|
ISSN 1977-0758 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
65e jaargang |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst. |
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. |
II Niet-wetgevingshandelingen
INTERNATIONALE OVEREENKOMSTEN
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/1 |
Internationale overeenkomst
tussen de Europese Unie, enerzijds, en de Republiek Tunesië, anderzijds, over de deelname van de Republiek Tunesië aan het programma van de Unie “Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie”
De Europese Commissie (hierna “de Commissie” genoemd) namens de Europese Unie,
enerzijds,
en
de regering van de Republiek Tunesië (hierna “Tunesië” genoemd),
anderzijds,
hierna “de Partijen” genoemd,
OVERWEGENDE dat in het protocol (1) bij de Euro-mediterrane Overeenkomst (2) waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten enerzijds en de Republiek Tunesië anderzijds, inzake een Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Tunesië over de algemene beginselen voor de deelname van de Republiek Tunesië aan EU-programma’s (hierna “het protocol” genoemd) is bepaald dat de specifieke voorwaarden en regelingen voor de deelname van Tunesië aan de verschillende EU-programma’s, met inbegrip van de financiële bijdrage en de rapportage- en evaluatieprocedures, worden vastgesteld in een memorandum van overeenstemming (3) tussen de Europese Commissie en de bevoegde autoriteiten van Tunesië op grond van de criteria die door deze programma’s zijn bepaald;
OVERWEGENDE dat het programma van de Europese Unie voor onderzoek en innovatie, “Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie” (hierna “het Horizon Europa-programma” genoemd), is vastgesteld bij Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad (4);
GEZIEN de inspanningen van de Europese Unie om het voortouw te nemen door de krachten te bundelen met haar internationale partners om mondiale uitdagingen aan te pakken in overeenstemming met het actieplan voor mens, planeet en welvaart in de agenda van de Verenigde Naties “Onze wereld transformeren: Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling”, en erkennend dat onderzoek en innovatie belangrijke aanjagers en essentiële instrumenten zijn voor innovatiegedreven duurzame groei, voor het economisch concurrentievermogen en voor de aantrekkelijkheid van de economie;
INSTEMMEND MET de algemene beginselen van Verordening (EU) 2021/695;
MET INACHTNEMING VAN de doelstellingen van de vernieuwde Europese Onderzoeksruimte om een gemeenschappelijke wetenschappelijke en technologische ruimte en een eengemaakte markt voor onderzoek en innovatie tot stand te brengen, de samenwerking tussen universiteiten, de uitwisseling van beste praktijken en aantrekkelijke onderzoeksloopbanen te bevorderen en te faciliteren, de mobiliteit van onderzoekers tussen landen en sectoren te vergemakkelijken, het vrije verkeer van wetenschappelijke kennis en innovatie te bevorderen, de eerbiediging van de academische vrijheid en vrij wetenschappelijk onderzoek te stimuleren, wetenschapsonderwijs en -communicatie te ondersteunen, en het concurrentievermogen en de aantrekkelijkheid van deelnemende economieën te bevorderen, evenals het feit dat geassocieerde landen hierbij belangrijke partners zijn;
DE NADRUK LEGGEND op de rol van de Europese partnerschappen, waarmee enkele van de meest dringende uitdagingen van Europa door middel van gezamenlijke onderzoeks- en innovatie-initiatieven worden aangepakt, en aanzienlijk wordt bijgedragen tot de prioriteiten van de Europese Unie op het gebied van onderzoek en innovatie waarvoor kritische massa en langetermijnvisie nodig zijn, en op het belang van de betrokkenheid van geassocieerde landen bij die partnerschappen;
VOORNEMENS ZIJNDE wederzijds voordelige voorwaarden tot stand te brengen om fatsoenlijke banen te scheppen, de innovatie-ecosystemen van de Partijen te versterken en te ondersteunen door ondernemingen op de markten van de Partijen te helpen innoveren en opschalen, en zowel de toepassing, de uitrol als de toegankelijkheid van innovatie te bevorderen, onder meer door middel van capaciteitsopbouw;
ERKENNEND dat deelname aan elkaars onderzoeks- en innovatieprogramma’s wederzijdse voordelen moet opleveren, maar dat de Partijen zich ook het recht voorbehouden om de deelname aan hun onderzoeks- en innovatieprogramma’s te beperken of aan voorwaarden te onderwerpen, met name voor acties die verband houden met hun strategische activa, belangen, autonomie of veiligheid;
MET INACHTNEMING VAN de gemeenschappelijke doelstellingen, waarden en sterke banden van de Partijen op het gebied van onderzoek en innovatie, zoals eerder vastgesteld door middel van de desbetreffende internationale overeenkomsten, waaronder de associatieovereenkomsten bij het Horizon 2020-programma, en met erkenning van de gemeenschappelijke wens van de Partijen om hun betrekkingen en samenwerking op dit gebied te ontwikkelen, te versterken, te bevorderen en uit te breiden,
ZIJN ALS VOLGT OVEREENGEKOMEN:
Artikel 1
Reikwijdte van de associatie
1. Tunesië neemt als geassocieerd land deel aan en draagt bij aan alle onderdelen van het programma “Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie” (hierna “het Horizon Europa-programma” genoemd) als bedoeld in artikel 4 van Verordening (EU) 2021/695 en uitgevoerd door middel van het specifieke programma dat is vastgesteld bij Besluit (EU) 2021/764 (5), in de meest recente versies daarvan, en door middel van een financiële bijdrage aan het Europees Instituut voor innovatie en technologie.
Artikel 2
Voorwaarden voor deelname aan het Horizon Europa-programma
1. Tunesië neemt deel aan het Horizon Europa-programma overeenkomstig de voorwaarden die zijn vastgesteld in het protocol bij de Euro-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten enerzijds en de Republiek Tunesië anderzijds, inzake een Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Tunesië over de algemene beginselen voor de deelname van de Republiek Tunesië aan EU-programma’s, alsmede overeenkomstig de voorwaarden van deze overeenkomst, de in artikel 1 van deze overeenkomst bedoelde rechtshandelingen, en andere regelgeving met betrekking tot de uitvoering van het Horizon Europa-programma, in de meest recente versies daarvan.
2. Tenzij anders bepaald in de in lid 1 van dit artikel bedoelde voorwaarden, met inbegrip van die tot uitvoering van artikel 22, lid 5, van Verordening (EU) 2021/695, mogen in Tunesië gevestigde juridische entiteiten deelnemen aan indirecte acties van het Horizon Europa-programma onder voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden voor in de Europese Unie gevestigde juridische entiteiten, met inbegrip van de eerbiediging van de beperkende maatregelen van de Europese Unie (8).
3. Voordat zij beslist of in Tunesië gevestigde juridische entiteiten in aanmerking komen voor een actie met betrekking tot de strategische activa, belangen, autonomie of veiligheid van de Europese Unie als bedoeld in artikel 22, lid 5, van Verordening (EU) 2021/695, kan de Commissie om specifieke informatie of toezeggingen verzoeken, bijvoorbeeld:
|
a) |
informatie over de vraag of in de Europese Unie gevestigde juridische entiteiten toegang hebben gekregen of zullen krijgen tot bestaande en geplande programma’s en projecten van Tunesië die equivalent zijn aan de desbetreffende actie van Horizon Europa (hierna “equivalente programma’s” genoemd); |
|
b) |
informatie over de vraag of Tunesië beschikt over een nationaal screeningmechanisme voor investeringen en waarborgen dat de Tunesische autoriteiten bij de Commissie verslag uitbrengen en advies vragen over alle mogelijke gevallen waarbij zij, bij de toepassing van een dergelijk mechanisme, kennis hebben gekregen van een voorgenomen buitenlandse investering of overname door een entiteit die buiten Tunesië is gevestigd of waarover vanuit het buitenland zeggenschap wordt uitgeoefend, in een Tunesische juridische entiteit die financiering vanuit Horizon Europa heeft ontvangen in het kader van acties met betrekking tot de strategische activa, belangen, autonomie of veiligheid van de Europese Unie, voor zover de Commissie na de ondertekening van subsidieovereenkomsten met deze entiteiten aan Tunesië de lijst van de relevante in Tunesië gevestigde juridische entiteiten verstrekt, en |
|
c) |
waarborgen dat geen van de resultaten, technologieën, diensten en producten die door in Tunesië gevestigde entiteiten in het kader van de desbetreffende acties zijn ontwikkeld, gedurende de actie en tot vier jaar na het einde van de actie aan beperkingen worden onderworpen wat betreft de uitvoer daarvan naar de lidstaten van de EU. Tunesië deelt gedurende de actie en tot vier jaar na het einde van de actie jaarlijks een bijgewerkte lijst met zaken die aan nationale uitvoerbeperkingen onderworpen zijn. |
4. In Tunesië gevestigde juridische entiteiten kunnen deelnemen aan de activiteiten van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek (JRC) onder voorwaarden die gelijkwaardig zijn aan de voorwaarden voor in de Europese Unie gevestigde juridische entiteiten, tenzij beperkingen noodzakelijk zijn om coherentie met de reikwijdte van de deelname te waarborgen in verband met de uitvoering van de leden 2 en 3 van dit artikel.
5. Indien de Europese Unie het Horizon Europa-programma uitvoert door de artikelen 185 en 187 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie toe te passen, kunnen Tunesië en Tunesische juridische entiteiten deelnemen aan de uit hoofde van deze bepalingen tot stand gebrachte juridische structuren, in overeenstemming met de rechtshandelingen van de Europese Unie die voor de totstandbrenging van die structuren zijn of zullen worden vastgesteld.
6. Vertegenwoordigers van Tunesië hebben het recht als waarnemers deel te nemen aan de vergaderingen van het in artikel 14 van Besluit (EU) 2021/764 bedoelde comité, zonder stemrecht en enkel voor kwesties die Tunesië betreffen.
De vertegenwoordigers van Tunesië mogen echter niet aanwezig zijn bij de stemmingen in deze comités.
Tunesië wordt in kennis gesteld van het resultaat. De in dit lid bedoelde deelname geschiedt in dezelfde vorm als de deelname van vertegenwoordigers van de lidstaten van de Europese Unie, met inbegrip van de procedures voor het ontvangen van informatie en documentatie.
7. De rechten van Tunesië om te worden vertegenwoordigd in en deel te nemen aan het Comité Europese onderzoeksruimte en de subgroepen ervan, zijn de rechten die van toepassing zijn op geassocieerde landen.
8. Vertegenwoordigers van Tunesië hebben het recht als waarnemer deel te nemen aan de raad van beheer van het JRC, zonder stemrecht. Onder die voorwaarde gelden voor die deelname dezelfde regels en procedures als de regels en procedures die gelden voor vertegenwoordigers van de lidstaten van de Europese Unie, met inbegrip van de spreekrechten en de procedures voor de ontvangst van informatie en documentatie met betrekking tot kwesties die Tunesië betreffen.
9. Tunesië kan deelnemen aan een consortium voor een Europese onderzoeksinfrastructuur (ERIC), overeenkomstig Verordening (EG) nr. 723/2009 van de Raad (9), in de meest recente versie, en overeenkomstig de rechtshandeling tot oprichting van het ERIC.
10. Reis- en verblijfkosten van vertegenwoordigers en deskundigen van Tunesië in verband met hun deelname, als waarnemers, aan de werkzaamheden van het comité als bedoeld in artikel 14 van Besluit (EU) 2021/764 of aan andere vergaderingen in verband met de uitvoering van het Horizon Europa-programma, worden door de Europese Unie vergoed op dezelfde grondslag als en volgens de procedures die gelden voor vertegenwoordigers van de lidstaten van de Europese Unie.
11. De Partijen stellen in het kader van de bestaande bepalingen alles in het werk om het vrij verkeer en verblijf van wetenschappers die aan de onder deze overeenkomst vallende activiteiten deelnemen, alsook het grensoverschrijdend verlenen van diensten en vervoeren van goederen die bestemd zijn om in het kader van die activiteiten te worden gebruikt, te vergemakkelijken.
12. Tunesië neemt alle passende maatregelen die nodig zijn ervoor te zorgen dat in Tunesië aangekochte of naar Tunesië ingevoerde goederen en diensten die geheel of gedeeltelijk worden gefinancierd uit hoofde van subsidieovereenkomsten en/of contracten voor de uitvoering van de activiteiten overeenkomstig deze overeenkomst worden vrijgesteld van in Tunesië geldende douanerechten, invoerrechten en andere fiscale heffingen, met inbegrip van btw.
Artikel 3
Financiële bijdrage
1. De financiële bijdrage van Tunesië aan het Horizon Europa-programma en aan de kosten voor het beheer, de uitvoering en het functioneren daarvan in het kader van de algemene begroting van de Europese Unie (hierna “de Uniebegroting” genoemd) is een voorwaarde voor de deelname van Tunesië of Tunesische juridische entiteiten aan dat programma.
2. De financiële bijdrage bestaat uit de som van:
|
a) |
een operationele bijdrage, en |
|
b) |
een vergoeding voor deelname. |
3. De financiële bijdrage neemt de vorm aan van één jaarlijkse betaling, die ten laatste in mei verschuldigd is.
4. De operationele bijdrage dekt de operationele en ondersteunende uitgaven van het programma en is, zowel wat vastleggingen als wat betalingskredieten betreft, aanvullend aan in de definitieve Uniebegroting voor het Horizon Europa-programma opgenomen bedragen, met inbegrip van kredieten die overeenkomen met vrijmakingen die opnieuw ter beschikking zijn gesteld, zoals bedoeld in artikel 15, lid 3, van de meest recente versie van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (10) (hierna “het Financieel Reglement” genoemd), en verhoogd met de externe bestemmingsontvangsten die niet voortvloeien uit financiële bijdragen van andere donoren aan het Horizon Europa-programma (11).
De verhoging voor externe bestemmingsontvangsten die overeenkomstig artikel 3, lid 1, van Verordening (EU) 2020/2094 van de Raad tot vaststelling van een herstelinstrument van de Europese Unie ter ondersteuning van het herstel na de COVID-19-crisis (12) zijn toegewezen, komt overeen met de jaarlijkse kredieten in de documenten bij de ontwerpbegroting van het Horizon Europa-programma.
5. De aanvankelijke operationele bijdrage wordt gebaseerd op een verdeelsleutel die wordt gedefinieerd als de verhouding tussen het bruto binnenlands product (bbp) van Tunesië tegen marktprijzen en het bbp van de Europese Unie tegen marktprijzen. De toe te passen bbp’s tegen marktprijzen worden door de daarvoor bestemde diensten van de Commissie vastgesteld op basis van de meest recente statistische gegevens die beschikbaar zijn voor begrotingsberekeningen in het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de betaling verschuldigd is. Bij wijze van uitzondering wordt de aanvankelijke operationele bijdrage voor 2021 gebaseerd op het bbp van het jaar 2019 tegen marktprijzen. In bijlage I is bepaald hoe deze verdeelsleutel wordt aangepast.
6. De aanvankelijke operationele bijdrage wordt berekend door toepassing van de aangepaste verdeelsleutel op de aanvankelijke vastleggingskredieten die zijn opgenomen in de definitieve begroting van de Europese Unie voor het Horizon Europa-programma van het desbetreffende jaar, verhoogd overeenkomstig lid 4 van dit artikel.
7. De vergoeding voor deelname bedraagt 4 % van de aanvankelijke jaarlijkse operationele bijdrage, zoals berekend overeenkomstig de leden 5 en 6 van dit artikel, en wordt overeenkomstig bijlage I ingefaseerd. De vergoeding voor deelname wordt achteraf niet aangepast of gecorrigeerd.
8. De aanvankelijke operationele bijdrage voor een jaar N kan met terugwerkende kracht in een of meer daaropvolgende jaren naar boven of naar beneden worden bijgesteld op basis van de vastlegging van vastleggingskredieten in de begroting van dat jaar N, verhoogd overeenkomstig lid 4 van dit artikel, van de uitvoering van de vastleggingen door middel van juridische verbintenissen en van de vrijmakingen ervan. Bijlage I bevat nadere bepalingen voor de uitvoering van dit artikel.
9. De Europese Unie verstrekt Tunesië informatie over zijn financiële deelname, die is opgenomen in de informatie met betrekking tot de begroting, boekhouding, prestaties en evaluatie die is voorgelegd aan de begrotings- en kwijtingsautoriteiten van de Europese Unie met betrekking tot het Horizon Europa-programma. Die informatie wordt verstrekt met inachtneming van de regels van de Europese Unie en Tunesië inzake vertrouwelijkheid en gegevensbescherming en laat de informatie die Tunesië overeenkomstig bijlage III moet ontvangen, onverlet.
10. Alle bijdragen van Tunesië of betalingen van de Europese Unie en de berekening van verschuldigde of te ontvangen bedragen, worden in euro’s verricht.
Artikel 4
Mechanisme voor automatische correctie
1. Er is een automatisch correctiemechanisme van de aanvankelijke operationele bijdrage van Tunesië voor het jaar N, zoals aangepast overeenkomstig artikel 3, lid 8, van toepassing, dat in het jaar N+2 wordt berekend. Dit mechanisme wordt gebaseerd op de prestaties van Tunesië en Tunesische juridische entiteiten in de onderdelen van het Horizon Europa-programma die door middel van subsidies op basis van mededinging worden gefinancierd uit vastleggingskredieten voor het jaar N, verhoogd overeenkomstig artikel 3, lid 4.
Het bedrag van de automatische correctie wordt berekend op basis van het verschil tussen:
|
a) |
het aanvankelijke bedrag aan juridische verbintenissen voor subsidies op basis van mededinging die daadwerkelijk met Tunesië of Tunesische juridische entiteiten zijn aangegaan en die gefinancierd zijn uit vastleggingskredieten voor het jaar N, verhoogd overeenkomstig artikel 3, lid 4, en |
|
b) |
de bijbehorende, door Tunesië betaalde operationele bijdrage voor het jaar N, zoals aangepast overeenkomstig artikel 3, lid 8, met uitzondering van de niet-interventiekosten die zijn gefinancierd uit vastleggingskredieten voor het jaar N, verhoogd overeenkomstig artikel 3, lid 4. |
2. Indien het in lid 1 bedoelde bedrag, of dat nu positief of negatief is, meer dan 8 % van de bijbehorende aanvankelijke operationele bijdrage, zoals aangepast overeenkomstig artikel 3, lid 8, bedraagt, wordt de aanvankelijke operationele bijdrage van Tunesië voor het jaar N gecorrigeerd. Het door of aan Tunesië verschuldigde bedrag als aanvullende bijdrage of verlaging van de bijdrage van Tunesië in het kader van het automatische correctiemechanisme, is het bedrag waarmee de drempel van 8 % wordt overschreden, waarbij het bedrag onder deze drempel van 8 % niet wordt meegerekend in de aanvullende bijdrage die verschuldigd is of wordt gecompenseerd.
3. Bijlage I bevat gedetailleerde voorschriften met betrekking tot het automatische correctiemechanisme.
Artikel 5
Wederkerigheid
1. In de Europese Unie gevestigde juridische entiteiten kunnen deelnemen aan aan Horizon Europa equivalente programma’s en projecten van Tunesië overeenkomstig de wetgeving van Tunesië.
2. Bijlage II bevat een niet-uitputtende lijst van equivalente programma’s en projecten van Tunesië.
3. Op de financiering van in de Unie gevestigde juridische entiteiten door Tunesië is de wetgeving van Tunesië van toepassing waarin de uitvoering van onderzoeks- en innovatieprogramma’s en -projecten is geregeld. Indien geen financiering wordt verstrekt, kunnen in de Unie gevestigde juridische entiteiten met hun eigen middelen deelnemen.
Artikel 6
Open wetenschap
De Partijen bevorderen en stimuleren openwetenschapspraktijken in hun programma’s en projecten wederzijds, overeenkomstig de voorschriften van het Horizon Europa-programma en de wetgeving van Tunesië.
Artikel 7
Toezicht, evaluatie en verslaglegging
1. Onverminderd de verantwoordelijkheden van de Commissie, het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) en de Rekenkamer van de Europese Unie met betrekking tot het toezicht op en de evaluatie van het Horizon Europa-programma wordt de deelname van Tunesië aan dat programma continu gemonitord op basis van partnerschap tussen de Commissie en Tunesië.
2. Bijlage III bevat de voorschriften inzake goed financieel beheer, met inbegrip van financiële controle, invordering en andere fraudebestrijdingsmaatregelen met betrekking tot financiering van de Europese Unie in het kader van deze overeenkomst.
Artikel 8
Gezamenlijk comité voor onderzoek en innovatie EU-Tunesië
1. Hierbij wordt het Gezamenlijk comité voor onderzoek en innovatie EU-Tunesië (hierna “het Gezamenlijk comité EU-Tunesië” genoemd) opgericht. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië is onder andere belast met:
|
a) |
het beoordelen, evalueren en herzien van de uitvoering van deze overeenkomst, met name wat betreft:
|
|
b) |
op verzoek van een van de Partijen, het bespreken van de door de Partijen toegepaste of geplande beperkingen van de toegang tot hun respectieve onderzoeks- en innovatieprogramma’s, met name voor acties in verband met hun strategische activa, belangen, autonomie of veiligheid; |
|
c) |
het onderzoeken hoe de samenwerking kan worden verbeterd en ontwikkeld; |
|
d) |
het samen bespreken van de toekomstige oriëntaties en prioriteiten van beleid met betrekking tot onderzoek en innovatie, en het plannen van onderzoek van gemeenschappelijk belang, en |
|
e) |
het uitwisselen van informatie, onder meer over nieuwe wetgeving, besluiten of nationale onderzoeks- en innovatieprogramma’s die relevant zijn voor de uitvoering van deze overeenkomst. |
2. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië, dat bestaat uit vertegenwoordigers van de Europese Unie en Tunesië, stelt zijn reglement van orde vast.
3. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië kan besluiten om op ad-hocbasis een werkgroep of adviesorgaan van deskundigen op te zetten, die/dat kan bijdragen tot de uitvoering van deze overeenkomst.
4. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië komt ten minste eenmaal per jaar bijeen en, indien dat vanwege bijzondere omstandigheden nodig is, op verzoek van een van de Partijen. De Europese Unie en Tunesië organiseren de vergaderingen beurtelings en treden beurtelings als gastheer op.
5. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië voert zijn werkzaamheden doorlopend uit door middel van de uitwisseling van relevante informatie via alle communicatiemiddelen, met name met betrekking tot de deelname en prestaties van de juridische entiteiten van Tunesië. Het Gezamenlijk comité EU-Tunesië kan zijn taken met name schriftelijk uitvoeren wanneer dat nodig is.
Artikel 9
Slotbepalingen
1. Deze overeenkomst treedt in werking op de datum waarop de Partijen elkaar in kennis stellen van de voltooiing van hun interne daartoe vereiste procedures.
2. Deze overeenkomst is van toepassing met ingang van 1 januari 2021. Zij blijft van kracht zolang dat nodig is voor de afronding van alle projecten, acties en activiteiten, of delen daarvan, die vanuit het Horizon Europa-programma worden gefinancierd, van alle acties die nodig zijn om de financiële belangen van de Europese Unie te beschermen, en van alle financiële verplichtingen tussen de Partijen die voortvloeien uit de uitvoering van deze overeenkomst.
3. De Europese Unie kan de toepassing van deze overeenkomst opschorten indien Tunesië de overeenkomstig bijlage I, punt III, 4, bij deze overeenkomst verschuldigde financiële bijdrage niet of slechts ten dele betaalt.
Indien de niet-betaling de uitvoering en het beheer van het Horizon Europa-programma aanzienlijk in gevaar brengt, verzendt de Commissie een formele aanmaningsbrief. Indien binnen 20 werkdagen na de formele aanmaningsbrief geen betaling is verricht, stelt de Commissie Tunesië in kennis van de opschorting van de toepassing van deze overeenkomst door middel van een formele kennisgevingsbrief, die 15 dagen na ontvangst van deze kennisgeving door Tunesië van kracht wordt.
Indien de toepassing van deze overeenkomst wordt opgeschort, komen in Tunesië gevestigde juridische entiteiten niet in aanmerking voor deelname aan aanbestedingsprocedures die nog niet zijn afgerond op het moment dat de opschorting van kracht wordt. Een aanbestedingsprocedure wordt geacht te zijn voltooid wanneer als gevolg van die procedure juridische verbintenissen zijn aangegaan.
De opschorting laat de juridische verbintenissen die zijn aangegaan met in Tunesië gevestigde juridische entiteiten voordat de opschorting van kracht werd, onverlet. Deze overeenkomst blijft van toepassing op dergelijke juridische verbintenissen.
Zodra de Europese Unie het volledige verschuldigde bedrag van de financiële bijdrage heeft ontvangen, stelt zij Tunesië daarvan in kennis. De opschorting wordt onmiddellijk na deze kennisgeving opgeheven.
Vanaf de datum waarop de opschorting wordt opgeheven, komen juridische entiteiten van Tunesië weer in aanmerking voor aanbestedingsprocedures die vóór en na die datum van start zijn gegaan en waarvoor de uiterste termijn voor het indienen van aanvragen nog niet is verstreken.
4. Elk van beide Partijen kan deze overeenkomst te allen tijde opzeggen door een schriftelijke kennisgeving van zijn voornemen daartoe. De opzegging wordt drie maanden na de datum waarop de schriftelijke kennisgeving de geadresseerde bereikt, van kracht. De datum waarop de opzegging van kracht wordt, is de opzeggingsdatum voor de toepassing van deze overeenkomst.
5. Indien deze overeenkomst overeenkomstig lid 4 van dit artikel wordt opgezegd, komen de partijen overeen dat:
|
a) |
projecten, acties, activiteiten of delen daarvan waarvoor na de inwerkingtreding van deze overeenkomst en voordat deze overeenkomst wordt opgezegd juridische verbintenissen zijn aangegaan, onder de voorwaarden van deze overeenkomst worden voortgezet totdat zij zijn voltooid; |
|
b) |
de jaarlijkse financiële bijdrage voor het jaar N waarin deze overeenkomst wordt opgezegd, volledig wordt betaald overeenkomstig artikel 3. De operationele bijdrage van het jaar N wordt aangepast overeenkomstig artikel 3, lid 8, en gecorrigeerd overeenkomstig artikel 4 van deze overeenkomst. De betaalde vergoeding voor deelname voor het jaar N wordt niet aangepast of gecorrigeerd; |
|
c) |
de aanvankelijke operationele bijdragen die zijn betaald voor de jaren waarin deze overeenkomst van toepassing was, na het jaar waarin deze overeenkomst wordt opgezegd, worden aangepast overeenkomstig artikel 3, lid 8, en automatisch worden gecorrigeerd overeenkomstig artikel 4 van deze overeenkomst. |
De Partijen regelen in onderlinge overeenstemming eventuele andere gevolgen van de opzegging van deze overeenkomst.
6. Deze overeenkomst kan alleen schriftelijk worden gewijzigd met wederzijdse instemming van de Partijen. Bij de inwerkingtreding van de wijzigingen wordt dezelfde procedure gevolgd als voor de inwerkingtreding van deze overeenkomst.
7. De bijlagen bij deze overeenkomst vormen een integrerend deel van deze overeenkomst.
Deze overeenkomst wordt in tweevoud opgesteld in het Engels en het Arabisch, waarbij beide teksten gelijkelijk authentiek zijn. In geval van verschil in interpretatie tussen deze talen geldt de Engelse tekst.
Gedaan te Brussel en Tunis op 29 maart 2022 in twee originelen: in het Engels en in het Arabisch.
Voor de Commissie,
namens de Europese Unie,
Mariya GABRIEL
Voor de Republiek Tunesië
Moncef BOUKTHIR
Commissaris voor Innovatie, Onderzoek, Cultuur, Onderwijs en Jeugd
Minister van Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek
(1) PB L 96 van 11.4.2015, blz. 3.
(2) PB L 97 van 30.3.1998, blz. 2.
(3) Deze internationale overeenkomst vormt een memorandum van overeenstemming in de zin van het protocol inzake de Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Tunesië over de algemene beginselen voor de deelname van de Republiek Tunesië aan EU-programma’s en heeft dezelfde rechtsgevolgen.
(4) Verordening (EU) 2021/695 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 tot vaststelling van Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, en tot vaststelling van de regels voor deelname en verspreiding, en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013 (PB L 170 van 12.5.2021, blz. 1).
(5) Besluit (EU) 2021/764 van de Raad van 10 mei 2021 tot vaststelling van het specifieke programma tot uitvoering van Horizon Europa — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie, en tot intrekking van Besluit 2013/743/EU (PB L 167 I van 12.5.2021, blz. 1).
(6) Verordening (EU) 2021/819 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende het Europees Instituut voor innovatie en technologie (herschikking) (PB L 189 van 28.5.2021, blz. 61).
(7) Besluit (EU) 2021/820 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2021 betreffende de strategische innovatieagenda van het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT) 2021-2027: Het innovatietalent en de innovatiecapaciteit van Europa stimuleren, en tot intrekking van Besluit nr. 1312/2013/EU (PB L 189 van 28.5.2021, blz. 91).
(8) De beperkende maatregelen van de EU worden vastgesteld op grond van artikel 29 van het Verdrag betreffende de Europese Unie of artikel 215 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
(9) Verordening (EG) nr. 723/2009 van de Raad van 25 juni 2009 betreffende een communautair rechtskader voor een Consortium voor een Europese onderzoeksinfrastructuur (ERIC) (PB L 206 van 8.8.2009, blz. 1).
(10) Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1).
(11) Dit omvat met name de middelen uit het herstelinstrument voor de Europese Unie, zoals vastgesteld bij Verordening (EU) 2020/2094 van de Raad van 14 december 2020 tot vaststelling van een herstelinstrument van de Europese Unie ter ondersteuning van het herstel na de COVID-19-crisis (PB L 433 I van 22.12.2020, blz. 23).
BIJLAGE I
Voorschriften voor de financiële bijdrage van Tunesië aan het Horizon Europa-programma (2021-2027)
I. Berekening van de financiële bijdrage van Tunesië
|
1. |
De financiële bijdrage van Tunesië aan het Horizon Europa-programma wordt jaarlijks vastgesteld evenredig aan en als aanvulling op het bedrag dat elk jaar in de algemene begroting van de Europese Unie beschikbaar is voor vastleggingskredieten die nodig zijn voor het beheer, de uitvoering en het functioneren van het Horizon Europa-programma, verhoogd overeenkomstig artikel 3, lid 4, van deze overeenkomst. |
|
2. |
De vergoeding voor deelname als bedoeld in artikel 3, lid 7, van deze overeenkomst wordt als volgt ingefaseerd:
|
|
3. |
Overeenkomstig artikel 3, lid 5, van deze overeenkomst wordt de aanvankelijke operationele bijdrage die Tunesië voor zijn deelname aan het Horizon Europa-programma moet betalen voor de respectieve begrotingsjaren berekend door de verdeelsleutel aan te passen.
De verdeelsleutel wordt als volgt aangepast:
De coëfficiënt die in de bovenstaande berekening wordt gebruikt om de verdeelsleutel aan te passen, is 0,05. |
|
4. |
Overeenkomstig artikel 3, lid 8, van deze overeenkomst vindt de eerste aanpassing met betrekking tot de uitvoering van de begroting voor het jaar N plaats in het jaar N+1, wanneer de aanvankelijke operationele bijdrage voor het jaar N naar boven of naar beneden wordt bijgesteld met het verschil tussen:
De Unie berekent vanaf het jaar N+2 en elk jaar daarna totdat alle in het kader van vastleggingskredieten uit het jaar N gefinancierde budgettaire vastleggingen, verhoogd overeenkomstig artikel 3, lid 4, van deze overeenkomst, zijn betaald of vrijgemaakt, en ten laatste drie jaar na het einde van het Horizon Europa-programma, een aanpassing van de operationele bijdrage voor het jaar N door van de operationele bijdrage van Tunesië het bedrag af te trekken dat wordt verkregen door de aangepaste verdeelsleutel voor het jaar N toe te passen op de vrijmakingen van elk jaar op vastleggingen van het jaar N die zijn gefinancierd uit de begroting van de Unie of uit vrijmakingen die opnieuw ter beschikking zijn gesteld. Als de bedragen uit externe bestemmingsontvangsten in het jaar N (die de vastleggingskredieten en, voor bedragen uit hoofde van Verordening (EU) 2020/2094 van de Raad, de jaarlijkse indicatieve bedragen in de MFK-programmering omvatten) die niet voortvloeien uit financiële bijdragen van andere donoren aan het Horizon Europa-programma worden geannuleerd, wordt de operationele bijdrage van Tunesië verminderd met het bedrag dat wordt verkregen door toepassing van de aangepaste verdeelsleutel van het jaar N op het geannuleerde bedrag. |
II. Automatische correctie van de operationele bijdrage van Tunesië
|
1. |
Voor de berekening van de automatische correctie als bedoeld in artikel 4 van deze overeenkomst, gelden de volgende regels:
|
|
2. |
Het mechanisme wordt als volgt toegepast:
|
III. Betaling van de financiële bijdrage van Tunesië, betaling van de aanpassingen van de operationele bijdrage van Tunesië, en betaling van de automatische correctie die op de operationele bijdrage van Tunesië van toepassing is
|
1. |
De Commissie deelt Tunesië zo spoedig mogelijk en uiterlijk bij de ondertekening van het eerste verzoek tot storting van het begrotingsjaar de volgende informatie mee:
Op basis van haar ontwerpbegroting verstrekt de Commissie zo spoedig mogelijk en uiterlijk op 1 september van het begrotingsjaar een raming van informatie voor het volgende jaar uit hoofde van de punten a) en b). |
|
2. |
Uiterlijk in april van elk begrotingsjaar doet de Commissie aan Tunesië een verzoek tot storting van zijn bijdrage in het kader van deze overeenkomst. In elk verzoek tot storting moet zijn bepaald dat Tunesië uiterlijk dertig dagen nadat het verzoek tot storting is gedaan zijn bijdrage moet betalen. Voor het eerste jaar van de uitvoering van deze overeenkomst doet de Commissie binnen zestig dagen na de datum waarop deze overeenkomst in werking treedt, een enkel verzoek tot storting. |
|
3. |
Vanaf 2023 en in elk jaar daarna wordt in het verzoek tot storting ook rekening gehouden met het bedrag van de automatische correctie die op de in het jaar N-2 betaalde operationele bijdrage van toepassing is. Het verzoek tot storting wordt ten laatste in april gedaan en kan ook aanpassingen omvatten van de door Tunesië betaalde financiële bijdrage voor de uitvoering, het beheer en het functioneren van het vorige kaderprogramma of de vorige kaderprogramma’s voor onderzoek en innovatie waaraan Tunesië heeft deelgenomen. Voor elk van de begrotingsjaren 2028, 2029 en 2030 is het bedrag dat voortvloeit uit de automatische correctie die wordt toegepast op de in 2026 en 2027 door Tunesië betaalde operationele bijdragen of uit de overeenkomstig artikel 3, lid 8, van deze overeenkomst gedane aanpassingen verschuldigd aan of door Tunesië. |
|
4. |
Tunesië betaalt zijn financiële bijdrage in het kader van deze overeenkomst overeenkomstig punt III van deze bijlage. Indien Tunesië op de vervaldatum niet heeft betaald, stuurt de Commissie een aanmaningsbrief. Bij te late betaling van de financiële bijdrage betaalt Tunesië achterstandsrente op het resterende bedrag vanaf de vervaldatum.De rentevoet voor op de vervaldatum niet voldane schuldvorderingen is het door de Europese Centrale Bank op haar basisherfinancieringsoperaties toegepaste percentage dat geldt op de eerste kalenderdag van de maand van de vervaldag, zoals gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie, C-serie, vermeerderd met anderhalf procentpunt. |
(1) Dit omvat met name de middelen uit het herstelinstrument voor de Europese Unie, zoals vastgesteld bij Verordening (EU) 2020/2094 van de Raad van 14 december 2020 tot vaststelling van een herstelinstrument van de Europese Unie ter ondersteuning van het herstel na de COVID-19-crisis (PB L 433 I van 22.12.2020, blz. 23).
(2) PB L 433 I van 22.12.2020, blz. 23.
(3) Andere acties omvatten met name aanbestedingen, prijzen, financiële instrumenten, directe acties van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek, contributies (OESO, Eureka, Ipeec, IEA enz.), deskundigen (beoordelaars, toezichthouders op projecten) enz.
(4) Internationale organisaties worden alleen als niet-interventiekosten beschouwd als zij eindbegunstigden zijn. Dat is niet van toepassing als een internationale organisatie een project coördineert (toewijzing van middelen aan andere coördinatoren).
BIJLAGE II
Niet-uitputtende lijst van equivalente programma’s en projecten van Tunesië
De programma’s en projecten in de volgende niet-uitputtende lijst worden als equivalenten aan programma’s en projecten van Horizon Europa in Tunesië beschouwd:
|
— |
Programma voor beginnende onderzoekers (PJEC); |
|
— |
Programma ter bevordering van excellentie in onderzoek; |
|
— |
Programma’s voor de valorisatie van postdoctoraal onderzoek; |
|
— |
Gemeenschappelijk onderzoeksprogramma (PRF); |
|
— |
PAQ-samenwerkingsprogramma; |
|
— |
Projecten voor de valorisatie van onderzoeksresultaten (VRR); |
|
— |
Programma voor mobiliteit van universitair afgestudeerden naar het bedrijfsleven (MOBIDOC). |
BIJLAGE III
Goed financieel beheer
Bescherming van financiële belangen en terugvordering
Artikel 1
Evaluaties en controles
1. De Europese Unie heeft het recht om, overeenkomstig de toepasselijke handelingen van een of meer instellingen of organen van de Unie en zoals bepaald in desbetreffende overeenkomsten en/of contracten, technische, wetenschappelijke, financiële of andere evaluaties en controles uit te voeren in de gebouwen en op de terreinen van natuurlijke personen of andere juridische entiteiten die in Tunesië woonachtig of gevestigd zijn en die financiering van de Europese Unie ontvangen, alsook van in Tunesië woonachtige of gevestigde derden die bij de besteding van de middelen van de Unie betrokken zijn. Die evaluaties en controles kunnen worden uitgevoerd door functionarissen van de instellingen en organen van de Europese Unie, met name van de Europese Commissie en de Europese Rekenkamer, of door andere personen die daartoe door de Europese Commissie zijn gemachtigd.
2. De functionarissen van de instellingen en organen van de Europese Unie, met name van de Europese Commissie en de Europese Rekenkamer, en de andere door de Europese Commissie gemachtigde personen hebben passende toegang tot plaatsen, werken en documenten (zowel elektronische als papieren versies) en tot alle informatie die nodig is om deze controles uit te voeren, met inbegrip van het recht om een fysieke of digitale kopie en uittreksels van documenten of de inhoud van een gegevensdrager te verkrijgen die de gecontroleerde natuurlijke of rechtspersoon of de gecontroleerde derde in zijn bezit heeft.
3. Tunesië zal het recht op toegang tot Tunesië en tot de gebouwen en op de terreinen van de in lid 2 bedoelde functionarissen en andere personen niet weigeren of op enige wijze belemmeren vanwege de uitvoering van hun in dit artikel bedoelde taken.
4. De evaluaties en controles kunnen ook na de opschorting van de toepassing van deze overeenkomst overeenkomstig artikel 9, lid 5, daarvan, of de opzegging van deze overeenkomst worden uitgevoerd onder de voorwaarden die zijn vastgesteld in de toepasselijke handelingen van een of meer instellingen of organen van de Europese Unie en in de relevante overeenkomsten en/of contracten met betrekking tot eventuele juridische verbintenissen tot besteding van de begroting van de Europese Unie die de Europese Unie vóór de datum waarop de opschorting van de toepassing van deze overeenkomst overeenkomstig artikel 9, lid 5, van deze overeenkomst, of de opzegging van deze overeenkomst van toepassing wordt, is aangegaan.
Artikel 2
Bestrijding van onregelmatigheden en fraude en andere strafbare feiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad
1. De Europese Commissie en het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) zijn gemachtigd om op het grondgebied van Tunesië administratieve onderzoeken, waaronder controles en verificaties ter plaatse, te verrichten. Deze onderzoeken worden uitgevoerd overeenkomstig de voorwaarden die zijn vastgesteld bij de toepasselijke handelingen van een of meer instellingen van de Unie.
2. De bevoegde autoriteiten van Tunesië stellen de Europese Commissie of het OLAF binnen een redelijke termijn in kennis van elk feit of elk vermoeden waarvan zij kennis hebben gekregen in verband met een onregelmatigheid, fraude of een andere onwettige activiteit waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad.
3. Controles en verificaties ter plaatse kunnen worden uitgevoerd op de terreinen van natuurlijke personen of andere juridische entiteiten die in Tunesië woonachtig of gevestigd zijn en die financiering van de Europese Unie ontvangen, alsook van in Tunesië woonachtige of gevestigde derden die bij de besteding van de middelen van de Unie betrokken zijn.
4. De controles en verificaties ter plaatse worden door de Europese Commissie of het OLAF voorbereid en uitgevoerd in nauwe samenwerking met de door de regering van Tunesië aangewezen bevoegde Tunesische autoriteit. De aangewezen autoriteit wordt tijdig in kennis gesteld van het voorwerp, het doel en de rechtsgrondslag van de controles en verificaties, zodat zij bijstand kan verlenen. Te dien einde kunnen functionarissen van de bevoegde Tunesische autoriteiten aan de controles en verificaties ter plaatse deelnemen.
5. Op verzoek van de Tunesische autoriteiten kunnen de controles en verificaties ter plaatse samen met de Europese Commissie en het OLAF worden uitgevoerd.
6. Functionarissen van de Commissie en het OLAF hebben toegang tot alle informatie en documentatie over de desbetreffende verrichtingen die nodig zijn voor de passende uitvoering van controles en verificaties ter plaatse, met inbegrip van computergegevens. Zij mogen met name kopieën maken van relevante documenten.
7. Wanneer de persoon, entiteit of andere derde zich verzet tegen een controle of verificatie ter plaatse, staan de Tunesische autoriteiten overeenkomstig de nationale wet- en regelgeving de Europese Commissie of het OLAF bij om hen in staat te stellen hun taken met betrekking tot de controle of verificatie ter plaatse uit te voeren. Die steun omvat het nemen van passende voorzorgsmaatregelen uit hoofde van het nationale recht, met name ter bescherming van bewijsstukken.
8. De Europese Commissie of het OLAF stelt de Tunesische autoriteiten van het resultaat van deze controles en verificaties in kennis. De Europese Commissie of het OLAF stelt de bevoegde Tunesische autoriteit met name zo spoedig mogelijk in kennis van elk feit of vermoeden met betrekking tot een onregelmatigheid waarvan zij in het kader van de controle of verificatie ter plaatse kennis hebben gekregen.
9. Onverminderd de toepassing van het Tunesische strafrecht, kan de Europese Commissie overeenkomstig de wetgeving van de Europese Unie administratieve maatregelen en sancties opleggen aan Tunesische natuurlijke of rechtspersonen die deelnemen aan de uitvoering van een programma of activiteit.
10. Met het oog op een goede uitvoering van dit artikel wisselen de Europese Commissie of het OLAF en de bevoegde Tunesische autoriteiten regelmatig informatie uit, en plegen zij overleg indien een van de Partijen bij deze overeenkomst daarom verzoekt.
11. Om doeltreffende samenwerking en informatie-uitwisseling met het OLAF te faciliteren, wijst Tunesië een contactpunt aan.
12. Bij de informatie-uitwisseling tussen de Europese Commissie of het OLAF en de bevoegde Tunesische autoriteiten worden de vertrouwelijkheidseisen naar behoren in acht genomen. Persoonsgegevens die in de uitgewisselde informatie zijn opgenomen, worden beschermd overeenkomstig de toepasselijke regels.
13. De Tunesische autoriteiten werken samen met het Europees Openbaar Ministerie om het in staat te stellen daders van en medeplichtigen aan strafbare feiten die de financiële belangen van de Europese Unie schaden overeenkomstig de toepasselijke wetgeving te onderzoeken, te vervolgen en voor de rechter te brengen.
Artikel 3
Invordering en tenuitvoerlegging
1. Besluiten van de Europese Commissie waarbij een geldelijke verplichting wordt opgelegd aan natuurlijke of rechtspersonen die geen staten zijn met betrekking tot vorderingen uit hoofde van het Horizon Europa-programma zijn uitvoerbaar in Tunesië. Het bevel van tenuitvoerlegging wordt, zonder andere controle dan de verificatie van de authenticiteit van het besluit, aangebracht door de nationale autoriteit die daartoe door de regering van Tunesië is aangewezen. De regering van Tunesië maakt zijn aangewezen nationale autoriteit bekend aan de Commissie en het Hof van Justitie van de Europese Unie. Overeenkomstig artikel 4 heeft de Europese Commissie het recht dergelijke uitvoerbare beslissingen rechtstreeks ter kennis te brengen van in Tunesië wonende personen en aldaar gevestigde juridische entiteiten. De tenuitvoerlegging vindt plaats volgens het recht en de procedurevoorschriften van de Tunesië.
2. Arresten en beschikkingen van het Hof van Justitie van de Europese Unie op basis van de toepassing van een arbitragebeding in een contract of overeenkomst met betrekking tot programma’s, activiteiten, acties of projecten van de Unie zijn in Tunesië uitvoerbaar op dezelfde wijze als de in lid 1 bedoelde besluiten van de Europese Commissie.
3. Het Hof van Justitie van de Europese Unie is bevoegd om de rechtsgeldigheid van het in lid 1 bedoelde besluit van de Commissie te toetsen en de tenuitvoerlegging ervan te schorsen. De rechterlijke instanties van Tunesië zijn echter bevoegd voor klachten over onrechtmatige tenuitvoerlegging.
Artikel 4
Communicatie en uitwisseling van informatie
De instellingen en organen van de Europese Unie die betrokken zijn bij de uitvoering van het Horizon Europa-programma of bij het toezicht op dat programma, hebben het recht rechtstreeks te communiceren met in Tunesië wonende natuurlijke personen of aldaar gevestigde juridische entiteiten die middelen van de Unie ontvangen en met in Tunesië wonende of gevestigde derden die betrokken zijn bij de besteding van middelen van de Unie, onder meer via systemen voor elektronische informatie-uitwisseling. Die personen, entiteiten en derden kunnen alle informatie en documentatie die zij moeten indienen op grond van de wetgeving van de Europese Unie die van toepassing is op het programma van de Unie en op grond van de contracten of overeenkomsten die voor de uitvoering van dat programma zijn gesloten rechtstreeks bij de instellingen en organen van de Europese Unie indienen.
VERORDENINGEN
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/17 |
VERORDENING (EU) 2022/2309 VAN DE RAAD
van 25 november 2022
betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Haïti
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 215,
Gezien Besluit (GBVB) 2022/2319 van de Raad van 25 november 2022 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Haïti (1),
Gezien het gezamenlijke voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 21 oktober 2022 heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (de “VN-Veiligheidsraad”) Resolutie 2653 (2022) aangenomen, waarin een kader wordt vastgesteld voor gerichte beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Haïti. |
|
(2) |
Overeenkomstig Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad heeft de Raad op 25 november 2022 Besluit (GBVB) 2022/2319 vastgesteld, dat voorziet in reisbeperkingen, een gericht wapenembargo, de bevriezing van tegoeden en economische middelen van, en een verbod op het ter beschikking stellen van tegoeden en economische middelen aan, personen, entiteiten of lichamen die zich inlaten met of steun verlenen aan bendes die betrokken zijn bij geweld, criminele activiteiten of schendingen van de mensenrechten die de vrede, de stabiliteit en de veiligheid van Haïti en de regio ondermijnen. De personen, entiteiten en lichamen waarop die beperkende maatregelen van toepassing zijn, zoals aangewezen door het bij punt 19 van Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad ingestelde comité, zijn opgenomen in de bijlage bij Besluit (GBVB) 2022/2319. Overeenkomstig Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad is één persoon opgenomen in de bijlage bij Besluit (GBVB) 2022/2319. |
|
(3) |
Sommige van die maatregelen vallen onder het toepassingsgebied van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en derhalve is voor de tenuitvoerlegging optreden op het niveau van de Unie noodzakelijk om te garanderen dat zij in alle lidstaten door de marktdeelnemers uniform worden toegepast. |
|
(4) |
Deze verordening eerbiedigt de grondrechten en neemt de beginselen in acht die in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie zijn erkend, in het bijzonder het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en op een onpartijdig gerecht, het recht op verdediging en het recht op de bescherming van persoonsgegevens. Deze verordening moet worden toegepast overeenkomstig die rechten. |
|
(5) |
Met het oog op samenhang met de vaststellings-, wijzigings- en herzieningsprocedure voor de bijlage bij Besluit (GBVB) 2022/2319 moet de bevoegdheid om de lijst in bijlage I bij deze verordening vast te stellen en te wijzigen, worden uitgeoefend door de Raad. |
|
(6) |
De procedure voor de wijziging van de lijst in bijlage I bij deze verordening moet inhouden dat de aangewezen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen in kennis worden gesteld van de redenen waarom zij op de lijst zijn geplaatst, zodat zij opmerkingen kunnen indienen. |
|
(7) |
Met het oog op de tenuitvoerlegging van deze verordening en om een zo groot mogelijke rechtszekerheid binnen de Unie te waarborgen, moeten de namen en andere relevante gegevens over de natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen waarvan de tegoeden en economische middelen overeenkomstig deze verordening dienen te worden bevroren, openbaar worden gemaakt. De verwerking van persoonsgegevens moet voldoen aan de Verordeningen (EU) 2016/679 (2) en (EU) 2018/1725 (3) van het Europees Parlement en de Raad. |
|
(8) |
De lidstaten en de Commissie moeten elkaar in kennis stellen van de maatregelen die op grond van deze verordening worden genomen, alsook van andere relevante informatie waarover zij in verband met deze verordening beschikken. |
|
(9) |
De lidstaten moeten regels vaststellen voor sancties in geval van overtreding van de bepalingen van deze verordening en ervoor zorgen dat die sancties daadwerkelijk worden toegepast. Die sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
|
a) |
“vordering”: elke vóór, op of na 28 november 2022 ingediende eis, ook wanneer die de vorm van een rechtsvordering heeft, die voortvloeit uit of verband houdt met de uitvoering van een contract of transactie, en met name:
|
|
b) |
“contract of transactie”: elke verrichting, ongeacht de vorm en het recht dat erop van toepassing is, die een of meer contracten of soortgelijke verplichtingen tussen al dan niet dezelfde partijen omvat; in dat verband worden onder “contract” tevens begrepen alle — al dan niet uit juridisch oogpunt opzichzelfstaande — obligaties, garanties of contragaranties, met name financiële garanties of contragaranties, en kredieten, alsook alle uit de transactie voortkomende of daarmee verband houdende bepalingen; |
|
c) |
“bevoegde autoriteiten”: de op de in bijlage II genoemde websites vermelde bevoegde autoriteiten van de lidstaten; |
|
d) |
“economische middelen”: activa van enigerlei aard, materieel of immaterieel, roerend of onroerend, die geen tegoeden zijn, maar die kunnen worden gebruikt om tegoeden, goederen of diensten te verkrijgen; |
|
e) |
“bevriezing van economische middelen”: voorkomen dat economische middelen worden gebruikt om op enigerlei wijze tegoeden, goederen of diensten te verkrijgen, inclusief, maar niet daartoe beperkt, door die te verkopen, te verhuren of te verhypothekeren; |
|
f) |
“bevriezing van tegoeden”: voorkomen van het op enigerlei wijze muteren, overmaken, corrigeren of gebruiken van, toegang verschaffen tot of omgaan met tegoeden met als gevolg wijzigingen van hun omvang, bedrag, locatie, eigenaar, bezit, onderscheidende kenmerken of bestemming of verdere wijzigingen waardoor het gebruik van bedoelde tegoeden, inclusief het beheer van een beleggingsportefeuille, mogelijk zou worden gemaakt; |
|
g) |
“tegoeden”: financiële activa en voordelen van enigerlei aard, met inbegrip van, maar niet beperkt tot:
|
|
h) |
“Sanctiecomité”: het comité van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (de “VN-Veiligheidsraad”) dat is opgericht op grond van punt 19 van Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad; |
|
i) |
“technische bijstand”: elke technische ondersteuning in verband met reparaties, ontwikkeling, vervaardiging, assemblage, beproeving, onderhoud of enige andere technische dienst, die de vorm kan aannemen van bijvoorbeeld instructies, advies, opleiding, overdracht van praktische kennis of vaardigheden of adviesdiensten, met inbegrip van mondelinge vormen van bijstand; |
|
j) |
“grondgebied van de Unie”: het grondgebied van alle lidstaten waarop het Verdrag van toepassing is, onder de in het Verdrag bepaalde voorwaarden, met inbegrip van hun luchtruim. |
Artikel 2
Er geldt een verbod op:
|
a) |
het verstrekken van technische bijstand in verband met militaire activiteiten en het verstrekken, fabriceren, onderhouden en gebruiken van wapens en alle soorten aanverwant materieel, met inbegrip van wapens en munitie, militaire voertuigen en uitrusting, paramilitaire uitrusting en reserveonderdelen daarvoor, direct of indirect, aan de op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen; |
|
b) |
het verstrekken van financiering of financiële steun in verband met militaire activiteiten, met inbegrip van met name subsidies, leningen en exportkredietverzekering, alsook verzekering en herverzekering, voor de verkoop, de levering, de overdracht of de uitvoer van wapens en aanverwant materieel, of voor de levering van verwante technische bijstand, direct of indirect, aan de op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen. |
Artikel 3
1. Alle tegoeden en economische middelen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen, worden bevroren.
2. Er worden geen tegoeden of economische middelen, direct of indirect, ter beschikking gesteld aan of ten behoeve van op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen.
Artikel 4
1. In bijlage I zijn natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen opgenomen die door de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité zijn geïdentificeerd als zijnde verantwoordelijk voor, medeplichtig aan, of direct of indirect betrokken bij acties die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van Haïti bedreigen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot natuurlijke personen en rechtspersonen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van Haïti hebben bedreigd door een van de volgende acties:
|
a) |
direct of indirect deelnemen aan of ondersteunen van criminele activiteiten en geweld waarbij gewapende groepen en criminele netwerken betrokken zijn die geweld bevorderen, met inbegrip van gedwongen rekrutering van kinderen door dergelijke groepen en netwerken, ontvoeringen, mensenhandel en migrantensmokkel, en moorden en seksueel en gendergerelateerd geweld; |
|
b) |
ondersteunen van illegale handel in en omleiding van wapens en aanverwant materieel, of daarmee verband houdende illegale geldstromen; |
|
c) |
handelen voor, namens of op aanwijzing van, of anderszins ondersteunen of financieren van een persoon of entiteit die is aangewezen in verband met de in de punten a) en b) beschreven activiteiten, onder meer door direct of indirect gebruik te maken van de opbrengsten van de georganiseerde misdaad, met inbegrip van de opbrengsten van de illegale productie van en handel in drugs en precursoren daarvan die afkomstig zijn uit of worden doorgevoerd door Haïti, de mensenhandel en de smokkel van migranten uit Haïti, of de smokkel van en de handel in wapens naar of vanuit Haïti; |
|
d) |
handelen in strijd met het wapenembargo dat is ingesteld bij punt 11 van Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad, of direct of indirect leveren, verkopen of overdragen aan gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti, of ontvangen van wapens of aanverwant materieel, of van technisch advies, opleiding of bijstand, met inbegrip van financiering en financiële bijstand, in verband met gewelddadige activiteiten van gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti; |
|
e) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen die in strijd zijn met het internationaal recht inzake de mensenrechten of van schendingen van de mensenrechten, met inbegrip van handelingen waarbij sprake is van buitengerechtelijke moord, onder meer van vrouwen en kinderen, en het plegen van gewelddaden, ontvoering, gedwongen verdwijningen of ontvoeringen voor losgeld in Haïti; |
|
f) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen in verband met seksueel en gendergerelateerd geweld, met inbegrip van verkrachting en seksuele slavernij, in Haïti; |
|
g) |
belemmeren van de verstrekking van humanitaire hulp aan Haïti of van de toegang tot of de distributie van humanitaire hulp in Haïti; |
|
h) |
aanvallen van personeel of gebouwen van VN-missies en -operaties in Haïti, of ondersteunen van dergelijke aanvallen. |
2. In bijlage I worden de redenen vermeld voor het op de lijst plaatsen van natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen.
3. In bijlage I wordt de informatie opgenomen, indien die beschikbaar is, die door de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité is verstrekt, en die nodig is om de betrokken natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen te identificeren. Met betrekking tot natuurlijke personen kan die informatie bestaan uit namen, inclusief aliassen, geboortedatum en geboorteplaats, nationaliteit, paspoort- en identiteitskaartnummers, geslacht, adres (indien bekend) en functie of beroep. Met betrekking tot rechtspersonen, entiteiten of lichamen kan die informatie bestaan uit namen, plaats en datum van registratie, registratienummer en plaats van vestiging. Bijlage I bevat tevens de datum van aanwijzing door de VN-Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité.
Artikel 5
Artikel 3, leden 1 en 2, is niet van toepassing op de beschikbaarstelling van tegoeden of economische middelen die nodig zijn voor de tijdige verstrekking van dringend noodzakelijke humanitaire hulp of ter ondersteuning van andere activiteiten ter ondersteuning van de menselijke basisbehoeften in Haïti door de Verenigde Naties, gespecialiseerde agentschappen of programma’s van de Verenigde Naties, humanitaire organisaties met de status van waarnemer bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties die humanitaire bijstand verlenen, en hun uitvoerende partners, met inbegrip van bilateraal of multilateraal gefinancierde niet-gouvernementele organisaties die deelnemen aan het plan voor humanitaire hulp van de Verenigde Naties voor Haïti.
Artikel 6
1. In afwijking van artikel 3 kunnen de bevoegde autoriteiten, op door hen passend geachte voorwaarden, toestemming geven voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen of voor de beschikbaarstelling van bepaalde tegoeden of economische middelen, nadat zij hebben vastgesteld dat de betrokken tegoeden of economische middelen:
|
a) |
noodzakelijk zijn voor het dekken van uitgaven voor de basisbehoeften van de op de lijst in de bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen, en de gezinsleden die van die natuurlijke personen afhankelijk zijn, zoals betalingen voor levensmiddelen, huur of hypotheeklasten, geneesmiddelen of medische behandelingen, belastingen, verzekeringspremies en nutsvoorzieningen; |
|
b) |
uitsluitend bestemd zijn voor het betalen van redelijke honoraria of het vergoeden van andere kosten van juridische diensten; |
|
c) |
uitsluitend bestemd zijn voor de betaling van honoraria of kosten voor het routinematig aanhouden of beheren van bevroren tegoeden of economische middelen, |
mits de bevoegde autoriteit van de betrokken lidstaat het Sanctiecomité in kennis heeft gesteld van die vaststelling en van haar voornemen toestemming te verlenen, en indien het Sanctiecomité niet binnen vijf werkdagen na die kennisgeving een negatief besluit heeft genomen.
2. In afwijking van artikel 3 kunnen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, op door hen passend geachte voorwaarden, toestemming verlenen voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen of voor de beschikbaarstelling van bepaalde tegoeden of economische middelen, nadat zij hebben vastgesteld dat de betrokken tegoeden of economische middelen noodzakelijk zijn voor de betaling van buitengewone lasten, mits die vaststelling door de bevoegde autoriteit van de desbetreffende lidstaat is gemeld bij het Sanctiecomité en door het Sanctiecomité is goedgekeurd.
3. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke uit hoofde van de leden 1 en 2 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van die toestemming.
Artikel 7
1. In afwijking van artikel 3, lid 1, kunnen de bevoegde autoriteiten toestemming geven voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
a) |
de tegoeden of economische middelen zijn het voorwerp van een gerechtelijk, administratief of arbitraal besluit dat is vastgesteld vóór de datum waarop de in artikel 4 bedoelde natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam op de lijst in bijlage I werd opgenomen, of van een gerechtelijk, administratief of arbitraal vonnis van vóór die datum; |
|
b) |
de tegoeden of economische middelen worden uitsluitend benut om te voldoen aan vorderingen die door een dergelijk besluit of door een dergelijk vonnis zijn gewaarborgd en geldig zijn verklaard, overeenkomstig de wet- en regelgeving tot vaststelling van de rechten van de personen die titularis zijn van dergelijke vorderingen; |
|
c) |
het besluit komt niet ten goede aan een op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam; |
|
d) |
de erkenning van het besluit of vonnis is niet in strijd met de openbare orde van de betrokken lidstaat, en |
|
e) |
het retentierecht of het vonnis is door de lidstaat gemeld aan het Sanctiecomité. |
2. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke uit hoofde van lid 1 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van die toestemming.
Artikel 8
1. In afwijking van artikel 3, lid 1, en mits een betaling verschuldigd is door op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen uit hoofde van een contract dat of overeenkomst die is gesloten of een verplichting die is ontstaan vóór de datum waarop de betrokken natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of het betrokken lichaam op de lijst in bijlage I werd opgenomen, kunnen de bevoegde autoriteiten op door hen passend geachte voorwaarden toestemming verlenen voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen, indien de betrokken bevoegde autoriteit heeft vastgesteld dat:
|
a) |
de tegoeden of economische middelen zullen worden gebruikt voor een betaling door een op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam; |
|
b) |
de betaling niet in strijd is met artikel 3, lid 2, en |
|
c) |
de betrokken lidstaat het Sanctiecomité ten minste tien werkdagen van tevoren in kennis heeft gesteld van zijn voornemen toestemming te verlenen. |
2. De betrokken lidstaat stelt de andere lidstaten en de Commissie in kennis van elke uit hoofde van lid 1 verleende toestemming, binnen twee weken na het verlenen van die toestemming.
Artikel 9
1. Artikel 3, lid 2, vormt geen belemmering voor de creditering van bevroren rekeningen door financiële instellingen of kredietinstellingen die tegoeden ontvangen die door derden naar de rekening van op de lijst vermelde natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen zijn overgemaakt, mits de bijgeboekte bedragen eveneens bevroren worden. De financiële instelling of kredietinstelling brengt de relevante bevoegde autoriteit onverwijld op de hoogte van dergelijke verrichtingen.
2. Artikel 3, lid 2, is niet van toepassing op het overmaken op bevroren rekeningen van:
|
a) |
rente of andere inkomsten op die rekeningen; |
|
b) |
betalingen die verschuldigd zijn uit hoofde van contracten, overeenkomsten of verplichtingen die zijn gesloten of ontstaan vóór de datum waarop de in artikel 4 bedoelde natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of het in artikel 4 bedoelde lichaam is opgenomen op de lijst in bijlage I, of |
|
c) |
betalingen die verschuldigd zijn uit hoofde van rechterlijke, administratieve of arbitrale beslissingen die in een lidstaat zijn gegeven of in de betrokken lidstaat uitvoerbaar zijn, |
mits die rente, andere inkomsten en betalingen onderworpen blijven aan de maatregelen van artikel 3, lid 1.
Artikel 10
1. Onverminderd de geldende voorschriften inzake rapportage, vertrouwelijkheid en beroepsgeheim zijn natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen verplicht:
|
a) |
alle informatie die de naleving van deze verordening vergemakkelijkt, zoals informatie over rekeningen en bedragen die overeenkomstig artikel 3, lid 1, zijn bevroren, onmiddellijk te verstrekken aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar zij hun woonplaats hebben of gevestigd zijn, en die informatie, direct of via de lidstaat, aan de Commissie te doen toekomen, en |
|
b) |
samen te werken met de bevoegde autoriteit bij de verificatie van de in punt a) bedoelde informatie. |
2. Alle rechtstreeks door de Commissie ontvangen aanvullende informatie wordt ter beschikking gesteld van de lidstaten.
3. Overeenkomstig dit artikel verstrekte en ontvangen informatie wordt uitsluitend gebruikt voor de doeleinden waarvoor de informatie is verstrekt of ontvangen.
Artikel 11
1. Het is verboden bewust en opzettelijk deel te nemen aan activiteiten die ertoe strekken of tot gevolg hebben dat de in de artikelen 2 en 3 bedoelde maatregelen worden omzeild.
2. Op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen:
|
a) |
melden vóór 9 januari 2023 of, als dat later is, binnen zes weken na de datum van opneming op de lijst in bijlage I, de tegoeden of economische middelen die onder de jurisdictie van een lidstaat vallen en toebehoren aan, eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van hen, aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar die tegoeden of economische middelen zich bevinden, en |
|
b) |
werken samen met de bevoegde autoriteit bij de verificatie van dergelijke informatie. |
3. Niet-naleving van lid 2 wordt beschouwd als deelname, als bedoeld in lid 1, aan activiteiten die tot doel of gevolg hebben dat de in artikel 2 bedoelde maatregelen worden omzeild.
4. De betrokken lidstaat stelt de Commissie binnen twee weken in kennis van de op grond van lid 2, punt a), ontvangen informatie.
5. De verplichting van lid 2, punt a), is niet van toepassing tot 1 januari 2023 met betrekking tot tegoeden of economische middelen die zich bevinden in een lidstaat die vóór 28 november 2022 een soortgelijke rapportageverplichting uit hoofde van het nationale recht had vastgesteld.
6. Overeenkomstig dit artikel verstrekte en ontvangen informatie wordt uitsluitend gebruikt voor de doeleinden waarvoor de informatie is verstrekt of ontvangen.
7. De verwerking van persoonsgegevens geschiedt in overeenstemming met deze verordening en Verordeningen (EU) 2016/679 en (EU) 2018/1725 en alleen voor zover nodig voor de toepassing van deze verordening.
Artikel 12
1. Bevriezing van tegoeden en economische middelen of weigering om tegoeden of economische middelen beschikbaar te stellen, indien die maatregel plaatsvindt in goed vertrouwen en in overeenstemming is met deze verordening, geeft geen aanleiding tot enigerlei aansprakelijkheid van de natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen die die maatregel uitvoeren, of van bestuurders of werknemers daarvan, tenzij het bewijs wordt geleverd dat de tegoeden en economische middelen uit nalatigheid zijn bevroren of ingehouden.
2. Het optreden van natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen geeft geen aanleiding tot aansprakelijkheid van die natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen, indien zij niet wisten en niet redelijkerwijs konden vermoeden dat hun optreden een inbreuk zou vormen op de maatregelen waarin deze verordening voorziet.
Artikel 13
1. Vorderingen in verband met contracten of andere transacties aan de uitvoering waarvan, direct of indirect, geheel of gedeeltelijk, afbreuk is gedaan door de maatregelen die uit hoofde van deze verordening zijn ingesteld, met inbegrip van vorderingen tot schadeloosstelling of soortgelijke vorderingen, zoals een vordering tot compensatie of een garantievordering, meer bepaald een vordering tot verlenging of uitbetaling van een obligatie, garantie of contragarantie, met name een financiële garantie of contragarantie, ongeacht de vorm daarvan, worden niet toegewezen indien die vorderingen worden ingesteld door:
|
a) |
op de lijst in bijlage I opgenomen natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen; |
|
b) |
natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen die handelen voor rekening of ten behoeve van een van de in punt a) bedoelde natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen. |
2. In procedures waartoe een vordering aanleiding geeft, wordt het bewijs dat de vordering niet op grond van lid 1 hoort te worden afgewezen, geleverd door de eisende natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of het eisende lichaam.
3. Dit artikel geldt onverminderd het recht van de in lid 1 bedoelde natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen op rechterlijke toetsing van de rechtmatigheid van de niet-nakoming van contractuele verplichtingen in overeenstemming met deze verordening.
Artikel 14
1. De Commissie en de lidstaten stellen elkaar in kennis van de maatregelen die uit hoofde van deze verordening worden genomen en verstrekken elkaar alle relevante informatie waarover zij beschikken in verband met deze verordening, in het bijzonder informatie met betrekking tot:
|
a) |
tegoeden die zijn bevroren uit hoofde van artikel 3, lid 1, en toestemmingen die zijn verleend uit hoofde van de artikelen 6, 7, en 8; |
|
b) |
inbreuken, handhavingsproblemen en vonnissen van nationale rechters. |
2. De lidstaten stellen elkaar en de Commissie onmiddellijk in kennis van alle andere relevante informatie waarover zij beschikken, en die van invloed kan zijn op de doeltreffende uitvoering van deze verordening.
Artikel 15
De Commissie wordt gemachtigd om bijlage II te wijzigen op basis van door de lidstaten verstrekte informatie.
Artikel 16
1. Wanneer de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité een natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam op de lijst plaatst, en voor de aanwijzing redenen heeft opgegeven, neemt de Raad die natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of dat lichaam op de lijst in bijlage I op. De Raad stelt de betrokken natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of het betrokken lichaam in kennis van zijn besluit en van de motivering voor plaatsing op de lijst, hetzij rechtstreeks, indien het adres bekend is, hetzij middels de bekendmaking van een kennisgeving, zodat de betrokken natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of het betrokken lichaam daarover opmerkingen kan indienen.
2. Indien er opmerkingen worden ingediend of substantieel nieuw bewijsmateriaal wordt overgelegd, toetst de Raad zijn besluit en brengt hij de betrokken natuurlijke persoon, rechtspersoon of entiteit of het betrokken lichaam daarvan op de hoogte.
3. Wanneer de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité besluit een natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam van de lijst te schrappen, of besluit de identificatiegegevens van een natuurlijke persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam op de lijst te wijzigen, wijzigt de Raad bijlage I dienovereenkomstig.
Artikel 17
1. De lidstaten stellen de regels vast voor sancties die van toepassing zijn in geval van overtreding van de bepalingen van deze verordening en nemen alle nodige maatregelen om te waarborgen dat die daadwerkelijk worden toegepast. De vastgestelde sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn.
2. De lidstaten stellen de Commissie na 28 november 2022 onverwijld in kennis van de in lid 1 bedoelde regels, en stellen haar in kennis van alle latere wijzigingen daarvan.
Artikel 18
1. De Raad, de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (de “hoge vertegenwoordiger”) verwerken voor de uitoefening van hun taken uit hoofde van deze verordening persoonsgegevens. Die taken omvatten het volgende:
|
a) |
wat betreft de Raad, het voorbereiden en het maken van wijzigingen van bijlage I; |
|
b) |
wat betreft de hoge vertegenwoordiger, het voorbereiden van wijzigingen van bijlage I; |
|
c) |
wat betreft de Commissie:
|
2. De Raad, de Commissie en de hoge vertegenwoordiger mogen in voorkomend geval relevante gegevens verwerken die betrekking hebben op strafbare feiten die zijn gepleegd door natuurlijke personen op de lijst, op strafrechtelijke veroordelingen van die personen of veiligheidsmaatregelen betreffende die personen, doch uitsluitend voor zover die verwerking noodzakelijk is voor het voorbereiden van bijlage I.
3. Voor de toepassing van deze verordening gelden de Raad, de in bijlage II bij deze verordening vermelde dienst van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger als “verwerkingsverantwoordelijke” in de zin van artikel 3, punt 8), van Verordening (EU) 2018/1725, om ervoor te zorgen dat de betrokken natuurlijke personen hun rechten uit hoofde van Verordening (EU) 2018/1725 kunnen uitoefenen.
Artikel 19
1. De lidstaten wijzen de in deze verordening bedoelde bevoegde autoriteiten aan en identificeren die op de in bijlage II vermelde websites. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van elke wijziging van de in bijlage II vermelde websites.
2. De lidstaten delen de Commissie na 28 november 2022 onverwijld mee welke hun bevoegde autoriteiten zijn en hoe daarmee contact kan worden opgenomen, en stellen haar in kennis van alle latere wijzigingen daarvan.
3. Wanneer in deze verordening een meldingsplicht is vastgesteld, of een verplichting om de Commissie in kennis te stellen of op een andere wijze met haar te communiceren, wordt daartoe gebruikgemaakt van het adres en de andere contactgegevens die zijn vermeld in bijlage II.
Artikel 20
Deze verordening is van toepassing:
|
a) |
op het grondgebied van de Unie, met inbegrip van haar luchtruim; |
|
b) |
aan boord van vlieg- of vaartuigen die onder de rechtsbevoegdheid van een lidstaat vallen; |
|
c) |
op alle zich op of buiten het grondgebied van de Unie bevindende natuurlijke personen die onderdaan van een lidstaat zijn; |
|
d) |
op alle uit hoofde van het recht van een lidstaat erkende of opgerichte rechtspersonen, entiteiten en lichamen, binnen of buiten het grondgebied van de Unie; |
|
e) |
op alle rechtspersonen, entiteiten en lichamen ten aanzien van alle geheel of gedeeltelijk binnen de Unie verrichte zakelijke transacties. |
Artikel 21
Deze verordening treedt in werking op de datum van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J. SÍKELA
(1) Zie bladzijde 135 van dit Publicatieblad.
(2) Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van 4.5.2016, blz. 1).
(3) Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39).
BIJLAGE I
Lijst van natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen als bedoeld in de artikelen 2, 3 en 9
PERSONEN
|
1. |
Jimmy Cherizier (ook bekend als “Barbecue”) heeft handelingen verricht die de vrede, veiligheid en stabiliteit van Haïti bedreigen en heeft handelingen gepland, aangestuurd of gepleegd die ernstige schendingen van de mensenrechten vormen.
Plaatsing op de lijst: 21 oktober 2022 Aanvullende informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité: Jimmy Cherizier is een van de invloedrijkste bendeleiders van Haïti en leidt een alliantie van Haïtiaanse bendes, bekend als de “G9 Family and Allies”. Toen Cherizier werkzaam was als officier bij de Haïtiaanse nationale politie (HNP), plande hij de dodelijke aanslag van november 2018 op burgers in een wijk van Port-au-Prince, bekend als La Saline, en nam hij daaraan deel. Tijdens die aanslag kwamen ten minste 71 mensen om het leven, werden meer dan 400 huizen verwoest en werden ten minste zeven vrouwen verkracht door gewapende bendes. In 2018 en 2019 leidde Cherizier gewapende groepen bij gecoördineerde, brutale aanvallen in bepaalde wijken van Port-au-Prince. In mei 2020 leidde Cherizier gewapende bendes bij een vijf dagen durende aanval in meerdere buurten van Port-au-Prince, waarbij burgers werden gedood en huizen in brand werden gestoken. Sinds 11 oktober 2022 blokkeren Cherizier en zijn bende-alliantie “G9” actief het vrije verkeer van brandstof uit de brandstofterminal van Varreux — de grootste in Haïti. Zijn acties hebben rechtstreeks bijgedragen tot de economische verlamming en de humanitaire crisis in Haïti. |
BIJLAGE II
Websites voor informatie over de bevoegde autoriteiten en adres voor kennisgevingen aan de Commissie
BELGIË
https://diplomatie.belgium.be/nl/beleid/beleidsthemas/vrede-en-veiligheid/sancties
BULGARIJE
https://www.mfa.bg/en/EU-sanctions
TSJECHIË
www.financnianalytickyurad.cz/mezinarodni-sankce.html
DENEMARKEN
http://um.dk/da/Udenrigspolitik/folkeretten/sanktioner/
DUITSLAND
https://www.bmwi.de/Redaktion/DE/Artikel/Aussenwirtschaft/embargos-aussenwirtschaftsrecht.html
ESTLAND
https://vm.ee/sanktsioonid-ekspordi-ja-relvastuskontroll/rahvusvahelised-sanktsioonid
IERLAND
https://www.dfa.ie/our-role-policies/ireland-in-the-eu/eu-restrictive-measures/
GRIEKENLAND
http://www.mfa.gr/en/foreign-policy/global-issues/international-sanctions.html
SPANJE
https://www.exteriores.gob.es/es/PoliticaExterior/Paginas/SancionesInternacionales.aspx
FRANKRIJK
http://www.diplomatie.gouv.fr/fr/autorites-sanctions/
KROATIË
https://mvep.gov.hr/vanjska-politika/medjunarodne-mjere-ogranicavanja/22955
ITALIË
https://www.esteri.it/it/politica-estera-e-cooperazione-allo-sviluppo/politica_europea/misure_deroghe/
CΥΡRUS
https://mfa.gov.cy/themes/
LETLAND
http://www.mfa.gov.lv/en/security/4539
LITOUWEN
http://www.urm.lt/sanctions
LUXEMBURG
https://maee.gouvernement.lu/fr/directions-du-ministere/affaires-europeennes/organisations-economiques-int/mesures-restrictives.html
HONGARIJE
https://kormany.hu/kulgazdasagi-es-kulugyminiszterium/ensz-eu-szankcios-tajekoztato
MALTA
https://foreignandeu.gov.mt/en/Government/SMB/Pages/SMB-Home.aspx
NEDERLAND
https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/internationale-sancties
OOSTENRIJK
https://www.bmeia.gv.at/themen/aussenpolitik/europa/eu-sanktionen-nationale-behoerden/
POLEN
https://www.gov.pl/web/dyplomacja/sankcje-miedzynarodowe
https://www.gov.pl/web/diplomacy/international-sanctions
PORTUGAL
http://www.portugal.gov.pt/pt/ministerios/mne/quero-saber-mais/sobre-o-ministerio/medidas-restritivas/medidas-restritivas.aspx
ROEMENIË
http://www.mae.ro/node/1548
SLOVENIË
http://www.mzz.gov.si/si/omejevalni_ukrepi
SLOWAKIJE
https://www.mzv.sk/europske_zalezitosti/europske_politiky-sankcie_eu
FINLAND
https://um.fi/pakotteet
ZWEDEN
https://www.regeringen.se/sanktioner
Adres voor kennisgevingen aan de Europese Commissie:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Financiële Stabiliteit, Financiële Diensten en Kapitaalmarktenunie (DG FISMA) |
|
Spastraat 2 |
|
B-1049 Brussel, België |
|
E-mail: |
relex-sanctions@ec.europa.eu
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/29 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2022/2310 VAN DE COMMISSIE
van 18 oktober 2022
tot wijziging van de in Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013 vastgestelde technische reguleringsnormen wat betreft de waarde van de clearingdrempel voor posities in otc-grondstoffenderivatencontracten en andere otc-derivatencontracten
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (1), en met name artikel 10, lid 4, derde alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013 van de Commissie (2) specificeert onder meer de waarde van de clearingdrempels voor de toepassing van de clearingverplichting. |
|
(2) |
Overeenkomstig artikel 10, lid 4, vierde alinea, van Verordening (EU) nr. 648/2012 moet de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) de waarden van die clearingdrempels periodiek evalueren en technische reguleringsnormen voorstellen tot wijziging ervan. Die evaluatie moet worden voorafgegaan door een raadpleging van het Europees Comité voor systeemrisico’s (ESRB) en andere relevante autoriteiten en moet, indien nodig, rekening houden met de verwevenheid van financiële tegenpartijen. |
|
(3) |
Voor sommige rechtsgebieden van derde landen is nog geen gelijkwaardigheidsbesluit als bedoeld in artikel 2 bis van Verordening (EU) nr. 648/2012 vastgesteld. Contracten die op markten in die rechtsgebieden van derde landen worden uitgevoerd, worden bijgevolg als otc beschouwd en worden, hoewel zij door erkende CTP’s worden gecleard, meegeteld voor de clearingdrempels. Bovendien zijn de grondstoffenprijzen de laatste tijd gestegen, wat aanzienlijk wordt verergerd door de niet-uitgelokte en ongerechtvaardigde militaire agressie van Rusland tegen Oekraïne. Deze redenen vragen om een overeenkomstige aanpassing van de huidige drempel voor grondstoffenderivaten. De clearingdrempel voor posities in otc-grondstoffenderivaten moet daarom worden verhoogd van 3 miljard EUR tot 4 miljard EUR. |
|
(4) |
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(5) |
Deze verordening is gebaseerd op een verslag en op het ontwerp van technische reguleringsnormen die de ESMA bij de Commissie heeft ingediend. |
|
(6) |
De ESMA heeft een openbare raadpleging gehouden over de clearingdrempels voor verschillende activaklassen en met name over de clearingdrempels voor van grondstoffen afgeleide activaklassen. Gezien de beperkte reikwijdte van de wijziging en de urgentie ervan met het oog op de snel stijgende grondstoffenprijzen zou het zeer onevenredig zijn mocht de ESMA een aanvullende openbare raadpleging over de ontwerpen van technische reguleringsnormen houden. De ESMA heeft overeenkomstig artikel 10, lid 4, vierde alinea van Verordening (EU) nr. 648/2012 de ESRB geraadpleegd en heeft het advies ingewonnen van de Stakeholdergroep effecten en markten die overeenkomstig artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (3) is opgericht. |
|
(7) |
Gezien de recente stijging van de grondstoffenprijzen en het effect daarvan op niet-financiële tegenpartijen die posities in otc-grondstoffenderivatencontracten innemen, moet de clearingdrempel voor posities van niet-financiële tegenpartijen in otc-grondstoffenderivaten zo snel mogelijk worden aangepast. In het licht van de huidige energiecrisis en inflatie beoordeelt de ESMA het effect van de herziene drempel en stelt zij indien nodig en passend wijzigingen voor. Deze verordening moet derhalve met spoed in werking treden, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013
In artikel 11 van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013 wordt punt e) vervangen door:
|
“e) |
4 miljard EUR in bruto notionele waarde voor otc-grondstoffenderivatencontracten en andere otc-derivatencontracten waarin onder de punten a) tot en met d) niet is voorzien.”. |
Artikel 2
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 18 oktober 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 149/2013 van de Commissie van 19 december 2012 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad met technische reguleringsnormen betreffende indirecte clearingregelingen, de clearingverplichting, het openbaar register, toegang tot een handelsplatform, niet-financiële tegenpartijen, risico-inperkingstechnieken voor niet door een CTP geclearde otc-derivatencontracten (PB L 52 van 23.2.2013, blz. 11).
(3) Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/31 |
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2022/2311 VAN DE COMMISSIE
van 21 oktober 2022
tot wijziging van de in Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 vastgestelde technische reguleringsnormen wat betreft tijdelijke noodmaatregelen inzake zekerheidsvereisten
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (1), en met name artikel 46, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 van de Commissie (2) legt technische reguleringsnormen vast inzake vereisten voor centrale tegenpartijen (CTP’s) om zeer liquide zekerheden met minimale krediet- en marktrisico’s te aanvaarden. |
|
(2) |
Recente politieke en marktontwikkelingen hebben geleid tot aanzienlijke prijs- en volatiliteitsstijgingen op de energiemarkten, waardoor CTP’s aanzienlijke marginverhogingen hebben doorgevoerd om de gerelateerde blootstellingen te dekken. Deze marginverhogingen hebben geleid tot liquiditeitsspanningen voor niet-financiële tegenpartijen, die doorgaans beschikken over minder activa, die bovendien minder liquide zijn, om aan de marginvereisten te voldoen. Bijgevolg zijn die niet-financiële tegenpartijen gedwongen hun posities te verminderen of onvoldoende af te dekken, waardoor zij aan verdere prijsschommelingen worden blootgesteld. |
|
(3) |
Om de goede werking van de financiële en energiemarkten van de Unie in de huidige omstandigheden te waarborgen en ter verlichting van de liquiditeitsdruk op niet-financiële tegenpartijen die actief zijn op gereglementeerde gas- en elektriciteitsmarkten die worden gecleard door in de Unie gevestigde CTP’s, moet de pool van in aanmerking komende zekerheden die beschikbaar zijn voor niet-financiële clearingleden tijdelijk worden uitgebreid tot niet door zekerheden gedekte bankgaranties. |
|
(4) |
Om de liquiditeitsspanningen op de markten voor energiederivaten te beperken, moeten ook door publieke entiteiten uitgegeven of gedekte garanties door de CTP als in aanmerking komende zekerheid voor financiële en niet-financiële tegenpartijen worden beschouwd, aangezien deze garanties een laag tegenpartijkredietrisico inhouden en onherroepelijk en onvoorwaardelijk zijn en kunnen worden nagekomen in de periode van liquidatie van de portefeuille van het in gebreke blijvende clearinglid, waardoor het liquiditeitsrisico beperkt blijft. |
|
(5) |
De risico’s in verband met een uitbreiding van in aanmerking komende zekerheden tot niet door zekerheden gedekte bankgaranties en overheidsgaranties zullen naar verwachting beperkt blijven, aangezien de waarborgen voor risicobeheer van de CTP van toepassing zouden zijn op de uitbreiding en alle andere toepasselijke vereisten, zoals vastgelegd in Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013, van toepassing zouden blijven. |
|
(6) |
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(7) |
Om de risico’s die verbonden zijn aan de aanvaarding van niet door zekerheden gedekte bankgaranties voor niet-financiële clearingleden en overheidsgaranties voor financiële en niet-financiële clearingleden als zekerheid verder te beperken, moeten deze maatregelen van tijdelijke aard zijn en worden toegekend voor een periode van twaalf maanden, om steun te verlenen aan marktdeelnemers en hen te stimuleren om terug te keren naar de markten. |
|
(8) |
In het licht van de recente marktontwikkelingen moet de pool van in aanmerking komende zekerheden die voor niet-financiële clearingleden beschikbaar zijn, zo snel mogelijk worden uitgebreid. Deze verordening moet derhalve met spoed in werking treden. |
|
(9) |
Deze verordening is gebaseerd op ontwerpen van technische reguleringsnormen die de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) na raadpleging van de Europese Bankautoriteit, het Europees Comité voor systeemrisico’s en het Europees Stelsel van centrale banken aan de Commissie heeft voorgelegd. |
|
(10) |
De ESMA heeft geen openbare raadplegingen gehouden over de ontwerpen van technische reguleringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, en heeft evenmin de potentiële kosten en baten geanalyseerd, aangezien dit sterk buiten verhouding zou hebben gestaan tot het toepassingsgebied en het effect van de aan te nemen wijzigingen, rekening houdend met de urgentie en het beperkte toepassingsgebied van de voorgestelde veranderingen. Gezien de urgentie heeft de ESMA geen advies ingewonnen van de Stakeholdergroep effecten en markten die overeenkomstig artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (3) is opgericht. De Stakeholdergroep effecten en markten wordt daarvan overeenkomstig die bepaling in kennis gesteld, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Aan artikel 39 wordt de volgende alinea toegevoegd: “Voor de toepassing van artikel 46, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 worden overheidsgaranties die voldoen aan de voorwaarden in bijlage I tot 29 november 2023 als zeer liquide zekerheden beschouwd.”. |
|
2) |
Aan artikel 62, tweede alinea, wordt de volgende zin toegevoegd: “Van 29 november 2022 tot 29 november 2023 zal afdeling 2, punt 1, h), van bijlage I echter niet van toepassing zijn met betrekking tot derivatentransacties als bedoeld in artikel 2, lid 4, punten b) en d) van Verordening (EU) nr. 1227/2011.”. |
|
3) |
Bijlage I wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening. |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 oktober 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 201 van 27.7.2012, blz. 1.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 van de Commissie van 19 december 2012 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot technische reguleringsnormen inzake vereisten voor centrale tegenpartijen (PB L 52 van 23.2.2013, blz. 41).
(3) Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).
BIJLAGE
In bijlage I bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 153/2013 wordt de volgende afdeling 2 bis ingevoegd:
“ AFDELING 2 bis
Overheidsgaranties
Een overheidsgarantie die niet voldoet aan de in afdeling 2, punt 2, neergelegde voorwaarden voor een door een centrale bank uitgegeven garantie moet tot 29 november 2023 voldoen aan alle volgende voorwaarden om als zekerheid in de zin van artikel 46, lid 1, van Verordening (EU) nr. 648/2012 te worden aanvaard:
|
a) |
zij is expliciet uitgegeven of gegarandeerd door een van de volgende:
|
|
b) |
de CTP kan op basis van een interne beoordeling door de CTP aantonen dat haar kredietrisico laag is; |
|
c) |
zij luidt in een van de volgende valuta’s:
|
|
d) |
zij is onherroepelijk, onvoorwaardelijk en de entiteiten die deze uitgeven of garanderen, kunnen zich niet beroepen op een wettelijke of contractuele vrijstelling of wettelijk of contractueel verweermiddel om zich te verzetten tegen de uitbetaling van de garantie; |
|
e) |
zij kan, zonder enige regelgevende, wettelijke of operationele beperking of vordering van een derde partij worden uitbetaald binnen de liquidatieperiode van de portefeuille van het in gebreke blijvende clearinglid dat de garantie heeft verstrekt. |
Voor de toepassing van punt b) moet de CTP voor de beoordeling van de in dat punt bedoelde beoordeling gebruikmaken van een vastgestelde, objectieve methodologie waarbij niet volledig vertrouwd wordt op extern advies.
(*1) Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1).”.”
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/34 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2022/2312 VAN DE COMMISSIE
van 25 november 2022
inzake achtjaarlijkse variabelen in het domein “beroepsbevolking” met betrekking tot “jongeren op de arbeidsmarkt”, “opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies” en “combinatie van werk en gezin” krachtens Verordening (EU) 2019/1700 van het Europees Parlement en de Raad
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2019/1700 van het Europees Parlement en de Raad van 10 oktober 2019 tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor Europese statistieken betreffende personen en huishoudens, op basis van gegevens die op individueel niveau worden verzameld door middel van steekproeven, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 808/2004, (EG) nr. 452/2008 en (EG) nr. 1338/2008 van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1177/2003 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EG) nr. 577/98 van de Raad (1), en met name artikel 7, lid 1, punten a) en d),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Teneinde een nauwkeurige en vergelijkbare gegevensverzameling in het domein “beroepsbevolking” te verzekeren, moet de Commissie de technische aspecten van de gegevensreeksen vaststellen voor de achtjaarlijkse variabelen die voor het eerst moeten worden verzameld in 2024 en 2025. |
|
(2) |
De Commissie moet de gegevensreeksen voor de achtjaarlijkse variabelen in het domein “beroepsbevolking” met betrekking tot “jongeren op de arbeidsmarkt”, “opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies” en “combinatie van werk en gezin” nader beschrijven. |
|
(3) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 7 van Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad ingestelde Comité voor het Europees statistisch systeem (2), |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De beschrijving van de gegevensreeksen voor de achtjaarlijkse variabelen in het domein “beroepsbevolking” met betrekking tot “jongeren op de arbeidsmarkt”, “opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies” (eerste uitvoering in 2024) en “combinatie van werk en gezin” (eerste uitvoering in 2025) is in de bijlage vastgesteld.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 261 I van 14.10.2019, blz. 1.
(2) Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1101/2008 betreffende de toezending van onder de statistische geheimhoudingsplicht vallende gegevens aan het Bureau voor de Statistiek van de Europese Gemeenschappen, Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad betreffende de communautaire statistiek en Besluit 89/382/EEG, Euratom van de Raad tot oprichting van een Comité statistisch programma van de Europese Gemeenschappen (PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164).
BIJLAGE
Beschrijving en technisch model van de achtjaarlijkse variabelen in het domein “beroepsbevolking” die moeten worden verzameld met betrekking tot “jongeren op de arbeidsmarkt”, “opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies” (eerste uitvoering in 2024) en “combinatie van werk en gezin” (eerste uitvoering in 2025) en te gebruiken codering
|
Onderwerp |
Gedetailleerd onderwerp |
Identificatiecode variabele |
Naam van de variabele |
Code |
Omschrijvingen |
Filter |
Filteromschrijvingen |
Minimumreeks variabelen |
Type |
|
3e. Arbeidsmarktparticipatie |
Jongeren op de arbeidsmarkt |
LEVMATCH |
Overeenstemming tussen behaalde opleidingsniveau en huidige of laatste voornaamste baan |
1 |
Opleidingsniveau stemt overeen met wat nodig is voor de baan |
15 ≤ LEEFTIJD ≤ 34 en (EMPSTAT = 1 of EXISTPR = 2, 3) |
Werkenden van 15 tot en met 34 jaar of niet-werkenden die eerder wel werkzaam waren |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Opleidingsniveau is hoger dan wat nodig is voor de baan |
||||||||
|
3 |
Opleidingsniveau is lager dan wat nodig is voor de baan |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3e. Arbeidsmarktparticipatie |
Jongeren op de arbeidsmarkt |
FIELDMATCH |
Overeenstemming tussen het vakgebied van het hoogste niveau van met succes afgesloten onderwijs of opleiding en huidige of laatste voornaamste baan |
1 |
In zeer ruime mate |
15 ≤ LEEFTIJD ≤ 34 en (EMPSTAT = 1 of EXISTPR = 2, 3) en HATFIELD = 001 — 109 |
Werkenden van 15 tot en met 34 jaar of niet-werkenden die eerder wel werkzaam waren met informatie over het hoogste niveau van met succes afgesloten onderwijs of opleiding |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
In ruime mate |
||||||||
|
3 |
In enige mate |
||||||||
|
4 |
Nauwelijks |
||||||||
|
5 |
Niet betrokken |
||||||||
|
6 |
Geen functievereisten |
||||||||
|
7 |
Geen specifiek gebied van opleidingskwalificaties wanneer eerder werkend |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3e. Arbeidsmarktparticipatie |
Jongeren op de arbeidsmarkt |
SKILLMATCH |
Overeenstemming tussen vaardigheden en huidige of laatste voornaamste baan |
1 |
Vaardigheden stemmen overeen met wat nodig is voor de baan |
15 ≤ LEEFTIJD ≤ 34 en (EMPSTAT = 1 of EXISTPR = 2, 3) |
Werkenden van 15 tot en met 34 jaar of niet-werkenden die eerder wel werkzaam waren |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Vaardigheden zijn hoger dan wat nodig is voor de baan |
||||||||
|
3 |
Vaardigheden zijn lager dan wat nodig is voor de baan |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
4b. Opleidingsniveau en achtergrond |
Opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies |
DROPEDUC |
Niet-voltooide formeel onderwijs- of opleidingsprogramma |
1 |
Ja, één |
15 ≤ LEEFTIJD ≤ 34 |
Iedereen in de doelpopulatie van 15 tot en met 34 jaar |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Ja, meerdere |
||||||||
|
3 |
Nr. |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
4b. Opleidingsniveau en achtergrond |
Opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies |
DROPEDUCLEVEL |
Niveau van het niet-voltooide formeel onderwijs- of opleidingsprogramma |
10 |
ISCED 1 Primair onderwijs |
DROPEDUC = 1, 2 |
Personen met (één of meer) niet-voltooide formeel onderwijs- of opleidingsprogramma’s |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
20 |
ISCED 2 Lager secundair onderwijs |
||||||||
|
34 |
ISCED 3 Hoger secundair onderwijs — algemeen |
||||||||
|
35 |
ISCED 3 Hoger secundair onderwijs — beroepsopleiding |
||||||||
|
39 |
ISCED 3 Hoger secundair onderwijs — richting onbekend |
||||||||
|
44 |
ISCED 4 Postsecundair niet-tertiair onderwijs — algemeen |
||||||||
|
45 |
ISCED 4 Postsecundair niet-tertiair onderwijs — beroepsopleiding |
||||||||
|
49 |
ISCED 4 Postsecundair niet-tertiair onderwijs — richting onbekend |
||||||||
|
54 |
ISCED 5 Tertiair onderwijs korte cyclus — algemeen |
||||||||
|
55 |
ISCED 5 Tertiair onderwijs korte cyclus — beroepsopleiding |
||||||||
|
59 |
ISCED 5 Tertiair onderwijs korte cyclus — richting onbekend |
||||||||
|
60 |
ISCED 6 Bachelorniveau of gelijkwaardig |
||||||||
|
70 |
ISCED 7 Masterniveau of gelijkwaardig |
||||||||
|
80 |
ISCED 8 Doctoraatsniveau of gelijkwaardig |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
99 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
4b. Opleidingsniveau en achtergrond |
Opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies |
DROPEDUCREAS |
Belangrijkste reden voor het niet voltooien van het in DOPEDUCLEVEL vermelde formele onderwijsprogramma |
1 |
Financiële redenen |
DROPEDUC = 1, 2 |
Personen met (één of meer) niet-voltooide formeel onderwijs- of opleidingsprogramma’s |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Voorkeur om te werken |
||||||||
|
3 |
Redenen in verband met het onderwijsprogramma |
||||||||
|
4 |
Ziekte of arbeidsongeschiktheid van de betrokkene zelf |
||||||||
|
5 |
Zorgverantwoordelijkheden |
||||||||
|
6 |
Andere familiale redenen |
||||||||
|
7 |
Andere persoonlijke redenen |
||||||||
|
8 |
Andere redenen |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
4b. Opleidingsniveau en achtergrond |
Opleidingsniveau — details, met inbegrip van onderbroken of stopgezette studies |
MEDLEVQUAL |
Kwalificaties middelhoog opleidingsniveau |
1 |
Ten minste één formele kwalificatie met beroepsoriëntatie op ISCED-niveau 3 of 4 |
15 ≤ LEEFTIJD ≤ 34 en HATLEVEL = 540-800 |
Personen van 15-34 jaar met opleidingsniveau gelijk aan of hoger dan ISCED 5 |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Formele kwalificatie met alleen een algemene oriëntatie op ISCED-niveau 3 of 4 |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CHCARRES |
Bestaan van regelmatige zorgverantwoordelijkheden voor kinderen tot 14 jaar |
1 |
Geen zorgverantwoordelijkheden voor eigen kinderen of kleinkinderen of die van de partner |
18 ≤ LEEFTIJD ≤ 74 |
Iedereen in de doelpopulatie van 18 tot en met 74 jaar |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Zorg voor eigen kinderen of kinderen van de partner die allen binnen het huishouden wonen |
||||||||
|
3 |
Zorg voor eigen kinderen of kinderen van de partner, waarvan er ten minste één binnen en een buiten het huishouden wonen |
||||||||
|
4 |
Zorg voor eigen kinderen of kinderen van de partner die allen buiten het huishouden wonen |
||||||||
|
5 |
Zorg voor eigen kleinkinderen of kleinkinderen van de partner (binnen of buiten het huishouden) (zonder zorg voor eigen kinderen of kinderen van de partner) |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CHCARAGE |
Leeftijd van jongste kind of kleinkind waarvoor wordt gezorgd |
00-14 |
Leeftijd van jongste kind of kleinkind waarvoor wordt gezorgd |
CHCARRES = 3-5 |
Personen die zorgen voor ten minste één kind dat buiten het huishouden woont of één kleinkind (binnen of buiten het huishouden) |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
99 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CHCARUSE |
Gebruik van kinderopvang |
1 |
Ja, voor alle kinderen |
CHCARRES = 2-4 |
Personen die zorgen voor eigen kinderen of kinderen van de partner binnen of buiten het huishouden |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Ja, voor sommige kinderen |
||||||||
|
3 |
Nr. |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CHCAROBS |
Belangrijkste reden om geen gebruik te maken van kinderopvang |
1 |
Geen toegankelijke of beschikbare opvang |
CHCARUSE = 2, 3 |
Personen die voor geen van de kinderen of slechts voor sommige kinderen gebruikmaken van professionele opvangdiensten |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Kosten |
||||||||
|
3 |
Kwaliteit of andere dienstgerelateerde belemmeringen |
||||||||
|
4 |
Voorkeur om zorg alleen of met de partner te regelen |
||||||||
|
5 |
Voorkeur om zorg te regelen met verdere informele ondersteuning |
||||||||
|
6 |
Kinderen zorgen voor zichzelf |
||||||||
|
7 |
Andere (persoonlijke) redenen |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
ELCARRES |
Bestaan van regelmatige zorgverantwoordelijkheden voor familieleden van 15 jaar of ouder die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
1 |
Geen zorgverantwoordelijkheden voor partner of andere familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
18 ≤ LEEFTIJD ≤ 74 |
Iedereen in de doelpopulatie van 18 tot en met 74 jaar |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Alleen zorg voor de partner die ziek is, kwetsbaar is of een handicap heeft, binnen het huishouden |
||||||||
|
3 |
Alleen zorg voor de partner die ziek is, kwetsbaar is of een handicap heeft, buiten het huishouden |
||||||||
|
4 |
Zorg voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben, allen binnen het huishouden |
||||||||
|
5 |
Zorg voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben, waarvan er ten minste één binnen het huishouden en één buiten het huishouden woont |
||||||||
|
6 |
Zorg voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben, allen buiten het huishouden |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
ELCARINT |
Intensiteit van de zorg voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
1 |
Minder dan 5 uur per week |
ELCARRES = 2-6 |
Personen met zorgverantwoordelijkheden voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
5 tot 10 uur per week |
||||||||
|
3 |
10 tot 20 uur per week |
||||||||
|
4 |
20 tot 30 uur per week |
||||||||
|
5 |
30 tot 40 uur per week |
||||||||
|
6 |
40 uur of meer per week |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CAREFFEM |
Invloed van zorgverantwoordelijkheden op werk |
1 |
Van baan of werkgever veranderd |
(CHCARRES = 2-5 of ELCARRES = 2-6) en EMPSTAT = 1 |
Werkenden met zorgverantwoordelijkheden voor eigen (klein)kinderen of (klein)kinderen van de partner of voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Momenteel afwezig op het werk, met inbegrip van verlof |
||||||||
|
3 |
Momenteel arbeidstijdverkorting, met inbegrip van deeltijd of minder werkuren |
||||||||
|
4 |
Momenteel regelmatig thuiswerken |
||||||||
|
5 |
Momenteel aangepast werkschema, zonder van werktijden te veranderen |
||||||||
|
6 |
Werkt momenteel aan minder veeleisende taken op het werk |
||||||||
|
7 |
Andere werkgerelateerde aanpassingen |
||||||||
|
8 |
Geen werkgerelateerde aanpassingen |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
WORKOBS |
Voornaamste belemmering op het werk om werk en gezin te combineren |
1 |
Lange werktijd |
(CHCARRES = 2-5 of ELCARRES = 2-6) en EMPSTAT = 1 |
Werkenden met zorgverantwoordelijkheden voor eigen (klein)kinderen of (klein)kinderen van de partner of voor familieleden die ziek zijn, kwetsbaar zijn of een handicap hebben |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Onvoorspelbare of moeilijke werkschema’s |
||||||||
|
3 |
Veeleisende of vermoeiende baan |
||||||||
|
4 |
Lange verplaatsing van en naar het werk |
||||||||
|
5 |
Andere werkgerelateerde belemmeringen |
||||||||
|
6 |
Geen werkgerelateerde belemmeringen |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
CHNUMBER |
Aantal opgevoede eigen kinderen |
0-98 |
Aantal opgevoede eigen kinderen |
18 ≤ LEEFTIJD ≤ 54 |
Iedereen in de doelpopulatie van 18 tot en met 54 jaar |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
99 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
PARLEAV |
Gebruik van verlof om gezinsredenen |
1 |
Alleen moederschaps- of vaderschapsverlof |
CHNUMBER = 01-98 en (EMPSTAT = 1 of EXISTPR = 2 of 3) |
Werkenden of eerder werkenden die ten minste een eigen kind hebben opgevoed in de loop van hun leven |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Alleen ouderschapsverlof |
||||||||
|
3 |
Combinatie van gezinsverlof |
||||||||
|
4 |
Geen verlof om gezinsredenen |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
||||||||
|
3f. Arbeidsmarktparticipatie |
Combinatie van werk en gezin |
PARLENG |
Duur van gebruikt verlof om gezinsredenen |
1 |
Tot één maand |
PARLEAV = 1-3 |
Personen die verlof om gezinsredenen hebben opgenomen |
Niet van toepassing |
Verzameld |
|
2 |
Langer dan één maand en ten hoogste twee maanden |
||||||||
|
3 |
Langer dan twee maanden en ten hoogste zes maanden |
||||||||
|
4 |
Langer dan zes maanden en ten hoogste één jaar |
||||||||
|
5 |
Langer dan één jaar en ten hoogste 3 jaar |
||||||||
|
6 |
Langer dan 3 jaar en ten hoogste 5 jaar |
||||||||
|
7 |
Langer dan 5 jaar |
||||||||
|
Blanco |
Niet vermeld |
||||||||
|
9 |
Niet van toepassing |
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/45 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2022/2313 VAN DE COMMISSIE
van 25 november 2022
tot inschrijving van een naam in het register van gegarandeerde traditionele specialiteiten (Pizza Napoletana (GTS))
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (1), en met name artikel 26 en artikel 52, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1151/2012 heeft Italië de naam “Pizza Napoletana” ingediend met het oog op de inschrijving ervan in het in artikel 22 van Verordening (EU) nr. 1151/2012 bedoelde register van gegarandeerde traditionele specialiteiten, met reservering van de naam. |
|
(2) |
De naam “Pizza Napoletana” was voordien bij Verordening (EU) nr. 97/2010 van de Commissie (2) als gegarandeerde traditionele specialiteit zonder reservering van de naam geregistreerd overeenkomstig artikel 13, lid 1, van Verordening (EG) nr. 509/2006 van de Raad (3). |
|
(3) |
De indiening van de naam “Pizza Napoletana” is bestudeerd door de Commissie en vervolgens bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie (4). |
|
(4) |
Aangezien bij de Commissie geen bezwaren zijn ingediend overeenkomstig artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1151/2012, moet de naam “Pizza Napoletana” worden ingeschreven in het register van gegarandeerde traditionele specialiteiten, met reservering van de naam, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De naam “Pizza Napoletana” (GTS) wordt ingeschreven in het register van gegarandeerde traditionele specialiteiten, met reservering van de naam.
Het productdossier van de GTS “Pizza Napoletana” wordt beschouwd als het in artikel 19 van Verordening (EU) nr. 1151/2012 bedoelde productdossier van de GTS “Pizza Napoletana”, met reservering van de naam.
Met de in de eerste alinea vermelde naam wordt een product aangeduid van categorie 2.27 (Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren) als opgenomen in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 668/2014 van de Commissie (5).
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 343 van 14.12.2012, blz. 1.
(2) Verordening (EU) nr. 97/2010 van de Commissie van 4 februari 2010 houdende inschrijving van een benaming in het register van gegarandeerde traditionele specialiteiten (Pizza Napoletana (GTS)) (PB L 34 van 5.2.2010, blz. 7).
(3) Verordening (EG) nr. 509/2006 van de Raad van 20 maart 2006 inzake gegarandeerde traditionele specialiteiten voor landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 93 van 31.3.2006, blz. 1). Verordening ingetrokken bij en vervangen door Verordening (EU) nr. 1151/2012.
(4) PB C 176 van 18.5.2016, blz. 13.
(5) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 668/2014 van de Commissie van 13 juni 2014 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 179 van 19.6.2014, blz. 36).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/47 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2022/2314 VAN DE COMMISSIE
van 25 november 2022
tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof Pythium oligandrum stam M1 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 20, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Richtlijn 2008/113/EG van de Commissie (2) is Pythium oligandrum stam M1 als werkzame stof opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (3). |
|
(2) |
De in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG opgenomen werkzame stoffen worden geacht te zijn goedgekeurd krachtens Verordening (EG) nr. 1107/2009 en zijn opgenomen in deel A van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (4). |
|
(3) |
De goedkeuring van de werkzame stof Pythium oligandrum stam M1, zoals vermeld in deel A van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011, vervalt op 30 april 2023. |
|
(4) |
Er is overeenkomstig artikel 1 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 van de Commissie (5) bij de lidstaat-rapporteur binnen de in dat artikel vastgestelde termijn een aanvraag tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof Pythium oligandrum stam M1 ingediend. |
|
(5) |
De aanvrager heeft de overeenkomstig artikel 6 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 vereiste aanvullende dossiers ingediend bij de lidstaat-rapporteur, de lidstaat-corapporteur, de Commissie en de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA). De lidstaat-rapporteur heeft vastgesteld dat de aanvraag volledig was. |
|
(6) |
De lidstaat-rapporteur heeft in overleg met de lidstaat-corapporteur een ontwerpbeoordelingsverslag over de verlenging opgesteld en dit verslag op 26 september 2018 bij de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) en de Commissie ingediend. |
|
(7) |
De EFSA heeft het ontwerpbeoordelingsverslag over de verlenging voor opmerkingen tevens aan de aanvrager en de lidstaten doorgestuurd, en heeft er een openbare raadpleging over gehouden en de ontvangen opmerkingen aan de Commissie doen toekomen. De EFSA heeft het aanvullende beknopte dossier ook toegankelijk gemaakt voor het publiek. |
|
(8) |
Op 8 oktober 2020 heeft de EFSA de Commissie haar conclusie (6) meegedeeld met betrekking tot de vraag of Pythium oligandrum stam M1 naar verwachting aan de goedkeuringscriteria van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 zal voldoen. |
|
(9) |
De Commissie heeft op respectievelijk 18 mei 2022 en 15 juli 2022 een verslag over de verlenging en een ontwerpverordening met betrekking tot Pythium oligandrum stam M1 voorgelegd aan het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders. |
|
(10) |
De Commissie heeft de aanvrager verzocht zijn opmerkingen in te dienen over de conclusie van de EFSA, en overeenkomstig artikel 14, lid 1, derde alinea, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 (7), over het verslag over de verlenging. De aanvrager heeft zijn opmerkingen ingediend en deze zijn zorgvuldig onderzocht. |
|
(11) |
Er is met betrekking tot één of meer representatieve gebruiksdoeleinden van minstens één gewasbeschermingsmiddel dat de werkzame stof Pythium oligandrum stam M1 bevat, vastgesteld dat aan de goedkeuringscriteria van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 is voldaan. |
|
(12) |
Het is derhalve passend om de goedkeuring van Pythium oligandrum stam M1 te verlengen. |
|
(13) |
Overeenkomstig artikel 14, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 in samenhang met artikel 6 van die verordening, en in het licht van de huidige wetenschappelijke en technische kennis is het echter noodzakelijk bepaalde voorwaarden vast te stellen. Er moet met name worden geëist dat de lidstaten bij de beoordeling van de aanvragen voor toelating van producten die Pythium oligandrum stam M1 bevatten, bijzondere aandacht besteden aan de specificatie van het technische materiaal en aan de bescherming van toedieners en werknemers, en voorzien in risicobeperkende maatregelen zoals persoonlijke en ademhalingsbeschermingsmiddelen om de risico’s van overgevoeligheid of fysieke effecten op het ademhalingsstelsel die door het micro-organisme kunnen worden veroorzaakt, te verminderen. |
|
(14) |
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(15) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/378 van de Commissie (8) is de geldigheidsduur van de goedkeuring voor Pythium oligandrum stam M1 verlengd tot en met 30 april 2023, opdat de verlengingsprocedure vóór het verstrijken van de goedkeuringsperiode van die werkzame stof kan worden voltooid. Aangezien er echter vóór de vervaldatum van de verlengde geldigheidsduur een besluit is genomen over de verlenging, moet deze verordening vóór die datum in werking treden. |
|
(16) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof
De goedkeuring van de in bijlage I bij deze verordening gespecificeerde werkzame stof Pythium oligandrum stam M1 wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden verlengd.
Artikel 2
Wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011
De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage II bij deze verordening.
Artikel 3
Inwerkingtreding en datum van toepassing
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 1 maart 2023.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1.
(2) Richtlijn 2008/113/EG van de Commissie van 8 december 2008 tot wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad teneinde verscheidene micro-organismen op te nemen als werkzame stoffen (PB L 330 van 9.12.2008, blz. 6).
(3) Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 230 van 19.8.1991, blz. 1).
(4) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie van 25 mei 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de lijst van goedgekeurde werkzame stoffen betreft (PB L 153 van 11.6.2011, blz. 1).
(5) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 van de Commissie van 18 september 2012 tot vaststelling van de nodige bepalingen voor de uitvoering van de verlengingsprocedure voor werkzame stoffen, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 252 van 19.9.2012, blz. 26).
(6) EFSA Journal 2020;18(11):6296, doi: 10.2903/j.efsa.2020.6296. Online beschikbaar op: https://www.efsa.europa.eu/nl
(7) Deze verordening is vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) 2020/1740 van de Commissie (PB L 392 van 23.11.2020, blz. 20), maar blijft van toepassing op de procedure voor de verlenging van de goedkeuring van werkzame stoffen: 1) waarvan de geldigheidsduur van de goedkeuring vóór 27 maart 2024 verstrijkt; 2) waarvoor de geldigheidsduur van de goedkeuring bij een op of na 27 maart 2021 overeenkomstig artikel 17 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 vastgestelde verordening wordt verlengd tot en met 27 maart 2024 of een latere datum.
(8) Uitvoeringsverordening (EU) 2022/378 van de Commissie van 4 maart 2022 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 betreffende de verlenging van de goedkeuringsperiode van de werkzame stoffen abamectine, Bacillus subtilis (Cohn 1872) stam QST 713, Bacillus thuringiensis subsp. aizawai stammen ABTS-1857 en GC-91, Bacillus thuringiensis subsp. israeliensis (serotype H-14) stam AM65-52, Bacillus thuringiensis subsp. kurstaki stammen ABTS 351, PB 54, SA 11, SA 12, en EG 2348, Beauveria bassiana stammen ATCC 74040 en GHA, clodinafop, Cydia pomonella Granulovirus (CpGV), cyprodinil, dichloorprop-P, fenpyroximaat, fosetyl, malathion, mepanipyrim, metconazool, metrafenon, pirimicarb, Pseudomonas chlororaphis stam MA 342, pyrimethanil, Pythium oligandrum M1, rimsulfuron, spinosad, Trichoderma asperellum (vroeger “ T. harzianum ”) stammen ICC012, T25 en TV1, Trichoderma atroviride (vroeger “ T. harzianum ”) stammen T11, Trichoderma gamsii (vroeger “ T. viride ”) stam ICC080, Trichoderma harzianum stammen T-22 en ITEM 908, triclopyr, trinexapac, triticonazool en ziram (PB L 72 van 7.3.2022, blz. 2).
BIJLAGE I
|
Benaming, identificatienummers |
IUPAC-benaming |
Zuiverheid (1) |
Datum van goedkeuring |
Geldigheidsduur |
Specifieke bepalingen |
||||||
|
Pythium oligandrum stam M1 Kweekverzameling: nr. ATCC 38472 |
Niet van toepassing |
Geen relevante onzuiverheden |
1 maart 2023 |
28 februari 2038 |
Voor de toepassing van de in artikel 29, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 bedoelde uniforme beginselen moet rekening worden gehouden met de conclusies van het verslag over de verlenging voor Pythium oligandrum stam M1, en met name met de aanhangsels I en II daarvan. Bij deze algemene beoordeling moeten de lidstaten bijzondere aandacht besteden aan:
De gebruiksvoorwaarden moeten zo nodig risicobeperkende maatregelen omvatten, zoals:
|
(1) Het verslag over de verlenging bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.
BIJLAGE II
De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
In deel A wordt vermelding 202 over Pythium oligandrum stam M1 geschrapt. |
|
2) |
In deel B wordt de volgende vermelding toegevoegd:
|
(1) Het verslag over de verlenging bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.”.
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/52 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2022/2315 VAN DE COMMISSIE
van 25 november 2022
tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof met een laag risico heptamaloxyloglucan overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 20, lid 1, in samenhang met artikel 22, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Richtlijn 2010/14/EU van de Commissie (2) is heptamaloxyloglucan in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (3) opgenomen als werkzame stof. |
|
(2) |
De in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG opgenomen werkzame stoffen worden geacht te zijn goedgekeurd krachtens Verordening (EG) nr. 1107/2009 en zijn opgenomen in deel A van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (4). |
|
(3) |
De goedkeuring van de in deel A van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 opgenomen werkzame stof heptamaloxyloglucan vervalt op 31 mei 2023. |
|
(4) |
Er is overeenkomstig artikel 1 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 van de Commissie (5) bij de lidstaat-rapporteur binnen de in dat artikel vastgestelde termijn een aanvraag tot verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof heptamaloxyloglucan ingediend. |
|
(5) |
De aanvrager heeft de overeenkomstig artikel 6 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 vereiste aanvullende dossiers ingediend bij de lidstaat-rapporteur, de lidstaat-corapporteur, de Commissie en de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA). De lidstaat-rapporteur heeft vastgesteld dat de aanvraag volledig was. |
|
(6) |
De lidstaat-rapporteur heeft in overleg met de lidstaat-corapporteur een ontwerpbeoordelingsverslag over de verlenging opgesteld en dit verslag op 29 september 2020 bij de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) en de Commissie ingediend. |
|
(7) |
De EFSA heeft het aanvullende beknopte dossier toegankelijk gemaakt voor het publiek. Zij heeft het ontwerpbeoordelingsverslag over de verlenging voor opmerkingen tevens aan de aanvrager en de lidstaten doorgestuurd, en heeft een openbare raadpleging hierover gehouden. De EFSA heeft de ontvangen opmerkingen naar de Commissie doorgestuurd. |
|
(8) |
Op 2 maart 2022 heeft de EFSA de Commissie haar conclusie (6) meegedeeld met betrekking tot de vraag of heptamaloxyloglucan naar verwachting zal voldoen aan de goedkeuringscriteria van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009. |
|
(9) |
Wat betreft de criteria voor de identificatie van hormoonontregelende eigenschappen die in de punten 3.6.5 en 3.8.2 van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 1107/2009 zijn vastgesteld, blijkt uit de conclusie van de EFSA dat het, op basis van de wetenschappelijke gegevens, zeer onwaarschijnlijk is dat heptamaloxyloglucan een hormoonontregelaar is via de oestrogene, androgene, steroïdogene en schildkliermodaliteiten. |
|
(10) |
De Commissie heeft op 30 maart 2022 en op 13 oktober 2022 respectievelijk een verslag over de verlenging en een ontwerpverordening inzake heptamaloxyloglucan bij het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders ingediend. |
|
(11) |
De Commissie heeft de aanvrager verzocht zijn opmerkingen in te dienen over de conclusie van de EFSA, en overeenkomstig artikel 14, lid 1, derde alinea, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012, over het verslag over de verlenging. De aanvrager heeft zijn opmerkingen ingediend en deze zijn zorgvuldig onderzocht. |
|
(12) |
Er is met betrekking tot één of meer representatieve toepassingen van minstens één gewasbeschermingsmiddel dat de werkzame stof heptamaloxyloglucan bevat, vastgesteld dat aan de goedkeuringscriteria van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 is voldaan. Ook is vastgesteld dat heptamaloxyloglucan niet mag worden beschouwd als een stof met hormoonontregelende eigenschappen. |
|
(13) |
De risicobeoordeling voor de verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof heptamaloxyloglucan is gebaseerd op een beperkt aantal representatieve gebruiksdoeleinden, die echter geen beperking inhouden van de gebruiksdoeleinden waarvoor gewasbeschermingsmiddelen die heptamaloxyloglucan bevatten, mogen worden toegelaten. Het is daarom passend de beperking tot gebruik als groeiregulator niet te handhaven. |
|
(14) |
De Commissie is voorts van oordeel dat heptamaloxyloglucan een werkzame stof met een laag risico is in de zin van artikel 22 van Verordening (EG) nr. 1107/2009. Heptamaloxyloglucan is geen tot bezorgdheid aanleiding gevende stof en voldoet aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in punt 5 van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 1107/2009. Bovendien is heptamaloxyloglucan van nature aanwezig als bestanddeel van planten en bodem. De bijkomende blootstelling van mensen, dieren en het milieu door de krachtens Verordening (EG) nr. 1107/2009 goedgekeurde gebruiksdoeleinden is naar verwachting verwaarloosbaar in vergelijking met de verwachte blootstelling in realistische natuurlijke omstandigheden. Het is derhalve passend om de goedkeuring van heptamaloxyloglucan als stof met een laag risico te verlengen. |
|
(15) |
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(16) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2022/814 van de Commissie (7) is de geldigheidsduur van de goedkeuring voor heptamaloxyloglucan verlengd tot en met 31 mei 2023, opdat de verlengingsprocedure vóór het verstrijken van de goedkeuringsperiode van die werkzame stof kan worden voltooid. Aangezien er echter vóór de vervaldatum van de verlengde geldigheidsduur een besluit is genomen over de verlenging, moet deze verordening vóór die datum in werking treden. |
|
(17) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verlenging van de goedkeuring van de werkzame stof
De goedkeuring van de werkzame stof heptamaloxyloglucan wordt verlengd zoals vastgesteld in bijlage I.
Artikel 2
Wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011
De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage II bij deze verordening.
Artikel 3
Inwerkingtreding en datum van toepassing
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 1 maart 2023.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1.
(2) Richtlijn 2010/14/EU van de Commissie van 3 maart 2010 tot wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad teneinde heptamaloxyloglucan op te nemen als werkzame stof (PB L 53 van 4.3.2010, blz. 7).
(3) Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 230 van 19.8.1991, blz. 1).
(4) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie van 25 mei 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de lijst van goedgekeurde werkzame stoffen betreft (PB L 153 van 11.6.2011, blz. 1).
(5) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 844/2012 van de Commissie van 18 september 2012 tot vaststelling van de nodige bepalingen voor de uitvoering van de verlengingsprocedure voor werkzame stoffen, als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 252 van 19.9.2012, blz. 26).
(6) EFSA Journal 2022;20(3):7210. Online beschikbaar op: https://doi.org/10.2903/j.efsa.2022.7210
(7) Uitvoeringsverordening (EU) 2022/814 van de Commissie van 20 mei 2022 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wat betreft de verlenging van de geldigheidsduur van de goedkeuring van de werkzame stof heptamaloxyloglucan (PB L 146 van 25.5.2022, blz. 6).
BIJLAGE I
|
Benaming, identificatienummers |
IUPAC-benaming |
Zuiverheid (1) |
Datum van goedkeuring |
Geldigheidsduur |
Specifieke bepalingen |
||
|
Heptamaloxyloglucan CAS-nr.: 870721-81-6 CIPAC-nr.: 851 |
α-L-fucopyranosyl-(1→2)-β-D-galactopyranosyl- (1→2)-α-D-xylopyranosyl-(1→6)-[α-D-xylopyranosyl-(1→6)-β-D-glucopyranosyl-(1→4)]- β-D-glucopyranosyl-(1→4)-D-glucitol |
≥ 780 g/kg De volgende onzuiverheid is uit toxicologisch en milieuoogpunt van belang en mag in het technische materiaal de volgende niveaus niet overschrijden:
|
1 maart 2023 |
28 februari 2038 |
Voor de toepassing van de in artikel 29, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 bedoelde uniforme beginselen wordt rekening gehouden met de conclusies van het evaluatieverslag over heptamaloxyloglucan, en met name met de aanhangsels I en II daarvan. |
(1) Het verslag over de verlenging bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.
BIJLAGE II
De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
In deel A wordt vermelding 298 over heptamaloxyloglucan geschrapt. |
|
2) |
In deel D wordt de volgende vermelding toegevoegd:
|
(1) Het verslag over de verlenging bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.”.
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/57 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2022/2316 VAN DE COMMISSIE
van 25 november 2022
tot wijziging van de bijlagen V en XIV bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 wat betreft de gegevens voor Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten in de lijsten van derde landen waaruit de binnenkomst in de Unie van zendingen pluimvee, levende producten van pluimvee en vers vlees van pluimvee en vederwild is toegestaan
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (“diergezondheidswetgeving”) (1), en met name artikel 230, lid 1, artikel 232, lid 1, en artikel 232, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EU) 2016/429 is bepaald dat zendingen dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong die de Unie binnenkomen, afkomstig moeten zijn uit een derde land of gebied, of een zone of compartiment daarvan, dat/die overeenkomstig artikel 230, lid 1, van die verordening in een lijst is opgenomen. |
|
(2) |
In Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/692 van de Commissie (2) zijn de diergezondheidsvoorschriften vastgesteld waaraan zendingen van bepaalde soorten en categorieën dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong uit derde landen of gebieden, of zones of, in het geval van aquacultuurdieren, compartimenten daarvan, moeten voldoen om de Unie binnen te komen. |
|
(3) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 van de Commissie (3) zijn de lijsten vastgesteld van derde landen of gebieden, of zones of compartimenten daarvan, waaruit de binnenkomst in de Unie van de soorten en categorieën dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong die binnen het toepassingsgebied van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/692 vallen, is toegestaan. |
|
(4) |
Meer in het bijzonder bevatten de bijlagen V en XIV bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 de lijsten van derde landen of gebieden, of zones daarvan, waaruit de binnenkomst in de Unie van zendingen pluimvee en levende producten van pluimvee, respectievelijk van zendingen vers vlees van pluimvee en vederwild is toegestaan. |
|
(5) |
Canada heeft de Commissie in kennis gesteld van 34 uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza bij pluimvee in de provincies Alberta (4), British Columbia (4), Manitoba (6), Ontario (5), Quebec (6) en Saskatchewan (9), in Canada, die tussen 27 september 2022 en 9 november 2022 door laboratoriumanalyses (RT-PCR) zijn bevestigd. |
|
(6) |
Daarnaast heeft het Verenigd Koninkrijk de Commissie in kennis gesteld van 39 uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza bij pluimvee in de graafschappen Cambridgeshire (1), Cheshire (1), Derbyshire (2), East Ayrshire (1), Lancashire (5), Leicestershire (1), Lincolnshire (4), Norfolk (9), North Yorkshire (3), Northamptonshire (4), Suffolk (3) en West Midlands (1) in Engeland, Verenigd Koninkrijk, en in Aberdeenshire (3) en op de Orkneyeilanden (1) in Schotland, Verenigd Koninkrijk, die tussen 27 oktober 2022 en 18 november 2022 door laboratoriumanalyses (RT-PCR) zijn bevestigd. |
|
(7) |
Verder hebben de Verenigde Staten de Commissie in kennis gesteld van 26 uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza bij pluimvee in de staten Californië (2), Iowa (2), Michigan (1), Minnesota (5), Mississippi (1), Montana (1), North Dakota (2), Ohio (1), Oregon (1), Pennsylvania (6), South Dakota (1), Tennessee (1) en Wisconsin (1), Verenigde Staten, die tussen 27 oktober 2022 en 16 november 2022 door laboratoriumanalyses (RT-PCR) zijn bevestigd. |
|
(8) |
Naar aanleiding van die uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza hebben de veterinaire autoriteiten van Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten een controlegebied met een straal van ten minste 10 km rond de getroffen inrichtingen ingesteld en een ruimingsbeleid ingevoerd om de aanwezigheid van hoogpathogene aviaire influenza te bestrijden en de verspreiding van die ziekte te beperken. |
|
(9) |
Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten hebben de Commissie informatie verstrekt over de epidemiologische situatie op hun grondgebied en de maatregelen die zij hebben genomen ter voorkoming van de verdere verspreiding van hoogpathogene aviaire influenza. De Commissie heeft die informatie geëvalueerd. Op basis van die evaluatie en ter bescherming van de diergezondheidsstatus van de Unie mag de binnenkomst in de Unie van zendingen pluimvee, levende producten van pluimvee en vers vlees van pluimvee en vederwild uit de gebieden waarvoor door de veterinaire autoriteiten van Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten beperkende maatregelen zijn vastgesteld in verband met de recente uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza, niet langer worden toegestaan. |
|
(10) |
De bijlagen V en XIV bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 moeten daarom worden gewijzigd om rekening te houden met de huidige epidemiologische situatie ten aanzien van hoogpathogene aviaire influenza in Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. |
|
(11) |
Rekening houdend met de huidige epidemiologische situatie in Canada, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten ten aanzien van hoogpathogene aviaire influenza en het ernstige risico op het binnenbrengen ervan in de Unie, moeten de wijzigingen die door deze verordening in Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 moeten worden aangebracht, met spoed in werking treden. |
|
(12) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Wijzigingen van Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404
De bijlagen V en XIV bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Inwerkingtreding en toepassing
Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 84 van 31.3.2016, blz. 1.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/692 van de Commissie van 30 januari 2020 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor de binnenkomst in de Unie en het na binnenkomst verplaatsen van en werken met zendingen van bepaalde dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong (PB L 174 van 3.6.2020, blz. 379).
(3) Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 van de Commissie van 24 maart 2021 tot vaststelling van de lijsten van derde landen en gebieden of zones daarvan waaruit de binnenkomst in de Unie van dieren, levende producten en producten van dierlijke oorsprong is toegestaan overeenkomstig Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 114 van 31.3.2021, blz. 1).
BIJLAGE
De bijlagen V en XIV bij Uitvoeringsverordening (EU) 2021/404 worden als volgt gewijzigd:
|
1) |
Bijlage V wordt als volgt gewijzigd:
|
|
2) |
Bijlage XIV, deel 1, wordt als volgt gewijzigd:
|
BESLUITEN
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/132 |
BESLUIT VAN HET POLITIEK EN VEILIGHEIDSCOMITÉ (GBVB) 2022/2317
van 22 november 2022
tot bevestiging van de machtiging voor de militaire operatie van de Europese Unie in het Middellandse Zeegebied (EUNAVFOR MED IRINI) (EUNAVFOR MED IRINI/5/2022)
HET POLITIEK EN VEILIGHEIDSCOMITÉ,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 38,
Gezien Besluit (GBVB) 2020/472 van de Raad van 31 maart 2020 inzake een militaire operatie van de Europese Unie in het Middellandse Zeegebied (EUNAVFOR MED IRINI) (1), en met name artikel 8, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 31 maart 2020 heeft de Raad Besluit (GBVB) 2020/472 vastgesteld, waarbij voor de periode tot en met 31 maart 2021 een militaire operatie van de Europese Unie in het Middellandse Zeegebied (EUNAVFOR MED IRINI) werd opgezet en gestart. |
|
(2) |
In artikel 8, lid 3, van Besluit (GBVB) 2020/472 is bepaald dat, niettegenstaande die periode, de machtiging voor de operatie om de vier maanden wordt bevestigd en dat het Politiek en Veiligheidscomité de operatie verlengt, tenzij uit met bewijsmateriaal gestaafde informatie die volgens de in het operatieplan opgenomen criteria is verzameld, blijkt dat de inzet van maritieme activa van de operatie een aanzuigend effect op de migratie heeft. |
|
(3) |
Op 26 maart 2021 heeft de Raad Besluit (GBVB) 2021/542 (2) vastgesteld, waarbij de operatie tot en met 31 maart 2023 wordt verlengd, onder voorbehoud van dezelfde bevestigingsprocedure. |
|
(4) |
De operationeel commandant heeft maandelijks verslag uitgebracht over de aanzuigende werking. |
|
(5) |
De machtiging voor de operatie moet voor de negende deelperiode van vier maanden van het mandaat worden bevestigd, en de operatie moet dienovereenkomstig worden verlengd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De machtiging voor EUNAVFOR MED IRINI wordt bevestigd en de operatie wordt verlengd van 1 december 2022 tot en met 31 maart 2023.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.
Gedaan te Brussel, 22 november 2022.
Voor het Politiek en Veiligheidscomité
De voorzitter
D. PRONK
(1) PB L 101 van 1.4.2020, blz. 4.
(2) Besluit (GBVB) 2021/542 van de Raad van 26 maart 2021 tot wijziging van Besluit (GBVB) 2020/472 inzake de militaire operatie van de Europese Unie in het Middellandse Zeegebied (EUNAVFOR MED IRINI) (PB L 108 van 29.3.2021, blz. 57).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/133 |
BESLUIT (GBVB) 2022/2318 VAN DE RAAD
van 25 november 2022
tot wijziging van Besluit 2010/452/GBVB inzake de Waarnemingsmissie van de Europese Unie in Georgië, EUMM Georgia
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 42, lid 4, en artikel 43, lid 2,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft op 12 augustus 2010 Besluit 2010/452/GBVB (1) vastgesteld, waarbij de bij Gemeenschappelijk Optreden 2008/736/GBVB van de Raad (2) ingestelde Waarnemingsmissie van de Europese Unie in Georgië (EUMM Georgia) werd verlengd. |
|
(2) |
De Raad heeft op 3 december 2020 Besluit (GBVB) 2020/1990 (3) vastgesteld, waarbij EUMM Georgia werd verlengd tot en met 14 december 2022. |
|
(3) |
Naar aanleiding van een strategische evaluatie van de missie heeft het Politiek en Veiligheidscomité geadviseerd het mandaat van EUMM Georgia te verlengen tot en met 14 december 2024. |
|
(4) |
Besluit 2010/452/GBVB moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(5) |
EUMM Georgia zal worden uitgevoerd in een situatie die mogelijk zal verslechteren en die de verwezenlijking van de in artikel 21 van het Verdrag genoemde doelstellingen van het externe optreden van de Unie in de weg kan staan, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Besluit 2010/452/GBVB wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Aan artikel 14, lid 1, wordt de volgende alinea toegevoegd: “Het financiële referentiebedrag ter dekking van de uitgaven voor de missie van 15 december 2022 tot en met 14 december 2024 bedraagt 47 141 684,02 EUR.”. |
|
2) |
In artikel 18 wordt de tweede alinea vervangen door: “Het verstrijkt op 14 december 2024.”. |
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.
Het is van toepassing met ingang van 15 december 2022.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J. SÍKELA
(1) Besluit 2010/452/GBVB van de Raad van 12 augustus 2010 inzake de Waarnemingsmissie van de Europese Unie in Georgië, EUMM Georgia (PB L 213 van 13.8.2010, blz. 43).
(2) Gemeenschappelijk Optreden 2008/736/GBVB van de Raad van 15 september 2008 inzake de Waarnemingsmissie van de Europese Unie in Georgië, EUMM Georgia (PB L 248 van 17.9.2008, blz. 26).
(3) Besluit (GBVB) 2020/1990 van de Raad van 3 december 2020 tot wijziging van Besluit 2010/452/GBVB inzake de Waarnemingsmissie van de Europese Unie in Georgië, EUMM Georgia (PB L 411 van 7.12.2020, blz. 1).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/135 |
BESLUIT (GBVB) 2022/2319 VAN DE RAAD
van 25 november 2022
betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Haïti
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 21 oktober 2022 heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (de “VN-Veiligheidsraad”) Resolutie 2653 (2022) aangenomen en daarin opnieuw bevestigd sterk te hechten aan de soevereiniteit, de onafhankelijkheid, de eenheid en de territoriale integriteit van Haïti. |
|
(2) |
Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad herinnert aan alle eerdere resoluties van de VN-Veiligheidsraad over Haïti, met name Resolutie 2645 (2022), waarin onder meer werd verzocht om onmiddellijk een einde te maken aan bendegeweld en criminele activiteiten, en waarin werd verklaard dat de VN-Veiligheidsraad bereid is om, indien nodig, passende maatregelen te nemen tegen degenen die zich inlaten met of steun verlenen aan bendegeweld, criminele activiteiten of schendingen van de mensenrechten, of die anderszins actie ondernemen die de vrede, de stabiliteit en de veiligheid van Haïti en de regio ondermijnt. |
|
(3) |
In Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad wordt vastgesteld dat de situatie in Haïti een bedreiging blijft vormen voor de internationale vrede en veiligheid en wordt vereist dat reisbeperkingen worden opgelegd aan personen die zijn aangewezen door het bij punt 19 van Resolutie 2653 (2022) van de VN-Veiligheidsraad ingestelde comité (het “Sanctiecomité”), dat alle tegoeden en economische middelen van door het Sanctiecomité aangewezen personen of entiteiten worden bevroren en dat een wapenembargo wordt toegepast op door het Sanctiecomité aangewezen personen of entiteiten. |
|
(4) |
Voor het uitvoeren van een aantal maatregelen is optreden van de Unie vereist, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
1. De directe of indirecte levering, verkoop, overdracht of uitvoer van wapens en alle soorten aanverwant materieel, waaronder wapens en munitie, militaire voertuigen en militaire uitrusting, paramilitaire uitrusting en onderdelen daarvoor, aan of ten behoeve van de personen en entiteiten die door het bij punt 19 van Resolutie 2653 (2022) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (de “VN-Veiligheidsraad”) ingestelde comité (het “Sanctiecomité”) zijn aangewezen, door onderdanen van de lidstaten of vanaf het grondgebied van de lidstaten of met gebruikmaking van vaartuigen of luchtvaartuigen onder hun vlag, zijn verboden.
De lijst van de in dit lid bedoelde personen en entiteiten is opgenomen in de bijlage.
2. Er geldt een verbod op:
|
a) |
het direct of indirect verstrekken, aan de in lid 1 bedoelde personen of entiteiten, van technische bijstand, opleiding of andere bijstand, waaronder het leveren van gewapende huurlingen, gerelateerd aan militaire activiteiten of de levering, het onderhoud of het gebruik van wapens en aanverwant materieel; |
|
b) |
het verstrekken van financiering of financiële steun in verband met militaire activiteiten, met inbegrip van met name subsidies, leningen en exportkredietverzekering, alsook verzekering en herverzekering, voor de verkoop, de levering, de overdracht of de uitvoer van wapens en aanverwant materieel, of voor de levering van verwante technische of andere bijstand, direct of indirect, aan de in lid 1 bedoelde personen of entiteiten. |
3. De lidstaten inspecteren in overleg met hun nationale autoriteiten en in overeenstemming met hun nationale wetgeving en met het internationale recht alle vracht naar Haïti op hun grondgebied, met inbegrip van zee- en luchthavens, indien zij over informatie beschikken op grond waarvan een redelijk vermoeden bestaat dat de vracht voorwerpen omvat waarvan de levering, verkoop, overdracht of uitvoer verboden is uit hoofde van dit artikel.
4. De lidstaten stellen het Sanctiecomité tijdig in kennis van gevallen van schending van de uit hoofde van de leden 1 en 2 genomen maatregelen.
5. De lidstaten zorgen voor adequate markerings- en registratiemaatregelen om wapens, met inbegrip van handvuurwapens en lichte wapens, overeenkomstig de internationale en regionale instrumenten waarbij zij partij zijn te traceren en om na te gaan hoe buurlanden, waar relevant en op hun verzoek, het best kunnen worden bijgestaan bij het voorkomen en opsporen van illegale handel en omleiding in strijd met de in de leden 1 en 2 opgelegde maatregelen.
Artikel 2
1. De lidstaten nemen de nodige maatregelen om de binnenkomst op of doorreis via hun grondgebied te beletten van personen die door het Sanctiecomité zijn aangewezen als zijnde verantwoordelijk voor of medeplichtig aan, of als zijnde direct of indirect betrokken bij acties die de vrede, de veiligheid en de stabiliteit in Haïti bedreigen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot:
|
a) |
direct of indirect deelnemen aan of ondersteunen van criminele activiteiten en geweld waarbij gewapende groepen en criminele netwerken betrokken zijn die geweld bevorderen, met inbegrip van gedwongen rekrutering van kinderen door dergelijke groepen en netwerken, ontvoeringen, mensenhandel en migrantensmokkel, en moorden en seksueel en gendergerelateerd geweld; |
|
b) |
ondersteunen van illegale handel in en omleiding van wapens en aanverwant materieel, of daarmee verband houdende illegale geldstromen; |
|
c) |
handelen voor, namens of op aanwijzing van, of anderszins ondersteunen of financieren van een persoon of entiteit die is aangewezen in verband met de in de punten a) en b) beschreven activiteiten, onder meer door direct of indirect gebruik te maken van de opbrengsten van de georganiseerde misdaad, met inbegrip van de opbrengsten van de illegale productie van en handel in drugs en precursoren daarvan die afkomstig zijn uit of worden doorgevoerd door Haïti, de mensenhandel en de smokkel van migranten uit Haïti, of de smokkel van en de handel in wapens naar of vanuit Haïti; |
|
d) |
handelen in strijd met het wapenembargo of direct of indirect leveren, verkopen of overdragen aan gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti, of ontvangen, van wapens of aanverwant materieel, of van technisch advies, opleiding of bijstand, met inbegrip van financiering en financiële bijstand, in verband met gewelddadige activiteiten van gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti; |
|
e) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen die in strijd zijn met het internationaal recht inzake de mensenrechten of van schendingen van de mensenrechten, met inbegrip van handelingen waarbij sprake is van buitengerechtelijke executie, onder meer van vrouwen en kinderen, en het plegen van gewelddaden, ontvoering, gedwongen verdwijningen of ontvoeringen voor losgeld in Haïti; |
|
f) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen in verband met seksueel en gendergerelateerd geweld, met inbegrip van verkrachting en seksuele slavernij, in Haïti; |
|
g) |
belemmeren van de verstrekking van humanitaire hulp aan Haïti of van de toegang tot of de distributie van humanitaire hulp in Haïti; |
|
h) |
aanvallen van personeel of gebouwen van VN-missies en -operaties in Haïti, of ondersteunen van dergelijke aanvallen. |
De lijst van de in dit lid bedoelde personen is opgenomen in de bijlage.
2. Lid 1 verplicht een lidstaat niet om eigen onderdanen de toegang tot zijn grondgebied te weigeren.
3. Lid 1 is niet van toepassing indien binnenkomst of doorreis noodzakelijk is voor de afwikkeling van een gerechtelijke procedure.
4. Lid 1 is niet van toepassing wanneer het Sanctiecomité, per geval, vaststelt:
|
a) |
dat de binnenkomst of doorreis gerechtvaardigd is om humanitaire redenen, met inbegrip van een godsdienstige verplichting; |
|
b) |
dat een ontheffing een gunstige invloed zou hebben op de nagestreefde vrede en stabiliteit in Haïti. |
5. In de gevallen waarin een lidstaat op grond van de leden 3 of 4 toestemming geeft voor binnenkomst of doorreis op zijn grondgebied van in de bijlage vermelde personen, geldt die toestemming alleen voor het doel waarvoor zij is verleend en alleen voor de personen op wie de toestemming van toepassing is.
Artikel 3
1. Alle tegoeden en economische middelen die eigendom zijn van of direct of indirect onder zeggenschap staan van personen of entiteiten die door het Sanctiecomité zijn aangewezen als zijnde verantwoordelijk voor of medeplichtig aan, of als zijnde direct of indirect betrokken bij acties die de vrede, de veiligheid en de stabiliteit in Haïti bedreigen, met inbegrip van, maar niet beperkt tot:
|
a) |
direct of indirect deelnemen aan of ondersteunen van criminele activiteiten en geweld waarbij gewapende groepen en criminele netwerken betrokken zijn die geweld bevorderen, met inbegrip van gedwongen rekrutering van kinderen door dergelijke groepen en netwerken, ontvoeringen, mensenhandel en migrantensmokkel, en moorden en seksueel en gendergerelateerd geweld; |
|
b) |
ondersteunen van illegale handel in en omleiding van wapens en aanverwant materieel, of daarmee verband houdende illegale geldstromen; |
|
c) |
handelen voor, namens of op aanwijzing van, of anderszins ondersteunen of financieren van een persoon of entiteit die is aangewezen in verband met de in de punten a) en b) beschreven activiteiten, onder meer door direct of indirect gebruik te maken van de opbrengsten van de georganiseerde misdaad, met inbegrip van de opbrengsten van de illegale productie van en handel in drugs en precursoren daarvan die afkomstig zijn uit of worden doorgevoerd door Haïti, de mensenhandel en de smokkel van migranten uit Haïti, of de smokkel van en de handel in wapens naar of vanuit Haïti; |
|
d) |
handelen in strijd met het wapenembargo of direct of indirect leveren, verkopen of overdragen aan gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti, of ontvangen, van wapens of aanverwant materieel, of van technisch advies, opleiding of bijstand, met inbegrip van financiering en financiële bijstand, in verband met gewelddadige activiteiten van gewapende groepen of criminele netwerken in Haïti; |
|
e) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen die in strijd zijn met het internationaal recht inzake de mensenrechten of van schendingen van de mensenrechten, met inbegrip van handelingen waarbij sprake is van buitengerechtelijke executie, onder meer van vrouwen en kinderen, en het plegen van gewelddaden, ontvoering, gedwongen verdwijningen of ontvoeringen voor losgeld in Haïti; |
|
f) |
plannen, aansturen of plegen van handelingen in verband met seksueel en gendergerelateerd geweld, met inbegrip van verkrachting en seksuele slavernij, in Haïti; |
|
g) |
belemmeren van de verstrekking van humanitaire hulp aan Haïti of van de toegang tot of de distributie van humanitaire hulp in Haïti; |
|
h) |
aanvallen van personeel of gebouwen van VN-missies en -operaties in Haïti, of ondersteunen van dergelijke aanvallen; |
of van personen of entiteiten die namens hen of onder hun leiding optreden, of van entiteiten die eigendom zijn van of onder hun zeggenschap staan, worden bevroren.
De lijst van de in dit lid bedoelde aangewezen personen of entiteiten is opgenomen in de bijlage.
2. Er worden geen tegoeden of economische middelen direct of indirect ter beschikking gesteld aan of ten behoeve van de op de lijst in de bijlage vermelde personen of entiteiten.
3. De in de leden 1 en 2 genoemde maatregelen zijn niet van toepassing op tegoeden en economische middelen ten aanzien waarvan de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat zij:
|
a) |
noodzakelijk zijn voor basisuitgaven, zoals betalingen voor voedsel, huur of hypotheek, geneesmiddelen of geneeskundige behandelingen, belastingen, verzekeringspremies en nutsvoorzieningen; |
|
b) |
uitsluitend bestemd zijn voor het betalen van redelijke honoraria of het vergoeden van andere kosten van juridische diensten of vergoedingen of kosten voor dienstverlening, overeenkomstig de nationale wetgeving; |
|
c) |
uitsluitend bestemd zijn voor de betaling van honoraria of kosten voor het routinematig aanhouden of beheren van bevroren tegoeden, andere financiële activa en economische middelen; |
en wel nadat de betrokken lidstaat het Sanctiecomité kennis heeft gegeven van zijn voornemen om, naargelang het geval, de toegang tot de tegoeden, andere financiële activa of economische middelen toe te staan, en het Sanctiecomité niet binnen vijf werkdagen na dergelijke kennisgeving een negatief besluit heeft genomen.
4. De in de leden 1 en 2 genoemde maatregelen zijn niet van toepassing op tegoeden of economische middelen ten aanzien waarvan de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat zij:
|
a) |
noodzakelijk zijn voor buitengewone uitgaven, mits de lidstaat het Sanctiecomité in kennis heeft gesteld van een dergelijk besluit en dat besluit door het Sanctiecomité is goedgekeurd; |
|
b) |
het voorwerp zijn van een gerechtelijk, administratief of arbitraal besluit of vonnis, in welk geval de tegoeden, andere financiële activa en economische middelen kunnen worden gebruikt om het besluit of het vonnis ten uitvoer te leggen, mits het besluit of het vonnis dateert van vóór de datum waarop de persoon of entiteit op de lijst in de bijlage was opgenomen, niet ten goede komt aan een door het Sanctiecomité aangewezen persoon of entiteit, en door de lidstaten ter kennis is gebracht van het Sanctiecomité. |
5. Lid 1 belet niet dat een aangewezen persoon of entiteit betalingen doet die verschuldigd zijn uit hoofde van een contract dat is gesloten voordat de persoon of entiteit op de lijst in de bijlage werd geplaatst, mits de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat de betaling niet direct of niet indirect wordt ontvangen door een in lid 1 bedoelde persoon of entiteit en de betaling geschiedt nadat de betrokken lidstaat het Sanctiecomité kennis heeft gegeven van het voornemen de betaling te verrichten of te ontvangen, dan wel te dien einde, waar passend, toestemming te verlenen tot het vrijgeven van de bevroren tegoeden, andere financiële activa of economische middelen, tien werkdagen voordat die toestemming wordt verleend.
6. Lid 2 is niet van toepassing op de bijboeking op bevroren rekeningen van:
|
a) |
rente of andere inkomsten op die rekeningen; of |
|
b) |
betalingen die verschuldigd zijn uit hoofde van contracten, overeenkomsten of verplichtingen die zijn ontstaan vóór de datum waarop de in de leden 1 en 2 vervatte maatregelen op die rekeningen van toepassing werden, |
mits die rente, andere inkomsten en betalingen worden bevroren en onderworpen blijven aan de in lid 1 vervatte maatregelen.
7. Onverminderd programma's voor humanitaire hulp die elders worden uitgevoerd, zijn de in de leden 1 en 2 bedoelde maatregelen niet van toepassing op de betaling van tegoeden, andere financiële activa of economische middelen die nodig zijn voor de tijdige verstrekking van dringend noodzakelijke humanitaire hulp of ter ondersteuning van andere activiteiten ter ondersteuning van de menselijke basisbehoeften in Haïti, door de Verenigde Naties, gespecialiseerde agentschappen of programma's van de Verenigde Naties, humanitaire organisaties met de status van waarnemer bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties die humanitaire bijstand verlenen, en hun uitvoerende partners, met inbegrip van bilateraal of multilateraal gefinancierde niet-gouvernementele organisaties die deelnemen aan het plan voor humanitaire hulp van de Verenigde Naties voor Haïti.
Artikel 4
De Raad wijzigt de lijst in de bijlage met eenparigheid van stemmen en in overeenstemming met de besluiten van de VN-Veiligheidsraad of van het Sanctiecomité.
Artikel 5
1. Wanneer de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité een persoon of entiteit op de lijst plaatst, neemt de Raad die persoon of entiteit op in de bijlage. De Raad stelt de betrokken persoon of entiteit in kennis van zijn besluit en van de motivering voor plaatsing op de lijst, hetzij rechtstreeks, indien het adres bekend is, hetzij middels de publicatie van een kennisgeving, zodat die persoon of entiteit daarover opmerkingen kan indienen.
2. Indien er opmerkingen worden ingediend of substantieel nieuw bewijsmateriaal wordt overgelegd, toetst de Raad zijn besluit en brengt hij de betrokken persoon of entiteit daarvan op de hoogte.
Artikel 6
1. In de bijlage worden de door de VN-Veiligheidsraad of het Sanctiecomité opgegeven redenen vermeld waarom personen of entiteiten op de lijst zijn geplaatst.
2. De bijlage bevat tevens, wanneer beschikbaar, informatie die door de VN-Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité is verstrekt en die nodig is om de betrokken personen of entiteiten te identificeren. Met betrekking tot personen kan die informatie bestaan uit namen, met inbegrip van aliassen, geboortedatum en geboorteplaats, nationaliteit, paspoort- en identiteitskaartnummers, geslacht, adres (indien bekend) en functie of beroep. Met betrekking tot entiteiten kan die informatie bestaan uit namen, plaats en datum van registratie, het registratienummer en de plaats van vestiging.
Artikel 7
1. De Raad en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (“de hoge vertegenwoordiger”) verwerken voor de uitoefening van hun taken uit hoofde van dit besluit persoonsgegevens, met name:
|
a) |
wat betreft de Raad, bij het voorbereiden en het maken van wijzigingen van de bijlage; |
|
b) |
wat betreft de hoge vertegenwoordiger, bij het voorbereiden van wijzigingen van de bijlage. |
2. De Raad en de hoge vertegenwoordiger mogen in voorkomend geval relevante gegevens verwerken die betrekking hebben op strafbare feiten die zijn gepleegd door natuurlijke personen op de lijst, en op strafrechtelijke veroordelingen of veiligheidsmaatregelen betreffende dergelijke personen, doch uitsluitend voor zover die verwerking noodzakelijk is voor het voorbereiden van de bijlage.
3. Voor de toepassing van dit besluit worden de Raad en de hoge vertegenwoordiger aangewezen als verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 3, punt 8), van Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad (1) om ervoor te zorgen dat de betrokken natuurlijke personen hun rechten uit hoofde van die verordening kunnen uitoefenen.
Artikel 8
Dit besluit wordt gewijzigd of ingetrokken, naargelang het geval, overeenkomstig de besluiten van de VN-Veiligheidsraad.
Artikel 9
Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J. SÍKELA
(1) Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39).
BIJLAGE
Lijst van de in artikel 1, lid 1, artikel 2, lid 1, en artikel 3, lid 1, bedoelde personen en van de in artikel 1, lid 1, en artikel 3, lid 1, bedoelde entiteiten
PERSONEN
|
1. |
Jimmy Cherizier (ook bekend als “Barbecue”) heeft handelingen verricht die de vrede, veiligheid en stabiliteit van Haïti bedreigen en heeft handelingen gepland, aangestuurd of gepleegd die ernstige schendingen van de mensenrechten vormen.
Plaatsing op de lijst: 21 oktober 2022 Aanvullende informatie uit de beschrijving van de redenen die is verstrekt door het Sanctiecomité: Jimmy Cherizier is een van de invloedrijkste bendeleiders van Haïti en leidt een alliantie van Haïtiaanse bendes, bekend als de “G9 Family and Allies”. Toen Cherizier werkzaam was als officier bij de Haïtiaanse nationale politie (HNP), plande hij de dodelijke aanslag van november 2018 op burgers in een wijk van Port-au-Prince, bekend als La Saline, en nam hij daaraan deel. Tijdens die aanslag kwamen ten minste 71 mensen om het leven, werden meer dan 400 huizen verwoest en werden ten minste zeven vrouwen verkracht door gewapende bendes. In 2018 en 2019 leidde Cherizier gewapende groepen bij gecoördineerde, brutale aanvallen in bepaalde wijken van Port-au-Prince. In mei 2020 leidde Cherizier gewapende bendes bij een vijf dagen durende aanval in meerdere buurten van Port-au-Prince, waarbij burgers werden gedood en huizen in brand werden gestoken. Sinds 11 oktober 2022 blokkeren Cherizier en zijn bende-alliantie “G9” actief het vrije verkeer van brandstof uit de brandstofterminal van Varreux — de grootste in Haïti. Zijn acties hebben rechtstreeks bijgedragen tot de economische verlamming en de humanitaire crisis in Haïti. |
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/142 |
BESLUIT (GBVB) 2022/2320 VAN DE RAAD
an 25 november 2022
betreffende steun van de Unie voor de uitvoering van een project “De weg vrijmaken voor innovatie: ontsluitingstechnologie en internationale veiligheid”
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 28, lid 1, en artikel 31, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In de “Integrale strategie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid van de Europese Unie” van 2016 wordt benadrukt dat de Unie haar bijdrage aan collectieve veiligheid zal opvoeren. |
|
(2) |
In de strategie van de Unie van 2018 tegen illegale vuurwapens, kleine en lichte wapens (SALW) en munitie daarvoor, getiteld “Wapens beveiligen, burgers beschermen”, werd opgemerkt dat de Unie relevante instrumenten zal gebruiken om onderzoek en ontwikkeling te ondersteunen op het gebied van betrouwbare en kosteneffectieve technologie om SALW en munitie daarvoor veilig te maken en het risico van onttrekking aan het legale circuit te verminderen. Voorts merkte de Raad in zijn conclusies over de aanneming van die strategie op dat de veiligheidssituatie is veranderd; te denken valt aan de terreurdreiging in de Unie en de voortgeschreden ontwikkelingen in het ontwerp en de technologie van SALW die van invloed zijn op de mogelijkheden van overheden om die dreiging aan te pakken. |
|
(3) |
In de mededeling van de Commissie van 2018 getiteld “Kunstmatige intelligentie voor Europa” wordt opgemerkt dat het leidende beginsel voor alle steun voor onderzoek op het gebied van kunstmatige intelligentie (KI) de ontwikkeling van “verantwoorde KI” is. Voort wordt er opgemerkt dat aangezien KI gemakkelijk over de grenzen heen kan worden verhandeld, alleen mondiale oplossingen duurzaam zullen zijn op dit gebied en dat de Unie het gebruik van KI en technologieën in het algemeen zal bevorderen om oplossingen te helpen vinden voor mondiale uitdagingen, de uitvoering van de overeenkomst van Parijs te ondersteunen en de duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties te verwezenlijken. |
|
(4) |
De secretaris-generaal van de VN heeft in het verslag van 2021 getiteld “Current developments in science and technology and their potential impact on international security and disarmament efforts” gewezen op de toenemende bezorgdheid dat de wetenschap en de technologie die van belang zijn voor veiligheid en ontwapening zich sneller ontwikkelen dan de normatieve en governancekaders voor inzicht in en de beheersing van de risico’s. |
|
(5) |
De Unie wenst bij te dragen tot de collectieve veiligheid en tot de mogelijkheid de kansen te genieten die nieuwe technologieën bieden, en de uitdagingen ervan aan te pakken, met name wat betreft het multilaterale ontwapenings- en wapenbeheersingssysteem. |
|
(6) |
De Unie moet de uitvoering van het project “Innovatie ontsluiten: Ontsluitende technologieën en internationale veiligheid” ondersteunen, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Met het oog op de uitvoering van de “Integrale strategie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid van de Europese Unie” en rekening houdend met de strategie van de Unie tegen illegale vuurwapens, kleine en lichte wapens en munitie daarvoor getiteld “Wapens beveiligen, burgers beschermen”, alsmede met de mededeling van de Commissie van 2018 getiteld “Kunstmatige intelligentie voor Europa”, steunt de Unie de uitvoering van een project: “De weg vrijmaken voor innovatie: ontsluitingstechnologie en internationale veiligheid”.
2 De door de Unie te ondersteunen projectactiviteiten hebben specifiek tot doel de werkzaamheden te ondersteunen die het VN-Instituut voor Ontwapeningsonderzoek (United Nations Institute for Disarmament Research — UNIDIR) in het kader van zijn programma voor veiligheid en technologie verricht om de kennis van en het inzicht in nieuwe en opkomende technologieën die van belang zijn voor de internationale veiligheid te vergroten.
3. De projectactiviteiten zullen met name:
|
a) |
nieuwe en opkomende technologieën en nieuwe toepassingen van meer gevestigde technologieën monitoren, identificeren en beter begrijpelijk maken, om beleidsmakers en besluitvormers toegankelijke kennis te bieden over de te onderzoeken technologiegebieden, op basis van technisch en wetenschappelijk onderbouwd bewijsmateriaal; |
|
b) |
trachten beter te begrijpen hoe nieuwe ontsluitingstechnologieën kunnen worden gebruikt en welke gevolgen zij in een veiligheidscontext kunnen hebben. De werkzaamheden in het kader van deze pijler zullen ook gericht zijn op de toenemende convergentie van de verschillende technologieën en hun domeinoverschrijdende toepassingen, en met name op de manier waarop de vooruitgang van ontsluitingstechnologieën de toekomst van conflicten en van het slagveld zal bepalen; |
|
c) |
er zal worden nagegaan of nieuwe ontsluitingstechnologieën nieuwe governance-uitdagingen met zich meebrengen en, zo ja, hoe het traditionele instrumentarium voor wapenbeheersing kan worden gemoderniseerd om deze uitdagingen het hoofd te bieden. Daarnaast zal het project ook de complementariteit onderzoeken van traditionele wapenbeheersingsmaatregelen met bredere maatregelen op het gebied van technologiegovernance die kunnen bijdragen tot de verwezenlijking van dezelfde doelen inzake beveiliging, stabiliteit, veiligheid, risicobeperking en non-proliferatie. |
4. Een gedetailleerde omschrijving van het project is opgenomen in de bijlage.
Artikel 2
1. De hoge vertegenwoordiger van de Unie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid (“de hoge vertegenwoordiger”) is belast met de uitvoering van dit besluit.
2. De technische uitvoering van het in artikel 1 bedoelde project is in handen van UNIDIR.
3. UNIDIR voert zijn taak uit onder de verantwoordelijkheid van de hoge vertegenwoordiger. De hoge vertegenwoordiger treft hiertoe de nodige regelingen met UNIDIR.
Artikel 3
1. Het financieel referentiebedrag voor de uitvoering van het in artikel 1 bedoelde, door de Unie gefinancierde project bedraagt 1 234 011 EUR.
2. Voor het beheer van de uitgaven die worden gefinancierd uit het in lid 1 genoemde referentiebedrag gelden de procedures en voorschriften die van toepassing zijn op de begroting van de Unie.
3. De Commissie houdt toezicht op het correcte beheer van de uitgaven die worden gefinancierd door het in lid 1 bedoelde referentiebedrag. Hiertoe sluit zij een bijdrageovereenkomst met UNIDIR. In die bijdrageovereenkomst wordt bepaald dat UNIDIR er zorg voor moet dragen dat de zichtbaarheid van de bijdrage van de Unie overeenstemt met de omvang ervan.
4. De Commissie tracht de in lid 3 bedoelde bijdrageovereenkomst zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van dit besluit te sluiten. Zij stelt de Raad in kennis van eventuele moeilijkheden die zich daarbij voordoen en van de datum van sluiting van de overeenkomst.
Artikel 4
1. De hoge vertegenwoordiger brengt verslag uit aan de Raad over de uitvoering van dit besluit, op basis van kwartaalverslagen van UNIDIR. Die verslagen vormen de grondslag voor de evaluatie door de Raad.
2. De Commissie geeft informatie over de financiële aspecten van de uitvoering van het in artikel 1 bedoelde project.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking op de datum van de vaststelling ervan.
Het verstrijkt 24 maanden na de sluiting van de in artikel 3, lid 3, bedoelde bijdrageovereenkomst. Dit besluit verstrijkt echter zes maanden na de datum van inwerkingtreding indien er binnen die termijn nog geen overeenkomst is gesloten.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J. SÍKELA
BIJLAGE
PROJECTDOCUMENT
“De weg vrijmaken voor innovatie: ontsluitingstechnologie en internationale veiligheid”
Inleiding
Vooruitgang in wetenschap en technologie is van cruciaal belang voor economische en sociale ontwikkeling en welvaart. Echter, zoals de secretaris-generaal van de Verenigde Naties in het verslag van 2021 over “ Huidige ontwikkelingen in wetenschap en technologie en het potentiële effect daarvan op de internationale inspanningen voor veiligheid en ontwapening ” stelde: er bestaat toenemende bezorgdheid over het feit dat “ontwikkelingen in wetenschap en technologie die relevant zijn voor veiligheid en ontwapening, te snel gaan voor het vermogen van regelgevings- en governancekaders om de risico’s te doorgronden en ermee om te gaan”.
Het VN-Instituut voor Ontwapeningsonderzoek (UNIDIR) is een autonome instelling binnen de Verenigde Naties die onafhankelijk onderzoek doet naar ontwapening en aanverwante vraagstukken, met name op het gebied van de internationale veiligheid. Sinds de oprichting ervan speelt UNIDIR een leidende rol bij het ondersteunen van de inspanningen om inzicht te krijgen in en te reageren op de veiligheidsimplicaties van snelle en transformatieve technologische vooruitgang. Tegenwoordig worden deze werkzaamheden gestructureerd door middel van een specifiek meerjarig programma voor veiligheid en technologie (SECTEC), dat een belangrijke kennisbron is voor en een brug slaat tussen de internationale diplomatieke gemeenschap, de particuliere sector en het maatschappelijk middenveld (alleen al in de afgelopen twee jaar werden meer dan 13 000 publicaties gedownload en namen meer dan 6 500 personen aan SECTEC-evenementen deel). Een en ander heeft ook belangrijke beleidseffecten gesorteerd, zoals specifieke vermeldingen in twee door de Algemene Vergadering van de VN aangenomen consensusverslagen over internationale cyberbeveiliging.
Het voorgestelde 2-jarige project, getiteld “ De weg vrijmaken voor innovatie: ontsluitingstechnologie en internationale veiligheid ”, zal gericht zijn op welbepaalde sleuteltechnologieën en het potentiële effect daarvan op de internationale veiligheid. De werkzaamheden in het kader van dit project worden in drie werkstromen georganiseerd, zoals gedetailleerd beschreven in het volgende deel.
Het project zal volledig worden geïntegreerd in het bredere SECTEC-werkprogramma, waarbij wordt gebruikgemaakt van kennisbronnen en netwerken die reeds in het kader van het bredere programma zijn opgezet, en wordt bijgedragen aan de verwezenlijking van de algemene doelstellingen ervan, die nauw aansluiten bij het eigenlijke mandaat van het Instituut:
|
— |
Beleid en besluitvorming vormgeven. Technologische innovatie is een factor van nieuwe onzekerheid in het mondiale veiligheidsklimaat en ondergraaft traditionele opvattingen over conflicten, alsmede wapenbeheersingsconcepten en reacties. De multilaterale ontwapeningsmechanismen, mede op regionaal en nationaal niveau, zullen hun instrumenten en processen moeten aanpassen om doeltreffende beleidsreacties op nieuwe technologieën te ontwikkelen. SECTEC dient als bijdrage en input voor de opzet van dergelijke beleidsreacties door het leveren van kennis, advies en ideeën. |
|
— |
De kenniskloof verkleinen ten aanzien van technologische aspecten van de internationale veiligheid. Veel uitdagingen en kansen van nieuwe technologieën hebben te maken met de technische kenmerken ervan, waardoor het moeilijk is om beleid of regelgeving in te voeren zonder adequaat inzicht in de technologie in kwestie, met inbegrip van de eraan verbonden risico’s en kansen. Dit probleem wordt nog vergroot door de inherente dubbele (of universele) toepassingsmogelijkheden ervan, die een breder inzicht vereisen in de mogelijke domeinoverschrijdende effecten en afhankelijkheden van beleids- of regelgevingsinitiatieven. |
|
— |
Een brug slaan tussen gemeenschappen. In een tijd van toenemende mondiale instabiliteit en achterdocht en van een toenemend aantal actoren, een grotere verspreiding van kennis en expertise en beperktere opties voor traditionele vormen van regelgeving, is het dringend noodzakelijk dat verschillende gemeenschappen samenkomen en inzichten delen om hun respectieve agenda’s te onderbouwen. Dit geldt voor gemeenschappen die actief zijn in verschillende sectoren (bv. overheden, het bedrijfsleven, het maatschappelijk middenveld) en voor gemeenschappen binnen de multilaterale mechanismen die van oudsher in hun eigen cocon werken (bv. internationale veiligheid, ontwikkeling, digitale samenwerking, criminaliteit). SECTEC zal de unieke status van UNIDIR benutten om over de muren heen samen te werken teneinde steeds meer onderling afhankelijke zienswijzen met elkaar te verbinden, bruggen te slaan tussen gemeenschappen, en kennis te consolideren. |
PROJECT
Het aangaan van de uitdagingen en het benutten van de kansen in verband met technologische vooruitgang in de context van vrede en veiligheid is een complexe taak. In het algemeen vereist die het vermogen te begrijpen wat de technologie inhoudt, hoe deze kan worden gebruikt en waarvoor, en welke governance-instrumenten er beschikbaar zijn om de ontwikkeling en het gebruik ervan te sturen of te controleren. Het voorgestelde project, getiteld “ De weg vrijmaken voor innovatie: ontsluitingstechnologie en internationale veiligheid ” heeft tot doel de ontwikkeling, toepassing en governance van geselecteerde sleuteltechnologieën en de relevantie daarvan voor de internationale vrede en veiligheid te verkennen via de drie hieronder beschreven werkstromen.
In het kader van dit project wordt ontsluitingstechnologie gedefinieerd als technologie die innovatie, vermogensontwikkeling en een grotere impact op andere toepassingsgebieden binnen het SECTEC-programma van UNIDIR mogelijk maakt of stimuleert, met name cybertechnologie, AI en autonomie, en systeemintegratie. Dit strookt met het EU-beleid inzake sleuteltechnologieën, dat de fundamentele rol van deze transversale technologieën als aanjagers van innovatie in alle sectoren en toepassingen erkent.
Dit project is gericht op de kansen en de uitdagingen in verband met de vier ontsluitingstechnologieën die vanuit een veiligheidsperspectief als bij uitstek relevant worden beschouwd: geavanceerde materialen (bv. halfgeleiders, micro- en nanotechnologieën), onderdelen en componenten (bv. microchips, sensoren), infrastructuur (bv. connectiviteitsinfrastructuur van de volgende generatie — 5G en 6G, internet der dingen, cloud, soeverein internet) en dataverwerking en computing (bv. cloud, edge en kwantumcomputing).
1. Werkstroom 1: Monitoring van trends en vergroting van de bekendheid met ontwikkelingen in wetenschap en technologie
1.1. Doel
Het doel van deze werkstroom is het in kaart brengen van en inzicht verkrijgen in nieuwe en opkomende technologieën, en nieuwe toepassingen van meer ingeburgerde technologieën. Binnen deze werkstroom is het in de eerste plaats de bedoeling om beleidsmakers en besluitvormers toegankelijke kennis over de in dit verband bestudeerde technologische gebieden te verschaffen op grond van technisch en wetenschappelijk onderbouwde gegevens.
1.2. Verwachte resultaten
|
a) |
Grotere paraatheid bij beleidsmakers en besluitvormers voor de uitdagingen en kansen die nieuwe en opkomende technologieën met zich meebrengen. |
|
b) |
Beter inzicht in de verbanden en convergenties tussen verschillende technologieën. |
|
c) |
Een groter bewustzijn van de potentiële risico’s en baten van nieuwe technologieën en levering van capaciteit voor vroegtijdige waarschuwingen voor staten met een beperkte horizonverkenningscapaciteit. |
1.3. Beschrijving van de werkstroom
Deze werkstroom omvat twee werkgebieden: Ten eerste wordt er een functie voor voortdurende technologische horizonverkenning opgezet die de meest relevante vorderingen op wetenschappelijk en technologisch gebied in een vroeg stadium van ontwikkeling of toepassing moet detecteren, doorlichten en analyseren. Deze activiteit zal resulteren in 2 jaarlijkse compendia van de meest relevante trends op het gebied van technologische innovatie in verband met internationale vrede en veiligheid. De resultaten hiervan zullen geen duplicatie zijn van, maar een aanvulling vormen op de werkzaamheden in officiële multilaterale processen, zoals het CWV en de daaronder ressorterende Groep van regeringsdeskundigen inzake opkomende technologieën op het gebied van dodelijke autonome wapensystemen of de Open Werkgroep inzake beveiliging van en veiligheid bij het gebruik van informatie- en communicatietechnologieën, en zullen dienen als bijdrage aan de ruimere waaier van relevante multilaterale activiteiten, zoals het jaarlijkse verslag van de VN-SG over de rol van wetenschap en technologie in de context van internationale vrede en veiligheid, de Gemeenschappelijke Agenda, met inbegrip van de nieuwe agenda voor vrede, en de Top voor de Toekomst, in 2023.
De tweede activiteit binnen deze werkstroom omvat de organisatie van 8 technologie-ontbijten, die ieder kwartaal aan de diplomatieke gemeenschap in Genève en New York de gelegenheid moeten bieden om in een informeel kader en in rechtstreeks contact met deskundigen specifieke ontsluitingstechnologieën met relevantie voor de internationale vrede en veiligheid te leren kennen en erover van gedachten te wisselen. Elk evenement zal tweemaal plaatsvinden: de eerste keer in Genève en de tweede keer virtueel, voor de gemeenschap in New York.
2. Werkstroom 2: Inzicht verkrijgen in de impact van wetenschap en technologie op de internationale vrede en veiligheid
2.1. Doel
Het doel van deze werkstroom is inzicht te verkrijgen in manieren waarop nieuwe ontsluitingstechnologieën zouden kunnen worden ingezet en wat het effect ervan zou kunnen zijn in veiligheidscontexten. Daarnaast zal er aandacht worden besteed aan de toenemende convergentie van verschillende technologieën en de domeinoverschrijdende toepassingen ervan. Meer bepaald zal worden bekeken hoe doorbraken op het gebied van ontsluitingstechnologieën de toekomst van conflicten en van het slagveld zullen bepalen.
2.2. Verwachte resultaten
|
a) |
Meer inzicht bij de gemeenschap van beleidsmakers in de impact van nieuwe en opkomende ontsluitingstechnologieën op vrede en veiligheid. |
|
b) |
Een beter vermogen om verbanden en koppelingen tussen toepassingsgebieden van verschillende technologieën tot stand te brengen, wat leidt tot beter onderbouwde beleidsdiscussies over de grenzen van verschillende domeinen en processen heen. |
|
c) |
Een beter vermogen om tot beleidsmaatregelen te komen die erop gericht zijn de met nieuwe technologieën gepaard gaande risico’s te verminderen, zonder vooruitgang en innovatie in de weg te staan. |
2.3. Beschrijving van de werkstroom
Deze werkstroom omvat de uitvoering van vier onderzoeksstudies, één voor elk van de subcategorieën ontsluitingstechnologieën waar het hier om gaat. Elke studie moet zowel een inleiding tot de technologie zelf bevatten, als een analyse van de potentiële positieve en negatieve effecten van deze technologie op de internationale vrede en veiligheid. De voor deze effectbeoordelingen te volgen onderzoeksmethode zal niet alleen betrekking hebben op militaire vermogens, maar, waar relevant en toepasselijk, ook op politieke, economische, sociale, technologische, juridische en milieufactoren (PESTLE-analyse). Deze onderzoeken zullen uitmonden in schriftelijke verslagen met samenvattingen die in alle officiële VN-talen beschikbaar zullen zijn om het bereik en de toegankelijkheid te vergroten (de volledige verslagen zullen worden vertaald naarmate van de beschikbare tijd en middelen).
Daarnaast zullen er binnen deze werkstroom, gelet op het complexe politieke, militaire, juridische en technische ecosysteem waarin deze technologieën worden ontwikkeld en uitgerold, vier dialogen met meerdere belanghebbenden worden gehouden om de onderzoeksactiviteiten aan te vullen en de gedachtewisseling en kennisoverdracht tussen verschillende gemeenschappen van belanghebbenden te bevorderen. Deze bijeenkomsten zullen in hybride vorm plaatsvinden, en wel op tijdstippen die het mogelijk maken dat publieksdoelgroepen uit de hele wereld ze kunnen volgen.
3. Werkstroom 3: De wapenbeheersing moderniseren en governancereacties van de 21e eeuw ontwikkelen
3.1. Doel
Het doel van deze werkstroom is na te gaan of nieuwe ontsluitingstechnologieën nieuwe governance-uitdagingen met zich meebrengen en, zo ja, hoe het traditionele instrumentarium voor wapenbeheersing kan worden gemoderniseerd om ze aan te gaan. Daarnaast zal worden nagegaan in hoeverre traditionele wapenbeheersingsmaatregelen complementair zijn met bredere maatregelen op het gebied van technologiegovernance die kunnen bijdragen tot de verwezenlijking van dezelfde doelstellingen inzake beveiliging, stabiliteit, veiligheid, risicobeperking en non-proliferatie.
3.2. Verwachte resultaten
|
a) |
Een beter inzicht verkrijgen in de mogelijke sterke punten en beperkingen van de huidige wapenbeheersingsinstrumenten met betrekking tot nieuwe en opkomende technologieën. |
|
b) |
Een beter inzicht verkrijgen in de bredere reeks instrumenten voor technologiegovernance (bv. industrienormen, zelfreguleringsmechanismen) en in de manieren waarop de internationale veiligheidsgemeenschap dergelijke instrumenten kan inzetten om een vreedzamere, stabielere en veiligere wereld na te streven. |
|
c) |
Kruisbestuiving van kennis tussen verschillende sectoren via informele uitwisseling, die openstaat voor alle VN-lidstaten, het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld in het algemeen. |
3.3. Beschrijving van de werkstroom
Deze werkstroom zal voortbouwen op de resultaten van werkstroom 2 om de analyse van de geselecteerde ontsluitingstechnologieën verder uit te breiden door middel van vier aanvullende onderzoeksstudies over de specifieke uitdagingen op het gebied van governance en mogelijke beleidsreacties. Net als in werkstroom 2 zal elk onderzoek worden aangevuld met een specifieke dialoog met meerdere belanghebbenden in hybride vorm, met als doel om uit verschillende sectoren lessen te trekken die kunnen worden gebruikt om te komen tot betere vormen van beleidsrespons op het gebied van internationale veiligheid.
Daarnaast zullen binnen deze werkstroom het concept en de eerste opzet worden uitgewerkt van een interactieve infographic aan de hand waarvan voor geselecteerde ontsluitingstechnologieën relevante wapenbeheersingsinstrumenten en meer algemenere instrumenten voor technologiegovernance op regionaal en internationaal niveau kunnen worden benoemd en in kaart gebracht. Deze activiteit zal dienen om zowel de methode voor het benoemen en prioriteren van toepasselijke en relevante instrumenten, als verschillende opties voor datavisualisering uit te testen. De infographic zal worden geüpload op een specifieke pagina op de website van UNIDIR.
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/149 |
BESLUIT (GBVB) 2022/2321 VAN DE RAAD
van 25 november 2022
ter ondersteuning van het Uitwisselingscentrum voor Zuidoost- en Oost-Europa inzake de beheersing van het aantal handvuurwapens en lichte wapens (Seesac) voor de uitvoering van de regionale routekaart voor de strijd tegen illegale wapenhandel in de Westelijke Balkan en ter ondersteuning van ontwapenings- en wapenbeheersingsactiviteiten in Zuidoost- en Oost-Europa
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 28, lid 1, en artikel 31, lid 1,
Gezien het voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In de EU-strategie tegen illegale vuurwapens, handvuurwapens en lichte wapens (small arms and light weapons — SALW), en munitie daarvoor, getiteld “Wapens beveiligen, burgers beschermen”, van 2018 (“de EU-SALW-strategie”) wordt gesteld dat de Unie bijzondere aandacht besteedt aan regionale samenwerking als efficiënt middel om handvuurwapens te beheersen. De EU-SALW-strategie vermeldt de Westelijke Balkan als een regio die bij voorrang steun moet krijgen. |
|
(2) |
Tijdens de top EU-Westelijke Balkan van 17 mei 2018 in Sofia hebben de leiders van de Unie overeenstemming bereikt over de Verklaring van Sofia, waar de partners van de Westelijke Balkan zich bij hebben aangesloten, en waarin de verbintenis wordt aangegaan om de operationele samenwerking in de strijd tegen de internationale georganiseerde misdaad aanzienlijk te verbeteren op prioritaire gebieden zoals vuurwapens, drugs, migrantensmokkel en mensenhandel. |
|
(3) |
De Westelijke Balkan blijft een bron van illegale wapenhandel naar de Unie. |
|
(4) |
Op 10 juli 2018 fungeerde het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland als gastheer van de vijfde top over de Westelijke Balkan in Londen, die resulteerde in de aanneming van de regionale routekaart voor een duurzame oplossing voor illegaal bezit van, misbruik van en handel in SALW/vuurwapens en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan tegen 2024 (“de routekaart”), die was opgesteld door de SALW-commissies van de partners in de Westelijke Balkan in het kader van het Frans-Duitse donorcoördinatie-initiatief betreffende de illegale wapenhandel in de Westelijke Balkan. Deze commissies zijn hun actieplannen voor de uitvoering van de routekaart aan het opstellen. |
|
(5) |
In de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties (VN), aangenomen op 25 september 2015, wordt bevestigd dat duurzame ontwikkeling niet kan worden gerealiseerd zonder vrede en veiligheid en dat illegale wapenstromen een van de factoren zijn die leiden tot geweld, onveiligheid en onrechtvaardigheid. |
|
(6) |
Tijdens de achtste tweejaarlijkse bijeenkomst van staten (“BMS8”) over de uitvoering van het actieprogramma ter preventie, bestrijding en uitbanning van de illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten, die in juli 2022 bij de Verenigde Naties in New York gehouden werd, hebben VN-lidstaten zich ertoe verbonden om op alle niveaus partnerschappen en samenwerkingsverbanden ter preventie en bestrijding van de illegale handel in SALW te versterken, en om de samenwerking aan de grenzen en de regionale en subregionale coördinatie te bevorderen en te versterken. |
|
(7) |
De doelstellingen van de routekaart die de partners van de Westelijke Balkan zijn overeengekomen, sporen met de inspanningen binnen de Unie en de VN in de strijd tegen de illegale accumulatie van en handel in SALW en munitie daarvoor. De Unie dient dan ook de Westelijke Balkan bij de uitvoering van de routekaart te ondersteunen. |
|
(8) |
Het Uitwisselingscentrum voor Zuidoost- en Oost-Europa inzake de beheersing van het aantal handvuurwapens en lichte wapens (South Eastern and Eastern Europe Clearinghouse for the Control of Small Arms and Light Weapons — Seesac) werd in 2002 in Belgrado opgericht en functioneert onder de gezamenlijke bevoegdheid van het ontwikkelingsprogramma van de VN (United Nations Development Programme — UNDP) en van de Raad voor regionale samenwerking (Regional Cooperation Council — RCC). Het Seesac is de opvolger is van het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa, steunt de nationale en regionale belanghebbenden om de verspreiding en het misbruik van SALW en munitie daarvoor te beheersen en beperken, en helpt zo de stabiliteit, de veiligheid en de ontwikkeling in Zuidoost- en Oost-Europa te verbeteren. Het Seesac legt bijzondere nadruk op het opzetten van regionale projecten om het reële probleem van de grensoverschrijdende wapenstromen aan te pakken. |
|
(9) |
De Unie heeft in het verleden steun verleend aan het Seesac door middel van Besluit 2002/842/GBVB van de Raad (1), zoals verlengd en gewijzigd bij de Besluiten 2003/807/GBVB (2) en 2004/791/GBVB van de Raad (3), en via Besluit 2010/179/GBVB van de Raad (4), Besluit 2013/730/GBVB van de Raad (5), als verlengd bij Besluit (GBVB) 2015/2051 van de Raad (6), alsmede Besluit (GBVB) 2016/2356 van de Raad (7) en Besluit (GBVB) 2018/1788 van de Raad (8), als verlengd bij Besluit (GBVB) 2021/2161 van de Raad (9). |
|
(10) |
De Unie beschouwt het Seesac als voorkeurspartner voor de uitvoering van de routekaart in de Westelijke Balkan wegens zijn aantoonbare ervaring en bestaand netwerk, de aantoonbare kwaliteit van zijn werk en zijn coördinerende rol bij de voorbereiding van de routekaart. |
|
(11) |
Het optreden dat uit dit besluit voortvloeit, moet voortbouwen op de resultaten die zijn bereikt in het kader van eerdere besluiten van de Raad ter ondersteuning van het Seesac. |
|
(12) |
Daarnaast moet dit optreden van de Unie ondersteuning bieden bij de strijd tegen illegale wapenhandel in de Republiek Moldavië en in Oekraïne, landen die geconfronteerd worden met soortgelijke problemen op het gebied van SALW-beheersing. Dit moet gebeuren via de overdracht van kennis en ervaring en goede praktijken die sinds 2001 in de Westelijke Balkan werden opgedaan en ontwikkeld, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
1. De Unie ondersteunt de partners in de Westelijke Balkan bij de uitvoering van de “regionale routekaart voor een duurzame oplossing voor illegaal bezit van, misbruik van en handel in SALW/vuurwapens en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan tegen 2024”. In de routekaart zijn de volgende doelstellingen opgenomen:
|
a) |
Tegen 2023 moet wapenbeheersingswetgeving zijn ingevoerd die volledig in overeenstemming is met het Europese regelgevingskader en andere daarmee samenhangende internationale verplichtingen, en die in de hele regio gestandaardiseerd is. |
|
b) |
Tegen 2024 moeten de maatregelen en procedures betreffende wapenbeheersing in de Westelijke Balkan gebaseerd zijn op feiten en gegevens. |
|
c) |
Tegen 2024 moet de illegale stroom vuurwapens, munitie en explosieven naar, in en uit de Westelijke Balkan aanzienlijk zijn verminderd. |
|
d) |
Tegen 2024 moet de bevoorrading, de vraag naar en het misbruik van vuurwapens aanzienlijk zijn verminderd door middel van een betere bewustmaking, scholing, voorlichting en actieve benadering van het publiek. |
|
e) |
Tegen 2024 moet het geschatte aantal vuurwapens in illegaal bezit in de Westelijke Balkan aanzienlijk gedaald zijn. |
|
f) |
Het overschot moet systematisch worden afgebouwd en in beslag genomen handvuurwapens en lichte wapens en munitie moeten systematisch worden vernietigd. |
|
g) |
Het risico op de proliferatie van vuurwapens, munitie en explosieven waarbij deze in criminele handen terechtkomen, moet aanzienlijk worden beperkt. |
2. In aanvulling op de in lid 1 bedoelde doelstellingen ondersteunt de Unie de strijd tegen illegale wapenhandel in de Republiek Moldavië en Oekraïne.
3. Om de in de leden 1 en 2 bedoelde doelstellingen te bereiken, steunt de Unie met dit besluit het volgende:
|
a) |
de coördinatie van en het toezicht op de uitvoering van de routekaart voor een duurzame oplossing voor illegaal bezit van, misbruik van en handel in SALW/vuurwapens en bijhorende munitie in de Westelijke Balkan; |
|
b) |
steun aan de autoriteiten in de Westelijke Balkan teneinde hun wapenbeheersingswetgeving af te stemmen op het regelgevingskader van de Unie en andere daarmee samenhangende internationale verplichtingen, en |
|
c) |
steun voor de strijd tegen de illegale wapenhandel in de Westelijke Balkan, in de Republiek Moldavië en in Oekraïne door middel van capaciteitsbeoordelingen en technische hulp aan de rechtshandhavings- en grenscontrole-instanties. |
4. Het geografisch toepassingsgebied van het project is de Westelijke Balkan. De rechtstreekse begunstigden zijn Albanië, Bosnië en Herzegovina, Kosovo (*), Montenegro, Servië en Noord-Macedonië.
Daarnaast verleent het project, met het oog op de in lid 2 bedoelde doelstellingen, steun aan de Republiek Moldavië en aan Oekraïne.
5. In de bijlage is een nadere omschrijving van het project opgenomen.
Artikel 2
1. De hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (“de hoge vertegenwoordiger”) is belast met de uitvoering van dit besluit.
2. De technische uitvoering van het in artikel 1 bedoelde project geschiedt door het Seesac, waar nodig in samenspraak met de verantwoordelijke voor het Europees multidisciplinair platform tegen criminaliteitsdreiging (EMPACT) vuurwapens.
3. Het Seesac voert zijn taken uit onder de verantwoordelijkheid van de hoge vertegenwoordiger. Daartoe treft de hoge vertegenwoordiger de nodige regelingen met het UNDP, dat handelt namens het Seesac.
Artikel 3
1. Het financieel referentiebedrag voor de uitvoering van het in artikel 1 bedoelde, door de Unie gefinancierde project bedraagt 4 006 955,58 EUR.
2. Voor het beheer van de uitgaven gefinancierd uit het in lid 1 genoemde referentiebedrag gelden de procedures en voorschriften die van toepassing zijn op de begroting van de Unie.
3. De Commissie houdt toezicht op het correcte beheer van de in lid 2 bedoelde uitgaven. Hiertoe sluit zij de vereiste overeenkomst met het UNDP, dat handelt namens het Seesac. In de overeenkomst wordt bepaald dat het Seesac er zorg voor moet dragen dat de bijdrage van de Unie zichtbaar is in een mate die overeenstemt met de omvang ervan.
4. De Commissie tracht de in lid 3 bedoelde overeenkomst zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van dit besluit te sluiten. Zij stelt de Raad in kennis van eventuele moeilijkheden die zich in dat verband voordoen en van de datum van sluiting van de overeenkomst.
Artikel 4
1. De hoge vertegenwoordiger brengt verslag uit aan de Raad over de uitvoering van dit besluit, op basis van regelmatige kwartaalverslagen die door het Seesac worden opgesteld. Deze verslagen vormen de basis voor de evaluatie door de Raad.
2. De Commissie brengt verslag uit over de financiële aspecten van het in artikel 1 bedoelde project.
Artikel 5
1. Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.
2. Dit besluit verstrijkt 36 maanden na de datum van sluiting van de in artikel 3, lid 3, bedoelde overeenkomst. Het verstrijkt echter zes maanden na de datum van inwerkingtreding indien er binnen die termijn van zes maanden nog geen overeenkomst is gesloten.
Gedaan te Brussel, 25 november 2022.
Voor de Raad
De voorzitter
J. SÍKELA
(1) Besluit 2002/842/GBVB van de Raad van 21 oktober 2002 betreffende de uitvoering van Gemeenschappelijk Optreden 2002/589/GBVB met het oog op een bijdrage van de Europese Unie aan de bestrijding van de destabiliserende accumulatie en verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in Zuidoost-Europa (PB L 289 van 26.10.2002, blz. 1).
(2) Besluit 2003/807/GBVB van de Raad van 17 november 2003 tot verlenging en wijziging van Besluit 2002/842/GBVB betreffende de uitvoering van Gemeenschappelijk Optreden 2002/589/GBVB met het oog op een bijdrage van de Europese Unie aan de bestrijding van de destabiliserende accumulatie en verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in Zuidoost-Europa (PB L 302 van 20.11.2003, blz. 39).
(3) Besluit 2004/791/GBVB van de Raad van 22 november 2004 tot verlenging en wijziging van Besluit 2002/842/GBVB betreffende de uitvoering van Gemeenschappelijk Optreden 2002/589/GBVB met het oog op een bijdrage van de Europese Unie aan de bestrijding van de destabiliserende accumulatie en verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens in Zuidoost-Europa (PB L 348 van 24.11.2004, blz. 46).
(4) Besluit 2010/179/GBVB van de Raad van 11 maart 2010 ter ondersteuning van de wapenbeheersingsactiviteiten van het Seesac in de westelijke Balkan in het kader van de strategie van de Europese Unie ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW) en munitie daarvoor (PB L 80 van 26.3.2010, blz. 48).
(5) Besluit 2013/730/GBVB van de Raad van 9 december 2013 ter ondersteuning van de ontwapenings- en wapenbeheersingsactiviteiten van het Seesac in Zuidoost-Europa in het kader van de strategie van de EU ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW) en munitie daarvoor (PB L 332 van 11.12.2013, blz. 19).
(6) Besluit (GBVB) 2015/2051 van de Raad van 16 november 2015 tot wijziging van Besluit 2013/730/GBVB ter ondersteuning van de ontwapenings- en wapenbeheersingsactiviteiten van het Seesac in Zuidoost-Europa in het kader van de strategie van de EU ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW) en munitie daarvoor (PB L 300 van 17.11.2015, blz. 19).
(7) Besluit (GBVB) 2016/2356 van de Raad van 19 december 2016 ter ondersteuning van de ontwapenings- en wapenbeheersingsactiviteiten van het Seesac in Zuidoost-Europa in het kader van de strategie van de EU ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW) en munitie daarvoor (PB L 348 van 21.12.2016, blz. 60).
(8) Besluit (GBVB) 2018/1788 van de Raad van 19 november 2018 ter ondersteuning van het Uitwisselingscentrum voor Zuidoost- en Oost-Europa inzake de beheersing van het aantal handvuurwapens en lichte wapens (Seesac) voor de uitvoering van de regionale routekaart voor de strijd tegen illegale wapenhandel in de Westelijke Balkan (PB L 293 van 20.11.2018, blz. 11).
(9) Besluit (GBVB) 2021/2161 van de Raad van 6 december 2021 tot wijziging van Besluit (GBVB) 2018/1788 ter ondersteuning van het Uitwisselingscentrum voor Zuidoost- en Oost-Europa inzake de beheersing van het aantal handvuurwapens en lichte wapens (Seesac) voor de uitvoering van de regionale routekaart voor de strijd tegen illegale wapenhandel in de Westelijke Balkan (PB L 436 van 7.12.2021, blz. 46).
(*) Deze benaming laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet en is in overeenstemming met Resolutie 1244/1999 van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo.
BIJLAGE
PROJECTDOCUMENT
BIJDRAGE VAN DE UNIE TEN BEHOEVE VAN HET SEESAC-PROJECT INZAKE SALW-BEHEERSINGSACTIVITEITEN BIJ DE UITVOERING VAN DE ROUTEKAART VOOR EEN DUURZAME OPLOSSING VOOR HET ILLEGALE BEZIT VAN, HET MISBRUIK VAN EN DE HANDEL IN HANDVUURWAPENS EN LICHTE WAPENS (SALW’s) EN MUNITIE DAARVOOR IN DE WESTELIJKE BALKAN, EN ONTWAPENINGS- EN WAPENBEHEERSINGSACTIVITEITEN IN ZUIDOOST- EN OOST-EUROPA
1. Inleiding en doelstellingen
Het doel van deze bijdrage is de inspanningen ter bestrijding van het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) en munitie daarvoor in Zuidoost- en Oost-Europa te blijven ondersteunen, en de nieuwe en opkomende uitdagingen aan te pakken. Ondanks de reeds geboekte vooruitgang en in het licht van de oorlog in Oekraïne, blijft Zuidoost- en Oost-Europa een aandachtsgebied en een belangrijke uitdaging in de strategie van de EU ter bestrijding van de illegale accumulatie van en handel in SALW’s en munitie daarvoor (“de EU-SALW-strategie”). Hoewel de laatste jaren aanzienlijke vooruitgang is geboekt, lijdt de doeltreffendheid van de inspanningen voor de beheersing van SALW’s nog steeds onder de accumulatie van SALW’s en munitie daarvoor, ontoereikende opslagomstandigheden, illegaal bezit, hiaten in de beleidsvorming en de uitvoeringscapaciteit, fragiele politieke systemen, en de veranderende veiligheidsomgeving. Om vooruitgang te blijven boeken, de behaalde winst veilig te stellen en het pad te effenen voor een duurzame langetermijnoplossing die bestaat uit volledige harmonisatie met het wet- en regelgevingskader van de Unie en naleving van de internationale normen, vormt de blijvende ondersteuning van de strijd tegen de gevaren die samengaan met de verspreiding van en de illegale handel in SALW’s in en vanuit Zuidoost- en Oost-Europa, dan ook een essentieel onderdeel van de inspanningen van de Unie ter verwezenlijking van de doelstellingen van de EU-SALW-strategie.
Om de resterende problemen in verband met de beheersing van SALW’s aan te pakken en het engagement van de landen van de Westelijke Balkan voor de bestrijding van de illegale handel in en het misbruik van vuurwapens te versterken, namen de SALW-commissies van de Westelijke Balkan — na raadpleging van de betrokken instellingen en internationale organisaties — op 29 mei 2018 in Tirana een routekaart voor een duurzame oplossing voor het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan tegen 2024 (“de routekaart”) aan. De routekaart werd goedgekeurd in het kader van de top over de Westelijke Balkan op 9 juli 2018 in Londen. De routekaart gaat uit van de gedachte dat de Westelijke Balkan een veiliger regio wordt die veiligheid exporteert en waar op de Unie- en andere internationale normen afgestemde, alomvattende en duurzame toezicht- en beheersingsregelingen voorhanden zijn om het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in vuurwapens, munitie en explosieven op het spoor te komen, te voorkomen, te vervolgen en te bestrijden. De routekaart is ontwikkeld als sturend document en, beoogt daarom overeengekomen prestatieniveaus, hij beschrijft de inzet die de begunstigden op strategisch, operationeel en beleidsniveau moeten leveren, en hij bouwt voort op het politieke engagement van de autoriteiten van de Westelijke Balkan ten aanzien van de wapenbeheersingsafspraken en de strategische documenten van de VN en de Unie.
Het Regionaal Uitwisselingscentrum voor Zuidoost- en Oost-Europa inzake de beperking van het aantal handvuurwapens (Seesac) onderschreef, als de uitvoerende instantie van het regionaal uitvoeringsplan tegen de verspreiding van handvuurwapens en lichte wapens, de ontwikkeling van de routekaart en zal de uitvoering ervan coördineren en ondersteunen. Dit optreden zal dus de krachtens de Besluiten 2010/179/GBVB, 2013/730/GBVB, (GBVB) 2016/2356 en (GBVB) 2018/1788 van de Raad en in aanvulling op Besluit (GBVB) 2019/2111 van de Raad verleende bijstand voor SALW-beheersing verdiepen. Het zal de processen en maatregelen die nodig zijn tot duurzame SALW-beheersing in de Westelijke Balkan te komen verder vooruithelpen.
Dit optreden zal de coördinatie van en het toezicht op de uitvoering van de routekaart ondersteunen; de interregionale kennisuitwisseling verbeteren; en de capaciteiten van de rechtshandhavingsdiensten in Zuidoost- en Oost-Europa vergroten om de illegale handel in en het illegale bezit van vuurwapens tegen te gaan. De algemene doelstelling van het project is derhalve bij te dragen tot de Europese en mondiale vrede en veiligheid door het tegengaan van de gevaren van de accumulatie van en de illegale handel in SALW’s en munitie daarvoor in en vanuit Zuidoost- en Oost-Europa. Tegelijkertijd zal het project de regionale stabiliteit versterken door te opereren binnen het kader van de Raad voor regionale samenwerking (RCC) en in partnerschap met andere relevante internationale partners en initiatieven.
Het project zal rechtstreeks bijdragen tot de uitvoering van de EU-veiligheidsstrategie, de EU-SALW-strategie, het EU-actieplan 2020-2025 inzake illegale vuurwapenhandel, de operationele actieplannen van Empact vuurwapens, het Wapenhandelsverdrag, het VN-actieprogramma ter voorkoming, bestrijding en uitroeiing van de illegale handel in SALW’s in al zijn aspecten, het internationaal traceringsinstrument, het VN-Vuurwapenprotocol en Resolutie 1325 (2000) van de VN-Veiligheidsraad, en het zal in het bijzonder de regionale samenwerking bij het tegengaan van de gevaren die samengaan met de verspreiding van SALW’s en munitie daarvoor intensiveren. De resultaten van het project zullen tevens rechtstreeks bijdragen tot de uitvoering van duurzameontwikkelingsdoelstelling nr. 16 inzake vreedzame en rechtvaardige samenlevingen, in het bijzonder voor streefdoelen 16.1 (alle vormen van geweld en het daarmee verband houdende sterftecijfer overal aanzienlijk verminderen) en 16.4 (de illegale wapenstromen drastisch beperken). Het optreden zal plaatsvinden als onderdeel van het regionale programmadocument van het UNDP voor Europa en het Gemenebest van onafhankelijke staten (2022-2025).
2. Keuze van het uitvoeringsorgaan en coördinatie met andere relevante financieringsinitiatieven
Het Seesac is een gezamenlijk initiatief van het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP) en van de RCC, en fungeert derhalve als aanspreekpunt voor alle activiteiten in verband met SALW’s in Zuidoost-Europa. Als uitvoerende instantie van het regionaal uitvoeringsplan tegen de verspreiding van SALW’s voor Zuidoost-Europa werkt het Seesac sinds 2002 met nationale en internationale belanghebbenden in Zuidoost-Europa aan de toepassing van een holistische aanpak van SALW-beheersing door middel van het ontplooien van een breed spectrum van activiteiten, waaronder: het faciliteren van strategische en operationele regionale samenwerking, ondersteuning van beleidsontwikkeling en capaciteitsverbetering bij instanties, bewustmakingscampagnes en SALW-inzamelingscampagnes, voorraadbeheer, vermindering van overschotten en verbetering van de markerings- en traceringscapaciteiten, van de opsporings- en onderzoekscapaciteiten, en van de controle op wapenexport. Het Seesac beschikt dus over een unieke capaciteit en ervaring wat de uitvoering van regionale multistakeholderinitiatieven betreft in de gemeenschappelijke economische en politieke context van de partners in de regio; het draagt daarbij zorg voor nationale en regionale zeggenschap en de levensvatbaarheid op lange termijn van zijn acties en heeft zich ontwikkeld tot voornaamste regionale instantie op het gebied van SALW-beheersing.
Het Seesac onderhoudt met alle relevante actoren en organisaties bilaterale en multilaterale communicatiekanalen. In dat opzicht fungeert het Seesac nog steeds als secretariaat van de regionale stuurgroep SALW (RSG) (1), en coördineert het en houdt het toezicht op de uitvoering van de routekaart voor de Westelijke Balkan in nauwe samenwerking met de EU, Duitsland en Frankrijk. In dat verband verricht het Seesac ook de secretariaatstaken van het multipartnertrustfonds voor de routekaart voor SALW-beheersing in de Westelijke Balkan.
Het Seesac neemt regelmatig deel aan bevoegde regionale fora. Het Seesac onderhoudt nog steeds een uitgebreid netwerk van formele en informele partnerschappen met organisaties en initiatieven, zoals het Ministerieel Zuidoost-Europees Defensieproces (SEDM), het Centrum voor Veiligheidssamenwerking (RACVIAC), de OVSE en de NAVO. Er vinden regelmatig coördinatievergaderingen en uitwisselingen van informatie en gegevens plaats met andere VN-organisaties als het UNODC en het Unoda via onder meer het VN-mechanisme tot coördinatie van de actie op het gebied van handvuurwapens (UN Coordinating Action on Small Arms — CASA). Het Seesac neemt deel aan de SALW- en mijnactiecoördinatievergaderingen, een informeel coördinatiemechanisme inzake SALW-beheersing, tussen de NAVO, de Unie, de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en het Seesac.
Het Seesac fungeert als regionaal knoop- en aanspreekpunt voor een breed scala aan thema’s in verband met de hervorming van de veiligheidssector en in het bijzonder SALW-beheersing en voorraadbeheer. Het Seesac onderhoudt nauwe contacten met relevante instellingen van de Unie om de contacten met tegenhangers uit Zuidoost-Europa doeltreffender te maken, en biedt daarbij ondersteuning aan. Het betreft voornamelijk het DG Migratie en Binnenlandse Zaken van de Commissie, en Europol, alsmede door de Unie geleide initiatieven, zoals het Empact vuurwapens en de Groep Europese vuurwapendeskundigen (EFE).
Het Seesac, dat in Belgrado is gevestigd, is momenteel actief in heel Zuidoost-Europa, verricht activiteiten in Albanië, Bosnië en Herzegovina (BiH), Kosovo, Montenegro, Servië, Noord-Macedonië en de Republiek Moldavië, en biedt beperkte steun aan Oekraïne. In het verleden was het Seesac ook actief in Bulgarije, Kroatië en Roemenië. Regionale zeggenschap wordt gegarandeerd via de RCC en via de regionale stuurgroep, waar vertegenwoordigers van alle partners in Zuidoost-Europa strategische sturing verlenen en met initiatieven en verzoeken aangaande Seesac-activiteiten komen.
Het Seesac heeft een pioniersrol gespeeld door gemeenschappelijke problemen aan te pakken met regionale initiatieven. Die benadering heeft indrukwekkende resultaten opgeleverd in Zuidoost-Europa, niet alleen wegens de essentiële informatie-uitwisseling en de stimulans voor gezonde regionale mededinging waartoe dit heeft geleid, maar ook omdat deze aanpak het dankzij een holistische uitvoeringswijze gemakkelijker maakt op nationaal en regionaal niveau samenhangende en gemakkelijk meetbare resultaten te boeken. De organisatie van jaarlijkse vergaderingen van de RSG en de deelname van het Seesac aan alle belangrijke processen en initiatieven garanderen een tijdige en open informatie-uitwisseling, een sterk omgevingsbewustzijn en voldoende vooruitziendheid om er zorg voor te dragen dat bij de uitvoering overlappingen worden voorkomen en wordt ingespeeld op de actuele behoeften van de regeringen en de regio’s en op nieuwe trends.
Het Seesac baseert al zijn activiteiten op de behoeften die de tegenhangers hebben meegedeeld en op de verzamelde baselinegegevens, en onderneemt niets zonder goedkeuring en politieke steun van de nationale belanghebbenden. Daarnaast zijn alle inspanningen gericht op ondersteuning van de door de Unie geleide processen en verwezenlijking van de normen en criteria van de Unie. Het Seesac heeft bij vorige projecten met Uniefinanciering een zeer groot deel van de voorgenomen activiteiten ook daadwerkelijk uitgevoerd, waarbij duurzame projectresultaten werden bereikt door het tot stand brengen en bevorderen van de zeggenschap van de partners over de projecten en activiteiten, en waarbij regionale coördinatie, ervaring en de uitwisseling van beste praktijken, alsmede regionaal onderzoek, werden aangemoedigd. Door zijn expertise inzake SALW’s en zijn grondige kennis van de regionale aangelegenheden en de belanghebbenden is het Seesac de meest geschikte uitvoeringspartner voor dit specifieke optreden.
Het project vormt ook een aanvulling op de bestaande nationale en regionale inspanningen om te zoeken naar maximale synergie. Het Seesac zal optreden in combinatie met de volgende lopende internationale inspanningen voor hulpverlening die in het kader van de VN worden geleverd:
|
— |
In mei 2019 zette het UNDP het regionale project “Ondersteuning van de uitvoering van de routekaart voor een duurzame oplossing voor het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan” op, ter ondersteuning van een gecoördineerde aanpak bij de uitvoering van de routekaart. Het project wordt gefinancierd door het Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken, dat voor de periode 2019-2022 een specifieke bijdrage van 6,2 miljoen USD (5,5 miljoen EUR) heeft gedaan aan het financieringsvenster “Governance voor inclusieve en vreedzame samenlevingen” van het UNDP, bestemd voor wapenbeheersingsactiviteiten. Het project wordt via het UNDP/Seesac gecoördineerd door het regionale knooppunt van het UNDP in Istanbul, en uitgevoerd in samenwerking met de kantoren van het UNDP in de Westelijke Balkan. Van de acht (8) subprojecten waarvoor de projectraad in juli 2019 financiering in de financieringsvensters heeft goedgekeurd, en die worden uitgevoerd door de kantoren van het UNDP in Albanië, Bosnië en Herzegovina, Kosovo, Montenegro, Noord-Macedonië en Servië, liepen er vier door tot in 2022, en momenteel worden er twee (2) subprojecten actief uitgevoerd in Albanië en Bosnië en Herzegovina.
|
|
— |
Het multipartnertrustfonds (MPTF) voor de routekaart voor SALW-beheersing in de Westelijke Balkan is een belangrijk financieringsmechanisme ter ondersteuning van de uitvoering van de routekaart. Het werd in maart 2019 opgericht door het UNDP en het UNODC als deelnemende VN-organisaties, samen met het VN-Bureau voor multipartnerfondsen (MPTFO), om bij te dragen aan een gecoördineerde aanpak voor donorfinanciering bij de uitvoering van de routekaart, en om te voorzien in een uitgebreid en resultaatgericht risicobeheersysteem. Het trustfonds is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met Duitsland en Frankrijk — als initiatiefnemers voor de routekaart — waarna ook het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Noorwegen en Nederland zich erbij hebben aangesloten. Dankzij de generositeit en het engagement van deze donoren is het trustfonds gespijsd met bijdragen ter waarde van meer dan 22,2 miljoen USD. Het UNDP/Seesac fungeert als secretariaat van het trustfonds en verzorgt de algemene coördinatie van en het toezicht op het fonds, waarbij het technische bijstand biedt, alsook het beheer, de planning en de programmering van het fonds ondersteunt. In september 2022 kregen elf door de deelnemende VN-organisaties uitgevoerde projecten middelen uit het trustfonds, en daar komen er nog drie bij.
|
Het Seesac onderhoudt regelmatig contact met de OVSE, de NAVO, Europol, Interpol, Frontex en Empact, alsmede met andere betrokkenen, teneinde te zorgen voor complementariteit tussen de acties, een tijdige tussenkomst en een kosteneffectief gebruik van middelen.
3. Projectbeschrijving
De nieuwe fase van het Seesac-project zal voortbouwen op de resultaten die zijn geboekt in het kader van de Besluiten 2013/730/GBVB, (GBVB) 2016/2356 en (GBVB) 2018/1788 van de Raad en vormt een aanvulling op Besluit (GBVB) 2019/2111 van de Raad, en het door het Seesac uitgevoerde project IPA/2021/425-067 Ondersteuning ter versterking van de strijd tegen het illegale bezit van, het misbruik van, en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) in de Westelijke Balkan.
Zij zal voornamelijk op drie belangrijke gebieden gericht zijn, met behoud van de holistische aanpak van de gevaren die gepaard gaan met SALW’s in de regio. Die drie gebieden bestrijken zowel de strategische en de beleidsaspecten als de operationele aspecten, en leveren dus op alle niveaus van SALW-beheersing een rechtstreekse bijdrage, met bijzondere aandacht voor: de coördinatie van de regionale aanpak en het toezicht op de uitvoering van de routekaart; het versterken van de uitwisseling van kennis en informatie tussen de regio’s; het versterken van de capaciteiten van de rechtshandhavingsdiensten in Moldavië en Oekraïne om illegaal bezit, misbruik en illegale handel tegen te gaan; het versterken van de capaciteiten van de rechtshandhavingsdiensten in de Westelijke Balkan, hoofdzakelijk de ballistische laboratoria en de douanediensten, in overeenstemming met het beginsel van geïntegreerd grensbeheer.
Meer concreet zal het project leiden tot:
|
— |
coördinatie van de uitvoering van en het toezicht op de uitvoering van de routekaart voor een duurzame oplossing voor het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan; |
|
— |
een versterkte regionale samenwerking en uitwisseling van kennis en informatie over wapenbeheersing; |
|
— |
versterkte capaciteiten van de rechtshandhavingsdiensten in Moldavië en Oekraïne om de illegale handel in en het illegale bezit van vuurwapens te voorkomen/tegen te gaan; |
|
— |
versterkte capaciteiten van de rechtshandhavingsdiensten, hoofdzakelijk ballistische laboratoria en douanediensten van de Westelijke Balkan om de illegale handel in en het illegale bezit van vuurwapens handel in en het illegale bezit van vuurwapens te voorkomen/tegen te gaan. |
De strategie van het project is gebaseerd op de unieke aanpak van het Seesac, die erin bestaat vertrouwen en samenwerking in de regio te bevorderen, als een noodzakelijke voorwaarde voor het tot stand brengen van concrete en meetbare grondige hervormingen. In het bijzonder op regionaal niveau zijn de verschillende door het Seesac gefaciliteerde samenwerkingsprocessen, waarbij zowel beleidsmakers als praktijkmensen op operationeel niveau zijn betrokken, essentieel gebleken om te zorgen voor een concurrerende omgeving die gunstig is voor kennisoverdracht, uitwisseling van deskundigheid, en informatiedeling. Dit heeft niet alleen bijgedragen tot het vergroten van de capaciteit in de regio, maar heeft vooral vertrouwen helpen opbouwen en directe samenwerking helpen tot stand brengen tussen instellingen en individuele deskundigen die onder meer de ontwikkeling van de routekaart mogelijk hebben gemaakt. Het project zal regionale samenwerking en lokaal zeggenschap blijven bevorderen als essentiële elementen die bijdragen tot meetbare resultaten.
Het geografisch toepassingsgebied van het project is de Westelijke Balkan. De rechtstreekse begunstigden zijn Albanië, BiH, Kosovo, Montenegro, Servië en Noord-Macedonië. Daarnaast zal het project trachten meer steun te bieden aan Oost-Europese landen, waaronder de Republiek Moldavië en Oekraïne, waar de problemen met SALW-beheersing door de oorlog in Oekraïne momenteel nog groter zijn. Daartoe zullen kennis, ervaringen en goede praktijken worden overgedragen die sinds 2001 in de Westelijke Balkan zijn opgedaan en ontwikkeld.
3.1. Coördineren van de uitvoering van de routekaart voor een duurzame oplossing voor het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in SALW’s/vuurwapens en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan
Doel
Zorgen voor een doeltreffende coördinatie van en dito toezicht op de uitvoering van de routekaart.
Beschrijving
Dit onderdeel bouwt voort op Besluit (GBVB) 2018/1788 en zal ervoor zorgen dat de coördinatie van en het toezicht op de uitvoering van de routekaart wordt voortgezet. De partners van de Westelijke Balkan bevestigden op 9 juli 2018 tijdens de Westelijke Balkan-top nog eens hun gemeenschappelijke wil en vastbeslotenheid om een eind te maken aan het illegaal bezit en het misbruik van vuurwapens en de illegale handel in deze wapens door hun steun te verlenen aan de routekaart. De regionale routekaart, die via een uitvoerig raadplegingsproces en met de steun van het Seesac werd ontwikkeld, draagt bij aan de bestaande maatregelen van de Unie om deze dreiging het hoofd te bieden, met name de EU-SALW-strategie, het EU-actieplan 2020-2025 inzake illegale vuurwapenhandel waarin de routekaart voor de Westelijke Balkan is geïntegreerd, en de Empact-werkzaamheden in de regio. De routekaart is een illustratie van de consensus onder alle belanghebbenden in de regio over de bestaande uitdagingen, de te bereiken doelstellingen en het tijdschema van de te nemen maatregelen. Zij biedt een breed platform voor de verwezenlijking van gezamenlijk overeengekomen KPI’s op strategisch, beleidsmatig en operationeel niveau.
Tijdens de eerste drie uitvoeringsjaren zijn ten minste zeven regionale beschrijvende verslagen en verslagen over de kernprestatie-indicatoren gepubliceerd, die een meetbaar en actueel beeld schetsen van de vorderingen met de uitvoering van de routekaart. Daarnaast hebben tweejaarlijkse lokale en regionale coördinatievergaderingen met de autoriteiten, donoren en uitvoeringspartners een voorbeeldig gecoördineerde aanpak gewaarborgd wat betreft inspanningen en middelen. In dit verband zullen de werkzaamheden in het kader van dit onderdeel blijven zorgen voor: een doeltreffende coördinatie van de uitvoering van de routekaart op regionaal niveau; op maat gesneden steun voor SALW-commissies en bevoegde autoriteiten bij het uitvoeren van hun routekaartactieplannen; periodieke monitoring en evaluatie van de vooruitgang aan de hand van de gezamenlijk overeengekomen KPI’s; en een beter inzicht in de vorderingen met de uitvoering van de routekaart.
Het project wil de coördinatie van en het toezicht op de uitvoering van de routekaart concreet verwezenlijken door middel van:
|
— |
deskundige en technische steun aan routekaartcoördinatie, met onder meer regionale routekaartcoördinatievergaderingen waarbij vooral de balans wordt opgemaakt van de gemaakte vorderingen en van informatie-uitwisseling; |
|
— |
deskundige en technische steun aan lokale routekaartcoördinatievergaderingen die toezien op de uitvoering van actieplannen van de partners; |
|
— |
het opstellen van tweejaarlijkse toezichts- en evaluatieverslagen over de vooruitgang, de uitdagingen en de behoeften bij de uitvoering van de routekaart, gebaseerd op de gezamenlijk overeengekomen KPI’s; |
|
— |
de eindevaluatie van de uitvoering van de routekaart (2024), met de nodige steun om de routekaart te herzien; |
|
— |
voorlichtings- en zichtbaarheidsacties in verband met de routekaart (waaronder het onderhouden van een onlineplatform, betrokkenheid van belanghebbenden en bewustmakingsactiviteiten). |
Projectresultaten/uitvoeringsindicatoren:
|
— |
organisatie van maximaal zes regionale routekaartcoördinatievergaderingen; |
|
— |
ondersteunende maatregelen om de balans op te maken van de gemaakte vorderingen, om informatie uit te wisselen, om kennis over te dragen en om normen af te spreken; |
|
— |
organiseren van lokale coördinatievergaderingen (tot 36 in totaal); |
|
— |
opstellen van tweejaarlijkse regionale toezichtsverslagen (tot zes stuks); |
|
— |
eindevaluatie van de routekaart; |
|
— |
onderhoud van een onlineplatform om een goede voorlichting over en zichtbaarheid van de routekaart te verzekeren. |
3.2. bijdragen aan een versterkte regionale samenwerking en uitwisseling van kennis en informatie over wapenbeheersing.
Doel
Dit onderdeel moet zorgen voor interregionale informatie-uitwisseling, kennisuitwisseling en de toepassing van goede praktijken en geleerde lessen aan de hand van technisch advies, vergaderingen, workshops en studiebezoeken.
Beschrijving
Zuidoost-Europa hanteert al twee decennia een alomvattende regionale aanpak voor SALW-beheersing, waarbij alle functionele gebieden van SALW-beheersing aan bod komen: van het ontwikkelen van institutionele, juridische en beleidskaders op basis van alomvattende en innovatieve inspanningen op het gebied van gegevensverzameling, over het verbeteren van de fysieke beveiliging en het voorraadbeheer van SALW’s en munitie en het verbeteren van de markering, registratie en tracering van SALW’s — onder meer door middel van betere opsporings- en onderzoekscapaciteiten — tot bewustmakingsactiviteiten en de integratie van het genderperspectief in SALW-beheersing. In die zin heeft de regio baanbrekend werk verricht op het gebied van innovatieve oplossingen voor SALW-beheersing, dat in andere delen van de wereld is overgenomen en heeft aangezet tot actie.
De normen en richtsnoeren voor regionale micro-ontwapening van het Seesac — in 2006 opgesteld om de SALW-beheersingsprocedures, -praktijken en -normen op operationeel niveau te standaardiseren — hebben invloed gehad op de ontwikkeling van de internationale normen voor controle op handvuurwapens, die later dan weer zijn opgenomen in het modulair compendium voor de beheersing van handvuurwapens (Mosaic). Ook hebben tal van belanghebbenden de routekaart voor een duurzame oplossing voor het illegale bezit van, het misbruik van en de handel in handvuurwapens en lichte wapens (SALW’s) en munitie daarvoor in de Westelijke Balkan aangewezen als een van de meest succesvolle regionale inspanningen op het gebied van SALW-beheersing ter wereld. In zijn verslag aan de VN-Veiligheidsraad van 2021 noemde de secretaris-generaal van de VN de routekaart een positief voorbeeld, aangezien “regionale inspanningen van cruciaal belang blijven”, en riep hij op tot het opstellen en verder ontwikkelen van routekaarten.
De routekaart is overgenomen in het Caribisch gebied, samen met het coördinatie- en toezichtsmechanisme ervan, en opgenomen in het EU-actieplan 2020-2025 inzake illegale vuurwapenhandel. Voorts neemt de EU ook het Seesac-platform voor het monitoren van gewapend geweld over. Dit innovatieve onlinegegevensplatform biedt gedetailleerde informatie en visualiseert gegevens over incidenten met vuurwapens in heel Zuidoost-Europa.
Zuidoost-Europa effent ook al enige tijd het pad voor de praktische integratie van gender in SALW-beheersing. Het Seesac heeft de geleerde lessen op het gebied van integratie van gender in SALW-beheersing en de uitvoering van de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid onder meer gedeeld tijdens meerdere regionale en subregionale workshops in Afrika, Azië, het Caribisch gebied, Latijns-Amerika en het Stille-Oceaangebied (2).
De geboekte vooruitgang met de ingebruikstelling van contactpunten voor vuurwapens in Zuidoost-Europa wordt tijdens gezamenlijke vergaderingen regelmatig besproken met contactpunten voor vuurwapens in alle EU-lidstaten.
De meeste van deze nieuwe praktijken zijn ontwikkeld en in gebruik genomen als onderdeel van de uitvoering van de besluiten van de Raad van de EU ter ondersteuning van de inspanningen op het gebied van ontwapening en wapenbeheersing die het Seesac de afgelopen twee decennia in Zuidoost-Europa heeft geleverd. Dit onderdeel zal de uitwisseling van informatie en kennis en de overname van goede praktijken en geleerde lessen tussen de regio’s verder faciliteren.
Dit zal worden bereikt door:
|
— |
het verstrekken van advies en technische ondersteuning; |
|
— |
het organiseren van vergaderingen, workshops, studiebezoeken. |
Projectresultaten/uitvoeringsindicatoren:
|
— |
advies en technische ondersteuning verstrekt; |
|
— |
vergaderingen, workshops en studiebezoeken georganiseerd. |
3.3. Capaciteitsopbouw van de rechtshandhavingsdiensten in Moldavië en Oekraïne om de illegale handel in en het illegale bezit van vuurwapens tegen te gaan
Doel
De gevaren van de illegale vuurwapenhandel verminderen door de capaciteit van de rechtshandhavingsinstanties, waaronder de grenspolitie, te vergroten door op basis van de vastgestelde behoeften advies en technische ondersteuning te verstrekken.
Beschrijving
Dit onderdeel bouwt voort op de succesvolle poging om de autoriteiten van de Republiek Moldavië en Oekraïne te betrekken bij de door het Seesac gefaciliteerde regionale samenwerkingsprocessen in Zuidoost-Europa, en op eerdere en lopende gerichte SALW-beheersingsmaatregelen in de Republiek Moldavië. Het gaat hierbij onder meer over maatregelen op het gebied van fysieke beveiliging en voorraadbeheer, waaronder de vernietiging van SALW’s en de modernisering van de beveiliging van wapen- en munitiedepots, en bewaarruimten. Er is ook steun verleend voor markering, registratie en tracering. Zo is er een markeringstoestel aangekocht, opleiding gegeven in het gebruik ervan, en ondersteuning verleend om het wapenregistratiesysteem op te zetten. Het Seesac heeft ook de initiële technische ondersteuning en adviesverlening verzorgd bij het opzetten van het contactpunt voor vuurwapens. Daarnaast ondersteunde het bewustmakingsactiviteiten met betrekking tot de gevaren van misbruik en illegaal bezit van vuurwapens. Voorts werd ondersteuning verleend bij het opzetten van de nationale SALW-commissie. Zo heeft het Seesac geholpen bij het verzamelen van gegevens voor een beter begrip van de lacunes in de SALW-beheersing, waarna de SALW-enquête voor de Republiek Moldavië werd gepubliceerd. Ook biedt het platform voor het monitoren van gewapend geweld actuele inzichten in vuurwapengerelateerde incidenten. De vertegenwoordigers van Moldavische en Oekraïense instanties nemen regelmatig deel aan vergaderingen van SALW-commissies en relevante instanties in Zuidoost- en Oost-Europa en vergaderingen van het Zuid-Europees netwerk van vuurwapendeskundigen, en doen dus ook hun voordeel met de informatie die wordt gedeeld en de kennis die wordt uitgewisseld in de regio op strategisch en operationeel niveau. Ze plukken ook de vruchten van de activiteiten op het gebied van capaciteitsopbouw, zoals de harmonisatie van de wetgeving met het EU-acquis, onlineonderzoeken en de bestrijding van illegale wapenhandel op het darknet.
Deze component bouwt rechtstreeks voort op de uitvoering van Besluit (GBVB) 2018/1788 en zal de capaciteiten van de instanties in de Republiek Moldavië en Oekraïne om de illegale handel in vuurwapens, munitie en explosieven te bestrijden, versterken. De bijstand betreft vooral de ontwikkeling van operationele standaardprocedures die nodig zijn voor betere opsporing en onderzoeken, en de verstrekking van uitrusting en opleiding. Er wordt uitgegaan van gedetailleerde behoefteanalyses op basis van de door het Seesac ontwikkelde en reeds in de Westelijke Balkan gebruikte methodiek, met een analyse van de juridische en beleidskaders, bestaande procedures, en uitrusting en institutionele en administratieve capaciteiten. Er wordt momenteel gewerkt aan de behoefteanalyse voor de recherche in Moldavië (3). Dit project beoogt Moldavië te ondersteunen in lijn met de bevindingen van de behoefteanalyse, en de uitvoering van een behoefteanalyse voor Oekraïne en ondersteuning voor dit land in overeenstemming met de bevindingen van die analyse (4).
De voorgestelde activiteiten zullen de bestaande door de Unie ondersteunde acties in Zuidoost-Europa aanvullen en nauw hierop worden afgestemd, met name de acties van de OVSE, Europol, Frontex en Interpol en de operationele actieplannen van het onderdeel vuurwapens van Empact. Tot slot zullen de activiteiten van deze component bijdragen aan de uitvoering van de EU-strategie tegen illegale vuurwapens, handvuurwapens en lichte wapens en munitie daarvoor en het EU-actieplan 2020-2025 inzake illegale vuurwapenhandel.
Dit zal worden bereikt door:
|
— |
te analyseren aan welke capaciteiten behoefte is voor de bestrijding van illegale wapenhandel in Oekraïne; |
|
— |
advies, uitrusting en opleiding te verstrekken aan instanties in Moldavië en Oekraïne, in lijn met de bevindingen van de behoefteanalyses. |
Projectresultaten/uitvoeringsindicatoren:
|
— |
er is een analyse uitgevoerd van de behoeften van rechtshandhavingsinstanties in Oekraïne bij de bestrijding van illegale wapenhandel; |
|
— |
er zijn relevante operationele standaardprocedures ontwikkeld; |
|
— |
er is uitrusting aangeschaft voor het aan banden leggen van illegale wapenhandel; |
|
— |
er zijn opleidingen georganiseerd. |
3.4. Ontwikkeling van de capaciteiten van rechtshandhavingsdiensten, waaronder ballistische laboratoria en douanediensten van de Westelijke Balkan om de illegale handel in en het illegale bezit van vuurwapens tegen te gaan
Doel
De dreiging die uitgaat van de illegale handel in vuurwapens beperken door de capaciteiten van ballistische laboratoria te versterken en de behoeften van douanediensten in het kader van geïntegreerd grensbeheer in kaart te brengen.
Beschrijving
Conform de aanbeveling in Besluit (GBVB) 2018/1778 om de behoeften van de recherche in de Westelijke Balkan te evalueren en de aanbeveling in de Besluiten (GBVB) 2016/2356 en 2018/1778 om ballistische laboratoria beperkt te ondersteunen bij de instelling van contactpunten voor vuurwapens, en ter aanvulling van de bijstand aan geselecteerde ballistische laboratoria door middel van door het UNDP uitgevoerde projecten (5), zal gerichte steun worden verleend voor capaciteitsontwikkeling bij ballistische laboratoria. Ballistische laboratoria spelen een cruciale rol bij het analyseren van bewijsmateriaal in verband met het illegale bezit van, het misbruik van en de illegale handel in SALW. Deze component zal helpen de praktijken in de regio te standaardiseren en een efficiëntere berechting van strafzaken in verband met het illegale bezit van, het misbruik van en de illegale handel in SALW schragen.
Uit besprekingen van het Zuid-Europees netwerk van vuurwapendeskundigen, waar douaneambtenaren uit heel Zuidoost-Europa regelmatig samenkomen met onderzoekers, ballistische experts, grenswachten en openbaar aanklagers, hun regelmatige bijdrage aan de door het Seesac georganiseerde jaarlijkse vergaderingen inzake grensbeheer, en de resultaten en aanbevelingen van de analyses van capaciteitsbehoeften van de grenspolitiekorpsen in de Westelijke Balkan, en met het oog op de EU-normen inzake geïntegreerd grensbeheer die zijn overgenomen in de desbetreffende strategieën van rechtsgebieden in de Westelijke Balkan, is gebleken dat douaneautoriteiten betrokken moeten worden bij activiteiten op het gebied van grensbeheer, als belangrijk onderdeel van de strijd tegen de illegale handel in vuurwapens. Verschillende douaneautoriteiten in de Westelijke Balkan hebben hier vervolgens ook specifiek om verzocht. Afgezien van hun deelname aan regionale processen zijn de douaneautoriteiten in de meeste rechtsgebieden niet betrokken geweest bij activiteiten voor capaciteitsopbouw in verband met de opsporing van vuurwapens, essentiële onderdelen, munitie en explosieven bij grensposten, en het is van cruciaal belang dat de grenspolitie en douaneautoriteiten gezamenlijk en gecoördineerd optreden tegen alle criminele activiteiten in verband met de illegale handel in vuurwapens. Daarom wordt voor de douaneautoriteiten een soortgelijke aanpak voorgesteld, op basis van de beste praktijken die eerder zijn toegepast en nog steeds worden toegepast voor de grenspolitie en de recherche, uit hoofde van de Besluiten (GBVB) 2018/1788 en 2019/2111 van de Raad.
Dit zal worden bereikt door:
|
— |
de capaciteitsontwikkeling van ballistische laboratoria te ondersteunen; |
|
— |
te analyseren aan welke capaciteiten douaneautoriteiten behoefte hebben om de illegale handel in vuurwapens tegen te gaan. |
Projectresultaten/uitvoeringsindicatoren:
|
— |
ballistische laboratoria hebben uitrusting en opleiding gekregen; |
|
— |
er is een behoefteanalyse uitgevoerd. |
4. Begunstigden
De directe begunstigden van het project zijn de instanties die belast zijn met SALW-beheersing in de Westelijke Balkan. De autoriteiten van Binnenlandse Zaken, politie, grenswacht en douane van de Republiek Albanië, BiH, Kosovo, Montenegro, Servië, Noord-Macedonië, de Republiek Moldavië en Oekraïne zullen gebruik kunnen maken van de adviesverlening en de coördinerende en monitoringsinspanningen, of de capaciteits- en kennisontwikkeling, verbeterde procedures en gespecialiseerde, kostenefficiënte uitrusting die nodig zijn voor beleidsmatige, operationele en technische ontwikkelingen op het gebied van SALW-beheersing. De voorgestelde activiteiten liggen volledig in lijn met de routekaart en de prioriteiten van de partners op het gebied van SALW-beheersing.
Dit project zal indirect ook de bevolking van de Westelijke Balkan, Oost-Europa en de Unie, die bedreigd wordt door de grootschalige SALW-proliferatie, ten goede komen.
5. Zichtbaarheid van de Unie
Het Seesac maakt met passende maatregelen bekend dat de Unie de actie heeft gefinancierd. Die maatregelen worden getroffen aan de hand van de handleiding communicatie en zichtbaarheid van de Commissie voor het externe optreden van de Europese Unie. Het Seesac zal zorg dragen voor de zichtbaarheid van de bijdrage van de Unie door middel van gepaste profilering en publiciteit, en op die manier de rol van de Unie benadrukken, de transparantie van het optreden verzekeren en bekendheid geven aan de redenen die aan het besluit ten grondslag liggen, evenals aan de Unie-steun voor het besluit en de resultaten waartoe die steun heeft geleid. Op het voor het project geproduceerde materiaal zal de vlag van de Europese Unie duidelijk zichtbaar zijn, overeenkomstig de richtsnoeren van de Unie voor het juiste gebruik en de juiste weergave van de vlag.
Aangezien de voorgenomen maatregelen sterk verschillen qua reikwijdte en aard zal er op verschillende manieren aandacht worden gevraagd voor het project, waaronder via traditionele media, websites, sociale media, en informatie- en promotiemateriaal zoals infographics, folders, nieuwsbrieven, persmededelingen en ander materiaal, naargelang het geval. Op de in het kader van dit project gefinancierde publicaties, publieke evenementen, campagnes, uitrusting en bouwwerken zal de nodige informatie worden vermeld. Teneinde de impact van het project te vergroten door middel van bewustmaking van de diverse nationale regeringen en de bevolking, de internationale gemeenschap en de lokale en internationale media, wordt iedere doelgroep in de juiste taal aangesproken. Er zal bijzondere nadruk worden gelegd op nieuwe media en aanwezigheid op het internet.
6. Looptijd
Op basis van de ervaring met de uitvoering van de Besluiten 2002/842/GBVB, 2010/179/GBVB, 2013/730/GBVB, (GBVB) 2016/2356 en (GBVB) 2018/1788 en gezien de regionale reikwijdte van het project, het aantal begunstigden en het aantal en de complexiteit van de voorgenomen activiteiten, is voor de uitvoering 36 maanden uitgetrokken.
7. Algemene opzet
De technische uitvoering van deze actie is toevertrouwd aan het UNDP, dat handelt namens het Seesac, het regionaal initiatief dat werkt in het kader van het mandaat van het UNDP en van de RCC. Als uitvoerende instantie van het regionaal uitvoeringsplan tegen de verspreiding van SALW fungeert het Seesac derhalve als aanspreekpunt voor alles in verband met SALW in de regio Zuidoost-Europa, waaronder de coördinatie van de uitvoering van de regionale routekaart.
Het UNDP draagt, namens het Seesac, de algemene verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de projectactiviteiten en moet verantwoording afleggen voor de uitvoering van het project. De looptijd van het project is drie jaar (36 maanden).
8. De partners
Het Seesac voert de actie rechtstreeks uit in nauwe samenwerking met SALW-commissies en met de autoriteiten van Binnenlandse Zaken van Albanië, BiH, Kosovo, Montenegro, Servië, Noord-Macedonië en de Republiek Moldavië en relevante instanties in Oekraïne. Andere instanties zullen nauw bij het project worden betrokken, in overeenstemming met de vertrouwde holistische multistakeholderaanpak van SALW-beheersing.
9. Rapportering
De inhoudelijke en financiële verslaglegging heeft betrekking op de volledige actie die wordt beschreven in de betreffende overeenkomst voor de bijdrage en de bijbehorende begroting, ongeacht of de actie volledig of gedeeltelijk door de Commissie wordt gefinancierd.
Er worden inhoudelijke kwartaalverslagen ingediend om de vooruitgang met betrekking tot het bereiken van de kernresultaten te registreren en te volgen.
(1) Stuurgroep voor de uitvoering van het regionaal uitvoeringsplan voor Zuidoost-Europa tegen de verspreiding van SALW’s.
(2) Het Seesac steunt de uitvoering van het Unoda-project “Gendermainstreaming in beleid, programma’s en acties in de strijd tegen handel in en misbruik van handvuurwapens, in overeenstemming met de agenda voor vrouwen, vrede en veiligheid” , ter uitvoering van Besluit (GBVB) 2018/2011 van de Raad van 17 december 2018.
(3) Deze analyses worden uitgevoerd in het kader van Besluit (GBVB) 2018/1788 van de Raad.
(4) De uit hoofde van Besluit (GBVB) 2018/1788 van de Raad geplande analyse van de capaciteiten voor de bestrijding van de illegale wapenhandel voor Oekraïne is nog niet uitgevoerd.
(5) Projecten die worden gefinancierd door het multipartnertrustfonds voor de Westelijke Balkan.
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/164 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2322 VAN DE COMMISSIE
van 21 november 2022
tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 betreffende bepaalde noodmaatregelen in verband met uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza in bepaalde lidstaten
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 8542)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (“diergezondheidswetgeving”) (1), en met name artikel 259, lid 1, punt c),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Hoogpathogene aviaire influenza (HPAI) is een besmettelijke virale ziekte bij vogels die ernstige gevolgen kan hebben voor de rentabiliteit van pluimveehouderijen en die de handel binnen de Unie en de uitvoer naar derde landen verstoort. HPAI-virussen kunnen trekvogels besmetten, die deze virussen vervolgens tijdens hun trek in de herfst en in de lente over lange afstanden kunnen verspreiden. De aanwezigheid van HPAI-virussen bij wilde vogels vormt derhalve een voortdurende bedreiging wat betreft de directe en indirecte insleep van deze virussen in bedrijven waar pluimvee of in gevangenschap levende vogels worden gehouden. Bij een uitbraak van HPAI bestaat het risico dat de ziekteverwekker wordt verspreid naar andere bedrijven waar pluimvee of in gevangenschap levende vogels worden gehouden. |
|
(2) |
Bij Verordening (EU) 2016/429 is een nieuw wetgevingskader vastgesteld voor de preventie en bestrijding van ziekten die kunnen worden overgedragen op dieren of mensen. HPAI valt onder de definitie van een in de lijst in die verordening opgenomen ziekte en is onderworpen aan de daarin vastgestelde regels inzake ziektepreventie en -bestrijding. Daarnaast vormt Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 van de Commissie (2) een aanvulling op Verordening (EU) 2016/429 wat betreft de regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten, waaronder ziektebestrijdingsmaatregelen voor HPAI. |
|
(3) |
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 van de Commissie (3) is vastgesteld in het kader van Verordening (EU) 2016/429 en bevat noodmaatregelen op het niveau van de Unie in verband met uitbraken van HPAI. |
|
(4) |
Meer in het bijzonder is in Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 bepaald dat de naar aanleiding van uitbraken van HPAI door de lidstaten overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 ingestelde beschermings-, bewakings- en extra beperkingszones ten minste de gebieden moeten omvatten die in de lijst van de bijlage bij dat uitvoeringsbesluit als beschermings-, bewakings- en extra beperkingszones zijn opgenomen. |
|
(5) |
Naar aanleiding van uitbraken van HPAI bij pluimvee of in gevangenschap levende vogels in België, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië, Nederland en Oostenrijk die in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 moesten worden weerspiegeld, is die bijlage onlangs bij Uitvoeringsbesluit C(2022) 8308 van de Commissie (4) gewijzigd. |
|
(6) |
Sinds de datum waarop Uitvoeringsbesluit (EU) C(2022) 8308 is vastgesteld, hebben België, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië en Nederland de Commissie in kennis gesteld van verdere uitbraken van HPAI in bedrijven waar pluimvee of in gevangenschap levende vogels werden gehouden in de provincie Antwerpen in België, in de deelstaten Beieren, Hessen, Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen in Duitsland, in de departementen Côtes-d’Armor, Deux-Sèvres, Eure, Finistère, Ille-et-Vilaine, Loiret, Mayenne, Morbihan, Nord, Pas-de-Calais en Vendée in Frankrijk, in de comitaten Bács-Kiskun en Csongrád-Csanád in Hongarije, in de regio Emilia-Romagna, Lombardije en Veneto in Italië en in de provincies Noord-Brabant en Utrecht in Nederland. |
|
(7) |
Voorts heeft Ierland de Commissie in kennis gesteld van een uitbraak van HPAI in een bedrijf waar pluimvee werd gehouden in het graafschap Monaghan van die lidstaat. |
|
(8) |
Daarnaast heeft Kroatië de Commissie in kennis gesteld van een uitbraak van HPAI in een bedrijf waar pluimvee of in gevangenschap levende vogels werden gehouden in de provincie Zagreb van die lidstaat. |
|
(9) |
De bevoegde autoriteiten van België, Duitsland, Ierland, Frankrijk, Kroatië, Italië, Hongarije en Nederland hebben de nodige ziektebestrijdingsmaatregelen genomen overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687, waaronder de instelling van beschermings- en bewakingszones rond die uitbraken. |
|
(10) |
Daarnaast heeft de bevoegde autoriteit van Frankrijk besloten om naast de beschermings- en bewakingszones die zijn ingesteld voor bepaalde uitbraken in die lidstaat, extra beperkingszones in te stellen. |
|
(11) |
Voorts bevindt één in Frankrijk bevestigde uitbraak zich in de onmiddellijke nabijheid van de grens met België. De bevoegde autoriteiten van die lidstaten hebben vervolgens naar behoren samengewerkt met betrekking tot de instelling van de noodzakelijke bewakingszone overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687, aangezien die bewakingszone zich uitstrekt tot op het grondgebied van België. |
|
(12) |
Verder bevindt de uitbraak die in Ierland is bevestigd zich in de onmiddellijke nabijheid van de grens met het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland. Overeenkomstig het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (het terugtrekkingsakkoord), en met name artikel 5, lid 4, van het Protocol inzake Ierland/Noord-Ierland, in samenhang met bijlage 2 bij dat protocol, zijn Verordening (EU) 2016/429 en de daarop gebaseerde handelingen van de Commissie na het einde van de in het terugtrekkingsakkoord bedoelde overgangsperiode van toepassing op en in het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland. |
|
(13) |
Bijgevolg zijn de in Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 vastgestelde noodmaatregelen van toepassing in het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland. De bevoegde autoriteiten van Ierland en van het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland hebben daarom naar behoren samengewerkt bij de instelling van de nodige beschermings- en bewakingszones overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687, aangezien de beschermings- en bewakingszones voor de in Ierland bevestigde uitbraak zich uitstrekken tot het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland. |
|
(14) |
De Commissie heeft de door België, Duitsland, Ierland, Frankrijk, Kroatië, Italië, Hongarije, Nederland en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland genomen ziektebestrijdingsmaatregelen in samenwerking met die lidstaten en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland bestudeerd en heeft geconstateerd dat de grenzen van de beschermings- en bewakingszones in België, Duitsland, Ierland, Frankrijk, Kroatië, Italië, Hongarije, Nederland en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland, die door de bevoegde autoriteiten van die lidstaten en van het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland zijn ingesteld, op voldoende afstand liggen van de bedrijven waar de uitbraken van HPAI zijn bevestigd. |
|
(15) |
In de bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 zijn voor Ierland, Kroatië en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland momenteel geen gebieden opgenomen als beschermings- en bewakingszones. |
|
(16) |
Om te voorkomen dat de handel in de Unie onnodig wordt verstoord en om te vermijden dat derde landen ongerechtvaardigde handelsbelemmeringen opwerpen, moeten de door België, Duitsland, Ierland, Frankrijk, Kroatië, Italië, Hongarije, Nederland en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland ingestelde beschermings- en bewakingszones in samenwerking met die lidstaten en met het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland, en de door Frankrijk ingestelde extra beperkingszones overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 snel op het niveau van de Unie worden vastgesteld. |
|
(17) |
Daarom moeten de gebieden die in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 voor België, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië en Nederland als bewakingszones zijn opgenomen, en de gebieden die daarin voor Frankrijk als extra beperkingszones zijn opgenomen, worden gewijzigd. |
|
(18) |
Daarnaast moeten in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 voor Ierland, Kroatië en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland beschermings- en bewakingszones worden opgenomen. |
|
(19) |
De bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 moet derhalve worden gewijzigd om de regionalisering op het niveau van de Unie bij te werken om rekening te houden met de overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 door België, Duitsland, Ierland, Frankrijk, Kroatië, Italië, Hongarije, Nederland en het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland ingestelde beschermings- en bewakingszones en de door Frankrijk ingestelde extra beperkingszones alsmede de duur van de daarin geldende maatregelen aan te geven. |
|
(20) |
Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(21) |
Gezien de urgentie van de epidemiologische situatie in de Unie wat de verspreiding van HPAI betreft, is het belangrijk dat de wijzigingen die bij dit besluit in Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 worden aangebracht, zo spoedig mogelijk in werking treden. |
|
(22) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 21 november 2022.
Voor de Commissie
Stella KYRIAKIDES
Lid van de Commissie
(1) PB L 84 van 31.3.2016, blz. 1.
(2) Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 van de Commissie van 17 december 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten betreft (PB L 174 van 3.6.2020, blz. 64).
(3) Uitvoeringsbesluit (EU) 2021/641 van de Commissie van 16 april 2021 betreffende bepaalde noodmaatregelen in verband met uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza in bepaalde lidstaten (PB L 134 van 20.4.2021, blz. 166).
(4) Uitvoeringsbesluit C(2022) 8308 van de Commissie van 14 november 2022 tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2021/641 betreffende bepaalde noodmaatregelen in verband met uitbraken van hoogpathogene aviaire influenza in bepaalde lidstaten.
BIJLAGE
“BIJLAGE
Deel A
In de artikelen 1 en 2 bedoelde beschermingszones in de betrokken lidstaten (*):
Lidstaat: België
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
BE-HPAI(P)-2022-00009 |
Die delen van de gemeenten Baarle-Hertog en Hoogstraten die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 4,770673 breedte 51,436901. |
18.11.2022 |
|
BE-HPAI(P)-2022-00010 |
Die delen van de gemeenten Kasterlee, Lille, Turnhout en Vosselaar die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 4,930419 breedte 51,27616. |
30.11.2022 |
Lidstaat: Bulgarije
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Region: Haskovo |
||
|
BG-HPAI(P)-2022-00021 |
The following village in the Haskovo municipality: Krivo pole, Koren and Momino |
23.11.2022 |
Lidstaat: Denemarken
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
DK-HPAI(P)-2022-00006 |
The parts of Slagelse municipality that are contained within a circle of radius 3 km, centered on GPS coordinates N 55,2347; E 11,3952 |
5.12.2022 |
|
DK-HPAI(NON-P)-2022-00148 |
The parts of Sønderborg municipality that are contained within a circle of radius 3 km, centered on GPS coordinates N 54,9365; E 9,9795 |
20.11.2022 |
Lidstaat: Duitsland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
||||||||||||
|
BAYERN |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01198 |
Kreis Miltenberg 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9.178982/49.740677 Betroffen ist die Stadt Klingenberg a. Main mit der Gemarkung Trennfurt und Röllfeld sowie die Gemeinden Großheubach, Kleinheubach, Rüdenau und Laudenbach |
28.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00088 |
Landkreis Landshut 3 km um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12,469717/48,465004 Betroffen sind Gemeinden oder Teile der Gemeinden Aham Bodenkirchen Schalkham |
3.12.2022 |
||||||||||||
|
Landkreis Rottal-Inn 3 km um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12,469717/48,465004 Betroffen sind Teile der Gemeinde Gangkofen. |
3.12.2022 |
|||||||||||||
|
HESSEN |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00086 |
Landkreis Gießen 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinde Hungen |
30.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01198 |
Landkreis Odenwald In der Gemeinde Michelstadt die Gemarkung Vielbrunn östlich der Langestein-Schneise und der K 94 ab dem Abzweig zur Alten Laudenbacher Straße |
28.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00086 |
Wetteraukreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinden Wölfersheim, Echzell und Nidda |
30.11.2022 |
||||||||||||
|
NIEDERSACHSEN |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00089 |
Landkreis Aurich 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS-Koordinaten 7.649228/53.428679 Betroffen sind Teile der Gemeinden Großefehn und Wiesmoor |
8.12.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00066 DE-HPAI(P)-2022-00071 DE-HPAI(P)-2022-00073 DE-HPAI(P)-2022-00074 DE-HPAI(P)-2022-00075 DE-HPAI(P)-2022-00078 |
Landkreis Emsland Union der 3 km- Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS Koordinaten:
Betroffen sind Teile der Gemeinden Börger, Breddenberg, Esterwegen und Lorup. |
20.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00079 |
Landkreis Osnabrück 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.103891/52.330964 Betroffen sind Teile der Gemeinden Belm, Bissendorf, Bohmte, Bramsche, Ostercappeln, Wallenhorst und der Stadt Osnabrück. |
22.11.2022 |
||||||||||||
|
NORDRHEIN-WESTFALEN |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00085 |
Kreis Kleve 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 6.441599/51.772975) Betroffen sind Teile:
|
26.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00080 |
Oberbergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.710063/50.961332) Betroffen sind Teile:
|
23.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00084 |
Oberbergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.685763/50.834267) Betroffen sind Teile:
|
29.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00087 |
Rheinisch Bergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.111490/50.982802) Betroffen sind Teile:
|
25.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01219 |
Rhein-Sieg-Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.640940/50.800340) Betroffen sind Teile:
|
27.11.2022 |
||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00081 |
Kreis Siegen-Wittgenstein 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.980232/50.871116) Betroffen sind Teile:
|
19.11.2022 |
||||||||||||
|
RHEINLAND-PFALZ |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00084 DE-HPAI(NON-P)-2022-01219 |
Kreis Altenkirchen Union der 3 km-Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS Koordinaten:
Betroffen sind die Stadt Wissen und die Ortsgemeinde Birken-Honigsessen, jeweils ausserhalb der Ortslage Richtung Kreisgrenze zu NRW sowie die Ortsgemeinden Forst und Fürthen |
15.12.2022 |
||||||||||||
|
SCHLESWIG-HOLSTEIN |
||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00082 |
Hansestadt Lübeck Ausgehend im Norden von An der Bundesstr. Haus-Nr. 12 die Stadtgrenze nach Osten entlang bis zur Schwartauer Landstr., Schwartauer Allee bis zu und weiter auf Bei der Lohmühle, Schönböckener Str., Steinrader Damm bis Hofland, Hofland bis zur Kieler Str., Kieler Str. nach Nordwesten bis zum Kreisverkehr, Steinrader Hauptstr. bis zur Stadtgrenze, die Stadtgrenze entlang nach Norden bis zu An der Bundesstr. Haus-Nr. 12 |
24.11.2022 |
||||||||||||
|
Kreis Ostholstein Die in Folge beschriebenen Gebieten in den Gemeinden Stockelsdorf und Bad Schwartau: Entlang der L 185 ab dem Ortsteil Pohnsdorf Richtung Westen; über die Mühlenstraße und die Hindenburgstraße weiter über den Cleverhofer Weg bis zur Kreisgrenze zur Stadt Lübeck. Der Kreisgrenze folgend bis im Bereich der L 332 (Kreisgrenze zum Kreis Segeberg) entlang dem Fluss Heilsau Richtung Krumbecker Hof. Im Ortsteil Obernwohlde über die Straße “Am Brink” Richtung Arfrade. Entlang der Clever Au bis zur L 185 im Bereich Pohnsdorf. |
24.11.2022 |
|||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00083 |
Kreis Rendsburg-Eckernförde 3 km Radius um Primär-Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,799269/54,237815 Teile der Gemeinden Emkendorf, Bokel und Groß Vollstedt |
1.12.2022 |
||||||||||||
Lidstaat: Ierland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
IE-HPAI(P)-2022-00001 |
That part of the County of Monaghan that comprises the townlands of Largy, lying partly in the Electoral Division of Clones Rural and partly in the Electoral Division of Clones Urban, Aghafin, Atartate Glebe, Burdautien, Carney’s Island, Carrivatragh, Cavan, Clonkirk, Clonkee (Cole), Corraghy, Creevaghy, Drumard, Edenaforan, Gortnawhinny, Legnakelly, Leonard’s Island, Liseggerton, Lisnaroe Near, Lisoarty, Longfield, Magheramore, Mullanacloy, Shanamullen South, Tanderagee, Tirnahinch Near, Tirnahinch Far, all in the Electoral Division of Clones Rural, and Carrickmore and Drumadagory, all in the Electoral Division of St. Tierney |
7.12.2022 |
Lidstaat: Frankrijk
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Département: Côtes-d'Armor (22) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01406 |
ÉRÉAC MÉRILLAC MERDRIGNAC LE MENÉ SAINT-VRAN SAINT-LAUNEUC |
23.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01413 |
HILLION LANGUEUX |
22.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01419 FR-HPAI(P)-2022-01425 |
CALORGUEN EVRAN LE QUIOU SAINT-ANDRE-DES-EAUX SAINT-JUVAT SAINT-MADEN TREFUMEL TREVRON |
8.12.2022 |
|
Département: Eure (27) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00354 |
LA HAYE-SAINT-SYLVESTRE MELICOURT MESNIL-ROUSSET NOTRE-DAME-DU-HAMEL SAINT-PIERRE-DE-CERNIERES |
7.12.2022 |
|
Département: Finistère (29) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01421 |
HENVIC TAULE |
4.12.2022 |
|
Département: Ille-et-Vilaine (35) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01418 |
RANNEE à l'est de la D95 et au sud des lignes de la belle etoile |
30.11.2022 |
|
Département: Indre (36) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01412 |
AIZE: Sud de D31 et route entre Moulin Bailly et Aize BUXEUIL: Sud de D960 ROUVRES LES BOIS |
24.11.2022 |
|
Département: Loiret (45) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01420 |
AUVILLIERS-EN-GÂTINAIS BEAUCHAMPS-SUR-HUILLARD CHAILLY-EN-GÂTINAIS CHÂTENOY COUDROY NOYERS |
2.12.2022 |
|
Département: Mayenne (53) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01418 |
BRAINS-SUR-LES-MARCHES FONTAINE-COUVERTE LA ROUAUDIERE SAINT-AIGNAN-SUR-ROE SAINT-MICHEL-DE-LA-ROE |
30.11.2022 |
|
Département: Morbihan (56) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01422 |
EVELLYS -Partie de la commune à l’est de la D767 jusqu’à Siviac puis à l’est de la route allant à Naizin puis au sud de la D203 MOREAC — Partie de la commune à l’est de la D767 jusqu’à Porh Legal puis au nord de la D181 jusqu’à Keranna puis au nord de la route allant de Keranna à Kervalo en passant par Le Petit Kerimars, Bolcalpère et le Faouët d’En Haut REGUINY — Partie de la commune au sud de la D203 jusqu’à Le Pont Saint Fiacre |
6.12.2022 |
|
Département: Nord (59) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01423 |
NEUF-BERQUIN STEENWERCK ESTAIRES LE DOULIEU |
8.12.2022 |
|
Département: Orne (61) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00339 FR-HPAI(NON-P)-2022-00342 |
AUBRY-LE-PANTHOU CAMEMBERT CHAMPOSOULT LA FRESNAIE-FAYEL FRESNAY-LE-SAMSON GUERQUESALLES MARDILLY NEUVILLE-SUR-TOUQUES ROIVILLE SAP-EN-AUGE GUFFERN-EN-AUGE zone nord au-dessus de la D14, puis D16 entre Le bourg Saint-Léonard et Chambois et D3 jusqu'à la limite de la commune TICHEVILLE |
18.11.2022 |
|
Département: Pas-de Calais (62) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01427 |
ALLOUAGNE BURBURE CHOQUES GONNEHEM LABEUVRIERE LAPUGNOY LILLERS LOZINGHEM |
8.12.2022 |
|
Département: Seine-et-Marne (77) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00304 |
FAVIERES JOSSIGNY NEUFMOUTIERS EN BRIE VILLENEUVE LE COMTE VUILLENEUVE EN BRIE |
19.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01403 |
BOMBON LA CHAPELLE-GAUTHIER LA CHAPELLE-RABLAIS FONTENAILLES GRANDPUITS-BAILLY-CARROIS NANGIS SAINT-OUEN-EN-BRIE |
18.11.2022 |
|
Département: Deux-Sèvres (79) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01397 |
COULONGES-SUR-L'AUTIZE SAINT-MAIXENT-DE-BEUGNE |
19.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01411 FR-HPAI(P)-2022-01415 |
L'ABSIE LE BUSSEAU LA CHAPELLE-SAINT-ETIENNE COULONGES-SUR-L’AUTIZE LARGEASSE SAINT-MAIXENT-DE-BEUGNE SAINT-PAUL-EN-GATINE TRAYES VERNOUX-EN-GATINE |
28.11.2022 |
|
Département: Vendée (85) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01397 FR-HPAI(P)-2022-01408 |
SAINT HILAIRE DES LOGES au nord de la D745 L'ORBRIE MERVENT SAINT-MICHEL-LE-CLOUCQ FOUSSAIS PAYRE à l'est de la D49 |
18.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01409 |
CHAMPAGNE-LES-MARAIS LUCON MOREILLES PUYRAVAULT SAINTE-DEMME-LA-PLAINE SAINTE-RADEGONDE-DES-NOYERS |
18.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01410 |
BREUIL-BARRET LA CHAPELLE-AUX-LYS LOGE-FOUGEREUSE SAINT-HILAIRE-DE-VOUST |
22.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01416 |
BREM-SUR-MER LANDEVIEILLE SAINT-JULIEN-DES-LANDES VAIRE |
27.11.2022 |
Lidstaat: Kroatië
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
||||||
|
Zagreb |
||||||||
|
HR-HPAI(P)-2022-00007 |
|
6.12.2022 |
||||||
|
Zagrebačka županija |
||||||||
|
HR-HPAI(P)-2022-00007 |
|
6.12.2022 |
||||||
Lidstaat: Italië
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Region: Veneto |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00029 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.753972, E12.149041 |
25.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00031 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.9193668, E12.4351595 |
24.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00033 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.211179, E11.272346 |
29.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00034 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.221390806, E11.04331334 |
2.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00036 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.771464, E12.147417 |
29.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00037 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.741660, E12.452298 |
29.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00039 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N 44.964074644, E12.282057809 |
5.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00040 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.233473, E11.657231 |
1.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00042 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.296865835, E10.878880005 |
4.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00043 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.504494974, E12.616275373 |
3.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00045 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.380764707, E11.07799142 |
10.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00047 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.966036, E12.305402 |
14.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00048 |
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.393604155, E11.098068838 |
10.12.2022 |
|
Region: Lombardia |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00030 |
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.098875, E8.81998199999998 |
21.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00032 |
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.049383, E10.35708 |
29.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00041 |
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.040236, E10.36325 |
3.12.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00046 |
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.033964, E10.302944 |
10.12.2022 |
|
Region: Emilia Romagna |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00028 |
The area of the parts of Emilia Romagna Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.714462, E11.926653 |
20.11.2022 |
|
IT-HPAI(P)-2022-00044 |
The area of the parts of Emilia Romagna Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.79259, E10.930896 |
5.12.2022 |
|
Region: Friuli Venezia Giulia |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00035 |
The area of the parts of Friuli Venezia Giulia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.962481, E12.606420 |
26.11.2022 |
Lidstaat: Hongarije
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Bács-Kiskun megye |
||
|
HU-HPAI(P)-2022-00211 HU-HPAI(P)-2022-00216 HU-HPAI(P)-2022-00219 HU-HPAI(P)-2022-00225 |
Bugac, Bugacpusztaháza, Fülöpjakab, Jakabszállás és Móricgát települések települések közigazgatási területeinek a 46.67844 és 19.65301 és a 46.679183 és a 19.663134, 46.686318 és a 19.661755, valamint a 46.695600 és a 19.681280 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
7.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00212 |
Kiskunmajsa település közigazgatási területének a 46.48998 és a 19.77264 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
26.11.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00217 HU-HPAI(P)-2022-00226 |
Jászszentlászló, Kiskunmajsa, Móricgát és Szank települések közigazgatási területeinek a 46.544237 és a 19.741665, a 46.544237 és a 19.741665, valamint a 46.569793 és a 19.692088 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
8.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00215 HU-HPAI(P)-2022-00218 HU-HPAI(P)-2022-00220-00221 HU-HPAI(P)-2022-00223-00224 HU-HPAI(P)-2022-00227-00228 |
Bócsa és Bugac, Bugacpusztaháza és Szank települések közigazgatási területeinek a 46.627319 és a 19.536083, 46.626416 és a 19.545777, a 46.630891 és a 19.536630, a 46.619573 és a 19.537445, a 46.622916 és a 19.537992, a 46.645837 és a 19.513270, a 46.640484 és a 19.524528, valamint a 46.641252 és a 19.532421 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
8.12.2022 |
|
Csongrád-Csanád megye |
||
|
HU-HPAI(P)-2022-00213 |
Algyő, Sándorfalva és Szeged települések közigazgatási területeinek a 46.353600 és a 20.173300 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
25.11.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00214 HU-HPAI(P)-2022-00222 |
Szentes település közigazgatási területének 46.647079 és a 20.325001, valamint a 46.664455 és a 20.294252 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
3.12.2022 |
Lidstaat: Nederland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
BE-HPAI(P)-2022-00009 |
Die delen van de gemeente Turnhout die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,77067 breedte 51,436901. |
19.11.2022 |
|
NL-HPAI(P)-2022-00082 |
Die delen van de gemeente Deurne die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,87 breedte 51,37. |
18.11.2022 |
|
NL-HPAI(P)-2022-00083 |
Die delen van de gemeente Noardeast-Fryslân die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 6,12 breedte 53,3. |
21.11.2022 |
|
NL-HPAI(P)-2022-00084 |
Die delen van de gemeente Nederweert die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,81 breedte 51,3. |
22.11.2022 |
|
NL-HPAI(P)-2022-00085 |
Die delen van de gemeente Nederweert die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,59 breedte 51,65. |
2.12.2022 |
|
NL-HPAI(NON-P)-2022-00736 |
Die delen van de gemeente Woerden die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,84 breedte 52,13. |
2.12.2022 |
Lidstaat: Oostenrijk
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
STEIERMARK |
|
|
|
AT-HPAI(NON-P)-2022- 00021 |
Bezirk Graz-Umgebung: in der Gemeinde Kumberg die Katastralgemeinden Gschwendt, Hofstätten, Kumberg und Rabnitz und in der Gemeinde Eggersdorf bei Graz die Katastralgemeinden Hart bei Eggersdorf, Haselbach und Purgstall |
3.12.2022 |
Verenigd Koninkrijk (Noord-Ierland)
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 39 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
IE-HPAI(P)-2022-00001 |
Those parts of County Fermanagh contained within a circle of a radius of three kilometres, centred on GPS coordinates N 54,2073 and E -7,2153 |
7.12.2022 |
Deel B
In de artikelen 1 en 3 bedoelde bewakingszones in de betrokken lidstaten (*):
Lidstaat: België
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
BE-HPAI(NON-P)-2022-00150 |
Die delen van de gemeenten Assenede, Eeklo, Evergem, Gent, Kaprijke, Lievegem, Lochristi, Wachtebeke en Zelzate die zich uitstrekken voorbij het in de beschermingszone beschreven gebied en zich bevinden binnen een cirkel met een straal van tien kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 3,72485, breedte 51,16128. |
18.11.2022 |
|
Die delen van de gemeenten Assenede, Evergem en Gent die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 3,72485 breedte 51,16128. |
10.11.2022-18.11.2022 |
|
|
BE-HPAI(P)-2022-00008 |
Die delen van de gemeenten Baarle-Hertog, Brecht, Hoogstraten, Merksplas, Ravels, Rijkevorsel, Turnhout en Wuustwezel die zich uitstrekken voorbij het in de beschermingszone beschreven gebied en zich bevinden binnen een cirkel met een straal van tien kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,799186, breedte 51,431161. |
22.11.2022 |
|
Die delen van de gemeenten Baarle-Hertog en Hoogstraten die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 4,799186 breedte 51,431161. |
14.11.2022-22.11.2022 |
|
|
BE-HPAI(P)-2022-00009 |
Die delen van de gemeenten Baarle-Hertog, Brecht, Hoogstraten, Merksplas, Ravels, Rijkevorsel, Turnhout en Wuustwezel die zich uitstrekken voorbij het in de beschermingszone beschreven gebied en zich bevinden binnen een cirkel met een straal van tien kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,770673, breedte 51,436901. |
27.11.2022 |
|
Die delen van de gemeenten Baarle-Hertog en Hoogstraten die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 4,770673 breedte 51,436901. |
19.11.2022-27.11.2022 |
|
|
BE-HPAI(P)-2022-00010 |
Die delen van de gemeenten Arendonk, Beerse, Geel, Herentals, Kasterlee, Lille, Merksplas, Olen, Oud-Turnhout, Ravels, Retie, Turnhout, Vorselaar en Vosselaar die zich uitstrekken voorbij het in de beschermingszone beschreven gebied en zich bevinden binnen een cirkel met een straal van tien kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,930419, breedte 51,27616. |
9.12.2022 |
|
Die delen van de gemeenten Kasterlee, Lille, Turnhout en Vosselaar die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 4,930419 breedte 51,27616. |
1.12.2022-9.12.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01423 |
Die delen van de gemeente Heuvelland die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van tien kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 2,709029 breedte 50,670097. |
15.12.2022 |
Lidstaat: Bulgarije
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Region: Haskovo |
||
|
BG-HPAI(P)-2022-00021 |
The following village in the Haskovo municipality: Krivo pole, Koren and Momino |
23.11.2022-2.12.2022 |
|
The following villages in the Haskovo municipality: Elena, Knizhovnik, Malevo, Manastir, Dinevo, Rodopi, Stamboliyski, Stoykovo, Podkrepa The following villages in the Harmanli municipality: Slavyanovo, Bolyarski izvor The following villages in Stambolovo municipality: Malak izvor, Golyam izvor, Dolno Botevo, Kralevo, Gledka, Stambolovo, Tsareva polyana, Zhalti bryag |
2.12.2022 |
|
Lidstaat: Denemarken
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
DK-HPAI(P)-2022-00006 |
The parts of Slagelse and Næstved municipalities beyond the area described in the protection zone and within the circle of radius 10 kilometres, centred on GPS koordinates coordinates N 55,2347; E 11,3952 |
14.12.2022 |
|
The parts of Slagelse municipality that are contained within a circle of radius 3 km, centered on GPS coordinates N 55,2347; E 11,3952 |
6.12.2022-14.12.2022 |
|
|
DK-HPAI(NON-P)-2022-00148 |
The parts of Sønderborg municipality beyond the area described in the protection zone and within the circle of radius 10 kilometres, centred on GPS koordinates coordinates N 54,9365; E 9,9795 |
29.11.2022 |
|
The parts of Sønderborg municipality that are contained within a circle of radius 3 km, centered on GPS coordinates N 54,9365; E 9,9795 |
21.11.2022-29.11.2022 |
Lidstaat: Duitsland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
||||||||||||||||||
|
BAYERN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00088 |
Landkreis Dingolfing-Landau 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12.469717/48.465004 Betroffen sind Gemeinden oder Teile der Gemeinden Frontenhausen und Marklkofen. |
12.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Landshut 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12.469717/48.465004 Betroffen sind Gemeinden oder Teile der Gemeinden Adlkofen, Aham, Bodenkirchen, Geisenhausen, Gerzen, Kröning, Schalkam, Vilsbiburg |
12.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01198 |
Landkreis Miltenberg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9.178982/49.740677 Betroffen sind die Städte und Gemeinden Erlenbach a.Main, Obernburg a.Main, Wörth a.Main, Elsenfeld mit den Gemarkungen Schippach und Rück, Eschau, Mönchberg, Röllbach, Collenberg mit der Gemarkung Reistenhausen, Bürgstadt, Miltenberg mit den Gemarkungen Wenschdorf, Mainbullau und Breitendiel, Weilbach mit den Gemarkungen Weckbach und Ohrenbach, Amorbach mit den Gemarkungen Reichartshausen und Boxbrunn im Odenwald |
7.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Miltenberg 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9.178982/49.740677 Betroffen ist die Stadt Klingenberg a. Main mit den Gemarkungen Trennfurt und Röllfeld sowie die Gemeinden Großheubach, Kleinheubach, Rüdenau und Laudenbach |
7.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00088 |
Landkreis Mühldorf 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12.469717/48.465004 Betroffen sind Teile der Gemeinde Egglkofen und der Stadt Neumarkt St. Veit |
12.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Rottal-Inn 10 km um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 12,469717/48,465004 Betroffen sind Teile der Gemeinde Gangkofen. |
12.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
HESSEN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00086 |
Landkreis Gießen 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinden Hungen, Lich und Laubach. |
9.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Gießen 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinde Hungen |
1.12.2022-9.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01198 |
Landkreis Odenwald In der Gemeinde Michelstadt die Gemarkungen Vielbrunn und Weitengesäß, in der Gemarkung Würzberg das Gebiet nördlich Mangelsbach und östlich der K 45, in der Gemeinde Bad König die Gemarkung Bad König östlich der Verbindungsstraße zwischen Kimbacher Straße und Mainstraße und östlich des Birkertsgrabens und nördlich der L 3318, die Gemarkungen Kimbach, Momart östlich der Straße Strathweg und nördlich der Hohe Straße, in der Gemarkung Fürstengrund das Gebiet östlich des Waldrandes, in der Gemeinde Lützelbach die Gemarkungen Lützel-Wiebelsbach, Breitenbrunn, Haingrund und Seckmauern, in der Gemeinde Breuberg die Gemarkung Rai-Breitenbach östlich der L 3259 und der Mühlhäuser Straße bis abzweig Kreuzstarße und südlich der Kreuzstraße und deren Verlängerung nach Osten bis zur Landesgrenze. |
7.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Odenwald In der Gemeinde Michelstadt die Gemarkung Vielbrunn östlich der Langestein-Schneise und der K 94 ab dem Abzweig zur Alten Laudenbacher Straße |
29.11.2022-7.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00086 |
Wetteraukreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinden Nidda, Ranstadt, Florstadt, Reichelsheim, Echzell, Wölfersheim, Bad Nauheim, Münzenberg und Rockenberg. |
9.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Wetteraukreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.887042/50.438181 Betroffen sind Teile der Gemeinden Wölfersheim, Echzell und Nidda |
1.12.2022-9.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
MECKLENBURG-VORPOMMERN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00082 |
Landkreis Nordwestmecklenburg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 10.634830/53.898535 Betroffen ist die Gemeinde Lüdersdorf, Ortsteil Herrnburg |
2.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
NIEDERSACHSEN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00076 |
Landkreis Aurich 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.400775/53.610321 Betroffen sind Teile der Gemeinden Berumbur, Dornum, Halbemond, Hage, Hagermarsch, Großheide, Leezdorf, Lütetsburg, Osteel, Rechtsupweg, Südbrookmerland und der Stadt Aurich. |
24.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00076 |
Landkreis Aurich 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.400775/53.610321 Betroffen sind Teile der Gemeinden Dornum und Großheide. |
16.11.2022-24.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00089 |
Landkreis Aurich 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.649228/53.428679 Betroffen sind Teile der Gemeinden Großefehn, Wiesmoor, Aurich, Ihlow, Wittmund, Friedeburg, Hesel, Firrel und Uplengen. |
17.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Aurich 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.649228/53.428679 Betroffen sind Teile der Gemeinden Großefehn und Wiesmoor. |
9.12.2022- 17.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00066 DE-HPAI(P)-2022-00071 DE-HPAI(P)-2022-00073 DE-HPAI(P)-2022-00074 DE-HPAI(P)-2022-00075 DE-HPAI(P)-2022-00078 |
Landkreis Cloppenburg Union der 10 km- Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS Koordinaten:
Betroffen sind Teile der Gemeinde Saterland und der Stadt Friesoythe. |
29.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00066 DE-HPAI(P)-2022-00071 DE-HPAI(P)-2022-00073 DE-HPAI(P)-2022-00074 DE-HPAI(P)-2022-00075 DE-HPAI(P)-2022-00078 |
Landkreis Emsland Union der 10 km-Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS Koordinaten:
Betroffen sind Teile der Gemeinden Börger, Bockhorst, Breddenberg, Esterwegen, Hilkenbrook, Lorup, Rastdorf, Sögel, Spahnharrenstätte, Surwold, Vrees, Werlte und Werpeloh. |
29.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Emsland Union der 3 km-Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS Koordinaten:
Betroffen sind Teile der Gemeinden Börger, Breddenberg, Esterwegen und Lorup. |
21.11.2022-29.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00079 |
Landkreis Osnabrück 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.103891/52.330964 Betroffen sind Teile der Gemeinden Belm und Wallenhorst und der Stadt Osnabrück. |
1.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Osnabrück 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 8.103891/52.330964 Betroffen sind Teile der Gemeinden Belm, Bissendorf, Bohmte, Bramsche, Ostercappeln, Wallenhorst und der Stadt Osnabrück. |
23.11.2022-1.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00076 |
Landkreis Wittmund 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.400775/53.610321 Betroffen sind Teile der Gemeinden Blomberg, Eversmeer, Holtgast, Ochtersum, Schweindorf, Moorweg, Nenndorf, Neuschoo, Utarp und Westerholt. |
24.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Landkreis Wittmund 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 7.400775/53.610321 Betroffen sind Teile der Gemeinden Nenndorf und Westerholt. |
16.11.2022-24.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
NORDRHEIN-WESTFALEN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00068 |
Kreis Gütersloh 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.567262/51.883038) Betroffen sind Teile:
|
12.11.2022-20.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Gütersloh 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.567262/51.883038) Betroffen sind Teile:
des Kreises Paderborn mit der Gemeinde Hövelhof und der Stadt Delbrück |
20.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00072 |
Kreis Gütersloh 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.541434/51.842651) Betroffen sind Teile:
|
13.11.2022- 21.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Gütersloh 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.541434/51.842651) Betroffen sind Teile:
|
21.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00077 |
Kreis Gütersloh 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.527468/51.845571) Betroffen sind Teile:
|
18.11.2022- 26.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Gütersloh 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.527468/51.845571) Betroffen sind Teile:
|
26.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00085 |
Kreis Kleve 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 6.441599/51.772975) Betroffen sind Teile:
|
27.11.2022-5.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Kleve 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 6.441599/51.772975) Betroffen sind Teile:
|
5.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00068 |
Stadt Münster 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.567262/51.883038) Betroffen sind Teile:
|
18.11.2022- 26.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00080 |
Oberbergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.710063/50.961332 Betroffen sind Teile:
|
24.11.2022- 2.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Oberbergischer Kreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.710063/50.961332 Betroffen sind Teile:
|
2.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00084 |
Oberbergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.685763/50.834267) Betroffen sind Teile:
|
30.11.2022-8.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Oberbergischer Kreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.685763/50.834267) Betroffen sind Teile:
|
8.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00079 |
(Ausbruch in Niedersachsen) 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 8.103891/52.330964) Betroffen sind Teile:
|
1.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01197 |
Rhein-Sieg-Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.231225/50.858356) Betroffen sind Teile:
|
18.11.2022- 26.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Rhein-Sieg-Kreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.231225/50.858356) Betroffen sind Teile:
|
26.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01219 |
Rhein-Sieg-Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.640940/50.800340) Betroffen sind Teile:
|
28.11.2022-6.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Rhein-Sieg-Kreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.640940/50.800340) Betroffen sind Teile:
|
6.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00087 |
Rheinisch Bergischer Kreis 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.111490/50.982802) Betroffen sind Teile:
|
26.11.2022-4.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Rheinisch Bergischer Kreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.111490/50.982802) Betroffen sind Teile:
|
4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00081 |
Kreis Siegen-Wittgenstein 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.980232/50.871116) Betroffen sind Teile:
|
20.11.2022-28.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Siegen-Wittgenstein 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb (GPS-Koordinaten 7.980232/50.871116) Betroffen sind Teile:
|
28.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
RHEINLAND-PFALZ |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01219 DE-HPAI(P)-2022-00080 DE-HPAI(P)-2022-00081 DE-HPAI(P)-2022-00084 |
Kreis Altenkirchen Union der 10 km Radien um die Ausbruchsbetriebe mit den GPS-Koordinaten:
Betroffen sind Verbandsgemeinden Hamm, Kirchen und Wissen sowie die Stadt Herdorf, außerdem in der Verbandsgemeinde Altenkirchen-Flammersfeld die Ortsgemeinden Werkhausen, Oberirsen, Ölsen, Wölmersen, Busenhausen, Kettenhausen, Obererbach, Heupelzen, Bachenberg, Hilgenroth, Volkerzen, Racksen, Isert, Eichelhardt, Idelberg und Helmeroth |
15.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(NON-P)-2022-01219 |
Westerwaldkreis 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb mit den GPS-Koordinaten: 7.640940/50.800340 Betroffen sind in der Gemeinde Stein-Wingert die Ortsteile Altburg und Alhausen und in der Gemeinde Mörsbach der nordwestliche Teil des Staatsforstes Hachenburg |
16.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
SCHLESWIG-HOLSTEIN |
||||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00070 |
Stadt Flensburg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind Teile der Stadt Flensburg |
20.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00069 |
Stadt Flensburg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind Teile der Stadt Flensburg |
20.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00082 |
Hansestadt Lübeck Ausgehend im Norden von An der Bundesstr. Haus-Nr. 12 die Stadtgrenze nach Osten entlang bis zur Schwartauer Landstr., Schwartauer Allee bis zu und weiter auf Bei der Lohmühle, Schönböckener Str., Steinrader Damm bis Hofland, Hofland bis zur Kieler Str., Kieler Str. nach Nordwesten bis zum Kreisverkehr, Steinrader Hauptstr. bis zur Stadtgrenze, die Stadtgrenze entlang nach Norden bis zu An der Bundesstr. Haus-Nr. 12 |
4.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Hansesatdt Lübeck Das gesamte Stadtgebiet mit Ausnahme der Stadtbezirke: Alt-Kücknitz/Dummersdorf/Roter Hahn; Pöppendorf; Ivendorf; Teutendorf; Alt-Travemünde/Rönnau; Brodten; Priwall; Krummesse; Beidendorf; Blankensee und der südöstlich des Müggenbuschwegs gelegene Teil des Stadtbezirks Strecknitz. |
25.11.2022-4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
Kreis Herzogtum Lauenburg Betroffen sind die nördlichen 150 Meter der Gemeinde Groß Schenkenberg, Gemarkung Rothenhausen, Flur 1, Flurstück 1, Flurstück 73/2 und Flurstück 76/21 angrenzend an die Hansestadt Lübeck. In der Überwachungszone des Kreises Herzogtum Lauenburg befinden sind keine Geflügelhaltungen. |
4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
Kreis Ostholstein Gemeinden/Stadt: Stockelsdorf, Bad Schwartau, Teil Ratekau, Teil Scharbeutz, Teil Ahrensbök |
4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
Kreis Ostholstein Gemeinden/Stadt: Stockelsdorf, Bad Schwartau, Teil Ratekau, Teil Scharbeutz, Teil Ahrensbök |
25.11.2022-4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00083 |
Kreis Rendsburg-Eckernförde Die Überwachungszone umfasst
|
10.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Rendsburg-Eckernförde 3 km Radius um Primär-Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,799269/54,237815 Teile der Gemeinden Emkendorf, Bokel und Groß Vollstedt |
2.12.2022-10.12.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00070 |
Kreis Schleswig-Flensburg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind die Gemeinden oder Teile der Gemeinden: Ausacker, Hürup, Husby, Maasbüll, Grundhof, Sörup, Freienwill, Großsolt, Tastrup, Ahneby, Steinbergkirche, Sterup, Dollerup, Langballig, Munkbrarup, Ringsberg, Wees, Westerholz, Mittelangeln, Schnarup, Oeversee, Havetoft, Struxdorf, Mohrkirch, Handewitt, Glücksburg |
20.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Schleswig-Flensburg 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind die Gemeinden oder Teile der Gemeinden: Ausacker, Hürup, Husby, Maasbüll, Grundhof, Sörup |
12.11.2022-20.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00069 |
Kreis Schleswig-Flensburg 10 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind die Gemeinden oder Teile der Gemeinden: Ausacker, Hürup, Husby, Maasbüll, Grundhof, Sörup, Freienwill, Großsolt, Tastrup, Ahneby, Steinbergkirche, Sterup, Dollerup, Langballig, Munkbrarup, Ringsberg, Wees, Westerholz, Mittelangeln, Schnarup, Oeversee, Havetoft, Struxdorf, Mohrkirch, Handewitt, Glücksburg |
20.11.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Schleswig-Flensburg 3 km Radius um den Ausbruchsbetrieb GPS Koordinaten 9,589444/54,751873 Betroffen sind die Gemeinden oder Teile der Gemeinden: Ausacker, Hürup, Husby, Maasbüll, Grundhof, Sörup |
12.11.2022-20.11.2022 |
|||||||||||||||||||
|
DE-HPAI(P)-2022-00082 |
Kreis Segeberg Gemeinden Pronstorf und Strukdorf |
4.12.2022 |
||||||||||||||||||
|
Kreis Stormarn Betroffen von der Überwachungszone ist jeweils das gesamte Gemeindegebiet der Gemeinden Heilshoop, Mönkhagen, Zarpen, Badendorf, Hamberge, Wesenberg, Heidekamp sowie Teile des Gemeindegebietes der Gemeinden Rehhorst, Reinfeld und Klein Wesenberg |
4.12.2022 |
|||||||||||||||||||
Lidstaat: Ierland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Monaghan County |
||
|
IE-HPAI(P)-2022-00001 |
That part of the County of Monaghan that comprises the Electoral Divisions of Killeevan and Newbliss, the Electoral Division of Clones, except for the townlands of Derryarrit and Skeatry, the Electoral Divisions of Clones Rural, Clones Urban and St. Tierney, apart from the townlands situate in the protection zone, the townlands of Aghareagh, Closdaw, Corkish, Corlougharoe, Correvan, Drumanan, Drumacreeve, Drumary, Drumcrow, Drumgramph, Drumlina, Killyeg, Lislongfield, Tullyard, all in the Electoral Division of Drum, the Electoral Division of Drumhillagh, except for the townlands of Aghaclay, Carn, Corleck, Doosky, Drumhullagh, Drumkirk, Drumleny, Liscumaskey and Latnamard, the townlands of Annaghbrack, Brookvale, Carrowbarra, Carrowbarra Island, Coolatty, Gortmore South, Liscat, Naghill, Mullabrack, Mulladuff, Mullanacross, Skeagh, Skervan, Thornhill, all in the Electoral Division of Drumsnat, the Electoral Division of Drummully except for the townlands of Annaghraw and Clontask, the townlands of Derrins and Lurganboy, all in the Electoral Division of Killynenagh, the townlands of Aghagaw, Allagesh, Annagh, Annyeeb, Aughnahunshin, Corrinshigo, Crenlough, Drumslavog, Formoyle, Gortmore North, Graffagh, Killytur, Killydonnelly and Mullatagorry, all in the Electoral Division of Scotstown, the townlands of Cornacreeve, Cornaguillagh, Derrynahesco, Kilmore West, Lennaght and Sruveel, all in the Electoral Division of Sheskin, the townlands of Carolina, Crover, Drumaghkeel, Drumskelt, Drumgristin, Feagh, and Mullymagaraghan, all in the Electoral Division of Aghabog, and the townlands Aghnahola, Annaveagh, Annies, Carnroe, Cavanreagh, Cavany, Coolnacarte, Corraskea, Drumgarran, Drumreenagh, Dunsrim, Hilton Demense, Killyfargy, Lisarearke, Skerrick East, Lisnalee, all of the Electoral Division of Currin. |
16.12.2022 |
|
That part of the County of Monaghan) that comprises the townlands of Largy, lying partly in the Electoral Division of Clones Rural and partly in the Electoral Division of Clones Urban, Aghafin, Atartate Glebe, Burdautien, Carney’s Island, Carrivatragh, Cavan, Clonkirk, Clonkee (Cole), Corraghy, Creevaghy, Drumard, Edenaforan, Gortnawhinny, Legnakelly, Leonard’s Island, Liseggerton, Lisnaroe Near, Lisoarty, Longfield, Magheramore, Mullanacloy, Shanamullen South, Tanderagee, Tirnahinch Near, Tirnahinch Far, all in the Electoral Division of Clones Rural, and Carrickmore and Drumadagory, all in the Electoral Division of St. Tierney |
8.12.2022-16.12.2022 |
|
Lidstaat: Spanje
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
ES-HPAI(P)-2022-00036 |
Those parts in the province of Guadalajara of the comarca of Guadalajara beyond the area described in the protection zone and contained within a circle of a radius of 10 kilometres, centered on UTM 30, ETRS89 coordinates long –3,162279, lat 40,7275418 |
20.11.2022 |
|
Those parts in the province of Guadalajara of the comarca of Guadalajara contained within a circle of a radius of 3 kilometres, centered on UTM 30, ETRS89 coordinates long –3,1622795, lat 40,7275418 |
12.11.2022-20.11.2022 |
|
|
ES-HPAI(P)-2022-00037 |
Those parts in the province of Guadalajara of the comarca of Guadalajara beyond the area described in the protection zone and contained within a circle of a radius of 10 kilometres, centered on UTM 30, ETRS89 coordinates long –3,1695321, lat 40,7068421 |
21.11.2022 |
|
Those parts in the province of Guadalajara of the comarca of Guadalajara contained within a circle of a radius of 3 kilometres, centered on UTM 30, ETRS89 coordinates long –3,1695321, lat 40,7068421 |
13.11.2022-21.11.2022 |
Lidstaat: Frankrijk
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Département: Ain (01) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01398 |
ABERGEMENT CLEMENCIAT BANEINS BIZIAT CHANOZ CHATENAY CHATILLON SUR CHALARONNE CORMORANCHE SUR SAONE CROTTET DOMPIERRE SUR CHALARONNE GRIEGES LAIZ MOGNENEINS NEUVILLE LES DAMES PERREX PEYZIEUX SUR SAONE PONT DE VEYLE SAINT ANDRE BAGE SAINT CYR SUR MENTHON SAINT DIDIER SUR CHALARONNE SAINT ETIENNE SUR CHALARONNE SAINT JEAN SUR VEYLE SAINT JULIEN SUR VEYLE SULIGNAT THOISSEY VALEINS VONNAS |
18.11.2022 |
|
BEY CRUZILLES LES MEPILLAT GARNERANS ILLIAT SAINT ANDRE D HUIRIAT |
10.11.2022-18.11.2022 |
|
|
Département: Côtes-d'Armor (22) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01406 |
GOMENÉ LANRELAS LAURENAN MERDRIGNAC LE MENÉ PLÉNÉE-JUGON ROUILLAC SEVIGNAC TRÉMOREL |
2.12.2022 |
|
ÉRÉAC MÉRILLAC MERDRIGNAC LE MENÉ SAINT-VRAN SAINT-LAUNEUC |
24.11.2022-2.12.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01413 |
PLERIN SAINT-BRIEUC PLOUFRAGAN TREGUEUX PLEDRAN YFFINIAC QUESSOY POMMERET LAMBALLE COETMIEUX ANDEL MORIEUX PLANGUENOUAL |
1.12.2022 |
|
HILLION LANGUEUX |
23.11.2022-1.12.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01419 FR-HPAI(P)-2022-01425 |
BOBITAL BRUSVILY CAULNES DINAN EVRAN GUENROC GUITTE LANVALLAY LE HINGLE LES CHAMPS-GERAUX PLOUASNE PLUMAUDAN SAINT-CARNE SAINT-JUDOCE TRELIVAN YVIGNAC-LA-TOUR |
17.12.2022 |
|
CALORGUEN EVRAN LE QUIOU SAINT-ANDRE-DES-EAUX SAINT-JUVAT SAINT-MADEN TREFUMEL TREVRON |
9.12.2022-17.12.2022 |
|
|
|
Département: Dordogne (24) |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01400 |
BERGERAC (à l’ouest de la D936) BOSSET EGLISE NEUVE D’ISSAC EYRAUD-CREMPSE-MAURENS (à l’ouest de la D107) FRAISSE GARDONNE GINESTET LA FORCE LAMONZIE SAINT MARTIN LES LECHES PRIGONRIEUX (au sud de la D34) SAINT GERY SAINT PIERRE D’EYRAUD |
19.11.2022 |
|
LUNAS PRIGONRIEUX (au nord de la D34) SAINT GEORGES BLANCANEIX |
11.11.2022-19.11.2022 |
|
|
Département: Eure (27) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00354 |
MESNIL-EN-OUCHE (partie ouest/D49) LES BOTTEREAUX CHAMBLAC CHAMBORD LA GOULAFRIERE JUIGNETTES MONTREUIL-L'ARGILLE SAINT-AGNAN-DE-CERNIERES SAINT-DENIS-D'AUGERONS SAINT-LAURENT-DU-TENCEMENT LA TRINITE-DE-REVILLE VERNEUSSES |
16.12.2022 |
|
LA HAYE-SAINT-SYLVESTRE MELICOURT MESNIL-ROUSSET NOTRE-DAME-DU-HAMEL SAINT-PIERRE-DE-CERNIERES |
8.12.2022-16.12.2022 |
|
|
Département: Finistère (29) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01421 |
CARANTEC GUICLAN LOCQUENOLE MESPAUL MORLAIX PLEYBER-CHRIST PLOUENAN PLOUEZOC'H PLOUGASNOU PLOUGOULM PLOUVORN SAINT MARTIN DES CHAMPS SAINT POL DE LEON SAINTE SEVE SAINT THEGONNEC TAULE |
13.12.2022 |
|
HENVIC TAULE |
5.12.2022-13.12.2022 |
|
|
Département: Ille-et-Vilaine (35) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01419 |
LONGAULNAY TREVERIEN SAINT PERN PLESDER SAINT THUAL MEDREAC à l'est de la RD 20 et au nord de la RD 220 |
3.12.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01418 |
LA SELLE GUERCHAISE RANNEE DROUGES FORGES LA FORET CHELUN EANCE MARTIGNE-FERCHAUD |
|
|
RANNEE à l'est de la D95 et au sud des lignes de la belle etoile |
|
|
|
|
Département: Indre (36) |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01412 |
AIZE: Nord de D31 BAUDRES BOUGES-LE-CHATEAU BRETAGNE BUXEUIL: Nord de D960 FONTENAY GUILLY LA CHAPELLE-SAINT- LAURIAN LANGE: Est du Nahon LEVROUX: Nord D8 LINIEZ: Ouest de A20 MOULINS-SUR-CEPHONS: Nord D8 ORVILLE: Ouest de D25 POULAINES SAINT-FLORENTIN VALENCAY: Sud-Est du Nahon VICQ-SUR-NAHON: Est du Nahon |
3.12.2022 |
|
AIZE: Sud de D31 et route entre Moulin Bailly et Aize BUXEUIL: Sud de D960 ROUVRES LES BOIS |
25.11.2022-3.12.2022 |
|
|
Département: Loire-Atlantique (44) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01390 |
AVESSAC BLAIN à l’est de la RN 171 FEGREAC à l’ouest du riuisseau de la Coiquerelle GUEMENE PENFAO GUENROUET LE GAVRE QUILLY SAINT GILDAS DES BOIS SEVERAC |
21.11.2022 |
|
PLESSE FEGREAC à l’est du riuisseau de la Coiquerelle |
13.11.2022-21.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00341 |
ABBARETZ Sud RD 2 BLAIN Est RN 171 CASSON LA CHEVALERAIS LA GRGONNAIS HERIC NORT SUR ERDRE NOZAY Sud RD 2 PUCEUL SAFFRE Est RD 121 LES TOUCHES Ouest RD 31 |
21.11.2022 |
|
SAFFRE Ouest RD 121 |
13.11.2022-21.11.2022 |
|
|
Département: Loiret (45) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01407 |
AUVILLIERS-EN-GÂTINAIS BELLEGARDE BOUZY-LA-FORÊT CHÂTENOY CHEVILLON-SUR-HUILLARD COUDROY LA COUR-MARIGNY FRÉVILLE-DU-GÂTINAIS LADON LORRIS MÉZIÈRES-EN-GÂTINAIS MONTLIARD NESPLOY NOYERS OUZOUER-SOUS-BELLEGARDE PRESNOY QUIERS-SUR-BÉZONDE SURY-AUX-BOIS THIMORY VIEILLES-MAISONS-SUR-JOUDRY VILLEMOUTIERS |
26.11.2022 |
|
AUVILLIERS-EN-GÂTINAIS BEAUCHAMPS-SUR-HUILLARD CHAILLY-EN-GÂTINAIS CHÂTENOY COUDROY |
18.11.2022-26.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01420 |
AUVILLIERS-EN-GÂTINAIS BELLEGARDE BOUZY-LA-FORÊT CHÂTENOY CHEVILLON-SUR-HUILLARD COUDROY LA COUR-MARIGNY FRÉVILLE-DU-GÂTINAIS LADON LOMBREUIL LORRIS MÉZIÈRES-EN-GÂTINAIS MONTLIARD NESPLOY MONTEREAU - LE MOULINET-SUR-SOLIN OUSSOY-EN-GÂTINAIS OUZOUER-SOUS-BELLEGARDE PRESNOY QUIERS-SUR-BÉZONDE SAINT MAURICE SUR FRESSARD SURY-AUX-BOIS THIMORY VARENNES-CHANGY VIEILLES-MAISONS-SUR-JOUDRY VILLEMOUTIERS |
11.12.2022 |
|
AUVILLIERS-EN-GÂTINAIS BEAUCHAMPS-SUR-HUILLARD CHAILLY-EN-GÂTINAIS CHÂTENOY COUDROY NOYERS |
3.12.2022-11.12.2022 |
|
|
Département: Maine-et-Loire (49) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01389 |
ANGERS BEAUCOUZE BEAULIEU-SUR-LAYON BEHUARD CHALONNES-SUR-LOIRE CHAUDEFONDS-SURLAYON DENEE MOZE-SUR-LOUET MURS-ERIGNE LES PONTS-DE-CE LA POSSONNIERE ROCHETFORT-SUR-LOIRE SAINTE-GEMMES-SUR-LOIRE SAINT-GEORGES-SUR-LOIRE SAINT-JEAN-DE-LA-CROIX SAINT-LAMBERT-LA-POTHERIE SAINT-LEGER-DE-LINIERES SAINT-MARTIN-DU-FOUILLOUX VAL-DU-LAYON |
18.11.2022 |
|
BOUCHEMAINE SAVENNIÈRES |
10.11.2022-18.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01394 |
BARACE LA CHAPELLE-SAINT-LAUD LES HAUTS-D'ANJOU CHEFFES CORZE ECOUFLANT ECUILLE ETRICHE JUVARDEIL HUILLE-LEZIGNE MARCE MORANNES SUR SARTHE-DAUMERAY LE PLESSIS-GRAMMOIRE VERRIERES-EN-ANJOU SARRIGNE SOULAIRE-ET-BOURG RIVES-DU-LOIR-EN-ANJOU |
23.11.2022 |
|
BRIOLLAY MONTREUIL-SUR-LOIR RIVES-DU-LOIR-EN-ANJOU SEICHES-SUR-LE-LOIR TIERCE |
15.11.2022-23.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01395 FR-HPAI(P)-2022-01396 |
BEAUPREAU-EN-MAUGES BEAUPREAU-EN-MAUGES BEAUPREAU-EN-MAUGES CHALLONNES-SUR-LOIRE CHAUDEFONDS-SUR-LAYON CHEMMILLE-EN-ANJOU CHEMMILLE-EN-ANJOU CHEMMILLE-EN-ANJOU CHEMMILLE-EN-ANJOU CHEMMILLE-EN-ANJOU MAUGES-SUR-LOIRE MAUGES-SUR-LOIRE MAUGES-SUR-LOIRE MONTREVAULT-SUR-EVRE MONTREVAULT-SUR-EVRE VAL-DU-LAYON |
24.11.2022 |
|
BEAUPREAU-EN-MAUGES BEAUPREAU-EN-MAUGES CHEMILLE-EN-ANJOU CHEMILLE-EN-ANJOU CHEMILLE-EN-ANJOU CHEMILLE-EN-ANJOU MAUGES-SUR-LOIRE MONTREVAULT-SUR-EVRE |
16.11.2022-24.11.2022 |
|
|
Departement: Mayenne (53) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01418 |
BALLOTS CONGRIER CUILLE GASTINES LA ROE LA SELLE-CRAONNAISE SAINT-ERBLON SAINT-MARTIN-DU-LIMET SAINT-SATURNIN-DU-LIMET SENONNES |
9.12.2022 |
|
BRAINS-SUR-LES-MARCHES FONTAINE-COUVERTE LA ROUAUDIERE SAINT-AIGNAN-SUR-ROE SAINT-MICHEL-DE-LA-ROE |
1.12.2022-9.12.2022 |
|
|
Departement: Morbihan (56) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01422 |
BIGNAN — Commune entière BULEON — Commune entière CREDIN — Partie de la commune à l'ouest de la D11 jusqu'à Bellevue puis au sud de la route allant de Bellevue à Le Pont du redressement EVELLYS - Partie de la commune à l’ouest de la D767 jusqu’à Siviac puis au nord-ouest de la route allant à Naizin puis au nord de la D203 KERFOURN — Partie de la commmune au sud de la route allant de Le Guéric à Le Lindreu LANTILLAC — Commune entière LOCMINE — Commune entière MOREAC — Partie de la commune à l’ouest de la D767 jusqu’à Porh Legal puis au sud de la D181 jusqu’à Keranna puis au sud de la route allant de Keranna à Kervalo en passant par Le Petit Kerimars, Bolcalpère et le Faouët d’En Haut MOUSTOIR-AC — Partie de la commune au nord de la route allant de Plumelin à Moustoir-Ac puis au nord de la D318 et à l'ouest de la D767 PLEUGRIFFET — Commune entière PLUMELIAU-BIEUZY — Partie de la commune au sud de la D203 et à l'est de la route allant du bourg à Talhouet Avalec en passant par Kerjegu et Beau Soleil PLUMELIN — Partie de la commune au nord de la D117 jusqu'à Kerfourchec puis à l'est de la route allant à Moustoir-Ac RADENAC — Commune entière REGUINY — Partie de la commune au nord de la D203 jusqu’à Le Pont Saint Fiacre SAINT-ALLOUESTRE — Commune entière |
15.12.2022 |
|
EVELLYS — Partie de la commune à l’est de la D767 jusqu’à Siviac puis à l’est de la route allant à Naizin puis au sud de la D203 MOREAC — Partie de la commune à l’est de la D767 jusqu’à Porh Legal puis au nord de la D181 jusqu’à Keranna puis au nord de la route allant de Keranna à Kervalo en passant par Le Petit Kerimars, Bolcalpère et le Faouët d’En Haut REGUINY — Partie de la commune au sud de la D203 jusqu’à Le Pont Saint Fiacre |
7.12.2022-15.12.2022 |
|
|
Département: Nord (69) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01423 |
BAILLEUL ERQUINGHEM-LYS LA GORGUE MERRIS MERVILLE METEREN NIEPPE STRAZEELE VIEUX-BERQUIN |
17.12.2022 |
|
NEUF-BERQUIN STEENWERCK ESTAIRES LE DOULIEU |
9.12.2022-17.12.2022 |
|
|
Département: Orne (61) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00339 FR-HPAI(NON-P)-2022-00342 |
AVERNES-SAINT-GOURGON CANAPVILLE CHAUMONT COUDEHARD CROISILLES CROUTTES ECORCHES GACE LE BOSC-RENOULT LES CHAMPEAUX LE RENOUARD LA FERTE-EN-OUCHE MENIL-HUBERT-EN-OUCHE MONT-ORMEL NEAUPHE-SUR-DIVE PONTCHARDON RESENLIEU SAINT-EVROULT-DE-MONTFORT SAINT-GERMAIN-D'AUNAY SAINT-LAMBERT-SUR-DIVE VIMOUTIERS |
27.11.2022 |
|
AUBRY-LE-PANTHOU CAMEMBERT CHAMPOSOULT LA FRESNAIE-FAYEL FRESNAY-LE-SAMSON GUERQUESALLES MARDILLY NEUVILLE-SUR-TOUQUES ROIVILLE SAP-EN-AUGE GUFFERN-EN-AUGE — zone nord au-dessus de la D14, puis D16 entre Le bourg Saint-Léonard et Chambois et D3 jusqu'à la limite de la commune TICHEVILLE |
19.11.2022-27.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00354 |
LA FERTE-EN-OUCHE LA GONFRIERE SAINT-NICOLAS-DE-SOMMAIRE |
7.12.2022 |
|
Département: Pas-de-Calais (62) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01427 |
AMES AMETTES ANNEZIN AUCHEL AUCHY-AU-BOIS AUMERVAL BAILLEUL-LES-PERNES BARLIN BETHUNE BEUGIN BOURECQ BEUVRY BRUAY-LA-BUISSIERE BUSNES CALONNE-RICOUART CALONNE-SUR-LA-LYS CAMBLAIN-CHATELAIN CAUCHY-A-LA-TOUR DIEVAL DIVION DROUVIN-LE-MARAIS ECQUEDECQUES ESSARS FERFAY FLEURBAIX FLORINGHEM FOUQUEREUIL FOUQUIERES-LES-BETHUNES GOSNAY GUARBECQUE HAILLICOURT HAM-EN-ARTOIS HESDIGNEUL-LES-BETHUNE HINGES HOUCHIN HOUDAIN ISBERGUES LA COUTURE LAVENTIE LESPESSES LESTREM LIERES LOCON LORGIES MAISNIL-LES-RUITZ MAREST MARLES-LES-MINES MAZINGHEM MONT-BERNANCHON NEUVE-CHAPELLE NORRENT-FONTES OBLINGHEM OURTON PERNES PRESSY REBREUVE-RANCHICOURT RICHEBOURG ROBECQ RUITZ SAILLY-SUR-LA-LYS SAINT-FLORIS SAINT-HILAIRE-COTTES SAINT -VENANT VAUDRICOURT VENDIN-LES-BETHUNE VERQUIGNEUL VERQUIN VIEILLE-CHAPELLE |
17.12.2022 |
|
ALLOUAGNE BURBURE CHOQUES GONNEHEM LABEUVRIERE LAPUGNOY LILLERS LOZINGHEM |
9.12.2022-17.12.2022 |
|
|
Département: Rhône (69) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01398 |
DRACE |
18.11.2022 |
|
Département: Saône-et-Loire (71) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01398 |
CHAINTRE CHANES CRECHES SUR SAONE LA CHAPELLE DE GUINCHAY ROMANECHE THORINS SAINT SYMPHORIEN D'ANCELLES VARENNES LES MACON VINZELLES |
18.11.2022 |
|
Département: Sarthe (72) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01384 FR-HPAI(P)-2022-01401 FR-HPAI(P)-2022-01404 |
ARTHEZÉ AVOISE LE BAILLEUL BOUSSE CÉRANS FOULLETOURTE CLERMONT CRÉANS CROSMIÈRES DUREIL FERCÉ SUR SARTHE LA FLÈCHE FONTAINE SAINT MARTIN LIGRON NOYEN SUR SARTHE PARCÉ SUR SARTHE PIRMIL SAINT JEAN DE LA MOTTE TASSE VILLAINES SOUS MALICORNE ASNIÈRES SUR VÈGRE CHANTENAY VILLEDIEU COURCELLES LA FORET FONTAINE SUR VÈGRE JUIGNÉ SUR SARTHE LOUAILLES MALICORNE SUR SARTHE MEZERAY SAINT JEAN DU BOIS LA SUZE SUR SARTHE VION |
24.11.2022 |
|
DUREIL NOYEN SUR SARTHE MALICORNE SUR SARTHE MEZERAY COURCELLES LA FORÊT |
16.11.2022-24.11.2022 |
|
|
Département: Seine-et-Marne (77) |
||
|
FR-HPAI(NON-P)-2022-00304 |
BAILLY-ROMAINVILLIERS BUSSY-SAINT-GEORGES BUSSY-SAINT-MARTIN CHALIFERT CHANTELOUP-EN-BRIE LES CHAPELLES-BOURBON CHATRES CHESSY CHEVRY-COSSIGNY COLLEGIEN CONCHEN-SUR-GONDOIRE COUPVRAY COUTEVROULT CRECY-LA-CHAPELLE CREVECOEUR-EN-BRIE CROISSY-BEAUBOURG DAMMARTIN-SUR-TIGEAUX FAVIERES FERRIERES-EN-BRIE FONTENAY-TRESIGNY GOUVERNES GRETZ-ARMAINVILLIERS GUERARD GUERMANTES LA HOUSSAYE-EN-BRIE JOSSIGNY LAGNY-SUR-MARNE LIVERDY-EN-BRIE MAGNY-LE-HONGRE MARLES-EN-BRIE MONTEVRAIN MONTRY MORTCERF NEUFMOUTIERS-EN-BRIE OZOIR-LA-FERRIERE PONTCARRE PRESLES-EN-BRIE ROISSY-EN-BRIE SAINT-GERMAIN-SUR-MORIN SERRIS TIGEAUX TOURNAN-EN-BRIE VILLENEUVE-LE-COMTE VILLENEUVE-SAINT-DENIS VILLIERS-SUR-MORIN VOULANGIS |
28.11.2022 |
|
FAVIERES JOSSIGNY NEUFMOUTIERS EN BRIE VILLENEUVE LE COMTE VUILLENEUVE EN BRIE |
20.11.2022-28.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01403 |
ANDREZEL AUBEPIERRE-OZOUER-LE-REPOS BLANDY BOMBON BREAU CHAMPEAUX LA CHAPELLE-GAUTHIER LA CHAPELLE-RABLAIS LE CHATELET-EN-BRIE CHATILLON-LA-BORDE CLOS-FONTAINE COURPALAY COUTENCON LA CROIX-EN-BRIE ECHOUBOULAINS LES ECRENNES FONTAINS FONTENAILLES GASTINS GRANDPUITS-BAILLY-CARROIS LAVAL-EN-BRIE MACHAULT MORMANT NANGIS PAMFOU QUIERS RAMPILLON SAINT-MERY SAINT-OUEN-EN-BRIE SIVRY-COURTRY VALENCE-EN-BRIE VILLENEUVE-LES-BORDES |
27.11.2022 |
|
BOMBON LA CHAPELLE-GAUTHIER LA CHAPELLE-RABLAIS FONTENAILLES GRANDPUITS-BAILLY-CARROIS NANGIS SAINT-OUEN-EN-BRIE |
19.11.2022-27.11.2022 |
|
|
Département: Deux-Sèvres (79) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01397 |
ARDIN BECELEUF LE BUSSEAU LA CHAPELLE-THIREUIL FENIOUX PUIHARDY SAINT-LAURS SANIT-POMPAIN VILLERS-EN-PLAINE |
28.11.2022 |
|
COULONGES-SUR-L'AUTIZE SAINT-MAIXENT-DE-BEUGNE |
20.11.2022-28.11.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01411 FR-HPAI(P)-2022-01415 |
ADILLY AMAILLOUX ARDIN BECELEUF LE BEUGNON LE BREUIL-BERNARD CHANTELOUP LA CHAPELLE-SAINT-LAURENT LA CHAPELLE-THIREUIL CHICHE CLESSÉ FÉNERY FENIOUX LA FORÊT-SUR-SÈVRE MONCOUTANT MOUTIERS-SOUS-CHANTEMERLE NEUVY-BOUIN POUGNE-HÉRISSON PUGNY PUIHARDY SAINT-AUBIN-LE-CLOUD SAINT-GERMAIN-DE-LONGUE-CHAUME SAINT-LAURS SAINT-POMPAIN SCILLÉ SECONDIGNY VILLIERS-EN-PLAINE |
7.12.2022 |
|
L'ABSIE LE BUSSEAU LA CHAPELLE-SAINT-ETIENNE COULONGES-SUR-L’AUTIZE LARGEASSE SAINT-MAIXENT-DE-BEUGNE SAINT-PAUL-EN-GATINE TRAYES VERNOUX-EN-GATINE |
29.11.2022-7.12.2022 |
|
|
Département: Vendée (85) |
||
|
FR-HPAI(P)-2022-01397 |
SAINT HILAIRE DES LOGES au sud de la D745 FOUSSAIS PAYRE a l'ouest de la D49 FAYMOREAU MARILLET ANTIGNY BOURNEAU CEZAIS FONTENAY-LE-COMTE L'ORBRIE LA CHATAIGNERAIE LA TARDIERE LOGE-FOUGEREUSE MARSAIS-SAINTE-RADEGONDE SAINT-MARTIN-DE-FRAIGNEAU SAINT-MAURICE-DES-NOUES SAINT-PIERRE-DU-CHEMIN SERIGNE PISSOTTE MARVENT NIEUL-SUR-L'AUTISTE PUY-DE-SERRE SAINT-HILAIRE-DE-VOUST VOUVANT SAINT-MICHEL-LE-CLOUCQ XANTON-CHASSENON |
1.12.2022 |
|
SAINT HILAIRE DES LOGES au nord de la D745 FOUSSAIS PAYRE à l'est de la D49 |
23.11.2022-1.12.2022 |
|
|
FR-HPAI(P)-2022-01410 |
BREUIL-BARRET LA CHAPELLE-AUX-LYS LOGE-FOUGEREUSE SAINT-HILAIRE-DE-VOUST |
23.11.2022-1.12.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01388 FR-HPAI(P)-2022-01399 FR-HPAI(P)-2022-01387 FR-HPAI(P)-2022-01392 FR-HPAI(P)-2022-01393 FR-HPAI(P)-2022-01402 |
BAZOGES-EN-PAILLERS BEAUREPAIRE BESSAY BOURNEZEAU au nord de la D948 et de la D949B CHAILLE-LES-MARAIS CHAMPAGNE-LES-MARAIS CHANTONNAY à l'ouest de la D137 CHÂTEAU-GUIBERT à l'est de la D746 CHAUCHE à l'ouest de l'A83 CHAVAGNES-EN-PAILLERS au nord de la D6 CORPE DOMPIERRE-SUR-YON ESSARTS EN BOCAGE FOUGERE LA BOISSIERE-DE-MONTAIGU au sud de la D23 et D72 LA CHAIZE-LE-VICOMTE au sud de la D948 LA COPECHAGNIERE LA FERRIERE LA MERLATIERE LA RABATELIERE LA REORTHE LA ROCHE-SUR-YON à l'est de la D746 et D763 LES BROUZILS LES HERBIERS au nord de la D160 et à l'ouest de la D23 LES LANDES-GENUSSON au sud de la D72 et D755 MAREUIL-SUR-LAY-DISSAIS à l'est de la D746 MESNARD-LA-BAROTIERE MOUTIERS-SUR-LE-LAY au sud de la D19 RIVES-DE-L'YON à l'est de la D746 SAINT-ANDRE-GOULE-D'OIE au sud de l'A87 SAINTE-CECILE SAINTE-HERMINE SAINTE-PEXINE au sud de la D19 SAINT-FULGENT à l'est de l'A87 SAINT-GEORGES-DE-MONTAIGU SAINT-HILAIRE-LE-VOUHIS SAINT-JEAN-DE-BEUGNE SAINT-JUIRE-CHAMPGILLON SAINT-MARTIN-DES-NOYERS à l'est de la D7 THORIGNY LES MAGNILS-REIGNIERS LUCON MOUZEUIL-SAINT-MARTIN NALLIERS PUYRAVAULT SAINT-AUBIN-LA-PLAINE SAINTE-GEMME-LA-PLAINE SAINTE-RADEGONDE-DES6NOYERS SAINTE-ETIENNE-DE6BRILLOUET TRIAIZE VENDRENNES - |
27.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01388 FR-HPAI(P)-2022-01399 |
BOURNEZEAU au sud de la D498 et de la D949B LES PINEAUX MOUTIERS-SUR-LE-LAY SAINTE-PEXINE au nord de la D19 |
10.11.2022-19.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01387 FR-HPAI(P)-2022-01392 |
SAINT-MARTIN-DES-NOYERS à l'ouest de la D7 LA CHAIZE-LE-VICOME au nord de la D948 LA FERRIERE au sud de la D160 |
6.11.2022-19.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01393 FR-HPAI(P)-2022-01402 |
CHAUCHE à l'est de l'A83 CHAVAGNES-EN-PAILLERS au sud de la D6 SAINT-ANDRE-GOULE-D'OIE au nord de l'A87 SAINT-FULGENT à l'ouest de l'A87 |
11.11.2022-19.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01409 |
CHAMPAGNE-LES-MARAIS LUCON MOREILLES PUYRAVAULT SAINTE-DEMME-LA-PLAINE SAINTE-RADEGONDE-DES-NOYERS |
19.11.2022-27.11.2022 |
|
FR-HPAI(P)-2022-01416 |
BREM-SUR-MER BRETIGNOLLES-SUR-MER COEX GIVRAND LA CHAIZE-GIRAUD LA CHAPELLE-HERMIER L'AIUGUILLON-SUR-VIE LES ACHARDS L'ILE-D'OLONNE MARTINET OLONNE-SUR-MER SAINTE-FOY SAINT-GEORGES-DES-POINTINDOUX SAINT-JULIEN-DES-LANDES SAINT-MATHURIN SAINT-REVEREND |
6.12.2022 |
|
BREM-SUR-MER LANDEVIEILLE SAINT-JULIEN-DES-LANDES VAIRE |
28.11.2022-6.12.2022 |
|
Lidstaat: Kroatië
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
||||||||||||
|
Zagreb |
||||||||||||||
|
HR-HPAI(P)-2022-00007 |
|
15.12.2022 |
||||||||||||
|
7.12.2022-15.12.2022 |
|||||||||||||
|
Zagrebačka županija |
||||||||||||||
|
HR-HPAI(P)-2022-00007 |
|
15.12.2022 |
||||||||||||
|
7.12.2022-15.12.2022 |
|||||||||||||
Lidstaat: Italië
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Region: Veneto |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00026 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.32262, E11.193539 |
21.11.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.32262, E11.193539 |
13.11.2022-21.11.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00029 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.753972, E12.149041 |
4.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.753972, E12.149041 |
26.11.2022-4.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00031 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.9193668, E12.4351595 |
3.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.9193668, E12.4351595 |
25.11.2022-3.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00033 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.211179, E11.272346 |
8.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.211179, E11.272346 |
30.11.2022-8.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00034 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.221390806, E11.04331334 |
11.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.221390806, E11.04331334 |
3.12.2022-11.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00036 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.771464, E12.147417 |
8.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.771464, E12.147417 |
30.11.2022-8.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00037 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.741660, E12.452298 |
8.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.741660, E12.452298 |
30.11.2022-8.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00039 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.964074644, E12.282057809 |
14.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.964074644, E12.282057809 |
6.12.2022-14.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00040 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.233473, E11.657231 |
10.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.233473, E11.657231 |
2.12.2022-10.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00042 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.296865835, E10.878880005 |
13.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.296865835, E10.878880005 |
5.12.2022-13.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00043 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates |
12.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.504494974, E12.616275373 |
4.12.2022-12.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00045 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.380764707, E11.07799142 |
19.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.380764707, E11.07799142 |
11.12.2022-19.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00047 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.966036, E12.305402 |
23.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.966036, E12.305402 |
15.12.2022-23.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00048 |
The area of the parts of Veneto Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.393604155, E11.098068838 |
19.12.2022 |
|
The area of the parts of Veneto Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.393604155, E11.098068838 |
11.12.2022-19.12.2022 |
|
|
Region: Lombardia |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00027 |
The area of the parts of Lombardia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.298429, 9.9980267 |
22.11.2022 |
|
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.298429, 9.9980267 |
14.11.2022-22.11.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00030 |
The area of the parts of Lombardia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.098875, E8.81998199999998 |
30.11.2022 |
|
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.098875, E8.81998199999998 |
22.11.2022-30.11.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00032 |
The area of the parts of Lombardia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.049383, E10.35708 |
8.12.2022 |
|
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.049383, E10.35708 |
30.11.2022-8.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00041 |
The area of the parts of Lombardia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.040236, E10.36325 |
12.12.2022 |
|
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.040236, E10.36325 |
4.12.2022-12.12.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00046 |
The area of the parts of Lombardia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.033964, E10.302944 |
19.12.2022 |
|
The area of the parts of Lombardia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.033964, E10.302944 |
11.12.2022-19.12.2022 |
|
|
Region: Emilia Romagna |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00028 |
The area of the parts of Emilia Romagna Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.714462, E11.926653 |
29.11.2022 |
|
The area of the parts of Emilia Romagna Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.714462, E11.926653 |
21.11.2022-29.11.2022 |
|
|
IT-HPAI(P)-2022-00044 |
The area of the parts of Emilia Romagna Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.79259, E10. 930896 |
14.12.2022 |
|
The area of the parts of Emilia Romagna Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N44.79259, E10.930896 |
6.12.2022-14.12.2022 |
|
|
Region: Friuli Venezia Giulia |
||
|
IT-HPAI(P)-2022-00035 |
The area of the parts of Friuli Venezia Giulia Region extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of ten kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.962481, E12.606420 |
5.12.2022 |
|
The area of the parts of Friuli Venezia Giulia Region contained within a circle of radius of three kilometres, centred on WGS84 dec. coordinates N45.962481, E12.606420 |
27.11.2022-5.12.2022 |
|
Lidstaat: Hongarije
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
Bács-Kiskun és Csongrád-Csanád megye |
||
|
From HU-HPAI(P)-2022-00211 to HU-HPAI(P)-2022-00228 |
Bócsa, Bugac, Bugacpusztaháza, Csólyospálos, Fülöpjakab, Gátér, Harkakötöny, Jakabszállás, Jászszentlászló, Kaskantyú, Kiskunfélegyháza, Kiskunmajsa, Kömpöc, Kunszállás, Móricgát, Orgovány, Páhi, Pálmonostora, Petőfiszállás, Soltvadkert, Szank, Tázlár, Tiszaalpár, Zsana, Algyő, Baks, Balástya, Bordány, Csanytelek, Csengele, Csongrád, Derekegyház, Dóc, Domaszék, Fábiánsebestyén, Felgyő, Forráskút, Hódmezővásárhely, Kistelek, Mártély, Mindszent, Nagymágocs, Nagytőke, Ópusztaszer, Pusztamérges, Pusztaszer, Ruzsa, Sándorfalva, Szatymaz, Szeged, Szegvár, Szentes, Tömörkény, Üllés, Zákányszék és Zsombó települések védőkörzeten kívül eső teljes közigazgatási területe. Kecskemét település közigazgatási területének a 46.686318 és a 19.661755, valamint a 46.695600 és a 19.681280 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 10 km sugarú körön belül eső területe. |
17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00211 HU-HPAI(P)-2022-00216 HU-HPAI(P)-2022-00219 HU-HPAI(P)-2022-00225 |
Bugac, Bugacpusztaháza, Fülöpjakab, Jakabszállás és Móricgát települések települések közigazgatási területeinek a 46.67844 és 19.65301 és a 46.679183 és a 19.663134, 46.686318 és a 19.661755, valamint a 46.695600 és a 19.681280 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
8.12.2022-17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00212 |
Kiskunmajsa település közigazgatási területének a 46.48998 és a 19.77264 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
27.11.2022-17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00217 HU-HPAI(P)-2022-00226 |
Jászszentlászló, Kiskunmajsa, Móricgát és Szank települések közigazgatási területeinek a 46.544237 és a 19.741665, a 46.544237 és a 19.741665, valamint a 46.569793 és a 19.692088 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
9.12.2022-17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00215 HU-HPAI(P)-2022-00218 HU-HPAI(P)-2022-00220-00221 HU-HPAI(P)-2022-00223-00224 HU-HPAI(P)-2022-00227-00228 |
Bócsa és Bugac, Bugacpusztaháza és Szank települések közigazgatási területeinek a 46.627319 és a 19.536083, 46.626416 és a 19.545777, a 46.630891 és a 19.536630, a 46.619573 és a 19.537445, a 46.622916 és a 19.537992, a 46.645837 és a 19.513270, a 46.640484 és a 19.524528, valamint a 46.641252 és a 19.532421 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
9.12.2022-17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00213 |
Algyő, Sándorfalva és Szeged települések közigazgatási területeinek a 46.353600 és a 20.173300 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
26.11.2022-17.12.2022 |
|
HU-HPAI(P)-2022-00214 HU-HPAI(P)-2022-00222 |
Szentes település közigazgatási területének 46.647079 és a 20.325001, valamint a 46.664455 és a 20.294252 GPS-koordináták által meghatározott pont körüli 3 km sugarú körön belül eső területe. |
4.12.2022-17.12.2022 |
Lidstaat: Nederland
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Hoogstraten, België |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
BE-HPAI(P)-2022-00008 |
|
22.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Hoogstraten die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,9 breedte 51,44. |
15.11.2022-22.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Leudal, provincie Limburg |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00079 |
|
23.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Leudal die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,87 breedte 51,29. |
15.11.2022-23.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Lunteren, provincie Gelderland |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00080 |
|
20.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeenten Ede en Renswoude die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84 decimale coördinaten lengte 5,57 breedte 52,1. |
12.11.2022-20.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Maasdriel, provincie Gelderland |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00081 |
|
23.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Maasdriel die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,256 breedte 51,77. |
15.11.2022-23.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Hoogstraten, België |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
BE-HPAI(P)-2022-00009 |
|
28.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Turnhout die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,77067 breedte 51,436901. |
20.11.2022-28.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Deurne, provincie Noord-Brabant |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00082 |
|
27.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Deurne die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,87 breedte 51,37. |
19.11.2022-27.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Noardeast-Fryslân, provincie Friesland |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00083 |
|
30.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Noardeast-Fryslân die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 6,12 breedte 53,3. |
22.11.2022-30.11.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Nederweert, provincie Limburg |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00084 |
|
1.12.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Die delen van de gemeente Nederweert die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,81 breedte 51,3. |
23.11.2022-1.12.2022 |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Maashorst, provincie Noord-Brabant |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(P)-2022-00085 |
|
11.12.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Die delen van de gemeente Nederweert die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 5,59 breedte 51,65. |
3.12.2022-11.12.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Gemeente Woerden, provincie Utrecht |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
NL-HPAI(NON-P)-2022-00736 |
Bewakingszone (10 kilometer) Zegveld
|
11.12.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Die delen van de gemeente Woerden die zich bevinden binnen een cirkel met een straal van drie kilometer met als middelpunt WGS84-decimale coördinaten lengte 4,84 breedte 52,13. |
3.12.2022-11.12.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Lidstaat: Oostenrijk
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
STEIERMARK |
|
|
|
AT-HPAI(NON-P)-2022- 00021 |
Magistrat Graz die Katastralgemeinden Graz-Stadt-Fälling, Ragnitz, Stifting, Graz Stadt-Weinitzen, Wenisbuch; im Bezirk Graz-Umgebung: in der Gemeinde Kainbach bei Graz die Katastralgemeinden Hönigthal, Kainbach, Schafthal; in der Gemeinde Sankt Radegund bei Graz die Katastralgemeinden St. Radegund, Rinnegg und Schöckl, in der Gemeinde Stattegg die Katastralgemeinde Stattegg, in der Gemeinde Weinitzen die Katastralgemeinden Fälling, Niederschöckl und Weinitzen, in der Gemeinde Eggersdorf bei Graz die Katastralgemeinden Affenberg, Brodersdorf, Edelsbach, Eggersdorf, Höf und Präbach; im Bezirk Weiz in der Gemeinde Ludersdorf-Wilfersdorf die Katastralgemeinden Pircha und Wilfersdorf; in der Gemeinde Mitterdorf an der Raab die Katastralgemeinden Dörfl, Hohenkogl, Mitterdorf, Oberdorf bei Stadl, Obergreith, Pichl, Untergreith; in der Gemeinde Mortantsch die Katastralgemeinden Göttelsberg, Hafning, Haselbach, Leska, Mortantsch, Steinberg; in der Gemeinde Naas die Katastralgemeinde Birchbaum, in der Gemeinde Gutenberg-Stenzengreith die Katrastralgemeinden Garrach, Kleinsemmering, Stenzengreith, Stockheim; in der Gemeinde St. Ruprecht an der Raab die Katastralgemeinden Arndorf, Dietmanndorf, Fünfing bei St. Ruprecht, Grub, Neudorf bei St. Ruprecht, St. Ruprecht an der Raab, Unterfladnitz und Wolfsgruben bei St. Ruprecht; in der Gemeinde Weiz die Katastralgemeinden Farcha, Krottendorf, Preding, Reggerstätten und Weiz |
12.12.2022 |
|
Bezirk Graz-Umgebung: in der Gemeinde Kumberg die Katastralgemeinden Gschwendt, Hofstätten, Kumberg und Rabnitz und in der Gemeinde Eggersdorf bei Graz die Katastralgemeinden Hart bei Eggersdorf, Haselbach und Purgstall |
4.12.2022-12.12.2022 |
Verenigd Koninkrijk (Noord-Ierland)
|
ADIS-referentienummer van de uitbraak |
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid overeenkomstig artikel 55 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 |
|
|
||
|
IE-HPAI(P)-2022-00001 |
The area of the parts of County Fermanagh extending beyond the area described in the protection zone and within the circle of a radius of 10 kilometres, centred on GPS coordinates N 54,2073 and E –7,2153 |
16.12.2022 |
|
Those parts of County Fermanagh contained within a circle of a radius of three kilometres, centred on GPS coordinates N 54,2073 and E –7,2153 |
8.12.2022-16.12.2022 |
|
Deel C
In de artikelen 1 en 3 bis bedoelde extra beperkingszones in de betrokken lidstaten (*):
Lidstaat: Frankrijk
|
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid van de in artikel 3 bis bedoelde maatregelen |
|
Les communes suivantes dans le département: Ain (01) |
|
|
AMBERIEUX EN DOMBES ASNIERES SUR SAONE BAGE DOMMARTIN BAGE LE CHATEL BOISSEY BOULIGNEUX BUELLAS CHALEINS CHANEINS CHAPELLE DU CHATELARD CHAVEYRIAT CHEVROUX CONDEISSIAT CONFRANCON CURTAFOND FAREINS FEILLENS FRANCHELEINS GENOUILLEUX GUEREINS LURCY MANZIAT MARSONNAS MESSIMY SUR SAONE MEZERIAT MONTCEAUX MONTCET MONTMERLE SUR SAONE MONTRACOL OZAN POLLIAT RELEVANT REPLONGES ROMANS SAINT ANDRE LE BOUCHOUX SAINT ANDRE SUR VIEUX JONC SAINT DIDIER D AUSSIAT SAINT GENIS SUR MENTHON SAINT GEORGES SUR RENON SAINT GERMAIN SUR RENON SAINT LAURENT SUR SAONE SAINT MARTIN LE CHATEL SAINT PAUL DE VARAX SAINT SULPICE SAINT TRIVIER SUR MOIGNANS SAINTE OLIVE SANDRANS VANDEINS VESINES VILLENEUVE |
18.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Charente-Maritime (17) |
|
|
ANDILLY CHARRON ESNANDES MARANS MARSILLY SAINT-JEAN-DE-LIVERSAY SAINT-OUEN-D’AUNIS VILLEDOUX |
30.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Cher (18) |
|
|
GENOUILLY GRACAY NOHANT-EN-GRACAY SAINT-OUTRILLE |
5.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Dordogne (24) |
|
|
BEAUPOUYET BELEYMAS BERGERAC (à l’est de la D936) BOURNIAC CAMPSEGRET COLOMBIER CONNE DE LABARDE COURS DE PILE CREYSSE CUNEGES DOUVILLE EYRAUD-CREMPSE-MAURENS (à l’est de la D107) FLAUGEAC LE FLEIX FOUGUEYROLLES GAGEAC ET ROUILLAC ISSAC JAURE LAMONZIE MONTASTRUC LEMBRAS MESCOULES MONBAZILLAC MONESTIER MONFAUCON MONTAGNAC LA CREMPSE MOULEYDIER MUSSIDAN NASTRINGUES POMPORT PORT SAINTE FOY ET PONCHAPT QUEYSSAC RAZAC DE SAUSSIGNAC RIBAGNAC ROUFFIGNAC DE SIGOULES SAINT FRONT DE PRADOUX SAINT GEORGES DE MONTCLARD SAINT GERAUD DE CORPS SAINT GERMAIN ET MONS SAINT HILAIRE D’ESTISSAC SAINT JEAN D’ESTISSAC SAINT LAURENT DES HOMMES SAINT LAURENT DES VIGNES SAINT LOUIS EN L’ISLE SAINT MARTIAL D’ARTENSET SAINT MARTIN DES COMBES SAINT MARTIN L’ASTIER SAINT MEDARD DE GURSON SAINT MEDARD DE MUSSIDAN SAINT NEXANS SAINT REMY SAINT SAUVEUR SAINT SAUVEUR LALANDE SAINT SEVERIN D’ESTISSAC SAUSSIGNAC SIGOULES SINGLEYRAC SOURZAC THENAC VILLAMBLARD |
19.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Eure (27) |
|
|
AMBENAY LES BAUX-DE-BRETEUIL BOIS-ANZERAY BOIS-ARNAULT BOIS-NORMAND-PRES-LYRE BROGLIE CAORCHES-SAINT-NICOLAS CAPELLE-LES-GRANDS CHAMPIGNOLLES LA CHAPELLE-GAUTHIER FERRIERES-SAINT-HILAIRE LA FERRIERE-SUR-RISLE LE FIDELAIRE GRAND-CAMP MESNIL-EN-OUCHE (partie est/D49) NEAUFLES-AUVERGNY LA NEUVE-LYRE LE NOYER-EN-OUCHE RUGLES SAINT-ANTONIN-DE-SOMMAIRE SAINT-AUBIN-DU-THENNEY SAINT-AUBIN-LE-VERTUEUX SAINT-GERMAIN-LA-CAMPAGNE SAINT-JEAN-DU-THENNEY SAINT-MARDS-DE-FRESNE SAINT-QUENTIN-DES-ISLES SAINT-VICTOR-DE-CHRETIENVILLE LA VIEILLE-LYRE |
16.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Gironde (33) |
|
|
MARGUERON PINEUILH LA ROQUILLE SAINT-ANDRE-ET-APPELLES SAINT-AVIT-SAINT-NAZAIRE SAINTE-FOY-LA-GRANDE SAINT-PHILIPPE-DU-SEIGNAL |
19.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Indre (36) |
|
|
ANJOUIN ARGY BAGNEUX BRION CHABRIS LA CHAMPENOISE DUN-LE-POELIER FRANCILLON FREDILLE GEHEE GIROUX HEUGNES JEU-MALOCHES LANGE: Ouest du Nahon LEVROUX: Sud de la D8 LIZERAY LUCAY-LE-LIBRE LUCAY-LE-MALE MENETOU-SUR-NAHON MENETREOLS-SOUS-VATAN MEUNET-SUR-VATAN MOULINS-SUR-CEPHONS: Sud de la D8 ORVILLE: A l’est de la D25 PAUDY PELLEVOISIN REBOURSIN SAINT-CHRISTOPHE-EN-BAZELLE SAINT-VALENTIN SELLES-SUR-NAHON SEMBLECAY SOUGE VALENCAY: Nord-Ouest du Nahon VAL-FOUZON VATAN VEUIL VICQ-SUR-NAHON: A l’ouest du Nahon VILLEGONGIS VINEUIL |
3.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Loiret (45) |
|
|
AUXY BATILLY-EN-GÂTINAIS BEAUNE-LA-ROLANDE BOISCOMMUN BONNÉE BORDEAUX-EN-GÂTINAIS BRAY-SAINT AIGNAN CHAMBON-LA-FORÊT CHAPELON CHÂTEAUNEUF-SUR-LOIRE COMBREUX CORBEILLES CORQUILLEROY ÉGRY GAUBERTIN GERMIGNY-DES-PRÉS GONDREVILLE INGRANNES JURANVILLE LANGESSE LE MOULINET-SUR-SOLIN LES BORDES LOMBREUIL LORCY MIGNÈRES MIGNERETTE MONTBARROIS MONTEREAU MORMANT-SUR-VERNISSON MOULON NANCRAY-SUR-RIMARDE NIBELLE OUSSOY-EN-GÂTINAIS OUZOUER-DES-CHAMPS OUZOUER-SUR-LOIRE PANNES SAINT-BENOÎT-SUR-LOIRE SAINT-HILAIRE-SUR-PUISEAUX SAINT-LOUP-DES-VIGNES SAINT-MARTIN-D'ABBAT SAINT-MAURICE-SUR-FESSARD SAINT-MICHEL SAINT-PÈRE-SUR-LOIRE SEICHEBRIÈRES SOLTERRE VARENNES-CHANGY VILLEMANDEUR VILLEVOQUES VIMORY VITRY-AUX-LOGES |
26.11.2022 |
|
AMILLY AUXY BATILLY-EN-GÂTINAIS BEAUNE-LA-ROLANDE BOISCOMMUN BOISMORAND BONNÉE BORDEAUX-EN-GÂTINAIS LES BORDES BRAY-SAINT AIGNAN CHÂLETTE-SUR-LOING CHAMBON-LA-FORÊT CHAPELON CHÂTEAUNEUF-SUR-LOIRE LES CHOUX COMBREUX CONFLANS-SUR-LOING CORBEILLES CORQUILLEROY CORTRAT DAMPIERRE-EN-BURLY ÉGRY GAUBERTIN GERMIGNY-DES-PRÉS GONDREVILLE INGRANNES JURANVILLE LANGESSE LES BORDES LORCY MIGNÈRES MIGNERETTE MONTARGIS MONTBARROIS MONTCRESSON MORMANT-SUR-VERNISSON MOULON NANCRAY-SUR-RIMARDE NEVOY NIBELLE NOGENT-SUR-VERNISSON OUZOUER-DES-CHAMPS OUZOUER-SUR-LOIRE PANNES PRESSIGNY-LES-PINS SAINT-BENOÎT-SUR-LOIRE SAINT-HILAIRE-SUR-PUISEAUX SAINT-LOUP-DES-VIGNES SAINT-MARTIN-D'ABBAT SAINT-MICHEL SAINT-PÈRE-SUR-LOIRE SEICHEBRIÈRES SOLTERRE VILLEMANDEUR VILLEVOQUES VIMORY VITRY-AUX-LOGES |
11.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Nord (59) |
|
|
ARMENTIERES AUBERS BEAUCAMPS-LIGNY BERTHEN BLARINGHEM BOESCHEPE BOESEGHEM BOIS-GRENIER BORRE CAESTRE CAPINGHEM CASSEL DEULEMONT EECKE ENGLOS ENNETIERES-EN-WEPPES ERQUINGHEM-LE-SEC ESCOBECQUES FOURNES-EN-WEPPES FRELINGHIEN FROMELLES GODEWAERSVELDE HALLENNES-LEZ-HAUBOURDIN HANTAY HAVERSKERQUE HAZEBROUCK HERLIES HONDEGHEM HOUPLINES ILLIES LA BASSEE LA CHAPELLE-D'ARMENTIERES LE MAISNIL LYNDE MARQUILLIES MORBECQUE OXELAERE PERENCHIES PRADELLES PREMESQUES QUESNOY-SUR-DEULE RADINGHEM-EN-WEPPES SAINGHIN-EN-WEPPES SAINT-JANS-CAPPEL SAINT-SYLVESTRE-CAPPEL SAINTE-MARIE-CAPPEL SALOME SANTES SEQUEDIN SERCUS STEENBECQUE STEENVOORDE TERDEGHEM THIENNES VERLINGHEM WALLON-CAPPEL WARNETON WAVRIN WICRES FLETRE |
17.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Orne (61) |
|
|
AUBE AVERNES-SAINT-GOURGON BEAUFAI LE BOSC-RENOULT BRETHEL CHAUMONT CISAI-SAINT-AUBIN ECORCEI LA FERTE-EN-OUCHE LA GONFRIERE L'AIGLE NEUVILLE-SUR-TOUQUES RAI SAINT-AUBIN-DE-BONNEVAL SAINT-EVROULT-DE-MONTFORT SAINT-EVROULT-NOTRE-DAME-DU-BOIS SAINT-GERMAIN-D'AUNAY SAINT-HILAIRE-SUR-RISLE SAINT-MARTIN-D'ECUBLEI SAINT-NICOLAS-DE-SOMMAIRE SAINT-PIERRE-DES-LOGES SAINT-SULPICE-SUR-RISLE SAINT-SYMPHORIEN-DES-BRUYERES SAP-EN-AUGE LE SAP-ANDRE TOUQUETTES LA TRINITE-DES-LAITIERS |
16.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Pas-de-Calais (62) |
|
|
ABLAIN-SAINT-NAZAIRE AGNIERES AIRE-SUR-LA-LYS AIX-NOULETTE ANGRES ANNEQUIN ANVIN AUBIGNY-EN-ARTOIS AUCHY-LES-MINES AVERDOINGT BAILLEUL-AUX-CORNAILLES BAJUS BARLIN BERGUENEUSE BERLES-MONCHEL BETHONSART BILLY-BERCLAU BLESSY BOMY BOURS BOVIGNY-BOYEFFLES BOYAVAL BRIAS BULLY-LES-MINES CAMBLAIN-L’ABBE CAMBLIGNEUL CAMBRIN CARENCY CAUCOURT CHELERS CONTEVILLE-EN-TERNOIS CUINCHY DOUVRINS EPS ERNY-SAINT-JULIEN ESTREE-BLANCHE ESTREE-CAUCHY FEBVIN-PALFART FESTUBERT FIEFS FLECHIN FONTAINE-LES-BOULANS FONTAINE-LES-HERMANS FRESNICOURT-LE-DOLMEN FREVILLERS GAUCHIN-LEGAL GAUCHIN-VERLOINGT GIVENCHY-LES-LA-BASSEE GOUY-SERVINS GRENAY HAISNES HERNICOURT HERSIN-COUPIGNY HESTRUS HEUCHIN HUCLIER HULLUCH LA COMTE LA THEULOYE LABOURSE LAIRES LAMBRES LIETTRES LIEVIN LIGNY-LES-AIRE LIGNY-SAINT-FLOCHEL LINGHEM LISBOURG LOOS-EN-GOHELLE MAGNICOURT-EN-COMTE MAMETZ MARQUAY MAZINGARBE MINGOVAL MONCHY-BRETON MONCHY-CAYEUX NEDON NEDONCHEL NOEUX-LES-MINES NOYELLES-LES-VERMELLES OSTREVILLE PREDEFIN QUERNES RELY ROELLECOURT ROMBLY ROQUETOIRE SACHIN SAILLY-LABOURSE SAINS-EN-GOHELLE SAINS-LES-PERNES SAINT-AUGUSTIN SAINT-MICHEL-SUR-TERNOISE SAINT-POL-SUR-TERNOISE SAVY-BERLETTE SERVINS TANGRY TINCQUES TROISVAUX VALHUON VERMELLES VILLERS-AU-BOIS VILLERS-BRULIN VILLERS-CHATEL VIOLAINES WESTREHEM WITTERNESSE WITTES |
17.12.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Rhône (69) |
|
|
ODENAS VAUXRENARD CHENAS CENVES JULLIE FLEURIE LANTIGNIE CHIROUBLES JULIENAS BELLEVILLE EN BEAUJOLAIS REGNIE-DURETTE LANCIE EMERINGES CORCELLES-EN-BEAUJOLAIS CHARENTAY TAPONAS CERCIE VILLIE-MORGON SAINT-LAGER DEUX-GROSNES SAINT-GEORGES-DE-RENEINS |
18.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Saône-et-Loire (71) |
|
|
BUSSIERES CHARNAY LES MACON CHASSELAS CHEVAGNY LES CHEVRIERES DAVAYE FUISSE HURIGNY LA ROCHE VINEUSE LAIZE LEYNES MACON PRISSE PRUZILLY SAINT AMOUR BELLEVUE SAINT MARTIN BELLE ROCHE SAINT VERAND SANCE SERRIERES SOLUTRE POUILLY VERGISSON |
18.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Seine-et-Marne (77) |
|
|
ANDREZEL ARGENTIERES AUBEPIERRE-OZOUER-LE-REPOS AVON BEAUVOIR BERNAY-VILBERT BLANDY BOIS-LE-ROI BOMBON BREAU CANNES-ECLUSE CESSOY-EN-MONTOIS CHAMPAGNE-SUR-SEINE CHAMPDEUIL CHAMPEAUX LA CHAPELLE-GAUTHIER LA CHAPELLE-IGER LA CHAPELLE-RABLAIS LA CHAPELLE-SAINT-SULPICE CHARTRETTES CHATEAUBLEAU LE CHATELET-EN-BRIE CHATENAY-SUR-SEINE CHATILLON-LA-BORDE CHATRES CHAUMES-EN-BRIE CHENOISE CLOS-FONTAINE COURCELLES-EN-BASSEE COURPALAY COURQUETAINE COURTOMER COUTENCON CRISENOY LA CROIX-EN-BRIE CUCHARMOY DONNEMARIE-DONTILLY ECHOUBOULAINS LES ECRENNES EGLIGNY ESMANS QUIERS FERICY FONTAINEBLEAU FONTAINE-LE-PORT FONTAINS FONTENAILLES FONTENAY-TRESIGNY FORGES FOUJU GASTINS LA GRANDE-PAROISSE GRANDPUITS-BAILLY-CARROIS GUIGNES GURCY-LE-CHATEL HERICY JOUY-LE-CHATEL LAVAL-EN-BRIE LIMOGES-FOURCHES LISSY LIVERDY-EN-BRIE LIVRY-SUR-SEINE LIZINES LUISETAINES LUMIGNY-NESLES-ORMEAUX MACHAULT MAINCY MAISON-ROUGE MARLES-EN-BRIE MAROLLES-SUR-SEINE MEIGNEUX MELUN MOISENAY MONS-EN-MONTOIS MONTEREAU-FAULT-YONNE MONTEREAU-SUR-LE-JARD MONTIGNY-LENCOUP MORET-LOING-ET-ORVANNE MORMANT NANGIS OZOUER-LE-VOULGIS PAMFOU PECY LE PLESSIS-FEU-AUSSOUX THENISY RAMPILLON LA ROCHETTE ROZAY-EN-BRIE RUBELLES SAINT-GERMAIN-LAVAL SAINT-GERMAIN-LAXIS SAINT-JUST-EN-BRIE SAINT-LOUP-DE-NAUD SAINT-MAMMES SAINT-MERY SAINT-OUEN-EN-BRIE SALINS SAMOIS-SUR-SEINE SAMOREAU SAVINS SIGY SIVRY-COURTRY SOGNOLLES-EN-MONTOIS SOIGNOLLES-EN-BRIE THOMERY LA TOMBE TOUQUIN VALENCE-EN-BRIE VANVILLE VARENNES-SUR-SEINE VAUDOY-EN-BRIE VAUX-LE-PENIL VERNEUIL-L'ETANG VERNOU-LA-CELLE-SUR-SEINE VIEUX-CHAMPAGNE VILLENEUVE-LES-BORDES VIMPELLES VOINSLES VOISENON VULAINES-LES-PROVINS VULAINES-SUR-SEINE YEBLES SOLERS |
27.11.2022 |
|
Les communes suivantes dans le département: Deux-Sevres (79) |
|
|
L'ABSIE ALLONNE LE BEUGNON LA BOISSIERE-EN-GATINE CHAMPDENIERS-SAINT-DENIS LA CHAPELLE-SAINT-ETIENNE COULON COURS ECHIRE FAYE-SUR-ARDIN GERMOND-ROUVRE LES GROSEILLERS LARGEASSE MOUTIERS-SOUS-CHANTEMERLE NIORT PAMPLIE LE RETAIL SAINT-MARC-LA-LANDE SAINT-MAXIRE SAINTE-OUENNE SAINT-PAUL-EN-GATINE SAINT-REMY SCIECQ SCILLE SECONDIGNY SURIN TRAYES VERNOUX-EN-GATINE |
28.11.2022 |
Lidstaat: Italië
|
Gebied omvattende: |
Datum einde geldigheid van de in artikel 3 bis bedoelde maatregelen |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Region: Lombardia |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
30.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Region: Veneto |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
30.11.2022 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
(*) |
Voor de toepassing van deze bijlage wordt, overeenkomstig het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, en met name artikel 5, lid 4, van het Protocol inzake Ierland/Noord-Ierland, in samenhang met bijlage 2 bij dat protocol, bij verwijzingen naar de lidstaten ook het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot Noord-Ierland bedoeld. |
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/259 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2323 VAN DE COMMISSIE
van 22 november 2022
inzake het verzoek tot registratie van het Europees burgerinitiatief “Europese “Whatever it takes”-dag” op grond van Verordening (EU) 2019/788 van het Europees Parlement en de Raad
(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) 2019/788 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende het Europees burgerinitiatief (1), en met name artikel 6, leden 2 en 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Op 27 juli 2022 is bij de Commissie een verzoek tot registratie van het Europees burgerinitiatief genaamd “Europese “Whatever it takes”-dag” ingediend. |
|
(2) |
Het doel van het initiatief, zoals omschreven door de organisatoren, is “de Europese Commissie op te roepen om naar aanleiding van de uitspraak “Whatever it Takes” (26 juli 2012) een Europese “Whatever it Takes”-dag in te stellen als eerbetoon aan de institutionele wijsheid en het vermogen tot baanbrekende verandering die de Europese instellingen tijdens de grote recessie aan de dag hebben gelegd. Een inspirerend hoofdstuk over de functionele veerkracht van de EU en de kerncapaciteiten die instellingen, naties en samenlevingen nodig hebben om vooruitgang te stimuleren in tijden waarin het zaak is meerdere crises tegelijkertijd te beheren”. |
|
(3) |
Een bijlage en een aanvullend document, getiteld “Whatever it Takes Manifesto”, bevatten nadere bijzonderheden over het onderwerp, de doelstellingen en de achtergrond van het initiatief en vermelden de precieze redenen waarom het initiatief steun verdient. Het initiatief is bedoeld om een “Whatever it Takes”-dag te vieren als “symbolische blijk van paneuropeanisme”. De woorden komen uit de verklaring die de voormalige president van de Europese Centrale Bank, Mario Draghi, op 26 juli 2012 heeft afgelegd. Dankzij het moderne leiderschap en de inspirerende visie die erin tot uiting kwamen, heeft deze verklaring volgens de organisatoren vormgegeven aan de geschiedenis van de eurozone en de economische integratie. De organisatoren voegen bij hun voorstel “drie kernboodschappen” ter ondersteuning van hun pleidooi voor een “Whatever it Takes”-dag: “a) blijvend de aandacht vestigen op een van de meest kritieke reddingsacties voor de euro, als blijk van erkenning voor de institutionele wijsheid en veerkracht die de EU aan de dag heeft gelegd in de periode van de grote recessie, toen de eurozone en de nationale economieën ernstig werden bedreigd; b) de stemmen van de EU samen brengen en de Europese waarden van democratie, culturele diversiteit, vrede en mensenrechten vieren in tijden van makkelijke kritiek, maatschappelijk extremisme, euroscepticisme en toenemend populisme in heel Europa; c) licht werpen op het aanpassingsvermogen en het crisisoplossend vermogen waarover de Europese instellingen beschikken en dat ze moeten blijven tonen om de vooruitgang te stimuleren en het hoofd te bieden aan wat komen gaat.”. |
|
(4) |
Op 26 augustus 2022 heeft de Commissie de groep organisatoren overeenkomstig artikel 6, lid 4, van Verordening (EU) 2019/788 in kennis gesteld van haar beoordeling dat aan de registratievereisten van artikel 6, lid 3, punten a), d) en e), van die verordening is voldaan en dat het vereiste van artikel 6, lid 3, punt b), niet van toepassing is. De Commissie heeft ook aangegeven dat zij op basis van de tekst van het initiatief zoals geformuleerd in het verzoek van 27 juli 2022 niet kan concluderen dat het voldoet aan het vereiste van artikel 6, lid 3, eerste alinea, punt c), van Verordening (EU) 2019/788, en heeft de organisatoren verzocht te verduidelijken welke de specifieke doelstellingen van de “Europese “Whatever it Takes”-dag” zijn en welke concrete wettelijke maatregelen de Commissie wordt verzocht voor te stellen. |
|
(5) |
Op 26 oktober 2022 hebben de organisatoren de Commissie in kennis gesteld van hun besluit om hun registratieverzoek overeenkomstig artikel 6, lid 4, van Verordening (EU) 2019/788 te handhaven. Zij hebben daarbij geen verdere verduidelijking gegeven over de reikwijdte van hun initiatief, noch over de concrete wettelijke maatregelen die de Commissie wordt verzocht voor te stellen. |
|
(6) |
Het blijft dan ook onduidelijk wat met het instellen van de “Whatever it Takes”-dag wordt gemarkeerd: het economisch en monetair beleid van de Unie, het vermogen van de instellingen van de Unie als geheel om uitdagingen in algemene zin aan te pakken, of beide. |
|
(7) |
De Verdragen bevatten geen autonome bepalingen die voorzien in de instelling van herdenkingsdagen of -jaren. In sommige gevallen zijn speciale Europese “dagen” of “jaren” formeel vastgesteld bij rechtshandelingen die zijn aangenomen op basis van materiële bepalingen in de Verdragen die betrekking hebben op het onderwerp van de bijzondere herdenking (2). |
|
(8) |
De Commissie kan, voor een initiatief dat enkel als fundamenteel doel zou hebben een Europese “Whatever it Takes”-dag uit te roepen om de krachtige aanpak van economische en monetaire uitdagingen door de Unie te vieren, in titel VIII VWEU betreffende het economisch en monetair beleid geen passende rechtsgrondslag vinden voor het indienen van een rechtshandeling waarbij uitsluitend een dergelijke speciale Europese herdenkingsdag wordt ingesteld. |
|
(9) |
De beschrijving van het initiatief door de organisatoren bevat echter een reeks horizontale elementen die erop wijzen dat de reikwijdte van het initiatief algemener is opgevat, niet gericht is op specifieke beleidsterreinen en louter bedoeld is om iets te herdenken. Een van de kernboodschappen van het initiatief is immers “de stemmen van de EU samen te brengen en de Europese waarden van democratie, culturele diversiteit, vrede en mensenrechten te vieren”, wat deels overeenkomt met de in artikel 2 van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde fundamentele waarden van de Unie en de in artikel 3 VEU vastgelegde algemene doelstellingen van de Unie. |
|
(10) |
Noch de artikelen 2 en 3 VEU, noch artikel 17 VEU, waarnaar de organisatoren in hun registratieverzoek verwijzen, verlenen de Commissie de nodige concrete bevoegdheden om een voorstel voor een rechtshandeling van de Unie in te dienen, en deze artikelen kunnen dus niet worden gebruikt als rechtsgrondslag voor een voorstel voor een rechtshandeling van de Unie waarmee de doelstellingen van het initiatief worden nagestreefd. Op basis van artikel 352 VWEU zijn er echter wel al maatregelen vastgesteld om de Europese Unie en haar waarden beter onder de aandacht te brengen en de communicatie met haar burgers in het algemeen te verbeteren (3). |
|
(11) |
Aangezien het initiatief tot doel lijkt te hebben de eerbiediging en de bevordering van verschillende waarden van de Unie te versterken en de doelstellingen ervan overeen lijken te stemmen met de in artikel 3 VEU vastgelegde doelstellingen van de Unie, en aangezien het initiatief niet gericht lijkt te zijn op de invoering of wijziging van wetgeving op specifieke in de Verdragen omschreven beleidsterreinen, wordt geconcludeerd dat — althans voor het controleren van de formele registratievoorwaarden — niet duidelijk blijkt dat de Commissie geen voorstel voor een rechtshandeling voor het uitroepen van een herdenkingsdag ter verwezenlijking van de doelstellingen van de Verdragen kan indienen op basis van artikel 352 VWEU. Op grond van die bepaling kan de Commissie bij de Raad een voorstel voor maatregelen die nodig zijn om een van de doelstellingen van de Verdragen te verwezenlijken, indienen zonder dat de Verdragen in de daarvoor vereiste bevoegdheden voorzien. |
|
(12) |
Geen van de onderdelen van het initiatief valt derhalve duidelijk buiten het kader van de bevoegdheden van de Commissie om een voorstel in te dienen voor een rechtshandeling van de Unie ter uitvoering van de Verdragen. |
|
(13) |
Deze conclusie doet geen afbreuk aan de beoordeling of in dit geval voldaan is aan de concrete materiële voorwaarden voor optreden van de Commissie, met inbegrip van naleving van het evenredigheidsbeginsel en het subsidiariteitsbeginsel en de verenigbaarheid met de grondrechten. |
|
(14) |
De groep organisatoren heeft het nodige bewijs verstrekt dat zij aan de vereisten van artikel 5, leden 1 en 2, van Verordening (EU) 2019/788 voldoet en heeft de contactpersonen aangewezen overeenkomstig artikel 5, lid 3, eerste alinea, van die verordening. |
|
(15) |
Het initiatief is niet kennelijk beledigend, lichtzinnig of ergerlijk en druist niet kennelijk in tegen de in artikel 2 VEU vastgelegde waarden van de Unie, noch tegen de in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie vervatte rechten. |
|
(16) |
Het initiatief genaamd “Europese “Whatever it Takes”-dag” moet daarom worden geregistreerd. |
|
(17) |
De conclusie dat aan de voorwaarden voor registratie krachtens artikel 6, lid 3, van Verordening (EU) 2019/788 is voldaan, impliceert geenszins dat de Commissie de feitelijke juistheid van de inhoud van het initiatief bevestigt; deze is de uitsluitende verantwoordelijkheid van de groep organisatoren van het initiatief. De inhoud van het initiatief geeft alleen de standpunten weer van de groep organisatoren en kan in geen geval worden opgevat als een weergave van de standpunten van de Commissie, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Het initiatief genaamd “Europese “Whatever it Takes”-dag” wordt geregistreerd.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de groep organisatoren van het burgerinitiatief “Europese “Whatever it Takes”-dag”, vertegenwoordigd door de heer Rui Pedro GONÇALVES DUARTE en de heer David Jorge FERREIRA DA SILVA, die als contactpersonen optreden.
Gedaan te Straatsburg, 22 november 2022.
Voor de Commissie
Věra JOUROVÁ
Vicevoorzitter
(1) PB L 130 van 17.5.2019, blz. 55.
(2) Zie bijvoorbeeld Besluit nr. 940/2011/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2011 betreffende het Europees Jaar voor actief ouder worden en solidariteit tussen de generaties (2012) (PB L 246 van 23.9.2011, blz. 5), gebaseerd op artikel 153, lid 2, VWEU, en Besluit (EU) 2021/2316 van het Europees Parlement en de Raad van 22 december 2021 over een Europees Jaar van de Jeugd (2022) (PB L 462 van 28.12.2021, blz. 1), gebaseerd op artikel 165, lid 2, VWEU.
(3) Zie bijv. Verordening (EU) nr. 390/2014 van de Raad van 14 april 2014 tot vaststelling van het programma “Europa voor de burger” voor de periode 2014-2020 (PB L 115 van 17.4.2014, blz. 3).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/262 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2324 VAN DE COMMISSIE
van 23 november 2022
tot wijziging van Beschikking 2008/294/EG teneinde daarin aanvullende toegangstechnologieën en maatregelen voor de exploitatie van mobielecommunicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten) in de Unie op te nemen
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2022) 8321)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Beschikking nr. 676/2002/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een regelgevingskader voor het radiospectrumbeleid in de Europese Gemeenschap (radiospectrumbeschikking) (1), en met name artikel 4, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Beschikking 2008/294/EG van de Commissie (2) staat de exploitatie van mobielecommunicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten) in de Europese Unie met GSM-, UMTS- en LTE-technologieën toe en stelt de toepasselijke geharmoniseerde technische voorwaarden voor MCA-diensten vast. |
|
(2) |
Door op vliegtuigen ook in 5G-connectiviteit te voorzien verbeteren de communicatiediensten voor passagiers tijdens reizen. Tegelijkertijd wordt gebruikgemaakt van de meest recente beschikbare technologie en wordt een efficiënt spectrumgebruik gegarandeerd. Zo wordt bijgedragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de strategie van de Commissie inzake connectiviteit, zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie “Connectiviteit voor een competitieve digitale eengemaakte markt — Naar een Europese gigabitmaatschappij” (3) en geactualiseerd met de mededeling van de Commissie “Digitaal kompas 2030: de Europese aanpak voor het digitale decennium” (4). |
|
(3) |
Voorts moet MCA-apparatuur aan boord van vliegtuigen volgens het huidige regelgevingskader uitgerust zijn met een netwerkbesturingseenheid (Network Control Unit, NCU) om te voorkomen dat mobiele eindapparatuur aan boord van vliegtuigen verbinding krijgt met terrestrische UMTS-mobielecommunicatienetwerken. |
|
(4) |
Op 14 oktober 2020 heeft de Europese Commissie overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Beschikking nr. 676/2002/EG de Europese Conferentie van de Administraties van Posterijen en van Telecommunicatie (CEPT) een mandaat gegeven om technische studies uit te voeren naar het potentiële gebruik van 5G-technologie en naar de aanwending van een facultatieve netwerkbesturingseenheid aan boord van vliegtuigen met MCA. |
|
(5) |
In het kader van dat mandaat heeft de CEPT op 5 november 2021 verslag 81 aangenomen, waarin geharmoniseerde technische voorwaarden worden vastgesteld voor de exploitatie van 5G-connectiviteit op niet-actieve antennesystemen (non-AAS) voor MCA in de 1800MHz-frequentieband (1710-1785 MHz en 1805-1880 MHz) en waarin de voorwaarden voor het gebruik van een netwerkbesturingseenheid in MCA worden bepaald. |
|
(6) |
In CEPT-verslag 81 werd geconcludeerd dat het gebruik van NCU bij MCA-diensten in het downlinkgedeelte van de 900MHz-band (925-960 MHz) om verbinding met 3G-UMTS-netwerken aan de grond te voorkomen, momenteel verplicht moet blijven. Voorts werd geconcludeerd dat het gebruik van NCU voor MCA-diensten in het 3G-downlinkgedeelte van de gepaarde terrestrische 2GHz-band (2110-2170 MHz) in de nabije toekomst facultatief zou kunnen worden gemaakt. Ten gevolge van nieuwe technische ontwikkelingen was het niet langer noodzakelijk om via een NCU de verbinding van mobiele eindapparatuur met terrestrische mobiele netwerken in de UMTS-frequentieband 1800 MHz te voorkomen. |
|
(7) |
CEPT-verslag 81 maakte geen melding van interferentie (bv. verhoogde signaalbelasting, capaciteitsvermindering) die exploitanten van mobiele netwerken op hun terrestrische UMTS-netwerken die gebruikmaken van de 900MHz- of de gepaarde terrestrische 2GHz-frequentiebanden, zouden ondervinden van mobiele eindapparatuur aan boord van vliegtuigen (ongeacht of een vliegtuig is uitgerust met een MCA-systeem dat een NCU omvat). Volgens verslag 81 was dit gebrek aan meldingen met name toe te schrijven aan de complexiteit van het effect en van de meting van dat effect. |
|
(8) |
Er moet wel degelijk rekening worden gehouden met de moeilijkheid om interferentie van mobiele telefoons aan boord van met MCA uitgeruste vliegtuigen met 3G UMTS-netwerken aan de grond te beoordelen en met het daaruit voortvloeiende gebrek aan bewijs in CEPT-verslag 81 met betrekking tot de noodzaak van NCU-uitrol voor 3G UMTS. Naar aanleiding van CEPT-verslag 81 heeft de CEPT echter, rekening houdend met verdere input en ontwikkelingen, besloten dat het gebruik van een NCU aan boord van met MCA-apparatuur uitgeruste vliegtuigen in de 900MHz-band en de gepaarde terrestrische 2GHz-banden vanaf 1 januari 2026 niet langer verplicht mag zijn, gezien de snelheid waarmee momenteel netwerken worden opgewaardeerd naar 4G en 5G en waarmee 3G-netwerken worden uitgefaseerd (5). |
|
(9) |
De technische specificaties van de MCA moeten worden geëvalueerd om ervoor te zorgen dat zij voortdurend aansluiten bij de technologische vooruitgang en de ontwikkelingen van de markt. |
|
(10) |
Beschikking 2008/294/EG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(11) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Radiospectrumcomité, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Beschikking 2008/294/EG wordt vervangen door de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Zo spoedig mogelijk, en in ieder geval uiterlijk op 30 juni 2023, stellen de lidstaten de in tabel 1 van de bijlage vermelde frequentiebanden voor 5G op non-AAS op interferentievrije en onbeschermde basis beschikbaar voor MCA-diensten, mits deze diensten voldoen aan de voorwaarden van de bijlage.
Artikel 3
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 23 november 2022.
Voor de Commissie
Margrethe VESTAGER
Lid van de Commissie
(1) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 1.
(2) Beschikking 2008/294/EG van de Commissie van 7 april 2008 betreffende geharmoniseerde spectrumgebruiksvoorwaarden voor mobiele communicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten) in de Gemeenschap (PB L 98 van 10.4.2008, blz. 19).
(3) COM(2016) 587.
(4) COM(2021) 118.
(5) Op grond van de wijziging van ECC-besluit (06)07, goedgekeurd op 1.7.2022, na een openbare raadpleging van de CEPT.
BIJLAGE
1. Voor MCA-diensten toegestane frequentiebanden en systemen
Tabel 1
|
Type |
Frequentie |
Systeem |
|
GSM 1 800 |
1 710 -1 785 MHz (uplink) 1 805 -1 880 MHz (downlink) |
GSM conform de door ETSI gepubliceerde GSM-normen, met name EN 301 502, EN 301 511 en EN 302 480, of equivalente specificaties. |
|
GSM 2 100 (FDD) |
1 920 -1 980 MHz (uplink) 2 110 -2 170 MHz (downlink) |
UMTS conform de door ETSI gepubliceerde UMTS-normen, met name EN 301 908-1, EN 301 908-2, EN 301 908-3 en EN 301 908-11, of equivalente specificaties. |
|
LTE 1 800 (FDD) |
1 710 -1 785 MHz (uplink) 1 805 -1 880 MHz (downlink) |
LTE conform de door ETSI gepubliceerde LTE-normen, met name EN 301 908-1, EN 301 908-13, EN 301 908-14 en EN 301 908-15, of equivalente specificaties. |
|
5G NR non-AAS |
1 710 -1 785 MHz (uplink) 1 805 -1 880 MHz (downlink) |
5G NR non-AAS conform de door ETSI gepubliceerde 5G NR-normen, met name EN 301 908-24 en EN 301 908-25, of equivalente specificaties. |
2. Voorkoming van verbindingen tussen mobiele eindapparatuur en netwerken aan de grond
|
a) |
Tot en met 1 januari 2026 moet worden voorkomen dat mobiele eindapparatuur met een ontvangst binnen de in tabel 2 vermelde frequentiebanden en -systemen verbinding krijgt met mobiele UMTS-netwerken aan de grond:
Tabel 2
Na deze datum kunnen MCA-exploitanten besluiten in de in tabel 2 vermelde frequentiebanden en systemen een NCU te blijven toepassen. |
|
b) |
Naast het bepaalde in punt a) kunnen MCA-exploitanten besluiten een NCU in te voeren voor terrestrische systemen die elektronischecommunicatiediensten leveren in de in tabel 3 vermelde frequentiebanden. Tabel 3
|
3. Technische parameters
|
a) |
Grenswaarden van equivalent isotroop uitgestraald vermogen (e.i.r.p.), buiten het vliegtuig, resulterend uit de NCU/het basisstation van het vliegtuig (BS) Tabel 4
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
b) |
e.i.r.p.-grenswaarden buiten het vliegtuig resulterend uit de mobiele eindapparatuur aan boord Tabel 5
|
|
c) |
e.i.r.p.-grenswaarden buiten het vliegtuig resulterend uit de NCU, in andere relevante frequentiebanden Indien MCA-exploitanten besluiten gebruik te maken van een NCU om te voorkomen dat mobiele eindappartuur binnen de in tabel 3 vermelde frequentiebanden verbinding krijgt met mobiele niet-UMTS-netwerken aan de grond, zijn de in tabel 6 opgenomen maximumwaarden van toepassing op het totale e.i.r.p. buiten het vliegtuig, resulterend uit de NCU, in combinatie met de in tabel 4 vermelde waarden. Tabel 6
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
d) |
Operationele voorschriften
|
(1) Het BS van het vliegtuig is niet operationeel op 900 MHz, maar een NCU is nodig om te voorkomen dat terminals die andere MCA-kanalen gebruiken, verbinding maken met de terrestrische 900MHz-UMTS-netwerken.
(2) Voor een andere kanaalbandbreedte dan 200 kHz wordt aan de e.i.r.p.-waarden een correctie toegevoegd, berekend met de formule 10 × log10 (kanaalbandbreedte/(200 kHz)) dB.
(3) Voor een andere kanaalbandbreedte dan 5 MHz wordt aan de e.i.r.p.-waarden een correctie toegevoegd, berekend met de formule 10 × log10 (kanaalbandbreedte/(5 MHz)) dB.
(4) Deze voorwaarden gelden voor de exploitatie van MCA-systemen die tot en met 31 december 2022 zijn geïnstalleerd.
(5) Deze voorwaarden gelden voor de exploitatie van MCA-systemen die na 31 december 2022 zijn geïnstalleerd.
(6) Voor een andere kanaalbandbreedte dan 5 MHz wordt aan de e.i.r.p.-waarden een correctie toegevoegd, berekend met de formule 10 × log10 (kanaalbandbreedte/5 MHz) dB.
(7) Het e.i.r.p. wordt gespecificeerd per kanaal, ongeacht de gebruikte kanaalbandbreedte, omdat meerdere mobiele eindapparaten kunnen worden gebruikt.
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/267 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2325 VAN DE COMMISSIE
van 24 november 2022
tot niet-goedkeuring van 1,2-benzisothiazol-3(2H)-on (BIT) als een bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 10 overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (1), en met name artikel 9, lid 1, punt b),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) is op 22 december 2009 bij de bevoegde autoriteit van Spanje een aanvraag ingediend voor de goedkeuring van 1,2-benzisothiazol-3(2H)-on (BIT) voor gebruik in biociden van productsoort 10 (conserveringsmiddelen voor metselwerk), zoals omschreven in bijlage V bij die richtlijn, die overeenstemt met productsoort 10 (conserveringsmiddelen voor bouwmaterialen) zoals omschreven in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012. |
|
(2) |
Krachtens artikel 90, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 528/2012 moeten in het kader van Richtlijn 98/8/EG ingediende aanvragen waarvan de beoordeling door de lidstaat overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Richtlijn 98/8/EG per 1 september 2013 niet is afgerond, worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten overeenkomstig die verordening. |
|
(3) |
Op 1 oktober 2019 heeft de aanvrager tijdens de beoordeling van de werkzame stof door de beoordelende bevoegde autoriteit zijn aanvraag ingetrokken, en hij verzoekt niet meer om goedkeuring van BIT als werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 10. |
|
(4) |
BIT is voor productsoort 10 niet opgenomen in bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie (3), die een lijst bevat van combinaties van een werkzame stof en productsoort die in het werkprogramma voor het onderzoek van bestaande werkzame stoffen van biociden zijn opgenomen. Biociden van productsoort 10 die BIT bevatten, vallen derhalve niet onder de overgangsbepalingen van artikel 89, lid 2, van Verordening (EU) nr. 528/2012 en mogen daarom niet op de markt van de Unie worden aangeboden of gebruikt. |
|
(5) |
In overeenstemming met de overgangsbepalingen van artikel 94, lid 1, punt a), van Verordening (EU) nr. 528/2012 echter mag een behandeld voorwerp behandeld met of bewust bevattende een of meer biociden die alleen de werkzame stoffen bevatten die op 1 september 2016 voor de betrokken productsoort in onderzoek zijn in het werkprogramma bedoeld in artikel 89, lid 1, van die verordening of waarvoor uiterlijk op die datum een aanvraag tot goedkeuring voor de betrokken productsoort is ingediend, of die alleen een combinatie bevatten van dergelijke stoffen en werkzame stoffen opgenomen in de overeenkomstig artikel 9, lid 2, van die verordening voor de betrokken productsoort en het betrokken gebruik opgestelde lijst dan wel opgenomen in bijlage I, in de handel worden gebracht tot de datum die 180 dagen valt na een besluit om een van de werkzame stoffen niet goed te keuren voor het relevante gebruik, wanneer een dergelijk besluit na 1 september 2016 wordt vastgesteld. |
|
(6) |
Aangezien de aanvrager de aanvragen tot goedkeuring van BIT voor gebruik in biociden van productsoort 10 heeft ingetrokken, hoeft er geen biocide te worden beoordeeld. Bijgevolg heeft de bevoegde autoriteit het beoordelingsverslag niet afgerond en heeft het Europees Agentschap voor chemische stoffen geen advies opgesteld. Ten slotte wordt niet aan de voorwaarden van artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 voldaan, aangezien er geen biocide van productsoort 10 dat BIT bevat, naar verwachting aan de criteria van artikel 19, lid 1, punt b), van die verordening zal voldoen. Mede gezien de noodzaak om ervoor te zorgen dat behandelde voorwerpen die met BIT zijn behandeld of die deze stof voor productsoort 10 bewust bevatten, niet langer in de Unie in de handel worden gebracht, moet BIT niet worden goedgekeurd voor gebruik in biociden van productsoort 10. |
|
(7) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor biociden, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
1,2-benzisothiazol-3(2H)-on (BIT) (EG-nr.: 220-120-9; CAS-nr.: 2634-33-5) wordt niet goedgekeurd als werkzame stof voor gebruik in biociden voor productsoort 10.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 24 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1.
(2) Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123 van 24.4.1998, blz. 1).
(3) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie van 4 augustus 2014 over het in Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde werkprogramma voor het systematische onderzoek van alle bestaande werkzame stoffen van biociden (PB L 294 van 10.10.2014, blz. 1).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/269 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2326 VAN DE COMMISSIE
van 24 november 2022
tot niet-goedkeuring van epsilon-metofluthrin als een bestaande werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 19 overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (1), en met name artikel 9, lid 1, punt b),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) is in januari 2011 een aanvraag voor de goedkeuring van epsilon-metofluthrin voor gebruik in biociden van productsoort 19 (afweermiddelen en lokstoffen), zoals omschreven in bijlage V bij die richtlijn, die overeenstemt met productsoort 19 (afweermiddelen en lokstoffen) zoals omschreven in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012, ingediend bij de bevoegde autoriteit van het Verenigd Koninkrijk, die per 1 februari 2020 is vervangen door de bevoegde autoriteit van Spanje. |
|
(2) |
Krachtens artikel 90, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 528/2012 moeten in het kader van Richtlijn 98/8/EG ingediende aanvragen waarvan de beoordeling door de lidstaat overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Richtlijn 98/8/EG per 1 september 2013 niet is afgerond, worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten overeenkomstig die verordening. |
|
(3) |
Op 24 oktober 2019 heeft de aanvrager tijdens de voorbereiding van het advies betreffende de goedkeuring door het Europees Agentschap voor chemische stoffen zijn aanvraag ingetrokken, en hij verzoekt niet meer om goedkeuring van epsilon-metofluthrin als werkzame stof voor gebruik in biociden van productsoort 19. |
|
(4) |
Epsilon-metofluthrin is voor productsoort 19 niet opgenomen in bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie (3), die een lijst bevat van combinaties van een werkzame stof en productsoort die in het werkprogramma voor het onderzoek van bestaande werkzame stoffen van biociden zijn opgenomen. Biociden van productsoort 19 die epsilon-metofluthrin bevatten, vallen derhalve niet onder de overgangsbepalingen van artikel 89, lid 2, van Verordening (EU) nr. 528/2012 en mogen daarom niet op de markt van de Unie worden aangeboden of gebruikt. |
|
(5) |
In overeenstemming met de overgangsbepalingen van artikel 94, lid 1, punt a), van Verordening (EU) nr. 528/2012 echter mag een behandeld voorwerp behandeld met of bewust bevattende een of meer biociden die alleen de werkzame stoffen bevatten die op 1 september 2016 voor de betrokken productsoort in onderzoek zijn in het werkprogramma bedoeld in artikel 89, lid 1, van die verordening of waarvoor uiterlijk op die datum een aanvraag tot goedkeuring voor de betrokken productsoort is ingediend, of die alleen een combinatie bevatten van dergelijke stoffen en werkzame stoffen opgenomen in de overeenkomstig artikel 9, lid 2, van die verordening voor de betrokken productsoort en het betrokken gebruik opgestelde lijst dan wel opgenomen in bijlage I, in de handel worden gebracht tot de datum die 180 dagen valt na een besluit om een van de werkzame stoffen niet goed te keuren voor het relevante gebruik, wanneer een dergelijk besluit na 1 september 2016 wordt vastgesteld. |
|
(6) |
Aangezien de aanvrager de aanvragen tot goedkeuring van epsilon-metofluthrin voor gebruik in biociden van productsoort 19 heeft ingetrokken, hoeft er geen biocide te worden beoordeeld. Bijgevolg heeft het Europees Agentschap voor chemische stoffen geen advies opgesteld. Ten slotte wordt niet aan de voorwaarden van artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 voldaan, aangezien er geen biocide van productsoort 19 dat epsilon-metofluthrin bevat, naar verwachting aan de criteria van artikel 19, lid 1, punt b), van die verordening zal voldoen. Mede gezien de noodzaak om ervoor te zorgen dat behandelde voorwerpen die met epsilon-metofluthrin zijn behandeld of die deze stof voor productsoort 19 bewust bevatten, niet langer in de Unie in de handel worden gebracht, moet epsilon-metofluthrin niet worden goedgekeurd voor gebruik in biociden van productsoort 19. |
|
(7) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor biociden, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Epsilon-metofluthrin (CAS-nr.: 240494-71-7) wordt niet goedgekeurd als werkzame stof voor gebruik in biociden voor productsoort 19.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 24 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1.
(2) Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123 van 24.4.1998, blz. 1).
(3) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie van 4 augustus 2014 over het in Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde werkprogramma voor het systematische onderzoek van alle bestaande werkzame stoffen van biociden (PB L 294 van 10.10.2014, blz. 1).
|
28.11.2022 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 307/271 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2022/2327 VAN DE COMMISSIE
van 24 november 2022
tot niet-goedkeuring van chlooramine B als werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5 overeenkomstig Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (1), en met name artikel 9, lid 1, punt b),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 11, lid 1, van Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad (2) zijn op 25 oktober 2008 bij de bevoegde autoriteit van Tsjechië aanvragen ingediend voor de goedkeuring van chlooramine B voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5 (desinfecteermiddelen voor privégebruik en voor de openbare gezondheidszorg en andere biociden, biociden voor veterinaire hygiënedoeleinden, desinfecteermiddelen voor gebruik in de sector voeding en diervoeders, desinfecteermiddelen voor drinkwater), zoals omschreven in bijlage V bij die richtlijn, die overeenstemmen met de productsoorten 2, 3, 4 en 5 (desinfecteermiddelen en algiciden die niet rechtstreeks op mens of dier worden gebruikt, veterinaire hygiëne, voedsel- en voedergebied, drinkwater) zoals omschreven in bijlage V bij Verordening (EU) nr. 528/2012. |
|
(2) |
Krachtens artikel 90, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 528/2012 moeten in het kader van Richtlijn 98/8/EG ingediende aanvragen waarvan de beoordeling door de lidstaat overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Richtlijn 98/8/EG per 1 september 2013 niet is afgerond, worden beoordeeld door de bevoegde autoriteiten overeenkomstig die verordening. |
|
(3) |
Op 25 oktober 2021 heeft de aanvrager tijdens de beoordeling van de werkzame stof door de beoordelende bevoegde autoriteit zijn aanvragen ingetrokken en verzoekt hij niet meer om goedkeuring van chlooramine B als werkzame stof voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5. |
|
(4) |
Chlooramine B is voor de productsoorten 2, 3, 4 en 5 niet opgenomen in bijlage II bij Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie (3), die een lijst bevat van combinaties van een werkzame stof en productsoort die in het werkprogramma voor het onderzoek van bestaande werkzame stoffen van biociden zijn opgenomen. Biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5 die chlooramine B bevatten, vallen derhalve niet onder de overgangsbepalingen van artikel 89, lid 2, van Verordening (EU) nr. 528/2012 en mogen daarom niet op de markt van de Unie worden aangeboden of gebruikt. |
|
(5) |
In overeenstemming met de overgangsbepalingen van artikel 94, lid 1, punt a), van Verordening (EU) nr. 528/2012 echter mag een behandeld voorwerp behandeld met of bewust bevattende een of meer biociden die alleen de werkzame stoffen bevatten die op 1 september 2016 voor de betrokken productsoort in onderzoek zijn in het werkprogramma bedoeld in artikel 89, lid 1, van die verordening of waarvoor uiterlijk op die datum een aanvraag tot goedkeuring voor de betrokken productsoort is ingediend, of die alleen een combinatie bevatten van dergelijke stoffen en werkzame stoffen opgenomen in de overeenkomstig artikel 9, lid 2, van die verordening voor de betrokken productsoort en het betrokken gebruik opgestelde lijst dan wel opgenomen in bijlage I, in de handel worden gebracht tot de datum die 180 dagen valt na een besluit om een van de werkzame stoffen niet goed te keuren voor het relevante gebruik, wanneer een dergelijk besluit na 1 september 2016 wordt vastgesteld. |
|
(6) |
Aangezien de aanvrager de aanvragen tot goedkeuring van chlooramine B voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5 heeft ingetrokken, hoeven er geen biociden te worden beoordeeld. Bijgevolg heeft de bevoegde autoriteit de beoordelingsverslagen niet afgerond en heeft het Europees Agentschap voor chemische stoffen geen advies opgesteld. Ten slotte wordt niet aan de voorwaarden van artikel 4, lid 1, van Verordening (EU) nr. 528/2012 voldaan, aangezien er geen biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5 die chlooramine B bevatten, naar verwachting aan de criteria van artikel 19, lid 1, punt b), van die verordening zullen voldoen. Mede gezien de noodzaak om ervoor te zorgen dat behandelde voorwerpen die met chlooramine B zijn behandeld of die deze stof voor de productsoorten 2, 3, 4 en 5 bewust bevatten, niet langer in de Unie in de handel worden gebracht, moet chlooramine B niet worden goedgekeurd voor gebruik in biociden van de productsoorten 2, 3, 4 en 5. |
|
(7) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor biociden, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Chlooramine B (EG-nummer: 204-847-9; CAS-nr. 127-52-6) wordt niet goedgekeurd als werkzame stof voor gebruik in biociden voor de productsoorten 2, 3, 4 en 5.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 24 november 2022.
Voor de Commissie
De voorzitter
Ursula VON DER LEYEN
(1) PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1.
(2) Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PB L 123 van 24.4.1998, blz. 1).
(3) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1062/2014 van de Commissie van 4 augustus 2014 over het in Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde werkprogramma voor het systematische onderzoek van alle bestaande werkzame stoffen van biociden (PB L 294 van 10.10.2014, blz. 1).