief land geselecteerd.

3.4.2.   Bronnen aan de hand waarvan de niet-verstoorde kosten worden vastgesteld

(75)

In de mededeling over de relevante bronnen voor de vaststelling van de normale waarde lichtte de Commissie toe dat zij, vanwege het gebrek aan medewerking, overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening moest vertrouwen op gegevens die beschikbaar waren. Het representatieve land werd gekozen op basis van de informatie in het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, in combinatie met andere informatiebronnen die volgens de relevante criteria van artikel 2, lid 6 bis, van de basisverordening passend werden geacht om de niet-verstoorde kosten van de productiefactoren vast te stellen, waaronder de Global Trade Atlas (GTA). Daarnaast verklaarde de Commissie dat zij gebruik zou maken van gegevens over de industriële elektriciteitsprijzen die tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek golden in Mexico, zoals in rekening gebracht door een van de grootste elektriciteitsleveranciers in Mexico, de Comisión Federal de Electricidad (40), de referentieprijs van gas in Mexico voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek, zoals gepubliceerd door de Comisión Reguladora de Energía (41), en openbaar beschikbare gegevens van het Instituto Nacional de Estadística y Geografía (42), gepubliceerd door de Mexicaanse overheid, die betrekking hebben op het tijdvak van het nieuwe onderzoek.

(76)

De Commissie nam een waarde voor de overhead-productiekosten op om de kosten te bestrijken die niet in de bovengenoemde productiefactoren zijn opgenomen. De Commissie stelde de verhouding tussen de overhead-productiekosten en de directe productiekosten vast op basis van de gegevens van de producenten in de Unie die de indiener van het verzoek daartoe als specifieke informatie had verstrekt.

(77)

In de mededeling inzake productiefactoren gaf de Commissie aan dat zij voor Mexico, het land waar het product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product (43) werd geproduceerd, de onderneming Tenaris als producent had geïdentificeerd. Naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal worden in aanzienlijke hoeveelheden in Mexico geproduceerd, naar verluidt via een soortgelijk productieproces. Ook moet worden opgemerkt dat de productie van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal in 2022 werd overgebracht van Tenaris Japan naar Tenaris Mexico. Daarom vond er gedurende een deel van het tijdvak van het nieuwe onderzoek enige productie van het onderzochte product plaats in Mexico, maar niet voor commerciële activiteiten.

(78)

Uit de analyse van de invoergegevens bleek dat Mexico als geschikt representatief land kon worden gebruikt, aangezien zijn invoer van de belangrijkste productiefactoren (blokken en kokers) niet wezenlijk werd beïnvloed door invoer uit de VRC of uit een van de landen vermeld in bijlage I bij Verordening (EU) 2015/755 van het Europees Parlement en de Raad (44).

(79)

In het licht van bovenstaande overwegingen deelde de Commissie de belanghebbenden mee dat zij voornemens was Mexico als passend representatief land en de onderneming Tenaris Mexico (Tenaris Tamsa) overeenkomstig artikel 2, lid 6 bis, punt a), eerste streepje, van de basisverordening te gebruiken om niet-verstoorde prijzen of benchmarks te verkrijgen voor de berekening van de normale waarde.

(80)

De belanghebbenden werd verzocht opmerkingen in te dienen over de geschiktheid van Mexico als representatief land en van Tenaris als producent in het representatieve land.

(81)

BSS diende op 19 december 2023 opmerkingen in, voerde aan dat Mexico geen geschikt representatief land was omdat er tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek in Mexico geen productie van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal plaats had gevonden, beweerde dat de Commissie geen andere mogelijke representatieve landen in overweging had genomen, en voerde aan dat de Mexicaanse markt geen open markt was, dat de door Mexico uitgevoerde naadloze pijpen van roestvrij staal onderworpen waren aan antidumpingmaatregelen in de Verenigde Staten en dat er in Mexico geen representatieve en betrouwbare gegevens voorhanden waren. Het bedrijf voerde ook aan dat Thailand en India betere representatieve landen zouden zijn. BSS beweerde dat de invoerhoeveelheden van slechts 2 ton blokken en slechts 2 000 ton kokers niet representatief waren. BSS beweerde ook dat Tenaris Global geen goede bron was voor het bepalen van de VAA-kosten en de winst. Tenaris Global, opgericht in Luxemburg, is een holdingmaatschappij die gegevens uit ontwikkelde en ontwikkelingslanden integreert. Als de Commissie deze rekeningen zou gebruiken, zou zij niet voldoen aan de essentiële vereiste om gegevens uit een land met een hoger middeninkomen te gebruiken.

(82)

De Commissie baseerde zich bij de keuze van het representatieve land op de productie in Mexico van naadloze pijpen van koolstofstaal, een product in dezelfde algemene categorie als naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, omdat er tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek in geen enkel land met een hoger middeninkomen sprake was van productie van het onderzochte product. De Commissie stelde vast dat Thailand geen naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal produceert en dat India niet in dezelfde categorie van economische ontwikkeling (hogere middeninkomens) valt als de VRC.

(83)

De Commissie overwoog Argentinië als alternatief, maar kwam tot de conclusie dat de relevante gegevens niet direct beschikbaar waren.

(84)

De Commissie stelde vast dat er in Mexico geen antidumpingmaatregelen van toepassing zijn op de basisproducten voor de productie van buizen van roestvrij staal, d.w.z. blokken of knuppels. De door BSS genoemde gevallen van antidumping hebben derhalve geen directe invloed op de berekende normale waarde. Wat de indirecte gevolgen betreft, wordt de staalmarkt in vrijwel elk producerend land, ook in de EU, beïnvloed door handelsbeschermingsmaatregelen. Het enkele bestaan van deze maatregelen mag geen reden zijn om het land uit te sluiten om door de Commissie als mogelijk representatief land te worden overwogen.

(85)

De Commissie stelde vast dat deze Amerikaanse maatregelen geen directe invloed hebben op de berekende normale waarde. De indirecte impact, d.w.z. een mogelijk effect op de winstgevendheid van het bedrijf (verkopen tegen dumpingprijzen op de Amerikaanse markt kan een lagere winst/geen winst opleveren), is in feite gunstig voor Chinese producenten-exporteurs, omdat hierdoor de winstmarge wordt verlaagd die aan de productiekosten wordt toegevoegd.

(86)

De Commissie erkende in de mededeling inzake productiefactoren dat de invoer van roestvrijstalen blokken in Mexico laag is. Niettemin achtte de Commissie de prijs ervan representatief, ook omdat BSS geen bewijsmateriaal verstrekte waarom de invoerprijzen dat niet zouden zijn.

(87)

BSS beweerde dat er in Thailand naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal worden geproduceerd door TSP Precision Steel Tube Manufacturing (Thailand) Co., Ltd (“TSP”) en dat Tubacex Awaji roestvrijstalen fittingen vervaardigt. In India identificeerde BSS een groot aantal producenten en het bedrijf voerde aan dat de Commissie bij het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen voor molybdeendraad India als representatief land had gebruikt, ondanks het feit dat het een land met een lager middeninkomen is (45).

(88)

De Commissie stelde vast dat BSS geen enkel bewijs heeft geleverd dat TSP naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal produceerde. Ook is uit het onderzoek niet gebleken dat TSP producten van roestvrij staal produceerde. De door Tubacex Awaji geproduceerde buisfittingen kunnen niet worden geacht tot dezelfde algemene productcategorie als buizen en pijpen van roestvrij staal te behoren. Het productieproces verschilt enorm: fittingen met grote diameter worden vervaardigd uit stalen platen in plaats van stalen pijpen en voor de productie wordt een specifieke hydraulische uitstulpingsmethode gebruikt. Het gebruik van India als representatief land voor het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen voor molybdeendraad was een uitzonderlijk geval, zoals specifiek werd vermeld in de verordening (46). Het kan daarom niet als precedent worden gebruikt om te betogen dat India ook in dit geval in aanmerking moet worden genomen.

(89)

BSS beweerde ook dat Tenaris Global geen goede bron was voor het bepalen van de VAA-kosten en de winst. De Commissie stelde vast dat in de rekeningen van Tenaris Global geen gegevens met betrekking tot de vervaardiging van naadloze pijpen van roestvrij staal in Mexico konden worden geïsoleerd. De Tenaris-groep blijft echter een van de belangrijkste producenten van buizen en pijpen ter wereld. Haar financiële rekeningen worden gecontroleerd en zijn openbaar beschikbaar. Het is onmogelijk om de VVA-kosten en winst alleen in de gepubliceerde rekeningen van welk bedrijf dan ook aan de productie van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal toe te wijzen, aangezien deze bedrijven in de regel bij de productie verschillende staalsoorten gebruiken en vaak ook gelaste buizen vervaardigen. Tenaris vervaardigt buizen en pijpen in Latijns-Amerika, de Verenigde Staten, West-Afrika, China, Australië, de EU en het Midden-Oosten. De VAA-kosten en winstcijfers zijn weliswaar niet specifiek voor Mexico alleen, maar geven toch een representatieve dwarsdoorsnede van de sector weer.

(90)

Om de in de overwegingen 81 tot en met 88 genoemde redenen werden de argumenten van BSS afgewezen.

(91)

Gezien bovenstaande analyse voldeed Mexico aan de in artikel 2, lid 6 bis, punt a), eerste streepje, van de basisverordening vermelde criteria om als geschikt representatief land te worden beschouwd.

3.4.3.   Niet-verstoorde kosten en benchmarks

3.4.3.1.   Productiefactoren

(92)

Rekening houdend met alle informatie op basis van het verzoek en na analyse van de opmerkingen van belanghebbenden, waaronder die van BSS, stelde de Commissie vast dat het productieproces begint met roestvrijstalen blokken of, verder stroomafwaarts, met kokers of moederbuizen van roestvrij staal (47). Gezien het bovenstaande werden de volgende productiefactoren en de bijbehorende bronnen geïdentificeerd om de normale waarde vast te stellen overeenkomstig artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening:

Tabel 1

Productiefactoren van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal

Productiefactor

HS-code

Gegevensbron

Meeteenheid

Grondstoffen

 

 

 

Roestvrijstalen blokken (knuppels)

72181000 00

Global Trade Atlas (48) (GTA)

Ton

Energie

 

 

 

Elektriciteit

N.v.t.

Comisión Federal de Electricidad (49)

kWh

Aardgas

N.v.t.

Comisión Reguladora de Energía (50)

kWh

Arbeid

 

 

 

Directe loonkosten

N.v.t.

Instituto Nacional de Estadística y Geografía (INEGI) (51)

EUR/uur

3.4.3.2.   Grondstoffen

(93)

Voor de vaststelling van de niet-verstoorde prijs van grondstoffen als geleverd aan de fabriekspoort van een producent in het representatieve land, gebruikte de Commissie als basis de gewogen gemiddelde invoerprijs voor het representatieve land, zoals vermeld in de GTA, waarbij invoerrechten werden opgeteld. Er werd een prijs bij invoer in het representatieve land vastgesteld als gewogen gemiddelde van de eenheidsprijzen van invoer uit alle derde landen met uitzondering van de VRC en de in bijlage I bij Verordening (EU) 2015/755 genoemde landen die geen lid zijn van de WTO. De Commissie besloot de invoer uit de VRC in het representatieve land uit te sluiten, aangezien zij in overweging 75 tot de conclusie is gekomen dat het wegens de aanwezigheid van verstoringen van betekenis in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt b), van de basisverordening niet passend was om de binnenlandse prijzen en kosten in de VRC te gebruiken. Aangezien er geen bewijsmateriaal is waaruit blijkt dat dezelfde verstoringen niet gelijkelijk gevolgen hebben voor de voor uitvoer bestemde producten, was de Commissie van mening dat die verstoringen ook gevolgen hadden voor de uitvoerprijzen. Na uitsluiting van de invoer uit de VRC en landen die geen lid zijn van de WTO in het representatieve land, bleef het volume van de invoer uit andere derde landen representatief.

(94)

Normaliter moeten bij deze invoerprijzen ook de prijzen voor binnenlands vervoer worden opgeteld. Gezien de bevinding in punt 3.4 en de aard van dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, dat bedoeld is om vast te stellen of de dumping in het tijdvak van het nieuwe onderzoek werd voortgezet of zich opnieuw zou kunnen voordoen en niet om de exacte omvang daarvan te bepalen, besloot de Commissie echter dat een correctie voor binnenlands vervoer niet nodig was. Een dergelijke correctie zou slechts leiden tot een verhoging van de normale waarde en derhalve van de dumpingmarge.

3.4.3.3.   Arbeid

(95)

De Commissie gebruikte de meest recente openbaar beschikbare gegevens van het Instituto Nacional de Estadística y Geografía die door de Mexicaanse regering zijn gepubliceerd en die betrekking hebben op het tijdvak van het nieuwe onderzoek. De gemiddelde loonkosten in de sector van de buizen- en pijpenproductie bedragen 5,25 EUR/uur.

(96)

In haar commentaar op de mededeling inzake productiefactoren beweerde BSS dat de Commissie voor de bepaling van de loonkosten een bedrijfsbrede beloning had gekozen, terwijl alleen productiegerelateerde salarissen mochten worden gebruikt. De Commissie was het daarmee eens en besloot voor de berekening het berekende cijfer voor productiegerelateerde salarissen te gebruiken.

3.4.3.4.   Elektriciteit

(97)

De Commissie gebruikte de gegevens over de industriële elektriciteitsprijzen in Mexico tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek, zoals in rekening gebracht door een van de grootste elektriciteitsleveranciers in Mexico, de Comisión Federal de Electricidad. Uit informatie bleek dat de gemiddelde industriële prijs voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek 0,0640 EUR/kWh bedroeg.

3.4.3.5.   Aardgas

(98)

De Commissie gebruikte voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek de referentieprijs voor gas in Mexico, zoals gepubliceerd door de Comisión Reguladora de Energía, om de prijs te bepalen van aardgas dat aan industriële gebruikers wordt geleverd. De toepasselijke eenheidskosten worden geschat op 0,0209 EUR/kWh.

3.4.3.6.   Overhead-productiekosten, VAA-kosten, winst en afschrijving

(99)

Artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening bepaalt: “De door berekening vastgestelde normale waarde omvat een niet-verstoord en redelijk bedrag voor administratiekosten, verkoopkosten en algemene kosten en voor winst.”. Bovendien moet een waarde voor de overhead-productiekosten worden vastgesteld om de kosten te bestrijken die niet in de bovengenoemde productiefactoren zijn opgenomen.

(100)

De Commissie merkte Tenaris Mexico (Tenaris Tamsa) aan als producent van een product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product (naadloze buizen en pijpen van koolstofstaal) in Mexico. De financiële gegevens voor Tenaris Mexico zijn beschikbaar. Haar financiële overzichten zijn geïntegreerd in de financiële gegevens van Tenaris Global. Tenaris Global werd eigenaar van Tenaris Mexico na de aankoop van Tubos de Acero de Mexico, SA (TAMSA), een fabrikant. Tenaris Global is een holdingmaatschappij die haar activiteiten uitvoert via dochterondernemingen. Tenaris is in de wereld een toonaangevende fabrikant en leverancier van staalbuisproducten en aanverwante diensten voor de mondiale energie-industrie en andere industriële toepassingen, met industriële activiteiten in Noord- en Zuid-Amerika, Europa, het Midden-Oosten, Azië en Afrika. Hoewel de activiteiten gericht zijn op het bedienen van de olie- en gasindustrie, leveren ze ook pijpen en buiscomponenten voor niet-energetische toepassingen. De Commissie was van oordeel dat het gebruik van de geconsolideerde gegevens van Tenaris Global in dit geval passend was, bij gebrek aan meer gedetailleerde financiële gegevens voor Tenaris Mexico en/of het product in dezelfde algemene categorie als het onderzochte product alleen. Tenaris Global vervaardigt voornamelijk stalen buizen en daarom werden de gegevens als representatief beschouwd voor de sector en het onderzochte product.

(101)

De Commissie stelde na daaropvolgend onderzoek het aandeel van de overhead-productiekosten in de totale productie- en loonkosten vast op basis van de gegevens die de producenten in de Unie in het verzoek hadden verstrekt. Vervolgens werd dit percentage toegepast op de niet-verstoorde waarde van de productiekosten om de niet-verstoorde waarde van de overhead-productiekosten te verkrijgen, afhankelijk van het geproduceerde model.

3.4.4.   Berekening van de normale waarde

(102)

Op basis van het bovenstaande berekende de Commissie de normale waarde overeenkomstig artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening in het stadium af fabriek.

(103)

Ten eerste stelde de Commissie de niet-verstoorde productiekosten vast. Wegens het gebrek aan medewerking van de producenten-exporteurs baseerde de Commissie zich op de informatie die de indiener van het verzoek had verstrekt over het verbruik van elke productiefactor (materialen en arbeid) bij de productie van bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal.

(104)

Nadat de niet-verstoorde productiekosten waren vastgesteld, telde de Commissie daarbij de overhead-productiekosten, de VAA-kosten en de winst op. De overhead-productiekosten werden bepaald op basis van de gegevens die de indiener van het verzoek in het verzoek en tijdens het daaropvolgende onderzoek had verstrekt. De VAA-kosten en de winst werden bepaald op basis van de jaarrekeningen van Tenaris Global voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek, zoals vermeld in de gecontroleerde rekeningen van de onderneming (52). De Commissie telde bij de niet-verstoorde productiekosten de volgende elementen op:

de overhead-productiekosten, die in totaal 13,52 % van de directe kosten van de productie met gebruik van knuppels uitmaakten;

de VAA-kosten en andere kosten, die goed waren voor 23 % van de verkoopkostprijs van Tenaris Global, en

de winst, die 42 % van de door Tenaris Global gerealiseerde verkoopkostprijs bedroeg, die werd toegepast op de totale niet-verstoorde productiekosten.

(105)

Op basis daarvan berekende de Commissie de normale waarde per productsoort af fabriek overeenkomstig artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening.

3.4.5.   Voortzetting van dumping

(106)

Bij gebrek aan medewerking van Chinese producenten-exporteurs werd de uitvoerprijs overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening vastgesteld aan de hand van de beschikbare gegevens. De Commissie gebruikte statistische informatie (databank van artikel 14, lid 6) om de uitvoerprijzen te bepalen. De vergelijking van de uitvoerprijs en de normale waarde resulteerde in een aanzienlijke dumpingmarge. Zelfs indien er geen winst zou worden toegevoegd aan de normale waarde zoals hierboven vastgesteld, zou de dumpingmarge aanzienlijk zijn.

3.4.6.   Waarschijnlijkheid van voortzetting van dumping

(107)

De Commissie onderzocht verder of het waarschijnlijk is dat de dumping zou worden voortgezet indien de maatregelen komen te vervallen. Daarbij werden de volgende elementen geanalyseerd: de productiecapaciteit en reservecapaciteit in de VRC en de aantrekkelijkheid van de markt van de Unie.

3.4.6.1.   Productiecapaciteit en reservecapaciteit in de VRC

(108)

Bij gebrek aan medewerking van de producenten-exporteurs in de VRC baseerde de Commissie haar bevindingen met betrekking tot de capaciteit van de producenten-exporteurs in de VRC op de beschikbare gegevens en de informatie in het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, alsook op andere beschikbare bronnen.

(109)

De industrie van naadloze buizen in de VRC is de grootste ter wereld, met een totale productiecapaciteit die gelijk is aan het mondiale verbruik. Wat specifiek de naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal betreft, beschikten de zeven grootste Chinese producenten in het tijdvak van het nieuwe onderzoek over bijna 100 000 ton aan reservecapaciteit, ongeveer de omvang van de markt van de Unie (53).

(110)

Op grond hiervan is het waarschijnlijk dat de Chinese producenten bij het vervallen van de maatregelen een grote reservecapaciteit hebben die zij naar de markt van de Unie kunnen verleggen en tegen dumpingprijzen kunnen verkopen.

3.4.6.2.   Aantrekkelijkheid van de markt van de Unie

(111)

De EU-markt blijft een zeer aantrekkelijke bestemming voor de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal. Het product heeft een hoog gemiddeld prijsniveau, klanten staan erom bekend naar behoren te betalen, er zijn voldoende opslag- en distributiefaciliteiten, en de EU kent een hoog niveau van industriële consumptie. Bovendien heeft China te maken met een antidumpingrecht van 25 % in de Verenigde Staten, een belangrijke markt, en sinds september 2022 ook met nieuwe antidumpingmaatregelen in India. De Verenigde Staten en India waren de twee belangrijkste uitvoerbestemmingen voor Chinese exporteurs.

(112)

In het licht van het bovenstaande concludeerde de Commissie dat de markt van de Unie een aantrekkelijk doelwit vormt voor de bestaande reservecapaciteit in de VRC als de antidumpingmaatregelen zouden worden ingetrokken en dat de bestaande vrijwaringsmaatregelen in de Unie voldoende ruimte zouden laten voor een aanzienlijke toename van de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC, aangezien in het tijdvak van het nieuwe onderzoek slechts 56 % van de tariefcontingenten is gebruikt.

3.4.6.3.   Conclusie betreffende de waarschijnlijkheid van voortzetting van dumping

(113)

In het licht van de bevindingen inzake dumping, de reservecapaciteit en de aantrekkelijkheid van de markt van de Unie ten aanzien van de omvang en prijzen, concludeerde de Commissie dat het waarschijnlijk is dat de dumping zal worden voortgezet als de maatregelen komen te vervallen.

4.   SCHADE

4.1.   Omschrijving van de bedrijfstak van de Unie en de productie in de Unie

(114)

Volgens de indiener van het verzoek werd het soortgelijke product in de beoordelingsperiode vervaardigd door zeven producenten in de Unie. Zij vormen de “bedrijfstak van de Unie” in de zin van artikel 4, lid 1, van de basisverordening.

(115)

De totale productie in de Unie van het onderzochte product in het tijdvak van het nieuwe onderzoek werd vastgesteld op ongeveer 68 000 ton. De Commissie stelde dit cijfer vast op basis van alle beschikbare informatie met betrekking tot de bedrijfstak van de Unie, zoals het verzoek om een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen, de geverifieerde antwoorden op de vragenlijst en de antwoorden op de macrovragenlijst zoals ingediend door ESTA. Zoals in overweging 11 is vermeld, vertegenwoordigden de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie samen 46 % van de totale productie van het soortgelijke product in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek.

4.2.   Verbruik in de Unie

(116)

De Commissie stelde het verbruik in de Unie vast op basis van i) het verkoopvolume van de bedrijfstak van de Unie op de markt van de Unie op basis van door de indiener van het verzoek verstrekte gegevens, en ii) de invoer uit derde landen op basis van de databank van Eurostat.

(117)

Het verbruik in de Unie ontwikkelde zich als volgt:

Tabel 2

Verbruik in de Unie (ton)

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Verbruik in de Unie

101 694

77 128

82 003

92 105

Index

100

76

81

91

Bron: Eurostat, antwoorden van ESTA op de macrovragenlijst.

(118)

De totale consumptie in de Unie daalde in 2020 scherp met 24 % als gevolg van een inkrimping van de vraag als gevolg van de COVID-19-pandemie, en steeg vervolgens in 2021 licht met 5 %. Deze lichte stijging werd gevolgd door een goed herstel tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek, onder invloed van het herstel van de vraag naar naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, maar het verbruik lag nog steeds 9 % onder het niveau van 2019.

4.3.   Invoer uit het betrokken land

4.3.1.   Omvang en marktaandeel van de invoer uit het betrokken land

(119)

De Commissie stelde de omvang van de invoer vast op basis van de databank van Eurostat. Het marktaandeel van de invoer werd vastgesteld door het invoervolume te vergelijken met het verbruik op de markt van de Unie, zoals vermeld in tabel 2.

(120)

De invoer in de Unie uit het betrokken land ontwikkelde zich als volgt:

Tabel 3

Invoervolume (ton), marktaandeel en prijzen (EUR/ton)

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Omvang van de invoer uit de VRC

4 535

3 896

5 461

5 633

Index

100

86

120

124

Prijzen van invoer uit de VRC

3 843

3 536

4 193

5 894

Index

100

92

109

153

Marktaandeel van de VRC

4  %

5  %

7  %

6  %

Index

100

113

149

137

Bron: Eurostat, antwoorden van ESTA op de macrovragenlijst.

(121)

Aan het begin van de beoordelingsperiode, van 2019 tot en met 2020, zagen de Chinese producenten-exporteurs het verkoopvolume op de markt van de Unie met 14 % dalen, ten gevolge van de daling van het verbruik in de Unie in dezelfde periode. Deze daling werd gevolgd door een scherpe stijging in 2021 en tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek, resulterend in een algemene stijging van het verkoopvolume op de markt van de Unie tijdens de beoordelingsperiode met 24 %.

(122)

Ondanks de geldende antidumpingmaatregelen konden de Chinese producenten-exporteurs hun marktaandeel tijdens de beoordelingsperiode niet alleen behouden, maar zelfs vergroten, van 4 % in 2019 tot 6 % in het tijdvak van het nieuwe onderzoek. De stijging vond plaats terwijl het verbruik in de Unie in dezelfde periode met 9 % daalde, zoals vermeld in overweging 118.

4.3.2.   Prijzen van de invoer uit het betrokken land en prijsonderbieding

(123)

Wegens het gebrek aan medewerking van de VRC stelde de Commissie de prijzen van de invoer vast op basis van de statistische gegevens van Eurostat. De prijsonderbieding voor de ingevoerde producten werd op dezelfde basis vastgesteld.

(124)

De prijzen voor invoer uit de VRC stegen tijdens de beoordelingsperiode aanzienlijk met 53 %. Niettemin bleven deze prijzen tijdens de beoordelingsperiode voortdurend ver onder de prijzen van de invoer uit andere derde landen in de Unie, zoals vermeld in overweging 128, en zelfs nog verder onder de verkoopprijzen van de bedrijfstak van de Unie, zoals vermeld in overweging 148.

(125)

Omdat gebruik moest worden gemaakt van statistische gegevens, kon slechts een gemiddelde prijs per ton voor een grote verscheidenheid aan productsoorten worden vastgesteld.

(126)

De op deze wijze vastgestelde prijs voor uitvoer uit de VRC werd vergeleken met de gewogen gemiddelde verkoopprijzen die de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek in rekening brachten aan afnemers op de markt van de Unie, gecorrigeerd tot het niveau af fabriek.

(127)

Het resultaat van de vergelijking werd uitgedrukt als een percentage van de theoretische omzet van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek. Hieruit bleek dat de prijzen voor uitvoer uit de VRC naar de Unie gemiddeld genomen ongeveer 51 % lager waren dan de gemiddelde prijzen van de bedrijfstak van de Unie.

(128)

De invoer van het onderzochte product uit andere derde landen ontwikkelde zich als volgt:

Tabel 4

Invoer uit derde landen

Land

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Totaal van alle derde landen behalve de VRC

Volume (ton)

54 846

44 527

51 922

40 649

 

Index

100

81

95

74

 

Marktaandeel

54  %

58  %

63  %

44  %

 

Gemiddelde prijs (EUR/ton)

7 070

6 651

7 052

9 864

 

Index

100

94

100

140

India

Volume (ton)

23 715

16 773

21 263

22 656

 

Marktaandeel

23  %

22  %

26  %

25  %

 

Gemiddelde prijs

5 837

5 561

5 606

8 255

Oekraïne

Volume (ton)

14 425

13 710

14 202

6 779

 

Marktaandeel

14  %

18  %

17  %

7  %

 

Gemiddelde prijs

7 102

7 328

7 704

12 267

Bron: Eurostat.

(129)

De invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal uit andere derde landen dan de VRC was in 2019 goed voor een marktaandeel van 54 %, waarvan bijna de helft afkomstig was uit India. De invoer uit derde landen, met uitzondering van de VRC, daalde tijdens de beoordelingsperiode en lag in het tijdvak van het nieuwe onderzoek op ongeveer 44 %. De gemiddelde prijzen van deze invoer lagen gedurende de beoordelingsperiode onder de gemiddelde verkoopprijzen van de bedrijfstak van de Unie.

4.4.   Economische situatie van de bedrijfstak van de Unie

4.4.1.   Algemene opmerkingen

(130)

De beoordeling van de economische situatie van de bedrijfstak van de Unie omvatte een evaluatie van alle economische indicatoren die in de beoordelingsperiode op de situatie van de bedrijfstak van de Unie van invloed waren.

(131)

Zoals vermeld in overweging 11, is de economische situatie van de bedrijfstak van de Unie beoordeeld aan de hand van een steekproef.

(132)

Voor het onderzoek naar de schade maakte de Commissie onderscheid tussen macro- en micro-economische schade-indicatoren. De Commissie beoordeelde de macro-economische indicatoren op basis van door ESTA verschafte gegevens. De gegevens hebben betrekking op alle bekende producenten in de Unie. De Commissie evalueerde de micro-economische indicatoren op basis van de gegevens die de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie in de gecontroleerde antwoorden op de vragenlijst hadden verstrekt. Beide reeksen gegevens bleken representatief voor de economische situatie van de bedrijfstak van de Unie.

(133)

De macro-economische indicatoren zijn: productie, productiecapaciteit, bezettingsgraad, verkoopvolume, marktaandeel, groei, voorraden, werkgelegenheid, productiviteit, hoogte van de dumpingmarge en herstel van dumping in het verleden.

(134)

De micro-economische indicatoren zijn: gemiddelde eenheidsprijzen, kosten per eenheid, loonkosten, winstgevendheid, kasstroom, investeringen, rendement van investeringen en vermogen om kapitaal aan te trekken.

4.4.2.   Macro-economische indicatoren

4.4.2.1.   Productie, productiecapaciteit en bezettingsgraad

(135)

De totale productie in de Unie, de productiecapaciteit en de bezettingsgraad in de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 5

Productie, productiecapaciteit en bezettingsgraad

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Productievolume (ton)

75 741

63 271

53 745

67 905

Index

100

84

71

90

Productiecapaciteit (ton)

148 344

146 184

135 184

135 184

Index

100

99

91

91

Bezettingsgraad

51  %

43  %

40  %

50  %

Index

100

85

78

98

Bron: Antwoorden van ESTA op de macrovragenlijst.

(136)

Het productievolume van de bedrijfstak van de Unie volgde een trend die vergelijkbaar was met het totale verbruik in de Unie, te beginnen met een aanzienlijke daling in 2020, gevolgd door een herstel als gevolg van het herstel van de vraag naar naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek, maar nog steeds met een totale daling van 10 % gedurende de beoordelingsperiode.

(137)

De productiecapaciteit van de bedrijfstak van de Unie daalde in de beoordelingsperiode met 9 %. Ondanks de verlaging van de productiecapaciteit volgde ook de bezettingsgraad een negatieve trend: vanaf 2019 tot en met het tijdvak van het nieuwe onderzoek daalde hij met 2 %. De daling van de bezettingsgraad was een gevolg van een productiedaling aan het begin van de pandemie die kon worden toegeschreven aan een inkrimping van de vraag. De aanzienlijke productiedaling hield aan, met name in de eerste maanden van 2021, voornamelijk als gevolg van de aanhoudende gezondheidscrisis, en werd nog verergerd door een daaropvolgende staking bij een van de betrokken entiteiten. De bedrijfstak van de Unie heeft de strategische keuze gemaakt een lagere capaciteit te handhaven om een betere prijstoeslag te realiseren, gezien de verwachte aanhoudend lage marktvraag.

4.4.2.2.   Verkoopvolume en marktaandeel

(138)

Het verkoopvolume en het marktaandeel van de bedrijfstak van de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 6

Verkoopvolume en marktaandeel (ton)

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Verkoopvolume op de markt van de Unie

47 050

33 863

29 648

48 994

Index

100

72

63

104

Marktaandeel

42  %

37  %

30  %

50  %

Index

100

89

72

120

Bron: Antwoorden van ESTA op de macrovragenlijst.

(139)

Het verkoopvolume van de bedrijfstak van de Unie volgde de trend van het verbruik in de Unie in de beoordelingsperiode. Het volume daalde vanaf 2019 tot en met 2021 om de in overweging 118 uiteengezette redenen aanzienlijk; daarna volgde een krachtig herstel in het tijdvak van het nieuwe onderzoek, resulterend in een totale stijging met 4 % tijdens de beoordelingsperiode.

(140)

In de beoordelingsperiode daalde het marktaandeel van de bedrijfstak van de Unie in termen van het verbruik in de Unie vanaf 2019 tot en met 2021 van 42 % tot 30 % om vervolgens vanaf 2021 tot en met het tijdvak van het nieuwe onderzoek met 20 procentpunten te stijgen tot 50 %. Zoals blijkt uit overweging 128, werd deze stijging verklaard door het feit dat het marktaandeel van de invoer uit andere derde landen dan de VRC vanaf 2019 tot en met het tijdvak van het nieuwe onderzoek met 10 % daalde.

4.4.2.3.   Groei

(141)

Tijdens de beoordelingsperiode werd er door de bedrijfstak van de Unie geen groei in de productie of verkoop gerealiseerd. Dit gebrek aan groei kan worden begrepen als het binnen het bredere mondiale economische landschap wordt geplaatst, en blijkt vooral heel duidelijk uit de groeivertraging van het mondiale bbp tot 2,6 % in 2019, het laagste niveau sinds 2009. Deze economische neergang, die begon vóór de opkomst van de COVID-19-pandemie, leidde in 2020 uiteindelijk tot een wereldwijde recessie.

(142)

Binnen de specifieke sector van naadloze buizen droegen verschillende factoren bij aan de uitdagingen waar de sector mee te kampen had. Met name de huidige transitie naar groene energie had een negatieve invloed op de vraag naar naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal in de olie- en gasindustrie, nog steeds een belangrijke markt voor de producenten in de Unie. Ook was er sprake van een daling van de investeringen, waardoor de problemen van de sector verergerden. Bovendien resulteerde de toenemende invoer van naadloze buizen in de EU in 2019 in een verergering van de situatie, leidend tot een negatief effect op de winstgevendheid in de sector.

4.4.2.4.   Werkgelegenheid en productiviteit

(143)

De werkgelegenheid en de productiviteit ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 7

Werkgelegenheid en productiviteit

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Aantal werknemers

2 520

2 332

2 085

2 266

Index

100

93

83

90

Productiviteit (ton/werknemer)

30

27

26

30

Index

100

90

86

100

Bron: Antwoorden van ESTA op de macrovragenlijst.

(144)

Tussen 2019 en het tijdvak van het nieuwe onderzoek was er een duidelijke correlatie tussen het aantal werknemers dat betrokken was bij de productie van het onderzochte product en het productievolume in de Unie. Gedurende deze periode nam het aantal werknemers in de sector aanzienlijk af, wat vooral duidelijk te zien was vanaf 2019 tot en met 2021. Tijdens het tijdvak van het nieuwe onderzoek werd echter een licht herstel waargenomen. Als gevolg hiervan daalde in de beoordelingsperiode het aantal werknemers dat bij de productie betrokken was met 10 %.

(145)

De productiviteit van de werknemers van de bedrijfstak van de Unie, gemeten als productie per werknemer in ton, bleef in de beoordelingsperiode over het algemeen stabiel.

4.4.2.5.   Hoogte van de dumpingmarge en herstel van eerdere dumping

(146)

De dumping hield in het tijdvak van het nieuwe onderzoek aan, zoals uitgelegd in overweging 106. De aanzienlijke hoeveelheden laaggeprijsde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal die door producenten in de VRC naar de Unie zijn uitgevoerd, hadden negatieve gevolgen voor de resultaten van de bedrijfstak van de Unie op het gebied van concurrentievermogen en winstgevendheid, omdat deze prijzen fors lager waren dan de verkoopprijzen die de bedrijfstak van de Unie aanrekende.

(147)

In de beoordelingsperiode lag het volume van de invoer met dumping uit de VRC echter aanzienlijk lager dan in het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek, zoals uitgelegd in overweging 35. Op basis van deze analyse kan worden geconcludeerd dat het effect van de invoer met dumping op de bedrijfstak van de Unie tijdens de onderzochte periode feitelijk groter was.

4.4.3.   Micro-economische indicatoren

4.4.3.1.   Prijzen en factoren die de prijzen beïnvloeden

(148)

De gemiddelde verkoopprijzen per eenheid van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie voor verkoop aan afnemers in de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 8

Verkoopprijzen en productiekosten in de Unie (EUR/ton)

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Gemiddelde verkoopprijs van de bedrijfstak van de Unie

9 184

9 363

9 882

12 166

Index

100

105

108

132

Productiekosten per eenheid

9 164

10 155

9 632

11 610

Index

100

111

105

127

Bron: Antwoorden van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie op de vragenlijst.

(149)

De gemiddelde verkoopprijzen van de bedrijfstak van de Unie stegen vanaf 2019 tot en met 2021 geleidelijk met 8 % en in het tijdvak van het nieuwe onderzoek drastisch met 32 % ten opzichte van 2019. De ontwikkeling van de verkoopprijzen per eenheid tijdens de beoordelingsperiode werd beïnvloed door de ernstige verstoringen veroorzaakt door de COVID-19-pandemie, kostenstijgingen voor grondstoffen en energie, en een sterke stijging van de vraag.

(150)

Zoals vermeld in overweging 149, volgden de productiekosten per eenheid een soortgelijke trend als de verkoopprijs. Vanaf 2019 tot en met 2021 stegen de productiekosten licht met 5 %, en over de gehele beoordelingsperiode stegen de productiekosten met 27 %. De stijging van de productiekosten per eenheid in de periode van het nieuwe onderzoek werd veroorzaakt door scherpe stijgingen van de prijzen voor energie en grondstoffen als gevolg van een herstel van de mondiale vraag na de COVID-19-pandemie en de militaire agressie in Oekraïne.

4.4.3.2.   Loonkosten

(151)

De gemiddelde loonkosten van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 9

Gemiddelde loonkosten per werknemer

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Gemiddelde loonkosten per werknemer (EUR/vte)

66 702

70 262

66 034

74 768

Index

100

105

99

112

Bron: Antwoorden van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie op de vragenlijst.

(152)

In de beoordelingsperiode stegen de gemiddelde loonkosten per werknemer met 12 %. Hoewel het aantal werknemers in het tijdvak van het nieuwe onderzoek daalde, zoals vermeld in overweging 143, stegen de gemiddelde loonkosten per werknemer ten opzichte van 2019.

4.4.3.3.   Voorraden

(153)

De voorraden van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 10

Voorraden

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Eindvoorraden (ton)

13 790

12 772

15 062

13 957

Index

100

93

109

101

Eindvoorraden als percentage van de productie

18  %

20  %

28  %

21  %

Index

100

111

154

113

Bron: Antwoorden van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie op de vragenlijst.

(154)

Gedurende de beoordelingsperiode bleef de voorraad naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van de bedrijfstak van de Unie stabiel, met een piek in 2021 om in het tijdvak van het nieuwe onderzoek terug te keren naar het niveau van 2019. Deze trend werd verklaard door de gevolgen van de COVID-19-pandemie, gevolgd door een herstel van de consumentenvraag in het tijdvak van het nieuwe onderzoek.

4.4.3.4.   Winstgevendheid, kasstroom, investeringen, rendement van investeringen en vermogen om kapitaal aan te trekken

(155)

De winstgevendheid, de kasstroom, de investeringen en het rendement van de investeringen van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie ontwikkelden zich in de beoordelingsperiode als volgt:

Tabel 11

Winstgevendheid, kasstroom, investeringen en rendement van investeringen

 

2019

2020

2021

Tijdvak van het nieuwe onderzoek

Winstgevendheid van de verkoop op de markt van de Unie (% van omzet)

5,2

– 9,2

– 0,5

7,4

Index

100

– 177

–9

142

Kasstroom (EUR)

28 940 440

10 725 817

18 187 297

28 095 547

Index

100

37

63

97

Investeringen (EUR)

27 124 666

21 940 828

14 858 909

18 895 783

Index

100

81

55

70

Rendement van investeringen (%)

1,6

–7,5

–3,2

5,9

Index

100

-472

-205

374

Bron: Antwoorden van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie op de vragenlijst.

(156)

De Commissie stelde de winstgevendheid van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie vast door de nettowinst vóór belastingen van de verkoop van het soortgelijke product in de Unie uit te drukken als een percentage van de aldus gerealiseerde omzet.

(157)

Vanaf 2019 tot en met 2021 ging de sector van winstgevend naar verlieslatend, als gevolg van de COVID-19-pandemie in combinatie met een negen maanden durende staking bij een van de grootste producenten. De winstgevendheid bereikte in 2021, op het hoogtepunt van de pandemie, een dieptepunt, namelijk – 9 %. De winsten herstelden zich echter in het tijdvak van het nieuwe onderzoek en kwamen aan het eind van de beoordelingsperiode uit op 7 %.

(158)

De nettokasstroom ontwikkelde zich op een vergelijkbare wijze als de winstgevendheid: een drastische daling in de periode 2019-2021, gevolgd door een krachtig herstel in het tijdvak van het nieuwe onderzoek.

(159)

Tussen 2019 en het tijdvak van het nieuwe onderzoek daalden de investeringen met 30 %. Over het algemeen waren de investeringen gericht op het verbeteren van de kwaliteit en de vergroening van de productie.

(160)

Het rendement van investeringen is de winst uitgedrukt als percentage van de nettoboekwaarde van de investeringen. Het rendement van investeringen fluctueerde sterk tijdens de beoordelingsperiode. Vanaf 2019 tot en met 2021 daalde het rendement sterk, gevolgd door een krachtig herstel in het tijdvak van het nieuwe onderzoek, om 4 procentpunten boven het startpunt van de beoordelingsperiode in 2019 uit te komen.

(161)

Het vermogen van de in de steekproef opgenomen producenten in de Unie om kapitaal aan te trekken, werd niet beïnvloed tijdens de beoordelingsperiode, waarin een herstel van de pandemie te zien was.

4.5.   Conclusie inzake schade

(162)

De geldende maatregelen waarborgden bescherming voor de bedrijfstak van de Unie, waardoor deze zijn marktaandeel kon vergroten, de prijzen kon verhogen in overeenstemming met de gestegen kosten, en aan het einde van de beoordelingsperiode een winstgevend niveau en een positief rendement van investeringen kon bereiken.

(163)

De bedrijfstak van de Unie bleef echter kwetsbaar, wat bleek uit de daling van de productie, de productiecapaciteit en, ondanks dit laatste, een afnemende bezettingsgraad.

(164)

Bovendien bleven de exporteurs uit de VRC, ondanks de geldende maatregelen, het betrokken product tijdens de beoordelingsperiode in steeds grotere hoeveelheden, met een stijging van 24 %, tegen dumpingprijzen exporteren en steeg hun marktaandeel van 4 % naar 6 %. De prijzen van deze invoer stegen, maar bleven ver onder het niveau van de prijzen van andere ingevoerde producten en zelfs nog verder onder het niveau van de prijzen van de bedrijfstak van de Unie, waardoor deze laatste met 51 % werden onderboden.

(165)

Op grond van het voorgaande concludeerde de Commissie dat de bedrijfstak van de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek geen aanmerkelijke schade heeft geleden in de zin van artikel 3, lid 5, van de basisverordening.

5.   WAARSCHIJNLIJKHEID VAN HERHALING VAN SCHADE

(166)

Zoals de Commissie in overweging 165 concludeerde, leed de bedrijfstak van de Unie in het tijdvak van het nieuwe onderzoek geen aanmerkelijke schade. Daarom beoordeelde de Commissie overeenkomstig artikel 11, lid 2, van de basisverordening of herhaling van de door de invoer met dumping uit de VRC veroorzaakte schade waarschijnlijk is, mochten de maatregelen komen te vervallen.

(167)

De markt van de Unie, die structureel aantrekkelijk is, is een open markt. Indien de antidumpingmaatregelen zouden vervallen, en rekening houdend met het feit dat de bestaande vrijwaringsmaatregelen tijdelijk zijn, zou het resultaat waarschijnlijk een aanzienlijke toename van de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal uit de VRC zijn.

(168)

Uit het onderzoek bleek dat de bedrijfstak van de Unie kwetsbaar was. Uit het onderzoek bleek ook dat de bedrijfstak van de Unie zich in een herstructureringsproces bevond — wat onder meer tot uiting kwam in de afname van de productiecapaciteit tijdens de beoordelingsperiode — om een betere prijstoeslag te realiseren, gezien de verwachte aanhoudend lage marktvraag.

(169)

Om een vergelijking mogelijk te maken, stelde de Commissie de volgende prijzen vast:

gemiddelde verkoopprijs van de bedrijfstak van de Unie: 12 166 EUR/ton (zie overweging 148);

gemiddelde prijs voor uitvoer uit de VRC: 5 894 EUR/ton (zie overweging 120);

gemiddelde prijs voor uitvoer wereldwijd (met uitzondering van de VRC): 9 864 EUR/ton (zie overweging 128);

gemiddelde prijs voor uitvoer uit India: 8 255 EUR/ton (zie overweging 128);

gemiddelde prijs voor uitvoer uit Oekraïne: 12 267 EUR/ton (zie overweging 128).

(170)

Uit het bovenstaande bleek duidelijk dat de producenten-exporteurs in de VRC in staat waren producten uit te voeren tegen prijzen die ver onder die van de bedrijfstak van de Unie lagen, en ook onder de gemiddelde prijzen voor uitvoer uit India en Oekraïne.

(171)

De Commissie concludeerde daarom dat de exporteurs in de VRC een aanzienlijke druk op de prijzen van de bedrijfstak van de Unie zouden kunnen uitoefenen indien de maatregelen zouden komen te vervallen.

(172)

In dit verband onderwierp de Commissie de volgende elementen aan een nadere analyse: de reservecapaciteit in de VRC, de aantrekkelijkheid van de markt van de Unie, de ontwikkelingen na het tijdvak van het nieuwe onderzoek en het effect van de invoer uit de VRC als de maatregelen zouden komen te vervallen.

5.1.   Productiecapaciteit en reservecapaciteit in de VRC

(173)

Zoals beschreven in overweging 109 staat de industrie van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal in de VRC volgens de indiener van het verzoek bekend als veruit de grootste ter wereld. In de marktanalyse in het verzoek werden 37 Chinese pons-/pilgerwalsfabrieken en 18 faciliteiten met extrusiepersen genoemd, met een capaciteit van 915 000 ton. De zeven grootste Chinese producenten alleen al vertegenwoordigden in het tijdvak van het nieuwe onderzoek bijna 100 000 ton reservecapaciteit, wat bijna gelijk is aan de omvang van het verbruik in de Unie.

5.2.   Aantrekkelijkheid van de markt van de Unie

(174)

De markt van de Unie bleef een zeer aantrekkelijke bestemming voor de uitvoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, zoals blijkt uit de grote invoervolumes die goed zijn voor een marktaandeel van bijna 50 %.

(175)

Bovendien had China wereldwijd al te maken met handelsmaatregelen, waardoor het risico groter werd dat de uitvoer uit de VRC zou worden verlegd naar de markt van de Unie.

(176)

Een van de belangrijkste markten, de Verenigde Staten, wordt beschermd door maatregelen ten aanzien van het onderzochte product, waardoor de toegang van de Chinese producenten wordt beperkt. Bovendien zorgde het bestaan van antidumpingmaatregelen in India, die sinds september 2022 specifiek gericht zijn op de invoer uit China, voor een verdere beperking van de uitvoerbestemmingen voor Chinese producenten-exporteurs.

5.3.   Waarschijnlijke prijzen van de invoer uit de VRC en gevolgen voor de bedrijfstak van de Unie

(177)

Zoals vermeld in overweging 127, onderbood de uitvoer uit de VRC naar de Unie de gemiddelde prijzen van de bedrijfstak van de Unie met ongeveer 51 %.

(178)

Gezien het feit dat de bedrijfstak van de Unie zich in het tijdvak van het nieuwe onderzoek net had hersteld van een turbulente en economisch moeilijke periode, onder andere door de COVID-19-pandemie, met gecumuleerde verliezen, verkeerde de bedrijfstak nog steeds in een kwetsbare situatie. Het is derhalve zeer waarschijnlijk dat de herhaling van een goedkope invoer met dumping uit de VRC in grote hoeveelheden, waarmee de prijzen in de Unie zouden worden onderboden, aanzienlijke negatieve gevolgen voor de prestaties van de bedrijfstak van de Unie zou hebben, met name met betrekking tot de productie, de verkoopvolumes en de prijzen, de winstgevendheid en de investeringsbehoeften, resulterend in de herhaling van aanmerkelijke schade.

5.4.   Conclusie

(179)

Op grond hiervan concludeerde de Commissie dat de afwezigheid van maatregelen naar alle waarschijnlijkheid zal leiden tot een significante toename van invoer met dumping uit de VRC tegen schadeveroorzakende prijzen. Het is dus waarschijnlijk dat zich opnieuw aanmerkelijke schade zal voordoen, waardoor de levensvatbaarheid van de bedrijfstak van de Unie ernstig in gevaar komt.

6.   BELANG VAN DE UNIE

(180)

Overeenkomstig artikel 21 van de basisverordening heeft de Commissie onderzocht of handhaving van de bestaande antidumpingmaatregelen in strijd zou zijn met het belang van de Unie in haar geheel. Het belang van de Unie werd vastgesteld op basis van een beoordeling van alle betrokken belangen, waaronder die van de bedrijfstak van de Unie, importeurs en gebruikers.

6.1.   Belang van de bedrijfstak van de Unie

(181)

Hoewel de antidumpingmaatregelen een temperend effect hadden op de omvang van de invoer met dumping in de markt van de Unie, zoals uiteengezet in overweging 120, bleef de bedrijfstak van de Unie in een kwetsbare situatie verkeren, wat wordt bevestigd door de negatieve trends van schade-indicatoren zoals productie, productiecapaciteit, werkgelegenheid, kasstroom en investeringen.

(182)

Als de maatregelen komen te vervallen, zal de instroom van een aanzienlijke hoeveelheid invoer met dumping uit het betrokken land de bedrijfstak van de Unie waarschijnlijk verdere schade toebrengen. Naar verwachting zou deze instroom onder meer leiden tot een verlies van marktaandeel in de Unie, een daling van de verkoopprijzen in de Unie, een daling van de bezettingsgraad in de Unie en in het algemeen een ernstige verslechtering van de financiële situatie van de bedrijfstak van de Unie.

(183)

De Commissie concludeerde daarom dat handhaving van de geldende antidumpingmaatregelen in het belang is van de bedrijfstak van de Unie.

6.1.1.   Belang van gebruikers en niet-verbonden importeurs

(184)

De Commissie heeft contact opgenomen met alle haar bekende gebruikers en niet-verbonden importeurs. Er zijn geen gebruikers of niet-verbonden importeurs die zich kenbaar hebben gemaakt en aan dit onderzoek hebben meegewerkt door de vragenlijst te beantwoorden. Gezien het gebrek aan belangstelling van gebruikers en niet-verbonden importeurs, en bij gebrek aan aanwijzingen dat de conclusies van eerdere onderzoeken waren veranderd, werd handhaving van de maatregelen niet in strijd met de belangen van de gebruikers en importeurs geacht.

6.1.2.   Conclusie inzake het belang van de Unie

(185)

Op basis van het bovenstaande heeft de Commissie geconcludeerd dat er, wat het belang van de Unie betreft, geen dwingende redenen zijn om de bestaande maatregelen ten aanzien van de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC niet te handhaven.

7.   ANTIDUMPINGMAATREGELEN

(186)

Gezien de conclusies van de Commissie over de voortzetting van dumping, de voortzetting van schade en het belang van de Unie moeten de antidumpingmaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de VRC worden gehandhaafd.

(187)

Om het risico op ontwijking als gevolg van het verschil in rechten zo veel mogelijk te beperken, zijn speciale maatregelen nodig om de toepassing van de individuele antidumpingrechten te garanderen. De ondernemingen met individuele antidumpingrechten moeten een geldige handelsfactuur overleggen aan de douaneautoriteiten van de lidstaten. Deze factuur moet voldoen aan de in artikel 1, lid 5, van deze verordening vastgestelde vereisten. Invoer die niet van een dergelijke factuur vergezeld gaat, wordt onderworpen aan het antidumpingrecht dat van toepassing is op “alle andere ondernemingen”.

(188)

Hoewel de douaneautoriteiten van de lidstaten over deze factuur moeten beschikken om ten aanzien van de invoer de individuele antidumpingrechten te kunnen toepassen, is overlegging van die factuur niet de enige factor waarmee de douaneautoriteiten rekening moeten houden. Zelfs als aan hen een factuur wordt overgelegd die voldoet aan alle voorschriften van artikel 1, lid 5, van deze verordening, moeten de douaneautoriteiten van de lidstaten namelijk hun gebruikelijke controles uitvoeren en kunnen zij, net als in alle andere gevallen, aanvullende documenten (vervoersdocumenten enz.) verlangen om de juistheid van de gegevens in de aangifte te controleren en te waarborgen dat het lagere recht vervolgens terecht wordt toegepast, in overeenstemming met de douanewetgeving.

(189)

Indien het volume van de uitvoer door een van de ondernemingen die een lager individueel recht genieten, na de instelling van de maatregelen in kwestie aanzienlijk toeneemt, kan dit op zich worden beschouwd als een verandering in de structuur van het handelsverkeer als gevolg van de instelling van maatregelen in de zin van artikel 13, lid 1, van de basisverordening. In dergelijke omstandigheden kan, mits aan de voorwaarden is voldaan, een onderzoek naar ontwijking van maatregelen worden geopend. Hierbij kan onder meer worden onderzocht of het nodig is een individueel recht of individuele rechten in te trekken en in plaats daarvan het voor het gehele land geldende recht in te stellen.

(190)

De individuele antidumpingrechten voor ondernemingen die in deze verordening worden genoemd, zijn uitsluitend van toepassing op de invoer van het onderzochte product voor zover het van oorsprong is uit de VRC en is geproduceerd door de genoemde rechtspersonen. Op de invoer van het onderzochte product dat is geproduceerd door andere ondernemingen die in het dispositief van deze verordening niet uitdrukkelijk worden genoemd, met inbegrip van entiteiten die met de specifiek genoemde ondernemingen zijn verbonden, is het recht van toepassing dat geldt voor “alle andere ondernemingen”. Die invoer mag niet worden onderworpen aan de individuele antidumpingrechten.

(191)

Een onderneming die later haar naam wijzigt, kan verzoeken om verdere toepassing van deze individuele antidumpingrechten. Dit verzoek moet worden ingediend bij de Commissie (54). Het moet alle relevante informatie bevatten waaruit blijkt dat de wijziging geen invloed heeft op het recht van de onderneming om in aanmerking te komen voor het recht dat op haar van toepassing is. Als de naamswijziging van de onderneming niet van invloed is op haar recht om in aanmerking te komen voor het recht dat op haar van toepassing is, zal een verordening over de naamswijziging worden bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

(192)

Een exporteur of producent die het betrokken product in de periode die wordt gebruikt voor de vaststelling van de hoogte van het momenteel op zijn uitvoer toepasselijke recht niet naar de Unie heeft uitgevoerd, kan de Commissie verzoeken om toepassing van het antidumpingrecht voor niet in de steekproef opgenomen meewerkende ondernemingen. De Commissie moet een dergelijk verzoek inwilligen mits aan drie voorwaarden wordt voldaan. De nieuwe producent-exporteur zou moeten aantonen dat: i) hij het betrokken product niet naar de Unie heeft uitgevoerd in de periode die werd gebruikt voor de vaststelling van het niveau van het recht dat momenteel van toepassing is op zijn uitvoer; ii) hij niet verbonden is met een onderneming die dit wel deed en dus onderworpen is aan de antidumpingrechten, en iii) hij het betrokken product daarna heeft uitgevoerd of een onherroepelijke contractuele verplichting is aangegaan om dit in aanzienlijke hoeveelheden te doen.

(193)

Indien een bedrag moet worden terugbetaald naar aanleiding van een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie, geldt ingevolge artikel 109 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (55) als rentevoet de rente die de Europese Centrale Bank voor haar basisherfinancieringstransacties hanteert, zoals bekendgemaakt in de C-serie van het Publicatieblad van de Europese Unie op de eerste kalenderdag van elke maand.

(194)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 15, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1036 ingestelde comité,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1)   Er wordt een definitief antidumpingrecht ingesteld op naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal (met uitzondering van die welke voorzien zijn van hulpstukken (fittings), voor gassen of vloeistoffen, bestemd voor burgerluchtvaartuigen), momenteel ingedeeld onder de GN-codes 7304 11 00, 7304 22 00, 7304 24 00, ex 7304 41 00, 7304 49 10, ex 7304 49 93, ex 7304 49 95, ex 7304 49 99 en ex 7304 90 00 (Taric-codes 7304410090, 7304499390, 7304499590, 7304499990 en 7304900091), van oorsprong uit de Volksrepubliek China.

2)   Het definitieve antidumpingrecht dat van toepassing is op de nettoprijs, franco grens Unie, vóór inklaring, van de in lid 1 omschreven en door de hieronder vermelde ondernemingen vervaardigde producten, is als volgt:

Onderneming/ondernemingen

Definitief antidumpingrecht

Aanvullende Taric-code

Changshu Walsin Specialty Steel, Co. Ltd, Haiyu

7 1,9  %

B120

Shanghai Jinchang Stainless Steel Tube Manufacturing, Co. Ltd, Situan

4 8,3  %

B118

Wenzhou Jiangnan Steel Pipe Manufacturing, Co. Ltd, Yongzhong

4 8,6  %

B119

In de bijlage bij deze verordening vermelde ondernemingen

5 6,9  %

 

Alle overige ondernemingen

7 1,9  %

B999

3)   Tenzij anders vermeld, zijn de geldende bepalingen inzake douanerechten van toepassing. De moratoire interest die betaald moet worden bij een terugbetaling die recht geeft op uitbetaling van moratoire interest, is het door de Europese Centrale Bank op haar basisherfinancieringsoperaties toegepaste percentage dat geldt op de eerste kalenderdag van de maand waarin de genoemde termijn valt en dat bekendgemaakt is in de C-serie van het Publicatieblad van de Europese Unie, vermeerderd met één procentpunt.

4)   Wanneer een nieuwe producent-exporteur in de Volksrepubliek China de Commissie voldoende bewijsmateriaal verstrekt waaruit blijkt dat: a) hij in de periode tussen 1 juli 2009 en 30 juni 2010 (het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek) het in lid 1 beschreven product niet naar de Unie heeft uitgevoerd; b) hij niet verbonden is met een exporteur of producent in de Volksrepubliek China die onder de bij deze verordening ingestelde maatregelen valt; c) hij het betrokken product daadwerkelijk naar de Unie heeft uitgevoerd of een onherroepelijke contractuele verplichting is aangegaan om na het tijdvak van het oorspronkelijke onderzoek een aanzienlijke hoeveelheid daarvan naar de Unie uit te voeren, kan de Commissie de bijlage bij deze verordening wijzigen door de nieuwe producent-exporteur toe te voegen aan de medewerkende ondernemingen die niet in de steekproef van het oorspronkelijke onderzoek zijn opgenomen en waarvoor bijgevolg het gewogen gemiddelde recht van ten hoogste 56,9 % geldt.

5)   De individuele antidumpingrechten voor de in lid 2 vermelde ondernemingen worden uitsluitend toegepast indien aan de douaneautoriteiten van de lidstaten een geldige handelsfactuur wordt overgelegd die een verklaring bevat die is gedateerd en ondertekend door een met naam en functie geïdentificeerde medewerker van de entiteit die deze factuur heeft opgesteld, en die als volgt luidt: “Ondergetekende verklaart dat de (hoeveelheid) naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal die naar de Europese Unie wordt uitgevoerd en waarop deze factuur betrekking heeft, is vervaardigd door (naam en adres van de onderneming) (aanvullende Taric-code) in (betrokken land). Ondergetekende verklaart dat de in deze factuur verstrekte informatie juist en volledig is.”. Als een dergelijke factuur niet wordt overgelegd, wordt het recht toegepast dat voor “alle andere ondernemingen” geldt.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 30 mei 2024.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)   PB L 176 van 30.6.2016, blz. 21.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1331/2011 van de Raad van 14 december 2011 tot instelling van een definitief antidumpingrecht en tot definitieve inning van het voorlopige recht op bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 336 van 20.12.2011, blz. 6).

(3)  Uitvoeringsverordening (EU) 2018/330 van de Commissie van 5 maart 2018 tot instelling van definitieve antidumpingrechten op bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek bij het vervallen van de maatregelen overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 63 van 6.3.2018, blz. 15).

(4)   https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/AUTO/?uri=OJ:C:2022:241:TOC.

(5)   PB C 80 van 3.3.2023, blz. 56.

(6)   https://tron.trade.ec.europa.eu/investigations/case-view?caseId=2658.

(7)   https://data.worldbank.org/income-level/upper-middle-income.

(8)   https://www.spglobal.com/marketintelligence/en/mi/products/maritime-global-trade-atlas.html.

(9)   https://orbis-r1.bvdinfo.com/version-20230919-5-0/Orbis/1/Companies/Search.

(10)  Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1305 van de Commissie van 25 juli 2022 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op molybdeendraad van oorsprong uit de Volksrepubliek China naar aanleiding van een nieuw onderzoek bij het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 197, van 26.7.2022, blz. 75).

(11)  Idem, waarbij wordt vermeld: “Gezien de bovenstaande analyse werd India bij wijze van uitzondering beschouwd als een geschikte bron in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening voor niet-verstoorde kosten en prijzen.”.

(12)  Idem.

(13)  Bv. het arrest van 6 juli 2022, Zhejiang Hangtong Machinery Manufacture en Ningbo Hi-Tech Zone Tongcheng Auto Parts/Commissie, T-278/20, ECLI:EU:T:2022:417, punt 70.

(14)   PB L 336 van 20.12.2011, blz. 12, overweging 55.

(15)  Verordening (EU) nr. 627/2011 van de Commissie van 27 juni 2011 tot instelling van een voorlopig antidumpingrecht op bepaalde naadloze buizen en pijpen van roestvrij staal, van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 169 van 29.6.2011, blz. 1, overweging 67).

(16)   https://www.gtis.com/gta/.

(17)  Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444 van de Commissie van 11 juli 2023 tot instelling van een voorlopig antidumpingrecht op platbulbstaal van oorsprong uit de Volksrepubliek China en Turkije (PB L 177 van 12.7.2023, blz. 63); Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100 van de Commissie van 11 januari 2023 tot instelling van een voorlopig antidumpingrecht op navulbare vaten van roestvrij staal van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 10 van 12.1.2023, blz. 36); Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068 van de Commissie van 26 oktober 2022 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op bepaalde koudgewalste platte staalproducten van oorsprong uit de Volksrepubliek China en de Russische Federatie naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 277 van 27.10.2022, blz. 149); Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191 van de Commissie van 16 februari 2022 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op bepaalde soorten ijzeren of stalen bevestigingsmiddelen van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 36 van 17.2.2022, blz. 1); Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95 van de Commissie van 24 januari 2022 tot instelling van een definitief antidumpingrecht op bepaalde hulpstukken voor buisleidingen, van ijzer of van staal, van oorsprong uit de Volksrepubliek China, zoals uitgebreid tot bepaalde hulpstukken voor buisleidingen, van ijzer of van staal, verzonden vanuit Taiwan, Indonesië, Sri Lanka en de Filipijnen, al dan niet aangegeven als van oorsprong uit deze landen, naar aanleiding van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen op grond van artikel 11, lid 2, van Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 16 van 25.1.2022, blz. 36).

(18)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 66; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 58; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 80; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overweging 208, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 59.

(19)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 45; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 38; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 64; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overweging 192, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 46.

(20)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 58; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 40; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 66; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overwegingen 193 en 194, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 47. Het recht van overheidsinstanties om belangrijk leidinggevend personeel in staatsondernemingen te benoemen en te ontslaan, zoals bepaald in de Chinese wetgeving, kan worden beschouwd als afspiegeling van de corresponderende eigendomsrechten, maar daarnaast vormen de cellen van de Chinese Communistische Partij (“CCP”) in ondernemingen, niet alleen in staatsondernemingen maar ook in particuliere ondernemingen, een ander kanaal door middel waarvan de staat zich in de besluitvorming van bedrijven kan mengen. Volgens het vennootschapsrecht van de VRC moet in elke onderneming een CCP-organisatie in het leven worden geroepen (met ten minste drie CCP-leden zoals bepaald in de statuten van de CCP) en moet de onderneming de nodige voorwaarden scheppen voor de activiteiten van de partijorganisatie. Deze eis lijkt in het verleden niet altijd te zijn gevolgd of strikt te zijn gehandhaafd. In elk geval sinds 2016 heeft de CCP haar aanspraken op zeggenschap bij zakelijke beslissingen in staatsondernemingen echter nadrukkelijk als politiek beginsel doen gelden. Ook zijn er berichten dat de CCP druk uitoefent op particuliere ondernemingen om “vaderlandslievendheid” voorop te stellen en zich naar de partijlijn te voegen. In 2017 werd bericht dat in 70 % van de circa 1,86 miljoen ondernemingen in particuliere eigendom partijcellen aanwezig waren, en dat er toenemende druk was om de CCP-organisaties het laatste woord te laten hebben bij de zakelijke besluitvorming in de betrokken ondernemingen. Deze voorschriften zijn van algemene toepassing in de gehele Chinese economie, in alle sectoren, ook op producenten van het onderzochte product en de leveranciers van de basisproducten ervan.

(21)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 59; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 43; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 68; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overwegingen 195 tot en met 201, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overwegingen 48 tot en met 52.

(22)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 62; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 52; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 74; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overweging 202, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 53.

(23)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 45; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 33; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 75; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overweging 203, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 54.

(24)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 64; Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 54; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/2068, overweging 76; Uitvoeringsverordening (EU) 2022/191, overweging 204, en Uitvoeringsverordening (EU) 2022/95, overweging 55.

(25)  Werkdocument van de diensten van de Commissie SWD (2017) 483 final/2 van 20.12.2017, beschikbaar op https://ec.europa.eu/transparency/documents-register/detail?ref=SWD(2017)483&lang=en.

(26)   http://tv.baosteel.com/ir/pdf/report/600019_2016_2e.pdf.

(27)  Zie: https://www.baosteel.com/about/manager.

(28)  Zie: http://www.jigang.com.cn/jgjtww/weblist.jsp?cid=8190&showtype=11.

(29)  Zie blz. 7: https://pdf.dfcfw.com/pdf/H3_AP202312211614644921_1.pdf.

(30)  Rapport, deel III, hoofdstuk 14, blz. 346 e.v.

(31)  Zie het 14e vijfjarenplan van de Volksrepubliek China voor nationale economische en sociale ontwikkeling en langetermijndoelstellingen voor 2035, deel III, artikel VIII, beschikbaar op https://cset.georgetown.edu/publication/china-14th-five-year-plan/ (geraadpleegd op 13 december 2023).

(32)  Zie met name de afdelingen I en II van het 14e vijfjarenplan voor de ontwikkeling van de grondstoffenindustrie.

(33)  Zie https://www.miit.gov.cn/zwgk/zcwj/wjfb/tz/art/2023/art_2a4233d696984ab59610e7498e333920.html (geraadpleegd op 13 december 2023).

(34)  Zie het 14e vijfjarenplan voor de ontwikkeling van de grondstoffenindustrie, blz. 22.

(35)  Zie https://en.ndrc.gov.cn/news/mediarusources/202203/t20220325_1320408.html (geraadpleegd op 5 december 2023).

(36)  Zie het actieplan 1 + 3 voor ijzer en staal 2022, hoofdstuk 4, afdeling 2, van de gemeente Tangshan, Hebei, te raadplegen via http://www.chinaisa.org.cn/gxportal/xfgl/portal/content.html?articleId=e2bb5519aa49b566863081d57aea9dfdd59e1a4f482bb7acd243e3ae7657c70b&columnId=3683d857cc4577e4cb75f76522b7b82cda039ef70be46ee37f9385ed3198f68a (geraadpleegd op 13 december 2023).

(37)  Zie Uitvoeringsverordening (EU) 2023/1444, overweging 63, en Uitvoeringsverordening (EU) 2023/100, overweging 33.

(38)  World Bank Open Data — Upper Middle Income, https://data.worldbank.org/income-level/upper-middle-income.

(39)  Als het onderzochte product in geen enkel land met een vergelijkbaar ontwikkelingsniveau wordt vervaardigd, kan de productie van een product in dezelfde algemene categorie en/of sector als die van het onderzochte product in aanmerking worden genomen.

(40)  Zie voetnoot 10.

(41)  Zie voetnoot 11.

(42)  Zie voetnoot 12.

(43)  Als het onderzochte product in geen enkel land met een vergelijkbaar ontwikkelingsniveau wordt geproduceerd, kan de productie van een product in dezelfde algemene categorie en/of sector als die van het onderzochte product in aanmerking worden genomen.

(44)  Verordening (EU) 2015/755 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer uit bepaalde derde landen (PB L 123 van 19.5.2015, blz. 33).

(45)  Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1305.

(46)   “Gezien de bovenstaande analyse werd India bij wijze van uitzondering beschouwd als een geschikte bron in de zin van artikel 2, lid 6 bis, punt a), van de basisverordening voor niet-verstoorde kosten en prijzen” (Uitvoeringsverordening (EU) 2022/1305, overweging 68).

(47)  Moederbuizen of kokers van roestvrij staal verschillen van de holle profielen waaruit de meeste producten met code HS 730449 99 bestaan.

(48)   http://www.gtis.com/gta/secure/default.cfm.

(49)   https://app.cfe.mx/Aplicaciones/CCFE/Tarifas/TarifasCREIndustria/Tarifas/GranDemandaMTH.aspx.

(50)   https://www.cre.gob.mx/IPGN/index.html.

(51)  EMIM. Principales características, datos mensuales, nacional (inegi.org.mx).

(52)   https://ir.tenaris.com/static-files/9516f6d6-7348-4eaa-a50b-126846e12475.

(53)  Openbare versie van het verzoek om een nieuw onderzoek, blz. 18.

(54)  Europese Commissie, directoraat-generaal Handel, directoraat G, Wetstraat 170, 1040 Brussel, België.

(55)  Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1).


BIJLAGE

MEDEWERKENDE PRODUCENTEN-EXPORTEURS IN DE VRC DIE TIJDENS HET OORSPRONKELIJKE ONDERZOEK NIET IN DE STEEKPROEF ZIJN OPGENOMEN

Naam

Aanvullende Taric-code

Baofeng Steel Group, Co. Ltd, Lishui,

B 236

Changzhou City Lianyi Special Stainless Steel Tube, Co. Ltd, Changzhou,

B 237

Huadi Steel Group, Co. Ltd, Wenzhou,

B 238

Huzhou Fengtai Stainless Steel Pipes, Co. Ltd, Huzhou,

B 239

Huzhou Gaolin Stainless Steel Tube Manufacture, Co. Ltd, Huzhou,

B 240

Huzhou Zhongli Stainless Steel Pipe, Co. Ltd, Huzhou,

B 241

Jiangsu Wujin Stainless Steel Pipe Group, Co. Ltd, Beijing,

B 242

Jiangyin Huachang Stainless Steel Pipe, Co. Ltd, Jiangyin

B 243

Lixue Group, Co. Ltd, Ruian,

B 244

Shanghai Crystal Palace Pipe, Co. Ltd, Shanghai,

B 245

Shanghai Baoluo Stainless Steel Tube, Co. Ltd, Shanghai,

B 246

Shanghai Shangshang Stainless Steel Pipe, Co. Ltd, Shanghai,

B 247

Shanghai Tianbao Stainless Steel, Co. Ltd, Shanghai,

B 248

Shanghai Tianyang Steel Tube, Co. Ltd, Shanghai,

B 249

Wenzhou Xindeda Stainless Steel Material, Co. Ltd, Wenzhou,

B 250

Wenzhou Baorui Steel, Co. Ltd, Wenzhou,

B 251

Zhejiang Conform Stainless Steel Tube, Co. Ltd, Jixing,

B 252

Zhejiang Easter Steel Pipe, Co. Ltd, Jiaxing,

B 253

Zhejiang Five — Star Steel Tube Manufacturing, Co. Ltd, Wenzhou,

B 254

Zhejiang Guobang Steel, Co. Ltd, Lishui,

B 255

Zhejiang Hengyuan Steel, Co. Ltd, Lishui,

B 256

Zhejiang Jiashang Stainless Steel, Co. Ltd, Jiaxing City,

B 257

Zhejiang Jinxin Stainless Steel Manufacture, Co. Ltd, Xiping Town,

B 258

Zhejiang Jiuli Hi Tech Metals, Co. Ltd, Huzhou,

B 259

Zhejiang Kanglong Steel, Co. Ltd, Lishui,

B 260

Zhejiang Qiangli Stainless Steel Manufacture, Co. Ltd, Xiping Town,

B 261

Zhejiang Tianbao Industrial, Co. Ltd, Wenzhou,

B 262

Tsingshan Steel Pipe, Co. Ltd, Lishui,

B 263

Zhejiang Yida Special Steel, Co. Ltd, Xiping Town.

B 264


ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2024/1475/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)