|
Publicatieblad |
NL Serie C |
|
C/2023/1330 |
22.12.2023 |
Advies van het Europees Comité van de Regio’s over het pakket consumentenbescherming
(C/2023/1330)
|
I. AANBEVELINGEN VOOR WIJZIGINGEN
Wijzigingsvoorstel 1
Overweging 3
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
Om het voortijdig weggooien van levensvatbare goederen die door consumenten zijn gekocht tegen te gaan en om consumenten aan te moedigen hun goederen langer te gebruiken, is het noodzakelijk regels vast te stellen voor de reparatie van dergelijke goederen. Reparatie zou moeten leiden tot een duurzamere consumptie, aangezien reparatie waarschijnlijk leidt tot minder afval veroorzaakt door weggegooide goederen, minder vraag naar grondstoffen, waaronder energie, veroorzaakt door het fabricageproces en de verkoop van nieuwe goederen die defecte goederen vervangen, en minder uitstoot van broeikasgassen. Deze richtlijn bevordert duurzame consumptie met het oog op het behalen van voordelen voor het milieu en levert tegelijkertijd voordelen op voor de consument, door kosten in verband met nieuwe aankopen op korte termijn te vermijden. |
Om het voortijdig weggooien van levensvatbare goederen die door consumenten zijn gekocht tegen te gaan en om consumenten aan te moedigen hun goederen langer te gebruiken, is het noodzakelijk regels vast te stellen voor de reparatie van dergelijke goederen. Reparatie zou moeten leiden tot een duurzamere consumptie, aangezien reparatie waarschijnlijk leidt tot minder afval veroorzaakt door weggegooide goederen, minder vraag naar grondstoffen, waaronder energie, veroorzaakt door het fabricageproces en de verkoop van nieuwe goederen die defecte goederen vervangen, en minder uitstoot van broeikasgassen. Deze richtlijn bevordert duurzame consumptie met het oog op het behalen van voordelen voor het milieu en levert tegelijkertijd voordelen op voor de consument, door kosten in verband met nieuwe aankopen op korte termijn te vermijden en ertoe bij te dragen dat reparatie goedkoper is dan vervanging . |
Wijzigingsvoorstel 2
Overweging 14
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
De vereisten die zijn vastgesteld in gedelegeerde handelingen die zijn vastgesteld op grond van Verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten] of de uitvoeringsmaatregelen die zijn vastgesteld op grond van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad, volgens welke producenten toegang moeten bieden tot reserveonderdelen, reparatie- en onderhoudsinformatie of reparatiegerelateerde softwaretools, firmware of vergelijkbare hulpmiddelen, zijn van toepassing. Deze vereisten zorgen ervoor dat de reparatie technisch haalbaar is, niet alleen door de producent, maar ook door andere reparateurs. Hierdoor kan de consument een reparateur naar keuze kiezen. |
De vereisten die zijn vastgesteld in gedelegeerde handelingen die zijn vastgesteld op grond van Verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten] of de uitvoeringsmaatregelen die zijn vastgesteld op grond van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad, volgens welke producenten toegang moeten bieden tot reserveonderdelen, reparatie- en onderhoudsinformatie of reparatiegerelateerde softwaretools, firmware of vergelijkbare hulpmiddelen, zijn van toepassing. Deze vereisten zorgen ervoor dat de reparatie technisch haalbaar is, niet alleen door de producent, maar ook door andere reparateurs , inclusief onafhankelijke reparateurs . Hierdoor kan de consument een reparateur naar keuze kiezen. In dit verband moet de richtlijn ervoor zorgen dat iedereen die actief is in de reparatiesector voor een redelijke en niet-discriminerende prijs reserveonderdelen kan aanschaffen en toegang heeft tot reparatie- en onderhoudsinformatie en diagnose-instrumenten die nodig zijn om reparaties uit te voeren, of het nu om hardware of software gaat. |
Motivering
Komt de rechten van consumenten ten goede.
Wijzigingsvoorstel 3
Overweging 16
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
Om te voorkomen dat producenten te zwaar worden belast en om ervoor te zorgen dat zij hun reparatieverplichting kunnen nakomen, moet die verplichting worden beperkt tot de producten waarvoor in de rechtshandelingen van de Unie repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld en zulks binnen de grenzen van die vereisten. De repareerbaarheidsvereisten verplichten producenten niet om defecte goederen te repareren, maar zorgen ervoor dat goederen repareerbaar zijn. Dergelijke repareerbaarheidsvereisten kunnen zijn vastgelegd in relevante rechtshandelingen van de Unie. Voorbeelden zijn de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen op grond van de verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten] of de uitvoeringsmaatregelen die zijn vastgesteld op grond van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad (1), die een kader creëren om de ecologische duurzaamheid van producten te verbeteren. Deze beperking van de reparatieverplichting zorgt ervoor dat alleen goederen met een repareerbaar ontwerp aan een dergelijke verplichting zijn onderworpen. De relevante repareerbaarheidsvereisten hebben onder meer betrekking op ontwerpvereisten die de mogelijkheid vergroten om de goederen te demonteren en op een reeks reserveonderdelen die gedurende een minimumperiode beschikbaar moeten worden gesteld. De reparatieverplichting stemt overeen met het toepassingsgebied van de repareerbaarheidsvereisten; de vereisten inzake ecologisch ontwerp kunnen bijvoorbeeld alleen van toepassing zijn op bepaalde onderdelen van de goederen of er kan een specifieke periode worden vastgesteld waarin reserveonderdelen beschikbaar moeten worden gesteld. De reparatieverplichting uit hoofde van deze richtlijn, die consumenten in staat stelt om in de fase na de verkoop rechtstreeks bij de producent een reparatie te claimen, vormt een aanvulling op de gerelateerde repareerbaarheidsvereisten aan de aanbodzijde zoals vastgesteld in Verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten], waardoor de vraag van de consument naar reparatie wordt gestimuleerd. |
Om te voorkomen dat producenten te zwaar worden belast en om ervoor te zorgen dat zij hun reparatieverplichting kunnen nakomen, moet die verplichting worden beperkt tot de producten waarvoor in de rechtshandelingen van de Unie repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld en zulks binnen de grenzen van die vereisten. De repareerbaarheidsvereisten verplichten producenten niet om defecte goederen te repareren, maar zorgen ervoor dat goederen repareerbaar zijn. Dergelijke repareerbaarheidsvereisten kunnen zijn vastgelegd in relevante rechtshandelingen van de Unie. Voorbeelden zijn de gedelegeerde handelingen die zijn aangenomen op grond van de verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten] of de uitvoeringsmaatregelen die zijn vastgesteld op grond van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad (1), die een kader creëren om de ecologische duurzaamheid van producten te verbeteren. Deze beperking van de reparatieverplichting zorgt ervoor dat alleen goederen met een repareerbaar ontwerp aan een dergelijke verplichting zijn onderworpen. Dit moet worden gevolgd door een uitbreiding van de wettelijke garantie om rekening te houden met de langere gebruiksduur van producten. De relevante repareerbaarheidsvereisten hebben onder meer betrekking op ontwerpvereisten die de mogelijkheid vergroten om de goederen te demonteren en op een reeks reserveonderdelen die gedurende een bepaalde minimumperiode beschikbaar moeten worden gesteld. De reparatieverplichting stemt overeen met het toepassingsgebied van de repareerbaarheidsvereisten; de vereisten inzake ecologisch ontwerp kunnen bijvoorbeeld alleen van toepassing zijn op bepaalde onderdelen van de goederen of er kan een specifieke periode worden vastgesteld waarin reserveonderdelen beschikbaar moeten worden gesteld. De reparatieverplichting uit hoofde van deze richtlijn, die consumenten in staat stelt om in de fase na de verkoop rechtstreeks bij de producent een reparatie te claimen, vormt een aanvulling op de gerelateerde repareerbaarheidsvereisten aan de aanbodzijde zoals vastgesteld in Verordening [inzake het ecologisch ontwerp voor duurzame producten], waardoor de vraag van de consument naar reparatie wordt gestimuleerd. |
Motivering
Uitbreiding van de wettelijke garantie op producten en zorgen voor minimale reparatietermijnen.
Wijzigingsvoorstel 4
Artikel 2
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
2) “reparateur”: elke natuurlijke of rechtspersoon die, in verband met zijn handels-, bedrijfs-, ambachts- of beroepsactiviteit, een reparatiedienst verleent, met inbegrip van producenten en verkopers die reparatiediensten verlenen en verleners van reparatiediensten, ongeacht of ze onafhankelijk dan wel verbonden zijn met dergelijke producenten of verkopers; |
2) “reparateur”: elke natuurlijke of rechtspersoon die, in verband met zijn handels-, bedrijfs-, ambachts- of beroepsactiviteit, een reparatiedienst verleent, met inbegrip van producenten en verkopers die reparatiediensten verlenen en verleners van reparatiediensten, ongeacht of ze onafhankelijk dan wel verbonden zijn met dergelijke producenten of verkopers , en ongeacht of ze commerciële dan wel non-profitactiviteiten uitoefenen ; |
Motivering
Om het bestaan en het belang van marktdeelnemers zonder winstoogmerk op het gebied van reparatie te benadrukken.
Wijzigingsvoorstel 5
Artikel 4
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
4. f) de geschatte tijd die nodig is om de reparatie te voltooien; |
4. f) de geschatte maximale tijd die nodig is om de reparatie te voltooien; |
Motivering
Grenzen aan de tijd.
Wijzigingsvoorstel 6
Artikel 5
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
1. De lidstaten zorgen ervoor dat de producent op verzoek van de consument kosteloos, tegen betaling van een prijs of tegen een andere tegenprestatie goederen repareert waarvoor repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld in de in bijlage II vermelde rechtshandelingen van de Unie en zulks binnen de grenzen van die vereisten. De producent is niet verplicht dergelijke goederen te repareren wanneer reparatie onmogelijk is. De producent kan de reparatie uitbesteden om te voldoen aan zijn reparatieverplichting. |
1. De lidstaten zorgen ervoor dat de producent op verzoek van de consument kosteloos, tegen betaling van een prijs of tegen een andere tegenprestatie goederen repareert waarvoor repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld in de in bijlage II vermelde rechtshandelingen van de Unie en zulks binnen de grenzen van die vereisten. De lidstaten en de Europese instellingen bevorderen en zorgen ervoor dat in overheidsopdrachten voor leveringen en werken uitdrukkelijk repareerbaarheidsvereisten worden opgenomen. De producent is niet verplicht dergelijke goederen te repareren wanneer reparatie onmogelijk is. De producent kan de reparatie uitbesteden om te voldoen aan zijn reparatieverplichting. |
|
2. Wanneer de producent die op grond van lid 1 tot reparatie verplicht is, buiten de Unie is gevestigd, komt zijn gemachtigde vertegenwoordiger in de Unie de verplichting van de producent na. Wanneer de producent geen gemachtigde vertegenwoordiger in de Unie heeft, komt de importeur van het betrokken goed de verplichting van de producent na. Indien er geen importeur is, komt de distributeur van het betrokken goed de verplichting van de producent na. |
2. Wanneer de producent die op grond van lid 1 tot reparatie verplicht is, buiten de Unie is gevestigd, komt zijn gemachtigde vertegenwoordiger in de Unie de verplichting van de producent na. Wanneer de producent geen gemachtigde vertegenwoordiger in de Unie heeft, komt de importeur van het betrokken goed de verplichting van de producent na. Indien er geen importeur is, komt de distributeur van het betrokken goed de verplichting van de producent na. |
|
3. De producenten zorgen ervoor dat onafhankelijke reparateurs toegang hebben tot reserveonderdelen en reparatiegerelateerde informatie en instrumenten overeenkomstig de in bijlage II vermelde rechtshandelingen van de Unie. |
3. De producenten zorgen ervoor dat onafhankelijke reparateurs toegang hebben tot reserveonderdelen en reparatiegerelateerde informatie en instrumenten overeenkomstig de in bijlage II vermelde rechtshandelingen van de Unie. |
|
4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 15 gedelegeerde handelingen vast te stellen om bijlage II te wijzigen door de lijst van rechtshandelingen van de Unie waarin repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld, bij te werken in het licht van de ontwikkelingen in de wetgeving. |
4 . Er moet meer worden gerepareerd om de invoer van vergelijkbare goederen te verminderen. |
|
|
5. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 15 gedelegeerde handelingen vast te stellen om bijlage II te wijzigen door de lijst van rechtshandelingen van de Unie waarin repareerbaarheidsvereisten zijn vastgesteld, bij te werken in het licht van de ontwikkelingen in de wetgeving. |
Motivering
De voorschriften moeten uitdrukkelijk voorzien in het geval van overheidsopdrachten voor leveringen en voor openbare werken. De gemeenschappelijke EU-voorschriften moeten uitdrukkelijk de repareerbaarheid van producten bevorderen en dit soort eisen als positief erkennen.
Wijzigingsvoorstel 7
Nieuw artikel 9
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
||
|
|
Wijziging van Richtlijn (EU) 2019/771 Onder “Commerciële garanties” wordt de volgende tekst toegevoegd:
|
Motivering
Dit zou te veel rompslomp voor met name kleine en middelgrote ondernemingen opleveren.
Wijzigingsvoorstel 8
Artikel 12
COM(2023) 155 final — Deel 1
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
Aan artikel 13, lid 2, van Verordening (EU) 2019/771 wordt de volgende zin toegevoegd: “In afwijking van de eerste zin van dit lid herstelt de verkoper, indien de kosten voor vervanging gelijk zijn aan of hoger zijn dan de herstellingskosten, de goederen om deze goederen in conformiteit te brengen.” |
Aan artikel 13, lid 2, van Verordening (EU) 2019/771 wordt de volgende zin toegevoegd: “In afwijking van de eerste zin van dit lid herstelt de verkoper, indien de kosten voor vervanging gelijk zijn aan of hoger zijn dan de bewezen herstellingskosten, de goederen om deze goederen in conformiteit te brengen.” |
Motivering
Om de hoogste bewijsstandaard vast te stellen.
Wijzigingsvoorstel 9
Overweging 32
COM(2023) 166 final
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
Aanbeveling (EU) 2021/2279 van de Commissie bevat richtsnoeren voor het meten van de milieuprestatie van specifieke producten of organisaties gedurende hun levenscyclus en voor de ontwikkeling van regels voor de milieuvoetafdruk van een productcategorie (PEFCR’s) en regels voor de milieuvoetafdruk van een organisatiesector (OEFSR’s) die het mogelijk maken producten met een benchmark te vergelijken. Dergelijke regels per categorie voor specifieke producten of handelaren kunnen worden gebruikt ter ondersteuning van de staving van claims overeenkomstig de vereisten van deze richtlijn. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen om gedelegeerde handelingen vast te stellen om in regels voor productgroepen of specifieke sectoren te voorzien als dit een toegevoegde waarde heeft. Indien de milieuvoetafdrukmethode voor producten echter een voor een productgroep relevante effectcategorie nog niet omvat, mogen de PEFCR’s pas worden vastgesteld nadat deze nieuwe relevante milieueffectcategorieën zijn toegevoegd. Wat de mariene visserij betreft, moeten de PEFCR’s bijvoorbeeld de visserijspecifieke milieueffectcategorieën omvatten, met name de duurzaamheid van het doelbestand. Wat ruimtevaart betreft, moeten de PEFCR’s de defensie- en ruimtevaartspecifieke milieueffectcategorieën omvatten, waaronder het gebruik van omloopbanen. Wat levensmiddelen en landbouwproducten betreft, moeten bijvoorbeeld ook biodiversiteit en natuurbescherming evenals landbouwpraktijken, met inbegrip van de positieve externe effecten van extensieve landbouw en dierenwelzijn, worden geïntegreerd voordat de vaststelling van PEFCR’s kan worden overwogen. Wat textiel betreft, moeten de PEFCR’s bijvoorbeeld het vrijkomen van microplastics omvatten voordat de vaststelling van PEFCR’s kan worden overwogen. |
Aanbeveling (EU) 2021/2279 van de Commissie bevat richtsnoeren voor het meten van de milieuprestatie van specifieke producten of organisaties gedurende hun levenscyclus en voor de ontwikkeling van regels voor de milieuvoetafdruk van een productcategorie (PEFCR’s) en regels voor de milieuvoetafdruk van een organisatiesector (OEFSR’s) die het mogelijk maken producten met een benchmark te vergelijken. Dergelijke regels per categorie voor specifieke producten of handelaren kunnen worden gebruikt ter ondersteuning van de staving van claims overeenkomstig de vereisten van deze richtlijn. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen om gedelegeerde handelingen vast te stellen om in regels voor productgroepen of specifieke sectoren te voorzien als dit een toegevoegde waarde heeft. Indien de milieuvoetafdrukmethode voor producten echter een voor een productgroep relevante effectcategorie nog niet omvat, mogen de PEFCR’s pas worden vastgesteld nadat deze nieuwe relevante milieueffectcategorieën zijn toegevoegd. Wat de mariene visserij betreft, moeten de PEFCR’s bijvoorbeeld de visserijspecifieke milieueffectcategorieën omvatten, met name de duurzaamheid van het doelbestand. Wat ruimtevaart betreft, moeten de PEFCR’s de defensie- en ruimtevaartspecifieke milieueffectcategorieën omvatten, waaronder het gebruik van omloopbanen. Wat levensmiddelen en landbouwproducten betreft, moeten bijvoorbeeld ook biodiversiteit en natuurbescherming evenals landbouwpraktijken, met inbegrip van de positieve externe effecten van extensieve landbouw en dierenwelzijn, worden geïntegreerd voordat de vaststelling van PEFCR’s kan worden overwogen. Wat textiel betreft, moeten de PEFCR’s bijvoorbeeld het vrijkomen van microplastics omvatten voordat de vaststelling van PEFCR’s kan worden overwogen. Doel moet zijn om van de milieuvoetafdrukmethode voor producten de aangewezen en gevestigde berekeningsmethode te maken. |
Motivering
Vermindering van het aantal en het gebruik van verschillende methodes in levenscyclusanalyses.
Wijzigingsvoorstel 10
Overweging 35
COM(2023) 166 final
|
Door de Europese Commissie voorgestelde tekst |
Wijzigingsvoorstel van het CvdR |
|
Om het voor de consument gemakkelijker te maken om voor duurzame producten te kiezen en om handelaren ertoe aan te zetten hun milieueffecten te verkleinen, moet de claim, als deze betrekking heeft op toekomstige milieuprestaties, in de eerste plaats gebaseerd zijn op verbeteringen binnen de eigen activiteiten en waardeketens van de handelaar in plaats van op compensaties voor broeikasgasemissies of andere milieueffecten. |
Om het voor de consument gemakkelijker te maken om voor duurzame producten te kiezen en om handelaren ertoe aan te zetten hun milieueffecten te verkleinen, moet de claim, als deze betrekking heeft op toekomstige milieuprestaties, in de eerste plaats gebaseerd zijn op verbeteringen binnen de eigen activiteiten en waardeketens van de handelaar in plaats van op compensaties voor broeikasgasemissies of andere milieueffecten. Claims dat producten koolstofneutraal zijn, kunnen niet als geldig worden beschouwd wanneer ze zijn gebaseerd op compensaties. |
Motivering
Voorkomen dat het predicaat “koolstofneutraal” te vaak wordt gebruikt, maar de waarde ervan vergroten.
II. BELEIDSAANBEVELINGEN
HET EUROPEES COMITÉ VAN DE REGIO’S (CvdR),
|
1. |
wijst op de in de Europese Green Deal geformuleerde verbintenis om de consument de mogelijkheden te geven met meer kennis van zaken keuzes te maken en een actieve rol te spelen in de ecologische transitie. Dit vraagt om gedragsveranderingen bij zowel consumenten als bedrijven. |
|
2. |
Het toekennen van het recht op reparatie aan de consument zou bevorderlijk zijn voor de industriële transitie van Europa en voor de Europese veerkracht en open strategische autonomie. |
|
3. |
De bestrijding van greenwashing is aangemerkt als prioriteit in het nieuwe plan voor de circulaire economie en de nieuwe consumentenagenda van de Commissie, die een aanvulling vormen op strategieën voor specifieke sectoren, zoals de “van boer tot bord”- en de biodiversiteitsstrategie. |
|
4. |
Het CvdR is verheugd over de publicatie van de langverwachte richtlijn betreffende de onderbouwing en mededeling van milieuclaims. Die vormt een belangrijke stap op weg naar groenere en duurzamere consumptie in de EU en zal consumenten en bedrijven beter beschermen tegen greenwashing. Ook zal deze richtlijn leiden tot meer rechtszekerheid ten aanzien van milieuclaims en tot een gelijker speelveld op de interne markt. |
|
5. |
Het CvdR pleit voor geharmoniseerde regels voor het verstrekken van informatie aan de consument, zoals over reparatiescores, geraamde gebruiksduur, reserveonderdelen, reparatiediensten en het beschikbaar komen van software-updates (voor goederen met digitale elementen). Daarbij mogen de eisen met betrekking tot consumentenveiligheid niet uit het oog worden verloren. |
|
6. |
Het is van groot belang dat productinformatie is gebaseerd op gestandaardiseerde metingen (bijv. van de duurzaamheid) en dat standaarden worden ontwikkeld waar deze nog niet bestaan. |
|
7. |
Er zou een Europees “repareerbaarheidsetiket” voor producten moeten komen, vergelijkbaar met het energie-efficiëntie-etiket. |
|
8. |
In haar huidige vorm lijkt het voorstel voor een richtlijn betreffende de onderbouwing en mededeling van expliciete milieuclaims geen aanleiding te geven tot problemen met betrekking tot de naleving van het subsidiariteitsbeginsel. Optreden van de EU is gerechtvaardigd en noodzakelijk, omdat een geharmoniseerde en goed functionerende interne EU-markt voor milieuclaims het niveau van milieubescherming zou verhogen en een gelijk speelveld zou creëren voor bedrijven die in de EU actief zijn. Ook lijkt de voorgestelde maatregel in haar huidige vorm geen problemen op te leveren voor de naleving van het evenredigheidsbeginsel. |
|
9. |
Het CvdR steunt het idee om aan consumenten milieurelevante, betrouwbare, vergelijkbare en verifieerbare informatie te verstrekken via een EU-rechtskader dat bedrijven verplicht om claims te onderbouwen met de milieuvoetafdrukmethode. |
|
10. |
Het is vooral van belang om te letten op de totale milieubalans van een product gedurende de gehele levensduur. Alleen het energieverbruik tijdens het gebruik zegt niets over de totale milieubalans en kan reparatie zelfs bemoeilijken. |
|
11. |
De harmonisatie van specifieke regels voor specifieke claims moet worden versneld, met name voor claims die buiten het toepassingsgebied van levenscyclusbeoordelingen vallen (zoals m.b.t. duurzaamheid, gerecycled materiaal en biodiversiteit), op basis van monitoring van de belangrijkste claims op de markt door het Europees Milieuagentschap. |
|
12. |
De focus van de wetgever moet in de eerste plaats liggen op de volledige verwijdering van de EU-markt van inefficiënte, giftige, verspillende en vervuilende producten, aangevuld met (en niet aangedreven door) betere informatie voor de consument (zoals bij de kaders voor ecologisch ontwerp en energie-etikettering voor energiegerelateerde producten). |
|
13. |
Er moeten maatregelen en richtsnoeren komen om het voor kleine en middelgrote ondernemingen gemakkelijker te maken hun groene claims te onderbouwen. |
|
14. |
Het CvdR pleit voor een solide governancekader, waarbinnen met de lokale en regionale overheden en het maatschappelijk middenveld wordt samengewerkt, om transparante en inclusieve procedures vast te stellen voor de uitwerking van regels voor de onderbouwing en mededeling van groene claims, zoals een forum voor overleg over groene claims. |
|
15. |
Het CvdR is ingenomen met de publicatie van de langverwachte richtlijn betreffende reparatie en hergebruik. Het gebrek aan betrouwbare informatie over de milieuduurzaamheid, repareerbaarheid en gebruiksduur van producten vormt een van de grootste belemmeringen voor de consument om duurzamer te gaan consumeren. |
|
16. |
Voor de totstandkoming van een echt duurzame economie is het van groot belang dat reparatie en hergebruik van producten wordt aangemoedigd. |
|
17. |
Fabrikanten zouden moeten worden verplicht hun producten zodanig te ontwerpen dat ze langer meegaan, veilig kunnen worden gerepareerd en de onderdelen ervan gemakkelijk toegankelijk zijn en eenvoudig kunnen worden verwijderd. |
|
18. |
Het CvdR benadrukt dat eindgebruikers en onafhankelijke reparateurs betere toegang moeten krijgen tot reserveonderdelen en handleidingen, binnen een redelijke termijn en tegen redelijke kosten, gedurende een periode die overeenkomt met de verwachte levensduur van het product. Belangrijk is dat consumenten vóór de aankoop van een product informatie krijgen over de duurzaamheid en repareerbaarheid ervan en over de beschikbaarheid en prijs van de reserveonderdelen die nodig zijn voor reparaties, waaronder informatie over hoelang reserveonderdelen en accessoires beschikbaar zullen zijn, over de procedure om ze te bestellen en over de beschikbaarheid van gebruikers- en reparatiehandleidingen en reparatie-instrumenten en -diensten. |
|
19. |
Het gebruik van generieke (standaard)onderdelen die voor veel verschillende soorten en series producten kunnen worden aangewend, zou moeten worden bevorderd. De benutting van zulke onderdelen zou moeten leiden tot een hogere score op het repareerbaarheidsetiket. |
|
20. |
Als consumenten betere informatie krijgen, zal dat hen helpen om producten te vergelijken en na te gaan wat de meest duurzame producten op de markt zijn. |
|
21. |
Het CvdR betreurt echter dat het voorstel het wettelijk garantiekader niet wijzigt. Zo had voor duurzamere goederen de wettelijke garantieperiode verlengd kunnen worden op basis van de uitvoeringsmaatregelen inzake ecologisch ontwerp (d.w.z. dat productspecifieke garantietermijnen zouden worden ingevoerd). Ook had de periode voor de omgekeerde bewijslast verlengd kunnen worden om die af te stemmen op de wettelijke garantieperiode, en had een gezamenlijke aansprakelijkheid van verkoper en producent ingevoerd kunnen worden. |
|
22. |
Een uitgebreidere garantie kan een stimulans zijn om goederen te repareren in plaats van te vervangen. |
|
23. |
Het is belangrijk dat iets wordt gedaan aan de hoge prijzen van reparaties en aan andere factoren die reparaties belemmeren (zoals aspecten in verband met de wetgeving inzake intellectuele eigendom). Of consumenten kiezen voor een nieuw product of reparatie wordt sterk beïnvloed door de prijs. Daarom moeten structuren en randvoorwaarden worden gecreëerd die reparatie stimuleren, zodat de markt in dit opzicht niet meer faalt en meer in de geest van een circulaire economie gaat functioneren. Hiertoe kunnen bijvoorbeeld fiscale maatregelen worden genomen (verlaging/afschaffing van de omzetbelasting op reparatiediensten, vermindering van de loonbelasting op reparatiediensten, het voor consumenten fiscaal aftrekbaar maken van reparatiekosten) of andere financiële prikkels worden ingevoerd, zoals reparatiebonussen en reparatiefondsen. Afgezien van deze vooral financiële aspecten moeten reparateurs vrij kunnen beschikken over de benodigde documentatie (bijv. handleidingen voor werkplaatsen, opengewerkte tekeningen, reparatie-instructies, schakelschema’s), omdat reparaties anders langer duren, meer kosten of onuitvoerbaar zijn. |
|
24. |
Consumenten zouden goederen en diensten aangeboden moeten krijgen waarvan producenten kunnen aantonen dat ze duurzaam zijn geproduceerd en geschikt zijn voor langdurig gebruik. Ook zouden consumenten moeten kunnen beschikken over voldoende informatie om een product zo lang mogelijk te kunnen gebruiken. |
|
25. |
Het CvdR is voorstander van de oprichting van nationale platforms die ijveren voor consumentenrechten en van de harmonisering van dit soort platforms. Het aantal goedgekeurde en erkende accreditatie-instanties zou moeten worden beperkt. Zulke instanties zijn bepalend voor het vertrouwen van de consument in duurzame praktijken. |
|
26. |
Het is van belang om de consument ertoe aan te zetten goederen te blijven gebruiken, zodat er uiteindelijk geen producten meer worden weggegooid. Dit zou leiden tot minder milieubelasting en lagere economische kosten, in het bijzonder van elektronisch afval. |
|
27. |
De grote hoeveelheden (met name elektronisch) afval die elk jaar ontstaan omdat producten worden weggegooid, moeten drastisch worden verminderd en zijn voor het CvdR onaanvaardbaar, vooral als producten gerepareerd hadden kunnen worden of op zijn minst onderdelen voor andere goederen hadden kunnen opleveren. |
|
28. |
Het verlies aan zeldzame aardmetalen doordat producten met zulke materialen snel en onnodig worden weggegooid, leidt tot onaanvaardbare economische kosten. |
|
29. |
Consumenten zouden bij dit alles meer moeten worden betrokken door hun diagnostische instrumenten in handen te geven waarmee ze kunnen nagaan hoe ze een product efficiënt kunnen gebruiken en wanneer het moet worden gerepareerd. |
|
30. |
Bedrijven zouden moeten worden gestimuleerd om via onderzoek en ontwikkeling de duurzaamheid van producten te verbeteren en om reserveonderdelen veel langer beschikbaar te houden, ook al gebruiken ze die niet meer in nieuwe, verbeterde versies van hun producten. |
|
31. |
Het CvdR moedigt lokale en regionale overheden aan om de circulaire economie te promoten en verder te ontwikkelen, met name in minder ontwikkelde regio’s, in plaats van het nog gebruikelijke lineaire model van “nemen, maken en weggooien”. De voorkeur moet worden gegeven aan het verder blijven gebruiken van producten in plaats van aan eenmalig of kortstondig gebruik, en het productieproces van alle goederen moet worden afgestemd op een duurzaam en langdurig gebruik ervan. Een uitbreiding van de wettelijke garantie is noodzakelijk om rekening te houden met de langere gebruiksduur van producten. |
|
32. |
Het CvdR steunt de inspanningen van lokale en regionale overheden om de ontwikkeling van non-profitorganisaties en vrijwilligersgroepen te bevorderen als belangrijke dienstverleners voor de uitvoering van het recht op reparatie. De zogeheten ‘reparatiecafés’ vormen een belangrijk onderdeel van de sociale infrastructuur. |
|
33. |
Het is noodzakelijk om te innoveren door andere nieuwe vormen van sociale infrastructuur, zoals gereedschapsbibliotheken, in kaart te brengen en te stimuleren. |
|
34. |
Het is van belang dat onderdelen in soortgelijke producten zoveel mogelijk onderling uitwisselbaar zijn. |
|
35. |
Er dient voor te worden gezorgd dat moederborden en het binnenwerk van elk product gemakkelijk toegankelijk zijn. |
|
36. |
Het CvdR pleit ervoor om indien mogelijk reparatietijden te verkorten en de fysieke afstand tussen consument en reparatiediensten te verkleinen. |
|
37. |
Het is nodig de verantwoordelijkheid van producenten uit te breiden en een “van wieg tot graf”-benadering te gaan hanteren ten aanzien van de door hen vervaardigde producten. |
|
38. |
Het CvdR dringt erop aan dat fabrikanten de consument vooraf in plaats van op verzoek informeren. |
|
39. |
Onder leiding van de lokale en regionale overheden zouden onderwijsprogramma’s en opleidingen moeten worden verbeterd om adequater tegemoet te komen aan de voor de reparatie en het onderhoud van producten benodigde vaardigheden. |
|
40. |
Het scala van mogelijke reparateurs zou moeten worden uitgebreid met personen die van de arbeidsmarkt afstaan, zoals in speciale werkcentra actieve personen met een handicap alsmede personen die een straf uitzitten in de gevangenis. Er dient altijd te worden gezorgd voor rechtvaardige arbeidsomstandigheden en een eerlijke beloning. |
|
41. |
Er moet een verscherpt en geharmoniseerd toezicht op de interne markt worden opgezet en uitgevoerd, met specifieke douanecontroles om te voorkomen dat er namaak- en/of onveilige textielproducten worden ingevoerd die niet voldoen aan de eisen die expliciet worden gesteld aan actoren die in de EU produceren en opereren. Ook moeten de consument en het milieu zo beschermd worden. |
|
42. |
Er is een cruciale rol weggelegd voor de ontwikkeling van vaardigheden, onder meer door middel van om- en bijscholingsprogramma’s, onder leiding van regionale en lokale overheden, bij maatregelen om mensen in staat te stellen reparatie- en onderhoudsactiviteiten te verrichten en zo bij te dragen aan een duurzamere economie. |
|
43. |
Voorts moeten educatieve initiatieven worden opgezet om consumenten beter bewust te maken van hun rechten. Ook moeten gevallen van greenwashing in kaart worden gebracht en moet daartegen worden opgetreden. |
|
44. |
Het digitale productpaspoort zou hand in hand moeten gaan met de vereenvoudiging van bestaande etiketten om ervoor te zorgen dat consumenten samenhangende en betrouwbare informatie krijgen over de ecologische en sociale voetafdruk van producten. Een dergelijk instrument zou het voor middelgrote, kleine en micro-ondernemingen mogelijk moeten maken om beter te communiceren over hun duurzaamheid zonder dat dit buitensporige kosten en administratieve en bureaucratische lasten met zich meebrengt. |
|
45. |
Het CvdR is zich ervan bewust dat hoe lokaler en dichter bij de consument reparaties kunnen plaatsvinden, des te groter de kansen op meer werkgelegenheid zullen zijn. |
|
46. |
Milieu-uitdagingen drukken onevenredig zwaar op minder ontwikkelde regio’s in de Europese Unie. Deze regio’s hebben dan ook gerichte steun en capaciteitsopbouw nodig om een volwaardige rol te kunnen spelen in de transitie naar een duurzamere en circulaire economie. |
|
47. |
Een soort van open reparatie-economie zou volgens het CvdR lokaal ondernemerschap en daarmee inventief hergebruik en het vindingrijk opknappen van producten stimuleren en bovendien de veerkracht van minder ontwikkelde regio’s vergroten door de lokale werkgelegenheid te stimuleren en de afhankelijkheid van externe toeleveringsketens te verminderen. |
|
48. |
Het versterken van de consumentenrechten is goed voor de milieuduurzaamheid en zorgt voor meer gepaste economische groei. |
|
49. |
Reparatie- en hergebruikpraktijken moeten snel worden afgestemd op de klimaatdoelstellingen, zodat reparaties en renovaties tot minder broeikasgasemissies leiden en de milieueffecten van afgedankte producten helpen verminderen. |
Brussel, 10 oktober 2023.
De voorzitter van het Europees Comité van de Regio's
Vasco ALVES CORDEIRO
(1) Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten (PB L 285 van 31.10.2009, blz. 10).
(1) Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten (PB L 285 van 31.10.2009, blz. 10).
ELI: http://data.europa.eu/eli/C/2023/1330/oj
ISSN 1977-0995 (electronic edition)