|
ISSN 1977-0758 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 109I |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
66e jaargang |
|
Inhoud |
|
II Niet-wetgevingshandelingen |
Bladzijde |
|
|
|
VERORDENINGEN |
|
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
|
BESLUITEN |
|
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
* |
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. |
II Niet-wetgevingshandelingen
VERORDENINGEN
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/1 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2023/844 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot uitvoering van Verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 36/2012 van de Raad van 18 januari 2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 442/2011 (1), en met name artikel 32, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft op 18 januari 2012 Verordening (EU) nr. 36/2012 vastgesteld. |
|
(2) |
De Raad blijft diep bezorgd over de situatie in Syrië. Na meer dan tien jaar is het conflict in Syrië nog lang niet voorbij en blijft het een bron van ellende en instabiliteit. |
|
(3) |
De Raad constateert dat het Syrische regime zijn repressieve beleid voortzet. De Raad acht het, gelet op de onverminderde ernst van de situatie, noodzakelijk de doeltreffendheid van de bestaande beperkende maatregelen te bestendigen en te verzekeren door die beperkende maatregelen verder te ontwikkelen met behoud van de gerichte en gedifferentieerde aanpak en rekening houdend met de humanitaire omstandigheden van de Syrische bevolking. Gezien de specifieke context in Syrië is de Raad van oordeel dat bepaalde categorieën personen en entiteiten van bijzonder belang zijn voor de doeltreffendheid van die beperkende maatregelen. |
|
(4) |
De Raad heeft geconstateerd dat aan het regime gelieerde milities het repressieve beleid van het Syrische regime steunen, de mensenrechten met voeten treden en het internationaal humanitair recht schenden namens het Syrische regime, en dat er een ernstig risico bestaat dat de leden van die milities nog meer van dergelijke schendingen zullen plegen. De afgelopen jaren is er sprake geweest van een toename van het aantal particuliere beveiligingsondernemingen die actief zijn in Syrië en die fungeren als brievenbusmaatschappijen voor aan het regime gelieerde milities en die die milities ondersteunen door middel van activiteiten zoals de aanwerving van leden. De Raad is derhalve van oordeel dat verdere beperkende maatregelen noodzakelijk zijn om alle tegoeden en economische middelen te bevriezen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van leden van aan het Syrische regime gelieerde milities, alsook van personen en entiteiten die banden hebben met bepaalde particuliere beveiligingsondernemingen die dergelijke aan het regime gelieerde milities steunen, en om inreisbeperkingen op te leggen aan die door de Raad aangewezen en in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 36/2012 opgenomen personen. |
|
(5) |
De Raad is ernstig bezorgd over de toename van de handel in verdovende middelen uit Syrië. De Raad heeft met name geoordeeld dat de handel in amfetaminen is uitgegroeid tot een door het regime geleid bedrijfsmodel, dat de kring van vertrouwelingen van het regime verrijkt en dat het regime inkomsten verschaft die bijdragen tot de handhaving van zijn repressieve beleid. De Raad is van oordeel dat hij beperkende maatregelen moet vaststellen om alle tegoeden en economische middelen te bevriezen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van bepaalde door de Raad aangewezen en in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 36/2012 opgenomen personen en entiteiten die betrokken zijn bij de productie van of de handel in verdovende middelen uit Syrië, en om die personen inreisbeperkingen op te leggen om te voorkomen dat zij steun verlenen aan het regime en om de druk op het regime te vergroten om zijn repressieve beleid te wijzigen. Die maatregelen zijn er ook op gericht het risico op ondermijning van de doeltreffendheid van de beperkende maatregelen te verminderen door het vermogen van het regime te beperken om de opbrengsten van de handel in verdovende middelen aan te wenden om zijn repressieve beleid voort te zetten. |
|
(6) |
Gezien de ernst van de situatie is de Raad van oordeel dat 25 personen en 8 entiteiten moeten worden toegevoegd aan de in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 36/2012 opgenomen lijst van natuurlijke personen en rechtspersonen, entiteiten of lichamen die onderworpen zijn aan beperkende maatregelen. |
|
(7) |
Verordening (EU) nr. 36/2012 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage II bij Verordening (EU) nr. 36/2012 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
BIJLAGE
Bijlage II bij Verordening (EU) nr. 36/2012 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in deel A (“Personen”):
|
|
2) |
De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in deel B (“Entiteiten”):
|
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/13 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2023/845 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot uitvoering van Verordening (EU) 2016/1686 tot vaststelling van bijkomende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da’esh) en Al Qaida en daarmee verbonden natuurlijke en rechtspersonen, entiteiten of lichamen
De Raad van de Europese Unie,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/1686 van de Raad van 20 september 2016 tot vaststelling van bijkomende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da’esh) en Al Qaida en daarmee verbonden natuurlijke en rechtspersonen, entiteiten of lichamen (1), en met name artikel 4, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft op 20 september 2016 Verordening (EU) 2016/1686 vastgesteld. |
|
(2) |
Gezien de aanhoudende dreiging van ISIS (Da’esh) en Al Qaida, en daarmee verbonden natuurlijke en rechtspersonen, entiteiten of lichamen, moeten twee personen en één groep aan de lijst van natuurlijke en rechtspersonen, entiteiten en lichamen in bijlage I bij Verordening (EU) 2016/1686 toegevoegd worden. |
|
(3) |
Verordening (EU) 2016/1686 moet daarom dienovereenkomstig gewijzigd worden, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I bij Verordening (EU) 2016/1686 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
BIJLAGE
Bijlage I bij Verordening (EU) 2016/1686 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
de volgende vermeldingen worden toegevoegd onder “A. Natuurlijke personen bedoeld in artikel 3”:
|
|
2) |
de volgende vermelding wordt toegevoegd onder “B. Rechtspersonen, entiteiten en lichamen bedoeld in artikel 3”:
|
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/15 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2023/846 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot uitvoering van Verordening (EU) nr. 359/2011 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in verband met de situatie in Iran
De Raad van de Europese Unie,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 359/2011 van de Raad van 12 april 2011 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in verband met de situatie in Iran (1), en met name artikel 12, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 12 april 2011 heeft de Raad Verordening (EU) nr. 359/2011 vastgesteld. |
|
(2) |
Op 25 september 2022 heeft de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid namens de Unie een verklaring afgelegd waarin hij zijn afschuw uitsprak over het wijdverbreide en onevenredige gebruik van geweld door de Iraanse veiligheidsdiensten tegen vreedzame demonstranten, waarbij hij opmerkte dat dit tot het verlies van levens en een groot aantal gewonden heeft geleid. In de verklaring werd er tevens op gewezen dat degenen die verantwoordelijk zijn voor de moord op Mahsa Amini ter verantwoording moeten worden geroepen, en werden de Iraanse autoriteiten ertoe opgeroepen te zorgen voor transparante en geloofwaardige onderzoeken om klaarheid inzake het aantal doden en arrestaties te verschaffen, alle vreedzame demonstranten vrij te laten en alle gedetineerden een eerlijke rechtsgang te bieden. Voorts werd benadrukt dat het besluit van Iran om de toegang tot internet danig te beperken en platformen voor instant messaging te blokkeren, een flagrante schending van de vrijheid van meningsuiting is. Tot slot werd in de verklaring gesteld dat de Unie alle beschikbare mogelijkheden zal nagaan om de moord op Mahsa Amini en de respons van de Iraanse veiligheidsdiensten op de daaropvolgende betogingen aan de orde te stellen. |
|
(3) |
In dit verband en in overeenstemming met de toezegging van de Unie om alle zorgwekkende kwesties met betrekking tot Iran, waaronder de mensenrechtensituatie, aan te pakken, zoals de Raad nog eens heeft bevestigd in zijn conclusies van 12 december 2022, moeten acht personen en één entiteit worden opgenomen op de lijst van natuurlijke en rechtspersonen, entiteiten en lichamen die onderworpen zijn aan de beperkende maatregelen in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 359/2011. |
|
(4) |
Verordening (EU) nr. 359/2011 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 359/2011 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
BIJLAGE
De volgende acht personen alsook de volgende entiteit worden toegevoegd aan de lijst van personen en entiteiten in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 359/2011:
|
|
Personen
|
|
|
Entiteiten
|
BESLUITEN
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/26 |
UITVOERINGSBESLUIT (GBVB) 2023/847 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot uitvoering van Besluit 2013/255/GBVB betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 31, lid 2,
Gezien Besluit 2013/255/GBVB van de Raad van 31 mei 2013 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië (1), en met name artikel 30, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 31 mei 2013 heeft de Raad Besluit 2013/255/GBVB vastgesteld. |
|
(2) |
De Raad blijft diep bezorgd over de situatie in Syrië. Na meer dan tien jaar is het conflict in Syrië nog lang niet voorbij en blijft het een bron van ellende en instabiliteit. |
|
(3) |
De Raad constateert dat het Syrische regime zijn repressieve beleid voortzet. De Raad acht het, gelet op de onverminderde ernst van de situatie, noodzakelijk de doeltreffendheid van de bestaande beperkende maatregelen te bestendigen en te verzekeren door die beperkende maatregelen verder te ontwikkelen met behoud van de gerichte en gedifferentieerde aanpak en rekening houdend met de humanitaire omstandigheden van de Syrische bevolking. Gezien de specifieke context in Syrië is de Raad van oordeel dat bepaalde categorieën personen en entiteiten van bijzonder belang zijn voor de doeltreffendheid van die beperkende maatregelen. |
|
(4) |
De Raad heeft geconstateerd dat aan het regime gelieerde milities het repressieve beleid van het Syrische regime steunen, de mensenrechten met voeten treden en het internationaal humanitair recht schenden namens het Syrische regime, en dat er een ernstig risico bestaat dat de leden van die milities nog meer van dergelijke schendingen zullen plegen. De afgelopen jaren is er sprake geweest van een toename van het aantal particuliere beveiligingsondernemingen die actief zijn in Syrië en die fungeren als brievenbusmaatschappijen voor aan het regime gelieerde milities en die die milities ondersteunen door middel van activiteiten zoals de aanwerving van leden. De Raad is derhalve van oordeel dat verdere beperkende maatregelen noodzakelijk zijn om alle tegoeden en economische middelen te bevriezen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van leden van aan het Syrische regime gelieerde milities, alsook van personen en entiteiten die banden hebben met bepaalde particuliere beveiligingsondernemingen die dergelijke aan het regime gelieerde milities steunen, en om inreisbeperkingen op te leggen aan die door de Raad aangewezen en in bijlage I bij Besluit 2013/255/GBVB opgenomen personen. |
|
(5) |
De Raad is ernstig bezorgd over de toename van de handel in verdovende middelen uit Syrië. De Raad heeft met name geoordeeld dat de handel in amfetaminen is uitgegroeid tot een door het regime geleid bedrijfsmodel, dat de kring van vertrouwelingen van het regime verrijkt en dat het regime inkomsten verschaft die bijdragen tot de handhaving van zijn repressieve beleid. De Raad is van oordeel dat hij beperkende maatregelen moet vaststellen om alle tegoeden en economische middelen te bevriezen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van bepaalde door de Raad aangewezen en in bijlage I bij Besluit 2013/255/GBVB opgenomen personen en entiteiten die betrokken zijn bij de productie van of de handel in verdovende middelen uit Syrië, en om die personen inreisbeperkingen op te leggen om te voorkomen dat zij steun verlenen aan het regime en om de druk op het regime te vergroten om zijn repressieve beleid te wijzigen. Die maatregelen zijn er ook op gericht het risico op ondermijning van de doeltreffendheid van de beperkende maatregelen te verminderen door het vermogen van het regime te beperken om de opbrengsten van de handel in verdovende middelen aan te wenden om zijn repressieve beleid voort te zetten. |
|
(6) |
Gezien de ernst van de situatie is de Raad van oordeel dat 25 personen en 8 entiteiten moeten worden toegevoegd aan de in bijlage I bij Besluit 2013/255/GBVB opgenomen lijst van natuurlijke personen en rechtspersonen, entiteiten en lichamen die onderworpen zijn aan beperkende maatregelen. |
|
(7) |
Besluit 2013/255/GBVB moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I bij Besluit 2013/255/GBVB wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
BIJLAGE
Bijlage I bij Besluit 2013/255/GBVB wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in deel A (“Personen”):
|
|
2) |
De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan de lijst in deel B (“Entiteiten”):
|
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/38 |
BESLUIT (GBVB) 2023/848 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot wijziging van Besluit (GBVB) 2016/1693 betreffende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da'esh) en Al Qaida en daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft op 20 september 2016 Besluit (GBVB) 2016/1693 (1) vastgesteld. |
|
(2) |
Gezien de aanhoudende dreiging van ISIS (Da'esh) en Al Qaida, en daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten, moeten twee personen en één groep aan de lijst van personen, groepen, ondernemingen en entiteiten in de bijlage bij Besluit (GBVB) 2016/1693 toegevoegd worden. |
|
(3) |
Besluit (GBVB) 2016/1693 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Besluit (GBVB) 2016/1693 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
(1) Besluit (GBVB) 2016/1693 van de Raad van 20 september 2016 betreffende beperkende maatregelen tegen ISIS (Da'esh) en Al Qaida en daarmee verbonden personen, groepen, ondernemingen en entiteiten, en tot intrekking van Gemeenschappelijk Standpunt 2002/402/GBVB (PB L 255 van 21.9.2016, blz. 25).
BIJLAGE
De bijlage bij Besluit (GBVB) 2016/1693 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
De volgende vermeldingen worden toegevoegd aan afdeling A “Personen bedoeld in de artikelen 2 en 3”:
|
|
2) |
De volgende vermelding wordt toegevoegd aan afdeling B “Groepen, ondernemingen en entiteiten bedoeld in artikel 3”:
|
|
24.4.2023 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
LI 109/40 |
UITVOERINGSBESLUIT (GBVB) 2023/849 VAN DE RAAD
van 24 april 2023
tot uitvoering van Besluit 2011/235/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten vanwege de situatie in Iran
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 31, lid 2,
Gezien Besluit 2011/235/GBVB van de Raad van 12 april 2011 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten vanwege de situatie in Iran (1), en met name artikel 3, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 12 april 2011 heeft de Raad Besluit 2011/235/GBVB vastgesteld. |
|
(2) |
Op 25 september 2022 heeft de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid namens de Unie een verklaring afgelegd waarin hij zijn afschuw uitsprak over het wijdverbreide en onevenredige gebruik van geweld door de Iraanse veiligheidsdiensten tegen vreedzame demonstranten, waarbij hij opmerkte dat dit tot het verlies van levens en een groot aantal gewonden heeft geleid. In de verklaring werd er tevens op gewezen dat degenen die verantwoordelijk zijn voor de moord op Mahsa Amini ter verantwoording moeten worden geroepen, en werden de Iraanse autoriteiten ertoe opgeroepen te zorgen voor transparante en geloofwaardige onderzoeken om klaarheid inzake het aantal doden en arrestaties te verschaffen, alle vreedzame demonstranten vrij te laten en alle gedetineerden een eerlijke rechtsgang te bieden. Voorts werd benadrukt dat het besluit van Iran om de toegang tot internet danig te beperken en platformen voor instant messaging te blokkeren, een flagrante schending van de vrijheid van meningsuiting is. Tot slot werd in de verklaring gesteld dat de Unie alle beschikbare mogelijkheden zal nagaan om de moord op Mahsa Amini en de respons van de Iraanse veiligheidsdiensten op de daaropvolgende betogingen aan de orde te stellen. |
|
(3) |
In dit verband en in overeenstemming met de toezegging van de Unie om alle zorgwekkende kwesties met betrekking tot Iran, waaronder de mensenrechtensituatie, aan te pakken, zoals de Raad nog eens heeft bevestigd in zijn conclusies van 12 december 2022, moeten acht personen en één entiteit worden opgenomen op de lijst van personen en entiteiten die onderworpen zijn aan beperkende maatregelen in de bijlage bij Besluit 2011/235/GBVB. |
|
(4) |
Besluit 2011/235/GBVB moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Besluit 2011/235/GBVB wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Luxemburg, 24 april 2023.
Voor de Raad
De voorzitter
J. BORRELL FONTELLES
BIJLAGE
De volgende acht personen alsook de volgende entiteit worden toegevoegd aan de lijst van personen en entiteiten in de bijlage bij Besluit 2011/235/GBVB:
Personen
|
|
Naam |
Informatie ter identificatie |
Motivering |
Datum van plaatsing op lijst |
|
“214. |
NOBAVEH VATAN Bijan بیژن نوباوه وطن |
Geboortedatum: 1959/1960 Geboorteplaats: Teheran, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Functie: lid van het Iraanse parlement; eerste vicevoorzitter van de culturele commissie van het Iraanse parlement |
Bijan Nobaveh Vatan is een Iraanse wetgever van de harde lijn en de eerste vicevoorzitter van de culturele commissie van het Iraanse parlement. Hij is een van de 227 parlementsleden die op 6 november 2022 een verklaring hebben ondertekend waarin de veiligheidstroepen werden geprezen voor het doden van demonstranten en er bij de rechterlijke macht op werd aangedrongen de processen te versnellen en betogers ter dood te veroordelen wegens “Muharebeh” of “vijandigheid jegens God”. Bovendien is hij een drijvende kracht achter wetgeving tot uitvoering van restrictieve kledingvoorschriften voor vrouwen door sancties op te leggen aan instellingen, bedrijven en personen die contact hebben met vrouwen die zich niet aan de regels houden waardoor deze in wezen worden geboycot. Als lid van het Iraanse parlement steunde Nobaveh Vatan de moord, detentie en foltering van mensen tijdens de landelijke protesten in Iran in 2022/2023. Hij steunt voorts wetten die de sociale en economische rechten van vrouwen in Iran aanzienlijk beperken. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
215. |
YAZDIKHAH Ali علی یزدی خواه |
Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Functie: lid van het Iraanse parlement; lid van de culturele commissie van het Iraanse parlement |
Ali Yazdikhah is een Iraanse wetgever van de harde lijn en een lid van de culturele commissie van het Iraanse parlement. Hij is een van de 227 leden van het parlement die op 6 november 2022 een verklaring hebben ondertekend waarin de veiligheidstroepen werden geprezen voor het doden van demonstranten en er bij de rechterlijke macht op werd aangedrongen de processen te versnellen en betogers ter dood te veroordelen wegens “Muharebeh” of “vijandigheid jegens God”. Bovendien is hij een drijvende kracht achter wetgeving tot uitvoering van restrictieve kledingvoorschriften voor vrouwen door sancties op te leggen aan instellingen, bedrijven en personen die contact hebben met vrouwen die zich niet aan de regels houden, waardoor deze in wezen worden geboycot. Als lid van het Iraanse parlement steunde Yazdikhah de moord, detentie en foltering van mensen tijdens de landelijke protesten in Iran in 2022/2023. Hij steunt voorts wetten die de sociale en economische rechten van vrouwen in Iran aanzienlijk beperken. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
216. |
ALIBABAEI Mehdi محدی علی بابایی (ook bekend als ALI BABAEI Mehdi, BABAEI Ali Mehdi) |
Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Rang: majoor Functie: provinciaal plaatsvervangend hoofd van de Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) in Qom |
Majoor Mehdi Alibabaei is provinciaal plaatsvervangend hoofd van de Islamitische Revolutionaire Garde in Qom. Hij leidt de Islamitische Revolutionaire Garde en de Basij-militie in de stad Qom. Na de dood van Mahsa Amini in september 2022 vonden enkele van de meest heftige protesten plaats in de stad Qom. Er werden veiligheidstroepen, waaronder de Islamitische Revolutionaire Garde en de Basij-militie, ingezet om deze protesten met geweld de kop in te drukken. Sinds maart 2023 hebben de Islamitische Revolutionaire Garde en de Basij-militie ook de opdracht gekregen de verplichte hijab-wet te handhaven door middel van nieuwe methoden van onderdrukking. Alibabaei maakte een nieuw plan bekend om leden van de Basij-militie in elk stadsdeel van Qom in te zetten om de hijab-wet te handhaven. Het nieuwe plan omvat de invoering van programma’s als “Wees een beroemde leider in onze buurt”, waarin de Islamitische Revolutionaire Garde en de Basij-militie wordt opgedragen buurtpatrouilles uit te voeren, gebruik te maken van inlichtingen en intimidatie, en de verantwoordingsplicht van gewone burgers af te dwingen (bijvoorbeeld door conciërges van (appartements)gebouwen te wijzen op hun verantwoordelijkheid ten aanzien van “onvoldoende gesluierde” bewoners). Dit plan zorgt voor een heel nieuw niveau van verklikking en informatievergaring door de algemene bevolking, met als doel vrouwen te onderdrukken. Onder het bevel van Alibabaei worden de lokale Islamitische Revolutionaire Garde en Basij-militie in Qom gelast bepaalde wetten te handhaven met middelen en methoden die burgers intimideren en hun grondrechten schenden. Als provinciaal plaatsvervangend hoofd van de Islamitische Revolutionaire Garde in Qom is majoor Mehdi Alibabaei verantwoordelijk voor de onderdrukking door de lokale Islamitische Revolutionaire Garde en Basij-militie en voor hun schendingen van het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op privacy. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
217. |
NOUROUZI Ali Asghar (ook bekend als NOROUZI Ali Asghar) |
Geboortedatum: 11.11.1962 Geboorteplaats: Dashtestan, provincie Bushehr, Iran Adres: Unit 29, 5th Floor, Talaieh Block-B1, Elahiyeh Complex 1, Number 0, Alley 2-Shahid Sajjad Rushanai, Rabbaninejad Street, Zein Aldin Municipality, Qom 3739144673, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Paspoortnummer: Y53914915 (Iran), verloopt op 11.5.2026 Iraans nationaal identiteitsbewijs nr.: 4591967573 Functie: voorzitter van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de IRGC Geassocieerde personen: Seyyed Aminollah; Emami Tabatabai; Yahya Alaoddini; Jamal Babamoradi; Ahmad Karimi Geassocieerde entiteiten: Coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde/Bonyad Taavon Sepah Islamitische Revolutionaire Garde |
Ali Asghar Nourouzi is voorzitter van de raad van bestuur van de op de EU-lijst geplaatste coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde. De Islamitische Revolutionaire Garde heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de onderdrukking van de protesten in 2022/2023 in Iran, waarbij meer dan 520 mensen werden gedood, onder wie meer dan 70 minderjarigen, en waarbij meer dan 22 000 arrestaties/inhechtenisnemingen zijn verricht. De coöperatieve stichting van de IRGC is verantwoordelijk voor het beheer van de investeringen van de Islamitische Revolutionaire Garde en is in dat kader verantwoordelijk voor het doorsluizen van geld naar de brute repressie van het regime. Als voorzitter van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de IRGC is Ali Asghar Nourouzi dus verantwoordelijk voor het opzettelijk en bewust verstrekken van de instrumenten waarmee de brute en aanhoudende repressie werd uitgevoerd. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
218. |
TABATABAI Seyyed Amin Ala Emami (ook bekend als TABATBAYI Aminallah Imami) |
Geboortedatum: 26.8.1963 Geboorteplaats: Meybod, Iran Adres: Teheran, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Iraans nationaal identiteitsbewijs nr.: 4489260229 Functie: vicevoorzitter van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde; algemeen directeur van de coöperatieve stichting van de IRGC Geassocieerde personen: Ali Asghar Nourouzi; Yahya Alaoddini; Jamal Babamoradi; Ahmad Karimi Geassocieerde entiteiten: Coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde/Bonyad Taavon Sepah Islamitische Revolutionaire Garde |
Seyyed Amin Ala Emami Tabatabai is de vicevoorzitter van de raad van bestuur en de algemeen directeur van de op de EU-lijst geplaatste coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde. De Islamitische Revolutionaire Garde heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de onderdrukking van de protesten in 2022/2023 in Iran, waarbij meer dan 520 mensen werden gedood, onder wie meer dan 70 minderjarigen, en waarbij meer dan 22 000 arrestaties/inhechtenisnemingen zijn verricht. De coöperatieve stichting van de IRGC is verantwoordelijk voor het beheer van de investeringen van de Islamitische Revolutionaire Garde en is in dat kader verantwoordelijk voor het doorsluizen van geld naar de brute en aanhoudende repressie van het regime. Als vicevoorzitter van de raad van bestuur en algemeen directeur van de coöperatieve stichting van de IRGC is Seyyed Amin Ala Emami Tabatabai dus verantwoordelijk voor het opzettelijk en bewust verstrekken van de instrumenten waarmee de brute repressie werd uitgevoerd. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
219. |
ALAODDINI Yahya (ook bekend als ALA'ODDINI Yahya; ALAEDDINI Yahya) |
Geboortedatum: 21.5.1965 Geboorteplaats: Teheran, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Paspoortnummer: K47201906 (Iran), verloopt op 19.10.2023 Iraans nationaal identiteitsbewijs nr.: 0036732958 Functie: lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde Geassocieerde personen: Ali Asghar Nourouzi; Jamal Babamoradi; Ahmad Karimi; Seyyed Amin Ala Emami Tabatabai Geassocieerde entiteiten: Coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde/Bonyad Taavon Sepah Islamitische Revolutionaire Garde |
Yahya Alaoddini is lid van de raad van bestuur van de op de EU-lijst geplaatste coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde. De Islamitische Revolutionaire Garde heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de onderdrukking van de protesten in 2022/2023 in Iran, waarbij meer dan 520 mensen werden gedood, onder wie meer dan 70 minderjarigen, en waarbij meer dan 22 000 arrestaties/inhechtenisnemingen zijn verricht. De coöperatieve stichting van de IRGC is verantwoordelijk voor het beheer van de investeringen van de Islamitische Revolutionaire Garde en is in dat kader verantwoordelijk voor het doorsluizen van geld naar de brute repressie van het regime. Als lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de IRGC is Yahya Alaoddini dus verantwoordelijk voor het opzettelijk en bewust verstrekken van de instrumenten waarmee de brute en aanhoudende repressie werd uitgevoerd. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
220. |
BABAMORADI Jamal Ali |
Geboortedatum: 24.5.1960 Geboorteplaats: Teheran, Iran Adres: Teheran, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Iraans nationaal identiteitsbewijs nr.: 0036824240 Functie: lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde Geassocieerde personen: Ali Asghar Nourouzi; Ahmad Karimi; Yahya Alaoddini; Seyyed Amin Ala Emami Tabatabai Geassocieerde entiteiten: Coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde/Bonyad Taavon Sepah Islamitische Revolutionaire Garde |
Jamal Ali Babamoradi is lid van de raad van bestuur van de op de EU-lijst geplaatste coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde. De Islamitische Revolutionaire Garde heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de onderdrukking van de protesten in 2022/2023 in Iran, waarbij meer dan 520 mensen werden gedood, onder wie meer dan 70 minderjarigen, en waarbij meer dan 22 000 arrestaties/inhechtenisnemingen zijn verricht. De coöperatieve stichting van de IRGC is verantwoordelijk voor het beheer van de investeringen van de Islamitische Revolutionaire Garde en is in dat kader verantwoordelijk voor het doorsluizen van geld naar de brute repressie van het regime. Als lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de IRGC is Jamal Ali Babamoradi dus verantwoordelijk voor het opzettelijk en bewust verstrekken van de instrumenten waarmee de brute en aanhoudende repressie werd uitgevoerd. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023 |
|
221. |
KARIMI Ahmad Hasan |
Geboortedatum: 11.12.1962 Geboorteplaats: Qom, Iran Adres: Teheran, Iran Nationaliteit: Iraanse Geslacht: man Iraans nationaal identiteitsbewijs nr.: 0382947983 Functie: lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde Geassocieerde personen: Ali Asghar Nourouzi; Yahya Alaoddini; Seyyed Amin Ala Emami Tabatabai; Jamal Ali Babamoradi Geassocieerde entiteiten: Coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde/Bonyad Taavon Sepah Islamitische Revolutionaire Garde |
Ahmad Hasan Karimi is lid van de raad van bestuur van de op de EU-lijst geplaatste coöperatieve stichting van de Islamitische Revolutionaire Garde. De Islamitische Revolutionaire Garde heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de onderdrukking van de protesten in 2022/2023 in Iran, waarbij meer dan 520 mensen werden gedood, onder wie meer dan 70 minderjarigen, en waarbij meer dan 22 000 arrestaties/inhechtenisnemingen zijn verricht. De coöperatieve stichting van de IRGC is verantwoordelijk voor het beheer van de investeringen van de Islamitische Revolutionaire Garde en is in dat kader verantwoordelijk voor het doorsluizen van geld naar de brute repressie van het regime. Als lid van de raad van bestuur van de coöperatieve stichting van de IRGC is Ahmad Hasan Karimi dus verantwoordelijk voor het opzettelijk en bewust verstrekken van de instrumenten waarmee de brute en aanhoudende repressie werd uitgevoerd. Hij is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023” |
Entiteiten
|
|
Naam |
Informatie ter identificatie |
Motivering |
Datum van plaatsing op lijst |
|
“35. |
Ariantel |
Adres: Ariantel Head Office, No. 15, 15th alley, South Gandhi Street, Teheran, Iran Website: http://www.ariantel.ir Soort entiteit: particuliere onderneming |
Ariantel is een Iraanse aanbieder van mobiele diensten, die het voortouw heeft genomen bij de uitrol van de uitgebreide architectuur voor telecommunicatie-observatie die door de Iraanse regering is opgezet om afwijkende meningen en kritische geluiden in Iran de kop in te drukken. Ariantel heeft actief gestreefd naar en maakt gebruik van cyberwareproducten om telefoongesprekken en andere mobiele communicatieactiviteiten van haar gebruikers te monitoren, te geolokaliseren en te onderscheppen op verzoek van de Iraanse regering. Deze informatie is vervolgens gebruikt om protesten de kop in te drukken en te verstoren, en om vreedzame demonstranten en activisten te identificeren, in het oog te houden en te arresteren. Ariantel is derhalve verantwoordelijk voor ernstige mensenrechtenschendingen in Iran. |
24.4.2023” |