ISSN 1977-0758

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 129

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

58e jaargang
27 mei 2015


Inhoud

 

II   Niet-wetgevingshandelingen

Bladzijde

 

 

VERORDENINGEN

 

*

Verordening (EU) 2015/813 van de Raad van 26 mei 2015 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 204/2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië

1

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/814 van de Raad van 26 mei 2015 houdende uitvoering van artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) nr. 204/2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië

5

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/815 van de Commissie van 19 mei 2015 houdende inschrijving van een benaming in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen (Pastel de Chaves (BGA))

9

 

*

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/816 van de Commissie van 22 mei 2015 tot goedkeuring van een niet-minimale wijziging van het productdossier van een benaming die is opgenomen in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen (Canard à foie gras du Sud-Ouest (Chalosse, Gascogne, Gers, Landes, Périgord, Quercy) (BGA))

10

 

 

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/817 van de Commissie van 26 mei 2015 tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

11

 

 

BESLUITEN

 

*

Besluit (GBVB) 2015/818 van de Raad van 26 mei 2015 tot wijziging van Besluit 2011/137/GBVB betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië

13

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/819 van de Commissie van 22 mei 2015 tot wijziging van bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG van de Raad met betrekking tot het formaat van de modelgezondheidscertificaten voor het handelsverkeer van runderen en varkens binnen de Unie (Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 3304)  ( 1 )

28

 

*

Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/820 van de Commissie van 22 mei 2015 tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 3373)  ( 1 )

41

 

 

HANDELINGEN VAN BIJ INTERNATIONALE OVEREENKOMSTEN INGESTELDE ORGANEN

 

*

Besluit nr. 1 van de Stabilisatie- en Associatieraad EU-Albanië van 11 mei 2015 tot vervanging van Protocol nr. 4 bij de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, betreffende de definitie van het begrip producten van oorsprong en methoden van administratieve samenwerking [2015/821]

50

 

 

Rectificaties

 

*

Rectificatie van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad van 20 april 2015 tot vaststelling van berekeningsmethoden en rapportageverplichtingen overeenkomstig Richtlijn 98/70/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van benzine en van dieselbrandstof ( PB L 107 van 25.4.2015 )

53

 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Niet-wetgevingshandelingen

VERORDENINGEN

27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/1


VERORDENING (EU) 2015/813 VAN DE RAAD

van 26 mei 2015

tot wijziging van Verordening (EU) nr. 204/2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 215,

Gezien Besluit 2011/137/GBVB van de Raad van 28 februari 2011 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië (1),

Gezien het gezamenlijke voorstel van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Verordening (EU) nr. 204/2011 (2) van de Raad geeft uitvoering aan de maatregelen die waren vastgesteld bij Besluit 2011/137/GBVB.

(2)

Op 27 maart 2015 heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties UNSCR 2213 (2015) aangenomen, die onder meer voorziet in een aantal wijzigingen van de criteria voor plaatsing op de lijst in verband met reisbeperkingen en bevriezing van tegoeden.

(3)

Het Comité van de Veiligheidsraad dat is ingesteld krachtens UNSCR 1970 (2011), heeft de lijst bijgewerkt van personen en entiteiten ten aanzien van wie en waarvan reisbeperkingen en bevriezing van tegoeden worden toegepast; in die lijst wordt onder meer gespecificeerd van welke entiteiten de tegoeden bevroren blijven die eerder werden bevroren op 16 september 2011.

(4)

Op 26 mei 2015 werd bij Besluit (GBVB) 2015/818 van de Raad (3) Besluit 2011/137/GBVB gewijzigd, teneinde uitvoering te geven aan de maatregelen ingesteld bij UNSCR 2213 (2015) en om de toepassing van de bevriezing van tegoeden als bepaald in UNSCR 2213 (2015) uit te breiden tot personen en entiteiten die niet zijn genoemd in de bijlagen I, III of VII bij Besluit 2011/137/GBVB. De Raad wijzigde eveneens de criteria voor de toepassing van reisbeperkingen en bevriezing van tegoeden op personen, entiteiten en lichamen als bepaald in de bijlagen II en IV bij Besluit 2011/137/GBVB, overeenkomstig de verduidelijkingen die in de overwegingen 7 tot en met 12 van Besluit (GBVB) 2015/818 worden verstrekt.

(5)

Deze maatregel valt onder het toepassingsgebied van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en derhalve is EU-regelgeving noodzakelijk voor de tenuitvoerlegging om te garanderen dat hij in alle lidstaten uniform door de marktdeelnemers wordt toegepast.

(6)

Verordening (EU) nr. 204/2011 dient bijgevolg dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verordening (EU) nr. 204/2011 wordt als volgt gewijzigd:

1)

Artikel 5, lid 4, wordt vervangen door:

„4.   Alle tegoeden en economische middelen die op 16 september 2011 toebehoorden aan, eigendom waren van, in het bezit waren van of onder zeggenschap stonden van de in bijlage VI genoemde entiteiten, en die zich op die datum buiten Libië bevonden, blijven bevroren.”

.

2)

Artikel 6 wordt vervangen door:

„Artikel 6

1.   Bijlage II omvat de natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen die zijn aangewezen door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties of door het Sanctiecomité overeenkomstig punt 22 van UNSCR 1970 (2011), de punten 19, 22 of 23 van UNSCR 1973 (2011), punt 4 van UNSCR 2174 (2014) of punt 11 van UNSCR 2213 (2015).

2.   Bijlage III omvat natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten en lichamen die niet in bijlage II zijn genoemd, en:

a)

die betrokken zijn bij of medeplichtig zijn aan het bevelen, toezien op of anderszins aansturen van het plegen van ernstige schendingen van de mensenrechten ten aanzien van personen in Libië, inclusief door betrokkenheid bij of medeplichtigheid aan het plannen, aanvoeren, bevelen of uitvoeren van aanvallen, waaronder luchtbombardementen, met schending van het internationaal recht, tegen de burgerbevolking of de infrastructuur;

b)

die de bepalingen van UNSCR 1970 (2011), UNSCR 1973 (2011) of van deze verordening hebben geschonden of bij de schending van de bepalingen hebben geholpen;

c)

van wie is vastgesteld dat zij betrokken waren bij het repressieve beleid van het voormalige regime van Muammar Kadhafi in Libië of anderszins formeel met dat regime verbonden waren, en die onverminderd een risico vormen voor de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië of voor de succesvolle voltooiing van het politieke overgangsproces in het land;

d)

die betrokken zijn bij of steun verlenen aan acties die de vrede, stabiliteit of veiligheid van Libië bedreigen of de voltooiing van het democratische overgangsproces in Libië belemmeren of ondermijnen, bijvoorbeeld:

i)

door in Libië handelingen te plannen, aan te sturen of uit te voeren die een schending vormen van de toepasselijke internationale mensenrechtenwetgeving of het internationale humanitaire recht, of een inbreuk op de mensenrechten vormen in Libië;

ii)

door aanvallen te plegen op een lucht-, binnen- of zeehaven in Libië, een Libische staatsinstelling of -installatie of een buitenlandse missie in Libië;

iii)

door steun te verlenen aan gewapende groepen of criminele netwerken, onder meer door de illegale ontginning van ruwe aardolie of andere natuurlijke hulpbronnen in Libië;

iv)

door bedreigingen te uiten jegens of dwang uit te oefenen op financiële instellingen van de Libische staat of de Libische nationale oliemaatschappij, of door handelingen uit te voeren die kunnen leiden tot of resulteren in verduistering van fondsen van de Libische overheid;

v)

door de bepalingen van het wapenembargo tegen Libië, vastgesteld in UNSCR 1970 (2011) en in artikel 1 van deze verordening, te overtreden of door steun te verlenen aan het omzeilen ervan, of

vi)

omdat zij personen, entiteiten of lichamen zijn die voor, namens of op aanwijzing van de hierboven genoemde personen, entiteiten of lichamen handelen, of doordat zij entiteiten of lichamen zijn die eigendom zijn van of onder zeggenschap staan daarvan of van de in de bijlagen II of III vermelde personen, entiteiten of lichamen, of

e)

die fondsen van de Libische overheid in hun bezit hebben en/of daarover zeggenschap uitoefenen die tijdens het voormalige regime van Muammar Kadhafi in Libië wederrechtelijk zijn verkregen en die zouden kunnen worden gebruikt om de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië te bedreigen of om de succesvolle voltooiing van het politieke overgangsproces te belemmeren of te ondermijnen.

3.   In de bijlagen II en III wordt de motivering voor plaatsing op de lijst vermeld, zoals verschaft door de Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité voor bijlage II.

4.   In de bijlagen II en III wordt, indien voorhanden, informatie opgenomen die noodzakelijk is voor de vaststelling van de identiteit van de betrokken natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen, zoals verschaft door de Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité voor bijlage II. Met betrekking tot natuurlijke personen kan die informatie bestaan uit namen, waaronder aliassen, geboortedatum en -plaats, nationaliteit, paspoort- en identiteitskaartnummers, geslacht, adres indien bekend en functie of beroep. Met betrekking tot rechtspersonen, entiteiten en lichamen kan die informatie bestaan uit namen, plaats en datum van registratie, registratienummer en plaats van vestiging. In bijlage II wordt tevens de datum vermeld waarop zij door de Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité op de lijst zijn geplaatst.

5.   In bijlage VI wordt de motivering voor plaatsing op de lijst van de in artikel 5, lid 4, van deze verordening bedoelde personen, entiteiten en lichamen vermeld, zoals verschaft door de Veiligheidsraad of door het Sanctiecomité.”

.

3)

In artikel 16, lid 1, wordt de verwijzing naar „bijlage II” vervangen door „de bijlagen II of VI”.

Artikel 2

De bijlage bij deze verordening wordt toegevoegd als bijlage VI bij Verordening nr. 204/2011.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 26 mei 2015.

Voor de Raad

De voorzitter

F. MOGHERINI


(1)   PB L 58 van 3.3.2011, blz. 53.

(2)  Verordening (EU) nr. 204/2011 van de Raad van 2 maart 2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië (PB L 58 van 3.3.2011, blz. 1).

(3)  Besluit (GBVB) 2015/818 van de Raad van 26 mei 2015 tot wijziging van Besluit 2011/137/GBVB betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië (zie bladzijde 13 van dit Publicatieblad).


BIJLAGE

„BIJLAGE VI

Lijst van rechtspersonen, entiteiten of lichamen bedoeld in artikel 5, lid 4

1.

Naam: LIBYAN INVESTMENT AUTHORITY (Libische Investeringsautoriteit)

Ook bekend als: Libyan Foreign Investment Company (LFIC). Verder nog bekend als: n.v.t. Adres: 1 Fateh Tower Office, No 99 22nd Floor, Borgaida Street, Tripoli, 1103, Libië. Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011. Overige informatie: op de lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1973, als gewijzigd op 16 september op grond van punt 15 van Resolutie 2009.

Aanvullende informatie

Onder zeggenschap van Muammar Kadhafi en zijn familie en mogelijke financieringsbron voor zijn regime.

2.

Naam: LIBYAN AFRICA INVESTMENT PORTFOLIO (Libisch-Afrikaans Investeringsfonds)

A.k.a.: n.v.t. Verder nog bekend als: n.v.t. Adres: Jamahiriya Street, LAP Building, PO Box 91330, Tripoli, Libië. Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011. Overige informatie: op de lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1973, als gewijzigd op 16 september op grond van punt 15 van Resolutie 2009.

Aanvullende informatie

Onder zeggenschap van Muammar Kadhafi en zijn familie en mogelijke financieringsbron voor zijn regime.”


27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/5


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/814 VAN DE RAAD

van 26 mei 2015

houdende uitvoering van artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) nr. 204/2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 204/2011 van de Raad van 2 maart 2011 betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië (1), en met name artikel 16, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 2 maart 2011 heeft de Raad Verordening (EU) nr. 204/2011 vastgesteld.

(2)

Het Comité van de Veiligheidsraad ingesteld bij Resolutie (UNSCR) 1970 (2011) betreffende Libië heeft de lijst van personen en entiteiten die het voorwerp uitmaken van reisverboden en bevriezing van tegoeden geactualiseerd.

(3)

Verordening (EU) nr. 204/2011 dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage II bij Verordening (EU) nr. 204/2011 wordt vervangen door de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag na die de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 26 mei 2015.

Voor de Raad

De voorzitter

F. MOGHERINI


(1)   PB L 58 van 3.3.2011, blz. 1.


BIJLAGE

„BIJLAGE II

Lijst van natuurlijke personen en rechtspersonen, entiteiten en lichamen bedoeld in artikel 6, lid 1

A.   Personen

6.

Naam: ABU ZAYD UMAR DORDA

Titel: n.v.t. Functie: a) Positie: Directeur externe veiligheidsorganisatie. b) Hoofd van het bureau externe inlichtingen. Geboortedatum: n.v.t. Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Libië (Vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Loyalist van het regime. Hoofd van het bureau externe inlichtingen.

7.

Naam: ABU BAKR YUNIS JABIR

Titel: Generaal-majoor Functie: Positie: Minister van Defensie. Geboortedatum: 1952 Geboorteplaats: Jalo, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden

Aanvullende informatie

Algehele verantwoordelijkheid voor acties van de strijdkrachten.

8.

Naam: MATUQ MOHAMMED MATUQ

Titel: n.v.t. Functie: Positie: Staatssecretaris van nutsvoorzieningen Geboortedatum: 1956 Geboorteplaats: Khoms, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: niet gekend, vermoedelijk gevangen genomen.

Aanvullende informatie

Hoge functionaris van het regime. Actief in de revolutionaire comités. Voorgeschiedenis van betrokkenheid bij onderdrukking van dissidenten en bij geweldpleging.

9.

Naam: AISHA MUAMMAR MUHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: Aisha Muhammed Abdul Salam (Paspoortnummer: 215215) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 428720 Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (Vermoedelijke status/verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime. Schending van het reisverbod van punt 15 van Resolutie 1970, als omschreven in het tussentijds verslag 2013 van het panel van deskundigen voor Libië.

10.

Naam: HANNIBAL MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 20 september 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B/002210 Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Algerije (Vermoedelijke status/verblijfplaats: Algerije) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime.

11.

Naam: KHAMIS MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

12.

Naam: MOHAMMED MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1970 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (Vermoedelijke status/ verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime.

13.

Naam: MUAMMAR MOHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Leider van de revolutie, opperbevelhebber van de strijdkrachten Geboortedatum: 1942 Geboorteplaats: Sirte, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden

Aanvullende informatie

Verantwoordelijk voor bevelen tot onderdrukking van demonstraties, schending van de mensenrechten.

14.

Naam: MUTASSIM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Nationaal veiligheidsadviseur Geboortedatum: 1976 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime.

15.

Naam: SAADI KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Bevelhebber van de speciale strijdkrachten Geboortedatum: a) 27 mei 1973 b) 1 januari 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: a) 014797 b) 524521 Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Libië (in hechtenis) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

16.

Naam: SAIF AL-ARAB KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1982 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime.

17.

Naam: SAIF AL-ISLAM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Directeur van de Kadhafi Foundation Geboortedatum: 25 juni 1972 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B014995 Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Libië ((Vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië)) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauw gelieerd aan het regime. Opruiende toespraken waarin tot geweld tegen demonstranten wordt aangezet.

18.

Naam: 1: ABDULLAH AL-SENUSSI

Titel: Kolonel Functie: Hoofd van de militaire inlichtingendienst Geboortedatum: 1949 Geboorteplaats: Sudan Zekere alias: a) Abdoullah Ould Ahmed (Paspoortnr: B0515260; Geboortedatum: 1948; Geboorteplaats: Anefif (Kidal), Mali; Datum van afgifte: 10 januari 2012; Plaats van afgifte: Bamako, Mali; Uiterste geldigheidsdatum: 10 januari 2017.) b) Abdoullah Ould Ahmed (Malinees Identificatienummer 073/SPICRE; Geboorteplaats: Anefif, Mali; Datum van afgifte: 6 december 2011; Plaats van afgifte: Essouck, Mali) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Libië (Vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op de lijst geplaatst op 17 maart 2011 overeenkomstig punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokkenheid van de militaire inlichtingendienst bij het onderdrukken van demonstraties. Wordt ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij het bloedbad in de gevangenis van Abu Selim. Bij verstek veroordeeld voor de bomaanslag op de UTA-vlucht. Zwager van Muammar Kadhafi.

19.

Naam: SAFIA FARKASH AL-BARASSI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: Rond 1952 Geboorteplaats: Al Bayda, Libië Zekere alias: Safia Farkash Mohammed Al-Hadad, geboren 1 januari 1953 (Omaans Paspoortnr. 03825239) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 03825239 Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punten 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Aanzienlijke persoonlijke rijkdom, die ten bate van het regime zou kunnen worden gebruikt. Haar zus Fatima FARKASH is gehuwd met ABDALLAH SANUSSI, het hoofd van de Libische militaire inlichtingendienst.

20.

Naam: ABDELHAFIZ ZLITNI

Titel: n.v.t. Functie: a) minister van Planning en Financiën in de regering van kolonel Kadhafi. b) secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning c) interimdirecteur van de Central Bank of Libya Geboortedatum: 1935 Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op de lijst geplaatst overeenkomstig punten 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokken bij de repressie van demonstranten. Secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning. Zlitini is momenteel interimdirecteur van de Central Bank of Libya. Vroeger was hij voorzitter van de Nationale Oliemaatschappij. Uit onze informatie blijkt dat hij momenteel voor het regime geld tracht bijeen te brengen met het oog op het aanzuiveren van de reserves van de Centrale Bank die al zijn opgegaan aan de huidige militaire campagne.”


27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/9


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/815 VAN DE COMMISSIE

van 19 mei 2015

houdende inschrijving van een benaming in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen (Pastel de Chaves (BGA))

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (1), en met name artikel 52, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig artikel 50, lid 2, onder a), van Verordening (EU) nr. 1151/2012 is de door Portugal ingediende aanvraag tot registratie van de benaming „Pastel de Chaves” bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie (2).

(2)

Aangezien bij de Commissie geen bezwaren zijn ingediend overeenkomstig artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1151/2012, moet de benaming „Pastel de Chaves” worden ingeschreven in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De benaming „Pastel de Chaves” (BGA) wordt ingeschreven in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen.

Met de in de eerste alinea vermelde benaming wordt een product aangeduid van categorie 2.3. (Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren) in bijlage XI bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 668/2014 van de Commissie (3).

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 19 mei 2015.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Phil HOGAN

Lid van de Commissie


(1)   PB L 343 van 14.12.2012, blz. 1.

(2)   PB C 461 van 20.12.2014, blz. 46.

(3)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 668/2014 van de Commissie van 13 juni 2014 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 179 van 19.6.2014, blz. 36).


27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/10


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/816 VAN DE COMMISSIE

van 22 mei 2015

tot goedkeuring van een niet-minimale wijziging van het productdossier van een benaming die is opgenomen in het register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen (Canard à foie gras du Sud-Ouest (Chalosse, Gascogne, Gers, Landes, Périgord, Quercy) (BGA))

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 21 november 2012 inzake kwaliteitsregelingen voor landbouwproducten en levensmiddelen (1), en met name artikel 52, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig artikel 53, lid 1, eerste alinea, van Verordening (EU) nr. 1151/2012 heeft de Commissie zich gebogen over de aanvraag van Frankrijk tot goedkeuring van een wijziging van het productdossier van de beschermde geografische aanduiding „Canard à foie gras du Sud-Ouest (Chalosse, Gascogne, Gers, Landes, Périgord, Quercy)”, die bij Verordening (EG) nr. 1338/2000 van de Commissie (2) is geregistreerd.

(2)

Aangezien de betrokken wijziging niet minimaal is in de zin van artikel 53, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1151/2012, heeft de Commissie de wijzigingsaanvraag overeenkomstig artikel 50, lid 2, onder a), van die verordening bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie (3).

(3)

Aangezien de Commissie geen enkel bezwaar overeenkomstig artikel 51 van Verordening (EU) nr. 1151/2012 heeft ontvangen, moet de wijziging van het productdossier worden goedgekeurd,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakte wijziging van het productdossier van de benaming „Canard à foie gras du Sud-Ouest (Chalosse, Gascogne, Gers, Landes, Périgord, Quercy)” (BGA) wordt goedgekeurd.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 22 mei 2015.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Phil HOGAN

Lid van de Commissie


(1)   PB L 343 van 14.12.2012, blz. 1.

(2)  Verordening (EG) nr. 1338/2000 van de Commissie van 26 juni 2000 tot aanvulling van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 2400/96 betreffende de inschrijving van bepaalde benamingen in het „Register van beschermde oorsprongsbenamingen en beschermde geografische aanduidingen” bedoeld in Verordening (EEG) nr. 2081/92 van de Raad inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen (PB L 154 van 27.6.2000, blz. 5).

(3)   PB C 11 van 15.1.2015, blz. 24.


27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/11


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/817 VAN DE COMMISSIE

van 26 mei 2015

tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1),

Gezien Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft (2), en met name artikel 136, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 zijn, op grond van de resultaten van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde, de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de perioden die in bijlage XVI, deel A, bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt.

(2)

De forfaitaire invoerwaarde wordt elke dag berekend overeenkomstig artikel 136, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011, met inachtneming van de variabele gegevens voor die dag. Bijgevolg moet deze verordening in werking treden op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De in artikel 136 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 26 mei 2015.

Voor de Commissie,

namens de voorzitter,

Jerzy PLEWA

Directeur-generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling


(1)   PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.

(2)   PB L 157 van 15.6.2011, blz. 1.


BIJLAGE

Forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit

(EUR/100 kg)

GN-code

Code derde landen (1)

Forfaitaire invoerwaarde

0702 00 00

AL

64,0

MA

99,2

MK

89,9

TR

87,9

ZZ

85,3

0707 00 05

AL

36,9

MK

41,5

TR

105,8

ZZ

61,4

0709 93 10

TR

123,9

ZZ

123,9

0805 10 20

EG

49,3

MA

55,9

ZA

61,0

ZZ

55,4

0805 50 10

BO

147,7

BR

103,9

MA

111,5

TR

67,0

ZA

178,1

ZZ

121,6

0808 10 80

AR

102,5

BR

109,9

CL

156,3

NZ

155,6

US

232,9

UY

68,9

ZA

118,0

ZZ

134,9

0809 29 00

US

413,6

ZZ

413,6


(1)  Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EU) nr. 1106/2012 van de Commissie van 27 november 2012 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 471/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken van de buitenlandse handel met derde landen, wat de bijwerking van de nomenclatuur van landen en gebieden betreft (PB L 328 van 28.11.2012, blz. 7). De code „ZZ” staat voor „overige oorsprong”.


BESLUITEN

27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/13


BESLUIT (GBVB) 2015/818 VAN DE RAAD

van 26 mei 2015

tot wijziging van Besluit 2011/137/GBVB betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name artikel 29,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De Raad heeft op 28 februari 2011 Besluit 2011/137/GBVB (1) vastgesteld.

(2)

De Raad heeft sedertdien bij herhaling zijn bezorgdheid geuit over de verslechterende situatie in Libië en met name over het wijdverspreide geweld en de veralgemeende instabiliteit.

(3)

Op 27 augustus 2014 heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties Resolutie (UNSCR) 2174 (2014) aangenomen. De resolutie bouwt voort op de eerdere resoluties van de Veiligheidsraad over Libië, te beginnen met UNSCR 1970 (2011). In UNSCR 2174 (2014) veroordeelt de Veiligheidsraad de aanhoudende gevechten tussen gewapende groeperingen en het aanzetten tot geweld in Libië, en introduceert hij nieuwe beperkende maatregelen tegen personen en entiteiten die betrokken zijn bij of steun verlenen aan handelingen die de vrede, de veiligheid of de stabiliteit van Libië bedreigen of de succesvolle voltooiing van de politieke transitie belemmeren of ondermijnen.

(4)

De Raad heeft op 6 maart 2015 Besluit (GBVB) 2015/382 (2) vastgesteld, waarbij de toepassing van de reisverboden en de bevriezing van tegoeden ten aanzien van personen en entiteiten als bedoeld in de bijlagen II en IV bij Besluit 2011/137/GBVB wordt uitgebreid tot personen en entiteiten die betrokken zijn bij of steun verlenen aan handelingen die de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië bedreigen of de succesvolle voltooiing van de politieke transitie belemmeren of ondermijnen.

(5)

Op 16 maart 2015 heeft de Raad geconcludeerd dat Libië zich op een tweesprong bevindt. Hij memoreerde dat alleen een politieke oplossing duurzame vooruitgang kan brengen en kan bijdragen aan vrede en stabiliteit in Libië, en wees er onder andere op dat het belangrijk is dat er geen acties worden ondernomen die de huidige verdeeldheid zouden kunnen verergeren.

(6)

De Raad veroordeelde ook de acties die gericht zijn tegen de nationale vermogens, de financiële instellingen en de natuurlijke hulpbronnen van Libië, en die het risico inhouden dat de Libische bevolking nooit de vruchten zal plukken van de duurzame ontwikkeling van haar land.

(7)

Op 27 maart 2015 heeft de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties UNSCR 2213 (2015) aangenomen, die onder meer voorziet in een aantal wijzigingen van de criteria voor plaatsing op de lijst in verband met reisbeperkingen en bevriezing van tegoeden.

(8)

Het Comité van de Veiligheidsraad dat is opgericht uit hoofde van UNSCR 1970 (2011), heeft de lijst van personen en entiteiten die onderworpen zijn aan reisbeperkingen en een bevriezing van tegoeden geactualiseerd.

(9)

De criteria voor de toepassing van de reisverboden en de bevriezing van tegoeden bedoeld in UNSCR 2213 (2015) moeten worden uitgebreid tot een aantal andere personen en entiteiten die niet onder bijlage I of bijlage III bij Besluit 2011/137/GBVB vallen.

(10)

De vrede, stabiliteit en veiligheid van Libië en de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land worden nog steeds bedreigd, onder meer door de scherper wordende verdeeldheid door toedoen van personen en entiteiten waarvan is vastgesteld dat zij betrokken waren bij het repressieve beleid van het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië of anderszins met dat regime verbonden waren, en doordat de meeste van die personen of entiteiten niet ter verantwoording zijn geroepen voor hun daden.

(11)

Er gaat ook een dreiging uit van personen en entiteiten die fondsen van de Libische overheid in hun bezit hebben, of daarover zeggenschap uitoefenen, die tijdens het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië wederrechtelijk zijn verkregen en die kunnen worden ingezet om de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië te bedreigen of om de succesvolle voltooiing van de politieke transitie te belemmeren of te ondermijnen.

(12)

Gezien de ernst van de situatie in Libië, en met name gelet op de bovengenoemde risico's, moeten de criteria voor de toepassing van de reisbeperkingen en bevriezing van goederen ten aanzien van de personen en entiteiten die worden genoemd in de bijlagen II en IV bij Besluit 2011/137/GBVB worden gewijzigd.

(13)

Besluit 2011/137/GBVB dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd.

(14)

Ter uitvoering van bepaalde van deze wijzigingen is verder optreden van de Unie nodig,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Besluit 2011/137/GBVB wordt als volgt gewijzigd:

1)

Artikel 5 wordt vervangen door:

„Artikel 5

1.   De lidstaten nemen de nodige maatregelen om binnenkomst in of doorreis over hun grondgebied te beletten van personen die door de Veiligheidsraad of door het Comité op de sanctielijst zijn geplaatst en aan reisbeperkingen zijn onderworpen overeenkomstig punt 22 van UNSCR 1970 (2011), punt 23 van UNSCR 1973 (2011), punt 4 van UNSCR 2174 (2014) en punt 11 van UNSCR 2213 (2015), zoals genoemd in bijlage I.

2.   De lidstaten nemen de nodige maatregelen om binnenkomst in of doorreis over hun grondgebied te beletten van personen:

a)

die betrokken zijn bij of medeplichtig zijn aan het bevelen, toezien op of anderszins aansturen van het plegen van ernstige schendingen van de mensenrechten ten aanzien van personen in Libië, mede door betrokkenheid bij of medeplichtigheid aan het plannen, aanvoeren, bevelen of uitvoeren van aanvallen, met schending van het internationaal recht, onder meer door luchtbombardementen, tegen de burgerbevolking en de infrastructuur, of van personen die voor of namens hen of op hun aanwijzing handelen;

b)

van wie is vastgesteld dat zij betrokken waren bij het repressieve beleid van het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië of anderszins formeel met dat regime verbonden waren, en die onverminderd een risico vormen voor de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië of voor de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land;

c)

die betrokken zijn bij of steun verlenen aan handelingen die de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië bedreigen, of die de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land belemmeren of ondermijnen, onder meer door:

i)

handelingen te plannen, aan te sturen of uit te voeren die een schending vormen van de toepasselijke internationale mensenrechtenwetgeving of het internationale humanitaire recht, of een inbreuk op de mensenrechten vormen, in Libië;

ii)

aanvallen uit te voeren tegen lucht-, land- en zeehavens in Libië, of tegen een Libische staatsinstelling of -installatie, of tegen een buitenlandse missie in Libië;

iii)

steun te verlenen aan gewapende groepen of criminele netwerken, onder meer door de illegale ontginning van ruwe aardolie of andere natuurlijke hulpbronnen in Libië;

iv)

bedreigingen te uiten jegens of dwang uit te oefenen op financiële instellingen van de Libische staat of de Libische nationale oliemaatschappij, of door handelingen uit te voeren die kunnen leiden tot of resulteren in verduistering van fondsen van de Libische overheid;

v)

de bepalingen van het wapenembargo tegen Libië, vastgesteld in UNSCR 1970 (2011) en in artikel 1 van dit besluit, te overtreden of door steun te verlenen aan het omzeilen ervan;

vi)

op te treden voor, namens of op aanwijzing van vermelde personen of entiteiten,

d)

die fondsen van de Libische overheid in hun bezit hebben, of daarover zeggenschap uitoefenen die tijdens het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië wederrechtelijk zijn verkregen en die kunnen worden ingezet om de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië te bedreigen of om de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land te belemmeren of te ondermijnen;

als genoemd in bijlage II.

3.   De leden 1 en 2 houden niet in dat de lidstaten verplicht zijn hun eigen onderdanen de toegang tot het grondgebied te ontzeggen.

4.   Lid 1 is niet van toepassing wanneer het Comité vaststelt:

a)

dat de reis gerechtvaardigd is om dringende humanitaire redenen, religieuze voorschriften daaronder begrepen, of

b)

dat een ontheffing een gunstige invloed zou hebben op de nagestreefde vrede en nationale verzoening in Libië en de stabiliteit in de regio.

5.   Lid 1 is niet van toepassing wanneer:

a)

binnenkomst of doorreis noodzakelijk is in verband met een gerechtelijk proces, of

b)

een lidstaat per geval vaststelt dat deze binnenkomst of doorreis nodig is om vrede en stabiliteit in Libië dichterbij te brengen en de lidstaat vervolgens het Comité binnen 48 uur op de hoogte brengt van deze vaststelling.

6.   Lid 2 laat de gevallen onverlet waarin lidstaten uit hoofde van het internationale recht gebonden zijn, en wel:

a)

als gastland van een internationale intergouvernementele organisatie;

b)

als gastland van een internationale conferentie die is bijeengeroepen door, of plaatsvindt onder auspiciën van de VN;

c)

krachtens een multilaterale overeenkomst die voorrechten en immuniteiten verleent, of

d)

krachtens het Concordaat (Verdrag van Lateranen) van 1929, gesloten tussen de Heilige Stoel (Staat Vaticaanstad) en Italië.

7.   Lid 6 wordt ook geacht van toepassing te zijn op gevallen waarin een lidstaat optreedt als gastland van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE).

8.   De Raad wordt terdege geïnformeerd over alle gevallen waarin een lidstaat krachtens lid 6 of lid 7 een ontheffing verleent.

9.   De lidstaten kunnen ontheffing van de krachtens lid 2 opgelegde maatregelen verlenen voor reizen die plaatsvinden op grond van dringende humanitaire noden, of om vergaderingen bij te wonen van intergouvernementele instanties, met inbegrip van door de Unie geïnitieerde vergaderingen of vergaderingen waarvoor de Unie als gastheer optreedt, of vergaderingen waarvoor een lidstaat als fungerend voorzitter van de OVSE als gastheer optreedt, waar een politieke dialoog wordt gevoerd waarmee de democratie, de mensenrechten en de rechtsstaat in Libië rechtstreeks worden bevorderd.

10.   Een lidstaat die de in lid 9 bedoelde vrijstellingen wil verlenen, brengt zulks schriftelijk ter kennis van de Raad. De vrijstelling wordt geacht te zijn toegestaan, tenzij door één of meer leden van de Raad binnen twee werkdagen na ontvangst van de kennisgeving van de voorgestelde vrijstelling, schriftelijk bezwaar wordt gemaakt bij de Raad. Indien door één of meer leden van de Raad bezwaar wordt gemaakt, kan de Raad met een gekwalificeerde meerderheid van stemmen besluiten de voorgenomen ontheffing te verlenen.

11.   Indien een lidstaat krachtens lid 6, lid 7 of lid 9 machtiging verleent tot binnenkomst of doorreis op zijn grondgebied van de in bijlage I of II vermelde personen, geldt deze machtiging alleen voor het doel waarvoor zij is verleend en alleen voor de daarbij betrokken personen.”

.

2)

Artikel 6 wordt vervangen door:

„Artikel 6

1.   Alle tegoeden, andere financiële activa en economische middelen die direct of indirect in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van personen of entiteiten die door de Veiligheidsraad of door het Comité op de sanctielijst zijn geplaatst en aan een bevriezing van tegoeden zijn onderworpen overeenkomstig punt 22 van UNSCR 1970 (2011), punt 19 en punt 23 van UNSCR 1973 (2011), punt 4 van UNSCR 2174 (2014) en punt 11 van UNSCR 2213 (2015), zoals genoemd in bijlage III, worden bevroren.

2.   Alle tegoeden, andere financiële activa en economische middelen die direct of indirect in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van personen of entiteiten:

a)

die betrokken zijn bij of medeplichtig zijn aan het bevelen, toezien op of anderszins aansturen van het plegen van ernstige schendingen van de mensenrechten ten aanzien van personen in Libië, inclusief door betrokkenheid bij of medeplichtigheid aan het plannen, aanvoeren, bevelen of uitvoeren van aanvallen, met schending van het internationaal recht, waaronder luchtbombardementen, tegen de burgerbevolking en de civiele infrastructuur, of Libische autoriteiten, of personen en entiteiten die de bepalingen van UNSCR 1970 (2011) of van dit besluit hebben geschonden of bij de schending van de bepalingen hebben geholpen, of personen of entiteiten die voor hen, namens hen of op hun aanwijzing handelen, of entiteiten ten aanzien waarvan zij of in bijlage III bij dit besluit vermelde personen en entiteiten de eigendom of de zeggenschap hebben;

b)

van wie is vastgesteld dat zij betrokken waren bij het repressieve beleid van het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië of anderszins formeel met dat regime verbonden waren, en die onverminderd een risico vormen voor de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië of voor de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land;

c)

die betrokken zijn bij of steun verlenen aan handelingen die de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië bedreigen, of die de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land belemmeren of ondermijnen, onder meer door:

i)

handelingen te plannen, aan te sturen of uit te voeren die een schending vormen van de toepasselijke internationale mensenrechtenwetgeving of het internationale humanitaire recht, of een inbreuk op de mensenrechten vormen, in Libië;

ii)

aanvallen uit te voeren tegen lucht-, land- en zeehavens in Libië, of tegen een Libische staatsinstelling of -installatie, of tegen een buitenlandse missie in Libië;

iii)

steun te verlenen aan gewapende groepen of criminele netwerken, onder meer door de illegale ontginning van ruwe aardolie of andere natuurlijke hulpbronnen in Libië;

iv)

bedreigingen te uiten jegens of dwang uit te oefenen op financiële instellingen van de Libische staat of de Libische nationale oliemaatschappij, of door handelingen uit te voeren die kunnen leiden tot of resulteren in verduistering van fondsen van de Libische overheid;

v)

de bepalingen van het wapenembargo tegen Libië, vastgesteld in UNSCR 1970 (2011) en in artikel 1 van dit besluit, te overtreden of door steun te verlenen aan het omzeilen ervan;

vi)

op te treden voor, namens of op aanwijzing van vermelde personen of entiteiten;

d)

die fondsen van de Libische overheid in hun bezit hebben, of daarover zeggenschap uitoefenen die tijdens het voormalige regime van Muammar KADHAFI in Libië wederrechtelijk zijn verkregen en die kunnen worden ingezet om de vrede, de stabiliteit of de veiligheid van Libië te bedreigen of om de succesvolle voltooiing van de politieke transitie in het land te belemmeren of te ondermijnen,

als genoemd in bijlage IV, worden bevroren.

3.   Alle tegoeden, andere financiële activa en economische middelen die direct of indirect in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van de entiteiten, genoemd in bijlage VI, die op 16 september 2011 zijn bevroren, blijven bevroren.

4.   Tegoeden, andere financiële activa of economische middelen worden rechtstreeks noch onrechtstreeks aan of ten behoeve van de in de leden 1 en 2 bedoelde natuurlijke of rechtspersonen of entiteiten ter beschikking gesteld.

5.   Voor zover dit de havenautoriteiten betreft, belet het verbod om tegoeden, andere financiële activa en economische middelen aan de in lid 2 bedoelde personen of entiteiten ter beschikking te stellen, niet dat vóór 7 juni 2011 gesloten contracten tot en met 15 juli 2011 worden uitgevoerd, met uitzondering van contracten betreffende olie, gas en geraffineerde producten.

6.   Ontheffing kan worden verleend voor tegoeden, financiële activa of economische middelen die:

a)

noodzakelijk zijn ter dekking van basisuitgaven, zoals betalingen voor voedsel, huur of hypotheeklasten, geneesmiddelen of geneeskundige behandelingen, belastingen, verzekeringspremies of nutsvoorzieningen;

b)

uitsluitend bestemd zijn voor de betaling van redelijke honoraria en vergoeding van gemaakte kosten in verband met de verlening van juridische diensten overeenkomstig het nationaal recht;

c)

uitsluitend bestemd zijn voor de betaling van honoraria of kosten, overeenkomstig het nationaal recht, voor het gewoon houden of beheren van bevroren tegoeden, andere financiële bijstand en economische middelen,

mits de betrokken lidstaat het Comité kennis heeft gegeven van zijn voornemen om, naar gelang het geval, de toegang tot de tegoeden, andere financiële activa of economische middelen toe te staan, en het Comité niet binnen vijf werkdagen na de kennisgeving een negatief besluit heeft genomen.

7.   Tevens kunnen uitzonderingen worden toegestaan voor tegoeden en economische middelen die:

a)

noodzakelijk zijn ter dekking van uitzonderlijke uitgaven, na kennisgeving door de betrokken lidstaat aan het Comité en, waar van toepassing, goedkeuring door dit Comité, of

b)

het voorwerp zijn van een justitieel, administratief of arbitraal retentierecht of vonnis, in welk geval de tegoeden, andere financiële activa en economische middelen kunnen worden gebruikt om het retentierecht uit te oefenen of het vonnis ten uitvoer te leggen, mits het retentierecht of het vonnis dateert van voor de datum van aanneming van UNSCR 1970 (2011), en niet ten goede komt aan een in lid 1 of lid 2 bedoelde persoon of entiteit; de ontheffing wordt toegestaan na kennisgeving door de betrokken lidstaat aan het Comité, indien van toepassing.

8.   Met betrekking tot de in bijlage IV vermelde personen en entiteiten kunnen tevens ontheffingen worden verleend voor tegoeden en economische middelen die noodzakelijk zijn voor humanitaire doeleinden, zoals het verlenen van bijstand of het faciliteren van de verlening van bijstand, mede omvattende medische benodigdheden, voedsel, elektriciteitsvoorziening, humanitaire hulpverleners en gerelateerde hulp, of het evacueren van onderdanen van derde landen uit Libië.

9.   Met betrekking tot de in lid 3 bedoelde entiteiten kunnen tevens ontheffingen worden verleend voor tegoeden, financiële activa en economische middelen, mits:

a)

de betrokken lidstaat het Comité kennis heeft gegeven van zijn voornemen om de toegang tot de tegoeden, andere financiële activa of economische middelen toe te staan voor een of meer van de onderstaande doeleinden, en het Comité niet binnen vijf werkdagen na de kennisgeving een negatief besluit heeft genomen:

i)

humanitaire behoeften;

ii)

brandstof, elektriciteit en water, uitsluitend voor civiel gebruik;

iii)

de hervatting van de productie en verkoop van olie en gas door Libië;

iv)

de oprichting, werking of versterking van civiele bestuursinstellingen of civiele openbare infrastructuur, of

v)

de hervatting van de werkzaamheden van de bancaire sector, onder andere ter bevordering of facilitering van de internationale handel met Libië;

b)

de betrokken lidstaat bevestigt aan het Comité dat de betrokken tegoeden, andere financiële activa of economische middelen niet ter beschikking worden gesteld van of ten goede komen aan de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde personen;

c)

de betrokken lidstaat heeft vooraf met de Libische autoriteiten overlegd over het gebruik van de tegoeden, andere financiële activa of economische middelen, en

d)

de betrokken lidstaat heeft de Libische autoriteiten in kennis gesteld van het voornemen tot vrijgave van de tegoeden, andere financiële activa of economische middelen en de Libische autoriteiten hebben niet binnen vijf werkdagen na die kennisgeving bezwaar geuit.

10.   De leden 1 en 2 beletten niet dat een aangewezen persoon of entiteit betalingen doet die verschuldigd zijn wegens een contract dat is gesloten voordat de persoon of entiteit op de lijst werd geplaatst, mits de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat de betaling niet direct of indirect wordt ontvangen door een in lid 1 of lid 2 bedoelde persoon of entiteit en de betaling geschiedt nadat de betrokken lidstaat het Comité kennis heeft gegeven van het voornemen de betaling te verrichten of te ontvangen, dan wel te dien einde, in voorkomend geval, toestemming te verlenen tot het vrijgeven van de bevroren tegoeden, andere financiële activa of economische middelen, tien werkdagen voordat de toestemming wordt verleend.

11.   Lid 3 belet niet dat een in dat lid bedoelde entiteit betalingen doet die verschuldigd zijn wegens een contract dat is gesloten voordat de betrokken entiteit uit hoofde van dit besluit op de lijst werd geplaatst, mits de betrokken lidstaat heeft vastgesteld dat de betaling niet direct of indirect wordt ontvangen door een in de leden 1, 2, en 3 bedoelde persoon of entiteit en de betaling geschiedt nadat de betrokken lidstaat het Comité kennis heeft gegeven van het voornemen de betaling te verrichten of te ontvangen, dan wel te dien einde, in voorkomend geval, toestemming te verlenen tot het vrijgeven van de bevroren tegoeden, andere financiële activa of economische middelen, 10 werkdagen voordat de toestemming wordt verleend.

12.   Met betrekking tot de in bijlagen IV opgenomen personen en entiteiten en in afwijking van lid 2, kunnen de bevoegde autoriteiten van een lidstaat toestemming geven voor de vrijgave van bepaalde bevroren tegoeden of economische middelen, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan:

a)

de tegoeden of economische middelen zijn het voorwerp van een scheidsrechterlijke beslissing die is gegeven vóór de datum waarop de persoon of de entiteit, bedoeld in lid 2, op de lijst in bijlage IV is geplaatst, dan wel van een vóór of na die datum in de Unie gegeven rechterlijke of administratieve beslissing, of in de betrokken lidstaat uitvoerbare rechterlijke beslissing;

b)

de tegoeden of economische middelen zullen uitsluitend worden aangewend om te voldoen aan vorderingen die bij een dergelijke beslissing zijn gewaarborgd of geldig zijn verklaard, overeenkomstig de wettelijke en bestuursrechtelijke voorschriften betreffende de rechten van de houders van dergelijke vorderingen;

c)

de beslissing komt niet ten goede aan een op de lijst in bijlage III of bijlage IV geplaatste natuurlijke persoon of rechtspersoon, entiteit of lichaam, en

d)

de erkenning van het vonnis is niet in strijd met de openbare orde van de betrokken lidstaat.

De lidstaten stellen elkaar en de Commissie in kennis van elke toestemming die overeenkomstig dit lid is verleend.

13.   Lid 4 is niet van toepassing op de bijboeking op bevroren rekeningen van:

a)

verschuldigde rente of andere inkomsten op die rekeningen;

b)

verschuldigde betalingen uit hoofde van contracten, overeenkomsten of verbintenissen die ontstaan zijn vóór het tijdstip waarop die rekeningen aan restrictieve maatregelen werden onderworpen, of

c)

verschuldigde betalingen uit hoofde van in de Unie gegeven of in de betrokken lidstaat uitvoerbare rechterlijke, administratieve of scheidsrechterlijke beslissingen, met betrekking tot de in bijlage IV genoemde personen en entiteiten,

met dien verstande dat met betrekking tot de voormelde rente, andere inkomsten en betalingen lid 1 of lid 2 steeds van toepassing blijft.”

.

3)

Artikel 8, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   De Raad wijzigt de bijlagen I, III, V en VI op basis van de vaststellingen van de Veiligheidsraad of het Comité.”

.

4)

Artikel 9, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   Wanneer de Raad besluit een persoon of entiteit te onderwerpen aan de in artikel 5, lid 2, en artikel 6, lid 2, bedoelde maatregelen, wijzigt hij de bijlagen II en IV dienovereenkomstig.”

.

5)

Artikel 10 wordt vervangen door:

„Artikel 10

1.   De bijlagen I, II, III, IV en VI bevatten de door de Veiligheidsraad of het Comité met betrekking tot de bijlagen I, III en VI verstrekte motivering van de opneming van de vermelde personen en entiteiten.

2.   De bijlagen I, II, III, IV en VI bevatten ook, wanneer beschikbaar, informatie die door de Veiligheidsraad of het Comité met betrekking tot de bijlagen I, III en VI is verstrekt, en die nodig is om de betrokken personen of entiteiten te kunnen identificeren. Met betrekking tot personen kan die informatie bestaan uit namen, inclusief aliassen, geboortedatum en geboorteplaats, nationaliteit, paspoort- en identiteitskaartnummers, geslacht, adres indien bekend en functie of beroep. Met betrekking tot entiteiten kan die informatie namen, plaats en datum van registratie, registratienummer en de plaats van vestiging omvatten. De bijlagen I, III en VI vermelden tevens de datum van plaatsing op een lijst door de Veiligheidsraad of door het Comité.”

.

6)

Artikel 12, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   De in artikel 5, lid 2, en in artikel 6, lid 2, bedoelde maatregelen worden met regelmatige tussenpozen en ten minste om de 12 maanden opnieuw bezien. Zij zijn niet meer van toepassing ten aanzien van de betrokken personen of entiteiten indien de Raad overeenkomstig de in artikel 8, lid 2, bedoelde procedure vaststelt dat niet langer wordt voldaan aan de voorwaarden voor de toepassing ervan.”

.

7)

Bijlage I bij Besluit 2011/137/GBVB wordt vervangen door bijlage I bij dit besluit.

8)

De titel van bijlage II bij Besluit 2011/137/GBVB wordt vervangen door:

„Lijst van personen bedoeld in artikel 5, lid 2”

.

9)

Bijlage III bij Besluit 2011/137/GBVB wordt vervangen door bijlage II bij dit besluit.

10)

De titel van bijlage IV bij Besluit 2011/137/GBVB wordt vervangen door:

„Lijst van personen en entiteiten bedoeld in artikel 6, lid 2”

.

11)

Bijlage III bij dit besluit wordt als bijlage VI toegevoegd aan Besluit 2011/137/GBVB.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 26 mei 2015.

Voor de Raad

De voorzitter

F. MOGHERINI


(1)  Besluit 2011/137/GBVB van de Raad van 28 februari 2011 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië (PB L 58 van 3.3.2011, blz. 53).

(2)  Besluit (GBVB) 2015/382 van de Raad van 6 maart 2015 tot wijziging van Besluit 2011/137/GBVB betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Libië (PB L 64 van 7.3.2015, blz. 38).


BIJLAGE I

„BIJLAGE I

LIJST VAN PERSONEN BEDOELD IN ARTIKEL 5, LID 1

A.   Personen

1.

Naam: ABDULQADER MOHAMMED AL-BAGHDADI

Titel: Dr. Functie: hoofd van het verbindingsbureau van de revolutionaire comités. Geboortedatum: 1 juli 1950 Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B010574 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Tunesië (vermoedelijke status/verblijfplaats: gevangenis in Tunesië) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Door de VN op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Al-Baghdadi is op 26 februari 2011 uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 op een lijst geplaatst als „hoofd van het verbindingsbureau van de revolutionaire comités”.

Aanvullende informatie

Revolutionaire comités betrokken bij geweldpleging tegen demonstranten.

2.

Naam: ABDULQADER YUSEF DIBRI

Titel: n.v.t. Functie: hoofd van de lijfwacht van Muammar Kadhafi Geboortedatum: 1946 Geboorteplaats: Houn, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod).

Dibri is op 26 februari 2011 uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 op een lijst geplaatst als „hoofd van de lijfwacht van Muammar Kadhafi”.

Aanvullende informatie

Verantwoordelijkheid voor de veiligheid van het regime. Voorgeschiedenis van geweldpleging tegen dissidenten.

3.

Naam: SAYYID MOHAMMED QADHAF AL-DAM

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1948 Geboorteplaats: Sirte, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Door de VN op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod).

Qadhaf Al-dam is op 26 februari 2011 uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 op een lijst geplaatst als „neef van Muammar Kadhafi”.

Aanvullende informatie

Sayyid was in de jaren '80 betrokken bij de moordcampagne tegen dissidenten en zou verantwoordelijk zijn voor een aantal moorden in Europa. Voorts wordt aangenomen dat hij een rol heeft gespeeld bij de aanschaf van wapens.

4.

Naam: QUREN SALIH QUREN AL KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Libisch ambassadeur in Tsjaad Geboortedatum: n.v.t. Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: Akrin Saleh Akrin (

Image 1
) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Egypte Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011. Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod).

Al Kadhafi is op 17 maart 2011 uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 op een lijst geplaatst als „Libisch ambassadeur in Tsjaad”.

Aanvullende informatie

Is van Tsjaad naar Sabha vertrokken. Rechtstreeks betrokken bij het inhuren en aansturen van huurlingen voor het regime.

5.

Naam: AMID HUSAIN AL KUNI

Titel: Kolonel Functie: Gouverneur van Ghat (Zuid-Libië) Geboortedatum: n.v.t. Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identificatienr.: n.v.t. Adres: Libië (vermoedelijke status/verblijfplaats: Zuid-Libië) Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod).

Aanvullende informatie

Rechtstreeks betrokken bij het inhuren van huurlingen.

6.

Naam: ABU ZAYD UMAR DORDA

Titel: n.v.t. Functie: a) Positie: Directeur externe veiligheidsorganisatie. b) Hoofd van het bureau externe inlichtingen. Geboortedatum: n.v.t. Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië ((vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië)) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Getrouwe van het regime. Hoofd van het bureau externe inlichtingen.

7.

Naam: ABU BAKR YUNIS JABIR

Titel: Generaal-majoor Functie: Positie: Minister van Defensie. Geboortedatum: 1952 Geboorteplaats: Jalo, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Algehele verantwoordelijkheid voor acties van de strijdkrachten.

8.

Naam: MATUQ MOHAMMED MATUQ

Titel: n.v.t. Functie: Positie: Staatssecretaris van nutsvoorzieningen Geboortedatum: 1956 Geboorteplaats: Khoms, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: onbekend; waarschijnlijk gevangengenomen.

Aanvullende informatie

Hoge functionaris van het regime. Actief in de revolutionaire comités. Voorgeschiedenis van betrokkenheid bij onderdrukking van dissidenten en bij geweldpleging.

9.

Naam: AISHA MUAMMAR MUHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: Aisha Muhammed Abdul Salam (Paspoortnr.: 215215) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 428720 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (vermoedelijke status/verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Reisde in strijd met punt 15 van Resolutie 1970, zoals beschreven door het panel van deskundigen over Libië in zijn tussentijds verslag van 2013.

10.

Naam: HANNIBAL MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 20 september 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B/002210 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Algerije (vermoedelijke status/verblijfplaats: Algerije) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

11.

Naam: KHAMIS MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

12.

Naam: MOHAMMED MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1970 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (vermoedelijke status/verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

13.

Naam: MUAMMAR MOHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Leider van de revolutie, opperbevelhebber van de strijdkrachten Geboortedatum: 1942 Geboorteplaats: Sirte, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Door de VN op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Verantwoordelijk voor bevelen tot onderdrukking van demonstraties, schending van mensenrechten.

14.

Naam: MUTASSIM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Nationale veiligheidsadviseur Geboortedatum: 1976 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

15.

Naam: SAADI KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Bevelhebber van de speciale strijdkrachten. Geboortedatum: a) 27 mei 1973 b) 1 januari 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: a) 014797 b) 524521 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (in gevangenschap) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

16.

Naam: SAIF AL-ARAB KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1982 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

17.

Naam: SAIF AL-ISLAM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Directeur van de Qadhafi Foundation Geboortedatum: 25 juni 1972 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B014995 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië.) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Opruiende openbare verklaringen die oproepen tot geweld tegen betogers.

18.

Naam: 1. ABDULLAH AL-SENUSSI

Titel: Kolonel Functie: Directeur militaire inlichtingen Geboortedatum: 1949 Geboorteplaats: Sudan Zekere alias: a) Abdoullah Ould Ahmed (Paspoortnr.: B0515260; Geboortedatum: 1948; Geboorteplaats: Anefif (Kidal), Mali; Datum van afgifte: 10 januari 2012; Plaats van afgifte: Bamako, Mali; Verstrijkt op: 10 januari 2017.) b) Abdoullah Ould Ahmed (Mali, identiteitsnr. 073/SPICRE; Geboorteplaats: Anefif, Mali; Datum van afgifte: 6 december 2011; Plaats van afgifte: Essouck, Mali) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië.) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokkenheid van de militaire inlichtingendienst bij het onderdrukken van demonstraties. Wordt ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij het bloedbad in de gevangenis van Abu Selim. Bij verstek veroordeeld voor de bomaanslag op de UTA-vlucht. Zwager van Muammar Kadhafi.

19.

Naam: SAFIA FARKASH AL-BARASSI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: Rond 1952 Geboorteplaats: Al Bayda, Libië Zekere alias: Safia Farkash Mohammed Al-Hadad, geboren op 1 januari 1953 (Omaans Paspoortnr. 03825239) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 03825239 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Aanzienlijke persoonlijke rijkdom, die ten bate van het regime zou kunnen worden gebruikt. Haar zus Fatima FARKASH is gehuwd met ABDALLAH SANUSSI, het hoofd van de Libische militaire inlichtingendienst.

20.

Naam: ABDELHAFIZ ZLITNI

Titel: n.v.t. Functie: a) minister van Planning en Financiën in de regering van kolonel Kadhafi. b) secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning c) interimdirecteur van de centrale bank van Libië Geboortedatum: 1935 Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokken bij de repressie van manifestanten. Secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning. Zlitini is momenteel interimdirecteur van de centrale bank van Libië. Voordien was hij voorzitter van de nationale oliemaatschappij. Volgens onze informatie tracht hij momenteel voor het regime geld bijeen te brengen met het oog op het aanzuiveren van de reserves van de centrale bank die al zijn opgegaan aan de huidige militaire campagne.”


BIJLAGE II

„BIJLAGE III

LIJST VAN PERSONEN EN ENTITEITEN BEDOELD IN ARTIKEL 6, LID 1

A.   Personen

6.

Naam: ABU ZAYD UMAR DORDA

Titel: n.v.t. Functie: a) Positie: Directeur externe veiligheidsorganisatie. b) Hoofd van het bureau externe inlichtingen. Geboortedatum: n.v.t. Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië ((vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië)) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Getrouwe van het regime. Hoofd van het bureau externe inlichtingen.

7.

Naam: ABU BAKR YUNIS JABIR

Titel: Generaal-majoor Functie: Positie: Minister van Defensie. Geboortedatum: 1952 Geboorteplaats: Jalo, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Algehele verantwoordelijkheid voor acties van de strijdkrachten.

8.

Naam: MATUQ MOHAMMED MATUQ

Titel: n.v.t. Functie: Positie: Staatssecretaris van nutsvoorzieningen Geboortedatum: 1956 Geboorteplaats: Khoms, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: onbekend; waarschijnlijk gevangengenomen.

Aanvullende informatie

Hoge functionaris van het regime. Actief in de revolutionaire comités. Voorgeschiedenis van betrokkenheid bij onderdrukking van dissidenten en bij geweldpleging.

9.

Naam: AISHA MUAMMAR MUHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: Aisha Muhammed Abdul Salam (Paspoortnr.: 215215) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 428720 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (vermoedelijke status/verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Reisde in strijd met punt 15 van Resolutie 1970, zoals beschreven door het panel van deskundigen over Libië in zijn tussentijds verslag van 2013.

10.

Naam: HANNIBAL MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 20 september 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B/002210 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Algerije (vermoedelijke status/verblijfplaats: Algerije) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

11.

Naam: KHAMIS MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1978 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

12.

Naam: MOHAMMED MUAMMAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1970 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman (vermoedelijke status/verblijfplaats: Sultanaat Oman) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

13.

Naam: MUAMMAR MOHAMMED ABU MINYAR KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Leider van de revolutie, opperbevelhebber van de strijdkrachten Geboortedatum: 1942 Geboorteplaats: Sirte, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Door de VN op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Verantwoordelijk voor bevelen tot onderdrukking van demonstraties, schending van mensenrechten.

14.

Naam: MUTASSIM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Nationale veiligheidsadviseur Geboortedatum: 1976 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

15.

Naam: SAADI KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Bevelhebber van de speciale strijdkrachten. Geboortedatum: a) 27 mei 1973 b) 1 januari 1975 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: a) 014797 b) 524521 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (in gevangenschap) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Bevel over militaire eenheden die betrokken zijn bij het onderdrukken van demonstraties.

16.

Naam: SAIF AL-ARAB KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: 1982 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden). Vermoedelijke status/verblijfplaats: overleden.

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime.

17.

Naam: SAIF AL-ISLAM KADHAFI

Titel: n.v.t. Functie: Directeur van de Qadhafi Foundation Geboortedatum: 25 juni 1972 Geboorteplaats: Tripoli, Libië Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: B014995 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië.) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van de punten 15 en 17 van Resolutie 1970 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Nauwe banden met het regime. Opruiende openbare verklaringen die oproepen tot geweld tegen betogers.

18.

Naam: 1. ABDULLAH AL-SENUSSI

Titel: Kolonel Functie: Directeur militaire inlichtingen Geboortedatum: 1949 Geboorteplaats: Sudan Zekere alias: a) Abdoullah Ould Ahmed (Paspoortnr.: B0515260; Geboortedatum: 1948; Geboorteplaats: Anefif (Kidal), Mali; Datum van afgifte: 10 januari 2012; Plaats van afgifte: Bamako, Mali; Verstrijkt op: 10 januari 2017.) b) Abdoullah Ould Ahmed (Mali, identiteitsnr. 073/SPICRE; Geboorteplaats: Anefif, Mali; Datum van afgifte: 6 december 2011; Plaats van afgifte: Essouck, Mali) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Libië (vermoedelijke status/verblijfplaats: in hechtenis in Libië.) Op de lijst geplaatst op: 26 februari 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 (reisverbod). Op 17 maart 2011 op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1970 (bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokkenheid van de militaire inlichtingendienst bij het onderdrukken van demonstraties. Wordt ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij het bloedbad in de gevangenis van Abu Selim. Bij verstek veroordeeld voor de bomaanslag op de UTA-vlucht. Zwager van Muammar Kadhafi.

19.

Naam: SAFIA FARKASH AL-BARASSI

Titel: n.v.t. Functie: n.v.t. Geboortedatum: Rond 1952 Geboorteplaats: Al Bayda, Libië Zekere alias: Safia Farkash Mohammed Al-Hadad, geboren op 1 januari 1953 (Omaans Paspoortnr. 03825239) Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: 03825239 Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: Sultanaat Oman Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Aanzienlijke persoonlijke rijkdom, die ten bate van het regime zou kunnen worden gebruikt. Haar zus Fatima FARKASH is gehuwd met ABDALLAH SANUSSI, het hoofd van de Libische militaire inlichtingendienst.

20.

Naam: ABDELHAFIZ ZLITNI

Titel: n.v.t. Functie: a) minister van Planning en Financiën in de regering van kolonel Kadhafi. b) secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning c) interimdirecteur van de centrale bank van Libië Geboortedatum: 1935 Geboorteplaats: n.v.t. Zekere alias: n.v.t. Onzekere alias: n.v.t. Nationaliteit: n.v.t. Paspoortnr.: n.v.t. Nationaal identiteitsnr.: n.v.t. Adres: n.v.t. Op de lijst geplaatst op: 24 juni 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 15 van Resolutie 1970 en punt 19 van Resolutie 1973 (reisverbod, bevriezing van tegoeden).

Aanvullende informatie

Betrokken bij de repressie van manifestanten. Secretaris van het Algemeen Volkscomité voor financiën en planning. Zlitini is momenteel interimdirecteur van de centrale bank van Libië. Voordien was hij voorzitter van de nationale oliemaatschappij. Volgens onze informatie tracht hij momenteel voor het regime geld bijeen te brengen met het oog op het aanzuiveren van de reserves van de centrale bank die al zijn opgegaan aan de huidige militaire campagne.”


BIJLAGE III

„BIJLAGE VI

LIJST VAN ENTITEITEN BEDOELD ARTIKEL 6, LID 3

1.

Naam: LIBYAN INVESTMENT AUTHORITY (Libische Investeringsautoriteit)

Ook bekend als: Libyan Foreign Investment Company (LFIC) Verder nog bekend als: n.v.t. Adres: 1 Fateh Tower Office, No 99, 22nd Floor, Borgaida Street, Tripoli, 1103, Libië Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1973, als gewijzigd op 16 september op grond van punt 15 van Resolutie 2009.

Aanvullende informatie

Onder zeggenschap van Muammar Kadhafi en zijn familie en mogelijke financieringsbron voor zijn regime.

2.

Naam: LIBYAN AFRICA INVESTMENT PORTFOLIO (Libisch-Afrikaans Investeringsfonds)

Ook bekend als: n.v.t. Verder nog bekend als: n.v.t. Adres: Jamahiriya Street, LAP Building, PO Box 91330, Tripoli, Libië Op de lijst geplaatst op: 17 maart 2011 Overige informatie: Op een lijst geplaatst uit hoofde van punt 17 van Resolutie 1973, als gewijzigd op 16 september op grond van punt 15 van Resolutie 2009.

Aanvullende informatie

Onder zeggenschap van Muammar Kadhafi en zijn familie en mogelijke financieringsbron voor zijn regime.”


27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/28


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2015/819 VAN DE COMMISSIE

van 22 mei 2015

tot wijziging van bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG van de Raad met betrekking tot het formaat van de modelgezondheidscertificaten voor het handelsverkeer van runderen en varkens binnen de Unie

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 3304)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 64/432/EEG van de Raad van 26 juni 1964 inzake veterinairrechtelijke vraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in runderen en varkens (1), en met name artikel 16, tweede alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Richtlijn 64/432/EEG zijn de veterinairrechtelijke voorschriften vastgelegd voor het handelsverkeer van runderen en varkens binnen de Unie. In de richtlijn is onder meer bepaald dat runderen en varkens tijdens het vervoer naar de plaats van bestemming vergezeld moeten gaan van een gezondheidscertificaat volgens model 1 of model 2, naargelang van het geval, zoals opgenomen in bijlage F bij die richtlijn.

(2)

Bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG is onlangs gewijzigd bij Uitvoeringsbesluit 2014/798/EU van de Commissie (2), onder meer om het formaat van de modelgezondheidscertificaten aan te passen aan het geharmoniseerde model in de bijlage bij Verordening (EG) nr. 599/2004 van de Commissie (3).

(3)

Overeenkomstig artikel 6, lid 1, onder b) van Verordening (EG) nr. 1760/2000 van het Europees Parlement en de Raad (4) moeten runderen vergezeld gaan van een paspoort op basis van de gegevens in het overeenkomstig artikel 14 van Richtlijn 64/432/EEG in de lidstaat van oorsprong opgezette gecomputeriseerde gegevensbestand, tenzij de lidstaat van oorsprong elektronische gegevens met de lidstaat van bestemming uitwisselt in het kader van het in artikel 5 bedoelde elektronische uitwisselingssysteem.

(4)

Overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 911/2004 van de Commissie (5) kunnen kalveren van minder dan vier weken oud bij vervoer naar een andere lidstaat vergezeld gaan van een voorlopig paspoort dat ten minste de in lid 1 van dat artikel bedoelde gegevens bevat, in een door de bevoegde autoriteit van de lidstaat van verzending erkend formaat.

(5)

Een aantal lidstaten heeft de Commissie echter in kennis gesteld van problemen in verband met bijkomend administratief werk dat wordt veroorzaakt door de verplichting om in punt I.31 van een modelgezondheidscertificaat voor het handelsverkeer in runderen bepaalde details te verstrekken, zoals de geboortedatum en het geslacht van de dieren waaruit de zending bestaat. Om deze reden en aangezien dergelijke informatie al is opgenomen in de identificatiedocumenten die een zending van runderen moeten vergezellen ter aanvulling van het gezondheidscertificaat, moeten die vermeldingen uit dat punt worden geschrapt en moeten de desbetreffende beschrijvingen in de opmerkingen bij het modelgezondheidscertificaat voor het handelsverkeer van varkens worden gewijzigd.

(6)

Daarnaast heeft een aantal lidstaten verzocht om een vermelding met betrekking tot het geslacht van dieren te schrappen uit punt I.31 van het modelgezondheidscertificaat voor handelsverkeer van varkens aangezien deze informatie niet vereist was in het modelgezondheidscertificaat dat is opgenomen in bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG, voordat er wijzigingen werden aangebracht bij Uitvoeringsbesluit 2014/798/EU. Daarom moet die vermelding uit dat punt worden geschrapt en moet de desbetreffende beschrijving in de opmerkingen bij het modelgezondheidscertificaat voor het handelsverkeer van varkens worden gewijzigd.

(7)

Daarnaast moet, om de administratieve last voor de officiële dierenarts verder te verminderen, de informatie over de soort verhandelde dieren worden verwijderd uit punt I.31 van beide modelgezondheidscertificaten die zijn opgenomen in bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG aangezien deze informatie al wordt vermeld in punt I.19 van deze modelgezondheidscertificaten.

(8)

Bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(9)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 22 mei 2015.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)   PB 121 van 29.7.1964, blz. 1977/64.

(2)  Uitvoeringsbesluit 2014/798/EU van de Commissie van 13 november 2014 tot wijziging van bijlage F bij Richtlijn 64/432/EEG van de Raad met betrekking tot het formaat van de modelgezondheidscertificaten voor het handelsverkeer van runderen en varkens binnen de Unie en de aanvullende veterinairrechtelijke voorschriften inzake Trichinella voor het handelsverkeer binnen de Unie van als landbouwhuisdier gehouden varkens (PB L 330 van 15.11.2014, blz. 50).

(3)  Verordening (EG) nr. 599/2004 van de Commissie van 30 maart 2004 tot vaststelling van een geharmoniseerd model voor een certificaat en inspectieverslag voor het intracommunautaire handelsverkeer in dieren en producten van dierlijke oorsprong (PB L 94 van 31.3.2004, blz. 44).

(4)  Verordening (EG) nr. 1760/2000 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juli 2000 tot vaststelling van een identificatie- en registratieregeling voor runderen en inzake de etikettering van rundvlees en rundvleesproducten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 820/97 van de Raad (PB L 204 van 11.8.2000, blz. 1).

(5)  Verordening (EG) nr. 911/2004 van de Commissie van 29 april 2004 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1760/2000 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft oormerken, paspoorten en bedrijfsregisters (PB L 163 van 30.4.2004, blz. 65).


BIJLAGE

„BIJLAGE F

MODEL 1

Gezondheidscertificaat voor fok-, gebruiks- en slachtrunderen

Image 2

Tekst van het beeld

Image 3

Tekst van het beeld

Image 4

Tekst van het beeld

Image 5

Tekst van het beeld

Image 6

Tekst van het beeld

Image 7

Tekst van het beeld

MODEL 2

Gezondheidscertificaat voor fok-, gebruiks- en slachtvarkens

Image 8

Tekst van het beeld

Image 9

Tekst van het beeld

Image 10

Tekst van het beeld

Image 11

Tekst van het beeld
Image 12
Tekst van het beeld

27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/41


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2015/820 VAN DE COMMISSIE

van 22 mei 2015

tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 3373)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 89/662/EEG van de Raad van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (1), en met name artikel 9, lid 4,

Gezien Richtlijn 90/425/EEG van de Raad van 26 juni 1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (2), en met name artikel 10, lid 4,

Gezien Richtlijn 2002/99/EG van de Raad van 16 december 2002 houdende vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor de productie, de verwerking, de distributie en het binnenbrengen van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong (3), en met name artikel 4, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU van de Commissie (4) zijn maatregelen op het gebied van de diergezondheid vastgesteld in verband met Afrikaanse varkenspest in bepaalde lidstaten. In de bijlage bij dat besluit zijn bepaalde gebieden in die lidstaten afgebakend en in een lijst opgenomen, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende risiconiveaus op basis van de epidemiologische situatie. Op die lijst staan bepaalde gebieden in Estland, Italië, Letland, Litouwen en Polen.

(2)

Tussen maart en mei 2015 zijn drie gevallen van Afrikaanse varkenspest bij wilde varkens gemeld door Polen (in de gmina Narewka) en Estland (in de vald Rannu en de vald Viljandi) in de in deel I van de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU vermelde gebieden waarvoor beperkingen gelden.

(3)

Bij de risicobeoordeling van de situatie in Polen en Estland moet rekening worden gehouden met de ontwikkeling van de huidige epidemiologische situatie. Om doelgerichte maatregelen op het gebied van de diergezondheid te kunnen nemen en de verspreiding van Afrikaanse varkenspest te voorkomen en teneinde onnodige verstoringen van de handel binnen de Unie te voorkomen en door derde landen ongerechtvaardigd opgeworpen handelsbelemmeringen te vermijden, moet de in de bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU opgenomen lijst van gebieden waar maatregelen op het gebied van de diergezondheid moeten worden genomen, worden gewijzigd in het licht van de situatie ten aanzien van Afrikaanse varkenspest in Polen en Estland.

(4)

Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(5)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 22 mei 2015.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)   PB L 395 van 30.12.1989, blz. 13.

(2)   PB L 224 van 18.8.1990, blz. 29.

(3)   PB L 18 van 23.1.2003, blz. 11.

(4)  Uitvoeringsbesluit 2014/709/EU van de Commissie van 9 oktober 2014 betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met Afrikaanse varkenspest in sommige lidstaten en tot intrekking van Uitvoeringsbesluit 2014/178/EU (PB L 295 van 11.10.2014, blz. 63).


BIJLAGE

„BIJLAGE

DEEL I

1.   Estland

De volgende gebieden in Estland:

de maakond Põlvamaa,

de maakond Jõgeva,

de vald Alatskivi,

de vald Häädemeeste,

de vald Haaslava,

de vald Imavere,

de vald Kambja,

de vald Kõpu,

de vald Laekvere,

de vald Laeva,

de vald Lasva,

de vald Luunja,

de vald Mäksa,

de vald Meeksi,

de vald Meremäe,

de vald Nõo,

de vald Paikuse,

de vald Peipsiääre,

de vald Piirissaare,

de vald Rägavere,

de vald Saarde,

de vald Sõmeru,

de vald Surju,

de vald Tahkuranna,

de vald Tähtvere,

de vald Tartu,

de vald Tori,

de vald Türi,

de vald Ülenurme,

de vald Vändra,

de vald Vara,

de vald Vastseliina,

de vald Vinni,

de vald Viru-Nigula,

de vald Võnnu,

de vald Võru,

de linn Kunda,

de linn Tartu,

de linn Vändra,

de linn Võhma,

de linn Võru.

2.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

de novads Aizkraukles,

in de novads Alūksnes, de pagasti Ilzenes, Zeltiņu, Kalncempju, Annas, Malienas, Jaunannas, Mālupes en Liepnas,

in de novads Krimuldas, de pagasts Krimuldas,

de novads Amatas,

in de novads Apes, de pagasts Virešu,

de novads Baltinavas,

de novads Balvu,

de novads Cēsu,

de novads Gulbenes,

de novads Ikšķiles,

de novads Inčukalna,

de novads Jaunjelgavas,

de novads Jaunpiepalgas,

de novads Ķeguma,

de novads Lielvārdes,

de novads Līgatnes,

de novads Mālpils,

de novads Neretas,

de novads Ogres,

de novads Priekuļu,

de novads Raunas,

de novads Ropažu,

de novads Rugāju,

de novads Salas,

de novads Sējas,

de novads Siguldas,

de novads Skrīveru,

de novads Smiltenes,

de novads Vecpiebalgas,

de novads Vecumnieku,

de novads Viesītes,

de novads Viļakas.

3.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

in de rajono savivaldybė Kėdainiai, de seniūnija Josvainių, Pernaravos, Krakių, Kėdainių miesto, Dotnuvos, Gudžiūnų en Surviliškio,

in de rajono savivaldybė Panevežys, de seniūnija Krekenavos, Upytės, Velžio, Miežiškių, Karsakiškio, Naujamiesčio, Paįstrio, Panevėžio en Smilgių,

in de rajono svaivaldybė Radviliškis, de seniūnija Skėmių en Sidabravo,

in de rajono savivaldybė Kaunas, de seniūnija Akademijos, Alšėnų, Babtų, Batniavos, Čekiškės, Ežerėlio, Garliavos, Garliavos apylinkių, Kačerginės, Kulautuvos, Linksmakalnio, Raudondvario, Ringaudų, Rokų, Taurakiemio, Vilkijos, Vilkijos apylinkių en Zapyškio,

in de rajono savivaldybė Kaišiadorys, de seniūnija Kruonio, Nemaitonių, Žiežmarių, Žiežmarių apylinkės en het deel van de seniūnija Rumšiškių gelegen ten zuiden van de weg N. A1,

de miesto savivaldybė Panevežys,

de rajono savivaldybė Pasvalys,

de rajono savivaldybė Prienai,

de savivaldybė Birštonas,

de savivaldybė Kalvarija,

de savivaldybė Kazlu Ruda,

de savivaldybė Marijampole.

4.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

in het woiwodschap Podlaskie:

de powiat M. Suwałki,

de powiat M. Białystok,

de gminy Rutka-Tartak, Szypliszki, Suwałki en Raczki in de powiat Suwalski,

de gminy Krasnopol en Puńsk in de powiat Sejneński,

de gminy Augustów met de stad Augustów, Nowinka, Sztabin en Bargłów Kościelny in de powiat Augustowski,

de powiat Moniecki,

de gminy Suchowola en Korycin in de powiat Sokólski,

de gminy Choroszcz, Juchnowiec Kościelny, Suraż, Turośń Kościelna, Tykocin, Zabłudów, Łapy, Poświętne, Zawady en Dobrzyniewo Duże in de powiat Białostocki,

de powiat Bielski,

de gminy Narew, Czyże, Hajnówka met de stad Hajnówka, Dubicze Cerkiewne, Kleszczele en Czeremcha in de powiat Hajnowski,

de gminy Grodzisk, Dziadkowice en Milejczyce in de powiat Siemiatycki,

de gmina Rutki in de powiat Zambrowski,

de gminy Kobylin-Borzymy, Kulesze Kościelne, Sokoły, Wysokie Mazowieckie met de stad Wysokie Mazowieckie, Nowe Piekuty, Szepietowo, Klukowo en Ciechanowiec in de powiat Wysokomazowiecki.

DEEL II

1.   Estland

De volgende gebieden in Estland:

de maakond Ida-Virumaa,

de maakond Valgamaa,

de vald Abja,

de vald Antsla,

de vald Haanja,

de vald Halliste,

de vald Karksi,

de vald Kolga-Jaani,

de vald Konguta,

de vald Kõo,

de vald Misso,

de vald Mõniste,

de vald Paistu,

de vald Pärsti,

de vald Puhja,

de vald Rannu,

de vald Rõngu,

de vald Rõuge,

de vald Saarepeedi,

de vald Sõmerpalu,

de vald Suure-Jaani,

de vald Tarvastu,

de vald Urvaste,

de vald Varstu,

de vald Viiratsi,

de linn Viljandi.

2.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

de novads Aknīstes,

in de novads Alūksnes, de pagasti Veclaicenes, Jaunlaicenes, Ziemeru, Alsviķu, Mārkalnes, Jaunalūksnes en Pededzes,

in de novads Apes, de pagasti Gaujienas, Trapenes en Apes,

in de novads Krimuldas, de pagasts Lēdurgas,

de novads Alojas,

de novads Cesvaines,

de novads Ērgļu,

de novads Ilūkstes,

de republikas pilsēta Jēkabpils,

de novads Jēkabpils,

de novads Kocēnu,

de novads Kokneses,

de novads Krustpils,

de novads Līvānu,

de novads Lubānas,

de novads Limbažu,

de novads Madonas,

de novads Mazsalacas,

de novads Pārgaujas,

de novads Pļaviņu,

de novads Salacgrīvas,

de novads Varakļānu,

de republikas pilsēta Valmiera.

3.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

in de rajono savivaldybė van Anykščiai, de seniūnija van Andrioniškis, Anykščiai, Debeikiai, Kavarskas, Kurkliai, Skiemonys, Traupis, Troškūnai, Viešintos en het deel van Svėdasai ten zuiden van weg nr. 118,

in de rajono savivaldybė Kėdainiai, de seniūnija Pelėdnagių, Vilainių, Truskavos en Šėtos,

in de rajono savivaldybė Kupiškis, de seniūnija Alizava, Kupiškis, Noriūnai en Subačius,

in de rajono savivaldybė Panevėžys, de seniūnija Ramygalos, Vadoklių en Raguvos,

in de rajono savivaldybė Kaunas, de seniūnija Domeikavos, Karmėlavos, Kauno miesto, Lapių, Neveronių, Samylų, Užliedžių en Vandžiogalos,

in de rajono savivaldybė Kaišiadorys, de seniūnija Kaišiadorių miesto, Kaišiadorių apylinkės, Palomenės, Paparčių, Pravieniškių, Žąslių en het deel van de seniūnija Rumšiškių gelegen ten noorden van de weg N. A1,

de apskritis Alytus,

de miesto savivaldybė Vilnius,

de rajono savivaldybė Biržai,

de rajono savivaldybė Jonava,

de rajono savivaldybė Šalcininkai,

de rajono savivaldybė Širvintos,

de rajono savivaldybė Trakai,

de rajono savivaldybė Ukmerge,

de rajono savivaldybė Vilnius,

de savivaldybė Elektrenai.

4.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

in het woiwodschap Podlaskie:

de gminy Giby en Sejny met de stad Sejny in de powiat Sejneński,

de gminy Lipsk en Płaska in de powiat Augustowski,

de gminy Dąbrowa Białostocka, Janów, Nowy Dwór en Sidra in de powiat Sokólski,

de gminy Czarna Białostocka, Supraśl en Wasilków in de powiat Białostocki,

de gminy Narewka en Białowieża in de powiat Hajnowski.

DEEL III

1.   Letland

De volgende gebieden in Letland:

de novads Aglonas,

de novads Beverīinas,

de novads Burtnieku,

de novads Ciblas,

de novads Dagdas,

de novads Daugavpils,

de novads Kārsavas,

de novads Krāslavas,

de novads Ludzas,

de novads Naukšēnu,

de novads Preiļu,

de novads Rēzeknes,

de novads Riebiņu,

de novads Rūjienas,

de novads Strenču,

de novads Valkas,

de novads Vārkavas,

de novads Viļānu,

de novads Zilupes,

de republikas pilsēta Daugavpils,

de republikas pilsēta Rēzekne.

2.   Litouwen

De volgende gebieden in Litouwen:

de rajono savivaldybe Ignalina,

de rajono savivaldybe Moletai,

de rajono savivaldybe Rokiškis,

de rajono savivaldybe Švencionys,

de rajono savivaldybe Utena,

de rajono savivaldybe Zarasai,

de savivaldybe Visaginas,

in de rajono savivaldybė Kupiškis, de seniūnija Šimonys en Skapiškis,

in de rajono savivaldybė Anykščiai, het deel van de seniūnija Svėdasai ten noorden van weg nr. 118.

3.   Polen

De volgende gebieden in Polen:

in het woiwodschap Podlaskie:

de gminy Krynki, Kuźnica, Sokółka en Szudziałowo in de powiat Sokólski,

de gminy Gródek en Michałowo in de powiat Białostocki.

DEEL IV

Italië

De volgende gebieden in Italië:

alle gebieden van Sardinië.”


HANDELINGEN VAN BIJ INTERNATIONALE OVEREENKOMSTEN INGESTELDE ORGANEN

27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/50


BESLUIT Nr. 1 VAN DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD EU-ALBANIË

van 11 mei 2015

tot vervanging van Protocol nr. 4 bij de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong” en methoden van administratieve samenwerking [2015/821]

DE STABILISATIE- EN ASSOCIATIERAAD EU-ALBANIË,

Gezien de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, die is ondertekend te Luxemburg op 12 juni 2006 (1), en met name artikel 41,

Gezien Protocol nr. 4 bij de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong” en methoden van administratieve samenwerking,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 41 van de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, („de overeenkomst”) wordt verwezen naar Protocol nr. 4 bij de overeenkomst („Protocol nr. 4”), dat de oorsprongsregels bevat en voorziet in de cumulatie van oorsprong tussen de Europese Unie, Albanië, Turkije en elk land of gebied dat deelneemt aan het stabilisatie- en associatieproces van de Unie.

(2)

Krachtens artikel 38 van Protocol nr. 4 kan de bij artikel 116 van de overeenkomst opgerichte Stabilisatie- en Associatieraad besluiten de bepalingen van Protocol nr. 4 te wijzigen.

(3)

De Regionale Conventie betreffende de pan-Euro-mediterrane oorsprongsregels (2) („de conventie”) is opgesteld om de protocollen inzake de oorsprongsregels die momenteel van kracht zijn tussen de landen van het pan-Euro-mediterrane gebied door één rechtshandeling te vervangen. Albanië en andere deelnemers uit de Westelijke Balkan aan het stabilisatie- en associatieproces zijn in de door de Europese Raad in juni 2003 vastgestelde „agenda van Thessaloniki” uitgenodigd om deel te nemen aan het pan-Europese systeem van diagonale cumulatie van oorsprong. Zij zijn bij besluit van de Euro-mediterrane ministeriële conferentie van oktober 2007 uitgenodigd om partij te worden bij de conventie.

(4)

De Unie en Albanië hebben de conventie respectievelijk op 15 juni 2011 en 27 juni 2011 ondertekend.

(5)

De Unie en Albanië hebben hun akte van aanvaarding respectievelijk op 26 maart 2012 en 5 maart 2012 bij de depositaris van de conventie neergelegd. Vervolgens is op grond van artikel 10, lid 3, van de conventie, de conventie zowel voor de Unie als voor Albanië op 1 mei 2012 in werking getreden.

(6)

Protocol nr. 4 moet derhalve worden vervangen door een nieuw protocol dat naar de conventie verwijst,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Protocol nr. 4 bij de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Albanië, anderzijds, betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong” en methoden van administratieve samenwerking, wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt vastgesteld.

Het is van toepassing met ingang van 1 mei 2015.

Gedaan te Brussel, 11 mei 2015.

Voor de Stabilisatie- en Associatieraad

De voorzitter

F. MOGHERINI


(1)   PB L 107 van 28.4.2009, blz. 166.

(2)   PB L 54 van 26.2.2013, blz. 4.


BIJLAGE

Protocol nr. 4

betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong” en methoden van administratieve samenwerking

Artikel 1

Toepasselijke regels van oorsprong

1.   Voor de toepassing van deze overeenkomst zijn aanhangsel I en de relevante bepalingen van aanhangsel II van de Regionale Conventie betreffende de pan-Euro-mediterrane preferentiële oorsprongsregels (1) („de conventie”), van toepassing.

2.   Alle verwijzingen naar de „desbetreffende overeenkomst” in aanhangsel I en in de relevante bepalingen van aanhangsel II van de Regionale Conventie betreffende de pan-Euro-mediterrane preferentiële oorsprongsregels gelden als verwijzingen naar deze overeenkomst.

Artikel 2

Geschillenregeling

1.   Indien er een geschil ontstaat in verband met de controleprocedures in artikel 32 van aanhangsel I van de conventie dat niet kan worden opgelost door de douaneautoriteit die de controle heeft aangevraagd en de douaneautoriteit die die controle moet uitvoeren, wordt het aan de Stabilisatie- en Associatieraad voorgelegd.

2.   In alle gevallen is de wetgeving van het land van invoer van toepassing op de regeling van geschillen tussen een importeur en de douaneautoriteiten van het land van invoer.

Artikel 3

Wijzigingen van het protocol

De Stabilisatie- en Associatieraad kan besluiten bepalingen van dit protocol te wijzigen.

Artikel 4

Opzegging van de conventie

1.   Indien ofwel de Europese Unie ofwel Albanië de depositaris van de conventie schriftelijk te kennen geeft de conventie op grond van artikel 9 van de conventie, te willen opzeggen, onderhandelen de Europese Unie en Albanië onmiddellijk over oorsprongsregels voor de toepassing van deze overeenkomst.

2.   Tot de inwerkingtreding van deze nieuw overeengekomen oorsprongsregels blijven op deze overeenkomst de op het moment van opzegging geldende oorsprongsregels in aanhangsel I en, in voorkomend geval, de relevante bepalingen van aanhangsel II van de conventie van toepassing. Vanaf de opzegging worden de oorsprongsregels in aanhangsel I en, in voorkomend geval, de relevante bepalingen van aanhangsel II van de conventie echter zo uitgelegd dat zij uitsluitend bilaterale cumulatie tussen de Europese Unie en Albanië toestaan.

Artikel 5

Overgangsbepalingen — cumulatie

Niettegenstaande artikel 16, lid 5, en artikel 21, lid 3, van aanhangsel I van de conventie, mag het bewijs van oorsprong een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 of een oorsprongsverklaring zijn indien bij de cumulatie alleen EVA-landen, de Faeröer, de Europese Unie, Turkije en de deelnemers aan het stabilisatie- en associatieproces zijn betrokken.


(1)   PB L 54 van 26.2.2013, blz. 4.


Rectificaties

27.5.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 129/53


Rectificatie van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad van 20 april 2015 tot vaststelling van berekeningsmethoden en rapportageverplichtingen overeenkomstig Richtlijn 98/70/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van benzine en van dieselbrandstof

( Publicatieblad van de Europese Unie L 107 van 25 april 2015 )

Bladzijde 31, bijlage I, deel 1, punt 3, in de formule:

in plaats van:

„GHHix ”,

te lezen:

„GHGix ”.