|
ISSN 1725-2598 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
49e jaargang |
|
Inhoud |
|
I Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing |
Bladzijde |
|
|
|
||
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
|
||
|
|
* |
||
|
|
|
|
|
|
II Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing |
|
|
|
|
Commissie |
|
|
|
* |
||
|
|
* |
Beschikking van de Commissie van 22 juni 2006 tot wijziging van Beschikking 2004/452/EG wat betreft de lijst van organen waarvan de onderzoekers voor wetenschappelijke doeleinden toegang hebben tot vertrouwelijke gegevens (Kennisgeving geschied onder nummer C(2006) 2411) ( 1 ) |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. |
I Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/1 |
VERORDENING (EG) Nr. 934/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
tot vaststelling van forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijzen van bepaalde soorten groenten en fruit
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 3223/94 van de Commissie van 21 december 1994 houdende uitvoeringsbepalingen van de invoerregeling voor groenten en fruit (1), en met name op artikel 4, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EG) nr. 3223/94 zijn op grond van de multilaterale handelsbesprekingen in het kader van de Uruguayronde de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de periodes die in de bijlage bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt. |
|
(2) |
Op grond van de bovenvermelde criteria moeten de forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld op de in de bijlage bij deze verordening vermelde niveaus, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 3223/94 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld zoals aangegeven in de tabel in de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 24 juni 2006.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
J. L. DEMARTY
Directeur-generaal Landbouw en plattelandsontwikkeling
(1) PB L 337 van 24.12.1994, blz. 66. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 386/2005 (PB L 62 van 9.3.2005, blz. 3).
BIJLAGE
bij de verordening van de Commissie van 23 juni 2006 tot vaststelling van forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijzen van bepaalde soorten groenten en fruit
|
(EUR/100 kg) |
||
|
GN-code |
Code derde landen (1) |
Forfaitaire invoerwaarde |
|
0702 00 00 |
052 |
60,8 |
|
204 |
44,1 |
|
|
999 |
52,5 |
|
|
0707 00 05 |
052 |
92,2 |
|
999 |
92,2 |
|
|
0709 90 70 |
052 |
95,6 |
|
999 |
95,6 |
|
|
0805 50 10 |
388 |
55,2 |
|
528 |
57,7 |
|
|
999 |
56,5 |
|
|
0808 10 80 |
388 |
90,7 |
|
400 |
104,3 |
|
|
404 |
105,9 |
|
|
508 |
93,6 |
|
|
512 |
98,8 |
|
|
524 |
55,6 |
|
|
528 |
84,2 |
|
|
720 |
112,2 |
|
|
800 |
180,6 |
|
|
804 |
107,6 |
|
|
999 |
103,4 |
|
|
0809 10 00 |
052 |
185,7 |
|
204 |
61,1 |
|
|
624 |
217,3 |
|
|
999 |
154,7 |
|
|
0809 20 95 |
052 |
315,7 |
|
068 |
107,3 |
|
|
999 |
211,5 |
|
|
0809 40 05 |
624 |
193,7 |
|
999 |
193,7 |
|
(1) Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 750/2005 van de Commissie (PB L 126 van 19.5.2005, blz. 12). De code „ 999 ” staat voor „andere oorsprong”.
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/3 |
VERORDENING (EG) Nr. 935/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
inzake een openbare inschrijving voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer van gerst naar bepaalde derde landen
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1784/2003 van de Raad van 29 september 2003 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), en met name op artikel 13, lid 3, eerste alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In het licht van de huidige marktsituatie voor granen is het dienstig voor gerst een openbare inschrijving te houden voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1501/95 van de Commissie van 29 juni 1995 tot vaststelling van enkele toepassingsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1766/92 van de Raad voor wat de toekenning, in de graansector, van uitvoerrestituties en bij verstoring van de graanmarkt te treffen maatregelen betreft (2). |
|
(2) |
De uitvoeringsbepalingen inzake de procedure voor een openbare inschrijving ten aanzien van de vaststelling van de restitutie bij uitvoer zijn opgenomen in Verordening (EG) nr. 1501/95. Inschrijving houdt onder andere de verplichting in een aanvraag om een uitvoercertificaat in te dienen en een zekerheid te stellen. Het bedrag van deze zekerheid dient te worden vastgesteld. |
|
(3) |
De specifieke geldigheidsduur van de in het kader van deze inschrijving afgegeven certificaten moet worden bepaald. Deze geldigheidsduur moet zijn afgestemd op de behoeften van de wereldmarkt voor het verkoopseizoen 2006/2007. |
|
(4) |
Om alle gegadigden een gelijke behandeling te waarborgen, moet de geldigheidsduur van de afgegeven certificaten gelijk zijn. |
|
(5) |
Ter wille van het goede verloop van een inschrijvingsprocedure voor de uitvoer, dienen een minimumhoeveelheid, alsmede de termijn waarbinnen en de vorm waarin de bij de bevoegde diensten ingediende offertes moeten worden doorgegeven, te worden vastgesteld. |
|
(6) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor granen, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Er wordt een openbare inschrijving gehouden voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1501/95.
2. De inschrijving heeft betrekking op gerst voor uitvoer naar Algerije, Saudi-Arabië, Bahrein, Egypte, de Verenigde Arabische Emiraten, Iran, Irak, Israël, Jordanië, Koeweit, Libanon, Libië, Marokko, Mauritanië, Oman, Qatar, Syrië, Tunesië en Yemen.
3. De inschrijving wordt gehouden tot en met 28 juni 2007. Tot die tijd worden wekelijks deelinschrijvingen gehouden en de hoeveelheden en de data voor het indienen van de offertes daarvoor worden in het bericht van inschrijving vastgesteld.
In afwijking van artikel 4, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1501/95 verstrijkt de termijn voor het indienen van de offertes voor de eerste deelinschrijving op 6 juli 2006.
Artikel 2
Een offerte is slechts geldig indien zij ten minste 1 000 t betreft.
Artikel 3
De in artikel 5, lid 3, onder a), van Verordening (EG) nr. 1501/95 bedoelde zekerheid bedraagt 12 EUR per ton.
Artikel 4
1. In afwijking van artikel 23, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1291/2000 van de Commissie (3) worden de overeenkomstig artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1501/95 afgegeven uitvoercertificaten, voor de bepaling van de geldigheidsduur ervan, geacht te zijn afgegeven op de dag van de indiening van de offerte.
2. De in het kader van de in deze verordening bedoelde openbare inschrijving afgegeven uitvoercertificaten zijn geldig vanaf de dag van afgifte in de zin van lid 1 tot het einde van de vierde daaropvolgende maand.
Artikel 5
De lidstaten doen de ingediende offertes uiterlijk anderhalf uur na het verstrijken van de wekelijkse termijn voor het indienen van de offertes, die in het bericht van inschrijving is vermeld, aan de Commissie toekomen met gebruikmaking van een formulier volgens het in de bijlage vastgestelde model.
Indien geen offertes zijn ingediend, stellen de lidstaten de Commissie daarvan eveneens binnen de in de voorgaande alinea genoemde termijn in kennis.
De termijnen voor het indienen van de offertes hebben betrekking op de Belgische tijd.
Artikel 6
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 270 van 21.10.2003, blz. 78. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) 1154/2005 van de Commissie (PB L 187 van 19.7.2005, blz. 11).
(2) PB L 147 van 30.6.1995, blz. 7. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 777/2004 (PB L 123 van 27.4.2004, blz. 50).
BIJLAGE
Inschrijving voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer van gerst naar bepaalde derde landen
Formulier (*1)
(Verordening (EG) nr. 935/2006)
(Einde van de termijn voor het indienen van offertes)
|
1 |
2 |
3 |
|
Volgnummer van de inschrijvers |
Hoeveelheid in t |
Bedrag van de uitvoerrestitutie (in EUR/t) |
|
1 |
|
|
|
2 |
|
|
|
3 |
|
|
|
enz. |
|
|
(*1) In te dienen bij DG AGRI (D/2).
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/6 |
VERORDENING (EG) Nr. 936/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
inzake een openbare inschrijving voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer van zachte tarwe naar bepaalde derde landen
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1784/2003 van de Raad van 29 september 2003 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), en met name op artikel 13, lid 3, eerste alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In het licht van de huidige marktsituatie voor granen is het dienstig voor zachte tarwe een openbare inschrijving te houden voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1501/95 van de Commissie van 29 juni 1995 tot vaststelling van enkele toepassingsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1766/92 van de Raad voor wat de toekenning, in de graansector, van uitvoerrestituties en bij verstoring van de graanmarkt te treffen maatregelen betreft (2). |
|
(2) |
De uitvoeringsbepalingen inzake de procedure voor een openbare inschrijving ten aanzien van de vaststelling van de restitutie bij uitvoer zijn opgenomen in Verordening (EG) nr. 1501/95. Inschrijving houdt onder andere de verplichting in een aanvraag om een uitvoercertificaat in te dienen en een zekerheid te stellen. Het bedrag van deze zekerheid dient te worden vastgesteld. |
|
(3) |
De specifieke geldigheidsduur van de in het kader van deze inschrijving afgegeven certificaten moet worden bepaald. Deze geldigheidsduur moet zijn afgestemd op de behoeften van de wereldmarkt voor het verkoopseizoen 2006/2007. |
|
(4) |
Om alle gegadigden een gelijke behandeling te waarborgen, moet de geldigheidsduur van de afgegeven certificaten gelijk zijn. |
|
(5) |
Om wederinvoer te voorkomen, mag uitvoer in het kader van deze inschrijving alleen geschieden naar bepaalde derde landen. |
|
(6) |
Ter wille van het goede verloop van een inschrijvingsprocedure voor de uitvoer, dienen een minimumhoeveelheid, alsmede de termijn waarbinnen en de vorm waarin de bij de bevoegde diensten ingediende offertes moeten worden doorgegeven, te worden vastgesteld. |
|
(7) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor granen, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Er wordt een openbare inschrijving gehouden voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1501/95.
2. De inschrijving heeft betrekking op zachte tarwe voor uitvoer naar bestemmingen met uitzondering van Albanië, Bulgarije, Kroatië, Bosnië-Herzegovina, Servië en Montenegro (3), de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, Liechtenstein, Roemenië en Zwitserland.
3. De inschrijving wordt gehouden tot en met 28 juni 2007. Tot die tijd worden wekelijks deelinschrijvingen gehouden en de hoeveelheden en de data voor het indienen van de offertes daarvoor worden in het bericht van inschrijving vastgesteld.
In afwijking van artikel 4, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1501/95 verstrijkt de termijn voor het indienen van de offertes voor de eerste deelinschrijving op 6 juli 2006.
Artikel 2
Een offerte is slechts geldig indien zij ten minste 1 000 ton betreft.
Artikel 3
De in artikel 5, lid 3, onder a), van Verordening (EG) nr. 1501/95 bedoelde zekerheid bedraagt 12 euro per ton.
Artikel 4
1. In afwijking van artikel 23, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1291/2000 van de Commissie (4) worden de overeenkomstig artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1501/95 afgegeven uitvoercertificaten, voor de bepaling van de geldigheidsduur ervan, geacht te zijn afgegeven op de dag van de indiening van de offerte.
2. De in het kader van de in deze verordening bedoelde openbare inschrijving afgegeven uitvoercertificaten zijn geldig vanaf de dag van afgifte in de zin van lid 1 tot het einde van de vierde daaropvolgende maand.
Artikel 5
De lidstaten doen de ingediende offertes uiterlijk anderhalf uur na het verstrijken van de wekelijkse termijn voor het indienen van de offertes, die in het bericht van inschrijving is vermeld, aan de Commissie toekomen met gebruikmaking van een formulier volgens het in de bijlage vastgestelde model.
Indien geen offertes zijn ingediend, stellen de lidstaten de Commissie daarvan eveneens binnen de in de voorgaande alinea genoemde termijn in kennis.
De termijnen voor het indienen van de offertes hebben betrekking op de Belgische tijd.
Artikel 6
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 270 van 21.10.2003, blz. 78. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1154/2005 van de Commissie (PB L 187 van 19.7.2005, blz. 11).
(2) PB L 147 van 30.6.1995, blz. 7. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 777/2004 (PB L 123 van 27.4.2004, blz. 50).
(3) Met inbegrip van Kosovo, zoals gedefinieerd in Resolutie 1244 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties van 10 juni 1999.
(4) PB L 152 van 24.6.2000, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 410/2006 (PB L 71 van 10.3.2006, blz. 7).
BIJLAGE
Wekelijkse inschrijving voor de vaststelling van de restitutie bij uitvoer van zachte tarwe naar bepaalde derde landen
Formulier (*1)
(Verordening (EG) nr. 936/2006)
(Einde van de termijn voor het indienen van offertes)
|
1 |
2 |
3 |
|
Volgnummer van de inschrijvers |
Hoeveelheid in tonnen |
Bedrag van de uitvoerrestitutie (in euro/ton) |
|
1 |
|
|
|
2 |
|
|
|
3 |
|
|
|
etc. |
|
|
(*1) In te dienen bij DG AGRI (D/2).
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/9 |
VERORDENING (EG) Nr. 937/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
houdende opening en wijze van beheer van een communautair tariefcontingent voor maïsgluten van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1784/2003 van de Raad van 29 september 2003 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), en met name op artikel 12, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Krachtens de overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese Gemeenschap en de Verenigde Staten van Amerika uit hoofde van artikel XXIV, lid 6, en artikel XXVIII van de GATT 1994 (2), die is goedgekeurd bij Besluit 2006/333/EG van de Raad (3), en heeft de Commissie zich ertoe verbonden om voor elk kalenderjaar een tariefcontingent met verlaagd recht ten opzichte van het gemeenschappelijk buitentarief vast te stellen, namelijk 16 % ad valorem voor maïsgluten van GN-code ex 2303 10 11 van de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika. |
|
(2) |
Voor een goed beheer van het tariefcontingent moet worden bepaald dat de marktdeelnemers van dit contingent kunnen gebruikmaken volgens de voorschriften die zijn vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie van 2 juli 1993 houdende vaststelling van enkele bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad tot vaststelling van het communautair douanewetboek (4), op grond waarvan de hoeveelheden worden toegewezen in chronologische volgorde van de data van aanvaarding van de douaneaangiften. |
|
(3) |
De oorsprong van de producten worden bepaald overeenkomstig de in de Gemeenschap geldende bepalingen. In het kader van de controle op de oorsprong van de producten dient rekening te worden gehouden met de door de bevoegde autoriteiten van de Verenigde Staten van Amerika vastgestelde controlemaatregelen en moet worden bepaald dat, bij invoer, het door die autoriteiten afgegeven oorsprongscertificaat vereist is overeenkomstig de communautaire regelgeving. |
|
(4) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor granen, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor de invoer van maïsgluten van GN-code ex 2303 10 11 (onderverdeling Taric 10) van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika geldt, met ingang van 2006, een douanerecht van 16 % ad valorem binnen de grens van een tariefcontingent van 10 000 ton netto per kalenderjaar.
Het tariefcontingent wordt beheerd onder het volgnummer 09.0090.
Artikel 2
1. Het in artikel 1 vastgestelde tariefcontingent wordt beheerd door de Commissie overeenkomstig de artikelen 308 bis tot en met 308 quater van Verordening (EEG) nr. 2454/93.
2. Om te kunnen gebruikmaken van het in artikel 1 vastgestelde tariefcontingent dient een oorsprongscertificaat te worden overgelegd dat is afgegeven door de bevoegde autoriteiten van de Verenigde Staten van Amerika, overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 55 tot en met 65 van Verordening (EEG) nr. 2454/93. De oorsprong van de onder deze verordening vallende producten wordt vastgesteld overeenkomstig de in de Gemeenschap geldende bepalingen.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 270 van 21.10.2003, blz. 78. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1154/2005 van de Commissie (PB L 187 van 19.7.2005, blz. 11).
(2) PB L 124 van 11.5.2006, blz. 15.
(3) PB L 124 van 11.5.2006, blz. 13.
(4) PB L 253 van 11.10.1993, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 402/2006 (PB L 70 van 9.3.2006, blz. 35).
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/11 |
VERORDENING (EG) Nr. 938/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
tot opening van de in artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad bedoelde crisisdistillatie voor bepaalde soorten wijn in Frankrijk
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1493/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt (1), en met name op artikel 33, lid 1, onder f),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 voorziet in de mogelijkheid een crisisdistillatiemaatregel te treffen indien zich als gevolg van grote overschotten een uitzonderlijk geval van marktverstoring voordoet. Deze maatregel kan tot bepaalde wijncategorieën en/of tot bepaalde productiegebieden worden beperkt, en kan voor in bepaalde gebieden voortgebrachte kwaliteitswijn (v.q.p.r.d.) worden toegepast indien de betrokken lidstaat daarom verzoekt. |
|
(2) |
De Franse regering heeft bij brief van 8 maart 2006 gevraagd een crisisdistillatie te openen voor op het Franse grondgebied geproduceerde tafelwijn en voor v.q.p.r.d. |
|
(3) |
Er is geconstateerd dat zich op de Franse markt voor tafelwijn en v.q.p.r.d. grote overschotten bevinden die tegen het einde van dit wijnoogstjaar zullen leiden tot een daling van de prijzen en een zorgwekkende toename van de voorraden. Om deze negatieve tendens om te buigen en de nijpende marktsituatie te verhelpen, moeten de desbetreffende Franse wijnvoorraden worden teruggebracht tot een niveau dat voor het dekken van de behoeften van de markt als normaal wordt beschouwd. |
|
(4) |
Omdat aan de in artikel 30, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde voorwaarden is voldaan, moet een crisisdistillatie voor maximaal 1,5 miljoen hectoliter tafelwijn en voor maximaal 1,5 miljoen hectoliter v.q.p.r.d. worden geopend. |
|
(5) |
De op grond van de onderhavige verordening geopende crisisdistillatie moet in overeenstemming zijn met de voorwaarden die zijn vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1623/2000 van de Commissie van 25 juli 2000 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de marktmechanismen als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1493/1999 houdende een gemeenschappelijke ordening van de wijnmarkt (2). Er moeten ook andere in Verordening (EG) nr. 1623/2000 vastgestelde bepalingen in acht worden genomen, onder meer inzake de levering van alcohol aan het interventiebureau en inzake de betaling van een voorschot. |
|
(6) |
De aankoopprijs die door de distilleerder aan de producent moet worden betaald, dient op een zodanig niveau te worden vastgesteld dat de met de marktverstoring samenhangende problemen worden opgelost en de producenten tegelijkertijd kunnen profiteren van deze maatregel. |
|
(7) |
Bij de crisisdistillatie mag alleen ruwe of neutrale alcohol worden geproduceerd die verplicht aan het interventiebureau moet worden geleverd, ter voorkoming van verstoring van de drinkalcoholmarkt, die in eerste instantie wordt bevoorraad via de in artikel 29 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde distillatie. |
|
(8) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor wijn, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
In Frankrijk wordt de in artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1493/1999 bedoelde crisisdistillatie geopend voor maximaal 1,5 miljoen hectoliter tafelwijn en maximaal 1,5 miljoen hectoliter in bepaalde gebieden voortgebrachte kwaliteitswijn (v.q.p.r.d.), overeenkomstig de bepalingen die voor dit soort distillatie zijn vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1623/2000.
Artikel 2
Elke producent kan van 29 juni tot en met 28 juli 2006 een in artikel 65 van Verordening (EG) nr. 1623/2000 bedoeld leveringscontract (hierna „contract” genoemd) sluiten.
Het contract gaat vergezeld van het bewijs dat een zekerheid van 5 EUR per hectoliter is gesteld.
Het contract kan niet worden overgedragen.
Artikel 3
1. Indien de totale hoeveelheden waarop de bij het interventiebureau ingediende contracten betrekking hebben, de in artikel 1 vastgestelde hoeveelheden overschrijden, bepaalt de lidstaat de op die contracten toe te passen verlagingspercentages.
2. De lidstaat treft de nodige administratieve maatregelen om de contracten uiterlijk op 22 augustus 2006 goed te keuren. In het kader van deze goedkeuring worden het eventueel toegepaste verlagingspercentage, de per contract geaccepteerde hoeveelheid wijn en de mogelijkheid dat de producent bij toepassing van het verlagingspercentage het contract kan opzeggen, vermeld.
De lidstaat deelt de Commissie vóór 29 augustus 2006 de hoeveelheden wijn mee waarvoor contracten zijn goedgekeurd.
3. De lidstaat mag het aantal contracten dat een producent op grond van deze verordening kan sluiten, beperken.
Artikel 4
1. De hoeveelheden wijn waarvoor goedgekeurde contracten zijn gesloten, worden uiterlijk op 28 februari 2007 aan de distilleerderijen geleverd. De geproduceerde alcohol wordt uiterlijk op 31 mei 2007 aan het interventiebureau geleverd overeenkomstig artikel 6, lid 1.
2. De zekerheid wordt naar rato van de geleverde hoeveelheden vrijgegeven wanneer de producent het bewijs van levering aan een distilleerderij overlegt.
Als vóór de in lid 1 vastgestelde datum geen levering plaatsvindt, wordt de zekerheid verbeurd.
Artikel 5
De minimumaankoopprijs voor de wijn die op grond van deze verordening aan de distilleerderij wordt geleverd, bedraagt voor tafelwijn 1,914 EUR per % vol en per hectoliter, en voor v.q.p.r.d. 3,000 EUR per % vol en per hectoliter.
Artikel 6
1. De distilleerder levert het distillatieproduct aan het interventiebureau. Dit product heeft een alcoholgehalte van ten minste 92 % vol.
2. De prijs die door het interventiebureau aan de distilleerder moet worden betaald voor de geleverde ruwe alcohol bedraagt 2,281 EUR per % vol en per hectoliter voor uit tafelwijn geproduceerde alcohol en 3,367 EUR per % vol en per hectoliter voor uit v.q.p.r.d. geproduceerde alcohol. De betaling wordt verricht overeenkomstig artikel 62, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1623/2000.
De distilleerder kan hierop een voorschot krijgen van 1,122 EUR per % vol en per hectoliter voor uit tafelwijn geproduceerde alcohol en van 2,208 EUR per % vol en per hectoliter voor uit v.q.p.r.d. geproduceerde alcohol. In dat geval wordt het bedrag van de voorschotten van de daadwerkelijk betaalde prijzen afgetrokken. De artikelen 66 en 67 van Verordening (EG) nr. 1623/2000 zijn van toepassing.
Artikel 7
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Zij is van toepassing met ingang van 29 juni 2006.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 179 van 14.7.1999, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2165/2005 (PB L 345 van 28.12.2005, blz. 1).
(2) PB L 194 van 31.7.2000, blz. 45. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1820/2005 (PB L 293 van 9.11.2005, blz. 8).
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/13 |
VERORDENING (EG) Nr. 939/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
tot vaststelling, voor het verkoopseizoen 2006/2007, van het steunbedrag voor peren voor verwerking
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 2201/96 van de Raad van 28 oktober 1996 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector verwerkte producten op basis van groenten en fruit (1), en met name op artikel 6, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In artikel 3, lid 3, onder c), van Verordening (EG) nr. 1535/2003 van de Commissie van 29 augustus 2003 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 2201/96 van de Raad wat de steunregeling voor verwerkte producten op basis van groenten en fruit betreft (2) is bepaald dat de Commissie uiterlijk op 15 juni het steunbedrag voor peren voor verwerking bekendmaakt. |
|
(2) |
Het gemiddelde van de hoeveelheden peren die in de laatste drie verkoopseizoenen in het kader van de steunregeling zijn verwerkt, bedraagt 8 574 t meer dan de communautaire drempel. |
|
(3) |
Voor de lidstaten die hun verwerkingsdrempel hebben overschreden, moet het steunbedrag voor peren voor verwerking voor het verkoopseizoen 2006/2007 derhalve overeenkomstig artikel 5, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2201/96 worden gewijzigd ten opzichte van het bij artikel 4, lid 2, van die verordening vastgestelde bedrag. |
|
(4) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor verwerkte producten op basis van groenten en fruit, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Voor het verkoopseizoen 2006/2007 wordt de steun voor de in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 2201/96 bedoelde peren vastgesteld op:
|
— |
161,70 EUR/t voor de Tsjechische Republiek, |
|
— |
101,58 EUR/t voor Griekenland, |
|
— |
150,77 EUR/t voor Spanje, |
|
— |
161,70 EUR/t voor Frankrijk, |
|
— |
148,47 EUR/t voor Italië, |
|
— |
161,70 EUR/t voor Hongarije, |
|
— |
41,99 EUR/t voor Nederland, |
|
— |
161,70 EUR/t voor Oostenrijk, |
|
— |
161,70 EUR/t voor Portugal. |
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
Mariann FISCHER BOEL
Lid van de Commissie
(1) PB L 297 van 21.11.1996, blz. 29. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 386/2004 van de Commissie (PB L 64 van 2.3.2004, blz. 25).
(2) PB L 218 van 30.8.2003, blz. 14. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1663/2005 (PB L 267 van 12.10.2005, blz. 22).
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/14 |
VERORDENING (EG) Nr. 940/2006 VAN DE COMMISSIE
van 23 juni 2006
tot wijziging van Verordening (EG) nr. 796/2006 ten aanzien van de lijst van de lidstaten waar de aankoop van boter bij inschrijving open is voor de periode tot en met 31 augustus 2006
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1255/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelproducten (1),
Gelet op Verordening (EG) nr. 796/2006 van de Commissie van 29 mei 2006 tot schorsing van de aankoop van boter tegen 90 % van de interventieprijs en tot opening van de aankoop bij inschrijving voor de periode tot en met 31 augustus 2006 (2), en met name op artikel 2, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 796/2006 is overeenkomstig artikel 6, lid 1, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 1255/1999 de aankoop van boter bij inschrijving geopend voor de periode tot en met 31 augustus 2006. |
|
(2) |
Uit de meest recente mededelingen van Letland is de Commissie gebleken dat de marktprijzen voor boter er gedurende twee opeenvolgende weken lager zijn geweest dan 92 % van de interventieprijs. Daarom moet de interventieaankoop bij inschrijving in die lidstaat worden geopend. Bijgevolg moet de lidstaat worden toegevoegd aan de bij Verordening (EG) nr. 796/2006 vastgestelde lijst. |
|
(3) |
Verordening (EG) nr. 796/2006 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
In artikel 2 van Verordening (EG) nr. 796/2006 wordt lid 1 vervangen door:
„1. Voor de periode van 24 juni tot en met 31 augustus 2006 wordt de in artikel 6, lid 1, derde alinea, van Verordening (EG) nr. 1255/1999 bedoelde aankoop van boter bij inschrijving onder de in afdeling 3 bis van Verordening (EG) nr. 2771/1999 vastgestelde voorwaarden geopend in de volgende lidstaten: België, Tsjechië, Duitsland, Estland, Spanje, Frankrijk, Ierland, Italië, Letland, Luxemburg, Nederland, Polen, Portugal, Finland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.”.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 23 juni 2006.
Voor de Commissie
J. L. DEMARTY
Directeur-generaal Landbouw en plattelandsontwikkeling
(1) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 48. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1913/2005 (PB L 307 van 25.11.2005, blz. 2).
II Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing
Commissie
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/15 |
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE
van 22 juni 2006
tot vaststelling van een gemeenschappelijke merkstof voor gasolie en kerosine voor fiscale doeleinden
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2006) 2383)
(2006/428/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 95/60/EG van de Raad van 27 november 1995 betreffende het merken van gasolie en kerosine voor fiscale doeleinden (1), en met name op artikel 2, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Met het oog op de goede werking van de interne markt en met name ter voorkoming van belastingfraude voorziet Richtlijn 95/60/EG in een gemeenschappelijk systeem voor het merken van gasolie van GN-code 2710 00 69 en kerosine van GN-code 2710 00 55 die tot verbruik zijn uitgeslagen met vrijstelling van accijns of tegen een verlaagd accijnstarief. Sinds 2002 is de eerste code opgesplitst in GN-codes 2710 19 41 , 2710 19 45 en 2710 19 49 om rekening te houden met het zwavelgehalte van de gasolie, terwijl de tweede code is omgezet in GN-code 2710 19 25 . |
|
(2) |
Bij Beschikking 2001/574/EG (2) van de Commissie is het product met de wetenschappelijke naam N-Ethyl-N-[2-(1-isobutoxyethoxy)ethyl]-4-(fenylazo)aniline (Solvent Yellow 124) aangewezen als de in Richtlijn 95/60/EG bedoelde gemeenschappelijke merkstof voor fiscale doeleinden voor het merken van gasolie en kerosine die niet zijn belast tegen het normale tarief voor als motorbrandstof gebruikte minerale oliën. |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 2 van Beschikking 2001/574/EG dient de beschikking uiterlijk op 31 december 2006 te worden herzien in het licht van de technische ontwikkelingen op het gebied van merksystemen en rekening houdende met de noodzaak om het frauduleuze gebruik van minerale oliën waarvoor een vrijstelling of een verlaagd accijnstarief geldt, te bestrijden. |
|
(4) |
In het kader van dit herzieningsproces zijn de lidstaten geraadpleegd. De lidstaten zijn in het algemeen tevreden over de wijze waarop met Solvent Yellow 124 het gestelde doel, namelijk het bestrijden van het frauduleuze gebruik van minerale oliën waarvoor een vrijstelling of verlaagd accijnstarief geldt, wordt bereikt. |
|
(5) |
Er zijn geen problemen gemeld over gevolgen voor de gezondheid en het milieu in verband met het gebruik van Solvent Yellow 124. |
|
(6) |
Tot dusver zijn er geen relevante wetenschappelijke gegevens voorgelegd voor een alternatief product, als mogelijk substituut voor Solvent Yellow 124, dat aan alle criteria voldoet op grond waarvan Solvent Yellow 124 als de gemeenschappelijke merkstof voor fiscale doeleinden is gekozen. |
|
(7) |
Solvent Yellow 124 moet derhalve verder worden gebruikt als de gemeenschappelijke merkstof voor fiscale doeleinden in de zin van Richtlijn 95/60/EG overeenkomstig de daarin vastgestelde voorwaarden. |
|
(8) |
Ondernemingen worden door deze beschikking niet vrijgesteld van hun verplichtingen uit hoofde van artikel 82 van het Verdrag. |
|
(9) |
Er moet rekening worden gehouden met de mogelijkheden van de wetenschappelijke vooruitgang door een tijdstip vast te stellen waarop deze beschikking uiterlijk moet worden herzien. |
|
(10) |
Deze beschikking dient evenwel eerder te worden herzien als blijkt dat Solvent Yellow 124 bijkomende gezondheids- of milieuschade veroorzaakt. |
|
(11) |
Omwille van duidelijkheid en transparantie moet Beschikking 2001/574/EG worden vervangen. |
|
(12) |
De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Accijnscomité, |
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
De in Richtlijn 95/60/EG bedoelde gemeenschappelijke merkstof voor fiscale doeleinden voor het merken van alle soorten gasolie van de GN-codes 2710 19 41 , 2710 19 45 en 2710 19 49 en van kerosine van GN-code 2710 19 25 is Solvent Yellow 124 als omschreven in de bijlage bij deze beschikking.
De lidstaten stellen het gehalte aan merkstof vast op ten minste 6 mg doch niet meer dan 9 mg per liter minerale olie.
Artikel 2
Deze beschikking wordt uiterlijk op 31 december 2011 herzien in het licht van de technische ontwikkelingen op het gebied van merksystemen en rekening houdende met de noodzaak om het frauduleuze gebruik van minerale oliën waarvoor een vrijstelling of een verlaagd accijnstarief geldt, te bestrijden.
Zij wordt eerder herzien als blijkt dat Solvent Yellow 124 bijkomende gezondheids- of milieuschade veroorzaakt.
Artikel 3
Beschikking 2001/574/EG wordt ingetrokken.
Artikel 4
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 22 juni 2006.
Voor de Commissie
László KOVÁCS
Lid van de Commissie
(1) PB L 291 van 6.12.1995, blz. 46.
(2) PB L 203 van 28.7.2001, blz. 20. Beschikking laatstelijk gewijzigd bij Beschikking 2003/900/EG (PB L 336 van 23.12.2003, blz. 107).
BIJLAGE
1.
Identificatie volgens de kleurindex: Solvent Yellow 124.
2.
Wetenschappelijke naam: N-Ethyl-N-[2-(1-isobutoxyethoxy)ethyl]-4-(fenylazo)aniline
|
24.6.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 172/17 |
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE
van 22 juni 2006
tot wijziging van Beschikking 2004/452/EG wat betreft de lijst van organen waarvan de onderzoekers voor wetenschappelijke doeleinden toegang hebben tot vertrouwelijke gegevens
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2006) 2411)
(Voor de EER relevante tekst)
(2006/429/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad van 17 februari 1997 betreffende de communautaire statistiek (1), en met name op artikel 20, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EG) nr. 831/2002 van de Commissie van 17 mei 2002 tot tenuitvoerlegging van Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad betreffende de communautaire statistiek, met betrekking tot de toegang tot vertrouwelijke gegevens voor wetenschappelijke doeleinden (2) is bedoeld om, met het oog op statistische conclusies voor wetenschappelijke doeleinden, vast te stellen onder welke voorwaarden toegang kan worden verleend tot aan de communautaire instantie toegezonden vertrouwelijke gegevens en de regels te bepalen voor samenwerking tussen de Gemeenschap en de nationale overheden ter vereenvoudiging van deze toegang. |
|
(2) |
Bij Beschikking 2004/452/EG van de Commissie van 29 april 2004 tot vaststelling van een lijst van organen waarvan de onderzoekers voor wetenschappelijke doeleinden toegang hebben tot vertrouwelijke gegevens (3) is een lijst van organen vastgesteld waarvan de onderzoekers voor wetenschappelijke doeleinden toegang hebben tot vertrouwelijke gegevens. |
|
(3) |
De faculteit Political Science van het Baruch College van de City University of New York (staat New York, Verenigde Staten van Amerika), de Duitse centrale bank, de eenheid Werkgelegenheidsanalyse van het directoraat-generaal Werkgelegenheid, sociale zaken en gelijke kansen van de Commissie, de Wereldbank en de Universiteit van Tel Aviv moeten worden beschouwd als organen die aan de vereiste voorwaarden voldoen, en moeten derhalve worden toegevoegd aan de lijst van agentschappen, organisaties en instellingen zoals bedoeld in artikel 3, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 831/2002. |
|
(4) |
De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité statistisch geheim, |
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
De bijlage bij Beschikking 2004/452/EG wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij deze beschikking.
Artikel 2
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 22 juni 2006.
Voor de Commissie
Joaquín ALMUNIA
Lid van de Commissie
(1) PB L 52 van 22.2.1997, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).
(2) PB L 133 van 18.5.2002, blz. 7.
(3) PB L 156 van 30.4.2004, blz. 1, gerectificeerd in PB L 202 van 7.6.2004, blz. 1. Beschikking laatstelijk gewijzigd bij Beschikking 2005/746/EG (PB L 280 van 25.10.2005, blz. 16).
BIJLAGE
„BIJLAGE
Organen waarvan de onderzoekers voor wetenschappelijke doeleinden toegang hebben tot vertrouwelijke gegevens
Europese Centrale Bank
Spaanse centrale bank
Italiaanse centrale bank
Universiteit van Cornell (staat New York, Verenigde Staten van Amerika)
Faculteit Political Science, Baruch College, City University of New York (staat New York, Verenigde Staten van Amerika)
Duitse centrale bank
Eenheid Werkgelegenheidsanalyse, directoraat-generaal Werkgelegenheid, sociale zaken en gelijke kansen van de Commissie van de Europese Gemeenschappen
Universiteit van Tel Aviv (Israël)
Wereldbank”