European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

Serie L


2024/681

14.3.2024

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. 398/2021

van 10 december 2021

tot wijziging van bijlage II (Technische voorschriften, normen, keuring en certificatie) en bijlage XX (Milieu) bij de EER-overeenkomst [2024/681]

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad (1) moet in de EER-overeenkomst worden opgenomen.

(2)

De bijlagen II en XX bij de EER-overeenkomst moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In hoofdstuk I van bijlage II bij de EER-overeenkomst wordt in punt 45zzk (Verordening (EG) nr. 595/2009 van het Europees Parlement en de Raad) het volgende streepje toegevoegd:

“—

32019 R 1242: Verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 (PB L 198 van 25.7.2019, blz. 202).”.

Artikel 2

Bijlage XX bij de EER-overeenkomst wordt als volgt gewijzigd:

1)

In punt 21azk (Verordening (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende streepje toegevoegd:

“—

32019 R 1242: Verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 (PB L 198 van 25.7.2019, blz. 202).”.

2)

Na punt 21azk (Verordening (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad) wordt het volgende ingevoegd:

 

“21azka.32019 R 1242: Verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad (PB L 198 van 25.7.2019, blz. 202).

De bepalingen van de verordening worden voor de toepassing van deze overeenkomst met de volgende aanpassingen gelezen:

a)

onverminderd Protocol 1 bij de EER-overeenkomst worden in artikel 4, artikel 5, lid 1, artikel 6 en artikel 9, lid 2, de woorden “of, indien het een in de EVA-staten gevestigde fabrikant betreft, de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA in nauwe samenwerking met de Commissie” ingevoegd na het woord “Commissie”;

b)

aan artikel 8, lid 1, wordt de volgende alinea toegevoegd:

“Wanneer de fabrikant in een EVA-staat is gevestigd, wordt de bijdrage voor overtollige CO2-emissies opgelegd door de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA.

De bedragen van de bijdrage voor overtollige CO2-emissies worden evenredig tussen de Commissie en de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA verdeeld op basis van het aandeel registraties van nieuwe zware bedrijfsvoertuigen in de EU of de EVA-staten in verhouding tot het totale aantal nieuwe zware bedrijfsvoertuigen dat in de EER is geregistreerd.”;

c)

aan artikel 8, lid 4, wordt de volgende alinea toegevoegd:

“De EVA-staten bepalen voor in de EVA-staten gevestigde fabrikanten de toewijzing van de bedragen van de bijdrage voor de overtollige CO2-emissies.”;

d)

Deze verordening is niet van toepassing op Liechtenstein.”.

Artikel 3

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EU) 2019/1242 zijn authentiek.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking op 11 december 2021, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst bedoelde kennisgevingen hebben plaatsgevonden (*1), of op de dag van inwerkingtreding van Besluit nr. 396/2021 van het Gemengd Comité van de EER van 10 december 2021 (2), indien dat later is.

Artikel 5

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 10 december 2021.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Rolf Einar FIFE


(1)   PB L 198 van 25.7.2019, blz. 202.

(*1)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.

(2)   PB L, 2024/682, 14.3.2024, ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/682/oj.


ELI: http://data.europa.eu/eli/dec/2024/681/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)