|
Publicatieblad |
NL L-serie |
|
2024/1458 |
28.5.2024 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2024/1458 VAN DE COMMISSIE
van 24 mei 2024
inzake de goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen van de lidstaten betreffende de door het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) gefinancierde uitgaven over begrotingsjaar 2023
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2024) 3353)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (1), en met name artikel 53, lid 1, eerste alinea, en artikel 104,
Gezien Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 inzake de financiering, het beheer en de monitoring van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 352/78, (EG) nr. 165/94, (EG) nr. 2799/98, (EG) nr. 814/2000, (EG) nr. 1290/2005 en (EG) nr. 485/2008 van de Raad (2), en met name artikel 51,
Na raadpleging van het Comité voor de landbouwfondsen,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In artikel 104, lid 1, tweede alinea, punt a), van Verordening (EU) 2021/2116 is bepaald dat artikel 4, lid 1, punt b), artikel 5, artikel 7, lid 3, de artikelen 9, 17, 21 en 34, artikel 35, lid 4, de artikelen 36, 37, 38, 40 tot en met 43, 51, 52, 54, 56, 59, 63, 64, 67, 68, 70 tot en met 75, 77, 91 tot en met 97, 99 en 100, artikel 102, lid 2, en de artikelen 110 en 111 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van toepassing blijven, wat het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) betreft, met betrekking tot de uitgaven en betalingen die zijn gedaan voor het begrotingsjaar 2023. |
|
(2) |
In artikel 64, tweede alinea, punt a), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 van de Commissie (3) is bepaald dat artikel 2, artikel 3, lid 1, eerste alinea, artikel 3, lid 2, artikel 4, lid 1, punt b), artikel 5, artikel 6, artikel 7, de artikelen 21 tot en met 25, artikel 27, artikel 28, artikel 29, artikel 30, lid 1, punten a), b) en c), artikel 30, leden 2, 3 en 4, en de artikelen 31 tot en met 40 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van de Commissie (4) van toepassing blijven, wat het ELGF betreft, met betrekking tot de uitgaven en betalingen die zijn gedaan voor het begrotingsjaar 2023. |
|
(3) |
In artikel 64, tweede alinea, punt c), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 is bepaald dat de bijlagen II en III bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van toepassing blijven voor de doeleinden van artikel 32, punten f) en g), van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 voor het begrotingsjaar 2023. |
|
(4) |
In artikel 40, tweede alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/127 van de Commissie (5) is bepaald dat artikel 5, artikel 5 bis, artikel 7, leden 3 en 4, artikel 10, artikel 11, lid 1, tweede alinea, artikel 11, lid 2, artikel 12, artikel 13 en artikel 41, lid 5, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie (6) van toepassing blijven, wat het ELGF betreft, met betrekking tot de uitgaven en betalingen die zijn gedaan voor het begrotingsjaar 2023. |
|
(5) |
Op grond van artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 53 van Verordening (EU) 2021/2116 moet de Commissie vóór 31 mei van het jaar na het betrokken begrotingsjaar de rekeningen van de in artikel 7 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 9 van Verordening (EU) 2021/2116 bedoelde betaalorganen goedkeuren op basis van de door de lidstaten ingediende jaarrekeningen, vergezeld van de voor de goedkeuring van de rekeningen benodigde informatie en een auditoordeel over de volledigheid, de nauwkeurigheid en de waarheidsgetrouwheid van de rekeningen en de verslagen die door de certificerende instanties zijn opgesteld. |
|
(6) |
Zoals is bepaald in artikel 35 van Verordening (EU) 2021/2116, begint het landbouwbegrotingsjaar op 16 oktober van het jaar N-1 en eindigt het op 15 oktober van het jaar N. In het kader van de goedkeuring van de rekeningen voor het begrotingsjaar 2023 moeten de uitgaven in aanmerking worden genomen die de lidstaten in de periode van 16 oktober 2022 tot en met 15 oktober 2023 hebben gedaan, conform artikel 11, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128. |
|
(7) |
Krachtens artikel 33, lid 2, eerste alinea, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 en artikel 35, lid 2, eerste alinea, van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 moet het bedrag dat als gevolg van het in artikel 33, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 en artikel 35, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 bedoelde besluit tot goedkeuring van de rekeningen moet worden teruggevorderd van of betaald aan elke lidstaat, worden bepaald door de maandelijkse betalingen voor het betrokken begrotingsjaar af te trekken van de overeenkomstig artikel 33, lid 1, van Verordening (EU) nr. 908/2014 en artikel 35, lid 1, van Verordening (EU) 2022/128 voor datzelfde jaar erkende uitgaven. Dat bedrag moet door de Commissie worden afgetrokken van of opgeteld bij de maandelijkse betaling voor de uitgaven die worden gedaan in de tweede maand na het besluit tot goedkeuring van de rekeningen. |
|
(8) |
De Commissie heeft de door de lidstaten verstrekte informatie gecontroleerd en de lidstaten in kennis gesteld van de resultaten van haar controles en van de wijzigingen die zij voorstelt. |
|
(9) |
Voor alle betaalorganen volstaan de jaarrekeningen en de begeleidende stukken om de Commissie in staat te stellen een besluit te nemen over de volledigheid, de nauwkeurigheid en de waarheidsgetrouwheid van de ingediende jaarrekeningen. |
|
(10) |
Overeenkomstig artikel 5, lid 5, tweede alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 en artikel 5, lid 5, tweede alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/127 moet met eventuele overschrijdingen van betalingstermijnen uiterlijk rekening worden gehouden in het besluit tot goedkeuring van de rekeningen. Een deel van de door bepaalde lidstaten voor het begrotingsjaar 2023 gedeclareerde uitgaven is na de uiterste betalingsdatum verricht. Daarom moeten de betrokken verlagingen bij dit besluit worden vastgesteld. |
|
(11) |
De Commissie heeft op grond van artikel 41 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 reeds een aantal maandelijkse betalingen voor het begrotingsjaar 2023 verlaagd of geschorst wegens uitgaven die niet overeenkomstig de Unievoorschriften zijn gedaan. In het onderhavige besluit moet de Commissie die verlaagde of geschorste bedragen in aanmerking nemen om te vermijden dat onterechte of niet-tijdige betalingen of vergoedingen worden verricht die later het voorwerp van een financiële correctie kunnen worden. De betrokken bedragen moeten indien nodig worden onderzocht in het kader van de conformiteitsgoedkeuringsprocedure op grond van artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 55 van Verordening (EU) 2021/2116. |
|
(12) |
De Commissie heeft de desbetreffende maandelijkse betalingen voor het begrotingsjaar 2023 al verlaagd met de bedragen die aan het ELGF verschuldigd waren als gevolg van de door de Commissie in het begrotingsjaar 2023 uitgevoerde financiële en conformiteitsgoedkeuringsbesluiten uit hoofde van de artikelen 51 en 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013. Dergelijke bedragen worden in dit besluit in aanmerking genomen. |
|
(13) |
Op grond van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 moeten de financiële gevolgen van niet-inning van een in verband met onregelmatigheden teruggevorderd bedrag voor 50 % door de betrokken lidstaat worden gedragen indien geen inning heeft plaatsgevonden binnen vier jaar na de datum van de terugvordering of binnen acht jaar na die datum als over de terugvordering een zaak is aangespannen bij een nationale rechtbank. Krachtens artikel 54, lid 4, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 moeten de lidstaten een gecertificeerde tabel met de bedragen die zij op grond van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 zelf moeten dragen, bijvoegen bij de jaarrekeningen die zij op grond van artikel 29 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 bij de Commissie moeten indienen. Uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de verplichting van de lidstaten om de te innen bedragen mee te delen, zijn vastgesteld bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014. Bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 bevat het model voor de tabel waarin de lidstaten informatie over de te innen bedragen moeten verstrekken. Op basis van de door de lidstaten ingevulde tabellen moet de Commissie een besluit vaststellen over de financiële gevolgen van de bedragen die in verband met onregelmatigheden zijn teruggevorderd, maar na vier of na acht jaar nog niet zijn geïnd. |
|
(14) |
Op grond van artikel 54, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 kunnen de lidstaten in behoorlijk gemotiveerde gevallen besluiten de terugvordering niet voort te zetten. Een dergelijk besluit kan alleen worden genomen indien het totaal van de reeds gemaakte en de nog te verwachten terugvorderingskosten hoger is dan het te innen bedrag of indien de inning onmogelijk blijkt als gevolg van de overeenkomstig het nationale recht geconstateerde en erkende insolventie van de debiteur of van de personen die juridisch aansprakelijk zijn voor de onregelmatigheid. Als het besluit is genomen binnen vier jaar na de datum van de terugvordering of binnen acht jaar na die datum indien over de terugvordering een zaak is aangespannen bij een nationale rechtbank, worden de financiële gevolgen van de niet-inning voor 100 % door de begroting van de Unie gedragen. Indien een bepaalde lidstaat besluit de terugvordering niet voort te zetten, moeten de desbetreffende bedragen en de redenen voor dat besluit worden opgenomen in het samenvattend verslag als bedoeld in artikel 54, lid 4, van die verordening. Deze bedragen mogen niet ten laste van de betrokken lidstaten worden gebracht en worden dus gedragen door de begroting van de Unie. |
|
(15) |
Overeenkomstig artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 53 van Verordening (EU) 2021/2116 mag dit besluit geen afbreuk doen aan de besluiten die de Commissie later kan nemen om uitgaven alsnog aan Uniefinanciering te onttrekken, overeenkomstig artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en de artikelen 54 en 55 van Verordening (EU) 2021/2116 aan Uniefinanciering te onttrekken, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De rekeningen van de betaalorganen van de lidstaten betreffende de uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) gefinancierde uitgaven over het begrotingsjaar 2023 worden goedgekeurd.
De bedragen die op grond van dit besluit moeten worden teruggevorderd van of betaald aan elke lidstaat, met inbegrip van de bedragen die voortvloeien uit de toepassing van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013, zijn vermeld in de bijlagen I en II bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit doet geen afbreuk aan latere conformiteitsgoedkeuringsbesluiten die de Commissie krachtens artikel 52 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 55 van Verordening (EU) 2021/2116 kan nemen om uitgaven die niet overeenkomstig het Unierecht zijn gedaan, aan Uniefinanciering te onttrekken, noch aan toekomstige jaarlijkse prestatiegoedkeuringsbesluiten die de Commissie op grond van artikel 54 van Verordening (EU) 2021/2116 kan nemen om uitgaven die geen corresponderende output hebben zoals gerapporteerd in het jaarlijkse prestatieverslag, aan Uniefinanciering te onttrekken.
Artikel 3
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 24 mei 2024.
Voor de Commissie
Janusz WOJCIECHOWSKI
Lid van de Commissie
(1) PB L 435 van 6.12.2021, blz. 187, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2021/2116/oj.
(2) PB L 347 van 20.12.2013, blz. 549, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2013/1306/oj.
(3) Uitvoeringsverordening (EU) 2022/128 van de Commissie van 21 december 2021 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betaalorganen en andere instanties, financieel beheer, goedkeuring van de rekeningen, controles, zekerheden en transparantie (PB L 20 van 31.1.2022, blz. 131, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2022/128/oj).
(4) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 908/2014 van de Commissie van 6 augustus 2014 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft betaalorganen en andere instanties, financieel beheer, goedkeuring van de rekeningen, voorschriften inzake controles, zekerheden en transparantie (PB L 255 van 28.8.2014, blz. 59, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_impl/2014/908/oj).
(5) Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/127 van de Commissie van 7 december 2021 tot aanvulling van Verordening (EU) 2021/2116 van het Europees Parlement en de Raad met regels inzake de betaalorganen en andere instanties, het financieel beheer, de goedkeuring van de rekeningen, de zekerheden en het gebruik van de euro (PB L 20 van 31.1.2022, blz. 95 ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2022/127/oj).
(6) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie van 11 maart 2014 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1306/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de betaalorganen en andere instanties, het financieel beheer, de goedkeuring van de rekeningen, de zekerheden en het gebruik van de euro (PB L 255 van 28.8.2014, blz. 18 ELI: http://data.europa.eu/eli/reg_del/2014/907/oj).
BIJLAGE I
Goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen
Begrotingsjaar 2023 – ELGF
Van de lidstaat terug te vorderen of aan de lidstaat te betalen bedrag
|
Lidstaat |
|
2023 – Uitgaven/bestemmingsontvangsten van de betaalorganen waarvan de rekeningen zijn |
Totaal a + b |
Verlagingen en schorsingen voor het gehele begrotingsjaar (1) |
In rekening te brengen bedrag overeenkomstig artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 |
Totaal na verlagingen en schorsingen |
Voor het begrotingsjaar aan de lidstaat verrichte betalingen |
Van de lidstaat terug te vorderen (–) of aan de lidstaat te betalen (+) bedrag (2) |
|
|
|
goedgekeurd |
afgesplitst |
|||||||
|
|
= in de jaardeclaratie opgenomen uitgaven/bestemmingsontvangsten |
= totaal van de in de maanddeclaraties opgenomen uitgaven/bestemmingsontvangsten |
|||||||
|
|
|
|
|
||||||
|
|
|
a |
b |
c=a+b |
d |
e |
f=c+d+e |
g |
h=f-g |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
AT |
EUR |
710 073 403,88 |
0,00 |
710 073 403,88 |
– 377 305,30 |
0,00 |
709 696 098,58 |
709 673 412,23 |
22 686,35 |
|
BE |
EUR |
559 465 736,36 |
0,00 |
559 465 736,36 |
– 209 727,75 |
–10 784,34 |
559 245 224,27 |
559 477 821,08 |
– 232 596,81 |
|
BG |
BGN |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
|
BG |
EUR |
834 492 494,81 |
0,00 |
834 492 494,81 |
–7 796 183,77 |
0,00 |
826 696 311,04 |
827 146 042,25 |
– 449 731,21 |
|
CY |
EUR |
53 361 721,55 |
0,00 |
53 361 721,55 |
9 431,53 |
0,00 |
53 371 153,08 |
53 374 307,22 |
–3 154,14 |
|
CZ |
CZK |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
–57,70 |
–57,70 |
0,00 |
–57,70 |
|
CZ |
EUR |
871 982 983,59 |
0,00 |
871 982 983,59 |
–16 973 041,57 |
0,00 |
855 009 942,02 |
854 978 190,99 |
31 751,03 |
|
DE |
EUR |
4 660 872 702,67 |
0,00 |
4 660 872 702,67 |
–1 003 545,51 |
–35 628,86 |
4 659 833 528,30 |
4 659 857 633,71 |
–24 105,41 |
|
DK |
DKK |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
–16 978,71 |
–16 978,71 |
0,00 |
–16 978,71 |
|
DK |
EUR |
825 547 995,07 |
0,00 |
825 547 995,07 |
–14 940 725,33 |
0,00 |
810 607 269,74 |
810 827 353,33 |
– 220 083,59 |
|
EE |
EUR |
196 025 204,83 |
0,00 |
196 025 204,83 |
84 799,97 |
–10 882,93 |
196 099 121,87 |
196 102 471,23 |
–3 349,36 |
|
ES |
EUR |
5 658 204 756,70 |
0,00 |
5 658 204 756,70 |
–21 105 531,30 |
– 302 514,00 |
5 636 796 711,40 |
5 635 010 023,03 |
1 786 688,37 |
|
FI |
EUR |
531 509 904,52 |
0,00 |
531 509 904,52 |
– 816 545,74 |
–9 304,67 |
530 684 054,11 |
530 690 322,56 |
–6 268,45 |
|
FR |
EUR |
7 434 338 210,42 |
0,00 |
7 434 338 210,42 |
– 129 126 686,74 |
– 110 090,13 |
7 305 101 433,55 |
7 305 348 440,53 |
– 247 006,98 |
|
EL |
EUR |
2 040 877 159,56 |
0,00 |
2 040 877 159,56 |
–1 339 520,14 |
–20 283 923,36 |
2 019 253 716,06 |
2 039 739 462,12 |
–20 485 746,06 |
|
HR |
EUR |
408 600 082,87 |
0,00 |
408 600 082,87 |
–1 798 928,87 |
–61 924,87 |
406 739 229,13 |
407 960 781,50 |
–1 221 552,37 |
|
HU |
EUR |
1 316 382 876,50 |
0,00 |
1 316 382 876,50 |
–4 940 617,79 |
0,00 |
1 311 442 258,71 |
1 311 809 288,26 |
– 367 029,55 |
|
HU |
HUF |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
– 174 178 090,00 |
– 174 178 090,00 |
0,00 |
– 174 178 090,00 |
|
IE |
EUR |
1 185 678 849,61 |
0,00 |
1 185 678 849,61 |
–3 506 380,41 |
–5 271,81 |
1 182 167 197,39 |
1 181 208 901,93 |
958 295,46 |
|
IT |
EUR |
4 243 877 489,47 |
0,00 |
4 243 877 489,47 |
1 690 791,79 |
–9 805 354,48 |
4 235 762 926,78 |
4 257 631 832,55 |
–21 868 905,77 |
|
LT |
EUR |
594 033 803,58 |
0,00 |
594 033 803,58 |
–4 033 679,47 |
– 609,27 |
589 999 514,84 |
590 000 124,11 |
– 609,27 |
|
LU |
EUR |
33 221 758,63 |
0,00 |
33 221 758,63 |
66 776,86 |
0,00 |
33 288 535,49 |
33 237 968,77 |
50 566,72 |
|
LV |
EUR |
322 962 476,00 |
0,00 |
322 962 476,00 |
– 316,45 |
–2 165,35 |
322 959 994,20 |
322 962 159,55 |
–2 165,35 |
|
MT |
EUR |
5 017 818,88 |
0,00 |
5 017 818,88 |
– 802 628,42 |
0,00 |
4 215 190,46 |
4 215 190,46 |
0,00 |
|
NL |
EUR |
691 855 036,60 |
0,00 |
691 855 036,60 |
–3 941 162,23 |
–22 093 312,32 |
665 820 562,05 |
687 888 522,21 |
–22 067 960,16 |
|
PL |
EUR |
3 484 849 907,46 |
0,00 |
3 484 849 907,46 |
–31 948 560,70 |
0,00 |
3 452 901 346,76 |
3 452 908 100,45 |
–6 753,69 |
|
PL |
PLN |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
–1 858 313,26 |
–1 858 313,26 |
0,00 |
–1 858 313,26 |
|
PT |
EUR |
881 930 621,40 |
0,00 |
881 930 621,40 |
–41 705 958,87 |
–74 603,26 |
840 150 059,27 |
839 547 767,94 |
602 291,33 |
|
RO |
EUR |
1 988 872 111,64 |
0,00 |
1 988 872 111,64 |
–76 778 827,94 |
0,00 |
1 912 093 283,70 |
1 912 147 891,43 |
–54 607,73 |
|
RO |
RON |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
–17 372 535,68 |
–17 372 535,68 |
0,00 |
–17 372 535,68 |
|
SE |
EUR |
699 656 084,22 |
0,00 |
699 656 084,22 |
–1 443 518,46 |
0,00 |
698 212 565,76 |
698 267 536,10 |
–54 970,34 |
|
SE |
SEK |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
|
SI |
EUR |
138 365 295,10 |
0,00 |
138 365 295,10 |
–0,01 |
0,00 |
138 365 295,09 |
138 365 295,09 |
0,00 |
|
SK |
EUR |
402 405 105,28 |
0,00 |
402 405 105,28 |
–26 092 270,08 |
– 118 891,97 |
376 193 943,23 |
376 253 177,35 |
–59 234,12 |
|
Lidstaat |
|
|
|
|
Totaal (=h) |
||
|
|
Uitgaven (3) |
Bestemmingsontvangsten (3) |
Artikel 54, lid 2 (=e) |
||||
|
|
08 02 06 01 |
6200 |
6200 |
||||
|
|
k |
l |
m |
n = k+l+m |
|||
|
|
|
|
|
|
|
||
|
AT |
EUR |
22 686,35 |
0,00 |
0,00 |
22 686,35 |
||
|
BE |
EUR |
0,00 |
– 221 812,47 |
–10 784,34 |
– 232 596,81 |
||
|
BG |
BGN |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
||
|
BG |
EUR |
0,00 |
– 449 731,21 |
0,00 |
– 449 731,21 |
||
|
CY |
EUR |
0,00 |
–3 154,14 |
0,00 |
–3 154,14 |
||
|
CZ |
CZK |
0,00 |
0,00 |
–57,70 |
–57,70 |
||
|
CZ |
EUR |
31 751,03 |
0,00 |
0,00 |
31 751,03 |
||
|
DE |
EUR |
12 263,81 |
– 740,36 |
–35 628,86 |
–24 105,41 |
||
|
DK |
DKK |
0,00 |
0,00 |
–16 978,71 |
–16 978,71 |
||
|
DK |
EUR |
0,00 |
– 220 083,59 |
0,00 |
– 220 083,59 |
||
|
EE |
EUR |
7 533,57 |
0,00 |
–10 882,93 |
–3 349,36 |
||
|
ES |
EUR |
2 090 810,30 |
–1 607,93 |
– 302 514,00 |
1 786 688,37 |
||
|
FI |
EUR |
60 986,34 |
–57 950,12 |
–9 304,67 |
–6 268,45 |
||
|
FR |
EUR |
0,00 |
– 136 916,85 |
– 110 090,13 |
– 247 006,98 |
||
|
EL |
EUR |
0,00 |
– 201 822,70 |
–20 283 923,36 |
–20 485 746,06 |
||
|
HR |
EUR |
0,00 |
–1 159 627,50 |
–61 924,87 |
–1 221 552,37 |
||
|
HU |
EUR |
0,00 |
– 367 029,55 |
0,00 |
– 367 029,55 |
||
|
HU |
HUF |
0,00 |
0,00 |
– 174 178 090,00 |
– 174 178 090,00 |
||
|
IE |
EUR |
963 567,27 |
0,00 |
–5 271,81 |
958 295,46 |
||
|
IT |
EUR |
0,00 |
–12 063 551,29 |
–9 805 354,48 |
–21 868 905,77 |
||
|
LT |
EUR |
0,00 |
0,00 |
– 609,27 |
– 609,27 |
||
|
LU |
EUR |
50 566,72 |
0,00 |
0,00 |
50 566,72 |
||
|
LV |
EUR |
0,00 |
0,00 |
–2 165,35 |
–2 165,35 |
||
|
MT |
EUR |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
||
|
NL |
EUR |
25 352,16 |
0,00 |
–22 093 312,32 |
–22 067 960,16 |
||
|
PL |
EUR |
0,00 |
–6 753,69 |
0,00 |
–6 753,69 |
||
|
PL |
PLN |
0,00 |
0,00 |
–1 858 313,26 |
–1 858 313,26 |
||
|
PT |
EUR |
752 245,28 |
–75 350,69 |
–74 603,26 |
602 291,33 |
||
|
RO |
EUR |
0,00 |
–54 607,73 |
0,00 |
–54 607,73 |
||
|
RO |
RON |
0,00 |
0,00 |
–17 372 535,68 |
–17 372 535,68 |
||
|
SE |
EUR |
0,00 |
–54 970,34 |
0,00 |
–54 970,34 |
||
|
SE |
SEK |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
||
|
SI |
EUR |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
0,00 |
||
|
SK |
EUR |
61 143,74 |
–1 485,89 |
– 118 891,97 |
–59 234,12 |
||
|
|
|
|
|
|
|
||
|
|||||||
(1) De verlagingen en schorsingen omvatten die welke in het kader van de regeling voor de betalingen zijn verricht, en voorts met name de correcties wegens de overschrijdingen van de betalingstermijn en andere verlagingen zoals bedoeld in artikel 41 van Verordening (EU) nr. 1306/2013.
(2) Voor de berekening van het van de lidstaat terug te vorderen of aan de lidstaat te betalen bedrag wordt uitgegaan van het totaal van de jaardeclaratie bij de goedgekeurde uitgaven en het totaal van de maandelijkse betalingen voor de goedgekeurde uitgaven. Toe te passen wisselkoers overeenkomstig artikel 12, lid 3, van Verordening (EU) nr. 2022/127
(3) Post 08 02 06 01 moet overeenkomstig artikel 43 van Verordening (EU) nr. 1306/2013 en artikel 45 van Verordening (EU) 2021/2116 worden onderverdeeld in negatieve correcties, die bestemmingsontvangsten in hoofdstuk 62 00 worden, en positieve correcties ten gunste van een LS, die thans aan de uitgavenzijde van 08 02 06 01 moeten worden opgenomen.
BIJLAGE II
Goedkeuring van de rekeningen van de betaalorganen
Begrotingsjaar 2023 – ELGF
Correcties overeenkomstig artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 (*1)
|
Lidstaat |
Valuta |
in nationale munt |
in EUR |
|
AT |
EUR |
|
|
|
BE |
EUR |
|
|
|
BG |
BGN |
|
|
|
CY |
EUR |
- |
4 647,00 |
|
CZ |
CZK |
- |
- |
|
DE |
EUR |
|
|
|
DK |
DKK |
|
|
|
EE |
EUR |
- |
- |
|
ES |
EUR |
|
|
|
FI |
EUR |
|
|
|
FR |
EUR |
|
|
|
EL |
EUR |
|
|
|
HR |
HRK |
|
|
|
HU |
HUF |
96 185,00 |
- |
|
IE |
EUR |
|
|
|
IT |
EUR |
|
|
|
LT |
EUR |
- |
1 723,41 |
|
LU |
EUR |
|
|
|
LV |
EUR |
- |
- |
|
MT |
EUR |
- |
- |
|
NL |
EUR |
|
|
|
PL |
PLN |
5 870,14 |
- |
|
PT |
EUR |
|
|
|
RO |
RON |
|
|
|
SE |
SEK |
|
|
|
SI |
EUR |
- |
- |
|
SK |
EUR |
- |
- |
(*1) Bedragen die als gevolg van de toepassing van artikel 54, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1306/2013 ten laste van de lidstaten moeten worden gebracht in verband met het overgangsinstrument voor plattelandsontwikkeling (OIPO), dat uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de landbouw (EOGFL) werd gefinancierd (Verordening (EG) nr. 27/2004 van de Commissie van 5 januari 2004 houdende overgangsbepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad met betrekking tot de financiering door het EOGFL, afdeling Garantie, van de maatregelen voor plattelandsontwikkeling in Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië en Slowakije (PB L 5 van 9.1.2004, blz. 36 , ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2004/27/oj)).
ELI: http://data.europa.eu/eli/dec_impl/2024/1458/oj
ISSN 1977-0758 (electronic edition)