European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

C-serie


C/2025/1198

3.3.2025

Arrest van het Hof (Grote kamer) van 4 oktober 2024 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Conseil d'État – Frankrijk) – Confédération paysanne / Ministre de l’Agriculture et de la Souveraineté alimentaire, Ministre de l'Économie, des Finances et de la Souveraineté industrielle et numérique

[Zaak C-399/22  (1) , Confédération paysanne (Meloenen en tomaten uit de Westelijke Sahara)]

(Prejudiciële verwijzing - Gemeenschappelijke handelspolitiek - Internationale overeenkomsten - Euromediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en het Koninkrijk Marokko, anderzijds - Wijziging van de protocollen nrs. 1 en 4 van de Euromediterrane overeenkomst - Verordening (EU) nr. 1169/2011 - Artikel 9 - Artikel 26, lid 2 - Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 - Artikel 3, leden 1 en 2 - Artikel 5, leden 1 en 2 - Artikel 8 - Artikel 15, leden 1 en 4 - Bijlage I - Bijlage IV - Verordening (EU) nr. 1308/2013 - Artikel 76 - Verstrekking van voedselinformatie aan consumenten - Verplichte vermelding van het land van oorsprong of van de plaats van herkomst van een levensmiddel - Groenten en fruit die in de Westelijke Sahara zijn geoogst - Verzoek aan een lidstaat om eenzijdig de invoer van die producten op zijn grondgebied te verbieden - Verplichte vermelding van de Westelijke Sahara als plaats van herkomst van de op dat grondgebied geoogste tomaten en meloenen)

(C/2025/1198)

Procestaal: Frans

Verwijzende rechter

Conseil d'État

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Confédération paysanne

Verwerende partijen: Ministre de l’Agriculture et de la Souveraineté alimentaire, Ministre de l'Économie, des Finances et de la Souveraineté industrielle et numérique

Dictum

1)

Artikel 207 VWEU, verordening (EU) 2015/478 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2015 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer en verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad

moeten aldus worden uitgelegd dat

zij een lidstaat niet toestaan eenzijdig een maatregel vast te stellen die de invoer verbiedt van landbouwproducten waarvan het etiket systematisch niet in overeenstemming is met het Unierecht inzake de vermelding van het land of het gebied van oorsprong.

2)

Artikel 76 van verordening nr. 1308/2013, gelezen in samenhang met artikel 3, lid 1, van uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011 van de Commissie van 7 juni 2011 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat de sectoren groenten en fruit en verwerkte groenten en fruit betreft, zoals gewijzigd bij uitvoeringsverordening (EU) nr. 594/2013 van de Commissie van 21 juni 2013,

moet aldus worden uitgelegd dat

op het etiket van op het grondgebied van de Westelijke Sahara geoogste charentaismeloenen en kerstomaten, in de stadia van invoer en verkoop aan de consument de Westelijke Sahara bij uitsluiting als land van oorsprong moet worden vermeld.


(1)   PB C 359 van 19.9.2022.


ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/1198/oj

ISSN 1977-0995 (electronic edition)