|
ISSN 1725-2598 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
49e jaargang |
|
|
|
II Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing |
|
|
|
|
Raad |
|
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
* |
|
|
|
||
|
|
* |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. Met de voorliggende uitgave is de L-serie van de jaargang 2006 afgesloten. |
I Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/1 |
VERORDENING (EG) Nr. 2027/2006 VAN DE RAAD
van 19 december 2006
betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 37, juncto artikel 300, lid 2 en lid 3, eerste alinea,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Gezien het advies van het Europees Parlement (1),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië hebben onderhandeld over een partnerschapsovereenkomst inzake visserij waarbij aan vissers uit de Gemeenschap vangstmogelijkheden worden toegekend in de wateren waarover de Republiek Kaapverdië de soevereiniteit bezit, en hebben deze overeenkomst geparafeerd. |
|
(2) |
Deze overeenkomst dient te worden goedgekeurd. |
|
(3) |
Er dient te worden bepaald hoe de vangstmogelijkheden over de lidstaten moeten worden verdeeld, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De partnerschapsovereenkomst inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd.
De tekst van de overeenkomst is aan deze verordening gehecht.
Artikel 2
De in het protocol bij de overeenkomst vastgestelde vangstmogelijkheden worden als volgt over de lidstaten verdeeld:
|
Type visserij |
Vaartuigtype |
Lidstaat |
Vergunningen of quota |
|
Tonijnvisserij |
Vaartuigen voor de tonijnvisserij met de drijvende beug |
Spanje |
41 |
|
Portugal |
7 |
||
|
Tonijnvisserij |
Vriesschepen voor de tonijnvisserij met de zegen |
Spanje |
12 |
|
Frankrijk |
13 |
||
|
Tonijnvisserij |
Vaartuigen voor de tonijnvisserij met de hengel |
Spanje |
7 |
|
Frankrijk |
4 |
Indien met de door deze lidstaten ingediende vergunningaanvragen niet alle in het protocol vastgestelde vangstmogelijkheden worden benut, kan de Commissie vergunningaanvragen van andere lidstaten in aanmerking nemen.
Artikel 3
De lidstaten waarvan de vaartuigen op grond van deze overeenkomst vissen, melden de in de Kaapverdische visserijzone gevangen hoeveelheden van elk bestand aan de Commissie op de wijze zoals bepaald bij Verordening (EG) nr. 500/2001 van de Commissie van 14 maart 2001 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EEG) nr. 2847/93 van de Raad wat betreft de controle op de vangsten van de communautaire vissersvaartuigen in de wateren van derde landen en in volle zee (2).
Artikel 4
De voorzitter van de Raad is gemachtigd de personen aan te wijzen die bevoegd zijn de overeenkomst te ondertekenen teneinde de Europese Gemeenschap te binden.
Artikel 5
Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie (3).
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 19 december 2006.
Voor de Raad
De voorzitter
J. KORKEAOJA
(1) Advies uitgebracht op 30 november 2006 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).
(2) PB L 73 van 15.3.2001, blz. 8.
(3) De datum van inwerkingtreding van de overeenkomst zal door het secretariaat-generaal van de Raad bekend worden gemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST
inzake visserij tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië
DE EUROPESE GEMEENSCHAP, hierna „de Gemeenschap” genoemd,
enerzijds, en
de Republiek Kaapverdië, hierna „Kaapverdië” genoemd,
anderzijds,
hierna „de partijen” genoemd,
GELET OP de nauwe samenwerking tussen de Gemeenschap en Kaapverdië, met name in het kader van de overeenkomst van Cotonou, en op de wens van beide partijen deze betrekkingen te intensiveren,
GELET OP de wens van beide partijen om d.m.v. samenwerking een verantwoorde exploitatie van de visbestanden te bevorderen,
REKENING HOUDENDE met de bepalingen van het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties,
ERKENNEND dat Kaapverdië zijn soevereiniteits- of jurisdictierechten uitoefent in de zone die zich vanaf de basislijnen 200 zeemijlen uitstrekt, overeenkomstig het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties,
VASTBESLOTEN om de beslissingen en aanbevelingen uit te voeren van de Internationale Commissie voor de instandhouding van tonijnachtigen in de Atlantische Oceaan, hierna de „ICCAT” genoemd,
ZICH BEWUST van het belang van de beginselen die zijn vastgelegd in de in 1995 tijdens de conferentie van de FAO goedgekeurde Gedragscode voor een verantwoorde visserij,
VASTBESLOTEN om in hun beider belang samen te werken aan de invoering van een verantwoorde visserij ter waarborging van de instandhouding en de duurzame exploitatie van de mariene biologische rijkdommen op de lange termijn,
ERVAN OVERTUIGD DAT deze samenwerking de vorm moet aannemen van al dan niet gezamenlijke initiatieven en maatregelen die elkaar aanvullen, met het beleid in overeenstemming zijn en op een synergetische manier worden uitgevoerd,
VASTBESLOTEN daartoe een dialoog op gang te brengen over het door de regering van Kaapverdië goedgekeurde visserijbeleid en passende middelen te kiezen om ervoor te zorgen dat dit beleid doeltreffend wordt uitgevoerd en dat de economische actoren en het maatschappelijk middenveld bij dit proces worden betrokken,
VERLANGENDE voorwaarden en voorschriften vast te stellen voor de visserijactiviteiten van vaartuigen van de Gemeenschap in de wateren van Kaapverdië, en voor de steun van de Gemeenschap voor een verantwoorde visserij in die wateren,
VASTBERADEN te streven naar een nog nauwere economische samenwerking op visserijgebied en in de daarvan afhankelijke sectoren door de totstandbrenging en ontwikkeling van joint ventures met ondernemingen van beide partijen,
ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:
Artikel 1
Voorwerp
Bij deze overeenkomst worden de beginselen, regels en procedures vastgesteld inzake:
|
— |
de economische, financiële, technische en wetenschappelijke samenwerking op het gebied van de visserij, die tot doel heeft om, ter waarborging van de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden, een verantwoorde visserij in de Kaapverdische wateren te bevorderen, en de Kaapverdische visserijsector te ontwikkelen; |
|
— |
de voorwaarden voor de toegang van de vaartuigen van de Gemeenschap tot de wateren van Kaapverdië; |
|
— |
de samenwerking bij het toezicht op de visserij in de wateren van Kaapverdië, die tot doel heeft de bovengenoemde voorschriften te handhaven, de doeltreffendheid van de maatregelen op het gebied van instandhouding en beheer van de visbestanden te garanderen en illegale, niet-aangegeven en niet-gereglementeerde visvangst te bestrijden; |
|
— |
de partnerschappen tussen bedrijven met het oog op de wederzijds bevorderlijke ontwikkeling van de economische activiteiten in de visserijsector en van daarmee verband houdende activiteiten. |
Artikel 2
Definities
Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt verstaan onder:
|
a) |
„autoriteiten van Kaapverdië”, de regering van Kaapverdië; |
|
b) |
„communautaire autoriteiten”, de Europese Commissie; |
|
c) |
„wateren van Kaapverdië”, de wateren die, wat de visserij betreft, onder de soevereiniteit of de jurisdictie van Kaapverdië vallen; |
|
d) |
„vissersvaartuig”: elk vaartuig dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische rijkdommen; |
|
e) |
„vaartuig van de Gemeenschap”: een vissersvaartuig dat de vlag van een lidstaat van de Gemeenschap voert en in de Gemeenschap is geregistreerd; |
|
f) |
„joint venture”, een commerciële vennootschap die in Kaapverdië is opgericht door nationale reders of ondernemingen van de partijen voor de uitoefening van activiteiten in de visserijsector of daarmee verband houdende activiteiten; |
|
g) |
„gemengde commissie”: een commissie van vertegenwoordigers van de Gemeenschap en Kaapverdië, waarvan de taken zijn beschreven in artikel 9 van deze overeenkomst; |
|
h) |
„overlading”: het overladen van de gedeeltelijke of volledige vangst van een vissersvaartuig op een ander vissersvaartuig, hetzij op zee of in de haven; |
|
i) |
„reder”: elke persoon die juridisch verantwoordelijk is voor het vissersvaartuig, de werking ervan controleert en de leiding erover heeft; |
|
j) |
„ACS-zeelieden”, elke zeeman uit een niet-Europees land dat de Overeenkomst van Cotonou heeft ondertekend. In die zin is een Kaapverdische zeeman een ACS-zeeman. |
Artikel 3
Beginselen en doelstellingen voor de uitvoering van deze overeenkomst
1. De partijen verbinden zich ertoe een verantwoorde visserij in de wateren van Kaapverdië te bevorderen volgens de Gedragscode voor een verantwoorde visserij van de FAO en zonder onderscheid te maken tussen de verschillende vloten die in de visserijzone actief zijn.
2. De partijen werken samen bij de follow-up van de resultaten van het sectorale visserijbeleid van de regering van Kaapverdië en gaan een dialoog aan over de noodzakelijke beleidshervormingen. Zij overleggen met elkaar om eventuele maatregelen op dit gebied vast te stellen.
3. De partijen evalueren ook samen de maatregelen, programma's en acties die op grond van deze overeenkomst worden uitgevoerd. De resultaten van de evaluaties worden in de in artikel 9 van de overeenkomst bedoelde gemengde commissie geanalyseerd.
4. De partijen verbinden zich ertoe deze overeenkomst uit te voeren volgens de beginselen van goed economisch en sociaal bestuur, met inachtneming van de toestand van de visbestanden.
5. Als Kaapverdische en/of ACS-zeelieden op vaartuigen van de Gemeenschap worden aangemonsterd, geldt de verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) over de fundamentele beginselen en rechten op het werk, die van rechtswege van toepassing is op de overeenkomstige contracten en algemene arbeidsvoorwaarden. Het gaat daarbij met name om de vrijheid van vereniging, de effectieve erkenning van het recht op collectieve onderhandeling van werknemers en de bestrijding van discriminatie op het gebied van werk en beroep.
Artikel 4
Wetenschappelijke samenwerking
1. Tijdens de duur van de overeenkomst werken de Gemeenschap en Kaapverdië samen om de ontwikkeling van de visbestanden in de Kaapverdische visserijzone te volgen.
2. Op basis van de aanbevelingen en resoluties van de Internationale Commissie voor de instandhouding van tonijnachtigen in de Atlantische Oceaan (ICCAT) en het beste beschikbare wetenschappelijke advies plegen de partijen overleg in het kader van de in artikel 9 bedoelde gemengde commissie of, indien nodig, in een wetenschappelijke vergadering. Kaapverdië kan in overleg met de Gemeenschap maatregelen nemen voor een duurzaam beheer van de visbestanden.
3. De partijen verbinden zich ertoe om, hetzij rechtstreeks, hetzij in het kader van bevoegde internationale organisaties, het beheer en de instandhouding van de biologische rijkdommen in de Atlantische Oceaan te coördineren en het wetenschappelijk onderzoek terzake te vergemakkelijken.
Artikel 5
Toegang van vissersvaartuigen van de Gemeenschap tot de wateren van Kaapverdië
1. Kaapverdië verbindt zich ertoe vaartuigen van de Gemeenschap in zijn visserijzone te laten vissen overeenkomstig de bepalingen van deze overeenkomst en van het aan de overeenkomst gehechte protocol en de bijlage.
2. De visserijactiviteiten waarop deze overeenkomst betrekking heeft, moeten worden uitgevoerd overeenkomstig de in Kaapverdië geldende wetten en voorschriften. De Kaapverdische autoriteiten stellen de Gemeenschap in kennis van elke wijziging in voornoemde wetgeving alsmede van elke andere wetgeving die van invloed kan zijn op de visserijwetgeving.
3. Kaapverdië is verantwoordelijk voor de doeltreffende toepassing van de in het protocol opgenomen bepalingen inzake visserijtoezicht. De vaartuigen van de Gemeenschap werken samen met de voor de uitvoering van dit toezicht bevoegde Kaapverdische autoriteiten.
4. De Gemeenschap verbindt zich ertoe al het nodige te doen om ervoor te zorgen dat haar vaartuigen de bepalingen van deze overeenkomst en de wetgeving inzake de uitoefening van de visserij in de wateren onder de jurisdictie van Kaapverdië in acht nemen.
Artikel 6
Vergunningen
1. De vaartuigen van de Gemeenschap mogen slechts visserijactiviteiten in de Kaapverdische visserijzone uitoefenen indien zij daarvoor een visserijvergunning op grond van deze overeenkomst hebben gekregen.
2. De procedure voor het verkrijgen van een visserijvergunning voor een vaartuig, de prijzen en de wijze van betaling door de reder zijn vermeld in de bijlage bij het protocol.
Artikel 7
Financiële tegenprestatie
1. De Gemeenschap betaalt Kaapverdië een financiële tegenprestatie overeenkomstig de in het protocol en de bijlage vastgestelde voorwaarden en regelingen. Deze financiële tegenprestatie wordt berekend op basis van twee gegevens, namelijk:
|
a) |
de toegang van de vaartuigen van de Gemeenschap tot de visserij in de wateren van Kaapverdië, en |
|
b) |
de financiële steun die de Gemeenschap verleent voor de bevordering van een verantwoorde visserij en een duurzame exploitatie van de visbestanden in de wateren van Kaapverdië. |
2. Het in lid 1 hierboven bedoelde gedeelte van de financiële tegenprestatie wordt berekend en beheerd op basis van doelstellingen die de twee partijen in onderlinge overeenstemming en overeenkomstig het protocol voor het sectoraal visserijbeleid van Kaapverdië vaststellen en op basis van de desbetreffende jaarlijkse en meerjarige programmering van de uitvoering.
3. De financiële tegenprestatie van de Gemeenschap wordt ieder jaar betaald overeenkomstig de bepalingen van het protocol en onverminderd de bepalingen van deze overeenkomst en van het protocol inzake eventuele wijzigingen van het bedrag van de tegenprestatie op grond van:
|
a) |
abnormale omstandigheden, met uitzondering van natuurverschijnselen, die de visserij in de wateren van Kaapverdië onmogelijk maken; |
|
b) |
een verlaging van de vangstmogelijkheden voor vaartuigen van de Gemeenschap die in onderlinge overeenstemming ten behoeve van het beheer van de desbetreffende bestanden door beide partijen wordt vastgesteld en die op basis van het beste beschikbare wetenschappelijke advies nodig wordt geacht voor de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden; |
|
c) |
een verhoging van de vangstmogelijkheden voor vaartuigen van de Gemeenschap die in onderlinge overeenstemming door beide partijen wordt vastgesteld voor zover dit gezien de toestand van de desbetreffende bestanden volgens het beste beschikbare wetenschappelijke advies mogelijk is; |
|
d) |
een herziening van de voorwaarden voor communautaire financiële steun voor de tenuitvoerlegging van een sectoraal visserijbeleid voor Kaapverdië, voor zover dit gerechtvaardigd is op grond van de door beide partijen vastgestelde resultaten van de jaarlijkse en meerjarige programmering; |
|
e) |
de beëindiging van deze overeenkomst krachtens artikel 12; |
|
f) |
de opschorting van de toepassing van deze overeenkomst overeenkomstig artikel 13. |
Artikel 8
Bevordering van de samenwerking tussen de economische actoren en het maatschappelijk middenveld
1. De partijen bevorderen economische, technische en wetenschappelijke samenwerking in de visserijsector en verwante sectoren. Zij plegen onderling overleg ter coördinatie van de verschillende maatregelen die hiertoe kunnen worden genomen.
2. De partijen bevorderen de uitwisseling van informatie over visserijtechnieken, vistuig, conserveringsmethoden en procédés voor de industriële verwerking van visserijproducten.
3. De partijen spannen zich in om gunstige voorwaarden voor de technische, economische en commerciële betrekkingen tussen de bedrijven van de partijen te creëren via een voor ondernemingen en investeerders gunstig klimaat.
4. De twee partijen verbinden zich ertoe een actieplan tussen de Kaapverdische en communautaire actoren uit te voeren om de vaartuigen van de Gemeenschap meer vis te laten aanvoeren in de lokale havens.
5. De partijen stimuleren met name de oprichting van gemengde vennootschappen van gemeenschappelijk belang zonder afbreuk te doen aan de geldende wetgeving in Kaapverdië en de Gemeenschap.
Artikel 9
Gemengde commissie
1. Er wordt een gemengde commissie opgericht die wordt belast met het toezicht op de toepassing van de overeenkomst. De gemengde commissie zal:
|
a) |
toezicht uitoefenen op de uitvoering, interpretatie en toepassing van de overeenkomst en met name op de vaststelling en beoordeling van de uitvoering van de in artikel 7, lid 2, bedoelde jaarlijkse en meerjarige programmering; |
|
b) |
optreden als contactorgaan voor vraagstukken van gemeenschappelijk belang op visserijgebied; |
|
c) |
fungeren als forum voor de minnelijke schikking van geschillen over de interpretatie of toepassing van de overeenkomst; |
|
d) |
indien nodig de vangstmogelijkheden en bijgevolg ook de financiële tegenprestatie herzien; |
|
e) |
andere taken vervullen indien beide partijen daartoe in onderlinge overeenstemming besluiten. |
2. De gemengde commissie komt minstens éénmaal per jaar bijeen, afwisselend op Kaapverdië en in de Gemeenschap, en wordt voorgezeten door de partij die de vergadering organiseert. Op verzoek van één van beide partijen kan zij een buitengewone vergadering beleggen.
Artikel 10
Geografisch toepassingsgebied
Deze overeenkomst is enerzijds van toepassing op de gebieden waarop het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van toepassing is, en anderzijds op het grondgebied van Kaapverdië.
Artikel 11
Looptijd
Deze overeenkomst is geldig voor een periode van 5 jaar vanaf de datum van inwerkingtreding; zij kan met perioden van telkens 5 jaar worden verlengd, tenzij zij overeenkomstig artikel 12 wordt beëindigd.
Artikel 12
Opzegging
1. Deze overeenkomst kan door elke partij wegens abnormale gebeurtenissen worden opgezegd, bijvoorbeeld wanneer de toestand van de desbetreffende visbestanden verslechtert, wanneer wordt geconstateerd dat de aan vaartuigen van de Gemeenschap toegestane vangstmogelijkheden slechts in beperkte mate worden benut of wanneer de door de partijen aangegane verbintenissen tot het bestrijden van illegale, niet-aangegeven en niet-gereglementeerde visvangst niet worden nagekomen.
2. De betrokken partij stelt de andere partij ten minste zes maanden voor het einde van de eerste periode of van iedere volgende periode schriftelijk in kennis van haar voornemen om de overeenkomst op te zeggen.
3. Na de in het vorige lid bedoelde kennisgeving treden beide partijen in onderhandeling.
4. Voor het jaar waarin de opzegging in werking treedt, wordt de in artikel 7 bedoelde financiële tegenprestatie evenredig en pro rata temporis verlaagd.
Artikel 13
Opschorting
1. De toepassing van deze overeenkomst kan op initiatief van een partij worden opgeschort wanneer tussen de partijen een ernstige onenigheid bestaat over de toepassing van de bepalingen van de overeenkomst. De toepassing kan pas worden opgeschort indien de betrokken partij haar voornemen hiertoe schriftelijk en ten minste drie maanden vóór de datum van inwerkingtreding van de opschorting meldt. Na ontvangst van deze kennisgeving plegen de partijen overleg met het oog op de minnelijke schikking van hun geschil.
2. Naar gelang van de duur van de opschorting wordt de in artikel 7 bedoelde financiële tegenprestatie evenredig en pro rata temporis verlaagd.
Artikel 14
Protocol en bijlage
Het protocol en de bijlage vormen een integrerend deel van deze overeenkomst.
Artikel 15
Geldend nationaal recht
Op de activiteiten van de vissersvaartuigen van de Gemeenschap die in de wateren van Kaapverdië actief zijn, is het Kaapverdische recht van toepassing, behalve indien dat anders is bepaald in de overeenkomst of in dit protocol en de daarbij horende bijlage en aanhangsels.
Artikel 16
Intrekking
De op 24 juli 1990 in werking getreden Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië wordt hierbij ingetrokken en door de onderhavige overeenkomst vervangen.
Artikel 17
Inwerkingtreding
Deze overeenkomst, opgesteld in twee exemplaren in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek, treedt in werking op de dag waarop de partijen elkaar ervan in kennis stellen dat de daartoe vereiste procedures zijn afgewikkeld.
PROTOCOL
tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie, als bedoeld in de partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië, voor de periode van 1 september 2006 tot en met 31 augustus 2011
Artikel 1
Geldigheidsduur en vangstmogelijkheden
1. Op grond van artikel 5 van de overeenkomst worden de volgende vangstmogelijkheden toegekend, vanaf 1.9.2006 en voor een periode van 5 jaar:
sterk migrerende soorten (soorten opgenomen in bijlage 1 van het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties van 1982)
|
— |
vriesschepen voor de tonijnvisserij met de zegen: 25 vaartuigen, |
|
— |
tonijnvisserij met de hengel: 11 vaartuigen, |
|
— |
vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug: 48 vaartuigen. |
2. Lid 1 is van toepassing onverminderd de artikelen 4 en 5 van dit protocol.
3. Vaartuigen die de vlag van een lidstaat van de Europese Gemeenschap voeren, mogen slechts visserijactiviteiten beoefenen in de visserijzone van Kaapverdië indien daarvoor een vergunning is verleend in het kader van dit protocol en overeenkomstig de bepalingen in de bijlage bij dit protocol.
Artikel 2
Financiële tegenprestatie — Betalingswijze
1. De in artikel 7 van de overeenkomst bedoelde financiële tegenprestatie bestaat enerzijds, voor de in artikel 1 bedoelde periode, uit een jaarlijks bedrag van 325 000 euro, gelijk aan een referentiehoeveelheid van 5 000 ton per jaar, en anderzijds uit een specifiek bedrag van 60 000 euro per jaar voor de ondersteuning en tenuitvoerlegging van initiatieven in het kader van het sectoraal visserijbeleid van Kaapverdië. Dit specifieke bedrag maakt integrerend deel uit van de in artikel 7 van de overeenkomst gedefinieerde financiële tegenprestatie.
2. Lid 1 is van toepassing onverminderd de artikelen 4, 5 en 7 van dit protocol.
3. De in lid 1 bedoelde bedragen, samen 385 000 euro, worden, zolang dit protocol van toepassing is, elk jaar door de Gemeenschap betaald.
4. Indien de vaartuigen van de Gemeenschap in de wateren van Kaapverdië in totaal meer dan 5 000 ton per jaar vangen, wordt het bedrag van 325 000 van de jaarlijkse financiële tegenprestatie met 65 euro per extra gevangen ton verhoogd. De Gemeenschap mag jaarlijks evenwel niet meer betalen dan het dubbele van het in lid 1 vermelde bedrag (650 000 euro). Indien de vaartuigen van de Gemeenschap meer vangen dan de met het dubbele van het jaarlijkse totaalbedrag overeenstemmende hoeveelheid, wordt het voor de extra hoeveelheid verschuldigde bedrag het volgende jaar betaald.
5. De in lid 1 bedoelde financiële tegenprestatie wordt voor het eerste jaar uiterlijk op 30 november 2006 betaald en voor de volgende jaren uiterlijk op 30 juni 2007, 2008, 2009 en 2010.
6. Onverminderd artikel 6 valt de beslissing over de bestemming van de tegenprestatie onder de exclusieve bevoegdheid van de autoriteiten van Kaapverdië.
7. De financiële tegenprestatie wordt overgemaakt op een rekening van het ministerie van Financiën bij een door de autoriteiten van Kaapverdië aangewezen financiële instelling.
Artikel 3
Samenwerking met het oog op verantwoorde visserij — Wetenschappelijke vergadering
1. De twee partijen verbinden zich ertoe een verantwoorde visserij in de wateren van Kaapverdië te bevorderen volgens de Gedragscode voor een verantwoorde visserij van de FAO en zonder onderscheid te maken tussen de verschillende vloten die in de visserijzone actief zijn.
2. Tijdens de duur van dit protocol werken de Gemeenschap en de Kaapverdische autoriteiten samen om de ontwikkeling van de visbestanden in de Kaapverdische visserijzone te volgen.
3. Overeenkomstig artikel 4 van de overeenkomst plegen de partijen op basis van de aanbevelingen en resoluties van de Internationale Commissie voor de instandhouding van tonijnachtigen (ICCAT) en het beste beschikbare wetenschappelijke advies overleg in het kader van de in artikel 9 bedoelde gemengde commissie en, indien nodig, na een wetenschappelijke vergadering. Kaapverdië kan in overleg met de Gemeenschap maatregelen nemen voor een duurzaam beheer van de door de vaartuigen van de Gemeenschap beviste bestanden.
Artikel 4
Herziening van de vangstmogelijkheden in onderlinge overeenstemming
1. De in artikel 1 bedoelde vangstmogelijkheden kunnen in onderlinge overeenstemming worden verhoogd, indien uit de conclusies van de in artikel 3, lid 3, bedoelde wetenschappelijke vergadering blijkt dat een dergelijke verhoging het duurzame beheer van de Kaapverdische visbestanden niet schaadt. De in artikel 2, lid 1, bedoelde financiële tegenprestatie wordt dan evenredig en pro rata temporis verhoogd. Het totaalbedrag van de door de Europese Gemeenschap betaalde financiële tegenprestatie mag evenwel niet meer bedragen dan tweemaal het in artikel 2, lid 1, genoemde bedrag. Indien de vaartuigen van de Gemeenschap meer vangen dan de met het dubbele van het aangepaste jaarlijkse totaalbedrag overeenstemmende hoeveelheid, wordt het voor de extra hoeveelheid verschuldigde bedrag het volgende jaar betaald.
2. Wanneer de partijen daarentegen overeenstemming bereiken over de vaststelling van maatregelen ter verlaging van de in artikel 1 bedoelde vangstmogelijkheden, wordt de financiële bijdrage evenredig en pro rata temporis verlaagd.
3. De verdeling van de vangstmogelijkheden tussen verschillende categorieën vaartuigen kan eveneens worden aangepast, mits de twee partijen daartoe samen besluiten en eventuele aanbevelingen van de in artikel 3 bedoelde wetenschappelijke vergadering over het beheer van de desbetreffende visbestanden in acht worden genomen. De partijen spreken af de financiële tegenprestatie verhoudingsgewijze aan te passen, indien de herverdeling van de vangstmogelijkheden dat rechtvaardigt.
Artikel 5
Nieuwe vangstmogelijkheden
1. Indien vaartuigen van de Gemeenschap belangstelling hebben voor visserijactiviteiten die niet worden vermeld in artikel 1, plegen de partijen onderling overleg vóór de autoriteiten van Kaapverdië beslissen de vergunning al dan niet te verlenen. Zo nodig spreken de partijen voorwaarden voor de nieuwe vangstmogelijkheden af en passen zij dit protocol en de bijlage ervan aan.
2. De partijen stimuleren de experimentele visserij, met name op diepzeesoorten in de wateren van Kaapverdië. Met het oog hierop en op verzoek van een van de partijen plegen zij overleg en bepalen per geval de soorten, de voorwaarden en andere relevante parameters.
De partijen doen aan experimentele visserij volgens de parameters die door de twee partijen eventueel in een bestuursrechtelijke bepaling zijn vastgesteld. De vergunningen voor experimentele visserij mogen hoogstens zes maanden geldig zijn.
Indien de partijen concluderen dat de experimentele visserij positieve resultaten heeft opgeleverd, kan de regering van Kaapverdië tot het einde van de looptijd van dit protocol vangstmogelijkheden voor de nieuwe soorten aan de communautaire vloot toekennen. De in artikel 2, lid 1, bedoelde financiële tegenprestatie moet in dit geval worden verhoogd.
Artikel 6
Opschorting en herziening van de betaling van de financiële tegenprestatie bij overmacht
1. Indien ernstige omstandigheden, met uitzondering van natuurverschijnselen, de visserij in de exclusieve economische zone (EEZ) van Kaapverdië onmogelijk maken, kan de betaling van de in artikel 2, lid 1, vermelde financiële tegenprestatie door de Europese Gemeenschap worden opgeschort, na overleg tussen beide partijen binnen twee maanden volgend op het verzoek van een van beide partijen, en op voorwaarde dat de Europese Gemeenschap op het moment van de opschorting alle verschuldigde bedragen heeft betaald.
2. De betaling van de financiële tegenprestatie wordt hervat zodra de partijen na overleg in onderlinge overeenstemming constateren dat de oorzaken voor de stopzetting van de visserij verdwenen zijn en/of dat er weer kan worden gevist.
3. De geldigheidsduur van de op grond van artikel 6 van de overeenkomst aan de vaartuigen van de Gemeenschap verleende vergunningen wordt verlengd voor een periode gelijk aan de duur van de schorsing van de visserijactiviteiten.
Artikel 7
Bevordering van een verantwoorde visserij in de wateren van Kaapverdië
1. Tachtig procent (80 %) van het in artikel 2, lid 1, vastgestelde totaalbedrag van de financiële tegenprestatie is jaarlijks bestemd voor initiatieven ter bevordering van een duurzame en verantwoorde visserij in het kader van het sectorale visserijbeleid van de Kaapverdische regering.
Kaapverdië beheert het bedrag op basis van door de twee partijen overeengekomen doelstellingen en de desbetreffende jaarlijkse en meerjaarlijkse programmering.
2. Met het oog op de tenuitvoerlegging van lid 1 hierboven stellen de Gemeenschap en Kaapverdië in de in artikel 9 van de overeenkomst bedoelde gemengde commissie uiterlijk drie maanden na de datum van inwerkingtreding van dit protocol een meerjarig sectoraal programma en de daarbij horende uitvoeringsbepalingen vast met:
|
a) |
jaarlijkse en meerjarige richtsnoeren voor het gebruik van het in lid 1 genoemde deel van de financiële tegenprestatie en van de specifieke bedragen voor initiatieven in 2007; |
|
b) |
jaarlijkse en meerjarige doelstellingen die verwezenlijkt moeten worden om een duurzame en verantwoorde visserij op termijn te bevorderen, waarbij rekening wordt gehouden met de prioriteiten van het Kaapverdische visserijbeleid en van andere beleidsgebieden die een duurzame en verantwoorde visserij bevorderen of kunnen beïnvloeden; |
|
c) |
de criteria en de procedures voor de jaarlijkse beoordeling van de resultaten. |
3. Voorstellen tot wijziging van het meerjarige sectorale programma of van het gebruik van de specifieke bedragen voor de initiatieven in 2007, moeten in de gemengde commissie door de twee partijen worden goedgekeurd.
4. Elk jaar beslist Kaapverdië over de toewijzing van het deel dat overeenstemt met het in lid 1 bedoelde percentage, aan de tenuitvoerlegging van het meerjarige programma. Voor het eerste jaar van het protocol moet deze toewijzing aan de Gemeenschap worden medegedeeld wanneer het meerjarige sectorale programma in de gemengde commissie wordt goedgekeurd. Voor elk daaropvolgend jaar meldt Kaapverdië de toewijzing uiterlijk op 1 mei van het jaar daarvoor aan de Gemeenschap.
5. Wanneer de jaarlijkse beoordeling van de resultaten van het meerjarige sectorale programma dat rechtvaardigt, kan de Europese Gemeenschap een aanpassing van de in artikel 2, lid 1, van het protocol bedoelde financiële tegenprestatie vragen om het daadwerkelijk aan het programma toegewezen bedrag aan die resultaten aan te passen.
Artikel 8
Geschillen — Opschorting van de toepassing van het protocol
1. De partijen moeten in de in artikel 9 van de overeenkomst bedoelde gemengde commissie, zo nodig in een bijzondere zitting ervan, overleg plegen over eventuele onderlinge geschillen inzake de interpretatie en de toepassing van de in dit protocol vastgestelde bepalingen.
2. Onverminderd artikel 9 kan de toepassing van het protocol op initiatief van een partij worden opgeschort, wanneer het geschil tussen de twee partijen als ernstig wordt beschouwd en het overeenkomstig lid 1 in de gemengde commissie gevoerde overleg niet is uitgemond in een minnelijke schikking.
3. De toepassing van het protocol kan pas worden opgeschort, indien de betrokken partij haar voornemen hiertoe schriftelijk en ten minste drie maanden vóór de datum van inwerkingtreding van de opschorting meldt.
4. Bij opschorting blijven de partijen in onderling overleg streven naar een minnelijke schikking van het geschil. Wanneer zij hierin slagen, wordt de toepassing van het protocol hervat en wordt het bedrag van de financiële tegenprestatie evenredig en pro rata temporis verlaagd, afhankelijk van de duur van de periode waarin de toepassing van het protocol is opgeschort.
Artikel 9
Opschorting van de toepassing van het protocol bij niet-betaling
Onverminderd artikel 6 kan, wanneer de Gemeenschap de in artikel 2 bedoelde betalingen niet verricht, de toepassing van dit protocol als volgt worden opgeschort:
|
a) |
de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië stellen de Europese Commissie in kennis van het feit dat de betaling niet heeft plaatsgevonden. De Commissie verricht de nodige controles en gaat zo nodig binnen 60 werkdagen, te rekenen vanaf de datum van ontvangst van de kennisgeving, over tot betaling; |
|
b) |
indien binnen de in artikel 2, lid 5, gestelde termijn het verschuldigde bedrag niet is betaald of indien niet is gemotiveerd waarom dat niet is gebeurd, hebben de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië het recht om de toepassing van het protocol op te schorten. Zij stellen de Europese Commissie daarvan onverwijld in kennis; |
|
c) |
de toepassing van het protocol wordt hervat zodra het desbetreffende bedrag is betaald. |
Artikel 10
Geldend nationaal recht
Op de activiteiten van de vissersvaartuigen van de Gemeenschap die op grond van dit protocol in de wateren van Kaapverdië actief zijn, is het Kaapverdische recht van toepassing, behalve indien dat anders is bepaald in de overeenkomst of in dit protocol en de daarbij horende bijlage en aanhangsels.
Artikel 11
Herzieningsclausule
De partijen kunnen de bepalingen van het protocol en de daarbij horende bijlage en aanhangsels opnieuw bezien en eventueel halverwege de looptijd wijzigen.
Artikel 12
Intrekking
De bijlage bij de overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië wordt ingetrokken en vervangen door de bijlage bij dit protocol.
Artikel 13
Inwerkingtreding
1. Het protocol en de bijlage erbij treden in werking op de datum waarop de partijen de voltooiing van de in dit verband te volgen procedures melden.
2. Zij zijn van toepassing met ingang van 1 september 2006.
BIJLAGE
VOORWAARDEN VOOR DE UITOEFENING VAN DE VISSERIJ IN DE VISSERIJZONE VAN KAAPVERDIË DOOR VAARTUIGEN VAN DE GEMEENSCHAP
HOOFDSTUK I
FORMALITEITEN VOOR HET AANVRAGEN EN HET AFGEVEN VAN DE VERGUNNINGEN
Afdeling 1
Afgifte van de vergunningen
|
1. |
Alleen vaartuigen die aan bepaalde voorwaarden voldoen, kunnen een vergunning krijgen om in de wateren van Kaapverdië te vissen in het kader van het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie als bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië, voor de periode van 1 september 2006 tot en met 31 augustus 2011. |
|
2. |
Een schip komt alleen voor een vergunning in aanmerking als het de reder, de kapitein of het vaartuig niet verboden is in de wateren van Kaapverdië aan visserij te doen. Zij moeten voldoen aan de bestuursrechtelijke bepalingen van Kaapverdië, in die zin dat zij in het verleden bij hun visserijactiviteiten in de wateren van Kaapverdië alle verplichtingen in het kader van de met de Gemeenschap gesloten visserijovereenkomsten zijn nagekomen. |
|
3. |
Vaartuigen uit de Gemeenschap waarvoor een visserijvergunning wordt aangevraagd, moeten worden vertegenwoordigd door een op Kaapverdië verblijvende gemachtigde agent. De naam en het adres van deze vertegenwoordiger worden in de vergunningsaanvraag vermeld. Vaartuigen uit de Gemeenschap waarvoor een visserijvergunning wordt aangevraagd en die in een haven van Kaapverdië vangsten willen overladen of aanvoeren, moeten worden vertegenwoordigd door een op Kaapverdië verblijvende gemachtigde agent. |
|
4. |
De bevoegde autoriteiten van de Gemeenschap dienen ten minste 15 dagen vóór het begin van de aangevraagde geldigheidsduur bij het ministerie van Visserij van Kaapverdië een aanvraag in voor elk vaartuig dat op grond van de overeenkomst wil vissen. |
|
5. |
Voor het indienen van de aanvragen bij het ministerie van Visserij wordt gebruik gemaakt van het formulier in aanhangsel I. |
|
6. |
Elke vergunningsaanvraag gaat vergezeld van de volgende documenten:
|
|
7. |
Het bedrag van de visrechten wordt overgemaakt op de door de autoriteiten van Kaapverdië opgegeven rekening overeenkomstig artikel 2, lid 6, van het protocol. |
|
8. |
De rechten omvatten alle nationale en lokale belastingen. Havengeld, rechten voor overlading en kosten voor dienstverlening zijn echter niet in deze rechten inbegrepen. |
|
9. |
De vergunningen worden binnen vijftien dagen na de datum van ontvangst van de in punt 6 bedoelde documenten door het ministerie van Visserij van Kaapverdië via de delegatie van de Commissie van de Europese Gemeenschappen in Kaapverdië aan de reders of hun vertegenwoordigers afgegeven. |
|
10. |
Mochten de kantoren van de delegatie van de Europese Commissie gesloten zijn wanneer de vergunning moet worden ondertekend, kan de vergunning direct naar de gemachtigde agent van het vaartuig worden gestuurd; een kopie ervan wordt dan aan de delegatie toegezonden. |
|
11. |
De vergunning wordt afgegeven op naam van een bepaald vaartuig en is niet overdraagbaar. |
|
12. |
Wanneer wordt geconstateerd dat er sprake is van overmacht, kan de vergunning van een vaartuig op verzoek van de Europese Gemeenschap worden vervangen door een nieuwe vergunning op naam van een ander vaartuig van dezelfde categorie als het te vervangen vaartuig, zonder dat hiervoor nieuwe visrechten moeten worden betaald. In dit geval worden de totale vangsten van beide vaartuigen in aanmerking genomen voor het bepalen van de eventueel door de Gemeenschap te verrichten aanvullende betalingen. |
|
13. |
De reder van het te vervangen vaartuig of diens vertegenwoordiger zendt de geannuleerde vergunning via de delegatie van de Europese Commissie terug aan het ministerie van Visserij van Kaapverdië. |
|
14. |
De nieuwe vergunning gaat in op de datum waarop de reder de geannuleerde vergunning terugbezorgt aan het ministerie van Visserij van Kaapverdië. De delegatie van de Europese Commissie in Kaapverdië wordt van de vergunningsoverdracht in kennis gesteld. |
|
15. |
De vergunning moet permanent aan boord worden bewaard. Vanaf de ontvangst van de kennisgeving van de Europese Commissie aan de autoriteiten van Kaapverdië dat het voorschot is betaald, wordt het vaartuig evenwel opgenomen op een lijst van visgerechtigde vaartuigen die aan de met de visserijcontrole belaste autoriteiten van Kaapverdië wordt medegedeeld. Per fax kan een kopie van de desbetreffende vergunning worden toegestuurd in afwachting van de ontvangst van de eigenlijke vergunning; deze kopie wordt aan boord bewaard. |
Afdeling 2
Vergunningsvoorwaarden — visrechten en voorschotten
|
1. |
De vergunningen zijn een jaar geldig. Zij kunnen worden vernieuwd. |
|
2. |
De rechten bedragen 35 EUR per ton vis die door vaartuigen voor de tonijnvisserij met de zegen en vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug in de visserijzone van Kaapverdië wordt gevangen en 25 EUR per ton vis die door vaartuigen voor de tonijnvisserij met de hengel in die wateren wordt gevangen. |
|
3. |
De vergunningen worden afgegeven na betaling van de volgende forfaitaire bedragen aan de bevoegde nationale autoriteiten:
|
|
4. |
De definitieve afrekening van de rechten die voor een bepaald visseizoen verschuldigd zijn, wordt uiterlijk op 31 juli van het volgende jaar door de Europese Commissie opgemaakt aan de hand van de door de reders opgestelde vangstaangiften die zijn bevestigd door de voor de verificatie van de vangstgegevens bevoegde wetenschappelijke instellingen van de lidstaten, zoals het Institut de Recherche pour le Développement (IRD), het Instituto Español de Oceanografia (IEO) en het Instituto de Investigação das Pescas e do Mar (IPIMAR) en het Instituto Nacional de Desenvolvimento das Pescas van Kaapverdië (INDP), via de delegatie van de Europese Commissie. |
|
5. |
Deze afrekening wordt tegelijkertijd aan het ministerie van Visserij van Kaapverdië en aan de reders ter controle en goedkeuring toegezonden. De autoriteiten van Kaapverdië kunnen aan de hand van goed gemotiveerde argumenten bezwaar aantekenen tegen de afrekening tot 30 dagen na de datum van verzending. Indien geen overeenstemming wordt bereikt wordt de kwestie aan de gemengde commissie voorgelegd. Indien binnen de termijn van 30 dagen geen bezwaren worden geformuleerd, wordt de afrekening geacht te zijn aanvaard. |
|
6. |
Eventuele aanvullende betalingen worden uiterlijk op 30 september van het volgende jaar door de reders ten gunste van de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië overgemaakt op de in punt 7 van afdeling 1 van dit hoofdstuk bedoelde rekening. |
|
7. |
Als het bedrag van de afrekening kleiner is dan het in punt 3 van deze afdeling bedoelde voorschot, wordt het verschil echter niet aan de reder terugbetaald. |
HOOFDSTUK II
VISSERIJZONES
|
1. |
De vaartuigen van de Gemeenschap mogen hun visserijactiviteiten uitoefenen in de onderstaande zones:
|
HOOFDSTUK III
REGELING INZAKE DE VANGSTAANGIFTEN
|
1. |
Met het oog op de toepassing van deze bijlage wordt onder de duur van een visreis van een vaartuig van de Gemeenschap het volgende verstaan:
|
|
2. |
Alle vaartuigen die op grond van de overeenkomst in de wateren van Kaapverdië mogen vissen moeten aangifte doen van hun vangsten aan het ministerie van Visserij van Kaapverdië zodat deze autoriteiten de gevangen hoeveelheden kunnen controleren die door de bevoegde wetenschappelijke instellingen worden gevalideerd overeenkomstig de procedure als bedoeld in hoofdstuk I, afdeling 2, punt 4 van deze bijlage. De vangsten worden als volgt aangegeven:
|
|
3. |
Wanneer de bepalingen van dit hoofdstuk niet worden nageleefd, behoudt de regering van Kaapverdië zich het recht voor om de vergunning van het desbetreffende vaartuig op te schorten totdat de formaliteit is vervuld en om ten aanzien van de reder van het vaartuig de sanctie toe te passen waarin door de Kaapverdische regelgeving is voorzien. De vlaglidstaat en de Europese Commissie worden hiervan in kennis gesteld. |
HOOFDSTUK IV
AANVOER
De twee partijen werken samen om de aanvoer- en overladingsmogelijkheden in de Kaapverdische havens te verbeteren.
1. Aanvoer:
|
|
De vaartuigen van de Gemeenschap voor de tonijnvisserij die vrijwillig hun vangsten in een Kaapverdische haven aanvoeren, hebben op het bedrag dat vermeld wordt in afdeling 2, punt 2 van hoofdstuk I recht op een korting van 5 EUR per in de Kaapverdische wateren gevangen ton vis. |
|
|
Een extra korting van 5 EUR wordt verleend bij de verkoop van de visserijproducten in een visverwerkingsfabriek van Kaapverdië. |
|
|
Dit mechanisme is voor elk vaartuig van de Gemeenschap van toepassing tot een bedrag van 50 % van de eindafrekening van de vangsten (zoals omschreven in hoofdstuk III van de bijlage) vanaf het eerste jaar van dit protocol. |
2. De wijze waarop de controle van de aangevoerde of overladen tonnen vis moet worden uitgevoerd, wordt tijdens de eerste bijeenkomst van de gemengde commissie vastgesteld.
3. Evaluatie:
Het niveau van de financiële prikkels en het maximale percentage van de eindafrekening van de vangsten worden in de gemengde commissie aangepast op grond van het sociaal-economische effect van de aanvoer in het desbetreffende jaar.
HOOFDSTUK V
AANMONSTERING VAN ZEELIEDEN
|
1. |
De reders van vaartuigen voor de tonijnvisserij en vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug verbinden zich ertoe onderdanen van ACS-landen, waaronder Kaapverdië, in dienst te nemen onder de hierna vastgestelde voorwaarden en binnen de volgende grenzen:
|
|
2. |
De reders spannen zich in om bovenop dit aantal nog Kaapverdische zeelieden in dienst te nemen. |
|
3. |
De reders kiezen vrij de op hun vaartuigen aan te monsteren zeelieden aan de hand van door de bevoegde autoriteiten van de ACS-landen, waaronder Kaapverdië, overgelegde lijsten. |
|
4. |
Wat de tijdelijke aanstelling van Kaapverdische onderdanen betreft, overeenkomstig punt 1 van dit artikel, geeft de reder of diens vertegenwoordiger aan de bevoegde autoriteit van Kaapverdië de namen op van de op het desbetreffende vaartuig aangemonsterde lokale zeelieden, met vermelding van hun inschrijving op de bemanningslijst. |
|
5. |
De verklaring van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) over de fundamentele beginselen en rechten op het werk is van rechtswege van toepassing op zeelieden die zijn aangemonsterd op vissersvaartuigen van de Gemeenschap. Het gaat daarbij met name om de vrijheid van vereniging, de effectieve erkenning van het recht op collectieve onderhandeling van werknemers en de bestrijding van discriminatie op het gebied van werk en beroep. |
|
6. |
De arbeidsovereenkomsten van de overeenkomstig punt 1 van dit artikel aangemonsterde Kaapverdische zeelieden, waarvan de ondertekenende partijen een kopie ontvangen, worden gesloten tussen de vertegenwoordiger(s) van de reders en de zeelieden en/of hun vakverenigingen of vertegenwoordigers, in samenwerking met de bevoegde autoriteit van Kaapverdië. Die overeenkomsten garanderen de zeelieden de aansluiting bij de socialezekerheidsregeling die op hen van toepassing is, met inbegrip van een overlijdens-, ziekte- en ongevallenverzekering. |
|
7. |
Het loon van de zeelieden komt ten laste van de reder. Het wordt vóór de afgifte van de vergunningen in onderling overleg vastgesteld tussen de reders of hun vertegenwoordigers en de autoriteiten van het desbetreffende ACS-land. De bezoldigingsvoorwaarden van de lokale zeelieden mogen evenwel niet ongunstiger zijn dan die welke worden toegepast voor Kaapverdische bemanningen, en mogen in geen geval ongunstiger zijn dan de IAO-normen. |
|
8. |
De op de vaartuigen van de Gemeenschap aangemonsterde zeelieden moeten zich daags vóór de afgesproken datum van aanmonstering melden bij de kapitein van het aangewezen vaartuig. Indien de zeeman zich niet op de voor de aanmonstering vastgestelde datum en tijd meldt, wordt de reder automatisch ontheven van zijn plicht die zeeman aan te monsteren. |
|
9. |
Als om andere dan de in het vorige punt genoemde redenen geen zeelieden uit de ACS-landen worden aangemonsterd, moeten de reders van de vaartuigen van de Gemeenschap voor elke dag van de visreis in de wateren van het desbetreffende ACS-land een bedrag van 20 EUR betalen. Dit bedrag wordt betaald binnen de in hoofdstuk I, afdeling 2, punt 6, van deze bijlage bedoelde termijn. |
|
10. |
Het bedrag wordt gebruikt voor de opleiding van lokale vissers en wordt overgemaakt op de door de autoriteiten van het desbetreffende ACS-land opgegeven rekening. |
HOOFDSTUK VI
TECHNISCHE MAATREGELEN
De vaartuigen van de Gemeenschap moeten de maatregelen en aanbevelingen van de ICCAT voor de regio met betrekking tot het vistuig en de technische specificaties daarvan in acht nemen evenals alle andere, voor hun visserijactiviteiten geldende technische maatregelen.
HOOFDSTUK VII
WAARNEMERS
1. De vaartuigen die op grond van de overeenkomst een vergunning hebben om in de Kaapverdische visserijzones te vissen, nemen overeenkomstig de onderstaande voorwaarden waarnemers aan boord die door de bevoegde regionale visserijorganisatie (RVO) zijn aangewezen.
1.1. Op verzoek van de RVO wordt op vaartuigen van de Gemeenschap een door deze organisatie aangewezen waarnemer aan boord genomen om de in de wateren van Kaapverdië behaalde vangsten te controleren.
1.2. De lijst van schepen die zijn aangewezen om een waarnemer aan boord te nemen en de lijst van waarnemers die zijn aangewezen om aan boord te gaan, worden door de bevoegde RVO vastgesteld. Deze lijsten worden bijgewerkt. Zij worden meteen na de opstelling ervan en vervolgens, rekening houdend met de eventuele bijwerking ervan, om de drie maanden aan de Europese Commissie bezorgd.
1.3. Bij de afgifte van de vergunning of uiterlijk 15 dagen vóór de datum waarop de waarnemer aan boord moet gaan, deelt de bevoegde RVO aan de betrokken reder of diens vertegenwoordiger de naam van de waarnemer mee die is aangewezen om aan boord te gaan van het desbetreffende vaartuig.
2. De waarnemer blijft gedurende één visreis aan boord. Op expliciet verzoek van de bevoegde RVO kan de periode aan boord, naar gelang van de verwachte gemiddelde duur van de visreizen voor een bepaald vaartuig, evenwel tot meerdere visreizen worden uitgebreid. Een dergelijk verzoek wordt door de bevoegde RVO gedaan bij de opgave van de naam van de waarnemer die is aangewezen om aan boord van het desbetreffende vaartuig te gaan.
3. De voorwaarden voor het aan boord nemen van de waarnemer worden door de reder of diens vertegenwoordiger en de bevoegde RVO in onderlinge overeenstemming vastgesteld.
4. De waarnemer gaat aan boord in een door de reder gekozen haven aan het begin van de eerste visreis in de Kaapverdische viswateren na de bekendmaking van de lijst van aangewezen vaartuigen.
5. De betrokken reders krijgen twee weken de tijd om de data en de havens in de subregio te melden die voor het aan boord nemen van de waarnemers zijn vastgesteld, met dien verstande dat deze melding ten minste tien dagen vóór de waarnemers aan boord gaan, plaatsvindt.
6. Indien de waarnemer in een land buiten de subregio aan boord gaat, zijn de reiskosten van de waarnemer voor rekening van de reder. Als een vaartuig dat een regionale waarnemer aan boord heeft de regionale visserijzone verlaat, wordt alles in het werk gesteld om ervoor te zorgen dat de waarnemer zo spoedig mogelijk op kosten van de reder naar zijn land kan terugkeren.
7. Indien de waarnemer zich binnen twaalf uur na het afgesproken tijdstip nog niet op de afgesproken plaats heeft gemeld, is de reder automatisch ontheven van de verplichting hem aan boord te nemen.
8. De waarnemer wordt aan boord als een officier behandeld. Hij verricht de volgende taken:
|
8.1. |
hij observeert de visserijactiviteiten van de vaartuigen; |
|
8.2. |
hij controleert de positie van de vaartuigen die bij visserijactiviteiten betrokken zijn; |
|
8.3. |
hij verricht bemonsteringsactiviteiten voor biologische doeleinden in het kader van wetenschappelijke programma's; |
|
8.4. |
hij noteert welk vistuig wordt gebruikt; |
|
8.5. |
hij controleert de in het logboek opgenomen gegevens over de vangsten die in de Kaapverdische wateren zijn gedaan; |
|
8.6. |
hij verifieert de percentages van de bijvangsten en maakt een schatting van de hoeveelheid teruggegooide verhandelbare vis; |
|
8.7. |
hij deelt per fax, radio of e-mail een keer per week als het vaartuig zich in de Kaapverdische wateren bevindt, de visserijgegevens mede, waaronder de aan boord aanwezige hoeveelheden hoofd- en bijvangst. |
9. De kapitein neemt binnen de grenzen van zijn bevoegdheid de nodige maatregelen om de fysieke en morele veiligheid van de waarnemer bij de uitoefening van zijn taken te garanderen.
10. De waarnemer krijgt alle faciliteiten die nodig zijn voor de uitoefening van zijn taken. De kapitein laat de waarnemer de communicatiemiddelen gebruiken die deze voor zijn werk nodig heeft, stelt hem de documenten ter beschikking die direct met de visserijactiviteit van het vaartuig verband houden, met inbegrip van het logboek en het navigatieboek, en verleent hem toegang tot de delen van het vaartuig waar hij voor de uitoefening van zijn taak moet zijn.
11. Hierbij:
|
11.1. |
zorgt de waarnemer ervoor dat zijn inscheping en zijn verblijf aan boord de visserijactiviteiten niet onderbreken of hinderen, |
|
11.2. |
laat de waarnemer de goederen en uitrusting aan boord ongemoeid, en eerbiedigt hij het vertrouwelijke karakter van alle documenten van het desbetreffende vaartuig. |
12. Aan het einde van de waarnemingsperiode stelt hij, vóór hij van boord gaat, een verslag van zijn activiteiten op dat aan de bevoegde RVO wordt overgelegd en waarvan een kopie aan de kapitein van het vaartuig wordt bezorgd.
13. De reder moet, op zijn kosten en volgens de mogelijkheden van het vaartuig, zorgen voor kost en logies van de waarnemers, die op dit punt als officieren worden behandeld.
14. Het loon en de sociale premies voor de waarnemer zijn voor rekening van de bevoegde RVO.
15. De twee partijen gaan zo snel mogelijk met de belanghebbende derde landen aan tafel zitten om een systeem van regionale waarnemers vast te stellen en de bevoegde regionale visserijorganisatie te kiezen. Zolang er nog geen systeem van regionale waarnemers ontwikkeld is, nemen de vaartuigen die op grond van de overeenkomst een vergunning hebben om in de Kaapverdische visserijzones te vissen, in plaats van regionale waarnemers, waarnemers aan boord die door de bevoegde Kaapverdische autoriteiten zijn aangewezen, overeenkomstig de hierboven uiteengezette regels.
HOOFDSTUK VIII
CONTROLE
1. De Europese Gemeenschap houdt een lijst bij van vaartuigen waarvoor een visvergunning is afgegeven overeenkomstig de bepalingen van dit protocol. Deze lijst wordt meteen na de vaststelling ervan en vervolgens na elke bijwerking ervan medegedeeld aan de voor de visserijcontrole bevoegde autoriteiten van Kaapverdië.
2. Binnenvaren en verlaten van de zone:
|
2.1. |
De vaartuigen van de Gemeenschap die voornemens zijn de wateren van Kaapverdië binnen te varen of te verlaten, delen dit ten minste drie uur van tevoren mee aan de voor de visserijcontrole bevoegde autoriteiten van Kaapverdië. Zij delen eveneens de gevangen hoeveelheden en soorten aan boord mee. |
|
2.2. |
Wanneer het vaartuig zijn voornemen om de wateren te verlaten mededeelt, geeft het tegelijkertijd zijn positie door. Deze mededelingen worden bij voorkeur per fax doorgestuurd; vaartuigen die daarmee niet zijn uitgerust, mogen hun gegevens via de radio en per e-mail mededelen. |
|
2.3. |
Vaartuigen die hun aanwezigheid niet bij de bevoegde autoriteit van Kaapverdië hebben gemeld en toch op de uitoefening van visserijactiviteiten worden betrapt, worden beschouwd als vaartuigen die in overtreding zijn. |
|
2.4. |
De fax- en telefoonnummers en het e-mailadres worden eveneens medegedeeld bij het afgeven van de visvergunning. |
3. Controleprocedures
|
3.1. |
De kapiteins van de vaartuigen van de Gemeenschap die in de Kaapverdische visserijwateren vissen, moeten iedere met de inspectie en controle van de visserijactiviteiten belaste Kaapverdische ambtenaar het aan boord gaan toestaan en vergemakkelijken en hem bijstaan bij het vervullen van zijn taken. |
|
3.2. |
Deze ambtenaren mogen niet langer aan boord blijven dan voor het uitvoeren van hun taken nodig is. |
|
3.3. |
Na elke inspectie en controle wordt aan de kapitein van het vaartuig een attest afgegeven. |
4. Satellietcontrole
|
4.1 |
Alle op grond van deze overeenkomst visgerechtigde vaartuigen van de Gemeenschap worden overeenkomstig de bepalingen die in het eerste jaar van het protocol worden goedgekeurd, via satelliet gevolgd. Die bepalingen treden in werking op de tiende dag nadat de autoriteiten van Kaapverdië aan de delegatie van de Europese Commissie in Kaapverdië hebben gemeld dat het met de satellietcontrole belaste orgaan met zijn activiteiten is begonnen. |
5. Aanhouding
|
5.1. |
Wanneer een vaartuig van de Gemeenschap in de wateren van Kaapverdië wordt aangehouden of een sanctie op een dergelijk vaartuig wordt toegepast, stellen de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië de Europese Commissie en de vlagstaat binnen uiterlijk 24 uur schriftelijk daarvan in kennis. |
|
5.2. |
De vlagstaat en de Europese Commissie ontvangen tegelijkertijd een beknopt verslag over de omstandigheden van en de redenen voor de aanhouding. |
6. Proces-verbaal van de aanhouding
|
6.1. |
De kapitein van het vaartuig moet het proces-verbaal waarin de geconstateerde feiten door de bevoegde autoriteit van Kaapverdië zijn opgetekend, ondertekenen. |
|
6.2. |
Deze ondertekening heeft geen consequenties ten aanzien van de rechten en de middelen die de kapitein te zijner verdediging kan doen gelden met betrekking tot de overtreding die hem ten laste wordt gelegd. |
|
6.3. |
De kapitein moet zijn vaartuig naar de door de autoriteiten van Kaapverdië opgegeven haven brengen. Bij een lichte overtreding kan de bevoegde autoriteit van Kaapverdië het aangehouden vaartuig toestaan zijn visserijactiviteiten voort te zetten. |
7. Overlegvergadering bij aanhouding
|
7.1. |
Voordat ten aanzien van de kapitein, de bemanning van het vaartuig, de lading of de uitrusting van het vaartuig maatregelen in overweging worden genomen — tenzij het maatregelen betreft om bewijsmateriaal over de vermoedelijke overtreding veilig te stellen — wordt één werkdag na ontvangst van de hierboven bedoelde gegevens een overlegvergadering gehouden tussen de Europese Commissie en de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië, eventueel in aanwezigheid van een vertegenwoordiger van de betrokken lidstaat. |
|
7.2. |
Tijdens dit overleg verstrekken de partijen elkaar alle documenten of inlichtingen die de omstandigheden van de geconstateerde feiten kunnen helpen ophelderen. De reder of zijn vertegenwoordiger wordt in kennis gesteld van de uitkomst van dit overleg en van alle maatregelen die naar aanleiding van de aanhouding kunnen worden getroffen. |
8. Afwikkeling van de aanhouding
|
8.1. |
Voor een gerechtelijke procedure wordt ingeleid, wordt ernaar gestreefd de vermoedelijke overtreding via een minnelijke schikking af te handelen. Deze procedure moet uiterlijk binnen drie dagen na de aanhouding zijn afgewikkeld. |
|
8.2. |
Bij een minnelijke schikking wordt het bedrag van de boete vastgesteld overeenkomstig de Kaapverdische regelgeving. |
|
8.3. |
Als de zaak niet via een minnelijke schikking kan worden afgehandeld en door een bevoegde rechterlijke instantie in behandeling moet worden genomen, stelt de reder bij een door de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië opgegeven bank een bankgarantie die wordt vastgesteld met inachtneming van de met de aanhouding gepaard gaande kosten, de boete en de vergoedingen die moeten worden betaald door degenen die de overtreding hebben veroorzaakt. |
|
8.4. |
De bankgarantie wordt niet vrijgegeven voordat de gerechtelijke procedure is afgesloten. De bankgarantie wordt vrijgegeven indien de procedure niet tot een veroordeling heeft geleid. Als bij veroordeling de boete kleiner is dan de gestelde bankgarantie, wordt het saldo na de uitspraak door de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië vrijgegeven. |
|
8.5. |
Het vaartuig wordt vrijgegeven en de bemanning kan de haven verlaten:
|
9. Overlading
|
9.1. |
Vaartuigen van de Gemeenschap die hun vangsten in de wateren van Kaapverdië willen overladen, doen dat in een Kaapverdische haven. |
|
9.2. |
De reders van die vaartuigen stellen de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië ten minste 2 werkdagen van tevoren in kennis van:
|
|
9.3. |
Overladen wordt beschouwd als het uitvaren van de Kaapverdische visserijzone. De vaartuigen moeten derhalve de vangstaangiften bij de bevoegde autoriteiten van Kaapverdië indienen en deze autoriteiten op de hoogte brengen van hun voornemen de visserij voort te zetten of de wateren van Kaapverdië te verlaten. |
|
9.4. |
Overladen op andere dan de hierboven beschreven wijze is niet toegestaan in de visserijzone van Kaapverdië. Overtredingen worden bestraft met de sancties waarin de geldende Kaapverdische regelgeving voorziet. |
10. De kapiteins van de vaartuigen van de Gemeenschap die hun vangst in een Kaapverdische haven aanlanden of overladen, moeten de controle op deze activiteiten door Kaapverdische inspecteurs toestaan en vergemakkelijken. Na elke inspectie en controle in de haven wordt aan de kapitein van het vaartuig een attest afgegeven.
Aanhangsels
1.
Formulier voor het aanvragen van een vergunning
2.
ICCAT-logboek
3.
Coördinaten van de visserijzone van Kaapverdië (door de Kaapverdische autoriteiten te verstrekken vóór de inwerkingtreding van de overeenkomst en het VMS-protocol).
Aanhangsel 1
Ministerie van visserij
Aanvraag voor een vergunning voor buitenlandse vaartuigen die de industriële visserij beoefenen:
|
1. |
Naam van de reder: |
|
2. |
Adres van de reder: |
|
3. |
Naam van de vertegenwoordiger of plaatselijke zaakgelastigde van de reder: |
|
4. |
Adres van de vertegenwoordiger of plaatselijke zaakgelastigde van de reder: |
|
5. |
Naam van de kapitein: |
|
6. |
Naam van het vaartuig: |
|
7. |
Registratienummer: |
|
8. |
Datum en plaats van constructie: |
|
9. |
Vlagstaat: |
|
10. |
Haven van registratie: |
|
11. |
Uitrustingshaven: |
|
12. |
Lengte (over alles): |
|
13. |
Breedte: |
|
14. |
Brutotonnage: |
|
15. |
Nettotonnage: |
|
16. |
Inhoud van het scheepsruim: |
|
17. |
Koel- en vriescapaciteit: |
|
18. |
Motortype en -vermogen: |
|
19. |
Vistuig: |
|
20. |
Aantal zeelieden: |
|
21. |
Communicatiesysteem: |
|
22. |
Roepnaam: |
|
23. |
Herkenningstekens: |
|
24. |
Uit te voeren visserijactiviteiten: |
|
25. |
Plaats van aanvoer van de vangsten: |
|
26. |
Visserijzones: |
|
27. |
Soorten waarop zal worden gevist: |
|
28. |
Geldigheidsduur: |
|
29. |
Speciale voorwaarden: |
|
30. |
Andere activiteiten van de gegadigde in Kaapverdië: |
Advies van het directoraat-generaal voor de visserij:
Opmerkingen van het ministerie van Visserij, Landbouw en Plattelandsontwikkeling:
Aanhangsel 3
Protocol (VMS)
tot vaststelling van de bepalingen voor het volgen per satelliet van de vissersvaartuigen van de Gemeenschap die in de EEZ van Kaapverdië vissen.
|
1. |
De bepalingen van dit protocol zijn een aanvulling op het protocol tot vaststelling van de vangstmogelijkheden en de financiële tegenprestatie als bedoeld in de Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kaapverdië inzake de visserij voor de kust van Kaapverdië, voor de periode van 1 september 2006 tot en met 31 augustus 2011, en zijn van toepassing overeenkomstig punt 4.1 van „hoofdstuk VII — Controle” van de bijlage ervan. |
|
2. |
Alle vissersvaartuigen met een totale lengte van meer dan 15 m die visserijactiviteiten uitvoeren in het kader van de visserijovereenkomst EG/Kaapverdië worden per satelliet gevolgd wanneer ze zich in de Kaapverdische EEZ bevinden.
|
|
3. |
De partijen zullen gegevens uitwisselen inzake de X.25-adressen en de parameters voor de elektronische communicatie tussen hun controlecentra, volgens de voorwaarden van de punten 5 en 7. Deze gegevens omvatten, voorzover mogelijk, de namen, telefoon-, telex- en faxnummers en de elektronische adressen (IP of X.400) die kunnen worden gebruikt voor de algemene communicatie tussen de controlecentra. |
|
4. |
De positie van de vaartuigen wordt bepaald met een foutenmarge van minder dan 500 m en een betrouwbaarheidsinterval van 99 %. |
|
5. |
Wanneer een op grond van de overeenkomst vissend vaartuig dat overeenkomstig de geldende Gemeenschapswetgeving via satelliet wordt gevolgd, de Kaapverdische EEZ binnenvaart, meldt het controlecentrum van de vlagstaat de positie ervan met een interval van maximaal 3 uur aan het Centrum voor visserijtoezicht van Kaapverdië (VCC) (identificatie van het vaartuig, breedtegraad, lengtegraad, vaarrichting en -snelheid). De berichten worden geïdentificeerd met de vermelding „Positierapport”. |
|
6. |
De in punt 5 bedoelde berichten worden langs elektronische weg in X.25-formaat of volgens een ander beveiligd protocol verstuurd. De transmissie gebeurt in real time en in het formaat dat in tabel II wordt gedefinieerd. |
|
7. |
Indien de aan boord van een vissersvaartuig aanwezige satellietapparatuur voor permanente positiebepaling onklaar is, meldt de kapitein van het vaartuig te gelegener tijd de in punt 5 bedoelde informatie aan het controlecentrum van de vlagstaat en aan het VCC van Kaapverdië. In dat geval moet om de 9 uur een algemeen positierapport worden verzonden. Dit algemene positierapport omvat de positierapporten die om de 3 uur door de kapitein van het vaartuig zijn geregistreerd en moet voldoen aan de in punt 5 gestelde voorwaarden.
Het controlecentrum van de vlagstaat verzendt deze berichten naar het Kaapverdische VCC. Onklare apparatuur wordt gerepareerd of vervangen binnen maximaal 1 maand. Wanneer die termijn verstreken is moet het desbetreffende vaartuig de Kaapverdische EEZ verlaten. |
|
8. |
De controlecentra van de vlagstaten controleren de bewegingen van hun vaartuigen in de wateren van Kaapverdië. Indien de vaartuigen niet volgens de vastgestelde voorwaarden kunnen worden gevolgd, wordt het Kaapverdische VCC daarvan onmiddellijk in kennis gesteld en wordt de procedure van punt 7 van toepassing. |
|
9. |
Indien het Kaapverdische VCC vaststelt dat de vlagstaat de in punt 5 bedoelde informatie niet verstrekt, worden de bevoegde diensten van de Europese Commissie daarvan onmiddellijk in kennis gesteld. |
|
10. |
De overeenkomstig deze bepalingen aan de andere partij gemelde gegevens dienen uitsluitend om de autoriteiten van Kaapverdië in staat te stellen de op grond van de visserijovereenkomst EG/Kaapverdië visgerechtigde vaartuigen van de Gemeenschap te controleren en te bewaken. |
|
11. |
De componenten van de software en van de apparatuur van het satellietvolgsysteem moeten betrouwbaar zijn; het moet onmogelijk zijn de posities te vervalsen en manueel te bewerken.
Het systeem moet volledig automatisch en permanent operationeel zijn en mag niet worden beïnvloed door milieu- en klimaatfactoren. Het is verboden het satellietvolgsysteem te vernielen, te beschadigen, buiten werking te stellen of te beïnvloeden. De kapiteins van de vaartuigen zien er op toe dat:
|
|
12. |
De partijen komen overeen elkaar op verzoek de gegevens betreffende de gebruikte satellietvolgapparatuur mede te delen, om na te gaan of alle apparatuur compatibel is met de in het kader van deze bepalingen aan de partijen gestelde eisen. |
|
13. |
De partijen plegen met elkaar overleg over mogelijke geschillen met betrekking tot de uitlegging of de toepassing van deze bepalingen. Dit overleg vindt plaats in de gemengde commissie die is ingesteld bij artikel 9 van de overeenkomst. |
|
14. |
De partijen komen overeen deze bepalingen indien nodig te herzien. |
MELDING VAN DE VMS-GEGEVENS AAN KAAPVERDIË
POSITIERAPPORT
|
Gegeven |
Code |
Verplicht/facultatief |
Opmerkingen |
|
Header |
SR |
V |
Systeeminformatie — geeft het begin van de record aan |
|
Adressaten |
AD |
V |
Berichtinformatie — geadresseerde. ISO-alfa-3-landcode |
|
Afzender |
FR |
V |
Berichtinformatie — verzender. ISO-alfa-3-landcode |
|
Vlagstaat |
FS |
F |
|
|
Berichttype |
TM |
V |
Berichtinformatie — berichttype „POS” |
|
Radioroepnaam |
RC |
V |
Vaartuiginformatie — internationale radioroepnaam van het vaartuig |
|
Intern referentienummer van de overeenkomstsluitende partij |
IR |
F |
Vaartuiginformatie — uniek volgnummer van de overeenkomstsluitende partij (ISO3-code van de vlagstaat, gevolgd door een nummer) |
|
Extern registratienummer |
XR |
V |
Vaartuiginformatie — kenteken aangebracht op de romp van het vaartuig |
|
Breedtegraad |
LA |
V |
Positie-informatie — positie in graden en minuten N/Z GGMM (WGS-84) |
|
Lengtegraad |
LO |
V |
Positie-informatie — positie in graden en minuten O/W GGGMM (WGS-84) |
|
Vaarrichting |
CO |
V |
Vaarrichting van het vaartuig, op een schaal van 360° |
|
Vaarsnelheid |
SP |
V |
Vaarsnelheid van het vaartuig, in tientallen knopen |
|
Datum |
DA |
V |
Positie-informatie — datum van registratie van de positie in UTC (JJJJMMDD) |
|
Tijd |
TI |
V |
Positie-informatie — tijdstip van registratie van de positie in UTC (UUMM) |
|
Tailer |
ER |
V |
Systeeminformatie — geeft het einde van de record aan |
Tekenset: ISO 8859.1
De structuur van de gegevenstransmissie is als volgt:
|
— |
een dubbele schuine streep (//) en een code geven het begin van de transmissie aan, |
|
— |
een enkele schuine streep (/) fungeert als separator tussen code en data. |
De facultatieve gegevens moeten worden opgenomen tussen de header en de tailer.
GRENZEN VAN DE KAAPVERDISCHE EEZ
COÖRDINATEN VAN DE EEZ
GEGEVENS VAN HET KAAPVERDISCHE VCC
Naam van het VCC:
Tel. VMS:
Fax VMS:
E-mail VMS:
Tel. DSPCM:
Fax DSPCM:
Adres X25 =
Meldingen van het binnenvaren/uitvaren:
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/26 |
VERORDENING (EG) Nr. 2028/2006 VAN DE COMMISSIE
van 18 december 2006
tot wijziging van Verordening (EG) nr. 600/2005 wat betreft de vergunning voor het gebruik van het tot de groep „micro-organismen” behorende preparaat van Bacillus licheniformis DSM 5749 en Bacillus subtilis DSM 5750 als toevoegingsmiddel in diervoeding
(Voor de EER relevante tekst)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name op artikel 9, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De toelating van toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de toelatingsgronden en -procedure, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003. |
|
(2) |
Voor het tot de groep „micro-organismen” behorende preparaat van Bacillus licheniformis DSM 5749 en Bacillus subtilis DSM 5750 is overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG van de Commisie (2) een vergunning zonder tijdsbeperking voor gebruik als toevoegingsmiddel in diervoeding verleend voor zeugen bij Verordening (EG) nr. 1453/2004 van de Commissie (3), voor mestkalkoenen en kalveren tot drie maanden bij Verordening (EG) nr. 600/2005 van de Commissie (4) en voor mestvarkens en biggen bij Verordening (EG) nr. 2148/2004 van de Commissie (5). Vervolgens is het toevoegingsmiddel overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 als bestaand product opgenomen in het communautair repertorium van toevoegingsmiddelen voor diervoeding. |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 is een aanvraag om wijziging van de vergunning voor dat preparaat ingediend om het ook te kunnen gebruiken in diervoeders voor mestkalkoenen die het toegestane coccidiostaticum maduramicine-ammonium bevatten. De krachtens artikel 7, lid 3, van die verordening vereiste gegevens en bescheiden zijn bij de aanvraag verstrekt. |
|
(4) |
De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar advies van 12 juli 2006 geconcludeerd dat de compatibiliteit van het toevoegingsmiddelpreparaat van Bacillus licheniformis DSM 5749 en Bacillus subtilis DSM 5750 met maduramicine-ammonium vastgesteld was. De EFSA heeft ook het rapport over de analysemethode voor het toevoegingsmiddel geverifieerd dat door het bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 ingestelde communautaire referentielaboratorium was ingediend. |
|
(5) |
Uit de beoordeling van het preparaat blijkt dat aan de voorwaarden van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 is voldaan. |
|
(6) |
Verordening (EG) nr. 600/2005 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(7) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage III bij Verordening (EG) nr. 600/2005 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 18 december 2006.
Voor de Commissie
Markos KYPRIANOU
Lid van de Commissie
(1) PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 378/2005 van de Commissie (PB L 59 van 5.3.2005, blz. 8).
(2) PB L 270 van 14.12.1970, blz. 1. Richtlijn ingetrokken bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 (PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29).
(3) PB L 269 van 17.8.2004, blz. 3.
BIJLAGE
In bijlage III bij Verordening (EG) nr. 600/2005 worden de gegevens voor E 1700: Bacillus licheniformis DSM 5749 en Bacillus subtilis DSM 5750 voor de diersoort mestkalkoenen vervangen door:
|
EG-nr. |
Toevoegingsmiddel |
Chemische formule, beschrijving |
Diersoort of -categorie |
Maximum leeftijd |
Minimum |
Maximum |
Andere bepalingen |
Einde van de vergunningsperiode |
||
|
CFU/kg volledig diervoeder |
||||||||||
|
Micro-organismen |
||||||||||
|
„E 1700 |
Bacillus licheniformis DSM 5749 en Bacillus subtilis DSM 5750 (in een 1/1-verhouding) |
Mengsel van Bacillus licheniformis en Bacillus subtilis met minimaal 3,2 × 109 CFU/g toevoegingsmiddel (1,6 × 109 van elke bacterie) |
Mestkalkoenen |
— |
1,28 × 109 |
1,28 × 109 |
In de gebruiksaanwijzing voor het toevoegingsmiddel en het voormengsel de opslagtemperatuur, de houdbaarheid en de stabiliteit bij verwerking tot pellets vermelden. Mag worden gebruikt in mengvoeders die de volgende toegestane coccidiostatica bevatten:
|
Geen tijdslimiet aangegeven” |
||
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/29 |
VERORDENING (EG) Nr. 2029/2006 VAN DE COMMISSIE
van 22 december 2006
tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1538/91 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1906/90 van de Raad tot vaststelling van handelsnormen voor vlees van pluimvee in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag betreffende de toetreding van Bulgarije en Roemenië, en met name op artikel 4, lid 3,
Gelet op de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor Bulgarije en Roemenië, en met name op artikel 56,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Aan Verordening (EEG) nr. 1538/91 van de Commissie (1) dienen enkele technische wijzigingen te worden aangebracht in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie. |
|
(2) |
In artikel 14bis, lid 7, van Verordening (EEG) nr. 1538/91 en de bijlagen I, II en III bij die verordening zijn bepaalde vermeldingen vastgesteld in alle talen van de Gemeenschap in haar samenstelling op 31 december 2006. Ook de vermeldingen in het Bulgaars en het Roemeens moeten daarin worden opgenomen. |
|
(3) |
In bijlage VIII bij Verordening (EEG) nr. 1538/91 is de lijst vastgesteld van de nationale referentielaboratoria die belast zijn met de controle op het watergehalte van pluimvee. Daarin moeten ook de nationale referentielaboratoria van Bulgarije en Roemenië worden opgenomen. |
|
(4) |
Verordening (EEG) nr. 1538/91 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verordening (EEG) nr. 1538/91 wordt gewijzigd als volgt:
|
1) |
In artikel 14bis, lid 7, eerste alinea, worden de vermeldingen in alle talen van de Gemeenschap vervangen door:
|
|
2) |
De bijlagen I, II en III worden vervangen door de tekst in bijlage I bij de onderhavige verordening. |
|
3) |
Bijlage VIII wordt vervangen door de tekst in bijlage II bij de onderhavige verordening. |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking onder voorbehoud van en op de datum van de inwerkingtreding van het Verdrag betreffende de toetreding van Bulgarije en Roemenië.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 22 december 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 143 van 7.6.1991, blz. 11. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening 433/2006 (PB L 79 van 16.3.2006, blz. 16).
BIJLAGE I
„BIJLAGE I
ARTIKEL 1, LID 1 — BENAMINGEN VOOR HELE DIEREN
|
|
bg |
es |
cs |
da |
de |
et |
el |
en |
fr |
it |
lv |
|
1. |
Пиле, бройлер |
Pollo (de carne) |
Kuře, brojler |
Kylling, slagtekylling |
Hähnchen Masthuhn |
Tibud, broiler |
Κοτόπουλο Πετεινοί και κότες (κρεατοπαραγωγής) |
Chicken, broiler |
Poulet (de chair) |
Pollo, „Broiler” |
Cālis, broilers |
|
2. |
Петел, кокошка |
Gallo, gallina |
Kohout, slepice, drůbež na pečení, nebo vaření |
Hane, høne, suppehøne |
Suppenhuhn |
Kuked, kanad, hautamiseks või keetmiseks mõeldud kodulinnud |
Πετεινοί και κότες (για βράσιμο) |
Cock, hen, casserole, or boiling fowl |
Coq, poule (à bouillir) |
Gallo, gallina Pollame da brodo |
Gailis, vista, sautēta vai vārīta mājputnu gaļa |
|
3. |
Петел (угоен, скопен) |
Capón |
Kapoun |
Kapun |
Kapaun |
Kohikukk |
Καπόνια |
Capon |
Chapon |
Cappone |
Kapauns |
|
4. |
Ярка, петле |
Polluelo |
Kuřátko, Kohoutek |
Poussin, Coquelet |
Stubenküken |
Kana- ja kukepojad |
Νεοσσός, πετεινάρι |
Poussin, Coquelet |
Poussin, coquelet |
Galletto |
Cālītis |
|
5. |
Млад петел |
Gallo joven |
Mladý kohout |
Unghane |
Junger Hahn |
Noor kukk |
Πετεινάρι |
Young cock |
Jeune coq |
Giovane gallo |
Jauns gailis |
|
1. |
(Млада) пуйка |
Pavo (joven) |
(Mladá) krůta |
(Mini) kalkun |
(Junge) Pute, (Junger) Truthahn |
(Noor) kalkun |
(Νεαροί) γάλοι και γαλοπούλες |
(Young) turkey |
Dindonneau, (jeune) dinde |
(Giovane) tacchino |
(Jauns) tītars |
|
2. |
Пуйка |
Pavo |
Krůta |
Avlskalkun |
Pute, Truthahn |
kalkun |
Γάλοι και γαλοπούλες |
Turkey |
Dinde (à bouillir) |
Tacchino/a |
Tītars |
|
1. |
(Млада) патица, пате, (млада) Мускусна патица, (млад) Mюлар |
Pato (joven o anadino), pato de Barbaria (joven), Pato cruzado (joven) |
(Mladá) kachna, kachně, (Mladá) Pižmová kachna, (Mladá) Kachna Mulard |
(Ung) and (Ung) berberand (Ung) mulardand |
Frühmastente, Jungente, (Junge) Barbarieente (Junge) Mulardente |
(Noor) part, pardipoeg, (noor) muskuspart, (noor), (noor) mullard |
(Νεαρές) πάπιες ή παπάκια, (νεαρές) πάπιες βαρβαρίας, (νεαρές) πάπιες mulard |
(Young) duck, duckling, (Young) Muscovy duck (Young) Mulard duck |
(Jeune) canard, caneton, (jeune) canard de Barbarie, (jeune) canard mulard |
(Giovane) anatra (Giovane) Anatra muta (Giovane) Anatra „mulard” |
(Jauna) pīle, pīlēns, (Jauna) Muskuss pīle, (Jauna) Mullard pīle |
|
2. |
Патица, Мускусна патица, Мюлар |
Pato, pato de Barbaria, Pato cruzado |
Kachna, Pižmová kachna, Kachna Mulard |
Avlsand Berberand Mulardand |
Ente, Barbarieente Mulardente |
Part, muskuspart, mullard |
Πάπιες, πάπιες βαρβαρίας πάπιες mulard |
Duck, Muscovy duck, Mulard duck |
Canard, canard de Barbarie (à bouillir), canard mulard (à bouillir) |
Anatra Anatra muta Anatra „mulard” |
Pīle, Muskuss pīle, Mullard pīle |
|
1. |
(Млада) гъска, гъсе |
Oca (joven), ansarón |
Mladá husa, house |
(Ung) gås |
Frühmastgans, (Junge) Gans, Jungmastgans |
(Noor) hani, hanepoeg |
(Νεαρές) χήνες ή χηνάκια |
(Young) goose, gosling |
(Jeune) oie ou oison |
(Giovane) oca |
(Jauna) zoss, zoslēns |
|
2. |
Гъска |
Oca |
Husa |
Avlsgås |
Gans |
Hani |
Χήνες |
Goose |
Oie |
Oca |
Zoss |
|
1. |
(Млада) токачка |
Pintada (joven) |
Mladá perlička |
(Ung) perlehøne |
(Junges) Perlhuhn |
(Noor) pärlkana |
(Νεαρές) φραγκόκοτες |
(Young) guinea fowl |
(Jeune) pintade Pintadeau |
(Giovane) faraona |
(Jauna) pērļu vistiņa |
|
2. |
Токачка |
Pintada |
Perlička |
Avlsperlehøne |
Perlhuhn |
Pärlkana |
Φραγκόκοτες |
Guinea fowl |
Pintade |
Faraona |
Pērļu vistiņa |
|
|
lt |
hu |
mt |
nl |
pl |
pt |
ro |
sk |
sl |
fi |
sv |
|
1. |
Viščiukas broileris |
Brojler csirke, pecsenyecsirke |
Fellus, brojler |
Kuiken, braadkuiken |
Kurczę, broiler |
Frango |
Pui de carne, broiler |
Kurča, brojler |
Pitovni piščanec-brojler |
Broileri |
Kyckling, slaktkyckling (broiler) |
|
2. |
Gaidys, višta, skirti troškinti arba virti |
Kakas és tyúk (főznivaló baromfi) |
Serduk, tiġieġa (tal-brodu) |
Haan, hen, soep- of stoofkip |
Kura rosołowa |
Galo, galinha |
Cocoș, găină sau carne de pasăre pentru fiert |
Kohút, sliepka |
Petelin, kokoš, perutnina za pečenje ali kuhanje |
Kukko, kana |
Tupp, höna, gryt- eller kokhöna |
|
3. |
Kaplūnas |
Kappan |
Ħasi |
Kapoen |
Kapłon |
Capão |
Clapon |
Kapún |
Kopun |
Chapon (syöttökukko) |
Kapun |
|
4. |
Viščiukas |
Minicsirke |
Għattuqa, coquelet |
Piepkuiken |
Kurczątko |
Franguitos |
Pui tineri |
Kuriatko |
Mlad piščanec, mlad petelin (kokelet) |
Kananpoika, kukonpoika |
Poussin, Coquelet |
|
5. |
Gaidžiukas |
Fiatal kakas |
Serduk żgħir fl-eta |
Jonge haan |
Młody kogut |
Galo jovem |
Cocoș tânăr |
Mladý kohút |
Mlad petelin |
Nuori kukko |
Ung tupp |
|
1. |
Kalakučiukas |
Pecsenyepulyka, gigantpulyka, növendék pulyka |
Dundjan (żgħir fl-eta) |
(Jonge) kalkoen |
(Młody) indyk |
Peru |
Curcan (tânăr) |
Mladá morka |
(Mlada) pura |
(Nuori) kalkkuna |
(Ung) kalkon |
|
2. |
Kalakutas |
Pulyka |
Dundjan |
Kalkoen |
Indyk |
Peru adulto |
Curcan |
Morka |
Pura |
Kalkkuna |
Kalkon |
|
1. |
Ančiukai, Muskusinės anties ančiukai, Mulardinės anties ančiukai |
Pecsenyekacsa, Pecsenye pézsmakacsa, Pecsenye mulard -kacsa |
Papra (żgħira fl-eta), papra żgħira (fellus ta’ papra), papra muskovy (żgħira fl-eta), papra mulard |
(Jonge) eend, (Jonge) Barbarijse eend (Jonge) „Mulard”-eend |
(Młoda) kaczka tuczona, (Młoda) kaczka piżmowa, (Młoda) kaczka mulard |
Pato, Pato Barbary, Pato Mulard |
Rață (tânără), rață (tânără) din specia Cairina moschata, rață (tânără) Mulard |
(Mladá kačica), kačiatko, (Mladá) pyžmová kačica, (Mladý) mulard |
(Mlada) raca, račka, (Mlada) muškatna raca, (Mlada) mulard raca |
(Nuori) ankka, (Nuori) myskiankka |
(Ung) anka, ankunge, (ung) mulardand (ung) myskand |
|
2. |
Antis, Muskusinė antis, Mulardinė antis |
Kacsa, Pézsma kacsa, Mulard kacsa |
Papra, papra muscovy, papra mulard |
Eend Barbarijse eend „Mulard”-eend |
Kaczka, Kaczka piżmowa, Kaczka mulard |
Pato adulto, pato adulto Barbary, pato adulto Mulard |
Rață, rață din specia Cairina moschata, rață Mulard |
Kačica, Pyžmová kačica, Mulard |
Raca, Muškatna raca, Mulard raca |
Ankka, myskiankka |
Anka, mulardand, myskand |
|
1. |
Žąsiukas |
Fiatal liba, pecsenye liba |
Wiżża (żgħira fl-eta), fellusa ta’ wiżża |
(Jonge) gans |
Młoda gęś |
Ganso |
Gâscă (tânără) |
(Mladá) hus, húsatko |
(Mlada) gos, goska |
(Nuori) hanhi |
(Ung) gås, gåsunge |
|
2. |
Žąsis |
Liba |
Wiżża |
Gans |
Gęś |
Ganso adulto |
Gâscă |
Hus |
Gos |
Hanhi |
Gås |
|
1. |
Perlinių vištų viščiukai |
Pecsenyegyöngyös |
Fargħuna (żgħira fl-eta) |
(Jonge) parelhoen |
(Młoda) perliczka |
Pintada |
Bibilică adultă |
(Mladá) perlička |
(Mlada) pegatka |
(Nuori) helmikana |
(Ung) pärlhöna |
|
2. |
Perlinės vištos |
Gyöngytyúk |
Fargħuna |
Parelhoen |
Perlica |
Pintada adulta |
Bibilică |
Perlička |
Pegatka |
Helmikana |
Pärlhöna |
ARTIKEL 1, LID 2 — BENAMINGEN VOOR DELEN VAN PLUIMVEE
|
|
bg |
es |
cs |
da |
de |
et |
el |
en |
fr |
it |
lv |
|
a) |
Половинка |
Medio |
Půlka |
Halvt |
Hälfte oder Halbes |
Pool |
Μισά |
Half |
Demi ou moitié |
Metà |
Puse |
|
b) |
Четвъртинка |
Charto |
Čtvrtka |
Kvart |
(Vorder-, Hinter-) Viertel |
Veerand |
Τεταρτημόριο |
Quarter |
Quart |
Quarto |
Ceturdaļa |
|
c) |
Неразделени четвъртинки с бутчетата |
Cuartos traseros unidos |
Neoddělená zadní čtvrtka |
Sammenhængende lårstykker |
Hinterviertel am Stück |
Lahtilõikamata koivad |
Αδιαχώριστα τεταρτημόρια ποδιών |
Unseparated leg quarters |
Quarts postérieurs non séparés |
Cosciotto |
Nesadalītas kāju ceturdaļas |
|
d) |
Гърди, бяло месо или филе с кост |
Pechuga |
Prsa |
Bryst |
Brust, halbe Brust, halbierte Brust |
Rind |
Στήθος |
Breast |
Poitrine, blanc ou filet sur os |
Petto con osso |
Krūtiņa |
|
e) |
Бутче |
Muslo y contramuslo |
Stehno |
Helt lår |
Schenkel, Keule |
Koib |
Πόδι |
Leg |
Cuisse |
Coscia |
Kāja |
|
f) |
Бутче с част от гърба, прикрепен към него |
Charto trasero de pollo |
Stehno kuřete s částí zad |
Kyllingelår med en del af ryggen |
Hähnchenschenkel mit Rückenstück, Hühnerkeule mit Rückenstück |
Koib koos seljaosaga |
Πόδι από κοτόπουλο με ένα κομμάτι της ράχης |
Chicken leg with a portion of the back |
Cuisse de poulet avec une portion du dos |
Coscetta |
Cāļa kāja ar muguras daļu |
|
g) |
Бедро |
Contramuslo |
Horní stehno |
Overlår |
Oberschenkel, Oberkeule |
Reis |
Μηρός (μπούτι) |
Thigh |
Haut de cuisse |
Sovraccoscia |
Šķiņkis |
|
h) |
Подбедрица |
Muslo |
Dolní stehno (Palička) |
Underlår |
Unterschenkel, Unterkeule |
Sääretükk |
Κνήμη |
Drumstick |
Pilon |
Fuso |
Stilbs |
|
i) |
Крило |
Ala |
Křídlo |
Vinge |
Flügel |
Tiib |
Φτερούγα |
Wing |
Aile |
Ala |
Spārns |
|
j) |
Неразделени крила |
Alas unidas |
Neoddělená křídla |
Sammenhængende vinger |
Beide Flügel, ungetrennt |
Lahtilõikamata tiivad |
Αδιαχώριστες φτερούγες |
Unseparated wings |
Ailes non séparées |
Ali non separate |
Nesadalīti spārni |
|
k) |
Филе от гърдите, бяло месо |
Filete de pechuga |
Prsní řízek |
Brystfilet |
Brustfilet, Filet aus der Brust, Filet |
Rinnafilee |
Φιλέτο στήθους |
Breast fillet |
Filet de poitrine, blanc, filet, noix |
Filetto, fesa (tacchino) |
Krūtiņas fileja |
|
l) |
Филе от гърдите с „ядеца” |
Filete de pechuga con clavícula |
Filety z prsou (Klíční kost s chrupavkou prsní kosti včetně svaloviny v přirozené souvislosti, klíč. kost a chrupavka max. 3 % z cel. hmotnosti) |
Brystfilet med ønskeben |
Brustfilet mit Schlüsselbein |
Rinnafilee koos harkluuga |
Φιλέτο στήθους με κλειδοκόκαλο |
Breast fillet with wishbone |
Filet de poitrine avec clavicule |
Petto (con forcella), fesa (con forcella) |
Krūtiņas fileja ar krūšukaulu |
|
m) |
Нетлъсто филе |
Magret, maigret |
Magret, maigret (Filety z prsou kachen a hus s kůží a podkožním tukem pokrývajícím prsní sval, bez hlubokého svalu prsního) |
Magret, maigret |
Magret, Maigret |
Rinnaliha („magret” või „maigret”) |
Maigret, magret |
Magret, maigret |
Magret, maigret |
Magret, maigret |
Pīles krūtiņa |
|
|
lt |
hu |
mt |
nl |
pl |
pt |
ro |
sk |
sl |
fi |
sv |
|
a) |
Pusė |
Fél baromfi |
Nofs |
Helft |
Połówka |
Metade |
Jumătăți |
Polená hydina |
Polovica |
Puolikas |
Halva |
|
b) |
Ketvirtis |
Negyed baromfi |
Kwart |
Kwart |
Ćwiartka |
Quarto |
Sferturi |
Štvrťka hydiny |
Četrt |
Neljännes |
Kvart |
|
c) |
Neatskirti kojų ketvirčiai |
Összefüggő (egész) combnegyedek |
Il-kwarti ta’ wara tas-saqajn, mhux separati |
Niet-gescheiden achterkwarten |
Ćwiartka tylna w całości |
Quartos de coxa não separados |
Sferturi posterioare neseparate |
Neoddelené hydinové stehná |
Neločene četrti nog |
Takaneljännes |
Bakdelspart |
|
d) |
Krūtinėlė |
Mell |
Sidra |
Borst |
Pierś, połówka piersi |
Peito |
Piept |
Prsia |
Prsi |
Rinta |
Bröst |
|
e) |
Koja |
Comb |
Koxxa |
Hele poot, hele dij |
Noga |
Perna inteira |
Pulpă |
Hydinové stehno |
Bedro |
Koipireisi |
Klubba |
|
f) |
Viščiuko koja su neatskirta nugaros dalimi |
Csirkecomb a hát egy részével |
Koxxa tat-tiġieġa b’porzjon tad-dahar |
Poot/dij met rugdeel (bout) |
Noga kurczęca z częścią grzbietu |
Perna inteira de frango com uma porção do dorso |
Pulpă de pui cu o porțiune din spate atașată |
Kuracie stehno s panvou |
Piščančja bedra z delom hrbta |
Koipireisi, jossa selkäosa |
Kycklingklubba med del av ryggben |
|
g) |
Šlaunelė |
Felsőcomb |
Il-biċċa ta’ fuq tal-koxxa |
Bovenpoot, bovendij |
Udo |
Coxa |
Pulpă superioară |
Horné hydinové stehno |
Stegno |
Reisi |
Lår |
|
h) |
Blauzdelė |
Alsócomb |
Il-biċċa t’isfel tal-koxxa (drumstick) |
Onderpoot, onderdij (Drumstick) |
Podudzie |
Perna |
Pulpă inferioară |
Dolné hydinové stehno |
Krača |
Koipi |
Ben |
|
i) |
Sparnas |
Szárny |
Ġewnaħ |
Vleugel |
Skrzydło |
Asa |
Aripi |
Hydinové krídelko |
Peruti |
Siipi |
Vinge |
|
j) |
Neatskirti sparnai |
Összefüggő (egész) szárnyak |
Ġwienaħ mhux separate |
Niet-gescheiden vleugels |
Skrzydła w całości |
Asas não separadas |
Aripi neseparate |
Neoddelené hydinové krídla |
Neločene peruti |
Siivet kiinni toisissaan |
Sammanhängande vingar |
|
k) |
Krūtinėlės filė |
Mellfilé |
Flett tas-sidra |
Borstfilet |
Filet z piersi |
Carne de peito |
Piept dezosat |
Hydinový rezeň |
Prsni file |
Rintafilee |
Bröstfilé |
|
l) |
Krūtinėlės filė su raktikauliu ir krūtinkauliu |
Mellfilé szegycsonttal |
Flett tas-sidra bil-wishbone |
Borstfilet met vorkbeen |
Filet z piersi z obojczykiem |
Carne de peito com fúrcula |
Piept dezosat cu osul iadeș |
Hydinový rezeň s kosťou |
Prsni file s prsno kostjo |
Rintafilee solisluineen |
Bröstfilé med nyckelben |
|
m) |
Krūtinėlės filė be kiliojo raumens (magret) |
Bőrös libamell-filé, (maigret) |
Magret, maigret |
Magret |
Magret |
Magret, maigret |
Tacâm de pasăre, Spinări de pasăre |
Magret |
Magret |
Magret, maigret |
Magret, maigret |
„BIJLAGE II
ARTIKEL 9 — KOELMETHODEN
|
|
bg |
es |
cs |
da |
de |
et |
el |
en |
fr |
it |
lv |
|
1. |
Въздушно охлаждане |
Refrigeración por aire |
Vzduchem (Chlazení vzduchem) |
Luftkøling |
Luftkühlung |
Õhkjahutus |
Ψύξη με αέρα |
Air chilling |
Refroidissement à l'air |
Raffreddamento ad aria |
Dzesēšana ar gaisu |
|
2. |
Въздушно-душово охлаждане |
Refrigeración por aspersión ventilada |
Vychlazeným proudem vzduchu s postřikem |
Luftspraykøling |
Luft-Sprühkühlung |
Õhkpiserdusjahutus |
Ψύξη με ψεκασμό |
Air spray chilling |
Refroidissement par aspersion ventilée |
Raffreddamento per aspersione e ventilazione |
Dzesēšana ar izsmidzinātu gaisu |
|
3. |
Охлаждане чрез потапяне |
Refrigeración por immersión |
Ve vodní lázni ponořením |
Neddypningskøling |
Gegenstrom-Tauchkühlung |
Sukeljahutus |
Ψύξη με βύθιση |
Immersion chilling |
Refroidissement par immersion |
Raffreddamento per immersione |
Dzesēšana iegremdējot |
|
|
lt |
hu |
mt |
nl |
pl |
pt |
ro |
sk |
sl |
fi |
sv |
|
1. |
Atšaldymas ore |
Levegős hűtés |
Tkessiħ bl-arja |
Luchtkoeling |
Owiewowa |
Refrigeração por ventilação |
Refrigerare în aer |
Chladené vzduchom |
Zračno hlajenje |
Ilmajäähdytys |
Luftkylning |
|
2. |
Atšaldymas pučiant orą |
Permetezéses hűtés |
Tkessiħ b’air spray |
Lucht-sproeikoeling |
Owiewowo-natryskowa |
Refrigeração por aspersão e ventilação |
Refrigerare prin dușare cu aer |
Chladené sprejovaním |
Hlajenje s pršenjem |
Ilmasprayjäähdytys |
Evaporativ kylning |
|
3. |
Atšaldymas panardinant |
Bemerítéses hűtés |
Tkessiħ b’immersjoni |
Dompelkoeling |
Zanurzeniowa |
Refrigeração por imersão |
Refrigerare prin imersiune |
Chladené vo vode |
Hlajenje s potapljanjem |
Vesijäähdytys |
Vattenkylning |
„BIJLAGE III
ARTIKEL 10, LID 1 — HOUDERIJSYSTEMEN
|
|
bg |
es |
cs |
da |
de |
et |
el |
en |
fr |
it |
lv |
|
a) |
Хранена с … % … гъска, хранена с овес |
Alimentado con … % de … Oca engordada con avena |
Krmena (čím) … % (čeho) … Husa krmená ovšem |
Fodret med … % … Havrefodret gås |
Mast mit … % … Hafermastgans |
Söödetud …, mis sisaldab … % … Kaeraga toidetud hani |
Έχει τραφεί με … % … Χήνα που παχαίνεται με βρώμη |
Fed with … % of … Oats fed goose |
Alimenté avec … % de … Oie nourrie à l'avoine |
Alimentato con il … % di … Oca ingrassata con avena |
Barība ar … % … ar auzām barotas zosis |
|
b) |
Екстензивно закрито (отгледан на закрито) |
Sistema extensivo en gallinero |
Extenzivní v hale |
Ekstensivt staldopdræt (skrabe …) |
Extensive Bodenhaltung |
Ekstensiivne seespidamine (lindlas pidamine) |
Εκτατικής εκτροφής |
Extensive indoor (barnreared) |
Élevé à l'intérieur: système extensif |
Estensivo al coperto |
Turēšana galvenokārt telpās („Audzēti kūtī”) |
|
c) |
Свободен начин на отглеждане |
Gallinero con salida libre |
Volný výběh |
Fritgående |
Auslaufhaltung |
Vabapidamine |
Ελεύθερης βοσκής |
Free range |
Sortant à l'extérieur |
All'aperto |
Brīvā turēšana |
|
d) |
Традиционен свободен начин на отглеждане |
Granja al aire libre |
Tradiční volný výběh |
Frilands … |
Bäuerliche Auslaufhaltung |
Traditsiooniline vabapidamine |
Πτηνοτροφείο παραδοσιακά ελεύθερης βοσκής |
Traditional free range |
Fermier-élevé en plein air |
Rurale all'aperto |
Tradicionālā brīvā turēšana |
|
e) |
Свободен начин на отглеждане – пълна свобода |
Granja de cría en libertad |
Volný výběh – úplná volnost |
Frilands … opdrættet i fuld frihed |
Bäuerliche Freilandhaltung |
Täieliku liikumisvabadusega traditsiooniline vabapidamine |
Πτηνοτροφείο απεριόριστης τροφής |
Free-range — total freedom |
Fermier-élevé en liberté |
Rurale in libertà |
Pilnīgā brīvība |
|
|
lt |
hu |
mt |
nl |
pl |
pt |
ro |
sk |
sl |
fi |
sv |
|
a) |
Lesinta … % … Avižomis penėtos žąsys |
…%-ban …-val etetett Zabbal etetett liba |
Mitmugħa b’…% ta’ … Wiżża mitmugħa bil-ħafur |
Gevoed met … % … Met haver vetgemeste gans |
Żywione z udziałem … % … tucz owsiany (gęsi) |
Alimentado com … % de … Ganso engordado com aveia |
Furajate cu un % de … Gâște furajate cu ovăz |
Kŕmené … % … husi kŕmené ovsom |
Krmljeno s/z ……. % gos krmljena z ovsom |
Ruokittu … % … Kauralla ruokittu hanhi |
Utfodrad med … % … Havreutfodrad gås |
|
b) |
Patalpose laisvai auginti paukščiai (Auginti tvartuose) |
Istállóban külterjesen tartott |
Mrobbija ġewwa: sistema estensiva |
Scharrel … binnengehouden |
Ekstensywny chów ściółkowy |
Produção extensiva em interior |
Creștere în interior sistem extensiv |
Extenzívne v halách |
Ekstenzivna zaprta reja |
Laajaperäinen sisäkasvatus |
Extensivt uppfödd inomhus |
|
c) |
Laisvai laikomi paukščiai |
Szabadtartás |
Barra (free range) |
Scharrel … met uitloop |
Chów wybiegowy |
Produção em semiliberdade |
Creștere liberă |
Chované vo voľnom výbehu |
Prosta reja |
Ulkoilumahdollisuus |
Tillgång till utomhusvistelse |
|
d) |
Tradiciškai laisvai laikomi paukščiai |
Hagyományos szabadtartás |
Barra (free range) tradizzjonali |
Boerenscharrel … met uitloop Hoeve … met uitloop |
Tradycyjny chów wybiegowy |
Produção ao ar livre |
Creștere liberă tradițională |
Chované tradičným spôsobom v halách |
Tradicionalna prosta reja |
Ulkoiluvapaus |
Traditionell utomhusvistelse |
|
e) |
Visiškoje laisvėje laikomi paukščiai |
Teljes szabadtartás |
Barra (free range) – liberta totali |
Boerenscharrel … met vrije uitloop Hoeve … met vrije uitloop |
Chów wybiegowy bez ograniczeń |
Produção em liberdade |
Creștere liberă – libertate totală – |
Chované na paši |
Prosta reja – neomejen izpust |
Vapaa kasvatus |
Uppfödd i full frihet |
BIJLAGE II
„BIJLAGE VIII
LIJST VAN DE NATIONALE REFERENTIELABORATORIA
|
België
|
|
Bulgarije
|
|
Tsjechië
|
|
Denemarken
|
|
Duitsland
|
|
Estland
|
|
Griekenland
|
|
Spanje
|
|
Frankrijk
|
|
Ierland
|
|
Italië
|
|
Cyprus
|
|
Letland
|
|
Litouwen
|
|
Luxemburg
|
|
Hongarije
|
|
Malta
|
|
Nederland
|
|
Oostenrijk
|
|
Polen
|
|
Portugal
|
|
Roemenië
|
|
Slovenië
|
|
Slowakije
|
|
Finland
|
|
Zweden
|
|
Verenigd Koninkrijk
|
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/40 |
VERORDENING (EG) Nr. 2030/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1607/2000, nr. 1622/2000 en nr. 2729/2000 betreffende de wijnmarkt in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt (1), en met name op artikel 58, artikel 46, lid 1, en artikel 72, lid 4,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 1607/2000 van de Commissie van 24 juli 2000 tot vaststelling van enige uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, en met name voor de titel betreffende in bepaalde gebieden voortgebrachte kwaliteitswijn (2) bevat een lijst van de v.m.q.p.r.d. waarvan de cuvée een alcoholgehalte van minder dan 9,5 % vol. mag hebben. Deze bijlage moet worden gewijzigd om in Roemenië geproduceerde wijnen op te nemen. |
|
(2) |
Bijlage XIII bij Verordening (EG) nr. 1622/2000 van de Commissie van 24 juli 2000 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt, en tot instelling van een communautaire regeling inzake oenologische procédés en behandelingen (3) bevat de afwijkingen met betrekking tot het gehalte aan vluchtige zuren in wijn zoals bepaald in bijlage V, deel B, punt 1, van Verordening (EG) nr. 1493/1999. Deze bijlage moet worden gewijzigd in verband met de toetreding van Roemenië. |
|
(3) |
Artikel 11, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2729/2000 van de Commissie van 14 december 2000 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen inzake de controles in de wijnbouwsector (4) bepaalt het minimumaantal jaarlijks te nemen monsters voor de databank met analyseresultaten zoals bepaald in artikel 10 van deze verordening. In verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië moet het aantal te nemen monsters ook voor deze landen worden bepaald. |
|
(4) |
Verordening (EG) nr. 1607/2000, Verordening (EG) nr. 1622/2000 en Verordening (EG) nr. 2729/2000 moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd. |
|
(5) |
De in deze verordening vastgestelde maatregelen zijn in overeenstemming met het Comité van beheer voor wijn, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 1607/2000 wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
In bijlage XIII bij Verordening (EG) nr. 1622/2000 wordt het volgende punt (o) toegevoegd:
|
„(o) |
voor Roemeense wijnen:
|
Artikel 3
In artikel 11, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2729/2000 wordt de tweede alinea vervangen door:
|
„— |
30 in Bulgarije, |
|
— |
20 in Tsjechië, |
|
— |
200 in Duitsland, |
|
— |
50 in Griekenland, |
|
— |
200 in Spanje, |
|
— |
400 in Frankrijk, |
|
— |
400 in Italië, |
|
— |
10 in Cyprus, |
|
— |
4 in Luxemburg, |
|
— |
50 in Hongarije, |
|
— |
4 in Malta, |
|
— |
50 in Oostenrijk, |
|
— |
50 in Portugal, |
|
— |
70 in Roemenië, |
|
— |
20 in Slovenië, |
|
— |
15 in Slowakije, |
|
— |
4 in het Verenigd Koninkrijk.”. |
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking onder voorbehoud en op de datum van de inwerkingtreding van het Verdrag betreffende de toetreding van Bulgarije en Roemenië.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 179 van 14.7.1999, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2165/2005 (PB L 345 van 28.12.2005, blz. 1).
(2) PB L 185 van 25.7.2000, blz. 17.
(3) PB L 194 van 31.7.2000, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1507/2006 (PB L 280 van 12.10.2006, blz. 9).
(4) PB L 316 van 15.12.2000, blz. 16. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 262/2006 (PB L 46 van 16.2.2006, blz. 22).
BIJLAGE
„BIJLAGE IV
Lijst van de v.m.q.p.r.d. waarvan de cuvée een alcoholgehalte van minder dan 9,5 % vol mag hebben
ITALIË
|
— |
Prosecco di Conegliano-Valdobbiadene |
|
— |
Montello e Colli Asolani. |
ROEMENIË
|
— |
Muscat Spumant Bucium |
|
— |
Muscat Spumant Dealu Mare |
|
— |
Muscat Spumant Murfatlar |
|
— |
Muscat Spumant Alba Iulia |
|
— |
Muscat Spumant Iași |
|
— |
Muscat Spumant Huși |
|
— |
Muscat Spumant Panciu |
|
— |
Muscat Spumant Șimleul Silvaniei |
|
— |
Muscat Spumant Sebeș Apold |
|
— |
Muscat Spumant Târnave” |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/43 |
VERORDENING (EG) Nr. 2031/2006 VAN DE COMMISSIE
van 22 december 2006
tot aanpassing van verscheidene verordeningen betreffende de suikermarkt in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag betreffende de toetreding van Bulgarije en Roemenië, en met name op artikel 4, lid 3,
Gelet op de Akte van toetreding van Bulgarije en Roemenië, en met name op artikel 56,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Om de aanpassingen uit te voeren die noodzakelijk zijn in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie moeten bepaalde technische wijzigingen worden aangebracht aan een aantal verordeningen van de Commissie met betrekking tot de gemeenschappelijke ordening van de suikermarkt. |
|
(2) |
Verordening (EG) nr. 192/2002 van de Commissie van 31 januari 2002 betreffende de afgifte van invoercertificaten voor suiker en mengsels van suiker en cacao met oorsprongscumulatie ACS/LGO of EG/LGO (1) bevat bepaalde vermeldingen in alle talen van de lidstaten. De vermeldingen in het Bulgaars en het Roemeens moeten worden opgenomen. |
|
(3) |
Verordening (EG) nr. 950/2006 van de Commissie van 28 juni 2006 tot vaststelling, voor de verkoopseizoenen 2006/2007, 2007/2008 en 2008/2009, van de uitvoeringsbepalingen voor de invoer en de raffinage van suikerproducten in het kader van bepaalde tariefcontingenten en preferentiële overeenkomsten (2) bevat bepaalde vermeldingen in alle talen van de lidstaten. De vermeldingen in het Bulgaars en het Roemeens moeten worden opgenomen. |
|
(4) |
Verordening (EG) nr. 951/2006 van de Commissie van 30 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 318/2006, wat betreft de handel met derde landen in de sector suiker (3) bevat bepaalde vermeldingen in alle talen van de lidstaten. De vermeldingen in het Bulgaars en het Roemeens moeten worden opgenomen. |
|
(5) |
Verordening (EG) nr. 192/2002, Verordening (EG) nr. 950/2006 en Verordening (EG) nr. 951/2006 moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verordening (EG) nr. 192/2002 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Artikel 4, punt c), wordt door het volgende vervangen:
|
|
2) |
De bijlage wordt bijlage I. |
|
3) |
De tekst in de bijlage bij de onderhavige verordening wordt toegevoegd als bijlage II. |
Artikel 2
Bijlage III bij Verordening (EG) nr. 950/2006 wordt vervangen door de tekst in bijlage II bij de onderhavige verordening.
Artikel 3
Verordening (EG) nr. 951/2006 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
Artikel 6, leden 2 en 3, komen als volgt te luiden: „2. In vak 20 van de certificaataanvraag en van het certificaat wordt één van de in deel A van de bijlage opgenomen vermeldingen aangebracht. 3. Het uitvoercertificaat wordt afgegeven voor de in het bericht van toewijzing in het kader van de betrokken inschrijving vermelde hoeveelheid. In vak 22 van het certificaat wordt het in EUR uitgedrukte bedrag van de uitvoerrestitutie vermeld dat voorkomt op dat bericht van toewijzing. Daarop wordt één van de in deel B van de bijlage opgenomen vermeldingen aangebracht.”. |
|
2) |
Artikel 7 komt als volgt te luiden: „Artikel 7 Certificaat voor de uitvoer van suiker, isoglucose of inulinestroop zonder restitutie Wanneer suiker, isoglucose of inulinestroop die zich in het vrije verkeer bevindt op de markt van de Gemeenschap en niet als „buiten het quotum geproduceerd” wordt beschouwd, zonder restitutie moet worden uitgevoerd, wordt in vak 22 van de certificaataanvraag en van het certificaat één van de in deel C van de bijlage opgenomen vermeldingen aangebracht, naar gelang van het betrokken product.”. |
|
3) |
In artikel 14, lid 3, wordt de eerste alinea vervangen door: „In vak 20 van de aanvraag voor een uitvoercertificaat voor witte suiker en van het uitvoercertificaat voor witte suiker zelf, alsmede van de aanvraag voor een invoercertificaat voor ruwe suiker en van het invoercertificaat voor ruwe suiker zelf, wordt één van de in deel D van de bijlage opgenomen vermeldingen aangebracht.”. |
|
4) |
De bijlage I wordt vervangen door de tekst in bijlage III bij deze verordening. |
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking onder voorbehoud en op de datum van de inwerkingtreding van het Verdrag betreffende de toetreding van Bulgarije en Roemenië.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 22 december 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 31 van 1.2.2002, blz. 55. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 96/2004 (PB L 15 van 22.1.2004, blz. 3).
BIJLAGE I
„BIJLAGE II
De in artikel 4, onder c), bedoelde vermeldingen:
|
— |
in het Bulgaars |
: |
Освободено от вносно мито (Решение 2001/822/ЕО, член 35) пореден номер на квотата … |
|
— |
in het Spaans |
: |
Exención de derechos de importación (Decisión 2001/822/CE, artículo 35) número de orden … |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Osvobozeno od dovozního cla (Rozhodnutí 2001/822/ES, čl. 35), sériové číslo … |
|
— |
in het Deens |
: |
Fritages for importafgifter (artikel 35 i afgørelse 2001/822/EF), løbenummer … |
|
— |
in het Duits |
: |
Frei von Einfuhrabgaben (Beschluss 2001/822/EG, Artikel 35), Ordnungsnummer … |
|
— |
in het Ests |
: |
Impordimaksust vabastatud (otsus 2001/822/EÜ, artikkel 35), järjekorranumber … |
|
— |
in het Grieks |
: |
Δασμολογική απαλλαγή (απόφαση 2001/822/ΕΚ, άρθρο 35), αύξων αριθμός … |
|
— |
in het Engels |
: |
Free from import duty (Decision 2001/822/EC, Article 35), serial No … |
|
— |
in het Frans |
: |
Exemption du droit d'importation (décision 2001/822/CE, article 35), numéro d'ordre … |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Esenzione dal dazio all'importazione (decisione 2001/822/CE, articolo 35), numero d'ordine … |
|
— |
in het Lets |
: |
Atbrīvots no importa nodokļa (Lēmuma 2001/822/EK 35. pants), sērijas numurs … |
|
— |
in het Litouws |
: |
Atleista nuo importo muito (Nutarimo 2001/822/EB 35 straipsnis), serijos numeris … |
|
— |
in het Hongaars |
: |
Mentes a behozatali vám alól (2001/822/EK határozat, 35. cikk), sorozatszám … |
|
— |
in het Maltees |
: |
Eżenzjoni minn dazju fuq l-importazzjoni (Deċiżjoni 2001/822/KE, Artikolu 35), numru tas-serje … |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Vrij van invoerrechten (Besluit 2001/822/EG, artikel 35), volgnummer … |
|
— |
in het Pools |
: |
Zwolnione z należności przywozowych (art. 35 decyzji 2001/822/WE), numer porządkowy … |
|
— |
in het Portugees |
: |
Isenção de direitos de importação (Decisão 2001/822/CE, artigo 35.o), número de ordem … |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Scutit de drepturi de import (Decizia 2001/822/CE, articolul 35), nr. de ordine … |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Oslobodený od dovozného cla (Rozhodnutie 2001/822/ES, čl. 35), sériové číslo … |
|
— |
in het Sloveens |
: |
brez uvozne carine (Uredba 2001/822/ES, člen 35), serijska številka … |
|
— |
in het Fins |
: |
Vapaa tuontitulleista (päätöksen 2001/822/EY 35 artikla), järjestysnumero … |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Importtullfri (beslut 2001/822/EG, artikel 35), löpnummer …” |
BIJLAGE II
„BIJLAGE III
A.
De in artikel 16, lid 1, onder c), artikel 17, lid 1, onder a), en artikel 18, lid 2, onder a), bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, захар АКТБ/Индия. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar ACP-India. Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, cukr ze zemí AKT/Indie. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, AVS-/indisk sukker. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, AKP-/indischer Zucker. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, AKV/India suhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, ζάχαρη ΑΚΕ/Ινδίας. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, ACP/India sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre ACP/Inde. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero ACP/India. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, ĀKK un Indijas cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, AKR ir Indijos cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, AKCS-országokból/Indiából származó cukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor AKP/Indja. Nru tas-serje (in-numru tasserje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, ACS-/Indiase suiker. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, cukier z AKP/Indii. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar ACP/da Índia. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, zahăr ACP/India. Nr. serial (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, cukor AKT-India. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, sladkor iz držav AKP/Indije. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, AKT-maista/Intiasta peräisin oleva sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, AVS/Indien-socker. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
B.
De in artikel 21, lid 1, onder c), bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
Допълнителна захар, сурова захар, предназначена за рафиниране, внесена съгласно член 29, параграф 4 от Регламент (ЕО) № 318/2006. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Azúcar adicional, azúcar en bruto para refinar, importado de conformidad con el artículo 29, apartado 4, del Reglamento (CE) no 318/2006. Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Doplňkový cukr, surový cukr určený k rafinaci a dovezený podle čl. 29 odst. 4 nařízení (ES) č. 318/2006. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Supplerende sukker; råsukker til raffinering importeret i henhold til artikel 29, stk. 4, i forordning (EF) nr. 318/2006. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Zusätzlicher Zucker, zur Raffination bestimmter Rohzucker, eingeführt in Anwendung von Artikel 29 Absatz 4 der Verordnung (EG) Nr. 318/2006. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Lisasuhkur, vastavalt määruse (EÜ) nr 318/2006 artikli 29 lõikele 4 imporditud rafineerimiseks ettenähtud toorsuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Συμπληρωματική ζάχαρη, ακατέργαστη ζάχαρη που προορίζεται για ραφινάρισμα, εισαγόμενη σύμφωνα με το άρθρο 29 παράγραφος 4 του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 318/2006. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Complementary sugar, raw sugar for refining, imported in accordance with Article 29(4) of Regulation (EC) No 318/2006. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Sucre complémentaire, sucre brut destiné à être raffiné, importé conformément à l'article 29, paragraphe 4, du règlement (CE) no 318/2006. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Zucchero complementare, zucchero greggio destinato alla raffinazione importato ai sensi dell'articolo 29, paragrafo 4, del regolamento (CE) n. 318/2006. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Papildu cukurs, rafinējamais jēlcukurs, kas importēts saskaņā ar Regulas (EK) Nr. 318/2006 29. panta 4. punktu. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Pagal Reglamento (EB) Nr. 318/2006 29 straipsnio 4 dalį importuotas papildomas cukrus, rafinuoti skirtas žaliavinis cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 318/2006/EK rendelet 29. cikke (4) bekezdésének megfelelően behozott kiegészítő cukor, finomításra szánt nyerscukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Zokkor komplimentarju, zokkor mhux ipproċessat għall-irfinar, importat skond l-Artikolu 29(4) tar-Regolament (KE) Nru 318/2006. Nru tas-serje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Aanvullende suiker, voor raffinage bestemde ruwe suiker, ingevoerd overeenkomstig artikel 29, lid 4, van Verordening (EG) nr. 318/2006. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Cukier uzupełniający, cukier surowy do rafinacji, przywieziony zgodnie z art. 29 ust. 4 rozporządzenia (WE) nr 318/2006. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Açúcar complementar, açúcar bruto para refinação, importado em conformidade com o n.o 4 do artigo 29.o do Regulamento (CE) n.o 318/2006. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Zahăr complementar, zahăr brut destinat rafinării, importat conform articolului 29, alineatul 4 din Regulamentul (CE) nr. 318/2006. Număr de ordine (de inserat numarul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Doplnkový cukor, surový cukor určený na rafináciu, dovezený v súlade s článkom 29 ods. 4 nariadenia (ES) č. 318/2006. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Dopolnilni sladkor, surovi sladkor za prečiščevanje, uvožen v skladu s členom 29(4) Uredbe (ES) št. 318/2006. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Täydentävä sokeri, puhdistettavaksi tarkoitettu raakasokeri, tuotu asetuksen (EY) N:o 318/2006 29 artiklan 4 kohdan mukaisesti. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tilläggssocker, råsocker för raffinering importerat i enlighet med artikel 29.4 i förordning (EG) nr 318/2006. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
C.
De in artikel 22, lid 1, onder a), en artikel 23, lid 2, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, допълнителна захар. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar complementario. Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, doplňkový cukr. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, supplerende sukker. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, zusätzlicher Zucker. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, lisasuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, συμπληρωματική ζάχαρη. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, complementary sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre complémentaire. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero complementare. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, papildu cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, papildomas cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, kiegészítő cukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor komplimentarju. Nru tas-serje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, aanvullende suiker. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, cukier uzupełniający. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar complementar. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, zahăr complementar. Număr de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, doplnkový cukor. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, dopolnilni sladkor. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, täydentävä sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, tilläggssocker. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
D.
De in artikel 25, onder c), bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
Захар с отстъпки CXL, сурова захар, предназначена за рафиниране, внесена съгласно член 24, параграф 1 от Регламент (ЕО) № 950/2006. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Azúcar «concesiones CXL», azúcar en bruto para refinar, importado de conformidad con el artículo 24, apartado 1, del Reglamento (CE) no 950/2006. Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Koncesní cukr CXL, surový cukr určený k rafinaci a dovezený podle čl. 24 odst. 1 nařízení (ES) č. 950/2006. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
CXL-indrømmelsessukker; råsukker til raffinering, importeret i henhold til artikel 24, stk. 1, I forordning (EF) nr. 950/2006. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
„Zucker Zugeständnisse CXL“, zur Raffination bestimmter Rohzucker, eingeführt in Anwendung von Artikel 24 Absatz 1 der Verordnung (EG) Nr. 950/2006. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kontsessioonisuhkur, vastavalt määruse (EÜ) nr 950/2006 artikli 24 lõikele 1 imporditud rafineerimiseks ettenähtud toorsuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Ζάχαρη παραχωρήσεων CXL, ακατέργαστη ζάχαρη που προορίζεται για ραφινάρισμα, εισαγόμενη σύμφωνα με το άρθρο 24 παράγραφος 1 του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
CXL concessions sugar, raw sugar for refining, imported in accordance with Article 24(1) of Regulation (EC) No 950/2006. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Sucre concessions CXL, sucre brut destiné à être raffiné, importé conformément à l'article 24, paragraphe 1, du règlement (CE) no 950/2006. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Zucchero concessioni CXL, zucchero greggio destinato alla raffinazione, importato ai sensi dell'articolo 24, paragrafo 1, del regolamento (CE) n. 950/2006. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
CXL koncesiju cukurs, rafinējamais jēlcukurs, kas importēts saskaņā ar Regulas (EK) Nr. 950/2006 24. panta 1. punktu. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
„CXL lengvatinis cukrus“, rafinuoti skirtas žaliavinis cukrus, importuotas pagal Reglamento (EB) Nr. 950/2006 24 straipsnio 1 dalį. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet 24. cikkének (1) bekezdésével összhangban behozott CXL engedményes cukor, finomításra szánt nyerscukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Zokkor tal-konċessjonijiet CXL, zokkor mhux ipproċessat għall-irfinar, importat skond l-Artikolu 24(1) tar-Regolament (KE) Nru 950/2006. Nru tas-serje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Suiker CXL-concessies, voor raffinage bestemde ruwe suiker, ingevoerd overeenkomstig artikel 24, lid 1, van Verordening (EG) nr. 950/2006. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Cukier wymieniony na liście koncesyjnej CXL, cukier surowy do rafinacji, przywieziony zgodnie z art. 24 ust. 1 rozporządzenia (WE) nr 950/2006. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Açúcar «concessões CXL», açúcar bruto para refinação, importado em conformidade com o n.o 1 do artigo 24.o do Regulamento (CE) n.o 950/2006. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Zahăr concesionări CXL, zahăr brut destinat rafinării, importat conform articolului 24, alineatul 1 din Regulamentul (CE) nr. 950/2006. Număr de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Koncesný cukor CXL, surový cukor určený na rafináciu, dovezený v súlade s článkom 24 ods. 1 nariadenia (ES) č. 950/2006. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Sladkor iz koncesij CXL, surovi sladkor za prečiščevanje, uvožen v skladu s členom 24(1) Uredbe (ES) št. 950/2006. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
CXL-myönnytyksiin oikeutettu sokeri, puhdistettavaksi tarkoitettu raakasokeri, tuotu asetuksen (EY) N:o 950/2006 24 artiklan 1 kohdan mukaisesti. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Socker enligt CXL-medgivande, råsocker för raffinering importerat i enlighet med artikel 24.1 I förordning (EG) nr 950/2006. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
E.
De in artikel 25, onder d), bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
Внос при мито от 98 EUR за тон сурова захар със стандартно качество съгласно член 24, параграф 1 от Регламент (ЕО) № 950/2006. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Importación sujeta a un derecho de 98 EUR por tonelada de azúcar en bruto de la calidad tipo en aplicación del artículo 24, apartado 1, del Reglamento (CE) no 950/2006. Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Dovoz s celní sazbou ve výši 98 EUR za tunu surového cukru standardní jakosti podle čl. 24 odst. 1 nařízení (ES) č. 950/2006. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Import til en told på 98 EUR pr. ton råsukker af standardkvalitet i henhold til artikel 24, stk. 1, I forordning (EF) nr. 950/2006. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Einfuhr zum Zollsatz von 98 EUR je Tonne Rohzucker der Standardqualität in Anwendung von Artikel 24 Absatz 1 der Verordnung (EG) Nr. 950/2006. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Vastavalt määruse (EÜ) nr 950/2006 artikli 24 lõikele 1 tollimaksumääraga 98 eurot tonni kohta imporditud standardkvaliteediga toorsuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εισαγωγή με δασμό 98 ευρώ ανά τόνο ακατέργαστης ζάχαρης ποιοτικού τύπου κατ' εφαρμογή του άρθρου 24 παράγραφος 1 του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Import at a duty of EUR 98 per tonne of standard-quality raw sugar in accordance with Article 24(1) of Regulation (EC) No 950/2006. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Importation à droit de 98 EUR par tonne de sucre brut de la qualité type en application de l'article 24, paragraphe 1, du règlement (CE) no 950/2006. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Importazione al dazio di 98 EUR/t di zucchero greggio della qualità tipo in applicazione dell' articolo 24, paragrafo 1, del regolamento (CE) n. 950/2006. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 24. panta 1. punktā definētā standarta kvalitātes jēlcukura ievešana, piemērojot nodokļa likmi EUR 98 par tonnu. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Už 98 eurų muitą už toną pagal Reglamento (EB) Nr. 950/2006 24 straipsnio 1 dalį importuotas standartinis žaliavinis cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet 24. cikkének (1) bekezdése alapján tonnánként 98 eurós vámtétellel behozott szabványminőségű nyerscukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Importazzjoni b'dazju ta' EUR 98 għal kull tunnellata metrika ta' zokkor mhux ipproċessat ta' kwalità standard skond l-Artikolu 24(1) tar-Regolament (KE) Nru 950/2006. Numru tas-serje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Invoer tegen een recht van 98 euro per ton ruwe suiker van standaardkwaliteit overeenkomstig artikel 24, lid 1, van Verordening (EG) nr. 950/2006. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Przywóz objęty stawką celną 98 EUR za tonę cukru surowego jakości standardowej, zgodnie z zastosowaniem art. 24 ust. 1 rozporządzenia (WE) nr 950/2006. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Importação a direito de 98 euros por tonelada de açúcar bruto da qualidade-tipo, em aplicação do n.o 1 do artigo 24.o do Regulamento (CE) n.o 950/2006. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Import la o taxă de 98 EUR per tona de zahăr brut de calitate standard, conform articolului 24, alineatul (1) din Regulamentul (CE) nr. 950/2006. Nr. de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Dovoz s clom 98 EUR za tonu surového cukru štandardnej kvality v zmysle článku 24 ods. 1 nariadenia (ES) č. 950/2006. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uvozna dajatev 98 EUR na tono surovega sladkorja standardne kakovosti na podlagi člena 24(1) Uredbe (ES) št. 950/2006. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 24 artiklan 1 kohdan mukaisesti 98 euron tullilla tonnia kohden tuotava vakiolaatua oleva raakasokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Import till en tullsats av 98 euro per ton råsocker av standardkvalitet med tillämpning av artikel 24.1 i förordning (EG) nr 950/2006. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
F.
De in artikel 26, lid 2, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, захар с отстъпки CXL. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar «concesiones CXL». Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, koncesní cukr CXL. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, CXL-indrømmelsessukker. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, „Zucker Zugeständnisse CXL“. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, CXL kontsessioonisuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, ζάχαρη παραχωρήσεων CXL. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, CXL concessions sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre concessions CXL. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero concessioni CXL. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, CXL koncesiju cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, CXL lengvatinis cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, CXL engedményes cukor. Tételszám (a tételszámotaz I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor tal-konċessjonijiet CXL. Nru tas-serje (innumru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, suiker CXL-concessies. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, cukier wymieniony na liście koncesyjnej CXL. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar «concessões CXL». Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, zahăr concesionări CXL. Nr. de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, koncesný cukor CXL. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, sladkor iz koncesij CXL. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, CXL-myönnytyksiin oikeutettu sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, socker enligt CXL-medgivande. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
G.
De in artikel 29, lid 1, onder c), bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, захар Балкани. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar «Balcanes». Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, cukr z balkánských zemí. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, Balkan-sukker. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, Balkan-Zucker. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, Balkani suhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, ζάχαρη Βαλκανίων. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, Balkans sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre Balkans. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero Balcani. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, Balkānu cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, Balkanų cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, balkáni cukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor tal-Balkani. Nru tas-serje (in-numru tasserje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, Balkansuiker. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, cukier z Bałkanów. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar dos Balcãs. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, zahăr Balcani. Nr. de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, cukor z Balkánu. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, balkanski sladkor. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, Balkanin maista peräisin oleva sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, Balkansocker. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
H.
De in artikel 31, onder c), ii), eerste streepje, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, захар извънреден внос. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar «importación excepcional». Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, cukr výjimečného dovozu. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, sukker — undtagelsesvis import. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, „Zucker — außerordentliche Einfuhr“. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, erakorraline importsuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, ζάχαρη εξαιρετικής εισαγωγής. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, exceptional import sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre importation exceptionnelle. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero di importazione eccezionale. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, īpaša ieveduma cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, išskirtinio importo cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašomas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, kivételes behozatalból származó cukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor ta' importazzjoni eċċezzjonali. Numru tas-serje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, suiker voor uitzonderlijke invoer. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, przywieziony cukier pozakwotowy. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar importado a título excepcional. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, zahăr import excepțional. Nr. de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, mimoriadne dovezený cukor. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, sladkor iz posebnega uvoza. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, poikkeustuonnin alainen sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, socker för exceptionell import. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I). |
I.
De in artikel 31, onder c), ii), tweede streepje, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
В приложение на Регламент (ЕО) № 950/2006, захар промишлен внос. Пореден номер на квотата (да бъде вписан съгласно Приложение I) |
|
— |
in het Spaans |
: |
Aplicación del Reglamento (CE) no 950/2006, azúcar «importación industrial». Número de orden (insértese con arreglo al anexo I) |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
Podle nařízení (ES) č. 950/2006, cukr průmyslového dovozu. Pořadové číslo (pořadové číslo vložte podle přílohy I) |
|
— |
in het Deens |
: |
Anvendelse af forordning (EF) nr. 950/2006, sukker — import til industrien. Løbenummer (løbenummer indsættes ifølge bilag I) |
|
— |
in het Duits |
: |
Anwendung der Verordnung (EG) Nr. 950/2006, „Zucker — industrielle Einfuhr“. Laufende Nummer (laufende Nummer gemäß Anhang I einfügen) |
|
— |
in het Ests |
: |
Kohaldatakse määrust (EÜ) nr 950/2006, tööstuslik importsuhkur. Järjekorranumber (lisatakse vastavalt I lisale) |
|
— |
in het Grieks |
: |
Εφαρμογή του κανονισμού (ΕΚ) αριθ. 950/2006, ζάχαρη βιομηχανικής εισαγωγής. Αύξων αριθμός (να τοποθετηθεί ο αύξων αριθμός σύμφωνα με το παράρτημα Ι) |
|
— |
in het Engels |
: |
Application of Regulation (EC) No 950/2006, industrial import sugar. Serial No (serial number to be inserted in accordance with Annex I) |
|
— |
in het Frans |
: |
Application du règlement (CE) no 950/2006, sucre importation industrielle. Numéro d'ordre (numéro d'ordre à insérer selon l'annexe I) |
|
— |
in het Italiaans |
: |
Applicazione del regolamento (CE) n. 950/2006, zucchero di importazione industriale. Numero d'ordine (inserire in base all'allegato I) |
|
— |
in het Lets |
: |
Regulas (EK) Nr. 950/2006 piemērošana, rūpnieciska ieveduma cukurs. Sērijas numurs (ievietot sērijas numuru saskaņā ar I pielikumu) |
|
— |
in het Litouws |
: |
Taikomas Reglamentas (EB) Nr. 950/2006, pramoninio importo cukrus. Eilės numeris (eilės numeris įrašytinas pagal I priedą) |
|
— |
in het Hongaars |
: |
A 950/2006/EK rendelet alkalmazása, ipari behozatalból származó cukor. Tételszám (a tételszámot az I. mellékletnek megfelelően kell beilleszteni) |
|
— |
in het Maltees |
: |
Applikazzjoni tar-Regolament (KE) Nru 950/2006, zokkor ta' importazzjoni industrijali. Numru tasserje (in-numru tas-serje għandu jiddaħħal skond l-Anness I) |
|
— |
in het Nederlands |
: |
Toepassing van Verordening (EG) nr. 950/2006, suiker voor industriële invoer. Volgnummer (zie bijlage I) |
|
— |
in het Pools |
: |
Zastosowanie rozporządzenia (WE) nr 950/2006, przywieziony cukier przemysłowy. Numer porządkowy (numer porządkowy zostanie wpisany zgodnie z załącznikiem I) |
|
— |
in het Portugees |
: |
Aplicação do Regulamento (CE) n.o 950/2006, açúcar importado para fins industriais. Número de ordem (número de ordem a inserir de acordo com o anexo I) |
|
— |
in het Roemeens |
: |
Aplicare a Regulamentului (CE) nr. 950/2006, import zahăr industrial. Număr de ordine (de inserat numărul de ordine conform Anexei I) |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
Uplatňovanie nariadenia (ES) č. 950/2006, cukor na priemyselné spracovanie. Poradové číslo (uviesť poradové číslo podľa prílohy I) |
|
— |
in het Sloveens |
: |
Uporaba Uredbe (ES) št. 950/2006, sladkor iz industrijskega uvoza. Zaporedna številka: (vstaviti zaporedno številko v skladu s Prilogo I) |
|
— |
in het Fins |
: |
Asetuksen (EY) N:o 950/2006 soveltaminen, teollisuuden tarpeisiin tuotava sokeri. Järjestysnumero (lisätään järjestysnumero liitteen I mukaisesti) |
|
— |
in het Zweeds |
: |
Tillämpning av förordning (EG) nr 950/2006, socker för industriell import. Löpnummer (löpnummer skall anges enligt bilaga I).” |
BIJLAGE III
„BIJLAGE
A.
De in artikel 6, lid 2, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
„Регламент (ЕО) № 951/2006 (ОВ L 178, 1.7.2006 г., стр. 24), срок за подаване на офертите: …“ |
|
— |
in het Spaans |
: |
«Reglamento (CE) no 951/2006 (DO L 178 de 1.7.2006, p. 24), plazo para la presentación de ofertas: …» |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
„Nařízení (ES) č. 951/2006 (Úř. věst. L 178, 1.7.2006, s. 24), lhůta pro předložení nabídek vyprší: …“ |
|
— |
in het Deens |
: |
»Forordning (EF) nr. 951/2006 (EUT L 178 af 1.7.2006, s. 24), frist for indgivelse af tilbud: …« |
|
— |
in het Duits |
: |
„Verordnung (EG) Nr. 951/2006 (ABl. L 178 vom 1.7.2006, S. 24), Ablauf der Angebotsfrist am: …“ |
|
— |
in het Ests |
: |
„Määrus (EÜ) nr 951/2006 (ELT L 178, 1.7.2006, lk 24), pakkumiste esitamise tähtaeg: …” |
|
— |
in het Grieks |
: |
«Κανονισμός (ΕΚ) αριθ. 951/2006 (ΕΕ L 178 της 1.7.2006, σ. 24), προθεσμία για την υποβολή προσφορών: …» |
|
— |
in het Engels |
: |
„Regulation (EC) No 951/2006 (OJ L 178, 1.7.2006, p. 24), time limit for submission of tenders: …” |
|
— |
in het Frans |
: |
«Règlement (CE) no 951/2006 (JO L 178 du 1.7.2006, p. 24), délai de présentation des offres: …» |
|
— |
in het Italiaans |
: |
«Regolamento (CE) n. 951/2006 (GU L 178 del 1.7.2006, pag. 24), termine per la presentazione delle offerte: …» |
|
— |
in het Lets |
: |
„Regula (EK) Nr. 951/2006 (OV L 178, 1.7.2006., 24. lpp.), piedāvājumu iesniegšanas termiņš: …” |
|
— |
in het Litouws |
: |
„Reglamentas (EB) Nr. 951/2006 (OL L 178, 2006 7 1, p. 24), galutinis paraiškų pateikimo terminas: …“ |
|
— |
in het Hongaars |
: |
„951/2006/EK rendelet (HL L 178, 2006.7.1., 24. o.), a pályázatok benyújtásának határideje: …” |
|
— |
in het Nederlands |
: |
„Verordening (EG) nr. 951/2006 (PB L 178 van 1.7.2006, blz. 24), termijn voor het indienen van de aanbiedingen: …” |
|
— |
in het Pools |
: |
„Rozporządzenie (WE) nr 951/2006 (Dz.U. L 178 z 1.7.2006, str. 24), termin składania ofert: …” |
|
— |
in het Portugees |
: |
«Regulamento (CE) n.o 951/2006 (JO L 178 de 1.7.2006, p. 24), prazo para apresentação de propostas: …» |
|
— |
in het Roemeens |
: |
„Regulamentul (CE) nr. 951/2006 (JO L 178 din 1.7.2006, p. 24), termen de depunere a ofertelor: …” |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
„Nariadenie (ES) č. 951/2006 (Ú. v. EÚ L 178, 1.7.2006, s. 24), lehota na predkladanie ponúk: …“ |
|
— |
in het Sloveens |
: |
„Uredba (ES) št. 951/2006 (UL L 178, 1.7.2006, str. 24), rok za oddajo predlogov: …“ |
|
— |
in het Fins |
: |
”Asetus (EY) N:o 951/2006 (EUVL L 178, 1.7.2006, s. 24), tarjousten tekemiselle asetettu määräaika päättyy: …” |
|
— |
in het Zweeds |
: |
”Förordning (EG) nr 951/2006 (EUT L 178, 1.7.2006, s. 24), tidsgräns för inlämnande av anbudsinfordran: …” |
B.
De in artikel 6, lid 3, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
„Ставка на приложимо възстановяване“ |
|
— |
in het Spaans |
: |
«Tasa de la restitución aplicable: …» |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
„sazba použitelné náhrady“ |
|
— |
in het Deens |
: |
»Restitutionssats« |
|
— |
in het Duits |
: |
„Anwendbarer Erstattungssatz“ |
|
— |
in het Ests |
: |
„Kohaldatav toetuse määr” |
|
— |
in het Grieks |
: |
«Ύψος της ισχύουσας επιστροφής» |
|
— |
in het Engels |
: |
„rate of applicable refund” |
|
— |
in het Frans |
: |
«Taux de la restitution applicable» |
|
— |
in het Italiaans |
: |
«Tasso della restituzione applicabile: …» |
|
— |
in het Lets |
: |
„Piemērojamā eksporta kompensācijas likme” |
|
— |
in het Litouws |
: |
„Taikoma grąžinamosios išmokos norma“ |
|
— |
in het Hongaars |
: |
„Alkalmazandó visszatérítés mértéke: …” |
|
— |
in het Nederlands |
: |
„Toe te passen restitutiebedrag: …” |
|
— |
in het Pools |
: |
„stawka stosowanej refundacji” |
|
— |
in het Portugees |
: |
«Taxa da restituição aplicável: …» |
|
— |
in het Roemeens |
: |
„Rata restituirii aplicabile” |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
„výška uplatniteľnej náhrady“ |
|
— |
in het Sloveens |
: |
„višina nadomestila“ |
|
— |
in het Fins |
: |
”Tuen määrä …” |
|
— |
in het Zweeds |
: |
”Exportbidragssatsen: …” |
C.
In artikel 7 bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
„(Захар) или (изоглюкоза) или (сироп от инулин), които не се разглеждат „извън квотата“ за износ без възстановяване“ |
|
— |
in het Spaans |
: |
«[Azúcar] o [Isoglucosa] o [Jarabe de inulina] no considerado „al margen de cuota” para la exportación sin restitución» |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
„(Cukr) nebo (Isoglukosa) nebo (Inulinový sirup), (který/která) se nepovažuje za produkt ‚mimo rámec kvót‘, pro vývoz bez náhrady“ |
|
— |
in het Deens |
: |
»[Sukker] eller [Isoglucose] eller [Inulinsirup], der ikke anses for at være »uden for kvote« til eksport uden restitution« |
|
— |
in het Duits |
: |
„[Nicht als ‚Nichtquotenerzeugung‘ geltender Zucker]/[Nicht als ‚Nichtquotenerzeugung‘ geltende Isoglukose]/[Nicht als ‚Nichtquotenerzeugung‘ geltender Inulinsirup] für die Ausfuhr ohne Erstattung“ |
|
— |
in het Ests |
: |
„Kvoodivälisena mittekäsitatava (suhkru) või (isoglükoosi) või (inuliinisiirupi) eksportimiseks ilma toetuseta” |
|
— |
in het Grieks |
: |
«[Ζάχαρη] ή [Ισογλυκόζη] ή [Σιρόπι ινουλίνης] που δεν θεωρείται „εκτός ποσόστωσης” προς εξαγωγή χωρίς επιστροφή» |
|
— |
in het Engels |
: |
„(Sugar) or (Isoglucose) or (Inulin syrup) not considered as „out-of-quota” for export without refund” |
|
— |
in het Frans |
: |
«[Sucre] ou [isoglucose] ou [sirop d'inuline] non considéré „hors quota” pour les exportations sans restitution» |
|
— |
in het Italiaans |
: |
«[Zucchero] o [isoglucosio] o [sciroppo di inulina] non considerato „fuori quota” per le esportazioni senza restituzione» |
|
— |
in het Lets |
: |
„(Cukurs) vai (izoglikoze) vai (inulīna sīrups), kas nav uzskatāms par „ārpuskvotu” produkciju eksportam bez kompensācijas” |
|
— |
in het Litouws |
: |
„Virškvotiniu nelaikomas (cukrus) ar (izogliukozė) ar (inulino sirupas) eksportui be grąžinamosios išmokos“ |
|
— |
in het Hongaars |
: |
„A [cukrot] vagy az [izoglükózt] vagy az [inulinszirupot] nem tekintik »kvótán felülinek« a visszatérítés nélküli kivitel tekintetében” |
|
— |
in het Nederlands |
: |
„[Suiker] of [Isoglucose] of [Inulinestroop] die niet als „buiten het quotum geproduceerd” wordt beschouwd, bestemd voor uitvoer zonder restitutie” |
|
— |
in het Pools |
: |
„[Cukier] lub [Izoglukoza] lub [Syrop inulinowy] niezaliczany/-a do produktów »pozakwotowych«, przeznaczony/-a do wywozu bez refundacji” |
|
— |
in het Portugees |
: |
«[Açúcar] ou [Isoglucose] ou [Xarope de inulina] não considerado(a) „extra-quota” para exportação sem restituição» |
|
— |
in het Roemeens |
: |
„(Zahăr) sau (izoglucoză) sau (sirop de inulină) nefiind considerate «peste cotă» pentru exporturile fără restituire” |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
„[Cukor] alebo [izoglukóza] alebo [inulínový sirup], ktorý sa nepovažuje za ‚nad rámec kvóty” na vývoz bez náhrady“ |
|
— |
in het Sloveens |
: |
„(Sladkor) ali (izoglukoza) ali (inulinski sirup) se ne štejejo kot ‚izven kvote‘ za izvoz brez nadomestila“ |
|
— |
in het Fins |
: |
”Tuetta vietävä [sokeri] tai [isoglukoosi] tai [inuliinisiirappi], jota ei pidetä kiintiön ulkopuolisena” |
|
— |
in het Zweeds |
: |
”[Socker] eller [isoglukos] eller [inulinsirap] som inte anses vara ’utomkvotsprodukter” för export utan bidrag” |
D.
De in artikel 14, lid 3, bedoelde vermeldingen:|
— |
in het Bulgaars |
: |
„EX/IM, член 116 от Регламент (ЕО) № 2913/92 – лицензия, валидна в … (държава-членка издател)“ |
|
— |
in het Spaans |
: |
«EX/IM, artículo 116 del Reglamento (CEE) no 2913/92 — certificado válido en … (Estado miembro de emisión)» |
|
— |
in het Tsjechisch |
: |
„EX/IM, článek 116 nařízení (EHS) č. 2913/92 – licence platná v … (vydávající členský stát)“ |
|
— |
in het Deens |
: |
»EX/IM, artikel 116 i forordning (EØF) nr. 2913/92 — licens gyldig i … (udstedende medlemsstat)« |
|
— |
in het Duits |
: |
„EX/IM, Artikel 116 der Verordnung (EWG) Nr. 2913/92 — Lizenz gültig in … (erteilender Mitgliedstaat)“ |
|
— |
in het Ests |
: |
„EX/IM, määruse (EMÜ) nr 2913/92 artikkel 116 – litsents kehtib … (väljaandev liikmesriik)” |
|
— |
in het Grieks |
: |
«EX/IM, άρθρο 116 του κανονισμού (ΕΟΚ) αριθ. 2913/92 — πιστοποιητικό που ισχύει στ … (κράτος μέλος έκδοσης)» |
|
— |
in het Engels |
: |
„EX/IM, Article 116 of Regulation (EEC) No 2913/92 — licence valid in … (issuing Member State)” |
|
— |
in het Frans |
: |
«EX/IM, article 116 du règlement (CEE) no 2913/92 — certificat valable au/en (État membre d'émission)» |
|
— |
in het Italiaans |
: |
«EX/IM, articolo 116 del regolamento (CEE) n. 2913/92 — titolo valido in … (Stato membro di rilascio)» |
|
— |
in het Lets |
: |
„EX/IM, Regulas (EEK) Nr. 2913/92 116. pants – licence ir derīga … (izsniedzēja dalībvalsts)” |
|
— |
in het Litouws |
: |
„EX/IM, Reglamento (EEB) Nr. 2913/92 116 straipsnis – licencija galioja … (išduodanti valstybė narė)“ |
|
— |
in het Hongaars |
: |
„EX/IM, a 2913/92/EGK rendelet 116. cikke – az engedély …-ban/-ben (kibocsátó tagállam) érvényes” |
|
— |
in het Nederlands |
: |
„EX/IM, artikel 116 van Verordening (EEG) nr. 2913/92 — certificaat geldig in … (lidstaat van afgifte)” |
|
— |
in het Pools |
: |
„EX/IM, art. 116 rozporządzenia (EWG) nr 2913/92 – pozwolenie ważne w (państwo członkowskie wydające pozwolenie)” |
|
— |
in het Portugees |
: |
«EX/IM, Artigo 116.o do Regulamento (CEE) n.o 2913/92 — certificado eficaz em … (Estado-Membro de emissão)» |
|
— |
in het Roemeens |
: |
„EX/IM, articolul 116 din Regulamentul (CEE) nr. 2913/92 – licență valabilă în … (statul membru emitent)” |
|
— |
in het Slowaaks |
: |
„vývoz/dovoz, článok 116 nariadenia (EHS) č. 2913/92 – licencia platná v … (vydávajúci členský štát)“ |
|
— |
in het Sloveens |
: |
„IZ/UV, člen 116 Uredbe (EGS) št. 2913/92 – dovoljenje veljavno v … (država članica izdajateljica)“ |
|
— |
in het Fins |
: |
”EX/IM, asetuksen (ETY) N:o 2913/92 116 artikla – Todistus on voimassa … (myöntäjäjäsenvaltio)” |
|
— |
in het Zweeds |
: |
”EX/IM, artikel 116 i förordning (EEG) nr 2913/92 – licens giltig i … (utfärdande medlemsstat)”” |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/58 |
VERORDENING (EG) Nr. 2032/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot vaststelling, voor het visseizoen 2007, van de ophoudprijzen en de verkoopprijzen van de Gemeenschap voor de in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad genoemde visserijproducten
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1), en met name op artikel 20, lid 3, en artikel 22,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad is bepaald dat de communautaire ophoudprijzen en de communautaire verkoopprijzen voor elk van de in bijlage I bij die verordening genoemde producten naar gelang van versheid, grootte of gewicht en aanbiedingsvorm van het product worden vastgesteld door de aanpassingscoëfficiënt voor de betrokken productklasse toe te passen op een bedrag dat ten hoogste 90 % van de oriëntatieprijs bedraagt. |
|
(2) |
In de aanvoergebieden die zeer ver van de voornaamste verbruikscentra van de Gemeenschap zijn gelegen, kunnen aanpassingscoëfficiënten op de ophoudprijs worden toegepast. De oriëntatieprijzen voor het visseizoen 2007 zijn voor alle betrokken producten vastgesteld bij Verordening (EG) nr. …/… van de Raad (2). |
|
(3) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De omrekeningsfactoren welke worden gebruikt voor het berekenen van de ophoudprijzen en de verkoopprijzen van de Gemeenschap, als bedoeld in artikel 20 en 22 van Verordening (EG) nr. 104/2000 voor het visseizoen 2007 voor de in bijlage I bij die verordening genoemde producten, zijn weergegeven in bijlage I van deze verordening.
Artikel 2
De communautaire ophoudprijzen en communautaire verkoopprijzen voor het visseizoen 2007 en de producten waarop zij betrekking hebben, zijn vastgesteld in bijlage II.
Artikel 3
De ophoudprijzen voor het visseizoen 2007 voor ver van de voornaamste verbruikscentra van de Gemeenschap gelegen aanvoergebieden en de producten waarop deze prijzen van toepassing zijn, zijn vastgesteld in bijlage III.
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing vanaf 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
(2) Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad.
BIJLAGE I
Handelskenmerken van sommige producten van bijlage I, onder A, B en C, van Verordening (EG) nr. 104/2000
|
Vissoort |
Grootte (*1) |
Aanpassingscoëfficiënten |
|
|
Ontdaan van ingewanden (*1) |
In gehele staat (*1) |
||
|
Extra, A (*1) |
Extra, A (*1) |
||
|
Haring van de soort Clupea harengus |
1 |
0,00 |
0,47 |
|
2 |
0,00 |
0,72 |
|
|
3 |
0,00 |
0,68 |
|
|
4a |
0,00 |
0,43 |
|
|
4b |
0,00 |
0,43 |
|
|
4c |
0,00 |
0,90 |
|
|
5 |
0,00 |
0,80 |
|
|
6 |
0,00 |
0,40 |
|
|
7a |
0,00 |
0,40 |
|
|
7b |
0,00 |
0,36 |
|
|
8 |
0,00 |
0,30 |
|
|
Sardines van de soort Sardina pilchardus |
1 |
0,00 |
0,51 |
|
2 |
0,00 |
0,64 |
|
|
3 |
0,00 |
0,72 |
|
|
4 |
0,00 |
0,47 |
|
|
Doornhaai Squalus acanthias |
1 |
0,60 |
0,60 |
|
2 |
0,51 |
0,51 |
|
|
3 |
0,28 |
0,28 |
|
|
Hondshaai Scyliorhinus spp. |
1 |
0,64 |
0,60 |
|
2 |
0,64 |
0,56 |
|
|
3 |
0,44 |
0,36 |
|
|
Noorse Schelvis Sebastes spp. |
1 |
0,00 |
0,81 |
|
2 |
0,00 |
0,81 |
|
|
3 |
0,00 |
0,68 |
|
|
Kabeljauw van de soort Gadus morhua |
1 |
0,72 |
0,52 |
|
2 |
0,72 |
0,52 |
|
|
3 |
0,68 |
0,40 |
|
|
4 |
0,54 |
0,30 |
|
|
5 |
0,38 |
0,22 |
|
|
Koolvis Pollachius virens |
1 |
0,72 |
0,56 |
|
2 |
0,72 |
0,56 |
|
|
3 |
0,71 |
0,55 |
|
|
4 |
0,61 |
0,30 |
|
|
Schelvis Melanogrammus aeglefinus |
1 |
0,72 |
0,56 |
|
2 |
0,72 |
0,56 |
|
|
3 |
0,62 |
0,43 |
|
|
4 |
0,52 |
0,36 |
|
|
Wijting Merlangius merlangus |
1 |
0,66 |
0,50 |
|
2 |
0,64 |
0,48 |
|
|
3 |
0,60 |
0,44 |
|
|
4 |
0,41 |
0,30 |
|
|
Leng Molva spp. |
1 |
0,68 |
0,56 |
|
2 |
0,66 |
0,54 |
|
|
3 |
0,60 |
0,48 |
|
|
Makreel van de soort Scomber scombrus |
1 |
0,00 |
0,72 |
|
2 |
0,00 |
0,71 |
|
|
3 |
0,00 |
0,69 |
|
|
Makreel van de soort Scomber japonicus |
1 |
0,00 |
0,77 |
|
2 |
0,00 |
0,77 |
|
|
3 |
0,00 |
0,63 |
|
|
4 |
0,00 |
0,47 |
|
|
Ansjovis Engraulis spp. |
1 |
0,00 |
0,68 |
|
2 |
0,00 |
0,72 |
|
|
3 |
0,00 |
0,60 |
|
|
4 |
0,00 |
0,25 |
|
|
Schol Pleuronectes platessa |
1 |
0,75 |
0,41 |
|
2 |
0,75 |
0,41 |
|
|
3 |
0,72 |
0,41 |
|
|
4 |
0,52 |
0,34 |
|
|
Heek van de soort Merluccius merluccius |
1 |
0,90 |
0,71 |
|
2 |
0,68 |
0,53 |
|
|
3 |
0,68 |
0,52 |
|
|
4 |
0,56 |
0,43 |
|
|
5 |
0,52 |
0,41 |
|
|
Schartong Lepidorhombus spp. |
1 |
0,68 |
0,64 |
|
2 |
0,60 |
0,56 |
|
|
3 |
0,54 |
0,49 |
|
|
4 |
0,34 |
0,29 |
|
|
Schar Limanda limanda |
1 |
0,71 |
0,58 |
|
2 |
0,54 |
0,42 |
|
|
Bot Platichthys flesus |
1 |
0,66 |
0,58 |
|
2 |
0,50 |
0,42 |
|
|
Witte tonijn Thunnus alalunga |
1 |
0,90 |
0,81 |
|
2 |
0,90 |
0,77 |
|
|
Inktvissen Sepia officinalis en Rossia macrosoma |
1 |
0,00 |
0,64 |
|
2 |
0,00 |
0,64 |
|
|
3 |
0,00 |
0,40 |
|
|
Vissoort |
Grootte (*2) |
Aanpassingscoëfficiënten |
|
|
|
In gehele staat of ontdaan van ingewanden (*2) |
Zonder kop (*2) |
|||
|
Extra, A (*2) |
Extra, A (*2) |
|||
|
Zeeduivel Lophius spp. |
1 |
0,61 |
0,77 |
|
|
2 |
0,78 |
0,72 |
|
|
|
3 |
0,78 |
0,68 |
|
|
|
4 |
0,65 |
0,60 |
|
|
|
5 |
0,36 |
0,43 |
|
|
|
|
|
Alle presentaties |
|
|
|
Extra, A (*2) |
||||
|
Garnalen van de soort Crangon crangon |
1 |
0,59 |
|
|
|
2 |
0,27 |
|
||
|
|
|
In water gekookt |
Vers of gekoeld |
|
|
Extra, A (*2) |
Extra, A (*2) |
|||
|
Noorse garnaal Pandalus borealis |
1 |
0,77 |
0,68 |
|
|
2 |
0,27 |
— |
|
|
|
|
|
In gehele staat (*2) |
|
|
|
Noordzeekrab Cancer pagurus |
1 |
0,72 |
|
|
|
2 |
0,54 |
|
||
|
|
|
In gehele staat (*2) |
Staarten (*2) |
|
|
E' (*2) |
Extra, A (*2) |
Extra, A (*2) |
||
|
Langoestine Nephrops norvegicus |
1 |
0,86 |
0,86 |
0,81 |
|
2 |
0,86 |
0,59 |
0,68 |
|
|
3 |
0,77 |
0,59 |
0,50 |
|
|
4 |
0,50 |
0,41 |
0,41 |
|
|
|
|
Ontdaan van ingewanden (*2) |
In gehele staat (*2) |
|
|
Extra, A (*2) |
Extra, A (*2) |
|||
|
Tong Solea spp. |
1 |
0,75 |
0,58 |
|
|
2 |
0,75 |
0,58 |
|
|
|
3 |
0,71 |
0,54 |
|
|
|
4 |
0,58 |
0,42 |
|
|
|
5 |
0,50 |
0,33 |
|
|
(*1) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000.
(*2) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000.
BIJLAGE II
Gemeenschappelijke ophoud- en verkoopprijs voor de producten van bijlage I, onder A, B en C, van Verordening (EG) nr. 104/2000
|
Vissoort |
Grootte (*1) |
Ophoudprijs in Euro/ton |
|
|
Ontdaan van ingewanden met kop (*1) |
In gehele staat (*1) |
||
|
Extra, A (*1) |
Extra, A (*1) |
||
|
Haring van de soort Clupea harengus |
1 |
0 |
128 |
|
2 |
0 |
197 |
|
|
3 |
0 |
186 |
|
|
4a |
0 |
117 |
|
|
4b |
0 |
117 |
|
|
4c |
0 |
246 |
|
|
5 |
0 |
218 |
|
|
6 |
0 |
109 |
|
|
7a |
0 |
109 |
|
|
7b |
0 |
98 |
|
|
8 |
0 |
82 |
|
|
Sardines van de soort Sardina pilchardus |
1 |
0 |
287 |
|
2 |
0 |
360 |
|
|
3 |
0 |
405 |
|
|
4 |
0 |
265 |
|
|
Doornhaai Squalus acanthias |
1 |
654 |
654 |
|
2 |
556 |
556 |
|
|
3 |
305 |
305 |
|
|
Hondshaai Scyliorhinus spp. |
1 |
474 |
444 |
|
2 |
474 |
414 |
|
|
3 |
326 |
266 |
|
|
Noorse schelvis Sebastes spp. |
1 |
0 |
925 |
|
2 |
0 |
925 |
|
|
3 |
0 |
777 |
|
|
Kabeljauw van de soort Gadus morhua |
1 |
1 169 |
844 |
|
2 |
1 169 |
844 |
|
|
3 |
1 104 |
649 |
|
|
4 |
876 |
487 |
|
|
5 |
617 |
357 |
|
|
Koolvis Pollachius virens |
1 |
554 |
431 |
|
2 |
554 |
431 |
|
|
3 |
546 |
423 |
|
|
4 |
469 |
231 |
|
|
Schelvis Melanogrammus aeglefinus |
1 |
740 |
576 |
|
2 |
740 |
576 |
|
|
3 |
637 |
442 |
|
|
4 |
535 |
370 |
|
|
Vissoort |
Grootte (*2) |
Ophoudprijs in Euro/ton |
|||
|
Ontdaan van ingewanden, met kop (*2) |
In gehele staat (*2) |
||||
|
Extra, A (*2) |
Extra, A (*2) |
||||
|
Wijting Merlangius merlangus |
1 |
624 |
473 |
||
|
2 |
605 |
454 |
|||
|
3 |
568 |
416 |
|||
|
4 |
388 |
284 |
|||
|
Leng Molva spp. |
1 |
813 |
670 |
||
|
2 |
789 |
646 |
|||
|
3 |
718 |
574 |
|||
|
Makreel van de soort Scomber scombrus |
1 |
0 |
237 |
||
|
2 |
0 |
234 |
|||
|
3 |
0 |
227 |
|||
|
Makreel van de soort Scomber japonicus |
1 |
0 |
229 |
||
|
2 |
0 |
229 |
|||
|
3 |
0 |
188 |
|||
|
4 |
0 |
140 |
|||
|
Ansjovis Engraulis spp. |
1 |
0 |
907 |
||
|
2 |
0 |
960 |
|||
|
3 |
0 |
800 |
|||
|
4 |
0 |
334 |
|||
|
Schol Pleuronectes platessa |
|||||
|
1 |
809 |
442 |
||
|
2 |
809 |
442 |
|||
|
3 |
777 |
442 |
|||
|
4 |
561 |
367 |
|||
|
1 |
1 124 |
615 |
||
|
2 |
1 124 |
615 |
|||
|
3 |
1 079 |
615 |
|||
|
4 |
779 |
510 |
|||
|
Heek van de soort Merluccius merluccius |
1 |
3 308 |
2 609 |
||
|
2 |
2 499 |
1 948 |
|||
|
3 |
2 499 |
1 911 |
|||
|
4 |
2 058 |
1 580 |
|||
|
5 |
1 911 |
1 507 |
|||
|
Schartong Lepidorhombus spp. |
1 |
1 728 |
1 626 |
||
|
2 |
1 525 |
1 423 |
|||
|
3 |
1 372 |
1 245 |
|||
|
4 |
864 |
737 |
|||
|
Schar Limanda limanda |
1 |
613 |
501 |
||
|
2 |
466 |
362 |
|||
|
Vissoort |
Grootte (*3) |
Ophoudprijs in Euro/ton |
|
|
Ontdaan van, ingewanden, met kop (*3) |
In gehele staat (*3) |
||
|
Extra, A (*3) |
Extra, A (*3) |
||
|
Bot Platichtys flesus |
1 |
343 |
301 |
|
2 |
260 |
218 |
|
|
Witte tonijn Thunnus alalunga |
1 |
2 196 |
1 771 |
|
2 |
2 196 |
1 684 |
|
|
Inktvissen Sepia officinalis en Rossia macrosoma |
1 |
0 |
1 069 |
|
2 |
0 |
1 069 |
|
|
3 |
0 |
668 |
|
|
|
|
Geheel of ontdaan van Ingewanden, met kop (*3) |
Zonder kop (*3) |
|
Extra, A (*3) |
Extra, A (*3) |
||
|
Zeeduivel Lophius spp. |
1 |
1 784 |
4 656 |
|
2 |
2 281 |
4 354 |
|
|
3 |
2 281 |
4 112 |
|
|
4 |
1 901 |
3 628 |
|
|
5 |
1 053 |
2 600 |
|
|
|
|
Alle presentaties |
|
|
Extra, A (*3) |
|||
|
Garnalen van de soort Crangon crangon |
1 |
1 396 |
|
|
2 |
639 |
||
|
|
|
In water gekookt |
Vers of gekoeld |
|
Extra, A (*3) |
Extra, A (*3) |
||
|
Noorse garnaal Pandalus borealis |
1 |
4 936 |
1 092 |
|
2 |
1 731 |
— |
|
|
Vissoort |
Grootte (*4) |
Verkoopprijs in Euro/ton |
|
|
|
In gehele staat (*4) |
|
|||
|
Noordzeekrab Cancer pagurus |
1 |
1 272 |
|
|
|
2 |
954 |
|
|
|
|
|
|
In gehele staat (*4) |
Staarten (*4) |
|
|
E' (*4) |
Extra, A (*4) |
Extra, A (*4) |
||
|
Langoestine Nephrops norvegicus |
1 |
4 590 |
4 590 |
3 466 |
|
2 |
4 590 |
3 149 |
2 910 |
|
|
3 |
4 109 |
3 149 |
2 140 |
|
|
4 |
2 669 |
2 188 |
1 754 |
|
|
|
|
Ontdaan van ingewanden, Met kop (*4) |
In gehele staat (*4) |
|
|
Extra, A (*4) |
Extra, A (*4) |
|||
|
Tong Solea spp. |
1 |
5 110 |
3 952 |
|
|
2 |
5 110 |
3 952 |
|
|
|
3 |
4 837 |
3 679 |
|
|
|
4 |
3 952 |
2 861 |
|
|
|
5 |
3 407 |
2 248 |
|
|
(*1) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000
(*2) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000
(*3) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000
(*4) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000
BIJLAGE III
Ophoudprijzen in de aanvoergebieden die verafgelegen zijn van de voornaamste verbruikscentra
|
Vissoort |
Lossingsgebieden |
Coëfficiënt |
Grootte (*1) |
Ophoudprijs in EUR/t |
|
|
Ontdaan van ingewanden (*1) |
In gehele staat (*1) |
||||
|
Extra, A (*1) |
Extra, A (*1) |
||||
|
Haring van de soort Clupea harengus |
Kustgebieden en eilanden van Ierland |
0,90 |
1 |
0 |
115 |
|
2 |
0 |
177 |
|||
|
3 |
0 |
167 |
|||
|
4a |
0 |
106 |
|||
|
Kustgebieden van het oosten van Engeland, van Berwick tot Dover. Kustgebieden van Schotland van Portpatrick tot Eyemouth, alsmede de westelijk en noordelijk van deze gebieden gelegen eilanden. Kustgebieden van het graafschap Down (Noord-Ierland) |
0,90 |
1 |
0 |
115 |
|
|
2 |
0 |
177 |
|||
|
3 |
0 |
167 |
|||
|
4a |
0 |
106 |
|||
|
Makreel van de soort Scomber scombrus |
Kustgebieden en eilanden van Ierland |
0,96 |
1 |
0 |
227 |
|
2 |
0 |
224 |
|||
|
3 |
0 |
218 |
|||
|
Kustgebieden en eilanden van de graafschappen Cornwall en Devon in het Verenigd Koninkrijk |
0,95 |
1 |
0 |
225 |
|
|
2 |
0 |
222 |
|||
|
3 |
0 |
216 |
|||
|
Heek van de soort Merluccius merluccius |
Kustgebieden van Troon in het zuidwesten van Schotland tot Wick in het noordoosten van Schotland, alsmede de westelijk en noordelijk van deze gebieden gelegen eilanden |
0,75 |
1 |
2 481 |
1 957 |
|
2 |
1 874 |
1 461 |
|||
|
3 |
1 874 |
1 433 |
|||
|
4 |
1 544 |
1 185 |
|||
|
5 |
1 433 |
1 130 |
|||
|
Witte tonijn (Thunnus alalunga) |
Azoren en Madeira |
0,48 |
1 |
1 054 |
850 |
|
2 |
1 054 |
808 |
|||
|
Sardines van de soort Sardina pilchardus |
Canarische Eilanden |
0,48 |
1 |
0 |
138 |
|
2 |
0 |
173 |
|||
|
3 |
0 |
195 |
|||
|
4 |
0 |
127 |
|||
|
Kustgebieden en eilanden van de graafschappen Cornwall en Devon in het Verenigd Koninkrijk |
0,74 |
1 |
0 |
212 |
|
|
2 |
0 |
267 |
|||
|
3 |
0 |
300 |
|||
|
4 |
0 |
196 |
|||
|
De Atlantische kustgebieden van Portugal |
0,93 |
2 |
0 |
335 |
|
|
0,81 |
3 |
0 |
328 |
||
(*1) De klassen van versheid, grootte en presentatie zijn die welke zijn bepaald op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000.
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/66 |
VERORDENING (EG) Nr. 2033/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot vaststelling van de communautaire verkoopprijzen voor de in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad genoemde visserijproducten voor het visseizoen 2007
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1), en met name op artikel 25, leden 1 en 6,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Voor elk van de in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 104/2000 genoemde producten wordt vóór het begin van het visseizoen een communautaire verkoopprijs vastgesteld die ten minste 70 % en ten hoogste 90 % van de oriëntatieprijs bedraagt. |
|
(2) |
Voor alle betrokken producten zijn de oriëntatieprijzen voor het visseizoen 2007 vastgesteld bij Verordening (EG) nr. …./… van de Raad (2). |
|
(3) |
De marktprijzen variëren aanzienlijk volgens de soorten en de commerciële aanbiedingsvormen van de producten, in het bijzonder voor pijlinktvis en heek. |
|
(4) |
Derhalve dienen, met het oog op de bepaling van het niveau waarop kan worden overgegaan tot toepassing van de in artikel 25, lid 2, van Verordening (EG) nr. 104/2000 bedoelde interventiemaatregel, aanpassingscoëfficiënten te worden vastgesteld voor de verschillende soorten en aanbiedingsvormen van de in de Gemeenschap aangevoerde bevroren producten. |
|
(5) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De communautaire verkoopprijzen, zoals bedoeld in artikel 25, lid 1, van Verordening (EG) nr. 104/2000 voor de in bijlage II bij die verordening genoemde visserijproducten voor het visseizoen 2007, en de betrokken aanbiedingsvormen en aanpassingscoëfficiënten, zijn vermeld in de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
(2) Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad.
BIJLAGE
VERKOOPPRIJZEN EN AANPASSINGSCOËFFICIËNTEN
|
Soort |
Aanbiedingsvorm |
Aanpassingscoëfficiënt |
Interventieniveau |
Verkoopprijs (EUR/t) |
|||||||||||||||
|
Zwarte heilbot (Reinhardtius hippoglossoides) |
Geheel of gestript, met of zonder kop |
1,0 |
0,85 |
1 654 |
|||||||||||||||
|
Heek (Merluccius spp.) |
Geheel of gestript, met of zonder kop |
1,0 |
0,85 |
1 022 |
|||||||||||||||
|
Afzonderlijke filets |
|
|
|
||||||||||||||||
|
— met huid |
1,0 |
0,85 |
1 243 |
||||||||||||||||
|
— zonder huid |
1,1 |
0,85 |
1 367 |
||||||||||||||||
|
Zeebrasem (Dentex dentex en Pagellus spp.) |
Geheel of gestript, met of zonder kop |
1,0 |
0,85 |
1 335 |
|||||||||||||||
|
Zwaardvis (Xiphias gladius) |
Geheel of gestript, met of zonder kop |
1,0 |
0,85 |
3 467 |
|||||||||||||||
|
Garnalen Penaeidae |
Bevroren |
|
|
|
|||||||||||||||
|
1,0 |
0,85 |
3 533 |
||||||||||||||||
|
1,0 |
0,85 |
6 782 |
||||||||||||||||
|
Inktvissen (Sepia officinalis, Rossia macrosoma en Sepiola rondeletti) |
Bevroren |
1,0 |
0,85 |
1 605 |
|||||||||||||||
|
Pijlinktvissen (Loligo spp.) |
|
|
|
|
|||||||||||||||
|
— Geheel, niet schoongemaakt |
1,00 |
0,85 |
993 |
|||||||||||||||
|
— Schoongemaakt |
1,20 |
0,85 |
1 191 |
||||||||||||||||
|
— Geheel, niet schoongemaakt |
2,50 |
0,85 |
2 482 |
|||||||||||||||
|
— Schoongemaakt |
2,90 |
0,85 |
2 879 |
||||||||||||||||
|
Achtarmige inktvissen (Octopus spp.) |
Bevroren |
1,00 |
0,85 |
1 792 |
|||||||||||||||
|
Illex argentinus |
— Geheel, niet schoongemaakt |
1,00 |
0,80 |
717 |
|||||||||||||||
|
— Tube |
1,70 |
0,80 |
1 219 |
||||||||||||||||
|
Commerciële aanbiedingsvormen:
|
|||||||||||||||||||
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/68 |
VERORDENING (EG) Nr. 2034/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot vaststelling van de referentieprijzen voor bepaalde visserijproducten voor het visseizoen 2007
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1), en met name op artikel 29, leden 1 en 5,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EG) nr. 104/2000 is bepaald dat jaarlijks per productklasse voor de hele Gemeenschap geldende referentieprijzen kunnen worden vastgesteld voor producten waarvoor een schorsing van de douanerechten geldt op grond van artikel 28, lid 1, van genoemde verordening. Dit geldt ook voor producten waarvoor een referentieprijs in acht moet worden genomen hetzij in het kader van een regeling inzake verlaging van douanetarieven die is geconsolideerd in de WTO, hetzij in het kader van een andere preferentiële regeling. |
|
(2) |
Voor de in bijlage I, punten A en B, van Verordening (EG) nr. 104/2000 genoemde producten is de referentieprijs gelijk aan de overeenkomstig artikel 20, lid 1, van genoemde verordening vastgestelde ophoudprijs. |
|
(3) |
De communautaire ophoudprijzen voor de betrokken producten zijn voor het visseizoen 2006 vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 2032/2006 (2). |
|
(4) |
De referentieprijs voor andere producten dan die welke zijn genoemd in bijlage I en bijlage II bij Verordening (EG) nr. 104/2000 wordt met name bepaald op basis van het gewogen gemiddelde van de douanewaarden die op de invoermarkten of in de invoerhavens van de lidstaten zijn geconstateerd tijdens de drie jaren voorafgaande aan de datum waarop de referentieprijs wordt vastgesteld. |
|
(5) |
Het lijkt niet nodig referentieprijzen vast te stellen voor alle soorten die vallen onder de criteria van Verordening (EG) nr. 104/2000, en met name niet voor die soorten waarvan de omvang van de invoer uit derde landen niet significant is. |
|
(6) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De referentieprijzen voor visserijproducten voor het seizoen 2007, als bedoeld in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 104/2000, zijn weergegeven in de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing vanaf 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
(2) Zie bladzijde 58 van dit Publicatieblad.
BIJLAGE (*1)
1. Referentieprijzen voor in artikel 29, lid 3, onder a), van Verordening (EG) nr. 104/2000 bedoelde producten
|
Vissoort |
Grootte (1) |
Referentieprijs (in EUR/ton) |
|||
|
Ontdaan van ingewanden, met kop (1) |
In gehele staat (1) |
||||
|
Aanvullende Taric-code |
Extra, A (1) |
Aanvullende Taric-code |
Extra, A (1) |
||
|
Haring van de soort Clupea harengus ex 0302 40 00 |
1 |
|
— |
F011 |
128 |
|
2 |
— |
F012 |
197 |
||
|
3 |
— |
F013 |
186 |
||
|
4a |
— |
F016 |
117 |
||
|
4b |
— |
F017 |
117 |
||
|
4c |
— |
F018 |
246 |
||
|
5 |
— |
F015 |
218 |
||
|
6 |
— |
F019 |
109 |
||
|
7a |
— |
F025 |
109 |
||
|
7b |
— |
F026 |
98 |
||
|
8 |
— |
F027 |
82 |
||
|
Noorse schelvis (Sebastes spp.) ex 0302 69 31 and ex 0302 69 33 |
1 |
|
— |
F067 |
925 |
|
2 |
— |
F068 |
925 |
||
|
3 |
— |
F069 |
777 |
||
|
Kabeljauw van de soort Gadus morhua ex 0302 50 10 |
1 |
F073 |
1 169 |
F083 |
844 |
|
2 |
F074 |
1 169 |
F084 |
844 |
|
|
3 |
F075 |
1 104 |
F085 |
649 |
|
|
4 |
F076 |
876 |
F086 |
487 |
|
|
5 |
F077 |
617 |
F087 |
357 |
|
|
|
|
In water gekookt |
Vers of gekoeld |
||
|
Aanvullende Taric-code |
Extra, A (1) |
Aanvullende Taric-code |
Extra, A (1) |
||
|
Noorse garnaal (Pandalus borealis) ex 0306 23 10 |
1 |
F317 |
4 936 |
F321 |
1 092 |
|
2 |
F318 |
1 731 |
— |
— |
|
2. Referentieprijzen voor in artikel 29, lid 3, onder d), van Verordening (EG) nr. 104/2000 bedoelde visserijproducten
|
Product |
Aanvullende Taric-code |
Aanbiedingsvorm |
Referentieprijs (EUR/ton) |
||
| 1. Noorse schelvis (Sebastes spp.) |
|||||
|
|
|
In gehele staat: |
|
||
|
ex 0303 79 35 ex 0303 79 37 |
F411 |
|
960 |
||
|
ex 0304 29 35 ex 0304 29 39 |
|
Filets : |
|
||
|
F412 |
|
1 934 |
|||
|
F413 |
|
2 117 |
|||
|
F414 |
|
2 285 |
|||
| 2. Kabeljauw (Gadus morhua, Gadus ogac et Gadus macrocephalus) en vis van de soort Boreogadus saida |
|||||
|
ex 0303 52 10 , ex 0303 52 30 , ex 0303 52 90 , ex 0303 79 41 |
F416 |
In gehele staat, met of zonder kop |
1 106 |
||
|
ex 0304 29 29 |
|
Filets: |
|
||
|
F417 |
|
2 428 |
|||
|
F418 |
|
2 664 |
|||
|
F419 |
|
2 602 |
|||
|
F420 |
|
2 943 |
|||
|
F421 |
|
2 903 |
|||
|
ex 0304 99 33 |
F422 |
Stukken en ander visvlees, met uitzondering van geagglomereerde visblokken |
1 434 |
||
| 3. Koolvis (Pollachius virens) |
|||||
|
ex 0304 29 31 |
|
Filets: |
|
||
|
F424 |
|
1 518 |
|||
|
F425 |
|
1 672 |
|||
|
F426 |
|
1 476 |
|||
|
F427 |
|
1 680 |
|||
|
F428 |
|
1 733 |
|||
|
ex 0304 99 41 |
F429 |
Stukken en ander visvlees, met uitzondering van geagglomereerde visblokken |
986 |
||
| 4. Schelvis (Melanogrammus aeglefinus) |
|||||
|
ex 0304 29 33 |
|
Filets: |
|
||
|
F431 |
|
2 264 |
|||
|
F432 |
|
2 606 |
|||
|
F433 |
|
2 537 |
|||
|
F434 |
|
2 710 |
|||
|
F435 |
|
2 960 |
|||
| 5. Alaska koolvis (Theragra chalcogramma) |
|||||
|
|
|
Filets: |
|
||
|
ex 0304 29 85 |
F441 |
|
1 159 |
||
|
F442 |
|
1 324 |
|||
| 6. Haring (Clupea harengus, Clupea pallasii) |
|||||
|
|
|
Vlinders |
|
||
|
ex 0304 19 97 ex 0304 99 23 |
F450 |
|
510 |
||
|
F450 |
|
464 |
(*1) Voor alle andere klassen dan die welke expliciet zijn genoemd bij de punten 1 en 2 van de bijlage moet als aanvullende Taric-code worden opgegeven:„ F499: Andere”.
(1) De klassen van versheid, grootte en aanbiedingsvorm zijn die welke zijn gedefinieerd op grond van artikel 2 van Verordening (EG) nr. 104/2000.
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/72 |
VERORDENING (EG) Nr. 2035/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot vaststelling van het bedrag van de steun voor verkoopuitstel en van de forfaitaire premie voor bepaalde visserijproducten in het visseizoen 2007
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1),
Gelet op Verordening (EG) nr. 2814/2000 van de Commissie van 21 december 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad wat betreft de toekenning van steun voor verkoopuitstel van bepaalde visserijproducten (2), en met name op artikel 5,
Gelet op Verordening (EG) nr. 939/2001 van de Commissie van 14 mei 2001 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad met betrekking tot de toekenning van forfaitaire steun voor bepaalde visserijproducten (3), en met name op artikel 5,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 104/2000 is bepaald dat steun wordt toegekend voor het uit de markt nemen van hoeveelheden van bepaalde verse producten die ofwel worden be- of verwerkt met het oog op kwaliteitsstabilisatie of opslag, ofwel tot conserven worden verwerkt. |
|
(2) |
De steun moet voor de producentenorganisaties een voldoende stimulans vormen om uit de markt genomen producten te be- of verwerken of te conserveren, en aldus vernietiging ervan te voorkomen. |
|
(3) |
Het bedrag van de steun moet zodanig worden vastgesteld dat het evenwicht op de markt van de betrokken producten niet wordt verstoord en dat de concurrentieverhoudingen niet worden scheefgetrokken. |
|
(4) |
Het bedrag van de steun mag niet hoger zijn dan de gedurende het visseizoen dat aan het betrokken visseizoen voorafgaat, in de Gemeenschap geconstateerde technische en financieringskosten van de verrichtingen die noodzakelijk zijn voor kwaliteitsstabilisatie en opslag. |
|
(5) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor het visseizoen 2007 worden de bedragen van de steun voor verkoopuitstel als bedoeld in artikel 23 van Verordening (EG) nr. 104/2000 en die van de forfaitaire premie als bedoeld in artikel 24, lid 4, van die verordening vastgesteld als aangegeven in de bijlage.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing vanaf 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
BIJLAGE
1. Bedrag van de steun voor verkoopuitstel voor de producten in bijlage I, delen A en B, en voor tong (Solea spp.) van bijlage I, deel C, van Verordening (EG) nr. 104/2000
|
Soorten behandelingen of verwerkingen als bedoeld in artikel 23 van Verordening (EG) nr. 104/2000 |
Bedrag van de steun (EUR/t) |
||
|
1 |
2 |
||
| I. Invriezen en opslag van de producten, in gehele staat,ontdaan van ingewanden, met kop of in moten gesneden: |
|||
|
— sardines van de soort Sardina pilchardus |
345 |
||
|
— andere soorten |
280 |
||
|
365 |
||
|
265 |
||
|
245 |
2. Bedrag van de steun voor verkoopuitstel voor de overige producten in bijlage I, deel C, van Verordening (EG) nr. 104/2000
|
Soorten behandelingen of verwerkingen als bedoeld in artikel 23 van Verordening (EG) nr. 104/2000 |
Producten |
Bedrag van de steun (EUR/t) |
||
|
1 |
2 |
3 |
||
|
Langoustines Nephrops norvegicus |
305 |
||
|
Langoustinestaarten Nephrops norvegicus |
230 |
|||
|
Langoustines Nephrops norvegicus |
285 |
||
|
Langoustines Nephrops norvegicus |
305 |
||
|
Noordzeekrabben Cancer pagurus |
230 |
|||
|
Noordzeekrabben Cancer pagurus |
365 |
||
|
Noordzeekrabben Cancer pagurus |
210 |
3. Bedrag van de forfaitaire premie voor de producten in bijlage IV van Verordening (EG) nr. 104/2000
|
Soorten behandelingen of verwerkingen |
Bedrag van de steun (EUR/t) |
||
|
280 |
||
|
365 |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/74 |
VERORDENING (EG) Nr. 2036/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
tot vaststelling van het bedrag van de steun voor particuliere opslag van bepaalde visserijproducten in het visseizoen 2007
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1),
Gelet op Verordening (EG) nr. 2813/2000 van de Commissie van 21 december 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad wat betreft de toekenning van steun voor particuliere opslag van bepaalde visserijproducten (2), en met name op artikel 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Het bedrag van de steun mag niet hoger zijn dan de gedurende het visseizoen dat aan het betrokken visseizoen voorafgaat in de Gemeenschap geconstateerde technische en financieringskosten. |
|
(2) |
Het is dienstig om de steun voor particuliere opslag ineens toe te kennen, teneinde niet aan te zetten tot langdurige opslag, de betalingstermijnen te verkorten en de controletaken te verlichten. |
|
(3) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor het visseizoen 2007 wordt de steun voor particuliere opslag als bedoeld in artikel 25 van Verordening (EG) nr. 104/2000 voor de in bijlage II bij die verordening genoemde producten als volgt vastgesteld:
|
— |
eerste maand |
: |
210 EUR per ton, |
|
— |
tweede maand |
: |
0 EUR per ton. |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing vanaf 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/75 |
VERORDENING (EG) Nr. 2037/2006 VAN DE COMMISSIE
van 21 december 2006
betreffende de vaststelling van de forfaitaire waarde van de in het visseizoen 2007 uit de markt genomen visserijproducten die in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de financiële vergoeding en het hierop betrekking hebbende voorschot
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad van 17 december 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector visserijproducten en producten van de aquacultuur (1), en met name op artikel 21, leden 5 en 8,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EG) nr. 104/2000 voorziet in de toekenning van een financiële vergoeding aan de producentenorganisaties die onder bepaalde voorwaarden in bijlage I, onder A en B, van genoemde verordening bedoelde producten uit de markt nemen. Op de waarde van deze financiële vergoeding moet de forfaitair vastgestelde waarde van de producten die worden bestemd voor andere doeleinden dan menselijke consumptie in mindering worden gebracht. |
|
(2) |
In Verordening (EG) nr. 2493/2001 van de Commissie van 19 december 2001 betreffende de afzet van bepaalde uit de markt genomen visserijproducten (2) zijn de mogelijkheden vastgesteld waarvan gebruik kan worden gemaakt voor de afzet van de uit de markt genomen producten. Het is noodzakelijk de waarde van de genoemde producten voor elk van deze mogelijkheden forfaitair vast te stellen met inachtneming van de gemiddelde ontvangsten die in de verschillende lidstaten bij een dergelijke afzet kunnen worden verkregen. |
|
(3) |
Krachtens artikel 7 van Verordening (EG) nr. 2509/2000 van de Commissie van 15 november 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad wat betreft de toekenning van de financiële vergoeding voor het uit de markt nemen van bepaalde visserijproducten (3), gelden bijzondere bepalingen inhoudende dat als een producentenorganisatie of een van haar leden haar of zijn producten te koop aanbiedt in een andere lidstaat dan die waar de organisatie is erkend, de met de uitkering van de financiële vergoeding belaste instantie op de hoogte wordt gebracht van de betrokken transacties. Bovenbedoelde instantie is de instantie van de lidstaat waar de producentenorganisatie is erkend. Derhalve moet de in die lidstaat geldende forfaitaire waarde in mindering worden gebracht. |
|
(4) |
Dezelfde berekeningsmethode moet ook worden toegepast voor het voorschot op de financiële vergoeding als bedoeld in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 2509/2000. |
|
(5) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor visserijproducten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De forfaitaire waarde voor de berekening van de financiële vergoeding en het hierop betrekking hebbende voorschot voor de door de producentenorganisaties uit de markt genomen en voor andere doeleinden dan menselijke consumptie gebruikte visserijproducten, als bedoeld in artikel 21, lid 5, van Verordening (EG) nr. 104/2000, wordt voor het visseizoen 2007 vastgesteld zoals in de bijlage is aangegeven.
Artikel 2
De forfaitaire waarde waarmee het bedrag van de financiële vergoeding en het hierop betrekking hebbende voorschot kan worden verminderd, is de waarde die wordt toegepast in de lidstaat waar de producentenorganisatie is erkend.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing vanaf 1 januari 2007.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 21 december 2006.
Voor de Commissie
Joe BORG
Lid van de Commissie
(1) PB L 17 van 21.1.2000, blz. 22. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003.
BIJLAGE
Forfaitaire waarden
|
Bestemming van de uit de markt genomen producten |
EUR/ton |
||
| 1. Gebruik na verwerking tot meel (diervoeding): |
|||
| a) Haring van de soort Clupea harengus en makreel van de soorten Scomber scombrus en Scomber japonicus: |
|||
|
60 |
||
|
50 |
||
|
17 |
||
|
2 |
||
| b) Garnalen van de soort Crangon crangon en Noorse garnaal (Pandalus borealis): |
|||
|
0 |
||
|
10 |
||
| c) Andere producten: |
|||
|
40 |
||
|
17 |
||
|
28 |
||
|
1 |
||
| 2. Gebruik in verse staat of na verduurzaming (diervoeding): |
|||
| a) Sardines van de soort Sardina pilchardus en ansjovis (Engraulis spp.): |
|||
|
8 |
||
| b) Andere producten: |
|||
|
0 |
||
|
30 |
||
|
30 |
||
| 3. Gebruik als aas: |
|||
|
45 |
||
|
20 |
||
|
0 |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/78 |
RICHTLIJN 2006/140/EG VAN DE COMMISSIE
van 20 december 2006
tot wijziging van Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad teneinde sulfurylfluoride als werkzame stof in bijlage I van die richtlijn op te nemen
(Voor de EER relevante tekst)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (1), en met name op artikel 16, lid 2, tweede alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EG) nr. 2032/2003 van de Commissie van 4 november 2003 inzake de tweede fase van het in artikel 16, lid 2, van Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende het op de markt brengen van biociden bedoelde tienjarige werkprogramma en houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 1896/2000 (2) is een lijst vastgesteld van werkzame stoffen die met het oog op een mogelijke opneming daarvan in bijlage I, IA of IB van Richtlijn 98/8/EG dienen te worden beoordeeld. Sulfurylfluoride is in deze lijst opgenomen. |
|
(2) |
Krachtens Verordening (EG) nr. 2032/2003 is sulfurylfluoride overeenkomstig artikel 11, lid 2, van Richtlijn 98/8/EG beoordeeld voor gebruik in productsoort 8 (houtconserveringsmiddelen), zoals gedefinieerd in bijlage V van Richtlijn 98/8/EG. |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 5, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2032/2003 is Zweden als rapporterende lidstaat aangewezen. Zweden heeft het verslag van de bevoegde instantie samen met een aanbeveling overeenkomstig artikel 10, leden 5 en 7, van die verordening op 19 april 2005 bij de Commissie ingediend. |
|
(4) |
Het verslag van de bevoegde instantie is door de lidstaten en de Commissie getoetst. Overeenkomstig artikel 11, lid 4, van Verordening (EG) nr. 2032/2003 zijn de conclusies van de toetsing binnen het Permanent Comité voor biociden op 8 september 2006 in een beoordelingsverslag opgenomen. |
|
(5) |
Bij de beoordeling van sulfurylfluoride zijn geen onbeantwoorde vragen of zorgwekkende aspecten naar voren gekomen die door het Wetenschappelijk Comité voor gezondheids- en milieurisico's moeten worden besproken. |
|
(6) |
Uit de verschillende uitgevoerde onderzoeken blijkt dat van biociden die als houtconserveringsmiddel worden gebruikt en sulfurylfluoride bevatten, kan worden verwacht dat ze aan de eisen van artikel 5 van Richtlijn 98/8/EG voldoen, met name ten aanzien van de toepassingen die zijn onderzocht en in het beoordelingsverslag worden besproken. Sulfurylfluoride dient derhalve in bijlage I te worden opgenomen om ervoor te zorgen dat in alle lidstaten overeenkomstig artikel 16, lid 3, van Richtlijn 98/8/EG toelatingen voor biociden die als houtconserveringsmiddel worden gebruikt en sulfurylfluoride bevatten, kunnen worden verleend, gewijzigd of ingetrokken. |
|
(7) |
Het is belangrijk dat de bepalingen van deze richtlijn in alle lidstaten tegelijkertijd worden toegepast teneinde een gelijke behandeling van biociden die op de markt zijn en als werkzame stof sulfurylfluoride bevatten, te waarborgen en tevens het goede functioneren van de markt voor biociden in het algemeen te vergemakkelijken. |
|
(8) |
In het licht van de conclusies van het beoordelingsrapport dient te worden vereist dat deze producten overeenkomstig artikel 10, lid 2, onder i), punt e), van Richtlijn 98/8/EG alleen voor gebruik door opgeleide professionele gebruikers worden toegelaten en dat er overeenkomstig artikel 10, lid 2, onder i), punt f), van Richtlijn 98/8/EG risicobeperkende maatregelen worden genomen om de veiligheid van gebruikers en omstanders te waarborgen. |
|
(9) |
Daarnaast dient er overeenkomstig artikel 10, lid 2, onder i), punt f), van Richtlijn 98/8/EG continue monitoring te worden vereist, alsmede de verstrekking van nadere informatie over bepaalde specifieke punten die in het beoordelingsverslag worden genoemd. |
|
(10) |
Er dient een redelijke periode te verstrijken voordat een werkzame stof in bijlage I wordt opgenomen, teneinde de lidstaten en de betrokken partijen de gelegenheid te geven om zich voor te bereiden om aan de nieuwe eisen die dit met zich meebrengt te voldoen en om ervoor te zorgen dat aanvragers die dossiers hebben samengesteld volledig kunnen profiteren van de periode van tien jaar voor gegevensbescherming die overeenkomstig artikel 12, onder c), punt ii), van Richtlijn 98/8/EG op de datum van opneming ingaat. |
|
(11) |
Na de opneming moeten de lidstaten een redelijke periode krijgen voor de uitvoering van artikel 16, lid 3, van Richtlijn 98/8/EG en met name voor de verlening, wijziging of intrekking van toelatingen voor biociden van productsoort 8 die sulfurylfluoride bevatten, om ervoor te zorgen dat ze aan Richtlijn 98/8/EG voldoen. |
|
(12) |
Richtlijn 98/8/EG dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd. |
|
(13) |
De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor biociden, |
HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:
Artikel 1
Bijlage I van Richtlijn 98/8/EG wordt overeenkomstig de bijlage van deze richtlijn gewijzigd.
Artikel 2
Omzetting
1. De lidstaten dienen uiterlijk op 31 december 2007 de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken die nodig zijn om aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie onverwijld in kennis van de tekst van deze bepalingen en een correlatietabel tussen die bepalingen en deze richtlijn.
Zij passen die bepalingen met ingang van 1 januari 2009 toe.
Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar de onderhavige richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van die bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
2. De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.
Artikel 3
Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Artikel 4
Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 20 december 2006.
Voor de Commissie
Stavros DIMAS
Lid van de Commissie
(1) PB L 123 van 24.4.1998, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2006/50/EG van de Commissie van 29 mei 2006 (PB L 142 van 30.5.2006, blz. 6).
(2) PB L 307 van 24.11.2003, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1048/2005 (PB L 178 van 9.7.2005, blz. 1).
BIJLAGE
De volgende tabel met „stof nr. 1” wordt in bijlage I van Richtlijn 98/8/EG ingevoegd
|
„Nr. |
Triviale naam |
IUPAC-naam Identificatienummers |
Minimale zuiverheid van de werkzame stof in het biocide zoals het op de markt wordt gebracht |
Datum van opneming |
Termijn voor de naleving van artikel 16, lid 3 (behalve voor producten die meer dan een werkzame stof bevatten; in dat geval is de termijn voor de naleving van artikel 16, lid 3, de termijn die wordt vastgesteld in het laatste besluit voor de opneming van de werkzame stoffen daarvan) |
Datum waarop de opneming verstrijkt |
Productsoort |
Specifieke bepalingen (1) |
||||||
|
1 |
sulfurylfluoride |
sulfuryldifluoride EC-nr.: 220-281-5 CAS-nr.: 2699-79-8 |
> 994 g/kg |
1 januari 2009 |
31 december 2010 |
31 december 2018 |
8 |
De lidstaten zorgen ervoor dat bij toelating de volgende voorwaarden worden gesteld:
De lidstaten moeten er ook voor zorgen dat houders van een toelating met ingang van 1 januari 2009 om de vijf jaar rechtstreeks bij de Commissie verslag uitbrengen over de in punt 3) bedoelde monitoring. |
(1) Met het oog op de toepassing van de gemeenschappelijke beginselen van bijlage VI zijn de inhoud en de conclusies van de beoordelingsverslagen beschikbaar op de website van de Commissie: http://ec.europa.eu/comm/environment/biocides/index.htm”
II Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing
Raad
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/81 |
BESCHIKKING VAN DE RAAD
van 28 november 2006
waarbij overeenkomstig artikel 104, lid 8, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap wordt vastgesteld dat de maatregelen die Polen in reactie op de aanbeveling van de Raad op grond van artikel 104, lid 7, van het Verdrag heeft genomen, ontoereikend blijken te zijn
(2006/1014/EG)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 104, lid 8,
Gezien de aanbeveling van de Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Overeenkomstig artikel 104 van het Verdrag dienen de lidstaten buitensporige overheidstekorten te vermijden. |
|
(2) |
Het stabiliteits- en groeipact is gebaseerd op de doelstelling van deugdelijke openbare financiën als middel om de voorwaarden voor prijsstabiliteit en voor een tot werkgelegenheidsschepping leidende sterke duurzame groei te verbeteren. Het stabiliteits- en groeipact omvat onder meer Verordening (EG) nr. 1467/97 van 7 juli 1997 over de bespoediging en verduidelijking van de tenuitvoerlegging van de procedure bij buitensporige tekorten (1), die is aangenomen om een snelle correctie van buitensporige overheidstekorten te bevorderen. |
|
(3) |
In de resolutie van de Europese Raad van Amsterdam van 17 juni 1997 betreffende het stabiliteits- en groeipact (2) worden alle partijen, te weten de lidstaten, de Raad en de Commissie, dringend verzocht om het Verdrag en het stabiliteits- en groeipact strikt en tijdig ten uitvoer te leggen. |
|
(4) |
Overeenkomstig het Eurostatbesluit van 2 maart 2004 over de sectorale indeling van pensioenregelingen (3) mag een op kapitaaldekking berustende toegezegde-bijdrageregeling niet bij de socialezekerheidsregelingen worden ingedeeld. Een dergelijke regeling mag derhalve niet als een onderdeel van de overheidssector worden beschouwd. Het betrof een kaderbesluit waarover eerst bilaterale besprekingen met de lidstaten moesten worden gevoerd voordat het kon worden geïmplementeerd. Tijdens deze besprekingen erkende Eurostat dat „sommige lidstaten eventueel een overgangsperiode nodig konden hebben om dit besluit toe te passen en om verstoringen bij het voeren van hun begrotingsbeleid te vermijden” (4). Deze door Eurostat toegestane overgangsperiode zal aflopen bij de eerste begrotingskennisgeving van 2007, die vóór 1 april 2007 moet plaatsvinden. Polen heeft besloten van deze overgangsperiode gebruik te maken. Sociale bijdragen en andere ontvangsten (en uitgaven) uit hoofde van op kapitaaldekking berustende toegezegde-bijdragenregelingen worden derhalve als overheidsontvangsten (en -uitgaven) geboekt, hetgeen tot gevolg heeft dat het tekortcijfer en de schuldquote lager uitvallen dan anders het geval zou zijn. |
|
(5) |
Bij Beschikking 2005/183/EG (5) van 5 juli 2004 is overeenkomstig artikel 104, lid 6, van het Verdrag vastgesteld dat er in Polen een buitensporig tekort bestaat. |
|
(6) |
Overeenkomstig artikel 104, lid 7, van het EG-Verdrag en artikel 3, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1467/97 richtte de Raad op 5 juli 2004 tevens een aanbeveling aan de Poolse autoriteiten met het verzoek zo spoedig mogelijk een einde te maken aan de bestaande buitensporigtekortsituatie en binnen een middellangetermijnkader maatregelen te nemen om het tekort in 2007 op geloofwaardige en duurzame wijze tot onder de 3 % van het BBP terug te dringen overeenkomstig het traject voor tekortreductie dat in het in mei 2004 door de autoriteiten ingediende en in het advies van de Raad van 5 juli 2004 goedgekeurde convergentieprogramma was aangegeven, waarbij de jaarlijkse streefcijfers de volgende waren: 5,7 % van het BBP in 2004, 4,2 % van het BBP in 2005, 3,3 % van het BBP in 2006 en 1,5 % van het BBP in 2007. De Raad stelde 5 november 2004 vast als uiterste datum voor het ondernemen van doeltreffende stappen „ten aanzien van de maatregelen die zijn gepland om het voor 2005 vastgestelde streefcijfer voor het tekort te halen”. |
|
(7) |
In het kader van het op 5 juli 2004 door de Raad onderschreven pad voor tekortreductie is geen rekening gehouden met de kosten van de pensioenhervorming die in 1999 is doorgevoerd. Ongeveer 20 % van de ontvangsten uit hoofde van pensioenbijdragen is van het omslagstelsel naar de op kapitaaldekking berustende toegezegde-bijdrageregelingen gekanaliseerd. Toen de aanbeveling overeenkomstig artikel 104, lid 7, werd aangenomen, hield de Raad uitdrukkelijk rekening met het feit dat de tekortdoelstellingen opwaarts zouden moeten worden herzien, waarbij de jaarlijkse kosten van de Poolse pensioenhervorming op circa 1,5 % van het BBP werden geraamd. In het licht hiervan en rekening houdend met de negatieve risico's die aan de strategie ter consolidering van de begroting verbonden waren, wees de Raad er in zijn advies over het convergentieprogramma van mei 2004 op dat „de budgettaire opstelling in het programma wellicht niet toereikend is om het tekort in de loop van de programmaperiode (dat wil zeggen tegen 2007) tot onder 3 % van het BBP terug te dringen”. |
|
(8) |
Na het verstrijken van de uiterste datum van 5 november 2004 die in de aanbeveling van de Raad overeenkomstig artikel 104, lid 7, was vastgesteld, concludeerde de Commissie in haar mededeling aan de Raad van 14 december 2004 dat er geen verdere stappen in het kader van de buitensporigtekortprocedure ten aanzien van Polen meer behoefden te worden ondernomen, aangezien de Poolse regering doeltreffende stappen had ondernomen ten aanzien van de maatregelen die waren gepland om het voor 2005 vastgestelde streefcijfer voor het tekort te halen. |
|
(9) |
Op 17 februari 2005 heeft de Raad advies uitgebracht over het in november 2004 ingediende geactualiseerde convergentieprogramma van Polen. In de actualisering werd de tekortdoelstelling voor 2007 opwaarts herzien tot 2,2 % van het BBP (tegen 1,5 % in het convergentieprogramma van mei 2004), hetgeen neerkomt op een streefcijfer van ongeveer 3,7 % van het BBP indien met de kosten van de pensioenhervorming rekening wordt gehouden. Deze opwaartse herziening vond plaats in weerwil van een aanhoudend krachtige groei (die in het programma op gemiddeld ruim 5 % per jaar werd geschat), terwijl de feitelijke tekorten/tekortprognoses voor de jaren 2004, 2005 en 2006 allemaal in neerwaartse zin werden bijgesteld, vanwege door de regering genomen maatregelen, sterkere economische groei en statistische correcties. De Raad merkte op dat het risico bestond dat de budgettaire aanpassingsmaatregelen met vertraging of onvolledig zouden worden uitgevoerd. Verwijzend naar de negatieve risico's die aan de strategie ter consolidering van de begroting waren verbonden, verzocht de Raad Polen onder meer de aanpassing van de begroting na 2005 te intensiveren en de tekortdoelstelling voor 2007 te verlagen. In realiteit werd slechts een klein aantal maatregelen uitgevoerd. Dit neemt niet weg dat het feitelijke begrotingstekort voor 2005 met 2,5 % van het BBP beter uitviel dan verwacht. |
|
(10) |
Op 14 maart 2006 heeft de Raad advies uitgebracht over het in januari 2006 ingediende geactualiseerde convergentieprogramma van Polen. In de actualisering werd ernaar gestreefd het overheidstekort in een langzaam tempo (namelijk met gemiddeld circa 0,3 % van het BBP per jaar in de periode 2006-2008) terug te dringen, zodat aan het einde van de legislatuur (dat wil zeggen eind 2009) aan het convergentiecriterium op begrotingsgebied zou worden voldaan. Daar komt nog bij dat in het programma de feitelijke tekorten en tekortprognoses voor de jaren 2004, 2005 en 2006 wederom in neerwaartse zin waren herzien, vanwege door de regering genomen maatregelen, sterkere economische groei en statistische correcties, terwijl de tekortdoelstelling van 2,2 % van het BBP voor 2007 (exclusief de kosten van de pensioenhervorming) werd gehandhaafd. Gezien de opwaartse bijstelling van de kosten van de pensioenhervorming tot 2 %, vanwege betere arbeidsmarktontwikkelingen dan verwacht en grotere deelname aan het nieuwe pensioenstelsel, was de tekortdoelstelling voor 2007 met inbegrip van deze kosten 0,4 procentpunt van het BBP hoger dan in de vorige actualisering (4,1 % van het BBP, tegen 3,7 % van het BBP). De Raad heeft gewezen op de diverse risico's die aan de strategie ter consolidering van de begroting verbonden waren, zoals onder meer de relatief hoge groeiprognoses voor het laatste jaar van de programmaperiode (2008), de vrij optimistische veronderstellingen met betrekking tot belastingelasticiteiten en mogelijke problemen om de uitgaven te beheersen als gevolg van de sociale druk om de uitgaven te verhogen. De Raad concludeerde dat „met het convergentieprogramma enige vooruitgang, maar geen effectieve correctie van het buitensporige tekort in 2007 wordt beoogd”. Voorts merkte de Raad op dat het de bedoeling was dat het structurele saldo (dat wil zeggen het conjunctuurgezuiverde saldo, ongerekend eenmalige en andere tijdelijke maatregelen, dat door de diensten van de Commissie op basis van de in het programma vervatte gegevens volgens de algemeen aanvaarde methode wordt berekend) gedurende de programmaperiode met gemiddeld 0,25 % van het BBP per jaar zou verbeteren. |
|
(11) |
In de ontwerp-begroting voor 2007, die op 27 september 2006 is aangenomen, wordt het tekort voor 2006 (exclusief de kosten van de pensioenhervorming) op 2,1 % van het BBP geraamd, terwijl in het geactualiseerde convergentieprogramma van januari 2006 een streefcijfer van 2,6 % van het BBP werd gehanteerd (en aan de aanbeveling die de Raad in juli 2004 overeenkomstig artikel 104, lid 7, had gedaan, een doelstelling van 3,3 % ten grondslag lag). Dat het feitelijke tekort gunstiger uitviel, was toe te schrijven aan hogere ontvangsten (met name uit hoofde van de personenbelasting) als gevolg van de hoger dan verwachte groei, alsook aan een beperktere uitgavenstijging, en met name lager dan geplande overheidsinvesteringen. In de ontwerpbegroting voor 2007 worden de volgende tekortdoelstellingen voor de komende jaren gehanteerd: 1,7 % in 2007, 1,2 % in 2008 en 0,5 % in 2009. |
|
(12) |
De beoordeling van de maatregelen die Polen in reactie op de aanbeveling van de Raad overeenkomstig artikel 104, lid 7, heeft genomen om het buitensporige tekort tegen 2007 te verhelpen, leidt tot de volgende conclusies:
|
|
(13) |
Dit leidt tot de conclusie dat de begrotingssituatie weliswaar is verbeterd en dat Polen tot nu toe beter dan zijn begrotingsdoelstellingen heeft gepresteerd, maar dat het tekort voor 2007 op basis van de huidige informatie duidelijk de referentiewaarde van 3 % van het BBP zal overschrijden, hetgeen niet in overeenstemming is met de aanbeveling van de Raad om het buitensporige tekort uiterlijk in 2007 te verhelpen. Overeenkomstig de resolutie van de Europese Raad van Amsterdam betreffende het stabiliteits- en groeipact heeft Polen ermee ingestemd de aanbeveling van de Raad van 5 juli 2004 (6) openbaar te maken, |
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD:
Artikel 1
De maatregelen die Polen heeft genomen in reactie op de aanbeveling die de Raad op 5 juli 2004 overeenkomstig artikel 104, lid 7, van het Verdrag heeft gedaan, blijken ontoereikend te zijn om het buitensporige tekort binnen de in de aanbeveling vastgestelde uiterste termijn te verhelpen.
Artikel 2
Deze beschikking is gericht tot de Republiek Polen.
Gedaan te Brussel, 28 november 2006.
Voor de Raad
De voorzitter
E. TUOMIOJA
(1) PB L 209 van 2.8.1997, blz. 6. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1056/2005 (PB L 174 van 7.7.2005, blz. 5).
(2) PB C 236 van 2.8.1997, blz. 1.
(3) Eurostat News Releases nr. 30/2004 van 2 maart 2004 en nr. 117/2004 van 23 september 2004, alsook Chapter I.1.3 — Classification of funded pension schemes and impact on government finance van het Handboek overheidstekort en overheidsschuld van Eurostat, Engelse versie beschikbaar op: http://epp.eurostat.ec.europa.eu/cache/ITY_OFFPUB/KS-BE-04-002/EN/KS-BE-04-002-EN.PDF
(4) Vgl. voetnoot 3.
(5) PB L 62 van 9.3.2005, blz. 18.
(6) Zie: http://register.consilium.eu.int/pdf/nl/04/st11/st11220.nl04.pdf
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/84 |
BESLUIT VAN DE RAAD
van 19 december 2006
inzake de ondertekening en de voorlopige toepassing van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Maleisië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten
(2006/1015/EG)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 80, lid 2, juncto artikel 300, lid 2, eerste alinea, eerste zin,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
De Raad heeft de Commissie op 5 juni 2003 gemachtigd om met derde landen te onderhandelen over de vervanging van sommige bepalingen in bestaande bilaterale overeenkomsten door een communautaire overeenkomst. |
|
(2) |
Overeenkomstig de mechanismen en richtsnoeren in de bijlage bij het besluit van de Raad waarbij de Commissie werd gemachtigd om met derde landen te onderhandelen over de vervanging van sommige bepalingen in bestaande bilaterale overeenkomsten door een communautaire overeenkomst, heeft de Commissie namens de Gemeenschap met de regering van Maleisië onderhandeld over een overeenkomst inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten. |
|
(3) |
Onder voorbehoud van sluiting op een later tijdstip dient de overeenkomst waarover de Commissie heeft onderhandeld, te worden ondertekend en voorlopig te worden toegepast, |
BESLUIT:
Artikel 1
De ondertekening van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Maleisië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd, onder voorbehoud van het besluit van de Raad betreffende de sluiting van deze overeenkomst.
De tekst van de overeenkomst is aan dit besluit gehecht.
Artikel 2
De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de persoon (personen) aan te wijzen die bevoegd is (zijn) om namens de Europese Gemeenschap de overeenkomst te ondertekenen, onder voorbehoud van sluiting.
Artikel 3
In afwachting van de inwerkingtreding van de overeenkomst komen de partijen overeen om deze overeenkomst voorlopig toe te passen vanaf de eerste dag van de maand volgende op de datum waarop de partijen elkaar in kennis hebben gesteld van de voltooiing van de daartoe vereiste procedures.
Artikel 4
De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd om de in artikel 9, lid 2, van de overeenkomst bedoelde kennisgeving te verrichten.
Gedaan te Brussel, 19 december 2006.
Voor de Raad
De voorzitter
J. KORKEAOJA
OVEREENKOMST
tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Maleisië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten
DE EUROPESE GEMEENSCHAP,
enerzijds, en
DE REGERING VAN MALEISIË (hierna Maleisië genoemd),
anderzijds,
(hierna „de partijen” genoemd),
ERKENNENDE dat sommige bepalingen van de tussen lidstaten van de Europese Gemeenschap en Maleisië gesloten bilaterale overeenkomsten voor luchtdiensten die in strijd zijn met de wetgeving van de Europese Gemeenschap, met deze wetgeving in overeenstemming moeten worden gebracht om een degelijke rechtsgrond voor luchtdiensten tussen de Europese Gemeenschap en Maleisië tot stand te brengen en om de continuïteit van dergelijke luchtdiensten te garanderen,
VASTSTELLEND dat de Europese Gemeenschap exclusief bevoegd is voor diverse aspecten die kunnen worden opgenomen in bilaterale overeenkomsten tussen de lidstaten van de Europese Gemeenschap en derde landen met betrekking tot luchtdiensten,
VASTSTELLEND dat in een lidstaat gevestigde communautaire luchtvervoerders overeenkomstig het Europese Gemeenschapsrecht recht hebben op niet-discriminerende toegang tot luchtroutes tussen de lidstaten van de Europese Gemeenschap en derde landen,
GELET OP de overeenkomsten tussen de Europese Gemeenschap en bepaalde derde landen waarin onderdanen van deze derde landen de mogelijkheid wordt geboden eigenaar te worden van luchtvaartmaatschappijen die een vergunning hebben gekregen overeenkomstig de wetgeving van de Europese Gemeenschap,
VASTSTELLEND dat luchtvervoerders krachtens het Europese Gemeenschapsrecht in beginsel geen overeenkomsten mogen sluiten die de handel tussen lidstaten van de Europese Gemeenschap beïnvloeden en die als doel of gevolg hebben dat de mededinging wordt verhinderd, beperkt of verstoord,
ERKENNENDE dat sommige bepalingen van de tussen lidstaten van de Europese Gemeenschap en Maleisië gesloten bilaterale overeenkomsten voor luchtdiensten die i) luchtvaartmaatschappijen verplichten of aanzetten tot overeenkomsten tussen ondernemingen, besluiten van ondernemersverenigingen en onderling afgestemde feitelijke gedragingen die ertoe strekken of ten gevolge hebben dat de mededinging op de relevante routes wordt verhinderd, beperkt of vervalst, of ii) de gevolgen van dergelijke overeenkomsten, besluiten of onderling afgestemde feitelijke gedragingen versterken, of iii) waarbij de verantwoordelijkheid voor het nemen van maatregelen die de mededinging tussen luchtvaartmaatschappijen op de relevante routes verhinderen, beperken of verstoren, wordt toevertrouwd aan luchtvaartmaatschappijen of andere particuliere economische operatoren, het effect van de op de ondernemingen toepasselijke mededingingsregels ongedaan kunnen maken,
VASTSTELLEND dat de Europese Gemeenschap er in het kader van deze onderhandelingen niet naar streeft om het totale volume aan luchtverkeer tussen de Europese Gemeenschap en Maleisië te doen toenemen, noch het evenwicht tussen communautaire luchtvaartmaatschappijen en luchtvaartmaatschappijen uit Maleisië te wijzigen, noch te onderhandelen over wijzigingen van de bepalingen van bestaande bilaterale luchtvaartovereenkomsten inzake vervoerrechten,
ZIJN HET VOLGENDE OVEREENGEKOMEN:
Artikel 1
Algemene bepalingen
1. In deze overeenkomst wordt onder „lidstaten” lidstaten van de Europese Gemeenschap verstaan.
2. Wanneer in de in bijlage I vermelde overeenkomsten wordt verwezen naar onderdanen van de lidstaat die partij is bij de overeenkomst, wordt dit begrepen als zijnde een verwijzing naar onderdanen van de lidstaten van de Europese Gemeenschap.
3. Wanneer in de in bijlage I vermelde overeenkomsten wordt verwezen naar luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen van de lidstaat die partij is bij de overeenkomst, wordt dit begrepen als zijnde een verwijzing naar de door die lidstaat aangewezen luchtvervoerders of luchtvaartmaatschappijen.
Artikel 2
Aanwijzing door een lidstaat
1. De bepalingen van de leden 2 en 3 van dit artikel hebben voorrang op de overeenkomstige bepalingen van de in bijlage II, onder a) en b), genoemde artikelen wat betreft de aanwijzing van een luchtvervoerder door de desbetreffende lidstaat, de vergunningen en machtigingen die door Maleisië aan deze luchtvervoerder zijn toegekend, en de weigering, intrekking, opschorting of beperking van de vergunningen en machtigingen van de luchtvervoerder.
2. Wanneer Maleisië een aanwijzing door een lidstaat ontvangt, verleent het zo spoedig mogelijk de passende vergunningen en machtigingen:
|
i) |
indien de luchtvervoerder, overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, op het grondgebied van de aanwijzende lidstaat is gevestigd en beschikt over een geldige exploitatievergunning overeenkomstig het Europese Gemeenschapsrecht, en tevens |
|
ii) |
indien de lidstaat die verantwoordelijk is voor de afgifte van het Air Operators Certificate, op doeltreffende wijze controleert of de luchtvervoerder de regelgeving naleeft, en de bevoegde luchtvaartautoriteit duidelijk in de aanwijzing is vermeld, en tevens |
|
iii) |
indien de hoofdvestiging van de luchtvervoerder zich bevindt op het grondgebied van de lidstaat die de geldige exploitatievergunning heeft verleend, en tevens |
|
iv) |
indien de luchtvervoerder rechtstreeks of door een meerderheidsbelang eigendom is van lidstaten en/of onderdanen van lidstaten, en/of van andere in bijlage III vermelde landen en/of onderdanen van die landen, en deze landen en/of onderdanen daadwerkelijk zeggenschap uitoefenen over de luchtvervoerder. |
3. Maleisië mag de vergunningen of machtigingen van een door een lidstaat aangewezen luchtvervoerder weigeren, intrekken, opschorten of beperken mits:
|
i) |
de luchtvervoerder, overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, niet op het grondgebied van de aanwijzende lidstaat is gevestigd en niet beschikt over een geldige exploitatievergunning overeenkomstig het Europese Gemeenschapsrecht; |
|
ii) |
de lidstaat die verantwoordelijk is voor de afgifte van het Air Operators Certificate, niet op doeltreffende wijze controleert of de luchtvervoerder de regelgeving naleeft, of de relevante luchtvaartautoriteit niet duidelijk in de aanwijzing is vermeld; |
|
iii) |
de luchtvervoerder niet rechtstreeks of door een meerderheidsbelang eigendom is of onder het daadwerkelijke zeggenschap staat van lidstaten en/of onderdanen van lidstaten, en/of van andere in bijlage III vermelde landen en/of onderdanen van die landen; |
|
iv) |
de luchtvervoerder reeds over een exploitatievergunning beschikt krachtens een bilaterale overeenkomst tussen Maleisië en een andere lidstaat en Maleisië aantoont dat de luchtvervoerder, door krachtens de onderhavige overeenkomst verkeersrechten uit te oefenen op een traject dat een punt in die andere lidstaat omvat, de krachtens die andere overeenkomst opgelegde beperkingen van de verkeersrechten omzeilt, of |
|
v) |
de luchtvervoerder houder is van een Air Operators Certificate dat is afgegeven door een lidstaat, en er geen bilaterale overeenkomst voor luchtdiensten bestaat tussen Maleisië en die lidstaat en verkeersrechten naar die lidstaat zijn geweigerd aan de door Maleisië aangewezen luchtvervoerders. |
Bij de uitoefening van de rechten die hem krachtens dit lid zijn verleend, mag Maleisië geen onderscheid maken tussen communautaire luchtvervoerders op grond van nationaliteit.
Artikel 3
Veiligheid
1. De bepalingen van lid 2 van dit artikel vormen een aanvulling op de desbetreffende bepalingen in de in bijlage II, onder c), vermelde artikelen.
2. Wanneer een lidstaat (de eerste lidstaat) een luchtvervoerder heeft aangewezen die onder het wettelijke toezicht van een andere lidstaat staat, zijn de rechten van Maleisië uit hoofde van de veiligheidsvoorschriften van de overeenkomst tussen de eerste lidstaat die de luchtvervoerder heeft aangewezen, en Maleisië zowel van toepassing op de vaststelling, naleving of handhaving van veiligheidsnormen door die andere lidstaat als op de exploitatievergunning van die luchtvervoerder.
Artikel 4
Belasting op vliegtuigbrandstof
1. De bepalingen van lid 2 van dit artikel vormen een aanvulling op de overeenkomstige bepalingen van de in bijlage II, onder d), vermelde artikelen.
2. Niettegenstaande eventuele andersluidende bepalingen, beletten de in bijlage II, onder d), vermelde overeenkomsten op generlei wijze dat de lidstaten op niet-discriminerende wijze belastingen, heffingen, accijnzen, vergoedingen of kosten in rekening brengen voor de brandstof die op hun grondgebied wordt geleverd voor gebruik in een vliegtuig van een aangewezen luchtvervoerder van Maleisië dat een plaats op het grondgebied van die lidstaat verbindt met een andere plaats op het grondgebied van die lidstaat of op het grondgebied van een andere lidstaat.
Artikel 5
Tarieven voor vervoer binnen de Europese Gemeenschap
1. De bepalingen van lid 2 van dit artikel vormen een aanvulling op de desbetreffende bepalingen in de in bijlage II, onder e), vermelde artikelen.
2. De tarieven die de luchtvervoerder(s) welke door Maleisië is (zijn) aangewezen krachtens een in bijlage I vermelde overeenkomst die een in bijlage II, onder e), vermelde bepaling bevat, in rekening brengt (brengen) voor vervoer dat volledig binnen de Europese Gemeenschap plaatsvindt, zijn onderhevig aan de Europese Gemeenschapswetgeving.
Artikel 6
Verenigbaarheid met mededingingsregels
1. Niettegenstaande eventuele andersluidende bepalingen, leiden de in bijlage I vermelde overeenkomsten op generlei wijze tot i) bevordering van de goedkeuring van overeenkomsten tussen ondernemingen, besluiten van ondernemersverenigingen en onderling afgestemde feitelijke gedragingen die de mededinging verhinderen, beperken of verstoren; ii) versterking van de gevolgen van dergelijke overeenkomsten, besluiten of onderling afgestemde feitelijke gedragingen, of iii) het aan particuliere economische operatoren overdragen van de verantwoordelijkheid voor het nemen van maatregelen die de mededinging verhinderen, beperken of verstoren.
2. De bepalingen in de in bijlage I vermelde overeenkomsten die niet verenigbaar zijn met lid 1 van dit artikel worden niet toegepast.
Artikel 7
Bijlagen bij de overeenkomst
De bijlagen bij deze overeenkomst maken een integrerend deel uit van de overeenkomst.
Artikel 8
Herziening of wijziging
De partijen mogen deze overeenkomst op elk ogenblik met wederzijdse instemming wijzigen.
Artikel 9
Inwerkingtreding en voorlopige toepassing
1. Deze overeenkomst treedt in werking wanneer de partijen elkaar schriftelijk hebben meegedeeld dat zij hun interne procedures voor de inwerkingtreding van de overeenkomst hebben voltooid.
2. Onverminderd het bepaalde in lid 1 stemmen de partijen ermee in om deze overeenkomst voorlopig toe te passen vanaf de eerste dag van de maand volgende op de datum waarop de partijen elkaar in kennis hebben gesteld van de voltooiing van de daartoe vereiste procedures.
3. De overeenkomsten en andere regelingen tussen lidstaten en Maleisië die, op de datum van de ondertekening van deze overeenkomst, nog niet in werking zijn getreden en niet voorlopig worden toegepast, zijn vermeld in bijlage I, onder b). Zodra deze overeenkomsten en regelingen in werking treden of voorlopig worden toegepast, vallen zij onder de onderhavige overeenkomst.
Artikel 10
Beëindiging
1. Wanneer een in bijlage I vermelde overeenkomst wordt stopgezet, worden ook alle bepalingen van de onderhavige overeenkomst die betrekking hebben op de desbetreffende in bijlage I vermelde overeenkomst, tegelijkertijd stopgezet.
2. Wanneer alle in bijlage I vermelde overeenkomsten worden stopgezet, wordt de onderhavige overeenkomst tegelijkertijd stopgezet.
TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd, deze overeenkomst hebben ondertekend.
Gedaan te […], in tweevoud, op […/…/….], in de Tsjechische, Deense, Nederlandse, Engelse, Estse, Finse, Franse, Duitse, Griekse, Hongaarse, Italiaanse, Letse, Litouwse, Maltese, Poolse, Portugese, Slowaakse, Sloveense, Spaanse en Zweedse taal en in het Bahasa Melayu.
Voor de Europese Gemeenschap
Voor de regering van Maleisië
BIJLAGE I
Lijst van de overeenkomsten waarnaar wordt verwezen in artikel 1 van deze overeenkomst
|
a) |
Overeenkomsten voor luchtdiensten tussen Maleisië en lidstaten van de Europese Gemeenschap die, op de datum van ondertekening van onderhavige overeenkomst, zijn gesloten, ondertekend en/of voorlopig worden toegepast
|
|
b) |
Geparafeerde of ondertekende overeenkomsten voor luchtdiensten en andere regelingen tussen Maleisië en lidstaten van de Europese Gemeenschap die, op de datum van ondertekening van onderhavige overeenkomst, nog niet van kracht zijn geworden en niet voorlopig worden toegepast
|
BIJLAGE II
Lijst van de artikelen van de in bijlage I vermelde overeenkomsten waarnaar wordt verwezen in de artikelen 2 tot en met 6 van de onderhavige overeenkomst
|
a) |
Aanwijzing door een lidstaat:
|
|
b) |
Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen en machtigingen:
|
|
c) |
Veiligheid:
|
|
d) |
Belasting op vliegtuigbrandstof:
|
|
e) |
Tarieven voor vervoer binnen de Europese Gemeenschap:
|
BIJLAGE III
Lijst van andere landen waarnaar wordt verwezen in artikel 2 van deze overeenkomst
|
a) |
De Republiek IJsland (in het kader van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte) |
|
b) |
Het Prinsdom Liechtenstein (in het kader van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte) |
|
c) |
Het Koninkrijk Noorwegen (in het kader van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte) |
|
d) |
De Zwitserse Bondsstaat (in het kader van de Overeenkomst inzake luchtvervoer tussen de Europese Gemeenschap en de Zwitserse Bondsstaat) |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/95 |
BESLUIT VAN DE RAAD
van 19 december 2006
tot verlening van een garantie van de Gemeenschap voor verliezen van de Europese Investeringsbank op leningen en garanties voor projecten buiten de Gemeenschap
(2006/1016/EG)
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 181 A,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Gezien het advies van het Europees Parlement (1),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Sinds 1963 voert de Europese Investeringsbank (hierna „de EIB” genoemd) verrichtingen uit buiten de Gemeenschap ter ondersteuning van het externe beleid van de Gemeenschap. |
|
(2) |
De meeste van deze verrichtingen worden uitgevoerd op verzoek van de Raad onder dekking van een door de Commissie beheerde communautaire begrotingsgarantie. De meest recente communautaire garantie werd ingesteld voor de periode 2000-2007 bij Besluit 2000/24/EG van de Raad van 22 december 1999 tot verlening van een garantie van de Gemeenschap voor verliezen van de Europese Investeringsbank op leningen voor projecten buiten de Gemeenschap (Midden- en Oost-Europa, Middellandse Zeegebied, Latijns-Amerika en Azië en de Republiek Zuid-Afrika) (2) en bij Besluiten 2001/777/EG (3) en 2005/48/EG (4) voor leningsactiviteiten in specifieke regio's. |
|
(3) |
Om het externe optreden van de EU te kunnen ondersteunen zonder afbreuk te doen aan de kredietwaardigheid van de EIB, dient de EIB een communautaire begrotingsgarantie te worden verleend voor verrichtingen buiten de Gemeenschap. De EIB moet worden aangemoedigd haar verrichtingen buiten de Gemeenschap, en met name in de pretoetredingslanden, de Middellandse Zeelanden en investeringswaardige landen in andere regio's, uit te breiden zonder gebruikmaking van de communautaire garantie. Tevens dient de aard van de dekking van de communautaire garantie te worden verduidelijkt door te preciseren dat zij politieke en landenrisico's dekt. |
|
(4) |
De communautaire garantie dient verliezen op leningen en leninggaranties te dekken voor in aanmerking komende investeringsprojecten van de EIB in landen die vallen onder het instrument voor pretoetredingssteun (5) (hierna „het IPA” genoemd), het Europees nabuurschaps- en partnerschapsinstrument (6) (hierna „het ENPI” genoemd) en het instrument voor ontwikkelingssamenwerking (hierna „het IOS” genoemd), mits de betrokken leningfinanciering of -garantie is toegekend krachtens een ondertekende overeenkomst die niet verstreken of geannuleerd is (hierna „financieringsverrichtingen van de EIB” genoemd). |
|
(5) |
De op grond van dit besluit door een communautaire garantie gedekte bedragen gelden als maxima voor de EIB-financiering met een communautaire garantie. Zij vormen geen verplichte streefdoelen voor de EIB. |
|
(6) |
De EU-beleidslijnen op het gebied van externe betrekkingen zijn de laatste jaren herzien en uitgebreid. Dit is met name het geval geweest voor de pretoetredingsstrategie zoals geformuleerd in het Strategiedocument 2005 over de uitbreiding van de Commissie, voor het Europees nabuurschapsbeleid zoals geformuleerd in het strategiedocument van de Commissie van 12 mei 2004, voor de hernieuwde partnerschappen met Latijns-Amerika en Zuidoost-Azië en voor het strategische partnerschap van de EU met Rusland, China en India. |
|
(7) |
Vanaf 2007 zullen de externe betrekkingen van de EU ook worden ondersteund door de nieuwe financiële instrumenten, namelijk het IPA, het ENPI, het IOS en het stabiliteitsinstrument (7). |
|
(8) |
De financieringsverrichtingen van de EIB moeten consistent zijn met de externe beleidslijnen van de EU, die ook specifieke regionale doelstellingen omvatten, en deze ondersteunen. De financiering van de EIB moet complementair zijn met de overeenkomstige beleidsinitiatieven, programma's en instrumenten voor communautaire steun in de verschillende regio's. Verder moeten ook milieubescherming en de energiezekerheid van de lidstaten tot de financieringsdoelstellingen van de EIB in alle in aanmerking komende regio's behoren. De financieringsverrichtingen van de EIB dienen plaats te vinden in landen die voldoen aan passende voorwaarden die in overeenstemming zijn met overeenkomsten op hoog niveau met de EU over politieke en macro-economische aspecten. |
|
(9) |
De beleidsdialoog tussen de Commissie en de EIB en de strategische planning en samenhang tussen de financieringsactiviteiten van de EIB en die van de Commissie moeten worden versterkt. De samenhang tussen EIB-activiteiten buiten de Gemeenschap en het EU-beleid dient te worden versterkt door middel van een intensievere samenwerking tussen de EIB en de Commissie, zowel op centraal niveau als op het terrein. Een dergelijke nauwere coördinatie dient onder meer het volgende te behelzen: vroegtijdig onderling overleg over beleidsaangelegenheden, opstelling van documenten van gemeenschappelijk belang en ontwerpprojecten. Met name vroegtijdig overleg over de door de Commissie of de EIB opgestelde strategische programmeringsdocumenten zal daarbij van belang zijn, teneinde een maximale synergie tussen de activiteiten van de EIB en die van de Commissie te bewerkstelligen en de vorderingen met de verwezenlijking van de desbetreffende EU-beleidsdoelstellingen te meten. |
|
(10) |
De EIB-financiering in de pretoetredingslanden moet in overeenstemming zijn met de prioriteiten die zijn vastgelegd in het kader van de Europese partnerschappen, in de partnerschappen voor toetreding, in de stabilisatie- en associatieovereenkomsten en in het kader van onderhandelingen met de EU. Bij het EU-optreden in de westelijke Balkan dient het accent verder geleidelijk te verschuiven van wederopbouw naar pretoetredingssteun. In dit verband moet de EIB-activiteit ook de institutionele opbouw aanmoedigen, waar mogelijk in samenwerking met andere internationale financiële instellingen (hierna „IFI's” genoemd) die in de regio actief zijn. Over de periode 2007-2013 zou de financiering van de kandidaat-lidstaten (Kroatië, Turkije en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië) steeds meer moeten plaatsvinden in het kader van de door de EIB beschikbaar gestelde pretoetredingsfaciliteit, die gaandeweg dient te worden uitgebreid tot de potentiële kandidaat-lidstaten in de westelijke Balkan naarmate het toetredingsproces in deze landen vordert. |
|
(11) |
Wat de onder het ENPI vallende landen betreft, dient de EIB haar activiteiten in het Middellandse Zeegebied voort te zetten en te consolideren, en daarbij de aandacht meer te richten op de ontwikkeling van de particuliere sector. In dit verband dienen de partnerlanden ook hun medewerking te verlenen aan de facilitering van de ontwikkeling van de particuliere sector en structurele hervormingen aan te moedigen, met name in de financiële sector, alsmede aan andere maatregelen ter facilitering van de activiteiten van de EIB, met name door ervoor te zorgen dat de EIB op lokale markten obligaties kan uitgeven. Wat Oost-Europa, de zuidelijke Kaukasus en Rusland betreft, dient de EIB haar activiteiten in de betrokken landen te intensiveren wanneer deze landen voldoen aan passende voorwaarden die in overeenstemming zijn met overeenkomsten op hoog niveau over politieke en macro-economische aspecten tussen de EU en het betrokken land. In deze regio dient de EIB projecten van significant belang voor de EU te financieren in vervoer-, energie-, telecommunicatie- en milieu-infrastructuur. Daarbij dient voorrang te worden gegeven aan projecten die betrekking hebben op uitgebreide belangrijke trajecten van een trans-Europees netwerk, projecten met grensoverschrijdende gevolgen voor een of meer lidstaten en belangrijke projecten die door middel van een betere connectiviteit de regionale integratie in de hand werken. In de milieusector dient de EIB in Rusland bijzondere voorrang te verlenen aan projecten die passen in het kader van het Milieupartnerschap voor de Noordelijke Dimensie. In de energiesector zijn strategische projecten op het gebied van energievoorziening en -transport van bijzonder belang. De financieringsverrichtingen van de EIB in deze regio dienen te worden uitgevoerd in nauwe samenwerking met de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling (hierna „de EBWO” genoemd), en met name overeenkomstig de voorwaarden die moeten worden neergelegd in een tripartiet memorandum van overeenstemming tussen de Commissie, de EIB en de EBWO. |
|
(12) |
De financiering van de EIB in de Aziatische en Latijns-Amerikaanse landen zal geleidelijk op de samenwerkingsstrategie van de EU in deze regio's worden afgestemd en een aanvulling vormen op instrumenten die met communautaire begrotingsmiddelen worden gefinancierd. De EIB dient ernaar te streven haar activiteiten in deze regio's geleidelijk over een groter aantal landen, inclusief de minder welvarende, uit te breiden. De financiering van de EIB in de Aziatische en Latijns-Amerikaanse landen moet de doelstellingen van de EU ondersteunen, en zich daarbij vooral richten op milieuduurzaamheid (onder meer beperking van de klimaatverandering) en projecten op het gebied van energiezekerheid, en de constante steun voor de EU-aanwezigheid in Azië en Latijns-Amerika door middel van directe buitenlandse investeringen, technologieoverdracht en knowhow. In verband met rentabiliteitsoverwegingen moet de EIB ook direct kunnen werken met lokale ondernemingen, in het bijzonder op het gebied van milieuduurzaamheid en energiezekerheid. Bij de tussentijdse evaluatie zullen de doelstellingen van de EIB-financiering in Azië en Latijns-Amerika opnieuw worden bekeken. |
|
(13) |
In Centraal-Azië dient de EIB zich te concentreren op belangrijke projecten op het gebied van energievoorziening en -transport met grensoverschrijdende gevolgen. De EIB-financiering in Centraal-Azië dient plaats te vinden in nauwe samenwerking met de EBWO, en met name overeenkomstig de voorwaarden die moeten worden neergelegd in een tripartiet memorandum van overeenstemming tussen de Commissie, de EIB en de EBWO. |
|
(14) |
Ter aanvulling van de EIB-activiteiten ten behoeve van de ACS-landen in het kader van de Overeenkomst van Cotonou dient de EIB zich in Zuid-Afrika te concentreren op infrastructuurprojecten van algemeen belang (zoals onder meer gemeentelijke infrastructuur en elektriciteits- en watervoorziening) en steun aan de particuliere sector, inclusief het midden- en kleinbedrijf. De uitvoering van de bepalingen inzake economische samenwerking van de overeenkomst inzake handel, ontwikkeling en samenwerking tussen de EU en Zuid-Afrika, zal de EIB-activiteit in deze regio verder stimuleren. |
|
(15) |
Met het oog op een grotere samenhang van de algemene EU-steun in de betrokken regio's moeten mogelijkheden worden gezocht om de EIB-financiering via het IPA, het ENPI, het stabiliteitsinstrument en, voor Zuid-Afrika, het IOS te combineren met steun uit de EU-begroting, voor zover van toepassing, in de vorm van subsidies, risicokapitaal en rentesubsidies, benevens technische bijstand voor projectvoorbereiding en de implementatie of verbetering van het toezicht- en regelgevingskader. |
|
(16) |
De EIB werkt reeds nauw samen met IFI's en met Europese bilaterale instellingen. Deze samenwerking wordt geregeld bij regiospecifieke memoranda van overeenstemming, die door de bestuursorganen van de EIB moeten worden goedgekeurd. Bij financieringsverrichtingen buiten de EU die onder het toepassingsgebied van dit besluit vallen, dient de EIB ernaar te streven, waar zulks relevant is, de coördinatie en samenwerking met IFI's en met Europese bilaterale instellingen verder te intensiveren, met inbegrip van, voor zover van toepassing, samenwerking op het vlak van sectorvoorwaarden, frequenter gebruik van cofinanciering en medewerking met andere IFI's in overkoepelende initiatieven, bijvoorbeeld ter bevordering van de coördinatie en efficiëntie van steunmaatregelen. |
|
(17) |
De rapportage van de EIB en de Commissie over de financieringsverrichtingen van de EIB dient te worden verbeterd. Op basis van de informatie van de EIB dient de Commissie jaarlijks aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit te brengen over de in het kader van dit besluit uitgevoerde financieringsverrichtingen van de EIB. Bedoeld verslag dient met name in te gaan op de gecreëerde meerwaarde, overeenkomstig het EU-beleid ter zake, en op de samenwerking met de Commissie en andere IFI's en bilaterale donoren, onder meer op het gebied van cofinanciering. |
|
(18) |
De bij dit besluit verleende communautaire garantie moet dienen ter dekking van de financieringsverrichtingen van de EIB welke worden ondertekend gedurende een periode die ingaat op 1 februari 2007 en eindigt op 31 december 2013. Om een balans te kunnen opmaken van de ontwikkelingen tijdens de eerste helft van deze periode, dienen de EIB en de Commissie een tussentijdse evaluatie van het besluit te verrichten. Deze evaluatie dient met name een externe evaluatie te omvatten, waarvan het mandaat in bijlage II nader wordt omschreven. |
|
(19) |
De financieringsverrichtingen van de EIB dienen verder te worden beheerd in overeenstemming met de eigen regels en procedures van de Bank, welke onder meer in passende controlemaatregelen voorzien, alsook conform de relevante regels en procedures in verband met het toezicht door de Rekenkamer en OLAF. |
|
(20) |
Het Garantiefonds, ingesteld bij Verordening (EG, Euratom) nr. 2728/94 van de Raad van 31 oktober 1994 (8), dient te blijven fungeren als liquiditeitsbuffer voor de Gemeenschapsbegroting tegen verliezen op financieringsverrichtingen van de EIB. |
|
(21) |
In overleg met de Commissie dient de EIB een indicatieve meerjarenprogrammering van de omvang van de ondertekende lenings- en garantieovereenkomsten met de EIB op te stellen, teneinde een adequate begrotingsplanning voor de voorziening van het Garantiefonds mogelijk te maken, |
BESLUIT:
Artikel 1
Garantie en plafonds
1. De Gemeenschap verleent de Europese Investeringsbank (hierna „de EIB” genoemd) een algemene garantie (hierna de „communautaire garantie” genoemd) voor de gevallen waarin de EIB betalingen niet ontvangt die haar verschuldigd zijn uit hoofde van leningen en leninggaranties ter zake van voor EIB-financiering in aanmerking komende investeringsprojecten die plaatsvinden in landen die onder dit besluit vallen, mits de betrokken leningfinanciering of -garantie is toegekend krachtens een ondertekende overeenkomst die niet verstreken of geannuleerd is (hierna „financieringsverrichtingen van de EIB” genoemd) en is verleend overeenkomstig de eigen regels en procedures van de EIB en ter ondersteuning van de relevante externe beleidsdoelstellingen van de Europese Unie.
2. De communautaire garantie is beperkt tot 65 % van het totale bedrag van de in het kader van de financieringsverrichtingen van de EIB uitbetaalde kredieten en verleende garanties, verminderd met de terugbetaalde bedragen en vermeerderd met alle daarmee verband houdende bedragen.
3. Voor de financieringsverrichtingen van de EIB in de periode, bedoeld in lid 6, verminderd met de geannuleerde bedragen, geldt een maximumplafond van 27 800 miljoen EUR. Dit maximum wordt uitgesplitst in twee delen:
|
a) |
een basisplafond van een vast maximumbedrag van 25 800 miljoen EUR, daaronder begrepen de regionale uitsplitsing daarvan, gedefinieerd in lid 4, ter dekking van de volledige periode, bedoeld in lid 6; |
|
b) |
een facultatief mandaat van 2 000 miljoen EUR. De Raad zal overeenkomstig de procedure van artikel 181 A, lid 2, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap een besluit nemen over de volledige of gedeeltelijke activering van dit facultatieve bedrag en de regionale uitsplitsing ervan. Dit besluit zal worden gebaseerd op de resultaten van de tussentijdse evaluatie, bedoeld in artikel 9. |
4. Het basisplafond, bedoeld in lid 3, onder a), wordt uitgesplitst in de volgende bindende regionale plafonds:
|
a) |
Pretoetredingslanden: 8 700 miljoen EUR, |
|
b) |
Nabuurschaps- en partnerschapslanden: 12 400 miljoen EUR, uitgesplitst in de volgende indicatieve subplafonds:
|
|
c) |
Azië en Latijns-Amerika: 3 800 miljoen EUR, uitgesplitst in de volgende indicatieve subplafonds:
|
|
d) |
Republiek Zuid-Afrika: 900 miljoen EUR. |
5. De bestuursorganen van de EIB kunnen, binnen de regionale plafonds, bedragen aan andere subplafonds toewijzen tot een maximum van 10 % van het regionale plafond.
6. De communautaire garantie heeft betrekking op de financieringsverrichtingen van de EIB die worden ondertekend tijdens de periode die ingaat op 1 februari 2007 en eindigt op 31 december 2013.
7. Indien de Raad bij het verstrijken van de in lid 6 genoemde periode geen besluit heeft aangenomen tot verlening van een nieuwe communautaire garantie aan de EIB voor haar financieringsverrichtingen buiten de Gemeenschap, wordt die periode automatisch met zes maanden verlengd.
Artikel 2
In aanmerking komende landen
1. De lijst van landen die in aanmerking komen of kunnen komen voor EIB-financiering op grond van een communautaire garantie, is opgenomen in bijlage I.
2. Voor de in bijlage I genoemde, met een * gemarkeerde landen en voor niet in bijlage I genoemde landen beslist de Raad per geval en volgens de procedure van artikel 181 A, lid 2, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap of zij in aanmerking komen voor EIB-financiering op grond van een communautaire garantie.
3. De communautaire garantie dekt alleen financieringsverrichtingen van de EIB welke plaatsvinden in landen die een kaderovereenkomst met de EIB hebben gesloten waarin de juridische voorwaarden zijn vastgelegd waaronder deze financieringsverrichtingen van de EIB moeten worden uitgevoerd.
4. In geval van ernstige bezorgdheid over de politieke of economische situatie in een specifiek land kan de Raad volgens de procedure van artikel 181 A, lid 2, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap beslissen een nieuwe EIB-financiering op grond van een communautaire garantie in dat land op te schorten.
5. De communautaire garantie heeft geen betrekking op financieringsverrichtingen van de EIB in een specifiek land wanneer de overeenkomst met betrekking tot deze financieringsverrichtingen van de EIB is ondertekend na de toetreding van het betrokken land tot de EU.
Artikel 3
Samenhang met het beleid van de Europese Unie
1. De samenhang tussen de externe activiteiten van de EIB en de doelstellingen voor het extern beleid van de Europese Unie zal worden versterkt, teneinde een maximale synergie tussen de EIB-financiering en de begrotingsmiddelen van de Europese Unie te bewerkstelligen. Dit zal met name gebeuren door middel van een regelmatige en systematische dialoog en vroegtijdig overleg over:
|
a) |
door de Commissie opgestelde strategische documenten, zoals regionale en landenstrategiedocumenten, actieplannen en pretoetredingsdocumenten; |
|
b) |
de strategische planningdocumenten en ontwerpprojecten van de EIB; |
|
c) |
andere operationele en beleidsaspecten. |
2. De samenwerking verschilt per regio, rekening houdend met de rol van de EIB en het beleid van de Europese Unie in elke regio.
3. Een financieringsverrichting van de EIB valt niet onder de dekking van de communautaire garantie ingeval de Commissie over de verrichting in kwestie een negatief advies uitbrengt in het kader van de procedure van artikel 21 van de statuten van de EIB.
4. De samenhang tussen de financieringsverrichtingen van de EIB en de externe beleidslijnen en doelstellingen van de Europese Unie wordt gecontroleerd volgens de procedure van artikel 6.
Artikel 4
Samenwerking met andere internationale financiële instellingen
1. In voorkomend geval worden de financieringsverrichtingen van de EIB in toenemende mate uitgevoerd in samenwerking tussen en/of door middel van medefinanciering door de EIB en andere IFI's of Europese bilaterale instellingen, teneinde voor een zo groot mogelijke synergie, samenwerking en efficiëntie te zorgen en een redelijke risicodeling en coherente project- en sectorvoorwaarden te waarborgen.
2. Deze samenwerking wordt vergemakkelijkt door middel van coördinatie, met name, waar passend, in de context van memoranda van overeenstemming tussen, enerzijds, de Commissie, de EIB en de voornaamste IFI's en, anderzijds, de Europese bilaterale instellingen die in de verschillende regio's actief zijn.
3. De samenwerking met de IFI's en andere donoren wordt geëvalueerd in het kader van de tussentijdse evaluatie, bedoeld in artikel 9.
Artikel 5
Dekking en voorwaarden van de communautaire garantie
1. Voor financieringsverrichtingen van de EIB gesloten met, of gegarandeerd door een staat, alsook voor andere financieringsverrichtingen van de EIB gesloten met regionale of lokale instanties dan wel met openbare bedrijven of instellingen die in het bezit zijn en/of onder de zeggenschap staan van de overheid, waarbij deze andere financieringsverrichtingen van de EIB een passende kredietrisicobeoordeling van de EIB hebben waarin met het kredietrisico van het betrokken land rekening is gehouden, dekt de communautaire garantie alle betalingen die de Bank niet heeft ontvangen maar die haar wel verschuldigd zijn (hierna de „allesomvattende garantie” genoemd).
Voor de toepassing van dit artikel en artikel 6, lid 4, omvat het begrip „staat” ook de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook vertegenwoordigd door de Palestijnse Autoriteit, en Kosovo vertegenwoordigd door de Missie van de Verenigde Naties.
2. Voor andere financieringsverrichtingen van de EIB dan die vermeld in lid 1, dekt de communautaire garantie alle betalingen die de Bank niet heeft ontvangen maar die haar wel verschuldigd zijn, voor zover de niet-ontvangst het gevolg is van het feit dat zich een van de volgende politieke risico's heeft voorgedaan (hierna de „garantie tegen politieke risico's” genoemd):
|
a) |
niet-overdracht van deviezen; |
|
b) |
onteigening; |
|
c) |
oorlog of binnenlandse onlusten; |
|
d) |
rechtsweigering bij contractbreuk. |
Artikel 6
Rapportage en financiële verslaggeving
1. De Commissie brengt jaarlijks aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit over de in het kader van dit besluit uitgevoerde financieringsverrichtingen van de EIB. Het verslag bevat een beoordeling van de draagwijdte en de doeltreffendheid van de financieringsverrichtingen van de EIB op project-, sector-, landen- en regionaal niveau, alsmede van de mate waarin de financieringsverrichtingen van de EIB bijdragen tot de verwezenlijking van de externe beleidsdoelstellingen van de Europese Unie, rekening houdend met de operationele doelstellingen van de EIB. Het bevat tevens een beoordeling van de reikwijdte van de samenwerking tussen de EIB en de Commissie en tussen de EIB en andere internationale financiële instellingen en bilaterale donoren.
2. Voor de doeleinden van lid 1 verstrekt de EIB de Commissie jaarlijkse verslagen over de in het kader van dit besluit uitgevoerde financieringsverrichtingen van de EIB en over de verwezenlijking van de externe beleidsdoelstellingen van de Europese Unie, met inbegrip van de samenwerking met andere IFI's.
3. De EIB verschaft de Commissie de statistische, financiële en boekhoudkundige gegevens over de financieringsverrichtingen van de EIB die zij nodig heeft om haar rapportageverplichtingen na te komen of om aan verzoeken van de Europese Rekenkamer te voldoen, alsook een accountantsverklaring betreffende de in het kader van de financieringsverrichtingen van de EIB uitstaande bedragen.
4. Voor de financiële verslaggeving en de rapportage door de Commissie over de door de allesomvattende garantie gedekte risico's verstrekt de EIB de Commissie informatie over de risicobeoordelingen en -ratings van de EIB met betrekking tot financieringsverrichtingen van de EIB met andere leningnemers of een garantie genietende debiteuren dan staten.
5. De EIB verschaft de in de leden 2, 3 en 4 bedoelde informatie op eigen kosten.
Artikel 7
Terugvordering van door de Commissie gedane betalingen
1. Ingeval de Commissie in het kader van de communautaire garantie een betaling doet, gaat de EIB in naam en voor rekening van de Commissie over tot invordering van de schuldvorderingen die uit de betaalde bedragen voortvloeien.
2. Uiterlijk op de datum van de sluiting van de in artikel 8 bedoelde overeenkomst gaan de EIB en de Commissie een overeenkomst aan waarin de gedetailleerde voorschriften en procedures voor de invordering van schuldvorderingen worden vastgelegd.
Artikel 8
Garantieovereenkomst
De EIB en de Commissie gaan een garantieovereenkomst aan waarin de gedetailleerde voorschriften en procedures in verband met de communautaire garantie worden vastgelegd.
Artikel 9
Evaluatie van het besluit
1. De Commissie dient uiterlijk op 30 juni 2010 bij het Europees Parlement en de Raad een tussentijds verslag over de toepassing van dit besluit in, dat zo nodig vergezeld gaat van een voorstel tot wijziging van dit besluit, gebaseerd op een externe evaluatie waarvan het mandaat in bijlage II van dit besluit nader wordt omschreven.
2. De Commissie dient uiterlijk op 31 juli 2013 een eindverslag in over de toepassing van dit besluit.
Artikel 10
Toepassing
Dit besluit wordt van kracht op de derde dag volgende op die van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Gedaan te Brussel, 19 december 2006.
Voor de Raad
De voorzitter
J. KORKEAOJA
(1) Advies uitgebracht op 30 november 2006 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).
(2) PB L 9 van 13.1.2000, blz. 24. Besluit laatstelijk gewijzigd bij Besluit 2006/174/EG (PB L 62 van 3.3.2006, blz. 26).
(3) PB L 292 van 9.11.2001, blz. 41.
(4) PB L 21 van 25.1.2005, blz. 11.
(5) Verordening (EG) nr. 1085/2006 van de Raad van 17 juli 2006 (PB L 210 van 31.7.2006, blz. 82).
(6) Verordening (EG) nr. 1638/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 2006 (PB L 310 van 9.11.2006, blz. 1).
(7) Verordening (EG) nr. 1717/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 15 november 2006 (PB L 327 van 24.11.2006, blz. 1).
(8) PB L 293 van 12.11.1994, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG, Euratom) nr. 2273/2004 (PB L 396 van 31.12.2004, blz. 28). [Deze verwijzing moet worden bijgewerkt wanneer het voorstel tot wijziging van de voorzieningsregeling van het Garantiefonds wordt aangenomen (COM(2005) 130 def.).]
BIJLAGE I
Onder artikel 1 vallende regio's en landen
A. PRETOETREDINGSLANDEN
|
1) |
Kandidaat-lidstaten
Kroatië, Turkije, Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië. |
|
2) |
Potentiële kandidaat-lidstaten
Albanië, Bosnië en Herzegovina, Montenegro, Servië, Kosovo als omschreven in Resolutie 1244 (1999) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. |
B. NABUURSCHAPS- EN PARTNERSCHAPSLANDEN
|
1) |
Middellandse Zeelanden
Algerije, Egypte, de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook, Israël, Jordanië, Libanon, Libië (*), Marokko, Syrië, Tunesië. |
|
2) |
Oost-Europa, zuidelijke Kaukasus en Rusland
Oost-Europa: Moldavië, Oekraïne, Belarus (*); Zuidelijke Kaukasus: Armenië, Azerbeidzjan, Georgië; Rusland: Rusland. |
C. AZIË EN LATIJNS-AMERIKA
|
1) |
Latijns-Amerika
Argentinië, Bolivia, Brazilië, Chili, Colombia, Costa Rica, Ecuador, El Salvador, Guatemala, Honduras, Mexico, Nicaragua, Panama, Paraguay, Peru, Uruguay, Venezuela. |
|
2) |
Azië
|
D. ZUID-AFRIKA
Zuid-Afrika.
BIJLAGE II
Tussentijdse evaluatie en mandaat voor de evaluatie van het EIB-mandaat voor projecten buiten de Gemeenschap
Tussentijdse evaluatie
Voor 2010 moet een inhoudelijke tussentijdse evaluatie van de externe financiering van de EIB plaatsvinden. Op basis van deze beoordeling, die volledig is gestoeld op een aan de Raad voor te leggen onafhankelijke externe evaluatie, besluiten de lidstaten of, en, zo ja, in welke mate, in een tweede fase in een facultatief mandaat wordt voorzien ter aanvulling van mogelijke lening in de periode na 2010; of het mandaat op andere punten wordt aangepast, en hoe voor een maximale meerwaarde en efficiëntie van de verrichtingen van de EIB kan worden gezorgd. De Commissie dient de tussentijdse evaluatie uiterlijk op 30 juni 2010 in bij het Parlement en de Raad, als basis voor eventuele voorstellen tot wijziging van het mandaat. De Raad neemt, na raadpleging van het Europees Parlement, de nodige besluiten.
Kader voor de evaluatie
De evaluatie omvat:
|
a. |
een evaluatie van de externe financieringsverrichtingen van de EIB. Deze evaluatie moet gedeeltelijk in samenwerking met de evaluatiediensten van de EIB en de Commissie worden verricht; |
|
b. |
een beoordeling van de bredere draagwijdte van de externe lening van de EIB in overleg met andere IFI's en financieringsbronnen. |
De evaluatie staat onder toezicht van, en wordt beheerd door een stuurgroep bestaande uit verschillende, door de Raad van Gouverneurs van de EIB aangewezen „wijzen”, een vertegenwoordiger van de EIB en een vertegenwoordiger van de Commissie. De stuurgroep wordt door een van de wijzen voorgezeten. Zij komt uiterlijk in het eerste halfjaar van 2008 bijeen.
De stuurgroep wordt bijgestaan door de evaluatiediensten van de EIB en de Commissie en door externe deskundigen. Deze externe deskundigen worden door middel van een procedure voor het plaatsen van opdrachten door de Commissie geselecteerd. Het is de bedoeling dat de stuurgroep wordt geraadpleegd over het mandaat en de criteria voor de selectie van de externe deskundigen. De kosten van de externe deskundigen zouden in dat geval door de Commissie worden gedragen en vallen onder het begrotingsonderdeel betreffende de voorziening van het Garantiefonds.
De door de stuurgroep voor te leggen definitieve versie van het evaluatieverslag moet duidelijke, op de verzamelde informatie gestoelde conclusies bevatten, op basis waarvan in het kader van de tussentijdse evaluatie een besluit zal worden genomen over het al dan niet beschikbaar stellen van de facultatieve tranche voor de resterende duur van het mandaat, alsmede over de regionale uitsplitsing van extra financiering.
Reikwijdte van de evaluatie
De evaluatie moet betrekking hebben op de vorige mandaten (2000-2006) en op de eerste jaren van het mandaat 2007-2013 (tot eind 2009). Onderwerp van de beoordeling zijn de financieringsmassa per project, de uitgaven per land, de technische bijstand en de risicokapitaalverrichtingen. Rekening houdend met de gevolgen op project-, sector-, regionaal en landenniveau zullen de conclusies van de evaluatie op de volgende elementen worden gebaseerd:
|
a. |
een (samen met de Eenheid evaluatie van de EIB en de Commissiediensten uit te voeren) diepgaande evaluatie van de relevantie, prestaties (doeltreffendheid, doelmatigheid en duurzaamheid) van EIB-verrichtingen, afgezet tegen hun specifieke regionale doelstellingen zoals oorspronkelijk vastgesteld in het desbetreffende externe beleid van de EU, alsook van hun meerwaarde; |
|
b. |
een (samen met de Eenheid evaluatie van de EIB en de Commissiediensten uit te voeren) beoordeling van de samenhang met de desbetreffende EU-maatregelen en -strategieën inzake extern beleid, alsmede van de additionaliteit van de EIB-verrichtingen tijdens de eerste jaren van het mandaat 2007-2013 in het kader van de specifieke regionale doelstellingen van het mandaat 2007-2013 en van de overeenkomstige, door de Bank vast te stellen prestatie-indicatoren; |
In deze beoordelingen zal de meerwaarde van de EIB-verrichtingen afgemeden worden aan drie elementen: ondersteuning van de beleidsdoelstellingen van de EU, de kwaliteit van de projecten zelf en alternatieve financieringsbronnen:
|
a. |
een analyse van de financiële behoeften van de begunstigden, hun opnemingsvermogen en de beschikbaarheid van andere, particuliere of overheidsfinancieringsbronnen voor de betreffende investeringen; |
|
b. |
een beoordeling van de samenwerking tussen en de onderlinge samenhang van de maatregelen van de EIB en de Commissie; |
|
c. |
een beoordeling van de samenwerking en de synergieën tussen de EIB en internationale en bilaterale financiële instellingen en organisaties. |
|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 414/s3 |