|
ISSN 1725-2598 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Wetgeving |
47e jaargang |
|
Inhoud |
|
I Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing |
Bladzijde |
|
|
|
||
|
|
* |
||
|
|
* |
||
|
|
|
||
|
|
|
|
NL |
Besluiten waarvan de titels mager zijn gedrukt, zijn besluiten van dagelijks beheer die in het kader van het landbouwbeleid zijn genomen en die in het algemeen een beperkte geldigheidsduur hebben. Besluiten waarvan de titels vet zijn gedrukt en die worden voorafgegaan door een sterretje, zijn alle andere besluiten. |
I Besluiten waarvan de publicatie voorwaarde is voor de toepassing
|
11.8.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264/1 |
VERORDENING (EG) Nr. 1430/2004 VAN DE COMMISSIE
van 10 augustus 2004
tot vaststelling van forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijzen van bepaalde soorten groenten en fruit
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 3223/94 van de Commissie van 21 december 1994 houdende uitvoeringsbepalingen van de invoerregeling voor groenten en fruit (1), en met name op artikel 4, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
In Verordening (EG) nr. 3223/94 zijn op grond van de multilaterale handelsbesprekingen in het kader van de Uruguayronde de criteria vastgesteld aan de hand waarvan de Commissie voor de producten en de periodes die in de bijlage bij die verordening zijn vermeld, de forfaitaire waarden bij invoer uit derde landen vaststelt. |
|
(2) |
Op grond van de bovenvermelde criteria moeten de forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld op de in de bijlage bij deze verordening vermelde niveaus, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 3223/94 bedoelde forfaitaire invoerwaarden worden vastgesteld zoals aangegeven in de tabel in de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 11 augustus 2004.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 augustus 2004.
Voor de Commissie
J. M. SILVA RODRÍGUEZ
Directeur-generaal Landbouw
(1) PB L 337 van 24.12.1994, blz. 66. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1947/2002 (PB L 299 van 1.11.2002, blz. 17).
BIJLAGE
bij de verordening van de Commissie van 10 augustus 2004 tot vaststelling van forfaitaire invoerwaarden voor de bepaling van de invoerprijzen van bepaalde soorten groenten en fruit
|
(EUR/100 kg) |
||
|
GN-code |
Code derde landen (1) |
Forfaitaire invoerwaarde |
|
0709 90 70 |
052 |
81,5 |
|
999 |
81,5 |
|
|
0805 50 10 |
388 |
64,6 |
|
508 |
49,0 |
|
|
524 |
66,6 |
|
|
528 |
53,8 |
|
|
999 |
58,5 |
|
|
0806 10 10 |
052 |
109,3 |
|
204 |
87,5 |
|
|
220 |
100,7 |
|
|
400 |
172,0 |
|
|
624 |
144,6 |
|
|
628 |
137,6 |
|
|
999 |
125,3 |
|
|
0808 10 20, 0808 10 50, 0808 10 90 |
388 |
87,8 |
|
400 |
95,8 |
|
|
404 |
117,3 |
|
|
508 |
52,9 |
|
|
512 |
84,7 |
|
|
528 |
92,0 |
|
|
720 |
50,3 |
|
|
800 |
167,5 |
|
|
804 |
83,8 |
|
|
999 |
92,5 |
|
|
0808 20 50 |
052 |
114,5 |
|
388 |
83,0 |
|
|
528 |
87,0 |
|
|
999 |
94,8 |
|
|
0809 30 10, 0809 30 90 |
052 |
149,6 |
|
999 |
149,6 |
|
|
0809 40 05 |
066 |
29,8 |
|
093 |
41,6 |
|
|
400 |
240,6 |
|
|
624 |
113,6 |
|
|
999 |
106,4 |
|
(1) Landennomenclatuur vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 2081/2003 van de Commissie (PB L 313 van 28.11.2003, blz. 11). De code „999” staat voor „andere oorsprong”.
|
11.8.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264/3 |
VERORDENING (EG) Nr. 1431/2004 VAN DE COMMISSIE
van 10 augustus 2004
houdende opening van een inschrijving voor de toekenning van uitvoercertificaten van het A3-stelsel in de sector groenten en fruit (tomaten, sinaasappelen, druiven voor tafelgebruik en appelen)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 2200/96 van de Raad van 28 oktober 1996 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector groenten en fruit (1), en met name op artikel 35, lid 3, derde alinea,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 1961/2001 van de Commissie (2) zijn de uitvoeringsbepalingen voor de uitvoerrestituties in de sector groenten en fruit vastgesteld. |
|
(2) |
Op grond van artikel 35, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2200/96 kan, voorzover dit nodig is om een economisch significante uitvoer mogelijk te maken en binnen de grenzen die voortvloeien uit de overeenkomsten gesloten in overeenstemming met artikel 300 van het Verdrag, een uitvoerrestitutie worden betaald voor de door de Gemeenschap uitgevoerde producten. |
|
(3) |
Overeenkomstig artikel 35, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2200/96 is het dienstig erop toe te zien dat de eerder door de restitutieregeling op gang gebrachte handelsstromen niet worden verstoord. Daarom, en wegens de seizoengebondenheid van de uitvoer van groenten en fruit, moeten contingenten per product worden vastgesteld, op basis van de landbouwproductennomenclatuur voor de uitvoerrestituties zoals vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 3846/87 van de Commissie (3). Deze hoeveelheden moeten worden verdeeld met inachtneming van de bederfelijkheid van de betrokken producten. |
|
(4) |
Krachtens artikel 35, lid 4, van Verordening (EG) nr. 2200/96 wordt bij de vaststelling van de restituties rekening gehouden met de situatie en de verwachte ontwikkeling met betrekking tot de prijzen van groenten en fruit op de markt van de Gemeenschap en de beschikbare hoeveelheden, enerzijds, en de prijzen in de internationale handel, anderzijds. Voorts moeten ook de afzet- en vervoerskosten en het economische aspect van de beoogde uitvoer in aanmerking worden genomen. |
|
(5) |
Overeenkomstig artikel 35, lid 5, van Verordening (EG) nr. 2200/96 wordt bij het bepalen van de marktprijzen van de Gemeenschap rekening gehouden met de prijzen die met het oog op de uitvoer het gunstigst blijken te zijn. |
|
(6) |
Wegens de omstandigheden in de internationale handel of specifieke vereisten van bepaalde markten, kan het nodig zijn de restitutie voor een bepaald product te differentiëren naar gelang van de bestemming van dat product. |
|
(7) |
Voor tomaten, sinaasappelen, druiven voor tafelgebruik en appelen van de kwaliteitsklassen Extra, I en II van de gemeenschappelijke handelsnormen kan de uitvoer economisch significant zijn. |
|
(8) |
Met het oog op een optimaal gebruik van de beschikbare middelen en gelet op de structuur van de uitvoer van de Gemeenschap is het dienstig een inschrijving te houden, en het indicatieve restitutiebedrag en de verwachte hoeveelheden voor de betrokken periode vast te stellen. |
|
(9) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor verse groenten en fruit, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Er wordt een inschrijving geopend voor de toekenning van uitvoercertificaten van het A3-stelsel. In de bijlage worden de betrokken producten, de periode voor de indiening van de offertes, de indicatieve eenheidsbedragen van de restitutie en de verwachte hoeveelheden vastgesteld.
2. Certificaten die in het kader van de voedselhulp worden afgegeven, zoals bedoeld in artikel 16 van Verordening (EG) nr. 1291/2000 van de Commissie (4), worden niet afgeboekt op de in de bijlage bij deze verordening bedoelde hoeveelheden.
3. Onverminderd het bepaalde in artikel 5, lid 6, van Verordening (EG) nr. 1961/2001 bedraagt de geldigheidsduur van de certificaten van het A3-stelsel twee maanden.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 8 september 2004.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 augustus 2004.
Voor de Commissie
Franz FISCHLER
Lid van de Commissie
(1) PB L 297 van 21.11.1996, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 47/2003 van de Commissie (PB L 7 van 11.1.2003, blz. 64).
(2) PB L 268 van 9.10.2001, blz. 8. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 537/2004 (PB L 86 van 24.3.2004, blz. 9).
(3) PB L 366 van 24.12.1987, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2180/2003 (PB L 335 van 22.12.2003, blz. 1).
(4) PB L 152 van 24.6.2000, blz. 1.
BIJLAGE
INSCHRIJVING VOOR DE TOEKENNING VAN UITVOERCERTIFICATEN VAN HET A3-STELSEL IN DE SECTOR GROENTEN EN FRUIT (TOMATEN, SINAASAPPELEN, DRUIVEN VOOR TAFELGEBRUIK EN APPELEN)
Periode voor de indiening van de offertes: 8 en 9 september 2004
|
Productcode (1) |
Bestemming (2) |
Indicatief restitutiebedrag (in EUR/t netto) |
Verwachte hoeveelheden (in t) |
|
0702 00 00 9100 |
F08 |
30 |
2 158 |
|
0805 10 10 9100 0805 10 30 9100 0805 10 50 9100 |
A00 |
25 |
6 712 |
|
0806 10 10 9100 |
A00 |
24 |
11 203 |
|
0808 10 20 9100 0808 10 50 9100 0808 10 90 9100 |
F04, F09 |
29 |
7 334 |
(1) De codes van de producten zijn vastgesteld in de gewijzigde Verordening (EEG) nr. 3846/87 van de Commissie (PB L 366 van 24.12.1987, blz. 1).
(2) De codes van de bestemmingen serie „A” zijn vastgesteld in bijlage II bij Verordening (EEG) nr. 3846/87. De numerieke codes voor de bestemmingen zijn vastgesteld in Verordening (EG) nr. 2081/2003 van de Commissie (PB L 313 van 28.11.2003, blz. 11). De andere bestemmingen worden als volgt vastgesteld:
|
F03 |
Alle bestemmingen met uitzondering van Zwitserland. |
||||||
|
F04 |
Hongkong, Singapore, Maleisië, Sri Lanka, Indonesië, Thailand, Taiwan, Papoea-Nieuw-Guinea, Laos, Cambodja, Vietnam, Japan, Uruguay, Paraguay, Argentinië, Mexico en Costa Rica. |
||||||
|
F08 |
Alle bestemmingen met uitzondering van Bulgarije. |
||||||
|
F09 |
De volgende bestemmingen:
|
|
11.8.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264/6 |
VERORDENING (EG) Nr. 1432/2004 VAN DE COMMISSIE
van 10 augustus 2004
tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2366/98 houdende uitvoeringsbepalingen van de productiesteunregeling voor olijfolie voor de verkoopseizoenen 1998/1999 tot en met 2003/2004 en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2768/98 inzake de steunregeling voor de particuliere opslag van olijfolie
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening nr. 136/66/EEG van de Raad van 22 september 1966 houdende de totstandbrenging van een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten (1) en met name op de artikelen 5 en 12 bis,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1638/98 van de Raad van 20 juli 1998 tot wijziging van Verordening nr. 136/66/EEG houdende de totstandbrenging van een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten (2), en met name op artikel 4,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Bij Verordening (EG) nr. 2366/98 van de Commissie (3) zijn voor de verkoopseizoenen 1998/1999 tot en met 2003/2004 de uitvoeringsbepalingen van de regeling inzake productiesteun als bedoeld in artikel 5 van Verordening nr. 136/66/EEG vastgesteld. |
|
(2) |
De toepassing van Verordening (EG) nr. 2366/98 moet tot het verkoopseizoen 2004/2005 worden uitgebreid, aangezien artikel 5 van Verordening nr. 136/66/EEG is gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 865/2004 van de Raad van 29 april 2004 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 827/68, om de huidige regeling inzake productiesteun voor dat verkoopseizoen te handhaven. |
|
(3) |
Op grond van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1638/98 komen uitsluitend oppervlakten waarop hetzij vóór 1 mei 1998 aangeplante olijfbomen, hetzij vervangende bomen staan of die onder een door de Commissie goedgekeurd programma vallen, voor steun in aanmerking. Voor Cyprus en Malta is, naar aanleiding van de door de Akte van Toetreding van Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië en Slowakije aangebrachte wijziging, de uiterste datum vastgesteld op 31 december 2001. Daarom moeten de uitvoeringsbepalingen van artikel 4 van die verordening worden gewijzigd. |
|
(4) |
Op grond van artikel 5 van Verordening (EG) nr. 2366/98 zijn de olijvenproducenten verplicht voor nieuwe aanplantingen een aangifte in te dienen en zijn de lidstaten verplicht de Commissie gegevens met betrekking tot deze aanplantingen mee te delen en de overtreders te straffen. In dit artikel 5 is voor deze verplichtingen een tijdschema vastgesteld dat afhankelijk is van met name de datum van inwerkingtreding van Verordening (EG) nr. 2366/98 en de datum van 1 mei 1998, met ingang waarvan nieuwe aanplantingen zijn uitgesloten van toekomstige steunregelingen, tenzij deze deel uitmaken van een door de Commissie goedgekeurd programma. Om ervoor te zorgen dat de producerende nieuwe lidstaten artikel 5 van die verordening kunnen toepassen, rekening houdend met de voor Cyprus en Malta vastgestelde uiterste datum, moeten bepaalde in dat artikel vastgestelde data worden gewijzigd. |
|
(5) |
Tevens moet artikel 12 bis van Verordening (EG) nr. 2366/98 worden gewijzigd om voor het verkoopseizoen 2003/2004 de productie te berekenen van de niet voor steun in aanmerking komende supplementaire olijfbomen. |
|
(6) |
Bij Verordening (EG) nr. 2768/98 van de Commissie (4) zijn de bijzondere voorwaarden vastgesteld voor de toepassing, tot en met 31 oktober 2004, van de in artikel 12 bis van Verordening nr. 136/66/EEG bedoelde regeling voor de particuliere opslag van olijfolie. |
|
(7) |
Aangezien deze regeling voor het verkoopseizoen 2004/2005 wordt gehandhaafd, moet de in artikel 1, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2768/98 vastgestelde datum worden gewijzigd. |
|
(8) |
Derhalve moeten de Verordeningen (EG) nr. 2366/98 en (EG) nr. 2768/98 worden gewijzigd. |
|
(9) |
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor oliën en vetten, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Verordening (EG) nr. 2366/98 wordt als volgt gewijzigd:
|
1) |
In de titel worden de jaartallen „2003/2004” vervangen door „2004/2005”. |
|
2) |
Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
3) |
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
|
|
4) |
Aan artikel 12 bis worden de volgende alinea's toegevoegd: „Voor het verkoopseizoen 2003/2004 wordt de in de eerste alinea bedoelde schatting van de productie van olijfolie van eerste persing bepaald door de gemiddelde opbrengst per volwassen olijfboom te vermenigvuldigen met de som van:
De gemiddelde opbrengst per volwassen olijfboom voor het verkoopseizoen 2003/2004 wordt berekend door de geproduceerde hoeveelheid olijfolie van eerste persing als bedoeld in artikel 12, lid 1, onder b), te delen door de som van:
|
|
5) |
In artikel 14, lid 1, tweede alinea, worden de jaartallen „2003/2004” vervangen door „2004/2005”. |
|
6) |
Artikel 27, lid 2, wordt als volgt gewijzigd:
|
|
7) |
Artikel 29, lid 1, wordt vervangen door: „1. In die gevallen waarin er onvoldoende bewijsstukken zijn of er twijfel bestaat, verricht de lidstaat vóór 1 november 1999 een controle ter plaatse voor de in artikel 5, lid l, bedoelde aangiften, behalve in het geval van Cyprus, Malta en Slovenië, waarvoor de datum is vastgesteld op 1 juni 2005. De na 1 mei 1998 en niet later dan op 31 oktober 1998 uitgevoerde aanplantingen en rooiingen, behalve in het geval van Cyprus en Malta, waarvoor de betrokken periode loopt van 31 december 2001 tot en met 31 oktober 2004, worden bepaald aan de hand van alle bewijsstukken die de olijvenproducent op verzoek van de bevoegde instantie van de lidstaat moet verstrekken, en op basis van de ter plaatse geconstateerde situatie, met name wat de grootte van de bomen betreft. Indien er na alle verificaties twijfel blijft bestaan, wordt in het voordeel van de olijvenproducent beslist.”. |
|
8) |
In artikel 30, lid 1, tweede alinea, wordt het derde streepje vervangen door:
|
|
9) |
In artikel 32, lid 1, wordt de derde alinea vervangen door: „Vóór 1 januari van de verkoopseizoenen 1999/2000 tot en met 2003/2004 en vóór 1 juni van het verkoopseizoen 2004/2005 dienen zij een samenvattend verslag in over het aantal op grond van de artikelen 28, 29 en 30 verrichte controles, over het aantal gevallen waarin een aanpassing nodig was, met vermelding van de desbetreffende gegevens of hoeveelheden, en over de boetes of sancties die zijn opgelegd of die na afronding van een nog lopend onderzoek al dan niet zullen worden opgelegd, alsmede een beknopte evaluatie van het toegepaste controlesysteem en van de ondervonden moeilijkheden.”. |
Artikel 2
In artikel 1, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2768/98 wordt de datum „31 oktober 2004” vervangen door „31 oktober 2005”.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 augustus 2004.
Voor de Commissie
Franz FISCHLER
Lid van de Commissie
(1) PB 172 van 30.9.1966, blz. 3025/66. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 865/2004 (PB L 161 van 30.4.2004, blz. 97).
(2) PB L 210 van 20.7.1998, blz. 32. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 865/2004.
(3) PB L 293 van 31.10.1998, blz. 50. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1780/2003 (PB L 260 van 11.10.2003, blz. 6).
(4) PB L 346 van 22.12.1998, blz. 14. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 763/2003 (PB L 109 van 1.5.2003, blz. 12).
|
11.8.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264/9 |
VERORDENING (EG) Nr. 1433/2004 VAN DE COMMISSIE
van 10 augustus 2004
betreffende de afgifte van invoercertificaten voor vers, gekoeld of bevroren rundvlees van hoge kwaliteit
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees (1),
Gelet op Verordening (EG) nr. 936/97 van de Commissie van 27 mei 1997 betreffende de opening en de wijze van beheer van tariefcontingenten voor vers, gekoeld of bevroren rundvlees van hoge kwaliteit en voor bevroren buffelvlees (2),
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Verordening (EG) nr. 936/97 voorziet in de artikelen 4 en 5 de bepalingen voor het indienen en voor het afgeven van de invoercertificaten voor vlees zoals bedoeld in artikel 2, onder f). |
|
(2) |
In artikel 2, onder f), van Verordening (EG) nr. 936/97 is de hoeveelheid met de omschrijving in die bepaling overeenstemmend vers, gekoeld of bevroren rundvlees van hoge kwaliteit, die in het tijdvak van 1 juli 2004 tot en met 30 juni 2005 onder bijzondere voorwaarden mag worden ingevoerd, vastgesteld op 11 500 t. |
|
(3) |
Er moet aan herinnerd worden dat de in deze verordening bedoelde certificaten slechts tijdens de gehele geldigheidsduur ervan gebruikt kunnen worden voorzover de veterinairrechtelijke voorschriften in acht worden genomen, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
1. Elke aanvraag om een invoercertificaat, die van 1 tot en met 5 augustus 2004 is ingediend voor vers, gekoeld of bevroren rundvlees van hoge kwaliteit, zoals bedoeld in artikel 2, onder f), van Verordening (EG) nr. 936/97, wordt in haar geheel ingewilligd.
2. Aanvragen om certificaten kunnen overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 936/97 gedurende de eerste vijf dagen van de maand september 2004 voor 2 605,450 t worden ingediend.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 11 augustus 2004.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 augustus 2004.
Voor de Commissie
J. M. SILVA RODRÍGUEZ
Directeur-generaal Landbouw
(1) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 21. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1782/2003 (PB L 270 van 21.10.2003, blz. 1).
(2) PB L 137 van 28.5.1997, blz. 10. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1118/2004 (PB L 217 van 17.6.2004, blz. 10).
|
11.8.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
L 264/10 |
VERORDENING (EG) Nr. 1434/2004 VAN DE COMMISSIE
van 10 augustus 2004
tot vaststelling van de wereldmarktprijs voor niet-geëgreneerde katoen
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op het aan de Akte van Toetreding van Griekenland gehechte Protocol nr. 4 betreffende katoen, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1050/2001 van de Raad (1),
Gelet op Verordening (EG) nr. 1051/2001 van de Raad van 22 mei 2001 betreffende de steun voor de katoenproductie (2), en met name op artikel 4,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1051/2001 wordt op gezette tijden een wereldmarktprijs voor niet-geëgreneerde katoen bepaald, rekening houdende met de historische verhouding tussen de in aanmerking genomen wereldmarktprijs voor geëgreneerde katoen en de berekende prijs voor niet-geëgreneerde katoen. Deze historische verhouding is vastgesteld in artikel 2, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1591/2001 van de Commissie van 2 augustus 2001, houdende uitvoeringsbepalingen van de steunregeling voor katoen (3). Als de wereldmarktprijs niet op die wijze kan worden bepaald, wordt hij bepaald op basis van de laatst vastgestelde prijs. |
|
(2) |
Krachtens artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1051/2001 wordt de wereldmarktprijs voor niet-geëgreneerde katoen bepaald voor een product met bepaalde kenmerken, waarbij rekening wordt gehouden met de gunstigste, voor de werkelijke markttendens representatief geachte aanbiedingen en noteringen. Om deze prijs te bepalen, wordt het gemiddelde berekend van de aanbiedingen en noteringen op één of meer Europese beurzen voor in een haven van Noord-Europa cif-geleverde producten uit de verschillende, voor de internationale handel als meest representatief beschouwde productielanden. Evenwel is bepaald dat deze criteria voor het bepalen van de wereldmarktprijs voor geëgreneerde katoen worden aangepast, om rekening te houden met de verschillen op grond van de kwaliteit van het geleverde product en de aard van de aanbiedingen en noteringen. In artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr 1591/2001 is bepaald welke aanpassingen kunnen plaatsvinden. |
|
(3) |
Op grond van bovenbedoelde criteria moet de wereldmarktprijs voor niet-geëgreneerde katoen op het hieronder aangegeven niveau worden vastgesteld, |
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
De in artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1051/2001 bedoelde wereldmarktprijs voor niet-geëgreneerde katoen wordt vastgesteld op 19,450 EUR/100 kg.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op 11 augustus 2004.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
Gedaan te Brussel, 10 augustus 2004.
Voor de Commissie
J. M. SILVA RODRÍGUEZ
Directeur-generaal Landbouw
(1) PB L 148 van 1.6.2001, blz. 1.
(2) PB L 148 van 1.6.2001, blz. 3.
(3) PB L 210 van 3.8.2001, blz. 10. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1486/2002 (PB L 223 van 20.8.2002, blz. 3).