ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 185

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

62e jaargang
11 juli 2019


Inhoud

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Verordening (EU) 2019/1176 van de Commissie van 10 juli 2019 tot wijziging van de bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumresidugehalten voor 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester, mandipropamid, en profoxydim in of op bepaalde producten ( 1 )

1

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1177 van de Commissie van 10 juli 2019 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat betreft de invoer van gelatine, smaakgevende ingewanden en gesmolten vet ( 1 )

26

 

 

BESLUITEN

 

*

Besluit (EU) 2019/1178 van de Raad van 8 juli 2019 betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Samenwerkingscomité dat is opgericht bij de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds, wat betreft de toepasselijke bepalingen inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en een regeling voor de invoer van biologische producten

30

 

*

Besluit (EU) 2019/1179 van de Raad van 8 juli 2019 betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt betreffende een wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden (Begrotingsonderdeel 02 04 77 03 — Voorbereidende actie inzake defensieonderzoek) ( 1 )

39

 

*

Besluit (EU) 2019/1180 van de Raad van 8 juli 2019 betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over een wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden (Begrotingsonderdeel 12 02 01 — Tenuitvoerlegging en ontwikkeling van de interne markt voor financiële diensten) ( 1 )

42

 

*

Besluit (EU) 2019/1181 van de Raad van 8 juli 2019 betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten

44

 

*

Besluit (EU) 2019/1182 van de Commissie van 3 juli 2019 over het voorgestelde burgerinitiatief EU-wetgeving, rechten van minderheden en democratisering van Spaanse instellingen (Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4972)

46

 

*

Besluit (EU) 2019/1183 van de Commissie van 3 juli 2019 over het voorgestelde burgerinitiatief Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden (Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4973)

48

 

*

Besluit (EU) 2019/1184 van de Commissie van 3 juli 2019 over het voorgestelde burgerinitiatief met als titel De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk! (Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4975)

50

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2019/1185 van de Commissie van 10 juli 2019 tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 5340)  ( 1 )

52

 

 

HANDELINGEN VAN BIJ INTERNATIONALE OVEREENKOMSTEN INGESTELDE ORGANEN

 

*

Besluit nr. 1/2019 van het EPO-comité dat is opgericht bij de tijdelijke economische partnerschapsovereenkomst tussen Ivoorkust, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds, van 11 april 2019 betreffende de toetreding van de Republiek Kroatië tot de Europese Unie [2019/1186]

83

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst.

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/1


VERORDENING (EU) 2019/1176 VAN DE COMMISSIE

van 10 juli 2019

tot wijziging van de bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de maximumresidugehalten voor 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester, mandipropamid, en profoxydim in of op bepaalde producten

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 23 februari 2005 tot vaststelling van maximumgehalten aan bestrijdingsmiddelenresiduen in of op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige en dierlijke oorsprong en houdende wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 14, lid 1, onder a), artikel 18, lid 1, onder b), en artikel 49, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Voor mandipropamid en profoxydim zijn maximumresidugehalten (MRL's) vastgesteld in deel A van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 396/2005. Voor 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester zijn in Verordening (EG) nr. 396/2005 geen MRL's vastgesteld, en aangezien die werkzame stof niet is opgenomen in bijlage IV bij die verordening, is de standaardwaarde van 0,01 mg/kg, als vastgesteld in artikel 18, lid 1, onder b), van die verordening van toepassing.

(2)

Voor 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester heeft de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) overeenkomstig artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 396/2005 (2) een met redenen omkleed advies over de bestaande MRL's uitgebracht. De EFSA heeft geconcludeerd dat niet verwacht wordt dat in plant- of dierlijke producten residuen van 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester zullen voorkomen, aangezien het unieke en beperkte gebruik ervan als bestrijdingsmiddel voor wijndruiven na enting naar verwachting niet zal leiden tot significante residuen in wijndruiven. Het is daarom passend de MRL's op de specifieke bepaalbaarheidsgrens vast te stellen. Deze standaardwaarden moeten worden vastgesteld in bijlage V bij Verordening (EG) nr. 396/2005.

(3)

Wat mandipropamid betreft, heeft de EFSA overeenkomstig artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 396/2005 (3) een met redenen omkleed advies over de bestaande MRL's uitgebracht. De EFSA heeft voorgesteld de residudefinitie te wijzigen tot mandipropamid (alle verhoudingen van samenstellende isomeren). Zij heeft aanbevolen de bestaande MRL's te verhogen of te handhaven. Zij heeft geconcludeerd dat met betrekking tot de MRL's voor aardappelen, uien, bosuien/groene uien en stengeluien, tomaten en courgettes, bepaalde gegevens ontbraken en dat er behoefte was aan verder onderzoek door risicomanagers. Aangezien er geen risico voor consumenten is, moeten de MRL's voor die producten in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 396/2005 worden vastgesteld op het bestaande niveau of op het door de EFSA vastgestelde niveau. Die MRL's worden later opnieuw beoordeeld; daarbij zal rekening worden gehouden met de informatie die binnen twee jaar na de bekendmaking van deze verordening beschikbaar komt.

(4)

Wat profoxydim betreft, heeft de EFSA overeenkomstig artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 396/2005 (4) een met redenen omkleed advies over de bestaande MRL's uitgebracht. Zij heeft aanbevolen de bestaande MRL's te handhaven.

(5)

Met betrekking tot producten waarop het gebruik van de betrokken gewasbeschermingsmiddelen niet is toegelaten en waarvoor geen invoertoleranties of CXL's bestaan, moeten de MRL's worden vastgesteld op de specifieke bepaalbaarheidsgrens of moet het standaard-MRL overeenkomstig artikel 18, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 396/2005 van toepassing zijn.

(6)

De Commissie heeft de referentielaboratoria van de Europese Unie voor bestrijdingsmiddelenresiduen geraadpleegd over de noodzaak van aanpassing van bepaalde bepaalbaarheidsgrenzen. Die laboratoria kwamen tot de conclusie dat in verband met de technische ontwikkeling voor bepaalde goederen specifieke bepaalbaarheidsgrenzen voor een aantal stoffen moeten worden vastgesteld.

(7)

Op grond van de met redenen omklede adviezen van de EFSA en rekening houdend met de ter zake relevante factoren voldoen de wijzigingen van de MRL's aan de vereisten van artikel 14, lid 2, van Verordening (EG) nr. 396/2005.

(8)

De handelspartners van de Unie zijn via de Wereldhandelsorganisatie over de nieuwe MRL's geraadpleegd en er is rekening gehouden met hun opmerkingen.

(9)

Verordening (EG) nr. 396/2005 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(10)

Deze verordening moet voorzien in een overgangsregeling voor producten die vóór de wijziging van de MRL's rechtmatig werden vervaardigd en waarvoor uit de informatie is gebleken dat een hoog niveau van consumentenbescherming wordt gehandhaafd, zodat deze op een normale wijze in de handel gebracht, verwerkt en geconsumeerd kunnen worden.

(11)

Er moet worden voorzien in een redelijke termijn voordat de gewijzigde MRL's van toepassing worden, zodat de lidstaten, derde landen en de exploitanten van levensmiddelenbedrijven zich kunnen voorbereiden op de nieuwe eisen die uit de wijziging van de MRL's zullen voortvloeien.

(12)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Verordening (EG) nr. 396/2005 blijft in de versie die vóór de wijziging uit hoofde van deze verordening van kracht was, van toepassing op producten die vóór 31 januari 2020 in de Unie zijn geproduceerd of ingevoerd.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 31 januari 2020.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 juli 2019.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 70 van 16.3.2005, blz. 1.

(2)  Europese Autoriteit voor voedselveiligheid; Review of the existing maximum residue levels for 2,5-dichlorobenzoic acid methylester according to Article 12 of Regulation (EC) No 396/2005. EFSA Journal 2018;16(6):5331.

(3)  Europese Autoriteit voor voedselveiligheid; Review of the existing maximum residue levels for mandipropamid according to Article 12 of Regulation (EC) No 396/2005. EFSA Journal 2018;16(5):5284.

(4)  Europese Autoriteit voor voedselveiligheid; Review of the existing maximum residue levels for profoxydim according to Article 12 of Regulation (EC) No 396/2005. EFSA Journal 2018;16(5):5282.


BIJLAGE

De bijlagen II, III en V bij Verordening (EG) nr. 396/2005 worden als volgt gewijzigd:

1.

Bijlage II wordt als volgt gewijzigd:

de volgende kolommen voor mandipropamid en profoxydim worden toegevoegd:

Bestrijdingsmiddelenresiduen en maximumresidugehalten (mg/kg)

Codenummer

Groepen en voorbeelden van afzonderlijke producten waarvoor de MRL's gelden (1)

Mandipropamid (alle verhoudingen van samenstellende isomeren)

Profoxydim

(1)

(2)

(3)

(4)

0100000

FRUIT, VERS of BEVROREN; NOTEN

 

0,01  (*1)

0110000

Citrusvruchten

0,01 (*1)

 

0110010

Grapefruits/pompelmoezen

 

 

0110020

Sinaasappelen

 

 

0110030

Citroenen

 

 

0110040

Limoenen/lemmetjes

 

 

0110050

Mandarijnen

 

 

0110990

Overige (2)

 

 

0120000

Noten

0,01 (*1)

 

0120010

Amandelen

 

 

0120020

Paranoten

 

 

0120030

Cashewnoten

 

 

0120040

Kastanjes

 

 

0120050

Kokosnoten

 

 

0120060

Hazelnoten

 

 

0120070

Macadamianoten

 

 

0120080

Pecannoten

 

 

0120090

Pijnboompitten

 

 

0120100

Pistaches

 

 

0120110

Walnoten

 

 

0120990

Overige (2)

 

 

0130000

Pitvruchten

0,01 (*1)

 

0130010

Appelen

 

 

0130020

Peren

 

 

0130030

Kweeperen

 

 

0130040

Mispels

 

 

0130050

Loquats/Japanse mispels

 

 

0130990

Overige (2)

 

 

0140000

Steenvruchten

0,01 (*1)

 

0140010

Abrikozen

 

 

0140020

Kersen (zoet)

 

 

0140030

Perziken

 

 

0140040

Pruimen

 

 

0140990

Overige (2)

 

 

0150000

Besvruchten en kleinfruit

 

 

0151000

a)

druiven

2

 

0151010

Tafeldruiven

 

 

0151020

Wijndruiven

 

 

0152000

b)

aardbeien

0,01 (*1)

 

0153000

c)

rubussoorten

0,01 (*1)

 

0153010

Bramen/braambessen

 

 

0153020

Dauwbramen

 

 

0153030

Frambozen (geel en rood)

 

 

0153990

Overige (2)

 

 

0154000

d)

ander kleinfruit en besvruchten

0,01 (*1)

 

0154010

Blauwe bessen

 

 

0154020

Veenbessen

 

 

0154030

Aalbessen (rood, wit en zwart)

 

 

0154040

Kruisbessen (geel, groen en rood)

 

 

0154050

Rozenbottels

 

 

0154060

Moerbeien (wit en zwart)

 

 

0154070

Azaroles/Middellandse Zeemispels

 

 

0154080

Vlierbessen

 

 

0154990

Overige (2)

 

 

0160000

Diverse vruchten met

0,01 (*1)

 

0161000

a)

eetbare schil

 

 

0161010

Dadels

 

 

0161020

Vijgen

 

 

0161030

Tafelolijven

 

 

0161040

Kumquats

 

 

0161050

Carambola's

 

 

0161060

Kaki's/Japanse persimoenen

 

 

0161070

Jambolans/djamblangs

 

 

0161990

Overige (2)

 

 

0162000

b)

niet-eetbare schil, klein

 

 

0162010

Kiwi's (geel, groen, rood)

 

 

0162020

Lychees

 

 

0162030

Passievruchten/maracuja's

 

 

0162040

Woestijnvijgen/cactusvruchten

 

 

0162050

Sterappelen

 

 

0162060

Noord-Amerikaanse persimoenen

 

 

0162990

Overige (2)

 

 

0163000

c)

niet-eetbare schil, groot

 

 

0163010

Avocado's

 

 

0163020

Bananen

 

 

0163030

Mango's

 

 

0163040

Papaja's

 

 

0163050

Granaatappels

 

 

0163060

Cherimoya's

 

 

0163070

Guaves

 

 

0163080

Ananassen

 

 

0163090

Broodvruchten

 

 

0163100

Doerians

 

 

0163110

Zuurzakken/doerian blanda

 

 

0163990

Overige (2)

 

 

0200000

GROENTEN, VERS of BEVROREN

 

 

0210000

Wortel- en knolgewassen

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0211000

a)

aardappelen

(+)

 

0212000

b)

tropische wortel- en knolgewassen

 

 

0212010

Cassave/maniok

 

 

0212020

Bataten (zoete aardappelen)

 

 

0212030

Yams

 

 

0212040

Arrowroot/pijlwortel

 

 

0212990

Overige (2)

 

 

0213000

c)

andere wortel- en knolgewassen, behalve suikerbiet

 

 

0213010

Rode bieten

 

 

0213020

Wortels

 

 

0213030

Knolselderij

 

 

0213040

Mierikswortels

 

 

0213050

Aardperen/topinamboers

 

 

0213060

Pastinaken

 

 

0213070

Wortelpeterselie

 

 

0213080

Radijzen

 

 

0213090

Schorseneren

 

 

0213100

Koolrapen

 

 

0213110

Rapen

 

 

0213990

Overige (2)

 

 

0220000

Bolgewassen

 

0,01  (*1)

0220010

Knoflook

0,01 (*1)

 

0220020

Uien

0,01 (+)

 

0220030

Sjalotten

0,01 (*1)

 

0220040

Bosuien/groene uien en stengeluien

7 (+)

 

0220990

Overige (2)

0,01 (*1)

 

0230000

Vruchtgroenten

 

0,01  (*1)

0231000

a)

Solanaceae en Malvaceae

 

 

0231010

Tomaten

3 (+)

 

0231020

Paprika's

1

 

0231030

Aubergines

3

 

0231040

Okra's, okers

0,01 (*1)

 

0231990

Overige (2)

0,01 (*1)

 

0232000

b)

Cucurbitaceae met eetbare schil

 

 

0232010

Komkommers

0,2

 

0232020

Augurken

0,01  (*1)

 

0232030

Courgettes

0,2 (+)

 

0232990

Overige (2)

0,01  (*1)

 

0233000

c)

Cucurbitaceae met niet-eetbare schil

 

 

0233010

Meloenen

0,5

 

0233020

Pompoenen

0,3

 

0233030

Watermeloenen

0,3

 

0233990

Overige (2)

0,3

 

0234000

d)

suikermais

0,01 (*1)

 

0239000

e)

andere vruchtgroenten

0,01 (*1)

 

0240000

Koolsoorten (met uitzondering van wortels en babyleafgewassen van Brassica)

 

0,01  (*1)

0241000

a)

bloemkoolachtigen

 

 

0241010

Broccoli

2

 

0241020

Bloemkolen

0,01 (*1)

 

0241990

Overige (2)

0,01 (*1)

 

0242000

b)

sluitkoolachtigen

 

 

0242010

Spruitjes

0,01 (*1)

 

0242020

Sluitkolen

3

 

0242990

Overige (2)

0,01 (*1)

 

0243000

c)

bladkoolachtigen

25

 

0243010

Chinese kool/petsai

 

 

0243020

Boerenkolen

 

 

0243990

Overige (2)

 

 

0244000

d)

koolrabi's

0,01 (*1)

 

0250000

Bladgroenten, kruiden en eetbare bloemen

 

 

0251000

a)

slasoorten

25

0,01  (*1)

0251010

Veldsla

 

 

0251020

Sla

 

 

0251030

Andijvie

 

 

0251040

Tuinkers en andere kiemen en scheuten

 

 

0251050

Winterkers

 

 

0251060

Raketsla/rucola

 

 

0251070

Rode amsoi

 

 

0251080

Babyleafgewassen (met inbegrip van Brassica-soorten)

 

 

0251990

Overige (2)

 

 

0252000

b)

spinazie en dergelijke bladgroente

25

0,01  (*1)

0252010

Spinazie

 

 

0252020

Postelein

 

 

0252030

Snijbiet

 

 

0252990

Overige (2)

 

 

0253000

c)

druivenbladeren en bladeren van dergelijke soorten

25

0,01  (*1)

0254000

d)

waterkers

25

0,01  (*1)

0255000

e)

witlof/witloof/Brussels lof

0,15

0,01  (*1)

0256000

f)

kruiden en eetbare bloemen

25

0,02  (*1)

0256010

Kervel

 

 

0256020

Bieslook

 

 

0256030

Bladselderij/snijselder

 

 

0256040

Peterselie

 

 

0256050

Salie

 

 

0256060

Rozemarijn

 

 

0256070

Tijm

 

 

0256080

Basilicum en eetbare bloemen

 

 

0256090

Laurierblad

 

 

0256100

Dragon

 

 

0256990

Overige (2)

 

 

0260000

Peulgroenten

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0260010

Bonen (met peul)

 

 

0260020

Bonen (zonder peul)

 

 

0260030

Erwten (met peul)

 

 

0260040

Erwten (zonder peul)

 

 

0260050

Linzen

 

 

0260990

Overige (2)

 

 

0270000

Stengelgroenten

 

0,01  (*1)

0270010

Asperges

0,01 (*1)

 

0270020

Kardoenen

0,01 (*1)

 

0270030

Bleekselderij

20

 

0270040

Knolvenkel

0,01 (*1)

 

0270050

Artisjokken

0,01 (*1)

 

0270060

Preien

0,01 (*1)

 

0270070

Rabarber

0,01 (*1)

 

0270080

Bamboescheuten

0,01 (*1)

 

0270090

Palmharten

0,01 (*1)

 

0270990

Overige (2)

0,01 (*1)

 

0280000

Paddenstoelen, mossen en korstmossen

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0280010

Gekweekte paddenstoelen

 

 

0280020

Wilde paddenstoelen

 

 

0280990

Mossen en korstmossen

 

 

0290000

Algen en prokaryote organismen

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0300000

PEULVRUCHTEN

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0300010

Bonen

 

 

0300020

Linzen

 

 

0300030

Erwten

 

 

0300040

Lupinen/lupinebonen

 

 

0300990

Overige (2)

 

 

0400000

OLIEHOUDENDE ZADEN EN VRUCHTEN

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0401000

Oliehoudende zaden

 

 

0401010

Lijnzaad

 

 

0401020

Pinda's/aardnoten

 

 

0401030

Papaverzaad/maanzaad

 

 

0401040

Sesamzaad

 

 

0401050

Zonnebloemzaad

 

 

0401060

Koolzaad

 

 

0401070

Sojabonen

 

 

0401080

Mosterdzaad

 

 

0401090

Katoenzaad

 

 

0401100

Pompoenzaad

 

 

0401110

Saffloerzaad

 

 

0401120

Bernagiezaad

 

 

0401130

Huttentutzaad

 

 

0401140

Hennepzaad

 

 

0401150

Wonderbonen

 

 

0401990

Overige (2)

 

 

0402000

Oliehoudende vruchten

 

 

0402010

Olijven voor oliewinning

 

 

0402020

Palmpitten

 

 

0402030

Palmvruchten

 

 

0402040

Kapok

 

 

0402990

Overige (2)

 

 

0500000

GRANEN

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0500010

Gerst

 

 

0500020

Boekweit en andere pseudogranen

 

 

0500030

Mais

 

 

0500040

Gierst/pluimgierst

 

 

0500050

Haver

 

 

0500060

Rijst

 

 

0500070

Rogge

 

 

0500080

Sorghum

 

 

0500090

Tarwe

 

 

0500990

Overige (2)

 

 

0600000

THEE, KOFFIE, KRUIDENTHEE, CACAO EN CAROB

 

0,05  (*1)

0610000

Thee

0,05  (*1)

 

0620000

Koffiebonen

0,05  (*1)

 

0630000

Kruidenthee van

0,05  (*1)

 

0631000

a)

bloemen

 

 

0631010

Kamille

 

 

0631020

Hibiscus/roselle

 

 

0631030

Roos

 

 

0631040

Jasmijn

 

 

0631050

Lindebloesem

 

 

0631990

Overige (2)

 

 

0632000

b)

bladeren en kruiden

 

 

0632010

Aardbei

 

 

0632020

Rooibos

 

 

0632030

Maté

 

 

0632990

Overige (2)

 

 

0633000

c)

wortels

 

 

0633010

Valeriaan

 

 

0633020

Ginseng

 

 

0633990

Overige (2)

 

 

0639000

d)

alle andere delen van de plant

 

 

0640000

Cacaobonen

0,06

 

0650000

Carob/johannesbrood

0,05  (*1)

 

0700000

HOP

90

0,05  (*1)

0800000

SPECERIJEN

 

 

0810000

Als specerij gebruikte zaden

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0810010

Anijs

 

 

0810020

Zwarte komijn

 

 

0810030

Selderij

 

 

0810040

Koriander

 

 

0810050

Komijn

 

 

0810060

Dille

 

 

0810070

Venkel

 

 

0810080

Fenegriek

 

 

0810090

Nootmuskaat

 

 

0810990

Overige (2)

 

 

0820000

Als specerij gebruikte vruchten

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0820010

Piment

 

 

0820020

Szechuanpeper/anijspeper

 

 

0820030

Karwij

 

 

0820040

Kardemom

 

 

0820050

Jeneverbes

 

 

0820060

Peperkorrel (groen, wit en zwart)

 

 

0820070

Vanille

 

 

0820080

Tamarinde

 

 

0820990

Overige (2)

 

 

0830000

Als specerij gebruikte bast

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0830010

Kaneel

 

 

0830990

Overige (2)

 

 

0840000

Als specerij gebruikte wortels en wortelstokken

 

 

0840010

Zoethout

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0840020

Gember (10)

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0840030

Geelwortel/kurkuma/koenjit

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0840040

Mierikswortel (11)

 

 

0840990

Overige (2)

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0850000

Als specerij gebruikte knoppen

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0850010

Kruidnagels

 

 

0850020

Kappertjes

 

 

0850990

Overige (2)

 

 

0860000

Als specerij gebruikte stampers

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0860010

Saffraan

 

 

0860990

Overige (2)

 

 

0870000

Als specerij gebruikte zaadrokken

0,05  (*1)

0,05  (*1)

0870010

Foelie

 

 

0870990

Overige (2)

 

 

0900000

SUIKERGEWASSEN

0,01 (*1)

0,01  (*1)

0900010

Suikerbiet

 

 

0900020

Suikerriet

 

 

0900030

Wortelcichorei

 

 

0900990

Overige (2)

 

 

1000000

PRODUCTEN VAN DIERLIJKE OORSPRONG - LANDDIEREN

 

 

1010000

Producten afkomstig van

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1011000

a)

varkens

 

 

1011010

Spier

 

 

1011020

Vet

 

 

1011030

Lever

 

 

1011040

Nier

 

 

1011050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1011990

Overige (2)

 

 

1012000

b)

runderen

 

 

1012010

Spier

 

 

1012020

Vet

 

 

1012030

Lever

 

 

1012040

Nier

 

 

1012050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1012990

Overige (2)

 

 

1013000

c)

schapen

 

 

1013010

Spier

 

 

1013020

Vet

 

 

1013030

Lever

 

 

1013040

Nier

 

 

1013050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1013990

Overige (2)

 

 

1014000

d)

geiten

 

 

1014010

Spier

 

 

1014020

Vet

 

 

1014030

Lever

 

 

1014040

Nier

 

 

1014050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1014990

Overige (2)

 

 

1015000

e)

paardachtigen

 

 

1015010

Spier

 

 

1015020

Vet

 

 

1015030

Lever

 

 

1015040

Nier

 

 

1015050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1015990

Overige (2)

 

 

1016000

f)

pluimvee

 

 

1016010

Spier

 

 

1016020

Vet

 

 

1016030

Lever

 

 

1016040

Nier

 

 

1016050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1016990

Overige (2)

 

 

1017000

g)

andere gekweekte landdieren

 

 

1017010

Spier

 

 

1017020

Vet

 

 

1017030

Lever

 

 

1017040

Nier

 

 

1017050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

 

1017990

Overige (2)

 

 

1020000

Melk

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1020010

Runderen

 

 

1020020

Schapen

 

 

1020030

Geiten

 

 

1020040

Paarden

 

 

1020990

Overige (2)

 

 

1030000

Vogeleieren

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1030010

Kippen

 

 

1030020

Eenden

 

 

1030030

Ganzen

 

 

1030040

Kwartels

 

 

1030990

Overige (2)

 

 

1040000

Honing en andere producten van de bijenteelt (7)

0,05 (*1)

0,05  (*1)

1050000

Amfibieën en reptielen

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1060000

Ongewervelde landdieren

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1070000

In het wild levende gewervelde landdieren

0,01  (*1)

0,01  (*1)

1100000

PRODUCTEN VAN DIERLIJKE OORSPRONG - VIS, VISPRODUCTEN EN ANDERE PRODUCTEN VAN ZOUT- EN ZOETWATERDIEREN (8)

 

 

1200000

UITSLUITEND VOOR DIERVOEDER GEBRUIKTE PRODUCTEN OF DELEN VAN PRODUCTEN (8)

 

 

1300000

VERWERKTE VOEDINGSMIDDELEN (9)

 

 

(F)

=

vetoplosbaar

Mandipropamid (alle verhoudingen van samenstellende isomeren)

(+)

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid heeft vastgesteld dat bepaalde informatie met betrekking tot de toxiciteit van metabolieten ontbreekt. Bij herbeoordeling van het MRL zal de Commissie met die informatie rekening houden als die uiterlijk op 11 juli 2021 is ingediend of, als die informatie niet op die datum is ingediend, met het ontbreken ervan.

0211000

a)

aardappelen

0220020

Uien

0220040

Bosuien/groene uien en stengeluien

(+)

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid heeft vastgesteld dat bepaalde informatie met betrekking tot de residuproeven ontbreekt. Bij herbeoordeling van het MRL zal de Commissie met die informatie rekening houden als die uiterlijk op 11 juli 2021 is ingediend of, als die informatie niet op die datum is ingediend, met het ontbreken ervan.

0231010

Tomaten

0232030

Courgettes

2.

Bijlage III wordt als volgt gewijzigd:

in deel A worden de kolommen voor mandipropamid en profoxydim geschrapt;

3.

In bijlage V wordt de volgende kolom voor 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester toegevoegd:

Bestrijdingsmiddelenresiduen en maximumresidugehalten (mg/kg)

Codenummer

Groepen en voorbeelden van afzonderlijke producten waarvoor de MRL's gelden (2)

2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester (som van 2,5-dichloorbenzoëzuur en de ester daarvan uitgedrukt als 2,5-dichloorbenzoëzuurmethylester)

(1)

(2)

(3)

0100000

FRUIT, VERS of BEVROREN; NOTEN

0,01  (*2)

0110000

Citrusvruchten

 

0110010

Grapefruits/pompelmoezen

 

0110020

Sinaasappelen

 

0110030

Citroenen

 

0110040

Limoenen/lemmetjes

 

0110050

Mandarijnen

 

0110990

Overige (2)

 

0120000

Noten

 

0120010

Amandelen

 

0120020

Paranoten

 

0120030

Cashewnoten

 

0120040

Kastanjes

 

0120050

Kokosnoten

 

0120060

Hazelnoten

 

0120070

Macadamianoten

 

0120080

Pecannoten

 

0120090

Pijnboompitten

 

0120100

Pistaches

 

0120110

Walnoten

 

0120990

Overige (2)

 

0130000

Pitvruchten

 

0130010

Appelen

 

0130020

Peren

 

0130030

Kweeperen

 

0130040

Mispels

 

0130050

Loquats/Japanse mispels

 

0130990

Overige (2)

 

0140000

Steenvruchten

 

0140010

Abrikozen

 

0140020

Kersen (zoet)

 

0140030

Perziken

 

0140040

Pruimen

 

0140990

Overige (2)

 

0150000

Besvruchten en kleinfruit

 

0151000

a)

druiven

 

0151010

Tafeldruiven

 

0151020

Wijndruiven

 

0152000

b)

aardbeien

 

0153000

c)

rubussoorten

 

0153010

Bramen/braambessen

 

0153020

Dauwbramen

 

0153030

Frambozen (geel en rood)

 

0153990

Overige (2)

 

0154000

d)

ander kleinfruit en besvruchten

 

0154010

Blauwe bessen

 

0154020

Veenbessen

 

0154030

Aalbessen (rood, wit en zwart)

 

0154040

Kruisbessen (geel, groen en rood)

 

0154050

Rozenbottels

 

0154060

Moerbeien (wit en zwart)

 

0154070

Azaroles/Middellandse Zeemispels

 

0154080

Vlierbessen

 

0154990

Overige (2)

 

0160000

Diverse vruchten met

 

0161000

a)

eetbare schil

 

0161010

Dadels

 

0161020

Vijgen

 

0161030

Tafelolijven

 

0161040

Kumquats

 

0161050

Carambola's

 

0161060

Kaki's/Japanse persimoenen

 

0161070

Jambolans/djamblangs

 

0161990

Overige (2)

 

0162000

b)

niet-eetbare schil, klein

 

0162010

Kiwi's (geel, groen, rood)

 

0162020

Lychees

 

0162030

Passievruchten/maracuja's

 

0162040

Woestijnvijgen/cactusvruchten

 

0162050

Sterappelen

 

0162060

Noord-Amerikaanse persimoenen

 

0162990

Overige (2)

 

0163000

c)

niet-eetbare schil, groot

 

0163010

Avocado's

 

0163020

Bananen

 

0163030

Mango's

 

0163040

Papaja's

 

0163050

Granaatappels

 

0163060

Cherimoya's

 

0163070

Guaves

 

0163080

Ananassen

 

0163090

Broodvruchten

 

0163100

Doerians

 

0163110

Zuurzakken/doerian blanda

 

0163990

Overige (2)

 

0200000

GROENTEN, VERS of BEVROREN

0,01  (*2)

0210000

Wortel- en knolgewassen

 

0211000

a)

aardappelen

 

0212000

b)

tropische wortel- en knolgewassen

 

0212010

Cassave/maniok

 

0212020

Bataten (zoete aardappelen)

 

0212030

Yams

 

0212040

Arrowroot/pijlwortel

 

0212990

Overige (2)

 

0213000

c)

andere wortel- en knolgewassen, behalve suikerbiet

 

0213010

Rode bieten

 

0213020

Wortels

 

0213030

Knolselderij

 

0213040

Mierikswortels

 

0213050

Aardperen/topinamboers

 

0213060

Pastinaken

 

0213070

Wortelpeterselie

 

0213080

Radijzen

 

0213090

Schorseneren

 

0213100

Koolrapen

 

0213110

Rapen

 

0213990

Overige (2)

 

0220000

Bolgewassen

 

0220010

Knoflook

 

0220020

Uien

 

0220030

Sjalotten

 

0220040

Bosuien/groene uien en stengeluien

 

0220990

Overige (2)

 

0230000

Vruchtgroenten

 

0231000

a)

Solanaceae en Malvaceae

 

0231010

Tomaten

 

0231020

Paprika's

 

0231030

Aubergines

 

0231040

Okra's, okers

 

0231990

Overige (2)

 

0232000

b)

Cucurbitaceae met eetbare schil

 

0232010

Komkommers

 

0232020

Augurken

 

0232030

Courgettes

 

0232990

Overige (2)

 

0233000

c)

Cucurbitaceae met niet-eetbare schil

 

0233010

Meloenen

 

0233020

Pompoenen

 

0233030

Watermeloenen

 

0233990

Overige (2)

 

0234000

d)

suikermais

 

0239000

e)

andere vruchtgroenten

 

0240000

Koolsoorten (met uitzondering van wortels en babyleafgewassen van Brassica)

 

0241000

a)

bloemkoolachtigen

 

0241010

Broccoli

 

0241020

Bloemkolen

 

0241990

Overige (2)

 

0242000

b)

sluitkoolachtigen

 

0242010

Spruitjes

 

0242020

Sluitkolen

 

0242990

Overige (2)

 

0243000

c)

bladkoolachtigen

 

0243010

Chinese kool/petsai

 

0243020

Boerenkolen

 

0243990

Overige (2)

 

0244000

d)

koolrabi's

 

0250000

Bladgroenten, kruiden en eetbare bloemen

 

0251000

a)

slasoorten

 

0251010

Veldsla

 

0251020

Sla

 

0251030

Andijvie

 

0251040

Tuinkers en andere kiemen en scheuten

 

0251050

Winterkers

 

0251060

Raketsla/rucola

 

0251070

Rode amsoi

 

0251080

Babyleafgewassen (met inbegrip van Brassica-soorten)

 

0251990

Overige (2)

 

0252000

b)

spinazie en dergelijke bladgroente

 

0252010

Spinazie

 

0252020

Postelein

 

0252030

Snijbiet

 

0252990

Overige (2)

 

0253000

c)

druivenbladeren en bladeren van dergelijke soorten

 

0254000

d)

waterkers

 

0255000

e)

witlof/witloof/Brussels lof

 

0256000

f)

kruiden en eetbare bloemen

 

0256010

Kervel

 

0256020

Bieslook

 

0256030

Bladselderij/snijselder

 

0256040

Peterselie

 

0256050

Salie

 

0256060

Rozemarijn

 

0256070

Tijm

 

0256080

Basilicum en eetbare bloemen

 

0256090

Laurierblad

 

0256100

Dragon

 

0256990

Overige (2)

 

0260000

Peulgroenten

 

0260010

Bonen (met peul)

 

0260020

Bonen (zonder peul)

 

0260030

Erwten (met peul)

 

0260040

Erwten (zonder peul)

 

0260050

Linzen

 

0260990

Overige (2)

 

0270000

Stengelgroenten

 

0270010

Asperges

 

0270020

Kardoenen

 

0270030

Bleekselderij

 

0270040

Knolvenkel

 

0270050

Artisjokken

 

0270060

Preien

 

0270070

Rabarber

 

0270080

Bamboescheuten

 

0270090

Palmharten

 

0270990

Overige (2)

 

0280000

Paddenstoelen, mossen en korstmossen

 

0280010

Gekweekte paddenstoelen

 

0280020

Wilde paddenstoelen

 

0280990

Mossen en korstmossen

 

0290000

Algen en prokaryote organismen

 

0300000

PEULVRUCHTEN

0,01  (*2)

0300010

Bonen

 

0300020

Linzen

 

0300030

Erwten

 

0300040

Lupinen/lupinebonen

 

0300990

Overige (2)

 

0400000

OLIEHOUDENDE ZADEN EN VRUCHTEN

0,01  (*2)

0401000

Oliehoudende zaden

 

0401010

Lijnzaad

 

0401020

Pinda's/aardnoten

 

0401030

Papaverzaad/maanzaad

 

0401040

Sesamzaad

 

0401050

Zonnebloemzaad

 

0401060

Koolzaad

 

0401070

Sojabonen

 

0401080

Mosterdzaad

 

0401090

Katoenzaad

 

0401100

Pompoenzaad

 

0401110

Saffloerzaad

 

0401120

Bernagiezaad

 

0401130

Huttentutzaad

 

0401140

Hennepzaad

 

0401150

Wonderbonen

 

0401990

Overige (2)

 

0402000

Oliehoudende vruchten

 

0402010

Olijven voor oliewinning

 

0402020

Palmpitten

 

0402030

Palmvruchten

 

0402040

Kapok

 

0402990

Overige (2)

 

0500000

GRANEN

0,01  (*2)

0500010

Gerst

 

0500020

Boekweit en andere pseudogranen

 

0500030

Mais

 

0500040

Gierst/pluimgierst

 

0500050

Haver

 

0500060

Rijst

 

0500070

Rogge

 

0500080

Sorghum

 

0500090

Tarwe

 

0500990

Overige (2)

 

0600000

THEE, KOFFIE, KRUIDENTHEE, CACAO EN CAROB

0,01  (*2)

0610000

Thee

 

0620000

Koffiebonen

 

0630000

Kruidenthee van

 

0631000

a)

bloemen

 

0631010

Kamille

 

0631020

Hibiscus/roselle

 

0631030

Roos

 

0631040

Jasmijn

 

0631050

Lindebloesem

 

0631990

Overige (2)

 

0632000

b)

bladeren en kruiden

 

0632010

Aardbei

 

0632020

Rooibos

 

0632030

Maté

 

0632990

Overige (2)

 

0633000

c)

wortels

 

0633010

Valeriaan

 

0633020

Ginseng

 

0633990

Overige (2)

 

0639000

d)

alle andere delen van de plant

 

0640000

Cacaobonen

 

0650000

Carob/johannesbrood

 

0700000

HOP

0,01  (*2)

0800000

SPECERIJEN

 

0810000

Als specerij gebruikte zaden

0,01  (*2)

0810010

Anijs

 

0810020

Zwarte komijn

 

0810030

Selderij

 

0810040

Koriander

 

0810050

Komijn

 

0810060

Dille

 

0810070

Venkel

 

0810080

Fenegriek

 

0810090

Nootmuskaat

 

0810990

Overige (2)

 

0820000

Als specerij gebruikte vruchten

0,01  (*2)

0820010

Piment

 

0820020

Szechuanpeper/anijspeper

 

0820030

Karwij

 

0820040

Kardemom

 

0820050

Jeneverbes

 

0820060

Peperkorrel (groen, wit en zwart)

 

0820070

Vanille

 

0820080

Tamarinde

 

0820990

Overige (2)

 

0830000

Als specerij gebruikte bast

0,01  (*2)

0830010

Kaneel

 

0830990

Overige (2)

 

0840000

Als specerij gebruikte wortels en wortelstokken

 

0840010

Zoethout

0,01  (*2)

0840020

Gember (10)

0,01  (*2)

0840030

Geelwortel/kurkuma/koenjit

0,01  (*2)

0840040

Mierikswortel (11)

 

0840990

Overige (2)

0,01  (*2)

0850000

Als specerij gebruikte knoppen

0,01  (*2)

0850010

Kruidnagels

 

0850020

Kappertjes

 

0850990

Overige (2)

 

0860000

Als specerij gebruikte stampers

0,01  (*2)

0860010

Saffraan

 

0860990

Overige (2)

 

0870000

Als specerij gebruikte zaadrokken

0,01  (*2)

0870010

Foelie

 

0870990

Overige (2)

 

0900000

SUIKERGEWASSEN

0,01  (*2)

0900010

Suikerbiet

 

0900020

Suikerriet

 

0900030

Wortelcichorei

 

0900990

Overige (2)

 

1000000

PRODUCTEN VAN DIERLIJKE OORSPRONG - LANDDIEREN

0,01  (*2)

1010000

Producten afkomstig van

 

1011000

a)

varkens

 

1011010

Spier

 

1011020

Vet

 

1011030

Lever

 

1011040

Nier

 

1011050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1011990

Overige (2)

 

1012000

b)

runderen

 

1012010

Spier

 

1012020

Vet

 

1012030

Lever

 

1012040

Nier

 

1012050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1012990

Overige (2)

 

1013000

c)

schapen

 

1013010

Spier

 

1013020

Vet

 

1013030

Lever

 

1013040

Nier

 

1013050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1013990

Overige (2)

 

1014000

d)

geiten

 

1014010

Spier

 

1014020

Vet

 

1014030

Lever

 

1014040

Nier

 

1014050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1014990

Overige (2)

 

1015000

e)

paardachtigen

 

1015010

Spier

 

1015020

Vet

 

1015030

Lever

 

1015040

Nier

 

1015050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1015990

Overige (2)

 

1016000

f)

pluimvee

 

1016010

Spier

 

1016020

Vet

 

1016030

Lever

 

1016040

Nier

 

1016050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1016990

Overige (2)

 

1017000

g)

andere gekweekte landdieren

 

1017010

Spier

 

1017020

Vet

 

1017030

Lever

 

1017040

Nier

 

1017050

Eetbare slachtafvallen (anders dan lever en nier)

 

1017990

Overige (2)

 

1020000

Melk

 

1020010

Runderen

 

1020020

Schapen

 

1020030

Geiten

 

1020040

Paarden

 

1020990

Overige (2)

 

1030000

Vogeleieren

 

1030010

Kippen

 

1030020

Eenden

 

1030030

Ganzen

 

1030040

Kwartels

 

1030990

Overige (2)

 

1040000

Honing en andere producten van de bijenteelt (7)

 

1050000

Amfibieën en reptielen

 

1060000

Ongewervelde landdieren

 

1070000

In het wild levende gewervelde landdieren

 

1100000

PRODUCTEN VAN DIERLIJKE OORSPRONG - VIS, VISPRODUCTEN EN ANDERE PRODUCTEN VAN ZOUT- EN ZOETWATERDIEREN (8)

0,01  (*2)

1200000

UITSLUITEND VOOR DIERVOEDER GEBRUIKTE PRODUCTEN OF DELEN VAN PRODUCTEN (8)

0,01  (*2)

1300000

VERWERKTE VOEDINGSMIDDELEN (9)

0,01  (*2)


(*1)  Bepaalbaarheidsgrens

(1)  Voor de volledige lijst van producten van plantaardige en dierlijke oorsprong waarvoor de MRL's gelden, zie bijlage I.

(*2)  Bepaalbaarheidsgrens

(2)  Voor de volledige lijst van producten van plantaardige en dierlijke oorsprong waarvoor de MRL's gelden, zie bijlage I.”


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/26


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2019/1177 VAN DE COMMISSIE

van 10 juli 2019

tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat betreft de invoer van gelatine, smaakgevende ingewanden en gesmolten vet

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002 (1), en met name artikel 29, lid 4, en artikel 41, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie (2) bepaalt voorwaarden met betrekking tot de volksgezondheid en de diergezondheid voor de invoer van gelatine, smaakgevende ingewanden en gesmolten vet.

(2)

Tabel 1 van hoofdstuk I, afdeling 1, en tabel 2 van hoofdstuk II, afdeling 1, van bijlage XIV bij Verordening (EU) nr. 142/2011 bevatten eisen inzake de invoer in de Unie van dierlijke bijproducten.

(3)

Egypte heeft de Commissie voldoende waarborgen verstrekt voor de controles door de bevoegde instantie inzake de productie van gelatine. Het is derhalve gerechtvaardigd om Egypte toe te voegen aan de lijst van derde landen waaruit gelatine in de Unie mag worden ingevoerd.

(4)

Smaakgevende ingewanden voor de productie van voeder voor gezelschapsdieren mogen worden verkregen van als landbouwhuisdier gehouden dieren maar ook van wilde dieren die voor menselijke consumptie zijn geslacht of gedood. Het is raadzaam om de lijst van derde landen die voor de invoer van smaakgevende ingewanden in aanmerking komen in overeenstemming te brengen met een verwijzing naar de lijst van derde landen waaruit vlees van vrij wild voor menselijke consumptie mag worden ingevoerd.

(5)

Verordening (EU) 2017/1261 van de Commissie (3) introduceerde een alternatieve methode op basis van een EFSA-beoordeling (4) voor de productie van hernieuwbare brandstoffen. Het is raadzaam om de invoer van het in de artikelen 8, 9 en 10 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde gesmolten vet voor gebruik in de nieuwe alternatieve methode toe te staan aangezien het gebruik van dezelfde materialen in de Unie is toegestaan. Hoofdstuk II van bijlage XIV bij Verordening (EU) nr. 142/2011 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(6)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage XIV bij Verordening (EU) nr. 142/2011 wordt gewijzigd overeenkomstig de tekst in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 juli 2019.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 300 van 14.11.2009, blz. 1.

(2)  Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie van 25 februari 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot uitvoering van Richtlijn 97/78/EG van de Raad wat betreft bepaalde monsters en producten die vrijgesteld zijn van veterinaire controles aan de grens krachtens die richtlijn (PB L 54 van 26.2.2011, blz. 1).

(3)  Verordening (EU) 2017/1261 van de Commissie van 12 juli 2017 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 142/2011 wat betreft alternatieve methoden voor de verwerking van bepaalde uitgesmolten vetten (PB L 182 van 13.7.2017, blz. 31).

(4)  Scientific Opinion on a continuous multiple-step catalytic hydro-treatment for the processing of rendered animal fat (Category 1) (EFSA Journal 2015;13(11):4307).


BIJLAGE

Bijlage XIV bij Verordening (EU) nr. 142/2011 wordt als volgt gewijzigd:

a)

In tabel 1 van hoofdstuk I, afdeling 1, wordt rij 5 vervangen door:

“5

Gelatine en gehydrolyseerde eiwitten

Categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10, onder a), b), e), f), g), i) en j), en voor gehydrolyseerde eiwitten: categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10, onder d), h) en k).

De gelatine en de gehydrolyseerde eiwitten moeten vervaardigd zijn overeenkomstig bijlage X, hoofdstuk II, afdeling 5.

a)

Derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage II, deel 1, bij Verordening (EU) nr. 206/2010 en de volgende landen:

 

(KR) Zuid-Korea

 

(MY) Maleisië

 

(PK) Pakistan

 

(TW) Taiwan

 

(EG) Egypte;

b)

voor gelatine en gehydrolyseerde eiwitten van vis: derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage II bij Beschikking 2006/766/EG.

a)

Voor gelatine: bijlage XV, hoofdstuk 11;

b)

voor gehydrolyseerde eiwitten: bijlage XV, hoofdstuk 12.”

b)

In tabel 2 van hoofdstuk II, afdeling 1, wordt rij 13 vervangen door:

“13

Smaakgevende ingewanden voor de productie van voeder voor gezelschapsdieren

De in artikel 35, onder a), bedoelde materialen.

De smaakgevende ingewanden moeten overeenkomstig bijlage XIII, hoofdstuk III, vervaardigd zijn.

Derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage II, deel 1, bij Verordening (EU) nr. 206/2010 waaruit de lidstaten de invoer van vers vlees van dezelfde diersoorten toestaan en waarvoor alleen vlees met been is toegestaan.

Voor smaakgevende ingewanden uit materiaal van vis: derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage II bij Beschikking 2006/766/EG.

Voor smaakgevende ingewanden afkomstig van pluimvee: derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage I, deel 1, bij Verordening (EG) nr. 798/2008 waaruit de lidstaten de invoer van vers vlees van pluimvee toestaan.

Voor smaakgevende ingewanden van bepaalde wilde landzoogdieren en Leporidae: derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage I, deel 1, bij Verordening (EG) nr. 119/2009 waaruit de lidstaten de invoer van vers vlees van dezelfde soorten toestaan.

Bijlage XV, hoofdstuk 3 (E).”

c)

In tabel 2 van hoofdstuk II, afdeling 1, wordt rij 17 vervangen door:

“17

Gesmolten vet voor bepaalde doeleinden buiten de voederketen van landbouwhuisdieren

a)

Voor grondstoffen voor de productie van biodiesel, oleochemische producten of hernieuwbare brandstoffen als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onder L: categorie 1-, 2- en 3-materiaal als bedoeld in de artikelen 8, 9 en 10;

b)

voor materiaal voor de productie van hernieuwbare brandstoffen als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onder J: categorie 2- en 3-materiaal als bedoeld in de artikelen 9 en 10;

c)

voor materiaal bestemd voor organische meststoffen en bodemverbeteraars:

categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 9, onder c) en d), en artikel 9, onder f), i), en categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10, behalve onder c) en p);

d)

voor grondstoffen die voor andere doeleinden bestemd zijn:

categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder b), c) en d), categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 9, onder c) en d), en artikel 9, onder f), i), en categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10, behalve onder c) en p).

Het gesmolten vet voldoet aan de eisen in afdeling 9.

Derde landen die zijn opgenomen in bijlage II, deel 1, bij Verordening (EU) nr. 206/2010 en, in het geval van materiaal van vis, derde landen die zijn opgenomen in de lijst in bijlage II bij Beschikking 2006/766/EG.

Bijlage XV, hoofdstuk 10 (B).”


BESLUITEN

11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/30


BESLUIT (EU) 2019/1178 VAN DE RAAD

van 8 juli 2019

betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Samenwerkingscomité dat is opgericht bij de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds, wat betreft de toepasselijke bepalingen inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en een regeling voor de invoer van biologische producten

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 43, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds (1) (“de overeenkomst”), is door de Unie gesloten bij Besluit 2002/245/EG van de Raad (2) en is op 1 april 2002 in werking getreden.

(2)

Krachtens artikel 7, lid 2, van de overeenkomst moet het Samenwerkingscomité de bepalingen betreffende de toepasselijke Uniewetgeving nader bepalen, ten aanzien van landen die geen lid zijn van de Unie, onder andere op het gebied van de Unieregeling op veterinair en fytosanitair gebied en met betrekking tot de kwaliteit, voor zover die nodig is voor de goede werking van de overeenkomst.

(3)

Het Samenwerkingscomité moet een besluit vaststellen inzake de toepasselijke bepalingen in het kader van de overeenkomst over de biologische productie, de etikettering van biologische producten en de regeling voor de invoer van biologische producten.

(4)

Het is passend het standpunt vast te stellen dat namens de Unie in het Samenwerkingscomité moet worden ingenomen aangezien de nadere vaststelling van de toepasselijke bepalingen van de Uniewetgeving zal leiden tot meer rechtszekerheid tussen de partijen bij de overeenkomst en de goede werking van de douane-unie tussen de Unie en San Marino zal ondersteunen.

(5)

Bijgevolg is verduidelijking nodig van de toepasselijke Uniewetgeving inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, waaronder Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (3) en de Verordeningen (EG) nr. 889/2008 (4) en (EG) nr. 1235/2008 (5) van de Commissie. Ook moet een regeling worden ingesteld voor de invoer van biologische producten, alsmede een procedure ingesteld voor het geval nieuwe Uniewetgeving inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten wordt goedgekeurd die van invloed is op de verwijzingen naar de toepasselijke bepalingen en overeengekomen regelingen.

(6)

Het standpunt van de Unie in het Samenwerkingscomité moet derhalve worden gebaseerd op het aangehechte ontwerpbesluit,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het standpunt dat namens de Europese Unie moet worden ingenomen in het Samenwerkingscomité dat is opgericht bij artikel 23 van de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds, is gebaseerd op het aan dit besluit gehechte ontwerpbesluit van het Samenwerkingscomité.

Minder belangrijke wijzigingen in het in de eerste alinea bedoelde ontwerpbesluit kunnen door de vertegenwoordigers van de Unie in het Samenwerkingscomité worden goedgekeurd zonder dat daarvoor een nieuw besluit van de Raad vereist is.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 8 juli 2019.

Voor de Raad

De voorzitter

A.-K. PEKONEN


(1)   PB L 84 van 28.3.2002, blz. 43.

(2)  Besluit 2002/245/EG van de Raad van 28 februari 2002 betreffende de sluiting van de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek San Marino, alsmede het protocol bij deze overeenkomst inzake de uitbreiding met ingang van 1 januari 1995 (PB L 84 van 28.3.2002, blz. 41).

(3)  Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2092/91 (PB L 189 van 20.7.2007, blz. 1).

(4)  Verordening (EG) nr. 889/2008 van de Commissie van 5 september 2008 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, wat de biologische productie, de etikettering en de controle betreft (PB L 250 van 18.9.2008, blz. 1).

(5)  Verordening (EG) nr. 1235/2008 van de Commissie van 8 december 2008 houdende bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad wat de regeling voor de invoer van biologische producten uit derde landen betreft (PB L 334 van 12.12.2008, blz. 25).


ONTWERP

BESLUIT Nr. …/2019 VAN HET SAMENWERKINGSCOMITÉ EU-SAN MARINO

van …

betreffende de toepasselijke bepalingen inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, en de regeling voor de invoer van biologische producten, goedgekeurd in het kader van de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds

HET SAMENWERKINGSCOMITÉ EU-SAN MARINO,

Gezien de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds (1), en met name artikel 7, lid 2, artikel 8, lid 3, onder c), en artikel 23, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 6, lid 4, van de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek San Marino, anderzijds (“de overeenkomst”), wordt bepaald dat, ten aanzien van de handel in landbouwproducten tussen de Unie en de Republiek San Marino, de Republiek San Marino zich ertoe verbindt de Uniewetgeving met betrekking tot de kwaliteit over te nemen voor zover die nodig is voor de goede werking van de overeenkomst.

(2)

Krachtens artikel 7, lid 1, vijfde streepje, van de overeenkomst moet de Republiek San Marino wat betreft de landen die geen lid zijn van de Unie (“derde landen”) de Uniewetgeving met betrekking tot de kwaliteit toepassen voor zover die nodig is voor de goede werking van de overeenkomst.

(3)

Om belemmeringen voor het vrije verkeer van goederen te voorkomen en de goede werking van de bij de overeenkomst ingestelde douane-unie te waarborgen, moet nader worden bepaald welke bepalingen van de Uniewetgeving met betrekking tot kwaliteit van toepassing zijn op de biologische productie en de etikettering van biologische producten.

(4)

Om ervoor te zorgen dat de Uniewetgeving wordt nageleefd met betrekking tot de invoer in de Republiek San Marino van biologische producten uit derde landen, moeten de nodige regelingen worden vastgesteld die door de nationale autoriteiten moeten worden toegepast.

(5)

Om ervoor te zorgen dat de Uniewetgeving wordt nageleefd met betrekking tot in de Republiek San Marino bereide of geproduceerde biologische producten, moeten eveneens de nodige regelingen worden vastgesteld.

(6)

Ook moet een procedure worden ingesteld voor het geval nieuwe Uniewetgeving inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten wordt goedgekeurd die van invloed is op de verwijzingen naar de bepalingen en regelingen die in dit besluit zijn vastgesteld,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De toepasselijke bepalingen van de Uniewetgeving inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, worden opgesomd in bijlage A.

Artikel 2

De regelingen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat de in artikel 1 bedoelde Uniewetgeving wordt nageleefd met betrekking tot de invoer van biologische producten uit derde landen in de Republiek San Marino, worden vastgesteld in bijlage B.

Artikel 3

De regelingen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat de in artikel 1 bedoelde Uniewetgeving wordt nageleefd met betrekking tot in de Republiek San Marino bereide of geproduceerde biologische producten, worden vastgesteld in bijlage B.

Artikel 4

Wijzigingen van de bijlagen A, B en C, en andere praktische regelingen die nodig zijn voor de toepassing van de in die bijlagen bedoelde wetgeving, worden vastgesteld in overleg tussen de diensten van de Europese Commissie en de autoriteiten van de Republiek San Marino.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te …

Voor het Samenwerkingscomité

De voorzitter


(1)   PB L 84 van 28.3.2002, blz. 43.

BIJLAGE A

LIJST VAN TOEPASSELIJKE BEPALINGEN INZAKE DE BIOLOGISCHE PRODUCTIE EN DE ETIKETTERING VAN BIOLOGISCHE PRODUCTEN

Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2092/91 (PB L 189 van 20.7.2007, blz. 1), als gewijzigd bij:

Verordening (EG) nr. 967/2008 van de Raad van 29 september 2008 (PB L 264 van 3.10.2008, blz. 1),

Verordening (EU) nr. 517/2013 van de Raad van 13 mei 2013 (PB L 158 van 10.6.2013, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 889/2008 van de Commissie van 5 september 2008 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, wat de biologische productie, de etikettering en de controle betreft (PB L 250 van 18.9.2008, blz. 1), als gewijzigd bij:

Verordening (EG) nr. 1254/2008 van de Commissie van 15 december 2008 (PB L 337 van 16.12.2008, blz. 80),

Verordening (EG) nr. 710/2009 van de Commissie van 5 augustus 2009 (PB L 204 van 6.8.2009, blz. 15),

Verordening (EU) nr. 271/2010 van de Commissie van 24 maart 2010 (PB L 84 van 31.3.2010, blz. 19),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 344/2011 van de Commissie van 8 april 2011 (PB L 96 van 9.4.2011, blz. 15),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 426/2011 van de Commissie van 2 mei 2011 (PB L 113 van 3.5.2011, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 126/2012 van de Commissie van 14 februari 2012 (PB L 41 van 15.2.2012, blz. 5),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 203/2012 van de Commissie van 8 maart 2012 (PB L 71 van 9.3.2012, blz. 42),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 505/2012 van de Commissie van 14 juni 2012 (PB L 154 van 15.6.2012, blz. 12),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 392/2013 van de Commissie van 29 april 2013 (PB L 118 van 30.4.2013, blz. 5),

Verordening (EU) nr. 519/2013 van de Commissie van 21 februari 2013 (PB L 158 van 10.6.2013, blz. 74),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1030/2013 van de Commissie van 24 oktober 2013 (PB L 283 van 25.10.2013, blz. 15),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1364/2013 van de Commissie van 17 december 2013 (PB L 343 van 19.12.2013, blz. 29),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 354/2014 van de Commissie van 8 april 2014 (PB L 106 van 9.4.2014, blz. 7),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 836/2014 van de Commissie van 31 juli 2014 (PB L 230 van 1.8.2014, blz. 10),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1358/2014 van de Commissie van 18 december 2014 (PB L 365 van 19.12.2014, blz. 97),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/673 van de Commissie van 29 april 2016 (PB L 116 van 30.4.2016, blz. 8),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1842 van de Commissie van 14 oktober 2016 (PB L 282 van 19.10.2016, blz. 19),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/838 van de Commissie van 17 mei 2017 (PB L 125 van 18.5.2017, blz. 5),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2273 van de Commissie van 8 december 2017 (PB L 326 van 9.12.2017, blz. 42),

Uitvoeringsverordening (EU) 2018/1584 van de Commissie van 22 oktober 2018 (PB L 264 van 23.10.2018, blz. 1).

Verordening (EG) nr. 1235/2008 van de Commissie van 8 december 2008 houdende bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad wat de regeling voor de invoer van biologische producten uit derde landen betreft (PB L 334 van 12.12.2008, blz. 25), als gewijzigd bij:

Verordening (EG) nr. 537/2009 van de Commissie van 19 juni 2009 (PB L 159 van 20.6.2009, blz. 6),

Verordening (EU) nr. 471/2010 van de Commissie van 31 mei 2010 (PB L 134 van 1.6.2010, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 590/2011 van de Commissie van 20 juni 2011 (PB L 161 van 21.6.2011, blz. 9),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1084/2011 van de Commissie van 27 oktober 2011 (PB L 281 van 28.10.2011, blz. 3),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1267/2011 van de Commissie van 6 december 2011 (PB L 324 van 7.12.2011, blz. 9),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 126/2012 van de Commissie van 14 februari 2012 (PB L 41 van 15.2.2012, blz. 5),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 508/2012 van de Commissie van 20 juni 2012 (PB L 162 van 21.6.2012, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 751/2012 van de Commissie van 16 augustus 2012 (PB L 222 van 18.8.2012, blz. 5),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 125/2013 van de Commissie van 13 februari 2013 (PB L 43 van 14.2.2013, blz. 1),

Verordening (EU) nr. 519/2013 van de Commissie van 21 februari 2013 (PB L 158 van 10.6.2013, blz. 74),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 567/2013 van de Commissie van 18 juni 2013 (PB L 167 van 19.6.2013, blz. 30),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 586/2013 van de Commissie van 20 juni 2013 (PB L 169 van 21.6.2013, blz. 51),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 355/2014 van de Commissie van 8 april 2014 (PB L 106 van 9.4.2014, blz. 15),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 442/2014 van de Commissie van 30 april 2014 (PB L 130 van 1.5.2014, blz. 39),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 644/2014 van de Commissie van 16 juni 2014 (PB L 177 van 17.6.2014, blz. 42),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 829/2014 van de Commissie van 30 juli 2014 (PB L 228 van 31.7.2014, blz. 9),

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1287/2014 van de Commissie van 28 november 2014 (PB L 348 van 4.12.2014, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/131 van de Commissie van 26 januari 2015 (PB L 23 van 29.1.2015, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/931 van de Commissie van 17 juni 2015 (PB L 151 van 18.6.2015, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1980 van de Commissie van 4 november 2015 (PB L 289 van 5.11.2015, blz. 6),

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2345 van de Commissie van 15 december 2015 (PB L 330 van 16.12.2015, blz. 29),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/459 van de Commissie van 18 maart 2016 (PB L 80 van 31.3.2016, blz. 14),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/910 van de Commissie van 9 juni 2016 (PB L 153 van 10.6.2016, blz. 23),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1330 van de Commissie van 2 augustus 2016 (PB L 210 van 4.8.2016, blz. 43),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1842 van de Commissie van 14 oktober 2016 (PB L 282 van 19.10.2016, blz. 19),

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/2259 van de Commissie van 15 december 2016 (PB L 342 van 16.12.2016, blz. 4),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/872 van de Commissie van 22 mei 2017 (PB L 134 van 23.5.2017, blz. 6),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1473 van de Commissie van 14 augustus 2017 (PB L 210 van 15.8.2017, blz. 4),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1862 van de Commissie van 16 oktober 2017 (PB L 266 van 17.10.2017, blz. 1),

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2329 van de Commissie van 14 december 2017 (PB L 333 van 15.12.2017, blz. 29),

Uitvoeringsverordening (EU) 2018/949 van de Commissie van 3 juli 2018 (PB L 167 van 4.7.2018, blz. 3),

Uitvoeringsverordening (EU) 2019/39 van 10 januari 2019 (PB L 9 van 11.1.2019, blz. 106).

als gerectificeerd bij:

 

PB L 28 van 4.2.2015, blz. 48 (1287/2014),

 

PB L 241 van 17.9.2015, blz. 51 (2015/131).

BIJLAGE B

IN ARTIKEL 2 BEDOELDE REGELINGEN

1.

Uit derde landen in de Republiek San Marino ingevoerde biologische producten worden vergezeld van een controlecertificaat als bedoeld in artikel 33, lid 1, onder d), eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 834/2007.

2.

De Republiek San Marino gebruikt het bij Beschikking 2003/24/EG van de Commissie (1) ingevoerde elektronische Traces-systeem (Trade Control and Expert System) om de elektronische controlecertificaten voor de invoer van biologische producten uit derde landen te verwerken.

3.

Voor de toepassing van artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1235/2008 met betrekking tot de invoer in de Republiek San Marino van biologische producten uit derde landen, wordt de zending geverifieerd en het controlecertificaat geviseerd met Traces door de in bijlage II van het “Omnibus”-besluit nr. 1/2010 (2) vermelde douanekantoren.

4.

Voor de toepassing van artikel 16, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1235/2008, kan de Republiek San Marino worden verzocht als mederapporteur op te treden. De Republiek San Marino kan deze taak naar eigen goeddunken aanvaarden.

(1)  Beschikking 2003/24/EG van de Commissie van 30 december 2002 met betrekking tot de invoering van een geïntegreerd veterinair computersysteem (PB L 8 van 14.1.2003, blz. 44).

(2)  Besluit nr. 1/2010 “Omnibus” van het Samenwerkingscomité EU-San Marino van 29 maart 2010 tot vaststelling van een aantal uitvoeringsmaatregelen van de Overeenkomst tot instelling van een douane-unie en samenwerking tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek San Marino (PB L 156 van 23.6.2010, blz. 13).

BIJLAGE C

IN ARTIKEL 3 BEDOELDE REGELINGEN

1.

In de relevante artikelen van de in bijlage A vermelde verordeningen hebben de termen “lidstaat” of “lidstaten” niet alleen de in de verordening bedoelde betekenis, maar wordt hieronder ook de Republiek San Marino verstaan.

2.

Als in de relevante artikelen van de in bijlage A vermelde verordeningen wordt bepaald dat een lidstaat een besluit moet nemen of een mededeling of kennisgeving moet doen, wordt een dergelijk besluit genomen of een dergelijke mededeling of kennisgeving gedaan door de autoriteiten van de Republiek San Marino. Deze autoriteiten houden rekening met de adviezen van de wetenschappelijke comités van de Unie en gebruiken de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de door de Europese Commissie vastgestelde administratieve gedragsregels als basis voor hun besluiten.

11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/39


BESLUIT (EU) 2019/1179 VAN DE RAAD

van 8 juli 2019

betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt betreffende een wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden (Begrotingsonderdeel 02 04 77 03 — Voorbereidende actie inzake defensieonderzoek)

(Voor de EER relevante tekst)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 218, lid 9,

Gezien Verordening (EG) nr. 2894/94 van de Raad van 28 november 1994 houdende bepaalde wijzen van toepassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (1), en met name artikel 1, lid 3,

Gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 (2), en met name artikel 58, lid 2, onder b), artikel 110, lid 1, en artikel 181,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (3) (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd) is op 1 januari 1994 in werking getreden.

(2)

Overeenkomstig artikel 98 van de EER-overeenkomst kan onder meer Protocol 31 bij de EER-overeenkomst bij besluit van het Gemengd Comité van de EER worden gewijzigd.

(3)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst bevat bepalingen betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden.

(4)

Het is passend de samenwerking tussen de overeenkomstsluitende partijen bij de EER-overeenkomst voort te zetten met betrekking tot acties van de Unie die worden gefinancierd uit de algemene begroting van de Europese Unie, met name wat de voorbereidende actie betreft inzake defensieonderzoek.

(5)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst dient derhalve te worden gewijzigd om het mogelijk te maken dat deze uitgebreide samenwerking vanaf 1 januari 2019 plaatsvindt.

(6)

Het standpunt van de Unie in het Gemengd Comité van de EER dient derhalve te worden gebaseerd op het hieraan gehechte ontwerpbesluit,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het namens de Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over de voorgestelde wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden wordt gebaseerd op het aan dit besluit gehechte ontwerpbesluit van het Gemengd Comité van de EER.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 8 juli 2019.

Voor de Raad

De voorzitter

A.-K. PEKONEN


(1)   PB L 305 van 30.11.1994, blz. 6.

(2)   PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.

(3)   PB L 1 van 3.1.1994, blz. 3.


ONTWERP

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. …/2019

van …

tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name de artikelen 86 en 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het is passend de samenwerking tussen de overeenkomstsluitende partijen bij de EER-overeenkomst voort te zetten met betrekking tot acties van de Unie die worden gefinancierd uit de algemene begroting van de Europese Unie, met name wat de voorbereidende actie betreft inzake defensieonderzoek.

(2)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst dient derhalve te worden gewijzigd om het mogelijk te maken dat deze uitgebreide samenwerking vanaf 1 januari 2019 plaatsvindt,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In artikel 1, lid 13, onder a), van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst worden de woorden “en 2018” vervangen door de woorden “, 2018 en 2019”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst (*1).

Het is van toepassing vanaf 1 januari 2019.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

De secretarissen

van het Gemengd Comité van de EER


(*1)  Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.] [Grondwettelijke vereisten aangegeven.]


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/42


BESLUIT (EU) 2019/1180 VAN DE RAAD

van 8 juli 2019

betreffende het namens de Europese Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over een wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden (Begrotingsonderdeel 12 02 01 — Tenuitvoerlegging en ontwikkeling van de interne markt voor financiële diensten)

(Voor de EER relevante tekst)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 114, in samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien Verordening (EG) nr. 2894/94 van de Raad van 28 november 1994 houdende bepaalde wijzen van toepassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (1), en met name artikel 1, lid 3,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (2) (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd) is op 1 januari 1994 in werking getreden.

(2)

Overeenkomstig artikel 98 van de EER-overeenkomst kan onder meer Protocol 31 bij de EER-overeenkomst bij besluit van het Gemengd Comité van de EER worden gewijzigd.

(3)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst bevat bepalingen betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden.

(4)

Het is wenselijk om de samenwerking tussen de partijen bij de EER-overeenkomst voort te zetten in uit de algemene begroting van de Europese Unie gefinancierde EU-acties met betrekking tot de tenuitvoerlegging en ontwikkeling van de interne markt voor financiële diensten.

(5)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst dient derhalve te worden gewijzigd om deze uitgebreide samenwerking vanaf 1 januari 2019 mogelijk te maken.

(6)

Het standpunt van de Unie in het Gemengd Comité van de EER moet derhalve worden gebaseerd op het hieraan gehechte ontwerpbesluit,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het namens de Unie in het Gemengd Comité van de EER in te nemen standpunt over de voorgestelde wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden wordt gebaseerd op het aan dit besluit gehechte ontwerpbesluit van het Gemengd Comité van de EER.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 8 juli 2019.

Voor de Raad

De voorzitter

A.-K. PEKONEN


(1)   PB L 305 van 30.11.1994, blz. 6.

(2)   PB L 1 van 3.1.1994, blz. 3.


ONTWERP

BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER Nr. …/2019

van …

tot wijziging van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst betreffende samenwerking op specifieke gebieden buiten de vier vrijheden

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gezien de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte (hierna “de EER-overeenkomst” genoemd), en met name de artikelen 86 en 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het is wenselijk om de samenwerking tussen de partijen bij de EER-overeenkomst voort te zetten bij uit de algemene begroting van de Europese Unie gefinancierde EU-acties met betrekking tot de tenuitvoerlegging en de ontwikkeling van de interne markt voor financiële diensten.

(2)

Protocol 31 bij de EER-overeenkomst dient derhalve te worden gewijzigd om deze uitgebreide samenwerking met ingang van 1 januari 2019 mogelijk te maken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In artikel 7, lid 11, van Protocol 31 bij de EER-overeenkomst wordt “en 2018” vervangen door “, 2018 en 2019”.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de laatste kennisgeving zoals bedoeld in artikel 103, lid 1, van de EER-overeenkomst (*1).

Het is van toepassing vanaf 1 januari 2019.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

De secretarissen

van het Gemengd Comité van de EER


(*1)  [Geen grondwettelijke vereisten aangegeven.] [Grondwettelijke vereisten aangegeven.]


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/44


BESLUIT (EU) 2019/1181 VAN DE RAAD

van 8 juli 2019

betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 148, lid 2,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Gezien het advies van het Europees Parlement (1),

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité (2),

Na raadpleging van het Comité van de Regio's,

Gezien het advies van het Comité voor de werkgelegenheid (3),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De lidstaten en de Unie moeten bouwen aan een gecoördineerde strategie voor werkgelegenheid, met name ter bevordering van een geschoolde, opgeleide en flexibele beroepsbevolking, alsmede van arbeidsmarkten die snel inspelen op economische veranderingen en teneinde de doelstellingen inzake volledige werkgelegenheid en sociale vooruitgang van artikel 3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie te bereiken.

(2)

Overeenkomstig het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) heeft de Unie beleidscoördinatie-instrumenten ontwikkeld voor het begrotingsbeleid, het macro-economisch beleid en het structureel beleid, en deze ingevoerd. Als onderdeel van deze instrumenten vormen de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten als vervat in de bijlage bij Besluit (EU) 2018/1215 van de Raad (4) (“werkgelegenheidsrichtsnoeren”) en de globale richtsnoeren voor het economisch beleid van de lidstaten en de Unie, als vervat in Aanbeveling (EU) 2015/1184 van de Raad (5), de geïntegreerde richtsnoeren voor de uitvoering van de Europa 2020-strategie (“de geïntegreerde richtsnoeren”). Zij moeten de beleidsuitvoering in de lidstaten en in de Unie aansturen, en de onderlinge afhankelijkheid tussen de lidstaten tot uiting brengen. De hieruit voortvloeiende reeks uniale en nationale gecoördineerde beleidslijnen en hervormingen moet een geschikte algehele mix van economisch en sociaal beleid vormen die positieve overloopeffecten teweegbrengt.

(3)

In het Europees Semester worden verschillende instrumenten gecombineerd in een overkoepelend kader voor een geïntegreerd, multilateraal toezicht op het economisch, budgettair, werkgelegenheids- en sociaal beleid en wordt gestreefd naar de verwezenlijking van de Europa 2020-doelstellingen, onder andere op het gebied van werkgelegenheid, onderwijs en armoedebestrijding, als bepaald in Besluit 2010/707/EU van de Raad (6). Terwijl de beleidsdoelstellingen, te weten het stimuleren van investeringen, het voortzetten van structurele hervormingen en het verzekeren van een verantwoord begrotingsbeleid, werden bevorderd, werd het Europees Semester sinds 2015 voortdurend versterkt en gestroomlijnd. Met name is de focus op werkgelegenheid en sociale aspecten versterkt en de dialoog met de lidstaten, de sociale partners en de vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld verdiept.

(4)

In november 2017 hebben het Europees Parlement, de Raad en de Commissie een interinstitutionele afkondiging ondertekend van de Europese pijler van sociale rechten, waarin twintig beginselen en rechten zijn vastgelegd om goed werkende en billijke arbeidsmarkten en socialezekerheidsstelsels te ondersteunen. De Europese pijler van sociale rechten vormt een referentiekader om de prestaties op het vlak van werkgelegenheid en de sociale prestaties van de lidstaten te monitoren, hervormingen op nationaal niveau te stimuleren en als kompas te dienen voor een hernieuwd proces van convergentie in de Unie.

(5)

Deze geïntegreerde richtsnoeren moeten de basis vormen voor landspecifieke aanbevelingen die de Raad tot de lidstaten kan richten. Bij de uitvoering van de werkgelegenheidsrichtsnoeren moeten de lidstaten ten volle gebruikmaken van het Europees Sociaal Fonds en andere fondsen van de Unie. Hoewel de geïntegreerde richtsnoeren zijn gericht tot de lidstaten en de Unie, moeten de werkgelegenheidsrichtsnoeren worden uitgevoerd in samenwerking met alle nationale, regionale en lokale autoriteiten, en moeten de parlementen, de sociale partners en de vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld nauw worden betrokken.

(6)

Het Comité voor de werkgelegenheid en het Comité voor sociale bescherming moeten overeenkomstig hun respectieve, op het VWEU gebaseerde mandaten, in het oog houden hoe de desbetreffende beleidsonderdelen worden uitgevoerd in het licht van de werkgelegenheidsrichtsnoeren. Die comités en andere voorbereidende instanties van de Raad die bij de coördinatie van het economisch en het sociaal beleid zijn betrokken, moeten nauw met elkaar samenwerken. De beleidsdialoog tussen het Europees parlement, de Raad en de Commissie, in het bijzonder met betrekking tot de werkgelegenheidsrichtsnoeren, moet worden gehandhaafd.

(7)

Het Comité voor sociale bescherming is geraadpleegd.

(8)

De werkgelegenheidsrichtsnoeren moeten stabiel blijven, zodat alle aandacht kan uitgaan naar de uitvoering ervan. Na een beoordeling van de ontwikkeling van de arbeidsmarkt en de sociale situatie sinds de aanneming van de richtsnoeren in 2018, is vastgesteld dat een aanpassing niet nodig is. De redenen voor de goedkeuring van de werkgelegenheidsrichtsnoeren in 2018 blijven geldig; bijgevolg moeten die richtsnoeren worden gehandhaafd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten, als vastgesteld in de bijlage bij Besluit (EU) 2018/1215, worden gehandhaafd voor 2019 en de lidstaten houden er rekening mee in hun werkgelegenheidsbeleid en hervormingsprogramma's.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 8 juli 2019.

Voor de Raad

De voorzitter

A.-K. PEKONEN


(1)  Advies van 18 maart 2019 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

(2)  Advies van 20 juni 2019 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

(3)  Advies van 29 april 2019 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

(4)  Besluit (EU) 2018/1215 van de Raad van 16 juli 2018 betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten (PB L 224 van 5.9.2018, blz. 4).

(5)  Aanbeveling (EU) 2015/1184 van de Raad van 14 juli 2015 betreffende de globale richtsnoeren voor het economisch beleid van de lidstaten en de Europese Unie (PB L 192 van 18.7.2015, blz. 27).

(6)  Besluit 2010/707/EU van de Raad van 21 oktober 2010 betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten (PB L 308 van 24.11.2010, blz. 46).


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/46


BESLUIT (EU) 2019/1182 VAN DE COMMISSIE

van 3 juli 2019

over het voorgestelde burgerinitiatief “EU-wetgeving, rechten van minderheden en democratisering van Spaanse instellingen”

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4972)

(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 211/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 over het burgerinitiatief (1), en met name artikel 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het voorgestelde burgerinitiatief “EU-wetgeving, rechten van minderheden en democratisering van Spaanse instellingen” heeft betrekking op: “systeemrisico's in Spanje, de behandeling van minderheden en de dringende noodzaak om maatregelen aan te moedigen om het land te helpen democratiseren en in overeenstemming te brengen met de basisbeginselen van het EU-recht”.

(2)

De doelstellingen van het voorgestelde burgerinitiatief worden als volgt omschreven: “Ons doel is ervoor te zorgen dat zowel de Commissie als het Parlement zich ten volle bewust zijn van de huidige situatie in Spanje, de systeemrisico's in het land, de niet-naleving van de regels en leidende beginselen van het EU-recht en de noodzaak om mechanismen in gang te zetten om bij te dragen aan de verbetering van de democratische normen in Spanje, zodat de rechten en vrijheden van minderheden en alle Spaanse burgers door middel van EU-wetgeving en -instrumenten worden gewaarborgd.”

(3)

Het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) geeft meer inhoud aan het burgerschap van de Unie en verbetert de democratische werking van de Unie door onder meer te bepalen dat iedere burger het recht heeft aan het democratisch bestel van de Unie deel te nemen door middel van een Europees burgerinitiatief.

(4)

De procedures en voorwaarden voor het burgerinitiatief moeten duidelijk, eenvoudig, gebruiksvriendelijk en evenredig met de aard van het burgerinitiatief zijn, om burgerparticipatie aan te moedigen en de Unie toegankelijker te maken.

(5)

Overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EU) nr. 211/2011 registreert de Commissie een voorgesteld burgerinitiatief, op voorwaarde dat aan de voorwaarden van artikel 4, lid 2, onder a) tot en met d), is voldaan.

(6)

Het voorgestelde burgerinitiatief behelst het verzoek aan de Commissie om de situatie in Spanje te onderzoeken met betrekking tot de beweging voor onafhankelijkheid van de Catalaanse regio, in het kader van de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad “Een nieuw EU-kader voor het versterken van de rechtsstaat” (COM(2014) 158) en om, in voorkomend geval, maatregelen te nemen in dat verband. De Commissie wordt in het voorgestelde burgerinitiatief echter niet verzocht een voorstel voor een rechtshandeling van de Unie in te dienen.

(7)

Derhalve valt het voorgestelde burgerinitiatief zichtbaar buiten het kader van de bevoegdheden van de Commissie om een voorstel in te dienen voor een rechtshandeling van de Unie ter uitvoering van de Verdragen als bedoeld in artikel 4, lid 2, onder b), van Verordening (EU) nr. 211/2011, gelezen in samenhang met artikel 2, punt 1, van die verordening,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De registratie van het voorgestelde burgerinitiatief “EU-wetgeving, rechten van minderheden en democratisering van Spaanse instellingen” wordt hierbij geweigerd.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de organisatoren (leden van het burgercomité) van het voorgestelde burgerinitiatief “EU-wetgeving, rechten van minderheden en democratisering van Spaanse instellingen”, vertegenwoordigd door mevrouw Elisenda PALUZIE en de heer Gérard ONESTA als contactpersonen.

Gedaan te Brussel, 3 juli 2019.

Voor de Commissie

Frans TIMMERMANS

Eerste vicevoorzitter


(1)   PB L 65 van 11.3.2011, blz. 1.


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/48


BESLUIT (EU) 2019/1183 VAN DE COMMISSIE

van 3 juli 2019

over het voorgestelde burgerinitiatief “Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden”

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4973)

(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 211/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 over het burgerinitiatief (1), en met name artikel 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het onderwerp van het voorgestelde burgerinitiatief “Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden” wordt als volgt omschreven: “Wij verzoeken de Europese Commissie EU-wetgeving voor te stellen om het verbruik van fossiele brandstoffen te ontmoedigen en energiebesparing en het gebruik van hernieuwbare energiebronnen te stimuleren, teneinde de opwarming van de aarde tegen te gaan en de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C.”

(2)

De doelstellingen van het voorgestelde burgerinitiatief worden als volgt omschreven: “Wij stellen voor een minimumprijs voor CO2-uitstoot in te voeren, die oploopt van 50 EUR per ton CO2 in 2020 tot 100 EUR in 2025. Het voorstel houdt ook in dat het bestaande systeem van kosteloze toewijzing van emissierechten aan EU-vervuilers wordt afgeschaft en dat voor invoer van buiten de EU een mechanisme voor aanpassing aan de grens wordt ingesteld, om de lagere prijzen voor CO2-emissies in het uitvoerende land te compenseren. De extra inkomsten uit de koolstofbeprijzing dienen te worden gebruikt voor Europese beleidsmaatregelen ter ondersteuning van energiebesparing en het gebruik van hernieuwbare energiebronnen en voor een verlaging van de belasting op lagere inkomens.”

(3)

Het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) geeft meer inhoud aan het burgerschap van de Unie en verbetert de democratische werking van de Unie door onder meer te bepalen dat iedere burger het recht heeft aan het democratisch bestel van de Unie deel te nemen door middel van een Europees burgerinitiatief.

(4)

De procedures en voorwaarden voor het burgerinitiatief moeten duidelijk, eenvoudig, gebruiksvriendelijk en evenredig met de aard van het burgerinitiatief zijn, om burgerparticipatie aan te moedigen en de Unie toegankelijker te maken.

(5)

De Commissie heeft de bevoegdheid om voorstellen voor rechtshandelingen van de Unie ter uitvoering van de Verdragen in te dienen over de volgende aangelegenheden:

voor de harmonisatie van de wetgevingen inzake de omzetbelasting, de accijnzen en de andere indirecte belastingen, voor zover deze harmonisatie noodzakelijk is om de instelling en de werking van de interne markt te bewerkstelligen en concurrentieverstoringen te voorkomen, uit hoofde van artikel 113 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU);

voor het bereiken van de doelstellingen op het gebied van behoud, bescherming en verbetering van de kwaliteit van het milieu en de bevordering op internationaal vlak van maatregelen om het hoofd te bieden aan regionale of mondiale milieuproblemen, in het bijzonder de bestrijding van klimaatverandering, uit hoofde van artikel 192, leden 1 en 2, VWEU, in samenhang met artikel 191, lid 1, eerste en vierde streepje, VWEU;

voor de tenuitvoerlegging van de gemeenschappelijke handelspolitiek, uit hoofde van artikel 207 VWEU.

(6)

Om deze redenen valt het voorgestelde burgerinitiatief niet zichtbaar buiten het kader van de bevoegdheden van de Commissie om een voorstel in te dienen voor een rechtshandeling van de Unie ter uitvoering van de Verdragen, als bedoeld in artikel 4, lid 2, onder b), van de verordening.

(7)

Bovendien is een burgercomité gevormd en zijn contactpersonen aangewezen overeenkomstig artikel 3, lid 2, van de verordening, en levert het voorgestelde burgerinitiatief geen misbruik op, is het niet lichtzinnig of ergerlijk en druist het niet duidelijk in tegen de in artikel 2 VEU vastgelegde waarden van de Unie.

(8)

Het voorgestelde burgerinitiatief “Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden” dient derhalve te worden geregistreerd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het voorgestelde burgerinitiatief “Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden” wordt hierbij geregistreerd.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op 22 juli 2019.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de organisatoren (leden van het burgercomité) van het voorgestelde burgerinitiatief “Koolstof beprijzen om de klimaatverandering te bestrijden”, vertegenwoordigd door de heer Marco CAPPATO en mevrouw Monica FRASSONI, die als contactpersonen optreden.

Gedaan te Brussel, 3 juli 2019.

Voor de Commissie

Frans TIMMERMANS

Eerste vicevoorzitter


(1)   PB L 65 van 11.3.2011, blz. 1.


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/50


BESLUIT (EU) 2019/1184 VAN DE COMMISSIE

van 3 juli 2019

over het voorgestelde burgerinitiatief met als titel “De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk!”

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 4975)

(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 211/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 over het burgerinitiatief (1), en met name artikel 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het voorgestelde burgerinitiatief “De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk!” wordt als volgt omschreven: “Richtlijn 2001/18/EG is achterhaald. Wij, als studenten van de biowetenschappen, vinden het belangrijk dat het huidige, in de richtlijn vastgelegde vrijstellingsmechanisme wordt herzien wat nieuwe gewasveredelingstechnieken betreft.”

(2)

De doelstellingen van het voorgestelde burgerinitiatief worden als volgt omschreven: “Meer bepaald willen we meer rechtszekerheid en meer definities, en een soepelere toelatingsprocedure voor producten die met deze nieuwe technieken zijn verkregen en alleen eigenschappen hebben die al in de natuur aanwezig zijn. Het doel is de wetenschappelijke vooruitgang in de Europese Unie vooruit te helpen en tegelijkertijd de gezondheid van mens, dier en milieu te beschermen.”

(3)

Het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) geeft meer inhoud aan het burgerschap van de Unie en verbetert de democratische werking van de Unie door onder meer te bepalen dat iedere burger het recht heeft aan het democratisch bestel van de Unie deel te nemen door middel van een Europees burgerinitiatief.

(4)

De procedures en voorwaarden voor het burgerinitiatief moeten duidelijk, eenvoudig, gebruiksvriendelijk en evenredig met de aard van het burgerinitiatief zijn, om burgerparticipatie aan te moedigen en de Unie toegankelijker te maken.

(5)

Op basis van artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) kunnen, ter uitvoering van de Verdragen, bij rechtshandelingen van de Unie bepalingen worden vastgelegd inzake de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten die de instelling en de werking van de interne markt betreffen.

(6)

Om deze redenen valt het voorgestelde burgerinitiatief niet zichtbaar buiten het kader van de bevoegdheden van de Commissie om een voorstel in te dienen voor een rechtshandeling van de Unie ter uitvoering van de Verdragen, als bedoeld in artikel 4, lid 2, onder b), van de verordening.

(7)

Bovendien is een burgercomité gevormd en zijn contactpersonen aangewezen overeenkomstig artikel 3, lid 2, van de verordening, en levert het voorgestelde burgerinitiatief geen misbruik op, is het niet lichtzinnig of ergerlijk en druist het niet duidelijk in tegen de in artikel 2 VEU vastgelegde waarden van de Unie.

(8)

Het voorgestelde burgerinitiatief met als titel “De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk!” moet daarom worden geregistreerd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het voorgestelde burgerinitiatief met als titel “De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk!” wordt hierbij geregistreerd.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op 25 juli 2019.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de organisatoren (leden van het burgercomité) van het voorgestelde burgerinitiatief “De teelt van wetenschappelijke vooruitgang: gewassen zijn belangrijk!”, vertegenwoordigd door mevrouw Lavinia SCUDIERO en mevrouw Martina HELMLINGER, die als contactpersonen optreden.

Gedaan te Brussel, 3 juli 2019.

Voor de Commissie

Frans TIMMERMANS

Eerste Vicevoorzitter


(1)   PB L 65 van 11.3.2011, blz. 1.


11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/52


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2019/1185 VAN DE COMMISSIE

van 10 juli 2019

tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 5340)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 89/662/EEG van de Raad van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (1), en met name artikel 9, lid 4,

Gezien Richtlijn 90/425/EEG van de Raad van 26 juni 1990 inzake veterinaire controles in het intra-uniale handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (2), en met name artikel 10, lid 4,

Gezien Richtlijn 2002/99/EG van de Raad van 16 december 2002 houdende vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor de productie, de verwerking, de distributie en het binnenbrengen van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong (3), en met name artikel 4, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU van de Commissie (4) zijn in bepaalde lidstaten, waar gevallen van Afrikaanse varkenspest in tamme of wilde varkens zijn bevestigd (“de betrokken lidstaten”), maatregelen op het gebied van de diergezondheid vastgesteld in verband met die ziekte. In de bijlage bij dat uitvoeringsbesluit zijn bepaalde gebieden in de betrokken lidstaten afgebakend, die in de lijsten in de delen I tot en met IV van die bijlage zijn opgenomen, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende risiconiveaus op basis van de epidemiologische situatie van die ziekte. De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU is verscheidene keren gewijzigd om rekening te houden met veranderingen in de epidemiologische situatie ten aanzien van Afrikaanse varkenspest in de Unie die in die bijlage moeten worden weerspiegeld. De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU is laatstelijk gewijzigd bij Uitvoeringsbesluit (EU) 2019/1147 van de Commissie (5), naar aanleiding van gevallen van Afrikaanse varkenspest in Polen en Roemenië.

(2)

Sinds de datum waarop Uitvoeringsbesluit (EU) 2019/1147 is vastgesteld, hebben zich in Polen, Bulgarije, Letland en Litouwen gevallen van Afrikaanse varkenspest bij tamme en wilde varkens voorgedaan die ook in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU moeten worden weerspiegeld.

(3)

In juli 2019 zijn een aantal gevallen van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij wilde varkens in de districten Lidzbark Warmiński, Niemce, Grabów nad Pilicą en Izbica in de onmiddellijke nabijheid van gebieden die momenteel zijn opgenomen in de lijst in deel I van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze gevallen van Afrikaanse varkenspest bij wilde varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moeten deze door Afrikaanse varkenspest getroffen gebieden in Polen nu in de lijst in deel II in plaats van in deel I van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(4)

In juli 2019 is een uitbraak van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij tamme varkens in het district Giżycko in Polen, in een gebied dat momenteel is opgenomen in de lijst in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij tamme varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moet dit door Afrikaanse varkenspest getroffen gebied in Polen nu in de lijst in deel III in plaats van in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(5)

In juli 2019 is een uitbraak van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij tamme varkens in de regio Pleven in Bulgarije, in een gebied dat momenteel is opgenomen in de lijst in deel I van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij tamme varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moet dit door Afrikaanse varkenspest getroffen gebied in Bulgarije nu in de lijst in deel III in plaats van in deel I van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(6)

In juli 2019 is een uitbraak van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij tamme varkens in de regio Pleven in Bulgarije, in een gebied dat niet is opgenomen in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij tamme varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moet dit door Afrikaanse varkenspest getroffen gebied in Bulgarije nu in de lijst in deel III van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(7)

In juli 2019 is een uitbraak van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij tamme varkens in de regio Liepāja in Letland, in een gebied dat momenteel is opgenomen in de lijst in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij tamme varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moet dit door Afrikaanse varkenspest getroffen gebied in Letland nu in de lijst in deel III in plaats van in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(8)

In juli 2019 is een uitbraak van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij tamme varkens in de regio Kaunas in Litouwen, in een gebied dat momenteel is opgenomen in de lijst in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU. Door deze uitbraak van Afrikaanse varkenspest bij tamme varkens moet in die bijlage met een hoger risiconiveau rekening worden gehouden. Bijgevolg moet dit door Afrikaanse varkenspest getroffen gebied in Litouwen nu in de lijst in deel III in plaats van in deel II van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen.

(9)

Om rekening te houden met recente ontwikkelingen in de epidemiologische evolutie van Afrikaanse varkenspest in de Unie, en met het oog op de proactieve bestrijding van de met de verspreiding van die ziekte samenhangende risico's, moeten voor Polen, Bulgarije, Letland en Litouwen nieuwe gebieden met een hoog risico van voldoende omvang worden afgebakend en in de lijsten in de delen I, II en III van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU worden opgenomen. De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(10)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 10 juli 2019

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)   PB L 395 van 30.12.1989, blz. 13.

(2)   PB L 224 van 18.8.1990, blz. 29.

(3)   PB L 18 van 23.1.2003, blz. 11.

(4)  Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU van de Commissie van 9 oktober 2014 betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit 2014/178/EU (PB L 295 van 11.10.2014, blz. 63).

(5)  Uitvoeringsbesluit (EU) 2019/1147 van de Commissie van 4 juli 2019 tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten (PB L 181 van 5.7.2019, blz. 91).


BIJLAGE

De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU wordt vervangen door:

“BIJLAGE

DEEL I

1.   België

De volgende gebieden in België:

in de provincie Luxemburg:

het gebied dat met de wijzers van de klok mee wordt afgebakend door:

de grens met Frankrijk,

Rue Mersinhat,

de N818 tot de kruising met de N83,

de N83 tot de kruising met de N884,

de N884 tot de kruising met de N824,

de N824 tot de kruising met Le Routeux,

Le Routeux,

Rue d'Orgéo,

Rue de la Lorraine,

Rue du Bout-d'en-Bas,

Rue de l'Eglise,

Rue Notre-Dame,

Rue du Centre,

de N845 tot de kruising met de N85,

de N85 tot de kruising met de N40,

de N40 tot de kruising met de N802,

de N802 tot de kruising met de N825,

de N825 tot de kruising met de E25-E411,

de E25-E411 tot de kruising met de N40,

N40: Burnaimont, Rue de Luxembourg, Rue Ranci, Rue de la Chapelle,

Rue du Tombois,

Rue Du Pierroy,

Rue Saint-Orban,

Rue Saint-Aubain,

Rue des Cottages,

Rue de Relune,

Rue de Rulune,

Route de l'Ermitage,

N87: Route de Habay,

Chemin des Ecoliers,

Le Routy,

Rue Burgknapp,

Rue de la Halte,

Rue du Centre,

Rue de l'Eglise,

Rue du Marquisat,

Rue de la Carrière,

Rue de la Lorraine,

Rue du Beynert,

Millewée,

Rue du Tram,

Millewée,

N4: Route de Bastogne, Avenue de Longwy, Route de Luxembourg,

de grens met het Groothertogdom Luxemburg,

de grens met Frankrijk,

de N87 tot de kruising met de N871 ter hoogte van Rouvroy,

de N871 tot de kruising met de N88,

de N88 tot de kruising met de Rue Baillet Latour,

de Rue Baillet Latour tot de kruising met de N811,

de N811 tot de kruising met de N88,

de N88 tot de kruising met de N883 ter hoogte van Aubange,

de N883 tot de kruising met de N81 ter hoogte van Aubange,

de N81 tot de kruising met de E25-E411,

de E25-E411 tot de kruising met de N40,

de N40 tot de kruising met de Rue du Fet,

Rue du Fet,

de Rue de l'Accord tot de kruising met de Rue de la Gaume,

de Rue de la Gaume tot de kruising met de Rue des Bruyères,

Rue des Bruyères,

Rue de Neufchâteau,

Rue de la Motte,

de N894 tot de kruising met de N85,

de N85 tot de kruising met de grens met Frankrijk.

2.   Bulgarije

De volgende gebieden in Bulgarije:

in Varna the whole region excluding the villages covered in Part II;

in Silistra region:

whole municipality of Glavinitza,

whole municipality of Tutrakan,

whithin municipality of Dulovo:

Boil,

Vokil,

Grancharovo,

Doletz,

Oven,

Okorsh,

Oreshene,

Paisievo,

Pravda,

Prohlada,

Ruyno,

Sekulovo,

Skala,

Yarebitsa,

within municipality of Sitovo:

Bosna,

Garvan,

Irnik,

Iskra,

Nova Popina,

Polyana,

Popina,

Sitovo,

Yastrebna,

within municipality of Silistra:

Vetren,

in Dobrich region:

whole municipality of Baltchik,

wholemunicipality of General Toshevo,

whole municipality of Dobrich,

whole municipality of Dobrich-selska (Dobrichka),

within municipality of Krushari:

Severnyak,

Abrit,

Dobrin,

Alexandria,

Polkovnik Dyakovo,

Poruchik Kardzhievo,

Zagortzi,

Zementsi,

Koriten,

Krushari,

Bistretz,

Efreytor Bakalovo,

Telerig,

Lozenetz,

Krushari,

Severnyak,

Severtsi,

within municipality of Kavarna:

Krupen,

Belgun,

Bilo,

Septemvriytsi,

Travnik,

whole municipality of Tervel, except Brestnitsa and Kolartzi,

in Ruse region:

within municipality of Slivo pole:

Babovo,

Brashlen,

Golyamo vranovo,

Malko vranovo,

Ryahovo,

Slivo pole,

Borisovo,

within municipality of Ruse:

Sandrovo,

Prosena,

Nikolovo,

Marten,

Dolno Ablanovo,

Ruse,

Chervena voda,

Basarbovo,

within municipality of Ivanovo:

Krasen,

Bozhichen,

Pirgovo,

Mechka,

Trastenik,

within municipality of Borovo:

Batin,

Gorno Ablanovo,

Ekzarh Yosif,

Obretenik,

Batin,

within municipality of Tsenovo:

Krivina,

Belyanovo,

Novgrad,

Dzhulyunitza,

Beltzov,

Tsenovo,

Piperkovo,

Karamanovo,

the whole region of Veliko Tarnovo,

the whole region of Gabrovo,

the whole region of Lovetch,

in Pleven region: the whole region of Pleven excluding the villages covered in Part III,

in Vratza region:

within municipality of Oryahovo:

Dolni vadin,

Gorni vadin,

Ostrov,

Galovo,

Leskovets,

Selanovtsi,

Oryahovo,

within municipality of Miziya:

Saraevo,

Miziya,

Voyvodovo,

Sofronievo,

within municipality of Kozloduy:

Harlets,

Glozhene,

Butan,

Kozloduy,

in Montana region:

within municipality of Valtchedram:

Dolni Tzibar,

Gorni Tzibar,

Ignatovo,

Zlatiya,

Razgrad,

Botevo,

Valtchedram,

Mokresh,

within municipality Lom:

Kovatchitza,

Stanevo,

Lom,

Zemphyr,

Dolno Linevo,

Traykovo,

Staliyska mahala,

Orsoya,

Slivata,

Dobri dol,

within municipality of Brusartsi:

Vasilyiovtzi,

Dondukovo,

in Vidin region:

within municipality of Ruzhintsi:

Dinkovo,

Topolovets,

Drenovets,

within municipality of Dimovo:

Artchar,

Septemvriytzi,

Yarlovitza,

Vodnyantzi,

Shipot,

Izvor,

Mali Drenovetz,

Lagoshevtzi,

Darzhanitza,

within municipality of Vidin:

Vartop,

Botevo,

Gaytantsi,

Tzar Simeonovo,

Ivanovtsi,

Zheglitza,

Sinagovtsi,

Dunavtsi,

Bukovets,

Bela Rada,

Slana bara,

Novoseltsi,

Ruptzi,

Akatsievo,

Vidin,

Inovo,

Kapitanovtsi,

Pokrayna,

Antimovo,

Kutovo,

Slanotran,

Koshava,

Gomotartsi.

3.   Estland

De volgende gebieden in Estland:

Hiiu maakond.

4.   Hongarije

De volgende gebieden in Hongarije:

Borsod-Abaúj-Zemplén megye 651100, 651300, 651400, 651500, 651610, 651700, 651801, 651802, 651803, 651900, 652000, 652200, 652300, 652601, 652602, 652603, 652700, 652900, 653000, 653100, 653200, 653300, 653401, 653403, 653500, 653600, 653700, 653800, 653900, 654000, 654201, 654202, 654301, 654302, 654400, 654501, 654502, 654600, 654700, 654800, 654900, 655000, 655100, 655200, 655300, 655500, 655600, 655700, 655800, 655901, 655902, 656000, 656100, 656200, 656300, 656400, 656600, 657300, 657400, 657500, 657600, 657700, 657800, 657900, 658000, 658201, 658202 és 658403kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Hajdú-Bihar megye900750, 901250, 901260, 901270, 901350, 901551, 901560, 901570, 901580, 901590, 901650, 901660, 901750, 901950, 902050, 902150, 902250, 902350, 902450, 902550, 902650, 902660, 902670, 902750, 903250, 903650, 903750, 903850, 904350, 904750, 904760, 904850, 904860, 905360, 905450 és 905550 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Heves megye702550, 703350, 703360, 703450, 703550, 703610, 703750, 703850, 703950, 704050, 704150, 704250, 704350, 704450, 704550, 704650, 704750, 704850, 704950, 705050, és 705350kódszámúvadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Jász-Nagykun-Szolnok megye 750150, 750160, 750250, 750260, 750350, 750450, 750460, 750550, 750650, 750750, 750850, 750950, 751150, 752150 és755550 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Nógrád megye 552010, 552150, 552250, 552350, 552450, 552460, 552520, 552550, 552610, 552620, 552710, 552850, 552860, 552950, 552970, 553050, 553110, 553250, 553260, 553350, 553650, 553750, 553850, 553910és 554050 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Pest megye 571250, 571350, 571550, 571610, 571750, 571760, 572250, 572350, 572550, 572850, 572950, 573360, 573450, 580050 és 580450 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Szabolcs-Szatmár-Bereg megye851950, 852350, 852450, 852550, 852750, 853560, 853650, 853751, 853850, 853950, 853960, 854050, 854150, 854250, 854350, 855350, 855450, 855550, 855650, 855660és 855850kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe.

5.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

Aizputes novada Cīravas pagasta daļa uz ziemeļiem no autoceļa 1192, Lažas pagasta daļa uz ziemeļrietumiem no autoceļa 1199 un uz ziemeļiem no Padures autoceļa,

Alsungas novads,

Durbes novada Dunalkas pagasta daļa uz rietumiem no autoceļiem P112, 1193 un 1192, un Tadaiķu pagasts,

Kuldīgas novada Gudenieku pagasts,

Pāvilostas novads,

Stopiņu novada daļa, kas atrodas uz rietumiem no autoceļa V36, P4 un P5, Acones ielas, Dauguļupes ielas un Dauguļupītes,

Ventspils novada Jūrkalnes pagasts,

Grobiņas novads,

Rucavas novada Dunikas pagasts.

6.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

Jurbarko rajono savivaldybė: Smalininkų ir Viešvilės seniūnijos,

Kelmės rajono savivaldybė: Kelmės, Kelmės apylinkių, Kražių, Kukečių seniūnijos dalis į pietus nuo kelio Nr. 2128 ir į vakarus nuo kelio Nr. 2106, Liolių, Pakražančio seniūnijos, Tytuvėnų seniūnijos dalis į vakarus ir šiaurę nuo kelio Nr. 157 ir į vakarus nuo kelio Nr. 2105 ir Tytuvėnų apylinkių seniūnijos dalis į šiaurę nuo kelio Nr. 157 ir į vakarus nuo kelio Nr. 2105, ir Vaiguvos seniūnijos,

Pagėgių savivaldybė,

Plungės rajono savivaldybė,

Raseinių rajono savivaldybė: Girkalnio ir Kalnujų seniūnijos dalis į šiaurę nuo kelio Nr A1, Nemakščių, Paliepių, Raseinių, Raseinių miesto ir Viduklės seniūnijos,

Rietavo savivaldybė,

Skuodo rajono savivaldybė,

Šilalės rajono savivaldybė,

Šilutės rajono savivaldybė: Juknaičių, Kintų, Šilutės ir Usėnų seniūnijos,

Tauragės rajono savivaldybė: Lauksargių, Skaudvilės, Tauragės, Mažonų, Tauragės miesto ir Žygaičių seniūnijos.

7.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

w województwie warmińsko-mazurskim:

gmina Ruciane – Nida w powiecie piskim,

część gminy Ryn położona na południe od linii kolejowej łączącej miejscowości Giżycko i Kętrzyn w powiecie giżyckim,

gminy Mikołajki, Piecki, część gminy Sorkwity położona na południe od drogi nr 16 i część gminy wiejskiej Mrągowo położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 16 biegnącą od zachodniej granicy gminy do granicy miasta Mrągowo oraz na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 59 biegnącą od wschodniej granicy gminy do granicy miasta Mrągowo w powiecie mrągowskim,

gminy Dźwierzuty, Rozogii Świętajno w powiecie szczycieńskim,

gminy Gronowo Elbląskie, Markusy, Rychliki, część gminy Elbląg położona na zachódod zachodniej granicy powiatu miejskiego Elbląg i na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 22 i część gminy Tolkmicko niewymieniona w części II załącznika w powiecie elbląskim oraz strefa wód przybrzeżnych Zalewu Wiślanego i Zatoki Elbląskiej,

gminy Barczewo, Biskupiec, Dywity, Jonkowo i Świątki w powiecie olsztyńskim,

gminy Łukta, Miłakowo, Małdyty, Miłomłyn i Morąg w powiecie ostródzkim,

gmina Zalewo w powiecie iławskim,

w województwie podlaskim:

gminy Rudka, Wyszki, część gminy Brańsk położona na północ od linii od linii wyznaczonej przez drogę nr 66 biegnącą od wschodniej granicy gminy do granicy miasta Brańsk i miasto Brańsk w powiecie bielskim,

gmina Perlejewo w powiecie siemiatyckim,

gminy Kolno z miastem Kolno, Mały Płock i Turośl w powiecie kolneńskim,

gmina Poświętne w powiecie białostockim,

gminy Kulesze Kościelne, Nowe Piekuty, Szepietowo, Klukowo, Ciechanowiec, Wysokie Mazowieckie z miastem Wysokie Mazowieckie, Czyżew w powiecie wysokomazowieckim,

gminy Miastkowo, Nowogród, Śniadowo i Zbójna w powiecie łomżyńskim,

powiat zambrowski;

w województwie mazowieckim:

gminy Rzekuń, Troszyn, Lelis, Czerwin, Łysei Goworowo w powiecie ostrołęckim,

powiat miejski Ostrołęka,

powiat ostrowski,

gminy Karniewo, Maków Mazowiecki, Rzewnie i Szelków w powiecie makowskim,

gmina Krasne w powiecie przasnyskim,

gminy Bodzanów, Bulkowo, Mała Wieś, StaroźrebyiWyszogród w powiecie płockim,

gminy Ciechanów z miastem Ciechanów, Glinojeck, Gołymin – Ośrodek, Ojrzeń, Opinogóra Górna i Sońsk w powiecie ciechanowskim,

gminy Baboszewo, Dzierzążnia, Sochocin, część gminy Płońsk położona na północ od linii wyznaczonej przez drogi nr 7 oraz 10 i miasto Płońsk w powiecie płońskim,

gminy Gzy, Obryte, Zatory, Pułtusk i część gminy Winnica położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę łączącą miejscowości Bielany, Winnica i Pokrzywnica w powiecie pułtuskim,

gminy Brańszczyk, Długosiodło, Rząśnik, Wyszków, Zabrodzie i część gminy Somianka położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 62 w powiecie wyszkowskim,

gminy Jadów, Klembów, Poświętne, Strachówkai Tłuszcz w powiecie wołomińskim,

gminy Dobre, Stanisławów, część gminy Jakubów położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr A2, część gminy Kałuszyn położona na północ od linii wyznaczonej przez drogi nr 2 i 92 i część gminy Mińsk Mazowiecki położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr A2 w powiecie mińskim,

gminy Garbatka Letnisko, Gniewoszów i Sieciechów w powiecie kozienickim,

gminy Baranów i Jaktorów w powiecie grodziskim,

powiat żyrardowski,

gminy Belsk Duży, Błędów, Goszczyn i Mogielnica w powiecie grójeckim,

gminy Białobrzegi, Promna, Stara Błotnica, Wyśmierzyce i Radzanów w powiecie białobrzeskim,

gminy Jedlińsk, Jastrzębia i Pionki z miastem Pionki w powiecie radomskim,

gminy Iłów, Nowa Sucha, Rybno, część gminy Teresin położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 92, część gminy wiejskiej Sochaczew położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 92 i część miasta Sochaczew położona na południowy zachód od linii wyznaczonej przez drogi nr 50 i 92 w powiecie sochaczewskim,

gmina Policzna w powiecie zwoleńskim,

gmina Solec nad Wisłą w powiecie lipskim;

w województwie lubelskim:

gminy Bełżyce, Borzechów, Bychawa, Niedrzwica Duża, Konopnica, Strzyżewice, Wysokie, Wojciechów i Zakrzew w powiecie lubelskim,

gminy Adamów, Miączyn, Radecznica, Sitno, Komarów-Osada, Krasnobród, Łabunie, Sułów, Szczebrzeszyn, Zamość, Zwierzyniec i Radecznica w powiecie zamojskim,

powiat miejski Zamość,

gmina Jeziorzany i część gminy Kock położona na zachód od linii wyznaczonej przez rzekę Czarną w powiecie lubartowskim,

gminy Adamów i Serokomla w powiecie łukowskim,

gminy Nowodwór, Ryki, Ułęż i miasto Dęblin w powiecie ryckim,

gminy Janowiec, i część gminy wiejskiej Puławy położona na zachód od rzeki Wisły w powiecie puławskim,

gminy Chodel, Karczmiska, Łaziska, Opole Lubelskie, Poniatowa i Wilków w powiecie opolskim,

gmina Żółkiewka w powiecie krasnostawskim,

gminy Krynice, Rachanie i Tarnawatka w powiecie tomaszowskim,

gminy Aleksandrów, Józefów, Łukowa, Obsza, Tereszpol, Turobin, Frampol, Goraj w powiecie biłgorajskim,

gminy Kraśnik z miastem Kraśnik, Szastarka, Trzydnik Duży, Urzędów, Wilkołaz i Zakrzówek w powiecie kraśnickim,

gminy Modliborzyce, Potok Wielki, Chrzanów i Batorz w powiecie janowskim;

w województwie podkarpackim:

gminy Cieszanów, Oleszyce, Stary Dzików, Wielki Oczy i Lubaczów z miastem Lubaczów w powiecie lubaczowskim,

gminy Laszki i Wiązownica w powiecie jarosławskim,

gminy Pysznica, Zaleszany i miasto Stalowa Wola w powiecie stalowowolskim,

gmina Gorzyce w powiecie tarnobrzeskim;

w województwie świętokrzyskim:

gminy Tarłów i Ożarów w powiecie opatowskim,

gminy Dwikozy, Zawichost i miasto Sandomierz w powiecie sandomierskim.

8.   Roemenië

De volgende gebieden in Roemenië:

Județul Alba,

Județul Cluj,

Județul Harghita,

Județul Hunedoara,

Județul Iași cu restul comunelor care nu sunt incluse in partea II,

Județul Neamț,

Restul județului Mehedinți care nu a fost inclus în Partea III cu următoarele comune:

Comuna Garla Mare,

Hinova,

Burila Mare,

Gruia,

Pristol,

Dubova,

Municipiul Drobeta Turnu Severin,

Eselnița,

Salcia,

Devesel,

Svinița,

Gogoșu,

Simian,

Orșova,

Obârșia Closani,

Baia de Aramă,

Bala,

Florești,

Broșteni,

Corcova,

Isverna,

Balta,

Podeni,

Cireșu,

Ilovița,

Ponoarele,

Ilovăț,

Patulele,

Jiana,

Iyvoru Bârzii,

Malovat,

Bălvănești,

Breznița Ocol,

Godeanu,

Padina Mare,

Corlățel,

Vânju Mare,

Vânjuleț,

Obârșia de Câmp,

Vânători,

Vladaia,

Punghina,

Cujmir,

Oprișor,

Dârvari,

Căzănești,

Husnicioara,

Poroina Mare,

Prunișor,

Tămna,

Livezile,

Rogova,

Voloiac,

Sisești,

Sovarna,

Bălăcița,

Județul Gorj,

Județul Suceava,

Județul Mureș,

Județul Sibiu,

Județul Caraș-Severin.

DEEL II

1.   België

De volgende gebieden in België:

in de provincie Luxemburg:

het gebied dat met de wijzers van de klok mee wordt afgebakend door:

de grens met Frankrijk ter hoogte van Florenville,

de N85 tot de kruising met de N894 ter hoogte van Florenville,

de N894 tot de kruising met de Rue de la Motte,

de Rue de la Motte tot de kruising met de Rue de Neufchâteau,

Rue de Neufchâteau,

de Rue des Bruyères tot de kruising met Rue de la Gaume,

de Rue de la Gaume tot de kruising met Rue de l'Accord,

Rue de l'Accord,

Rue du Fet,

de N40 tot de kruising met de E25-E411,

de E25-E411 tot de kruising met de N81 ter hoogte van Weyler,

de N81 tot de kruising met de N883 ter hoogte van Aubange,

de N883 tot de kruising met de N88 ter hoogte van Aubange,

de N88 tot de kruising met de N811,

de N811 tot de kruising met de Rue Baillet Latour,

de Rue Baillet Latour tot de kruising met de N88,

de N88 tot de kruising met de N871,

de N871 tot de kruising met de N87 ter hoogte van Rouvroy,

de N87 tot de kruising met de grens met Frankrijk.

2.   Bulgarije

De volgende gebieden in Bulgarije:

in Varna region:

within municipality of Beloslav:

Razdelna,

within municipalty of Devnya:

Devnya,

Povelyanovo,

Padina,

within municipality of Vetrino:

Gabarnitsa,

within municipality of Provadiya:

Staroselets,

Petrov dol,

Provadiya,

Dobrina,

Manastir,

Zhitnitsa,

Tutrakantsi,

Bozveliysko,

Barzitsa,

Tchayka,

within municipality of Avren:

Trastikovo,

Sindel,

Avren,

Kazashka reka,

Yunak,

Tsarevtsi,

Dabravino,

within municipality of Dalgopol:

Tsonevo,

Velichkovo,

within municipality of Dolni chiflik:

Nova shipka,

Goren chiflik,

Pchelnik,

Venelin,

in Silistra region:

within municipality of Kaynardzha:

Voynovo,

Kaynardzha,

Kranovo,

Zarnik,

Dobrudzhanka,

Golesh,

Svetoslav,

Polkovnik Cholakovo,

Kamentzi,

Gospodinovo,

Davidovo,

Sredishte,

Strelkovo,

Poprusanovo,

Posev,

within municipality of Alfatar:

Alfatar,

Alekovo,

Bistra,

Kutlovitza,

Tzar Asen,

Chukovetz,

Vasil Levski,

within municipality of Silistra:

Glavan,

Silistra,

Aydemir,

Babuk,

Popkralevo,

Bogorovo,

Bradvari,

Sratzimir,

Bulgarka,

Tsenovich,

Sarpovo,

Srebarna,

Smiletz,

Profesor Ishirkovo,

Polkovnik Lambrinovo,

Kalipetrovo,

Kazimir,

Yordanovo,

within municipality of Sitovo:

Dobrotitza,

Lyuben,

Slatina,

within municipality of Dulovo:

Varbino,

Polkovnik Taslakovo,

Kolobar,

Kozyak,

Mezhden,

Tcherkovna,

Dulovo,

Razdel,

Tchernik,

Poroyno,

Vodno,

Zlatoklas,

Tchernolik,

in Dobrich region:

within municipality of Krushari:

Kapitan Dimitrovo,

Ognyanovo,

Zimnitza,

Gaber,

within municipality of Dobrich-selska:

Altsek,

Vodnyantsi,

Feldfebel Denkovo,

Hitovo,

within municipality of Tervel:

Brestnitza,

Kolartzi,

Angelariy,

Balik,

Bezmer,

Bozhan,

Bonevo,

Voynikovo,

Glavantsi,

Gradnitsa,

Guslar,

Kableshkovo,

Kladentsi,

Kochmar,

Mali izvor,

Nova Kamena,

Onogur,

Polkovnik Savovo,

Popgruevo,

Profesor Zlatarski,

Sartents,

Tervel,

Chestimenstko,

within municipality Shabla:

Shabla,

Tyulenovo,

Bozhanovo,

Gorun,

Gorichane,

Prolez,

Ezeretz,

Zahari Stoyanovo,

Vaklino,

Granichar,

Durankulak,

Krapetz,

Smin,

Staevtsi,

Tvarditsa,

Chernomortzi,

within municipality of Kavarna:

Balgarevo,

Bozhurets,

Vranino,

Vidno,

Irechek,

Kavarna,

Kamen briag,

Mogilishte,

Neykovo,

Poruchik Chunchevo,

Rakovski,

Sveti Nikola,

Seltse,

Topola,

Travnik,

Hadzhi Dimitar,

Chelopechene.

3.   Estland

De volgende gebieden in Estland:

Eesti Vabariik (välja arvatud Hiiu maakond).

4.   Hongarije

De volgende gebieden in Hongarije:

Heves megye 700150, 700250, 700260, 700350, 700450, 700460, 700550, 700650, 700750, 700850, 700860, 700950, 701050, 701111, 701150, 701250, 701350, 701550, 701560, 701650, 701750, 701850, 701950, 702050, 702150, 702250, 702260, 702350, 702450, 702750, 702850, 702950, 703050, 703150, 703250, 703370, 705150,705250, 705450,705510 és 705610kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Szabolcs-Szatmár-Bereg megye 850950, 851050, 851150, 851250, 851350, 851450, 851550, 851560, 851650, 851660, 851751, 851752, 852850, 852860, 852950, 852960, 853050, 853150, 853160, 853250, 853260, 853350, 853360, 853450, 853550, 854450, 854550, 854560, 854650, 854660, 854750, 854850, 854860, 854870, 854950, 855050, 855150, 855250, 855460, 855750, 855950, 855960, 856051, 856150, 856250, 856260, 856350, 856360, 856450, 856550, 856650, 856750, 856760, 856850, 856950, 857050, 857150, 857350, 857450, 857650, valamint 850150, 850250, 850260, 850350, 850450, 850550, 852050, 852150, 852250 és 857550, továbbá 850650, 850850, 851851 és 851852 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Nógrád megye 550110, 550120, 550130, 550210, 550310, 550320, 550450, 550460, 550510, 550610, 550710, 550810, 550950, 551010, 551150, 551160, 551250, 551350, 551360, 551450, 551460, 551550, 551650, 551710, 551810, 551821,552360 és 552960 kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Borsod-Abaúj-Zemplén megye 650100, 650200, 650300, 650400, 650500, 650600, 650700, 650800, 650900, 651000, 651200, 652100, 655400, 656701, 656702, 656800, 656900, 657010, 657100, 658100, 658310, 658401, 658402, 658404, 658500, 658600, 658700, 658801, 658802, 658901, 658902, 659000, 659100, 659210, 659220, 659300, 659400, 659500, 659601, 659602, 659701, 659800, 659901, 660000, 660100, 660200, 660400, 660501, 660502, 660600 és 660800, valamint 652400, 652500 és 652800kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe,

Hajdú-Bihar megye 900150, 900250, 900350, 900450, 900550, 900650, 900660, 900670, 901850,900850, 900860, 900930, 900950, 901050, 901150, 901450, 902850, 902860, 902950, 902960, 903050, 903150, 903350, 903360, 903370, 903450, 903550, 904450, 904460, 904550, 904650kódszámú vadgazdálkodási egységeinek teljes területe.

5.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

Ādažu novads,

Aizputes novada Kalvenes pagasts pagasta daļa uz dienvidiem no autoceļa A9,

Aglonas novads,

Aizkraukles novads,

Aknīstes novads,

Alojas novads,

Alūksnes novads,

Amatas novads,

Apes novads,

Auces novads,

Babītes novads,

Baldones novads,

Baltinavas novads,

Balvu novads,

Bauskas novads,

Beverīnas novads,

Brocēnu novada Blīdenes pagasts, Remtes pagasta daļa uz austrumiem no autoceļa 1154 un P109,

Burtnieku novads,

Carnikavas novads,

Cēsu novads,

Cesvaines novads,

Ciblas novads,

Dagdas novads,

Daugavpils novads,

Dobeles novads,

Dundagas novads,

Durbes novada Durbes pagasta daļa uz dienvidiem no dzelzceļa līnijas Jelgava-Liepāja,

Engures novads,

Ērgļu novads,

Garkalnes novads,

Gulbenes novads,

Iecavas novads,

Ikšķiles novads,

Ilūkstes novads,

Inčukalna novads,

Jaunjelgavas novads,

Jaunpiebalgas novads,

Jaunpils novads,

Jēkabpils novads,

Jelgavas novads,

Kandavas novads,

Kārsavas novads,

Ķeguma novads,

Ķekavas novads,

Kocēnu novads,

Kokneses novads,

Krāslavas novads

Krimuldas novads,

Krustpils novads,

Kuldīgas novada Ēdoles, Īvandes, Padures, Rendas, Kabiles, Rumbas, Kurmāles, Pelču, Snēpeles, Turlavas, Laidu un Vārmes pagasts, Kuldīgas pilsēta,

Lielvārdes novads,

Līgatnes novads,

Limbažu novads,

Līvānu novads,

Lubānas novads,

Ludzas novads,

Madonas novads,

Mālpils novads,

Mārupes novads,

Mazsalacas novads,

Mērsraga novads,

Naukšēnu novads,

Neretas novads,

Ogres novads,

Olaines novads,

Ozolnieku novads,

Pārgaujas novads,

Pļaviņu novads,

Preiļu novads,

Priekules novads,

Priekuļu novads,

Raunas novads,

republikas pilsēta Daugavpils,

republikas pilsēta Jelgava,

republikas pilsēta Jēkabpils,

republikas pilsēta Jūrmala,

republikas pilsēta Rēzekne,

republikas pilsēta Valmiera,

Rēzeknes novads,

Riebiņu novads,

Rojas novads,

Ropažu novads,

Rugāju novads,

Rundāles novads,

Rūjienas novads,

Salacgrīvas novads,

Salas novads,

Salaspils novads,

Saldus novada Novadnieku, Kursīšu, Zvārdes, Pampāļu, Šķēdes, Nīgrandes, Zaņas, Ezeres, Rubas, Jaunauces un Vadakstes pagasts,

Saulkrastu novads,

Sējas novads,

Siguldas novads,

Skrīveru novads,

Skrundas novads,

Smiltenes novads,

Stopiņu novada daļa, kas atrodas uz austrumiem no autoceļa V36, P4 un P5, Acones ielas, Dauguļupes ielas un Dauguļupītes,

Strenču novads,

Talsu novads,

Tērvetes novads,

Tukuma novads,

Vaiņodes novads,

Valkas novads,

Varakļānu novads,

Vārkavas novads,

Vecpiebalgas novads,

Vecumnieku novads,

Ventspils novada Ances, Tārgales, Popes, Vārves, Užavas, Piltenes, Puzes, Ziru, Ugāles, Usmas un Zlēku pagasts, Piltenes pilsēta,

Viesītes novads,

Viļakas novads,

Viļānu novads,

Zilupes novads.

6.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

Alytaus miesto savivaldybė,

Alytaus rajono savivaldybė,

Anykščių rajono savivaldybė,

Akmenės rajono savivaldybė: Ventos ir Papilės seniūnijos,

Biržų miesto savivaldybė,

Biržų rajono savivaldybė,

Druskininkų savivaldybė,

Elektrėnų savivaldybė,

Ignalinos rajono savivaldybė,

Jonavos rajono savivaldybė,

Joniškio rajono savivaldybė: Kepalių, Kriukų, Saugėlaukio ir Satkūnų seniūnijos,

Jurbarko rajono savivaldybė,

Kaišiadorių rajono savivaldybė,

Kalvarijos savivaldybė: Akmenynų, Liubavo, Kalvarijos seniūnijos dalis į pietus nuo kelio Nr. 131 ir į pietus nuo kelio Nr. 200 ir Sangrūdos seniūnijos,

Kauno miesto savivaldybė,

Kauno rajono savivaldybė: Babtų, Batniavos, Čekiškės, Domeikavos, Garliavos, Garliavos apylinkių, Karmėlavos, Kulautuvos, Lapių, Linksmakalnio, Neveronių, Raudondvario, Rokų, Samylų, Taurakiemio, Užliedžių, Vandžiogalos, Vilkijos ir Vilkijos apylinkių seniūnijos,

Kazlų Rūdos savivaldybė: Jankų ir Plutiškių seniūnijos,

Kelmės rajono savivaldybė: Tytuvėnų seniūnijos dalis į rytus ir pietus nuo kelio Nr. 157 ir į rytus nuo kelio Nr. 2105 ir Tytuvėnų apylinkių seniūnijos dalis į pietus nuo kelio Nr. 157 ir į rytus nuo kelio Nr. 2105, Užvenčio, Kukečių dalis į šiaurę nuo kelio Nr. 2128 ir į rytus nuo kelio Nr. 2106, ir Šaukėnų seniūnijos,

Kėdainių rajono savivaldybė,

Kupiškio rajono savivaldybė,

Lazdijų rajono savivaldybė: Būdviečio, Kapčiamieščio, Krosnos, Kučiūnų ir Noragėlių seniūnijos,

Marijampolės savivaldybė: Degučių,Gudelių, Mokolų ir Narto seniūnijos,

Mažeikių rajono savivaldybė: Šerkšnėnų, Sedos ir Židikų seniūnijos,

Molėtų rajono savivaldybė,

Pakruojo rajono savivaldybė,

Panevėžio rajono savivaldybė,

Panevėžio miesto savivaldybė,

Pasvalio rajono savivaldybė,

Radviliškio rajono savivaldybė,

Prienų rajono savivaldybė: Stakliškių ir Veiverių seniūnijos

Raseinių rajono savivaldybė: Ariogalos, Betygalos, Pagojukų, Šiluvos,Kalnujų seniūnijos ir Girkalnio seniūnijos dalis į pietus nuo kelio Nr. A1,

Rokiškio rajono savivaldybė,

Šakių rajono savivaldybė: Barzdų, Griškabūdžio, Kidulių, Kudirkos Naumiesčio, Lekėčių, Sintautų, Slavikų. Sudargo, Žvirgždaičių seniūnijos ir Kriūkų seniūnijos dalis į rytus nuo kelio Nr. 3804, Lukšių seniūnijos dalis į rytus nuo kelio Nr. 3804, Šakių seniūnijos dalis į pietus nuo kelio Nr. 140 ir į pietvakarius nuo kelio Nr. 137

Šalčininkų rajono savivaldybė,

Šiaulių miesto savivaldybė,

Šiaulių rajono savivaldybė: Šiaulių kaimiškoji seniūnija,

Šilutės rajono savivaldybė: Rusnės seniūnija,

Širvintų rajono savivaldybė,

Švenčionių rajono savivaldybė,

Tauragės rajono savivaldybė: Batakių ir Gaurės seniūnijos,

Telšių rajono savivaldybė,

Trakų rajono savivaldybė,

Ukmergės rajono savivaldybė,

Utenos rajono savivaldybė,

Varėnos rajono savivaldybė,

Vilniaus miesto savivaldybė,

Vilniaus rajono savivaldybė,

Vilkaviškio rajono savivaldybė:Bartninkų, Gražiškių, Keturvalakių, Kybartų, Klausučių, Pajevonio, Šeimenos, Vilkaviškio miesto, Virbalio, Vištyčio seniūnijos,

Visagino savivaldybė,

Zarasų rajono savivaldybė.

7.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

w województwie warmińsko-mazurskim:

gminy Kalinowo, Prostki i gmina wiejska Ełk w powiecie ełckim,

gminy Godkowo, Milejewo, Młynary, Pasłęk, część gminy Elbląg położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 22 oraz na południe i na południowy wschód od granicy powiatu miejskiego Elbląg, i część obszaru lądowego gminy Tolkmicko położona na południe od linii brzegowej Zalewu Wiślanego i Zatoki Elbląskiej do granicy z gminą wiejską Elbląg w powiecie elbląskim,

powiat miejski Elbląg,

powiat gołdapski,

gmina Wieliczki w powiecie oleckim,

gminy Orzysz, Biała Piska i Pisz w powiecie piskim,

gminy Górowo Iławeckie z miastem Górowo Iławeckie i Bisztynek w powiecie bartoszyckim,

gminy Kolno, Jeziorany i Dobre Miasto w powiecie olsztyńskim,

powiat braniewski,

gmina Reszel, część gminy Kętrzyn położona na południe od linii kolejowej łączącej miejscowości Giżycko i Kętrzyn biegnącej do granicy miasta Kętrzyn, na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 591 biegnącą od miasta Kętrzyn do północnej granicy gminy oraz na zachód i na południe od zachodniej i południowej granicy miasta Kętrzyn, miasto Kętrzyn i część gminy Korsze położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę biegnącą od wschodniej granicy łączącą miejscowości Krelikiejmy i Sątoczno i na wschód od linii wyznaczonej przez drogę łączącą miejscowości Sątoczno, Sajna Wielka biegnącą do skrzyżowania z drogą nr 590 w miejscowości Glitajny, a następnie na wschód od drogi nr 590 do skrzyżowania z drogą nr 592 i na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 592 biegnącą od zachodniej granicy gminy do skrzyżowania z drogą nr 590 w powiecie kętrzyńskim,

gminy Lidzbark Warmiński z miastem Lidzbark Warmiński, Lubomino, Orneta i część gminy Kiwity położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 513 w powiecie lidzbarskim,

część gminy Sorkwity położona na północ od drogi nr 16 i część gminy wiejskiej Mrągowo położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 16 biegnącą od zachodniej granicy gminy do granicy miasta Mrągowo oraz na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 59 biegnącą od wschodniej granicy gminy do granicy miasta Mrągowo w powiecie mrągowskim;

w województwie podlaskim:

powiat grajewski,

powiat moniecki,

powiat sejneński,

gminyŁomża, Piątnica, Jedwabne, Przytuły i Wiznaw powiecie łomżyńskim,

powiat miejski Łomża,

gminy Mielnik, Nurzec – Stacja, Grodzisk, Drohiczyn, Dziadkowice, i Siemiatycze z miastem Siemiatyczew powiecie siemiatyckim,

gminy Białowieża, Czyże, Narew, Narewka, Hajnówka z miastem Hajnówka i część gminy Dubicze Cerkiewne położona na północny wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 1654B w powiecie hajnowskim,

gminy Kobylin-Borzymyi Sokoły w powiecie wysokomazowieckim,

gminy Grabowo i Stawiski w powiecie kolneńskim,

gminy Czarna Białostocka, Dobrzyniewo Duże, Gródek, Juchnowiec Kościelny, Łapy, Michałowo, Supraśl, Suraż, Turośń Kościelna, Tykocin, Wasilków, Zabłudów, Zawady i Choroszcz w powiecie białostockim,

miasto Bielsk Podlaski, część gminy Bielsk Podlaski położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 19 biegnącą od południowo-zachodniej granicy gminy do granicy miasta Bielsk Podlaski, na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 689 biegnącą od wschodniej granicy gminy do wschodniej granicy miasta Bielsk Podlaski oraz na północ i północny zachód od granicy miasta Bielsk Podlaski, część gminy Boćki położona na zachód od linii od linii wyznaczonej przez drogę nr 19 i część gminy Brańsk położona na południe od linii od linii wyznaczonej przez drogę nr 66 biegnącą od wschodniej granicy gminy do granicy miasta Brańsk w powiecie bielskim,

powiat suwalski,

powiat miejski Suwałki,

powiat augustowski,

powiat sokólski,

powiat miejski Białystok;

w województwie mazowieckim:

gminy Korczew, Kotuń, Paprotnia, Przesmyki, Wodynie, Skórzec, Mokobody, Mordy, Siedlce, Suchożebry i Zbuczyn w powiecie siedleckim,

powiat miejski Siedlce,

gminy Bielany, Ceranów, Jabłonna Lacka, Kosów Lacki, Repki, Sabnie, Sterdyń i gmina wiejska Sokołów Podlaski w powiecie sokołowskim,

powiat węgrowski,

powiat łosicki,

gminy Brochów, Młodzieszyn, część gminy Teresin położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 92, część gminy wiejskiej Sochaczew położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 92 i część miasta Sochaczew położona na północny wschód od linii wyznaczonej przez drogi nr 50 i 92 w powiecie sochaczewskim,

powiat nowodworski,

gminy Czerwińsk nad Wisłą, Joniec, Naruszewo Nowe Miasto, Załuski i część gminy Płońsk położona na południe od linii wyznaczonej przez drogi nr 7 oraz 10 w powiecie płońskim,

gminy Pokrzywnica, Świercze i część gminy Winnica położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę łączącą miejscowości Bielany, Winnica i Pokrzywnica w powiecie pułtuskim,

gminy Dąbrówka, Kobyłka, Marki, Radzymin, Wołomin, Zielonka i Ząbki w powiecie wołomińskim,

część gminy Somianka położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 62 w powiecie wyszkowskim,

gminy Cegłów, Dębe Wielkie, Halinów, Latowicz, Mrozy, Siennica, Sulejówek, część gminy Jakubów położona na południe od linii wyznaczoenj przez drogę nr A2, część gminy Kałuszyn położona na południe od linii wyznaczonej przez drogi nr 2 i 92 i część gminy Mińsk Mazowiecki położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr A2 i miasto Mińsk Mazowiecki w powiecie mińskim,

gminy Borowie, Garwolin z miastem Garwolin, Górzno, Miastków Kościelny, Parysów, Pilawa, Trojanów, Żelechów, część gminy Wilga położona na północ od linii wyznaczonej przez rzekę Wilga biegnącą od wschodniej granicy gminy do ujścia do rzeki Wisły w powiecie garwolińskim,

powiat otwocki,

powiat warszawski zachodni,

powiat legionowski,

powiat piaseczyński,

powiat pruszkowski,

gminy Chynów, Grójec, Jasieniec, Pniewy i Warkaw powiecie grójeckim,

gminy Milanówek, Grodzisk Mazowiecki, Podkowa Leśna i Żabia Wola w powiecie grodziskim,

gminy Grabów nad Pilicą, Magnuszew, Głowaczów, Kozienice w powiecie kozienickim,

gmina Stromiec w powiecie białobrzeskim,

powiat miejski Warszawa;

w województwie lubelskim:

gminy Borki, Czemierniki, Kąkolewnica, Komarówka Podlaska, Wohyń i Radzyń Podlaski z miastem Radzyń Podlaski w powiecie radzyńskim,

gminy Stoczek Łukowski z miastem Stoczek Łukowski, Wola Mysłowska, Trzebieszów, Krzywda, Stanin, część gminy wiejskiej Łuków położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 63 biegnącą od północnej granicy gminy do granicy miasta Łuków i na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 806 biegnącą od wschodniej granicy miasta Łuków do wschodniej granicy gminy wiejskiej Łuków i miasto Łuków w powiecie łukowskim,

gminy Janów Podlaski, Kodeń, Tuczna, Leśna Podlaska, Rossosz, Łomazy, Konstantynów, Piszczac, Rokitno, Biała Podlaska, Zalesie, Terespol z miastem Terespol, Drelów, Międzyrzec Podlaski z miastem Międzyrzec Podlaski w powiecie bialskim,

powiat miejski Biała Podlaska,

gmina Łęczna i część gminy Spiczyn położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 829 w powiecie łęczyńskim,

część gminy Siemień położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 815 i część gminy Milanów położona na zachód od drogi nr 813 w powiecie parczewskim,

gminy Niedźwiada, Ostrówek, Abramów, Firlej, Kamionka, Michów, Lubartów z miastem Lubartów i część gminy Kock położona na wschód od linii wyznaczonej przez rzekę Czarną w powiecie lubartowskim,

gminy Jabłonna, Krzczonów, Niemce, Garbów, Głusk, Jastków i Wólka w powiecie lubelskim,

powiat miejski Lublin,

gminy Mełgiew, Rybczewice, Piaski i miasto Świdnik w powiecie świdnickim,

gminy Fajsławice, Gorzków, Rudnik i część gminy Łopiennik Górny położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 17 w powiecie krasnostawskim,

gminy Dołhobyczów, Mircze, Trzeszczany, Werbkowice i część gminy wiejskiej Hrubieszów położona na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 844 oraz na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 74 i miasto Hrubieszów w powiecie hrubieszowskim,

gminy Bełżec, Jarczów, Lubycza Królewska, Łaszczów, Susiec, Telatyn, Tomaszów Lubelski z miastem Tomaszów Lubelski, Tyszowce i Ulhówek w powiecie tomaszowskim,

część gminy Wojsławice położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę biegnącą od północnej granicy gminy przez miejscowość Wojsławice do południowej granicy gminy w powiecie chełmskim,

gmina Grabowiec, Nielisz i część gminy Skierbieszów położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 843 w powiecie zamojskim,

gminy Markuszów, Nałęczów, Kazimierz Dolny, Końskowola, Kurów, Wąwolnica, Żyrzyn, Baranów, część gminy wiejskiej Puławy położona na wschód od rzeki Wisły i miasto Puławy w powiecie puławskim,

gminy Annopol, Dzierzkowice i Gościeradów w powiecie kraśnickim,

gmina Józefów nad Wisłą w powiecie opolskim,

gminy Kłoczew i Stężyca w powiecie ryckim;

w województwie podkarpackim:

gminy Radomyśl nad Sanem i Zaklików w powiecie stalowowolskim,

gminy Horyniec-Zdrój i Narol w powiecie lubaczowskim.

8.   Roemenië

De volgende gebieden in Roemenië:

Restul județului Maramureș care nu a fost inclus în Partea III cu următoarele comune:

Comuna Vișeu de Sus,

Comuna Moisei,

Comuna Borșa,

Comuna Oarța de Jos,

Comuna Suciu de Sus,

Comuna Coroieni,

Comuna Târgu Lăpuș,

Comuna Vima Mică,

Comuna Boiu Mare,

Comuna Valea Chioarului,

Comuna Ulmeni,

Comuna Băsești,

Comuna Baia Mare,

Comuna Tăuții Magherăuș,

Comuna Cicărlău,

Comuna Seini,

Comuna Ardusat,

Comuna Farcasa,

Comuna Salsig,

Comuna Asuaju de Sus,

Comuna Băița de sub Codru,

Comuna Bicaz,

Comuna Grosi,

Comuna Recea,

Comuna Baia Sprie,

Comuna Sisesti,

Comuna Cernesti,

Copalnic Mănăstur,

Comuna Dumbrăvița,

Comuna Cupseni,

Comuna Șomcuța Mare,

Comuna Sacaleșeni,

Comuna Remetea Chioarului,

Comuna Mireșu Mare,

Comuna Ariniș,

Județul Bistrița-Năsăud,

Județul Iași cu următoarele comune:

Bivolari,

Trifești,

Probota,

Movileni,

Țigănași,

Popricani,

Victoria,

Golăești,

Aroneanu,

Iași,

Rediu,

Miroslava,

Bârnova,

Ciurea,

Mogosești,

Grajduri,

Scânteia,

Scheia,

Dobrovăț,

Schitu Duca,

Tuțora,

Tomești,

Bosia,

Prisăcani,

Osoi,

Costuleni,

Răducăneni,

Dolhești,

Gorban,

Ciortești,

Moșna,

Cozmești,

Grozești,

Holboca.

DEEL III

1.   Bulgarije

De volgende gebieden in Bulgarije:

in Pleven region:

the whole municipality of Belene,

within municipality of Pleven:

Mechka,

Brashlyanitsa,

Opanets,

Bukovlak,

Varbitsa,

Slavyanovo,

Koilovtsi,

the whole municipality of Nikopol,

the whole municipality of Gulyantsi,

within municipality of Dolna Mitropoliya:

Komarevo,

Dolna Mitropoliya

Gorna Mitropoliya,

Riben,

Podem,

Slavovitsa,

Baykal,

Orehovitsa,

Trastenik,

Pobeda,

Bozhuritsa,

Bivolare,

within municipality of Levski:

Tranchovitsa.

2.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

Aizputes novada Aizputes pagasts, Cīravas pagasta daļa uz dienvidiem no autoceļa 1192, Kazdangas pagasts, Kalvenes pagasta daļa uz ziemeļiem no autoceļa A9, Lažas pagasta dienvidaustrumu daļa un pagasta daļa uz dienvidaustrumiem no autoceļa 1199 un uz dienvidiem no Padures autoceļa, Aizputes pilsēta,

Durbes novada Vecpils pagasts, Durbes pagasta daļa uz ziemeļiem no dzelzceļa līnijas Jelgava-Liepāja, Dunalkas pagasta daļa uz austrumiem no autoceļiem P112, 1193 un 1192, Durbes pilsēta,

Brocēnu novada Cieceres un Gaiķu pagasts, Remtes pagasta daļa uz rietumiem no autoceļa 1154 un P109, Brocēnu pilsēta,

Saldus novada Saldus, Zirņu, Lutriņu un Jaunlutriņu pagasts, Saldus pilsēta.

3.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

Akmenės rajono savivaldybė: Akmenės, Kruopių, Naujosios Akmenės kaimiškoji ir Naujosios Akmenės miesto seniūnijos,

Birštono savivaldybė,

Joniškio rajono savivaldybė:Gaižaičių, Gataučių, Joniškio, Rudiškių, Skaistgirio, Žagarės seniūnijos,

Kalvarijos savivaldybė: Kalvarijos seniūnijos dalis į šiaurę nuo kelio Nr. 131 ir į šiaurę nuo kelio Nr. 200,

Kauno rajono savivaldybė: Akademijos, Alšėnų, Ežerėlio, Kačerginės, Ringaudų ir Zapyškio seniūnijos,

Kazlų Rudos savivaldybė: Antanavo ir Kazlų Rudos seniūnijos,

Lazdijų rajono savivaldybė: Lazdijų miesto, Lazdijų, Seirijų, Šeštokų, Šventežerio ir Veisiejų seniūnijos,

Marijampolės savivaldybė: Igliaukos, Liudvinavo, Marijampolės,Sasnavos ir Šunskų seniūnijos,

Mažeikių rajono savivaldybės: Laižuvos, Mažeikių apylinkės, Mažeikių, Reivyčių, Tirkšlių ir Viekšnių seniūnijos,

Prienų rajono savivaldybė: Ašmintos, Balbieriškio, Išlaužo, Jiezno, Naujosios Ūtos, Pakuonio, Prienų ir Šilavotos seniūnijos,

Šakių rajono savivaldybė: Gelgaudiškio ir Plokščių seniūnijos ir Kriūkų seniūnijos dalis į vakarus nuo kelio Nr. 3804, Lukšių seniūnijos dalis į vakarus nuo kelio Nr. 3804, Šakių seniūnijos dalis į šiaurę nuo kelio Nr. 140 ir į šiaurės rytus nuo kelio Nr. 137,

Šiaulių rajono savivaldybės: Bubių, Ginkūnų, Gruzdžių, Kairių, Kuršėnų kaimiškoji, Kuršėnų miesto, Kužių, Meškuičių, Raudėnų ir Šakynos seniūnijos,

Šakių rajono savivaldybė: Gelgaudiškio ir Plokščių seniūnijos ir Kriūkų seniūnijos dalis į vakarus nuo kelio Nr. 3804, Lukšių seniūnijos dalis į vakarus nuo kelio Nr. 3804, Šakių seniūnijos dalis į šiaurę nuo kelio Nr. 140 ir į šiaurės rytus nuo kelio Nr. 137,

Vilkaviškio rajono savivaldybės: Gižų ir Pilviškių seniūnijos.

4.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

w województwie warmińsko-mazurskim:

gminy Sępopol i Bartoszyce z miastem Bartoszyce w powiecie bartoszyckim,

część gminy Kiwity położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 513 w powiecie lidzbarskim,

gminy Srokowo, Barciany, część gminy Kętrzyn położona na północ od linii kolejowej łączącej miejscowości Giżycko i Kętrzyn biegnącej do granicy miasta Kętrzyn oraz na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 591 biegnącą od miasta Kętrzyn do północnej granicy gminy i część gminy Korsze położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę biegnącą od wschodniej granicy łączącą miejscowości Krelikiejmy i Sątoczno i na zachód od linii wyznaczonej przez drogę łączącą miejscowości Sątoczno, Sajna Wielka biegnącą do skrzyżowania z drogą nr 590 w miejscowości Glitajny, a następnie na zachód od drogi nr 590 do skrzyżowania z drogą nr 592 i na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 592 biegnącą od zachodniej granicy gminy do skrzyżowania z drogą nr 590 w powiecie kętrzyńskim,

gmina Stare Juchy w powiecie ełckim,

gminy Kowale Oleckie, Olecko i Świętajno w powiecie oleckim,

powiat węgorzewski,

gminy Kruklanki, Wydminy, Miłki, Giżycko z miastem Giżycko i część gminy Ryn położona na północ od linii kolejowej łączącej miejscowości Giżycko i Kętrzyn w powiecie giżyckim,

w województwie podlaskim:

gmina Orla, część gminy Bielsk Podlaski położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 19 biegnącą od południowo-zachodniej granicy gminy do granicy miasta Bielsk Podlaski i na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 689 biegnącą od wschodniej granicy gminy do wschodniej granicy miasta Bielsk Podlaski i część gminy Boćki położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 19 w powiecie bielskim,

gminy Kleszczele, Czeremcha i część gminy Dubicze Cerkiewne położona na południowy zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 1654B w powiecie hajnowskim,

gmina Milejczyce w powiecie siemiatyckim;

w województwie mazowieckim:

gminy Domanice i Wiśniew w powiecie siedleckim,

gminy Łaskarzew z miastem Łaskarzew, Maciejowice, Sobolew i część gminy Wilga położona na południe od linii wyznaczonej przez rzekę Wilga biegnącą od wschodniej granicy gminy do ujścia dorzeki Wisły w powiecie garwolińskim,

w województwie lubelskim:

gminy Białopole, Dubienka, Chełm, Leśniowice, Wierzbica, Sawin, Ruda Huta, Dorohusk, Kamień, Rejowiec, Rejowiec Fabryczny z miastem Rejowiec Fabryczny, Siedliszcze, Żmudź i część gminy Wojsławice położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę biegnącą od północnej granicy gminy do miejscowości Wojsławice do południowej granicy gminy w powiecie chełmskim,

powiat miejski Chełm,

gminy Izbica, Kraśniczyn, Krasnystaw z miastem Krasnystaw, Siennica Różana i część gminy Łopiennik Górny położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 17w powiecie krasnostawskim,

gmina Stary Zamość i część gminy Skierbieszów położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 843 w powiecie zamojskim,

gminy Hanna, Hańsk, Wola Uhruska, Urszulin, Stary Brus, Wyryki i gmina wiejska Włodawa w powiecie włodawskim,

gminy Cyców, Ludwin, Puchaczów, Milejów i część gminy Spiczyn położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 829 w powiecie łęczyńskim,

gmina Trawniki w powiecie świdnickim,

gminy Jabłoń, Podedwórze, Dębowa Kłoda, Parczew, Sosnowica, część gminy Siemień położona na wschód od linii wyznaczonej przez drogę nr 815 i część gminy Milanów położona na wschód od drogi nr 813 w powiecie parczewskim,

gminy Sławatycze, Sosnówka, i Wisznice w powiecie bialskim,

gmina Ulan Majorat w powiecie radzyńskim,

gminy Ostrów Lubelski, Serniki iUścimów w powiecie lubartowskim,

gmina Wojcieszków i część gminy wiejskiej Łuków położona na zachód od linii wyznaczonej przez drogę nr 63 biegnącą od północnej granicy gminy do granicy miasta Łuków, a następnie na północ, zachód, południe i wschód od linii stanowiącej północną, zachodnią, południową i wschodnią granicę miasta Łuków do jej przecięcia się z drogą nr 806 i na południe od linii wyznaczonej przez drogę nr 806 biegnącą od wschodniej granicy miasta Łuków do wschodniej granicy gminy wiejskiej Łuków w powiecie łukowskim,

gminy Horodło, Uchanie i część gminy wiejskiej Hrubieszów położona na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 844 biegnącą od zachodniej granicy gminy wiejskiej Hrubieszów do granicy miasta Hrubieszów oraz na północ od linii wyznaczonej przez drogę nr 74 biegnącą od wschodniej granicy miasta Hrubieszów do wschodniej granicy gminy wiejskiej Hrubieszów w powiecie hrubieszowskim,

5.   Roemenië

De volgende gebieden in Roemenië:

Zona orașului București,

Județul Constanța,

Județul Satu Mare,

Județul Tulcea,

Județul Bacău,

Județul Bihor,

Județul Brăila,

Județul Buzău,

Județul Călărași,

Județul Dâmbovița,

Județul Galați,

Județul Giurgiu,

Județul Ialomița,

Județul Ilfov,

Județul Prahova,

Județul Sălaj,

Județul Vaslui,

Județul Vrancea,

Județul Teleorman,

Partea din județul Maramureș cu următoarele delimitări:

Comuna Petrova,

Comuna Bistra,

Comuna Repedea,

Comuna Poienile de sub Munte,

Comuna Vișeu e Jos,

Comuna Ruscova,

Comuna Leordina,

Comuna Rozavlea,

Comuna Strâmtura,

Comuna Bârsana,

Comuna Rona de Sus,

Comuna Rona de Jos,

Comuna Bocoiu Mare,

Comuna Sighetu Marmației,

Comuna Sarasau,

Comuna Câmpulung la Tisa,

Comuna Săpânța,

Comuna Remeti,

Comuna Giulești,

Comuna Ocna Șugatag,

Comuna Desești,

Comuna Budești,

Comuna Băiuț,

Comuna Cavnic,

Comuna Lăpuș,

Comuna Dragomirești,

Comuna Ieud,

Comuna Saliștea de Sus,

Comuna Săcel,

Comuna Călinești,

Comuna Vadu Izei,

Comuna Botiza,

Comuna Bogdan Vodă,

Localitatea Groșii Țibileșului, comuna Suciu de Sus,

Localitatea Vișeu de Mijloc, comuna Vișeu de Sus,

Localitatea Vișeu de Sus, comuna Vișeu de Sus.

Partea din județul Mehedinți cu următoarele comune:

Comuna Strehaia,

Comuna Greci,

Comuna Brejnita Motru,

Comuna Butoiești,

Comuna Stângăceaua,

Comuna Grozesti,

Comuna Dumbrava de Jos,

Comuna Băcles,

Comuna Bălăcița,

Județul Argeș,

Județul Olt,

Județul Dolj,

Județul Arad,

Județul Timiș,

Județul Covasna,

Județul Brașov,

Județul Botoșani,

Județul Vâlcea.

DEEL IV

Italië

De volgende gebieden in Italië:

tutto il territorio della Sardegna.

”.

HANDELINGEN VAN BIJ INTERNATIONALE OVEREENKOMSTEN INGESTELDE ORGANEN

11.7.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 185/83


BESLUIT Nr. 1/2019 VAN HET EPO-COMITÉ DAT IS OPGERICHT BIJ DE TIJDELIJKE ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST TUSSEN IVOORKUST, ENERZIJDS, EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP EN HAAR LIDSTATEN, ANDERZIJDS,

van 11 april 2019

betreffende de toetreding van de Republiek Kroatië tot de Europese Unie [2019/1186]

HET EPO-COMITÉ,

Gezien de tijdelijke economische partnerschapsovereenkomst tussen Ivoorkust, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds (de “overeenkomst”), die op 26 november 2008 te Abidjan is ondertekend en sinds 3 september 2016 voorlopig wordt toegepast, en met name de artikelen 76, 77 en 81,

Gezien het Verdrag betreffende de toetreding van de Republiek Kroatië tot de Europese Unie (de “Unie”) en de op 8 november 2017 door de Republiek Kroatië neergelegde akte van toetreding tot de overeenkomst,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De overeenkomst is van toepassing, enerzijds, op elk grondgebied waarop het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing is, onder de in dat verdrag neergelegde voorwaarden, en, anderzijds, op het grondgebied van Ivoorkust.

(2)

Op grond van artikel 77, lid 3, van de overeenkomst kan het EPO-comité wijzigingsmaatregelen vaststellen die eventueel noodzakelijk zijn na de toetreding van nieuwe lidstaten tot de Unie,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Republiek Kroatië keurt, als partij bij de overeenkomst, op dezelfde wijze als de andere lidstaten van de Unie de teksten van de overeenkomst, alsmede de daaraan gehechte bijlagen, protocollen en verklaringen goed en neemt er nota van.

Artikel 2

Artikel 81 van de overeenkomst wordt vervangen door:

“Artikel 81

Authentieke teksten

Deze overeenkomst is opgesteld in tweevoud in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.”.

Artikel 3

De Unie doet de Kroatische taalversie van de overeenkomst aan Ivoorkust toekomen.

Artikel 4

1.   De bepalingen van de overeenkomst zijn van toepassing op goederen die uit Ivoorkust naar de Republiek Kroatië of uit de Republiek Kroatië naar Ivoorkust worden uitgevoerd, die voldoen aan de oorsprongsregels die gelden op het grondgebied van de partijen bij de overeenkomst en die op 3 september 2016 in Ivoorkust of in de Republiek Kroatië onderweg waren of zich aldaar in tijdelijke opslag, in een douane-entrepot of in een vrije zone bevonden.

2.   In de in de eerste alinea bedoelde gevallen wordt preferentiële behandeling toegekend, op voorwaarde dat binnen vier maanden na de datum van inwerkingtreding van dit besluit aan de douaneautoriteiten van het land van invoer een bewijs van oorsprong wordt overgelegd dat retroactief is afgegeven door de douaneautoriteiten van het land van uitvoer.

Artikel 5

Ivoorkust verbindt zich ertoe in verband met de toetreding van de Republiek Kroatië tot de Unie geen vorderingen, verzoeken of rechtsmiddelen in te stellen, noch enige concessie uit hoofde van artikel XXIV, lid 6, en artikel XXVIII van de Algemene Overeenkomst inzake Tarieven en Handel (GATT) 1994 of artikel XXI van de Algemene Overeenkomst inzake de handel in diensten (GATS) te wijzigen of in te trekken.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt ondertekend.

De artikelen 3 en 4 zijn evenwel van toepassing met ingang van 3 september 2016.

Gedaan te Brussel, 11 april 2019.

Voor Ivoorkust

Ally COULIBALY

Voor de Europese Unie

Cecilia MALMSTRÖM