European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

Serie L


2023/2166

18.10.2023

REGELING TUSSEN DE EUROPESE UNIE EN IJSLAND BETREFFENDE DE NADERE BIJZONDERHEDEN VAN DE DEELNAME VAN DE REPUBLIEK IJSLAND AAN HET EUROPEES ONDERSTEUNINGSBUREAU VOOR ASIELZAKEN

DE EUROPESE UNIE, hierna “de EU” genoemd,

enerzijds, en

IJSLAND,

anderzijds,

Gezien artikel 49, lid 1, van Verordening (EU) nr. 439/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 tot oprichting van een Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken (1), hierna “de verordening” genoemd,

OVERWEGENDE HETGEEN VOLGT:

(1)

De verordening bepaalt dat het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken, hierna “het ondersteuningsbureau” genoemd, voor het verrichten van zijn opdracht moet openstaan voor deelname van landen die met de EU overeenkomsten hebben gesloten uit hoofde waarvan zij de EU-wetgeving op het onder de verordening vallende gebied hebben overgenomen en toepassen, zoals met name IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland, hierna de “geassocieerde landen” genoemd.

(2)

IJsland heeft met de EU overeenkomsten gesloten uit hoofde waarvan het de EU-wetgeving op het onder deze verordening vallende gebied heeft overgenomen en toepast, met name de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek IJsland en het Koninkrijk Noorwegen betreffende de criteria en mechanismen voor de vaststelling van de staat die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek dat in een lidstaat of in IJsland of Noorwegen wordt ingediend (2),

ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:

Artikel 1

Mate van deelname

IJsland neemt volledig deel aan de werkzaamheden van het ondersteuningsbureau en heeft recht op ondersteunende maatregelen in de zin van de verordening en overeenkomstig de voorwaarden van deze regeling.

Artikel 2

Raad van bestuur

IJsland is in de raad van bestuur vertegenwoordigd als waarnemer zonder stemrecht.

Artikel 3

Financiële bijdrage

1.   IJsland levert een jaarlijkse bijdrage aan de ontvangsten van het ondersteuningsbureau die wordt berekend op basis van het IJslandse bruto binnenlands product (bbp), uitgedrukt in percentage van het bbp van alle landen die deelnemen aan de werkzaamheden van het ondersteuningsbureau, overeenkomstig de formule in de bijlage.

2.   De in lid 1 bedoelde financiële bijdrage is verschuldigd vanaf de dag na de inwerkingtreding van deze regeling. De eerste financiële bijdrage wordt evenredig verminderd met de periode van het jaar die reeds is verstreken voordat de regeling in werking trad.

Artikel 4

Gegevensbescherming

1.   Bij de toepassing van deze regeling verwerkt IJsland gegevens overeenkomstig Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (3).

2.   Voor het doel van deze regeling is Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2000 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (4) van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens door het ondersteuningsbureau.

3.   IJsland houdt zich aan de regels inzake de vertrouwelijkheid van documenten van het ondersteuningsbureau, die zijn vastgelegd in het reglement van orde van de raad van bestuur.

Artikel 5

Rechtsstatus

Het ondersteuningsbureau heeft rechtspersoonlijkheid naar IJslands recht en geniet in IJsland de meest uitgebreide handelingsbevoegdheid die krachtens de wetgeving van dat land aan rechtspersonen wordt verleend. Het kan met name roerend en onroerend goed verwerven of vervreemden en in rechte optreden.

Artikel 6

Aansprakelijkheid

De aansprakelijkheid van het ondersteuningsbureau wordt geregeld bij artikel 45, leden 1, 3 en 5, van de verordening.

Artikel 7

Hof van Justitie van de Europese Unie

IJsland erkent de bevoegdheid van het Hof van Justitie van de Europese Unie over het ondersteuningsbureau in de zin van artikel 45, leden 2 en 4, van de verordening.

Artikel 8

Personeel van het ondersteuningsbureau

1.   Overeenkomstig artikel 38, lid 1, en artikel 49, lid 1, van de verordening zijn het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, de regeling die van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie, de regels die gezamenlijk zijn vastgesteld door de instellingen van de EU met het oog op de toepassing van dat statuut en die regeling, en de uitvoeringsmaatregelen die door het ondersteuningsbureau zijn vastgesteld op grond van artikel 38, lid 2, van de verordening, van toepassing op onderdanen van IJsland die door het ondersteuningsbureau worden aangeworven.

2.   In afwijking van artikel 12, lid 2, punt a), en artikel 82, lid 3, punt a), van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie, kunnen onderdanen van IJsland die in het bezit zijn van al hun burgerrechten op contractbasis in dienst worden genomen door de uitvoerend directeur van het ondersteuningsbureau overeenkomstig de door het ondersteuningsbureau vastgestelde regels voor de selectie en aanwerving van personeel.

3.   Artikel 38, lid 4, van de verordening is mutatis mutandis van toepassing op onderdanen van IJsland.

4.   Onderdanen van IJsland kunnen echter niet de post van uitvoerend directeur van het ondersteuningsbureau bekleden.

Artikel 9

Voorrechten en immuniteiten

IJsland past op het ondersteuningsbureau en zijn personeelsleden het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie (5) toe, alsook alle regels die uit hoofde van dat Protocol zijn vastgesteld met betrekking tot personeelsaangelegenheden van het ondersteuningsbureau.

Artikel 10

Fraudebestrijding

De bepalingen van artikel 44 van de verordening zijn van toepassing en het Europees Bureau voor Fraudebestrijding (OLAF) en de Rekenkamer kunnen hun bevoegdheden uitoefenen.

OLAF en de Rekenkamer stellen Ríkisendurskoðun tijdig in kennis van hun eventuele voornemen om een controle of audit ter plaatse uit te voeren, zodat deze, indien de IJslandse autoriteiten dat wensen, samen met Ríkisendurskoðun kunnen worden verricht.

Artikel 11

Comité

1.   Een comité bestaande uit vertegenwoordigers van de Europese Commissie en van IJsland ziet toe op de correcte uitvoering van deze regeling en zorgt voor een continu proces van informatieverstrekking en gedachtewisseling hierover. Om praktische redenen komt dit comité tegelijk samen met de comités die zijn opgericht met andere geassocieerde landen die deelnemen op basis van artikel 49, lid 1, van de verordening. Het comité komt samen op verzoek van IJsland of op verzoek van de Europese Commissie. De raad van bestuur van het ondersteuningsbureau wordt op de hoogte gehouden van de werkzaamheden van het comité.

2.   Informatie over geplande EU-wetgeving die direct gevolgen heeft voor de verordening of deze wijzigt, of die naar verwachting effect zal hebben op de financiële bijdrage in de zin van artikel 3 van deze regeling, wordt gedeeld en besproken in het comité.

Artikel 12

Bijlage

De bijlage bij deze regeling vormt een integrerend deel van deze regeling.

Artikel 13

Inwerkingtreding

1.   De overeenkomstsluitende partijen keuren deze regeling goed volgens hun eigen nationale procedures. Zij stellen elkaar in kennis van de voltooiing van die procedures.

2.   Deze regeling treedt in werking op de eerste dag van de maand na de laatste kennisgeving in de zin van lid 1.

Artikel 14

Beëindiging en geldigheid

1.   Deze regeling wordt voor onbepaalde tijd gesloten.

2.   Elk van de partijen kan, na overleg met het comité, deze regeling opzeggen door de andere partij hiervan in kennis te stellen. Zes maanden na de datum van die kennisgeving houdt deze regeling op van toepassing te zijn.

3.   Deze regeling vervalt in geval van beëindiging van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek IJsland en het Koninkrijk Noorwegen betreffende de criteria en mechanismen voor de vaststelling van de staat die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek dat in een lidstaat of in IJsland of Noorwegen wordt ingediend.

4.   Deze regeling wordt opgesteld in tweevoud in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische, de Zweedse en de IJslandse taal, waarbij alle teksten gelijkelijk authentiek zijn.

Image 1

Image 2

 


(1)   PB EU L 132 van 29.5.2010, blz. 11.

(2)   PB L 93 van 3.4.2001, blz. 40.

(3)   PB L 281 van 23.11.1995, blz. 31.

(4)   PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1.

(5)   PB C 83 van 30.3.2010, blz. 266.


BIJLAGE

FORMULE VOOR DE BEREKENING VAN DE BIJDRAGE

1.   

De financiële bijdrage van IJsland aan de ontvangsten van het ondersteuningsbureau, als bedoeld in artikel 33, lid 3, punt d), van de verordening, wordt volgens onderstaande formule berekend.

De jaarlijks op 31 maart beschikbare meest recente definitieve cijfers betreffende het bruto binnenlands product (bbp) van IJsland worden gedeeld door de som van de voor hetzelfde jaar beschikbare bbp-cijfers van alle landen die deelnemen aan het ondersteuningsbureau. Het aldus verkregen percentage wordt toegepast op het in artikel 33, lid 3, punt a), van de verordening bedoelde deel van de goedgekeurde ontvangsten van het ondersteuningsbureau voor het betreffende jaar om het bedrag van de financiële bijdrage van IJsland te verkrijgen.

2.   

De financiële bijdrage wordt betaald in euro.

3.   

IJsland betaalt zijn financiële bijdrage uiterlijk 45 dagen na ontvangst van de debetnota. Elk uitstel van betaling leidt ertoe dat IJsland vanaf de vervaldatum achterstandsrente moet betalen over het uitstaande bedrag. Het rentepercentage is de op de eerste dag van de maand van de vervaldag door de Europese Centrale Bank voor haar basisherfinancieringstransacties toegepaste rentevoet zoals bekendgemaakt in de C-reeks van het Publicatieblad van de Europese Unie, verhoogd met drieënhalf procentpunten.

4.   

De financiële bijdrage van IJsland wordt aangepast overeenkomstig deze bijlage indien de in artikel 33, lid 3, punt a), van de verordening bedoelde in de algemene begroting van de EU opgenomen bijdrage van de Unie wordt verhoogd op grond van artikel 26, 27 of 41 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad (1). In een dergelijk geval moet het verschil 45 dagen na ontvangst van de debetnota worden betaald.

5.   

Indien door het ondersteuningsbureau uit hoofde van artikel 3, lid 3, onder a), van de verordening van de EU ontvangen betalingskredieten voor jaar N niet uiterlijk 31 december van jaar N worden besteed of indien de begroting van het ondersteuningsbureau voor jaar N op grond van artikel 26, 27 of 41 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 is verlaagd, wordt het deel van de niet-bestede of verlaagde betalingskredieten dat overeenkomt met het percentage van de bijdrage van IJsland, overgeheveld naar de begroting van het ondersteuningsbureau voor het jaar N+1. De bijdrage van IJsland aan de begroting van het ondersteuningsbureau voor jaar N+1 wordt dienovereenkomstig verlaagd.


(1)   PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.


ELI: http://data.europa.eu/eli/agree_internation/2023/2166/oj

ISSN 1977-0758 (electronic edition)