|
Publicatieblad |
NL C-serie |
|
C/2026/3647 |
20.7.2026 |
Hogere voorziening ingesteld op 5 juni 2026 door DP en DQ tegen het arrest van het Gerecht (Tiende kamer) van 25 maart 2026 in zaak T-183/24, DP en DQ/EIOPA
(Zaak C-603/26 P)
(C/2026/3647)
Procestaal: Engels
Partijen
Rekwiranten: DP en DQ (vertegenwoordigers: N. Flandin, advocaat)
Andere partij in de procedure: Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (EIOPA)
Conclusies
Rekwiranten verzoeken het Hof:
|
— |
het bestreden arrest te vernietigen; |
|
— |
de vorderingen in eerste aanleg van rekwiranten toe te wijzen en bijgevolg:
|
Dientengevolge:
|
— |
vergoeding van de door rekwiranten geleden schade te gelasten; |
|
— |
verweerster te verwijzen in alle kosten van de procedure in eerste aanleg en in hogere voorziening, of indien dit niet mogelijk is |
|
— |
de zaak terug te verwijzen naar het Gerecht voor afdoening, met betaling van de kosten van de hogere voorziening overeenkomstig artikel 184 van het Reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie van de Europese Unie. |
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van hun beroep voeren rekwiranten één middel aan.
Het Gerecht heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting met betrekking tot de schending van het beginsel van behoorlijk bestuur, niet alleen door te oordelen dat onbevoegdheid niet binnen de werkingssfeer van het beginsel van behoorlijk bestuur valt, maar ook door uit te sluiten dat de aanstelling van een externe onderzoeker op zichzelf een schending van het beginsel van behoorlijk bestuur vormde.
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/3647/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)