European flag

Publicatieblad
van de Europese Unie

NL

C-serie


C/2025/203

17.1.2025

AANKONDIGING VAN VERGELIJKEND ONDERZOEK

EPSO/AD/422/25 — Administrateurs (AD 6) op de volgende gebieden:

1. Directe belastingen, inclusief belastingrecht

2. Indirecte belastingen, inclusief belastingrecht

(C/2025/203)

Uiterste termijn voor het indienen van sollicitaties: 19 februari 2025 om 12 uur (’s middags), Belgische tijd

INHOUD

1.

INLEIDING 2

2.

WAT HOUDT DE FUNCTIE IN? 2

3.

AAN WELKE VOORWAARDEN MOET IK VOLDOEN? 2

3.1.

Algemene voorwaarden 2

3.2.

Specifieke voorwaarden — talen 2

3.3.

Specifieke voorwaarden — opleiding en werkervaring 2

3.3.1.

Vakgebied 1 — Directe belastingen, inclusief belastingrecht 2

3.3.2.

Vakgebied 2 — Indirecte belastingen, inclusief belastingrecht 4

4.

HOE VERLOOPT DE SELECTIEPROCEDURE? 5

4.1.

Overzicht van de fasen van het vergelijkend onderzoek 5

4.2.

In het kader van dit vergelijkend onderzoek gebruikte talen 5

4.3.

Fasen van het vergelijkend onderzoek 6

4.3.1.

Inschrijving 6

4.3.2.

Afleggen van tests 6

4.3.3.

Beoordeling van de tests en controle van de toelatingsvoorwaarden 7

4.3.4.

Opstellen van reservelijsten 8

5.

GELIJKE KANSEN EN REDELIJKE AANPASSINGEN 9

BIJLAGE I —

Algemene bepalingen 10

BIJLAGE II —

Taken 17

BIJLAGE III —

Voorbeelden van minimumkwalificaties 18

1.   INLEIDING

a)

Het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) organiseert een algemeen vergelijkend onderzoek op basis van kwalificaties en tests om lijsten op te stellen waaruit de instellingen, organen en agentschappen van de Europese Unie (EU) kunnen putten voor de aanwerving van nieuwe ambtenaren als administrateur (graad AD 6).

b)

Deze aankondiging en de bijlagen erbij, met inbegrip van bijlage I “Algemene bepalingen”, vormen het juridisch bindende kader voor dit vergelijkend onderzoek.

c)

EPSO streeft naar genderneutraal en inclusief taalgebruik. Elke verwijzing naar een persoon van een bepaald geslacht moet tevens worden beschouwd als een verwijzing naar een persoon van een ander geslacht.

d)

Deze aankondiging heeft betrekking op twee vakgebieden. U kunt slechts voor één vakgebied solliciteren.

e)

Het aantal geslaagde kandidaten dat per vakgebied op de reservelijst kan worden geplaatst, is aangegeven in tabel 1.

Tabel 1

Vakgebied 1

Directe belastingen, inclusief belastingrecht

118

Vakgebied 2

Indirecte belastingen, inclusief belastingrecht

122

2.   WAT HOUDT DE FUNCTIE IN?

In bijlage II vindt u informatie over de taken.

3.   AAN WELKE VOORWAARDEN MOET IK VOLDOEN?

Op de uiterste datum voor de inschrijving moet u voldoen aan alle algemene en specifieke voorwaarden (zie punten 3.1, 3.2 en 3.3).

3.1.   Algemene voorwaarden

U moet:

1)

uw rechten als staatsburger bezitten als onderdaan van een van de lidstaten van de EU;

2)

voldaan hebben aan de wettelijke verplichtingen inzake de militaire dienstplicht, en

3)

in zedelijk opzicht de waarborgen bieden die voor de beoogde functie vereist zijn.

3.2.   Specifieke voorwaarden — talen

U moet een goede kennis hebben van ten minste twee van de 24 officiële EU-talen, zoals bepaald in punt 4.2.

3.3.   Specifieke voorwaarden — opleiding en werkervaring

In bijlage III vindt u voorbeelden van minimumkwalificaties.

3.3.1.   Vakgebied 1 — Directe belastingen, inclusief belastingrecht

a)

Voor vakgebied 1 moet u voldoen aan een van de volgende vereisten:

i)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste drie jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een van de in punt 3.3.1, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste vier jaar relevante werkervaring.

Deze vereiste geldt ook als vervuld als u een universitair diploma op een ander vakgebied hebt behaald, en vervolgens na een universitaire opleiding van ten minste één jaar een diploma hebt behaald op een van de in punt 3.3.1, b), genoemde gebieden, op voorwaarde dat de studie in kwestie wordt beschouwd als gelijkwaardig aan een universitaire opleiding van ten minste drie jaar (bv. een schakelstudie);

ii)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste vier jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een van de in punt 3.3.1, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste drie jaar relevante werkervaring.

Deze vereiste geldt ook als vervuld als u een hoger universitair diploma (master, PhD of gelijkwaardig (1)) hebt behaald op een van de in punt 3.3.1, b), genoemde gebieden, ongeacht het gebied van uw voorafgaande studie;

iii)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste drie jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een ander gebied dan de in punt 3.3.1, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste zes jaar relevante werkervaring.

b)

Het in punt 3.3.1, a), i) en ii), bedoelde diploma wordt in aanmerking genomen als het is verworven op een of meer van de volgende gebieden:

i)

nationale of internationale belastingen;

ii)

rechten;

iii)

economie;

iv)

financiën;

v)

bedrijfsbeheer of bedrijfskunde;

vi)

boekhouding.

c)

De in punt 3.3.1, a), i), ii) en iii), bedoelde werkervaring wordt als relevant beschouwd als die voldoet aan zowel vereiste A als vereiste B:

A.

De werkervaring moet zijn opgedaan in de publieke, particuliere of bedrijfssector op een of meer van de volgende gebieden:

i)

directe belastingen (vennootschapsbelasting, inkomstenbelasting enz.);

ii)

internationale directe belastingen;

iii)

verrekenprijzen;

iv)

administratieve samenwerking op het gebied van directe belastingen, met inbegrip van rapportage en informatie-uitwisseling;

v)

toepassing en handhaving van regels inzake directe belastingen, voor een bevoegde belastingautoriteit of de rechterlijke macht;

vi)

toepassing van staatssteunregels op het gebied van directe belastingen.

B.

De werkervaring moet verband houden met een of meer van de volgende activiteiten:

i)

ontwikkeling van beleid inzake directe belastingen en belastingwetgeving;

ii)

uitvoering, handhaving, monitoring en evaluatie van het bestaande beleid en de bestaande wetgeving op het gebied van directe belastingen;

iii)

coördinatie, onderhandeling, vertegenwoordiging en contacten met andere belanghebbenden;

iv)

verrichten van politieke/beleids-, juridische of wetenschappelijke analyses en het verstrekken van advies. Dit omvat het onderhouden van contacten met deskundigen/comités en betrokkenen uit het bedrijfsleven en het vertalen van wetenschappelijke en technische analyses in relevante beleids-, juridische en/of operationele maatregelen;

v)

toezicht op/beoordeling van het beleid op het gebied van directe belastingen (en/of fiscale maatregelen) uit het oogpunt van staatssteun;

vi)

academisch onderzoek of onderwijs;

vii)

controle van directe belastingen;

viii)

belastinggeschillen.

3.3.2.   Vakgebied 2 — Indirecte belastingen, inclusief belastingrecht

a)

Voor vakgebied 2 moet u voldoen aan een van de volgende vereisten:

i)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste drie jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een van de in punt 3.3.2, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste vier jaar relevante werkervaring.

Deze vereiste geldt ook als vervuld als u een universitair diploma op een ander vakgebied hebt behaald, en vervolgens na een universitaire opleiding van ten minste één jaar een diploma hebt behaald op een van de in punt 3.3.2, b), genoemde gebieden, op voorwaarde dat de studie in kwestie wordt beschouwd als gelijkwaardig aan een universitaire opleiding van ten minste drie jaar (bv. een schakelstudie);

ii)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste vier jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een van de in punt 3.3.2, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste drie jaar relevante werkervaring.

Deze vereiste geldt ook als vervuld als u een hoger universitair diploma (master, PhD of gelijkwaardig (2)) hebt behaald op een van de in punt 3.3.2, b), genoemde gebieden, ongeacht het gebied van uw voorafgaande studie;

iii)

beschikken over een diploma van een voltooide universitaire opleiding van ten minste drie jaar, of van een opleiding waarvan het niveau daarmee overeenstemt, op een ander gebied dan de in punt 3.3.2, b), genoemde gebieden, gevolgd door ten minste zes jaar relevante werkervaring.

b)

Het in punt 3.3.2, a), i), en ii), bedoelde diploma wordt in aanmerking genomen als het is verworven op een of meer van de volgende gebieden:

i)

nationale of internationale belastingen;

ii)

rechten;

iii)

economie;

iv)

financiën;

v)

bedrijfsbeheer of bedrijfskunde;

vi)

boekhouding.

c)

De in punt 3.3.2, a), i), ii) en iii), bedoelde werkervaring wordt als relevant beschouwd als die voldoet aan zowel vereiste A als vereiste B:

A.

De werkervaring moet zijn opgedaan in de publieke, particuliere of bedrijfssector op een of meer van de volgende gebieden:

i)

belasting over de toegevoegde waarde;

ii)

administratieve samenwerking op het gebied van indirecte belastingen en belastinghandhaving;

iii)

algemene regelingen inzake accijnzen;

iv)

gezondheidsheffingen (zoals accijnzen op alcohol en tabak);

v)

energie- en milieubelastingen;

vi)

motorrijtuigenbelasting;

vii)

andere indirecte belastingen;

viii)

toepassing van staatssteunregels op het gebied van indirecte belastingen.

B.

De werkervaring moet verband houden met een of meer van de volgende activiteiten:

i)

ontwikkeling van belastingbeleid en belastingwetgeving;

ii)

uitvoering, handhaving, monitoring en evaluatie van het bestaande belastingbeleid en de bestaande belastingwetgeving, op nationaal of internationaal/EU-niveau;

iii)

onderhandeling en vertegenwoordiging op internationaal niveau;

iv)

verrichten van politieke/beleids-, juridische of wetenschappelijke analyses en het verstrekken van advies. Dit omvat het onderhouden van contacten met deskundigen/comités en het vertalen van wetenschappelijke en technische analyses in relevante beleids-, juridische en/of operationele maatregelen;

v)

toezicht op/beoordeling van het beleid op het gebied van indirecte belastingen (en/of fiscale maatregelen) uit het oogpunt van staatssteun;

vi)

academisch onderzoek of onderwijs;

vii)

boekhouding;

viii)

controle van financiële overzichten en/of rekeningen;

ix)

controle van indirecte belastingen;

x)

belastinggeschillen.

4.   HOE VERLOOPT DE SELECTIEPROCEDURE?

4.1.   Overzicht van de fasen van het vergelijkend onderzoek

Dit vergelijkend onderzoek omvat de volgende fasen:

inschrijving (zie punt 4.3.1);

afleggen van tests: tests inzake het redeneervermogen, een meerkeuzetest op het gebied van het gekozen vakgebied van het vergelijkend onderzoek (de vakgerelateerde meerkeuzetest) en een schriftelijke test (zie punt 4.3.2);

beoordeling van de tests en controle van de toelatingsvoorwaarden (zie punt 4.3.3);

opstellen van de reservelijsten (zie punt 4.3.4).

4.2.   In het kader van dit vergelijkend onderzoek gebruikte talen

a)

In het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie (3) is bepaald dat alleen ambtenaren kunnen worden aangesteld die blijk geven van een grondige kennis van een van de talen van de Unie en van voldoende kennis van een andere taal van de Unie voor zover dit noodzakelijk is voor de te verrichten werkzaamheden.

b)

U moet bijgevolg een grondige kennis hebben (ten minste niveau C1) van een van de 24 officiële EU-talen, en voldoende kennis (ten minste niveau B2) van een van de andere 23 officiële EU-talen. Deze minimumniveaus gelden voor alle in het sollicitatieformulier vermelde taalvaardigheden (spreken, schrijven, lezen en luisteren), en komen overeen met de niveaus van het gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen (4).

c)

Deze talen worden “taal 1” en “taal 2” genoemd.

d)

In de verschillende fasen van het vergelijkend onderzoek worden de volgende talen gebruikt (zie tabel 2):

Tabel 2

Selectiefase

Tests

Taal

Inschrijving

Een van de 24 officiële EU-talen

Afleggen van tests

Tests inzake het redeneervermogen

Taal 1

Vakgerelateerde meerkeuzetest

Taal 2

Schriftelijke test

Taal 2

e)

U moet in uw sollicitatieformulier vermelden in welke talen u de tests wilt afleggen.

4.3.   Fasen van het vergelijkend onderzoek

4.3.1.   Inschrijving

a)

Om u in te schrijven, moet u een EPSO-account hebben.

b)

U kunt zich online inschrijven en uw sollicitatie indienen op de website van EPSO  (5) , ten laatste op

19 februari 2025 om 12 uur (’s middags), Belgische tijd.

c)

Door uw sollicitatieformulier in te dienen, verklaart u te voldoen aan alle voorwaarden die zijn vermeld in punt 3 “Aan welke voorwaarden moet ik voldoen?”. Het is aan u om ervoor te zorgen dat u uw sollicitatieformulier binnen de gestelde termijn invult en indient. Na het verstrijken van de indieningstermijn kunt u geen wijzigingen meer aanbrengen.

d)

U moet de gescande bewijsstukken ter staving van de verklaringen in uw sollicitatieformulier ten laatste op 16 april 2025 om 12 uur (’s middags), Belgische tijd, verstrekken. Op de pagina over het vergelijkend onderzoek op de EPSO-website kunt u lezen hoe u dit moet doen.

4.3.2.   Afleggen van tests

a)   Algemene opmerkingen

i)

Alle kandidaten die hun sollicitatieformulier binnen de in punt 4.3.1, b), vermelde termijn hebben ingediend, worden uitgenodigd voor een reeks tests als hieronder vermeld.

ii)

De tests vinden online plaats, met toezicht op afstand. Meer informatie over de testprocedure ontvangt u ten laatste in de uitnodiging voor de tests.

b)   Tests inzake het redeneervermogen

i)

De tests inzake het redeneervermogen zijn meerkeuzetests ter beoordeling van het verbale, numerieke en abstracte redeneervermogen van de kandidaten. De tests zien er als volgt uit (zie tabel 3):

Tabel 3

Tests

Taal

Aantal vragen

Duur

Score

Vereiste minimumscore

Verbaal redeneervermogen

Taal 1

20 vragen

35 min.

0-20

10/20

Numeriek redeneervermogen

10 vragen

20 min.

0-10

Numeriek en abstract redeneervermogen gecombineerd: 10/20

Abstract redeneervermogen

10 vragen

10 min.

0-10

ii)

U moet zowel

een score van ten minste 10/20 behalen voor de test verbaal redeneervermogen als

een gecombineerde score van ten minste 10/20 voor de tests numeriek en abstract redeneervermogen.

c)   Vakgerelateerde meerkeuzetest

i)

De vakgerelateerde meerkeuzetest heeft specifiek betrekking op het gekozen vakgebied. De test ziet er als volgt uit (zie tabel 4):

Tabel 4

Test

Taal

Aantal vragen

Duur

Score

Vereiste minimumscore

Vakgerelateerde meerkeuzetest

Taal 2

30 vragen

40 min.

0-30

15/30

ii)

U moet voor deze test

een score van ten minste 15/30 behalen en

behoren tot de kandidaten met de hoogste scores (zie punt 4.3.3).

d)   Schriftelijke test

i)

De schriftelijke test dient om uw schriftelijke communicatievaardigheden te beoordelen. De test ziet er als volgt uit (zie tabel 5):

Tabel 5

Test

Taal

Duur

Score

Vereiste minimumscore

Schriftelijke test

Taal 2

40 min.

0 10

5/10

ii)

U dient de opdracht(en) uit te voeren op basis van het referentiemateriaal, dat verband houdt met de vakgebieden van het vergelijkend onderzoek. Het referentiemateriaal wordt vóór de testdatum ter beschikking gesteld op de website van EPSO. Tijdens de test kunt u ook over dit referentiemateriaal beschikken, en krijgt u de opdracht(en) op basis daarvan.

iii)

De schriftelijke test is geen taaltest; de beoordeling wordt gebaseerd op de specifieke criteria die op de website van EPSO worden gepubliceerd (6).

4.3.3.   Beoordeling van de tests en controle van de toelatingsvoorwaarden

a)   Algemene opmerkingen

i)

In tabel 6 is weergegeven waarvoor de testscores worden gebruikt.

Tabel 6

Test

Waarvoor worden de testscores gebruikt?

Verbaal, numeriek en abstract redeneervermogen

Deze testscores dienen om te bepalen of u de vereiste minimumscores hebt behaald.

Vakgerelateerde meerkeuzetest

Als u de vereiste minimumscore hebt behaald, dient deze score om een rangschikking op te stellen (volgens de prestaties van de kandidaten).

Schriftelijke test

Deze testscore dient om te bepalen of u de vereiste minimumscore hebt behaald.

ii)

Als u de vereiste minimumscore voor een van bovenstaande tests niet hebt behaald, wordt u uitgesloten van verdere deelname. Uw antwoorden worden dan niet verder verwerkt en er wordt niet nagegaan of u aan de toelatingsvoorwaarden voldoet.

iii)

Uw testresultaten worden u pas aan het eind van het vergelijkend onderzoek meegedeeld (zie punt 4.3.4, d)), ongeacht de fase van het vergelijkend onderzoek die u hebt bereikt.

b)   Beoordeling van de tests inzake het redeneervermogen en van de vakgerelateerde meerkeuzetest

i)

Eerst worden de tests inzake het redeneervermogen beoordeeld, Daarna wordt de vakgerelateerde meerkeuzetest beoordeeld van de kandidaten die de vereiste minimumscores hebben behaald voor de tests inzake het redeneervermogen.

ii)

Vervolgens worden de kandidaten die de vereiste minimumscore voor de vakgerelateerde meerkeuzetest hebben behaald, per vakgebied gerangschikt in afnemende volgorde van de behaalde scores. Deze rangschikking wordt gebruikt om te bepalen van welke kandidaten de schriftelijke test wordt beoordeeld en de toelatingsvoorwaarden worden gecontroleerd (zie punt 4.3.3, c)).

c)   Beoordeling van de schriftelijke test en controle van de toelatingsvoorwaarden

i)

De beoordeling van de schriftelijke test en de controle van de toelatingsvoorwaarden (die wordt uitgevoerd overeenkomstig punt ii) hieronder) worden tegelijkertijd verricht. Dit gebeurt voor elk vakgebied in afnemende volgorde van de in punt 4.3.3, b), ii), bedoelde rangschikking. De jury beoordeelt alleen de schriftelijke tests van een beperkt aantal kandidaten (maximaal 1,5 maal het aantal kandidaten dat per vakgebied op de reservelijst kan worden geplaatst) en controleert of deze kandidaten aan de toelatingsvoorwaarden voldoen.

ii)

Er wordt nagegaan of is voldaan aan de toelatingsvoorwaarden als vermeld in punt 3 “Aan welke voorwaarden moet ik voldoen?”. De jury neemt hierover een besluit na vergelijking van a) de verklaringen in het sollicitatieformulier met b) de documenten die u overeenkomstig punt 2.4, 1), 2) en 3), van de algemene bepalingen hebt verstrekt ter staving van die verklaringen.

iii)

Als u niet tot de kandidaten met de hoogste scores zoals vermeld in punt i) hierboven behoort, wordt u uitgesloten van verdere deelname. Uw schriftelijke test wordt dan niet verder verwerkt en er wordt niet nagegaan of u aan de toelatingsvoorwaarden voldoet.

4.3.4.   Opstellen van reservelijsten

a)

Na afronding van de in punt 4.3.3, c), vermelde procedures plaatst de jury op de desbetreffende reservelijsten de namen van de kandidaten die i) alle vereiste minimumscores hebben behaald en behoren tot de kandidaten met de hoogste scores voor de vakgerelateerde meerkeuzetest als vermeld in punt 4.3.3, c), i), en ii) voldoen aan de toelatingsvoorwaarden. Dit gebeurt in afnemende volgorde van de in punt 4.3.3, b), ii), bedoelde rangschikking, tot het aantal kandidaten dat voor elk vakgebied op de reservelijst kan worden geplaatst, is bereikt, of totdat de lijst van kandidaten die aan de in dit punt vermelde criteria voldoen, is uitgeput.

b)

Wanneer de laatste plaats op een reservelijst door verschillende kandidaten met dezelfde score wordt gedeeld, worden al deze kandidaten op de reservelijst geplaatst.

c)

De reservelijsten worden in alfabetische volgorde opgesteld. De reservelijsten worden ter beschikking gesteld van de aanwervende diensten.

d)

De kandidaten worden geïnformeerd over de resultaten (van de tests en de controle van de toelatingsvoorwaarden), tenzij hun antwoorden niet zijn verwerkt en/of de controle van de toelatingsvoorwaarden om de in deze aankondiging vermelde redenen niet is verricht.

e)

Plaatsing op een reservelijst geeft geen recht of garantie op aanwerving.

5.   GELIJKE KANSEN EN REDELIJKE AANPASSINGEN

a)

EPSO voert een beleid van gelijke kansen voor alle kandidaten.

b)

Als u een handicap of medische aandoening hebt die uw deelname aan de tests belemmert, vermeld dit dan in uw sollicitatieformulier en volg de procedure om redelijke aanpassingen aan te vragen, zoals is vermeld op de EPSO-website (7). EPSO zal uw verzoek en de bewijsstukken onderzoeken en, indien nodig, redelijke aanpassingen toestaan.


(1)  Als zodanig erkend door een bevoegde autoriteit van een lidstaat.

(2)  Als zodanig erkend door een bevoegde autoriteit van een lidstaat.

(3)  Verordening nr. 31 (EEG), 11 (EGA), tot vaststelling van het Statuut van de ambtenaren en de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (PB 45 van 14.6.1962, blz. 1385/62). Geconsolideerde tekst: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A01962R0031-20240101.

(4)   https://eu-careers.europa.eu/nl/documents/common-european-framework-reference-languages.

(5)   https://eu-careers.europa.eu/nl/job-opportunities/open-for-application.

(6)   https://eu-careers.europa.eu/nl/help/faq/14952.

(7)   https://eu-careers.europa.eu/nl/how-request-specific-adjustments-selection-tests.


BIJLAGE I

Algemene bepalingen

1.   Basisregels

(1)

De in dit document vervatte bepalingen zijn van toepassing tenzij in de aankondiging van vergelijkend onderzoek anders is bepaald.

(2)

In uw kandidaataccount ontvangt u tijdgevoelige mededelingen. U moet ten minste om de drie kalenderdagen uw kandidaataccount raadplegen om de voortgang van het vergelijkend onderzoek te volgen en te vermijden dat u een deadline mist.

Als u uw account niet kunt raadplegen door een technisch probleem bij EPSO, moet u dit onmiddellijk melden, uitsluitend via het onlinecontactformulier  (1).

(3)

Wanneer in enige fase van het vergelijkend onderzoek de laatste plaats door verschillende kandidaten met dezelfde score wordt gedeeld, worden al deze kandidaten toegelaten tot de volgende fase van het vergelijkend onderzoek. Wanneer de laatste plaats op een reservelijst door verschillende kandidaten met dezelfde score wordt gedeeld, worden al deze kandidaten op die reservelijst geplaatst.

(4)

Als u na een verzoek, klacht of beroep opnieuw tot de selectieprocedure wordt toegelaten, wordt u ofwel a) opnieuw toegelaten tot het vergelijkend onderzoek in de fase waarvan u eerder was uitgesloten, of b) toegevoegd aan de reservelijst, naargelang van het geval.

(5)

De communicatie (via uw kandidaataccount of via e-mail) met EPSO verloopt in een van de talen waarvan u in de rubriek “Talen” van uw sollicitatieformulier onder “lezen” hebt verklaard dat u deze beheerst op niveau B2 of hoger (2) (zie ook punt 2.1 van deze algemene bepalingen).

(6)

U kunt contact opnemen met EPSO via het onlinecontactformulier op de EPSO-website (3) Voordat u contact opneemt, verzoeken wij u eerst de rubriek “Veelgestelde vragen” op de website van EPSO (4) te raadplegen.

(7)

EPSO behoudt zich het recht voor ongepaste correspondentie te staken, bijvoorbeeld omdat deze steeds hetzelfde onderwerp betreft, of beledigend en/of irrelevant is.

2.   Opleiding (5) , ervaring (6) , bewijsstukken

2.1.   Rubriek “Mijn cv” in uw kandidaataccount

Voordat u zich inschrijft voor een vergelijkend onderzoek, moet u de rubriek “Mijn cv” in uw kandidaataccount invullen. Als u zich inschrijft voor een specifiek vergelijkend onderzoek, hoeft u uw cv niet opnieuw in het sollicitatieformulier in te voeren, aangezien deze gegevens na afloop van de inschrijvingsperiode automatisch van uw cv naar het sollicitatieformulier worden overgedragen. Het is aan u om ervoor te zorgen dat de informatie in uw cv op dat moment actueel is.

2.2.   Opleiding

(1)

Graden, diploma’s en/of certificaten die zijn uitgereikt in een EU- of niet-EU-land, moeten worden erkend door een bevoegde autoriteit van een EU-lidstaat.

(2)

Bij de controle van de kwalificaties wordt rekening gehouden met de verschillen tussen de nationale onderwijsstelsels, met name de verschillende benamingen van graden, diploma’s en certificaten.

2.3.   Werkervaring

(1)

Werkervaring wordt alleen meegeteld als is voldaan aan de volgende algemene voorwaarden:

a)

de werkervaring werd opgedaan nadat de in de aankondiging van vergelijkend onderzoek vermelde minimale onderwijskwalificatie werd behaald;

b)

er is sprake van een reële en daadwerkelijke arbeidsprestatie;

c)

er is sprake van bezoldiging;

d)

er is sprake van een professionele relatie, d.w.z. deelname aan een organisatiestructuur of de verlening van een dienst;

e)

de werkervaring is relevant volgens de in de aankondiging van vergelijkend onderzoek vermelde criteria. Als slechts een deel van de tijdens een bepaalde periode van werkervaring verrichte taken als relevant kan worden beschouwd, zijn de volgende regels van toepassing:

i)

als meer dan 75 % van de taken relevant is, wordt de volledige duur van de werkervaring als relevant beschouwd;

ii)

als meer dan 50 tot 75 % van de taken relevant is, wordt de duur van de werkervaring geteld voor 75 %;

iii)

als 25 tot 50 % van de taken relevant is, wordt de duur van de werkervaring geteld voor 50 %;

iv)

als minder dan 25 % van de taken relevant is, wordt de werkervaring niet in aanmerking genomen.

(2)

Voor de hieronder vermelde werkervaring gelden specifieke regels, waaronder bepaalde uitzonderingen van de in punt 1) genoemde voorwaarden:

a)

in het geval van vrijwilligerswerk wordt onder “bezoldiging” elke ontvangen financiële vergoeding verstaan, met inbegrip van onkostenvergoedingen en verzekeringsdekking. Daarnaast moet het vrijwilligerswerk vergelijkbaar zijn met gewoon werk wat betreft aantal wekelijkse uren en duur;

b)

in het geval van stages wordt onder “bezoldiging” elke ontvangen financiële vergoeding verstaan, met inbegrip van onkostenvergoedingen en verzekeringsdekking. Een verplichte stage die deel uitmaakt van een studieprogramma, kan worden meegeteld op voorwaarde dat i) de stage werd gevolgd nadat de in de aankondiging van vergelijkend onderzoek vermelde minimale onderwijskwalificatie werd behaald, en ii) het om een betaalde stage gaat;

c)

een verplichte stage die deel uitmaakt van een programma dat leidt tot of een voorwaarde is voor inschrijving bij een beroepsvereniging om het recht op uitoefening van een beroep te verkrijgen (bijvoorbeeld toelating tot de orde van advocaten), kan worden meegeteld, ook als er geen sprake is van bezoldiging. Als het werk niet werd bezoldigd, kan de stageperiode evenwel slechts worden meegeteld als het programma met succes werd afgerond en het recht om het beroep uit te oefenen werd verkregen. In alle gevallen wordt deze periode slechts meegeteld voor de verplichte minimumduur ervan;

d)

militaire dienstplicht die is vervuld vóór of na het behalen van de in de aankondiging van vergelijkend onderzoek vermelde minimale onderwijskwalificatie wordt meegeteld, ook als die niet relevant is volgens de in de aankondiging van vergelijkend onderzoek vermelde vereisten, doch voor maximaal de verplichte duur van de dienstplicht in de betrokken lidstaat;

e)

zwangerschaps-/vaderschaps-/ouderschaps- en adoptieverlof worden meegeteld als het verlof is opgenomen in het kader van een arbeidscontract;

f)

een promotie/doctoraatstudie wordt meegeteld als werkervaring van ten hoogste drie jaar, ook als er geen sprake is van bezoldiging, op voorwaarde dat de doctorsgraad is behaald;

g)

deeltijdwerk wordt meegeteld naar rato van de daadwerkelijk gewerkte tijd (als u bijvoorbeeld zes maanden halftijds hebt gewerkt, wordt dit meegeteld als drie maanden werkervaring).

2.4.   Bewijsstukken

(1)

U moet de gescande bewijsstukken ter staving van de verklaringen in uw sollicitatieformulier uploaden via uw kandidaataccount (zie ook punt 2.1 van deze algemene bepalingen), uiterlijk op de in de aankondiging van het vergelijkend onderzoek vermelde datum, of — als geen datum is vermeld in de aankondiging — op de door EPSO aangegeven datum.

(2)

Als u de bewijsstukken niet op bovengenoemde datum hebt verstrekt, kunt u worden uitgesloten van de procedure of kan het zijn dat uw specifieke onderwijskwalificaties of ervaring niet in aanmerking worden genomen.

(3)

Op enig moment in de procedure kunt u worden verzocht om aanvullende informatie of documenten te verstrekken.

(4)

U moet een kopie uploaden van uw identiteitskaart of paspoort. Deze moet geldig zijn op de uiterste datum voor de indiening van sollicitaties. Op verzoek moet u het origineel van uw identiteitskaart of paspoort kunnen overleggen.

(5)

Als bewijs van uw onderwijskwalificaties moet u ten minste de volgende documenten overleggen:

a)

een kopie van uw diploma’s en/of certificaten, ter staving van de onderwijskwalificaties die toegang geven tot het vergelijkend onderzoek (zie het onderdeel “Aan welke voorwaarden moet ik voldoen?” in de aankondiging van vergelijkend onderzoek);

b)

voor diploma’s/certificaten die in een land buiten de EU zijn afgegeven, een gelijkwaardigheidsverklaring die is afgegeven door een bevoegde autoriteit van een EU-lidstaat.

(6)

Voor alle beroepsactiviteiten moeten originelen of gewaarmerkte kopieën kunnen worden overgelegd van de volgende documenten:

a)

documenten van voormalige en/of huidige werkgever(s): arbeidsovereenkomst(en) met begin- en einddatum van het dienstverband en/of eerste en laatste loonstrookjes. Hierop moet zijn vermeld: aard, niveau, gedetailleerde beschrijving van de verrichte taken, officieel briefhoofd en stempel van de onderneming, en naam en handtekening van de bevoegde persoon;

b)

voor werkzaamheden die niet in loondienst werden verricht, bv. voor zelfstandigen/vrije beroepen: facturen of bestelbonnen of andere officiële bewijsstukken waarop de verrichte werkzaamheden zijn omschreven, met vermelding van de aard en de duur van de verrichte werkzaamheden of verleende diensten;

c)

voor freelancevertalers: documenten ter staving van de gewerkte perioden en het aantal vertaalde bladzijden;

d)

voor freelancetolken: documenten ter staving van het aantal gewerkte dagen en de talen waarnaar of waaruit is getolkt.

3.   De rol van de jury

(1)

De jury van het vergelijkend onderzoek beslist over de moeilijkheid van de tests en keurt de inhoud ervan goed, gaat na of de kandidaten voldoen aan de specifieke toelatingsvoorwaarden, vergelijkt de verdiensten van de kandidaten en selecteert de beste kandidaten op basis van de eisen die worden beschreven in de aankondiging van vergelijkend onderzoek.

(2)

De werkzaamheden van de jury zijn geheim.

(3)

De werkzaamheden van de jury worden gefaciliteerd door EPSO.

4.   Belangenconflicten

(1)

De namen van de juryleden worden bekendgemaakt op de website van EPSO (7).

(2)

Kandidaten, juryleden en EPSO-personeelsleden die meewerken aan een bepaald vergelijkend onderzoek, moeten elk mogelijk belangenconflict melden, met name in het geval van een familie- of directe werkrelatie. Zij moeten een situatie die een belangenconflict kan veroorzaken, onmiddellijk aan EPSO melden zodra zij hiervan op de hoogte zijn. EPSO zal elk geval afzonderlijk beoordelen en passende maatregelen nemen.

(3)

Om de onafhankelijkheid van de jury te waarborgen, mogen kandidaten of personen die niet tot de jury behoren, behalve in uitdrukkelijk toegestane gevallen, geen contact hebben met de juryleden over kwesties die verband houden met het vergelijkend onderzoek of de werkzaamheden van de jury.

(4)

Kandidaten kunnen hun standpunt aan de jury kenbaar maken door een schriftelijk bericht te sturen via hun kandidaataccount.

(5)

Niet-naleving van deze regels kan leiden tot disciplinaire maatregelen jegens een jurylid of EPSO-medewerker en/of tot diskwalificatie van een kandidaat van het vergelijkend onderzoek (zie punt 6).

5.   Afleggen van tests

(1)

Ten laatste in de uitnodiging voor de tests krijgt u meer informatie over de testprocedure alsook aanvullende details en instructies.

(2)

Als u voor het afleggen van de tests een afspraak moet boeken, ontvangt u daarvoor instructies van EPSO. De periode voor het boeken en het afleggen van de tests is beperkt.

(3)

U moet alle noodzakelijke stappen uitvoeren die zijn vermeld in de instructies voorafgaand aan de tests, bv. het installeren van software, het uitvoeren van de vereiste synchronisatie(s), het uitvoeren van een verbindingstest, een test van de technische vereisten of een systeemcontrole en/of het afleggen van een proeftest. Het volgen van deze instructies is noodzakelijk om na te gaan of uw IT-systeem voldoet aan de vereisten en compatibel is met het testplatform of de testapplicatie. Als de verplichte stappen niet worden voltooid, kunt u de tests niet afleggen en kunnen eventuele technische problemen tijdens de tests niet doeltreffend worden aangepakt.

(4)

Als u een of meer tests niet reserveert, niet aflegt of niet afrondt, wordt uw deelname aan het vergelijkend onderzoek beëindigd, tenzij u kunt aantonen dat het niet reserveren, niet afleggen of niet afronden van een test het gevolg was van omstandigheden buiten uw wil of van overmacht. Neem in dat geval zo spoedig mogelijk contact op met EPSO, bij voorkeur vóór de test. U dient de nodige bewijsstukken te overleggen, waaronder, in voorkomend geval, het bewijs dat u contact hebt opgenomen met de dienst technische ondersteuning.

(5)

Het niet voldoen aan de voorwaarden die zijn vermeld in de instructies en in de informatie die werd verstrekt in verband met de tests, wordt niet beschouwd als een omstandigheid buiten uw wil of als overmacht.

(6)

U wordt verzocht de website van EPSO (8) te raadplegen om u te informeren over de selectieprocedures van EPSO, waaronder de algemene vereisten die gelden voor het afleggen van tests.

6.   Diskwalificatie

(1)

In enige fase van het vergelijkend onderzoek kunt u worden gediskwalificeerd als u:

a)

meer dan één kandidaataccount hebt aangemaakt;

b)

gesolliciteerd hebt via verschillende kanalen hoewel dit volgens de aankondiging van vergelijkend onderzoek verboden is;

c)

valse of niet door de nodige documenten gestaafde verklaringen hebt afgelegd;

d)

bij de tests hebt gefraudeerd, onlinetests hebt opgenomen of hebt geprobeerd het eerlijke verloop van de tests te manipuleren, of de integriteit van het vergelijkend onderzoek op enige andere wijze in het gedrang hebt gebracht;

e)

hebt getracht om op ongeoorloofde wijze contact op te nemen met een lid van de jury;

f)

EPSO niet hebt geïnformeerd over een potentieel belangenconflict met een jurylid of een EPSO-medewerker;

g)

een schriftelijke of praktische test hebt ondertekend of hierop een onderscheidend merk hebt aangebracht, hoewel dat expliciet verboden is.

(2)

De EU-instellingen werven alleen personen aan die blijk geven van de hoogste mate van integriteit, overeenkomstig artikel 27, eerste alinea, en artikel 28, punt c), van het Statuut. In geval van fraude of poging tot fraude kan EPSO u voor een beperkte periode uitsluiten van toekomstige vergelijkende onderzoeken.

7.   Problemen en oplossingen

7.1.   Technische en organisatorische problemen

(1)

Als u in een bepaalde fase van de selectieprocedure een ernstig technisch of organisatorisch probleem ondervindt, moet u EPSO daarvan op de hoogte brengen via uw kandidaataccount.

(2)

Als u een probleem hebt in verband met uw kandidaataccount of inschrijving, moet u onmiddellijk, en in elk geval vóór de uiterste inschrijvingsdatum, contact opnemen met EPSO.

(3)

Als het probleem zich tijdens het afleggen van de tests voordoet, onderneem dan beide onderstaande stappen:

a)

meld het probleem onmiddellijk volgens de instructies in de uitnodigingsbrief voor de tests,

en

b)

neem binnen drie kalenderdagen vanaf (en inclusief) de dag die volgt op de dag waarop de test werd afgelegd, contact op met EPSO via uw kandidaataccount en geef een gedetailleerde beschrijving van het probleem. U dient tevens het bewijs te leveren dat u hebt geprobeerd het probleem op te lossen (bijvoorbeeld het nummer van het ticket van de helpdesk of technische ondersteuning, transcriptie van de chat, probleemanalyseverslag enz.). EPSO heeft deze bewijzen nodig om een onderzoek in te stellen naar de situatie. De uitnodigingsbrieven voor de tests kunnen nadere vereisten en instructies bevatten met betrekking tot het melden van problemen die zich tijdens de tests hebben voorgedaan.

Breng in alle gevallen EPSO op de hoogte van het probleem, zelfs als tijdens of na de tests gevolg is gegeven aan uw klacht.

(4)

Klachten die na het verstrijken van de in dit punt vermelde termijn worden ontvangen, worden als niet-ontvankelijk beschouwd.

(5)

Klachten over technische kwesties die worden ingediend zonder dat de in punt 5, 3), bedoelde stappen werden ondernomen, worden als niet-ontvankelijk beschouwd, tenzij u kunt aantonen dat het niet ondernemen van deze stappen het gevolg was van omstandigheden buiten uw wil of van overmacht.

(6)

Argumenten die zijn aangevoerd in het kader van de in de punten 7.2.2 en 7.3.1 bedoelde klachten en die gebaseerd zijn op vermeende technische en/of organisatorische problemen die niet overeenkomstig punt 7.1, in samenhang met punt 5, werden gemeld, worden als niet-ontvankelijk beschouwd.

7.2.   Interne heronderzoeksprocedures

7.2.1.   Klachten over meerkeuzevragen

(1)

Als u gegronde redenen hebt om aan te nemen dat een fout in een of meer van de vragen van de meerkeuzetest een negatieve invloed heeft gehad op uw vermogen om het juiste antwoord te geven, kunt u verzoeken om de vraag/vragen opnieuw te bekijken.

(2)

De jury kan besluiten deze vraag/vragen te “neutraliseren”, d.w.z. te annuleren en de oorspronkelijk aan die vraag/vragen toegekende punten te verdelen over de rest van de vragen. De herberekening vindt alleen plaats voor de kandidaten die de vraag/vragen in kwestie hebben gekregen. De scoreberekening zoals beschreven in de desbetreffende onderdelen van de aankondiging van vergelijkend onderzoek, verandert verder niet.

(3)

Procedure voor het indienen van een klacht over meerkeuzevragen:

a)

neem binnen drie kalenderdagen vanaf (en inclusief) de dag die volgt op de dag waarop de test in kwestie werd afgelegd, contact op met EPSO via uw kandidaataccount;

b)

beschrijf de betrokken vraag/vragen zo nauwkeurig mogelijk, en

c)

licht de vermeende fout toe.

(4)

Klachten die te laat worden ingediend, of waarin de betwiste vraag/vragen of de vermeende fout(en) niet worden toegelicht, worden niet in behandeling genomen. Klachten waarin enkel melding wordt gemaakt van vermeende vertaalproblemen, zonder dat het probleem duidelijk wordt omschreven, worden niet aanvaard.

(5)

Argumenten die zijn aangevoerd in het kader van de in punt 7.3.1 bedoelde klachten en die gebaseerd zijn op vermeende problemen bij meerkeuzevragen die niet overeenkomstig punt 7.2.1 werden gemeld, worden niet aanvaard.

7.2.2.   Verzoek tot heronderzoek

(1)

U kunt verzoeken om een heronderzoek van een besluit van de jury waarbij uw resultaten worden vastgesteld, waarbij wordt bepaald of u naar de volgende fase van het vergelijkend onderzoek mag doorgaan of waardoor uw rechtspositie als kandidaat op een andere manier wordt beïnvloed.

(2)

Een heronderzoeksprocedure dient om de jury de mogelijkheid geven het betwiste besluit te wijzigen als daar een reden voor is (zoals een beoordelingsfout). Tijdens deze procedure evalueert de jury haar beoordeling van de verdiensten van de kandidaat, waarna zij hetzij haar oorspronkelijke conclusies bevestigt of haar beoordeling herziet.

(3)

De jury beantwoordt geen juridische argumenten, ongeacht of deze al dan niet verband houden met de betwiste beoordeling. Argumenten van juridische aard en eisen in verband met het rechtskader van het vergelijkend onderzoek kunnen worden aangevoerd in het kader van een administratieve klacht (zie punt 7.3.1).

(4)

Het simpele feit dat u het niet eens bent met het oordeel van de jury over uw prestaties tijdens de tests, of uw onderwijskwalificaties en/of werkervaring, bewijst niet dat de jury een beoordelingsfout heeft gemaakt. De jury heeft een ruime beoordelingsmarge bij het beoordelen van de waarde van uw prestaties, onderwijskwalificaties en ervaring.

(5)

Het is niet mogelijk een verzoek tot heronderzoek in te dienen met betrekking tot de resultaten van de meerkeuzetests.

(6)

Procedure voor het indienen van een verzoek tot heronderzoek:

a)

neem binnen vijf kalenderdagen vanaf (en inclusief) de dag van de bekendmaking van het betwiste besluit in uw kandidaataccount contact op met EPSO via uw kandidaataccount;

b)

geef duidelijk aan welk besluit u wenst te betwisten en om welke redenen u dit doet.

(7)

U ontvangt een automatische ontvangstbevestiging. De jury onderzoekt het verzoek tot heronderzoek en stelt u zo snel mogelijk in kennis van haar besluit.

(8)

Verzoeken tot heronderzoek die na de in bovenvermeld punt 6), a), vermelde termijn werden ontvangen, worden als niet-ontvankelijk beschouwd en worden niet behandeld, tenzij u zich kunt beroepen op overmacht.

7.3.   Andere vormen van heronderzoek

7.3.1.   Administratieve klachten op grond van artikel 90, lid 2, van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie

(1)

U kunt een administratieve klacht indienen tegen een maatregel (een genomen of niet genomen besluit) als:

a)

u meent dat er sprake is van een schending van de voor de selectieprocedure geldende voorschriften, en

b)

het betwiste besluit nadelig is voor u, dus rechtstreeks en onmiddellijk van invloed is op uw rechtspositie als kandidaat (d.w.z. waarbij uw resultaten worden vastgesteld, waarbij wordt bepaald of u naar de volgende fase van het vergelijkend onderzoek mag doorgaan, of waardoor uw rechtspositie op een andere wijze wordt beïnvloed).

(2)

Tegen het niet nemen van een besluit kan een klacht worden ingediend in de gevallen waarin er een verplichting bestaat om binnen een in het Statuut gestelde termijn een besluit te nemen.

(3)

Als u een verzoek tot heronderzoek (zie punt 7.2.2) hebt ingediend, moet u wachten tot u hierop antwoord hebt ontvangen alvorens u een administratieve klacht kunt indienen. De termijn voor het indienen van een administratieve klacht gaat dan in op de dag waarop de jury haar besluit over het verzoek tot heronderzoek heeft meegedeeld.

(4)

Administratieve klachten worden onderzocht door de directeur van EPSO, die optreedt als tot aanstelling bevoegd gezag op grond van artikel 90, lid 2, van het Statuut.

(5)

De procedure voor administratieve klachten dient om na te gaan of het rechtskader van het vergelijkend onderzoek werd gerespecteerd. De directeur van EPSO kan een waardeoordeel van de jury niet terugdraaien. De directeur heeft geen juridische bevoegdheid om de inhoud van een besluit van de jury te wijzigen. Als de directeur van EPSO een procedurefout of een kennelijke beoordelingsfout vaststelt, wordt de zaak terugverwezen naar de jury voor een herbeoordeling.

(6)

Procedure voor het indienen van een administratieve klacht:

a)

neem contact op met EPSO via uw kandidaataccount, binnen de in artikel 90, lid 2, van het Statuut gestelde termijn, dat wil zeggen drie maanden vanaf i) de dag van de kennisgeving van het betwiste besluit, of ii) de dag waarop een dergelijk besluit had moeten worden genomen,

en

b)

geef duidelijk aan welk genomen of niet genomen besluit u wenst te betwisten en om welke redenen u dit doet.

(7)

Administratieve klachten die na de in artikel 90, lid 2, van het Statuut vermelde termijn worden ontvangen, worden als niet-ontvankelijk beschouwd.

7.3.2.   Gerechtelijk beroep

(1)

U hebt het recht een gerechtelijk beroep in te stellen bij het Gerecht op grond van artikel 270 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 91 van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.

(2)

Er kan bij het Gerecht geen beroep worden ingesteld tegen een besluit van EPSO (in tegenstelling tot een besluit van de jury) als niet eerst een administratieve klacht op grond van artikel 90, lid 2, van het Statuut is ingediend (zie punt 7.3.1).

(3)

Alle informatie over gerechtelijke beroepen is te vinden op de website van het Gerecht (9).

7.3.3.   Klachten bij de Europese Ombudsman

(1)

Alle burgers en inwoners van de EU kunnen een klacht over wanbeheer indienen bij de Europese Ombudsman.

(2)

Alvorens een klacht bij de Europese Ombudsman in te dienen, moet u eerst alle interne rechtsmiddelen van EPSO hebben uitgeput (zie de punten 7.1 en 7.2 hierboven).

(3)

Klachten bij de Europese Ombudsman hebben geen schorsende werking op de in deze regels bedoelde termijnen voor het indienen van verzoeken, klachten of gerechtelijke beroepen.

(4)

Informatie over de indiening van klachten bij de Europese Ombudsman is te vinden op deze website (10).

Einde van BIJLAGE I; klik hier om terug te gaan naar de hoofdtekst.


(1)   https://epso.europa.eu/nl/contact-us.

(2)   https://eu-careers.europa.eu/nl/documents/common-european-framework-reference-languages.

(3)   https://epso.europa.eu/nl/contact-us.

(4)   https://epso.europa.eu/nl/epso-faqs-by-category.

(5)  In het kader van dit vergelijkend onderzoek worden de termen “opleiding” en “onderwijskwalificaties” door elkaar gebruikt.

(6)  In het kader van dit vergelijkend onderzoek worden de termen “ervaring”, “beroepservaring” en “werkervaring” door elkaar gebruikt.

(7)   https://epso.europa.eu/nl.

(8)   https://eu-careers.europa.eu/nl.

(9)   https://curia.europa.eu/jcms/.

(10)   https://www.ombudsman.europa.eu/nl/home.


BIJLAGE II

Taken

Vakgebied 1 — Directe belastingen, inclusief belastingrecht

1.

Het ontwikkelen van beleid en wetgeving op het gebied van directe belastingen, en/of

2.

het uitvoeren, monitoren en evalueren van bestaand beleid en bestaande wetgeving op het gebied van directe belastingen, met inbegrip van de handhaving van EU-regels inzake directe belastingen, en/of

3.

het beoordelen van de belastingwetgeving in de EU-lidstaten en rechtsgebieden van derde landen uit het oogpunt van goed fiscaal bestuur en conformiteit met het EU-recht en het internationaal recht, en/of

4.

het onderzoeken van aanvragen, klachten, parlementaire vragen en verzoekschriften op het gebied van directe belastingen, en/of

5.

het opstellen van juridische adviezen, overwegingen en processtukken voor gerechtelijke en arbitrageprocedures, met inbegrip van procedures bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, en/of

6.

het voorbereiden en beheren van inbreukprocedures op het gebied van directe belastingen, en/of

7.

het handhaven van staatssteunregels op het gebied van directe belastingen, en/of

8.

het faciliteren van de uitwisseling van informatie en administratieve samenwerking door wetgevingsvoorstellen op te stellen, de werkzaamheden van de belastingdiensten van de lidstaten te coördineren, richtsnoeren te verstrekken en te zorgen voor de uitwisseling van beste praktijken, het toezicht houden op de ontwikkeling van en het waarborgen van de beleidscoherentie van IT-instrumenten voor de uitvoering van de wettelijke bepalingen, in nauwe samenwerking met andere diensten van de Europese Commissie en de lidstaten, en/of

9.

het uitoefenen van taken met betrekking tot coördinatie, onderhandelingen en vertegenwoordiging, ook op internationaal niveau, op het gebied van directe belastingen, en/of

10.

het verrichten van politieke/beleids-, juridische of wetenschappelijke analyses en verstrekken van advies op het gebied van directe belastingen. Dit omvat het onderhouden van contacten met deskundigen en/of comités en het vertalen van wetenschappelijke en technische analyses in relevante beleids-, juridische en/of operationele maatregelen, en/of

11.

het beheer van begrotings- en/of financiële aspecten en het beheer van projecten op het gebied van directe belastingen.

Vakgebied 2 — Indirecte belastingen, inclusief belastingrecht

1.

Het ontwikkelen van beleid en wetgeving op het gebied van indirecte belastingen, en/of

2.

het uitvoeren, toepassen, monitoren en evalueren van bestaand beleid en bestaande wetgeving op het gebied van indirecte belastingen, met inbegrip van de handhaving van EU-regels inzake indirecte belastingen, en/of

3.

het onderzoeken van aanvragen, klachten, parlementaire vragen en verzoekschriften op het gebied van indirecte belastingen, en/of

4.

het opstellen van juridische adviezen en overwegingen voor en het beheer van inbreukprocedures op het gebied van indirecte belastingen, en/of

5.

het handhaven van staatssteunregels op het gebied van indirecte belastingen, en/of

6.

het plannen, uitvoeren en opvolgen van inspecties van de eigen middelen op basis van de btw in de lidstaten, en het uitvoeren van andere taken in verband met de inspectie, en/of

7.

het uitoefenen van taken met betrekking tot coördinatie, onderhandelingen en vertegenwoordiging, ook op internationaal niveau, op het gebied van indirecte belastingen, en/of

8.

het verrichten van politieke/beleids-, juridische of wetenschappelijke analyses en verstrekken van advies op het gebied van indirecte belastingen. Dit omvat het onderhouden van contacten met deskundigen en/of comités en het vertalen van wetenschappelijke en technische analyses in relevante beleids-, juridische en/of operationele maatregelen, en/of

9.

het beheer van begrotings- en/of financiële en/of boekhoudkundige aspecten en het beheer van projecten op het gebied van indirecte belastingen.

Einde van BIJLAGE II; klik hier om terug te gaan naar de hoofdtekst.


BIJLAGE III

Voorbeelden van minimumkwalificaties

(Voorbeelden van minimumkwalificaties voor elke lidstaat en het Verenigd Koninkrijk en per rang die in beginsel overeenkomen met de volgens de aankondigingen van vergelijkend onderzoek vereiste kwalificatie)

Klik hier voor een gemakkelijk leesbare versie van deze voorbeelden.

 

AST-SC1 tot en met AST-SC6

AST1 tot en met AST7

AST3 tot en met AST11

AD5 tot en met AD16

LAND

Secundair onderwijs (dat toegang geeft tot hoger onderwijs)

Hoger onderwijs (niet-universitair postsecundair onderwijs of korte universitaire opleiding van ten minste twee jaar)

Universitair onderwijs (of daarmee overeenkomend niveau) (van ten minste drie jaar)

Universitair onderwijs (of daarmee overeenkomend niveau) (van vier jaar of meer)

Belgique — België — Belgien

Certificat de l’enseignement secondaire supérieur (CESS)/Diploma secundair onderwijs

Diplôme d'aptitude à accéder à l'enseignement supérieur (DAES)/Getuigschrift van hoger secundair onderwijs

Diplôme d'enseignement professionnel/Getuigschrift van het beroepssecundair onderwijs

Candidature/Kandidaat

Graduat/Gegradueerde

Bachelor/Professioneel gerichte Bachelor

Bachelor académique (180 crédits)

Academisch gerichte Bachelor (180 ECTS)

Licence/Licentiaat

Master

Diplôme d'études approfondies (DEA)

Diplôme d'études spécialisées (DES)

Diplôme d'études supérieures spécialisées (DESS)

Gediplomeerde in de Voortgezette Studies (GVS)

Gediplomeerde in de Gespecialiseerde Studies (GGS)

Gediplomeerde in de Aanvullende Studies (GAS)

Agrégation/Aggregaat

Ingénieur industriel/Industrieel ingenieur

Doctorat/Doctoraal diploma

България

Диплома за завършено средно образование

Специалист по …

 

Диплома за висше образование

Бакалавър

Магистър

Česko

Vysvědčení o maturitní zkoušce

Vysvědčení o absolutoriu (Absolutorium) + diplomovaný specialista (DiS.)

Diplom o ukončení bakalářského studia (Bakalář)

Diplom o ukončení vysokoškolského studia

Magistr

Doktor

Danmark

Bevis for:

Studentereksamen

Højere Forberedelseseksamen (HF)

Højere Handelseksamen (HHX)

Højere Afgangseksamen (HA)

Bac pro: Bevis for Højere Teknisk Eksamen (HTX)

Videregående uddannelser

= Bevis for = Eksamensbevis som (erhvervsakademiuddannelse AK)

Bachelorgrad (BA eller BS)

Professionsbachelorgrad

Diplomingeniør

Kandidatgrad/Candidatus

Master/Magistergrad (mag.art)

Licenciatgrad

ph.d.-grad

Deutschland

Abitur/Zeugnis der allgemeinen Hochschulreife

Fachabitur/Zeugnis der Fachhochschulreife

 

Fachhochschulabschluss

Bachelor

Hochschulabschluss/Fachhochschulabschluss/Master

Magister Artium/Magistra Artium

Staatsexamen/Diplom

Erstes Juristisches Staatsexamen

Doktorgrad

Eesti

Gümnaasiumi lõputunnistus + riigieksamitunnistus

Lõputunnistus kutsekeskhariduse omandamise kohta

Tunnistus keskhariduse baasil kutsekeskhariduse omandamise kohta

Bakalaureusekraad (min 120 ainepunkti)

Bakalaureusekraad (< 160 ainepunkti)

Rakenduskõrghariduse diplom

Bakalaureusekraad (160 ainepunkti)

Magistrikraad

Arstikraad

Hambaarstikraad

Loomaarstikraad

Filosoofiadoktor

Doktorikraad (120–160 ainepunkti)

Éire/Ireland

Ardteistiméireacht, Grád D3, I 5 ábhar/Leaving Certificate Grade D3 in 5 subjects

Gairmchlár na hArdteistiméireachta (GCAT)/Leaving Certificate Vocational Programme (LCVP)

Teastas Náisiúnta/National Certificate

Gnáthchéim bhaitsiléara/Ordinary bachelor degree

Dioplóma náisiúnta (ND, Dip.)/National diploma (ND, Dip.)

Ardteastas (120 ECTS)/Higher Certificate (120 ECTS)

Céim onóracha bhaitsiléara (3 bliana/180 ECTS) (BA, B.Sc, B.Eng)/Honours bachelor degree (3 years/180 ECTS) (BA, B.Sc, B.Eng)

Céim onóracha bhaitsiléara (4 bliana/240 ECTS)/Honours bachelor degree (4 years/240 ECTS)

Céim ollscoile/University degree

Céim mháistir (60-120 ECTS)/Master’s degree (60-120 ECTS)

Dochtúireacht/Doctorate

Ελλάδα

Απολυτήριο Γενικού Λυκείου Απολυτήριο Κλασικού Λυκείου

Απολυτήριο Τεχνικού Επαγγελματικού Λυκείου

Απολυτήριο Ενιαίου Πολυκλαδικού Λυκείου

Απολυτήριο Ενιαίου Λυκείου

Απολυτήριο Τεχνολογικού Επαγγελματικού Εκπαιδευτηρίου

Δίπλωμα επαγγελματικής κατάρτισης (IΕΚ)

 

Πτυχίο ΑΕI (πανεπιστημίου, πολυτεχνείου, ΤΕI)

Μεταπτυχιακό Δίπλωμα Ειδίκευσης (2ος κύκλος)

Διδακτορικό Δίπλωμα (3ος κύκλος)

España

Bachillerato + Curso de Orientación Universitaria (COU)

Bachillerato

BUP

Diploma de Técnico especialista

FP grado superior (Técnico superior)

Diplomado/Ingeniero técnico

Licenciatura

Máster

Ingeniero

Título de Doctor

France

Baccalauréat

Diplôme d'accès aux études universitaires (DAEU)

Brevet de technicien

Diplôme d'études universitaires générales (DEUG)

Brevet de technicien supérieur (BTS)

Diplôme universitaire de technologie (DUT)

Diplôme d'études universitaires scientifiques et techniques (DEUST)

Licence

Maîtrise

Maîtrise des sciences et techniques (MST), maîtrise des sciences de gestion (MSG), diplôme d'études supérieures techniques (DEST), diplôme de recherche technologique (DRT), diplôme d'études supérieures spécialisées (DESS), diplôme d'études approfondies (DEA), master 1, master 2 professionnel, master 2 recherche

Diplôme des grandes écoles

Diplôme d'ingénieur

Doctorat

Hrvatska

Svjedodžba o državnoj maturi

Svjedodžba o završnom ispitu

Stručni pristupnik/pristupnica

Baccalaureus/Baccalaurea (sveučilišni prvostupnik/prvostupnica)

Baccalaureus/Baccalaurea (sveučilišni prvostupnik/prvostupnica)

Stručni specijalist

Magistar struke

Magistar inženjer/magistrica inženjerka (mag. ing)

Doktor struke

Doktor umjetnosti

Italia

Diploma di maturità (vecchio ordinamento)

Perito ragioniere

Diploma di superamento dell’esame di Stato conclusivo dei corsi di studio di istruzione secondaria superiore

Diploma universitario (DU)

Certificato di specializzazione tecnica superiore

Attestato di competenza (4 semestri)

Diploma di laurea – L (breve)

Diploma di laurea (DL)

Laurea specialistica (LS)

Master di I livello

Dottorato di ricerca (DR)

Κύπρος

Απολυτήριο

Δίπλωμα = Programmes offered by Public/Private Schools of Higher Education (for the latter accreditation is compulsory)

Higher Diploma

 

Πανεπιστημιακό Πτυχίο/Bachelor

Master

Doctorat

Latvija

Atestāts par vispārējo vidējo izglītību

Diploms par profesionālo vidējo izglītību

Diploms par pirmā līmeņa profesionālo augstāko izglītību

Bakalaura diploms (min. 120 kredītpunktu)

Bakalaura diploms (160 kredītpunktu)

Profesionālā bakalaura diploms

Maģistra diploms

Profesionālā maģistra diploms

Doktora grāds

Lietuva

Brandos atestatas

Aukštojo mokslo diplomas

Aukštesniojo mokslo diplomas

Profesinio bakalauro diplomas

Aukštojo mokslo diplomas

Aukštojo mokslo diplomas

Bakalauro diplomas

Magistro diplomas

Daktaro diplomas

Meno licenciato diplomas

Luxembourg

Diplôme de fin d’études secondaires et techniques

BTS

Brevet de maîtrise

Brevet de technicien supérieur

Diplôme de premier cycle universitaire (DPCU)

Diplôme universitaire de technologie (DUT)

Bachelor

Diplôme d'ingénieur technicien

Master

Diplôme d'ingénieur industriel

DESS en droit européen

Magyarország

Gimnáziumi érettségi bizonyítvány

Szakközépiskolai érettségi-képesítő bizonyítvány

Felsőfokú szakképesítést igazoló bizonyítvány (Higher Vocational Programme)

Főiskolai oklevél

Alapfokozat (Bachelor degree 180 credits)

Egyetemi oklevél

Alapfokozat (Bachelor degree 240 credits)

Mesterfokozat (Master degree) (Osztatlan mesterképzés)

Doktori fokozat

Malta

Advanced Matriculation or GCE Advanced level in 3 subjects (2 of them grade C or higher)

Matriculation certificate (2 subjects at Advanced level and 4 at Intermediate level including Systems of Knowledge with overall grade A-C) + Passes in the Secondary Education Certificate examination at Grade 5

2 A Levels (passes A-C) + a number of subjects at Ordinary level, or equivalent

MCAST diplomas/certificates

Higher National Diploma

Bachelor’s degree

Bachelor’s degree

Master of Arts

Doctorate

Nederland

Diploma VWO

Diploma staatsexamen (2 diploma's)

Diploma staatsexamen voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (Diploma staatsexamen VWO)

Diploma staatsexamen hoger algemeen voortgezet onderwijs (Diploma staatsexamen HAVO)

Kandidaatsexamen

Associate degree (AD)

Bachelor (WO)

HBO bachelor degree

Baccalaureus of “Ingenieur”

HBO/WO Master's degree

Doctoraal examen/Doctoraat

Österreich

Matura/Reifeprüfung

Reife- und Diplomprüfung

Berufsreifeprüfung

Kollegdiplom/Akademiediplom

Fachhochschuldiplom/Bakkalaureus/Bakkalaurea

Universitätsdiplom

Fachhochschuldiplom

Magister/Magistra

Master

Diplomprüfung, Diplom-Ingenieur

Magisterprüfungszeugnis Rigorosenzeugnis

Doktortitel

Polska

Świadectwo dojrzałości

Świadectwo ukończenia liceum ogólnokształcącego

Dyplom ukończenia kolegium nauczycielskiego

Świadectwo ukończenia szkoły policealnej

Licencjat/Inżynier

Magister/Magister inżynier

Dyplom doktora

Portugal

Diploma de Ensino Secundário

Certificado de Habilitações do Ensino Secundário

 

Bacharel Licenciado

Licenciado

Mestre

Doutorado

România

Diplomă de bacalaureat

Diplomă de absolvire (colegiu universitar)

Învățământ preuniversitar

Diplomă de licenţă

Diplomă de licenţă

Diplomă de inginer

Diplomă de urbanist

Diplomă de master

Certificat de atestare (studii academice postuniversitare)

Diplomă de doctor

Slovenija

Maturitetno spričevalo (spričevalo o poklicni maturi) (spričevalo o zaključnem izpitu)

Diploma višje strokovne šole

Diploma o pridobljeni visoki strokovni izobrazbi

Univerzitetna diploma

Magisterij

Specializacija

Doktorat

Slovensko

Vysvedčenie o maturitnej skúške

Absolventský diplom

Diplom o ukončení bakalárskeho štúdia (Bakalár)

Diplom o ukončení vysokoškolského štúdia

Bakalár (Bc.)

Magister

Magister/Inžinier

ArtD.

Suomi/Finland

Ylioppilastutkinto tai peruskoulu + kolmen vuoden ammatillinen koulutus – Studentexamen eller grundskola + treårig yrkesinriktad utbildning

Todistus yhdistelmäopinnoista (Betyg över kombinationsstudier)

Ammatillinen opistoasteen tutkinto – Yrkesexamen på institutnivå

Kandidaatin tutkinto – Kandidatexamen/Ammattikorkeakoulututkinto – Yrkeshögskoleexamen (min. 120 opintoviikkoa – studieveckor)

Maisterin tutkinto – Magisterexamen/Ammattikorkeakoulututkinto – Yrkeshögskoleexamen (min. 160 opintoviikkoa – studieveckor)

Tohtorin tutkinto (Doktorsexamen) joko 4 vuotta tai 2 vuotta lisensiaatin tutkinnon jälkeen – antingen 4 år eller 2 år efter licentiatexamen

Lisensiaatti/Licentiat

Sverige

Slutbetyg från gymnasieskolan (3-årig gymnasial utbildning)

Högskoleexamen (80 poäng)

Högskoleexamen, 2 år, 120 högskolepoäng

Yrkeshögskoleexamen/Kvalificerad yrkeshögskoleexamen, 1–3 år

Kandidatexamen (akademisk examen omfattande minst 120 poäng, varav 60 poäng fördjupade studier i ett ämne + uppsats motsvarande 10 poäng)

Meriter på grundnivå: Kandidatexamen, 3 år, 180 högskolepoäng (Bachelor)

Magisterexamen (akademisk examen omfattande minst 160 poäng, varav 80 poäng fördjupade studier i ett ämne + uppsats motsvarande 20 poäng eller två uppsatser motsvarande 10 poäng vardera)

Licentiatexamen

Doktorsexamen

Meriter på avancerad nivå:

Magisterexamen, 1 år, 60 högskolepoäng

Masterexamen, 2 år, 120 högskolepoäng

Meriter på forskarnivå:

Licentiatexamen, 2 år, 120 högskolepoäng

Doktorsexamen, 4 år, 240 högskolepoäng

United Kingdom

General Certificate of Education Advanced level — 2 passes or equivalent (grades A to E)

BTEC National Diploma

General National Vocational Qualification (GNVQ), advanced level

Advanced Vocational Certificate of Education, A level (VCE A level)

Higher National Diploma/Certificate (BTEC)/SCOTVEC

Diploma of Higher Education (DipHE)

National Vocational Qualifications (NVQ)

Scottish Vocational Qualifications (SVQ) level 4

(Honours) Bachelor degree

NB: Master’s degree in Scotland

Honours Bachelor degree

Master’s degree (MA, MB, MEng, MPhil, MSc)

Doctorate

NOTE:

UK diplomas awarded in 2020 (until 31 December 2020) are accepted without an equivalence. UK diplomas awarded as from 1 January 2021 must be accompanied by an equivalence issued by a competent authority of an EU Member State.

Einde van BIJLAGE III; klik hier om terug te gaan naar de hoofdtekst.


ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2025/203/oj

ISSN 1977-0995 (electronic edition)