ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 27

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

59e jaargang
3 februari 2016


Inhoud

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/137 van de Commissie van 26 januari 2016 tot indeling van bepaalde goederen in de gecombineerde nomenclatuur

1

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/138 van de Commissie van 2 februari 2016 tot niet-goedkeuring van de werkzame stof dec-3-een-2-on overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen ( 1 )

5

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/139 van de Commissie van 2 februari 2016 tot verlenging van de goedkeuring van de voor vervanging in aanmerking komende werkzame stof metsulfuron-methyl overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 ( 1 )

7

 

 

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/140 van de Commissie van 2 februari 2016 tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

12

 

 

Rectificaties

 

*

Rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 771/2014 van de Commissie van 14 juli 2014 tot vaststelling van voorschriften overeenkomstig Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij betreffende het model voor operationele programma's, de structuur van de plannen voor de compensatie van de extra kosten van de marktdeelnemers voor het vissen, het kweken, de verwerking en de afzet van bepaalde visserij- en aquacultuurproducten van de ultraperifere gebieden, het model voor de indiening van financiële gegevens, de inhoud van de ex-ante-evaluatieverslagen en de minimumeisen voor het in het kader van het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij in te dienen ( PB L 209 van 16.7.2014 )

14

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

3.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 27/1


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/137 VAN DE COMMISSIE

van 26 januari 2016

tot indeling van bepaalde goederen in de gecombineerde nomenclatuur

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (1), en met name artikel 9, lid 1, onder a),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Om de uniforme toepassing te waarborgen van de gecombineerde nomenclatuur die als bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 is gevoegd, dienen bepalingen voor de indeling van de in de bijlage bij de onderhavige verordening vermelde goederen te worden vastgesteld.

(2)

Bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 zijn de algemene regels voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur vastgesteld. Deze regels zijn ook van toepassing op iedere andere nomenclatuur die, geheel of gedeeltelijk of met toevoeging van onderverdelingen, de gecombineerde nomenclatuur overneemt en die bij specifieke EU-wetgeving is vastgesteld met het oog op de toepassing van tarief- of andere maatregelen in het kader van het goederenverkeer.

(3)

Volgens deze algemene regels dienen de in kolom 1 van de tabel in de bijlage omschreven goederen te worden ingedeeld onder de in kolom 2 vermelde GN-code om de in kolom 3 genoemde redenen.

(4)

Er dient te worden bepaald dat een bindende tariefinlichting die is afgegeven voor onder deze verordening vallende goederen en die in strijd is met deze verordening, door de houder van die inlichting nog gedurende een bepaalde periode mag worden gebruikt op grond van artikel 12, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad (2). Die periode moet worden vastgesteld op drie maanden.

(5)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité douanewetboek,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in kolom 1 van de tabel in de bijlage omschreven goederen worden in de gecombineerde nomenclatuur ingedeeld onder de in kolom 2 van die tabel vermelde GN-code.

Artikel 2

Een bindende tariefinlichting die niet in overeenstemming is met deze verordening, mag op grond van artikel 12, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 2913/92 nog gedurende een periode van drie maanden na de inwerkingtreding van deze verordening worden gebruikt.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 26 januari 2016.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Stephen QUEST

Directeur-generaal Belastingen en Douane-Unie


(1)   PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1.

(2)  Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PB L 302 van 19.10.1992, blz. 1).


BIJLAGE

Omschrijving

Indeling

(GN-code)

Motivering

(1)

(2)

(3)

Een artikel bestaande uit een rechthoekig stuk doorzichtige textielstof die is vervaardigd van fijnmazig breiwerk van synthetische vezels, een rail van kunststof en een rolmechanisme van kunststof en metaal.

Aan een uiteinde is de textielstof bevestigd aan het rolmechanisme dat is ontworpen om permanent te worden bevestigd aan het portier van een specifiek model motorvoertuig. Aan het andere uiteinde is de textielstof bevestigd aan de rail van kunststof die is voorzien van een bevestigingsmechanisme, waarmee de rail kan worden vastgemaakt aan het raamkozijn van het motorvoertuig wanneer de textielstof is uitgerold ter bescherming tegen de zon. Het artikel bedekt de ruit niet volledig.

(Zie afbeeldingen) (*1)

6303 12 00

De indeling is vastgesteld op basis van de algemene regels 1 en 6 voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur, aantekening 7, onder f), op afdeling XI en de tekst van de GN-codes 6303 , 6303 12 en 6303 12 00 .

Indeling onder GN-code 8708 29 90 als andere delen en toebehoren van carrosserieën van motorvoertuigen bedoeld bij post 8703 is uitgesloten, omdat het artikel niet onmisbaar is voor de werking van het motorvoertuig, het motorvoertuig evenmin aanpast voor speciale werkzaamheden of geschikt maakt voor bijkomende mogelijkheden, en het ook geen bijzondere werkzaamheden verricht die verband houden met de hoofdfunctie van het motorvoertuig (zie zaak C-152/10, Unomedical, ECLI:EU:C:2011:402, punten 29 en 36).

Aangezien het artikel is ontworpen om permanent aan het portier van een specifiek motorvoertuig te worden bevestigd (er bevindt zich een uitsparing in het portier), het niet kan worden verwijderd en op geen enkele andere ruit kan worden bevestigd, is het een rolgordijn als bedoeld bij post 6303 . Bovendien vallen vergelijkbare artikelen, zoals rolgordijnen voor treinramen, eveneens onder post 6303 (zie ook de GS-toelichtingen op post 6303 , eerste alinea, punt 2).

Het artikel is een rolgordijn van textielstof van afdeling XI en geen jaloezie van kunststof als bedoeld bij post 3925 30 00 , omdat de kunststofmaterialen uitsluitend voor de bevestiging zijn bestemd.

Het artikel is samengesteld uit onderdelen van textielstof, kunststof en metaal. Het artikel is derhalve een geconfectioneerd artikel.

Het artikel moet daarom worden ingedeeld onder GN-code 6303 12 00 als rolgordijnen van breiwerk van synthetische vezels.


Image 1

Image 2

Image 3

Image 4


(*1)  De afbeeldingen zijn louter ter informatie.


3.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 27/5


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/138 VAN DE COMMISSIE

van 2 februari 2016

tot niet-goedkeuring van de werkzame stof dec-3-een-2-on overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 13, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Nederland heeft op 14 september 2011 overeenkomstig artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van AMVAC C.V. (nu AMVAC Netherlands B.V.) een aanvraag voor de goedkeuring van de werkzame stof dec-3-een-2-on ontvangen.

(2)

Overeenkomstig artikel 9, lid 3, van die verordening heeft de lidstaat-rapporteur de aanvrager, de andere lidstaten, de Commissie en de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) op 13 april 2012 in kennis gesteld van de ontvankelijkheid van de aanvraag.

(3)

De effecten van die werkzame stof op de gezondheid van mens en dier en op het milieu zijn overeenkomstig artikel 11, leden 2 en 3, van die verordening beoordeeld voor de door de aanvrager voorgestelde toepassing. De lidstaat-rapporteur heeft op 26 november 2013 een ontwerpbeoordelingsverslag ingediend bij de Commissie en de EFSA.

(4)

De EFSA heeft zich aan artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 gehouden. Overeenkomstig artikel 12, lid 3, van die verordening heeft zij de aanvrager verzocht de lidstaten, de Commissie en de EFSA aanvullende informatie te verstrekken. De beoordeling van de aanvullende informatie door de lidstaat-rapporteur is bij de EFSA ingediend in de vorm van een bijgewerkt ontwerpbeoordelingsverslag.

(5)

Het ontwerpbeoordelingsverslag is door de lidstaten en de EFSA geëvalueerd. De EFSA heeft haar conclusie over de risicobeoordeling van de werkzame stof dec-3-een-2-on (2) op 3 december 2014 aan de Commissie voorgelegd. De EFSA heeft geconcludeerd dat er wegens de positieve resultaten voor genotoxiciteit en de beperkte toxicologische gegevens geen definitieve toxicologische referentiewaarden konden worden vastgesteld en de risicobeoordeling voor toepassers, werknemers, omstanders, omwonenden en consumenten niet kon worden voltooid. Voorts heeft de EFSA geconcludeerd dat de beoordeling van de MRL-aanvraag waarin wordt verzocht om dec-3-een-2-on vrij te stellen van de vaststelling van MRL's niet kon worden voltooid, aangezien de beschikbare informatie ontoereikend is om te concluderen dat het gebruik van dec-3-een-2-on als werkzame stof in gewasbeschermingsmiddelen geen onmiddellijk of uitgesteld schadelijk effect heeft op de gezondheid van de mens, met inbegrip van kwetsbare groepen, bij inname via de voeding.

(6)

De Commissie heeft de aanvrager verzocht zijn opmerkingen in te dienen over de conclusie van de EFSA en, overeenkomstig artikel 13, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1107/2009, over het ontwerpevaluatieverslag. De aanvrager heeft zijn opmerkingen ingediend en deze zijn zorgvuldig onderzocht.

(7)

Ondanks de argumenten van de aanvrager blijven de in overweging 5 vermelde problemen echter bestaan.

(8)

Er is dan ook niet aangetoond dat er mag worden verwacht dat er voor één of meer representatieve toepassingen van minstens één gewasbeschermingsmiddel dat dec-3-een-2-on bevat, aan de in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 bepaalde goedkeuringscriteria is voldaan. De werkzame stof dec-3-een-2-on mag daarom niet worden goedgekeurd overeenkomstig artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1107/2009.

(9)

Deze verordening laat de mogelijkheid om een nieuwe aanvraag voor dec-3-een-2-on in te dienen overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 onverlet.

(10)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Niet-goedkeuring van een werkzame stof

De werkzame stof dec-3-een-2-on wordt niet goedgekeurd.

Artikel 2

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 februari 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1.

(2)  EFSA Journal 2015;13(1):3932. Online beschikbaar op: www.efsa.europa.eu/efsajournal


3.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 27/7


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/139 VAN DE COMMISSIE

van 2 februari 2016

tot verlenging van de goedkeuring van de voor vervanging in aanmerking komende werkzame stof metsulfuron-methyl overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen, en tot wijziging van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (1), en met name artikel 24, in samenhang met artikel 20, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De goedkeuring van de werkzame stof metsulfuron-methyl, zoals vermeld in deel A van de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie (2), vervalt op 30 juni 2016.

(2)

Er is een aanvraag ingediend voor verlenging van de opneming van metsulfuron-methyl in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (3); deze aanvraag is in overeenstemming met artikel 4 van Verordening (EU) nr. 1141/2010 van de Commissie (4) en is binnen de in dat artikel vermelde termijn ingediend.

(3)

De aanvrager heeft de vereiste aanvullende dossiers overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EU) nr. 1141/2010 ingediend. De lidstaat-rapporteur heeft vastgesteld dat de aanvraag als volledig kan worden beschouwd.

(4)

De lidstaat-rapporteur heeft in overleg met de lidstaat-corapporteur een beoordelingsverslag over de verlenging opgesteld en dit op 8 augustus 2013 bij de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) en de Commissie ingediend.

(5)

De EFSA heeft het beoordelingsverslag over de verlenging voor opmerkingen aan de aanvrager en de lidstaten toegezonden en de ontvangen opmerkingen naar de Commissie doorgestuurd. De EFSA heeft het aanvullende beknopte dossier tevens toegankelijk gemaakt voor het publiek.

(6)

Op 5 december 2014 heeft de EFSA aan de Commissie haar conclusie (5) meegedeeld met betrekking tot de vraag of metsulfuron-methyl naar verwachting zal voldoen aan de goedkeuringscriteria zoals vermeld in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009. De Commissie heeft het ontwerpevaluatieverslag voor metsulfuron-methyl op 29 mei 2015 aan het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders voorgelegd.

(7)

Met betrekking tot één of meer representatieve gebruiksdoeleinden van minstens één gewasbeschermingsmiddel dat de werkzame stof bevat, is vastgesteld dat aan de goedkeuringscriteria van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 werd voldaan. Aan deze goedkeuringscriteria wordt dus geacht te zijn voldaan.

(8)

De risicobeoordeling voor de verlenging van de goedkeuring van metsulfuron-methyl is gebaseerd op een beperkt aantal representatieve gebruiksdoeleinden, die echter geen beperking inhouden van de gebruiksdoeleinden waarvoor gewasbeschermingsmiddelen die metsulfuron-methyl bevatten, mogen worden toegelaten. Het is dan ook passend de beperking tot gebruik als herbicide niet te handhaven.

(9)

De Commissie is echter van mening dat metsulfuron-methyl overeenkomstig artikel 24 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 in aanmerking komt om te worden vervangen. Metsulfuron-methyl wordt beschouwd als een persistente en toxische stof overeenkomstig punt 3.7.2.1 respectievelijk punt 3.7.2.3 van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 1107/2009, aangezien de halfwaardetijd in zoet water langer is dan veertig dagen en de langetermijn-NOEC (no-observed-effect concentration) voor zoetwaterorganismen lager is dan 0,01 mg/l. Metsulfuron-methyl voldoet derhalve aan de in bijlage II, punt 4, tweede streepje, bij Verordening (EG) nr. 1107/2009 vastgestelde voorwaarde.

(10)

Overeenkomstig artikel 20, lid 1, in samenhang met artikel 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009, en in het licht van de huidige wetenschappelijke en technische kennis is het noodzakelijk bepaalde voorwaarden vast te stellen. Er moet met name om verdere bevestigende informatie worden verzocht.

(11)

Het is derhalve passend om de goedkeuring van de voor vervanging in aanmerking komende werkzame stof metsulfuron-methyl te verlengen.

(12)

Overeenkomstig artikel 20, lid 3, in samenhang met artikel 13, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet de bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(13)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1885 van de Commissie (6) is de geldigheidsduur voor metsulfuron-methyl verlengd tot 30 juni 2016 opdat de verlengingsprocedure vóór het verstrijken van de goedkeuring van deze stof kan worden voltooid. Aangezien er vóór de vervaldatum van de verlengde geldigheidsduur een besluit over de verlenging is genomen, treedt deze verordening in werking vanaf 1 april 2016.

(14)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verlenging van de goedkeuring van de voor vervanging in aanmerking komende werkzame stof

De goedkeuring van de voor vervanging in aanmerking komende werkzame stof metsulfuron-methyl wordt overeenkomstig bijlage I verlengd.

Artikel 2

Wijzigingen van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011

De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage II bij deze verordening.

Artikel 3

Inwerkingtreding en toepassingsdatum

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 april 2016.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 februari 2016.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)   PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1.

(2)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 van de Commissie van 25 mei 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de lijst van goedgekeurde werkzame stoffen betreft (PB L 153 van 11.6.2011, blz. 1).

(3)  Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (PB L 230 van 19.8.1991, blz. 1).

(4)  Verordening (EU) nr. 1141/2010 van de Commissie van 7 december 2010 tot vaststelling van de procedure voor de verlenging van de opneming van een tweede groep werkzame stoffen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG van de Raad en tot opstelling van de lijst van die stoffen (PB L 322 van 8.12.2010, blz. 10).

(5)  EFSA Journal 2015;13(1):3936. Online beschikbaar op www.efsa.europa.eu

(6)  Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1885 van de Commissie van 20 oktober 2015 tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wat betreft de verlenging van de geldigheidsduur voor de werkzame stoffen 2,4-D, acibenzolar-s-methyl, amitrol, bentazon, cyhalofop-butyl, diquat, esfenvaleraat, famoxadone, flumioxazine, DPX KE 459 (flupyrsulfuron methyl), glyfosaat, iprovalicarb, isoproturon, lambda-cyhalothrin, metalaxyl-M, metsulfuronmethyl, picolinafen, prosulfuron, pymetrozine, pyraflufen-ethyl, thiabendazole, thifensulfuron-methyl en triasulfuron (PB L 276 van 21.10.2015, blz. 48).


BIJLAGE I

Benaming, identificatienummers

IUPAC-naam

Zuiverheid (1)

Datum van goedkeuring

Geldigheidsduur

Specifieke bepalingen

Metsulfuron-methyl

CAS-nr.: 74223-64-6

CIPAC-nr. 441.201

methyl-2-(4-methoxy-6-methyl-1,3,5,-triazine-2-ylcarbamoylsulfamoyl)benzoaat

967 g/kg

1 april 2016

31 maart 2023

Voor de toepassing van de in artikel 29, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 bedoelde uniforme beginselen wordt rekening gehouden met de conclusies van het evaluatieverslag over metsulfuron-methyl, en met name met de aanhangsels I en II daarvan.

Bij deze algemene beoordeling besteden de lidstaten bijzondere aandacht aan:

de bescherming van de consument,

de bescherming van het grondwater,

de bescherming van niet tot de doelsoorten behorende landplanten.

De gebruiksvoorwaarden omvatten, indien nodig, risicobeperkende maatregelen.

De aanvrager dient uiterlijk op 30 september 2016 bij de Commissie, de lidstaten en de EFSA informatie over de mogelijk genotoxische werking van de metaboliet triazineamine (IN-A408) in die bevestigt dat deze metaboliet niet genotoxisch en niet relevant is voor risicobeoordeling.


(1)  Het evaluatieverslag bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.


BIJLAGE II

De bijlage bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In deel A wordt vermelding 7 over metsulfuron-methyl geschrapt.

2)

In deel E wordt de volgende vermelding toegevoegd:

 

Benaming, identificatienummers

IUPAC-naam

Zuiverheid (1)

Datum van goedkeuring

Geldigheidsduur

Specifieke bepalingen

„3

Metsulfuron-methyl

CAS-nr.: 74223-64-6

CIPAC-nr. 441.201

methyl-2-(4-methoxy-6-methyl-1,3,5,-triazine-2-ylcarbamoylsulfamoyl)benzoaat

967 g/kg

1 april 2016

31 maart 2023

Voor de toepassing van de in artikel 29, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 bedoelde uniforme beginselen wordt rekening gehouden met de conclusies van het evaluatieverslag over metsulfuron-methyl, en met name met de aanhangsels I en II daarvan.

Bij deze algemene beoordeling besteden de lidstaten bijzondere aandacht aan:

de bescherming van de consument,

de bescherming van het grondwater,

de bescherming van niet tot de doelsoorten behorende landplanten.

De gebruiksvoorwaarden omvatten, indien nodig, risicobeperkende maatregelen.

De aanvrager dient uiterlijk op 30 september 2016 bij de Commissie, de lidstaten en de EFSA informatie over de mogelijk genotoxische werking van de metaboliet triazineamine (IN-A408) in die bevestigt dat deze metaboliet niet genotoxisch en niet relevant is voor risicobeoordeling.”.


(1)  Het evaluatieverslag bevat nadere gegevens over de identiteit en de specificatie van de werkzame stof.


3.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 27/12


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2016/140 VAN DE COMMISSIE

van 2 februari 2016

tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1),

Gezien Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft (2), en met name artikel 136, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 zijn, op grond van de resultaten van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde, de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de perioden die in bijlage XVI, deel A, bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt.

(2)

De forfaitaire invoerwaarde wordt elke dag berekend overeenkomstig artikel 136, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011, met inachtneming van de variabele gegevens voor die dag. Bijgevolg moet deze verordening in werking treden op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in artikel 136 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 februari 2016.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Jerzy PLEWA

Directeur-generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling


(1)   PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.

(2)   PB L 157 van 15.6.2011, blz. 1.


BIJLAGE

Forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

(EUR/100 kg)

GN-code

Code derde landen (1)

Forfaitaire invoerwaarde

0702 00 00

EG

162,9

IL

236,2

MA

90,6

TN

85,0

TR

86,6

ZZ

132,3

0707 00 05

MA

85,6

TR

165,2

ZZ

125,4

0709 93 10

MA

45,8

TR

143,5

ZZ

94,7

0805 10 20

EG

47,5

MA

55,2

TN

53,7

TR

60,1

ZZ

54,1

0805 20 10

IL

131,8

MA

72,5

TR

102,3

ZZ

102,2

0805 20 30 , 0805 20 50 , 0805 20 70 , 0805 20 90

IL

132,6

MA

116,6

TR

74,9

ZZ

108,0

0805 50 10

TR

99,3

ZZ

99,3

0808 10 80

CL

88,0

US

161,8

ZZ

124,9

0808 30 90

CL

224,0

CN

90,1

TR

200,0

ZA

130,6

ZZ

161,2


(1)  Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EU) nr. 1106/2012 van de Commissie van 27 november 2012 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 471/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken van de buitenlandse handel met derde landen, wat de bijwerking van de nomenclatuur van landen en gebieden betreft (PB L 328 van 28.11.2012, blz. 7). De code „ZZ” staat voor „overige oorsprong”.


Rectificaties

3.2.2016   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 27/14


Rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 771/2014 van de Commissie van 14 juli 2014 tot vaststelling van voorschriften overeenkomstig Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij betreffende het model voor operationele programma's, de structuur van de plannen voor de compensatie van de extra kosten van de marktdeelnemers voor het vissen, het kweken, de verwerking en de afzet van bepaalde visserij- en aquacultuurproducten van de ultraperifere gebieden, het model voor de indiening van financiële gegevens, de inhoud van de ex-ante-evaluatieverslagen en de minimumeisen voor het in het kader van het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij in te dienen

( Publicatieblad van de Europese Unie L 209 van 16 juli 2014 )

De titel in de inhoudstafel en op bladzijde 20:

in plaats van:

„Uitvoeringsverordening (EU) nr. 771/2014 van de Commissie van 14 juli 2014 tot vaststelling van voorschriften overeenkomstig Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij betreffende het model voor operationele programma's, de structuur van de plannen voor de compensatie van de extra kosten van de marktdeelnemers voor het vissen, het kweken, de verwerking en de afzet van bepaalde visserij- en aquacultuurproducten van de ultraperifere gebieden, het model voor de indiening van financiële gegevens, de inhoud van de ex-ante-evaluatieverslagen en de minimumeisen voor het in het kader van het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij in te dienen”,

lezen:

„Uitvoeringsverordening (EU) nr. 771/2014 van de Commissie van 14 juli 2014 tot vaststelling van voorschriften overeenkomstig Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij betreffende het model voor operationele programma's, de structuur van de plannen voor de compensatie van de extra kosten van de marktdeelnemers voor het vissen, het kweken, de verwerking en de afzet van bepaalde visserij- en aquacultuurproducten van de ultraperifere gebieden, het model voor de indiening van financiële gegevens, de inhoud van de ex-ante-evaluatieverslagen en de minimumeisen voor het in het kader van het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij in te dienen evaluatieplan”.

Bladzijde 42, bijlage II, punt 3, voetnoot (**):

in plaats van:

„Berekening op basis van de voorwaarden zoals vastgelegd in Gedelegeerde Verordening (EU) nr. …/2014 van de Commissie.”,

lezen:

„Berekening op basis van de voorwaarden zoals vastgelegd in Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1046/2014 van de Commissie (PB L 291 van 7.10.2014, blz. 1).”.