11.6.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 199/3


UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 8 juni 2018

inzake de bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie van het in artikel 94, lid 1, onder d), van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde enig document en van de verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier voor een naam in de wijnsector

(Oolde (BOB))

(2018/C 199/04)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (1), en met name artikel 97, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Nederland heeft een aanvraag tot bescherming van de naam „Oolde” ingediend overeenkomstig deel II, titel II, hoofdstuk I, afdeling 2, van Verordening (EU) nr. 1308/2013.

(2)

Overeenkomstig artikel 97, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 heeft de Commissie die aanvraag onderzocht en zij heeft geconcludeerd dat is voldaan aan de voorwaarden van de artikelen 93 tot en met 96, artikel 97, lid 1, en de artikelen 100, 101 en 102 van die verordening.

(3)

Om de indiening van bezwaarschriften overeenkomstig artikel 98 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 mogelijk te maken, moet het in artikel 94, lid 1, onder d), van die verordening bedoelde enig document worden bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie, alsook de verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier die heeft plaatsgevonden in de loop van de inleidende nationale procedure voor het onderzoek van de aanvraag tot bescherming van de naam „Oolde”,

BESLUIT:

Enig artikel

Het overeenkomstig artikel 94, lid 1, onder d), van Verordening (EU) nr. 1308/2013 opgestelde enig document en de verwijzing naar het productdossier voor de naam „Oolde” (BOB) zijn opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Overeenkomstig artikel 98 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 geeft de bekendmaking van dit besluit het recht om gedurende uiterlijk twee maanden na de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie bezwaar te maken tegen de bescherming van de in de eerste alinea van dit artikel genoemde naam.

Gedaan te Brussel, 8 juni 2018.

Voor de Commissie

Phil HOGAN

Lid van de Commissie


(1)  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 671.


BIJLAGE

ENIG DOCUMENT

„OOLDE”

PDO-NL-02230

Datum van aanvraag: 18.8.2016

1.   Te registreren naam/namen

Oolde

2.   Type geografische aanduiding

BOB — Beschermde oorsprongsbenaming

3.   Categorieën van wijnbouwproducten

1.

Wijn

3.

Likeurwijn

5.

Mousserende kwaliteitswijn

8.

Parelwijn

16.

Wijn uit overrijpe druiven

4.   Beschrijving van de wijn(en)

Wijncategorie 1 wijn: Rood, vol, fruitig

DRUIVENRASSEN: regent of pinotin of cabertin, of verwerkt in een cuvee van deze rassen (de verhouding is jaarafhankelijk)

Organoleptische kenmerken:

Regent Barrique: Kleur: rood, Geur: kruidig met een licht animale toets, Smaak: smaakpalet met gekonfijt fruit en dik sap, zachte tannines

Pinotin Barrique: Kleur: rood, Geur: kruidig, geconcentreerd dik fruitig sap, Smaak: donkerrood fruit zoals zwarte kersen, veel lengte

Cabertin Barrique: Kleur: rood, Geur: bosvruchten, noten en cassis, Smaak: donkerrood fruit zoals bramen, rijke afdronk

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 0,5 en 6 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

11,5

Totale minimale zuurtegraad

63,84 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 1 wijn: Wit, droog, fruitig

DRUIVENRASSEN: cabernet blanc

Organoleptische kenmerken:

Kleur: wit

Geur: frisse geuren van appel en grapefruit

Smaak: goede zuurbalans en veel lengte

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 1 en 8 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

10,5

Totale minimale zuurtegraad

77,14 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 1 wijn: Wit, droog, vol

DRUIVENRASSEN: solaris

Organoleptische kenmerken:

Kleur: wit

Geur: tonen van vanille en getoast brood, rijp fruit

Smaak: vol in aanzet, verfijnde romigheid in de finale, met voldoende mineraliteit en zuren

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 1 en 8 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

11,5

Totale minimale zuurtegraad

77,14 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 1 wijn: Rosé, volfruitig

DRUIVENRASSEN: regent of pinotin of cabertin, of verwerkt in een cuvee van deze rassen (de verhouding is jaarafhankelijk)

Organoleptische kenmerken:

Kleur: roze

Geur: aardbeien en lichte marmelade

Smaak: dikkig sappig fruit, klein zoetje en frisse finale

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 1 en 8 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

10

Totale minimale zuurtegraad

63,84 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 3 Likeurwijn: Rood

DRUIVENRASSEN: regent of pinotin of cabertin, of verwerkt in een cuvee van deze rassen (de verhouding is jaarafhankelijk)

Organoleptische kenmerken

Kleur: rood

Geur: zoet, roodzwart fruit, licht kruidig

Smaak: rijp, kruidig

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 50 en 100 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

18

Totale minimale zuurtegraad

63,84 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 3 Likeurwijn: Wit

DRUIVENRASSEN: solaris

Organoleptische kenmerken:

Kleur: wit

Geur: rijp fruit

Smaak: volfruitig

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 50 en 100 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

18

Totale minimale zuurtegraad

63,84 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 5 Mousserende kwaliteitswijn: Wit, volfruitig

DRUIVENRASSEN: cabernet blanc

Organoleptische kenmerken

Kleur: wit

Geur: frisse geuren van appel en grapefruit

Smaak: goede zuurbalans en veel lengte, stuivende grassige aanzet

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 2 en 12 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

10,5

Totale minimale zuurtegraad

79,8 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 8 Parelwijn: Rosé

DRUIVENRASSEN: regent of pinotin of cabertin, of verwerkt in een cuvee van deze rassen (de verhouding is jaarafhankelijk)

Organoleptische kenmerken:

Kleur: roze

Geur: aardbeien

Smaak: verfijnd zoetje en frisse afdronk

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 1 en 8 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

9

Totale minimale zuurtegraad

77,17 in milli-equivalent per liter

Wijncategorie 16 Wijn uit overrijpe druiven Wit

DRUIVENRASSEN: solaris

Organoleptische kenmerken:

Kleur: wit

Geur: ingetogen, bijna zwoel, met tonen van lychee en rijpe peer

Smaak: verfijnde frisse smaak

Analytische kenmerken:

Alle kenmerken zijn in overeenstemming met de toepasselijke definities en limieten die zijn vastgesteld in de EU-verordeningen/Nederlandse ministeriële regels.

Maximaal totaal alcoholvolumegehalte

Maximumgehalte aan vluchtige zuren

Totaal maximumgehalte aan zwaveldioxide

Maximale verrijking, ontzuren en na toestemming aanzuren

Voor wat betreft de aanwezige suiker ligt het suikergehalte tussen 20 en 80 gram per liter.

Algemene analytische kenmerken

Minimaal effectief alcoholvolumegehalte (in volumeprocent)

12

Totale minimale zuurtegraad

73,15 in milli-equivalent per liter

5.   Wijnbereidingsprocedés

a)    Essentiële oenologische procedés

Wijncategorie 1 wijn: Rood, fruitig, vol

Specifiek oenologisch procedé

Minimaal vier dagen pulpgisting en houtrijping tussen 5 en 17 maanden

Wijncategorie 1 wijn: Wit, droog, fruitig

Specifiek oenologisch procedé

Koude fermentatie onder de 18 °C (uitzonderingen: temperatuurverhoging in begin van de gisting en wijnen die moeilijk gisten)

Wijncategorie 1 wijn: Wit, droog, vol

Specifiek oenologisch procedé

Koude fermentatie onder de 18 °C (uitzonderingen: temperatuurverhoging in begin van de gisting en wijnen die moeilijk gisten), deels houtrijping tussen 2 en zes maanden

Wijncategorie 1 wijn: Rosé volfruitig

Specifiek oenologisch procedé

Koude fermentatie onder de 18 °C (uitzonderingen: temperatuurverhoging in begin van de gisting en wijnen die moeilijk gisten)

Wijncategorie 3 Likeurwijn: Rood

Specifiek oenologisch procedé

Minimaal vier dagen pulpgisting en minimaal 2 jaar houtrijping, toevoeging van wijnalcohol

Wijncategorie 3 Likeurwijn: Wit

Specifiek oenologisch procedé

Minimaal vier dagen pulpgisting en minimaal 2 jaar houtrijping, toevoeging van wijnalcohol

Wijncategorie 5 Mousserende kwaliteitswijn: Wit, volfruitig

Specifiek oenologisch procedé

Koude fermentatie onder de 18 °C (uitzonderingen: temperatuurverhoging in begin van de gisting en wijnen die moeilijk gisten), traditionele tweede gisting in de fles („méthode traditionnelle”)

Wijncategorie 8 Parelwijn: Rosé

Specifiek oenologisch procedé

Koude fermentatie onder de 18 °C (uitzonderingen: temperatuurverhoging in begin van de gisting en wijnen die moeilijk gisten), het koolzuur is toegevoegd bij het bottelen

Wijncategorie 16 Wijn uit overrijpe druiven: Wit

Specifiek oenologisch procedé

Een late oogst met minimaal 110 Oechsle, verwerking tot wijn via koude vergisting

b)    Maximumopbrengsten

Rood, regent

65 hectoliter per hectare

Rood, pinotin

65 hectoliter per hectare

Rood, cabertin

65 hectoliter per hectare

Wit, cabernet blanc

65 hectoliter per hectare

Wit, solaris

65 hectoliter per hectare

Wit, solaris voor wijn uit overrijpe druiven

40 hectoliter per hectare

6.   Afgebakend gebied

Afbakening en grenzen BOB „Oolde” (gemeente Lochem)

Het geografisch gebied is gelegen in het gebied Oolde, welk gebied onderdeel is geworden van de gemeente Lochem.

Oolde is een buurtschap van de gemeente Lochem in de provincie Gelderland.

De namen en de beleving van de buurtschappen leven sterk bij de plaatselijke bevolking.

Het gebied Oolde beslaat in totaal 658 hectare.

Aan de noord- en zuidgrens wordt Oolde afgebakend door natuurlijke waterlopen (resp. Dortherbeek en Molenbeek). De westkant van het gebied wordt afgebakend door de oorspronkelijke gemeentegrens van Gorssel. De oostgrens loopt parallel aan de Lindenbergsdijk, Stoomdijk en Broekdijk.

Voor de BOB „Oolde” zijn van toepassing de beekeerdgronden met als kenmerk het voor wijnbouw belangrijke lemig fijne zand.

7.   Voornaamste wijndruiven

 

Pinotin N

 

Cabertin N (VB-91-26-17)

 

Cabernet Blanc B (VB-91-26-1)

 

Solaris

 

Regent N

8.   Beschrijving van het (de) verband(en)

Bodem

De bodemtextuur in Oolde is vrij complex, waarbij verschillende grondsoorten zich afwisselen en in elkaar overlopen.

Voor de BOB zijn van toepassing de beekeerdgronden, met als kenmerk het voor wijnbouw belangrijke lemig fijn zand (10 %-50 % leem) met een minerale eerdlaag dunner dan 50 cm en een percentage lutum (kleideeltjes) tot 12 %.

Klimaat en omgeving

Oolde grenst aan Twente, waarvoor de klimaatgemiddelden (1971-2000) voor de wijnbouwgroeiperiode van mei tot september, met daarachter een vergelijking met het landelijk gemiddelde, de volgende zijn:

Gemiddelde temperatuur: 15,0 graden Celsius, (15,2)

Gemiddelde minimumtemperatuur: 9,7 graden Celsius, (10,5)

Gemiddelde maximumtemperatuur: 19,9 graden Celsius, (19,7)

Gemiddelde relatieve vochtigheid: 78,8 %, (78,8 %)

Gemiddelde neerslaghoeveelheid: 64,9 mm, (64,9 mm), per maand

Gemiddelde uren zonneschijn: 174,2 uur, (185,1 uur), per maand

De iets lagere nachttemperaturen helpen om frisse, fruitige wijnen te maken.

Druivenrassen

De druivenrassen die voor de BOB „Oolde” worden gebruikt en die goed kunnen gedijen in het klimaat van het gebied zijn voor witte wijn: cabernet blanc, solaris en voor rode wijn: regent, pinotin en cabertin. Ze zijn geclassificeerd als Vitis vinifera in de VIVC-database (Vitis International Variety Catalogue) met formele classificatie-informatie. De druivenrassen worden ook genoemd in de huidige OIV-lijst (Office International de la Vigne et du Vin).

Menselijke aspecten (teelt en vinificatie)

Voorafgaand aan de aanplant is een zorgvuldige selectie gemaakt van druivenrassen die binnen het terroir van genoemde percelen goed gedijen en rijpe druiven met aroma’s laten groeien. Aan de hand van de bodemanalyses zijn per druivenras zorgvuldig de best passende typen onderstammen gekozen. De geselecteerde rassen hebben een bewezen betere resistentie tegen veelvoorkomende ziekten, die wordt geoptimaliseerd door continue monitoring en planmatige bescherming van het gewas gedurende het hele jaar. Deze aspecten verhogen de duurzaamheid van de teelt in sterke mate.

Bij de aanplant van de wijngaard zijn de rijen zodanig geplaatst (N-Z-richting) dat de planten zo veel mogelijk zonlicht vangen. De rijafstand bedraagt 2,15 meter. In de rij staan de planten 0,9 tot 1,25 meter uit elkaar, zodat elke plant ook voldoende bodemvoedingstoffen krijgt (rond 2,2 vierkante meter per plant).

Er is gekozen voor de Guyot-groeiwijze met recht omhoog groeiende loofwand, waarbij de loten gesteund worden door horizontale geleidedraden. De wintersnoei geschiedt handmatig om de beste eenjarige loten te selecteren, waarop na inbuigen in het nieuwe seizoen de ogen zullen uitlopen. In het groeiseizoen wordt de loofwand machinaal gesneden. Het blad rond de trossen wordt extra gedund (machinaal en handmatig), zodat de zon zo veel mogelijk toegang krijgt en de trossen na vochtig weer snel drogen. Een goed beheerde loofwand faciliteert op deze wijze de suikeropbouw en afrijping van de trossen optimaal. Zodra de trossen beginnen te kleuren wordt trosdunning toegepast om de overblijvende trossen beter te laten rijpen (suiker, aroma’s). Een van de parameters die bepalen of de druiven tot de juiste rijpheid en aroma’s komen is een uitgebalanceerde bodem- en bladbemesting. Dit wordt verzekerd door een jaarlijkse bodemanalyse voor 20 punten per ha en een daarop afgestemd bemestingsplan. Bladbemesting wordt op de daarvoor geschikte momenten gebruikt om tekorten, zoals magnesium, te vermijden.

Bepaling van het oogstmoment is een van de belangrijkste teeltbeslissingen. Het rijpingsproces (opbouw van suiker, zuur en aroma’s) wordt zeer nauwgezet gevolgd door metingen van Oechsle- en pH-waarden en visuele beoordeling van de conditie. De oogst geschiedt volledig handmatig, waardoor ook tijdens de pluk op kwaliteit wordt geselecteerd om tot een kwaliteitswijn te komen. Doordat de oogst snel kan worden ingepland, kan het meest geschikte moment worden gekozen — niet te vroeg, niet te laat. De druivenoogst wordt direct na de pluk gekoeld (ca. 4 °C) nabij de wijngaard, zodat de druiven in goede conditie blijven tijdens vervoer naar de wijnmakerij.

Bij de vinificatie van witte en roséwijnen wordt gebruikgemaakt van een koele vergisting om tot de kenmerkende frisse en vruchtige wijnen te komen. Bij rode wijnen wordt ook rijping in eikenhouten vaten toegepast om tot vollere smaak te komen. Een korte houtrijping zorgt bij witte wijnen eveneens voor een vollere wijn.

Daarnaast dragen de intensieve samenwerkingsverbanden met deskundigen in belangrijke mate bij aan het tot stand komen van deze wijnen.

De wijnen kunnen in het gebied van de beschermde oorsprongsbenaming worden gevinificeerd of in de nabijgelegen gemeente Hof van Twente.

Causaal verband

Het samenspel tussen klimaat, bodem, teelt en vinificatie is van grote invloed op de kwaliteit van de wijn.

Het heersende (land)klimaat maakt dat de vereiste rijpheid wordt bereikt. De wat lagere nachttemperaturen in het najaar zorgen voor voldoende afbouw van de zuren met behoud van de kenmerkende frisheid en vruchtrijke smaak van de wijn.

De wat lagere nachttemperaturen in het najaar hebben een zodanig effect dat aan de ene kant voldoende zuur wordt afgebouwd en aan de andere kant ook voldoende zuur overblijft, waardoor de voor de kenmerkende frisheid en een vruchtrijke smaak vereiste zoet/zuur-balans ontstaat.

De bodem bestaat uit beekeerdgronden met een belangrijk leemgehalte en tussen 5 en 10 % aan organische stof. Leembodems zijn uitermate geschikt voor de wijnbouw door de uitstekende huishouding van vocht en voedingsstoffen, waardoor druivenaroma’s zich volledig kunnen ontwikkelen voor een volle en krachtige wijn.

De leemgrond zorgt ervoor, door het langer vasthouden van het vocht, wat nodig is om het voedsel in deze leemgrond naar de plant te transporteren, dat de aanwezige voedingstoffen uit de grond worden doorgegeven aan de wijnstok, met name ook bij droogte. Deze voedingsstoffen zorgen ervoor dat de plant in de rijpingsperiode goed wordt ondersteund om de suikers en de aroma’s volledig te ontwikkelen.

Op deze manier gerijpte druiven zijn essentieel om te komen tot een wijn die vol is in de mond met een lange afdronk.

Een dergelijke wijn is zeer geschikt om uit te bouwen door middel van een „barrique”.

Naast klimaat en bodem hebben de kennis en keuzes van de wijngaardenier en wijnmakerij grote invloed op de kwaliteit van de wijn: rassenselectie, inrichting wijngaard, bemesting, groeiwijze, loofwandbeheer, trosdunning, monitoren conditie wijngaard en rijpingsproces, bepalen oogstmoment, oogstselectie, vinificatie (koude fermentatie, houtrijping).

Daarnaast is bewust de samenwerking gezocht met deskundigen uit gastronomie en wijnhandel om met inzet van gezamenlijke expertise tot kwaliteitswijnen te komen.

Dit verband geldt voor de wijn, de mousserende kwaliteitswijn, de parelwijn, de likeurwijn en wijn uit overrijpe druiven, waarbij voor de laatste twee de invloed van de menselijke handelingen nog belangrijker is.

De beschreven organoleptische en analytische kenmerken van de gemaakte wijnen, zoals de kenmerkende frisheid en vruchtrijke smaak van de witte en rosé wijnen en zachte tannines bij de rode wijnen, zijn het resultaat van het verband tussen bodem, klimaat en de menselijke aspecten.

9.   Andere essentiële voorwaarden

Rechtskader:

Door een organisatie die de BOB/BGA beheert, indien de lidstaat daarin heeft voorzien

Type aanvullende voorwaarde:

Uitzondering inzake de productie in het afgebakende geografische gebied

Beschrijving van de voorwaarde:

De wijnen kunnen in het gebied van de beschermde oorsprongsbenaming worden gevinificeerd of in de nabijgelegen gemeente Hof van Twente.

Link naar het productdosser

https://www.rvo.nl/sites/default/files/2016/08/Productdossier-Oolde.pdf