European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

C-serie


C/2026/3133

22.6.2026

Arrest van het Hof (Grote kamer) van 14 april 2026 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesgerichtshof – Duitsland) – CG, YN / Pelham GmbH, SD, UP

[Zaak C-590/23  (1) , Pelham (Begrip “pastiche”)]

(Prejudiciële verwijzing - Auteursrecht en naburige rechten - Richtlijn 2001/29/EG - Informatiemaatschappij - Harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten - Artikel 2 - Reproductierecht - Artikel 5 - Beperkingen en restricties - Artikel 5, lid 3, onder k) - Begrip “pastiche” - Gebruik “voor” pastiches - Reproductie van delen van fonogrammen (sampling) - Grondrechten - Handvest van de grondrechten van de Europese Unie - Artikel 11 - Vrijheid van meningsuiting - Artikel 13 - Vrijheid van kunsten - Artikel 17 - Recht op eigendom)

(C/2026/3133)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Bundesgerichtshof

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partijen: CG, YN, als rechtsopvolger van RL

Verwerende partijen: Pelham GmbH, SD, UP

Dictum

1)

Artikel 5, lid 3, onder k), van richtlijn 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij

moet aldus worden uitgelegd dat

de uitzondering voor pastiches in de zin van deze bepaling geen vangnetclausule vormt, maar betrekking heeft op creaties die een of meerdere bestaande werken oproepen doch met die werken merkbare verschillen vertonen, en die bepaalde auteursrechtelijk beschermde kenmerkende elementen van die werken gebruiken, ook via “sampling”, met als doel om met deze werken een artistieke of creatieve dialoog aan te gaan die als zodanig herkenbaar is en verschillende vormen kan aannemen, met name een openlijke stijlimitatie van die werken, een eerbetoon eraan of een humoristische of kritische confrontatie ermee.

2)

Artikel 5, lid 3, onder k), van richtlijn 2001/29

moet aldus worden uitgelegd dat,

om als een gebruik “voor” pastiches in de zin van deze bepaling te kunnen worden aangemerkt, het volstaat dat de aard als pastiche herkenbaar is voor een persoon die bekend is met het bestaande werk waaraan elementen zijn ontleend.


(1)  PB C, C/2023/1131.


ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2026/3133/oj

ISSN 1977-0995 (electronic edition)