ISSN 1725-2598

Publicatieblad

van de Europese Unie

L 24

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Wetgeving

50e jaargang
31 januari 2007


Inhoud

 

II   Besluiten op grond van het EG- en het Euratom-Verdrag waarvan publicatie niet verplicht is

Bladzijde

 

 

BESLUITEN/BESCHIKKINGEN

 

 

Europese Centrale Bank

 

 

2007/42/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB/2006/21)

1

 

 

2007/43/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten (ECB/2006/22)

3

 

 

2007/44/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 betreffende de modaliteiten en de voorwaarden voor de overdracht van aandelen in het kapitaal van de Europese Centrale Bank tussen de nationale centrale banken en de aanpassing van het gestorte kapitaal (ECB/2006/23)

5

 

 

2007/45/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de bijdrage aan het geaccumuleerde eigen vermogen van de Europese Centrale Bank en voor de aanpassing van de vorderingen van de nationale centrale banken ter grootte van de overgedragen externe reserves (ECB/2006/24)

9

 

 

2007/46/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 houdende wijziging van Besluit ECB/2001/15 betreffende de uitgifte van eurobankbiljetten (ECB/2006/25)

13

 

 

2007/47/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 18 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten (ECB/2006/26)

15

 

 

2007/48/EG

 

*

Besluit van de Europese Centrale Bank van 30 december 2006 inzake de storting van kapitaal, de overdracht van externe reserves en de bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank door Banka Slovenije (ECB/2006/30)

17

NL

Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben.

Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten.


II Besluiten op grond van het EG- en het Euratom-Verdrag waarvan publicatie niet verplicht is

BESLUITEN/BESCHIKKINGEN

Europese Centrale Bank

31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/1


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 15 december 2006

inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank

(ECB/2006/21)

(2007/42/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 29.4 en artikel 49.3,

Gelet op de bijdrage van de Algemene Raad van de Europese Centrale Bank (ECB), overeenkomstig artikel 47.2, vierde streepje, van de statuten;

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Besluit ECB/2004/5 van de Europese Centrale Bank van 22 april 2004 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (1) bepaalde met ingang van 1 mei 2004 de wegingen in de verdeelsleutel voor inschrijving op het kapitaal van de ECB (hierna „wegingen in de kapitaalverdeelsleutel”, respectievelijk „kapitaalverdeelsleutel” te noemen) die werden toegekend aan de nationale centrale banken (NCB's) die op 1 mei 2004 deel uitmaakten van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB).

(2)

Aangezien Bulgarije en Roemenië op 1 januari 2007 tot de Europese Unie zullen toetreden en hun respectieve NCB's met ingang van die datum deel gaan uitmaken van het ESCB, dient het geplaatste kapitaal van de ECB overeenkomstig artikel 49.3 van de statuten automatisch te worden verhoogd. Deze verhoging vereist de berekening van de weging in de kapitaalverdeelsleutel van elke NCB die op 1 januari 2007 deel uitmaakt van het ESCB naar analogie van artikel 29.1, en in overeenstemming met artikel 29.2 van de statuten. De uitgebreide kapitaalverdeelsleutel van de ECB en de wegingen in de kapitaalverdeelsleutel van elke NCB zijn met ingang van 1 januari 2007 van toepassing. Besluit ECB/2004/5 dient daarom te worden ingetrokken en te worden vervangen door een nieuw besluit dat de actuele situatie weergeeft.

(3)

Overeenkomstig Besluit 2003/517/EG van de Raad van 15 juli 2003 betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt voor de aanpassing van de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (2), heeft de Europese Commissie de ECB de statistische gegevens verstrekt die moeten worden gebruikt voor de vaststelling van de uitgebreide kapitaalverdeelsleutel.

(4)

Gezien de artikelen 3.5 en 6.6 van het reglement van orde van de Algemene Raad van de Europese Centrale Bank en gezien de bijdrage van de Algemene Raad aan dit besluit, konden de presidenten van de Bulgarian National Bank en van Banca Naţională a României voorafgaande aan de goedkeuring van dit besluit opmerkingen indienen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Afronding

Indien de Europese Commissie gewijzigde statistische gegevens verstrekt die moeten worden gebruikt voor de uitbreiding van de kapitaalverdeelsleutel en het totaal van de cijfers niet 100 % is, wordt het verschil weggewerkt door: i) als het totaal minder is dan 100 %, het kleinste aandeel met 0,0001 procentpunt te verhogen, eventueel gevolgd door eenzelfde verhoging van het op een na kleinste aandeel, enz. totdat het totaal precies 100 % bedraagt, of ii) als het totaal meer dan 100 % bedraagt, het grootste aandeel met 0,0001 procentpunt te verlagen, eventueel gevolgd door eenzelfde verlaging van het op een na grootste aandeel, enz. totdat het totaal precies 100 % bedraagt.

Artikel 2

Wegingen in de kapitaalverdeelsleutel

De aan elke NCB toegekende weging in de kapitaalverdeelsleutel, zoals vastgelegd in artikel 29 van de statuten, geldt als volgt met ingang van 1 januari 2007:

Nationale Bank van België/Banque nationale de Belgique

2,4708  %

Bulgarian National Bank

0,8833  %

Česká národní banka

1,3880  %

Danmarks Nationalbank

1,5138  %

Deutsche Bundesbank

20,5211  %

Eesti Pank

0,1703  %

Bank of Greece

1,8168  %

Banco de España

7,5498  %

Banque de France

14,3875  %

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

0,8885  %

Banca d'Italia

12,5297  %

Central Bank of Cyprus

0,1249  %

Latvijas Banka

0,2813  %

Lietuvos bankas

0,4178  %

Banque centrale du Luxembourg

0,1575  %

Magyar Nemzeti Bank

1,3141  %

Bank Centrali ta' Malta/Central Bank of Malta

0,0622  %

De Nederlandsche Bank

3,8937  %

Oesterreichische Nationalbank

2,0159  %

Narodowy Bank Polski

4,8748  %

Banco de Portugal

1,7137  %

Banca Naţională a României

2,5188  %

Banka Slovenije

0,3194  %

Národná banka Slovenska

0,6765  %

Suomen Pankki

1,2448  %

Sveriges riksbank

2,3313  %

Bank of England

13,9337  %

Artikel 3

Slotbepalingen

1.   Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

2.   Bij deze wordt Besluit ECB/2004/5 met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

3.   Verwijzingen naar Besluit ECB/2004/5 gelden als verwijzingen naar dit besluit.

Gedaan te Frankfurt am Main, 15 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 5.

(2)   PB L 181 van 19.7.2003, blz. 43.


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/3


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 15 december 2006

betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten

(ECB/2006/22)

(2007/43/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 28.3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Besluit ECB/2004/6 van de Europese Centrale Bank van 22 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten (1) bepaalde in welke vorm en in hoeverre de nationale centrale banken (NCB's) van de lidstaten die de euro hebben aangenomen (hierna de „NCB's van de deelnemende lidstaten” te noemen), op 1 mei 2004 het kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB) dienen te storten.

(2)

Aangezien Bulgarije en Roemenië op 1 januari 2007 tot de Europese Unie zullen toetreden en hun respectieve NCB's met ingang van die datum deel gaan uitmaken van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB), bepaalt Besluit ECB/2006/21 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (2) met ingang van 1 januari 2007 de nieuwe, aan elke op 1 januari 2007 aan het ESCB deelnemende NCB toegekende wegingen in de verdeelsleutel voor inschrijving op het uitgebreide kapitaal van de ECB (hierna „wegingen in de kapitaalverdeelsleutel”, respectievelijk „kapitaalverdeelsleutel” te noemen).

(3)

Het geplaatste kapitaal van de ECB zal met ingang van 1 januari 20075 760 652 402,58 EUR bedragen.

(4)

De uitgebreide kapitaalverdeelsleutel vereist de vaststelling van een nieuw ECB-besluit dat Besluit ECB/2004/6 met ingang van 1 januari 2007 intrekt en bepaalt in welke vorm en in hoeverre de NCB's van de deelnemende lidstaten op 1 januari 2007 het kapitaal van de ECB dienen te storten,

(5)

Ingevolge artikel 1 van Beschikking 2006/495/EG van de Raad van 11 juli 2006 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovenië op 1 januari 2007 (3), wordt de in artikel 4 van het Toetredingsverdrag van 2003 (4) bedoelde derogatie van Slovenië met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

(6)

Overeenkomstig Besluit ECB/2006/30 van de Europese Centrale Bank van 30 december 2006 inzake de storting van kapitaal, de overdracht van externe reserves en de bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank door Banka Slovenije (5) is Banka Slovenije gehouden met ingang van 1 januari 2007 het resterende aandeel van haar inschrijving op het kapitaal van de ECB te storten, waarbij rekening wordt gehouden met de uitgebreide verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Mate en vorm van het gestorte kapitaal

Elke NCB van de deelnemende lidstaten stort op 1 januari 2007 haar inschrijving op het kapitaal van de ECB volledig. Rekening houdend met de wegingen in de kapitaalverdeelsleutel zoals vastgelegd in artikel 2 van Besluit ECB/2006/21, stort elke NCB van de deelnemende lidstaten op 1 januari 2007 het naast haar naam in de volgende tabel vermelde bedrag:

NCB van de deelnemende lidstaten

(EUR)

Nationale Bank van België/Banque nationale de Belgique

142 334 199,56

Deutsche Bundesbank

1 182 149 240,19

Bank of Greece

104 659 532,85

Banco de España

434 917 735,09

Banque de France

828 813 864,42

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

51 183 396,60

Banca d'Italia

721 792 464,09

Banque centrale du Luxembourg

9 073 027,53

De Nederlandsche Bank

224 302 522,60

Oesterreichische Nationalbank

116 128 991,78

Banco de Portugal

98 720 300,22

Banka Slovenije

18 399 523,77

Suomen Pankki

71 708 601,11

Artikel 2

Aanpassing van het gestorte kapitaal

1.   Gezien elke NCB van de deelnemende lidstaten, met uitzondering van Banka Slovenije, reeds haar aandeel in het geplaatste kapitaal van de ECB volledig gestort heeft zoals van toepassing tot en met 31 december 2006 op grond van Besluit ECB/2004/6, zullen al deze centrale banken, met uitzondering van Banka Slovenije, hetzij een additioneel bedrag aan de ECB overmaken, of een bedrag terugkrijgen van de ECB, al naar gelang de situatie, om uit te komen op de in de tabel in artikel 1 genoemde bedragen. De storting van kapitaal door Banka Slovenije is geregeld in Besluit ECB/2006/30.

2.   Alle overschrijvingen uit hoofde van dit artikel geschieden overeenkomstig Besluit ECB/2006/23 van 15 december 2006 betreffende de modaliteiten en voorwaarden voor de overdracht van aandelen in het kapitaal van de Europese Centrale Bank tussen de nationale centrale banken en de aanpassing van het gestorte kapitaal (6).

Artikel 3

Slotbepalingen

1.   Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

2.   Bij deze wordt Besluit ECB/2004/6 met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

3.   Verwijzingen naar Besluit ECB/2004/6 gelden als verwijzingen naar dit besluit.

Gedaan te Frankfurt am Main, 15 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 7.

(2)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.

(3)   PB L 195 van 15.7.2006, blz. 25.

(4)   PB L 236 van 23.9.2003, blz. 33.

(5)  Zie bladzijde 17 van dit Publicatieblad.

(6)  Zie bladzijde 5 van dit Publicatieblad.


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/5


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 15 december 2006

betreffende de modaliteiten en de voorwaarden voor de overdracht van aandelen in het kapitaal van de Europese Centrale Bank tussen de nationale centrale banken en de aanpassing van het gestorte kapitaal

(ECB/2006/23)

(2007/44/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 28.5,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De aanpassing van de aan de nationale centrale banken (NCB's) toegekende wegingen in de uitgebreide verdeelsleutel voor inschrijving op het kapitaal (hierna „wegingen in de kapitaalverdeelsleutel”, respectievelijk „kapitaalverdeelsleutel” te noemen) van de Europese Centrale Bank (ECB), zoals vastgelegd in Besluit ECB/2006/21 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (1), vereist dat de Raad van bestuur de modaliteiten en de voorwaarden vaststelt voor de overdracht van aandelen in het kapitaal tussen de NCB's die op 31 december 2006 deel uitmaken van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB), teneinde te verzekeren dat de verdeling van deze aandelen overeenkomt met de uitgevoerde aanpassingen. Bijgevolg is de vaststelling van een nieuw ECB-besluit vereist dat Besluit ECB/2004/7 van de Europese Centrale Bank van 22 april 2004 betreffende de modaliteiten en voorwaarden voor de overdracht van aandelen in het kapitaal van de Europese Centrale Bank tussen de nationale centrale banken en de aanpassing van het gestorte kapitaal (2) met ingang van 1 januari 2007 intrekt.

(2)

De Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României zullen pas op 1 januari 2007 deel gaan uitmaken van het ESCB, hetgeen betekent dat de overdracht van aandelen in het kapitaal overeenkomstig artikel 28.5 van de statuten in dit geval niet op hen van toepassing is.

(3)

Besluit ECB/2006/22 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten (3) bepaalt in welke vorm en in hoeverre de NCB's van de lidstaten die de euro hebben aangenomen (hierna de „NCB's van de deelnemende lidstaten” te noemen), het kapitaal van de ECB op grond van de uitgebreide kapitaalverdeelsleutel dienen te storten. Besluit ECB/2006/26 van de Europese Centrale Bank van 18 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten (4) bepaalt het percentage dat de NCB's van de lidstaten die de euro op 1 januari 2007 niet hebben aangenomen (hierna de „NCB's van de niet-deelnemende lidstaten” te noemen), op grond van de uitgebreide kapitaalverdeelsleutel op 1 januari 2007 dienen te storten.

(4)

De NCB's van de deelnemende lidstaten, met uitzondering van Banka Slovenije, hebben hun aandelen in het geplaatste kapitaal van de ECB reeds gestort, zoals vereist uit hoofde van Besluit ECB/2004/6 van de Europese Centrale Bank van 22 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten (5). Gezien dit feit stipuleert artikel 2, lid 1, van Besluit ECB/2006/22 dat een NCB van de deelnemende lidstaten hetzij een additioneel bedrag dient over te maken aan de ECB, hetzij de ECB aan de NCB van de deelnemende lidstaten een bedrag dient terug te betalen, al naar gelang van de situatie, teneinde uit te komen op de in de tabel in artikel 1 van Besluit ECB/2006/22 genoemde bedragen.

(5)

Voorts bepaalt artikel 2, lid 1 en lid 2, van Besluit ECB/2006/30 van de Europese Centrale Bank van 30 december 2006 inzake de storting van kapitaal, de overdracht van externe reserves en de bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank door Banka Slovenije (6) dat Banka Slovenije die vanaf 1 januari 2007 een NCB van de deelnemende lidstaten zal zijn, gehouden is om het resterende deel van haar inschrijving op het kapitaal van de ECB te storten om uit te komen op het bedrag dat naast haar naam staat vermeld in de tabel in artikel 1 van Besluit ECB/2006/22, rekening houdend met de uitgebreide kapitaalverdeelsleutel.

(6)

Evenzo hebben de NCB's van de niet-deelnemende lidstaten, met uitzondering van de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României, hun aandelen in het geplaatste kapitaal van de ECB reeds gestort, zoals vereist uit hoofde van Besluit ECB/2004/10 van de Europese Centrale Bank van 23 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten (7). Gezien dit feit stipuleert artikel 2, lid 1, van Besluit ECB/2006/26 dat elk van deze NCB's hetzij een additioneel bedrag overmaakt aan de ECB, hetzij van de ECB een bedrag terugontvangt, al naar gelang van de situatie, teneinde uit te komen op de in de tabel in artikel 1 van Besluit ECB/2006/26 genoemde bedragen. Artikel 2, lid 2, van Besluit ECB/2006/26 stipuleert dat de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României aan de ECB het naast hun namen in de tabel van artikel 1 van dat besluit vermelde bedrag dienen over te maken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Overdracht van aandelen in het kapitaal

Gezien het aandeel in het kapitaal van de ECB waarop elke NCB, met uitzondering van de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României, op 31 december 2006 zal hebben ingeschreven, en het aandeel in het kapitaal van de ECB waarop ieder van deze NCB's met ingang van 1 januari 2007 zal inschrijven als gevolg van de aanpassing van de wegingen in de kapitaalverdeelsleutel zoals vastgelegd in artikel 2 van Besluit ECB/2006/21, dragen deze NCB's onderling aandelen in het kapitaal over door middel van overdrachten naar en zijdens de ECB, teneinde te verzekeren dat de verdeling van de aandelen in het kapitaal met ingang van 1 januari 2007 overeenkomt met de aangepaste wegingen. Ingevolge dit artikel en zonder dat zulks enige verdere formaliteit of handeling vereist, draagt elk van deze NCB's te dien einde op 1 januari 2007 het naast haar naam in de vierde kolom van de tabel in bijlage I bij dit besluit vermelde aandeel in het geplaatste kapitaal van de ECB over, dan wel ontvangt zij dat aandeel, waarbij „+” verwijst naar een aandeel in het kapitaal dat de ECB aan de NCB overdraagt, en „-” verwijst naar een aandeel in het kapitaal dat de NCB aan de ECB overdraagt.

Artikel 2

Aanpassing van het gestorte kapitaal

1.   Gezien het door elke NCB gestorte kapitaal van de ECB (indien van toepassing) en het kapitaal van de ECB dat elke NCB op 1 januari 2007 stort krachtens artikel 1 van Besluit ECB/2006/22 voor de NCB's van de deelnemende lidstaten, respectievelijk krachtens artikel 1 van Besluit ECB/2006/26 voor de NCB's van de niet-deelnemende lidstaten, zal elke NCB op de eerste transactiedag van het Trans-European Automated Real-time Gross settlement Express Transfer system („TARGET”) na 1 januari 2007 ofwel het naast haar naam in de vierde kolom van de tabel in bijlage 2 bij dit besluit vermelde nettobedrag overdragen, dan wel zal zij dat bedrag ontvangen, waarbij „+” verwijst naar een bedrag dat de NCB aan de ECB overmaakt, en„-” verwijst naar een bedrag dat de ECB aan die NCB overmaakt.

2.   Op de eerste TARGET-openingsdag na 1 januari 2007 zullen de ECB en de NCB's die een bedrag moeten overdragen krachtens lid 1, elk apart de rente op de respectieve bedragen, verschuldigd over de periode van 1 januari 2007 tot de datum van de overdracht, overmaken. De partijen die deze interest overmaken dan wel ontvangen, zijn dezelfde partijen die de bedragen, waarop de interest verschuldigd is, overmaken dan wel ontvangen.

Artikel 3

Algemene bepalingen

1.   De overdrachten beschreven in artikel 2 zullen gebeuren via TARGET.

2.   Indien een NCB geen toegang heeft tot TARGET, zullen de bedragen omschreven in artikel 2 overgedragen worden door de creditering van een bankrekening die de ECB of NCB te zijner tijd bekend zal maken.

3.   Eventuele lopende interest ingevolge artikel 2, lid 2, wordt dagelijks berekend middels de werkelijk aantal dagen/360-dagtellingsconventie tegen een percentage dat gelijk is aan de marginale rentevoet die het ESCB voor diens meest recente basis-herfinancieringstransactie hanteerde.

4.   De ECB en de NCB's die ingevolge artikel 2 gehouden zijn een overschrijving uit te voeren, geven te zijner tijd de noodzakelijke instructies voor het naar behoren en tijdig uitvoeren van een dergelijke overschrijving.

Artikel 4

Slotbepaling

1.   Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

2.   Bij deze wordt Besluit ECB/2004/7 met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

3.   Verwijzingen naar Besluit ECB/2004/7 gelden als verwijzingen naar dit besluit.

Gedaan te Frankfurt am Main, 15 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.

(2)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 9.

(3)  Zie bladzijde 3 van dit Publicatieblad.

(4)  Zie bladzijde 15 van dit Publicatieblad.

(5)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 7.

(6)  Zie bladzijde 17 van dit Publicatieblad.

(7)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 19.


BIJLAGE I

GEPLAATST KAPITAAL VAN DE NCB'S

 

Aandeel waarop op 31 december 2006 is ingeschreven

(EUR)

Aandeel waarop met ingang van 1 januari 2007 is ingeschreven

(EUR)

Over te dragen aandeel

(EUR)

NCB van de deelnemende lidstaten

 

 

 

Nationale Bank van België/Banque nationale de Belgique

141 910 195,14

142 334 199,56

+ 424 004,42

Deutsche Bundesbank

1 176 170 750,76

1 182 149 240,19

+5 978 489,43

Bank of Greece

105 584 034,30

104 659 532,85

- 924 501,45

Banco de España

432 697 551,32

434 917 735,09

+2 220 183,77

Banque de France

827 533 093,09

828 813 864,42

+1 280 771,33

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

51 300 685,79

51 183 396,60

- 117 289,19

Banca d’Italia

726 278 371,47

721 792 464,09

-4 485 907,38

Banque centrale du Luxembourg

8 725 401,38

9 073 027,53

+ 347 626,15

De Nederlandsche Bank

222 336 359,77

224 302 522,60

+1 966 162,83

Oesterreichische Nationalbank

115 745 120,34

116 128 991,78

+ 383 871,44

Banco de Portugal

98 233 106,22

98 720 300,22

+ 487 194,00

Banka Slovenije

18 613 818,63

18 399 523,77

- 214 294,86

Suomen Pankki

71 711 892,59

71 708 601,11

-3 291,48

NCB van de niet-deelnemende lidstaten

 

 

 

Bulgarian National Bank

0

50 883 842,67

Niet van toepassing

Česká národní banka

81 155 136,30

79 957 855,35

-1 197 280,95

Danmarks Nationalbank

87 159 414,42

87 204 756,07

+45 341,65

Eesti Pank

9 927 369,94

9 810 391,04

- 116 978,90

Central Bank of Cyprus

7 234 070,02

7 195 054,85

-39 015,17

Latvijas Banka

16 571 585,02

16 204 715,21

- 366 869,81

Lietuvos bankas

24 623 661,42

24 068 005,74

- 555 655,68

Magyar Nemzeti Bank

77 259 867,83

75 700 733,22

-1 559 134,61

Bank Centrali ta' Malta/ Central Bank of Malta

3 600 341,00

3 583 125,79

-17 215,21

Narodowy Bank Polski

285 912 705,92

280 820 283,32

-5 092 422,60

Banca Naţională a României

0

145 099 312,72

Niet van toepassing

Národná banka Slovenska

39 770 691,11

38 970 813,50

- 799 877,61

Sveriges riksbank

134 292 162,94

134 298 089,46

+5 926,52

Bank of England

800 321 860,47

802 672 023,82

+2 350 163,35

Totaal (1)

5 564 669 247,19

5 760 652 402,58

0


(1)  Vanwege afronding kan er een verschil optreden tussen de totalen en de som van alle vermelde cijfers.


BIJLAGE II

GESTORT KAPITAAL VAN DE NCB'S

 

Op 31 december 2006 gestort aandeel

(EUR)

Met ingang van 1 januari 2007 gestort aandeel

(EUR)

Bedrag van overschrijving

(EUR)

NCB van de deelnemende lidstaten

 

 

 

Nationale Bank van België/ Banque nationale de Belgique

141 910 195,14

142 334 199,56

+ 424 004,42

Deutsche Bundesbank

1 176 170 750,76

1 182 149 240,19

+5 978 489,43

Bank of Greece

105 584 034,30

104 659 532,85

- 924 501,45

Banco de España

432 697 551,32

434 917 735,09

+2 220 183,77

Banque de France

827 533 093,09

828 813 864,42

+1 280 771,33

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

51 300 685,79

51 183 396,60

- 117 289,19

Banca d’Italia

726 278 371,47

721 792 464,09

-4 485 907,38

Banque centrale du Luxembourg

8 725 401,38

9 073 027,53

+ 347 626,15

De Nederlandsche Bank

222 336 359,77

224 302 522,60

+1 966 162,83

Oesterreichische Nationalbank

115 745 120,34

116 128 991,78

+ 383 871,44

Banco de Portugal

98 233 106,22

98 720 300,22

+ 487 194,00

Banka Slovenije

1 302 967,30

18 399 523,77

+17 096 556,47

Suomen Pankki

71 711 892,59

71 708 601,11

-3 291,48

NCB van de niet-deelnemende lidstaten

 

 

 

Bulgarian National Bank

0

3 561 868,99

+3 561 868,99

Česká národní banka

5 680 859,54

5 597 049,87

-83 809,67

Danmarks Nationalbank

6 101 159,01

6 104 332,92

+3 173,91

Eesti Pank

694 915,90

686 727,37

-8 188,53

Central Bank of Cyprus

506 384,90

503 653,84

-2 731,06

Latvijas Banka

1 160 010,95

1 134 330,06

-25 680,89

Lietuvos bankas

1 723 656,30

1 684 760,40

-38 895,90

Magyar Nemzeti Bank

5 408 190,75

5 299 051,33

- 109 139,42

Bank Centrali ta' Malta/ Central Bank of Malta

252 023,87

250 818,81

-1 205,06

Narodowy Bank Polski

20 013 889,41

19 657 419,83

- 356 469,58

Banca Naţională a României

0

10 156 951,89

+10 156 951,89

Národná banka Slovenska

2 783 948,38

2 727 956,95

-55 991,43

Sveriges riksbank

9 400 451,41

9 400 866,26

+ 414,85

Bank of England

56 022 530,23

56 187 041,67

+ 164 511,44

Totaal (1)

4 089 277 550,12

4 127 136 230,00

+37 858 679,88


(1)  Vanwege afronding kan er een verschil optreden tussen de totalen en de som van alle vermelde cijfers.


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/9


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 15 december 2006

betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de bijdrage aan het geaccumuleerde eigen vermogen van de Europese Centrale Bank en voor de aanpassing van de vorderingen van de nationale centrale banken ter grootte van de overgedragen externe reserves

(ECB/2006/24)

(2007/45/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 30,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Aangezien Bulgarije en Roemenië op 1 januari 2007 tot de Europese Unie zullen toetreden en hun respectieve nationale centrale banken (NCB’s) met ingang van die datum deel gaan uitmaken van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB), bepaalt Besluit ECB/2006/21 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (1) met ingang van 1 januari 2007 de nieuwe aan elke op 1 januari 2007 aan het ESCB deelnemende NCB toegekende wegingen in de verdeelsleutel voor inschrijving op het uitgebreide kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB) (hierna „wegingen in de kapitaalverdeelsleutel”, respectievelijk „kapitaalverdeelsleutel” te noemen).

(2)

Bijgevolg dienen de vorderingen te worden aangepast die de ECB ingevolge artikel 30.3 van de statuten heeft toegekend aan de NCB’s van de lidstaten die de euro hebben aangenomen (hierna „de NCB’s van de deelnemende lidstaten” te noemen), welke vorderingen gelijk zijn aan de bijdragen van de NCB’s van de deelnemende lidstaten aan de externe reserves van de ECB (hierna de „vorderingen” te noemen). NCB's van de deelnemende lidstaten wier vorderingen toenemen vanwege de uitbreiding van de kapitaalverdeelsleutel op 1 januari 2007, dienen derhalve ter compensatie een overschrijving uit te voeren aan de ECB, terwijl de ECB ter compensatie een overschrijving dient uit te voeren aan die NCB's van de deelnemende lidstaten wier vorderingen dalen vanwege deze uitbreiding.

(3)

De eventuele overdracht van externe reserves aan de ECB is met ingang van 1 januari 2007 beperkt tot 57 606 524 025,77 EUR.

(4)

Overeenkomstig de aan de statuten ten grondslag liggende algemene beginselen van billijkheid, gelijke behandeling en de bescherming van gewettigd vertrouwen, dienen die NCB's van de deelnemende lidstaten wier relatieve aandeel in het geaccumuleerde eigen vermogen van de ECB stijgt ten gevolge van de voornoemde aanpassingen, eveneens ter compensatie een overschrijving uit te voeren aan die NCB's van de deelnemende lidstaten wier relatieve aandeel daalt.

(5)

Ter berekening van de aanpassing van de waarde van het aandeel van elke NCB van de deelnemende lidstaten in het geaccumuleerde eigen vermogen van de ECB, dienen de respectieve wegingen in de kapitaalverdeelsleutel van elke NCB van de deelnemende lidstaten tot en met 31 december 2006 en met ingang van 1 januari 2007 te worden uitgedrukt als een percentage van het totale kapitaal van de ECB waarmee alle NCB's van de deelnemende lidstaten hebben ingeschreven.

(6)

Bijgevolg is de vaststelling van een nieuw ECB-besluit vereist ter intrekking van Besluit ECB/2003/21 van de Europese Centrale Bank van 18 december 2003 houdende noodzakelijke maatregelen voor de bijdrage tot de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank en voor de aanpassing van de vorderingen van de nationale centrale banken ter grootte van de overgedragen externe reserves (2) en van Besluit ECB/2004/8 van de Europese Centrale Bank van 22 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de bijdrage aan het geaccumuleerde eigen vermogen van de Europese Centrale Bank, voor de aanpassing van de vorderingen ter grootte van de overgedragen externe reserves, en voor daarmee samenhangende financiële aangelegenheden (3).

(7)

Ingevolge artikel 1 van Beschikking 2006/495/EG van de Raad van 11 juli 2006 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovenië op 1 januari 2007 (4), wordt de in artikel 4 van het Toetredingsverdrag van 2003 (5) bedoelde derogatie van Slovenië met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Definities

In dit besluit wordt bedoeld met:

a)

„geaccumuleerd eigen vermogen”: het totaal van de reserves, herwaarderingsrekeningen en voorzieningen ter grootte van de reserves van de ECB, zoals door de ECB berekend op 31 december 2006. De reserves van de ECB en haar met reserves gelijkgestelde voorzieningen omvatten, zonder afbreuk te doen aan het algemene karakter van het „geaccumuleerd vermogen”, het Algemeen Reservefonds en de met reserves gelijkgestelde voorziening voor wisselkoers-, rente- en goudprijsrisico’s;

b)

„overschrijvingsdatum”: de tweede werkdag volgende op de goedkeuring van de jaarrekening van de ECB door de Raad van bestuur voor het boekjaar 2006;

c)

„inkomsten van de ECB uit eurobankbiljetten”: heeft dezelfde betekenis als de term „inkomsten van de ECB uit eurobankbiljetten in omloop”, zoals vastgelegd in artikel 1, onder d), van Besluit ECB/2005/11 van de Europese Centrale Bank van 17 november 2005 inzake de verdeling van de inkomsten van de Europese Centrale Bank uit in omloop zijnde eurobankbiljetten onder de nationale centrale banken van de deelnemende lidstaten (6).

Artikel 2

Bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de ECB

1.   Indien het aandeel van een NCB van de deelnemende lidstaten in het geaccumuleerde eigen vermogen stijgt vanwege de stijging van haar weging in de kapitaalverdeelsleutel met ingang van 1 januari 2007, maakt die NCB op de overschrijvingsdatum het overeenkomstig lid 3 vastgestelde bedrag over aan de ECB.

2.   Indien het aandeel van een NCB van de deelnemende lidstaten in het geaccumuleerde eigen vermogen daalt vanwege de daling van haar weging in de kapitaalverdeelsleutel met ingang van 1 januari 2007, ontvangt die NCB op de overschrijvingsdatum het overeenkomstig lid 3 vastgestelde bedrag van de ECB.

3.   Op of voor de dag waarop de Raad van bestuur de jaarrekening van de ECB voor het boekjaar 2006 goedkeurt, berekent de ECB, en bevestigt zulks aan elke NCB van de deelnemende lidstaten, hetzij het bedrag dat die NCB aan de ECB dient over te maken, ingeval lid 1 van toepassing is, dan wel het bedrag dat die NCB van de ECB dient te ontvangen, ingeval lid 2 van toepassing is. Behoudens afronding, wordt elk over te maken of te ontvangen bedrag berekend door de waarde van het geaccumuleerde eigen vermogen te vermenigvuldigen met het absolute verschil tussen de weging in de kapitaalverdeelsleutel van elke NCB van de deelnemende lidstaten op 31 december 2006 en haar weging in de kapitaalverdeelsleutel met ingang van 1 januari 2007 en de uitkomst te delen door 100.

4.   Elk in lid 3 genoemd bedrag is op 1 januari 2007 in euro verschuldigd, maar wordt effectief overgemaakt op de overschrijvingsdatum.

5.   Indien zij ingevolge lid 1 of lid 2 gehouden is tot overmaking van een bedrag, maakt een NCB van de deelnemende lidstaten, dan wel de ECB, op de overschrijvingsdatum daarnaast eveneens over de periode van 1 januari 2007 tot en met de overschrijvingsdatum lopende interest over op de bedragen, die respectievelijk door die NCB van de deelnemende lidstaten, dan wel door de ECB verschuldigd zijn. De partijen die deze interest overmaken dan wel ontvangen, zijn dezelfde partijen die de bedragen, waarop de interest verschuldigd is, overmaken dan wel ontvangen.

6.   Indien het geaccumuleerde eigen vermogen minder dan nul bedraagt, geschiedt de verrekening van de ingevolge lid 3 en lid 5 over te maken of te ontvangen bedragen in de tegengestelde richting van de in lid 3 en lid 5 vastgestelde bedragen.

Artikel 3

Aanpassing van de vorderingen ter grootte van de overgedragen externe reserves

1.   Aangezien de aanpassing van de vorderingen ter grootte van de overgedragen externe reserves voor Banka Slovenije zal worden geregeld in Besluit ECB/2006/30 van de Europese Centrale Bank van 30 december 2006 inzake de storting van kapitaal, de overdracht van externe reserves en de bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank door Banka Slovenije (7), regelt dit artikel de aanpassing van de vorderingen ter grootte van de door de andere NCB’s van de deelnemende lidstaten overgedragen externe reserves.

2.   De vorderingen van de NCB's van de deelnemende lidstaten worden met ingang van 1 januari 2007 aangepast, zulks overeenkomstig hun aangepaste wegingen in de kapitaalverdeelsleutel. De waarde van de vorderingen van de NCB's van de deelnemende lidstaten met ingang van 1 januari 2007 is vastgelegd in de derde kolom van de tabel in de bijlage bij dit besluit.

3.   Zonder enige verdere formaliteit of handeling wordt voor elke NCB van de deelnemende lidstaten ingevolge deze bepaling verondersteld dat zij op 1 januari 2007 de absolute waarde van de naast haar naam in de vierde kolom van de tabel in de bijlage bij dit besluit vermelde (in euro luidende) vordering heeft overgemaakt, dan wel heeft ontvangen, waarbij „-” verwijst naar een vordering die de betreffende NCB aan de ECB overdraagt en „+” verwijst naar een vordering die de ECB aan de betreffende NCB overdraagt.

4.   Op de eerste transactiedag van het Trans-European Automated Real-time Gross settlement Express Transfer system („TARGET”) na 1 januari 2007 maakt elke NCB van de deelnemende lidstaten de absolute waarde van het naast haar naam in de vierde kolom van de tabel in de bijlage bij dit besluit vermelde (in euro luidende) bedrag over, dan wel ontvangt ze dat bedrag, waarbij „+” verwijst naar een bedrag dat de betreffende NCB aan de ECB overmaakt en „-” verwijst naar een bedrag dat de ECB aan de betreffende NCB overmaakt.

5.   Op de eerste openingsdag van TARGET na 1 januari 2007 zullen de ECB en de deelnemende NCB’s die ingevolge lid 4 gehouden zijn tot het overmaken van bedragen ook afzonderlijk de eventuele interest over de periode van 1 januari 2007 tot op de datum van deze overdracht op de respectievelijke bedragen verschuldigd door de ECB of dergelijke deelnemende NCB’s overmaken. De partijen die deze interest overmaken dan wel ontvangen, zijn dezelfde partijen die de bedragen, waarop de interest verschuldigd is, overmaken dan wel ontvangen.

Artikel 4

Algemene bepalingen

1.   De lopende interest ingevolge artikel 2, lid 5, en artikel 3, lid 5, wordt dagelijks berekend middels de werkelijk aantal dagen/360-dagtellingsconventie tegen een percentage dat gelijk is aan de marginale rentevoet die het Europees Stelsel van centrale banken voor diens meest recente basis-herfinancieringstransactie hanteerde.

2.   Elke overdracht ingevolge artikel 2, leden 1, 2 en 5, en artikel 3, leden 4 en 5, zullen gebeuren via TARGET.

3.   De ECB en de NCB's van de deelnemende lidstaten, die gehouden zijn enige overschrijving uit te voeren zoals vastgesteld in lid 2, geven te zijner tijd de noodzakelijke instructies voor het naar behoren en tijdig uitvoeren van een dergelijke overschrijving.

Artikel 5

Slotbepalingen

1.   Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

2.   De Besluiten ECB/2003/21 en ECB/2004/8 worden hierbij met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

3.   Verwijzingen naar de Besluiten ECB/2003/21 en ECB/2004/8 gelden als verwijzingen naar dit besluit.

Gedaan te Frankfurt am Main, 15 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.

(2)   PB L 9 van 15.1.2004, blz. 36.

(3)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 13.

(4)   PB L 195 van 15.7.2006, blz. 25.

(5)   PB L 236 van 23.9.2003, blz. 33.

(6)   PB L 311 van 26.11.2005, blz. 41.

(7)  Zie bladzijde 17 van dit Publicatieblad.


BIJLAGE

VORDERINGEN TER GROOTTE VAN DE AAN DE ECB OVERGEDRAGEN EXTERNE RESERVES

NCB van de deelnemende lidstaten

Vordering ter grootte van de aan de ECB overgedragen externe reserves, op 31 december 2006

(EUR)

Vordering ter grootte van de aan de ECB overgedragen externe reserves, met ingang van 1 januari 2007

(EUR)

Bedrag van overschrijving

(EUR)

Nationale Bank van België/ Banque nationale de Belgique

1 419 101 951,42

1 423 341 995,63

+4 240 044,21

Deutsche Bundesbank

11 761 707 507,63

11 821 492 401,85

+59 784 894,22

Bank of Greece

1 055 840 342,96

1 046 595 328,50

-9 245 014,46

Banco de España

4 326 975 513,23

4 349 177 350,90

+22 201 837,67

Banque de France

8 275 330 930,88

8 288 138 644,21

+12 807 713,33

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

513 006 857,90

511 833 965,97

-1 172 891,93

Banca d’Italia

7 262 783 714,66

7 217 924 640,86

-44 859 073,80

Banque centrale du Luxembourg

87 254 013,80

90 730 275,34

+3 476 261,54

De Nederlandsche Bank

2 223 363 597,71

2 243 025 225,99

+19 661 628,28

Oesterreichische Nationalbank

1 157 451 203,42

1 161 289 917,84

+3 838 714,42

Banco de Portugal

982 331 062,21

987 203 002,23

+4 871 940,02

Banka Slovenije

0

183 995 237,74  (1)

+ 183 995 237,74

Suomen Pankki

717 118 925,89

717 086 011,07

-32 914,82

Totaal (2)

39 782 265 621,70

40 041 833 998,13

+ 259 568 376,43


(1)  Over te schrijven met ingang van de in Besluit ECB/2006/30 vastgelegde datum.

(2)  Vanwege afronding kan er een verschil optreden tussen de totalen en de som van alle vermelde cijfers.


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/13


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 15 december 2006

houdende wijziging van Besluit ECB/2001/15 betreffende de uitgifte van eurobankbiljetten

(ECB/2006/25)

(2007/46/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 106, lid 1,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 16,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Aangezien Bulgarije en Roemenië op 1 januari 2007 tot de Europese Unie zullen toetreden en hun respectieve nationale centrale banken (NCB’s) met ingang van die datum deel gaan uitmaken van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB), bepaalt Besluit ECB/2006/21 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (1) met ingang van 1 januari 2007 de nieuwe, aan elke op 1 januari 2007 aan het ESCB deelnemende NCB toegekende wegingen in de verdeelsleutel voor inschrijving op het uitgebreide kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB).

(2)

Ingevolge artikel 1 van Beschikking 2006/495/EG van de Raad van 11 juli 2006 overeenkomstig artikel 122, lid 2, van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovenië op 1 januari 2007 (2), wordt de in artikel 4 van de Toetredingsakte van 2003 (3) bedoelde derogatie van Slovenië met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

(3)

Artikel 1, onder d), van Besluit ECB/2001/15 van de Europese Centrale Bank van 6 december 2001 betreffende de uitgifte van eurobankbiljetten (4) definieert de „verdeelsleutel voor de toedeling van bankbiljetten” onder verwijzing naar de bijlage bij dat besluit houdende de specificatie van de verdeelsleutel zoals die vanaf 1 mei 2004 van toepassing is. Aangezien nieuwe wegingen in de kapitaalverdeelsleutel zullen gelden vanaf 1 januari 2007 en aangezien Slovenië op deze datum de euro zal aannemen, dient Besluit ECB/2001/15 te worden gewijzigd, ten einde de met ingang van 1 januari 2007 van toepassing zijnde verdeelsleutel voor de toedeling van bankbiljetten te bepalen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijziging van Besluit ECB/2001/15

Besluit ECB/2001/15 wordt als volgt gewijzigd:

1.

De laatste zin van artikel 1, onder d), wordt als volgt vervangen:

„De bijlage bij dit besluit specificeert de verdeelsleutel voor de toedeling van bankbiljetten zoals die met ingang van 1 januari 2007 van toepassing is.”.

2.

De bijlage bij Besluit ECB/2001/15 wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Slotbepaling

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

Gedaan te Frankfurt am Main, 15 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.

(2)   PB L 195 van 15.7.2006, blz. 25.

(3)   PB L 236 van 23.9.2003, blz. 33.

(4)   PB L 337 van 20.12.2001, blz. 52. Besluit laatstelijk gewijzigd bij Besluit ECB/2004/9 (PB L 205 van 9.6.2004, blz. 17).


BIJLAGE

VERDEELSLEUTEL VOOR TOEDELING VAN BANKBILJETTEN VANAF 1 JANUARI 2007

Europese Centrale Bank

8,0000  %

Nationale Bank van België/Banque nationale de Belgique

3,2705  %

Deutsche Bundesbank

27,1610  %

Bank of Greece

2,4045  %

Banco de España

9,9925  %

Banque de France

19,0430  %

Central Bank and Financial Services Authority of Ireland

1,1760  %

Banca d'Italia

16,5840  %

Banque centrale du Luxembourg

0,2090  %

De Nederlandsche Bank

5,1535  %

Oesterreichische Nationalbank

2,6680  %

Banco de Portugal

2,2680  %

Banka Slovenije

0,4225  %

Suomen Pankki

1,6475  %

Totaal

100,0000  %


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/15


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 18 december 2006

betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten

(ECB/2006/26)

(2007/47/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 48,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Besluit ECB/2004/10 van de Europese Centrale Bank van 23 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten (1), bepaalde het percentage van de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB) dat de nationale centrale banken van de lidstaten die niet voornemens waren op 1 mei 2004 de euro aan te nemen, gehouden waren op 1 mei 2004 te storten als bijdrage aan de operationele kosten van de ECB.

(2)

Aangezien Bulgarije en Roemenië op 1 januari 2007 tot de Europese Unie zullen toetreden en hun respectieve NCB’s met ingang van die datum deel gaan uitmaken van het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB), bepaalt Besluit ECB/2006/21 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (2) met ingang van 1 januari 2007 de nieuwe, aan elke op 1 januari 2007 aan het ESCB deelnemende NCB toegekende wegingen in de verdeelsleutel voor inschrijving op het uitgebreide kapitaal van de ECB (hierna „wegingen in de kapitaalverdeelsleutel”, respectievelijk „kapitaalverdeelsleutel” te noemen).

(3)

Met ingang van 1 januari 2007 zal het geplaatste kapitaal van de ECB 5 760 652 402,58 EUR bedragen.

(4)

De uitgebreide kapitaalverdeelsleutel vereist de vaststelling van een nieuw ECB-besluit dat Besluit ECB/2004/10 met ingang van 1 januari 2007 intrekt en dat het percentage van de inschrijving op het kapitaal van de ECB bepaalt dat de NCB's van de lidstaten, die per 1 januari 2007 de euro niet zullen hebben aangenomen (hierna de „NCB's van de niet-deelnemende lidstaten” te noemen), op 1 januari 2007 dienen te storten.

(5)

Gezien de artikelen 3.5 en 6.6 van het reglement van orde van de Algemene Raad van de Europese Centrale Bank, konden de presidenten van de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României voorafgaande aan de goedkeuring van dit besluit opmerkingen indienen,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Mate en vorm van het gestorte kapitaal

Elke NCB van de niet-deelnemende lidstaten stort met ingang van 1 januari 2007 7 % van haar inschrijving op het kapitaal van de ECB. Rekening houdend met de wegingen in de kapitaalverdeelsleutel zoals vastgelegd in artikel 2 van Besluit ECB/2006/21, stort elke NCB van de niet-deelnemende lidstaten met ingang van 1 januari 2007 het naast haar naam in de volgende tabel vermelde bedrag:

NCB van de niet-deelnemende lidstaten

(EUR)

Bulgarian National Bank

3 561 868,99

Česká národní banka

5 597 049,87

Danmarks Nationalbank

6 104 332,92

Eesti Pank

686 727,37

Central Bank of Cyprus

503 653,84

Latvijas Banka

1 134 330,06

Lietuvos bankas

1 684 760,40

Magyar Nemzeti Bank

5 299 051,33

Bank Centrali ta' Malta/Central Bank of Malta

250 818,81

Narodowy Bank Polski

19 657 419,83

Banca Naţională a României

10 156 951,89

Národná banka Slovenska

2 727 956,95

Sveriges riksbank

9 400 866,26

Bank of England

56 187 041,67

Artikel 2

Aanpassing van het gestorte kapitaal

1.   Aangezien elke NCB van de niet-deelnemende lidstaten, met uitzondering van de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României, reeds 7 % van haar aandeel in het geplaatste kapitaal van de ECB gestort heeft zoals van toepassing zijnde tot en met 31 december 2006 uit hoofde van Besluit ECB/2004/10, zal elke NCB van de niet-deelnemende lidstaten, met uitzondering van de Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României, hetzij een additioneel bedrag overmaken aan de ECB, dan wel zal ze van de ECB een bedrag terugkrijgen, al naar gelang de situatie, teneinde uit te komen op de in de tabel in artikel 1 genoemde bedragen.

2.   De Bulgarian National Bank en Banca Naţională a României maken aan de ECB het naast hun naam in de tabel van artikel 1 vermelde bedrag over.

3.   Alle overschrijvingen uit hoofde van dit artikel geschieden overeenkomstig Besluit ECB/2006/23 van de Europese Centrale Bank van 15 december 2006 betreffende de modaliteiten en voorwaarden voor de overdracht van aandelen in het kapitaal van de Europese Centrale Bank tussen de nationale centrale banken en de aanpassing van het gestorte kapitaal (3).

Artikel 3

Slotbepalingen

1.   Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2007.

2.   Bij deze wordt Besluit ECB/2004/10 met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken.

3.   Verwijzingen naar Besluit ECB/2004/10 gelden als verwijzingen naar dit besluit.

Gedaan te Frankfurt am Main, 18 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 19.

(2)  Zie bladzijde 1 van dit Publicatieblad.

(3)  Zie bladzijde 5 van dit Publicatieblad.


31.1.2007   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 24/17


BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK

van 30 december 2006

inzake de storting van kapitaal, de overdracht van externe reserves en de bijdrage aan de reserves en voorzieningen van de Europese Centrale Bank door Banka Slovenije

(ECB/2006/30)

(2007/48/EG)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, inzonderheid op artikel 30.1, 30.3, 49.1 en 49.2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Ingevolge Beschikking 2006/495/EG van de Raad van 11 juli 2006, overeenkomstig artikel 122, lid 2 van het Verdrag betreffende de aanneming van de eenheidsmunt door Slovenië op 1 januari 2007 (1), wordt de in artikel 4 van het Toetredingsverdrag (2) van 2003 bedoelde derogatie van Slovenië met ingang van 1 januari 2007 ingetrokken,

(2)

Artikel 49.1 van de statuten bepaalt dat de nationale centrale bank (NCB) van een lidstaat waarvan de derogatie is ingetrokken, haar aandeel in het kapitaal van de Europese Centrale Bank (ECB) stort ten belope van hetzelfde percentage als de NCB’s van andere deelnemende lidstaten. De NCB’s van de bestaande deelnemende lidstaten hebben hun inschrijvingen op het kapitaal van de ECB volledig gestort (3). Krachtens artikel 2 van Besluit ECB/2006/21 van 15 december 2006 inzake het procentuele aandeel van de nationale centrale banken in de verdeelsleutel voor de inschrijving op het kapitaal van de Europese Centrale Bank (4), is de weging van Banka Slovenije in de kapitaalverdeelsleutel 0,3194 %. Banka Slovenije heeft al een deel van haar inschrijving op het kapitaal van de ECB gestort krachtens artikel 1 van besluit ECB/2004/10 van 23 april 2004 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de volstorting van het kapitaal van de Europese Centrale Bank door de nationale centrale banken van de niet-deelnemende lidstaten (5). Bijgevolg is het uitstaande bedrag 17 096 556,47 EUR, hetgeen voortvloeit uit vermenigvuldiging van het geplaatste kapitaal van de ECB (5 760 652 402,58 EUR) met de weging in de kapitaalverdeelsleutel van Banka Slovenije (0,3194 %), minus het aandeel van haar inschrijving dat al gestort werd, waarbij rekening wordt gehouden met de uitbreiding van de kapitaalverdeelsleutel van de ECB doordat de Bulgarian National Bank en de Banca Naţională a României deel zijn gaan uitmaken van het ESCB.

(3)

Artikel 49.1 in samenhang met artikel 30.1 van de statuten, bepaalt dat de NCB van een lidstaat waarvan de derogatie is ingetrokken ook externe reserves aan de ECB moet overdragen. Conform artikel 49.1 van de statuten wordt het over te dragen bedrag bepaald door de euro-waarde tegen lopende wisselkoersen van de reeds overeenkomstig artikel 30.1 van de statuten aan de ECB overgedragen externe reserves te vermenigvuldigen met de ratio tussen het aantal aandelen waarop de betrokken NCB heeft ingeschreven en het aantal aandelen dat de NCB’s van de andere deelnemende lidstaten al hebben volgestort. Bij de bepaling van de „externe reserves die al overgedragen zijn aan de ECB in overeenstemming met artikel 30.1”, moet op gepaste wijze rekening worden gehouden met de aanpassing van de kapitaalverdeelsleutel van de ECB op 1 januari 2004 (6) krachtens artikel 49.3 van de statuten, de toename van de kapitaalverdeelsleutel van de ECB op 1 mei 2004 (7) krachtens artikel 49.3 van de statuten, en de toename van de kapitaalverdeelsleutel van de ECB op 1 januari 2007 krachtens artikel 49.3 van de statuten (8). Krachtens besluit ECB/2006/24 van 15 december 2006 betreffende de maatregelen die nodig zijn voor de bijdrage aan het geaccumuleerde eigen vermogen van de Europese Centrale Bank, voor de aanpassing van de vorderingen van de nationale centrale banken ter grootte van de overgedragen externe reserves (9), bedraagt de waarde in euro van externe reserves die al aan de ECB zijn overgedragen krachtens artikel 30.1 van de statuten 41 514 271 945,60 EUR.

(4)

De externe reserves die door Banka Slovenije moeten worden overgedragen, moeten worden uitgedrukt in US dollars en goud.

(5)

Artikel 30.3 van de statuten bepaalt dat de ECB aan elke NCB van een deelnemende lidstaat een vordering toekent ter grootte van de externe reserves die zij aan de ECB heeft overgedragen. De bepalingen betreffende de denominatie en rentevergoeding van de vorderingen die al aan de NCB’s van de bestaande deelnemende lidstaten gecrediteerd werden (10), dienen ook te gelden voor de denominatie en rentevergoeding van de vordering van Banka Slovenije.

(6)

Artikel 49.2 van de statuten bepaalt dat de NCB van een lidstaat wiens derogatie is ingetrokken, moet bijdragen tot de reserves van de ECB, tot de voorzieningen die met reserves zijn gelijkgesteld en tot het bedrag dat nog moet worden toegerekend aan de reserves en voorzieningen overeenkomstig het saldo van de winst-en verliesrekening per 31 december van het jaar voorafgaand aan de intrekking van de derogatie. Het bedrag van deze bijdrage wordt bepaald in overeenstemming met artikel 49.2 van de statuten.

(7)

Overeenkomstig artikel 3.5 van het reglement van orde van de Europese Centrale Bank, is de president van Banka Slovenije uitgenodigd om de vergadering van de Raad van bestuur bij te wonen waarop dit besluit wordt vastgesteld,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Definities

In dit besluit wordt bedoeld met:

„deelnemende lidstaat”: een lidstaat die de euro heeft aangenomen;

„liquiditeiten”: het wettig betaalmiddel van de Verenigde Staten (US dollar);

„goud” troy ounces fijn goud in de vorm van London Good Delivery bars, zoals gespecificeerd door de London Bullion Market Association;

„externe reserves” betekent goud of liquiditeiten.

Artikel 2

Kapitaalstorting

1.   Met ingang van 1 januari 2007 stort Banka Slovenije het resterende deel van haar inschrijving op het kapitaal van de ECB overeenkomend met 17 096 556,47 EUR.

2.   Banka Slovenije betaalt dit bedrag aan de ECB op 2 januari 2007 door middel van een overboeking via het geautomatiseerde trans-europees „real-time” bruto-vereveningssysteem (TARGET).

3.   Op 2 januari 2007 betaalt Banka Slovenije via een aparte TARGET-overboeking de lopende interest over de periode van 1 januari 2007 tot 2 januari 2007 op het bedrag dat ingevolge lid 2 aan de ECB verschuldigd is.

4.   Lopende interest ingevolge lid 3 wordt dagelijks berekend middels de werkelijk aantal dagen/-360-dagtellingsconventie tegen een percentage dat gelijk is aan de marginale rentevoet die het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) voor diens meest recente basis-herfinancieringstransactie heeft gehanteerd.

Artikel 3

Overdracht van externe reserves

1.   Met ingang van 1 januari 2007 en overeenkomstig dit artikel en de regelingen die op grond van dit artikel zijn getroffen, draagt Banka Slovenije aan de ECB een bedrag externe reserves luidende in US dollars en goud ten belope van 191 641 809,33 EUR, en wel als volgt:

Bedrag US-dollars in EUR

Bedrag aan goud in EUR

Totaalbedrag in EUR

162 895 537,93

28 746 271,40

191 641 809,33

2.   De in euro uitgedrukte bedragen aan externe reserves die door Banka Slovenije moeten worden overgedragen op grond van lid 1 worden berekend op basis van de wisselkoers tussen de euro en de US dollar zoals vastgelegd in de dagelijkse schriftelijke overlegprocedure op 29 december 2006 tussen de centrale banken die deelnemen aan deze procedure en in het geval van goud, op basis van de prijs in US dollar per troy ounce fijn goud, vastgesteld bij de London gold fixing op 29 december 2006, 10.30 uur a.m., Londense tijd.

3.   De ECB zal de overeenkomstig lid 2 berekende bedragen zo snel mogelijk aan Banka Slovenije bevestigen.

4.   Banka Slovenije draagt liquiditeiten over aan de ECB op door de ECB aangewezen bankrekeningen. De afwikkelingsdatum voor de liquiditeiten die aan de ECB moeten worden overgedragen, is 2 januari 2007. Op de afwikkelingsdatum geeft Banka Slovenije opdracht tot de overdracht van de liquiditeiten aan de ECB.

5.   Banka Slovenije draagt goud over op de data, naar de rekeningen en op de locaties zoals door de ECB opgegeven.

6.   Een eventueel verschil tussen het totaalbedragen in euro vermeld in lid 1 en het bedrag vermeld in artikel 4, lid 1 wordt verevend overeenkomstig de Overeenkomst van 30 december 2006 tussen de Europese Centrale Bank en Banka Slovenije betreffende de vordering toegekend aan Banka Slovenije door de Europese Centrale Bank krachtens artikel 30.3 van de statuten van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank (11).

Artikel 4

Denominatie, rentevergoeding en vervaldatum van vorderingen ter grootte van de bijdrage van Banka Slovenije

1.   Met ingang van 1 januari 2007 en met inachtneming van de specificaties in artikel 3 betreffende de afwikkelingsdata van de overdracht van externe reserves, crediteert de ECB Banka Slovenije met een in euro luidende vordering gelijk aan het totaalbedrag in euro van de bijdrage van Banka Slovenije aan externe reserves, hetgeen overeenkomt met 183 995 237,74 EUR.

2.   Op de vordering waarmee de ECB Banka Slovenije crediteert, wordt rente vergoed. De lopende interest wordt dagelijks berekend middels de werkelijk aantal dagen/360-dagtellingsconventie tegen een percentage dat gelijk is aan 85 % van de marginale rentevoet die het ESCB voor diens meest recente basis-herfinancieringstransactie heeft gehanteerd.

3.   De rentevergoeding op de vordering vindt aan het einde van ieder boekjaar plaats. De ECB licht Banka Slovenije ieder kwartaal in over het cumulatieve bedrag.

4.   De vordering is niet aflosbaar.

Artikel 5

Bijdrage aan de reserves en de voorzieningen van de ECB

1.   Met ingang van 1 januari 2007 en overeenkomstig lid 5 en 6 en artikel 3, draagt Banka Slovenije bij tot de reserves van de ECB, tot de voorzieningen die met reserves zijn gelijkgesteld, en tot het bedrag dat nog moet worden toegerekend aan de reserves en voorzieningen overeenkomstig het saldo van de winst- en verliesrekening per 31 december 2006.

2.   Het bedrag dat Banka Slovenije moet bijdragen, wordt overeenkomstig artikel 49.2 van de statuten bepaald. De verwijzingen in artikel 49.2 naar „het aantal aandelen waarop de betrokken centrale bank heeft ingeschreven” en „het aantal aandelen dat de andere centrale banken al hebben volgestort” verwijzen naar de weging van Banka Slovenije, respectievelijk de NCB’s van de bestaande deelnemende lidstaten, in de kapitaalverdeelsleutel van de ECB, krachtens besluit ECB/2006/21.

3.   Voor de toepassing van lid 1 omvatten de „reserves van de ECB” en de „voorzieningen die met reserves zijn gelijkgesteld”, onder meer het algemeen reservefonds van de ECB, tegoeden op herwaarderingsrekeningen en voorzieningen voor wisselkoers-, rente- en goudprijsrisico’s.

4.   Ten laatste op de eerste werkdag na de goedkeuring door de Raad van bestuur van de jaarrekening van de ECB voor 2006, berekent de ECB het bedrag dat door Banka Slovenije moet worden bijgedragen krachtens lid 1 en bevestigt dit aan Banka Slovenije.

5.   Op de tweede werkdag na de goedkeuring door de Raad van bestuur van de jaarrekening van de ECB voor 2006 betaalt Banka Slovenije via twee aparte TARGET-overboekingen aan de ECB:

a)

het aan de ECB krachtens lid 4 verschuldigde bedrag; en

b)

de lopende rente over de periode van 1 januari 2007 tot die datum op het aan de ECB krachtens lid 4 verschuldigde bedrag.

6.   Eventuele lopende interest ingevolge lid 5, punt b) wordt dagelijks berekend middels de werkelijk aantal dagen/360-dagtellingsconventie tegen een percentage dat gelijk is aan de marginale rentevoet die het ESCB voor diens meest recente basis-herfinancieringstransactie heeft gehanteerd.

Artikel 6

Slotbepaling

Dit besluit treedt op 1 januari 2007 in werking.

Gedaan te Frankfurt am Main, 30 december 2006.

De President van de ECB

Jean-Claude TRICHET


(1)   PB L 195 van 15.7.2006, blz. 25.

(2)  Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek en de aanpassing van de Verdragen waarop de Europese Unie is gegrond (PB L 236 van 23.9.2003, blz. 33).

(3)  Besluit ECB/2004/6 (PB L 205 van 9.6.2004, blz. 7).

(4)  Zie blz. 1 van dit Publicatieblad.

(5)   PB L 205 van 9.6.2004, blz. 19.

(6)  Besluit ECB/2003/17 (PB L 9 van 15.1.2004, blz. 27).

(7)  Besluit van de ECB/2004/5 (PB L 205 van 9.6.2004, blz. 5).

(8)  Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad.

(9)  Zie blz. 9 van dit Publicatieblad.

(10)  Richtsnoer ECB/2000/15 (PB L 336 van 30.12.2000, blz. 114).

(11)  Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad.