|
ISSN 1977-0758 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
58e jaargang |
|
|
|
Rectificaties |
|
|
|
* |
||
|
|
* |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. |
II Niet-wetgevingshandelingen
VERORDENINGEN
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/1 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/221 VAN DE COMMISSIE
van 10 februari 2015
tot indeling van bepaalde goederen in de gecombineerde nomenclatuur
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (1), en met name artikel 9, lid 1, onder a),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Om de uniforme toepassing te waarborgen van de gecombineerde nomenclatuur die als bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 is gevoegd, dienen bepalingen voor de indeling van de in de bijlage bij onderhavige verordening vermelde goederen te worden vastgesteld. |
|
(2) |
Bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 zijn de algemene regels voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur vastgesteld. Deze regels zijn ook van toepassing op iedere andere nomenclatuur die, geheel of gedeeltelijk of met toevoeging van onderverdelingen, de gecombineerde nomenclatuur overneemt en die bij specifieke EU-wetgeving is vastgesteld met het oog op de toepassing van tarief- of andere maatregelen in het kader van het goederenverkeer. |
|
(3) |
Volgens deze algemene regels dienen de in kolom 1 van de tabel in de bijlage omschreven goederen te worden ingedeeld onder de in kolom 2 vermelde GN-code om de in kolom 3 genoemde redenen. |
|
(4) |
Er dient te worden bepaald dat een bindende tariefinlichting die is afgegeven voor onder deze verordening vallende goederen en die in strijd is met deze verordening, door de houder van die inlichting nog gedurende een bepaalde periode mag worden gebruikt op grond van artikel 12, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad (2). Die periode moet worden vastgesteld op drie maanden. |
|
(5) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité douanewetboek, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De in kolom 1 van de tabel in de bijlage omschreven goederen worden in de gecombineerde nomenclatuur ingedeeld onder de in kolom 2 van die tabel vermelde GN-code.
Artikel 2
Een bindende tariefinlichting die niet in overeenstemming is met deze verordening, mag op grond van artikel 12, lid 6, van Verordening (EEG) nr. 2913/92 nog gedurende een periode van drie maanden na de inwerkingtreding van deze verordening worden gebruikt.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 februari 2015.
Voor de Commissie,
namens de voorzitter,
Heinz ZOUREK
Directeur-generaal Belastingen en Douane-unie
(1) PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1.
(2) Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PB L 302 van 19.10.1992, blz. 1).
BIJLAGE
|
Omschrijving |
Indeling (GN-code) |
Motivering |
|
(1) |
(2) |
(3) |
|
Een nieuw vierwielaangedreven multifunctioneel voertuig met een motor met zelfontsteking (diesel) met een cilinderinhoud van 720 cm3, een nettogewicht (inclusief vloeistoffen) van ongeveer 630 kg, een ongeremd trekgewicht van 750 kg en afmetingen van ongeveer 300 × 160 cm. Het voertuig heeft een open cabine met twee stoelen (waaronder de bestuurdersstoel) die voorzien is van een volledige rolkooi, een laadoppervlak met een sterk stalen frame en een stevige vlakke kipbak, met een handmatig kipmechanisme en een volume van 0,4 m3 of een laadvermogen van ongeveer 400 kg. Het voertuig heeft een grote grondspeling (27 cm) en een wielbasis van 198 cm. Het voertuig is uitgerust met terreinbanden, schijfremmen in oliebad, een trekinrichting en een trekhaak vooraan. De snelheid van het voertuig is begrensd tot 25 km/u; het voertuig beschikt over een groot remvermogen. Het voertuig is ontworpen voor gebruik in het terrein, met name in zeer zwaar terrein. Zoals het voertuig is aangeboden, is het bestemd voor uiteenlopende functies, bijvoorbeeld voor het duwen, het trekken van aanhangwagens en het vervoer van dieren, planten, dozen, water, apparatuur, munitie en diervoeder. (*1) Zie afbeelding |
8704 21 91 |
De indeling is vastgesteld op basis van de algemene regels 1 en 6 voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur en de tekst van de GN-codes 8704 , 8704 21 en 8704 21 91 . Het voertuig is ontworpen als multifunctioneel voertuig dat in verschillende omgevingen kan worden gebruikt voor uiteenlopende functies. Het beschikt over objectieve kenmerken van automobielen voor goederenvervoer van post 8704 . (Zie ook de GS-indelingsadviezen 8704.31/3. en 8704 90/1.) Het voertuig is geen dumper ontworpen voor gebruik in het terrein. Het is geen sterk gebouwde vrachtauto van een speciaal type, meestal met kipbak — soms met zelfopenende bodem — voor grondverzet of het transport van materialen (zie ook de GS-toelichtingen op post 8704 , zesde alinea, punt 1). Indeling onder GN-onderverdeling 8704 10 is daarom uitgesloten. Het voertuig moet daarom worden ingedeeld onder GN-code 8704 21 91 als nieuwe automobielen voor goederenvervoer. |
(*1) De afbeelding is louter ter informatie.
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/4 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/222 VAN DE COMMISSIE
van 12 februari 2015
tot uitsluiting van de ICES-deelsectoren 27 en 28.2 van bepaalde visserijinspanningsbeperkingen voor 2015 krachtens Verordening (EG) nr. 1098/2007 van de Raad tot vaststelling van een meerjarenplan voor de kabeljauwbestanden in de Oostzee en de visserijtakken die deze bestanden exploiteren
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1098/2007 van de Raad van 18 september 2007 tot vaststelling van een meerjarenplan voor de kabeljauwbestanden in de Oostzee en de visserijtakken die deze bestanden exploiteren, tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 2847/93 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 779/97 (1), en met name artikel 29, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EG) nr. 1098/2007 bevat bepalingen voor de vaststelling van visserijinspanningsbeperkingen voor de kabeljauwbestanden in de Oostzee. |
|
(2) |
Op basis van Verordening (EG) nr. 1098/2007 zijn voor 2015 visserijinspanningsbeperkingen voor de Oostzee vastgesteld in bijlage II bij Verordening (EU) nr. 1221/2014 van de Raad (2). |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 29, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1098/2007 kan de Commissie de ICES-deelsectoren 27 en 28.2 uitsluiten van bepaalde visserijinspanningsbeperkingen indien de kabeljauwvangst in de laatste aangifteperiode onder een bepaalde drempel lag. |
|
(4) |
Gezien de door de lidstaten ingediende verslagen en het advies van het Wetenschappelijk, Technisch en Economisch Comité voor de visserij dienen de ICES-deelsectoren 27 en 28.2 in 2015 te worden uitgesloten van deze visserijinspanningsbeperkingen. |
|
(5) |
Verordening (EU) nr. 1221/2014 is van toepassing met ingang van 1 januari 2015. Met het oog op de samenhang met die verordening dient ook de onderhavige verordening van toepassing te zijn met ingang van die datum. |
|
(6) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor de visserij en de aquacultuur, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 8, lid 1, onder b), en leden 3, 4 en 5, van Verordening (EG) nr. 1098/2007 geldt in 2015 niet voor de ICES-deelsectoren 27 en 28.2.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de zevende dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2015.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 12 februari 2015.
Voor de Commissie
De voorzitter
Jean-Claude JUNCKER
(1) PB L 248 van 22.9.2007, blz. 1.
(2) Verordening (EU) nr. 1221/2014 van de Raad van 10 november 2014 tot vaststelling, voor 2015, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de Oostzee van toepassing zijn en tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 43/2014 en (EU) nr. 1180/2013 (PB L 330 van 15.11.2014, blz. 16).
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/5 |
UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/223 VAN DE COMMISSIE
van 12 februari 2015
tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1),
Gezien Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft (2), en met name artikel 136, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 zijn, op grond van de resultaten van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde, de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de perioden die in bijlage XVI, deel A, bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt. |
|
(2) |
De forfaitaire invoerwaarde wordt elke dag berekend overeenkomstig artikel 136, lid 1, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011, met inachtneming van de variabele gegevens voor die dag. Bijgevolg moet deze verordening in werking treden op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De in artikel 136 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 12 februari 2015.
Voor de Commissie,
namens de voorzitter,
Jerzy PLEWA
Directeur-generaal Landbouw en Plattelandsontwikkeling
BIJLAGE
Forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit
|
(EUR/100 kg) |
||
|
GN-code |
Code derde landen (1) |
Forfaitaire invoerwaarde |
|
0702 00 00 |
EG |
138,6 |
|
IL |
97,8 |
|
|
MA |
87,0 |
|
|
TR |
113,2 |
|
|
ZZ |
109,2 |
|
|
0707 00 05 |
EG |
191,6 |
|
JO |
217,9 |
|
|
TR |
195,8 |
|
|
ZZ |
201,8 |
|
|
0709 91 00 |
EG |
57,5 |
|
ZZ |
57,5 |
|
|
0709 93 10 |
MA |
225,7 |
|
TR |
232,1 |
|
|
ZZ |
228,9 |
|
|
0805 10 20 |
EG |
46,8 |
|
IL |
75,5 |
|
|
MA |
54,3 |
|
|
TN |
50,6 |
|
|
TR |
67,8 |
|
|
ZZ |
59,0 |
|
|
0805 20 10 |
IL |
146,2 |
|
MA |
107,7 |
|
|
ZZ |
127,0 |
|
|
0805 20 30 , 0805 20 50 , 0805 20 70 , 0805 20 90 |
EG |
74,4 |
|
IL |
143,3 |
|
|
JM |
116,6 |
|
|
MA |
111,0 |
|
|
TR |
80,4 |
|
|
ZZ |
105,1 |
|
|
0805 50 10 |
TR |
65,0 |
|
ZZ |
65,0 |
|
|
0808 10 80 |
BR |
65,7 |
|
CL |
89,9 |
|
|
CN |
119,5 |
|
|
MK |
22,6 |
|
|
US |
197,5 |
|
|
ZZ |
99,0 |
|
|
0808 30 90 |
CL |
291,0 |
|
ZA |
121,4 |
|
|
ZZ |
206,2 |
|
(1) Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EU) nr. 1106/2012 van de Commissie van 27 november 2012 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 471/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken van de buitenlandse handel met derde landen, wat de bijwerking van de nomenclatuur van landen en gebieden betreft (PB L 328 van 28.11.2012, blz. 7). De code „ZZ” staat voor „overige oorsprong”.
BESLUITEN
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/8 |
BESLUIT (EURATOM) 2015/224 VAN DE RAAD
van 10 februari 2015
tot wijziging van Beschikking 2007/198/Euratom tot oprichting van de Europese Gemeenschappelijke Onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie en tot toekenning van gunsten daaraan
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gezien het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, en met name artikel 47, derde alinea, en artikel 50,
Gezien het voorstel van de Europese Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Beschikking 2007/198/Euratom van de Raad (1) is de Europese Gemeenschappelijke Onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie („gemeenschappelijke onderneming”) opgericht voor het beschikbaar stellen van de bijdrage van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie („Euratom”) aan de internationale ITER-organisatie voor fusie-energie en aan de activiteiten in het kader van de bredere aanpak met Japan, alsmede voor het opstellen en coördineren van een activiteitenprogramma ter voorbereiding van de bouw van een demonstratiefusiereactor en aanverwante faciliteiten. |
|
(2) |
Beschikking 2007/198/Euratom is bij Besluit 2013/791/Euratom van de Raad (2) gewijzigd teneinde de financiering van de activiteiten van de gemeenschappelijke onderneming voor de periode 2014-2020 mogelijk te maken. |
|
(3) |
In zijn conclusies van 12 juli 2010 over de mededeling van de Commissie: „ITER, stand van zaken en mogelijke verdere maatregelen” heeft de Raad de Commissie verzocht te onderzoeken en vast te stellen hoe de Commissie, de lidstaten en de gemeenschappelijke onderneming hun verantwoordelijkheden en taken betreffende ITER moeten vervullen. |
|
(4) |
In het werkdocument van de diensten van de Commissie „Towards a robust management and governance of the ITER project” van 9 november 2010 is een gedetailleerde lijst van maatregelen vastgesteld die moeten worden genomen op internationaal niveau, voornamelijk door de ITER-Organisatie, of op Europees niveau, voornamelijk door de gemeenschappelijke onderneming. |
|
(5) |
Ten gevolge van de toetreding van Kroatië tot de Unie op 1 juli 2013 moeten de statuten van de gemeenschappelijke onderneming worden gewijzigd teneinde Kroatië stemrechten te geven in de Raad van bestuur van de gemeenschappelijke onderneming. Verdere wijzigingen in die statuten zijn nodig om het beheer en het bestuur van de gemeenschappelijke onderneming te verbeteren. Teneinde rekening te houden met de wijzigingen die bij het Verdrag van Lissabon zijn aangebracht in het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, moet ook de verwijzing naar de bepalingen over het Hof van Justitie van de Europese Unie worden bijgewerkt. |
|
(6) |
Overeenkomstig de statuten van de gemeenschappelijke onderneming heeft de Raad van bestuur van de gemeenschappelijke onderneming zijn goedkeuring gehecht aan de door de Commissie voorgestelde wijzigingen van Beschikking 2007/198/Euratom. |
|
(7) |
Er moet een Comité Administratie en Beheer worden opgericht dat adviezen en aanbevelingen voorbereidt met het oog op de vaststelling van belangrijke documenten door de Raad van bestuur. Dat comité moet op verzoek van de directeur of van de Raad van bestuur ook advies uitbrengen of aanbevelingen doen over specifieke administratieve en financiële kwesties. De Raad van bestuur moet taken kunnen delegeren aan dat comité. Elk lid van de gemeenschappelijke onderneming moet een vertegenwoordiger in dat comité kunnen aanduiden. |
|
(8) |
Er moet een Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten worden opgericht om aan de directeur van de gemeenschappelijke onderneming aanbevelingen te doen inzake de gunning van contracten en subsidies en aanverwante aangelegenheden. De leden van dat comité worden op persoonlijke titel benoemd door de Raad van bestuur. |
|
(9) |
Er moet een Bureau worden opgericht dat de Raad van bestuur bijstaat bij de voorbereiding van zijn besluiten. De Raad van bestuur moet taken kunnen delegeren aan dit Bureau. De leden van het Bureau zijn de voorzitter van de Raad van bestuur, de voorzitters van de comités van de Raad van bestuur, een vertegenwoordiger van Euratom en een vertegenwoordiger van het ITER-gastland (Frankrijk). De Raad van bestuur moet meer personen in het Bureau kunnen benoemen. |
|
(10) |
Overeenkomstig artikel 17 van het Verdrag betreffende de Europese Unie ziet de Commissie toe op de toepassing van zowel de Verdragen als de maatregelen die de instellingen krachtens deze Verdragen vaststellen. Derhalve moeten de rechten van de Commissie worden versterkt om ervoor te zorgen dat de besluiten van de Raad van bestuur stroken met het recht van de Gemeenschap. |
|
(11) |
Het is wenselijk dat aangewezen organisaties op het gebied van wetenschappelijk en technologisch onderzoek naar kernfusie als een netwerk worden geconsolideerd teneinde de gemeenschappelijke onderneming stabiele en langetermijnondersteuning voor onderzoek en ontwikkeling te bieden op basis van de kennis en de knowhow die het Europese fusieprogramma heeft opgebouwd en nog zal opbouwen. |
|
(12) |
Er moet rekening worden gehouden met de relevante bepalingen van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad (3) en Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie (4), met name wat de rol van de intern controleur van de Commissie als intern controleur van de gemeenschappelijke onderneming betreft. |
|
(13) |
Beschikking 2007/198/Euratom regelt de financiering van de activiteiten van de gemeenschappelijke onderneming voor de periode 2014-2020. Artikel 12, lid 1, onder a), van de statuten van de gemeenschappelijke onderneming bepaalt dat de Euratom-bijdrage beschikbaar wordt gesteld via de ingevolge artikel 7 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie aangenomen communautaire programma's voor onderzoek en opleiding. Artikel 12, lid 1, onder a), moet worden gewijzigd om rekening te houden met het feit dat de financiering voor de periode 2014-2020 niet langer beschikbaar zal worden gesteld via het kaderprogramma van Euratom. |
|
(14) |
Beschikking 2007/198/Euratom moet ook worden geactualiseerd wat de voorschriften inzake de bescherming van de financiële belangen van de leden betreft. |
|
(15) |
Beschikking 2007/198/Euratom dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Beschikking 2007/198/Euratom wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
2) |
Het volgende artikel wordt ingevoegd: „Artikel 5 bis bis Bescherming van de financiële belangen van de leden De gemeenschappelijke onderneming waakt er, door het uitvoeren of laten uitvoeren van de nodige interne en externe controles, over dat de financiële belangen van haar leden op adequate wijze worden beschermd.” |
|
3) |
Artikel 9, lid 3, wordt vervangen door: „3. Het Hof van Justitie van de Europese Unie is bevoegd uitspraak te doen in gevallen waarin overeenkomstig de artikelen 263 en 265 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie beroep is ingesteld tegen de gemeenschappelijke onderneming, met inbegrip van besluiten van haar Raad van bestuur.” |
|
4) |
De bijlage wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit. |
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking twintig dagen na de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 10 februari 2015.
Voor de Raad
De voorzitter
E. RINKĒVIČS
(1) Beschikking 2007/198/Euratom van de Raad van 27 maart 2007 tot oprichting van de Europese Gemeenschappelijke Onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie en tot toekenning van gunsten daaraan (PB L 90 van 30.3.2007, blz. 58).
(2) Besluit 2013/791/Euratom van de Raad van 13 december 2013 tot wijziging van Beschikking 2007/198/Euratom tot oprichting van de Europese Gemeenschappelijke Onderneming voor ITER en de ontwikkeling van fusie-energie en tot toekenning van gunsten daaraan (PB L 349 van 21.12.2013, blz. 100).
(3) Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).
(4) Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1).
BIJLAGE
De bijlage bij Besluit 2007/198/Euratom wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
2) |
Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
3) |
Artikel 7 wordt geschrapt. |
|
4) |
Artikel 8, lid 4, wordt als volgt gewijzigd:
|
|
5) |
De volgende artikelen worden ingevoegd: „Artikel 8 bis Het Comité Administratie en Beheer 1. Op verzoek van de directeur of van de Raad van bestuur brengt het Comité Administratie en Beheer advies uit of doet het aanbevelingen over specifieke kwesties in verband met de administratieve en financiële planning van de gemeenschappelijke onderneming en voert het alle andere taken uit die de Raad van bestuur aan het comité delegeert. 2. Het Comité Administratie en Beheer stelt met name adviezen en aanbevelingen aan de Raad van bestuur op betreffende de begroting, de jaarrekening, het projectplan, het werkprogramma, het middelenramingsplan, het personeelsplan, het personeelsbeleidsplan en andere daarmee verband houdende aangelegenheden. 3. De Raad van bestuur stelt de leden van het Comité Administratie en Beheer aan uit vertegenwoordigers van de leden met professionele administratie- en beheerervaring ter zake. Eén lid van het comité vertegenwoordigt Euratom. 4. De leden van het Comité Administratie en Beheer vervullen hun taken in het algemeen belang van de gemeenschappelijke onderneming. 5. Onder voorbehoud van de voorafgaande goedkeuring van de Raad van bestuur stelt het Comité Administratie en Beheer zijn reglement van orde vast. Artikel 8 ter Het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten 1. Het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten doet aanbevelingen aan de directeur over de strategieën in verband met aanbestedingen en subsidieactiviteiten en de toekenning en follow-up van contracten en andere daarmee verband houdende aangelegenheden. 2. De Raad van bestuur stelt de leden van het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten aan uit personen met beroepservaring ter zake op het gebied van contracten en aanbestedingen. De leden van de Raad van bestuur kunnen geen lid zijn van het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten. 3. De leden van het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten zijn niet gebonden aan instructies. Zij oefenen hun ambt onafhankelijk uit. 4. Onder voorbehoud van de voorafgaande goedkeuring van de Raad van bestuur stelt het Comité Aanbestedingen en Overeenkomsten zijn reglement van orde vast.” |
|
6) |
Artikel 9 wordt vervangen door: „Artikel 9 Technische adviesraad 1. De technische adviesraad adviseert de Raad van bestuur en de directeur, voor zover nodig, over de vaststelling en uitvoering van het projectplan en het werkprogramma. 2. De Raad van bestuur stelt de leden van de technische adviesraad aan uit personen met beroepservaring ter zake op het gebied van de wetenschap en de techniek van kernfusie en daarmee verband houdende activiteiten. 3. De leden van de technische adviesraad zijn niet gebonden aan instructies. Zij oefenen hun ambt onafhankelijk uit in het algemeen belang van de gemeenschappelijke onderneming. 4. Onder voorbehoud van de voorafgaande goedkeuring van de Raad van bestuur stelt de technische adviesraad zijn reglement van orde vast.” |
|
7) |
Het volgende artikel wordt ingevoegd: „Artikel 9 bis Bureau 1. Het Bureau staat de Raad van bestuur bij in de voorbereiding van zijn besluiten en voert alle andere taken uit die de Raad van bestuur aan het Bureau delegeert. 2. Tot de leden behoren de voorzitter van de Raad van bestuur, de voorzitters van de comités, een vertegenwoordiger van Euratom en een vertegenwoordiger van het ITER-gastland. De Raad van bestuur kan nog andere leden van het Bureau aanstellen. 3. De voorzitter van het Bureau is de voorzitter van de Raad van bestuur. 4. De leden van het Bureau vervullen hun taken in het algemeen belang van de gemeenschappelijke onderneming. 5. Onder voorbehoud van de voorafgaande goedkeuring van de Raad van bestuur stelt het Bureau zijn reglement van orde vast.” |
|
8) |
Artikel 11 wordt vervangen door: „Artikel 11 Werkprogramma en middelenramingsplan De directeur stelt elk jaar het projectplan, het middelenramingsplan, het gedetailleerde jaarlijkse werkprogramma en de begroting op en legt deze voor aan de Raad van bestuur.” |
|
9) |
Artikel 12, lid 1, onder a), wordt vervangen door:
. |
|
10) |
Artikel 14 wordt vervangen door: „Artikel 14 Jaarverslag Het jaarverslag bevat een overzicht van de uitvoering van het werkprogramma door de gemeenschappelijke onderneming. Het schetst met name de door de gemeenschappelijke onderneming uitgevoerde activiteiten en beoordeelt de resultaten met betrekking tot de doelstellingen en het vastgestelde tijdschema, de aan de uitgevoerde activiteiten verbonden risico's, het gebruik van de middelen en de algemene werking van de gemeenschappelijke onderneming. Het jaarlijks verslag wordt opgesteld door de directeur en beoordeeld door de Raad van bestuur, die het samen met zijn beoordeling toezendt aan de leden, het Europees Parlement, de Raad en de Commissie.” |
|
11) |
In artikel 15, lid 1, tweede alinea, wordt „15 juni” vervangen door „1 juni”. |
|
12) |
Het volgende artikel wordt ingevoegd: „Artikel 15 bis Netwerken met bepaalde organisaties op het gebied van wetenschappelijk en technologisch onderzoek naar kernfusie 1. Ter bevordering van haar activiteiten maakt de gemeenschappelijke onderneming gebruik van de kennis van en de faciliteiten die zijn ontwikkeld door bevoegde publieke onderzoeksorganisaties die actief zijn op het gebied van onderzoek en ontwikkeling inzake kernfusie. 2. De Raad van bestuur stelt op voorstel van de directeur een te publiceren lijst op van door de leden aangewezen bevoegde organisaties die afzonderlijk of in netwerken onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten mogen verrichten die bijdragen tot de taken van de gemeenschappelijke onderneming. Die activiteiten kunnen in aanmerking komen voor financiële ondersteuning door de gemeenschappelijke onderneming. 3. De nadere regels voor de toepassing van de leden 1 en 2 van dit artikel waarborgen transparantie en concurrentie tussen publieke onderzoeksorganisaties en worden vastgelegd in het financieel reglement en de regels tot uitvoering ervan, bedoeld in artikel 13 en bijlage III.” |
|
13) |
In bijlage I bij de statuten van de gemeenschappelijke onderneming wordt na de rij voor Bulgarije de volgende rij ingevoegd:
|
|
14) |
Bijlage II bij de statuten van de gemeenschappelijke onderneming wordt als volgt gewijzigd:
|
|
15) |
Bijlage III bij de statuten van de gemeenschappelijke onderneming wordt als volgt gewijzigd:
|
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/15 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2015/225 VAN DE COMMISSIE
van 11 februari 2015
tot wijziging van de bijlagen I en II bij Beschikking 2009/861/EG tot vaststelling van overgangsmaatregelen uit hoofde van Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de verwerking van rauwe melk die niet aan de voorschriften voldoet in bepaalde melkverwerkingsinrichtingen in Bulgarije
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 631)
(Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (1), en met name artikel 9, tweede alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EG) nr. 853/2004 worden voor exploitanten van levensmiddelenbedrijven specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong vastgesteld. Die voorschriften omvatten onder meer hygiënevoorschriften voor rauwe melk en zuivelproducten. |
|
(2) |
Beschikking 2009/861/EG van de Commissie (2) voorziet in bepaalde afwijkingen van de voorschriften van bijlage III, sectie IX, hoofdstuk I, subhoofdstukken II en III, bij Verordening (EG) nr. 853/2004 voor melkverwerkingsinrichtingen in Bulgarije die in die beschikking zijn vermeld. Die beschikking is van toepassing tot en met 31 december 2015. |
|
(3) |
Dienovereenkomstig mogen bepaalde in bijlage I bij Beschikking 2009/861/EG opgenomen melkverwerkingsinrichtingen, in afwijking van de desbetreffende bepalingen van Verordening (EG) nr. 853/2004, melk die wel en melk die niet aan de voorschriften voldoet verwerken, mits de verwerking van de melk die wel en de melk die niet aan de voorschriften voldoet in afzonderlijke productielijnen wordt uitgevoerd. Bovendien mogen bepaalde in bijlage II bij die beschikking opgenomen melkverwerkingsinrichtingen melk die niet aan de voorschriften voldoet zonder afzonderlijke productielijnen verwerken. |
|
(4) |
Bulgarije heeft de Commissie op 28 april 2014, 18 augustus 2014 en 2 december 2014 een herziene en geactualiseerde lijst van die melkverwerkingsinrichtingen toegezonden. |
|
(5) |
In die lijst is de inrichting die in de tabel van bijlage I bij Beschikking 2009/861/EG is opgenomen onder nr. 4 (BG 1212001 „S i S — 7” EOOD) geschrapt, aangezien zij haar activiteiten heeft gestaakt. |
|
(6) |
Bovendien zijn in die herziene en bijgewerkte lijst bepaalde inrichtingen die momenteel zijn opgenomen in bijlage II bij Beschikking 2009/861/EG geschrapt, omdat zij nu alleen nog melk in de Unie in de handel mogen brengen die aan de voorschriften voldoet. Die inrichtingen zijn in de tabel in bijlage II bij Beschikking 2009/861/EG opgenomen onder nr. 3 (0912016 OOD „Persenski”), nr. 8 (1612064 OOD „Ikay”), nr. 11 (2512021 „Keya-Komers-03” EOOD), nr. 22 (BG 1612051 ET „Radev-Radko Radev”), nr. 37 (1512010 ET „Militsa Lazarova-90”), nr. 50 (BG 1112016 Mandra „IPZHZ”), nr. 51 (BG 1712042 ET „Madar”), nr. 54 (1312005 „Ravnogor” OOD), nr. 63 (BG 2612034 ET „Eliksir-Petko Petev”), nr. 75 (2312033 „Balkan spetsial” OOD) en nr. 79 (2612015 ET „Detelina 39”). |
|
(7) |
Daarnaast zijn in die lijst de instellingen die in de tabel in bijlage II bij Beschikking 2009/861/EG zijn opgenomen onder nr. 7 (1612049 „Alpina-Milk” EOOD), nr. 21 (BG 1612028 ET „Slavka Todorova”), nr. 23 (BG 1612066 „Lakti ko” OOD) en nr. 71 (2012032 „Kiveks” OOD) geschrapt, aangezien zij hun activiteiten hebben gestaakt. |
|
(8) |
Beschikking 2009/861/EG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(9) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlagen I en II bij Beschikking 2009/861/EG worden vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 11 februari 2015
Voor de Commissie
Vytenis ANDRIUKAITIS
Lid van de Commissie
(1) PB L 139 van 30.4.2004, blz. 55.
(2) Beschikking 2009/861/EG van de Commissie van 30 november 2009 tot vaststelling van overgangsmaatregelen uit hoofde van Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de verwerking van rauwe melk die niet aan de voorschriften voldoet in bepaalde melkverwerkingsinrichtingen in Bulgarije (PB L 314 van 1.12.2009, blz. 83).
BIJLAGE
„BIJLAGE I
Lijst van de melkinrichtingen die melk mogen verwerken die wel en die niet aan de voorschriften voldoet, als bedoeld in artikel 2
|
Nr. |
Veterinair nr. |
Naam van de inrichting |
Stad/straat of dorp/regio |
|
1 |
BG 0612027 |
„Mlechen ray — 2” EOOD |
gr. Vratsa kv. „Bistrets” |
|
2 |
BG 0612043 |
ET „Zorov- 91 — Dimitar Zorov” |
gr. Vratsa Mestnost „Parshevitsa” |
|
3 |
BG 2112001 |
„Rodopeya — Belev” EOOD |
Ul. „Trakya” 20 Smolyan |
|
4 |
BG 2812003 |
„Balgarski yogurt” OOD |
s. Veselinovo, obl. Yambolska |
„BIJLAGE II
Lijst van de melkverwerkingsinrichtingen die melk mogen verwerken die niet aan de voorschriften voldoet, als bedoeld in artikel 3
|
Nr. |
Veterinair nr. |
Naam inrichting |
Stad/straat of dorp/regio |
|
1 |
BG 2412037 |
„Stelimeks” EOOD |
s. Asen |
|
2 |
0912015 |
„Anmar” OOD |
s. Padina obsht. Ardino |
|
3 |
1012014 |
ET „Georgi Gushterov DR” |
s. Yahinovo |
|
4 |
1012018 |
„Evro miyt end milk” EOOD |
gr. Kocherinovo obsht. Kocherinovo |
|
5 |
1112017 |
ET „Rima-Rumen Borisov” |
s. Vrabevo |
|
6 |
2112008 |
MK „Rodopa milk” |
s. Smilyan obsht. Smolyan |
|
7 |
2412039 |
„Penchev” EOOD |
gr. Chirpan ul. „Septemvriytsi” 58 |
|
8 |
0112014 |
ET „Veles-Kostadin Velev” |
gr. Razlog ul. „Golak” 14 |
|
9 |
2312041 |
„Danim-D.Stoyanov” EOOD |
gr. Elin Pelin m-st Mansarovo |
|
10 |
0712001 |
„Ben Invest” OOD |
s. Kostenkovtsi obsht. Gabrovo |
|
11 |
1512012 |
ET „Ahmed Tatarla” |
s. Dragash voyvoda, obsht. Nikopol |
|
12 |
2212027 |
„Ekobalkan” OOD |
gr. Sofia bul „Evropa” 138 |
|
13 |
2312030 |
ET „Favorit- D.Grigorov” |
s. Aldomirovtsi |
|
14 |
2312031 |
ET „Belite kamani” |
s. Dragotintsi |
|
15 |
BG 1512033 |
ET „Voynov-Ventsislav Hristakiev” |
s. Milkovitsa obsht. Gulyantsi |
|
16 |
BG 1512029 |
„Lavena” OOD |
s. Dolni Dębnik obl. Pleven |
|
17 |
BG 2112029 |
ET „Karamfil Kasakliev” |
gr. Dospat |
|
18 |
BG 0912004 |
„Rodopchanka” OOD |
s. Byal izvor obsht. Ardino |
|
19 |
0112003 |
ET „Vekir” |
s. Godlevo |
|
20 |
0112013 |
ET „Ivan Kondev” |
gr. Razlog Stopanski dvor |
|
21 |
0212037 |
„Megakomers” OOD |
s. Lyulyakovo obsht. Ruen |
|
22 |
0512003 |
SD „LAF-Velizarov i sie” |
s. Dabravka obsht. Belogradchik |
|
23 |
0612035 |
OOD „Nivego” |
s. Chiren |
|
24 |
0612041 |
ET „Ekoproduct-Megiya- Bogorodka Dobrilova” |
gr. Vratsa ul. „Ilinden” 3 |
|
25 |
0612042 |
ET „Mlechen puls — 95 — Tsvetelina Tomova” |
gr. Krivodol ul. „Vasil Levski” |
|
26 |
1012008 |
„Kentavar” OOD |
s. Konyavo obsht. Kyustendil |
|
27 |
1212031 |
„ADL” OOD |
s. Vladimirovo obsht. Boychinovtsi |
|
28 |
1512006 |
„Mandra” OOD |
s. Obnova obsht. Levski |
|
29 |
1512008 |
ET „Petar Tonovski-Viola” |
gr. Koynare ul. „Hr.Botev” 14 |
|
30 |
1612024 |
SD „Kostovi — EMK” |
gr. Saedinenie ul. „L.Karavelov” 5 |
|
31 |
1612043 |
ET „Dimitar Bikov” |
s. Karnare obsht. „Sopot” |
|
32 |
1712046 |
ET „Stem-Tezdzhan Ali” |
gr. Razgrad ul. „Knyaz Boris” 23 |
|
33 |
2012012 |
ET „Olimp-P.Gurtsov” |
gr. Sliven m-t „Matsulka” |
|
34 |
2112003 |
„Milk- inzhenering” OOD |
gr.Smolyan ul. „Chervena skala” 21 |
|
35 |
2112027 |
„Keri” OOD |
s. Borino, obsht. Borino |
|
36 |
2312023 |
„Mogila” OOD |
gr. Godech, ul. „Ruse” 4 |
|
37 |
2512018 |
„Biomak” EOOD |
gr. Omurtag ul. „Rodopi” 2 |
|
38 |
2712013 |
„Ekselans” OOD |
s. Osmar, obsht. V. Preslav |
|
39 |
2812018 |
ET „Bulmilk-Nikolay Nikolov” |
s. General Inzovo, obl. Yambolska |
|
40 |
2812010 |
ET „Mladost-2-Yanko Yanev” |
gr. Yambol, ul. „Yambolen” 13 |
|
41 |
BG 1012020 |
ET „Petar Mitov-Universal” |
s. Gorna Grashtitsa obsht. Kyustendil |
|
42 |
BG 0912011 |
ET „Alada-Mohamed Banashak” |
s. Byal izvor obsht. Ardino |
|
43 |
1112026 |
„ABLAMILK” EOOD |
gr. Lukovit ul. „Yordan Yovkov” 13 |
|
44 |
1712010 |
„Bulagrotreyd-chastna kompaniya” EOOD |
s. Yuper Industrialen kvartal |
|
45 |
2012011 |
ET „Ivan Gardev 52” |
gr. Kermen ul. „Hadzhi Dimitar” 2 |
|
46 |
2012024 |
ET „Denyo Kalchev 53” |
gr. Sliven ul. „Samuilovsko shose” 17 |
|
47 |
2112015 |
OOD „Rozhen Milk” |
s. Davidkovo, obsht. Banite |
|
48 |
2112026 |
ET „Vladimir Karamitev” |
s. Varbina obsht. Madan |
|
49 |
2312007 |
ET „Agropromilk” |
gr. Ihtiman ul. „P.Slaveikov” 19 |
|
50 |
BG 1812008 |
„Vesi” OOD |
s. Novo selo |
|
51 |
BG 2512003 |
„Si Vi Es” OOD |
gr. Omurtag Promishlena zona |
|
52 |
0812030 |
„FAMA” AD |
gr. Dobrich bul. „Dobrudzha” 2 |
|
53 |
0912003 |
„Koveg-mlechni producti” OOD |
gr. Kardzhali Promishlena zona |
|
54 |
1412015 |
ET „Boycho Videnov — Elbokada 2000” |
s. Stefanovo obsht. Radomir |
|
55 |
1712017 |
„Diva 02” OOD |
gr. Isperih ul. „An.Kanchev” |
|
56 |
1712037 |
ET „Ali Isliamov” |
s. Yasenovets |
|
57 |
1712043 |
„Maxima milk” OOD |
s. Samuil |
|
58 |
2012010 |
„Saray” OOD |
s. Mokren |
|
59 |
2012036 |
„Minchevi” OOD |
s. Korten |
|
60 |
2212009 |
„Serdika -94” OOD |
gr. Sofia kv. Zheleznitza |
|
61 |
2312028 |
ET „Sisi Lyubomir Semkov” |
s. Anton |
|
62 |
2312039 |
EOOD „Laktoni” |
s. Ravno pole, obl. Sofiyska |
|
63 |
2412040 |
„Inikom” OOD |
gr. Galabovo ul. „G.S.Rakovski” 11 |
|
64 |
2512011 |
ET „Sevi 2000- Sevie Ibryamova” |
s. Krepcha obsht. Opaka |
|
65 |
2812002 |
„Arachievi” OOD |
s. Kirilovo, obl. Yambolska' |
|
66 |
BG 1612021 |
ET „Deni-Denislav Dimitrov-Ilias Islamov” |
s. Briagovo obsht. Gulyantsi |
|
67 |
2012008 |
„Raftis” EOOD |
s. Byala |
|
68 |
2112023 |
ET „Iliyan Isakov” |
s. Trigrad obsht. Devin |
|
69 |
2312020 |
„MAH 2003” EOOD |
gr. Etropole bul. „Al. Stamboliyski” 21 |
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/21 |
UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2015/226 VAN DE COMMISSIE
van 11 februari 2015
tot wijziging van Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU wat betreft de definitie van vatbaar hout en in afgebakende gebieden te nemen maatregelen
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 645)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (1), en met name artikel 16, lid 3, vierde zin,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De toepassing van Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie (2) heeft tot de conclusie geleid dat de definitie van vatbaar hout zich ook dient uit te strekken tot hout van coniferen (Coniferales) dat niet meer zijn natuurlijke ronde oppervlak heeft, bijenkorven en vogelnestkastjes, rekening houdend met de specifieke risico's in verband met de frequente verplaatsingen van bijenkorven en vogelnestkastjes. Bovendien moet hout dat een bewerking heeft ondergaan waardoor het risico is geëlimineerd dat het gastheer is van het dennenaaltje, van deze definitie worden uitgesloten. |
|
(2) |
Gezien de aard van de vector moeten alle gekapte vatbare planten en de kapresten daarvan in bufferzones onmiddellijk worden verwijderd. |
|
(3) |
Het is van belang te verduidelijken dat schorsvrij hout dat een adequate warmtebehandeling overeenkomstig Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU heeft ondergaan, ook binnen het vluchtseizoen van de vector mag worden vervoerd. |
|
(4) |
Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(5) |
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders, |
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Artikel 1, onder b), wordt vervangen door:
Onder vatbaar hout wordt niet verstaan gezaagd hout en stamhout van Taxus L. en Thuja L., en hout dat een bewerking heeft ondergaan waardoor het risico is geëlimineerd dat het gastheer is van het dennenaaltje.” . |
|
2) |
Artikel 13, lid 1, onder d), wordt vervangen door:
. |
|
3) |
Artikel 14, lid 1, wordt vervangen door: „1. De lidstaten op het grondgebied waarvan zich een afgebakend gebied bevindt, verlenen aan de naar behoren uitgeruste producenten van houten verpakkingsmateriaal, bijenkorven en vogelnestkastjes de erkenning om overeenkomstig bijlage II bij de Internationale Norm nr. 15 van de FAO voor fytosanitaire maatregelen het houten verpakkingsmateriaal, de bijenkorven en de vogelnestkastjes te merken die zij vervaardigen uit hout dat door een erkende behandelingsvoorziening is behandeld en vergezeld gaat van het in Richtlijn 92/105/EEG bedoelde plantenpaspoort. Die producenten worden hierna „erkende producenten van houten verpakkingsmateriaal” genoemd.” |
|
4) |
De bijlagen I, II en III worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit. |
Artikel 2
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 11 februari 2015.
Voor de Commissie
Vytenis ANDRIUKAITIS
Lid van de Commissie
(1) PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1.
(2) Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU van de Commissie van 26 september 2012 betreffende noodmaatregelen ter preventie van de verspreiding in de Unie van Bursaphelenchus xylophilus (Steiner et Buhrer) Nickle et al. (het dennenaaltje) (PB L 266 van 2.10.2012, blz. 42).
BIJLAGE
De bijlagen bij Uitvoeringsbesluit 2012/535/EU worden als volgt gewijzigd:
|
1) |
In bijlage I wordt het volgende punt 9 bis ingevoegd:
. |
|
2) |
In bijlage II wordt punt 3 bis ingevoegd:
. |
|
3) |
Punt 2, onder b) en c), van afdeling 1 van bijlage III wordt vervangen door:
. |
Rectificaties
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/24 |
Rectificatie van Verordening (EU) nr. 1351/2014 van de Raad van 18 december 2014 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 692/2014 betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van de illegale inlijving van de Krim en Sebastopol
( Publicatieblad van de Europese Unie L 365 van 19 december 2014 )
Bladzijde 48, punt 2) van artikel 1, nieuw artikel 2 quinquies, lid 4:
in plaats van:
„4. De in de leden 1 en 2 bedoelde verbodsbepalingen laten onverlet dat verplichtingen worden nagekomen die voortvloeien uit contracten of aanvullende contracten die vóór 20 december 2014 zijn gesloten, of uit aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van deze contracten, mits de bevoegde autoriteit daarvan ten minste vijf werkdagen van te voren in kennis werd gesteld.”
te lezen:
„4. De in de leden 1 en 2 bedoelde verbodsbepalingen laten onverlet dat tot 21 maart 2015 verplichtingen worden nagekomen die voortvloeien uit contracten of aanvullende contracten die vóór 20 december 2014 zijn gesloten, of uit aanvullende contracten die nodig zijn voor de uitvoering van deze contracten, mits de bevoegde autoriteit daarvan ten minste vijf werkdagen van te voren in kennis werd gesteld.”
|
13.2.2015 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 37/24 |
Rectificatie van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/199 van de Commissie van 9 februari 2015 tot vaststelling van de forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijs van bepaalde groenten en fruit
( Publicatieblad van de Europese Unie L 33 van 10 februari 2015 )
Op bladzijde 13, in de bijlage:
in plaats van:
|
„US |
169,6” |
te lezen:
|
„US |
169,9” |